Pelgrim Theo: Pelgrim Theo's avonturen onderweg naar Santiago de Compostela
Maak hier een keuze:
  • Sun
    17
    Jul '11

    Via de la Plata



    Mon
    4
    Jul '11

    Alweer verleden tijd

    Het is alweer langer dan een maand geleden dat ik in Santiago de Compostela ben aangekomen. De kruitdampen zijn inmiddels weer opgetrokken en het leven herneemt weer zijn normale gang. Het is zoals het is, maar ik heb nog wel een beetje ‘heimwee’ naar die mooie weken. Want dat waren het in ieder geval.
    Maar ja, thuisgekomen zit er toch niets anders op dan je rugzak weer opruimen. Tenminste, zo zou het moeten. Maar eerlijk gezegd staat hij er nog steeds. Ik heb het wasgoed er natuurlijk wel uitgehaald, maar verder staat hij als het ware nog klaar om weer te vertrekken. Niet dat ik dat doe natuurlijk, je moet verstandig zijn.

    Die rugzak is voor mij gedurende nu 5 camino’s naar Santiago een symbool geworden. Daar zit alles in dat echt nodig is. En hoewel hij best zwaar kan zijn, voelt het gewoon lekker op mijn rug. Wat zou Freud daarvan zeggen?

    Kortom, het was weer een geweldige ervaring. En het leuke is dat elke tocht weer zo heel anders is. Niet alleen omdat de routes allemaal verschillend zijn natuurlijk. Maar op deze laatste camino, de Via de la Plata, was de sfeer weer heel anders dan bijvoorbeeld op de Camino Frances. Er waren veel minder refugio’s, dus je ziet elke avond weer dezelfde mensen met wie je dan toch een soort band opbouwt. Deze route was ook minder ‘spiritueel’, als ik het zo mag zeggen. Je komt Santiago pas echt tegen als je in Galicië bent. Voor die tijd, vanaf Sevilla, zijn het vooral de Romeinen die hun sporen hebben achtergelaten.

    Als je de Camino Frances loopt, kom je vooral de Middeleeuwen tegen. De meeste verhalen onderweg zijn in die tijd ontstaan. Op de Via de la Plata gaat de geschiedenis veel verder terug. Daar gaat het over de Phoeniciërs, Grieken, Romeinen en Visigoten. En natuurlijk ook over de Moren, die geweldige dingen hebben achtergelaten. Niet alleen in hun bouwwerken, maar ook in de taal en de cultuur.

    Om maar niets te vergeten (hoe zou ik dat kunnen) ben ik weer een film aan het monteren. In de komende tijd zal ik daarvan weer korte stukken op internet zetten. Op de startpagina van deze site zie je een link naar EveryTrail. Daar staat de hele route al op een kaart. Van tijd tot tijd zal ik daar stukjes film bij zetten, zodat het een geheel wordt. Ik hoop dat jullie daar ook met plezier naar zullen kijken.

    In ieder geval iedereen ontzettend bedankt voor alle reacties en commentaar. Het is altijd weer leuk te merken dat zoveel mensen die dagelijkse stukjes lezen.

    Of er nog een volgende camino komt………?
    Ik weet dat echt nog niet. Ik heb dit jaar met heel veel genoegen en nagenoeg zonder problemen gelopen. Maar ja, hoe dat volgend jaar zal zijn? De camino heeft mij geleerd niet teveel vooruit te kijken. Mireille Verplancke uit Gent had in 2006 al als motto op de camino: ‘loslaten en toelaten’. En zo is het in Zaandam ook……. denk ik.

    Dus voor iedereen, wandelaar of geen wandelaar, pelgrim of geen pelgrim…… BUEN CAMINO

    Pelgrim Theo

    Mon
    30
    May '11

    De laatste etappe van mijn vijfde camino

    routekaartje

    De eigenaresse van het hostal in Ponte de Ulla spreekt goed Duits omdat zij in Duitsland gewoond heeft. Zij vertelde hoe het dorp veranderd is door de aanleg van een autoweg en de bouw van een heel hoog viaduct voor de TGV naar Madrid over het dal.

    Daarna ben ik op pad gegaan voor de allerlaatste etappe naar Santiago. Dat geeft toch een wat vreemd gevoel. Ik ben blij dat Gery er is en dat alles toch eigenlijk heel goed is verlopen. Maar ja, het is wel weer zo goed als voorbij.
    Het weer past daarbij, grijs en nevelig. Vijf km na vertrek ben ik nog even binnengelopen in de albergue van Santaguino, een heel mooi en modern gebouw met een restaurant op loopafstand. Dus het verhaal dat er niets te krijgen of te kopen is, valt wel mee.

