Je behoort zaken echt af te sluiten, dus daarom nog even een verslag van de thuisreis. Op maandagmorgen 28 september ben ik om 9.05 uur op de trein gestapt die mij van Santiago naar Hendaye aan de Franse grens moest brengen. Ik wilde beslist niet met het vliegtuig, omdat dat me te snel zou gaan. Nou, St. Jacobus heeft hier beslist gehoor aan gegeven: de trein moest om 20.35 uur in Hendaye aankomen, maar helaas, de remmen liepen vast en we stonden stil midden op de meseta. Vijfendertig graden en geen schaduw, geen drinken en geen airco meer in de trein. We mochten er in eerste instantie niet uit, want de zaak zou snel gerepareerd worden. Dat viel kennelijk tegen, want na een uur was er nog geen beweging in de trein te krijgen. Degenen die dat wilden, mochten toen wel uit de trein en daar stonden wij toen met zo’n 250 passagiers in de middle of nowhere te wachten op een andere locomotief, die de onze eerst moest meenemen en dan weer terug moest komen om ons op te halen. Kortom, we hebben daar ongeveer drie uur stil gestaan. Dus kreeg ik alle tijd om mij te realiseren dat ik echt onderweg naar huis was. Het gevolg was wel dat wij te laat in Hendaye zouden arriveren voor de TGV naar Parijs die om 11 uur ‘s avonds zou vertrekken. Maar ziedaar, die trein stond nog te wachten toen wij uiteindelijk in Hendaye aankwamen. Overigens, zonder dit oponthoud, was het best een leuke reis geweest want de trein komt langs een reeks plaatsen waar ik ook al geweest was.
Maar goed, we arriveerden exact op tijd, om 6 uur, in Parijs zodat ik nog 55 minuten had om van het Gare d’ Austerlitz met de metro naar het Gare du Nord te komen. Op het Gare du Nord vraag ik aan iemand in een loket waar de Thalys naar Amsterdam staat. Hij legt het uit, maar in de haast loop ik verkeerd. Galmt het ineens heel hard over het enorme station door de luidsprekers: “Saint Jacques, à droit s.v.p.!!” Hij herkende waarschijnlijk de schelp op mijn rugzak en wist dus dat ik in Santiago was geweest. Iedereen kijken natuurlijk wie daar verkeerd liep. Het voordeel was dat de controleurs voor de Thalys wisten dat ik er aan kwam. Dus ben ik snel ingestapt en een plaats gaan zoeken. Helaas, daar zit al een meneer op mijn stoel. Ik vraag beleefd of hij wel zeker weet dat dit zijn plaats is en ja hoor, het klopt. Ik kijk nog eens goed naar mijn biljet en wat blijkt? Bij de reservering is een fout gemaakt: twee biljetten zijn gedateerd op 28 augustus 2006 en het derde van Parijs naar Amsterdam is gedateerd op 28 september 2006. Het was mij niet opgevallen, maar het was inderdaad zo. Uiteraard geeft dat dan weer discussie met de conducteur die de kaartjes controleert, maar nadat wij samen tot de conclusie waren gekomen dat het de Spanjaarden waren die er een bende van hadden gemaakt, mocht ik een plaats uitzoeken en blijven zitten tot Amsterdam.
En zo kwam ik dan om 11 uur dinsdagochtend aan op station Sloterdijk. Vandaar ben ik gaan lopen naar de pont en daar ben ik om half een gearriveerd in de stromende regen. Aan de Zaanse kant zag ik al mensen staan. Gery en Marnix uiteraard en veel familie en vrienden. Geweldig dat die de moeite hadden genomen om in dit noodweer hierheen te komen. Ik kreeg een geweldige ontvangst met bloemen en zelfs een sjerp.
Daarna ben ik naar het Kunstcentrum gewandeld. Het was heel leuk iedereen weer te zien en ik zag natuurlijk weer de kans schoon mijn credencials met alle stempels te laten zien. Ja, jullie kunnen wel zeggen: “De opschepper”, maar ik ben daar apetrots op. Ook de Compostela komt dan steeds weer tevoorschijn natuurlijk.
Vervolgens ben ik naar huis gelopen. Daar hadden de buren de boel versierd met slingers en een bordje voor de deur gezet met een richtingaanwijzer waarop stond: ‘de laatste stempelpost’. Ook was er een spandoek en appeltaart die door de buren gebakken was. Bovendien een gouden medaille voor de prestatie. Het was overweldigend allemaal.
Nu is het allemaal voorbij en ik probeer weer in het gareel te komen. Dat valt niet mee. Enerzijds heb ik veel te doen, maar anderzijds komt er niets uit mijn handen. Het is ook zo druk ineens en eigenlijk zou ik de rust van de Camino wel willen behouden. Maar of dat gaat lukken?? Ik betwijfel het. Maar ja, het zal allemaal wel weer wennen, hoop ik.
In ieder geval wil ik iedereen bedanken voor de reacties op de weblog, brieven, kaarten, telefoontjes, etc.
De tocht was een droomwens die meer dan 30 jaar geleden ontstond en nu gerealiseerd kon worden. Natuurlijk vooral ook omdat Gery me hierin zo ontzettend gesteund heeft. Het is veel meer geweest dan een lange wandeling, het is uiteindelijk een echte pelgrimage geworden, die mij meer heeft gegeven dan ik ooit gehoopt of verwacht heb.
Ik denk dat ik nog wat tijd nodig zal hebben om te bevatten wat deze ervaring mij opgeleverd heeft.
Voor nu: het ga jullie goed, en nogmaals BEDANKT!!!
Aan het einde van de pelgrimstocht willen Marnix en ik jullie graag laten weten dat het ook voor ons een heel fijn gevoel is dat Theo deze tocht heeft mogen en kunnen maken. We hebben heel veel plezier gehad aan het bijhouden van de website en alle mooie, grappige, hartelijke en ontroerende reacties hebben ons de afgelopen maanden heel erg geholpen de tijd door te komen. Wij zijn natuurlijk erg trots op Theo, maar het is veel meer dan dat. Blijdschap dat één uit ons gezin dit heeft gedaan en wij zodoende alledrie de toekomst met vertrouwen tegemoet kunnen zien. En te weten: we horen bij elkaar, in kwade en in goede dagen.
Dank jullie allemaal! Wie Theo op dezelfde manier wil begroeten als we op 8 april vaarwel hebben gezegd: Op 29 augustus om 12.30 uur steekt Theo met de pont over en loopt naar het Kunstcentrum voor de koffie. Daarna loopt hij naar huis. Wie mee wil lopen, is weer welkom. Hopelijk regent het niet zo hard als toen hij vertrok!
We zullen vast nog wel iets van ons laten horen na thuiskomst, maar voor nu: Alle goeds voor jullie allen!!
Marnix, Gery
TOTAAL KM 3240,79 TOTAAL STAPPEN 4.550.469
De allerlaatste dag van mijn camino heb ik nog even het record van de dagafstand verbeterd en meer dan veertig km gelopen. Het paard rook zeker de stal……. Alhoewel…..
Gisteravond hebben we met zo’n twintig pelgrims samen soep en brood gegeten in een oude boerderij. Heel gezellig. Daarna was het de laatste nacht in een albergue. Vanmorgen heb ik lang kunnen slapen, want de zon komt hier steeds later op en het wordt pas tegen half acht licht nu. Daarna moest ik bijna twee uur lopen voor ik een ontbijt kon scoren. Het regende heel erg hard en voordat ik aankwam in het café was ik al doornat. Als het mooi weer was geweest, was het misschien wel een mooie tocht geweest, maar nu was het zicht niet meer dan honderd meter. Ik liep over een heide met heel veel bloemen en echt paars zoals een heide hoort te zijn. Jammer genoeg was het niet overal zo, want heel veel was ook verbrand. Kilometers lang heb ik door een verbrand bos gelopen. Daar word je dan niet blij van. Daarna kom je aan de kust en dan zie je al meer dan 10 km van tevoren de vuurtoren van Fisterra. En dan is het nog erg ver. Maar het einde vergoedt veel, want Gery en Marnix verwachtten mij tegen 6 uur bij de kaap.
En dan is het toch een ander gevoel van aankomen dan in Santiago. Hier is echt het einde van de reis. In Santiago was het doel bereikt, maar hier is het echt het slotaccoord.
Ook hier heb ik alle rituelen uitgevoerd die van pelgrims verwacht worden.
Na de foto bij het kruis koos ik in mijn geval maar niet voor het verbranden van mijn schoenen. Ik koos voor het verbranden van het T-shirt, dat van mijn vader is geweest en dat ik al die tijd gedragen heb.
Bijna symbolisch was de mist die boven zee hing toen ik daar was. Je kunt niet in de toekomst kijken, maar de misthoorn bleef wel blazen als waarschuwing.
De pelgrimage is ten einde.
km 34,38 stappen 48.839 / totaal km 3199,47 totaal stappen 4.591.581
Gisteravond was er geen restaurantje in de buurt, dus ik moest naar de supermarkt. Daar heb ik een guiche gehaald, die ik in de keuken van de refugio heb opgewarmd. Toen hij eenmaal heet was, liet ik hem vallen. Ik heb hem wel zo goed mogelijk opgeraapt natuurlijk en wat nog eetbaar was, opgegeten.
Vanmorgen ben ik weer op weg gegaan en kon toen na twee uur pas een ontbijtje scoren, dus dat was hongerlijden. Van schrik moest ik toen om 11 uur al mijn lunch nuttigen, want daarna zou er niets meer komen. Dus jullie begrijpen dat ik nu honger heb. Maar in de refugio hier in Olveiroa is ook niets te vinden. De eigenaar is bereid om soep te koken voor ons, dus vanavond wordt het soep en brood, ook geen vetpot. Jullie zien, het blijft afzien tot het eind. Nou ja, afzien??? Ik vind het nog steeds elke dag fantastisch, ook nu nog. Het grappige is dat hier op de hele route maar 3 refugio’s zijn, dus hoe je overdag ook loopt, je komt elkaar ‘s avonds allemaal weer tegen en dat is gezellig. Er is nog een Franse meneer, die uit Lyon vertrokken is, verder is iedereen uit Spanje zelf vertrokken, dus ik ben als enige overgebleven, die vanaf het begin gelopen heeft. Waar ik nu kom en mensen die ik nu spreek, zeggen dan ook: “O, bent u dat? Ik heb al van u gehoord!” Een levende legende, zal ik maar zeggen en dat past wel bij zo’n pelgrimsroute. Eerlijkheidshalve moet ik dan wel bekennen dat ze over iedereen praten, die ze ontmoet hebben, dus de stralenkrans verbleekt alweer behoorlijk.
Ook vandaag heb ik heel veel door verbrande bossen gelopen en ik heb me voorgesteld hoe angstig dat moet zijn geweest, als je het vuur tot op 10 meter van je huis ziet naderen.
Marnix en Gery houden ondertussen vakantie en schijnen zich prima te vermaken, dus eind goed, al goed. Nu was het goede begin al het halve werk en daartussenin heb ik ook erg genoten, dus niets te klagen. Morgen ga ik kijken hoever ik kom. Het is nog 40 km naar Cap Finisterre en dat betekent dus een heel lang stuk of twee korte stukken. Het hangt van het weer af. Als het regent, worden het twee korte dagen. Als het mooi weer is, probeer ik het in één dag. We zien het wel!
km 25,65 stappen 36.646 / totaal km 3165,09 totaal stappen 4.542.742
Vanmorgen ben ik weer van het plein voor de kathedraal vertrokken, nagezwaaid door Marnix en Gery. Ik vond het heerlijk weer aan de wandel te gaan.
Eerlijk gezegd dacht ik dat ik nu niet meer hoefde te klimmen, maar af zou dalen naar de zee. Dat had ik dus goed mis. Het was weer een steile route met heel veel klimmen, dus ook het laatste stuk krijg ik niet cadeau. Zo hoort het ook natuurlijk, afzien tot het einde, nietwaar? Al een paar kilometer buiten Santiago kwam ik de eerste verbrande bossen tegen en dat is de hele weg zo gebleven. Een bijzonder triest gezicht en je ziet hele verbrande stukken vlak langs de huizen, tot zelfs de bomen in de tuinen van de huizen die verbrand zijn. Het moet behoorlijk angstig geweest zijn voor de mensen. Opvallend is dat je bomen ziet, die van onderen helemaal verbrand zijn en van boven alleen erg verschroeid, het blad zit er nog aan.
Ook opvallend is trouwens dat er ineens geen Spanjaard meer te zien is. De route is heel rustig en alle pelgrims die je ziet, zijn buitenlanders. Ik zit nu in een refugio in Negreira met een stel Duitsers, een paar Amerikanen, een Frans meisje en ik. Maar geen enkele Spanjaard. De stemming is ook anders, ik zou bijna zeggen: erg relaxed. Iedereen heeft zoiets van: We hebben het al gehaald, dit is een extra toegift. Een toegift, waar ik weer erg van geniet, ook al is het luxe leventje weer even voorbij. In plaats van een ligbad sta ik nu weer in een doucheruimte met 4 douchekoppen en allemaal tegelijk eronder. Maar daar staat tegenover dat ik vannacht slaap voor € 5 en dat doen Marnix en Geer me vast en zeker niet na!
Vandaag was een dag voor mij en een dag voor jullie, voor allen die mij zo trouw hebben gevolgd en hebben meegeleefd tot aan mijn aankomst.
Vanmorgen ben ik weer naar de kathedraal gegaan om mijn hand op de pilaar te leggen, waar duizenden, waarschijnlijk miljoenen pelgrims voor mij hun hand hebben gelegd en waar in het marmer een hand is uitgesleten. Of je het nu onzin vindt of niet, maakt niet uit, het heeft op mij weer veel indruk gemaakt, juist omdat al die mensen voor mij hier ook hebben gestaan. Symbolisch betekent het een soort dank aan Jacobus omdat hij je tijdens de reis heeft geholpen.
Vervolgens ben ik, ook samen met duizenden anderen achter langs het beeld op de graftombe van Jacobus omhoog geklommen, waar je dan de handen op de schouders van het beeld kunt en mag leggen. In de kathedraal zelf zie je al die mensen voorbijtrekken en steeds twee handen om het beeld.
Daarna was het tijd voor jullie om de beloofde kaarsen te branden:
Dat viel nog niet eens mee, omdat er in de kathedraal zelf geen kaarsen zijn, maar alleen elektrische lichtjes. Dat vond ik niks, dus eerst maar buiten kaarsen gekocht en voor alle mensen die daarom gevraagd hebben, aangestoken en gewenst dat het jullie allen goed mag gaan!
Daarna zijn we op ons gemak door Santiago gewandeld. Natuurlijk zijn er veel toeristen, maar het is een prachtig Middeleeuws centrum en overal komen de pelgrims aan of lopen rond. Dat maakt toch dat er een andere sfeer heerst, dat het stadje doortrokken is van het doel van ontstaan: een pelgrimsoord. Eerlijk gezegd had ik een soort Lourdes verwacht en natuurlijk kun je er de meest vreselijke souvenirs kopen die je maar kunt bedenken, maar tegelijk is het een vrolijke stad en zie je overal in de straten muzikanten. Gisteravond om 11 uur hebben we nog staan genieten van een hele groep zangers en iedereen was blij en vrolijk. Deze stad heeft toch sfeer.
En toen ben ik dus vanmorgen ook mijn post gaan halen op het postkantoor. Volgens de beambte was er niets voor mij, maar inmiddels ben ik wijzer geworden. Dus ik zei dat ze onder Otter moesten kijken en niet onder Den. Nee, daar was ook niets te vinden volgens hem. Maar dan komen er weer anderen bij en blijkt dat de man onder Mattheus heeft gezocht. En toen moest ik met alle kaarten en briefjes en goede wensen eerst maar eens even uitgebreid op een terras gaan zitten.
Het was weer geweldig en ik kon het weer niet droog houden, maar mijn troost was dat Gery daar ook moeite mee had. Ook post van de mensen die ik niet ken, maar de website gevolgd hebben. Jannie en Jaap, Janneke van het Kunstcentrum, Bep, Heleen en Stephen, Peter, Jan den Otter, Arij en Ellen, Rina en Andries, Bas en Caty, Joke uit Australië, het was fantastisch!!! Heel hartelijk dank en hiermee tegelijk ook aan alle mensen die me gesteund hebben op welke manier dan ook: met sms-jes, met vragen aan het thuisfront, enz.
Morgenochtend vertrek ik voor het laatste stuk naar Cap Finisterre. Ik heb hier bij de VVV een route gekregen. Volgens de vrouw daar stond de route verder altijd goed aangegeven. Stond, want nu na al die branden is het niet zeker dat het er allemaal nog is. Maar ik kom er wel……….aan het eind van de wereld.
Gery en Marnix vertrekken morgen ook in die richting en zoeken dan in de buurt van Cap Finisterre een hotel. Niet zeker is of ze dan een internetcafé vinden, maar ze zullen het zeker proberen zodat jullie tot het allerlaatste op de hoogte blijven. Mocht het niet lukken, zondag zijn we nog een dag in Santiago om het enorme wierookvat te zien zwaaien en dan komt er alsnog een bericht op de website. Tot de volgende keer!
km 5,72 stappen 8169 / totaal km 3139,44 totaal stappen 4.506.096
Nou ja, blij, het had nog heel wat voeten in de aarde voor we elkaar gevonden hadden. Ik kom aan op het plein voor de kathedraal en verwacht mijn familie daar te zien, maar nee hoor. Dus ik wacht en ik wacht en sms en sms, krijg bericht terug dat ze allang op me staan te wachten. Alleen……… bij een zij-ingang in plaats van bij de hoofdingang. Ach ja, ze zijn ook niks gewend als ze in het buitenland zijn.
Maar alles kwam goed en het ongelooflijke is waar: Ik ben gearriveerd in Santiago de Compostela!!!! Na meer dan 3100 km gelopen te hebben en na viereneenhalf miljoen stappen gezet te hebben, heb ik mijn doel bereikt!!!!
Het geeft een heel dubbel gevoel: Fantastisch dat ik het heb gehaald en ik heb een fantastische voettocht gehad, maar wat jammer dat het nu voorbij is.
Eerst maar een kopje koffie gedronken en daarna zijn we met zijn drieën naar de mis gegaan. Een mis met 12 heren, zoals dat heet. Het was wel indrukwekkend, al werd het grote wierookvat niet gezwaaid. Dat doen ze alleen op zaterdag en zondag.
En toen naar het bureau van de pelgrims om mijn Compostela te halen. Ik was niet de enige, er stond een rij vanaf onderaan de trap tot bovenaan toe, allemaal pelgrims.
Maar hier is ie dan toch, de felbegeerde Compostela!
Ja, en nu wordt het dus een paar dagen ‘vrije tijd´. Vandaag en morgen blijven we in Santiago de Compostela en dan ga ik woensdagochtend door naar Cap Finisterre. Gery en Marnix komen me dan daar ophalen en dan kunnen we zondag ook nog het wierookvat zien zwaaien voor we de thuisreis aanvaarden.
En wanneer ik thuiskom? Ja, ook dat moest geregeld, al wil ik er niet aan. Ik vertrek maandag 28 augustus om tien over vijf ‘s middags met de trein om dan de andere dag, 29 augustus, om half één ‘s middags ongeveer in Amsterdam-Sloterdijk uit de trein te stappen. En dan gaat voor de laatste keer de rugzak om de schouders, want dan kom ik verder teruglopen naar huis. Net zoals ik gekomen ben: over de pont en wellicht met halverwege een kopje koffie bij het Kunstcentrum.
Maar eerst nog even uitstel: op naar Finisterre!
km 15,9 stappen 22.710 / totaal km 3133,72 totaal stappen 4.497.927
Ik begin nu wel heel dichtbij te komen, want vanmorgen liep ik langs het vliegveld, waar Gery en Marnix vanmiddag aankomen. Er zaten bossen voor, dus ik had het niet gezien, maar hoorde ineens een hels lawaai en dat was een vliegtuig dus. Ja, zo gaat dat, het einde nadert nu snel.
Ik ben weer door de eucalyptusbossen gewandeld en ben gestopt op de Monte Gozo. Op de berghelling hebben ze voor het bezoek van de Paus in 1999 of daaromtrent een waanzinnig dorp gebouwd van stenen barakken. Nu zijn het refugio ´s en er kunnen nu in totaal achthonderd mensen slapen. Dat werd me toch een beetje al te gek, dus ik heb een hotel genomen. Dat is trouwens ook een barak, maar dan iets luxer. Het is geen fraai gezicht. Vanmiddag heb ik natuurlijk even siësta gehouden zoals het hoort. Daarna dacht ik: ¨Wat zal ik nu eens gaan doen? ¨en besloot dat ik maar eens een eindje ging wandelen! Ik ben naar de top van de Monte Gozo gelopen. Daar staat een groot beeld van een pelgrim, ook neergezet ter ere van de Paus, omdat hij daar heel veel jongeren heeft toegesproken. Toen was het weer tijd voor een pilsje en dat heb ik gedronken met drie Spanjaarden. Niet dat wij ook maar één woord van elkaar verstonden, maar dat mag me niet hinderen, met handen en voeten kom je een eind. Ik heb ze uitgelegd dat ik vier talen sprak, maar me desondanks hier niet verstaanbaar kan maken, wat hen tot tevredenheid stemde. Onzin dus, een vreemde taal leren. Bovendien kunnen de mensen uit Andalusië de mensen in Galicië ook niet verstaan, dus er is geen beginnen aan.
Gery en Marnix zijn inmiddels gearriveerd, dus morgenochtend zien we elkaar op de trappen van de kathedraal. Om Suzanne te plezieren heb ik het een half uurtje later gezet, dus nu wordt het half tien wat de ´blijde intocht ´betreft.
Ziezo, de koffer staat klaar en morgenochtend om kwart over zeven is het afmars geblazen. Op naar Santiago, waar we morgenmiddag om een uur of drie zullen aankomen als alles goed gaat. Dus dan hebben we misschien nog net tijd om gladiolen te kopen voordat Theo bij de kathedraal arriveert. Dat hoopt hij maandag te doen. Dan hopen wij dat hij een dagje in Santiago wil blijven voor hij het laatste stukje naar Cap Finisterre gaat lopen, maar met die man weet je het nooit. Wij hebben de eerste nacht een hotel geboekt in Santiago en verder hebben we een heleboel adressen bij ons van overnachtingen om en bij Finisterre, dus we zien wel hoe het verder loopt.
Ik krijg nu veel vragen wanneer we weer terug zijn. Van Marnix en mij weet ik in ieder geval dat wij op 28 augustus ‘s avonds om kwart voor twaalf weer aankomen, maar ik ben bang dat dit jullie minder zal interesseren. Wat Theo ‘s thuiskomst betreft echter weten we nog niets. Hij moet namelijk in Santiago nog een terugreis regelen. Ik dacht in mijn onschuld dat hij ook het vliegtuig zou nemen, maar daar ging hij zo verschrikt van praten dat ik dacht met een acuut geval van vliegangst te maken te hebben. Maar nee, de aap kwam weldra uit de mouw: “Dat gaat veel te vlug!!” Nou, de mensen die ooit zelf de tocht hebben gelopen, zullen nu ongetwijfeld begrijpend zitten knikken en ik moet zeggen dat ik mij daar ook wel iets bij voor kan stellen. Mij maakt het ook echt niet uit, alleen heb ik hem op straffe van alsnog een echtscheiding bezworen dat hij in ieder geval na ons zal arriveren en dan ook nog op een ‘christelijke’ tijd. Ik heb het volgende plan bedacht: Ik haal hem van de trein of van Schiphol of desnoods van een boot, wat hij ook maar wil. Dan zet ik hem af aan de overkant van de pont, waarvandaan wij hem ook hebben uitgezwaaid en dan mag hij zelf naar huis komen lopen. Onderweg met dezelfde koffiestop als op de heenweg, dus bij het Kunstcentrum. Of dit gaat lukken weet ik niet, het ligt eraan hoe laat hij arriveert.
Ongetwijfeld zijn er in Santiago en omgeving wel internetcafé ‘s en we zullen jullie dus op de hoogte houden. Natuurlijk ook van de ‘blijde intocht’ in Santiago en hoe het laatste stukje naar Cap Finisterre zal verlopen. Ik sjouw maar weer zijn nieuwe schoenen mee, want ik hoor alweer alarmerende berichten over de oude en het zou zonde zijn als hij om die reden Finisterre niet zou bereiken. Of hij zijn oude schoenen zal verbranden?? Ik weet het niet, ik heb zo’n idee dat hij dat niet zal doen, omdat hij eraan gehecht is geraakt. Ik heb er al over zitten denken om ze te laten verbronzen, maar heb geen idee of dat kan bij zulke enorme schuiten. Goed, dat is van later zorg.
Het is ook voor mij een raar idee dat het straks over zal zijn. Ik sta ‘s avonds voor de landkaarten met prikkers en sta me dan nog te verbazen dat hij dat allemaal werkelijk gelopen heeft. Ik weet nog dat ik bij zijn vertrek maar twee prikborden mocht aanschaffen om de kaarten op te plakken, want “verder zou ik ze toch waarschijnlijk niet nodig hebben”. En moet je nou zien, de hele gang hangt vol!!!
Hoe het zal gaan als hij weer thuis is? Moeilijk, moeilijk, moeilijk, denk ik, maar we hebben wel voor hetere vuren gestaan.
km 24,38 stappen 34.830 / totaal km 3117,82 totaal stappen 4.475.217
Het heeft gisteravond zo verschrikkelijk geregend hier, dat ik aan Gery vroeg of het niet op het journaal geweest is. Alsof ze volle emmers tegelijk over je hoofd uitstorten. Ik lag in de refugio en kon niet slapen. Ik had het koud en dan moet je ook steeds plassen. Nou geeft dat op zich niet zo, maar de toiletten waren buiten, een meter of dertig van de voordeur af. Daar ben ik dan keer op keer heen gewaad door een laag water van 5 cm hoog, maar de pest is dat je, als je teruggewaad bent door al dat water, alweer moet.
Maar aan alles komt een eind, vandaag heb ik prima gelopen. Vanmorgen waren er nog een paar forse buien, maar vanmiddag was het droog en minder koud. Kortom, het weer ziet er een stuk vriendelijker uit. Ik wandelde door de eucalyptusbossen en dat ruikt erg lekker. Overal staan hiet ook opslagplaatsen voor het mais. Dat zijn grappige gebouwtjes. Het zijn houten gebouwtjes met luchtgaten en die staan dan op grote rechtopstaande stenen, zodat er geen muizen en ander ongedierte bij kunnen. En het zijn echte Kelten hier, gek op hele grote stenen. Ik wandelde een stukje met een Bretons echtpaar uit Brest en we hebben ons erover verbaasd dat je die Keltische invloeden nog steeds terugvindt in Galicië, Wales, Ierland en Bretagne. Zoals zij zeiden: “Als we de muziek hier horen en de bouw van de huizen zien, is het net of we gewoon in Brest zijn”. Terwijl die landen onderling toch niet veel contact met elkaar meer hadden na de volksverhuizing. Je kunt je nu natuurlijk afvragen waar wij eigenlijk mee bezig zijn met onze normen over ‘aanpassen van buitenlanders’ en zo. Kennelijk is het altijd al zo gegaan, iedereen houdt vast aan zijn eigen normen en waarden, waar hij ook woont.
Enfin, morgen is het de laatste dag voordat ik Santiago binnenwandel, de ontvangstcommissie kan komen!
km 26,25 stappen 37.652 / totaal km 3093,44 totaal stappen 4.440.387
“Laat ook van die milde regen dropp’len vallen op mij neer” is één van de ‘gouwe ouwe’ liedjes die Gery zingt, maar volgens mij dacht de Heer vandaag: “Waterstromen wil ik gieten”. Het stortregende vanmorgen, vanmiddag en nu sta ik buiten te bellen en Gery hoort de regen op mijn poncho vallen, dus volgens mij zal het ook vanavond regenen. De wegen zijn één en al modder en ik dus ook. Dat zou niet geven, maar ik kan vanavond zelfs niet wassen, omdat ik niet weet hoe ik het droog moet krijgen. Dat wordt dan de eerste dag dat ik mijn wasje niet doe. Het is ook nog steeds erg koud, dus vannacht was het met kleren aan slapen en dat zal komende nacht weer zo zijn, want ze hebben hier geen deken. Dus ik word op het laatst toch nog een ‘ouwe vieze pelgrim’. Elke avond komt op het journaal een reportage over de vreselijke kou die hier heerst. In Madrid wordt het niet warmer dan 24 graden en dat kun je toch niet overleven??
Overigens trek ik mijn woorden terug dat hier niets spiritualistisch of religieus te bekennen valt. Ik kom vandaag in een dorpje aan bij een kerkje en voor de kerk staat een pastoor in vol ornaat te wenken en te roepen: “Kom, kom!” Dus ik netjes naar binnen en inmiddels had hij al zo’n 30 mensen naar binnen gekregen, zodat hij gewoon een dienst kon houden. Dat vond ik erg leuk, ik had dat nog nooit meegemaakt. Na de dienst loop ik weer verder en na een paar kilometer weer een kerkje met pastoor in vol ornaat, die ons binnen probeert te krijgen. Dat is toch fantastisch? Ik zou zeggen: “Trouwe zieleherders, doe er iets mee!. Dit is tenminste klantenbinding”.
Ik ben eigenlijk veel te vroeg gestopt, omdat ik bang was geen plaats meer in de refugio te vinden. Van schrik was ik hier in Rabadiso al om twee uur en Rabadiso is nou niet een plaats waar je uren rond kunt lopen. Met andere woorden: het is een gat van drie keer niks. Ik heb al om zes uur gegeten, vandaag met een Spanjaard en twee Canadezen, omdat de kroegen en restaurantjes hier ‘s avonds dicht gaan en dan heb je dus geen eten meer. Het is trouwens een armoedige streek, alles ziet er armoedig uit en van het toerisme zullen ze ook niet echt rijk worden, want ik betaalde voor een heel menu, met net zoveel wijn en water als je maar wilt, zegge en schrijve € 8,50.
De refugio is weer in een oud hospitaal voor pelgrims met daarnaast een oud Romeins bruggetje en daar sta ik nu bovenop te bellen, anders heb ik geen bereik. Voor mij zitten nu een heel stel pelgrims op een stoeltje te blauwbekken, want de stoelen kunnen alleen buiten staan.
Het leven in de refugio is nog steeds iets bijzonders. Als je ‘s middags binnenkomt, ligt het hele stel te slapen en als je dan een piepklein beetje herrie maakt omdat je toch je rugzak uit moet pakken, wordt er driftig “sst” geroepen. ‘s Avonds echter, als ik wil gaan slapen, is de heleboel tot leven gekomen en is het dus een herrie van jewelste. Denk maar eens aan een groep van 50 Italianen bij elkaar, dan kun je je ongeveer voorstellen hoe het klinkt. En ‘s morgens gaan de mobieltjes af en dat is ook een feest, want iedereen heeft zijn eigen weksignaal. Je hoort dus alle mogelijke signalen door elkaar heen, van Bach via trompetgeschal naar hanengekraai.
Ik heb weer een stempel gehaald en erg gelachen. Ik heb natuurlijk een heleboel stempels inmiddels en naast mij staan een paar Spanjaarden en die zien die stempels. Dus dan is er de geijkte vraag: “Waar kom je vandaan?” en mijn geijkte antwoord: “Uit Amsterdam”. De ‘normale’ reactie is dan meestal bewondering. Nou, niet in dit geval dan toch. De Spanjaarden barstten gezamenlijk in luid gelach uit. Als ze uitgelachen zijn, zegt er één: “Maar meneer toch, wist je niet dat je maar honderd kilometer hoeft te lopen?” Zo zie je maar weer, ik hoef niet van hogerhand te horen dat ik niet op moet scheppen, mijn medepelgrims verklaren me gewoon voor gek. Wie gaat er nu drieduizend kilometer lopen als het ook met honderd kan????
km 25,77 stappen 36.815 / totaal km 3067,19 totaal stappen 4.402.735
Toen ik vanmorgen om zeven uur vertrok, hoosde het nog steeds uit de lucht en liep ik tot mijn enkels in het water. Het waaide ook nog steeds als een gek, maar vanaf een uur of negen werd de wind iets minder en de regen ook. Vanmiddag was het droog, maar nog wel koud, een graad of zeventien. Gery zegt dat ik me niet aan moet stellen, maar ik vind het koud.
Ik heb een poosje gelopen met een Russische moeder en haar dochter. Het taalgebruik is dan wel lastig, maar we hebben een prachtige mix gemaakt van een paar woorden Engels, een paar woorden Frans en een paar woorden Spaans en we dachten elkaar zo heel goed te verstaan. En wie kan tenslotte het tegendeel beweren??
Tussen de middag heb ik ergens een ‘bocadillo’ gegeten: dat is een soort stokbrood doormidden gesneden en dan met van alles en nog wat erop: chorizo, kaas en wat je maar wilt. Daar kwam een Canadees echtpaar binnen en ook dat werd weer een heel gesprek. Weet je wat ook zo leuk is? Je krijgt kennissen die je nog nooit gezien hebt, of misschien wel gezien maar je wist niet dat ze dat waren. Bijna iedereen die ik tegenkom, heeft het over een zekere Yvonne, die ook uit Nederland is komen lopen en een dag voor of een dag achter me loopt. En bijna iedereen heeft het over de bisschop van Wales, die ook als pelgrim loopt. Is dat nou een heilige incognito of hoe zit dat? In ieder geval schijnt hij zich nergens op te laten voorstaan, want een priester onderweg, die erachter kwam dat hij bisschop was, bood hem een ‘echt’ bed aan en dat heeft hij geweigerd.
Hier in de refugio in Palas de Rei heb ik een Duitse lerares ontmoet. Ze werkt in het voortgezet onderwijs en had er zo de balen van, dat ze naar Santiago is gaan lopen. Als ze terug is, wil ze alleen nog maar lesgeven aan de lagere klassen. Het is dus overal hetzelfde. Zij was ook van mening dat het hier totaal niets meer te maken heeft met spiritualiteit en/of religiositeit (“Daar ging je toch ook niet voor?”, sprak Geer vals). Dus daar hebben we samen gezellig over zitten mopperen. Toen had ze het over haar eigen kinderen, ze heeft er drie in de puberteit, waarvan er één volgens haar zeggen een ‘luie donder’ is, dus toen konden we daarover ook nog mopperen als twee ouwe zeurpieten. En….. hoe meer pilsjes, hoe meer moppers. Ze heeft trouwens in Regensburg in de klas gezeten bij de paus, die haar leraar was en heeft zelfs met hem in de kroeg gezeten.
Jullie zien, ik begin alweer aardig wat nieuwe kennissen te krijgen. En ik heb weer gesmuld van jullie commentaren. Heerlijk gewoon, ik geniet er enorm van. Zoals het er nu uitziet, kan ik wel naar Finisterre en Gery zal dan de website vanuit Santiago proberen bij te houden, dus jullie zijn nog niet van me af.
O ja, toen ik in de refugio aankwam, kwamen er ook 4 jonge gasten, die meteen languit op bed gingen liggen, waarop de baas van de refugio zei: “Kijk typisch jonge gasten, gaan meteen maar op bed liggen. Laten ze een voorbeeld nemen aan deze man van dik vijfenzestig (dat was om het verhaal smeuïger te maken, want ik ben natuurlijk ook nog jong), die helemaal uit Amsterdam komt lopen en niet meteen op bed gaat liggen”. Kijk, zulke uitspraken gaan er bij mij natuurlijk in als koek. Ik zou er hoogmoedig van worden. Dus is het maar goed, dat Jan en Dorien mij via de scheurkalender een vermanend woord gaven: “Een bedevaart doe je niet om op te scheppen!” Ik zal deze les ter harte nemen!!
km 22,68 stappen 32.403 / totaal km 3041,42 totaal stappen 4.365.920
Als lezers hun hart nog even willen ophalen aan het ‘lijden des pelgrims’, kunnen ze nu nog even genieten. Het was vandaag verschrikkelijk koud, er woei een keiharde wind en het regende niet, nee, het bulkte echt uit de lucht. Ik heb de hele dag met de poncho gelopen. Hier had ik niet meer op gerekend. De Spanjaarden hebben zo’n weggooiponcho, maar die houdt het niet met dit weer, dus nu zie je de meest vreemde uitdossingen zoals vuilniszakken links en rechts om toch nog een beetje droog te blijven. Ik heb toch een echte Hollandse poncho die tegen een buitje kan, maar ook die redt het niet meer om me droog te houden. Kortom, het is gewoon herfst. Eén klein voordeel: al die regen is goed om bosbranden te blussen, waarmee de kans dat ik toch naar Finisterre kan dus groter wordt.
En ondanks de regen zie je onderweg toch weer leuke dingen. Zo zag ik vanmorgen een vader en zoon van een jaar of veertien lopen. Ik kan me zo voorstellen dat Pa daar zijn dromen bij had, het heeft wel iets, zo’n tocht samen met je zoon. Nu de werkelijkheid: vader liep met een rugzak op zijn rug en ook nog eens met de rugzak van zoonlief op zijn buik. Zoonlief zelf liep met een kop, waar de dwarsigheid vanaf straalde, met zijn stok keihard tegen de struiken te slaan. Je zag Pa denken: “Wat ben ik ooit begonnen met dat jong te gaan lopen?”
Tussen de middag zat ik ergens te eten toen er een grote groep Italiaanse meisjes binnenkwam, onder strenge begeleiding uiteraard. En ook dat kwam me bekend voor: de meeste meisjes waren makke lammeren, maar er liepen een paar dwarse meiden tussen, dat wil je niet weten. Te laat komen, niet doen wat er gezegd wordt. Kortom, ook die begeleider was de wanhoop nabij.
Maar ook iets heel aardigs: Ik ben een paar keer 4 Italiaanse meisjes gepasseerd en zij mij. Dat leken net kabouters. Ze hadden een poncho aan, ieder in een andere, hele felle kleur. En ik heb ze de hele weg luidkeels horen zingen, het ene lied na het andere.
De route is nog een beetje heuvelachtig, maar niet erg meer. Wel modderig, dat wel. Dus bij aankomst in Portemarin zat alles van top tot teen onder de modder en was ik echt te smerig om aan te pakken. Omdat iedereen natuurlijk vroeg onder dak wilde zijn met dit weer, waren de refugio’s al vol, dus toen moest ik wel in een hotel. Kan ik ook niets aan doen toch? Het is wel een hotel met verrassingen. Ik ben eerst lekker in bad geweest om het ‘lijden’ van vandaag grondig af te wassen. Toen ik de stop uit het bad trok om het water weg te laten lopen, liep dat wel weg, maar helaas niet langs de daarvoor bestemde route. De badkamer liep gewoon vol water. Om herhaling te voorkomen, heb ik mijn wasje toen maar in de wastafel gedaan. Daar bleek echter dat het sop wel uit de wastafel wegliep, maar via de vloer weer naar boven kwam. Ach ja, moet kunnen, zo nauw kijken we niet.
Portemarin was een dorp dat in 1962 ten prooi is gevallen aan de vooruitgang. Er is namelijk een stuwdam en stuwmeer aangelegd, waarin het hele dorp is verdwenen. Maar voordat dat gebeurde, hebben ze een paar belangrijke gebouwen, waaronder een Romaanse kerk, steen voor steen afgebroken en in het nieuwe dorp, dat een eindje verder is herbouwd, weer steen voor steen herbouwd. Je ziet in de stenen nog allemaal nummers staan, waarmee de stenen gemerkt werden. Het is wel een grappig gezicht, want verder is het hele dorp nieuw natuurlijk. Het is laag water in het stuwmeer en dan zie je ook nog hele stukken van huizen en gebouwen boven het water uitsteken.
Jan, nog even volhouden, dan mag je ook weer lopen en dan heb je één troost: voor mij zit het er dan op en ik zit dan weer thuis. Ik geniet er nog elke dag van dat ik hier mag lopen en hoewel het natuurlijk fantastisch is dat ik mijn doel bijna heb bereikt, vind ik het heel erg dat het straks afgelopen zal zijn. Maar ja, ook dat hoort erbij als je je dromen waar maakt: op een dag word je wakker.
Ik was bijna vergeten dat je zoveel tijd kon hebben op een dag. Een hele dag rust, dat betekent in ieder geval pas om half negen je bed uitkomen. Na het ontbijt heb ik eerst ‘geklust’. In mijn geval wil dat zeggen dat ik mijn rugzak helemaal heb uitgepakt en weer ingepakt en vervolgens mijn was gesorteerd. En ja, als dat klaar is, wat dan? Nou gewoon, op naar het zwembad. Er is hier een prachtig Olympisch zwembad en de toegang daartoe kost € 1,43. Niet € 1,40 of € 1,45 dus. Een beetje zonnen, een beetje zwemmen en dan is het tijd voor de lunch. Die heb ik ergens langs de rivier genuttigd.
Maar ja, toen was het pas half twee. Dus eerst maar weer terug naar de refugio om te douchen, te scheren en de was te doen. Ik zit hier in Sarria in een refugio die bij een bar en restaurantje hoort en de eigenaar spreekt vloeiend Frans, dus ik kan ouwehoeren met hem. Hoera!
Dus na het kuieren door de stad en een ijsje op een terras eindig ik maar in diepzinnig gesprek gewikkeld met de eigenaar van de refugio, vele pilsjes drinkend. Ik kan hier ook vanavond eten en heb een compleet menu voor € 8. Maar tjonge, jonge, wat duurt zo’n dag lang. Ik ben blij dat ik morgen weer ga lopen. Ik moet niet zo hard lopen, anders ben ik te vroeg in Santiago en dat kan ik de welkomstcommissie natuurlijk niet aandoen.
Ik heb het volgende verhaal gehoord, maar ik kan niet voor de waarheid instaan. Men zegt dat je op het formulier, dat je in Santiago in moet vullen om je compostela (certificaat) te krijgen, moet zetten dat je de tocht gedaan hebt uit religieuze overwegingen. Er schijnen twee soorten compostela’s te bestaan: één voor de heidenen en één voor de gelovigen en die voor de gelovigen heeft meer waarde. Ik heb geen flauw idee of dit op waarheid berust, er worden ook hier zoveel verhalen verteld die later niet erg blijken te kloppen. Ik zal het wel zien bij aankomst.
Er heerst hier ook grote verwarring of het mogelijk is door te lopen naar Finisterre in verband met de bosbranden. De één weet zeker van niet, de ander weet zeker van wel. Zo zie je maar, het blijft gelukkig tot het einde toe een avontuur. Die bosbranden blijken trouwens aangestoken te zijn. Er zijn al 4 mogelijke daders gearresteerd, die met blikken benzine zijn aangetroffen in de omgeving van de branden. Er is in het zuiden van Europa natuurlijk vaak sprake van bosbranden, maar hier schijnt dat echter (bijna) nooit voor te komen. Hoe durven ze, zo dicht bij Jacobus!
km 20,25 stappen 28.932 / totaal km 3018,74 totaal stappen 4.333.517
Ik heb weer een internetcafé gevonden. Gisteravond heb ik gegeten met Jaime, een Portugees van 57 jaar die ouderdomssuikerziekte heeft. Hij is gestart in Leon en gaat naar Santiago, maar heeft veel last van zijn rug en voeten. Zijn vrouw haalt hem met de auto op uit Santiago, want hij woont in Noord-Portugal en dan is het niet zo ver naar Santiago. Jaime praat opgewekt Portugees met iedereen en bijna niemand verstaat hem. Hij probeert dan ook nog wel iets in het Frans en met handen en voeten gaat het dan wel. Aardige vent. Hij werkt op het Ministerie van Landbouw en kent Nederland op dat gebied een beetje. Dat etaleert hij dan ook zo ruim mogelijk.
Vannacht had ik in de refugio een deken, dus lekker warm en wonder boven wonder: pas om half zes gingen de eerste mobieltjes af met de meest wonderlijke melodietjes. Dan wil je wel wakker worden. Wat opvalt is dat degene van wie het mobieltje is dat het hardste blèrt, dikwijls het laatst ervan wakker wordt. Maar goed, om kwart over zes ben ik er ook maar uitgegaan en om zeven uur in de bar ernaast heb ik een ontbijtje gescoord.
Daarna op pad in de kou, maar de zon kwam al op en dan is het leed snel geleden. Boven de bergen hingen nog rookwolken van bosbranden in de omgeving, maar de branden zelf heb ik niet gezien. Daarna heb ik een mooie route gelopen naar Sarria. Daar wilde ik vroeg zijn, want Sarria ligt ruim 100 km van Santiago en men had mij verteld dat daarom veel Spanjaarden daar beginnen aan hun tocht naar Santiago, zodat ze ook hun compostela krijgen. Onderweg heb ik gelopen met 4 Spanjaarden: 2 mannen en 2 vrouwen. De dames spraken Engels en Frans. Zij komen uit Sevilla en dat willen ze ook weten. Alles in het zuiden van Spanje is mooier en beter dan hier. Alleen de zomers, dat moesten ze wel toegeven, waren in Galicië beter te overleven. Toen het over de verschillen tussen Noord- en Zuid-Spanje ging, vertelden ze bijvoorbeeld dat in het zuiden de dorpen verder uit elkaar liggen en ook groter zijn. Men wil dus met zoveel mogelijk mensen bij elkaar wonen. Terwijl hier in de omgeving een dorp best uit 3 huizen kan bestaan met een kerkje uiteraard. Maar de dorpen liggen hier wel veel dichter bij elkaar. Ieder dus zijn eigen gebiedje. Dat klopt een beetje, denk ik, met de opmerking van een Duitser die het opgevallen was dat Zuid-Europeanen bij binnenkomst in een café aan of bij een tafel gaan zitten waar de meeste mensen zitten, terwijl Noord-Europeanen bijna altijd een leeg tafeltje opzoeken en dan liefst in een hoek. Ik gooi het maar in de groep: Herkennen jullie dit??
Nu zit ik in een pension bij een café voor € 10 per nacht in een eigen kamer met een bed met lakens. Wat een weelde!!! Ik blijf hier 2 nachten, omdat ik anders te vroeg in Santiago ben voor de ontvangstcommissie, die pas maandagmorgen actief wordt.
Uiteraard heb ik niet naar de data gekeken en wat blijkt: Nu zit ik wel in een grotere stad met winkels, maar die zijn morgen dicht omdat het Maria Hemelvaart is. Nou ja, dan kan ik de hele dag uitslapen en me vervelen. Net zag ik Ad en Ineke hier ook nog op een terras zitten. Die blijven hier ook vannacht en gaan morgen weer verder. Die zullen dus eerder in Santiago zijn dan ik. Dat is het nadeel van vrije dagen nemen: Je verliest weer een aantal vertrouwde gezichten uit het oog. Enfin, wat zei ik ook al weer? “Los laten en toelaten”.
km 21,25 stappen 30.370 / totaal km 2998,49 totaal stappen 4.304.585
Gisteravond hebben Mireille, Marjolein en ik gegeten in een Keltische bar. Toen we terugkwamen, was de refugio barstensvol. En met vol bedoel ik dan echt VOL. Dat wil zeggen: er zijn 80 bedden en die bedden waren allemaal bezet, maar bovendien lagen er zo’n 70 man op de vloer. Er kon geen vlo meer bij! Ik heb mijn luchtbedje maar uitgeleend aan een meisje dat op de harde vloer lag.
Vanmorgen om kwart voor vijf(!) kwam de eerste alweer tot leven. Dat is me toch wat te gortig om in het holst van de nacht te vertrekken. Bovendien is het dan echt, behalve donker, steenkoud. Ik heb mij gisteren net een nieuwe trui aangeschaft, die heb ik vannacht aangehad en dat was lekker. Dus voor mij begon de dag om kwart over zes en om zeven uur ben ik vertrokken. Het is dan een hele optocht van mensen die weer op weg gaan. Ik heb gehoord dat jonge Spanjaarden deze tocht lopen om die op hun CV te kunnen zetten en er dan bij te kunnen vermelden hoe kort ze er maar over gedaan hebben. Ja, dat is even iets anders dan melden dat je een jaar in het bestuur van een studentenclub hebt gezeten.
Maar goed, zo’n stoet valt dan vanzelf weer uit elkaar en dan gaat ieder in zijn eigen tempo verder. Toen ik vertrok, was het schitterend mooi, want in het dal was het nevelig en daarboven scheen de zon. Net een droomwereld. De hele verdere route was vandaag trouwens adembenemend mooi en dat maakt de drukte weer goed. Want druk is het, alle refugio’s zijn elke avond barstensvol en je moet racen om een bed te bemachtigen. Achteraf gezien had ik misschien beter in de zomer kunnen vertrekken, dan was ik hier in een rustiger periode aangekomen, maar ja, achteraf kijk je een paard in zijn kont. En alles heeft zijn charme. Ik zit hier nu buiten en voor mij op het trottoir liggen 6 uitgetelde jonge pelgrims te wachten of ze nog een plaats in de refugio kunnen krijgen.
Het gevolg van die mode om zoiets op je CV te kunnen zetten, is vaak wel dat ze totaal onvoorbereid op weg gaan en vooral op lastige stukken vallen er dan slachtoffers en kunnen ze niet meer verder. Het meisje dat nu voor pampus aan mijn voeten op het trottoir ligt, heeft bijvoorbeeld meer gewicht aan verband om haar voeten dan het gewicht van haar rugzak en ze ziet er niet echt blij uit. Dus jullie zien het: iedereen hier heeft zijn eigen Camino.
De route van vandaag ging erg steil omhoog, gevolgd door een hele lange afdaling en dat is lastig en vermoeiend. Maar om 12 uur was ik in Triacastela, dus ruim op tijd om het gevecht om een bed voor te zijn. Geer wenste me een prettige siësta, maar zo eenvoudig is dat nou ook weer niet. Ik heb het te druk voor een siësta natuurlijk: douchen, de was doen, enz., enz. Tjonge jonge, wat heb ik het toch druk. Gelukkig nog net even tijd om op de uitnodiging van Ad en Ineke, het echtpaar dat ik bij het Cruz de Ferro heb ontmoet, in te gaan om samen een pilsje te drinken. Ja, zeg nou zelf, ook een pelgrim kan niet de hele dag aan het werk blijven toch???!!!
km 23,78 stappen 33.976 / totaal km 2977,24 totaal stappen 4.274.215
Ik vind het allemaal weer geweldig en begin aardig aan Spanje gewend te raken en het steeds leuker te vinden. Even een fout van Gery rechtzetten: Het is niet 90 km naar Santiago, maar 190 km. Je moet die vrouwen blijven controleren, anders schrijven ze onzin. Maar goed, dat daargelaten, doet ze verder wel haar best. Verder roept ze dat iedereen het een prestatie van me vindt, nou, het is alleen maar gewoon doorlopen, hoor en niets anders.
Vanmorgen hebben Mireille en ik samen het eerste stuk gelopen, daarna moest zij naar de bakker en ben ik doorgelopen. De eerste 10 km liepen we naast de autoroute, maar het was zaterdag, dus niet zo gek druk. Daarna ging ik de bergen in of beter gezegd, op. Ik ben de bergrug, die de overgang vormt naar Galicië opgeklommen en bivakkeer nu op de top in O Cebreiro. Ik ben al in Galicië en dat is duidelijk te zien aan de huizen, die hier weer heel anders zijn. Ze praten ook anders, maar dat maakt mij niet uit, ik versta het toch niet. In de winkels klinkt muziek, die heel veel lijkt op Ierse muziek. O Cebreiro is trouwens een soort Valkenburg met heel veel toeristen. Maar als je nu denkt dat hier wel gemakkelijk een pinautomaat te vinden is, vergis je je, in het hele dorp is er niet één.
In alle gidsen heb ik gelezen dat het hier bijna altijd mistig is en je dus niets ziet. Vandaag echter is het heel erg helder, geen wolkje aan de lucht, hoewel ik wel met mijn hoofd in de wolken ben. Ik zit nu buiten op een bankje en heb een uitzicht over het hele dal. Ik kijk wel 50 km ver, adembenemend mooi. Het is mooi zonnig weer, er waait alleen een koude wind. Vannacht zal het dus wel koud worden, want ik heb mijn slaapzak aan Gery meegegeven. “Eigen schuld”, sprak zij hardvochtig en: “Een pelgrim moet lijden”.
Uiteraard is hier ook weer een kerk en in deze kerk staat een heel oude kelk en een bordje waarop de ouwels lagen. Uiteraard hoort ook hier weer een verhaal bij:
In de twaalfde eeuw kwamen hier monniken uit Aurillac. Eén van die monniken droeg op een morgen de mis op en er was maar één gelovige, een boertje dat de berg opgeklommen was. “Nou”, dacht de monnik, “die man is ook dom om dat hele eind naar boven te klimmen voor een stukje ouwel en een slokje wijn”. En toen gebeurde het wonder: De ouwel werd brood en de wijn echt bloed om de monnik voor zijn slechte gedachte te straffen. Mooi, hè? Ik geniet van al die verhalen.
Straks krijg ik een drankje aangeboden van Marjolein en ik zag Mireille ook alweer voorbij draven, dus alles gaat naar wens. De beide dames hebben samen mijn benen ingesmeerd met crème, want de huid was te schilferig, vonden ze. Gery beweert nu dat ik door de dames in de watten gelegd word, maar hoezo dan? Ze smeren alleen maar mijn benen in! En wat voor benen! Want wat ik nog niet verteld heb, is dat ik deze week ingehaald ben door een paar Duitse schonen, die speciaal naast me kwamen lopen om te zeggen dat ik zulke “schöne beine” had! Dat is dan ook het enige mooie dat er van me over is, want verder is het huilen met de pet op. Mager en tanig, is de juiste uitdrukking, geloof ik. Maar dat geeft allemaal niet, zolang de voeten het maar doen en dat doen ze.
km 31,30 stappen 44.725 / totaal km 2953,46 totaal stappen 4.240.239
Gisteravond was ik in Ponferrada en daar was in de refugio een Middeleeuwse kapel, waar we naar de Bénediction des Pèlerins geweest zijn. We, dat zijn Marjolein, Mireille en ik. Dat was erg mooi, de dienst was in 4 talen: Spaans, Duits, Italiaans en Engels. Alle pelgrims moesten een stukje voorlezen in hun eigen taal. Wij hebben de Engelse tekst voorgelezen, want Nederlands hadden ze niet. Het waren een stukje uit de bijbel en een gebed. Het gaat er allemaal heel relaxed aan toe en dat heeft toch wel iets zo met zijn allen.
De refugio, waarin ik sliep, is heel erg groot. Vanochtend stegen er dus zo’n 180 man tegelijk uit bed en je kunt je voorstellen wat een hels kabaal het dan is. Het eerste uur heb ik samen met Mireille gelopen, daarna gingen we apart verder. In de route zaten wel zware stukken, maar ook hele stukken die goed te lopen waren. Er zijn hier veel heuvels, natuurlijk hoger dan in Zuid-Limburg, zoiets als in de Ardennen, maar dan met veel minder bomen. Gery maakte me erop attent dat ik, toen ik het Pieterpad liep, in Zuid-Limburg riep dat het echt al hoge heuvels waren, hoor! Dat is waar, wat lijkt dat nu lang geleden. Intussen heb ik heel wat hogere ‘heuvels’ genomen. Alles gaat goed, ik had afgelopen dagen pijn in mijn rug, maar vandaag was dat over. Ik zie nu bordjes met: ‘Santiago 90 km’, maar het is hier wel Spanje, dus een eindje verder zie ik dan weer een bordje met ‘Santago 124 km’. Hoe het ook zij, het einde nadert.
Op mijn eindbestemming vandaag, Pereje, vond ik de refugio gesloten. Marjolein en Mireille waren inmiddels ook weer gearriveerd, dus hebben we maar een tijd zitten wachten. Niet dat dat hielp, want er kwam niemand. Dus besloten we in het kroegje vlakbij maar iets te gaan drinken. En daar zat dus de vrouw van de refugio, die helemaal niet blij keek naar ons, want dat betekende het einde van haar gezellige borreluurtje. Ik heb dus al mijn charmes in de strijd gegooid en ben begonnen met haar iets te drinken aan te bieden. Toen was het ijs gauw gebroken. Deze refugio is een stuk kleiner, er zijn ongeveer 30 bedden, dus dat is goed te doen. Mireille bood aan mijn was te doen in de wasmachine, maar nu is het wasmiddel op. Dat is dus mooi pech hebben.
Maar vooruit maar, morgen nog één bergrug over en dan zijn we in Galicië!
Ik heb net even de website bekeken en wat heb je een schitterend gedicht gestuurd, Danielle! Heel erg bedankt, het is precies zo als het gedicht zegt. Gery zal het op de informatiepagina zetten.
km 36 stappen 51.430 / totaal km 2922,16 totaal stappen 4.195.514
Vandaag ben ik de berg opgeklommen naar het Cruz de Ferro om mijn steentje neer te leggen. Dat was voor mij het absolute hoogtepunt, eigenlijk heb ik nu mijn doel bereikt, de rest is toegift.
Vier maanden geleden heb ik op het grafje van Ernest een steen weggehaald. Daar hebben we onze namen op laten zetten.
De hele weg is dat steentje met me meegereisd tot vandaag. Het Cruz de Ferro is een simpel kruis bovenop een berg stenen. Die berg stenen is ontstaan omdat alle pelgrims daar sinds eeuwen een steen neerleggen. Bij de Romeinen was dit al een gebedsplaats en vroeger dacht men dat dit het hoogste punt van de Camino was. Het blijkt dat niet te zijn, maar het is wel een plek waar je naar alle kanten uitzicht hebt.
Toen ik na mijn klimpartij in de buurt van het Cruz de Ferro kwam, zag ik het liggen met……. een groep fietsers erbij, die stonden te joelen en te hossen en te springen. Ieder zijn Camino, dat is waar, maar ik kwam er met heel andere gevoelens en dat was echt wel even slikken. Ik had zelfs even de neiging om door te lopen. Maar uiteindelijk was ik er voor mezelf, dus dat heb ik niet gedaan. Er was een Nederlands echtpaar, dat mij heeft gefilmd toen ik met mijn steentje naar boven klom om het neer te leggen.
Het was erg emotioneel, eigenlijk was het loslaten, maar tegelijkertijd ook op zijn plek leggen en vertrouwen hebben in de toekomst.
Ik liep weer terug met een goed gevoel: Die steen ligt daar goed!
Mission completed!
km 16,29 stappen 23.282 / totaal km 2886,16 totaal stappen 4.144.084
Dat was een comfortabel dagje vandaag. Ik heb maar een klein eindje gelopen en het was een leuke route. Het landschap wordt steeds groener en ik zie weer bomen. Om 12 uur was ik al in Rabanal del Camino, dus ik heb zogezegd een vrije middag genomen. Eerst mijn spullen even naar het hostal en dan eten. Ik zit aan het raam en wie zie ik daar toevallig voorbijlopen? Mireille. Dus tijd voor een goed tafelgesprek. De ontmoetingen hier wisselen snel. Zo zie je iemand, zo zie je hem niet meer en een paar dagen later duikt hij ineens weer op. Dat is ook wel lollig. Hier zit ik nu met een Filippijn, die Fillippijns, Spaans, Engels, Frans en Nederlands spreekt en dus van alle markten thuis is, kun je wel zeggen.
Rabanal is voor Spaanse begrippen een behoorlijk dorp, voor mij is het een klein dorp. Eigenlijk zijn er 2 kerken te zien en dat is het dan. Maar wel veel terrasjes en, zoals ik net aan Geer heb uitgelegd, daar moet je wel op gaan zitten, anders heb je niets te doen. Ik hoop dat jullie dat begrijpen.
Doe ik ook nog iets anders? Jawel, ik heb vanmiddag uiteraard eerst mijn plichten gedaan. De rugzak weer eens helemaal uitgepakt, mijn matrasje weer eens goed opgeblazen en ja, toen was het weer tijd voor de siësta. Je moet je tenslotte aanpassen, nietwaar?
Ik heb het vannacht erg koud gehad. In mijn overmoed heb ik de slaapzak aan Gery meegegeven, maar ik moet zeggen dat het hier erg koud is ‘s nachts. Niet alleen ‘s nachts, ‘s morgens als je weggaat, is het ook erg koud. En….ook mijn truien heb ik niet meer. Ik troost me dan met de gedachte dat ik, als ik een winkel voorbijkom, een lekkere warme fleecetrui ga kopen. Maar ja, die winkel is er dan net niet en dan komt de zon op en is het binnen een half uur lekker en ‘s middags is het weer bloedheet, dus die trui zal er wel niet komen. En ik zal lijden. Dat is des pelgrims.
Ik ben ook 2 sokken kwijt en 2 knijpers, dus waarschijnlijk heb ik die in een refugio achtergelaten. Nu is het zo, dat ik niet de enige ben die daar iets achterlaat. In elke refugio is een hoek met achtergelaten spullen, van tandpasta tot kleding en daar kan de volgende pelgrim dan weer iets uit de stapel vissen, dat hij nodig heeft. Zo werkt dat.
Ik vond het heel leuk dat er een berichtje van Arlette en Etienne op de website stond. Goed te lezen dat ze het gehaald hebben. En dan ook iemand die op een Pieterpadwandeling mijn website doorkrijgt. Wat ontzettend leuk is dat toch, ik zal het erg missen als ik weer thuis ben.
Vanavond ben ik om 7 uur naar de Vespers hier geweest. Er waren ruim 125 mensen aanwezig en de dienst werd geleid door de monniken uit het Benedictijner klooster. Alles in het Spaans, Italiaans en Engels en er werden liedjes gezongen uit Taizé. Dat alles in een heel oud kerkje. Ik vond het erg indrukwekkend.
Morgen ga ik 1500 meter de berg op naar het Cruz de Ferro om mijn steentje neer te leggen. Weer een letterlijk en figuurlijk hoogtepunt dus.
km 31,51 stappen 45.012 / totaal km 2869,87 totaal stappen 4.120.802
Ondanks mijn sombere voorspelling heb ik gisteravond heerlijk gegeten. Ze hebben hier trouwens ontzettend lekkere wijn. Het is een gekoelde rode wijn, ongelooflijk, maar echt heerlijk.
Dus kon ik vanmorgen opgewekt van zin weer vertrekken. De route was mooi vlak, maar een groot stuk liep vlak langs de autoweg en dat is niet prettig, want het is een heel drukke weg met heel veel verkeer en een pelgrim als ik kan daar niet meer tegen natuurlijk, tegen al dat werelds gejaag.
Maar het was een lekker dagje. Onderweg kwam ik door Hospital de Orbigo en daar is middenin de stad een brug met een knik erin. Ook bij deze brug hoort weer een verhaal:
Er was een ridder, Sueres, die graag een vrouw wilde, maar niet kon krijgen. Daarom had hij de gelofte gedaan dat hij elke donderdag met een zware ketting om zijn nek zou lopen. Dat deed hij braaf, maar het duurde en duurde en de goede vrouw kwam niet opdagen. Dus het werd bezwaarlijk voor hem, steeds die zware ketting en hij wilde er vanaf. Dat mocht, maar dan moest hij 2 weken lang, twee weken voor de naamdag van St. Jacob en twee weken na diens naamdag, met elke ridder vechten die over de brug kwam. Dat deed hij, samen met een aantal vrienden en loste die belofte in. Daarop werd hij van de zware ketting verlost en deze hangt nu in de kathedraal van Santiago om de nek van het beeld van Jacobus de Mindere (niet ‘mijn’ Jacobus). Of hij nu uiteindelijk de vrouw van zijn dromen kreeg, weet ik eigenlijk niet, maar hier spelen de inwoners sinds 2000 elk jaar dit verhaal na.
Het is ook vandaag weer ruim drieëndertig graden, maar ik heb totaal geen last meer van de warmte, ben er nu helemaal aan gewend. Ik ben vandaag geëindigd in Murias de Rechivaldo en huis in één van de twee refugio’s. Dit is een kleine refugio, er zijn maar 12 bedden. Er is hier ook een meisje uit Barcelona, dat een beetje Frans spreekt, dus daar babbel ik wat mee. Overigens: even aandacht voor mijn vooruitgang in het Spaans! Hier in dit heel gezellige dorp staat een Tempelierskerk met bovenin een ooievaarsnest. Dat heb ik een tijdje staan filmen en toen zag ik de deur openstaan, dus ben even naar binnen gelopen. Binnen werd ik opgewacht door een oude baas, die me rondleidde en alles uitlegde, uiteraard in het Spaans. Ik weet nu dat dit kerkje uit de zeventiende en achttiende eeuw stamt en dat de 5 altaren die er zijn, nog grotendeels de originele altaren zijn, waaraan hier en daar iets gerestaureerd is. Heb ik allemaal verstaan, nou jullie weer! Verder heeft hij me alle heiligen aangewezen die in de kerk aanwezig zijn (in steen dan natuurlijk) en ik dacht ook dat ik ‘mijn’ Jacobus daarbij zag. Helaas, dit was fout, het was St. Rochus. “Jacobus hebben we niet”, zei hij. Dat vond ik wel grappig op de route van St. Jacob. Het was een uitermate vriendelijke man, want ik mocht zelfs een stukje filmen in de kerk en dat mag hier nergens. Sterker nog, hij vroeg of ik licht nodig had en ging toen voor mij het licht aansteken. Ook dat heb ik gefilmd, dus nu zie je ineens..floep.. alle lichten aangaan in de kerk. Met andere woorden: Ik heb vast het licht gezien.
Na mijn bezoek aan de kerk zag ik een barretje naast de kerk en daar heb ik toen genoten van een pilsje. Er kwam ook een Frans echtpaar, dat de route in gedeeltes loopt, dus daar heb ik een poosje mee zitten praten.
Ik heb nu nog ruim 250 km te gaan en Mireille, mocht je dit toevallig lezen: Morgen loop ik niet ver en stop ik ‘s avonds in Rabanal. Overmorgen bereik ik dan het Cruz de Ferro. Ik heb geen idee waar jij nu precies zit, voor of achter mij. Jullie zien: ook de communicatie van pelgrims onderweg is gemoderniseerd en loopt via de digitale snelweg!
km 23,36 stappen 33.379 / totaal km 2838,36 totaal stappen 4.075.790
Na veel gezoek en nu hulp van de receptioniste heb ik eindelijk de truc gevonden om het apenstaartje te vinden. Je moet het eerst ergens opzoeken in de computer en dan copiëren. Vervolgens weer terug naar je adres en dan weer copiëren. Op zich is dat al onbegonnen werk voor mij, maar alles staat ook nog eens in het Spaans, dus ik weet eigenlijk helemaal niet wat ik zit te doen. Maar goed, het staat er nu en ik hoop maar dat het goed gaat.
Vanmorgen heb ik uitgeslapen, omdat ik dacht dat ik in Leon zou blijven. Maar ik heb mijn komende dagen eens even goed doorgenomen en dan blijkt dat er nog wat heftige dagen tussen zitten. Voor de zekerheid dus vandaag maar vast een korte etappe gewandeld, zodat ik wat meer ruimte heb om sommige dagen in twee keer te doen. Dus vanmorgen pas om 8 uur aan de wandel. Aan de rand van de stad Leon staat een oud klooster dat nu een parador is (luxe hotel), maar dat met heel veel zorg van buiten in ieder geval in de originele staat wordt onderhouden. “Gewoon prachtig”, zou mijn schoonmoeder zeggen. Daarvoor op een bankje zit een bronzen pelgrim uit te rusten. En iedereen wil natuurlijk met hem op de foto. Daarna over een oude romeinse brug naar de rand van de stad. Dat viel nog niet mee, want er wordt enorm gebouwd en verbouwd hier in Spanje. Met alle dank aan Europa trouwens, zo staat overal vermeld. Maar het probleem is dat de routebeschrijvingen dan niet meer kloppen. Er zijn dus twee routes om naar Hospital de Orbigo te wandelen. De eerste is langs de autoweg en de tweede gaat over rustige paden met een kleine omweg. Inmiddels was ik Marjolein tegengekomen die in Leon met de Camino is begonnen en samen zijn we verder gelopen. We wilden de rustige route nemen, maar we hebben nooit een splitsing gezien en steeds trouw de gele pijlen gevolgd. En dus kwamen we er na verloop van tijd achter dat we steeds langs de autoweg bleven lopen en dus de verkeerde route hadden. En de hele dag zoveel verkeer vlak langs je heen is heel hinderlijk. Maar goed, mijn doel heb ik toen gewijzigd en ik ben doorgelopen. Onderweg kwam ik nog langs een fabriek van Cargill, dus kwam alles heel vertrouwd over. Ik heb maar een foto gemaakt voor Gery, dan kan ze zien hoe wereldwijd ze bezig is. Dat moet toch een trots gevoel geven? Of niet? In San Martin del Camino is een albergue met, geloof het of niet, aparte individuele kamers. Vannacht slaap ik dus alleen zonder gebrom, gezucht en verdere vreemde geluiden.
km 26,29 stappen 37.560 / totaal km 2815 totaal stappen 4.043.311
Kijk, dat valt me nu toch weer van jullie, intelligente mensen, tegen, dat jullie niet snappen dat ik met ‘Verraseup’ gewoon ‘terrasje’ bedoel. Ik bedoel maar, een beetje sms-kenner kan dit toch wel vertalen?
Nu niet zeggen: “Alweer op een terras?”, want dan ga ik ook nog vertellen dat ik achter een sorbet zit, waar jullie het water van in de mond zou lopen. Ze hebben hier namelijk uitstekende sorbets, heel groot en heel lekker! Maar wees gerust, ik heb echt niet de hele dag op dit terras gezeten.
Vanmorgen ben ik vertrokken en weer de hele lange en rechte weg met de boompjes. De moed zonk mij in de schoenen bij de gedachte dat dit de hele dag zou duren weer. Maar gelukkig stond Mireille na een tijdje op me te wachten en gedeelde smart is halve smart. Bovendien bleek deze weg nog maar 5 km te zijn. Ineens veranderde toen het landschap. Alles werd groen en fris. Dus besloten wij in een barretje langs de weg ook maar iets fris te gaan nuttigen. Bij het glaasje heerlijke sap zaten we een beetje samen te keuvelen en vroegen we ons af hoe ver het nog naar Santiago zou zijn. Komt er ineens de stem van een oud baasje aan de bar in zuiver Nederlands: “Driehonderd kilometer.” Wil je geloven dat we het nog niet eens meteen doorhadden? Ook dit bleek iemand te zijn die in het verleden 10 jaar bij de Hoogovens had gewerkt en zijn Nederlands was ook nu nog prima. Wat nou, ze willen de taal niet leren? Deze man deed dat zonder ‘inburgeringscursus’.
Met de middag waren we in Leon. Eerst weer door de ook hier niet fraaie buitenwijken, even zoeken naar een hostal, dan wassen, douchen en uitrusten. Dat was wel nodig, want we hebben heel weinig gerust en zelfs niet gegeten onderweg. Maar goed, na een poosje ben je weer uitgerust en dus wordt het dan tijd om de stad te bekijken. Leon is echt een prachtige stad en de moeite van het bekijken waard. Ik heb eerst de San Isidore bezocht, een van de grootste Romaanse kerken van Europa en een juweel. Daarna ben ik de kathedraal binnengestapt en die was gewoon verbijsterend van pracht, Chartres zinkt er bijna bij in het niet. Er zitten zoveel ramen in de kathedraal dat het net lijkt alsof het dak op glas rust. Allemaal gebrandschilderd en veel ramen zijn nog de originele. Geweldig, in één woord!
En nu zit ik dus op dat terrasje en zie het recreatieve treintje voorbijrijden. Dit is echt een stad voor Gery: overzichtelijk, niet al te groot, overal uitspanningen en……. een treintje, zodat ze niet veel hoeft te lopen. Nu even een rechtstreeks verslag, want ik zie hier nu net twee Spaanse dames aankomen en het is net een bijzonder plaatje: twee echt Spaanse dames met overal fladders en flinters aan hun kleding en…. met een waaier in hun hand. Net klederdracht, een schitterend gezicht! Dus dames in Holland, de spijkerbroek uit!
Als uitsmijter nog even een filosofische gedachte: De Camino is loslaten en toelaten. Zo, denk daar maar eens over na, jullie daar in ‘de andere wereld’, zoals wij pelgrims dat onder elkaar noemen. Een hartelijke groet!!
Vandaag realiseerde ik me ineens dat ik over veertien dagen samen met Marnix in het vliegtuig zit naar Santiago de Compostela om Theo daar te verwelkomen. Hoe is het mogelijk dat we nu al ruim vier maanden verder zijn? Ik zou bijna zeggen: “Ik begin net een beetje te wennen aan het alleen zijn!”
Met heel veel plezier heb ik Theo’s avonturen aangehoord en aan de reacties te zien, ben ik niet de enige. Ik kan me bijna niet voorstellen dat over niet al te lange tijd het laatste bericht op deze website zal staan. Ik vind dat ook enorm spijtig, want ik heb er zoveel plezier in gehad om het te doen. Dat had ik niet verwacht, ik had het idee dat ik er na een poosje wel de balen van zou krijgen. Niets is minder waar en hoe komt dat? Door iedereen die zo spontaan heeft gereageerd, sommigen af en toe, sommigen bijna elke dag. Het was geweldig om dit allemaal te lezen, iedere dag weer. Misschien ook, omdat jullie commentaren zo in onze stijl passen? Soms bloedserieus, soms vol humor, soms juweeltjes van schrijfkunst.
Ik heb dit weekend alle reacties vanaf het begin doorgelezen en in combinatie met Theo’s verslagen is het een soort diamant! Ik weet niet hoe ik het precies moet zeggen, maar het voelt gewoon goed. Een stukje ‘puur leven’ in een wereld die steeds harder en rauwer lijkt te worden. Ik zeg met opzet: “lijkt”, want zolang dit ook nog bestaat, blijft er hoop en vertrouwen. Ik heb ook genoten van de reacties op mijn filosofische gedachten, het is leuk om te weten hoe anderen ergens tegenaan kijken. En ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar ik heb het gevoel dat ik iedereen, die heeft gereageerd, nu ken. Ik weet ook wel, dat ik sommigen nog nooit gezien heb en dat ik die dus op straat gewoon voorbij zou lopen, maar hier zijn het mijn vrienden en vriendinnen. Van mij en van Theo ook natuurlijk.
Hans en Janneke, wat hadden jullie weer een mooi gedicht, ik heb het meteen op de informatiepagina gezet. Ik ben van plan om met alles dat hier op de website in die tijd is verschenen, ook iets te doen, opdat het niet gewist wordt. Ik heb ook wel een idee, maar aangezien de een of andere pelgrim steeds op de website kijkt, wil ik daar nog niet over uitweiden, want het moet voor hem wel een verrassing worden natuurlijk.
Over die pelgrim gesproken: Hij zal na het lezen van het bovenstaande ongetwijfeld zeggen: “Ho, ho, ik ben er nog niet. Er kan nog van alles gebeuren!” en dat is zo, dus voorlopig gaan we nog even vrolijk verder. Ten tweede krijg ik nu een sms-je met het bericht dat ik moet bellen, aangezien hij nu op een ‘verraseup’ zit. Iemand enig idee wat dat is? Ik zal het wel horen!
km 31,75 stappen 45.370 / totaal km 2788,71 totaal stappen 4.004.751
Jawel, ik ben 4 miljoen stappen verder! ‘t Is me toch wat.
Vandaag heb ik het laatste stuk gelopen met Mireille uit België. Nou, laatste stuk? Eigenlijk was de hele weg het laatste stuk, want ik zat nu op de weg met allemaal bomen langs de kant, die je bijna altijd ziet als het op TV over Santiago gaat. Ik had dat natuurlijk ook gezien, maar wist niet dat die weg inderdaad zo lang was. Je hebt er geen voorstelling van hoe eindeloos lang die weg is met voortdurend hetzelfde uitzicht. Er komt echt geen eind aan. Mireille zei dat het gelukkig was dat ik erbij was, anders zou ze aan de kant van de weg gaan zitten en niet meer opstaan. Wat ons reden gaf te constateren dat het net het leven was: je kunt niet zonder anderen. Nou begrijp ik ook ineens hoe mensen aan die filosofische gedachten komen. Dat is gewoon verveling!!
Verder hebben we er maar geintjes over gemaakt. Als er ergens een tractor in het land stond, riepen we: “Er gebeurt wat!” Of als er een piepklein kromminkje in de weg zat: “O, moet je nou eens kijken!”
Maar aan alles komt een eind, dus ook aan deze weg en nu zitten we prinsheerlijk in de refugio in Reliegos. Hoe je het uitspreekt, weten we niet, maar de helft van de huizen zijn hier ondergronds. Je ziet dan alleen een heuveltje met een schoorsteentje eruit steken. Waarom dat is, weten we nog niet, daar moeten we nog achter zien te komen. In de gids staat er niets over.
Er is weer gedoucht en gewassen en Mireille heeft heerlijke soep voor me gekookt. Belgische soep uit een Spaans pakje, dus heel bijzonder. Er zit nu iemand tegenover me heel zorgvuldig zijn blaren te behandelen, ik kan me niet herinneren wanneer ik voor het laatst een blaar had. Dus alles gaat naar wens. We gaan straks wel even op de website kijken, maar op dit moment is er geen plek, want een schare Spaanse jongetjes zit stiekem naar sex sites te kijken. Dat een pelgrim dat nou net moet zien.
km 15,98 stappen 22.837 / totaal km 2756,96 totaal stappen 3.959.381
Zo, nadat ik gisteren zo mijn best heb gedaan, mocht ik van mezelf vanochtend uitslapen. Dat betekent in mijn geval dat ik om kwart voor zeven (Geer noemt dit geen uitslapen) uit bed kwam, eerst maar eens op zoek ben gegaan naar een ontbijtje en vervolgens mijn wandeling heb vervolgd over de Meseta. Het was vanmorgen trouwens erg koud. Gaandeweg werd het beter en werd het zelfs aangenaam weer. Er stond een stevige wind, die een beetje te vergelijken is met de mistral in Zuid-Frankrijk. Die wind komt meestal uit het westen, maar vandaag tot mijn geluk uit het oosten. Dat betekent dus dat ik de hele tijd voor de wind liep en dat schiet lekker op.
Zodoende was ik om 12 uur in Sahagun, mijn slaapplek voor vannacht. En….. daar ben ik gestopt. Goed hè? Jawel, ik kan wel een oude wijze pelgrim zijn. Maar dat is eigenlijk ter voorbereiding op morgen en overmorgen, want dan wil ik 3 etappes in 2 dagen doen. Zondag hoop ik dan in Leon aan te komen.
Ook hier zijn alle huizen van leem, behalve twee kerkjes uit de twaalfde of dertiende eeuw. Die zijn van baksteen en dat heeft een vermogen gekost, want die stenen moesten allemaal worden aangevoerd, omdat ze die hier niet hadden. Die lemen huizen moeten trouwens ieder jaar van een nieuwe leemlaag worden voorzien, want door de regen en de zon vallen er elk jaar hele stukken uit. Dus dat is wel een heel gedoe.
Verder heb ik vandaag niet zoveel beleefd, het was gewoon een lekker rustig dagje. Gery heeft me alle commentaren op de website weer voorgelezen en dat is erg leuk. Het is iedere keer weer een feest te merken dat mensen zo enthousiast reageren en zo meeleven met mijn dagelijkse beslommeringen. Tot in Engeland toe, merk ik wel.
Mijn vlooienbeten beginnen te vervagen, dus ik begin er weer een beetje als mens uit te zien en het kan er weer mee door. Ik ben wel een stuk magerder geworden, al het vet is verdwenen. Dus dat wordt thuis nieuwe broeken kopen…..
km 39,76 stappen 56.804 / totaal km 2740,98 totaal stappen 3.936.544
Overmoed en hoogmoed, dat waren vandaag mijn (pekel)zonden. Vanmorgen ben ik weer fris en monter op stap gegaan, zo fris en monter, dat ik om 12 uur de etappe van 20 km al achter de rug had. Toen begon de overmoed, want ik dacht: “Wat doe ik hier zo vroeg? Laat ik nog maar een stukje verder lopen.”
De volgende etappe was 17 km en op de hele etappe was geen enkele plaats waar je kon stoppen. Sterker nog, er was helemaal niets, zelfs geen punt om water te tappen. Het was gewoon een hele lange, rechte weg met kleine boompjes, die geen schaduw gaven. In de gids staat dat, als je na wilt denken, dit het goede stuk daarvoor is, omdat het landschap verder zo saai en eentonig is. Dat is ook zo, het is een saai landschap, maar toch vond ik het erg mooi en fascinerend. Je zag geen kip, ik heb uren gelopen zonder ook maar iemand voor me of achter me te zien en ik vond het fantastisch! Onderweg kwam ik langs een schitterende kerk. Hij was van binnen ook erg mooi, maar in het portaal was Christus gebeeldhouwd in een mandorla (een soort ereboog om hem heen). Om die mandorla waren de symbolen van de 4 evangelisten en daaronder 24 musici met allemaal een verschillend instrument. Prachtig was dat.
Maar goed, ik was natuurlijk wel blij dat ik er uiteindelijk was. Ik zag de refugio al, maar toen stak na de overmoed de hoogmoed de kop op. Ik dacht namelijk: “Ik ga niet in een refugio, ik neem vandaag een hostal”. Dus ik ga op zoek naar dat hostal: lopen, lopen, lopen, maar ik kon het niet vinden. Op straat was niemand, alleen ik en uiteindelijk zag ik een oud baasje voor zijn huis zitten. Dus ik ernaar toe en ik vraag hem naar het hostal. Met veel armzwaaien en heel veel woorden en veel wijzen legde hij me iets uit, waarvan ik begreep dat dat de richting was die ik gaan moest. Dus ik ga opnieuw lopen, en lopen, en lopen…. Na 2 km dacht ik: “Dit is niet goed, dit kan niet goed zijn”, maar om nu weer 2 km terug te lopen is ook zo wat. Dus toen ben ik maar verder gelopen. Het was nog 7 km naar Ledigos, waar ik kon overnachten, maar aan het einde van je dag is 7 km nog heel veel, dat kan ik je verzekeren.
En als straf voor mijn hoogmoed slaap ik nu …… in een refugio van leem. Geer zou, als ze dit zag, spontaan gaan zingen: “Een huis van hout, een huis van steen, ‘t gaat alles met de wereld heen”, maar ik voel me overal thuis of het nu een groot paleis is of een arme stulp.
Gelukkig toonde Gery het benodigde medelijden met me, maar eerlijk gezegd, eigenlijk zijn dit juist leuke dingen die je meemaakt, vooral omdat je niet van tevoren weet waar je terechtkomt. En dat leem klinkt nu wel armelijk, maar hier is alles van leem, dus zo bijzonder is het nu ook weer niet. Ik heb hier wel weer eens voldoende gegeten: soep, vlees en dessert. Als de maag weer vol is, de was te drogen hangt en het zweet weer afgewassen, is alles weer goed.
Er zijn hier 3 jongens uit Boxmeer op de fiets en die zijn over 5 dagen al in Santiago. Ik ga er iets langer over doen, maar ik nader de eindbestemming! Nu ga ik naar bed, want zoals jullie weten, moet een pelgrim vroeg in de morgen weer op. Welterusten.
km 25,86 stappen 36.945 / totaal km 2701,22 totaal stappen 3.879.740
Het is weer heel erg heet vandaag, maar ik heb wel lekker gelopen. De eerste 5 km waren erg zwaar, ik moest steil omhoog om op de Meseta te komen. Daarna werd het vlak en naar beneden ging het geleidelijk, dus dat is het betere werk. Ik heb vele kilometers langs een irrigatiekanaal gelopen, dat is grappig. Het land is vlak, maar het kanaal stroomt hoger en je loopt dan echt over een dijk. Het is net de Purmer, alleen werkt het andersom. In de Purmer ligt het kanaal lager om de polders droog te houden, hier ligt het kanaal hoog om het lagere land nat te houden. Hoe kaal het verder ook is, langs het kanaal groeit ineens riet en zijn er weer vogels.
Het is nog steeds druk, maar ik begin me aan te passen aan die drukte. Vanmorgen heb ik een poosje met een jong Duits meisje gelopen. Die zag het thuis niet meer zitten, was dus maar op stap gegaan. Ze vertelde dat ze nu in 14 dagen op de Camino meer geleerd had dan in haar hele leven en alles nu anders ging doen. Het gekke is dat ik steeds minder het gevoel heb een pelgrim te zijn. Begrijp me goed, ik heb het nog steeds prima naar mijn zin, het lopen is leuk, de monumenten zijn prachtig en de natuur is ook erg mooi, maar op de een of andere manier doet het me minder. Hier zijn pelgrims ook echt een aparte groep. Ook de mensen die wel Spaans spreken, spreken eigenlijk alleen maar met elkaar en niet met de bevolking. Het is hier meer ‘business’ dan pelgrimeren, althans voor mij. Laat ik het zo zeggen: Ik ben hier een wandelaar en ik vind wandelen leuk, maar ik voel me geen pelgrim op reis zoals in Frankrijk. Ik heb het gevoel dat ik iets mis. Ik denk dat meer mensen zoiets ervaren, want het was het Duitse meisje opgevallen dat de mensen, die van ver komen, liefst alleen willen lopen en de mensen, die in Roncevalles zijn begonnen, juist in groepen willen lopen.
Ik ben er nog niet achter waar dit gevoel vandaan komt en hoe het precies in elkaar steekt. Over 10 dagen ben ik bij de ‘berg stenen’, zoals Ton dat noemt. Wil je geloven dat ik er tegenop zie om daar mijn steentje neer te leggen? Waarom? Gewoon eenvoudig omdat ik hem niet kwijt wil.
Ik zit nu lekker in de schaduw op een stenen bankje in Fromista, mijn eindbestemming vandaag. Ik slaap vannacht in een hostal, dat is minder luxe dan in een hotel, maar beter dan in een refugio.
Ik wil eigenlijk een dag inhalen, zodat ik de laatste dag maar een klein stukje loop, maar ik moet wel voorzichtig zijn met mijn been. Die doet af en toe zeer en ik weet niet of het mijn been is of uit mijn rug vandaan komt. Dus ik doe voorzichtig, want ik wil het natuurlijk wel halen!!!!
Jaap Jan, bedankt voor de uitgebreide uitleg van het St. Anthonisvuur, leuk om te lezen, nu weet ik tenminste wat het is. Ik was wel verbaasd dat het in 1951 nog is voorgekomen, dat had ik niet gedacht.
Het is, geloof ik, voor het eerst, dat wij onze trouwdag afzonderlijk vieren. Een gekke gewaarwording. Maar ……. voor de 38 rode rozen en één witte heb ik volgens traditie wel gezorgd, dus jullie zien: uit het oog, maar niet uit het hart!
O ja, wie post wil versturen naar Santiago de Compostela, kan dit nu wel gaan doen zo langzamerhand.
Nu de groeten van ‘pelgrim’ Theo of ‘wandelaar’ Theo en tot morgen maar weer!
km 29,9 stappen 41.428 / totaal km 2675,34 totaal stappen 3.842.795
Gisteravond hebben we met zijn twaalven rijkelijk van de spaghetti zitten eten en daarna zijn de mannen naar de bar gegaan. En wie zat daar weer op het terras? Juist ja, vriend David. Het is gewoon komisch.
Vanmorgen was ik er weer om half zes uit (jawel, half zes!!), dus na het ontbijt, dat nog minder is dan in Frankrijk, ging ik weer op stap. Er was een schitterende zonsopgang boven de Meseta, geweldig gewoon. De meseta is een hoogvlakte van tientallen kilometers, er groeit heel zelden een boom, alleen maar graan en er zijn hopen stenen overal. Daar tussenin zijn dan hele diepe dalen, waarin de dorpen liggen. Het is heel groots en indrukwekkend door zijn eenzaamheid. Het lijkt misschien saai, maar ik vind het groots. Je kunt je gewoon niet voorstellen dat je echt helemaal niets ziet, zelfs geen kerktoren of zo. De dorpen liggen heel ver uit elkaar en er is geen water, dus je moet zorgen dat je voldoende bij je hebt. Je loopt en loopt en ziet geen teken van menselijk leven, tot je ineens een bordje ziet met de naam van een dorp dat er over een halve kilometer schijnt te zijn, maar waarvan je echt nog niets ziet. En dan zo’n 200 meter voor het dorp, ga je ineens heel steil naar beneden en ligt het dorp aan je voeten. Ik vind het heel bijzonder.
Ik ben een stukje omgelopen, want ik wilde langs Fuente de Sambol. Dat is een plaatsje dat bewoond wordt door hippies, zoals wij die in de jaren zestig noemden. Een stel alternatievelingen dus, die daar een refugio hebben ingericht en er is ook een camping. Nou moet je je daar niet te veel van voorstellen, want er is zelfs geen toilet. Het enige dat ze hebben, is water uit de bron. Verder is er een muur met alternatieve beschilderingen en een koepel, waar je hele goeie koffie krijgt. Ik vond het erg leuk.
Tijdens het laatste stuk kwam ik langs de ruïne van een klooster, San Anton, waar de weg doorheen loopt. Ter hoogte van de poort zie je dan rechts 2 nissen, waar de monniken vroeger wijn en brood neerzetten voor de pelgrims. Boze tongen beweren dat ze de wijn zelf opdronken en er dan water voor in de plaats zetten, maar ze verzorgden daar wel de pelgrims die leden aan het St. Anthonisvuur. Iemand die weet wat voor ziekte dat is? Ik niet, maar je kon er misvormd van raken.
Jullie zien, er is elke dag wel iets te beleven. Leuke, maar ook minder leuke dingen, want ik ben het kettinkje dat ik van Geer gekregen heb, helaas kwijtgeraakt. Het was gebroken en ik had het dus in mijn broekzak gestopt, maar nu is het er niet meer. Jammer, want ik was er wel een beetje aan gehecht. Dat is dus nu onthechten geblazen.
Nu ben ik in een hotel in Castrojeriz, ik heb gedoucht en de badkamer hangt alweer vol met mijn was. In het hotel zelf heb ik geen bereik, daarvoor moet ik naar buiten. Dat is wel komisch, want buiten zit een heel stel oude vrouwen, zoals je dat vaak in dorpen ziet en die hebben mij nauwkeurig uitgeduid waar ik moet zijn om wel bereik te hebben. Dus nu zit ik op een bankje bij de bron, terwijl de dames in volle aandacht mijn koeterwaals aan zitten te horen.
km 13,28 stappen 18.974 / totaal km 2645,46 totaal stappen 3.801.867
Ik heb gisteravond duur gegeten en de bediening duurde even lang als de prijs hoog was. In het begin ging het nog wel, maar ik heb 3 keer om mijn dessert moeten vragen en toen was het er nog niet. Dus toen ben ik maar gaan staan en ja, dan komen ze er snel aan natuurlijk. Maar goed, inmiddels was het 10 uur, dus ik heb het dessert maar laten zitten. Maar het betalen veroorzaakte ook allerlei problemen, want ze wisten niet meer wat ik gegeten en gedronken had. Dus toen gingen ze weer op zoek naar een menukaart, die konden ze ook niet meer vinden. Het eind van het liedje was dat ik zelf maar heb opgenoemd wat ik gebruikt had. Het eten was verder wel lekker, maar niet heel bijzonder. En het zag er zo goed uit van buiten. Zo zie je maar weer, schijn bedriegt en het ziet er soms mooier uit dan het is.
Dat het mooier lijkt dan het is, kun je zeker niet van Burgos zeggen. Wat is dat een schitterende stad! Gewoon een pronkjuweel van Middeleeuwse en Gothische kunst. Super, in één woord! Ik heb alles op mijn gemak bekeken, ben in verscheidene kerken geweest. Mooie kerken, maar……. ik wilde kaarsjes branden en dat ging niet. Er zijn geen kaarsjes te vinden. Grappig is dat, juist in een land waar je verwacht die overal in elke kerk te vinden, zijn ze er niet. Ja, de camino zit vol verrassingen.
De wandeling door Burgos moest ik op mijn plastic schoenen doen, want ik had mijn schoenen naar de schoenmaker gebracht om ze te laten lijmen. Om 12 uur waren ze klaar, dus dat viel nogal mee, maar de schoenmaker keek wel zorgelijk en vreesde dat ik Santiago niet op deze zolen zou halen. Nou ja, dat zien we dan wel weer, voorlopig doen ze het nog goed.
Vanmiddag ben ik op mijn gemak doorgekuierd naar Rabe de las Calzadas. Het was wel steeds even zoeken naar de juiste weg, want ze zijn overal snelwegen aan het aanleggen en huizen aan het bouwen, dus dan klopt de route niet meer. Maar iedereen hier wijst je dan de weg en als je verkeerd loopt, is er altijd wel een auto die langzaam gaat rijden en je helpt. En iedereen wenst je: “Bueno Camino!” Dat is toch wel erg leuk.
Ik liep vanmiddag alleen, ik zag zelfs niemand voor me en niemand achter me. Heerlijk was dat even. Vannacht heb ik in Burgos trouwens in een heel goed hotel geslapen, dus hier in Rabe de las Calzadas heb ik mij weer bescheiden teruggetrokken in een refugio. Het is tenslotte niet alle dagen feest.
Waar ik nog steeds niet echt aan gewend ben, is het feit dat iedereen ‘s middags slaapt. Ook in de refugio’s dus. Ik ben de enige die wakker is, want ik vind dat slapen midden op de dag maar niks. Het is natuurlijk warm, maar ik ben er inmiddels wel aan gewend.
En zo gaat de pelgrim voort……..de wandelstaf geheven!
km 39,78 stappen 56.838 / totaal km 2632,18 totaal stappen 3.782.893
Vanmorgen ben ik weer om 6 uur vertrokken, want er waren heel veel kilometers te stappen vandaag. Het was een erg mooie tocht met veel vergezichten op bergen, waar ik gelukkig niet overheen hoef. Onderweg was het vandaag in een barretje cola drinken. Een cola met een lerares Engels uit Parijs, een cola met een student biologie, enz. Van cola krijg je kramp in je maag, dus ben ik maar weer overgestapt op water.
Onderweg kun je de Spaanse en in mindere mate ook de Italiaanse pelgrims goed herkennen. Die laten namelijk alles aan hun rugzak wapperen. Schoenen, waterflessen, truien, enz. Aan alle kanten wappert het, zodat iedereen goed kan zien hoe stoer ze zijn.
De fietsers hadden het vandaag ook moeilijk, want die moesten gedeeltelijk over ons pad en daar kun je niet fietsen, maar moet je lopen. Ten eerste zijn ze niet gewend aan lopen en ten tweede hebben ze daar ook geen goede schoenen voor, dus ook voor hen was het zwoegen.
We moesten een flinke helling op, dus iedereen stelt zich daarop in: hoofd naar beneden, kijken waar je loopt en klimmen maar. Bovenop de helling staat een kruis. Toen we eenmaal boven waren en het kruis bereikt hadden, vonden we aan de voet van het kruis een compleet bankstel: twee fauteils en een zitbank. Daar sta je dan wel even van te kijken en dat was lachen natuurlijk.
De laatste 10 km liep ik over industrieterreinen en door de woonwijken van Burgos en dat was ontzettend vervelend. Dat ziet er allemaal niet fraai uit. Maar nu zit ik dan toch maar prinsheerlijk in Burgos, in een hotel aan de rand van de oude binnenstad. Ik heb er nog niets van gezien, maar dat komt morgen wel.
De mensen van het hotel waren van mening, dat ik vandaag heel ver gelopen was. Dat klopt en ik begin nu wel een beetje slijtage te merken aan mijn linkerbeen. Niet zozeer mijn enkel, maar vanaf de heup begint het een beetje pijnlijk te worden. Dat kan ook niet anders natuurlijk na ruim 2500 km.
Geer zegt dat ik het kalmer aan moet doen en meer rust moet nemen. Het probleem is echter dat ik, als ik een korter stuk loop, er al om 12 uur ben en meestal in een klein dorp en dan verveel je je een ongeluk ‘s middags. Dus dan zeg ik tegen haar dat het geen vakantie is, waarop zij me streng toespreekt dat het dat wel is en dat ik ‘s morgens mijn ‘werk’ al gedaan heb en dus ‘s middags vrij mag zijn. Ach ja, misschien blijf ik dan morgen wel een dagje in Burgos of ik loop maar een klein eindje van 10 km of zo. We zullen wel zien!
Je ziet Burgos al in het dal liggen als je er nog 15 km vandaan bent.
km 30,84 stappen 44.064 / totaal km 2592,40 totaal stappen 3.726.055
Een rustige dag vandaag, waarop ik op mijn gemakje heb gekuierd. Het was vannacht koud in de kerk, ik hoop maar dat dit niet symbolisch was.
Gisteravond had de priester voor in totaal 22 mensen gekookt en daarna moesten we dus met 22 man afwassen. Dat is zo komisch, het lijkt een grote rotzooi, er wordt heel veel gekakeld en geschreeuwd in heel veel talen: Frans, Spaans, Duits, Italiaans, Portugees, Hongaars, Nederlands. Kortom, het is een ongeordende bende, althans dat lijkt het, want het is al met al in een mum van tijd gebeurd en nog goed ook.
Vanmorgen in alle vroegte, om 6 uur, ben ik al vertrokken. Het was nog donker. Het is wel grappig, want ook ‘s morgens is het geharrewar, aangezien iedereen uit de hele rij schoenen en stokken de zijne moet zien te vinden in het donker. Voor mij is het makkelijk, want mijn stok is uniek en mijn schoenen zijn de hoogste. Als iedereen dan alles weer heeft, vindt de uittocht plaats. Ik vind die lampjes op je voorhoofd erg stom, maar eerlijk gezegd was het vanmorgen wel gemakkelijk geweest, want er was weinig te zien, dus je moet goed opletten dat je niet misstapt. Dus alweer een vooroordeel gesneuveld. Het was weer erg warm, maar ik ben er nu wel aan gewend. Ik stop bij elke bron of fontein om water te tappen. Dat is lekker koud water. Bij mijn volgende bron of fontein mik ik het overgebleven lauwe water weg en tap weer fris water.
Vanmorgen liep ik een eind langs de snelweg en dat is niet leuk. Het vrachtverkeer scheurt langs je en verder zie je touringcars met uitbundig zwaaiende toeristen. Vanmiddag heb ik van de weeromstuit een heel stuk door onbewoond gebied gelopen, waar vroeger struikrovers waren. Die zijn er nu niet meer, want er zijn geen struiken meer.
In een klein dorp heb ik in een barretje iets gedronken en werd daar tot mijn verrassing in keurig Nederlands toegesproken door een Spanjaard, die ooit in Nederland gewerkt heeft. Hij vond het leuk om weer eens Nederlands te spreken en glorieerde ten overstaan van alle barbezoekers uit het dorp natuurlijk. Hij sprak een idiote taal, maar ik verstond hem, dus dat moest toch wel een echte taal zijn. Hij heeft een Marokkaans meisje in dienst en had gehoord dat we in Nederland zoveel problemen hadden met Marokkaanse jongeren. Ik vertelde dat dat meestal jongens waren, want dat de meisjes over het algemeen intelligent zijn en hard leren en werken. Nou, dat moest meteen even vertaald voor het Marokkaanse meisje en die heeft de rest van de tijd staan glunderen. Ik kreeg de koffie en hij vond het maar niks dat ik er niet een stevig likeurtje bij wilde. Maar dat leek me toch iets te veel om mee verder te lopen.
Nu ben ik gearriveerd in Villafranca Montes de Ora, een hele grote naam voor een heel klein plaatsje. Er zijn een stuk of wat huizen en natuurlijk wel een kerk en een verlaten klooster. Ik zit hier nu in een hostal en dat bevalt prima. Het is allemaal heel eenvoudig, de douche is op de gang voor gezamenlijk gebruik, maar het is schoon en je kunt hier ook eten. Ik moet weer op zoek naar een schoenmaker, want de zolen van mijn schoenen beginnen weer los te laten. Enfin, in Burgos zal dat wel lukken. Dat regel ik dan even flitsend in mijn prachtige Spaans. Ik zeg met opzet ‘mijn’, want ik weet namelijk één ding zeker: dat het geen Spaans is. Ik heb gemerkt dat ze me nog het beste begrijpen als ik mijn Franse woorden ‘ver-Spaans’. Dus wat de taal betreft: Mijn hoogmoed in Frankrijk, omdat ik de taal spreek, kwam voor de val in Spanje. Jullie zien, ik leer heel wat lesjes zo onderweg!
km 24,16 stappen 34.510 / totaal km 2561,60 totaal stappen 3.681.991
Vanmorgen ben ik vertrokken in een vreselijke onweersbui. Gelukkig kon ik al heel snel een ontbijtje scoren en dus ben ik maar eens uitgebreid gaan ontbijten. Daarna was het al snel over en het is verder zo’n 25 graden geweest, dus heerlijk om te lopen. Bovendien was het een heel makkelijke route, dus het ging van een leien dakje. Na een tijdje kwam Anton me achterop. Anton is een Ier en een ontzettend aardige vent, dus daar heb ik de rest van de dag mee samen gelopen. Morgen gaat hij weer terug naar Ierland, dan zit zijn vakantie erop. Ik heb uitgerekend dat ik over 3 dagen ‘alleen’ nog maar het Pieterpad hoef te lopen qua afstand, dus ik begin aardig te vorderen.
We kwamen in de kerk van Santo Domingo de Calzada en ik heb dus de kip en de haan gezien. Voor wie het niet weet, even in het kort de legende:
Een Duits echtpaar uit Aken liep met hun zoon naar Santiago de Compostela. In Santo Domingo werd de dochter van de waard verliefd op de zoon van het echtpaar, maar de jongen moest er niet veel van hebben. Wat deed ze dus? Ze stopte een gouden beker in zijn ransel en de jongen werd vervolgens beschuldigd van diefstal (Waar ken ik dit verhaal van?), dus terug naar Santo Domingo en voor de rechter. De rechter veroordeelde hem ter dood en de jongen werd opgehangen. De ouders vervolgden diep bedroefd hun tocht en kwamen aan in Santiago. De priester daar zegt tegen het echtpaar dat ze moeten terugkeren naar Santo Domingo, want dat St. Jacob alles goed zal maken. Dus de ouders keren terug en treffen daar weer de galg aan met hun zoon, maar tot hun verbazing blijkt de jongen nog te leven. St Jacob heeft al die tijd zijn handen onder de voeten van de arme jongen gehouden, zodat de strop zijn keel niet zou doorsnijden. De blije ouders gaan naar de rechter om te vragen of zij hun zoon van de galg mogen halen. De rechter zit net aan zijn kippetje en lacht hen uit bij hun verhaal dat de jongen nog leeft. Hij zegt: “Die jongen is net zo levend als die kip hier op mijn tafel”. Tot ieders verbazing krijgt de kip vleugels en vliegt van de tafel weg. Sinds die tijd zitten er een levende haan en kip in een kooitje in de kerk.
Mooi verhaal, hè? Maar verder viel het een beetje tegen, want de kip en de haan zitten er wel, maar je kunt alleen maar in een klein hokje zien dat ze er zitten. Je mag de kerk niet in en je mag absoluut geen foto’s nemen. Je komt alleen de kerk in als er een rondleiding is. Het verhaal is nu: Als de haan gaat kraaien, zal je verdere reis voorspoedig verlopen. Dus ik wachten tot dat verrekte beest ging kraaien. En deed-ie het? Nee dus. Toen ik echter weer buitenkwam, stond Anton met 2 Nederlanders te praten, die bleken te weten dat ik onderweg was. Hoe ze dat wisten, weet ik ook niet, maar je moet nooit te diep gaan graven bij wonderen natuurlijk.
Over wonderen gesproken: er is geen wonder gebeurd met alle bulten op mijn lijf, maar daarover straks.
In Santo Domingo zag ik ook David weer. Die liep te hinkepinken, want hij had een steen in zijn voet. Daar ging hij morgen naar laten kijken. Ik merkte op dat hij dat misschien beter vandaag kon doen, maar dat kon niet volgens hem, want hij moest morgen eerst 30 km lopen. Wat een logica, niet?
Bij onze aankomst in Granon om 2 uur moesten we ons melden op de eerste verdieping achter de kerk. De kerk wordt door Duitsers beheerd en het bleek dat we op de zolder van de kerk bivakkeren. Dus na de douche mijn dagelijkse wasje gedaan en dat hangt nu te drogen in de kerktoren. We gaan straks eten in een zaaltje van de kerk, maar wel met een open haard erin om het vlees te braden. Daarna moeten we ook met zijn allen afwassen, dus dat kan wel leuk worden.
En dan nu toch maar even iets over mijn ‘insectenbeten’ alias ‘allergie’. Dat is nog steeds niet over, dus ik dacht: “Toch maar even naar de apotheek hier, want het ziet er niet uit en het jeukt als een gek”. Goed, ik vraag de Duitse beheerder waar hier ergens een apotheek is en hij vraagt: “Wat heb je dan?” Dus ik leg hem uit dat ik denk dat ik iets verkeerds gegeten heb, want dat ik overal bulten heb. Of hij het mag zien. “Natuurlijk”, zeg ik en show hem mijn armelijk lijf. Waarop hij laconiek zegt: “Ik zie het al en weet wat het is. Het zijn vlooienbeten!!!! Daar ontkom je gewoon niet aan, bijna iedereen krijgt daar last van”.
Jongens, jongens, als ons moeder dat wist………….
km 25,26 stappen 36.083 / totaal km 2537,44 totaal stappen 3.647.481
Gisteravond heb ik inderdaad uitgebreid in een echt normaal restaurant gegeten. Dat wil zeggen: ik kon eindelijk weer eens kiezen van een menukaart die ik zelfs in het Engels kreeg. Ik mag dus niet meer zo negatief over Spanjaarden zijn. Ik heb lekker gegeten en daarna lekker geslapen in mijn kamer met airco. Heerlijk weer eens gewoon in een bed zonder andere snurkende en verdere geluiden makende mensen om je heen. Alles went hoor, maar zo af en toe mag je je toch wel weer eens ‘gewoon’ voelen? Dat verhaal van gisteren over bijtende en stekende insecten moet ik, geloof ik, intrekken. Ik zie er niet uit met allemaal rode vlekken op mijn huid, maar ik vermoed nu dat het komt van iets dat ik gegeten of gedronken heb. Kan het zijn dat ik te veel sinaasappelsap gedronken heb? Krijg je daar misschien uitslag van? Ik weet het niet, maar het jeukt wel heel erg. Dus smeer ik er maar weer iets op en dat helpt dan wel tijdelijk. Nou ja, morgen is het hopelijk over. Vanmorgen heb ik eerst ontbeten in het hotel en dat kon pas om 7 uur, dus ik heb uitgeslapen. Er zat een groep van ca 15 Fransen aan het ontbijt die volgens hun gesprekken ook de camino lopen. En geloof me of niet: de één zag er nog patseriger uit dan de ander. Het toppunt was wel een heer van, zeg maar mijn leeftijd, die met een vlinderstrikje om aan de wandel ging. Helemaal vertrouwen doe ik het niet, want ze stapten allemaal in auto`s toen ze vertrokken en ze hadden geen rugzakken, maar gewone tassen en koffers. Maar goed: ieder zijn eigen camino. Waar bemoei ik me dus mee??? Daarna ca 12 km gelopen voor ik in Najera mijn eerste koffie kon scoren. Aardige stad trouwens. Tot dan was het meest bewolkt geweest, maar na de middag werd het heel erg heet en benauwd. Je zag de bewolking opbollen tot onweersbuien. En toen ik om 2 uur hier in Azofra aankwam, ging het 10 minuten later heel erg hard onweren. En wie zit er weer pontificaal op een terras? Vriend David uiteraard. We gaan vanavond samen eten.
De refugio hier is heel erg mooi. Allemaal kamertjes van 2 bedden, niets boven elkaar en ieder zijn kast. Prachtig, we zijn erg tevreden…
Morgen naar de kip en de haan in de kerk. Dan heb ik weer iets te vertellen, of kennen jullie dat verhaal al???
Ik werd vanmorgen om kwart over zes wakker door het geratel van mijn 4 wekkers (anders hoor ik ze niet). Die druk ik dan gauw allemaal op ‘snooze’, want dan mag ik nog even ‘sudderen’ van mezelf. Ik lag dus nog gewoon in bed op een tijdstip waarop ik niet op mijn best ben, zoals insiders weten en geloof het of niet, ik kreeg een filosofische gedachte!!! Ik dacht namelijk: “Als je de camino van Theo vergelijkt met het leven, lopen we dan nu allemaal in de drukte van Spanje?? We rennen, vliegen, werken, jagen en haasten. Druk, druk druk op onze weg. Zijn we vergeten hoe het in Frankrijk was? Rustig aan, tijd nemen voor andere mensen, eens luisteren, eens nadenken, een beetje dromen. Zijn we alleen nog maar aan het rennen op de weg om zo snel mogelijk het doel te bereiken? En wat is dat doel dan? Een grote kermis, die eigenlijk tegenvalt? En degenen die gepensioneerd of gevutterd zijn of niet meer werken, zijn die dat doel nu al gepasseerd en zitten die nu in de rust van Cap Finisterre? Gewoon lekker rustig zitten en kijken naar het eind van de wereld?