    Daarna is het eigenlijk rechttoe rechtaan naar Santiago lopen. Het was maar 22 km vandaag. Door eucalyptus bossen natuurlijk en door gehuchten, echt zoals Galicië is.

    Om half twee loop ik het plein voor de kathedraal op. Toch weer een emotioneel moment en ik had me nog wel zo voorgenomen het nu nuchter te beleven. Het was immers al de vijfde keer. Toch schoot er weer een brok in mijn keel toen Gery ineens opdook. Je bent dan toch een aantal weken op pad geweest naar dit doel en als het dan zover is, beleef ik dat toch als een goed moment.

    Toch ook even stiekum gekeken of Jacobus op de kerk even goedkeurend knikte. Volgens mij was het zo……
    Want zoals je het voelt, zo is het!

    '

    30-5-2011: Van het ontvangstcomite

    Zo, moeder is gearriveerd in Santiago. De reis is goed gegaan, alleen moet je er wel aan wennen dat op de Spaanse autoweg niets is, zelfs geen plekje waar je gewoon even kunt stoppen. Als je moet tanken of iets wilt eten of drinken, moet je de weg af naar een plaats die in de buurt ligt. Op de autoweg staat wel keurig aangegeven met een bord dat in die plaats van alles is: tankstation, restaurant, hotel, enz., maar als je er bent, moet je verder maar zien hoe je die zaken vindt, want vervolgens staat er niets meer aangegeven.

    Maar goed, in Santiago is alles nog zoals het hoort en het wachten is nu op de aankomst van Theo, vanmiddag om een uur of twee.

    Sun
    29
    May '11

    Duitsers zijn overal

    routekaartje

    Zo, op zondagmorgen met heel mooi weer ging ik na een goed ontbijt weer op pad. Ik had even wat moeite om de weg te vinden naar de route, maar met behulp van de GPS van Marnix heb ik mijn weg weer gevonden. In Bandeira heb ik even koffie gedronken en nog een heerlijke zumma de naranja natural gescoord. Dat is vers uitgeperst sinaasappelsap en dat drink je nergens zo lekker als in Spanje. Daarvoor alleen al zou je een camino lopen….

    Daarna werd het weer steeds dreigender en wilde ik toch wel ergens onder dak zijn. Aan een groep padvinders heb ik gevraagd waar het dichtstbijzijnde hostal te vinden was (schande natuurlijk, want zij liepen met hun tentjes te zeulen). Dat was gelukkig op de route in Ponte Ulla.
    Toen ik daar net binnen was, begon het te regenen. Het hostal is duidelijk bekend bij de pelgrims, want er zijn ook Duitsers (die zijn overal trouwens), een Fransman en een Nederlander uit Teteringen. Gelukkig heeft het hostal ook een restaurant, want verder is er niets te eten in Ponte Ulla.

    Sat
    28
    May '11

    Een uur lopen zonder een meter winst

    routekaartje

    Na een heel koude nacht ben ik vroeg uit Castro Dozon vertrokken zonder ontbijt, maar met een halve liter drinkyoghurt, dus toch wat in de maag. De eerste kilometers waren langs een mooie autoweg zonder auto’s. Het was zaterdagmorgen en er was nauwelijks verkeer te bekennen. Dan ga je toch wat minder oplettend lopen, denk ik, met als gevolg dat ik minstens 2 km verkeerd gelopen ben. In eerste instantie denk je: “Het duurt wel lang voor ik weer gele pijlen zie”. Daarna kijk je nog eens in je gidsje en denkt dat het wel goed zit. Maar uiteindelijk moet je toch voor jezelf bekennen dat het niet goed zit en dat je terug moet. En dat is erg, want ik moest toen weer klimmen wat ik eerst gedaald was. Een uur gelopen zonder een meter winst.

    Maar goed, toen ik de weg weer te pakken had ging het van een leien dakje. Mooi weer en snel een bar met koffie daarna. Alhoewel er steeds weer een stukje langs de autoweg liep, was het toch wel een mooie route met op het laatst nog een schitterende Romeinse brug over een riviertje met een mooie waterval. Dat verwacht je niet zo dicht bij een verkeersweg.