Zie, welk een wijsgerige gedachten en ik hoef er niet eens voor te lopen. Ik constateer dat Theo en ik elkaar kennelijk goed aanvullen, ondanks ons dagelijks goedmoedig gekrakeel. Hij loopt, want dat kan ik niet, en ik filosofeer, want daar heeft hij geen tijd voor. Maar ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe jullie dat nu zien, dus schroom niet!!
km 25,59 stappen 36.567 / totaal km 2512,18 totaal stappen 3.611.398
Ik heb gisteravond het stierenlopen gemist, aangezien dat onder pelgrims-etenstijd was. Dat zit zo: in de restaurants hier hebben ze een pelgrim-menu, maar dan moet je om 8 uur aan tafel zitten. De Spanjaarden zelf eten natuurlijk veel later. Ze doen dit expres voor de pelgrims, omdat die vroeg naar bed willen. Nu hoor ik jullie zeggen: “Nou, dan eet je toch gewoon met de Spanjaarden een gewoon menu?” Dat kan dus niet, want om 10 uur gaat de refugio op slot en dan ben ik nog niet klaar met eten. Er heerst hier trouwens geen echte eetcultuur, heb ik de indruk. Ik ben nog geen hoogstandjes tegengekomen, het is allemaal een beetje ‘prutterig’. Wat ze hier wel heel erg lekker hebben, is pure sinaasappelsap. Die persen ze voor je ogen uit, een paar stukken ijs erin, heerlijk! Dus ik stap onderweg af en toe een café in om dat te gaan nuttigen. In die café’s kom je dan Nederlanders tegen. Ik kwam zo vandaag 2 stellen tegen, die op de fiets waren en ook die hadden dezelfde ervaring als ik: het is hier een gekkenhuis. Grappig ook weer, dat wij noorderlingen dat allemaal zeggen en vinden dat ze het hier te bont maken. De Spanjaarden zelf vinden dat helemaal niet, hoe meer mensen hoe beter. Dus dan denk ik maar weer aan de wijze woorden van de Fransman: “De weg is er niet alleen voor jou”.
Verder heb ik het nog steeds prima naar mijn zin, de paden zijn goed begaanbaar en het lopen gaat nog steeds prima. Vanmiddag was het weer heel erg heet en ik ben overal gestoken. Er zaten insecten in mijn hemd en nu heb ik hele snelwegen van insectenbeten op mijn rug. Ze doen geen pijn, maar jeuken wel.
Ik dacht altijd, dat de actieve Basken een relatief kleine groep vormden, maar het is echt een ander volk. Ook hun bouw is anders: ze zijn groter, steviger en forser. Allemaal met de Baskische baret op en heel erg trots op hun land. Gisteravond at ik met 2 Basken en daar heb ik natuurlijk echt geen woord van verstaan, maar dat gaf niet, ze praatten gewoon vrolijk met me verder alsof ik er alles van verstond. Een van de twee sprak een paar woorden Engels en legde me uit dat zij nu ook ‘buitenlands’ spraken. Ze spraken namelijk Spaans in plaats van Baskisch! Geweldig vind ik dat. Op een brug hier in Navarrete, waar ik trouwens al lekker vroeg aankwam, staat een groot bord met de tekst: “Foreigner, don’t forget. This is not Spain, this is Basque!”
Onderweg, vlak voor La Grono, heb ik mijn stempel gehaald. Ik kon het niet missen, want aan de muur van het huis zat een herdenkingsplaquette voor Felicia. Felicia is in 2002 overleden, maar heeft tientallen jaren de stempels gegeven aan de pelgrims, dus nu heeft zij een herdenkingsplaat en er zit nu een andere ‘Felicia’, ook een oude vrouw en die zet nu die taak voort. Iedereen krijgt er ook koffie of limonade. Verder loop ik nu weer door een wijnstreek, de Rioja, en zie dus overal wijngaarden. En ik kom nu overal St. Jacob tegen in beeldjes, schelpen, enz.
Navarrete is een dorp van niks, maar met een enorme kerk in Barok stijl. Allemaal goud van binnen en een altaar van wel 15 meter hoog. Misschien niet echt mooi, maar wel heel indrukwekkend. En ik zit nu luxe in een hotel dan toch. Heerlijk, net zolang douchen als je wilt. Dat mag wel voor een keertje toch? Vanavond eet ik tapas, er is geen keuzemenu, dus ik ben benieuwd.
Ze zeggen hier dat er ander weer op komst is, koeler en regen. Koeler is prima, maar regen niet, want dan worden de paden hier spiegelglad. We zullen wel zien morgen.
km 30,91/stappen 44.153/totaal km 2486,59/totaal stappen 3.574.836
Ik kwam vandaag een Nederlands meisje tegen en die ervaart het net zoals ik: zij moet ook erg wennen en vond Frankrijk leuker. Denk niet, dat ik hier nu met tegenzin loop, want het tegendeel is waar. Ik vind het nog steeds geweldig om deze tocht te mogen maken. En ook hier is er telkens wel weer iets. Zo liep ik door een straatje en hier zijn aan alle huizen balkonnetjes. Op een van die balkonnetjes zaten 4 kleuters te spelen en die begonnen voor iedere pelgrim een liedje te zingen en riepen daarna heel schattig: “Bueno camino!” Jullie merken dat mijn Spaans met grote sprongen vooruitgaat. Ik roep al tegen Juan en alleman “Ola” en als het wat oudere mensen zijn, zeg ik netjes: “Buenos Dias”.
Het was vandaag verzengend heet. Ik kan goed tegen de warmte, maar liep af en toe naar adem te happen. Het was echt gloeiend heet. Ik dacht aan het feit dat ik vanavond weer met vele mensen in een refugio moest slapen en hoe warm dat zou zijn. Dus ik besloot mezelf vandaag eens te verwennen en niet naar een refugio te gaan, maar luxe in een hotel te gaan zitten. Dat was St. Jacob niet welgevallig en het is nog wel zijn naamdag vandaag. Hij besloot mij een lesje in nederigheid te geven en zorgde ervoor dat alle hotels in Viana, mijn reisdoel vandaag, propvol waren. Er was nergens een kamer meer vrij. En waar kwam ik dus terecht? Juist ja, in een refugio met bedden driehoog boven elkaar. Dus ik was wat mopperig tegen hem, want ik vond het geen stijl, maar ik werd weer getroost door de ontvangst in de refugio. De receptie vroeg waar ik vandaan kwam en toen ik zei dat ik uit Amsterdam kwam, vroegen ze: “Ja, maar ik bedoel, waar bent u begonnen?” En toen brak mijn gloriemoment weer aan, omdat ik kon zeggen: “Jawel, begonnen in Amsterdam”. Toen braken ze eensgezind in jubelende loftuitingen en luid gejuich uit. Wat een moed had ik, enz. enz. Je ziet, het heeft ook voordelen dat ze lawaaiig zijn, want nu kon het me niet lawaaiig genoeg zijn.
De refugio staat bovenop een berg en ik heb hier vandaan een uitzicht naar alle kanten. Aan de ene kant zie ik in de verte een bergketen, aan de andere kant zie ik de zon onder de wolken uitkomen. Het is een schitterend landschap. Ik ontmoette Wolfgang hier ook weer, dus dat is gezellig. En na de verschrikkelijke hitte van vandaag is het heerlijk om lekker te douchen. Dus dat eerst gedaan en toen mijn wasje. Dat hebben we buiten op een rek gehangen om te drogen. Toen we daarmee klaar waren, keken we op en zagen zo’n donkere lucht aankomen dat we weer snel teruggerend zijn om de was weer van het rek af te halen. En dat was maar goed ook, want het heeft flink geonweerd. Nu is het weer droog en een heel stuk afgekoeld. Heerlijk.
Wolfgang filosofeerde erover dat hij maar een week eerder terug zou gaan, zodat hij thuis weer kan wennen voordat hij weer aan het werk gaat. “Want”, zei hij, “als ik thuiskom en meteen moet gaan werken en ze me dan komen roepen omdat er brand is uitgebroken, ben ik in staat om te zeggen: “Nou en? Is dat mijn probleem?” Ja, dat wordt nog wat als ik weer thuis ben. Wie dan leeft…..
Viana is een stad en ter ere van de naamdag van St. Jacob zijn er overal feesten. De hele stad is rood en wit gekleurd en vanmiddag holden de stieren dus echt door de straten. Op het plein is een arena gebouwd, dus daar zullen vanavond wel stierengevechten worden gehouden. Jullie begrijpen dat dat hier hele discussies geeft, alleen onder de noorderlingen natuurlijk, want de Spanjaarden vieren gewoon feest. Die lopen trouwens op de camino ook alsof het een feestje is en er vallen er dus heel veel uit. Die zijgen neer op een terras in het dorp of de stad en klagen zo hard, dat het ermee eindigt dat iemand uit het dorp hen met de auto naar de plaats van bestemming rijdt. Eerlijk gezegd weet ik niet of het allemaal echt is of gewoon bij het toneelstuk, dat ze met zijn allen opvoeren, hoort.
Andres, hartelijk dank voor je uitleg van de Salve Regina, aan dit soort informatie heb ik iets. Dat iemand uit Urugay mij dat nu uit kan leggen. is toch wel heel apart.
Ik ga straks nog even in de stad kijken, want ik wil dit wel meemaken en morgen heb ik niet zo’n erg lange route, dus we gaan de bloemetjes buiten zetten zogezegd.
km 33,12 stappen 47.311 / totaal km 2455,68 totaal stappen 3.530.683
Vandaag heb ik weer een flinke afstand gelopen, maar dat gaat soms zo. Het is hier warm, zo’n 35 graden, dus dan vertrek je vroeg. De route is mooi, we zitten hier in het middelgebergte. Maar het is hier verschrikkelijk druk, er lopen hele families met kinderen en aanhang. Kennelijk niet echt voorbereid, want ik zie heel wat slachtoffers vallen. Al die drukte valt me een beetje tegen, ik had het eigenlijk anders verwacht. Zo zie je maar, het lijkt echt het leven zelf wel. Soms krijg je iets dat je totaal niet verwacht en soms verwacht je iets en dat valt dan tegen. Enfin, na Burgos schijnt het rustiger te worden. De weg is op sommige plekken slecht, maar 85 % is goed begaanbaar.
Ik kwam onderweg langs een wijnkelder en daar zijn twee kraantjes aan de muur. Uit het ene kraantje komt water, uit het andere wijn. Dus of het water nu in wijn verandert of andersom, daar kom je in dit geval niet achter. Eerst wilde ik alleen water drinken, maar dat vond ik toch al te gek worden. Tenslotte maak ik waarschijnlijk maar één keer mee dat je wijn uit de kraan in een plastic bekertje drinkt, daar kun je dan toch niet aan voorbij lopen? Het was lekkere wijn.
Mijn plaats van bestemming was vandaag Villamayor de Monjardin, een klein plaatsje met twee refugio’s, waarvan de ene beheerd wordt door Nederlanders. Hier in Spanje kun je ook vaak in de refugio’s eten, maar dat is natuurlijk geen echt Spaans eten en meestal een beetje weinig. Maar ja, voor deze prijs kun je natuurlijk niet zoveel verwachten. Ik betaal voor de overnachting € 5, voor het avondeten € 6 en voor het ontbijt morgenochtend € 3. Dus dat is niet veel.
Toen ik aankwam was er nog maar één andere man: Wolfgang, een Duitser die Nederlands spreekt, omdat hij een huis in Zandvoort heeft gehad. Een aardige vent, we kunnen goed met elkaar opschieten. Hij loopt tijdens zijn vakantie en zijn vrouw maakt zich zorgen of hij zich iedere dag wel scheert. Dus nu moet ik, als hij geschoren is, een foto maken als bewijs.
We waren eerst met zijn tweeën en hebben uiteraard de beste bedden uitgezocht. Net op tijd, want daarna kwam een hele grote groep Spanjaarden binnen met zoveel drukte en kabaal, dat we op de vlucht zijn geslagen. Tjonge, wat kunnen die een herrie maken, zeg. Nu zitten we buiten op het terras voor de gîte en dat is lekker zo.
Kijk, een pelgrim hoort af te zien, maar waarom dat nu ook met het thuisfront moet? Toen ik bij Theo vandaan ging, was mijn enige troost dat ik tenminste naar koelere oorden vertrok. Nou, dat heb ik dus geweten.
Maar buiten dat gaat het hier ook uitstekend. Marnix gaat langzaam maar gestaag vooruit en hier begint de rust een beetje weer te keren en heb ik af en toe zelfs tijd voor het kijken naar één van mijn tegen de verveling gekochte dvd’s. Toen Theo wegging, leek me ruim 4 maanden een onafzienbare tijd. Maar die tijd is tot nu toe omgevlogen en ik kan me nauwelijks voorstellen dat het nu nog maar een week of zes duurt voor hij weer terugkomt. Gek is dat, we zijn er al zolang mee bezig geweest, eerst met de voorbereidingen en de beslissing: wel of niet, dat ik me nog niet voorstellen kan dat het dan allemaal weer voorbij is en we over zullen gaan tot de orde van de dag. En als ik het me niet voor kan stellen, hoe moet het dan wel niet voor Theo zijn? Ik bedoel maar, je leeft een aantal maanden op een manier, waarvan je altijd hebt gedroomd en daarna sta je weer de vloer van de badkamer te dweilen of je nooit bent weg geweest. Nou ja, dat zien we dan wel weer. Voorlopig kijk ik vol trots naar de landkaart van Frankrijk in de gang met allemaal rode pennetjes erop en ik wil jullie daarvan graag even laten meegenieten:
km 26,85 stappen 38.355 / totaal km 2422,56 totaal stappen 3.483.372
Vanmorgen ben ik om half zeven (jawel, die tijd is geen vergissing) vertrokken en al een uur later heb ik een ontbijtje kunnen scoren. De refugio waaar ik vannacht geslapen heb, Casa de Paderboorn, wordt op een perfecte manier geleid door een Duits stel. Heel goed en een aanrader voor iedereen die hier langs durft komen.
Ik heb een mooie tocht gemaakt naar Puente La Reina over een bergkam waarop een pelgrimsmonument staat. Het is een groep pelgrims (van plaatstaal) die voorbij trekt. Wel mooi en je hebt vanaf die plaats dan ook meteen een geweldig uitzicht naar beide kanten van de bergen. De afdaling vanaf het monument was knap heftig en als je knieën of voeten het dan niet zo goed meer doen, levert dat ernstige problemen op. Die zie je dan ook om je heen: lopers, die met een geweldig enthousiasme begonnen zijn in Roncevalles of in St.Jean en daar nu het leergeld voor betalen.
Onderweg trof ik Christoffer weer aan, zoals gebruikelijk in slapende toestand langs de kant van de weg. Geweldig is hij: ik geloof niet dat ik hem ooit lopend heb aangetroffen en toch is hij steeds weer op de juiste tijd op de goede plaats. Hij kent ook iedereen en spreekt geen woord Spaans of Frans. En wie trof ik op een terras luxe zitten met een pils? Uiteraard onze vriend David. Chique gekleed en al klaar voor de avond. Een vreemde vogel blijft het. Hoewel hij echt wel normaal kan doen, doet hij dat meestal niet.
Vanavond wordt er in de plaats, waar David verblijft, een toneelstuk opgevoerd over een verhaal dat zich daar in de Middeleeuwen heeft afgespeeld. Er waren namelijk een vader (edelman) met zijn dochter (dus prinses zoals dat hoort in verhalen). Die prinses werd door vader uitgehuwelijkt aan een andere edelman. Maar dochterlief had daar niet veel trek in en heeft bedongen dat zij eerst voor het huwelijk nog een pelgrimsreis mocht maken naar Santiago de Compostela. Vader, allang blij dat het zo gemakkelijk zou gaan, want je weet het maar nooit met dochters, gaf zijn toestemming. De dochter gaat naar Santiago en besluit na het bezoek aan het graf van Jacobus dat zij toch niet met de edelman wil trouwen. Zij neemt een eenvoudig baantje in de huishouding en denkt nog lang en gelukkig te leven. Helaas, Pa, ook niet gek (want hij voelde zich al voor gek staan), gaat op zoek naar zijn dochter en vindt haar. Maar de dochter houdt voet bij stuk en weigert het huwelijk. Pa is dan zo boos, dat hij haar in zijn woede doodsteekt. Nu was het in de Middeleeuwen al niet anders dan nu, dus hij krijgt spijt als haren op zijn hoofd.
Vervolgens vraagt hij de pastoor wat hij moet doen om vergeving te krijgen. En jullie raden het al: hij moet naar het graf van Jacobus in Santiago. Daar aangekomen krijgt hij te horen, dat hij alleen vergeving kan krijgen als hij voortaan in plaats van als edelman als heremiet door het leven zal gaan. En dat doet hij dus. Er staat dan ook een klein kapelletje op de berg bij het dorp, waar hij geleefd moet hebben.
Maar goed, terug naar het heden. Christoffer en ik zijn om 3 uur hier in Puente la Reina aangekomen in een refugio die een halve kilometer buiten het dorp ligt. We moesten eerst over de beroemde brug uit de Middeleeuwen die daar voor de pelgrims is gebouwd. Een echt historische brug dus, want alle pelgrims die uit Frankrijk of Italië komen, moeten over die brug. En dit was dus een historische dag die onthouden zal worden: vandaag op 23 juli 2006 trok pelgrim Theo over de brug bij Puente la Reina!!!!!. Maar daarna, o schrik: we moesten nog een halve kilometer heel steil klimmen naar wat vroeger een luxe hotel was en nu een refugio. Alles heel groots, maar wel lekker ruim.
We stonden hier bij een pelgrimsbeeldje om een foto te maken, toen er een vrouw aan kwam, die Engels sprak en vroeg of ze een foto van ons samen moest maken. Dat hebben we in dank aanvaard. Toen moest er ook een foto met haar zoontje gemaakt natuurlijk en al met al ook een praatje erbij. Alles keurig in het Engels. Ze vraagt waar we vandaan komen en als ik zeg: “Uit Amsterdam”, zegt ze in prima Nederlands: “Waarom staan we hier dan in het Engels te praten?” Nou moet ik zeggen, dat ik al verrast was toen ze aanbood een foto te maken, want de mensen zijn hier vrij gereserveerd. Grappig is dat toch, dat je aard zich niet verloochent.
Ook heb ik Nederland en passant van een slechte naam gezuiverd. Ik loop af en toe met een Amerikaan uit Colorado met een echt Yankee-accent. Die had altijd gehoord dat Nederlanders watjes zijn, maar ja, als ik nu helemaal uit Amsterdam was komen lopen, dan was ik toch wel een ‘tough man’.
km 14,44 stappen 23.481 / totaal km 2395,71 totaal stappen 3.445.017
De Spanjaarden die in Roncevalles zijn begonnen, vertrokken vanmorgen om half zes met een lampje op hun voorhoofd, omdat het nog donker was. Als je ziet hoe ze lopen of liever gezegd waar ze mee lopen, dan is dat op zich een studie waard. De fraaiste uitdossingen hebben ze, compleet met haute couture sjaals, waarmee ze lopen te wuiven, maar de schoenen die ze aan hebben, zijn vaak alleen berekend op een wandelingetje in het park. Het is weer heel anders dan in Frankrijk en ik moet er duidelijk nog aan wennen. Spanjaarden maken erg veel lawaai, zelfs de Italianen worden er stil van, kun je nagaan. Maar misschien lijkt dat ook maar zo, omdat ik geen Spaans spreek. Ik snap er geen hol van en weet zelfs niet of ze echt Spaans spreken of een dialect. Alle namen staan hier aangegeven in het Baskisch en in het Spaans. Ik ontmoette vanmorgen een Frans stel uit Toulouse, dat niet voor het eerst liep en zij vertelden dat het heel normaal is dat je in het begin in Spanje een beetje overdonderd bent. “Dat duurt tot Burgos”, zeiden ze, “dan ben je eraan gewend”. En, zoals hij fijntjes opmerkte: “De weg is er niet alleen voor jou, maar ook voor anderen”. En zo is het natuurlijk ook. Het is trouwens een heel raar idee, dat zij nu net begonnen zijn en ik al aardig op weg ben naar het einde. Maar goed, ik heb het nog tot 6 uur vanmorgen weten te rekken, toen ben ik ook maar gegaan. Ik hoefde vandaag niet ver, dus kon het kalmpjes aan doen. Halverwege hoorde ik ineens groot kabaal achter me en daar kwam David weer aan, druk pratend. Ik dacht dat die al dagen verder was, kreeg een verhaal waarom niet, waar ik niets van snapte, maar in ieder geval was hij er weer. Ik ben uiteindelijk niet met Anne over de Pyreneeën getrokken, want zij vertrok pas vrijdag weer en daar wilde ik niet op wachten. Ja, zo gaat dat: het is ‘bienvenue’ en dan weer ‘au revoir’ en we zijn allemaal op weg naar ‘A Dieu’, spreek ik filosofisch. Ziedaar, een filosofische gedachte, geïnspireerd door het prachtige commentaar van Bas. Trouwens, al jullie berichten zijn fantastisch, ik ben nog steeds verbaasd dat zoveel mensen mijn gaan en lopen volgen en de moeite nemen te reageren. Cees en Corrie, het is gelukt, jullie bericht staat erop!
Ik was vanwege de korte afstand al om 12 uur in Pamplona. Pamplona is een moderne stad met een oude citadel, waarin de kathedraal staat. Die wilde ik wel even bekijken, maar dat hadden ze slim bedacht. Om in de kathedraal te komen, moet je namelijk eerst door het museum. Nou geeft dat niet op zich, want volgens het bordje is het museum elke dag open van 10.00-18.00 uur. Alleen, het bordje was er wel, maar alles zat potdicht. Ze vinden het zeker zo logisch dat ze tussen de middag dicht zijn, dat ze dat niet eens aangeven. En dat blijkt ook wel, want van 12 tot 5 uur is alles dicht en geen kip op straat. Alleen af en toe een verdwaalde buitenlander. Natuurlijk heb je dat wel eens gehoord, maar wij noorderlingen staan dan toch een beetje beteuterd te kijken. Er zit gewoon niets anders op dan siësta te houden en dat heb ik dus dan ook maar gedaan. Het eten is tot nu toe niet zo veel bijzonders en het is weinig. Maar ja, alle menukaarten zijn ook in het Spaans, er is niets in het Engels, Duits of Frans te vinden. Gelijk hebben ze, zo was het tenslotte tot voor een paar jaar in Frankrijk ook. Maar misschien ga ik deze winter dus wel Spaans leren, want dit is te gek natuurlijk. Zo zie je maar weer, van het één komt het ander.
Nu een zakelijke mededeling: Mijn nieuwe mobiele nummer is 0034 646164756.
En tenslotte een filosofische uitspraak van ‘onze man in Toulouse’: Er zijn 3 camino’s. De eerste is de voorbereiding op de tocht, de tweede is de tocht zelf en de derde is het afkicken daarvan. En daarna sprak hij troostend: “Die derde, daar doe je wel twee jaar over”. Nou, we zien wel, maar dit is in ieder geval wel een tocht om nooit te vergeten!
km 33,09 stappen 47.122 / totaal km 2381,27 totaal stappen 3.421.536
Hier weer een bericht direct via email. Gisteravond heb ik een pelgrimsmaal gegeten in een restaurant vlakbij het klooster. Er was rekening gehouden met de pelgrimsmis om 8 uur, dus het eten was al om 7 uur en dat is vroeg voor Spaanse begrippen. Ik heb heel goed gegeten trouwens. Een pasta vooraf en een truite als hoofdgerecht met frites. Ja, we doen heus wel mee met Europa. Daarna heb ik nog een gezonde Hollandse yoghurt genomen en toen zijn we met z’n allen naar de kerk gegaan.
Er was een mis met acht celebranten, dus heel groots en met een fantastische organist. Aan het einde werden dus alle pelgrims opgenoemd die onderweg waren naar Santiago (dus geen deeltijd-pelgrims) en die kregen de pelgrimszegen in het Spaans, Frans, Duits en Engels. Daarna weer het Salve Regina, zoals ik dat nu al meerdere keren heb meegemaakt. De kenners onder jullie moeten mij nu toch echt nog maar eens gaan vertellen hoe dat in elkaar steekt. Doet men dit elke avond of na elke mis? Overigens maakt het wel echt indruk op me, zelfs als ik het niet helemaal begrijp met dat licht en zo.
Daarna heb ik nog mijn dagelijkse sigaartje gerookt en toen naar bed. De Hollandse leiding doet echt om precies 10 uur het licht uit en tot mijn verbazing was het toen ook echt stil. De hele nacht. Vanmorgen werd er door de Amerikanen met waardering over deze Hollandse leiding gesproken: “Je kunt wel zien dat het geen Spanjaarden of Fransen zijn”.
En vanmorgen om precies 6 uur ging het licht weer aan. Wat er dan gebeurt: aan alle kanten hoor je de meest vreemde melodietjes uit mobieltjes komen als wekkers. Ook worden mensen gebeld om wakker te worden. Een kakafonie van geluid en activiteiten aan alle kanten, want het lijkt wel of iedereen haast heeft om te vertrekken.
Ik ben om half acht op stap gegaan en heb een ontbijt kunnen scoren zo ongeveer 4 km na de start. Daar zat toen ook iedereen natuurlijk, wat op zich ook wel weer gezellig is. Daarna ben ik weer verder gaan lopen en wie zie ik na 2 uur lui langs de weg liggen? Mijn Poolse vriend Christoffer. Hij was ook vroeg vertrokken, maar was nu moe, dus lag even te slapen. Met hem heb ik afgesproken om naar Larrasoana te lopen, maar op dit moment, om 5 uur, is hij daar nog niet aangekomen.
Het is warm, maar niet extreem en het landschap is wel heuvelachtig, maar niet echt bergachtig zoals gisteren. Vanavond eet ik in een klein restaurant hier in het dorp met alle andere pelgrims natuurlijk. En morgen trek ik verder naar Pamplona, de eerste grote Spaanse stad, waar ik hopelijk ook een nieuwe simkaart kan kopen.
km 23,19 stappen 33.129 / totaal km 2348,18 totaal stappen 3.374.414
Een eerste bericht uit Spanje. Ook weer een ander toetsenbord, dus ik moet opletten. Vandaag ben ik om half acht vertrokken uit St. Jean Pied de Port na een voor Franse begrippen enorm ontbijt bij de Nederlanders. Zelfs pindakaas en hagelslag stonden op tafel. Nou, dan kan de dag niet meer stuk natuurlijk. Het weer was na een onweersbui vannacht goed opgeklaard en het was helder. Nu zijn er twee routes naar boven, de een wat moeilijker en mooier dan de ander. Eerst was ik van plan de makkelijkste te nemen maar gaandeweg dacht ik: “Geen mietje worden, den Otter. Je hebt dit gewild, dus dan moet je er ook voor gaan”. Dus heb ik de hoge route genomen. En ik heb er geen moment spijt van gehad. Geweldige uitzichten en heerlijke momenten. Ik ben over de bergen gedanst als het ware. Een niet te vertellen ervaring was dit. Om 3 uur ongeveer was ik in Roncevalles. Wat een drukte. Er kunnen ongeveer 140 mensen in deze gîte die in een oud klooster gemaakt is. De gîtes d’ étape, waar ik altijd slaap, zijn heel eenvoudige onderkomens, meestal in oude gebouwen, waar bedden zijn en een douche. Dikwijls is dat alles, maar er zijn ook luxere gîtes, zoals deze met internet en mogelijkheden om te eten. Maar goed, bij aankomst hier moest je je rugzak in de rij zetten en wachten tot de boel openging. Met zoveel mensen is dat natuurlijk wel een organisatie. En wie kunnen goed organiseren? Wel, Nederlanders natuurlijk. Het zijn dus Nederlandse vrijwilligers die hier de boel runnen.
Een probleem is, dat er voor de mannen maar 2 douches zijn, dus dat is oplijnen. Je moet ook bij het restaurant een ticket halen om te reserveren als je daar ‘s avonds wilt eten. We eten om 7 uur en om half negen. Daar tussenin is de pelgrimsmis waar je geacht wordt heen te gaan. Ik lig nu in een heel oud gebouw met 140 bedden op een zaal. Het lijkt de marinierskazerne in Doorn wel.
Vanaf vandaag heb ik ook geen contact meer op de mobiele telefoon. Ik zal morgen proberen een nieuwe simkaart te scoren. Ik ben benieuwd hoe dat gaat aflopen.
Nou mensen, ik ga snel Spaans leren, want ik erger me dood dat ik dat niet kan spreken nu.
km 21,29 stappen 30.420 / totaal km 2324,98 totaal stappen 3.341.285
Jullie weten niet half hoe fantastisch het is hier in St. Jean Pied de Port aan te komen en dan al jullie post te krijgen. Het is super! Ik was uit voorzorg maar vast met mijn gezicht naar de muur gaan zitten en dat was maar goed ook. Geweldig dat jullie al die moeite doen om passende kaarten te vinden en grappige of ontroerende teksten te schrijven. Jan en Olga, Hans en Lida, Jan en Plonie, Bas en Caty, Cees en Corrie, Bep, An, Ton en Nora, Andries en Rina, Arij en Ellen, Jaap en Jannie, Jan en Dorien, Lex en Elly, Frits en Loveday (de kaars zal aangestoken worden), geweldig bedankt!!
Even uitleg over de gîte, Jan: dat is net zoiets als een Engelse ‘Bed and Breakfast’. Vaak zijn het huisjes, die leegstaan omdat ze geërfd zijn van grootouders, soms zijn ze nieuw neergezet, soms is het bij iemand in huis, of soms, zoals gisteren, de bovenverdieping van een winkel of bar. Over die bar gesproken: we hebben gisteren met zijn zevenen bij de barbaas gegeten en een geweldige avond gehad. We hebben alle Baskische specialiteiten gedronken en dat waren er niet weinig. En heel veel gepraat en heel veel gelachen.
Vanmorgen ben ik op stap gegaan naar mijn doel voor vandaag, St. Jean Pied de Port, de laatste stop in Frankrijk. Het was iets minder heet dan gisteren. Ik moest alleen aan het eind stevig doorlopen, want er kwam een gigantische onweersbui aan en die wilde ik voor zijn, want ik had geen zin om mijn poncho aan te trekken. Dat hielp niet echt, want dat haalde ik natuurlijk niet en ik werd dus drijfnat. Hier ben ik meteen naar de gîte gegaan en werd daar in het Nederlands welkom geheten. De gîte wordt door een Nederlands echtpaar beheerd met hulp van vrijwilligers. Ik weet niet of ik dit nu leuk vind of niet. Ach wat, alles is gewoon super, echt alles: de entourage, het leven zoals ik dat nu heb, het feit dat ik nu hier ben. Het is toch een droom? En het is echt gewoon zo, dat ik me anders voel. Nou gaan jullie natuurlijk vragen hoe dan, maar dat weet ik eigenlijk ook niet, gewoon anders, meer mezelf of zoiets. De barbaas gisteren zei dat hij binnen een minuut zag of iemand een echte pelgrim was of niet. “Een echte pelgrim straalt rust uit”, zei hij. Ik was een echte. Ik weet alleen niet meer of hij dat nu voor of na de drank zei.
Ik heb hier mijn stempel gehaald, mijn allerlaatste stempel in Frankrijk en mijn allerlaatste stempel op deze kaart. Daar hebben ze hier een apart bureau voor. Ik heb er meteen een nieuwe credencial gekocht voor het laatste stuk.
Morgen ga ik dus de Pyreneeën over. Nou, daar droom je toch alleen maar van? Het zal best een zware dag worden, want ik moet 8 km steil omhoog, dan heb ik 14 km ‘vals plat’ en dan weer 8 km steil naar beneden. En daarna is dan mijn eerste Spaanse stop in Roncevalles, of, zoals de Fransen zeggen: in Ronceveaux. “Maakt niet uit hoe ze het noemen”, zei de barbaas, “het is toch Baskenland”.
Ik heb deze maanden in Frankrijk genoten en ben nu heel benieuwd naar Spanje. Voor mij is dat een stap (nou: één?) in het onbekende. Het lijkt het leven zelf wel.
Jan en Dorien merkten op dat ik nu naar een heilige liep en vroegen zich af of ik nu ook een Heilige Landloper wilde worden. Wie weet?
km 10,99 stappen 15.694 / totaal km 2303,69 totaal stappen 3.310.865
Hier weer eens op internet zelf. In een bar in een dorp van drie keer niks heb ik plotseling wel een snelle verbinding. Dit is echt een land van uitersten.
Vanmorgen ben ik om half zeven opgestaan en heb ontbeten met de twee hospitaliers die hier de boel verzorgen in de gîte van het klooster. Daarna naar de bakker en toen om 8 uur op stap. Door een prachtig landschap (ik begrijp nog steeds niet waarom ik hier nooit eerder ben geweest) ben ik naar een kapelletje op een berg gelopen. In het boek zag ik dat er voor mij een aantal Nederlanders loopt. Bij die kapel had het stil moeten zijn, maar op het moment dat ik er aankwam, kwam er een vliegtuig over waaruit een aantal parachutisten sprong. Een oefening van het leger dus. Wel leuk. Daarna ben ik weer doorgelopen en heb onderweg nog een kerk bezocht met een kerkhof. Gery kan tevreden zijn …. Ik ben nu in het Baskenland, waar ze Frankrijk een ander land vinden. Ze spreken een onbegrijpelijke taal. De stenen op dat kerkhof zijn allemaal anders dan de stenen op andere begraafplaatsen in Frankrijk. Heel opvallend is dat het stenen zijn zoals je in Ierland en Wales ziet. Zoals alles hier anders is dan in Frankrijk. De huizen zijn allemaal wit met roodbruine kozijnen. En altijd koel binnen, dat is wel lekker met de huidige temperaturen, want het is hier gloeiend heet. Het was maar een kort stukje vandaag, dus ik heb heel erg op mijn gemakkie gelopen en kwam om 12 uur aan in Ostabat, waar een expositie is van schilderijen van plaatselijke kunstenaars. Wel heel anders weer, maar heel mooi (alhoewel niet alles natuurlijk). Ik slaap nu met een jong Frans stel op een kamer in de plaatselijke bar waar we vanavond ook hebben gegeten. De eigenaar weigert Coca Cola en chips te verkopen. Echte Basken dus.
Het gaat nu onweren, dus ik ga maar naar binnen, morgen het laatste stukje Frankrijk.
km 30,89 stappen 44.123 / totaal km 2292,70 totaal stappen 3.295.171
Ook vandaag was het weer warmpjes. De mensen hier zeggen dat het ook echt een hittegolf is en dat het anders niet zo warm is. Maar ik heb toch lekker gelopen, het ging allemaal naar wens. De vlakke streek is nu wel echt over, het gaat constant op en neer, maar echte bergen zijn het nog niet. Die zie ik wel de hele dag en hoe dichter ik daarbij kom, hoe hoger ze lijken te worden. Maar dat zien we dan wel weer.
Vanmorgen om kwart voor 7 kreeg ik in een bar al mijn eerste kop koffie en dat is erg vroeg. Toen ik naar een bakker vroeg, zei de baas: “Je hebt pech, want op maandag is de enige bakker die we hebben, gesloten. Weet je wat, ik zal mijn vrouw eens vragen of ze misschien nog een boterham over heeft”. Zijn vrouw heeft toen voor mij een hele grote sandwich gemaakt en ik kreeg er een appel en een sinaasappel bij. Ze hebben hier trouwens heerlijk fruit en bijna alles, behalve de sinaasappel, kwam uit eigen tuin. Dus ik zat gebeiteld.
Ik heb lekker rustig alleen gelopen en was om half 4 in St. Palais. Voor de verandering slaap ik vannacht in een echt Franciscaner klooster, oud en heel groot. Ik zit nu in de refter onder het toeziend oog van St. Franciscus. Er hangt hier toch een andere sfeer dan in een gîte of een hotel, al is er dan bijna geen monnik meer te bekennen, voor het grootste deel zijn het vrijwilligers hier. Er is ook niet veel meer in het klooster en de vrijwilliger die me ontving, vertelde dat ze ook steeds minder geld binnen krijgen. Alleen de gîte loopt goed.
Ik heb na het douchen in een internetcafé uitgebreid de website zitten lezen met alle commentaren. Heb erg veel lol gehad om de ‘psalm’ van Jaap, waarin de pelgrim maar voortdondert. Hoe verzin je het. Het is echt heel erg leuk om alle commentaren te lezen, hartstikke bedankt allemaal!
Morgen en overmorgen hoef ik maar ongeveer 20 km per dag en dan arriveer ik in St. Jean Pied de Port. Daarna begint het laatste deel, laat ik Frankrijk achter me en steek de Pyreneeën over naar Spanje. De Chemin wordt dan de Camino en de gîtes worden dan refugio. Met deze woorden heb ik meteen al mijn kennis van het Spaans geuit, dus het woordenboekje van Ton en Suzanne gaat te pas komen. Olé!
km 29,78 stappen 42.538 / totaal km 2261,81 totaal stappen 3.251.048
Het is vandaag mijn honderdste dag en wie een pelgrim graag ziet lijden, had vandaag met me mee moeten lopen, dan had-ie waar voor zijn geld gehad. Want behalve dat het heel warm was en heel ver, zoals Hildebrand zou zeggen, had ik ook nog diarree en dat valt heus niet mee. Dat betekent na bijna elke kilometer stoppen en zitten. Het meegenomen wc-papier kon het niet aan en verdere details zal ik jullie maar besparen. Het was heftig. Maar nu is het weer bijna over.
Ik loop nu weer in een andere streek, de Bearn oftewel Navarre. Niet alleen de streek en de huizenbouw is anders, de taal ook. Ik versta er geen barst van als ze in hun eigen taal spreken, maar gelukkig spreken ze ook gewoon Frans. Het Navarrees of Bearnais zit een beetje tussen Frans en Spaans in, een weg heet hier geen chemin, ook geen camino, maar camin. Ik ben vanmorgen vertrokken met Christophe samen en daar heb ik het eerste stuk tot Sauvelade mee gelopen, maar die stopte daar, dus ik ben alleen verder gegaan en heb verder geen pelgrim meer gezien.
Wel liep ik door een bos en middenin dat bos zag ik opeens een heleboel auto’s staan. Er bleek een fontein te zijn middenin het bos, waar het hele dorp water komt tappen. Niet omdat ze thuis geen waterleiding hebben, maar omdat het water uit deze fontein veel lekkerder is dan dat wat ze thuis hebben. Ze komen echt met kratten aanzetten. Als je dan bij de fontein komt, zie je daar een bordje boven hangen met ‘eau non potable’ oftewel ‘geen drinkwater’. Dat is wel lachen natuurlijk, dus ik heb mij met mijn ene fles in de rij gevoegd om daar eens duidelijkheid over te krijgen. “Ja, dat bordje is er wel, alleen omdat het moet van de regering”, zo werd mij uitgelegd, “de gemeente heeft geen geld genoeg om iedere keer analyses te laten maken om het water te controleren, dus dan moet er zo’n bordje bij, maar dat zegt niks verder”. Heerlijk land! Omdat ik ‘helemaal uit Amsterdam gekomen was om hier water te tappen’ werd mij voorrang aangeboden, maar ik heb netjes op mijn beurt gewacht, want ik vond het veel te gezellig. Het water was overigens heel erg lekker en heerlijk koud.
Goed, in Navarrenx aangekomen, moest ik in een bar de sleutel halen van de gîte en nu zit ik in een arsenaal van de vesting Navarrenx. Op de begane grond en de eerste verdieping zijn gewone appartementen en op de tweede verdieping zijn appartementen voor pelgrims. Het ziet er allemaal keurig uit. En wie kwam ik er als eerste tegen? David, die was alweer druk bezig met van alles. Ik hoorde van het meisje bij het Office de Tourisme, dat er steeds onenigheid schijnt te zijn tussen de vaste bewoners en de pelgrims. De vaste bewoners klagen er namelijk over dat er overal maar wasgoed van de pelgrims hangt en dat vinden ze natuurlijk geen gezicht. Wat ze er aan gedaan hebben? Ze hebben met zijn allen een droger gekocht voor de pelgrims. Maar helaas, het helpt niet, want in die droger moeten munten gedaan en dat doen die pelgrims niet, dus die hangen gewoon weer de was overal. Je ziet, het is ook hier niet overal koek en ei. David en ik hebben besloten om samen alle wasgoed in een droger te doen, want eerlijk gezegd vind ik het wel makkelijk. Vanavond warm ik een blik ravioli op, dus ik blijf eenvoudig.
Ik zie nu de hele dag de Pyreneeën oprijzen en sla dus de ogen naar het gebergte heen, dat heel indrukwekkend is en heel hoog. Gelukkig hoef ik niet helemaal over de top, maar ik verwacht wel des Heren bijstand. Hoewel ik erg benieuwd ben hoe hij die dan gaat geven, want ik vrees toch echt dat ik gewoon zal moeten klimmen en klauteren en dat is niet mijn sterkste punt. Ik klamp mij dus vast aan het feit dat ergens in de Bijbel staat dat de zeeën droog zullen zijn en de bergen vlak (of zoiets), maar ja, dan moet er nu wel gauw iets gaan gebeuren!
Het onweert hier nu flink, dus het licht is uitgevallen. En om nu ook maar te eindigen met een psalm, die mijn schoonmoeder altijd op ging zeggen als het onweerde: “t Mensdom beeft en staat verwonderd, als de God der ere dondert!”
km 33,02 stappen 47.175 / totaal km 2232,03 totaal stappen 3.208.510
De laagste temperatuur vandaag was 29,8 graden, de hoogste was 35,8 graden. Met andere woorden: het was heel erg heet. En de komende dagen zal de temperatuur niet dalen, ik vrees dat het zo wel zal blijven voorlopig. Maar buiten dat heb ik lekker gelopen. Het is hier nu echt druk aan wandelaars, er zijn er ook veel die nu een weekje vakantie hebben in verband met 14 juli. Ik moet wel wennen aan de drukte rondom me. Ik ben neergestreken in Arthez de Bearn, maar de gîte hier is overvol, we kunnen er nooit allemaal in. Er zit een hele grote groep Fransen en ook David is er weer bij met al zijn bluf. Maar ik bluf harder en we zitten nu op het terras een beetje te ouwehoeren en dan komt het vanzelf wel weer in orde. Ik heb wel lol, want hij verzorgt zijn voeten alsof hij in een schoonheidssalon zit, er wordt wat afgetutterd. Maar aan de andere kant, hij loopt deze tocht omdat hij beloofd had dit te doen als zijn moeder genezen zou van kanker. Zijn moeder is nu beter, dus hij komt zijn belofte na en dat is toch wel geweldig.
Omdat de gîte echt overvol was, hebben ze een andere oplossing gevonden. Ik heb snel wat boodschapopen gehaald, toen was er nog tijd voor een terrasje met zijn allen en om 6 uur vanavond zijn we opgehaald en we slapen nu bij een gastgezin ergens op de campagne met zijn drieën: Christophe, David en ik. De gastvrouw Claude heeft zelf de tocht al tweemaal gelopen, dus die weet waarover ze praat.
Dus ik heb weer onderdak. Ik had vandaag wel even spijt dat ik mijn tent mee teruggegeven had, want laat nou net hier een prachtige camping zijn. Maar ja, het loopt wel een stuk lichter, zonder tent en slaapzak. Ik heb nu weer ruimte te over. “Kun je souvenirs meenemen”, zei Geer.
km 20,67 stappen 29.523 / totaal km 2199,01 totaal stappen 3.161.335
Na een paar rustdagen was ik vanmorgen weer blij dat ik op pad kon gaan. Gery heeft me naar de route gebracht en moest uiteraard nog een laatste foto maken:
Ik was van plan om tot Miramont te lopen, maar daar was ik al zo vroeg, dat ik besloot nog maar een eindje verder te gaan. Alle mensen, die ik tot dusverre heb ontmoet, zijn me nu vooruit of naar huis, zodat ik nu weer andere mensen tegenkom en dat is best even wennen weer. In ieder geval heb ik met Anne afgesproken, dat we zo mogelijk samen de Pyreneeën overgaan en dat zal wel lukken. Zij is natuurlijk doorgelopen, maar moet woensdag een paar dagen terug om naar een sollicitatiegesprek te gaan, dus dan komt het vanzelf weer goed. Het is wel grappig, want ik heb vandaag een Pool ontmoet. Die loopt veel harder dan ik, maar die rust elk uur, zodat ik hem iedere keer weer inhaal. Verder heb ik heerlijk rustig alleen gelopen.
Om drie uur kwam ik in Arzacq-Arraziguet aan en zit hier nu in een gîte met een grote groep Fransen, die met elkaar een week wandelt. Dat doen ze elk jaar. Maar op die manier is zo’n gîte natuurlijk wel meteen vol en het is er erg druk. Eén van de Fransen, David, vertelde me dat hij een andere Hollander had ontmoet en dat bleek dus Jos te zijn. Zo zie je maar weer. Ik weet nog niet zo goed wat voor type David is, op het eerste gezicht irriteert hij mij nogal met zijn poeha. Morgen ga ik 30 km lopen, dan ben ik van deze groep weg, want die loopt 20 km.
Nou, dat was een fors eind rijden, ruim 1300 km. Met de auto heb ik daar ruim anderhalve dag over gedaan, steeds maar denkend: “Je zal dit moeten lopen.” En dan te bedenken dat Theo er meer dan 2000 gelopen heeft! Ik kreeg het warm bij de gedachte alleen al, maar toen ik uitstapte, bleek dat het daar niet alleen van kwam. Want het was warm, om niet te zeggen heet en het is elke dag boven de 30 graden geweest, dus ook voor deze niet-pelgrim was het afzien, maar zeker heel erg de moeite waard.
Toen ik er bijna was, kreeg ik per sms de mededeling dat ze ergens op een klein weggetje liepen tussen Arblade de Bas en Barcelonne. Juist ja, zie dan maar dat je er komt. Maar ik had ‘Truus’ in de auto, dus die heb ik eerst naar Arblade de Bas laten rijden en toen via secundaire wegen naar Barcelonne. Althans, dat dacht ik, maar helaas, eerst komt Barcelonne en dan pas Arblade. Geen nood, ik ben een weggetje ingeslagen dat in ieder geval klein was en toen ik een groepje wandelaars met rugzakken zag, dacht ik verblijd: “Ik ben vast op de goede weg”. Eén man in dat groepje was ook erg blij, want die zwaaide zo uitgelaten naar me. Ik dacht netjes: “Ik zwaai niet naar vreemde mannen”, toen ik ineens zag dat die man Theo was. Ja, dat kun je me natuurlijk niet helemaal kwalijk nemen, dat ik in die donkerbruin verbrande man met petje en stok niet meteen mijn degelijke echtgenoot herkende. Hij zag er geweldig uit, nooit gedacht dat ik hem nog eens zo zou zien.
We zijn eerst maar eens een hotel gaan zoeken, want iedereen had hem ernstig toegesproken dat hij zijn vrouw niet in de een of andere gîte kon laten slapen. Dus we zijn maar een bordje achterna gereden en kwamen toen bij een heus kasteel uit. Goed, hij in een kasteel slapen, ik ook, dus maar een kamer genomen. Prachtig, heel oud, schitterende kamers, heerlijk eten. Ik kreeg de neiging om af en toe eens adellijk te wuiven, maar was mijn waaier vergeten. In alle eerlijkheid, wij vonden het beiden een beetje te! De hele zaak werd gerund door een echtpaar, dat vast in het gewone leven erg aardig is, maar nu een beetje al te beleefd was. Als mevrouw tegen haar man iets zei, klonk dat heel gewoon, maar tegen de gasten kreeg ze zo’n onderdanig pieptoontje.
Dus de volgende morgen gingen we op zoek naar iets eenvoudigers in Aire sur l’ Adour en toen verviel mijn schat weer in het andere uiterste en moest ik het in een of ander krikkemikkig gebouw met een wc onderaan de trap zien uit te houden. Maar wel midden in de stad en een uitermate gezellige gastvrouw. Alleen die wc zo’n eind weg en ik weet niet hoe dat met jullie is, maar ik moet dan prompt wel een keer of 9 per nacht. Maar alla, je moet er iets voor over hebben.
Ik vond het echt heel leuk om mee te maken zo’n paar dagen. Het straalt aan alle kanten van Theo af dat hij het naar zijn zin heeft. We zaten tussen de middag te eten toen hij werd opgebeld door ‘Anne de Bretagne’, die vertelde dat zij ook in Aire was aangekomen. Het grappige was, dat ik rond zat te kijken en toen op de hoek van de straat een vrouw mobiel zag staan bellen, die precies op hetzelfde moment dat Theo klaar was, ook wegliep. Dat bleek dus Anne te zijn; als ze omgekeken had, had ze ons zien zitten. Daar hebben we ‘s avonds mee gegeten, ik vond het heel leuk om haar te zien, nu hoort er een gezicht bij Theo’s verhalen. Maar voor het eten zijn we eerst naar de kathedraal geweest. Theo werd ontvangen, kreeg iets te drinken en een stempel. Daarna was er een korte mis voor de pelgrims en ik vond dat toch wel erg mooi. Zo’n groep mensen, allemaal op weg, ieder met zijn eigen verhaal. Die worden dan gezegend met een eeuwenoud gebed (voor wie het interesseert, de tekst staat op de informatiepagina) en zingen vervolgens samen een eeuwenoud lied, waarvan je weet dat dit al door miljoenen mensen gezongen is. Het heeft echt iets.
We hebben een paar dagen overal rondgekeken en zijn teruggereden naar La Romieu, zodat ik dat ook kon zien. Het was erg leuk en gezellig om weer eens even bij te kunnen praten, ik heb ervan genoten. Alleen moet je wel goed op je man letten, want voor je ‘t weet, ben je hem kwijt, want dan ziet hij weer iemand die hij onderweg is tegengekomen. In La Romieu zaten we ineens op het terras bij Jos Kersbergen uit Gouda, die in Le Puy een paar dagen rust had genomen. Stom toevallig, maar wel geweldig leuk. Jos had erge zere voeten, maar was zo vol goede moed en vastberaden om het doel te halen, ik werd er bijna stil van (bijna, want helemaal stil kun je me niet krijgen). Hij maakt elke dag een kort gedichtje over wat hij beleefd heeft en prachtige tekeningen, geweldig vond ik dat.
Wat ik vooral leuk vond, is dat er onderling een soort saamhorigheid is, zodat je merkt dat iedereen aandacht heeft voor het verhaal van de ander en zijn eigen verhaal bij de ander kwijt kan, zonder dat het een soort kleffe toestand is. Het is, zoals je zou willen dat mensen altijd met elkaar omgaan.
Kortom, ik vond het geweldig om een paar dagen toeschouwer te mogen zijn!
km 24,08 stappen 34.399 / totaal km 2178,34 totaal stappen 3.131.812
Vanmorgen heb ik Jan naar de bus gebracht en dat was niet echt leuk. Hij vindt het ontzettend jammer om terug te moeten en dat is het ook natuurlijk. Je weet het van tevoren: je komt elkaar tegen, trekt met elkaar op en dan ga je ook weer uit elkaar. Zo gaat dat, maar het is toch iedere keer weer even slikken.
Enfin, ik ben dus alleen verder gelopen. Onderweg kwam ik langs een tuinhek, waaraan een Jacobsschelp hing en terwijl ik daar naar stond te kijken, kwam er een man de deur uit die vroeg of ik koffie wilde. Nou, een bakkie koffie gaat er altijd in, dus ik heb heerlijk bij hen in de tuin gezeten, het gastenboek doorgelezen en een praatje gemaakt. Toen ik daar op mijn gemakje zat, kwam de familie uit Toulon voorbij. Die hoorden mijn stem. Ik zei nog dat het hier ‘niet voor Fransen’ was, maar zij kregen natuurlijk ook koffie. De rest van de weg zijn we toen maar met zijn zessen op stap gegaan. Hun jongste zoon vindt het allemaal geweldig ook en noemt mij “Theo de Santiago”. Ze zijn hier allemaal aan het sproeien met van die grote installaties en daar wil hij dan iedere keer onder gaan staan als we er één passeren tot ongenoegen van zijn ouders. Meestal eindigt het ermee dat ze er allevier onder staan.
We zijn via Arblade de Bas en Barcelonne naar Aire sur l’ Adour gelopen en toen we daar bijna waren, kwam Gery aangereden. We moesten hard zwaaien, anders was ze ons zo voorbij gereden. Dus nu is de pelgrim even een paar dagen met vakantie!
km 22,37 stappen 31.959 / totaal km 2154,26 totaal stappen 3.097.413
Gisteravond hebben we in een pizzeria gegeten en waren we laat terug. Dan moet je dus heel erg stil zijn, want iedereen ligt al lang op één oor. En vanmorgen om kwart voor zes stond iedereen dus alweer naast zijn bed. Ik heb vandaag samen met Jan gelopen en we zijn door een prachtige streek gegaan. Het is hier veel vlakker en er zijn allemaal schitterende dingen. Op een begraafplaats staat een kapelletje dat het overschot is van een ziekenhuis voor pelgrims op weg naar Compostela. Dat ziekenhuis heeft bestaan tot 1638 en nu rest alleen nog dit kapelletje, omdat de stenen van het ziekenhuis door de kapitein van Jeanne d’ Albret zijn gebruikt om het naburige plaatsje Manciet te verdedigen. Daar hebben we dus ons broodje maar opgegeten, gezeten op historische grond met een prachtig uitzicht. In Nogaro aangekomen, hebben we eerst maar eens op een terrasje een paar pilsjes gedronken, die hebben we vandaag wel weer verdiend. Voor Jan is het voorlopig de laatste dag geweest, hij moet 6 weken gaan werken voor hij weer verder kan. Dat is heel jammer, want we kunnen goed met elkaar opschieten. En we zijn het over één ding eens: We hebben geen tijd voor diepe gedachten, we hebben het veel te druk met regelen, kijken en genieten! Dus wij zien het maar als een groot voordeel dat we eens even geen diepe gedachten hoeven te hebben.
De gîte in Nogaro is een modern gebouw en ziet er keurig uit. We kunnen nergens eten omdat vanavond de finale van het WK voetbal op de TV is, dus alles was al vol, maar er is geregeld dat we nu in een restaurantje bij het vliegveld terecht kunnen. Ja, dan hebben we geen TV vanavond, dus gaat Frankrijk-Italie aan onze neus voorbij. Niet dat dat erg is, ze voetballen maar een eind weg!
km 17,31 stappen 24.723 / totaal km 2131,89 totaal stappen 3.065.454
Het was gisteravond heel, heel gezellig. We hebben met zijn allen gegeten: 3 Duitse meisjes, het Franse gezin uit Toulon, onze gastvrouw Marie-Pierre met haar man, Jan en ik. We begonnen met een aperitif met iets van notensmaak, we eindigden met Armagnac en daartussen zat ook zo het een en ander. Wat het was, weet ik niet meer, maar het werd steeds gezelliger en op den duur sprak iedereen alle talen. Niet duidelijk is of iedereen ook alle talen verstond, maar we hebben heel veel plezier gehad, het was een groot feest.
Vannacht hebben we ook heel diep geslapen, want ik heb Jan niet horen puffen en hij mij niet horen snurken. En vanmorgen hebben we in een zeer laag tempo ontbeten. Maar… ‘s avonds een vent, ‘s morgens een vent, dus de schoenen aan, de rugzak om en op weg. Uiteraard na een hartelijk afscheid van onze gastvrouw, die ons overlaadde met wijze adviezen: waar we wel of juist niet moeten gaan slapen, en dat we goed op onze credencial (de stempelkaart) moeten passen. Er schijnen echt mensen te zijn, die zo’n kaart proberen te jatten omdat ze dan goedkoop kunnen slapen.
Het was best lekker weer, af en toe zon en geen wind. Jan en ik hebben een heel stuk over een afgedankt treintraject gelopen. Niet alleen omdat dat makkelijk loopt, maar vooral omdat Jan helemaal bezeten is van treinen. Nu weet ik dus alles over treinen, seinen, smalsporen, enkelsporen en noem maar op. Onderweg kwamen we langs een oud stationnetje, dat weliswaar niet meer gebruikt wordt, maar nog helemaal intact is. Er staat nog een bagagewagentje met een ouwe koffer erop, er zijn 2 wachtlokalen, één voor mannen en één voor vrouwen en zelfs de stationsklok loopt nog. Er staan ook nog huisjes van overwegwachters bij de spoorovergangen en halverwege kwamen we zelfs nog een seinpaal tegen, die ze zeker vergeten waren weg te halen. Daar heb ik Jan maar eens op de foto gezet. We zochten naar het eindstation, dat zou in Eauze moeten zijn. We zitten inmiddels in Eauze in een gîte, maar het eindstation hebben we nog niet gevonden. Ik zeg dat het niet meer bestaat, maar Jan beweert van wel, dus waarschijnlijk moeten we straks nog even op zoek. Je ziet, geen dag is hetzelfde.
Ja, ik kan er ook niets aan doen, maar het zal weer een weekje stil worden. Morgenochtend vertrek ik zuidwaarts om Theo op te zoeken. Bij terugkomst vul ik alles weer netjes aan, tot zolang even geduld!
Arij Noordijk stuurde een leuk plaatje van de duivel op de brug bij Cahors, dat heb ik erbij gezet, dus kijk even bij ‘Alweer een eind gelopen’, als het je interesseert. Voor de Frans-sprekenden of -begrijpenden: op de informatiepagina staat een stukje over St. Gery.
En last but not least: Wie post wil sturen naar St. Jean Pied de Port, kan dat nu gaan doen, het poste restante adres staat onder ‘Kaartje sturen’.
Hartelijke groeten en tot volgende week! Gery
km 23,4 stappen 33.425 / totaal km 2114,58 totaal stappen 3.040.731
Gisteren hebben Anne, Jan en ik samen gegeten en vanmorgen is Anne met haar vriend vertrokken en zijn Jan en ik verder samen gelopen. Het pad is nog steeds vrij egaal, dus dat is prettig. Onderweg zijn we een kilometer omgelopen om een heel klein stadje te bezoeken, dat helemaal ommuurd is. Het was heel klein, een soort miniatuur Carcassonne, maar helemaal compleet. Alles was er: torens, een slotbrug en het was helemaal gaaf. Het is zo gaaf gebleven omdat het nooit aangevallen is. In kritieke tijden verdubbelden ze het garnizoen: dan waren er 4 soldaten in plaats van 2.
Nu zitten Jan en ik in Montreal de Gers, dat is ook een leuk stadje. Er is wel een VVV, maar er zijn hier weinig toeristen. En het is hier echt prachtig, een openbaring voor me en de moeite waard om eens meer heen te gaan.
We zijn doorgelopen naar de Ferme de Soleil, waar we onderdak hebben gevonden bij Marie-Pierre, die absoluut geen ‘Madame’ genoemd wil worden. We kregen ook direct een mandje mee om onze vuile was in te doen en die wordt nu keurig voor ons in de wasmachine gewassen, terwijl wij in het zonnetje voor een stacaravan zitten. Daar slapen we niet in, we slapen in de gîte. Ik had niet zoveel wasgoed, maar voor Jan is het erg handig, want die gaat morgen naar huis. Over de thuisreis gaat hij 4 dagen doen, via allerlei omwegen. Dat is om weer een beetje te wennen aan het ‘harnas’, zoals hij het noemt. Ja, dat zal niet meevallen na alle vrijheid. Ik hoef er nog even niet aan te denken gelukkig!
Hier zijn we dan weer na onze escapade naar België. Om met het belangrijkste te beginnen: Marnix is geopereerd aan zijn hernia en alles is prima gegaan. Dus dat is vast een pak van ons hart. Hij heeft van de operatie zelf eigenlijk weinig hinder gehad, die is hem erg meegevallen. En toen hij wakker werd, stond er een potje naast zijn bed met daarin zijn hernia. Ook de verzorging in het ziekenhuis was uitstekend en we hebben ons afgevraagd hoe het nou komt, dat het daar in België allemaal zo efficiënt gaat, terwijl hier iedereen veel harder lijkt te rennen dan daar. Hij had een tweepersoonskamer met een badruimte op de kamer en voor iedere patiënt een koelkastje naast het bed. Dr. Croese kwam elke morgen langs, was kort en duidelijk, zei precies wat Marnix wel en niet mocht. Waar we wel pret om gehad hebben, is het feit dat Marnix twee lange witte kousen aan kreeg en die ook op straffe des doods aan moest houden tot hij weer naar huis ging. Fraai stond het niet en waarom het nu precies moest, weten we nog steeds niet. En het was heel erg warm natuurlijk en kriebelde aan alle kanten. Dus Marnix probeerde nog even of hij ze niet uit mocht, maar er werd gekeken en geconstateerd dat hij er niet allergisch voor was, dus die vlieger ging niet op. Het bleek ook dat iedereen zijn eigen handdoeken mee moest nemen en die hadden we natuurlijk niet, omdat we daar niet op gerekend hadden. “Nou”, zei de verpleegster laconiek, “dat overkomt iedere Hollander hier”, en hij kreeg er een van het ziekenhuis.
En wat deed ik intussen? Ik zat peentjes te zweten in een hotel in de Antwerpse haven. Het was een vrij duur hotel en niet veel soeps, het uitzicht vanuit de kamer was vrij beperkt, ik had een meter voordat een blinde muur begon en het staat echt in een havenbuurt. Wel heel veel eettentjes. Maar goed, alles wat ik nodig had, was er behalve airconditioning. Maar, slim als ik ben, ik had voor de zekerheid op het laatste moment thuis nog even de ventilator in de auto gegooid en daar heb ik dus heel veel plezier van gehad. Verder ontdekte ik vlakbij Brasschaat het ‘Peerdsbos’, een groot bos met een speeltuin en een restaurantje erbij en daar heb ik menig uurtje doorgebracht, want je kon er lekker buiten zitten onder de bomen. Moet je beslist eens heengaan, Wim, echt de moeite waard!
Maar we hebben ons verder prima gered en vanmorgen mocht Marnix naar huis. Het was in het begin even puzzelen hoe hij het makkelijkst in de auto lag, maar toen we dat eenmaal voor elkaar hadden, is het goed gegaan. Nu zit hij dus weer in zijn eigen huis, hij mag nog heel erg weinig doen, maar dat is ook wel logisch natuurlijk. Dus zijn bed staat nu in de kamer en ik heb een hele berg boodschappen gedaan, zodat hij even vooruit kan, want het is de bedoeling dat ik zondag vertrek om Theo op te zoeken. Een weekje uitgesteld, maar nu komt het er dan toch nog van. Helaas voor jullie, dan wordt het weer even niets met de website. Maar ik zal hem weer aanvullen zodra ik terug ben en ben van plan om foto’s te maken van mijn dappere pelgrim! Want hij doet het wel enorm goed, vind ik! En het is voor ons thuis ook heel erg leuk te merken hoeveel plezier hij erin heeft.
km 13,45 stappen 19.217 / totaal km 2091,18 totaal stappen 3.007.306
Meer dan 3 miljoen stappen heb ik gezet sinds ik op 8 april mijn huis uitstapte. Drie miljoen en ik ben het nog lang niet zat. Helemaal niet zoals het vandaag ging, want dat was zogezegd een eitje. Een korte afstand, heerlijk weer om te lopen met af en toe zon en een lekker windje. Het loopt nog steeds vrij makkelijk, wel op en neer, maar niet zo steil. De zonnebloemen staan volop in bloei overal, ik heb leuk gezelschap aan Anne de Bretagne, dus ik heb helemaal niet te klagen. Morgen gaat Anne weer met haar vriend verder, maar we hebben wel elkaars mobiele nummer genoteerd en maken een afspraak elkaar ergens in Spanje weer te zien. Eigenlijk wilden we op 14 juli de Pyreneeën oversteken, dat leek ons wel een mooie dag, maar dat gaan we niet halen waarschijnlijk. Geen nood.
We waren al om een uur of 1 in Condom en toen we daar net waren, begon het te stortregenen en nu zijn er regelmatig gigantische buien en het is niet warm meer. Condom is een leuke stad, vooral de kathedraal, waar we een stempel zijn gaan halen, is mooi. Dat is ook heel leuk, bijna overal waar je een stempel komt halen, krijg je koekjes of wordt je een drankje aangeboden. Hier dus ook.
We zitten nu weer met zijn allen in een gîte. Jan de Wit uit Schagen is er ook weer, dus de hartelijke groeten van de ‘twee tijgers uit Noord-Holland’!
km 24,05 stappen 34.362 / totaal km 2077,73 totaal stappen 2.988.089
Het was minder warm vandaag, 23 à 24 graden, dus vrij koel. Maar het was droog en een lekker makkelijke route, dus wie doet je wat? En als je zo lekker doorloopt, ben je, voordat je het weet, alweer op de plaats van bestemming. Vandaag is dat La Romieu, werkelijk een beeldschone plaats. Er is een fantastisch klooster met een kerk erbij, niks geen opsmuk, niks geen schone schijn. Tussen de kerk en het klooster is een trap, waarbij je van de ene kant naar de andere kant kunt lopen zonder elkaar ergens tegen te komen. Ik weet niet precies hoe ik het uit moet leggen, maar het is heel grappig. Je hebt ook allerlei omgangen met openingen, waardoor je in de kerk kunt kijken zonder zelf gezien te worden.
Ik zit nu in een gîte, samen met een Frans gezin met 2 kinderen en een hele aardige Française, die Anne heet. Haar achternaam kan ik maar niet onthouden, maar ze komt uit Bretagne, dus ik noem haar steevast “Anne de Bretagne”. Zij is juriste, maar is ontslagen en had toen zo de pest in, dat ze deze tocht is gaan doen. Morgen komt haar vriend haar in Condom opzoeken, dus daar heeft ze een luxe hotel besproken met zwembad. Vanavond ga ik samen met haar eten en morgen lopen we samen naar Condom.
Maar eerst moeten we aan de borrel. Het Franse gezin heeft drank ingeslagen, wij zorgen voor de borrelnootjes, dus het kan gezellig worden.
Ik kom nu net een Hollander tegen, Jan de Wit uit Schagen (nou, met die naam en plaats ben je wel een hele echte Hollander toch?). Die is 1 april vertrokken uit Schagen, maar moet over 4 dagen naar huis. Dan gaat hij 6 weken werken en daarna weer verder. Hij heeft er nu al de pest over in dat hij weer naar huis moet en dat kan ik me voorstellen. Goed, voor de borrel geldt: hoe meer zielen hoe meer vreugd, dus nu kan het nog gezelliger worden! Wel even een lange broek aantrekken, want het wordt een beetje koeltjes.
km 24 stappen 34.286 / totaal km 2053,68 totaal stappen 2.953.727
Ook vandaag was het weer erg warm, maar ik heb wel heel lekker gelopen. Het is hier een erg mooie streek met veel landbouw en overal velden met bloeiende zonnebloemen. Er zijn niet veel koeien en het zijn kleine, witte koeien. Verder is de streek heuvelachtig, dus geen hoge bergen. Een beetje zoals in Zuid-Limburg.
Het is nog steeds een fabelachtige ervaring voor me en het is nu weer heel anders dan voor Le Puy. Je hebt veel meer ontmoetingen, maar ze zijn over het algemeen wat oppervlakkiger. Het is hier wat commerciëler en er zijn uiteraard ook meer toeristische wandelaars. Dat heeft het voordeel dat je hier niet naar een slaapplaats hoeft te zoeken, maar eigenlijk was dat elke avond zoeken naar een slaapplaats ook leuk en wat avontuurlijker.
Maar ook hier ontmoet je natuurlijk allerlei mensen. Vandaag heb ik een heel stuk gelopen met de Lutherse dominee. Aan het einde van de dag moesten we weer steil naar boven om in Lectoure te komen, waar we nu in een chambre d’ hôte zitten, campings zijn hier bijna niet. En zowaar, weer een filosofische gedachte van ons beiden: We zijn het erover eens dat een pelgrimstocht te vergelijken is met een levensweg. Nou is dat geen erg originele gedachte, dat geef ik onmiddellijk toe, maar filosofisch peinsden wij verder. Als dat zo is, waarom moeten we dan steeds aan het einde van elke dag, als je denkt dat je er bent, nog even steil naar boven? En dat is iedere avond zo. Ik bedoel maar: dat is toch geen stijl, zo steil?
km 31,02 stappen 44.321 / totaal km 2029,68 totaal stappen 2.919.441
Vandaag ben ik de 2000 km grens gepasseerd. Wie had dat ooit gedacht? En ik ben het nog steeds niet zat, integendeel. Alles gaat goed, ik heb geen last van mijn liesbreuk en ik stap er nog steeds vrolijk op los. Hoewel het wel heel, heel erg heet is nu. Vannacht was er een heleboel bliksem en donder, maar helaas geen regen. Verder ben ik aan alle kanten gestoken door de muggen zodat ik er niet erg fraai uitzie, witte delen, bruine delen en nu ook rode delen. Maar vooruit, de ware schoonheid zit van binnen, zal ik maar denken.
We zitten nu in een gîte in St. Antoine. Onderweg heb ik een Duitse Lutherse dominee ontmoet (je ziet, ik ben af en toe in goed gezelschap) en die zit hier ook in de gîte, samen met Fransen en Amerikanen. In totaal zitten we hier met zijn twaalven. Vanavond gaan we gezamenlijk een pelgrimsmaaltijd verorberen. Wat wel heerlijk is van zo’n gîte is dat die hele dikke muren hebben, dus dat het binnen redelijk koel blijft.
O ja, de Amerikanen hebben ook in de Grand Canyon gelopen en vertelden dat ze daar van tevoren hun eten op moesten sturen naar postkantoren op de route. Daar zetten ze het dan in containers (vanwege de beren) ergens in het bos en kun je je eten daar ophalen. Zij vinden deze tocht zwaarder dan die van de Grand Canyon, vanwege de hitte en omdat het hier veel meer op en neer gaat. Dus die hoef ik dan niet meer te doen, zo’n makkelijk tochtje. Het is allemaal nog steeds het einde voor me, dat geloop!
km 32,37 stappen 46.236 / totaal km 1998,66 totaal stappen 2.875.120
Aangezien het vandaag weer heet zou worden, ben ik heel vroeg opgestaan en was zodoende al om half 7 op pad. Toen was het nog lekker koel. Om 10 uur werd het wel warmer, maar toen had ik het geluk een hotel te vinden, waar ik in de tuin in de schaduw naast het zwembad een heerlijk ontbijt kon verorberen en zeg zelf, dat is voor een pelgrim best uit te houden. Daarna werd het gaandeweg warmer, heet, heter en heel erg heet. Ik liep een groot stuk over witte kalkheuvels zonder bomen, dus dan weet je het wel. Liters water heb ik op, ik kwam langs een begraafplaats en dacht: “Daar is meestal water” en jawel, toen heb ik bijna een liter tegelijk gedronken.
Ik heb al een tijdje een harde plek in mijn lies, het doet niet zeer of zo, maar ja, je weet niet wat het is. Dus, toen ik Moissac binnenkwam en daar het ziekenhuis zag met een eerste hulppost, dacht ik: “Wat let me?” en ben naar binnengestapt om advies te vragen. De dokter heeft ernaar gekeken, wist meteen wat het was en dat het niet ernstig was en ik gewoon door kon lopen. Hij mompelde heel veel, maar voorzover ik begrepen heb, bedoelde hij liesbreuk. Nou, als het meer niet is… In ieder geval ben ik gerustgesteld en pijn heb ik er niet aan. Het was verder wel lachen, want het ging op zijn Frans: Eerst moest ik alle gegevens opnoemen en die werden uitgebreid op een formulier geschreven. Vervolgens liep men met het formulier naar de computer om alle gegevens daarin over te zetten. Nu klopt het Nederlandse adres niet met het systeem, dus dat weigert de computer in te voeren. Geen nood, de rest werd ingevuld, een uitdraai gemaakt en toen de ontbrekende gegevens er nog even met de hand bijgezet. Heerlijk land!! Maar wel schatten van mensen!
Moissac is een heel drukke plaats, een echte toeristische trekpleister. Dus het is er druk en er zijn mensen uit heel Europa, dat is ook weer eens leuk voor de verandering. Het is een schitterend mooie plaats en echt de moeite waard, maar vanwege de toeristen ook erg duur. Vandaag ontmoette ik de Australische weer, een Parijs stel en een Amerikaans echtpaar uit Californië, dat ik ook al een paar keer gezien heb. Leuk is dat, je loopt allemaal je eigen tempo en komt elkaar dan toch regelmatig weer tegen.
Ik zit hier in een hele mooie gîte, samen met een stuk of 15 anderen. Het is een heel oud gebouw, maar heel erg mooi opgeknapt en heel schoon. Als je de eerste trap bent opgelopen, wordt je vriendelijk verzocht je schoenen hier uit te doen. Het hoeft niet, hoor, maar iedereen doet het wel. En zo heb je dan het fenomeen, dat er een hele rij schoenen keurig naast elkaar staat, grote, kleinere, dure, mooie, afgesleten, stoffige en noem maar op. In ieder paar schoenen staat dan ook de wandelstaf van iedereen. Je zou er zo een poster van maken!
Mijn slaapzak is nu wel erg warm ‘s nachts, dus ik heb Gery gevraagd een lakenzak mee te brengen, dat is bij dit weer ruim voldoende. Maar ik hoor door de telefoon ook heel hard blazen en puffen en als ik zeg dat het hier 34 graden is, doet Geer er een schepje bovenop door te zeggen dat het in Nederland 35 graden gaat worden en nu al heel erg heet is. Arme ziel, ze kan er al zo slecht tegen!
Even een kort berichtje van het thuisfront. De koffer staat gepakt, morgenochtend vertrekken Marnix en ik naar Brasschaat en dinsdag wordt Marnix geopereerd. Nou, laten we maar zeggen dat ik in ieder geval een originele vakantiebestemming heb uitgekozen, want wie van jullie is er nu op vakantie in Brasschaat geweest? Maar alla, het enige dat ik nodig heb nu is een plaatsje waar het redelijk koel is in verhouding tot de rest, met een bankje in de schaduw, een beetje frisse wind en liefst nog even de voeten in het water. Ergens langs de Schelde zal vast wel zo’n plekje te vinden zijn en anders rijd ik gewoon de hele dag rondjes om het ziekenhuis heen, want in de auto is het tenminste koel. Ik hoop voor Marnix dat er airco in het ziekenhuis is, maar ik hoop vooral dat hij van de operatie zal opknappen en in ieder geval weer gewoon kan lopen, geen pijn meer heeft en als ik dan een wens mag doen……graag ook weer gewoon kunnen zitten!.
Het wordt dus een spannend weekje, maar we hopen er het beste van. Voor wie het wil weten: het telefoonnummer van Theo is 0033 688788568 en mijn telefoonnummer is 06 55307003
Ik probeer jullie op de hoogte te houden, maar als er geen internet in het hotel aanwezig is, gaat het niet lukken, dus dan blijft het een weekje rustig en vul ik weer aan als ik thuis ben.
Gegroet gij allen en smelt niet!!
title=”Dag 85″ href=”http://www.pelgrimtheo.com/?pp_album=main&pp_cat=&pp_image=Dag_85.jpg”>
km 19,79 stappen 28.276 / totaal km 1966,29 totaal stappen 2.828.884
Het was vandaag weer bijzonder warm, maar verder was alles erg naar mijn zin. Ik loop nu weer op de officiële route en dat is duidelijk te merken, want er zijn weer heel veel mensen. Logisch natuurlijk, want het is ook nog weekend. Gezellig, want zo ontmoet je elkaar vaak meerdere keren per dag. Er loopt ook een Australische, die sliep gisteren in dezelfde gîte. Onderweg kwam ik haar weer tegen en dan heb je de gebruikelijke vragen als “Waar kom je vandaan?” en “Tot hoe ver ga je?”. Nou, dan loop je door, maar een eind verder ga je aan de kant van de weg zitten om wat te eten en dan komt zij weer langs. Vanavond slaapt ze weer in dezelfde gîte. Ik geniet nog steeds van alle ontmoetingen onderweg. En ik hoefde ook niet zo ver te lopen, dus ik was al vroeg in de gîte in Lauzerte. Dat is wel eens lekker, want dan kun je op je dooie gemak douchen, je was doen, je schoenen poetsen, enz. Daarna heb je dan nog tijd genoeg om in het dorp te gaan kijken.
Lauzerte is een heel erg mooie plaats. Het ligt bovenop een berg. Er staat een groot kasteel en daar rondom zijn de huizen gebouwd. Het is nog echt een plaats uit de Middeleeuwen en zelf noemen ze het een van de mooiste dorpen van Frankrijk. Het is wel leuk om zoveel nieuwe plaatsen te ontdekken. Ik dacht dat ik Frankrijk zo langzamerhand aardig kende, maar kom tijdens deze route steeds verrassingen tegen en kom in prachtige plaatsen waar ik nooit geweest ben nog en waarvan ik zelfs niet wist dat ze bestonden.
Mijn slaapzak wordt te warm, dus Gery moet maar even kijken of er een dunne te krijgen is. Als ze komt, kan ze een heleboel spullen mee terug nemen, want ik denk niet dat ik nog dikke truien en jacks nodig heb. Ik wil jullie natuurlijk niet de ogen uitsteken, maar toch…….
km 36,03 stappen 51.469 / totaal km 1946,5 totaal stappen 2.800.608
Vanmorgen heb ik eerst eens rustig rondgekeken in Cahors, want om nou overal zo maar voorbij te lopen, is natuurlijk ook niet de bedoeling. Cahors is een leuke stad met een beetje Italiaanse uitstraling. Er is een brug met een verhaal. De legende zegt namelijk dat de bouwer van de brug bang was dat de brug niet op tijd klaar zou zijn en verkocht daarom zijn ziel aan de duivel in de hoop dat die zou helpen. Toen de brug bijna klaar was, kreeg hij daar spijt van en wendde zich tot Maria om hulp. Daarop werd de duivel zo boos dat hij een steen uit de brug trok. Dit gebeurde tot 3 keer toe en toen kwam Maria hem te hulp door er haar hand voor te houden. Op de brug staat nu aan de ene kant een beeldje met de duivel, die stenen uit de brug haalt en aan de andere kant een beeldje met Maria, die haar hand voor de stenen houdt. Grappig hè?
Het landschap verandert hier duidelijk, er is meer landbouwgrond en ik liep vanmiddag door een streek waar de grond echt wit was, ik denk een soort kalk. Het wordt daar ook Quercy Blanche genoemd en er groeit niet veel behalve zonnebloemen en een beetje graan. De zonnebloemen staan nog in knop. Verder is de route weer veel vlakker en ik hoef niet zo te klimmen en te dalen op het ogenblik. Wel was het vandaag weer erg heet, ik heb wel 4 liter water gedronken. En er zijn weer meer mensen en medepelgrims, dat is gezelliger.
Ik heb ook vandaag meer gelopen dan ik eigenlijk van plan was, maar toen ik om half vier bij de gîte was waar ik wilde slapen, bleek de beheerster een vrije dag te hebben en was de gîte dus dicht. En de volgende gîte is dan 9 km verder. Met de auto rijd je dat in 10 minuten, maar lopend kost je dat weer bijna 2 uur natuurlijk. Maar nu zit ik in een zeer comfortabele en zeer schone gîte, samen met 15 andere wandelaars en fietsers, in Montcuq. Ik heb hier net gegeten en dat is leuk met zo’n club, er zit weer van alles tussen: Amerikanen, een Duitse dominee, enz. En het grote voordeel is dat ik nu morgen niet ver hoef, dus morgenmiddag lig ik languit in het zonnetje voor de tent en ik hoop zondag in Moissac aan te komen. Dan begin ik aan mijn laatste gids voor Frankrijk en dan wordt het Spaans. Ik hoor hier van mensen dat het lopen in Spanje vrij gemakkelijk is, omdat er veel faciliteiten zijn. Of het nou ook leuker is, dat weet ik niet en ik waag het te betwijfelen. Maar….. on verra! En zover is het nog lang niet.
km 37,14 stappen 53.066 / totaal km 1910,47 totaal stappen 2.749.139
Vanmorgen om 10 uur was ik al gearriveerd in St. Gery, toen was het al 29 graden, dus het was vandaag heel heet. St. Gery is trouwens een leuke plaats en ik had er wel kunnen blijven, maar ik kwam erachter dat ik geen geld meer had en in het hele dorp was geen pinautomaat te bekennen. Aangezien het nog vroeg was, dacht ik: “Geen probleem, dan loop ik nog een stukje verder”. Maar ja, in al die dorpen natuurlijk geen pinautomaat. Op een gegeven moment zat ik ergens op een terras een glas cola te drinken en toen stopte echt recht voor mijn neus de bus naar Cahors. Dat was een moment waarop ik dacht: “Zal ik? Zal ik? Er is niemand die het merkt”. Maar ik heb de verzoeking weerstaan en ben gewoon doorgelopen. Het lag niet in de bedoeling vandaag Cahors te bereiken, maar uiteindelijk is het wel zo gelopen, vanwege die pinautomaat. Ik heb nu 3 dagen door de kloof van de Cee gelopen, het is er erg mooi. Toch ben ik blij dat ik nu weer op de ‘officiële’ route loop, want je komt bijna niemand tegen, wat dat betreft is het een beetje saai. Maar het was leuk om langs St. Gery te gaan. De enige mensen die ik verder vandaag zag, waren 4 Hollanders op de fiets en ik begreep van hen dat het kabinet ging vallen. Gery vertelde dat dat niet gebeurd was en dat had ik ook niet verwacht. Die blijven wel zitten.
Goed, het was dus een stevig stuk vandaag, maar als je maar steeds je voeten verzet, kom je er vanzelf. Ik heb gevraagd waar de camping was en volgens de mensen aan wie ik het vroeg, was die in de stad. Dus ik besloot om eerst naar de camping te gaan, tentje opzetten, douchen, wasje doen en dan geld te gaan halen. Jawel, midden in de stad klopte, alleen wel aan de overkant van de rivier. Daar zag ik hem liggen, maar het water was te diep en de brug 3 km verderop. Dus straks ga ik weer 3 km lopen om geld te halen en dan meteen maar als beloning daar eten, want hier op de camping bestaat het menu uit mosselen en frites en daar heb ik niet genoeg aan. Verder gaat alles nog steeds prima, mijn voeten doen het nog steeds erg goed en ik heb het nog steeds uitstekend naar mijn zin.
km 24,25 stappen 34.646 / totaal km 1873,32 totaal stappen 2.696.073
Het heeft vannacht gigantisch geonweerd, maar mijn tentje stond als een rots en ik bleef droog. Dus vandaag met opgewekte zin weer verder gestapt. Ik ben door de kloof van de Cee gelopen, erg mooi. Op die rivier kanoën talloze Hollanders achteloos over de ‘truites aux amandes’ heen. Nou zwemmen al die forellen natuurlijk niet echt met amandelen op hun rug, maar die denk ik er wel bij en dan loopt het water me in de mond. Ik heb een tijdje met de bazin van de kanoverhuur staan praten over alle toeristen die bij haar komen en die sprak geen kwaad woord over de Hollanders, maar wel over de Fransen. Die vond ze het slechtst, zei ze: “Want die geven mij zelfs de schuld als het slecht weer is”.
Ik sta hier nu op de camping aan de Cee in Cabrerets en zie hele scholen forellen, leuk is dat. Toen ik hier arriveerde, werd ik meteen aangevallen door hordes horzels, bijen en muggen, dus ik heb aardig wat steken boven water moeten incasseren. Maar alla, ik heb weer heerlijk gegeten. Ze maken hier echt ouderwets Frans eten en houden niet van liflafjes. Tijdens het eten heb ik geluisterd naar 4 Hollanders en die deden me absoluut niet verlangen weer terug te keren naar Nederland. Wat zaten die te zeuren, zeg. Van schrik heb ik toen een gesprek aangeknoopt met een Engelsman en een Schotse en dat was heel gezellig. Zij waren wildenthousiast over Santiago en ‘St. James’.
Net kwam hier een stel bij mij om een vuurtje vragen en dan maak je natuurlijk ook een praatje. Toen ik zei dat ik uit Amsterdam kwam, zei het meisje verlangend: “O Amsterdam, daar zou ik ook zo graag eens heen gaan en alles doen wat niet mag!” Ze zuchtte ervan, zo heerlijk leek haar dat.
Morgen hoop ik in St. Gery te komen en nu moet ik bekennen dat blijkt dat St. Gery een MAN is volgens iedereen hier. Ze zijn het zelfs nog voor me na gaan kijken en het is echt een man! En wat-ie voor goeds gedaan heeft, weten ze niet eens. Kun je nagaan, wat een bittere teleurstelling. Ik riep nog opgewekt dat dat niet mogelijk was, want, zo zei ik stoer: “Mijn vrouw heet zo!”. Maar ik werd de mond gesnoerd met de opmerking: “Nou ja, jullie hebben ook geen verstand van heiligen.” En daar heb je dan 1800 km voor gelopen. Zo zie je maar weer, de ene dag ben je bijna heilig en de volgende dag ben je gereduceerd tot aardse kleine proporties. Het lijkt het leven zelf wel!
km 35,13 stappen 50.183 / totaal km 1849,07 totaal stappen 2.661.427
Het was vandaag een pechdag, want ik heb domme dingen gedaan, terwijl ik dacht slim te zijn. Allereerst wilde de vrouw in Figeac me geen stempel geven, daar had ze geen zin in. Ik dacht: “Wat? Geen stempel?”, dus ben door blijven zeuren. Uiteindelijk heeft ze uit hufterigheid een heel groot stempel neergezet over alles heen, midden op mijn pelgrimspas. Ik kan ook een hufter zijn, dus heb ik een fooi achtergelaten van 1 centime.
Vervolgens ging ik op weg en zag het teken van de Grande Randonnée, maar dacht handiger te zijn en een stukje af te snijden. Dit was Jacobus niet welgevallig kennelijk, want na 7 km gelopen te hebben, stond ik weer exact op het punt van waaruit ik vertrokken was. En in plaats van de boodschap begrepen te hebben, dacht ik vanmiddag weer heel slim te zijn toen ik in de buurt van mijn overnachtingsplaats Espagnac kwam. Ik dacht namelijk: “Weet je wat? Ik loop dit bruggetje even over, dan kan ik lekker een stuk over de gewone weg lopen en hoef ik niet zo te klimmen en te klauteren”. Dat ging ook goed, maar toen kwam ik uiteraard aan de andere kant van de rivier Espagnac in. Nu zou dat geen probleem geweest zijn, want in Espagnac is natuurlijk weer een brug naar de andere kant. Alleen bleek toen dat de camping een aantal kilometers buiten het dorp lag en ongeveer op de plek waar ik zo slim overgestoken was. Dus moest ik dat eind aan de overkant van de rivier weer teruglopen en morgen weer dat stuk. Dat is dus 3 keer hetzelfde stuk in plaats van 1 keer. Lach niet! Al met al heb ik nu dus 35 km gelopen vandaag en dat was niet nodig geweest. Nu gaan jullie natuurlijk zeggen dat een pelgrim ook gehoorzaam moet zijn. Dat weet ik nou ook wel. Maar enfin, ik ben uiteindelijk toch op de camping beland.
Aangezien ik nu van de route afwijk omdat ik via St. Gery wil, is het nu opeens weer doodstil. Ik heb de hele dag niemand gezien of gesproken. En nu begint het ook nog verschrikkelijk te onweren, dus ik moet haastig naar mijn tentje hollen om te voorkomen dat die volloopt. Dan ben ik helemaal in de aap gelogeerd. Je ziet, Cees, ik praat niet over eten vandaag!
km 28,91 stappen 41.301 / totaal km 1813,94 totaal stappen 2.611.244
Hier weer een direct bericht van mij. Ik heb weer een computer gevonden en dan moet ik altijd even kijken natuurlijk wie er gereageerd hebben.
Ja, die ouwe loopt wat af met zijn stokkie, want ik zag vandaag dat het nog 1293 km is, dus ik ben ruim over de helft. Mede dankzij mijn stok, of liever gezegd mijn staf. Voor het geval jullie de illusie hebben dat ik een prachtige stok bezit, laat ik jullie dan even uit de droom helpen: het is gewoon een stok uit het bos, een beetje knoestig en niet helemaal recht en hij is groter dan ik zelf ben. Mijn medepelgrims vragen waarom ik geen ‘echte’ stok koop, maar daar is geen denken aan, deze heb ik gekregen en ik ben eraan gehecht geraakt.
Nou, ik kan tegen verstokte socialisten zeggen dat zelfs voor hen deze pelgrimage een waar genoegen zou zijn. Als ze de moed hebben natuurlijk. Want alhoewel het misschien lijkt alsof hier allemaal kwezeltjes rondlopen: niets is minder waar. Je komt hier echt de hele wereld tegen en dat ook nog eens in alle vormen en maten. Ook de redenen waarom mensen dit doen, zijn heel verschillend, want daar wordt onderling natuurlijk wel naar geïnformeerd. Bijna iedereen begint met te zeggen dat hij of zij dit voor de lol doet, maar als je dan doorpraat, is er bijna altijd wel een andere reden op de achtergrond. Het voordeel van die praatjes hier is dat er geen risico’s aan vastzitten, want een paar dagen later kom je elkaar toch waarschijnlijk niet meer tegen. Alhoewel, kijk maar naar de verhalen, ook dat is niet zeker. Gisteravond heb ik gegeten met een Noorse en haar dochtertje van 10 jaar, die samen aan de wandel zijn. Eigenlijk zijn ze met zijn drieën, maar ze zien elkaar alleen ‘s avonds. Dus vanmorgen heb ik een stuk samen gelopen met Anna, de andere Noorse met heel, heel veel energie. Zij loopt al voor de negende keer hier in de omgeving, elke vakantie een stuk. Tussen de middag heb ik weer goed gegeten en vanmiddag liep ik weer een stuk met de Amerikanen op, die ik al eerder heb ontmoet. Kortom, ik loop zelden alleen, dus weinig tijd voor inkeer en nadenken over mijn zonden. Nou hoef ik dat ook niet, want ik heb begrepen dat ik al heilig ben. Halverwege heb ik een kapelletje bekeken, gewijd aan St. Magdalena en aan de ene kant van haar stond St. Jean en aan de andere kant St. Mathieu. Ik bedoel maar. Om Gery niet jaloers te maken, probeer ik de route zo uit te stippelen dat ik ook via St. Gery ga (die plaats bestaat echt!)
Maar zonder gekheid, er moet wel elke dag iets geregeld worden: Je moet slaapplaats organiseren en je moet zorgen dat je iets te eten hebt of krijgt. En dat is niet altijd voor de hand liggend. Je was moet wel elke dag gedaan en soms is het de kunst die droog te krijgen. Kortom, ook hier gaat het leven door en komt de manna niet vanzelf uit de lucht vallen.
Blijven wel al die min of meer ‘toevallige’ ontmoetingen, die het allemaal zo leuk maken. Of dat in Spanje ook zo zal gaan, weet ik natuurlijk nog niet: ik spreek geen Spaans. Maar er zijn dan waarschijnlijk weer zoveel andere pelgrims onderweg dat ook dat geen probleem zal geven. In ieder geval iedereen bedankt voor de reacties: ik ben iedere keer weer verbaasd ze te lezen. Vandaag heb ik weer een topo-guide uit. Volgend boekje maar weer.
Iedereen de groeten vanuit Figeac en tot ziens.
km 23,82 stappen 34.023 / totaal km 1785,03 totaal stappen 2.569.943
Het heeft vannacht verschrikkelijk geonweerd, er kwamen wel 4 buien achter elkaar. Kortom, er was heel veel donder en bliksem en de bliksem was soms zo fel, dat het wel 5 à 10 seconden gewoon dag was. Het was een verschrikkelijk kabaal, er zijn een heleboel takken afgewaaid en iedereen spreekt vandaag over het weer van vannacht. Mijn tentje bleef staan, want ik lag erin. Nu even voor Jinze: Jawel, het is een heel goed restaurant, ik heb er gisteren voortreffelijk gegeten! Gelukkig maar, want vandaag was het minnetjes wat dat betreft.
Het eerste deel van de route was waanzinnig steil en door de regen van vannacht glibberig. Ik had het zonder mijn stok nooit gehaald, maar gelukkig had ik die, dus wat kon me deren? Mijn voeten doen het nog steeds goed en voor de ongerusten: het open plekje is alweer dicht. De campingbaas heeft me vanmorgen aangeraden een andere weg te nemen, aangezien de ‘officiële’ route onbegaanbaar is na regen. Dat was een wijze raad, die ik na het eerste stuk heb opgevolgd. Het was wel een kilometer langer, maar over goed begaanbare wegen. Alleen was er onderweg niets waar je kon eten of drinken, zodat ik het vandaag zonder lunch heb moeten doen. De regen heeft wel de hele dag gedreigd, maar het is verder droog gebleven en de temperatuur is nu zo’n 24 graden, dus heerlijk om te wandelen. En dat heb ik dan ook eigenlijk voornamelijk gedaan, behalve een paar praatjes met mede-pelgrims waren er geen bijzondere dingen vandaag.
Om half vijf was ik in Livinhac-le Haut op de camping. Ik sta riant aan de oevers van de Lot. Gery vertelde net dat het regent. Nou, het spijt me voor jullie, maar ik lig hier nu weer met mijn matrasje in de zon. Ik kan hier vanavond eten en morgenochtend ook ontbijt krijgen, dus ik ga vandaag de deur niet meer uit.
km 10,08 stappen 14.395 / totaal km 1761,21 totaal stappen 2.535.920
Nou, dat was een kort wandelingetje vandaag, maar 10 km. Vannacht heeft het stevig geonweerd en toen ik vanmorgen vertrok, regende het. Het was wel lekker, want het was niet warm meer. Na 2 1/2 uur was ik al in Conques. Conques ligt in een heel diep, klein en smal dal. Ik stond bovenop de berg en ik zag dus heel diep beneden me Conques liggen. Vanaf die hoogte zie je dan eigenlijk alleen daken en 3 torens, die daar bovenuit steken. Dat was een heel erg mooi en indrukwekkend gezicht. De afdaling is heel steil, maar op die manier loop je er echt naar toe, je ziet alles steeds groter worden. Het was prachtig. En toen ik eenmaal beneden was, werd het weer mooi weer.
Ik heb mijn tentje opgezet en ben eerst eens goed gaan eten. Vanmiddag heb ik een beetje rondgelopen, heb vervolgens mijn wasje gedaan, lekker voor de tent gelegen, een beetje geslapen en een pizza gegeten. Kortom, relaxen dus. Mijn voeten zien er nog steeds heel redelijk uit, zeker als je dat vergelijkt met anderen. Jacques gaat morgen naar huis, hij kan niet meer. Dat is ook geen wonder, want als je zijn voeten ziet: een en al blaren en overal open plekken. Hij heeft 3 jaar geleden het stuk in Spanje gelopen en had toen nergens last van, maar nu gaat het echt niet meer. Dat is wel erg jammer natuurlijk.
Na de pizza was het tijd voor de mis. Ik moet zeggen, dat ik daar dit keer erg van genoten heb. Er waren zo’n 25 pelgrims. We werden met zijn allen voor het altaar geroepen en moesten één voor één onze naam zeggen. Toen kregen we de zegen in het Frans en in het Duits. Iedereen kreeg vervolgens een boekje met toepasselijke teksten, ieder in zijn eigen taal. Ik kreeg dus de Nederlandse versie. Daarna moesten we gezamenlijk de ‘Chant des pèlerins’ zingen (nou ja, zingen? De anderen zongen en ik bromde mee) en dat doet je toch echt wel iets. (Voor wie het interesseert: de tekst staat op de pagina Informatie). Tenslotte moesten we het Salve Regina doen en daar ben ik dan eigenlijk toch net iets te protestant voor. Ze maken er een hele show van, met lichten die uit en aan gaan, enz. Maar al met al was het wel een belevenis.
Heel toepasselijk ben ik door de Rue Jacques gelopen en nu zit ik op de trappen van de kerk te wachten tot het droog is, want het hoost werkelijk uit de lucht. Een mooie gelegenheid om even te bellen, maar de andere pelgrims moeten ook even commentaar leveren en Geer de groeten doen. De Amerikaanse roept naar Gery dat ik erg vermagerd ben, wat natuurlijk onzin is, want ze heeft me nooit gekend, dus kan ze dat niet weten. Maar het tekent wel een beetje de sfeer onderling. Iedereen praat met iedereen, alle nationaliteiten vinden elkaar en dat is echt geweldig!
Genoeg geluierd, naar bed en dan morgen er weer tegenaan!
km 34,24 stappen 48.917 / totaal km 1751,13 totaal stappen 2.521.525
Iedereen die graag op deze website wil zien dat ik als pelgrim moet lijden, krijgt vandaag zijn zin: het was afzien, ik weet nu wat afzien is!. Het was heel erg warm, ruim 33 graden, de weg was heel erg slecht en ik moest heel erg ver! Mijn T-shirt kon je uitwringen!
Gisteravond heb ik afscheid genomen van Jacques en Josette. Jacques en Josette namen ook afscheid van elkaar, want ieder ging langs een andere route. Bij het afscheid zei Jacques: “Ik kan het nu wel zeggen, want we zien elkaar toch nooit meer: Ik bewonder je instelling en de manier waarop je in het leven staat. Je bent de eerste Protestant die ik ontmoet heb, maar ik moet zeggen dat het aardige mensen zijn.” Mooi gezegd, hè? “Ja, zo gaat dat, je komt elkaar even tegen en daarna gaat ieder weer zijn eigen weg”, dacht ik filosofisch. Dus ik stap dapper de hele dag door, heb zelfs niets anders gegeten dan een casse-croute tussen de middag, begin al aardig in de buurt van mijn volgende stopplaats, Sénergues, te komen en wie zie ik ineens voor me uit lopen? Jawel, Jacques en Josette!! Het bleek dat de routes die Jacques en Josette afzonderlijk liepen, elkaar ergens kruisten en dat zij allebei precies op hetzelfde moment op het kruispunt kwamen. Toen besloten zij maar weer samen in een gîte te gaan. Alleen was die nog dicht en omdat ze geen zin hadden om te wachten, besloten ze maar een stukje door te lopen en kwamen zo terecht op de route die ik liep. Het is toch niet te geloven? Maar leuk was het wel. Zij wilden dat ik ook meeging naar een gîte, maar ik besloot naar de camping te gaan. Achteraf gezien was dat niet zo slim, want de camping bleek 2 km aan de andere kant van het dorp te liggen. Er is geen mogelijkheid iets te eten, dus dat betekent dat ik vanavond nog eens 2 km heen en 2 km terug moet lopen. Dan heb ik mijn portie wel gehad voor vandaag.
Daar staat tegenover dat ik morgen maar een kilometer of 10 ga lopen, dan ben ik in Conques en daar wil ik de tijd voor nemen, want dat is weer een hoogtepunt op de route. In de kerk daar liggen de beenderen van Ste Foy. Het gerucht gaat dat die beenderen daar niet van origine liggen, maar op een dag, heel lang geleden, door inwoners van Conques ergens gepikt zijn, omdat daar veel geld mee te verdienen was. Ste Foy zorgde namelijk voor wonderen en wonderen zorgen voor een grote stroom mensen, dus vandaar…. Er is een legende die vertelt dat een man onderweg overvallen werd door rovers, die hem de ogen uitstaken. Hij lag daar dus hulpeloos op de weg in zijn eentje. Maar de vogels vonden zijn ogen, brachten die terug en Ste Foy genas de man. Als dat geen wonder is, weet ik het niet meer. Enfin, morgen ga ik mezelf daarvan op de hoogte stellen en misschien de mis wel bijwonen.
Jawel, barst maar los, ik weet het: er heeft 2 dagen niets op de website gestaan. Maar ik kon het niet helpen. Eergisteren was ik met Marnix naar Brasschaat en te middernacht thuis. Dus vermoeid ging ik naar bed en dacht: “Ik doe morgenochtend de website wel”. Maar ja, je weet hoe dat gaat, het werd middag en toen werd het een uur of vier en kreeg ik een sms-je van Theo dat hij gearriveerd was, dus dacht ik: “Dan zet ik vandaag er ook meteen bij.” Helaas bleek toen de website ‘down’ te zijn (ik hanteer tegenwoordig vakjargon, merken jullie wel) en toen ging het niet en kon ik Theo niet eens de commentaren voorlezen, wat ik altijd trouw doe als hij zelf niet heeft kunnen kijken. Hans en Janneke, wat een mooi gedichtje hebben jullie ingebracht, ik zet het straks ook even op de informatiepagina.
Wie niet van België houdt, moet maar niet verder lezen, want ik ga nu een lofzang afsteken op de Belgen (en dit is geen mop!). Marnix had woensdagavond om kwart voor acht een afspraak en toen we aankwamen, waren veel dokters nog gewoon aan het werk en zaten er nog veel mensen te wachten. Met je Hollandse inslag denk je dan toch in eerste instantie, dat het druk is op de EHBO. Het is een mooi ziekenhuis, vrij nieuw en het heeft een vriendelijke uitstraling. In de wachtkamer hangt een bordje, waarop staat dat het ereloon contant moet worden betaald bij de raadpleging. En laten we eerlijk zijn, dat klinkt veel vriendelijker dan ‘het honorarium van het consult’. Maar ja, van vriendelijkheid alleen wordt je rug niet beter natuurlijk. Maar goed, de neuro-chirurg bekeek de gegevens van de MRI-scan, onderzocht Marnix en zei toen: “Moet je luisteren, er is degeneratie van de onderste werveltussenschijf en bij de andere zit een grote hernia. Waarom ben je niet geopereerd?” “Omdat ik geen gevoelloze benen heb”, zei Marnix kort en krachtig, waarop de dokter zei: “Het is niet logisch om je met zo’n grote hernia te laten lopen. We gaan een microscopische ingreep bij je doen. Ik zeg er eerlijk bij, dat je daarna misschien nog niet helemaal tevreden bent, maar het wordt wel een heel stuk beter”. Dus ik vroeg: “Maar stel, dat hij nog niet helemaal tevreden is, kan er dan nog iets gebeuren of moet hij er maar mee leven?” “Absoluut niet”, was het antwoord, “we hebben nog een groot aantal mogelijkheden.” Kijk, dat geeft de burger moed. Vervolgens pakte de arts een kantooragenda van zijn bureau, bladerde erin en zei: “4 juli, lijkt je dat wat? Prima, om 10 uur nuchter aanwezig zijn. Van tevoren nog wel even een CT-scan laten maken, maar dat kan tot de dag ervoor”. En toen moest Marnix dus contant het ‘ereloon’ betalen en dat bleek zegge en schrijve € 20 te zijn. Dus wij opgelucht naar huis en Marnix vooral heel erg blij dat er nu iets gaat gebeuren en hij niet uitzichtloos op de bank ligt. Onderweg naar huis bespraken wij dat het heel handig zou zijn als de scan inderdaad de dag tevoren gemaakt zou worden, want dan nemen we een hotelletje voor die nacht en hoeven we de andere morgen niet in de file te staan en bij nacht en ontij weg. Gekscherend zei ik: “En dan graag om een uur of twee, dan omzeilen we de file.” Goed, Marnix belde de volgende dag, kreeg een datum op en zei: “Ja, dat kan wel, maar eigenlijk zou ik heel graag op 3 juli komen!” Het antwoord: “Natuurlijk, welke tijd schikt u het beste?” Hij viel zowat van zijn stoel. Zo kan het dus ook!!! Waarom kan dat in Nederland niet zo dan? Waarom moet je hier bijna op je knieën gaan liggen om geholpen te worden? Marnix en ik kwamen er niet over uitgepraat hoe vriendelijk en efficiënt het er toegaat en hoe wij er eigenlijk niet meer aan gewend zijn door artsen als mens gezien te worden, terwijl dat toch normaal is.
Marnix’ operatie valt precies in de week die ik gereserveerd had om naar Theo te gaan. Dat is jammer, maar wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen en ik wil logischerwijze graag wat in de buurt blijven. Dus Theo moet nog maar een weekje wachten en ik heb zo’n idee, dat hij het zonder mij ook uitstekend naar zijn zin heeft en nog niet van heimwee omkomt!
km 23,19 stappen 33.130 / totaal km 1716,89 totaal stappen 2.472.608
Het was een mooie tocht vandaag, maar wel een heel moeilijke. Ik heb heel wat steile hellingen moeten nemen en moeilijke afdalingen moeten doorstaan. De wegen zijn nog steeds slecht en er zijn heel veel rollende stenen, dus dan is het af en toe moeilijk om je evenwicht te bewaren. Maar we hebben het weer gehaald en ik zit nu weer riant in een hotel in Estaing met een goed bed. Lekker douchen, want ik heb vandaag veel gezweten. Dan het ritueel van mijn wasje doen en vervolgens alle apparatuur die opgeladen moet worden, opladen, want o wee, als mijn mobiel het niet doet, dan komt het thuisfront in opstand.
Ik heb het nog steeds uitstekend naar mijn zin en vind het fantastisch. Overigens maak ik wel goede sier met het feit dat ik helemaal vanaf Amsterdam gelopen heb. Nu moet ik ook wel eerlijk zeggen, dat ik het wel een beetje uitlok. Dan vraag ik zo langs mijn neus weg waar mensen vandaan komen lopen en dan zeggen ze bijvoorbeeld: “Uit Munchen”. Dan zeg ik schijnheilig: “Zo, dat is een heel eind”, waarop ze dan moeten bekennen dat ze tot Le Puy met vliegtuig en trein zijn gereisd. De logische wedervraag is dan: “En waar kom jij vandaan?” En kijk, dan sla ik genadeloos toe. Achteloos zeg ik dan: “Uit Amsterdam (want Zaandam kennen ze toch niet) en blijf hen dan zo doordringend aankijken dat ze vanzelf iets zeggen in de trant van: “Met de trein? Waar ben jij dan begonnen?” “Nee”, zeg ik dan, “Ik heb de hele weg gelopen en heb al zo’n 1700 km erop zitten!” En dan blijf ik bescheiden kijken als ze dan zowat een aureooltje om mijn hoofd aanbrengen. Ik geef onmiddellijk toe, het heeft niets te maken met de nederigheid van een pelgrim, maar ja, ook een pelgrim heeft zijn zwakheden!
km 28,13 stappen 40.185 / totaal km 1693,70 totaal stappen 2.439.478
Tjonge jonge, wat heb ik vandaag geklommen en geklauterd. De wegen zijn hier heel erg slecht, je moet echt voorzichtig zijn, anders lig je binnen de kortste keren op je gezicht. Het is voor iedereen zwaar, dus het leuke is dat je steeds weer mensen tegenkomt, waar je dan een stukje mee oploopt en vervolgens klauter je weer alleen verder tot de volgende ontmoeting. Alleen de Zwitsers lopen hard, die lopen alsof ze een rondje Jagersplas doen. Maar ja, die zijn dat ook meer gewend dan wij natuurlijk. Ik loop regelmatig met 2 Fransen, Jacques en Josette. Zij kenden elkaar ook niet, maar hebben elkaar ergens onderweg ontmoet en lopen nu een stuk samen op, en we lopen soms met zijn drieën of we komen elkaar ‘s avonds weer tegen. Onderweg hebben we in een plaatsje gezamenlijk koffie gedronken en toen wilde ik daar in een kerkje, omdat ik gelezen had, dat er een pelgrim in het raam was gebrandschilderd. Nou, de rest volgde mij, want die wilde dat ook wel zien. Ik vond niet meteen de ingang, dus liep om en de kudde volgde me. Toen merkte Jacques op: “t Is toch wat, nou moet een Protestant ons nog de weg naar de Katholieke kerk wijzen!” Dat was wel lachen natuurlijk. De meeste pelgrims zijn ‘deeltijd’-pelgrims en lopen een stuk van de route, ik ben een van de weinigen die hem helemaal loopt achter elkaar.