    Nu ben ik in Sidella en dat is een saaie stad. Eigenlijk heb ik daar niets gezien wat me opviel. Ik heb wel gegeten in een restaurant waar de voetbalfinale Manchester – Barcelona gespeeld werd. Dat was wel leuk. De tent zat natuurlijk vol met Spanjaarden die eigenlijk niet heel erg voor Barcelona waren, maar ja, je moet toch kiezen. Aan de tafel voor me zaten dames voor me die bij het eerste doelpunt van Barcelona een T-shirt aantrokken van Barcelona. Toen Manchester daarna een doelpunt maakte, trokken ze het weer uit. Maar uiteindelijk kwam het toch allemaal weer goed voor ze.
    Ik heb trouwens onderwijl toch goed gegeten, hoor.

    Fri
    27
    May '11

    Een herberg met zwembad

    routekaartje

    Vanmorgen ben ik om 7 uur opgestaan om weer op weg te gaan. Toen had ik nog geen ontbijt natuurlijk, maar dat had ik wel na 9 km in Ocera. En wat voor ontbijt! Een grote beker koffie met melk, geroosterd brood met zelfgemaakte jam en zelfgemaakte honing. Een grote pot met daarbij de woorden: “Eet maar flink, hoor, het is gezond!” Dat heb ik me natuurlijk geen twee keer laten zeggen en het was zo lekker dat ik vroeg of ik nog een ontbijt kon krijgen. Toen was het ijs helemaal gebroken en aangezien ik het klooster wilde bezoeken, beloofde ze me te waarschuwen. Want de volgende bezichtiging was om 11 uur en als er niemand is, lopen ze weer weg.

    Dat deed ze dus ook keurig en inderdaad was ik in het begin de enige bezoeker. Het meisje dat de rondleidster was, zei verschrikt: “O, u bent buitenlander, uit welk land?” Toen ik zei dat ik uit Nederland kwam, was het nog erger, want ja, ze sprak echt geen Nederlands. Ik vroeg of ze wel Engels sprak. Ja, dat had ze wel geleerd, maar ze sprak het niet. Dat hebben ze hier allemaal, ze hebben bijna allemaal Engels geleerd, maar ze durven het niet te gebruiken. Nou, ze moest wel, dus ze begon dapper in het Engels en deed het prima. Tot er halverwege een paar Spaanse dames bij kwamen, toen raakte ze compleet in de war. Ik zei: “Doe het maar in het Spaans, als ik vragen heb, stel ik die wel”. Dat was een opluchting en af en toe verstond ik er best iets van. Er was een ruimte in het klooster waar op het plafond allemaal namen stonden in de stenen en volgens mij vertelde ze dat dat grafzerken waren, die ze nuttig gebruikt hadden. Toen ik vroeg of ik dit goed begrepen had, zei ze opgetogen: “O, maar u spreekt ook Spaans!” En ook de Spaanse dames barstten in gejuich uit.

    Het is een mooi klooster en het is gesticht door een Duitser die de camino had gelopen. Op de terugweg naar huis is hij daar gebleven en heeft het klooster gesticht. Hij is nooit meer naar Duitsland teruggekeerd en later heilig verklaard, omdat hij net als Mozes op een steen had geslagen en toen is daar water uit gekomen.

    Na mijn bezoek aan het klooster heb ik nog 11 km over een beetje moeilijk pad gelopen met veel rollende stenen. Nu zit ik in Castro Dozon in een herberg met een zwembad zelfs. Dat is me nog nooit overkomen. Vanmiddag is het wel lekker warm geworden, maar vanochtend was het zo koud dat ik een jas heb aan gedaan.

    O ja, hier zijn ook twee broers uit België, die ik mijn probleem van de draaiende molens heb voorgelegd. Ik zei dat ik speciaal deze camino was gaan lopen omdat Don Quichot hier tegen windmolens had gevochten, maar dat ik tot nu toe geen enkele molen had gezien. Zij vroegen zich af of het nou belangrijk was welke kant de wieken op draaien. “Absoluut onbelangrijk”, zei ik, “maar ik wil het gewoon weten”. Het gevolg was dat ze zich eveneens over dit probleem bogen, want: “Je kunt beter hierover nadenken dan over je belasting”.

    Thu
    26
    May '11

    Over 3 rivieren

    routekaartje

    Gery zit in een hotel met internet en kan dus de website bijwerken.
    Vanmorgen heb ik op mijn gemak ontbeten met een luxe ontbijt, kan ik wel zeggen. Maar ja, toen ging ik pas om 8 uur weg en was dus weer de laatste. Eerst de stad uit en toen ging het meteen steil omhoog, heel steil zelfs. Ik stak vandaag 3 rivieren over die in Portugal uitkomen en die ik dus vorig jaar ook ben overgestoken: de Douro, de Taag en de Minho. Nu ben ik echt in Galicië.
    Kastelen hebben ze hier niet, ik denk dat dat komt omdat ze nooit zelfstandig zijn geweest, maar altijd overheerst door anderen.