Mijn tentje staat nu weer op de camping in St. Come d’ Olt en hier zijn ook 2 Fransen die met een ezel op pad zijn. Goed, ik ben mijn eigen ezel dus. Vanavond heb ik gegeten met 2 Fransen, een Duitser en een Zwitser. Dus eenzaam ben ik niet. Het is heel leuk om zoveel onbekende mensen tegen te komen en omdat je allemaal hetzelfde doet, heb je ook meteen contact.
km 29,04 stappen 41.494 / totaal km 1665,57 totaal stappen 2.399.293
Het eten gisteravond viel reuze mee, we zaten met zijn vijven aan tafel, Amerika, Frankrijk en Nederland, en onze gastvrouw had nog een leuk verhaal. Ze had een tijdje terug 4 Amerikanen gehad en voor hen op haar manier een beetje Europees gekookt, zodat ze het eten niet al te vreemd zouden vinden. Goed, het voorgerecht wilden ze niet eten, ze wierpen een blik op het hoofdgerecht en nee, dat wilden ze ook niet eten. Toen kwamen de kaasjes op tafel, maar zij riepen in koor dat de kaas beschimmeld was en dat ze die ook niet gingen eten. Toen zag een van hen in de hoek een doosje staan met puntjes kaas voor bij de borrel van de ‘Vache qui rit’. Nou, dat wilden ze dan wel proberen. En dus hebben ze toen met zijn vieren de hele voorraad doosjes die in huis waren, opgegeten! Na het eten hebben we nog een poosje naar het onweer gekeken en daarna snel naar bed, want vanmorgen om 6 uur was het weer opstaan geblazen.
Om 7 uur ben ik vertrokken en na 2 km kwam ik tot de ontdekking dat ik wederom mijn stok en staf vergeten was. Ik dacht: “Nou ja, die stok, laat maar, ik vind wel een andere, liep een paar honderd meter verder en dacht: “Nee Theo, dat kan je niet maken!” Dus ben ik weer op mijn schreden teruggekeerd om mijn stok op te halen. Tenslotte moet je de gulle gaven van St. Jacob niet veronachtzamen. En daar ben ik ook weer voor beloond, maar daarover straks. Eerst wil ik vertellen dat ik ook vandaag door het mooiste landschap ben gelopen dat ik ooit gezien heb. Het was werkelijk schitterend: glooiende weilanden met hier en daar bosjes, overal snelstromende riviertjes, grazende koeien en schapen en bloeiende gentianen. Een landschap om nooit te vergeten en zo ongerept dat je het gevoel hebt dat het vanaf het jaar nul altijd zo geweest is. Een droomwereld.
Om 12 uur ben ik in een plaatsje een barretje ingestapt om wat te eten en toen zaten daar ‘mijn Fransen’ ook. Dus we hebben gezellig samen zitten eten en zijn toen ook maar samen verder gelopen naar Aubrac, het doel voor vandaag. Daar zagen we een heel groot gebouw, waarvan we dachten dat het een soort sanatorium was en later bleek dat het dat vroeger ook geweest is, maar nu was het een ‘Village de vacances’. En kijk, toen was er de beloning van Jacobus voor het ophalen van mijn stok: er waren allerlei faciliteiten, waaronder zelfs een sauna! Dus daar heb ik heerlijk van genoten. Wat een weelde! En het kon niet op, want er was ook een echte wasmachine! We slapen met zijn drieën op een kamer, het Franse echtpaar en ik. We hebben dus gedrieën alles wat mogelijk was in die wasmachine gestopt en draaien maar. Nou, dat deed die ook, alleen stopte hij ook niet meer. Hij bleef gewoon doordraaien en onze was heeft in totaal 3 1/2 uur in de wasmachine gezeten! Toen leek dat de receptioniste toch ook wel erg lang en werd er actie ondernomen. Zodoende was de was vanavond om 9 uur schoon en hebben we alles vervolgens maar in de droger gestopt. Vanmiddag hoorden we in de verte onweer en heeft het een beetje geregend, maar verder hebben we geen last gehad. Het is ook niet ontzettend heet meer, dus alles gaat nog steeds prima en ik vind het nog steeds geweldig om hier te lopen, het is net een droom. In Aubrac staat een kerkje, dat in de Middeleeuwen hospitaal is geweest voor de pelgrims. Overal in het kerkje, tot in de ramen toe, zie je nog de Jacobsschelp. Ja, toen waren er geen ‘Villages de vacances’ met luxe zaken.
Gery vertelde dat ze morgen ook naar het buitenland gaat. Ze gaat met Marnix voor een second opinion naar Brasschaat in België. Daar schijnt een heel goede neurochirurg te zitten en daar kon hij meteen terecht, dus ik ben benieuwd hoe dat afloopt.
km 28,48 stappen 40.694 / totaal km 1636,53 totaal stappen 2.357.799
Om te beginnen wil ik even terugkomen op het commentaar van Jaap en Jannie over de stok en de staf, namelijk dat er staat: Uw stok en Uw staf. Ik heb daar vandaag wijsgerig of filosofisch, net wat je wilt, nog eens over na lopen denken en nu wil ik er het mijne van zeggen. Kijk, eerst was het natuurlijk Uw staf en stok, maar hij is mij in de schoot geworpen als een gave en nu is het dus Mijn staf en stok. Jawel, ik denk heus ook nog wel eens aan iets anders dan aan lekker eten!
Nu dit misverstand dus uit de weg is geruimd, kan ik gaan vertellen dat ik gisteravond met 25 pelgrims het pelgrimsmenu heb gegeten in St. Alban. Aan dat menu heb ik echt niet genoeg, maar dit terzijde. Ik zat met 4 Fransen aan tafel en ik weet dan wel zo’n beetje hoe ik het gesprek in moet kleden. Dat gaat dan als volgt: eerste onderwerp is het eten, tweede onderwerp is de familie en derde onderwerp is de politiek en dan met name de opmerking: “Hoe vinden jullie dat nou, een vrouw als president te krijgen?” Nou, dat is genoeg om hen uren te laten praten. Zegt er opeens een van hen: “Ho, ho, dit gaat niet goed. Jij drukt steeds op een knop en dan gaan wij wel praten.” Wil je geloven dat ik daar zelf helemaal geen erg meer in had? Dus dat was lachen.
Vanmorgen ben ik vertrokken met prachtig weer: een windje, zon en een temperatuur van 25 tot 30 graden. Ideaal weer dus en ik heb vandaag echt een wondermooie route gelopen met uitzichten zo subliem dat een schilder ze echt niet zo kan verzinnen. Schitterend gewoon. En er is hier geen enkele toerist, de enige mensen die je tegenkomt, zijn ook pelgrims. Er zijn hier veel Duitsers, die allemaal eerst het vliegtuig genomen hebben tot Lyon, vervolgens de trein naar Le Puy en vanaf daar zijn gaan wandelen. Voor hen zijn dit dus de eerste dagen en wat ik zie zijn peperdure uitrustingen met van alles en nog wat, echt allemaal super de super. Wat ik ook zie, is hoe ellendig sommigen er aan toe zijn: open voeten, strompelen, enz. Dat is wel een beetje komische tegenstelling. Zelf heb ik nog steeds een open plekje aan mijn hiel, maar dat ziet er al beter uit weer dan gisteren. Geer maant me elke avond dat ik langs de pharmacie moet gaan om een zalfje te halen, maar daar heb ik allemaal geen tijd voor, hoor. Bovendien wemelt het hier niet echt van de apotheken (zeg ik schijnheilig). En….. ik heb een blaar aan mijn kleine teen. Het is lang geleden dat ik een blaar had en volgens mij komt dat door het zwemmen van gisteren, daar is mijn huid zacht van geworden natuurlijk. Zo zie je maar weer, alles heeft zijn prijs. Onderweg ben ik verschillende mensen tegengekomen, waar ik een praatje mee gemaakt heb, maar dat begin ik al bijna gewoon te vinden. Het is wel een wereld van verschil met de streek ten noorden van Le Puy, hier is alles veel meer gericht op mensen die deze tocht maken.
Om 12 uur heb ik heel erg goed gegeten. Het eten is hier eenvoudig, dus geen gastronomische hoogstandjes, maar heel erg goed en lekker.
Nu zit ik in een plaats met de weidse naam: Quatre-Chemins en zoek maar niet op de kaart, want daar staat het vast niet op. Het is namelijk precies wat de naam zegt: een kruispunt met zegge en schrijve 1 boerderij en daar zit ik dus nu in een gîte, samen met 3 Fransen en 2 erg aardige Amerikanen (hoewel dat volgens Gery niet mogelijk is), die mij welgemoed de ‘Flying Dutchman’ noemen. Zij lopen nu van Le Puy naar St. Jean Pied de Port en hebben vorig jaar het gedeelte St. Jean Pied de Port-Santiago gelopen. Zij loopt met blote voeten in hele grote basketballschoenen, ik snap niet hoe ze het doet, maar ze loopt er prima op.
Het is zo langzamerhand tijd voor het avondeten en dat ziet er een beetje dubieus uit, gelukkig maar dat ik vanmiddag goed heb gegeten!
km 25,17 stappen 35.966 / totaal km 1608,05 totaal stappen 2.317.105
Het contact is toch gelukt. Vanmorgen ben ik vroeg weg gegaan in mijn schoongewassen kleren, die niet alleen schoon zijn, maar ook schoon ruiken, heerlijk. Ik wilde onderweg naar Le Sauvage gaan, een boerderij waar je allemaal natuurproducten kunt eten en kopen, zodat ik Jinze kon vertellen hoe biologisch het hier allemaal toegaat. Dat was 4 km om, maar daar maal ik niet om op zo’n grote afstand. Goed, ik kwam er, er was wel een gebouw, maar verder was er ook helemaal niets, echt totaal niets. Alleen een fonteintje waar je een slok water kon drinken. Dus onverrichterzake weer terug naar de route. Daar kwam ik het Franse echtpaar weer tegen, dat er ook hevig over liep te mopperen. Gezamenlijk besloten we toen bij de kapel van St. Rochus iets te gaan drinken. Leuk plan, maar ook daar was helemaal niets, dus dat was al twee keer niets. Toen had ik zo de pest in dat ik regelrecht ben doorgelopen naar St. Alban. Het was een mooie route vandaag met mooie uitzichten en niet zo’n ‘benenbreker’. St. Alban ligt wel op 1400 meter hoogte, maar de weg erheen is niet zo steil. In St. Alban bracht Jacobus me eerst in verzoeking door langs de kant van de weg een bord te plaatsen van een hotel met zwembad. Dat klinkt heel erg aangenaam als je het warm hebt, maar moedig weerstond ik de verleiding en sprak mezelf streng toe: “Nee Theo, dat doe je niet, je gaat gewoon op zoek naar een camping!” Inmiddels was het half twee toen ik op de camping aankwam en dit keer ontvangen werd door een chagrijnige man. Ik vroeg of ik nog wat kon eten, maar dat kon niet, hij had niks meer te eten, ik kon een pilsje krijgen en dat was het. Nou, dan maar een pilsje. Terwijl ik die zat op te drinken, riep een vrouw van boven: “Als die meneer wat pates wil hebben, kan ik dat wel even maken, hoor!” Dus de man weer chagrijnig: “Wil je dat?” Ik: “Ja graag, als het kan”. En een paar minuten later zat ik achter een dampend bord spaghetti, met boeuf bourguignon, een halve meloen, brood en twee kaasjes. Dus ik zeg tegen die mevrouw: “U bent een engel en te goed voor deze wereld.” Zij antwoordt: “Ja, dat klopt, want ik ben met deze man getrouwd en ik heet Gabriëlle!” Zulke dingen maken mijn hele dag weer goed. Enfin, na het eten ga ik de camping op en wat is het eerste dat ik zie? Een groot zwembad!! Jullie zien, Jacobus zorgt voor hem, die de verleidingen kan weerstaan.
Dus nu zwem ik af en toe een baantje en lig verder op mijn luchtbedje in de zon, die weer verschenen is na een onweersbui. Ik zie er niet uit, want sommige delen van mijn lichaam zien spierwit en andere zijn donkerbruin, dus die witte stukken ben ik nu aan het bijkleuren. Ja, het leven van een pelgrim is soms echt wel uit te houden.
Overigens is het vanaf Le Puy nu net alsof je langs de autoroute rijdt: overal bordjes met reclame voor overnachtingen en aanbiedingen voor pelgrims, overal bordjes met schelpen en je bent overal welkom. Arij, je vroeg of er 50 pelgrims tegelijk uit Le Puy vertrokken en ik kan je vertellen dat het een rustige dag was! En gezien de vele overnachtingsmogelijkheden hier schrikken ze ook niet terug van 500 per dag. Wat betreft je grap over de Hellingman-bus: In de gîte waarin ik vannacht geslapen heb, hing een reclamebriefje van een man, die met een busje je bagage en/of jezelf overal op de route brengt, waar je maar heen wilt. Je ziet, ook hier heeft de commercie toegeslagen. Verder staan er ook overal bordjes met daarop het aantal kilometers dat je nog van St. Jacques de Compostela verwijderd bent. Ik heb nog 1475 km te gaan. Ik zit niet echt op al die bordjes te wachten, maar nou ja, het hoort erbij en dit is het enige waarmee men hier wat kan verdienen.
Het weer hier in de Aubrac schijnt erg wisselvallig te zijn. Gabriëlle vertelde, dat ze eind mei 2 Australiërs had, die gezeten bij de open haard naar buiten naar de sneeuw zaten te kijken. Die rolden zowat van hun stoel, want ze hadden nog nooit sneeuw gezien en een open haard kenden ze alleen buiten. Dat je binnen ook zo’n ding kon hebben, daar hadden ze nooit bij stil gestaan. Ik stop, want ik moet hoognodig weer even een koele duik nemen en dan verder zonnen.
km 29 stappen 47.146 / totaal km 1582,88 totaal stappen 2.281.139
Vannacht heeft het hard geonweerd en geregend, maar toen ik vanmorgen om kwart voor zes (!) mijn bed uitkwam was het weer droog. Om half zeven ben ik gestart en moest die kloof nu dus weer uitklauteren. Het was een zware klimpartij, maar in de kloof was het nog wat nevelig en bovenaan zag ik de zon opkomen, het was een schitterend gezicht. Dus dat vergoedt veel. Toen ik boven was, heb ik me eerst maar even bij Gery present gemeld en net wat ik dacht, moppers omdat ze geprobeerd heeft me te bellen en te sms-en en ik geen antwoord gaf. Ze had zich ongerust gemaakt. Er wordt goed op deze pelgrim gelet dus.
Toen ik eenmaal boven was, werd de weg weer een stuk gemakkelijker en liep ik lekker, zo lekker dat ik een aanwijzing voorbijgelopen ben. Dus ik keerde op mijn schreden terug en na een tijdje kwam ik mensen tegen, die ik in Monistrol ook gezien had. Die vroegen natuurlijk of ik spijt had en weer terugging naar Le Puy of dat ik nu al op de terugweg was. Ik ben weer omgedraaid en op mijn gemakje er achteraan gelopen. Toen zag ik de aanwijzing die ik net gemist had en ……. de anderen zagen hem ook niet en liepen er dus voorbij. Toen was het mijn beurt om te vragen wat ze vannacht eigenlijk uitgehaald hadden, omdat ze nu liepen te slapen.
Het weer is nu prima, niet te warm, wel zon en een lekker windje. Het enige minpuntje was vandaag, dat ik pas om 11 uur ergens een ontbijt en koffie kon bemachtigen. Vanmiddag was het weer veel meer klimmen en dalen, maar ik was om half vijf in Chanaleilles, de plaats van bestemming voor vandaag, op 1150 meter hoogte. Ik heb een gîte op een boerderij en ben de enige gast. Voor overnachting, avondeten en ontbijt betaal ik € 30 en voor € 4 meer doet mevrouw de was erbij. Nou, dat heb ik meteen gedaan, dus nu heb ik de luxe dat ik er lui bij gezeten heb, terwijl de was draaide. Alles hangt nu weer brandschoon te wapperen aan de lijn, ideaal! Het was wel nodig ook dat het allemaal een keer goed gewassen werd, want ik kreeg het niet meer zo goed schoon. Suzanne mopperde daar een paar weken geleden al over, dus je snapt dat het er sindsdien niet beter op geworden is. Ik heb nu net gegeten en het was weer overdadig. Ik vergiste me weer lelijk, want ik kreeg een grote omelet met heel veel champignons en meteen zette ze ook de kaas op tafel. Dus ik dacht zorgelijk: “Nou, als dit alles ik wat ik krijg, heb ik vast niet genoeg.” Mijn zondige gedachten werden daarna flink afgestraft, want na de omelet kreeg ik een lap vlees, waar je niet overheen kon kijken en een grote schaal met gegratineerde aardappelen. Ik kon het echt niet allemaal op, maar kreeg vervolgens bij de kaas ook nog sla en een appel toe. Ik geniet nog steeds enorm van alles, het blijft geweldig allemaal. Het gaat allemaal ook erg goed tot nu toe. Ik heb alleen een paar open plekjes aan mijn voeten, waarschijnlijk door de warmte. Vergeleken met pelgrim Jos is dit helemaal niets, want diens voeten zagen er heel wat zorgelijker uit. Hij had zelfs een stuk uit zijn schoen gesneden, omdat het te zeer deed. In een gesprekje met mevrouw hier zei ik dat ik hoopte dat ik het zou halen, maar dat ik dat niet wist en toen zei ze: “Waarom zou je het niet halen? Je hebt het tot hier toch ook gehaald?” Ja, als je het zo bekijkt. Voorlopig wandel ik dus gestaag door en geniet van elke dag!
Ik heb Geer meteen nu maar vast gezegd, dat ik morgen waarschijnlijk niet kan bellen, aangezien mijn saldo bijna op is en ik waarschijnlijk dat morgen niet kan aanvullen, omdat er niets open is. Dan hoeft ze zich in ieder geval niet ongerust te maken. En jullie dus ook niet. Au revoir!
km 35,52 stappen 50.749 / totaal km 1553,88 totaal stappen 2.233.993
Vanmorgen ben ik dus eerst naar de mis geweest met nog 50 andere pelgrims. De bisschop preekte over de Emmausgangers en we kregen dus ook allemaal de bisschoppelijke zegen. Het was mooi, maar ik merk dan toch dat ik meer protestantse genen heb dan katholieke. Na afloop mochten we allemaal een briefje pakken met goede wensen en gebeden, die mensen voor ons geschreven hadden. We kregen ook een bedeltje van de Zwarte Madonna, die zal ik bewaren voor Gery. Daarna ben ik de trappen van de kathedraal weer afgedaald om mijn weg te vervolgen. Het eerste stuk was vrij makkelijk en ik ben zo lekker opgeschoten, dat ik al om half drie in St. Privat was, waar ik wilde overnachten. Ik vond het nog vroeg en dacht: “Komaan, ik loop nog wat verder!” Dus dat heb ik gedaan, maar alleen bleek toen het volgende stuk niet zo’n makkelijke weg te zijn en was het weer klimmen en klauteren geblazen. Ik wilde naar Monistrol, maar Monistrol ligt helemaal beneden in een kloof en dat betekent dus dat je naar beneden moet via een erg steile afdaling. Ik ben er natuurlijk wel gekomen, maar inmiddels was het 6 uur ‘s avonds. Enfin, mijn tentje opgezet en gegeten op de camping. Dat was niet lekker! Er is een Nederlands echtpaar op de camping, aardige mensen en dat ging naar het voetballen kijken, want Nederland moet tegen de Ivoorkust. Kun je nagaan, ik had geen flauw idee dat er gevoetbald werd, maar ik begrijp dat het in Nederland een en al oranje is. Wat lijkt dat ver weg.
Ik heb geprobeerd Gery te bellen, maar omdat ik in die kloof zit, heb ik geen bereik. Dus nu schrijf ik alles maar op een gewoon papiertje, dan kan zij het morgen wel op de website zetten. Ik zal wel moppers van haar krijgen dat ik niet bereikbaar ben, maar ja, ik kan er ook niets aan doen. C’est la vie!
Hebben jullie nou je zin? Zit ik hier op een bankje te janken met een berg post naast me. Vanmorgen ben ik naar het postkantoor geweest en toen was er nog niets. Dus ik dacht: “Dat is logisch, want het stond vrij laat op de website.” Dus toen maar naar de kapper en ik heb nu een heel kort koppie, zogezegd geen pelgrimsmanen. Vanmiddag toch nog even het postkantoor binnengewipt en ja! Geweldig van jullie, heel hartelijk bedankt Arij, Ellen, Andries, Rina, Ton, Suzanne, Cees, Corrie, Bep, Jan, Olga!! Ik ben er van de emotie vast nog een paar vergeten te noemen, vergeef het een oude pelgrim dan. Ton en Suzanne, dankzij jullie boekje kan ik straks wellicht iets in het Spaans zeggen!
Ik zit nu met allemaal jonge gasten, die waanzinnig veel lawaai maken met spelletjes aan de computer, hier in Le Puy in een internetcafé. Vandaag dus een rustdag en dat valt eigenlijk helemaal niet mee. Vanmorgen om 7 uur vertrokken veel pelgrims, en dan bedoel ik tientallen, naar de kathedraal om daar de pelgrimszegen te krijgen van de bisschop. Elke morgen om 7 uur is er een pelgrimsmis en dan worden de namen van de pelgrims voorgelezen die gaan vertrekken richting St. Jean Pied de Port. Morgenochtend ben ik ook van plan daar aan mee te doen.
En dan begint eigenlijk het tweede deel van de reis. Ook heb ik inderdaad het gevoel dat de reis zelf het belangrijkste is. De aankomst lokt me nog niet, omdat het dan echt afgelopen zal zijn. En ik geniet er juist zo erg van.
Gisteren was de binnenkomst in de kerk (en dat had ik niet verwacht van mezelf) erg emotioneel. Omdat er veel toeristen in de kerk waren, hoorde ik overal om me heen fluisteren: “Kijk, een echte pelgrim, hij heeft een schelp!”. In het Frans, Duits, Engels en inderdaad ook een paar keer in het Nederlands. Als je dan die trapppen oploopt, waarvan je weet dat miljoenen pelgrims dat al duizend jaar doen, zet dat je aan het denken, zal ik maar voorzichtig zeggen. Leuk ook, al die reacties elke dag. Jullie moeten nou ook weer niet al te zeer gaan prijzen, hoor, want zo veel anderen doen het ook. Leuk is het wel, zoals de mevrouw die me vroeg of ik haar een kaartje wilde sturen uit Santiago en terwijl ze dat zei een kruisje sloeg. Kijk, dat zijn voor mij nu mooie momenten. Iedereen een pelgrimsgroet van Pelgrim Theo.
km 28,22 stappen 40.824 / totaal km 1518,36 totaal stappen 2.183.244
Ruim 2 maanden later, ruim 1500 km verder en na ruim 2 miljoen stappen heb ik mijn tweede doel: Le Puy, bereikt!! Vanaf hier ga ik nu dwars door Frankrijk naar de Spaanse grens. Het was vandaag weer heel zwaar bij 33 à 34 graden en ik ben weer tot grote hoogte gestegen. Heel in de diepte zag ik de gorges van de Loire liggen, een mooi gezicht. Verder kwam ik langs het kasteel Polignac, daar woont de oudste adellijke familie van Frankrijk. Aangezien ik op deze tocht kind aan huis ben bij de adel, had ik natuurlijk wel even op de koffie kunnen gaan, maar ach, een mens dient bescheiden te blijven.
Van heel ver weg zie je de stad Le Puy al in de diepte liggen en dat is een machtig gezicht. Je ziet echt 2 pieken omhoog steken, één waarop een kerkje staat en de ander waarop een groot Mariabeeld staat. Jaren geleden zijn we hier op vakantie ook geweest en zijn die pieken opgeklauterd. Je kon toen ook in het beeld klimmen en in de rok van Maria hadden ze kijkgaten gemaakt voor het uitzicht. Of dat nu nog kan, weet ik niet, ik denk niet dat ik dit nu ga doen, ik klim al genoeg. En dan zie je verder de grote bult waarop de kathedraal staat. Het is echt heel indrukwekkend en toen ik eenmaal in de kathedraal was, deed me dat toch weer een heleboel. In de kathedraal staat, behalve de Zwarte Madonna, een Mariabeeld van lavasteen, dat dus zwart is, ook een beeld van St. Jacob. Voor dat beeld is een kluisje, waarin mensen hun gebeden en goede wensen kunnen doen en die worden dan elke morgen tijdens een dienst aan de pelgrims die vertrekken, uitgereikt. Hier is dat elke dag, in Vezelay was dat alleen op zondag. Pelgrim Hans, met wie ik een paar dagen ben opgetrokken, is priester en die mocht toen in Vezelay in het Nederlands de zegen geven. Dat deed hij natuurlijk en daarna riep hij: “Jongens, we gaan het halen!” Ik kwam hier ook Jos weer tegen, de pelgrim die in Le Puy in een hospitium ging werken. Dat heeft hij gedaan en nu gaat hij ook weer verder. Het was stom toeval, maar erg leuk, dus we zijn lekker op een terras gaan zitten om bij te praten. Toen werd het nog toevalliger, want er kwamen 2 dames voorbij lopen die vriendelijk: “Dag Jos” zeiden en dat bleken 2 dames te zijn uit de straat waarin hij woont. Zo zie je maar hoe klein de wereld soms is.
Ik vind het allemaal nog steeds geweldig: op sportief gebied, want je moet toch elke dag weer een prestatie leveren, maar zeker ook vanwege alle ontmoetingen en het feit dat je bezig bent met heel andere dingen dan waarmee je thuis bezig bent. De groep Franse pelgrims waarmee ik liep, voorspelde lachend dat ik straks, als ik weer thuis ben, psychische hulp nodig zal hebben. Zo erg zal het niet zijn, ook dat went weer, maar voorlopig ben ik blij dat het zover nog niet is!
Arij en Ellen hebben in Namen foto’s gemaakt, hier zijn er een paar.
Goed, morgen ga ik dus van mijn rust genieten, ik ben benieuwd hoe dat zal bevallen!
km 22,58 stappen 32.380 / totaal km 1490,14 totaal stappen 2.142.420
Ook vandaag was het best een zware dag, maar ik hoefde minder ver dan gisteren. Het pad is ook hier erg slecht met heel veel rolkeien. Die kan ik wel ontwijken door gewoon op de N-weg of D-weg te gaan lopen, maar dat is niet erg leuk, want dan is het gewoon erg druk, moet je iedere keer uitwijken voor auto’s en dat is gewoon toch minder leuk. Ik loop nu weer op de Grande Randonnée, maar er zijn nog steeds niet veel mensen en die je ziet, zijn vooral Duitsers en dat is logisch natuurlijk. Er zijn ook weinig dorpen langs dit stuk, dus koffie ‘scoren’ is ook moeilijker. Het is prachtig droog weer, maar 32 graden is wel warm met een rugzak op je rug (lijkt me wel de meest logische plaats voor een rugzak). Ik heb heel veel plezier van mijn stok, dus met recht kan ik zeggen dat mijn stok en mijn staf mij vertroosten. Aardig is dat, weer komt uit wat ik in Zaandam ook al vaak zei: “Het is allemaal waar, maar heel anders dan je denkt”. Kijk, daar heb ik nu toch ook eindelijk een filosofische gedachte! Stel je daar nou ook weer niet te veel van voor, want soms betrap ik mezelf erop dat ik bijna tegen die stok loop te lullen, zo van: “Kijk opa weer eens in de weer zijn” of “Nog effe”. Ik bedoel maar, het is in ieder geval heel anders dan het dagelijks leven en tegelijk bestaat het ook uit gewone alledaagse dingen en dat maakt het nou leuk. Althans, dat denk ik, want als Gery vraagt of ik het nog wel leuk vind, kan ik alleen maar bedenken dat ik het nog steeds geweldig vind en waarom nou precies?? Geen idee, maar het is wel zo. En het is zo waar, wat Wim schrijft: “Het is de reis die telt, niet de aankomst.” Ik vind het nog steeds geweldig, al die interesse van jullie en die aanmoedigingen. Dat is ‘s avonds mijn eerste vraag: “Staat er nog iets op de website?” En Gery vertelde dat ze nu doet, waar ze mij vaak om uitgelachen heeft: als ze naar bed gaat of eruitkomt, eerst even achter de PC om te kijken of er nieuws is. Ik deed dat altijd met mijn mails.
Als ik het overdag erg warm heb of ik loop te zwoegen, heb ik heus wel eens de pest in natuurlijk, maar als ik dan aangekomen ben en lekker gedoucht heb, is dat zo weer vergeten en geniet ik alleen maar van alles wat ik beleef. Vanavond ook weer. Ik zit hier in een hotel in Vorey, een ‘Logis de France’, dus toch een respectabel hotel. Op mijn kamer is zelfs telefoon, dus ik sms naar Gery het nummer, dan hoeft ze niet mobiel te bellen en is het goedkoper. Dat doet ze ook, maar de telefoon in mijn kamer rinkelt niet. In plaats daarvan wordt er opeens op de deur geklopt en daar staat iemand van het hotel met een draagbare telefoon aan zijn oor, die meldt dat hij iemand aan de telefoon heeft voor mij, mij de telefoon overhandigt en vriendelijk vraagt of ik de telefoon straks even terug wil brengen naar de receptie. Dat is toch schitterend? Krijg ik Gery aan de telefoon en die ligt dubbel, want ze heeft alles gehoord, hoorde hem lopen en aankloppen, enz. Het zijn allemaal maar kleine dingen, maar als je ze ziet kun je daar zo’n lol om hebben. Het is en blijft dus genieten, ook al is het af en toe zwaar. Morgen hoop ik de Zwarte Madonna in Le Puy te kunnen begroeten!
Dit was de allerzwaarste dag tot nu toe. Het was echt afzien. Niet dat-ie slecht begon, integendeel. Gisteravond heb ik echt het traditionele Franse voedsel op: soep vooraf met een scheut crème de cassis erin en daarin sop je dan je brood, vervolgens een omelet met pietepeuterig kleine champignonnetjes erin, die door madame zelf in het bos gezocht worden, echt overheerlijk, een aantal forse kazen en een yoghurt toe. En zo was het ook met het ontbijt vanmorgen: een grote kom koffie met hompen brood erin. Er was ook boter en confiture en toen ik later dus een stuk brood smeerde en er confiture opdeed, zei madame: “O ja, zo doen ze het in andere streken”. Met de belofte een kaartje te sturen als ik in Santiago ben en beslist terug te komen samen met Gery, ging ik vervolgens welgemoed op pad. Maar die moed is me vandaag echt wel een paar keer in de schoenen gezakt en ik heb grote schoenen. Het was 32 graden en een bere-eind en onderweg was er letterlijk niets, geen restaurantje, geen barretje, zelfs geen bakker. Ik kreeg water van een meneer die in de tuin zat, anders had ik zelfs dat niet gehad. Toen ik op een bankje in de schaduw ging eten en mijn worst aansneed, sneed ik in mijn duim, bloeden als een rund natuurlijk. Dus ik heb die duim fraai verpakt met de spullen uit mijn EHBO-doosje en op dat moment kwamen de 5 pelgrims langs, waarmee ik een paar dagen geleden gegeten heb. Die waren uiteraard vol bewondering voor mijn verbonden duim en dat was even gezellig. Ik heb hen onderweg nog een paar keer ontmoet. Verder liep ik door eindeloze bossen en steil omhoog en er kwam een moment dat ik dacht: “Dit haal ik nooit”. Op dat moment stuurde Jacobus een echtpaar langs, dat vroeg of ik met hen mee wilde lopen een stukje, want zij wonen aan de route. Dat heb ik dankbaar aangenomen en ik kreeg er koffie, heb het gastenboek gelezen en getekend uiteraard. Daar knapte ik weer van op. Toen ik verder ging, gaf mevrouw mij haar eigen stok mee, want zonder stok was het geen doen volgens haar. Dus nu heb ik weer een staf zogezegd.
En dankbaar dat ik voor die stok geweest ben, want die was heel erg handig. Daarmee kun je beter je evenwicht bewaren, want niet alleen dat het erg steil is, de weg bestaat ook uit rolkeien, dus voor je het weet, lig je ondersteboven. Met een zware rugzak is het moeilijk je evenwicht te bewaren. Zo ben ik 3 keer naar meer dan 1000 meter hoog gestegen en ook weer afgedaald. Om uiteindelijk in Retournac te komen, moest ik aan het einde van de dag ook nog weer eens 700 meter stijgen. Ik heb gelopen van 8 uur vanmorgen tot 6 uur vanavond en dat in deze hitte.
Maar….ik ben er gekomen, zit nu in een hotel met kamer, diner en ontbijt. Dus ik hoef de deur niet meer uit vanavond. Op de kamer is het niet zo warm, ik heb heerlijk gedoucht en nu ben ik weer lekker opgeknapt. Ik hoop over 2 dagen in Le Puy aan te komen en dan neem ik weer eens een dagje rust, dat heb ik dan wel weer verdiend.
Ja mensen, het begint op een echte pelgrimstocht te lijken……ultreia! Dat betekent, voor wie het niet weet: “Tot het einde”!
Hoe gaat het inmiddels met het thuisfront? Laten we zeggen: het thuisfront heeft het warm, zeer warm en wie mij kent, weet dat het leven dan een grote klaagzang is voor mij. En ik krijg dan ook onmiddellijk een vreemd soort stoornis: in plaats van een schaduwrijk plekje op te zoeken en me verder niet te bewegen, denk ik: “Ik heb het nu toch al bloedheet, dus ik kan net zo goed iets gaan doen, dan gaat de tijd sneller en is het eerder avond”. Maar ik kan jullie nu tenminste trots vertellen, dat ik een beeldschone tuin heb, waarin geen sprietje gras meer tussen de tegels te vinden is en waarin een halve meter hoge laag onkruid gewied is. Ik vrees hierbij ook enig niet-onkruid gewied te hebben, want soms zat er een soort bol aan het eind, die verdacht veel leek op de bollen die Theo ooit geplant heeft. Maar ja, dat zie je pas als je het er al uitgetrokken hebt toch? Ik dacht vrolijk: “Vooruit Geer, je bent in je knollentuin en daarin kijk je niet op een bolletje”, maar toen ik klaar was, had ik ineens heel veel aarde en weinig plant. “Alles is te koop”, dacht ik en snelde naar het tuincentrum, waar ik met forse hand insloeg. Nu blijkt dat het tuinarchitectonische inzicht van Marnix vele malen beter is dan dat van zijn moeder (van wie heeft hij dat toch?), want die vroeg deskundig welke planten tegen de zon kunnen en welke niet. Ja, weet ik veel, er zitten mooie bloemen aan. Onder deskundige leiding van de buren het zaakje in de grond gezet en nu blijkt ook nog dat ik elke avond heen en weer moet hollen met een gieter, anders leggen ze weer het loodje. Ik wil hiermee maar zeggen: het zal wel zo zijn dat een pelgrim vele beproevingen doorstaat, maar die van het thuisfront zijn ook niet mis!! En nu de clou van dit alles: Ik wil al tijden heel graag naar een appartement, lekker alles gelijkvloers. Mijn lieve Theo verzint bij elk appartement de meest doorzichtige smoezen, want ‘dan heeft hij geen tuin meer!’ En wie zit nu op haar knietjes in de grond te wroeten? Juist!!
Ik krijg nogal wat telefoontjes om te vragen hoe het met Theo gaat en hoe het met mij gaat. Gisteren heb ik heerlijke paella mogen nuttigen bij Bouk en Aska en was ik weer even onder de levenden. Van Jan en Dorien van den Brink kreeg ik een heel gezellige brief met foto’s van Theo en Jan. Het doet me goed dat ook het thuisfront niet vergeten wordt en dat wil ik graag met jullie delen:
Ziehier de herder met een van zijn schapen
…en Theo vertrok weer met herderlijke zegen. Geen wonder dus dat het goed gaat!
Met Marnix gaat het waardeloos om eerlijk te zijn. Hij heeft heel veel pijn en kan absoluut niet zitten. En de lieve Zaanse dokters kunnen dan wel zeggen dat het vanzelf over moet gaan, maar hij is 2 maanden verder bijna en om nou te wachten tot zijn vader een goed woordje voor hem kan doen bij Jacobus in Santiago?? Ik bewonder hem heel erg omdat hij toch steeds probeert de moed erin te houden, maar het is bijna geen doen voor hem zo. Dus hij heeft zo eens in het rond gevraagd en gespeurd en vanmorgen onder de koffie en de tompoes (want tradities moeten er blijven) hebben we de informatie die hij van de Alfa-Klinik uit München gekregen had, eens doorgenomen en morgen gaat hij die bellen. Ze schijnen er veel meer te kunnen dan hier, het is een team van een Nederlandse orthopedisch chirurg en een Nederlandse neuro-chirurg, de begeleiding daarna kan hier in Nederland plaats vinden door gespecialiseerde fysiotherapeuten en van “Niets meer aan te doen” willen ze niet weten. Er zijn geen lange wachttijden, dus ik ben benieuwd. Mocht er enige tijd niets op de website verschijnen, dan ben ik dus even naar München!!
km 22,98 stappen 32.419 / totaal km 1438,02 totaal stappen 2.067.007
Het is ontzettend heet hier, ik zweet als een otter! Maar ik hoor van Gery dat het in Zaandam ook warm is, ze klaagt tenminste weer over natte lauwe dweilen in haar nek en dat betekent dat ze het erg heet heeft. Het aantal kilometers dat ik gelopen heb, is niet helemaal de vooruitgang op de route, want ik ben steeds van schaduw naar schaduw gelopen. Door de warmte heb ik een open plekje aan mijn linkervoet, dat zeer doet. Ik zal er morgen maar eens een smeerseltje voor kopen, dan zal ik er wel minder last van hebben.
Gisteravond heb ik samen met Lex en Elly gegeten. Er zaten ook nog 5 andere pelgrims bij, dus ze hebben eens mee kunnen maken hoe het zo toegaat. Vanmorgen heb ik een aantal ansichten van het hotel gekregen om te versturen en er is daar ook een slaapplaats voor vannacht voor me geregeld. Ik loop veel door de bossen en een mevrouw die daar ook liep, heeft me ernstig gewaarschuwd voor wilde zwijnen, want die schijnen er erg veel rond te lopen. Ik kwam er geen tegen gelukkig, want zeg nou zelf: wat begint een otter tegen een wild zwijn?
Nu zit ik op 1100 meter hoogte in een watermolen, die als gîte is ingericht in Apinac en hier is het een stuk koeler. Lekker, hoor. De watermolen werkt nog steeds, ze malen hier meel voor veevoeder en noten voor olie. Dus ik zit hier echt op de ‘campagne’. Ook hier ben ik weer hartelijk ontvangen, kreeg een rondleiding door de molen en ik kan hier ook eten. Het is vandaag open dag van de gîtes, dus terwijl ik Gery zit te bellen, lopen er voortdurend mensen in en uit, die verbaasd luisteren naar mijn Nederlands gekoeterwaal. Ik moet het gesprek telkens onderbreken om “Bonjour” te zeggen en krijg een enorm stuk cake in mijn handen geduwd van een van de mensen. Leuk is dat toch steeds weer.
O, sorry, maar de eigenaar van de gîte roept nu naar me dat ik een aperitief moet komen drinken en dat kan ik natuurlijk niet weigeren. Ik zou het trouwens ook niet willen!! Gegroet, gij allen en tot morgen!
km 23,49 stappen 34.156 / totaal km 1415,04 totaal stappen 2.034.588
Eerst nog even een paar foto’s die Cees en Didi gemaakt hebben:
Ook van achteren zeer charmant
Verder was het vandaag warm, erg warm. Vanmorgen liep ik door de bossen en de wijngaarden en het gaat nu echt steil op en neer en dat is vermoeiend. Ik moet mijn enkel overdwars zetten of op mijn tenen gaan lopen, anders haal ik het niet. Ik heb mijn schouder ingesmeerd en dat gaat nu beter, maar vanmorgen ben ik aan alle kanten geprikt door de muggen. De streek waar ik nu loop, was vandaag de warmste plek van Frankrijk. Ik maak dus extremen mee: ofwel de koudste plek ofwel de warmste plek, terwijl ik nu juist altijd zo graag de middenweg bewandel. Ik word dus op de proef gesteld, zullen we maar denken. Nou, als het erger niet wordt….
De streek wordt steeds leuker, omdat de mensen weten waarover het gaat en geïnteresseerd zijn. Ze kennen hier de rest van de route tot Le Puy en kunnen je precies vertellen wat je onderweg nog tegen zal komen. Ik hoefde vandaag niet zo erg ver en zit nu in een auberge in Marols, waar een grote slaapzaal is, maar omdat ik alleen ben, kreeg ik ook een kamer alleen. De ontvangst was weer overweldigend. Toen ik aankwam, zat er een groep van zo’n 40 mensen nog te eten, ter gelegenheid van het een of ander. Ik kwam dus gepakt en gezakt binnen en….kreeg van al die mensen dus applaus. Sta je wel even te blozen natuurlijk, maar dat zie je gelukkig niet, omdat ik bruin ben. Vervolgens werd ik meegetroond naar de keuken en kreeg daar het dessert, water en koffie. Dus ik ben weer verwend. Ik zit nu te wachten op Lex en Elly, die straks aan komen, we zullen samen eten.
Dit is een evenement, dat nog veel en veel mooier is dan ik me heb voorgesteld. Ik zal het mijn hele leven niet meer vergeten!
km 15,74 stappen 22.485 / totaal km 1391,55 totaal stappen 2.000.432
Vanmorgen moest ik met een enorme sleutel de deur van de priorij openmaken en ook weer achter me dicht doen en de sleutel in een bakje doen, want er was verder niemand. De mensen, die nog zouden komen, zijn niet op komen dagen, dus ik had het rijk alleen. Het was knap warm vandaag en vanmorgen in het bos ben ik aan alle kanten geprikt door de muggen. Ja, dat hoort zo bij het pelgrimsleven. Ik hoefde vandaag maar een klein stukje, dus was al vrij vroeg in Montbrison. Wie nu denkt dat ik er mijn gemak van neem, kan ik zeggen dat ik morgen 31 km zou moeten bij een temperatuur van 31 graden. Het is mij echter gelukt een gîte te reserveren, die een km of 4, 5 voor het einde van de route ligt, omdat ik anders de dag daarna ook weer zo’n kort stuk heb en nu is het wat beter verdeeld. Maar vandaag was het dus geen afzien, alleen maar genieten van het mooie weer in korte broek en T-shirt. Wellicht is het een teleurstelling voor jullie, maar erg filosofisch zijn mijn gedachten tijdens het lopen niet. Ik beperk mij tot het aardse denken: “Waar en wat eet ik? Waar slaap ik?” Onderweg bezichtig ik eens iets dat me interesseert en dan kom je toch wel aardige dingen tegen. Ik was in een kerkje met een crypte uit 1100 en in die kerk was ook een beeld van een kindje, een meisje, helemaal ingebakerd. Ik dacht dat het een beeldje was van een dood kind, maar de mevrouw die daar rondliep, vertelde dat het helemaal geen dood kind voorstelt, maar Maria als baby. In de 17e en 18e eeuw was dit een bedevaartsdoel voor jonge ouders. Die kwamen dan hun kind opdragen aan de baby Maria en om te bidden dat ze hun kind een goede opvoeding zouden geven. In diezelfde kerk was ook een mevrouw die zelf naar Santiago was gelopen, maar haar bagage had laten vervoeren. Je komt hier natuurlijk steeds meer mensen tegen die ook naar Santiago zijn gelopen en dat zal gaandeweg wel steeds meer voorkomen, want de afstand wordt natuurlijk steeds korter.
Montbrison is een behoorlijke stad en ik zit weer in een hotel, want alle batterijen moeten weer worden opgeladen. Mijn leencamera doet het prima en het is leuk om weer te kunnen filmen. Ik heb vandaag ook even een apotheek bezocht om nieuwe vitamine C tabletten te halen en een zonnebrandcreme voor mijn neus, want dat is geen gezicht meer. Toen ook maar een smeerseltje voor mijn schouder gekocht, omdat die een beetje vastzit en zoals dat hier gaat, ik kwam dus met zakken vol de apotheek weer uit. Daarin is nog niets veranderd in al die jaren. Je krijgt een medicijn, daarbij meteen maar een medicijn tegen eventuele bijwerkingen van dat medicijn, enz., enz.
Morgen is mijn dieptepunt op 400 meter en mijn hoogtepunt op 1162 meter, dus dat wordt klimmen!
km 22,62 stappen 32.459 / totaal km 1375,81 totaal stappen 1.977.947
Vanmorgen eerst mijn dagelijks ritueel gevolgd: naar het dorp, koffiedrinken en naar de bakker. Daarna wandelde ik over een mooie rechte lange weg met aan beide kanten vennetjes, waarin een heleboel reusachtige kikkers zitten. Het is dan ook niet verbazend dat hier in de streek bij elk restaurant kikkerbilletjes op het menu staan. Er zijn er zoveel.
Enfin, ik loop daar en hoor ineens mannen zingen. Ik kijk om me heen, maar zie niets, dus loop een eindje verder en jawel, daar staan ineens zo’n man of acht luidkeels te zingen. Dat bleek de visclub uit St. Etienne te zijn. Die huurt hier in de buurt een vijver af en gaat daar een keer per maand vissen. Nou ja, vissen? Het waren allemaal vijftigers met enorme buiken, dus al gauw werden er grappen gemaakt over en weer: “Ja, als jij eens zou gaan lopen, zou je zo’n buik niet hebben. Kijk naar deze meneer, die heeft geen buik.” We staan een poosje te praten en dan zegt er één: “Heb je geen zin in een aperitief?” Nou, dat sla je niet af natuurlijk, dus ik wandelde met de heren mee door een stukje bos en toen begreep ik die enorme buiken: aan de rand van de vijver stond iets wat je eigenlijk best een café mag noemen: genoeg te drinken en een barbecue, waarop enorme lappen vlees lagen te sudderen. Dus daar ging ik aan de pastis, dat is weer eens iets heel anders dan een glaasje achterin de tuin ‘s zomers. Na de derde pastis vonden ze het ook logisch dat ik meteen maar bleef eten, maar dat heb ik maar afgeslagen. Ik dacht: “Anders kom ik helemaal niet meer aan vandaag!” Daarop kreeg ik van de heren een zonnepet met het embleem van de Provence erop tegen de zon, want “je moet een pet op in de zon”. Die heb ik in dank aanvaard en daar loop ik nu dus trots mee rond.
Vervolgens kwam ik door een dorp, waar een mevrouw haar man stond uit te zwaaien die weer naar zijn werk ging en daarna heel gemoedereerd ging staan wachten tot ik eraan kwam. Ze wilde natuurlijk weten of ik onderweg was naar Santiago, want haar beide kinderen hadden het ook gedaan. Maar dat ik nu alleen was en dan ook nog helemaal uit Amsterdam kwam gelopen, dat was toch wel erg ‘courageux’. Ik vind dat nog steeds heel leuk, dat mensen me achterna lopen of duidelijk op me staan te wachten om me een goede reis te wensen. Bijna net zo leuk als al die berichten op de website, waarvan ik nu weet, dat die zelfs in Australië wordt gelezen.
Ik was veel eerder in Mont Verdun dan ik had gepland, dus meteen maar naar de Mairie voor een slaapplaats. Dat werkt het beste: als je geen slaapplaats hebt, op naar de Mairie en daar is altijd wel iemand die je wil helpen. Dit keer waren het er zelfs twee, twee schattige meisjes die erop stonden dat ik eerst maar eens een poosje ging zitten uitrusten en bijna smekend vroegen of ik iets wilde drinken. “Want”, legden zij uit, “daar hebben we zo’n mooie truc voor” en dat bleek zo’n apparaat te zijn dat je bij ons ook bij veel bedrijven ziet met koud water. Ze gingen me helemaal uitleggen hoe het werkte, want ze waren er duidelijk erg trots op, zo’n superding op de Mairie. Vervolgens wisten ze een gîte voor me, die niet in mijn reisgids stond. Daarvoor moest ik dan wel een zeer steile helling beklimmen, maar de beloning wachtte dan ook boven: een heuse priorij met een grote muur er omheen en in het midden de kerk en de gebouwen daar omheen.
Hierbij een foto van de priorij en als je precies wilt weten waar ik zit, kijk dan even op www.montverdun.com en dan zul je zien dat dit verblijf een echte pelgrim waardig is. Ik zit nu bijvoorbeeld in de tuin naar een balustrade te kijken die uit de 12e eeuw dateert en alles is schitterend gerestaureerd. Ik slaap op een slaapzaal met 24 bedden, dus ik kan kiezen. Er zullen waarschijnlijk nog een stuk of 5 mensen arriveren vandaag, dus we zullen ook niet om een bed hoeven vechten. Er is ook een keuken bij, dus vanmiddag ben ik weer naar het dorp gegaan om de nodige boodschappen te doen en nu zit ik vredig naar de kerkklok te luisteren. Er zijn geen monniken meer, dus ik hoef morgen niet vroeg uit bed om te bidden.
Elke dag is weer anders en elke dag zie en beleef je weer andere dingen. Nederland en mijn dagelijks leventje daar lijken steeds verder weg.
km 25,9 stappen 37.539 / totaal km 1353,19 totaal stappen 1.945.488
Vanmorgen heb ik eerst Cees en Didi uitgezwaaid en daarna weer in de benen zoals het hoort. Het was vandaag schitterend mooi weer en ik loop in een prachtige omgeving. Aan alle kanten ontzettend veel bloeiende bloemen langs de kant van de weg en op sommige plaatsen kan ik heel ver kijken en zie ik de heuvels van de Beaujolais. Het is wel klimmen, maar als ik naar het zuiden kijk, zie ik nog veel hogere heuvels en de mensen hier zeggen blij tegen me: “Morgen en overmorgen gaat u heel hoog”, dus dat kan nog wat worden. Nou ja, dat zien we dan wel weer. “Wie dan leeft, wie dan zorgt”, zeg ik pelgrimachtig. Dat zijn zo ongeveer wel al mijn filosofische gedachten op dit moment. Deze route loopt half door de bossen en half over de weg en je kunt merken dat deze route meer is ingesteld op de tocht naar Santiago, want hij gaat ook langs dorpen. Vanmiddag kwam ik in een barretje en de mevrouw daar had alle tijd voor me en wilde ook weten of ik nu wel genoeg eten en drinken bij me had en waar ik vannacht ging slapen. Toen ik zei dat ik dat nog niet wist, ergens in Pommiers, riep ze: “Wacht even”, snelde naar de telefoon en regelde een caravan voor me op de camping. Geweldig leuk, zoals mensen zich voor je uitsloven. Om 4 uur kwam ik in Pommiers aan en dat is echt een prachtig stadje. Van buiten is het een vesting en van binnen een en al antiek, zelfs de paardenstallen zijn er nog. Middenin staat een Romaanse kerk met een abdij er tegenaan en die heb ik uiteraard bezichtigd. In de kerk staat toepasselijk een standbeeld van een pelgrim met zijn staf en waterzak. Het is echt een heel leuk plaatsje en ik was er nog nooit van mijn leven geweest, wist niet eens dat het bestond. Dus ik zei tegen de mevrouw aan de kassa: “Waarom weet ik dit niet? Ik dacht dat ik alles al wist” Dat was lachen natuurlijk en ze vond mijn tocht ‘impressionant’. “Weet u”, zei ze, “Ik zou dat ook wel heel graag willen, maar ik zou toch op het laatste moment gauw neen zeggen.” Er is vandaag ook heel wat sms-verkeer geweest tussen Lex, Elly en mij. ik moest een weekprogramma sturen waar ik ongeveer wanneer zit. Of en waar we elkaar zullen ontmoeten, weet ik niet, maar…..we zien wel.
Ik ben nu net een zebra: mijn voeten en benen tot de kuit wit, de rest van mijn benen tot boven de knie bruin, de rest van mijn lijf wit en mijn nek en hoofd bruin. Vanavond ga ik zielig mijn eigen potje koken, want ik heb een keukentje in de caravan. Nou ja, koken……ik ga een blik opwarmen. Zo zie je maar hoe diep ik ook kan vallen: van een prachtig kasteel naar een ouwe caravan. Maar voorlopig zit ik voor die caravan uiterst lui in mijn zwembroek van de zon te genieten. Ik wil jullie natuurlijk niet jaloers maken, maar zo is het wel. Af en toe word ik gestoord door het geluid van een vrachtwagen. Aan het begin van de camping hebben ze namelijk een verkeersdrempel gelegd en hier in Frankrijk betekent dat: flink gas geven als je er overheen gaat, anders verlies je maar snelheid!
Dit is helemaal het einde: het land, de mensen en het lopen, kortom alles!
km 21,92 stappen 31.320 / totaal km 1327,29 totaal stappen 1.907.949
Nou, met die nieuwe schoenen wordt het niks, want ik moest vanmorgen stampen om er ook maar in te komen. Van boven zijn ze veel te krap en de veters zijn ook te kort. Dus ik heb ze snel weer uitgetrokken en ben op mijn ouwe vertrouwde stappers gaan lopen.
Het landschap begint al behoorlijk bergachtig te worden met steile hellingen, maar wel erg mooi. Er zijn een heleboel snel stromende riviertjes. Het wordt al echt het Massif Central.
Onderweg naar Lentigny kwam ik voorbij een huis waar een meneer in de tuin stond te werken, die ook vroeg of ik onderweg naar Santiago ben. Nu ben ik dat zo langzamerhand wel gewend en ook dat de mensen dan zeggen dat ze dat ook graag zouden willen. Zo ook deze meneer, maar, zoals hij spijtig zei: “Toen kreeg ik een hernia en ben geopereerd, dus ja, toen was de droom voorbij”. Ik vertelde hem dus dat ik twee hernia-operaties achter de rug heb en het toch doe en dat het goed gaat, daar kikkerde hij helemaal weer van op. Maar hij vertelde ook dat ik in Lentigny beslist naar het Roemeense kruis moest gaan en vertelde daar het volgende verhaal bij:
Tijdens de revolutie in 1989 in Roemenië woonden er in het dorp 5 Roemeense studenten. Die moesten na de revolutie terug naar Roemenië. Een van hen heeft toen in Duitsland de benen genomen en is weer teruggegaan naar het dorp. Maar toen was hij dus wel illegaal. Het hele dorp heeft zich vervolgens ingespannen om voor hem een legale status te krijgen. Dat is gelukt en hij is nu chirurg in Clermont-Ferrand. Uit dank heeft hij uit Roemenië een antiek Roemeens kruis laten komen en aan het dorp geschonken. Ik heb er een stukje film van gemaakt. Ik heb trouwens al veel gefilmd met mijn nieuwe camera, leuk dat ik die zomaar te leen kreeg, er zat nog een nieuw bandje bij ook.
Ik kom steeds meer heiligen tegen, want nu zit ik in een plaats die St. Jean St Maurice heet. Dat waren vroeger twee dorpen, die nu samen een dorp vormen. Het ligt aan de gorges van de Loire en ik slaap in St. Jean in een hotel. Cees en Didi zijn er ook nog en vanmiddag zijn we even naar St Maurice gegaan, een leuk Middeleeuws stadje met een burcht en zo. En zegge en schrijve 1 barretje, beheerd door een mevrouw, die moederlijk zat te breien. Ze vond het wel gezellig, want ze kletste meteen honderduit, ze kwam niet uitgepraat. Ik heb er ook een stempel gekregen, dus dat is niet gek. Er kwam ook nog een wandelend echtpaar bij, dat wandelt tot Le Puy en zodoende werd het weer erg gezellig. Het weer werkt daaraan mee, want het is hier nu 24 graden. Wel uit te houden toch?
Inmiddels is het probleem met de website opgelost, dankzij Jan den Otter die onze host is geworden en dankzij Marnix die alles heeft overgezet en ervoor gezorgd heeft dat we weer draaien, en dat ondanks zijn pijnlijke rug. Ik ben erg trots op mijn mannen!!
km 19,07 stappen 28.334 / totaal km 1305,37 totaal stappen 1.876.629
Vanmorgen zat ik adellijk te ontbijten met een hele serie zelfgemaakte confitures, terwijl intussen de slotvrouwe de eekhoorns voerde. Lieflijk, hè? Er zaten heel veel eekhoorns, maar ze aten niet uit haar hand. De slotheer zat ondertussen ook niet stil, want die stippelde een mooie route voor me uit, waarbij ik de N-7 kon vermijden. Na een hartelijk afscheid, waarbij ik moest beloven ook eens een keer te komen met mijn ‘épouse’ kwam ik weer gewoon aards op mijn voeten terecht en wandelde langs ‘s Heren wegen. Het was inderdaad een erg mooie route langs een paar meertjes. Ik heb aan de kant van de weg in een korenveld gegeten. Er zijn hier heel veel korenbloemen en klaprozen. En er staan overal margrieten, soms heel grote. Het is een mooi gezicht. De heel hoge heuvels komen nu zo langzamerhand ook angstwekkend dichtbij, dus dat wordt weer sjouwen, klimmen en dalen. Ik wilde eigenlijk in St. Haons stoppen, maar ben doorgelopen naar Renaison en daar zaten Cees en Didi al lui op het terras op me te wachten. Toen ik aankwam, zei een meneer: “Nou, nou, u loopt hard, ik zag u net nog onderweg.” We hebben eerst even lekker wat gedronken, toen bekeek Cees de prijzen en besloten we maar meteen twee kamers te huren. Dus nu zit ik hier trots met mijn nieuwe schoenen aan, die ze hebben meegebracht. Ze zijn heel mooi, maar ik ben er nog niet ‘ingegroeid’ merk ik wel, want voorlopig doen ze nog overal pijn. Maar goed dat ik zit. Hoewel dat natuurlijk niet de bedoeling van de schoenen is, daarom ga ik er morgen de hele dag op lopen. Morgenavond zie ik Cees en Didi weer, dan gaan we weer samen eten. Dan kan ik altijd besluiten toch maar verder op mijn ouwe trouwe schoenen verder te gaan. Maar dan weet ik tenminste waar ze nog moeten bijgewerkt en kan Gery dat laten doen. Ze is van plan een weekje vrij te nemen als ik in de buurt van Cahors ben en dan weer naar me toe te komen. Dat lijkt me heerlijk. Dat duurt nog even, eerst naar Le-Puy, het tweede hoogtepunt van mijn reis.
Gery kon me vandaag niet vertellen wie er gereageerd had, want ze kon niet op de website komen. Sinds de verhuizing valt hij af en toe uit, lastig, maar we hopen dat dit probleem snel over is.
km 27,72 stappen 40.181 / totaal km 27,72 totaal stappen 1.848.295
Om te beginnen een paar foto’s, dan kunnen jullie mee genieten:
Hoe sterk is de eenzame wandelaar…
Je ziet hoe ik ploeter en zwoeg, over boomstammen heen, enkel maar een yoghurtje onderweg. Dus zul je zeggen als je mij languit ziet zitten om te sms-en: “Hij heeft het verdiend.”
Alle gekheid op een stokje, het was vandaag een prachtige dag, ik heb de hele dag in mijn korte broek gelopen en mijn sandwich opgegeten lekker met mijn blote bast in het zonnetje. Dat doet een mens goed!
Onderweg was er in een plaats paardenmarkt, dus groot feest in het dorp. Reuze gezellig en daar wandel ik dan met mijn rugzak tussen de mensen. Die kijken allemaal wel naar me natuurlijk, want zo ga je meestal niet ter paardenmarkt.
En waar ik nou toch weer terechtgekomen ben! Geloof het of niet, maar ik zit hier in een heus kasteel in La Pacaudière, met torentjes en al. Er is dus ook een kasteelheer en kasteelvrouwe, van die adellijke types echt. Geaffecteerd stemmetje, maar heel aardig allebei. Toen de kasteelvrouwe mijn schelp zag, zei ze: “Ik roep mijn man, want die wil dit ook zo graag”. Dus de kasteelheer kwam aangesneld (lopen past niet bij dit soort types) en zo zaten wij gedrieën in het prieel een glaasje bier te drinken en te causeren (want hier pakt men geen pilsje natuurlijk en je zit ook niet zomaar te ouwehoeren). Hoe meer ik vertelde over sportzalen en gîtes waar ik in geslapen heb, hoe enthousiaster hij werd. Zijn echtgenote (want vrouw kan ook niet natuurlijk) was iets minder enthousiast, maar hij troostte haar als volgt: “Ik ben maar 4 maanden onderweg en deze meneer wel 5″. Ja, zo kan je het ook zien. Om het verhaal nog even compleet te maken: ik slaap vannacht in de roze kamer en de kasteelheer brengt mij straks naar het restaurant. Zit ik op stand of niet? Geer informeerde al of ik per koets ging, maar nee, zo gek is het nu ook weer niet, want het is wel verarmde adel, ze hebben geen personeel. Zo zie je maar, je maakt elke dag wel iets mee en al met al was dit een prima dag met dat mooie weer.
km 17,23 stappen 24.983 / totaal km 1258,58 totaal stappen 1.808.114
Eerst even dit: ik word gewoon verlegen van alle belangstelling, maar het doet me wel heel erg goed. Geweldig zoals jullie allemaal meeleven. Dat zelfs de Augustinessen in Heemstede een kaars voor me branden, wie had dat ooit gedacht? En van Gery hoor ik dat het probleem met het verzenden van de camera ook is opgelost: Cees en Didi vertrekken morgen en komen hem brengen! Het is geweldig allemaal en heel erg leuk. De pelgrim mag wel uitkijken dat hij niet hoogmoedig wordt, aangezien hoogmoed voor de val komt en ik wil nog graag blijven lopen. Ik vind het nog steeds geweldig en geniet van elke dag, zelfs al regent het. Natuurlijk zijn niet alle dagen even sensationeel, maar als geheel is het voor mij een absolute topper. Ik heb nog geen moment gehad dat ik naar huis wilde, maar wat niet is, kan nog komen natuurlijk.
Het is vandaag iets minder koud geweest en er was zon. Bovendien heb ik vandaag niet ver gelopen. Dat kwam omdat ik, nadat ik in Le Donjon gegeten had, drie huizen verder een hotelletje zag en men had mij afgeraden naar de gîte d’ étape te gaan omdat die bewoond wordt op dit moment door daklozen. Dus ik dacht: “Wat let me?” en ben naar binnen gestapt. Het hotelletje is wel het minimum van het minimum, er is zelfs geen douche, maar het kost ook bijna niets. Zodoende was ik om half een al uitgewandeld en had vanmiddag tijd om het dorp te bekijken, wat snel gebeurd was, en naar onderdak te zoeken voor de volgende nacht, want morgen moet ik zo’n 30 km lopen. Bij het Bureau de Tourisme trof ik een aardig meisje dat echt overal voor me heeft gevraagd en gezocht, maar er is zelfs geen camping in de buurt. Uiteindelijk heeft ze een chambre d’ hôte voor me gevonden in een manoir. Die schijnt erg mooi te zijn, maar kost me dan ook wel € 50. Zo zie je, ik rol van het ene uiterste in het andere. Maar, zeg ik filosofisch: “Als Jacobus je die weg wijst, heb je maar te gaan, of het nu rijkdom of armoede inhoudt.” Overigens, volgens de mensen hier is het sinds 1965 niet zo koud geweest omstreeks deze tijd, dus het is heus niet enkel zonneschijn, hoor! Volgens Geer was het vorig jaar op IJsland warmer en dat had ze nou niet moeten zeggen!
Ik loop nu ineens weer in een ander landschap. Gisteren waren er de witte Charolais-koeien, die steeds nieuwsgierig aan kwamen rennen, vandaag zijn het de bruine koeien, zoals ze in de Auvergne hebben. Leuk is dat toch. Het is hier wel weer heuvel op, heuvel af, er is geen stukje echt vlak. Omdat mijn enkel natuurlijk onbeweeglijk in mijn schoen zit, is dat wat lastiger, maar ik pas mijn tempo aan en dan gaat het goed. Het is al fantastisch dat ik zo’n eind gekomen ben zonder noemenswaardige problemen. Ik heb vanmiddag eens even op de kaart zitten kijken en zag dat ik inmiddels toch een fors stuk gelopen heb. Dus: Kom, laat ons voortgaan, pelgrim!
km 23,6 stappen 34.205 / totaal km 1241,35 totaal stappen 1.783.131
Vanmorgen heb ik de familie van de Stadt uitgezwaaid. Het was erg gezellig, we hebben veel gelachen. Om 9 uur ben ik dus alleen mijn route weer gaan vervolgen. Het eerste stuk heb ik over een geasfalteerd traject van een spoorweg gelopen, dus dat ging makkelijk. Daarom besloot ik na Dompierre, waar ik eigenlijk wilde stoppen, nog maar een stukje door te lopen. Tussen de middag heb ik in een restaurantje langs de weg gegeten en daar hebben ze alle mogelijke moeite gedaan om een overnachting voor me te regelen, maar dat is niet gelukt. Dus besloot ik maar op de bonnefooi verder te gaan en dan maar te zien of ik ergens kon slapen. Je ziet, het ‘loslaten’ gaat steeds makkelijker, het lopen trouwens ook. Maar dat heeft er ook mee te maken dat ik nu de bergen van de Morvan achter me heb gelaten. Om kwart over twaalf ben ik de Loire overgestoken en ben dus nu echt in het zuiden beland. Dat zou je aan het weer niet zeggen, want het is nog steeds erg koud. Wel zonnig, maar er staat een gure wind. Het weerbericht geeft voor maandag iets beter weer op, maar de boeren hier zeggen dat het de eerste 4 weken nog slecht blijft. Ik hoop niet dat ze gelijk krijgen, want een beetje warmer zou niet gek zijn. Ik heb een stuk door het Loiredal gelopen en het laatste stuk door landbouwgebied. Maar straks ga ik weer de bergen in. Ik kom op het ogenblik geen andere wandelaars tegen, omdat die bijna allemaal via andere routes lopen, maar ik ben nu eenmaal zo eigenwijs om deze route te willen gaan. Het enige lastige is wel, dat er heel moeilijk aan slaapplaats te komen is. Om 4 uur was ik in Saligny-sur-Roudon. Overal gevraagd om een slaapplaats, maar helaas… Dus toen ben ik maar weer naar de Mairie getogen, waar een uiterst vriendelijke dame me de sleutel heeft gegeven van de Salle de Réunion, waar ik nu gratis mag overnachten. Dus Jacobus is me nog steeds welgezind. Nog een dag of drie en dan bereik ik de officiële route weer, dan zal het wel makkelijker worden een overnachting te regelen. En als alles goed gaat, hoop ik volgende week woensdag in Le Puy aan te komen, dus wie nog een kaartje wil sturen, het kan nog net.
km 19,86 stappen 28.789 / totaal km 1217,75 totaal stappen 1.748.926
Van de koude waren we vanmorgen al om 6 uur wakker en zijn we na een paar yoghurtjes en een beetje jus d’ orange en zonder te kunnen douchen maar snel op stap gegaan. Ja, het leven van een pelgrim is echt niet louter zonneschijn, dat zie je maar weer. We hebben over de gewone weg gelopen en omdat we zo vroeg vertrokken, waren we om half 1 al op onze plaats van bestemming, Bourbon-Lancy. Dus precies op tijd om te eten in het restaurant. Suzanne loopt even naar buiten om te bellen naar René en Ursula, die haar komen halen, om te vragen waar ze zitten. “In Le Creusot” is het antwoord, dus nog tijd genoeg om te eten voordat ze er zijn. Denken we, want nog geen 5 minuten later stappen ze binnen. Ja, met een auto gaat het snel!! Toen hebben we maar gezellig met zijn vieren gegeten en dat doen we vanavond ook. Ik heb weer een stempel erbij, dus dat zit ook goed.
Morgenochtend vertrekt Suzanne weer naar Nederland en ik vervolg mijn pelgrimstocht. Suzanne heeft veel foto’s genomen, dus die komen dan wel op de website. Wanneer weet ik niet, want ze gaat nu eerst 14 dagen op vakantie, maar dat zien jullie vanzelf wel. O ja, ik heb een sms-je gekregen van iemand uit België, die meldt dat hij op 6 en 7 juni langskomt. Alleen heeft-ie er geen naam bij gezet, dus nu wordt het gissen wie het is. Ik vermoed Lex en Elly, maar zeker weet ik dat dus niet. Enfin, wie het ook is, hij is welkom.
km 25,07 stappen 36.334 / totaal km 1197,89 totaal stappen 1.720.137
Toen we vanmorgen opstonden, was het 3 graden boven nul, dus ijs- en ijskoud. Dus een goed ontbijt tegen de koude en om 9 uur op weg. We moesten een poosje zoeken om de goede weg te vinden, maar na een tijdje dachten we hem te hebben. Helaas, 3 kilometer later bleken we toch verkeerd te zijn, dus moesten we dwars door de weilanden, waar Pa Stier, Moe Koe en Kind Kalf ons erg interessant vonden (weer eens een ander soort dan Charolais-koeien) om weer op de juiste route te komen. Na 14 km stijgen (en zowaar ook dalen) arriveerden we in Issy l’Eveque, waar we net op tijd waren voor de lunch van 1 uur tot half drie. Volgens Geer kun je veel sneller een broodje eten, maar wij vonden dat we dat wel eens verdiend hadden. Na de lunch kwamen we 2 dames tegen, die ons honderduit vroegen over onze tocht en wie schetst onze verbazing toen we op weg naar Grury, ons einddoel voor vandaag, ineens een huis zagen dat in het Hollands “Onze vesting” heette. Er kwam een meneer naar buiten en het bleken Hollanders uit Naarden te zijn, vandaar de naam van het huisje. En wat doe je dan als Hollanders onder elkaar? Je gaat aan de koffie! Het was heel gezellig en we zaten op het terras in het zonnetje, zodat we ook weer een beetje konden opwarmen.
Om half zes waren we in Grury. Grury heeft 1 hotel, alleen was dat dicht. Wat nu? Eerst maar even naar de epicerie om raad te vragen. De eigenares vertelde dat er nog wel een gîte was, maar wel 2 km verderop en dat zagen we niet meer zo zitten natuurlijk. Geen nood, de vrouw liep met ons naar buiten en wees ons het huis van de vrouwelijke burgemeester van het dorp. Bij de tennisbaan was een gebouwtje en als we het haar vroegen, mochten we daar vast wel slapen. Dus op naar ‘Madame le Maire’. Die ontving ons heel vriendelijk en ging meteen aan het telefoneren om de sleutel te vragen. Helaas, geen gehoor. Vervolgens laadde ze ons in de auto om naar de mairie te gaan. Helaas, ook daar was geen sleutel. Toen is ze maar doorgereden naar de tennisbaan. De hal van het gebouwtje was open en dat betekende een wc, een wastafel en een tegelvloer om op te slapen. Dat hebben we maar geaccepteerd en toen moesten we weer snel terug naar de epicerie om boodschappen te doen. Het hele dorp bleek inmiddels op de hoogte te zijn gebracht. We hebben buiten aan de picknicktafel gegeten, maar echt weer om te picknicken was het niet. Het was ijskoud en natuurlijk heb ik net mijn warme trui aan Gery meegegeven. “Toch niet meer nodig”, dacht ik. Om 8 uur hadden we het zo koud, dat we de tent van Suzanne op het grasveld hebben neergezet, zodat we tenminste een beetje ‘binnen’ waren, en alle kleren die we hadden over elkaar aangetrokken. Nu maar gauw gaan slapen, dan lijkt het minder koud.
Na een onderbreking, die iets langer duurde dan verwacht, zijn we weer ‘in de lucht’. Om me heen liggen nu allemaal stukjes papier, waarop ik het een en ander opgeschreven heb om alles toch een beetje bij te kunnen houden.
We hebben een paar leuke dagen gehad. Het was wel een eind rijden, zeker als je bedenkt dat Theo dat hele stuk gelopen heeft, niet te geloven gewoon. En onderweg kregen we herhaaldelijk sms-jes in de trant van: Hoe ver zijn jullie? Komen jullie wel vooruit? Halen jullie het nog vandaag?, steeds gevolgd door de locatie waar Theo zich op dat moment bevond. Maar uiteindelijk reden we hem dan toch achterop op de D977bis. Het eerste dat ik zag, was dat hij een ontzettend bruine kop heeft gekregen en het tweede dat mij opviel, was dat hij mank liep. Dat kwam omdat hij last van zijn heup had en dat kwam weer volgens hem omdat de glucomotion op was. We hebben nog in de pharmacie gezocht naar een nieuwe voorraad, omdat ik maar één doos had, maar ja, dat wordt moeilijk als je op dat moment niet de Franse woorden weet voor ‘heup’ of ‘gewrichten’. Ja, nu ik weer thuis ben, schieten ze me weer te binnen.
En toen was er voor Theo geen ontkomen aan: zaterdag was rustdag. We sliepen in een chambre d’ hôte bij een Engelsman, een schitterend huis van buiten, maar somber van binnen en Mr. Langdon maakte nou ook niet zozeer een gelukkige indruk. En wat de prijs aangaat, hadden we beter een hotelletje kunnen nemen, dus dat weten we weer voor de volgende keer.
Hoewel we de glorieuze aankomst van Theo in Vezelay gemist hebben, zijn we nog wel naar de basiliek gegaan. Er was net een dienst aan de gang en dan staan voorin de kerk aan de ene kant ‘n stuk of 8 monniken en aan de andere kant nonnen te zingen, aan één stuk door. Indrukwekkend vond ik dat en ik kan me goed voorstellen dat dat een enorme indruk maakt als je bent komen lopen. Niet dat ik nu bekeerd ben tot lopen, ook niet als ik dat zo zie. Dan heb ik iedere keer de neiging om te zeggen: “Theo, ik breng je wel een eindje” en vandaag gaf de Arbodokter me de raad te gaan fietsen. Nou, ik schrok me rot! Maar het is heerlijk te zien hoe geweldig enthousiast Theo nog steeds is.
Zondagochtend hebben we Theo en Suzanne afgezet bij het Lac de Settons en Ton en ik zijn weer teruggereden naar onze plichten met een kapotte filmcamera in de auto. Daar ben ik maandag meteen mee naar de winkel teruggegaan, waar ze me vertelden dat ze hem op moesten sturen en dat duurt 4 tot 6 weken. Dus ik heb het hele verhaal verteld en ik ga nu ongegeneerd reclame maken voor BBC in Zaandam, want die hebben alle begrip getoond en gedaan wat ze konden om te helpen. Vooral Peter Ladru, die ervoor gezorgd heeft dat ik vandaag een gloednieuwe leencamera op kon komen halen. Zoveel service vind je niet vaak meer!
Vandaag heb ik ook de nieuwe schoenen voor Theo opgehaald en nu rest mij dus nog een probleem: Hoe krijg ik schoenen en camera nou bij Theo? Iemand van de lezers zin in een tochtje naar Midden-Frankrijk soms???? De schoenen kan ik wel opsturen, maar dat durf ik niet echt met de camera, dus iemand nog een ander ludiek idee?????
Marnix woont inmiddels in zijn nieuwe huis, dus dat is deze week nog even helpen met opruimen en dan is het geklaard. Ik ben eerst maar eens met een auto vol troep naar het grofvuil gereden, omdat de hele gang volstond. Op de terugweg kwam Marnix op het idee dat hij nog een kast nodig had, dus die zijn we gaan kopen en tegelijk ook maar een paar tafeltjes en toen was er gelukkig weer iets in elkaar te zetten, met als gevolg dat de gang nu weer net zo vol staat met lege dozen, enz. Dus morgen nog maar een keer gezellig naar de vuilstort. Ach ja, het thuisfront mocht zich eens gaan vervelen!
km 23,77 stappen 34.443 / totaal km 1172,82 totaal stappen 1.683.803
We hebben heel veel gelopen vandaag. Eerst vanmorgen natuurlijk naar de bakker om brood te halen en toen weer terug. Nou, we kregen melk, confiture, boter en koffie, ze moest wel 3 keer lopen. Dus we hebben goed ontbeten en zijn voor het geheel in totaal € 32,60 kwijt. We zijn onderweg niemand tegengekomen, in deze streek lopen veel minder pelgrims en de streek zelf is erg dun bevolkt. Maar dat geeft niet, want we vermaken ons wel, we lachen wat af. Ik heb me als een man gedragen door Suzanne tegen een grote hond op een boerderij, waar we langskwamen, te beschermen. Dat is tegenwicht tegen die spartelende beentjes van een paar dagen geleden. We verbazen ons over het feit dat we alleen maar klimmen, klimmen en nog eens klimmen. Ik bedoel maar, eens moet dat toch ophouden, je kunt toch niet alleen maar klimmen steeds? Je zou toch ook eens moeten afdalen? Nou, mooi niet, we klimmen alleen. Geer zegt dat het de Jacobsladder van St. Jacques is en dat dat erbij hoort. Mooi gezegd, maar zij hoeft niet te klimmen! Maar we zijn weer een stukje verder en zitten nu comfortabel in een hotel in Luzy, dus wie doet je wat?
km 26,04 stappen 37.749 / totaal km 1149,05 totaal stappen 1.649.360
We hebben vandaag stevig gelopen. Vanmorgen regende het, maar vanmiddag was het droog en hadden we zelfs af en toe zon, dus het was lekker. Wel vermoeiend, Suzanne was bekaf, maar na een poosje rusten is ze alweer helemaal fit. We hebben niemand echt gezien of gesproken, we kwamen alleen een groep wandelende Nederlanders tegen, die zelfs te beroerd waren om gedag te zeggen. Dat is dan wel even een groot verschil met de Fransen hier, die zo belangstellend zijn, maar ja, de wereld bestaat niet alleen maar uit vriendelijke mensen, zullen we maar zeggen.
In St. Leger sous Beuvray hadden we een adres van iemand die chambres d’ hôte had, dus daar aangebeld. “Non, non”, er was geen enkele mogelijkheid, ze was helemaal ‘complet’. Dus Suzanne wilde zich al omdraaien, maar ik ken de Fransen langer dan vandaag, dus ik bleef doorzeuren, zo van: “O, wat erg, weet u dan een ander adres? Ja, als u vol zit, wordt het natuurlijk moeilijk, maar ja, waar zouden we dan heen moeten?” en meer van dat soort blabla en het einde van het liedje is dat we nu een heel appartement voor onszelf hebben. Er zit geen ontbijt bij, dat is veel te veel werk natuurlijk, maar als ik nu morgenochtend eerst naar de bakker ga, dan wil zij wel koffie zetten en misschien heeft ze ook nog wel een beetje confiture. Ja, zo gaat dat dan op z’n Frans. Heerlijk toch? Aan de overkant is een restaurant waar we hebben gegeten, maar we konden na het eten het restaurant niet uit, zo’n wolkbreuk was er. Het wil nog niet echt zomeren, maar ik hoor van Geer dat het in Nederland ook slecht weer is, dus dat troost weer een beetje.
km 23,5 stappen 34.000 / totaal km 1123,91 totaal stappen 1.611.611
Gisteren was het rustdag geblazen, hebben we de basiliek in Vezelay met zijn drieën bekeken en ‘s avonds lekker gegeten in een Logis de France op de weg naar Clamecy.
Vanmorgen hebben Ton en Gery ons naar Le Settons gebracht, daar hebben we nog een kop koffie met zijn allen gedronken en vervolgens zijn Ton en Gery richting Nederland vertrokken en Suzanne en ik richting Anost. Nou, Suzanne heeft vandaag meteen wel de vuurdoop gehad. Het heeft werkelijk de hele dag geregend en we hebben constant met de poncho moeten lopen. Ik wilde elegant over een boomstam klimmen, maar helaas viel ik er overheen en zag Suzanne alleen nog 2 benen spartelen. Dat was lachen natuurlijk (nou ja, vooral voor Suzanne). Er zaten drie grote heuvels in de route, dus het was steeds fors klimmen geblazen en het pad was af en toe gewoon onbegaanbaar. We zijn door het bos geploeterd door grote plassen en kolkende rivieren, die eigenlijk lieflijke beekjes horen te zijn. En wat ook erg was, was dat we voor de lunch alleen maar chocoladekaakjes hadden. Kortom, het was afzien. Het enige levende wezen dat we onderweg zijn tegengekomen is een ree op nog geen 5 meter afstand, die in het prikkeldraad vastzat en zich op het laatste moment nog net kon losrukken. Maar…we zijn er gekomen en zitten nu in Anost in een gîte van een tot hotel omgebouwde boerderij en we zijn weer schoongespoeld. De poncho’s hebben we met warm water onder de douche schoongemaakt, er kwam pure bagger af. Aan de overkant hier is een restaurant en daar hebben we weer lekker gegeten, dus alle leed is weer geleden. Tijdens het eten hebben we gepraat met 3 Duitse vrouwen, die ook naar Santiago gaan, maar dat waren wel erg zweverige types en dat is toch niets voor mij, merk ik. Ik loop hier gewoon voor de lol, zelfs als het de hele dag regent, en zweven was er echt niet bij vandaag!
km 18,93 stappen 27.439 / totaal km 1100,41 totaal stappen 1.577.611
Vanmorgen aan het ontbijt kreeg ik van Jacques koude koffie te drinken met een sigaar erbij. Dat is een slechte combinatie, dus eenmaal aan de wandel ben ik eerst maar ergens een ontbijt gaan scoren met warme koffie. Onderweg naar Lormes kwam Jacques me weer met zijn vriendin achterop gereden, ze moesten toch naar het postkantoor en ik kon toch meerijden? Ach ja, de mensen bedoelen het allemaal zo goed, dan valt het niet mee om nee te zeggen. In afwachting van Gery, Ton en Suzanne heb ik hen steeds gemeld waar ik liep, eerst de D17, maar toen waren ze er nog steeds niet (je zou toch zeggen, met een auto ben je er zo), dus toen ben ik maar doorgelopen over de D977bis in de richting van Ouroux. En jawel, daar reden ze mij achterop en zo zat ik wederom comfortabel in een auto. Voor degenen die nu denken dat ik weer kilometers smokkel (er zijn altijd mensen die argwanend zijn natuurlijk) kan ik mededelen dat ik weliswaar comfortabel in die auto zat, maar dat die auto wel reed waar ik al gelopen had, namelijk terug naar Vezelay! Daar hebben we kamers gehuurd, dus morgen wordt het alweer een vrije dag. Het schiet niet op zo. Maar aan de andere kant is het wel heerlijk dat ze er zijn natuurlijk!
km 14,69 stappen 21.291 / totaal km 1081,48 totaal stappen 1.550.172
Er overkomt me toch ook iedere dag weer iets anders. Ik vertrok vanmorgen uit Avallon en het is slecht weer. Maar goed, ook dat hoort erbij. Dan kom ik op een kruispunt en daar staat een fietser. Die vraagt: “Als u die kant opgaat en u komt iemand tegen, wilt u dan zeggen dat ik hier sta te wachten?” Natuurlijk wil ik dat. Een eindje verder zie ik een man wandelen, dus ik vraag hem: “Heeft u een afspraak met iemand op het kruispunt?” “Nee, ik loop hier gewoon te wandelen”. Om het gesprek op gang te houden, vraag ik: “Weet u toevallig of er in het volgende dorp een overnachtingsmogelijkheid voor me is?” “Nou, ik weet het niet zeker, maar ik geloof niet dat er een mogelijkheid is. Maar je kunt wel bij mij komen slapen”. Nou, graag doe ik dat, want zulk lekker weer is het ook niet om te wandelen en dan weet ik tenminste zeker dat ik vannacht kan slapen. Dus we lopen samen terug naar zijn huis en hij vraagt: “Wat ben je aan het doen en waar ga je eigenlijk naar toe?” Ik vertel hem dat ik naar St. Jacques de Compostela onderweg ben en dan zegt hij: “Nou, ik ben Jacques!” En hij heet ook echt zo.
Hij heeft me in zijn huis geïnstalleerd, ik mag overal aankomen en in kijken en vervolgens is hij weer vertrokken om zijn wandeling voort te zetten. Hij is de voorzitter van Amnesty in de regio en gepensioneerd hoofdonderwijzer en woont alleen sinds 10 jaar geleden zijn vrouw is overleden. Dus jullie zien dat Jacques zich hoogstpersoonlijk over mij ontfermt! Morgen hoef ik geen slaapplaats te zoeken, want Ton, Suzanne en Gery hebben kamers gehuurd bij een Engelsman, dus dan zien wij elkaar bij Mr. Langford.
Daar ben ik weer op de cyber-autoroute. Ik heb net alle commentaren weer eens doorgelezen en het is ongelooflijk hoe zo’n eenvoudige wandeling gevolgd wordt door jullie. Want het is toch echt niet meer dan het ene been steeds weer voor het andere zetten. Zoals Bep steeds zegt: “Alles stapje voor stapje”. En dat is het dus.
Het meest fascinerende vind ik steeds die onverwachte ontmoetingen. Komen die nu in het dagelijkse leven ook zoveel voor of hebben we er dan geen aandacht voor of geen tijd om daar aandacht aan te besteden?
Dankzij de Belgische engelen die me gestuurd zijn, is mijn buik weer zowat beter en met de (Belgische) Paul heb ik gisteren onze gebruikte calorieeën weer aangevuld. Dat is een hoogst noodzakelijke bezigheid waarvoor hij van zijn diëtiste een heus formulier had met wat te eten op een dag tijdens de wandeling. En ik garandeer jullie dat ik echt nog lang niet genoeg eet als je dat leest. We gebruiken gemiddeld 1500 calorieën over 20 km per dag plus natuurlijk wat je normaal al verbruikt. Als je dat alles bij elkaar telt, kunnen we zoveel eten als we willen. Nooit genoeg dus.
Gisteren was de aankomst in Vezelay voor mij een geweldige gebeurtenis. Je stijgt over een heel steile weg naar de basiliek en net als je denkt: “Dit trek ik niet meer”, zie je de muren van de kerk en ben je bijna boven. Echt een aanrader voor wie het aandurft.
Overigens: Judith moet er maar eens over denken om dit te gaan doen met Leo. Als je het handig indeelt, hoef je niet eens met een al te zware rugzak te lopen, dus heb je een probleem minder.
Leuk werk trouwens, al die post ophalen. Er stond daar een grote bak met allemaal post voor pelgrims. Wel even formaliteiten doen natuurlijk, want zonder veel papieren gaat hier niets. Maar ja, dat geeft wel ‘jus’ aan het leven.
Vanmorgen heb ik een taxi genomen van Vezelay naar Avallon om naar de schoenmaker te gaan in het Centre Commercial. Nou niet allemaal gaan zeggen dat dat niet kan, want ik smokkel echt geen kilometer, hoor. Maar de zolen van mijn schoenen zijn los en de schoenmaker had natuurlijk eerst geen tijd, maar ik ken Frankrijk zo’n beetje, dus heb ik geprezen en geprezen en nog eens geprezen en verteld waarom ik ze nodig had en nu gaat hij zijn best doen de schoenen vanavond klaar te hebben.
Ik heb een luxe kamer genomen in een hotel en morgen zie ik wel weer verder. Pelgrim Theo leert ‘los te laten’ en dat lukt steeds beter. Maar ja, zorgeloosheid is ook niet goed altijd. Wat kan het leven toch ingewikkeld zijn…..
Nou allemaal, het is bijna 12 uur, dus tijd voor een restaurant: je moet toch wat op zo’n gedwongen rustdag……..niet?
Groeten aan iedereen en ULTREIA
Een PS-je van het thuisfront: Maandag ben ik weer terug met nieuwe berichten. Mocht de website ineens wegvallen, dan ligt het niet aan jullie, maar onze provider gaat dit weekend verhuizen en dan zal de stekker er toch even uit moeten. Geen nood, we komen weer terug! Groeten van Gery.
km 17,31 stappen 25.098 / totaal km 1066,79 totaal stappen 1.528.881
Is het niet fantastisch? Ik ben in Vezelay! Wat ik ooit gezegd heb: “Dat wil ik ooit ook: lopend in Vezelay aankomen en van ver de basiliek al op de heuvel zien staan”, is vandaag gebeurd!!.
Arlette en Etienne was ik vanmorgen uit het oog verloren, die liepen ver voor me uit. Toen ik omstreeks de middag in een of ander gehucht kwam met maar twee, drie huizen, zag ik ineens voor de deur van een van die twee huizen twee rugzakken staan. De deur stond open en toen ik voorbij wilde lopen, zag ik Etienne en Arlette binnenzitten, die zeiden: “Kom erbij!” En zo zaten we plotseling bij mensen in huis, die ons voorzagen van water, brood en kaas. We hebben er uitgebreid zitten praten, ze hadden een gastenboek waar iedereen iets in schreef die langs en dus ook binnenkwam. Er stonden echt mensen in van over de hele wereld. Wij moesten er uiteraard ook iets in schrijven. We zaten een poosje gezellig te praten, toen er na een minuut of twintig een meneer aankwam die vroeg of dit de familie Benoit was. Hij zei dat hij hen kende, want de zwager van zijn zus was er ook geweest. Uiteraard werd dat opgezocht in het gastenboek en jawel, de betreffende persoon vonden we terug. Zo zaten we daar dan met zijn vieren en toen we weggingen, liep het echtpaar een paar honderd meter mee om ons de plek te wijzen vanwaar je de basiliek van Vezelay kon zien liggen. En steeds als je een eindje verder liep, zag je de basiliek liggen. Ik vond dat heel erg indrukwekkend en precies zoals ik me dat had voorgesteld. We gingen omhoog aan de achterkant van de basiliek over de oude pelgrimsweg. Het was een sensationeel gevoel daar naar boven te sjouwen (want het was geen makkelijke weg) en dan te denken aan miljoenen voetstappen, die hier sinds 800 of daaromtrent zijn gezet van al die mensen. Te weten dat al die mensen letterlijk en figuurlijk ieder met hun rugzak hier hebben gelopen, ieder met zijn eigen sores en zijn eigen pakje in het leven. De dag van vandaag was letterlijk en figuurlijk een hoogtepunt en heel bijzonder.
Het was mooi zonnig weer; in de basiliek werd ik heel hartelijk ontvangen en kreeg ik mijn stempel. In deze schitterende basiliek heb ik vervolgens mijn kaarsjes gebrand en ben afgedaald naar de crypte, waar juist een dienst gehouden werd. Kortom, alles werkte mee om van deze dag een dag met een gouden rand te maken. En ik moest denken aan wat de vrouw bij de fysiotherapeut zei: “Als St. Jacob wil dat u pelgrim wordt, dan wordt u ook pelgrim, hoor!” En nu stond ik hier dan toch.
Toen ben ik naar het postkantoor gelopen, waar een stapel post op me lag te wachten! Geweldig was dat ook, ik werd er emotioneel van. Fantastisch bedankt Ton en Nora, alle collega’s van het Kunstcentrum Zaanstad, Arij en Ellen, Rina en Andries, Jan en Olga, Leen en Ineke, Bep! Het heeft me geweldig veel goed gedaan!
Nu zit ik samen met Paul uit Overijsse (bij Brussel) in de lange straat die naar de basiliek toeloopt in een huis van de zusters. We slapen op een zaal met 4 bedden, waar wij samen dus het rijk alleen hebben. In de zaal naast ons slaapt een groepje Japanners met een gids, die Engels spreekt. Die gids vroeg me wat we aan het doen waren en waarom. Dus ik vertel het en de gids vertaalt dit voor zijn groep. Begonnen die Japanners voor ons te buigen!
Straks gaan Paul en ik uit eten, want we hebben zojuist besproken dat we gaan bezuinigen, want het kost al met al behoorlijk wat. We gaan dus bezuinigen, maar ja, je moet toch goed eten, anders kom je nergens. En we slapen nu al goedkoop, dus kunnen we wat we daarop besparen toch heel goed in de pot voor het eten doen?
Ik heb een fantastische dag gehad!
km 14,69 stappen 21.293 / totaal km 1049,48 totaal stappen 1.503.783
Kijk, Jacobus heeft overal zijn discipelen zitten. Gisteravond heb ik bij het Belgisch echtpaar, Etienne en Arlette, gegeten en toen ik opmerkte dat ik buikpijn had, kreeg ik van hen een kuurtje voor 5 dagen, dat ze bij zich hadden. En… dat helpt. Zo zie je maar weer, een pelgrim heeft geen dokter nodig, pelgrims helpen elkaar. Arlette vroeg of ik priester was, omdat degene die hen had uitgezwaaid, bevriend was met een priester, die ook ging lopen en die priester bleek Hans te zijn, die ik een paar dagen geleden heb ontmoet.
We hebben een stuk met zijn drieën gelopen en tussen de middag met elkaar gegeten voor € 11,50 de man inclusief wijn. Vanmiddag is het hevig gaan waaien en toen we op de camping aankwamen in St. Moré stond er een stevige storm. Ik kreeg op de camping weliswaar een idyllisch plekje, vlak bij de beek, maar dat heeft ook zijn nadelen. Door de hevige wind woei mijn grondzeil iedere keer zowat de beek in. Het kostte heel wat moeite mijn tentje overeind te krijgen. Toen hij eenmaal stond en ik languit lag, hoorde ik ineens een hevige knal en was er op nog geen 5 meter afstand van mijn tentje een hele grote tak naar beneden gekomen. Kortom, een zware storm. Toen Arlette erachter kwam, dat je ook caravans kon huren, was het snel besloten en nu zitten we gedrieën confortabel in een caravan.
Morgen hoop ik in Vezelay aan te komen, dan is de eerste mijlpaal bereikt.
20 mei: rustdag 21 mei: km 30,8 stappen 44.643 / totaal km 1034,79 totaal stappen 1.482.490
Ziezo, de rustdag is weer voorbij en eigenlijk vind ik zo’n rustdag niks. Auxerre is een prachtige stad en er is veel te zien, daar niet van, maar eigenlijk loop ik liever. Je schiet niet op op zo’n dag. Bovendien krijg ik mijn film niet meer uit de camera en hier weten ze niet wat het is, dus kan ik niet filmen en dat is heel erg jammer. Daar zal dus een oplossing voor moeten gezocht, desnoods moet Geer hem maar meenemen en thuis laten maken.
Toen ik vanmorgen wegging, was ik bij het ontbijt met de receptioniste van het hotel aan het praten over wat ik aan het doen was en zo. Er zat nog een echtpaar, die deden natuurlijk beleefd of ze niet meeluisterden, maar toen ik wegging, vroegen ze of ik in Santiago een kaarsje voor hen wilde branden, voor de ‘onbekenden van Auxerre’. Leuk toch?
Verder ging ik vandaag weg met regen, maar het werd onderweg steeds zonniger en het werd mooi weer, alleen de wind was koud. Een Frans echtpaar, dat op een zondagmiddagwandeling was, heeft voor de gezelligheid een aantal kilometers met me mee gelopen, dus dat was erg gezellig, En nu staat mijn tentje weer stevig en vast op de camping in Accolay. Op de hele camping is verder alleen nog een Belgisch echtpaar aanwezig, verder is alles leeg, dus ze struikelen niet over mijn scheerlijnen. Ik heb in het dorp nog geen restaurant gezien, maar het echtpaar heeft al gezegd dat zij nog wel een stuk kip voor me hebben als ik niets kan vinden en ik heb nog een aantal Marsen, dus ik zal niet van de honger omkomen.
Ik heb al een paar dagen een branderige pijn in mijn onderbuik, dacht eerst dat het schraal was, maar er is niets te zien, dus ik weet niet wat het is. Ik voel me verder kiplekker, maar ‘dokter’ Geer is van mening dat ik naar de dokter moet, omdat het wel een blaasontsteking zou kunnen zijn. Nou, ik zal wel kijken morgen of er een dokter in dit dorp is en anders doe ik dat wel in Vezelay, als het tenminste dan nog niet over is. Ja, dat krijg je ervan als je hebt beloofd alles eerlijk te zeggen, word je meteen naar de medische sector gestuurd. Maar ach, een pelgrim mag ook wel eens klagen. En ik heb het zo goed naar mijn zin, dat ik er niet aan denken moet door iets stoms af te moeten haken, dus misschien, ik herhaal misschien, volg ik haar wijze raad wel op.
Ja, ik weet het, ik kreeg moppers omdat er niet elke avond stipt op tijd iets nieuws op de website stond, maar ik kan er niets aan doen. Soms werd het nachtwerk en dan lagen jullie allang op één oor (op twee ligt zo lastig). Maar enfin, het grootste werk ligt nu achter ons, wat rest is de ‘finishing touch’. Want een werk was het en zonder de onschatbare hulp van Ton, Suzanne en René zou het allemaal niet zijn gelukt. Maar nu krijgt Marnix dan toch een leuk en gezellig appartement. Wat te denken van een lyrische beschrijving als: een woonkamer, waarvan de muren juni zijn, de keuken opgewekt, de slaapkamer in een combinatie van warm terra met paraffine en het toilet in jeansblauw? Voor wie nu denkt dat het me in het hoofd is geslagen: zo heten de kleuren die we in 3 lagen op de muren hebben geschilderd. Om toch ook eenvoudig te blijven, is de badkamer in wit en rood gehouden. In het linoleum dat er ligt, kun je je nu spiegelen en alles blinkt van de properheid, wat ik van mijn huis hier helaas niet kan zeggen. Marnix en ik zijn samen wezen winkelen en dat is dan voor moeder een klein voordeeltje van zijn rugpijn, want dit is in de laatste 30 jaar niet meer voorgekomen. En dan zo eensgezind! Wij gingen op naar Ikea met zijn tweeën en waren het er na afloop over eens dat het een rotzaak is, maar goedkoop en daar gaat het maar om. We zijn begonnen met de aanschaf van een afzuigkap en die waren allemaal van roestvrij staal en € 800 of daarboven. Toen vielen wij allebei op een zwarte, die bovendien ‘maar’ € 340 kostte. “Ja”, zei de verkoper neerbuigend, “deze verkopen we niet meer, want niemand koopt dat, iedereen wil roestvrij staal”. Waarop we de man duidelijk hebben gemaakt dat wij niet iedereen waren en dat hij daar toch hing, dus dat we die wilden hebben. Hij was zo goed niet of hij toog naar het magazijn om te zien of er ergens in een verloren hoekje nog één stond. En ja, zowaar, en bovendien kregen we hem toen voor € 110. Moe den Otter zou erg tevreden over ons geweest zijn.
We hebben trouwens ook erg veel gelachen tijdens de werkzaamheden. In het trappenhuis stond een heleboel rotzooi van de vorige bewoner. Dus ik aan ‘t mopperen, dat dat geen stijl was en dat ze dat nog maar eens even weg moesten halen. Hoor ik ineens Suzanne, die tussen die troep stond te kijken, mompelen: “Volgens mij is dit een complete kast”, waarop we de hele handel naar binnen hebben gesleept en er dus inderdaad een geheel gedemonteerde, maar complete TV kast bij bleek te zitten. Die is weer netjes in elkaar gezet door René en Ursula, gelakt door Andries en dat is dus een gratis kast. Zegt Marnix ineens: “Ja, maar misschien staat die te wachten tot ze hem nog op komen halen. Hebben jullie die niet gewoon gepikt eigenlijk?” Nou, gepikt of niet, hij staat er en een knapperd die hem weer wegkrijgt. Niet alles ging over rozen, want het bleek dat wij bij Ikea een halve linnenkast hadden aangeschaft. Er waren 2 dozen, maar ja, wij hadden er maar één. Dus wij zaterdag weer naar Ikea om de andere doos en ik weet niet of jullie dat weten, maar dat moet je dus nooit op zaterdag doen!! Enfin, het is gelukt en je kunt ook wel lachen, want hebben jullie wel eens geprobeerd een driezitsbank mee te nemen in een Citroen C3? Dat zagen wij gebeuren: een halve zit kon in het autootje en de overige tweeëneenhalve zit staken dus hoog de lucht in. Goed, Suzanne en ik hebben bij terugkeer de kast in elkaar gezet en konden vol trots constateren dat wij slimmer zijn dan Youp van ‘t Hek, want wij hielden geen plankjes over.
Marnix kan nu wel beter lopen, maar zitten is nog hopeloos, dus daar valt nog wel wat aan op te knappen door de heren doktoren. Verder ga ik donderdag naar Vezelay om Theo te zien, die moet dan dus weer een rustdag nemen en dat bevalt hem niet erg, merk ik. Voor die tijd moet de auto nog wel even schoon, want zo kan ik de chef niet onder ogen komen natuurlijk. Ik zal blij zijn hem weer eens even te zien en bij te kunnen praten. Het gevolg zal wel zijn, dat jullie dus een paar dagen niets op de website zien verschijnen, maar alla, de meesten van jullie zijn toch op vakantie!
km 25,77 stappen 37.359 / totaal km 1003,99 totaal stappen 1.437.847
En ziedaar, Pelgrim Theo heeft 1000 kilometer onder zijn aangepaste schoenen weggelopen (als Geer tenminste niet weer fouten heeft gemaakt). Toch wel een prestatie, zeg ik bescheiden. Om dat te vieren, zit ik nu riant in een hotel in Auxerre en heb ik morgen een rustdag genomen.
Gisteren heb ik met Hans lekker mosselen gegeten en gezellig zitten praten. We waren het er beiden over eens, dat het verhaal van Jacobus en het doel eigenlijk niet belangrijk zijn, maar dat het vooral gaat om de weg erheen. Ik kwam vandaag in Auxerre aan, vergezeld door 2 fietsers, die voor mij afstapten om nu eens van alles en nog wat van me te horen. Toen ik vertelde dat ik morgen een rustdag neem om Auxerre te bekijken, kreeg ik meteen van alles en nog wat te horen over bezienswaardigheden waar ik beslist heen moet gaan.
Nog iets leuks: Ik stapte in Auxerre een boekhandel binnen om te kijken of ze een gids hadden van de Grande Randonnee 13: Traversée de Morvan. Die hadden ze niet, maar de verkoopsters in de winkel waren wel vol belangstelling voor mijn reilen en zeilen. Ze zeiden dat ik absoluut naar de abdij moest gaan. Ik vroeg waar die ergens was. Toen zei een van de verkoopsters: “Wacht even, ik trek even mijn schoenen aan en dan lopen we er naar toe. Hij is nu wel dicht, maar dan weet je de weg”. En zo liepen wij gezellig keuvelend door Auxerre. Het blijft geweldig leuk dat mensen zo spontaan reageren en zoveel belangstelling hebben.
Omdat ik bij de start een stempel van de Gereformeerde (pardon: Protestantse) kerk van Zaandam heb gehaald, leek het mij wel aardig om in Auxerre ook een stempel van de Eglise Réformée te halen. Ik ben er toch zondag, dus ik dacht naar de dienst te gaan en dan komt het wel in orde. Toen ik ging kijken hoe laat de dienst begon, vond ik een laconiek briefje: morgen geen dienst in verband met een gezamenlijke picknick! Dus dat gaat niet door, dan maar een stempel bij de abdij zien te bemachtigen.
Ik ging bij het Bureau de Tourisme informeren waar ik kon slapen en ook daar moest meteen uitgebreid gepraat worden natuurlijk. Opeens zei het meisje achter de balie: “U bent toch Hollander? Dan kent u Nederlands. Kom eens even mee”. Het bleek dat ze een pamflet hadden hangen in 4 talen, waaronder Nederlands en dat ze er niet zeker van was of het wel goed was. Of ik maar zo vriendelijk wilde zijn het even door te lezen. Dat heb ik natuurlijk gedaan en toen ik alleen maar de opmerking had dat “Een wandeling doorheen Auxerre” niet fout was, maar dat wij gewoon zeggen: “Een wandeling door Auxerre” was dat een hele opluchting, want het viel dus mee met de fouten. Pelgrim Theo heeft dus zowaar vandaag ook nog een goede daad verricht. Waar moet dat heen?
km 22,31 stappen 32.339 / totaal km 978,22 totaal stappen 1.400.488
Het was vandaag wat je noemt een routinedag. Ik heb over departementale wegen gelopen en gedurende
2 1/2 uur zoveel buien gehad, dat ik voortdurend met mijn poncho heb gelopen. Nu schijnt de zon, maar het is erg koud. Arij, bedankt voor je oplettendheid. Je ziet, die vrouwen zijn niet te vertrouwen, ze boren je zo 10 kilometer door je neus. Ik heb onmiddellijk opdracht gegeven dit te corrigeren natuurlijk. En Wim zal ik even uitleg over de route geven, die ik volg: Ik loop via Auxerre a) omdat Auxerre een mooie oude stad is, waar ik graag mijn rustdag door wil brengen en b) omdat Gery anders zo ver moet rijden als ze me met Hemelvaartdag op komt zoeken en omdat ze een kamer besproken hebben in de omgeving van Vezelay. Jan, ik snap dat je het jammer vindt dat ik niet over Limoges ga en ik had graag een nachtje bij je willen slapen, maar ik heb me al jaren geleden in mijn hoofd gezet dat ik via Le Puy wilde gaan. Waarom weet ik ook niet, maar ja, het is zo. En een ware pelgrim kan natuurlijk niet afdwalen, dat snap je.
Ik heb vandaag alleen gelopen, maar toen ik in Chablis kwam, zaten mijn medepelgrims Hans en Jan bij het begin van het dorp op me te wachten. We hebben gedrieën nu onderdak gevonden in een oud parochiehuis, wat zeg ik, een oeroud parochiehuis. En niet alleen oud, maar ook erg verwaarloosd. Ik slaap vannacht in een bed dat volgens mij nog uit de Eerste Wereldoorlog stamt. Het is veel te kort, zelfs voor mij en onder het bed bevindt zich nog een plankje, waarop je de po kunt zetten. Maar nou ja, voor € 15 kun je ook niet te veel eisen stellen natuurlijk. Er staat een bakje op de kast en of je daar maar wat geld in wilt stoppen ten behoeve van de parochie. Dus maar eens kijken of we na het eten en een eenvoudige Chablis (je bent tenslotte in Chablis of niet) nog wat aalmoezen over hebben.
km 29,29 stappen 42.459 / totaal km 955,91 totaal stappen 1.368.149
Ja, wie liep daar nu vanochtend naast me, behalve Guy? Zou dat een kater kunnen zijn? Het was moeilijk in de benen komen tenminste, dus eerst maar een stevig ontbijt. We vertrokken wat laat, zodat we hard hebben moeten lopen om Tonnerre te halen. Ja, dat heb je ervan. En Gery had ook al geen medelijden, die sms-te hardvochtig: ” ‘s Avonds een vent, ‘s morgens een vent!”
Het was de hele dag droog, maar erg benauwd. Het is erg leuk, dat hier zoveel belangstelling is voor Santiagogangers. We zaten onderweg bij een lavatoire onze laatste koekjes te eten, toen er een mevrouw met kinderen voorbijkwam, die meteen zei: “Ultreia! Als je wat nodig hebt, kom je maar langs. Het is daar waar die auto staat.”
Ook de ontmoetingen met andere pelgrims zijn heel boeiend. Je merkt dan dat iedereen zo zijn eigen verhaal heeft waarom hij aan deze tocht is begonnen, zijn eigen zorgen en problemen, zijn eigen doelstellingen. Guy en ik hebben vandaag weer samen gelopen en hebben nu de laatste 2 kamers in het hotel in Tonnerre. Morgen gaat hij rechtstreeks naar Vezelay en de andere Hollander ook, alleen ik loop via Auxerre. Dus dan ben ik mijn kennissen weer kwijt. Zo gaat dat dan ook weer. De meesten gaan trouwens over Limoges en niet over Le Puy. Er is nog een Hollander die wel naar Le Puy loopt, maar die kent daar een verblijf voor terminale patienten, dat hij heeft gesponsord. Dat geld gaat hij nu brengen en blijft er dan meteen een maand werken. Pas daarna loopt hij door naar Santiago.