    Ik zit nu in Cea in een hele mooie refugio. Het is een authentieke Galicische boerderij. Meestal betekent ‘authentiek’ ook een beetje smoezelig, maar hier is het keurig schoon ook nog.
    Er is een soort balkon, waar nu mijn wasje te drogen hangt en daarop staat ook een horreos: een soort stenen of houten optrekje op palen, waarin de mais bewaard wordt. Claudine is hier ook en een van de Koreanen, dus ik ben vanavond niet alleen.

    Middenin het dorp staat wel een soort kerktoren, maar zonder kerk erbij en er staat ook geen kruis op. De toren staat op 4 poten en daaronder bevindt zich een bron, waar alle inwoners hun drinkwater komen halen. Het leidingwater wordt alleen gebruikt voor de schoonmaak en de was. Er is wel een kerk, maar die is wel 5 km buiten het dorp, waarom dat is weet ik ook niet.

    Morgen ga ik een omweg van 9 km maken omdat ik een Cisterciënzer klooster wil bezoeken, dat erg mooi schijnt te zijn. Ik hoop dat ik een rondleiding krijg. Je kunt er ook slapen, maar dat ga ik niet doen, ik loop nog even door. Het kan nu nog tenslotte.

    Wed
    25
    May '11

    Van het thuisfront

    Hier even een berichtje van het thuisfront. De camino van Theo is al bijna weer voorbij.
    Morgenmiddag vertrek ik met de auto om hem op te gaan halen. Ik heb ruim de tijd genomen, omdat ik geen zin heb om me het ongans te rijden. Ik wil niet zo vroeg ‘s morgens vertrekken, tussen de middag een poosje stoppen en ‘s avonds niet te laat weer ophouden.
    Theo komt pas maandagmiddag aan, dus ik heb alle tijd.
    De berichten op de website zullen dus wel enige vertraging oplopen, want ik weet niet of ik overal een computer kan vinden en of ik dan nog zin heb er iets op te zetten. Maar dat houden jullie dan wel te goed.
    Ik weet ook niet precies wanneer we terugkomen. Misschien gaat Theo nog door naar Fisterra, misschien ook niet en de terugreis willen we ook kalm aan doen, zodat Theo weer een beetje kan wennen aan het ‘gewone’, dagelijkse leven.

    Dus lieve mensen, bedankt voor jullie belangstelling, het was weer erg leuk om jullie reacties te lezen.
    Tot gauw!!
    Gery

    '

    25-5-2011 Wat krijgen we nou?

    Ja, eigenlijk heb ik vandaag niet veel te vertellen. Gek is dat, eigenlijk is een vrije dag helemaal niet zo fijn. Je bent zo gewend om te gaan lopen en nu loop je voor je gevoel een beetje doelloos in het rond.

    Gisteravond heb ik aan de receptioniste van het hotel gevraagd naar een restaurant. Ze mocht eigenlijk geen adres geven, want het is uiteraard de bedoeling dat je in het restaurant van het hotel gaat eten, maar toen ik zei dat ik dat ‘s middags al gedaan had, kreeg ik toch stiekem een adres. Ik moet zeggen, een prima adres, want ik heb er heerlijk gegeten.

    Verder heb ik de kerk bekeken. Die lijkt wel wat op die van Santiago, ik heb het idee dat hier net zo’n soort rivaliteit is als tussen Amsterdam en Rotterdam. Wat de een heeft, moet de ander dus mooier hebben.
    Maar vooral het portaal van de kerk is erg mooi.

    En ik ging met het treintje naar de warmwaterbaden. In dat treintje zaten welgeteld ook nog 6 andere pelgrims. Dus ik zei: “Wat krijgen we nou? Wordt hier niet meer gelopen?” Nou nee, iedereen was erg tevreden om zittend de stad te bekijken. Niet dat het treinreisje erg veel te zien gaf en er was ook geen commentaar bij, zodat je niet wist waar je aan voorbij reed.

    Maar de warmwaterbaden zijn wel leuk om eens te zien. Het water is tussen 60 en 65 graden, de stoom komt eraf. Het was 32 graden, dus waarom je dan met je voeten in warm water moet zitten is me een raadsel, maar vooral oude mensen doen dat toch.