Mijn planning is als volgt: morgen naar Chablis, de dag daarna naar Auxerre, daar een dag rust en daarna naar Vezelay. Als ik daar ‘te vroeg’ ben, loop ik misschien nog wel een stukje verder, dan moet Gery maar iets verder rijden, maar zoveel is dat nu ook weer niet. Ik zal wel zien, ik kan het deze volgende dagen in ieder geval op mijn gemak doen. Al jullie commentaren vind ik nog steeds geweldig, ze worden heel erg gewaardeerd. Ik heb veel plezier gehad om de uitleg van Jinze over de fluitende vogeltjes, heel goed uitgelegd en dan tot slot het laatste zinnetje. Het is echt heel leuk om te horen hoe mensen meeleven en, naar ik hoop, ook meegenieten, want het is en blijft een fantastische ervaring.
km 26,26 stappen 38.203 / totaal km 926,62 totaal stappen 1.325.690
Ik spreek nu Frans, Engels en Nederlands door elkaar heen, want na het drinken van whisky en wijn kun je alles. Guy (de Belg) en ik hebben vandaag samen gelopen tot aan Bragelogne, dus dat was erg gezellig. In Bragelogne zijn we in een gîte beland en zitten daar nu inmiddels met zijn drieën: een andere Nederlander, Jan, Guy en ik. En weet je wat nu zo raar is? We moesten natuurlijk even boodschappen doen om vanavond te kunnen eten en de bar gaat hier om 4 uur open, maar de winkels om 5 uur. Dus wat moet je dan? Eerst maar naar de bar natuurlijk. Daar namen we een whisky. Nu houd ik helemaal niet van whisky, maar ik heb ontdekt dat dat overgaat als je er maar genoeg neemt. We hebben daar een heel gesprek gehad met een pastoor, die ruim 40 jaar in de Kongo is geweest. Ik kan niet goed uitleggen hoe leuk dat is, zulke ontmoetingen, maar er gaat een andere wereld voor je open. Of kwam dat al door de fles? Enfin, we hebben macaroni gemaakt en daar hoort natuurlijk een fles wijn bij en nu hebben wij het heel, heel erg naar ons zin. We nemen de grootste besluiten, zoals: “Niet verder kijken dan naar de dag van morgen.” Je ziet welk een wijsheden ik al vergaard heb. Er was geen bereik van mijn mobiel, dus toen moesten we met zijn drieën naar de brug wandelen om Geer te bellen en ook dat vonden wij heel erg leuk. Kortom, eigenlijk vinden wij alles leuk. Geer vertelde dat ze bezig was in het huis van Marnix en dat vonden wij ook ontzettend leuk. Dat kan morgen nog wat worden, want we moeten dan namelijk heeeel ver lopen!!
km 22,68 stappen 32.874 / totaal km 900,36 totaal stappen 1.287.487
Nou, die sandwich met ham van gisteravond viel achteraf gezien nogal mee. Ik zat hem net zielig te eten toen het meisje binnenkwam, dat ook in de gîte zou slapen. Die begon meteen te roepen dat dat natuurlijk niet ging, toverde rijst, eieren en olijven tevoorschijn en heeft binnen de kortste keren een heerlijk maal voor me gemaakt. Dus dat was geweldig.
Vanmorgen besloot ik niet door de bossen te lopen, maar toen liep ik een heel stuk over de Route Nationale en dat is niet zo leuk eigenlijk. Ik passeerde onderweg 2 Hollandse dames van zekere leeftijd, die aan de kant van de weg zaten te eten, dus ik zei: “Eet smakelijk”. Nou, toen had ik meteen contact: “O, bent u Hollander?”, alsof ze al jaren geen Hollander meer ontmoet hadden. Maar dat maakt niet uit.
Het was prachtig weer vandaag en toen ik 1 1/2 uur gelopen had en eens omkeek, zag ik achter mij een Belg, die ik al eerder ontmoet had, dus toen zijn we samen een eind opgelopen. Hij wilde ergens anders slapen dan ik, dus op een gegeven moment zijn we ieder onze eigen weg weer gegaan. Maar toen ik vanmiddag aankwam in Bar-sur-Seine en op zoek ging naat het Office de Tourisme, kwam ik er van de ene kant aan en hij op hetzelfde moment van de andere kant. In het dorp, waar hij wilde slapen was niets te beleven, dus hij was toch maar doorgelopen. Ja, op die ontmoeting moest gedronken worden, dus we zijn eerst maar op een terras neergestreken. Daarna besloten we dat we best samen een kamer konden nemen in een hotel, dus zo gezegd, zo gedaan. Toen we in het hotel kwamen, was de kamer nog niet klaar en wat moet je dan? Toen moesten we dus maar weer op een terras gaan zitten en wat drinken. Ja, het leven van een pelgrim is zwaar af en toe. Nu gaan we vanavond ook maar gezellig samen eten, dus het komt wel goed met Theo.
km 29,29 stappen 42.461 / totaal km 877,68 totaal stappen 1.254.693
Nou, dat viel reuze mee gisteravond, ik heb me daar toch lekker zitten eten! Ik had het eerst niet erg naar mijn zin, maar na mijn viergangen-diner was ik weer helemaal opgeknapt, kan ik wel zeggen. En dat voor € 14, inclusief wijn en water.
Het was vandaag prachtig weer, goed om te lopen. Ik merk dat het allemaal gewoon begint te worden: ‘s ochtends sta je op, gaat aan de wandel, je komt weer aan, zoekt een slaapplaats, doet je wasje, dat er overigens wel een beetje smoezelig begint uit te zien, gaat onder de douche, eten en dan naar bed. Ik loop nog steeds hele stukken, waar ik niemand tegenkom en dat is wel een beetje saai, want juist die ontmoetingen maken het zo leuk. Maar goed, zulke stukken zitten er ook in natuurlijk en als ik straks ‘in de file’ in Spanje loop, verlang ik hier waarschijnlijk naar terug. Ik heb vanavond wel besloten de paden door de bossen te gaan vermijden, want dat is gewoon geen doen. Je staat iedere keer tot je enkels in de bagger, het is overal te nat. Nog steeds doorwaad ik heel diepe plassen en dat word je aardig zat op den duur. Wat dan wel weer erg leuk is, is dat als je bij zo’n plas komt en er langs wilt lopen, er ineens honderden kikkers van alle kanten in de plas springen. Het zijn niet dezelfde kikkers als bij ons, deze zijn veel slanker en ze komen overal vandaan. Als je er dan eenmaal voorbij bent, hoor je ze nog een hele tijd opgewonden kwaken.
Ik zit nu bij het Lac d’Orient, een meer dat helemaal omgeven is door bossen en ik zit nu in een dorp dat de weidse naam La Loge-aux-Chèvres draagt, maar dat eigenlijk geen naam mag hebben, want er staan maar een stuk of 4 huizen. Ik logeer vannacht middenin het bos in een gîte met 12 bedden. Er is nog een meisje, verder is het leeg. Dus ik waan me in de oerwouden van Afrika of zoiets.
Vanavond moet ik mijn maal doen met een sandwich met ham, dus dat wordt hongerlijden. Maar geen nood, want met mijn enkel gaat het nog steeds goed en ik heb weinig blaren. Ik kan me niet goed voorstellen dat ik al 5 weken onderweg ben. Toch is dat zo en ik heb er ook al bijna 900 km opzitten. Dus op naar de eerste duizend!
km 30,89 stappen 44.778 / totaal km 848,39 totaal stappen 1.212.152
Gisteravond heb ik zitten eten met 3 gepensioneerde mariniers, officieren uit het Engelse leger. Ik heb natuurlijk trots verteld dat ik ook marinier geweest ben en ik kreeg vervolgens de ene klap op mijn schouder na de andere en het geprijs was niet van de lucht. “You are a good boy, a real marine guy. O boy, what a man, he has 16 kilos on his back and he goes straight to Santiago!” Dat was wel lachen. Nou waren het niet helemaal nuchtere Britten meer, want aangezien ze de whisky thuis hadden gelaten, waren ze maar aan de Calvados begonnen en dat hakt erin.
Het was vandaag een saaie dag, dat wil zeggen: hard doorlopen met de blik op oneindig. Er zijn hier stukken van zo’n 10 tot 12 km, waar je helemaal niemand tegenkomt en dan loop je dus constant in je eentje zonder ook maar een dorp of gehucht tegen te komen (is ook wat lastig om een dorp tegen te komen natuurlijk). Het was vandaag droog, maar vanmiddag was het gewoon erg koud. Vanmorgen ging het nog wel, maar het heeft vannacht gestortregend. Het water kwam met bakken uit de hemel. Nu kun je natuurlijk volstaan met te zeggen: “Gelukkig niet overdag, ‘s nachts lig je toch in je bed”, maar zo eenvoudig is het leven niet. Want als het ‘s nachts regent, staan de paden overdag onder water. Je moet dan door de plassen waden, er is geen mogelijkheid die te ontwijken. En als ik plassen zeg, bedoel ik ook PLASSEN. Die zijn namelijk dieper dan mijn schoenen hoog zijn en je snapt wat dan het gevolg is. Nee, het leven van een pelgrim gaat echt niet over rozen, het is hard werken geblazen.
Mijn brood heb ik opgegeten op de stoep van het gemeentehuis in een of ander dorp. Ik zit dan riant op mijn zitlap, dus Ton en Nora, elke keer als ik op mijn zitlap zit, denk ik aan jullie! Nu ben ik aangeland in Brienne-le-Chateau en omdat er geen camping is, heb ik een goedkoop hotelletje genomen. Daar ga ik straks ook eten en ik heb de kok zien lopen, maar ik weet het niet. Ik weet het niet, ik ben wat achterdochtig. Als ik maar geen andouillettes hoef te eten, want die kan ik echt niet door mijn keel krijgen. Dan zal deze pelgrim nog moeten liegen dat hij er allergisch voor is en als Jacobus dat nou maar wil vergeven…… Geer declameert al vaak met Hieronymus van Alphen: “Wie altoos wil de waarheid spreken, wordt wel beloond. Wie leugen zoekt voor zijn gebreken, wordt nooit verschoond” (Dit voor de oudere lezers onder ons). Nou, we hopen er het beste van!
km 22 stappen 31.048 / totaal km 817,5 totaal stappen 1.167.374
Het was vandaag een prima dag, lekker weer en ik heb heerlijk gelopen, niet te ver en erg gezellig. Het begon eigenlijk niet zo goed, want na 1 km had ik al drijfnatte voeten. De Marne staat zo hoog, dat veel stukken overstroomd zijn en de paden net beekjes. Dus ik had de pest in, maar na nog een kilometer kwam ik bij een bar en daar heb ik eerst maar eens koffie gedronken en met de plaatselijke bevolking gezellig zitten ouwehoeren over de tocht en waarom ik dat deed. “Het zijn allemaal Hollanders die we hier zien, zijn die zo Christelijk?” Dus ik herstel de naam van Holland in ere, allemaal Christelijke mensen, wat nou drugs in Amsterdam? Tussen de middag heb ik ook in een plaatselijk café gegeten, waar chauffeurs en werklui komen. Dus 1 menu en verder niet zeuren. Ook daar was weer heel veel te praten, met de gasten, de eigenaar en zijn vrouw. Ik zei uit de gein: “Ja, mijn vrouw wil me niet thuis hebben” en daar was de vrouw van de eigenaar het roerend mee eens. “Nou, groot gelijk, die mannen thuis, dat is niks”.
Het weer werd gaandeweg steeds mooier en het was stil op straat, zelfs in de dorpen. In een dorp zag ik niemand, alleen een klein meisje, dat op straat speelde. Ze zag mij en holde naar huis, al roepend: “Maman, Maman, kom eens gauw, want ik zie een echte pelgrim! Hij heeft een schelp op zijn rug!” Dus die moeder komt naar buiten en zegt tegen haar dochtertje, dat ze niet moet roepen, maar naar me toegaan en zeggen: “Bonjour Monsieur le Pelerin, avez-vous besoin de quelque chose?” (“Dag meneer de Pelgrim, heeft u iets nodig?”) Heel schattig, want prompt komt dat meisje naar me toe om keurig haar zinnetje op te zeggen. Ja, als pelgrim ben je hier echt iemand. Vraagje: Zijn dit nu spirituele ervaringen of alleen maar leuke belevenissen? Doet er niet toe, ik geniet ervan.
Nu heb ik een chambre d’ hôte in een echt oud vakhuis met een binnenplaats in, schrik niet, Saint Remy-en-Bouzemont Saint Genest-et-Isson, jawel, een plaats van maar liefst 38 letters. Trots zeggen ze hier dat ze de langste plaatsnaam van Frankrijk hebben. Ik heb hier een kamer en op de gang is een badkamer met bad, douche en toilet. Madame maakte haar excuses dat de badkamer op de gang is en niet in mijn kamer. Dat kan niet, want dan loopt de hele bovenverdieping onder water. Ja, dat krijg je in zulke oude huizen. Nou, ik vind het prima, want vanavond eet ik hier ook samen met de andere gasten, dus dat zal opnieuw gezellig worden. Het is wel lekker dat ik goed Frans spreek, want anders mis je al die leuke dingen. Dat zal in Spanje best tegenvallen.
Het enige nadeel is dat mijn mobiel bijna geen bereik heeft hier, dus dan moet ik naar de brug wandelen, er middenop gaan staan en dan kan Gery me verstaan. Als ik op het bankje ga zitten 10 meter verderop, valt de telefoon uit. Gery leest me trouw alle commentaren voor en vandaag was er zelfs een totaal onbekende die reageerde. Leuk Marjon, wie je dan ook mag zijn.
km 32,5 stappen 47.145 / totaal km 795,5 totaal stappen 1.136.326
Geloof het of niet, maar het was vandaag schitterend weer. Zo warm dat ik in de korte broek heb gelopen. Om nou te zeggen dat ik er dan fraai uitzie is een tweede. Ik rits dus de pijpen van mijn broek en dan heb ik een ‘lange’ korte broek. Daaronder beginnen halverwege mijn kuiten mijn schoenen, dus mijn benen hebben maar een klein stukje om bruin te worden. Maar dat mag de pret niet drukken, ik loop lekker zo. Ik heb vandaag een forse afstand gelopen, voornamelijk langs de Marne en het jaagpad langs het kanaal. Dat was wel lollig, aangezien er een plezierjacht door het kanaal voer en dat moest bij elk sluisje wachten, dus dat voer mij steeds voorbij en dan haalde ik het bij de volgende sluis weer in. Dus aan zwaaien geen gebrek en je ziet, dat ik zelfs in korte broek en op hoge schoenen nog in trek ben. Ik ben doorgelopen tot Vitry-le-Francois, omdat daar een camping zou zijn. Die was er ook, alleen was die nog dicht. En zo ben ik ‘noodgedwongen’ weer in een hotel beland en dan nog wel een ‘Logis de France’. Kijk, ook een arme pelgrim moet met zijn tijd meegaan oftewel, ook de levensstandaard van een pelgrim is in de loop der eeuwen omhoog gegaan. Een ‘Logis de France’ staat bekend om het lekkere eten en dat ga ik ook weer eens uitgebreid doen, want dat heb ik wel verdiend. Ik heb al een paar dagen eenvoudig gegeten, dus nu wordt het tijd voor een diner!
km 21,38 stappen 30.990 / totaal km 763 totaal stappen 1.089.181
Het was vandaag zowaar een rustig dagje en…het bleef droog. Vanmorgen was het hartstikke koud en mistig, dus van de champagnewijngaarden, waar ik doorheen liep, heb ik niet veel gezien. Vanmiddag heb ik langs allerlei kleine kanaaltjes gelopen en uiteraard was de camping nog 7 km verder dan Chalons-sur-Marne, dat tegenwoordig deftig Chalons-en-Champagne heet. Jawel, we worden modern, ook hier. Ik at vanavond bij de Flunch en het viel me op dat ook hier veel dikke mensen zijn en dat ze zich lang niet meer zo goed kleden als voorheen. Ik wilde in Chalons heel graag de kerk zien, omdat daar 3 gebrandschilderde ramen van St. Jacques zijn, maar de kerk bleek al 2 jaar dicht te zijn, dus helaas.
Net heb ik de route voor morgen besproken met 2 fietsende pelgrims. Een van de twee gaat ook weer terug op de fiets en zal dus bijna net zo lang onderweg zijn als ik. Morgen wordt het vast weer een flinke tippel, want er is gewoon anders geen plaats om te overnachten. Dat zien we verder dan wel weer, voorlopig fluiten de vogeltjes rond mijn tent er lustig op los. Jinze, betekent dat dat het morgen mooi weer wordt of juist niet? Zo’n natuurmens ben ik nou.
km 26,36 stappen 38.210 / totaal km 741,62 totaal stappen 1.058.191
Kijk, je moet natuurlijk nooit overmoedig worden en te vroeg over welbehagen praten, want het was me vandaag toch een dag. Toen ik om kwart voor 9 uit Reims vertrok, viel de regen met bakken uit de hemel en het is al met al vandaag misschien 2 uur droog geweest. Eerst heb ik ruim 2 1/2 uur langs het kanaal gelopen en toen ben ik dwars door het bos gegaan, maar ben daar hopeloos verdwaald. Dat komt omdat de route hier erg slecht aangegeven is. Als ze een kruis zetten wat betekent dat je die weg absoluut niet moet nemen, blijkt later dat je die weg toch juist wel had moeten nemen. Wat een land, dat Frankrijk! Enfin, ik liep daar zeker 10 km door dat bos te dwalen en nergens een huis of geluid, waarop ik me kon oriënteren. Ik wist niet meer of ik naar links, rechts, voor- of achteruit moest. Uiteindelijk kwam er een engel in de gedaante van een soort Jinze, een boswachter dus, die uiterst verbaasd vroeg: “Wat doet u hier? U hoort hier helemaal niet. Dit is niet de route naar Santiago”. Daar hebben we toen eerst maar even om gelachen en toen heeft hij me een weg in de goede richting gewezen. Nou, die richting was wel goed, maar de weg? Die was veranderd in een modderige rivier, dus het was glibberen, glijden en vallen. Toen ik uiteindelijk het dorp Trépail had bereikt, zag ik er dus niet meer uit. Ik heb aangeklopt bij een producent van champagne en gezegd dat ik wist dat ik er niet uit zag, maar dat ik een slaapplaats zocht. “Ja”, zei hij, “die heb ik niet voor je, maar kom eerst maar eens een glas drinken”. En zo zat ik, van top tot teen onder de modder, heel sjiek een glas champagne te drinken! Daarna heeft hij zijn dochter gebeld, want die verhuurde wel kamers en nu zit ik op te drogen in een grote boerderij, helemaal voor mij alleen en heb de beschikking over een woonkamer, een keuken, een grote slaapkamer en een douche. Ik heb lekker gedoucht, mijn hamburgertjes staan te bakken en nu heb ik zowaar toch weer een gevoel van welbehagen, alleen dit keer niet van de wandeling. Wat dit kost? Er ligt een briefje op tafel, dat de kosten naar eigen vrije wil zijn voor pelgrims, je legt maar neer wat je kunt missen. Wat een land, dat Frankrijk!
km 15,63 stappen 22.666 / totaal km 715,26 totaal stappen 1.019.981
Hier dan met veel gezwoeg weer een berichtje van mij. Na het eten vanavond maar eens geprobeerd iets te versturen. Niet eenvoudig, want dit toetsenbord is volgens mij weer anders dan de andere, maar dat kan natuurlijk niet.
Heerlijk om al die commentaren te lezen. Er zijn erbij die zowat elke dag iets te ‘commentaren’ hebben. Om nu misverstanden te voorkomen, ik loop niet altijd zingend door de bossen, hoor. Vanmorgen bijvoorbeeld was het verschrikkelijk nat weer en dan loop je in je poncho (waar je toch nat in wordt) te glijden en te baggeren over paden, die eigenlijk zo niet genoemd mogen worden. Kortom, dan is het dus afzien en jezelf tegenkomen. Eindelijk heb ik daar een motief voor gevonden. In de modder dus.
Gisteren ben ik over de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog gelopen. Het was heel stil daar, want er waren geen verkeerswegen en er was ook geen wind. Dat was heel indrukwekkend om je te moeten indenken dat daar op 10 vierkante meter wel iemand is omgekomen. Het gezin waar ik gisteren heb geslapen, woont op een boerderij die midden in het front heeft gestaan. Nu nog vinden ze daar in de omgeving elke week granaten.
Dit is een fantastische tocht op alle fronten. De contacten met anderen, mede-pelgrims en Fransen, en het landschap werken bijna therapeutisch. Een andere pelgrim zei dat hij het gevoel had in therapie te zijn, maar dan was hij therapeut en cliënt tegelijk.
Over twee weken in Vezelay: dan heb ik de belofte aan mezelf in ieder geval ingelost. Het aankomen hier in Reims was al een beetje emotioneel. Als je te voet bent, kom je echt ergens aan, want je ziet het al uren tevoren. Dan komt Gery misschien ook daarheen: daar zie ik wel naar uit in allerlei opzichten. Ik hoop zij ook.
Voor wat betreft de sponsoring, daar heb ik heel lang over nagedacht en met anderen over gepraat. De meningen zijn verdeeld, dus ik moet hier zelf in beslissen. Juist omdat deze hele reis mijn eigen idee is en ik het ook voor mezelf doe, vind ik niet dat ik hier een doel voor moet noemen. In de eerste plaats zou ik niet weten welk doel, want dan sluit je andere doelen uit. En vooral vind ik dat ik in geen enkel opzicht straks verplichtingen moet voelen om door te gaan voor dat goede doel dus. Er is geen enkele reden om mezelf later op de borst te slaan: kijk eens wat ik bijeen heb gelopen. Iedereen is natuurlijk vrij te geven aan welk goed doel dan ook; maar dat kan toch ook zomaar?? Ik hoop dat ik ooit nog eens duidelijker kan maken dat een sponsoring op dit moment voor mij niet goed is. Het is mijn eigen tocht, die ik zelf ga maken. Kortom, ieder moet toch zijn eigen leven (lees camino) volgen.
Ik weet niet wanneer ik weer een computer vind, maar iedereen heel erg bedankt voor de support. Het voelt goed. En verder: ULTREIA.
km 31,12 stappen 45.105 / totaal km 699,63 totaal stappen 97.315
Kirkegaard heeft eens geschreven: “Ik wandel mij elke dag in een staat van welbehagen”. Ik moet hem van harte gelijk geven. Zelfs vandaag, nu ik bijna de hele dag in de regen heb gelopen en het af en toe echt noodweer was. Tussen 12 en 1 uur vanmiddag was het even droog, maar hoorde je het in de verte alweer onweren en daarna begon het weer, heel veel buien, dus poncho aan, poncho uit. Maar zelfs vandaag wandelde ik mij in een staat van welbehagen, zelfs al kon ik geen slaapplaats vinden en had ik om half zes vanavond nog niets. Op het adres dat ik belde, kreeg ik het antwoordapparaat en dus ben ik maar weer doorgelopen, want ze konden wel het hele weekend weg zijn en morgen is hier een vrije dag vanwege 8 mei. Ik overwoog om dan maar ergens in het wilde weg mijn tentje op te zetten, maar je zult het altijd zien, weken heb ik door de bossen gelopen, waar dat heel gemakkelijk had gekund, nu liep ik door bieten- en graanvelden en om daar nu tussen te gaan staan?? Dus ik begon al te vrezen dat ik bij nacht en ontij over de weg zou dwalen, toen mijn mobieltje afging: de mevrouw waarheen ik gebeld had, had mijn nummer op het antwoordapparaat gevonden en belde om te zeggen hoe erg ze het vond dat ze niet thuis was, want ik had mijn tentje zo in de tuin kunnen zetten en hoever was ik nu? Kon ik nog terugkomen? Toen ik vertelde waar ik was, zei ze: “Over 3 km is er een dorp, daar moet u gaan naar dat en dat adres en ondertussen bel ik hen op en vraag of ze plaats hebben!” Dat geeft de burger moed en bovendien passeerde mij 500 meter voor het bewuste dorp een auto, die op de rem trapte en toen achteruit naar mij toe kwam rijden met 2 mensen erin, die zeiden: “Stap in, we brengen je naar het dorp” “Dat hoeft niet”, zei ik heldhaftig, “Het is nu nog maar 500 meter” en toen kreeg ik een woordenstroom over me heen waar ik bijna van ging blozen, dat ik zo ‘courageux’ was en zo flink en of ik wel wist hoe geweldig ik eigenlijk wel was, enz. enz., dit alles met heel veel ‘Oh’s’ en ‘Ah’s’. Toen belden Marnix en Gery ook nog om bezorgd te vragen of het nog ging en dat ze medelijden met me hadden, dus je begrijpt, het laatste stukje vloog ik bijna. En nu zit ik in Berméricourt op een heel grote boerderij bij een heel vriendelijk echtpaar. En ook dat ging op z’n Frans: de man is uiteraard de baas, alleen niet in huis. Mevrouw was niet thuis en ik moest meteen binnenkomen en kreeg een stoel en alle aandacht, maar of ik kon blijven slapen, ja, dat kon hij niet beslissen, dat moest hij toch aan moeder de vrouw vragen. Nou, mevrouw kwam thuis en het was natuurlijk prima, maar ze putte zich uit in verontschuldigingen dat ze vanavond alleen soep met brood hadden. Als ze het nou toch eerder geweten had, dan zou ze uitgebreid gekookt hebben. Duizend excuses, ook al zei ik dat dat geen enkel probleem was. Nu heb ik een enorme kamer voor mezelf en zit nog maar 15 km van Reims af, dus morgen ben ik daar met de middag. Dan ga ik daar weer een hotel nemen, want de gymzaal van vannacht was gratis en het eten gisteravond € 13, dus dan kan het wel weer een keer.
5 mei 2006: km 32,53 stappen 47.147
6 mei 2006: km 27,58 stappen 39.984
totaal km 668,51 totaal stappen 952.210
Gisteren heb ik een flink stuk gelopen, maar dat kon niet anders, aangezien je hier niet veel overnachtingsplaatsen hebt. Het is een leeg land en met de auto ben je zo 20 km verder, maar lopend natuurlijk niet. Enfin, tot nu toe heb ik steeds kunnen slapen, dus het zal allemaal wel loslopen. Het was erg warm en het heeft geonweerd. Ongeveer 10 km voor Signy l’Abbaye werd ik aangehouden door een meneer, die me na het gebruikelijke praatje uitnodigde voor een kop koffie. Toen stapte ik een echte ouderwetse Franse boerderij binnen, waar iedereen aan een grote lange tafel zat en aan het hoofd daarvan een oude grootvader. Die luisterde naar ons gepraat en vroeg toen aan zijn zoon waar ik vandaan kwam. “Het is een Hollander”, zei de zoon, ‘Hij komt uit de buurt van Amsterdam”. Waarop de oude man zijn hoofd schudde en zei: “Dat kan niet, want hij spreekt net zo Frans als ik.” Dus dat was een groot compliment. Vervolgens verbood hij me om door het bos te lopen, want dat was veel te gevaarlijk, ik zou absoluut verdwalen en als ik daar dan alleen liep, nee, dat kon echt niet. Dus ik heb hem maar gehoorzaamd. Mijn overnachtingsplaats was Signy l’Abbaye en daar bestond de camping uit het trainingsveld van de plaatselijke voetbalclub. Die waren gisteravond ook gewoon aan het trainen op het veld, dus af en toe kreeg ik een bal op mijn tent, dat was wel komisch. Ik heb weer eens ouderwets goed Frans gegeten gisteren: Oeuf à la mayonaise, sla, een plateau de fromages en een flan toe. Dus ik kon er tegen vandaag. De route door dit gebied is wat saai, je merkt dat je aardig in de buurt van de Champagne terechtkomt. Het klopt dus wat ik erover gelezen heb, iedereen schijnt dit een saai stuk te vinden en iedereen klaagt over gebrek aan slaapplaatsen, dus vooruit maar. Het was heerlijk wat de temperatuur betreft, niet te warm en niet te koud. Ik had een fikse regenbui van 2 uur. Nadat ik daar een tijd in gelopen had, kwam ik een bushokje tegen, daar ben ik in gaan zitten en heb een sandwich en een pain au chocolat gegeten en toen ik weer reisvaardig was daarna was het droog. Nu ben ik aangekomen in Chateau-Porcien en heb vannacht weer een nieuw soort overnachting: we hebben eerst met 7 pelgrims tegelijk moeten wachten op de sleutel van een school en nu slapen we vannacht met zijn allen in de gymzaal. Dat is weer een heel andere belevenis, er worden links en rechts van me ook wat zorgen geuit over eventuele snurkers, maar dat mag me de pret niet drukken. Het speelplein grenst aan de straat en aan het schoolhek daar hangen nu 7 wasjes te drogen, een leuk gezicht wel. Vanavond gaan we met zijn zevenen eten in de bar hier aan de overkant, dus dat kan gezellig worden. Zo zie je, elke dag is anders, ik vind het nog steeds fantastisch allemaal en mijn enkel blijft hetzelfde, wordt niet erger, dus ik houd de moed erin. Ik kreeg al klachten vanuit Heemskerk, dat ik veel te hard ga, want Suzanne wil een weekje meelopen en dan moeten Ton en Gery haar nog wel kunnen brengen in een weekend. “Ja”, sprak ik ferm, “Dat is jouw probleem!”
km 18,88 stappen 27.369 / totaal km 608,40 totaal stappen 865.079
Jullie zien, het is het korte stuk geworden. Dat kwam vanwege die hongerige maag natuurlijk. Dus vanmorgen eerst maar eens naar de bakker om die hongerige maag te vullen. Het was vandaag prachtig weer en een mooie tocht, alleen heb ik door 5 beken heen moeten waden, waarbij ik zelfs af en toe mijn schoenen moest uittrekken en dat is geen klein bericht. Middenin het bos stond een hut en daarin een stok, die op mij stond te wachten. Dus ik heb nu een stok en een staf, die mij vertroosten. Alleen, terwijl ik dit schrijf, zie ik hem niet meer, dus ik vrees dat ik hem op het terras heb laten liggen. Dat terras was noodzaak. Ik was om 2 uur in Rocroi, bekend vanwege de slag van Rocroi in 1623, waar Condé in opdracht van Lodewijk XIV de Spanjaarden versloeg (dat wisten jullie toch zeker wel?) en ja, dat was wederom te laat voor het eten. Wat moet je dan? Ja, dan ontmoet je een medepelgrim en wordt het dus echt tijd voor een terrasje. En ik moet zeggen, een paar pilsjes vult ook aardig. Je ouwehoert wat af op zo’n tocht, want iedereen begint een praatje met je, geweldig is dat.
Wij als pelgrims hebben eendrachtig besloten dat een pelgrim natuurlijk wel hoort te lijden, maar niet te veel. Het moet wel binnen de normen blijven. En de mensen die zo’n Grande Randonnée uitzetten, zijn sadisten, anders zouden ze je niet door al die beken laten waden. Dat had heus wel anders gekund, vonden wij. En nu moet ik straks weer terug naar dat terrasje om te kijken of mijn staf er nog ligt. Ja, het leven is zwaar. Ik heb al een paar sokken ook versleten, mijn tenen komen er doorheen. Ik hoop dat Gery naar Vezelay kan komen, als ik daar eenmaal ben, dat zou wel leuk zijn en dan kan ze meteen nieuwe sokken meenemen en kan ik mijn winterkleren aan haar mee terug geven. Gek, hè, maar ik heb nog niet één keer gedacht: “Gatver, ik wil niet meer”, zelfs niet als mijn enkel zeer doet. Dan denk ik hoogstens: “Hoe los ik het op?” Dus Sus-ter-Nightingale, je kunt gerust komen, je zult genieten!!
km 24,93 stappen 36.135 / totaal km 589,52 totaal stappen 837.710
Nog even over de telefoon: blijkt ook nog dat ik de sms-jes erbij moet kopen! Dus ik heb ferm tegen Geer gezegd: “Je krijgt nog 1 sms-je en daarna kun je ‘t schudden”. Is ze het geloof ik niet helemaal mee eens.
Het was vandaag warm, maar er waren onderweg wel een paar flinke stortbuien. Nu lig ik voor mijn tentje in de zon in Oignis-en-Thiécuterache en….hier is het weer België. Ja, een mens ziet wat landen onderweg, zullen we maar denken. Onderweg ontmoette ik een paar maal hetzelfde echtpaar, dat onderweg is naar Lourdes, dus dat werd steeds een praatje. De man heeft zijn bedrijfje verkocht om nu eens ‘leuke’ dingen te gaan doen, zoals, zei hij: “Elke morgen om 7 uur de deur uit om een hele dag te gaan lopen!” Daar hadden we wel lol om, want als je baas zou zeggen dat je dit moest doen, zou je de Arbo erbij gehaald hebben. Ach ja, een mens zijn lust is een mens zijn leven, moet je maar denken.
Ik heb eerst langs de route nationale gelopen, maar daar is niets aan, de rest van de dag liep ik grotendeels door de bossen, dat is het betere werk. Ik had een knoert van een blaar aan het kleine teentje van mijn linkervoet, die heb ik eens liefdevol verzorgd, dat is verder geen probleem. Verder zag ik bij het uitstippelen van de route voor morgen dat ik of een heel lang stuk moet lopen of een heel kort stuk. Daar tussenin is niets. Ik weet nog niet wat het wordt, maar dat is ook geen probleem. Het stuk wat nu volgt tot Vezelay is een lastig stuk, omdat er heel weinig overnachtingsmogelijkheden zijn. Ook dat is verder geen probleem, dat lost zich wel op. Wat dan wel een probleem is? Dat hier in dit dorp geen enkele winkel is en dat er maar 1 restaurant is, dat….op woensdag dicht is! Het zal toch niet waar zijn dat ik vanavond moet leven op 2 “pains au chocolat”?
km 24,43 stappen 35.415 / totaal km 564,59 totaal stappen 801.575
Vanmorgen vertrok ik om half 10 uit Dinant bij schitterend weer: zonnig, een beetje wind en zo’n 20 graden. Dat is de hele dag zo gebleven. Bovendien had ik een geweldig ontbijt op met speciale kaassoorten, eigengemaakte jam en zo. Het kon niet op en ik kreeg ook nog een hele zak brood mee voor onderweg. Dus het was vandaag niet moeilijk om tegen een mevrouw in een auto te zeggen: “Nee, ik heb mezelf beloofd het hele eind te wandelen”, toen ze stopte en vroeg of ik mee wilde rijden. Haar antwoord was wel komisch: “U loopt toch niet helemaal naar Jacques Compost?” en toen ik zei van wel, riep ze: “O, wat jammer voor mij dat u niet mee wilt rijden, want ik houd nou juist zo van mannen met principes!” Dat principe moest ik een uur later opnieuw verdedigen. Ik liep langs de spoorlijn en daar waren spoorwegwerklui bezig en die maakten uiteraard ook een praatje met me. Waar ik vandaan kwam en waar ik naar toe ging en zo. Een van hen riep spontaan uit: “Joh, ik werk bij de trein en met de trein ben je in 10 minuten in Givet”. Maar ik bleef sterk en waardig, zelfs toen ik vertelde dat een mevrouw me vanochtend ook al een lift wilde geven en ze zeiden: “O la la, je mag een vrouw nooit iets weigeren!”
En…ik kwam in Givet en passeerde dus de Franse grens. En dat ik echt in Frankrijk ben, merkte ik meteen al toen ik een nieuwe Franse Simkaart ging halen voor mijn telefoon. Het begon heel eenvoudig: Ik stap de telefoonwinkel binnen en vraag om een Simkaart. In België ging dat heel gemakkelijk, maar hier natuurlijk niet. Ik moest een hele rits formulieren invullen en vervolgens mijn paspoort laten zien. De kosten? € 45. “Zo”, zei ik, “dat is behoorlijk aan de prijs, in België kostte die maar € 20. “Ja, in België”, zei de man laatdunkend, “maar dit is Frankrijk en hier kost ie € 45″ Ik had nog maar € 4,50 aan beltegoed, dus wilde meteen opwaarderen. Fout, fout, fout, dat kon natuurlijk niet, daarvoor moest ik naar de tabac om een ‘rechargement’ te halen. Ik begaf mij dus naar de dichtstbijzijnde tabac. Nou kijk, ze verkochten die en normaal gesproken zou ik dus daarvoor op het juiste adres zijn, maar ja, het systeem van de ‘rechargements’ was ‘en panne’ en dus had geen enkele tabac in Givet vandaag de mogelijkheid tot ‘rechargement’. Misschien kon ik het eens op het postkantoor proberen? Dus naar het postkantoor, achteraan in een hele lange rij, netjes achter de gele streep blijven. Ondertussen praat iedereen met iedereen en de mensen achter het loket praten ook met iedereen en met elkaar en zo kan het echt gezellig zijn, alleen schiet het niet hard op. Maar ik kwam aan de beurt en ja hoor, ze hadden een ‘rechargement’. Ik blij naar buiten met mijn bonnetje, keurig het nummer gedraaid dat erop stond, helaas……. geen sjoege. Rechtsomkeert het postkantoor weer in, de mevrouw achter het loket keek ernstig, maar vond meteen de oplossing: “Dat komt omdat het een Hollandse telefoon is, daarom doet ie het niet. Weet u wat? Gaat u maar naar de telefoonwinkel, daar kunnen ze het wel.” En zo was het cirkeltje rond en kwam het uiteindelijk in orde. Heerlijk land! Maar nu ook voor de volledigheid even een andere kant: ik sta hier op de camping in Givet, die gewoon netjes aan het begin van het dorp is, zoals het hoort, waar ik zonder muntje of wat ook zoveel warm water krijg als ik maar hebben wil, gratis en voor niets en de overnachtingsprijs is……€ 2,95!!!
Ik heb inmiddels alle commentaren gelezen van de website en vind het geweldig zoals jullie aan me denken en meeleven! Het is heel leuk om al jullie berichten te lezen!! Bedankt allemaal! Verder lijkt het misschien alsof ik de hele dag alleen maar avonturen beleef, maar dat is natuurlijk niet helemaal waar. Ik loop soms ook uren zonder een woord met iemand te wisselen. Vind ik dat erg? Nee, ik vind dit nog steeds een ultieme bezigheid voor mij!! Over 3 à 4 weken hoop ik in Vezelay te arriveren, dus wie me post wil sturen, kan dat nu zo ongeveer wel gaan doen (het poste restante adres staat op de pagina ‘Kaartje sturen’).
Wat mijn enkel betreft, ben ik te vergelijken met Paulus, die reisde ook heel Europa door met ‘een doorn in zijn vlees’. ‘s Morgens moet ik even op gang komen, maar als ik eenmaal in mijn schoenen zit, gaat het na een kwartiertje prima en tegen de avond, als ik moe begin te worden, gaat hij weer opspelen. Maar als het zo blijft, kom ik er wel!
Even de laatste berichten van het thuisfront. Gisteren kwam de neuroloog drie minuten bij het bed van Marnix staan om te zeggen dat hij wel naar huis kon. Punt. En weg was hij. Dus Marnix zei tegen de verpleging dat hij dit eigenlijk geen stijl vond, want wat schiet hij hier nu mee op? Hij had toch wel een paar alternatieven verwacht. Vond de verpleging ook en zei dat ze een afspraak voor hem gingen regelen met de neuroloog, want dat hierover gesproken moest worden. Goed, ik heb hem opgehaald, zijn bed in zijn woonkamer gesleept, zodat hij tenminste tv kon kijken en zo scharrelt hij nu een beetje door zijn huis, maar lekker gaat het niet. Hij kan heel slecht lopen en absoluut niet zitten, nou, dan wordt je wereld erg klein. Vanmorgen kreeg hij de sleutel van zijn nieuwe huis, dus ik kwam hem halen en toen ging de telefoon…het ziekenhuis, dat hij om 12 uur met de neuroloog kon praten. Het was kwart voor 12, dus eerst naar het ziekenhuis. De neuroloog zei zowaar iets, dat leek op een excuus. Hij begreep nu toch ook dat dit zo niet kan en er toch iets zal moeten gebeuren. Nu krijgt hij op de pijnpoli een zenuwblokkade om te kijken of dat helpt en verder gaat hij naar een revalidatie-arts. Dan moet die in ieder geval maar iets bedenken, waardoor het voor hem weer een beetje leefbaar wordt, want hier word je niet vrolijk van.
Toen maar weer naar huis, zodat hij een poos kon liggen en uiteindelijk toch de sleutel gehaald en even in zijn nieuwe domein gekeken. Het is een leuk appartementje, vrij grote woonkamer met keuken en een grote slaapkamer. Het enige minpunt is eigenlijk het uitzicht, of liever gezegd: hij heeft geen uitzicht, maar verder ligt het midden in de stad en dat is leuk, want je zit overal dichtbij en zeker nu is dat een groot voordeel natuurlijk. Er moet nog wel het een en ander aan gebeuren, plafonds gewit en muren gesaust, want hij vond een lila slaapkamer niet echt het einde. Dat is zacht uitgedrukt, want het is gewoon afgrijselijk en bovendien zou ik ook niet in een blauwe woonkamer willen zitten. Hij vindt het uiteraard vreselijk dat hij niets kan doen, maar hij heeft nog 5 weken om te verhuizen en ik ben vanwege mijn landgoed inmiddels een ervaren verver. Ja, ik denk om mezelf (om vast enige vragen voor te zijn) en mijn gordelroosje in de nabloei, en als het niet lukt, dan is er altijd nog de ‘echte’ schilder. Ik heb wel binnenpret, want het loopt natuurlijk altijd anders dan je denkt. Toen Theo net weg was, dacht ik: “Hoe houd ik mezelf nu bezig ‘s avonds en in het weekend en zo?” Nou, dat probleem is tenminste opgelost, de dagen vliegen voorbij.
Marnix en ik genieten elke dag van Theo’s verhalen en het feit dat het tot nu toe zo lekker gaat. Dat maakt heel veel goed en zeg nou zelf, zien jullie Theo muren schilderen of zo? Hij kan van alles, die schat, maar bij zulk werk is het beter dat hij ver uit de buurt is. Kortom, wij als thuisfront versagen niet!
30 april: rustdag 1 mei: km 25,87 stappen 37.494 / totaal km 540,16 totaal stappen 766.160
Nou, verroest ben ik wel na mijn rustdag en vandaag, want er is heel veel regen gevallen. Gisteren was het mijn vrije dag en dus heb ik voor mijn plezier en om het niet af te leren met Arij en Ellen door Namen gewandeld. Fluitje van een cent zonder rugzak. We hebben een paar musea bezocht, een grote kaars voor Marnix aangestoken en ‘s middags hebben we naar de regen gekeken en Ellen heeft pannenkoeken gebakken en ‘s avonds hebben we bij een Italiaan gegeten, heel gezellig. Ook de nachten waren regenachtig en koud, maar ik had van Ellen dekens gekregen, dus lag lekker warm ingepakt in mijn tentje.
Vanmorgen ben ik beladen met broodjes en fruit en met een grondzeil, dat zorgvuldig door Arij was schoongeveegd, door hen weer op de route afgezet. Ze hebben een prachtige caravan, van alle gemakken voorzien, alleen is het tafeltje een beetje klein, kleiner dan in de vorige. Tenminste, dat heb ik van Arij begrepen. Het was ijskoud en vanaf half 12 heeft het geregend. Ik had zodoende nogal wat te drogen en besloot daarom aan te kloppen bij de Leffe-abdij (ja, die van het bier!) Maar daar ving ik bot, de monniken lieten niemand meer slapen, want er kwamen veel te veel pelgrims. Nou ja, het zou natuurlijk wel erg zijn als ze geen tijd meer hebben om goed bier te maken met al die pelgrims. Dus toen maar naar de VVV in Dinant. In Dinant heb ik een praatje gemaakt met een mevrouw die met haar hond liep te wandelen en die vertelde dat zij de tocht samen met haar man gelopen had en dat haar man voor zijn dood had gezegd dat ze het ook nog eens moest doen als hij er niet meer was. Maar dat kon ze niet, dat zou teveel verdriet doen. Of ik nu maar een kaarsje voor haar wilde branden, of als dat niet kon, was alleen even aan haar denken ook goed. Zo kom je allerlei soorten mensen tegen, ieder met een eigen verhaal.
Ik heb nu een chambre d’ hôte, ongeveer 1 km van Dinant met uitzicht op de Maas, dus het is weer prima voor elkaar hier. Ik weet niet of het door mijn kaars branden komt, maar ik hoor van Gery dat Marnix weer thuis is, omdat ze hem niet gaan opereren en er verder weinig aan te doen is dan wachten tot het beter gaat. Nou, dat kun je thuis ook doen. Artsen schijnen heel veel te kunnen tegenwoordig, totdat jij binnenstapt, dan gaat die vlieger ineens niet meer op. Ja, Jacobus zal er aan te pas moeten komen, dus nog maar een paar kaarsjes branden!
km 21,17 stappen 30.687 / totaal km 514,29 totaal stappen 728.666
Vanmorgen heb ik natuurlijk als rechtgeaard Nederlander vanwege Koninginnedag staande naast mijn rugzak het Wilhelmus gezongen met de klompjes van Ursula in mijn opgeheven rechterhand. Het kostte wat moeite om rechtop te blijven staan, maar dat zou wel eens te maken kunnen hebben met de hoeveelheid wijn die mijn gastheer gisteravond heeft geschonken. Het was nog een hele klim naar de zolder, maar ik heb een ontzettend leuke avond gehad. We hebben gediscussiëerd dat de stukken eraf vlogen, alleen moet je me nu niet meer vragen waarover.
Maar na wat stevige hagelbuien was ik weer goed bij de positieven en heb er een rustige wandeling van gemaakt door de bossen. In Namen zou ik voor de kathedraal op Arij en Ellen wachten. Aangezien ik eerst bij toeval langs de Eglise St. Loup kwam, ben ik daar ook maar even gaan kijken en toen bleek weer eens dat mijn schelp helemaal geweldig is. Er stond een groepje mensen met elkaar te praten en ineens komt een mevrouw uit dat groepje naar me toe met de vraag: “Gaat u onderweg of bent u al onderweg?” Dus ik vertelde wat ik aan het doen was en vervolgens vroeg ze: “Meneer, mag ik met u op de foto?” Wie van jullie is wel eens door een wildvreemde aangeklampt met de vraag of je met hem of haar op de foto wilt? En dan nog wel in België? En denk nou maar niet dat je dat ook wel kunt bereiken door met een schelp achterop je jas te gaan lopen. Je moet er wat voor doen!! Jacobus herkent de ware Jacob’s!
Overigens hebben Arij en Ellen vandaag bijna net zoveel gelopen als ik. Zij kwamen Namen binnen en zagen toen een parkeergarage, die De Kathedraal heette. Slimme Nederlanders als zij zijn, zetten zij daar natuurlijk hun auto neer, waarbij zij totaal over het hoofd zagen, dat zij in België waren. Want in België kan de parkeergarage dan wel De Kathedraal heten, maar als je eruit komt, is de kathedraal echt precies aan de andere kant van de stad! Logisch toch? Geen nood, ze kwamen er en pikten mij op om naar de camping 20 km verderop te gaan. Geen kunst als je een auto hebt. Dus nu heb ik weer eens riant in een auto gezeten en zag de bomen aan mij voorbijflitsen. Dat was zeer comfortabel, mag ik wel zeggen. Argwanenden onder jullie zullen nu denken: “Ja, zo kan ik ook pelgrim zijn”. Laat ik jullie dan mogen verzekeren dat die 20 km de verkeerde kant opgaan en ik er dus geen voordeel van heb. Ik begreep van Gery dat er nog geen verder nieuws over Marnix is, dus we wachten maar af. Ik wilde al op mijn schreden terugkeren, maar ik mag niet van het thuisfront. “Ieder zijn taak”, zegt Geer en de mijne is lopen dus. Maar morgen is het zondag en ik ga er dan een rustdag van maken, dus dan wordt er niet gelopen. Gery heeft de hele website, inclusief alle commentaren voor me uitgeprint, dus die ga ik eens uitgebreid lezen, wel zo makkelijk, op papier en op mijn luie kont!
Wie nu denkt dat er intussen op het thuisfront niets gebeurt, kent ons niet. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: Marnix heeft geniest! Dit geheel alledaagse gebeuren heeft er bij hem toe geleid, dat hij daarbij het gevoel had of iemand met een mes in zijn rug stak. Vervolgens ging het licht bij hem uit en werd hij wakker op de vloer van de keuken. “Komaan”, dacht hij, “ik hoor hier niet”, maar hij kon niet opstaan en heeft zich vervolgens met ware heldenmoed naar de telefoon gesleept. Als een goede moeder heb ik uiteraard het werk het werk gelaten en ben te hulp geschoten. Enfin, dokter erbij, je weet hoe dat gaat, vervolgens naar de neuroloog. Die keek even en liet toen een bed voor hem opmaken in het ziekenhuis. Dus dat ging allemaal lekker snel, vooral omdat er dezelfde dag nog een MRI-scan gemaakt is. Daar kreeg hij vanmorgen de uitslag van: 2 hernia ‘s tegelijk maar liefst! De neurochirurg kwam ook langs, maar volgens hem heeft opereren alleen zin als je ook pijn in je benen hebt en niet als je pijn in je rug hebt. Dit was weer geheel nieuw voor ons, maar alla, de chirurg is ook nog maar net afgestudeerd. Dus nu is het even afwachten wat er dan wel gaat gebeuren.
Het is heel erg beroerd voor hem, aangezien hij per 1 mei zijn andere huis krijgt en hij net was begonnen in het Kunstcentrum. Die vreugde heeft hij precies 1 dag mogen beleven.
Maar…tot nu toe zijn wij tevreden over de snelheid van handelen, dat hebben we wel eens anders meegemaakt. En ondanks alle kommer en kwel waren er toch nog een paar grappige dingen: De huisarts belde met het ziekenhuis en kreeg de boodschap dat hij een bepaalde injectie toe moest dienen tegen de pijn. Nou had hij die natuurlijk niet bij zich, dus moeder racete met hoge snelheid naar de apotheek, was alweer bijna terug, toen de huisarts belde dat hij ook nog een ontsmettingsdoekje nodig had. Met ware doodsverachting het stuur weer omgegooid en al met al heeft het zo ‘n 3 kwartier geduurd voor ik weer terug was. En al die tijd heeft de huisarts bij Marnix gezeten. Hij had ook de band, die je om je arm krijgt om de aderen goed te zien, niet bij zich, maar gezamenlijk hadden zij besloten dat het ook heel goed ging met de oplader van de mobiel. Kijk, dat vind ik nou geweldig zoiets, we hebben echt een super huisarts.
Verder zaten we in de onderzoekkamer van het ziekenhuis op de dokter te wachten, toen ik ineens een plastic flesje met nog een klein beetje alcohol erin zag staan, dat nou net zo mooi klein en flexibel zou zijn om wasmiddel voor Theo in te doen. Dat flesje stond gewoon te vragen om gepakt te worden. Marnix zei: “Stop in je tas” en dat flesje leek mij bemoedigend toe te lachen, dus ik pak het, doe mijn tas open, houd het flesje erboven, zeggend: “Nou ja, het is zo ‘n handig flesje”en…….. daar opende de deur zich en kwam de dokter binnen. Ik voelde me 3 en Marnix lag dubbel. De dokter zei niets, maar toen hij weer weg was, zei Marnix streng tegen me: “Hij zag het wel, hoor!”en stelden wij ons even voor, dat hij, als we weggingen, zou zeggen: “Mevrouw, wilt u even dat flesje uit uw tas halen en terugzetten?” Maar…… ik heb het flesje en hoop nu maar dat Jacobus met me eens zal zijn dat in dit geval het doel de middelen heiligt en anders moet Theo maar een extra kaarsje voor me branden!
Marnix en ik zouden dit weekend naar Namen gaan om Theo nieuwe gidsen, schone T-shirts en…. wasmiddel te brengen, maar nu ligt de zaak even anders. Gelukkig nemen Arij en Ellen de honneurs waar en kan ik hier even standby blijven. Maar mocht er de komende tijd enige onregelmatigheid in de berichtgeving op de website zijn, dan weten jullie dat ik even druk bezig ben en echt geen tijd heb om het nieuws erop te zetten, hoewel ik natuurlijk wel mijn best zal doen.
km 20,85 aantal stappen 30.228 / totaal km 493,12 totaal stappen 697.979
Vandaag was het een eitje. Niet ver en ik liep op een jaagpad langs de Maas en dat ging uitstekend. Vanmorgen in Huy kwam ik een Nederlands echtpaar tegen, dat in hetzelfde hotel geslapen had. We stonden een praatje te maken (natuurlijk, als echte pelgrimgangers herken je elkaar) en opeens zei mevrouw: “U mag mij feliciteren”. De burgemeester van Veldhoven, waar ze wonen, had op haar mobiel gebeld, dat ze morgen op het gemeentehuis moest komen, omdat ze een lintje kreeg. Dat ging natuurlijk niet, maar, zoals ze zei: “Ik kan het aan de Belgen niet vertellen, want die weten niet waarover ik het heb, maar nu kom ik een Nederlander tegen en die snapt het wel, dus is er tenminste iemand die me toch kan feliciteren!” Ze vroeg waar ik vandaan kwam en toen bleek ze ook nog in Zaandam geboren te zijn. Je ziet, Zaankanters kom je overal tegen!
Ik was lekker op tijd in Andenne, het doel voor vandaag en heb eerst bij een Italiaan een lekkere pizza gegeten. Toen naar de VVV en toen ik daar binnenstapte, werd ik begroet met: “Ah, u zoekt een slaapplaats als pelgrim naar Santiago”. Ze haalde een boek tevoorschijn met ik weet niet hoeveel adressen van slaapplaatsen, die alleen voor Santiagogangers zijn. Ik bedoel maar, hier ben je iemand als pelgrimganger, ook zonder filosofische overpeinzingen. Nu heb ik een zolder voor mij alleen en ik krijg straks ook te eten voor een bedragje van € 7, dus wie doet je wat. Bovendien is de heer des huizes ook naar Santiago gelopen, dus er zal straks heel wat afgepraat worden. Mijn enkel heeft zich ook keurig gedragen, dus morgen op naar Namen.
km 34,52 stappen 50039 / totaal km 472,27 totaal stappen 667.751
Tjonge, jonge, wat heb ik vandaag een eind gelopen, dat was afzien. Ik was total loss toen ik eenmaal in Huy arriveerde en natuurlijk lag de camping nog minstens 3 kwartier lopen buiten Huy. Ik liep op mijn tandvlees en dacht: “Dat red ik niet meer, ik ga hier nu een hotel zoeken”. Ze doen hier wat spottend over Nederlanders, maar wel op een aardige manier. Ik vroeg aan een jongen en een meisje, waar een hotel was hier. “Ik woon hier”, zei het meisje, “maar ik weet eigenlijk geen hotel.” Dus ik zei uit de grap: “Hoe kan dat nou, je woont hier toch? Zoek je hier dan niet elke dag naar een hotel?” Het meisje schoot in de lach, waarop haar vriend zei (uit grap): “Joh, niet lachen, want het is een Hollander en die houden niet van lachen!” Ik vond het wel komisch, maar een hotel had ik niet. De VVV bracht uitkomst en verwees me naar een hotel, waarvan ik alleen maar onthouden heb dat het maar 300 meter lopen was. Ik arriveerde er en werd opgevangen door een heel aardige mevrouw, die al met een stempel in haar hand klaarstond. Daarna zei ze moederlijk: “Gaat u nu eerst maar lekker in bad, dan gaat u lekker een poos liggen en als het dan tijd is om te eten, bel ik u wel even!” Superaardig zijn de mensen voor me en ik zit nu in een prima hotel en ben alweer lekker uitgerust. Mijn enkel is ‘s avonds pijnlijk, maar ‘s morgens weer opgeknapt en de omgeving is schitterend met veel bossen. Mijn kleren liggen al in bad en ik ga er straks bij. Dat gaat in een moeite door en geloof het of niet, maar ze worden echt schoon en het kost bijna geen extra moeite. Zo willen we het hebben. Morgen heb ik niet zoveel kilometers voor de boeg, dus dan zal ik eens rustig aan doen.
km 27,07 stappen 39.238 / totaal km 437,75 totaal stappen 617.712
Luik is een droevige en sombere stad en het was dan ook een grote verrassing toen ik de kerk van St. Jacques binnenkwam. Deze is echt schitterend van binnen. Meestal is die kerk dicht, maar vandaag was hij bij toeval open, omdat er een klas met Poolse kinderen werd rondgeleid. En de juffrouw van die klas was dolblij, want nu konden de kinderen ook nog eens een ‘echte pelgrim’ zien. Dus ik werd bij het beeld van St. Jacques neergezet en vervolgens mochten de kinderen mij interviewen. De juffrouw speelde voor tolk en vertaalde mijn Frans in Pools. Geweldig leuk was dat weer. Je beleeft ook elke dag iets anders.