    Het was vandaag dan wel mooi weer, maar nu is er een verschrikkelijke onweersbui en morgen schijnt het wel 10 graden kouder te worden. Het schijnt ook wel erg warm te zijn in deze streek voor de tijd van het jaar. Van mij mag het wel warm blijven, maar Gery juichte. Die zit niet op warm weer hier te wachten.
    Morgen gelukkig weer lopen…

    Tue
    24
    May '11

    Ourense

    routekaartje

    Vanmorgen in alle rust opgestaan en ontbeten. Ik had niet zo’n haast vandaag. Ik vertrok dan ook pas om 8 uur en daarom heb ik onderweg niemand van mijn medepelgrims gezien. Die liepen allemaal voor me uit.
    In het begin waren er een paar lastige stukken met veel losse stenen, maar daarna was het een keurige asfaltweg die naar beneden liep. Niet te steil, dus dat liep lekker.

    Het is goed te merken dat ik nu weer in Galicië ben. Het grote verschil met Andalusië is wel, dat in je in Andalusië hele stukken liep waar echt helemaal niets was, zelfs niet aan de horizon en dat er nu wel weer elke 5 km een dorp is of iets wat daarvoor door moet gaan. Nu zie ik in de verte altijd wel een huis of toren. Dat is echt opvallend. Het heeft allebei zijn charme. Voordeel is nu wel, dat ik onderweg weer ergens kan koffiedrinken of iets eten.

    In Ourense kwam ik eerst voorbij 2 hotels zonder een enkele ster, maar die zagen er zo armoedig uit, dat ik daar geen zin in had. Tenslotte blijf ik hier 2 nachten, dus een beetje comfort mag ik wel hebben. Nu kwam ik voorbij dit hotel, dat echt midden in de stad ligt en er goed uitzag. Goed, blijkt dit dus een 4-sterrenhotel te zijn. Ja, ‘t is hollen of stilstaan met mij. Ik werd met egards ontvangen en het feit dat ik al 900 km heb gelopen maakt in zo’n hotel natuurlijk nog indruk. De meeste gasten komen uiteraard per auto.

    Ik heb heerlijk gegeten. Buiten op een terras met een verukkelijke salade, lekker stuk vlees, fruit toe en overgoten met een halve fles fantastische Rioja. Ja, een mens moet zijn vochtgehalte toch op peil houden, nietwaar? Nu hoor ik jullie mompelen dat dat ook met water kan. Dat heb ik voorzien, dus ik heb ook een fles water gedronken, hoor. Maar als je me nu vraagt wat lekkerder is, weet ik het wel.

    Ik heb verder nog niets van de stad gezien, daar heb ik morgen de hele dag de tijd voor. Na het eten heb ik gewoon lui een dutje gedaan. Lekker, hoor!
    Nu is het bijna 6 uur, dus de middag begint. Ik ga mijn wasje doen en dan naar buiten om naar de ‘parade’ te kijken. Dat blijft leuk om te zien. Zo tegen een uur of 6 komt iedereen zijn huis uit, keurig gekleed en dan gaan ze met zijn allen over straat lopen. Hier in de stad gebeurt dat, maar ook in de meest petieterige dorpjes.

    Ik heb nog een paar dagen te gaa, maar merk dat ik al een beetje aan het afscheid nemen ben. Het eind komt angstwekkend dichtbij……..

    Mon
    23
    May '11

    Een onrustige nacht

    routekaartje

    De Pool op onze kamer heeft inderdaad verschrikkelijk gesnurkt, niet normaal gewoon. Tot overmaat van ramp ging een van de Koreanen toen ook nog in zijn slaap liggen praten. Ik zag de een na de ander met zijn kussen onder zijn arm uit de kamer verdwijnen en uiteindelijk heb ik ook mijn matras en deken gepakt en ben op de gang gaan slapen. Nou was dat ook geen onverdeeld genoegen, want bij elke beweging ging het licht aan. De anderen hadden een bank veroverd in de zitkamer, maar ook daar ging het licht aan bij elke beweging. Kortom, de enige twee die voortreffelijk geslapen hebben, zijn de Pool zelf en de Koreaan.

    Om 6 uur was ik daarom al uit bed en voor zevenen al op weg. Eerst zijn we naar het dorp gelopen om de sleutel weer weg te brengen, toen naar de bar om te ontbijten. Die was nog dicht, dus dan maar gaan wandelen. De eerste 4 km gingen over de asfaltweg, dus dat liep gemakkelijk.
    Maar toen werden we door de gele pijlen de bergen in gejaagd en dat stuk was ontzettend zwaar. Drie uur lang over rollende stenen en rotsblokken en dan ook nog klimmen van 600 naar 1100 meter, ik geef het je te doen. Het was nog niet zo zwaar als in de Pyreneeën, maar het kwam er wel dichtbij. Gelukkig werden we boven op de berg beloond met een wondermooi uitzicht.

    Daarna ging het naar beneden tot we gelukkig een bar vonden. Toen we binnenkwamen kreeg iedereen een viltstift en een Jakobsschelp. Op de Jakobsschelp moest je je naam en de datum zetten. De barman hing die vervolgens op. De hele bar hangt dus propvol met Jakobsschelpen met namen en data, ze zitten zelfs tegen het plafond. Erg leuk, alleen de Fransen vroegen zich natuurlijk meteen af wie alle inhoud opgegeten had.

    Het was een mooie route, alleen werd het wel erg warm. In Vilar de Barrio hebben we iets gegeten. Ik had geen zin om daar te stoppen, dan zit je weer een hele middag te niksen, want er is niets te zien daar. Dus ben ik maar weer verder gekuierd tot Xunqueira de Ambia. Eerst kwam ik terecht in de albergue, daar was nog een bed voor mij. Toen ik ging betalen, heb ik gevraagd of er ergens een hotel was, want ik wil niet het risico lopen vannacht weer uit de slaap gehouden te worden. Er was geen hotel, maar wel een Bed & Breakfast. Die heeft ze gebeld en die zijn me na een half uurtje op komen halen, dus ik hoefde niet eens meer te lopen.

    Om half 8 ga ik eerst naar de mis en de Bed & Breakfast zit naast het restaurant waar alle pelgrims vanavond eten, dus ik zit niet alleen, maar… ik slaap vannacht wel alleen!!

    Het begint al erg op te schieten. Ik heb het uitgerekend, morgen ga ik tot Ourense en daar blijf ik een dag en als alles goed gaat, sta ik over precies een week weer op het plein voor de kathedraal in Santiago de Compostela. Gery begint al aanstalten te maken, zij wil met de auto komen en er 3 dagen over doen en dan kunnen we daarna op ons gemak samen de terugreis doen en misschien een paar dagen ergens blijven, als we iets leuks tegenkomen.
    Op die manier kan ik vast weer een beetje aan het ‘gewone’ leven wennen.

    Sun
    22
    May '11

    Het wordt weer een echte club

    routekaartje

    Jazeker, pelgrim Theo, de ouwe baas, heeft vandaag een fors eind gelopen, meer dan 35 km. Om 7 uur stond deze jongen alweer buiten, in de ijzige koude en een dikke mist. Dat jullie niet denken dat het elke dag maar zonneschijn rondom is, zie je. Het was echt steenkoud en dat duurde bijna 3 uur. Ik bedoel maar, dan lees ik in mijn gids dat ik een prachtige route loop met mooie uitzichten en weet ik wat allemaal meer, maar ik zie alleen maar mist. Het enige voordeel was dat de route bestraat was, zo liep je tenminste wel goed, anders zou je nog verdwalen ook.

    Zo, genoeg geklaagd, want na ruim tweeëneenhalf uur, brak de zon door. Ineens was het weer warm en kon ik eindelijk zien waar ik nou eigenlijk liep. En ik moet zeggen, het klopte wel wat er in mijn gids staat. Het was inderdaad erg mooi, overal bloemen en bloeiende hei, mooie uitzichten met diep beneden me uitzicht op het stuwmeer.

    Halverwege belandden we in Campobecerros en daar was zowaar een bar. Het zag er weliswaar niet zo erg schoon uit, maar alle pelgrims storten zich op de bar. Het was inderdaad niet schoon en de koffie was ook niet best, maar alla, geen gemopper. Na dit oponthoud liepen we weer welgemoed verder en na 200 meter gelopen te hebben, kwamen we….. bij een bar die er erg netjes en schoon uitzag. Maar ja, toen gingen we niet nog een keer koffiedrinken natuurlijk. Het kan wel op, al is het lekker.

    Na dit dorp werd het landschap ineens heel anders: veel bossen, we daalden heel ver naar beneden en het was er doodstil. Er heerste absolute stilte, alleen hoorde je soms heel in de verte het ruisen van een watervalletje of beekje, zelfs de wind was gaan liggen. En steeds had je zicht op de valleien beneden je. Voor iemand als ik, die regelmatig door de uiterst platte Wormer wandel, waar je honderd keer opzij moet voor auto’s, motoren en brommers, was het echt heel mooi.