Vanmorgen regende het pijpestelen (of zijn het nou pijpenstelen?) en in de stad ging dat nog wel, maar het pad in de heuvels was erg slecht. En dan ben ik door dezelfde schoenen, die mijn enkel zo netjes in fatsoen houden, ook een beetje gehandicapt, omdat die enkel niet kan buigen en heuvel op, heuvel af is dan lastig. Ik moet dan kleine stappen nemen. Ik maak me wel een beetje zorgen hoe dat straks in de bergen gaat, maar vooruit, dat zien we dan wel weer.
Vanmiddag werd het gelukkig droog en toen ik op mijn nieuwe camping in Esneux aankwam, scheen de zon weer. Mijn tentje staat weer, nog even douchen en dan wandel ik naar Esneux om een hapje te eten. Dat is vandaag weer een eindje lopen, want uiteraard liggen de meeste campings niet middenin het centrum. Maar ach, het kan niet alles kaviaar zijn.
km 35,7 stappen 51.753 / totaal km 410,68 totaal stappen 578.474
Maastricht is al een beetje ‘buitenland’, er hangt een heel andere sfeer. Iedereen zit lekker op een terrasje of loopt te flaneren. Ik heb me gisteravond uitstekend vermaakt, zittend op het Vrijthof met lekker eten voor mijn neus.
Het was vandaag een verre tocht, maar wel een hele mooie. Helemaal langs de Maas en ik heb mijn eerste echte heuvels ‘genomen’. Dat was aanzetten en mannenwerk!
Ik heb de hele ochtend SMS-jes naar jan en alleman verzonden en was verbaasd dat ik maar van niemand iets terugkreeg. Ik begon me al een beetje ongerust te maken, tot ik erachter kwam dat mijn beltegoed schoon op was en mijn SMS-jes helemaal niet verstuurd waren. Weet ik veel, als ik een piepje hoor, denk ik dat het goed is en kijk ik verder niet. Maar goed, toen maar naar een sigarenwinkel om op te waarderen en ik dacht weer slim te zijn en het die man meteen te laten regelen. Natuurlijk wilde hij dat voor me doen, maar het scheen maar niet te lukken, want hij bleef maar bezig en keek steeds raadselachtiger. Nou, tactisch heb ik hem toen maar weer mijn mobieltje ontfutseld en wat bleek? Aan de grens heeft het vriendelijke Belgische madammeke mijn toestel op Nederlands ingesteld, dus alles wat gezegd werd, namelijk dat mijn beltegoed opgewaardeerd was, was in het Nederlands en dat verstond hij gewoon niet, maar wilde dat niet zeggen!
Verder valt er nog te melden dat het prachtig weer is en dat mijn armen verbrand zijn, dit om de thuisblijvers jaloers te maken. Mijn grootste filosofische gedachte vandaag was: “Ik vind het allemaal PRACHTIG”, zoals mijn schoonmoeder gezegd zou hebben. En nu…allez mannekes en vrouwkes, het restaurant in Luik wacht op me!
km 15,46 stappen 22.407 / totaal km 374,98 totaal stappen 526.721
Gisteren heb ik van de vrouw van de campingeigenaar een fiets kunnen lenen om in Lanaken geld te pinnen, omdat ik zo ver van het centrum zat. Toen ik terugkwam, heb ik meteen maar in het campingrestaurant gegeten en toen weer terug naar mijn tentje. Daar stond mijn buurman zijn caravan te poetsen, dus ik zei dat ik dat graag zag. Verbaasde blik: “Zit JIJ in dat tentje?” Van het een komt het ander, dus ik heb in hun lekker warme voortent koffie gekregen, naar het nieuws en het weer gekeken en toen kwam er nog een wijntje bij en zo en heb ik dus een oergezellige avond gehad. Zo gezellig dat ik er niet meer aan gedacht heb mijn mobieltje op te laden, maar daar kwam ik vanmorgen pas achter. En vanmorgen moest ik me om 7 uur weer bij hen melden en kreeg daar weer een heerlijk ontbijt voorgeschoteld. En het kon niet op, want ik kreeg ook nog een zak brood en fruit mee voor onderweg. Je ziet, er zijn nog een heleboel fantastische mensen.
Vannacht regende het en was het koud, maar ik lag lekker in mijn tentje en betaalde vanmorgen voor al die geneugten slechts € 10, dus dat is geen geld. De weg van Lanaken naar Maastricht was niet makkelijk te vinden en de mensen aan wie ik het vroeg, stuurden me allemaal steeds een andere kant op, zodat ik naar mijn gevoel steeds heen en weer heb gelopen, maar om kwart over een stond deze jongen toch al voor de St. Servaas in Maastricht. En daar kwam net een man uit met rugzak en schelp, dus een mede-pelgrim! Dat is leuk natuurlijk en terwijl we stonden te praten, kwam er een echtpaar bij ons staan, waarvan de man morgen start. Dus dat werd een broederlijk samenzijn.
Voor een stempel werd ik verwezen naar nummer 4, waar ik van een vriendelijke non mijn derde stempel, dit keer van de St. Servaas, kreeg. De tweede heb ik in Valkenswaard bij de VVV laten zetten om te bewijzen dat ik daar in ieder geval wel geweest ben. Bij de VVV in Maastricht kreeg ik het adres van een hotelletje vlakbij het station en daar was ik om half 3. Een rustig dagje dus en ruimschoots de tijd om mijn tentje goed te laten drogen, mijn wasje te doen (dit keer in de wastafel, Ineke), mijn schoenen te poetsen en alle batterijen weer op te laden. Ik ben dus best een bezige bij geweest en nu is het tijd om de stad in te gaan en mijn avondeten te ‘scoren’.
Nou, moeder heeft nog net even tijd om een berichtje te schrijven en dan is het weer bedtijd. Geloof het of niet, maar ik kom nog steeds tijd tekort en ik weet absoluut niet waar ik het dan druk mee heb. Vrijdagavond dacht ik: “Een heel weekend, zeeën van tijd, wat zal ik eens gaan doen?” en nu is het zondagavond en ik ben niet verder gekomen dan die gedachte. Marnix en ik zijn heel blij dat Theo het naar zijn zin heeft en we genieten daarvan mee. En verder doe ik een boodschap, een wasje, een afwasje, zet Theo’s verhaal op de website en hup, de dag is weer voorbij. En ja, ik heb dit weekend ook eten gemaakt voor mezelf, goed hè? Verder vraagt natuurlijk iedereen die de website niet ziet hoe het met Theo is en waar hij nou is en zo. Leuk, die belangstelling. Vanmiddag was ik bij de bloemenman bij de begraafplaats en werd door hem in sappig Amsterdams begroet: “Ik stond al op je te wachten, schat, want ik ben zo benieuwd hoe het met je man gaat!” Kortom, het thuisfront redt zich wel!
km 22,82 stappen 33.078 / totaal km 359,52 totaal stappen 504.314
Vanmorgen heb ik eerst eens lekker ontbeten op het terras in de zon met warme broodjes. Voor onderweg kreeg ik nog een handvol paaseitjes mee, dus wie doet je wat. Het landschap was vandaag erg afwisselend, er zaten saaie stukken in met heel veel bouwland, maar ook zulke prachtige stukken. Ik wist niet dat de Kempen zo mooi waren, je hoort er eigenlijk nooit iemand over. Onderweg heb ik wel 3 kwartier staan praten met 2 mannen, die het net met elkaar erover gehad hadden wat ze in vredesnaam moesten gaan doen de hele dag als ze straks in de VUT zouden zitten, dus die waren erg enthousiast dat ik ze op een idee gebracht had. Tot de middag was het mooi en zonnig weer, na de middag werd het bewolkt, maar Gery vertelde net dat het in Zaandam regende. Ik vind het nog steeds geweldig leuk en iedereen is aardig onderweg, ik ben nog niemand tegengekomen die geen woord met me wilde wisselen en je maakt steeds leuke dingen mee. Zo liep ik vanmiddag door een oude paleistuin, die diende als recreatiepark met een trimbaan, een kinderboerderij, enz. Er waren veel mensen en veel kinderen, die hier, net als bij ons, met een rugzakje naar school gaan. Nu waren er kinderen, die naar me keken en verbaasd riepen: “Kijk nou eens, een OPA met een rugzak!” Heerlijk toch?
In de gids had ik gezien dat er een camping moest zijn in het centrum van Lanaken, dus dat leek me wel wat. Het is vannacht prima bevallen in mijn tentje, alleen tegen de ochtend werd het koud en kon mijn slaapzak me nog maar net verwarmen. Enfin, ik kom in het centrum aan, zie een agent en vraag waar de camping is. Oom agent heeft nog nooit gehoord van een camping in het centrum, de dichtstbijzijnde camping blijkt dan nog een uurtje lopen te zijn. Dat is op zich niet erg, maar het is wel de verkeerde kant uit, dus morgen moet ik dat stuk weer terug. Nu sta ik op een giga-camping, bij de ingang was niemand en ik moest me maar melden bij de taveerne en dat was nog zowat een kilometer verder. Maar vooruit, de muntjes voor het warme water komen ze straks brengen, dus dan kan ik onder de douche en ja, Ineke, ik was mijn onderbroek en sokken meestal als ik onder de douche sta, dat gaat in een moeite door. En nog even voor Jan en Olga: leuk dat jullie willen sponsoren, ik zal ernstig nadenken over het goede doel.
21 april: km 28,59 stappen 41.444
22 april: km 29,36 stappen 42.557 / totaal km 336,7 totaal stappen 471.236
Het doet me goed dat jullie allemaal bezorgd om me zijn, maar dat hoeft niet, want het gaat allemaal uitstekend, ik vind het nog steeds fantastisch. Ik heb maar één zorg: ik heb nog geen enkele spirituele gedachte gehad, ik vind het gewoon leuk! Zou het echte pelgrimsbloed wel door mijn aderen stromen? Aan de andere kant: mijn doel was om het leuk te hebben en dat heb ik tot nu toe wel bereikt! Wel jammer van die port, Jaap Jan, want misschien was ik van die spiritualiën wel spiritueel geworden. Gistermorgen ben ik eerst een uur bezig geweest om een nieuwe SIM-kaart te kopen, maar de lieftallige dames hebben alles voor me in orde gemaakt, telefoonnummers overgezet en zo. Maar ze waren vooral lieftallig, omdat ze mij niet ouder schatten dan 57 jaar! Kijk, dan loop je weer een tijdje over rozen en dat was ook nodig, want toen ik bij het hotel arriveerde in Bree, bleek dat vol te zijn. De eigenaar heeft toen in het rond gebeld en een plaatsje in een ander hotel voor me geregeld, maar ja, dat was nog wel een half uurtje lopen. Het was zo warm, dat ik in mijn T-shirt heb gelopen, wat vandaag niet kon, want het is gewoon koud. Iedereen moppert, omdat er mooi weer beloofd was. De route maakt steeds ommetjes vanwege zeldzame Amerikaanse eiken of mooie maisvelden, maar dat weet ik nu wel en ik had vandaag weer een stevige tippel voor de boeg. Dus ik kreeg een lumineus idee, toen ik langs de Zuid Willemsvaart liep. Ik dacht: “Een kanaal loopt altijd recht en meestal is er iets van een jaagpad naast”. En dat klopte, een goed pad, geen auto te zien en behalve een paar vissers ook geen mens. Maar vanmorgen ben ik uitgezwaaid door alle dames van het hotel in Bree. En het was weliswaar koud, maar er was bijna geen wind en geen regen, dus eigenlijk valt er niets te mopperen. En nu zit ik in mijn eigen riante tent op de camping in Maasmechelen en zonet liepen er 2 kleine meisjes langs, die tegen hun vader zeiden: “Kijk pappa, dit is pas een leuke tent!!”
Als ik zo doorga, ben ik morgen misschien wel in Maastricht, Geer moppert al dat ik te snel ga, maar dan rijdt ze volgend weekend maar een stukje verder!
km 27,12 stappen 39.309 / totaal km 278,75 totaal stappen 387.235
Jawel, ik ben in het ‘buitenland’! En dat ging niet zonder slag of stoot. Het was vandaag schitterend weer, ideaal om te lopen, dus het begon allemaal goed. Totdat ik dwars door een moeras moest, even niet goed oplette en voor ik het wist, stond ik tot mijn knieën in de modder weggezakt. Dan sta je toch wel even raar te kijken en dan heb je dus echt een probleem, want je hebt wel bijna 18 kilo op je rug. Zodra je een voet uit de modder hebt getrokken om een stap te zetten, rust het hele gewicht op je andere voet en die zakt dus gewoon nog wat dieper weg. Kortom, het was een hele worsteling om de 3 meter te overbruggen, die me van de ‘vaste grond’ scheidde. Maar, om maar eens een gezang te citeren: “Ik heb de vaste grond gevonden!” Ach ja, als een pelgrimstocht het symbool is van het leven zelf, zak je wel eens even weg, zo is het leven! Maar ik zag er niet meer uit natuurlijk, dus zo kon het gebeuren dat een argeloze voorbijganger mij middenin het bos zag staan in mijn onderbroek om me te verschonen. Dat is allemaal gelukt en zo kon ik schoon de grens over naar België. Van de weeromstuit wist ik niet meer welke kant ik toen op moest, maar terwijl ik de kaart aan het bestuderen was, kwam er een politie-auto aan en een vriendelijke agent heeft me toen heel duidelijk uitgelegd dat ik die en die weg kon volgen, dus die heeft me gered. Jammer alleen dat hij er niet bij gezegd had hoe lang die weg wel niet was, maar alla.
Onderweg heb ik een bezoek gebracht aan de Achelse Kluis. Bezichtigen kon alleen als ik een of andere dienst bij ging wonen en daar had ik niet zo’n behoefte aan. Maar er is een winkeltje bij, waar ik even heb rondgekeken. Het was maar goed, dat Geer er niet bij was, want die had de hele winkel leeggekocht. Het wemelde van de kaarsen met heiligen erop, kruisjes in alle vormen en maten, enz.
Nu zit ik in Hamont en heb me de weelde veroorloofd van een echt hotel. Dat had ik wel verdiend, vond ik. Dus vanavond wordt het kleren wassen en dan kan ik morgen weer schoon op pad. Ik vind het nog steeds geweldig leuk. Het is ook heel leuk dat iedereen zo meeleeft en berichtjes op de website achterlaat. Als ik zelf de website niet kan zien, leest Gery ze voor. Heel veel dank allemaal!
km 18,25 stappen 26.450 / totaal km 251,63 totaal stappen 347.926
Vanmorgen ben ik om 9 uur vertrokken bij Dorien en Jan van de Brink in Eindhoven. Het was heel gezellig daar en leuk om hen weer eens te ontmoeten. Na een stevig ontbijt en proviand voor onderweg heeft Jan me een eind op weg geholpen, want voor vreemdelingen is Eindhoven een ingewikkelde stad. Het centrum van de stad is dan ook ca 6 km verderop.
Bij het station, op het Stationsplein, heb ik op een terrasje in de zon een kopje koffie met apfelstrüdel en veel slagroom gegeten. Heerlijk… daar krijg je een vakantiegevoel van. Maar ja, de reis is nog ver. Per mobieltje heb ik daar toen ook een slaapplaats geregeld in ….. de jeugdherberg van Valkenswaard. Dat is niet zo ver vandaag en een goed punt om morgen België in te gaan. Dus vanavond zit deze oudere jongere of jonge oudere aan de dis met Engelse schoolkinderen, een stuk of 20, denk ik. Aan reuring dus weer geen gebrek. Ik geloof dat ik nasi goreng krijg, maar ja, dat moet ik maar afwachten. Nu heb ik 2 dagen langs de autoweg gelopen en ik ben heel blij dat dat nu afgelopen is. Gek word je van al dat autoverkeer. Men zou het moeten verbieden……
Jullie zien dat ik al een aardig natuurmens aan het worden ben. Niet dat ik veel namen weet van alle vogels die ik onderweg zie, maar ik zie ze wel en dat is toch al heel wat. Overigens zet de natuur wel een spurt in deze dagen. Toen ik vorige week vertrok, was alles nog kaal en grijs en nu zie je plotseling overal bloemen. Dus…. Pelgrim Theo is zeer tevreden.
Er zullen vast wel slechtere tijden komen, maar dit is toch echt wel genieten, hoor.
Morgen dus naar Hamont in België….. nou ja, op de grens van België dan.
De afgelopen 5 dagen heb ik overnacht bij Gery in ons zomerhuisje in Maarn, dus ik hoefde geen overnachtingsplaats te zoeken. Dat was erg prettig, maar als Gery niet thuis is, komt er ook niets op de website, want na mijn ervaring in het internetcafé waag ik me daar nog maar even niet aan.
Vrijdag ben ik door 3 provincies gelopen. Ik startte in Zuid-Holland, liep door Noord-Brabant en eindigde in Gelderland. De koffie ‘scoorde’ ik bij een paar wegwerkers, die hun koffie broederlijk met me deelden. Het valt lang niet mee om een bakje koffie naar binnen te krijgen, want veel uitspanningen zijn nog dicht. Toen ik eenmaal op de pont in Schoonhoven zat, had ik ook echt het gevoel een grens over te gaan en Holland achter me te laten. Een meneer, die mij al eerder onderweg gesignaleerd had, knoopte een praatje met me aan en wist zoveel over de geschiedenis van het land, waar ik doorheen gelopen was, te vertellen dat ik vroeg of hij geschiedenisleraar was. Maar nee, al die verhalen wist hij nog van de lagere school, van een meester die heel boeiend kon vertellen. Leuk is dat. Maar de groene weiden heb ik nu voorlopig wel weer even gezien, hoewel het wel heerlijk rustig loopt. Ik betrap me erop, dat ik het met een paar auto’s al ‘druk’ vind en als ik dan onder de brug loop, waarop het verkeer voortraast en als ik dan weet, dat Gery op hetzelfde moment waarschijnlijk ergens in de file staat, weet ik wel wie het het beste naar zijn zin heeft. Maar aan de andere kant moet ik toegeven dat het wel heerlijk was toen ze me in Giessen op kwam halen en ik zo in de auto kon stappen en me daar zaterdag ook weer afzette, zodat ik zo weer verder kon. Het eerste stuk een beetje strompelig, maar dat kwam omdat ik in de auto mijn veters had losgemaakt en vergeten was ze weer vast te maken, bleek later. Verder was het een rustig dagje. Ik ben langs een aantal ‘wielen’ gekomen: plassen water, die zijn overgebleven na een dijkdoorbraak, en daar zitten ongelooflijk veel vogels. Gery is me bij het pontje in Nederhemert op komen halen en de eerste Paasdag hebben we vervolgens in rust en vrede in Maarn doorgebracht.
Op tweede Paasdag heeft ze me weer bij hetzelfde pontje afgezet en had ik meteen al een genoeglijk gesprek met de veerman. Ik was dit jaar de tweede Santiagoganger, vorige week was er ook iemand overgevaren. Mijn naam en website werden bijgeschreven in het ‘logboek’, zodat hij ook mij kan volgen. En ik kreeg de overtocht gratis, leuk hè?
Vervolgens ben ik langs de Maas naar ‘s-Hertogenbosch gelopen via Bokhove, een plaatsje van niks, vier huizen en een ruïne, maar wel met een prachtig praalgraf van Catharina de Montmorecy in de kerk.
Het is trouwens ontzettend leuk, dat zoveel mensen je onderweg aanspreken. Dat komt door de schelp achterop mijn rugzak, dus Arij en Ellen, jullie cadeau werpt zijn vruchten af. Ik kwam langs een begraafplaats, waar net een mevrouw vandaan kwam en die zei: “Nou, dat is wel een wonder van Jacobus, dat ik u tref. Ik ben zo benieuwd naar uw belevenissen, want ik zou het zo graag zelf ook doen”. En in de buitenwijken van ‘s-Hertogenbosch kwam me een meneer achterop fietsen, die me vroeg of ik onderweg naar Santiago was of op de terugweg. Hij heeft in 2001 de tocht gemaakt, eerst op de fiets naar St. Jean Pied de Port en vandaar lopend naar Santiago, dus kon me goede tips geven. Het meest indrukwekkend vond hij het steentje neerleggen bij het Cruz de Ferro en ik kon hem gelukkig verzekeren, dat ik mijn steentje bij me had. Zulke ontmoetingen zijn geweldig leuk
In ‘s-Hertogenbosch ben ik natuurlijk naar de St. Jan gegaan, want ik wilde een stempel hebben. Daar werd ik begroet met: “Welkom, Pelgrim, daar staat je heilige!” En toen ik de kerk, die overigens prachtig is, weer uitging: “Het ga u goed op de weg die u gaan moet. Brand een kaarsje voor Jan van de St. Jan”. Dat is toch geweldig? Maar….. een stempel heb ik niet. Die moest ik gaan halen in de pastorie, maar daar werd op mijn bellen niet opengedaan. Gelukkig deed Jacobus toen toch nog een wondertje, want toen we eenmaal in de auto zaten op weg naar Maarn en we vlak na ‘s-Hertogenbosch in een file terechtkwamen, werd er in de auto naast ons ineens heftig gezwaaid. En wie zat daar zo enthousiast te zwaaien? Danielle van het Kunstcentrum in Zaandam. Dat is toch niet te geloven?
Vanmorgen, toen ik nog maar een kwartiertje of zo onderweg was, fietste me een meneer achterop die me na een praatje een kop koffie met een echte Bossche Bol aanbood als troost, omdat ik mijn stempel gemist heb. Van vreugde ben ik vandaag naar Eindhoven gelopen, maar dat was wel een erg pittig stuk. Als ik lang loop, gaat mijn enkel zeer doen en die moet nog heel lang mee, dus daar moet ik een beetje zuinig op zijn. Maar ik heb er nu toch al ruim 200 km opzitten, eigenlijk gaat het best snel. Voor vannacht heb ik onderdak gevonden bij Jan en Dorien van de Brink en Jan is me ergens in Eindhoven op komen halen, dus ik zat weer even luxueus in de auto. Maar ik vind het nog steeds genieten, dus morgen ga ik weer fris en vrolijk op stap!
Hoe gaat het met het thuisfront? Nou, dat valt nog niet mee, als je al jaren gruwelijk verwend bent door je man en je staat er dan in je eentje voor. Ik verbeeld me dat ik het druk heb zelfs, terwijl ik in werkelijkheid niet zoveel uitvoer, geloof ik. Je moet alleen overal aan denken: “Is de verwarming wel uit? Wanneer komt de vuilnisman ook alweer? Wat moet ik nou weer voor boodschappen halen?”, enz. Alles moet nog even wennen natuurlijk, maar het gaat allemaal goed. Ik vermaak me prima alleen en ik geniet van de enthousiaste verhalen die Theo vertelt. Het enige dat me echt zwaar valt, is in mijn eentje zitten eten. Vind ik gewoon afgrijselijk en meestal rommel ik maar een beetje aan, zodat het op eten lijkt. Maar wat is er nou voor lol aan om te koken voor jezelf? Voor wie ongerust mocht worden: Ik val heus niet van de graat, lijd ook geen honger en denk aan mijn vitamientjes, hoor!
De afgelopen dagen ben ik weer verwend natuurlijk, want ‘s morgens bracht ik Theo weg en ‘s avonds haalde ik hem weer op. “Ja, zo kan ik het ook”, hoor ik jullie denken, maar ik heb er lekker even van genoten. Het is heel grappig om je man ergens heen te brengen en hem dan ‘s avonds weer ergens anders op te halen. Ik stel ‘Truus’ in op een grote plaats om te beginnen en als ik daar dan vlakbij ben, bel ik Theo en die vertelt dan waar hij zit. En dat is iedere keer zo goed gelukt, dat we precies op hetzelfde moment aankwamen. Verder heb ik nu door streken en plaatsen gereden, waar ik nog nooit geweest was en heb ontdekt hoe mooi Nederland is, zodra je uit de Randstad weg bent. Wat ik ook zo leuk vind, is dat je echt meteen contact met iedereen hebt. Ik kwam zaterdag bij het pontje aan in Nederhemert en Theo zag me eerst niet eens, die was in druk gesprek gewikkeld met de eigenares van het restaurant, die de ramen stond te zemen. En toen we vanochtend in ‘s-Hertogenbosch uit de auto stapten, was er meteen een gesprek met mensen van de plantsoenendienst, die daar bezig waren. Ze komen meteen naar je toe, vragen waar je heen gaat, hoe lang je al onderweg bent, enz. Enig is dat voor zo’n kletskous als ik ben. Ik kan me heel goed voorstellen dat het heel erg leuk is om zo’n tocht te maken, alleen dat lopen erbij, ja, dat zou nou toch eigenlijk niet moeten. Ik wilde al een volstrekt lege rugzak op mijn rug nemen met een schelp erop, ik dacht: “Dan maakt iedereen een praatje met me en ik hoef alleen maar te doen alsof ik ook loop”, maar dat mocht niet van Theo. Volgens mij is Theo strenger dan St. Jacob, die knijpt heus wel een oogje toe. Ik heb ook al gezegd, dat Theo van Sint Jacobus vast wel een eindje met de bus mag, maar ja, in ons hart blijven we Calvinisten natuurlijk en die doen zoiets niet!! Zielig vroeg ik Theo: “St. Jacobus gaat met jou wel mee, merk ik, maar wie past er intussen op mij?” Het antwoord was kort en bondig: “Toon”. Met die naam betitelen we thuis oneerbiedig St. Anthonius van Padua. Daar heb ik ook alle vertrouwen in, tenslotte hebben we in de loop der jaren al heel veel kaarsjes voor hem gebrand. Dus het zal ook hier thuis waarachtig wel goed gaan! En het is geweldig je man zo te zien genieten, hij heeft in anderhalve week een bruine kop gekregen en ziet er hartstikke goed uit. Ik hoop zo dat hij het mag halen!
Ik had, slim als ik ben, schone kleren meegenomen voor Theo om die om te ruilen en dan de vieze kleren mee naar huis te nemen. Fout natuurlijk, hij ging nou toch niet ineens van kleren wisselen? Bovendien moest ik niet denken dat hij vuile kleren had, want hij waste iedere avond. Goedgunstig werd mij wel toegestaan zijn kleren te wassen en ik mocht zaterdag ook even naar Zaandam rijden om nieuwe gidsen te halen. Dus zo reed ik zaterdag eerst van Maarn naar Giessen, toen van Giessen naar Zaandam om te wassen, de gids te halen en ook nog even een nieuwe waterfles te kopen, terwijl de was draaide. Vervolgens tufte ik naar Nederhemert en vandaar weer naar Maarn. Snappen jullie nou dat ik het druk heb? Dat ik tussendoor ook nog even tijd had om een muurtje in mijn huisje te schilderen, mag wel een wonder heten.
Nou hoop ik maar, dat ie eind volgende week in de buurt van Maastricht is en dan nog iets nodig heeft, want dan tuf ik ook nog even naar Maastricht. Daarna wordt het wat moeilijker, maar nu kan het nog even. En ik kan nog lang genoeg alleen zitten toch?
km 21,13 stappen 30.637 / totaal km 127,94 totaal stappen 183.125
Gisteren schreef ik wel enthousiast dat ik vanuit het internetcafé een mail stuurde voor de website, maar toen ik eenmaal aan het verzenden toe was, had dat nog wel wat voeten in de aarde. Want hoe ik ook op de verzendknop drukte, het ging niet. Nadat ik een poosje daarmee getobd had, heb ik toch maar hulp gevraagd aan iemand. En onmiddellijk stonden er toen een stuk of zes heel bereidwillige oorbeldragende en met kettingen getooide jonge gasten om me heen, die me vertelden dat ik in Outlook zat. Nou kon me dat niet schelen, ik vond alles best, maar het bleek dat ik via de securitymail van xs4all moest gaan. “Vindt u het goed als wij het even voor u doen?” zeiden zij en ik haalde opgelucht adem. Daarvoor moest ik toen mijn password hebben en…..dat wist ik! Alweer een wonder van Jacobus! Eensgezind draaiden zij toen de rug naar me toe, terwijl ik het password intikte en zo kwam alles goed. En toen herinnerde ik mij opeens, dat Marnix me dat al had gezegd. Nou ja, je kunt toch niet alles onthouden?
Over onthouden gesproken, ik ben ook ergens onderweg mijn waterfles vergeten, maar alla, daar komt wel weer een nieuwe voor. Het bleek heel moeilijk een overnachting in Gorinchem te vinden, maar mijn gastgezin wist wel een adres voor me in Bleskensgraaf te versieren, dus …. toch maar de Alblasserwaard. Ja Liesbeth, ik heb de heerlijke gier geroken, hoor! Overigens vond ik het wel een saai stuk, allemaal weilanden en alles hetzelfde. Ik heb de polders nu wel gezien.
Ik zit nu bij de familie van de Herik in Bleskensgraaf. Meneer is internationaal chauffeur geweest, dus kent ook alle namen uit het vervoer en dat is leuk. Mevrouw is lid van de Historische Vereniging, dus ik heb haar gevraagd of ze de ‘Zwijnenburgjes’ en de ‘Bergeijkjes’ kende, het voorgeslacht van Gery. De namen zijn er nog steeds en ze vertelde dat de Bergeijken allemaal zo goed konden schrijven en dichten. Dus nu weet Geer van wie ze het heeft. Genoeg stof tot praten dus.
Het lopen gaat uitstekend, er waren vanmiddag een paar buien, maar ik heb mijn poncho niet aan hoeven trekken. Morgen steek ik de rivier over en loop Noord-Brabant in. Gery komt me dan ophalen en dan is mijn volgende overnachting dus op ons ‘landgoed’ in Maarn. Zaterdag brengt en haalt ze me dan en dan ben ik van plan om zondag maar eens een rustdag te nemen. Tot na Pasen dus!
km 19 stappen 27.000 / totaal km 106,81 totaal stappen 152.488
Ik zit nu in een internetcafé in Schoonhoven. Een rotherrie om me heen, dus ik kan me nauwelijks concentreren om iets zinnigs te schrijven. Vandaag ben ik om 9.30 uur vertrokken uit mijn ‘stulp’. Na een groots ontbijt met van alles en nog wat extra in de tas op pad. Weer eindeloze grasdijken en nog weidsere weilanden in het Groene Hart van Holland. Moeten ze inderdaad laten zoals het nu is, want het is gewoon prachtig, zoals moeder Groot dat zou zeggen. Mooi weer, maar erg fris als je tegen de wind in moet lopen. In Haastrecht heb ik een kop koffie genomen met appeltaart en veel extra slagroom van de eigenaresse. “Dat is om op krachten te blijven”, werd er bij gezegd. In Haastrecht heb ik ook extra prepaid voor de mobiel gekocht. Ik heb nu weer voldoende voorlopig. Ca 5 km voor Schoonhoven stond vermeld dat de weg afgezet was wegens werkzaamheden. Ik had dan ca 5 km extra moeten lopen, maar ben toch maar doorgelopen, omdat ik vermoedde dat een voetganger er wel door zou kunnen. Dat is natuurlijk een risico, want als het niet lukt moet je 4 km teruglopen en toch die 5 km extra. Maar ja, men was een duiker aan het bouwen en wandelaars en fietsers konden over platen balanceren naar de overkant.
Daarna was het nog maar kort naar mijn overnachtingsadres in Schoonhoven. Daar heb ik mijn rugzak neergezet en ben naar het centrum van Schoonhoven gelopen. Leuke oude stad.
Hier ga ik ook eten straks, want er zijn wel wat restaurants die mijn bezoek waard zijn, denk ik. Tenslotte verwacht Danielle al dat ik mij iedere avond uitgebreid tegoed zal gaan doen. Klopt dus!! Maar ik doe er ook wat voor, hoor!! De calorieë vliegen eraf.
Morgen wil ik de route door de Alblasserwaard laten voor wat-ie is. Ik ken die omgeving wel van vroeger en ik zou minstens 31 km moeten lopen voor er een mogelijkheid tot overnachting is. Nu wil ik rechtstreeks via de gewone verkeersweg van Nieuwpoort naar Gorinchem lopen. Daar hoop ik vanavond nog een plekje te reserveren. En dan ga ik vrijdag toch echt Holland verlaten door naar Woudrichem te gaan!
Ik heb natuurlijk ook alle reacties gelezen op de site. Overigens: wat doet die schat dat toch geweldig, niet? Wat een deskundigheid!! Daar wordt vast weer erg veel tijd aan besteed.
Voor wat betreft de INR: Ik doe gewoon wat jullie me geleerd hebben: behapbare brokken maken en stap voor stap. Zo eenvoudig was het toch??? Maar ik ben er nog niet, hoor!! In ieder geval weer heel leuk iets van jullie te horen.
Nou, hier laat ik het bij, want ik word hier zenuwachtig van dat kabaal. Als je heel de dag in de natuur bent, kan je hier niet meer tegen. Of worden we oud misschien???
km 25 stappen 36.253 / totaal km 87,81 totaal stappen 125.488
Het is vandaag weer lekker gegaan. Ik heb door eindeloze polders gelopen, wilde in Zwammerdam iets gaan eten, maar er was niets. Dus toen ben ik maar doorgelopen naar Reeuwijk, waar ik een kop tomatensoep heb gegeten en een boerenpannenkoek, waarvan ik het einde niet kon zien. Met een volle maag ben ik toen over een dijk dwars door de Reeuwijkse plassen gelopen en dat was supermooi. Jammer dat er geen zonnetje bij scheen, maar het is de hele dag droog gebleven, dus mij hoor je niet mopperen. ‘s Middags begint mijn enkel wel een beetje op te spelen, maar alla, er staat ook veel gewicht op natuurlijk en ‘s morgens is het weer over. Om 16.30 uur was ik in Driebruggen en nu zit ik in een chalet in de tuin van mijn gastgezin met openslaande deuren en een zitje in de tuin. Het is nu wel te koud om buiten te zitten, maar binnen heb ik de beschikking over een woon-slaapkamer, een ingebouwde keuken en een douche. Daar ga ik straks onder staan met mijn kleren onder mijn voeten, dan zijn die ook meteen weer gewassen en kunnen aan het droogrekje, dat ook al aanwezig is. Kortom, ome Theo zit er zeer comfortabel bij!
km 13,31 stappen 18.450 / totaal km 62,81 totaal stappen 89.235
Het was prima wandelweer vandaag en Han bracht me terug naar de route, zodat ik om 9 uur weer aan de wandel was. Het was een prachtige tocht door het groene hart en de koffie in het wandelaarscafe (“gastvrij voor wandelaars” staat op de deur) smaakte lekker. Mijn brood heb ik aan de kant van een sloot opgegeten en de afstand viel reuze mee. Om half 3 was ik al bij mijn gastvrouw in Alphen aan de Rijn. Deze was niet thuis, maar had me telefonisch verteld waar ik de sleutel kon vinden en binnen lag een briefje op welke kamer ik moest zijn. Zoveel vertrouwen hebben mensen in je, dat ze jou als wildvreemde in huis laten. Op mijn bed lag ook nog een briefje: “Dit is uw bed. Tot zo!”
Dus nu heb ik al keurig mijn wasje gedaan en ga op zoek naar een bed voor morgen in de omgeving van Haastrecht. Ik heb het uitstekend naar mijn zin. Onderweg is een fotograaf een stukje meegelopen, maar hij wilde geen foto maken, want hij fotografeerde geen ‘toeristen’. Ik zei nog dat ik nu dat hele eind gelopen had om op de foto te mogen, maar hij was onverbiddelijk. Nou ja, van Geer hoorde ik dat mijn foto levensgroot in het Noord Hollands dagblad staat, dus zo is het wel weer mooi genoeg!
Dominee Hans Neels van de Noorderkerk aan de Heijermansstraat zet de eerste stempel voor de 62-jarige Theo den Otter, die wandelt van woonplaats Zaandam naar Santiago de Compostela. (foto: Bart Homburg)
ZAANDAM – ‘Daar heb je het nou al jaren over, doe het dan ook eens een keer’. Die verzuchting slaakte Gery den Otter enige tijd terug tegen haar man Theo. Zaterdagmorgen was het zo ver en vertrok de Zaandammer te voet vanuit zijn woonplaats richting het bedevaartsoord Santiago de Compostela in het noordwesten van Spanje.
Den Otter heeft zich goed voorbereid op de tocht. “Ja, ik heb veel geoefend en ben er klaar voor. Ik ben gestopt met werken en heb nu meer tijd dan geld, zeg maar. Ik heb de tocht altijd willen maken, het lijkt me heel mooi. Het is zeker geen eenvoudige klus, want het gaat wel om 2800 kilometer. De eerste dagen wil ik tussen de twintig à vijfentwintig kilometer wandelen. Ben ik aan het wandelen gewend geraakt, dan wil ik dat opvoeren tot rond de dertig kilometer per dag.”
Slapen
De 62-jarige Zaandammer denkt zo’n vier maanden nodig te hebben voor de tocht. “Voor onderweg heb ik een eenpersoonstentje meegenomen. Ik kan ook een keer bij een oud-collega slapen. Verder zie ik wel waar ik kan slapen. Ik heb er alle vertrouwen in dat dat goed komt.”
Als bewijs van zijn wandeltocht haalt Den Otter stempels op bij kerken. De eerste stempel werd gezet in de Noorderkerk aan de Heijermansstraat in Zaandam.
“Dat is een traditie, dat doen fietsers ook. In elk dorpje staat wel een kerk. In de kerk in Santiago de Compostela krijg je naast een stempel ook een diploma. Ik ben zelf aangesloten bij de protestantse gemeente, maar Santiago is een katholiek bedevaartsoord. Als je terug gaat in de geschiedenis gaat het om een mengelmoes van Griekse en Keltische culturen. Dus het moet kunnen.”
Het bedevaartsoord van Santiago de Compostela werd in de achtste eeuw gebouwd op de plaats waar het lichaam van de heilige Jacobus was teruggevonden.
Onthoofd
De apostel Jacobus keerde na een mislukte evangelisatietocht in Spanje terug naar Jeruzalem, waar hij in het jaar 44 door de heerser Herodes werd onthoofd. Zijn leerlingen brachten zijn dode lichaam in een boot zonder roer, maar met een engel als gids, naar Spanje. Eeuwen later (813) werden de relieken door bisschop Theodomir gevonden op een heuvel, die op bijzondere wijze door sterren verlicht was: Campus Stellae – veld van sterren, vandaar Compostela. Daar werd een kerk gebouwd, de voorloper van de huidige imposante kathedraal. In de loop der eeuwen won de plaats aan betekenis als bedevaartsoord en ontstonden door heel Europa routes naar Compostela.
Wie de verrichtingen van de Zaandamse wandelaar wil volgen kan terecht op de website www.pelgrimtheo.com.
km 31,5 stappen 45045 / totaal km 49,5 totaal stappen 70.785
Vanmorgen vertrok ik om 9 uur, door mijn gastfamilie rijkelijk voorzien van brood voor onderweg. Het weer was prima vandaag, dus dat was tenminste al een vooruitgang. De route in Amsterdam is erg slecht aangegeven, zodat ik een paar keer ben misgelopen. Onderweg kwam een echtpaar mij hijgend achternagelopen met de vraag of ik echt al op weg was naar Santiago of dat ik liep te oefenen. Hun zoon vertrekt namelijk op eerste Paasdag voor dezelfde tocht, dus ze waren erg nieuwsgierig. Leuk, zulke ontmoetingen.
Om kwart over 5 kwam ik aan bij Anneke en Han, mijn vroegere collega, waar ik vannacht onderdak krijg. Ik heb lekker gedoucht en zit er nu weer schoon en pedant bij. Omdat ik een paar ‘ommetjes’ gemaakt heb, heb ik vandaag 31,5 km gelopen, iets meer dan de verwachting was en Han vertelt me nu natuurlijk hoe ik een veel kortere weg had kunnen lopen. Maar ja, je hebt wandelbloed of niet. Mijn voeten zijn nu wel moe, maar ik heb geen blaren, dus morgen opgewekt weer verder.
Nou, daar gaat-ie dan. Na alle drukte de laatste week was het vanmorgen dan eindelijk zover. Ik heb heel veel cadeautjes en goede wensen meegekregen. Veel mensen kwamen me vanochtend thuis nog even uitzwaaien en Marnix, Ton en Suzanne zijn meegelopen tot de pont. Halverwege nog even koffiedrinken op het Kunstcentrum en dan de pont op en zwaaien naar de achterblijvers! Het begon al goed, want bij vertrek hoosde het uit de lucht, het waaide stevig en het was koud.
Maar eenmaal aan de overkant was het droog en het is verder droog gebleven. Om half 4 was ik al op mijn eerste adres in Sloten en viel meteen met mijn neus in de boter: echte Zeeuwen van afkomst en bekend met de route naar Santiago. De fles kwam al gauw op tafel en het werd heel gezellig!
Morgen loop ik naar De Kwakel, maar voor vandaag zit het erop en zijn dus de eerste kilometers gelopen!!
De laatste weken heeft hier thuis uiteraard alles gedraaid om de komende voettocht van Theo naar Santiago. We zijn er druk mee geweest; Theo om te zorgen dat alles klaar was en ik om allerlei ingewikkelde zaken als foto’s en films, die hij zal opsturen, op de computer te leren zetten. Overal liggen nu papiertjes met aanwijzingen.
Je leeft er allebei dus naar toe, maar ‘t gekke is dat je je tegelijkertijd niet goed kunt realiseren dat het nu echt zal gaan gebeuren. Toen we vanmorgen opstonden, kon ik me gewoon niet voorstellen, dat dit voorlopig onze laatste ochtend samen zou zijn en ik dus morgenochtend in mijn eentje zit te ontbijten.
Het is wel geweldig leuk te zien hoe iedereen meeleeft en belangstelling toont. Al die doordachte cadeautjes, al die mensen die nog even gedag komen zeggen en het allerbeste wensen. Ik geniet ervan dat het nu eens helemaal om hem gaat, dat heeft hij zeker verdiend.
En dan ineens is het zover en stapt je man de deur uit. Dan mag je hem nog even ontmoeten bij het laatste kopje koffie in het Kunstcentrum en ook dat is leuk. Het is leuk om te zien hoe Theo het daar naar zijn zin heeft en zich er thuisvoelt. En, eerlijk is eerlijk, ik ben apetrots op hem als ik hem zo zie en weet aan welke onderneming hij gaat beginnen. Wie had dat een paar jaar geleden kunnen denken??
Met alle goede wensen en de belofte dat het Kunstcentrum zijn schoenen zal sponsoren, stappen we dan ook hier de deur uit. Marnix, Ton en Suzanne lopen met hem mee naar de pont en ik wacht hen daar op, want ook meelopen doe ik maar niet, ik zou na 5 minuten al een last zijn in plaats van een lust.
De pont ligt al te wachten en na nog een laatste “Veel geluk en heel veel plezier” verdwijnt hij dan letterlijk uit je gezichtsveld.
En je denkt bezorgd: “Wat kan er allemaal niet gebeuren?”, maar het allerlaatste dat we nog in de verte zien, is de Jacobsschelp achter op zijn rugzak en als dat geen goed teken is, weet ik het niet meer!
Nou,daar staat-ie dan, mijn allereerste stempel! En dat viel nog niet eens mee. Het leek me leuk om als eerste stempel dat van de Noorderkerk in Zaandam te hebben. Dus naar het kerkelijk bureau. Er werd gezocht en gezocht, maar helaas, er was geen stempel te vinden. Iedereen wist dat er ergens één moest zijn, maar waar????
Gelukkig bracht de scriba uitkomst, zij zorgde voor het stempel en zo kwam het toch voor elkaar.
Dus nu gaat het dan echt gebeuren. Morgenochtend vertrek ik van huis om ongeveer 10 uur. Dan ga ik onderweg voor het laatst op de koffie in het Kunstcentrum en loop ik vervolgens door naar de pont, waar ik om ongeveer half 12 hoop te arriveren!
Wie zin heeft met me mee te lopen tot de pont is welkom, wie me bij de pont uit wil zwaaien, is ook welkom. Maar daarna stap ik op de pont en vaar de ‘Zaanse grens’ over en heeft iedereen dus alleen nog het nakijken!
Alhoewel het lang stil bleef vanuit Zaandam, bruist het hier toch van activiteiten. Afgelopen zaterdag zijn bijvoorbeeld de laatste inkopen gedaan voor DE TOCHT. Nog even een tweede afritsbroek gekocht en een kompas plus een Zwitsers mes met als belangrijkste attribuut een kurkentrekker. Ook een paar superlichtgewicht sandalen voor ‘s avonds. Jullie begrijpen dat als ik met Gery naar een buitensportwinkel ga, ze de hele winkel wel zou willen leegkopen. Ik blijk zowat alles nodig te hebben.
En vandaag wordt ook vast een nieuw stel aangepaste schoenen aangemeten door de schoenmaker. “Dan zijn ze maar vast klaar als de huidige versleten zijn onderweg”, aldus de schoenmaker. De man komt diep onder de indruk van mijn plannen want, zoals hij zegt: “Ik heb bijna uitsluitend klanten die al blij zijn als ze vanuit het huis door de tuin naar het schuurtje kunnen lopen”.
Verder heb ik gisteren op het Kunstcentrum officieel vast afscheid genomen. Er waren een paar collega’s die echt vertrekken, maar ik had er uiteraard niet op gerekend dat ook ik in dat rijtje zou voorkomen, omdat ik weer terugkom na mijn poging Santiago te halen. Maar om mij moed in te spreken, kreeg ik van de collega’s a) een fles wijn voor thuis met Gery, b) een kunstwerkje om het Kunstcentrum niet te vergeten en c) een financiële ondersteuning met het verzoek een kaarsje te branden bij aankomst. Dat was heel gezellig en het maakt mij wel steeds ongeduldiger om op stap te gaan.
Vorige week aten wij bij vrienden en daar kreeg ik een klein poppetje uit Guatamala. Volgens de legende moet je je zorgen aan het poppetje vertellen als je naar bed gaat. Daarna leg je het onder je kussen en dan zijn de zorgen de volgende ochtend verdwenen. Ook kreeg ik een klein vogeltje van aardewerk met daarin gestoken een papiertje waarop een wens van de gevers. Ook nog een praktische zitlap voor onderweg. Geweldig toch!!! Ik word er verlegen van……!!!
Ik train zoveel als mogelijk is, met rugzak, hier in de buurt. Dat is misschien niet zo ondernemend, maar ja, ik moet de conditie toch een beetje op peil houden. Ook bespreken Gery en ik allerlei probleempjes, voorzover we die nu bedenken natuurlijk, want in de praktijk zal het allemaal wel weer anders gaan. In ieder geval moet ik deze week nog naar de kapper, en naar Pied à Terre voor een routegidsje van Eindhoven naar Maastricht via de Kempenroute. En ik ga deze week een eerste stempel halen in de Noorderkerk. Ik hoop dat er nog veel zullen volgen.
Zaterdag 8 april is het dan zover. Ik kan er niet op wachten…..
Een stappenteller hebben, die zowel je stappen telt als aangeeft hoeveel calorieën je kwijtraakt, geeft aanleiding tot discussie en vergt gedegen onderzoek. Arij Noordijk levert daarbij de volgende bijdrage:
Een folder van Globetrotter:
* rustig wandelen kost 12 kJ per uur per kg
* wandelen in zwaar terrein 16 kJ per uur per kg
Biodata (een tabellenboek):
* gemiddeld wandelen kost 20 kJ per uur per kg
Alle sites over Nordic Walking blaten elkaar na:
* gewoon wandelen kost 1176 kJ per uur, dat is dus bij 75 kg zo’n 16 kJ per uur per kg.
* Jouw pedometer handleiding zelf meldt dat 10.000 stappen 300 calorie kost. Daar geldt: 300 calorie (moet zijn kilocalorieën?) per 10000 stappen, dus per 6 km (?), dus per 1,5 uur (?) levert bij 75 kg een getal op van 16,5 kJ per uur per kg. Overigens: wandelen als het flink koud is of bij heet weer kost meer energie.
Als we als gemiddelde eens 15 kJ per uur per kg nemen kom je met een uur wandelen en 90 kg ‘meesleepgewicht’ uit op 1350 kJ.
Jouw eerste wandeldag op de Peellandroute van 25 km kostte 6 uur wandelen.
Dan zitten we op een energiegebruik van 6 x 1350 = 8100 kJ of 8,1 MegaJoule.
Omgerekend (4,18 Joule = 1 calorie) 1938 kilocalorie = 1938000 calorie.
De pedometer zou dus ongeveer 2 miljoen calorie moeten aangeven en niet 812!Nog wat: de totaal verbruikte hoeveelheid energie per dag is de ‘wandelenergie’ plus de ruststofwisseling (de energie die je gebruikt bij ‘niets’ doen): dat kost zo’n 5 kJ per kg per uur (een gokje). Op een dag van 6 uur wandelen doe je dus 18 uur ‘niets’, met een energiegebruik van 18 uur x 75 kg x 5 kJ/kg.h = 6750 kJ (= 6,8 MJ).
Omgerekend: 1607 kcal = 1,6 miljoen calorie.
De dagelijks gebruikte hoeveelheid energie komt hiermee op 14,9 MJ.
De gemiddelde energiebehoefte (aan voedingsmiddelen) voor een man van 75 kg (tussen 56 en 75 jaar) die een ‘vrij grote lichamelijke inspanning’ verricht (met werk zoals postbeambten, landbouwers, bouwvakkers, veel huisvrouwen) staat op 13,6 MJ.
Dat komt dus warempel redelijk overeen met bovenstaande berekeningen van een gemiddelde Santiago-pelgrim.
In de handleiding van jouw pedometer staat een suggestie voor het gemiddelde daggebruik van 450 kJ per dag???? Per kg?? ‘t Zegt mij niets. Overigens gebruikte jij voor die 25 km wandelen op de eerste dag 29000 stappen, dat waren dus stappen van 86 cm.
Ik ben benieuwd naar de stapgrootte die je buiten opmeet (met bepakking natuurlijk).
En nu maar eens kijken of die pedometer wil nadenken over bovenstaande bespiegelingen. Groeten, Arij
Ja, zo gaat dat dan…… Je zegt in een nietsvermoedend ogenblik tegen je man, die het al jaren heeft over een pelgrimstocht naar Santiago de Compostela: “Daar heb je het nou al jaren over, doe het dan eens een keer!” en voor je het weet, betreed je een andere wereld. Om een eenvoudig voorbeeld te noemen: Voor mij waren sokken dingen, die je ‘s morgens half slapend aan je voeten doet en blij bent als de hiel van onderen zit in plaats van van boven. Als je bij C & A of zo bent, ruk je zo’n pak van 4 paar voor € 10 uit de bak en kun je weer een tijdje verder. Inmiddels weet ik nu dat dit een uitermate oppervlakkige opvatting is, want sokken zijn helemaal geen ‘dingen’, sokken zijn SOKKEN en die kies je uiterst zorgvuldig, daar doe je uren over en je hebt linker- en rechtersokken! Ik moest daar de eerste keer erg om lachen, tot ik bij de kassa € 35 moest neertellen! In mijn onschuld beschouwde ik wandelen als een hobby die bijna niets kostte, maar ik weet nu dat een weekje Tenerife minder kost!
Alles hier staat nu in het teken van de pelgrimstocht en de stemming is wisselend. De ene dag hoor ik naast mij mompelen, dat het niet doorgaat, want “lopen met zo’n enkel, dat wordt niks” en als ik de rugzak dan maar weer op zolder wil gaan brengen, blijkt ineens dat die slechte enkel slechts een rimpeling in de vijver is, waardoor een echte wandelaar zich niet laat tegenhouden! De wandelsport: ik zie het, maar doorgrond het niet! Jaren geleden heb ik eens 6 km gewandeld en toen ik thuis kwam, had ik niet een paar blaren, nee, ik had twee voetzolen vol blaren en als ik terugdenk aan die barre tocht, herinner ik mij hoe ik voortstrompelde in wanhoop. Nog dagen heb ik mij het hoongelach van mensen moeten laten welgevallen, die mij toch eerst zeer bezorgd hadden gevraagd waarom ik zo vreselijk moeilijk liep. Sindsdien heb ik mij afgevraagd waarom er geen parkeerplaats naast het toilet thuis was, zodat ik mij daar per auto heen kan begeven. Als ik nu hoor hoeveel dagen het kost om in Maastricht te komen, zeg ik troostend: “Joh, dan breng ik je daar toch even met de auto heen?” Fout!!
Wie nu denkt dat Theo op enige steun van het thuisfront niet hoeft te rekenen, heeft het echter mis. Ik sta voor de volle 150 % achter hem en zal alles doen om hem te helpen. Als je een droom hebt en je hebt een kans om die droom waar te maken, moet je dat doen, vind ik. Je moet het in ieder geval proberen. Ik vind het ook jammer voor Theo, dat ik die droom niet heb. Soms zit het leven echter toch wel logisch in elkaar, want laat ik nu net een hobby hebben die je zittend achter de computer uit kunt voeren!
Je begrijpt dus, dat ik thuis zal blijven en dat is ook een hele ervaring. Elke avond thuiskomen in een leeg huis, niet aan tafel kunnen schuiven, maar je eigen potje moeten koken, niemand om bij uit te huilen als het tegenzit. Maar ook: eten wat ik lekker vind en Theo niet, mijn eigen gang gaan en doen waar ik op dat moment zin in heb.
Hoe het ons beiden zal vergaan? De tijd zal het leren!!





3 Comments »