    Het laatste stuk ging vrij steil naar beneden en over een asfaltweg. Dat is niet fijn, want dan loop je steeds met knikkende knieën jezelf tegen te houden. En je bent natuurlijk toch niet kakelvers meer na zo’n eind.
    Maar goed, Laza wenkte aan de horizon en als je gewoon doorloopt, kom je er vanzelf. Er was geen hostal te bekennen, dus dan maar de albergue. Daarvoor moesten we ons melden in een soort gebouwtje van de BB, Rode Kruis, een soort gezondheidscentrumpje of zo. We werden ingeschreven en kregen toen allemaal een sleutel mee van de kamer. Vervolgens was het nog een eind lopen, maar aan de rand van het sportterrein wachtte ons toen een splinternieuwe albergue. Heel erg mooi en heel erg netjes. Er zijn een stuk of 5 kamers met in elke kamer 4 bedden en er is zelfs een apart dames- en herentoilet. We zitten dus op sjiek.

    We vormen zo langzamerhand weer een echte club, omdat je elkaar elke avond weer ziet. Claudine is er weer, het Italiaanse stel en de Engelsman, van wie ik nu ook de naam weet: Michel. Van de Koreanen snap ik niets. Af en toe duikt er ineens weer iemand op, nadat je ze een hele tijd niet gezien hebt. Ook het ruziemakend stel is weer present. Het zijn trouwens geen Duitsers, maar Oostenrijkers uit Tirol. Of ze hebben knetterende ruzie, of het is lachen, gieren, brullen. Ik houd me maar een beetje afzijdig.

    Vanavond slaap ik weer met onze snurkende Pool op dezelfde kamer, dus we krijgen weer een nachtconcert!

    Sat
    21
    May '11

    Ontbijt om 12 uur

    routekaartje

    Gisteravond heb ik gegeten met onze Engelsman, van wie ik ook de naam niet weet en de Française, van wie ik inmiddels wel de naam weet. Ze heet Claudine en komt uit La Rochelle. Het eten was gezellig. Ik heb ook nog met een paar Italianen gesproken en ook dat is weer ander volk. Ze kunnen het Spaans wel verstaan, maar doen alsof het een of ander vreemdsoortig dialect is, ‘een boers dialect’. Ze voelen zich ver boven Spanje verheven en vinden dat zij de beschaving hebben gebracht. In Italië zijn ook grote wandelroutes, onder andere van Engeland naar Rome, maar daar vinden ze het te duur.

    Vanmorgen om 7 uur liep ik alweer op straat. Eerst ging ik naar beneden, een diep dal in en dan voel je het al aankomen. Als je zo ver naar beneden gaat, moet je ook weer een keer omhoog natuurlijk. En dat klopte, nauwelijks was ik de rivier overgestoken of het ging steil omhoog en dat werd 3 uur achter elkaar klimmen. Toen was ik op de top en dit keer was alles zoals het hoort: een prachtig uitzicht en echt bovenop de berg staan. Daar ging ik ook de grens over van Castilië naar Galicië, de laatste provincie op mijn reis. Het enige nadeel was dat er niets te eten of te drinken was.
    Dus dan maar weer uit hoger sferen afgedaald naar beneden en na 12 km was er een Spa-hotel, een schitterend hotel even buiten een dorp. Daar kon ik dan eindelijk een lekker ontbijt verorberen, al was het inmiddels 12 uur geworden. Maar dat geeft niet, want de lunch is toch pas om een uur of 2, dus dan kan je best om 12 uur nog ontbijten. En het smaakte des te lekkerder, omdat ik er zolang op had moeten wachten. Bovendien sprak het meisje dat bediende een mondje Frans. Ze durfde eigenlijk niet, maar toen ze eenmaal bezig was, ging het best goed.

    De rest van de route ging door heidevelden met overal weer schitterende bloemen. De hei bloeide al, maar het is volgens mij wel een ander soort dan bij ons. Het was een prachtig gezicht. En nu zit ik dan in A Gudina. Ik kwam eerst bij een hostal, maar dat zag er zo armoedig uit, dat ik ben doorgelopen naar de albergue. Voordat ik er was, haalde ik Claudine in en toen we bij de albergue kwamen was de Engelsman er ook al, dus iedereen is weer op de bestemming. Er was nog net 1 bed voor mij. Het is druk, er zijn zo’n 25 bedden en die zijn allemaal nu al bezet en er moeten nog mensen komen. Dit dorp is iets groter dan de doorsneedorpen, er zijn wel 5 bars, dus we zullen niet van de honger omkomen.

    Morgen wordt het weer een lange tocht, we moeten ongeveer 36 km lopen naar de volgende plaats. Dus dat wordt even aanpoten.
    Ik moet nu nog ruim 200 km en dan ben ik in Santiago. Waarom gaat het eigenlijk zo snel??

    Fri
    20
    May '11

    Tapcider

    routekaartje

    Er was voor vandaag heel veel regen voorspeld, dus ik was van plan om tot Padornelo te lopen bovenop de berg en daar in een hotel te gaan. Het zou vandaag klimmen worden.
    Ik vertrok vanochtend gelukkig bij droog weer, dus hup, de berg op. De eerste 12 km was het alleen klimmen geblazen, maar het viel me erg mee. Het ging meestal geleidelijk omhoog met maar af en toe een paar echte ‘colletjes’. Het laatste stuk naar boven liep ik samen met de Française, van wie ik nog steeds de naam niet weet en ik vergeet het steeds te vragen.
    En dan zie je weer eens dat je je van veel dingen een verkeerde voorstelling maakt. Ik had gedacht dat ik eindelijk op de top aan zou komen en dan een fraai uitzicht zou hebben of zo. Nou, we hebben er niets van gemerkt, alleen ontdekten we dat we naar beneden liepen en niet meer omhoog. Zo zie je maar weer. In een bar onderweg hebben we een boccadillo gegeten en iets gedronken.
    Toen ik bij het hotel kwam, zag ik dat het hotel op een parkeerplaats stond voor vrachtauto’s en verder was er niets in de wijde omtrek. Het was pas 1 uur en ik zag er tegenop daar de hele middag te moeten zitten.
    Ja, wat doe je dan? Je besluit gewoon door te lopen. Tenslotte was het nog steeds droog. In de gids stond dat ik nu een stuk weg zou krijgen dat zelfs bij droog weer bijna altijd onder water staat en ik had niet zo’n zin meer om weer door allerlei beekjes te waden en waarschijnlijk ook nog door de regen, dus ik heb vervolgens 9 km over de gewone weg gelopen. Achteraf gezien was dat ook niet nodig geweest, want ik heb zegge en schrijve 1 buitje gehad, waarbij ik voor de zekerheid mijn poncho heb aangetrokken, maar eigenlijk was zelfs dat niet nodig.
    Ik kreeg vandaag dus de ene wijze les na de andere. Je kunt van alles verwachten, maar het loopt toch allemaal anders dan verwacht. Soms valt het dan mee en ja, soms valt het dan ook tegen.

    Nu zit ik in Lubian. Het dorp is niet groot, maar er is wel een winkel en dat is heel wat in dit verlaten deel van Spanje. Er is ook een refugio, maar ik heb gekozen voor een kamer in een pension. Of pension? De baas van de bar verhuurt een paar kamers boven de bar. Ik moet zeggen dat de kamer er mooi uitziet en heel erg schoon is.
    Op deze camino lopen nog steeds naar verhouding vrij veel mensen. Niet zoveel als op de camino Frances uiteraard, maar hoe verder ik naar het noorden kom, hoe drukker het wordt. Er lopen altijd wel mensen honderd meter voor of achter je. En het zal vanaf Ourense nog wel drukker worden, want dan is het ongeveer honderd kilometer voor Santiago, dus dan stromen de Spanjaarden weer in.

    Je kunt ook merken dat we hoe langer hoe dichter bij Galicië zijn, de huizen worden ineens anders en rondom de begraafplaatsen zie je weer de muurtjes met punten zoals in Galicië. In de bar beneden zijn uiteraard tapkranen voor de verschillende soorten bier, maar er is ook een tapkraan voor cider. De cider lijkt niet echt op de Franse cider, deze is veel bitterder. Maar je kunt dus een ‘tapcidertje’ bestellen en dat kun je verder nergens.

    Onze Engelse vriend uit Oxford vertelde dat hij gisteravond in een restaurant bijzonder goed gegeten heeft. Hij had zich netjes aangekleed voor de gelegenheid en zat aan tafel zijn verslag in een boekje te schrijven. Vermoedelijk dacht het personeel toen dat hij een soort controleur was, want alles werd hem aangedragen. Hij kreeg de ene heerlijkheid na de andere aangeboden. Alweer: het is vaak niet wat het lijkt.

    Al met al heb ik er vandaag weer 30 km opzitten. Ik had niet zoveel vertrouwen in mijn schoenmaker in Salamanca, maar ten onrechte: de zool zit nog steeds vast onder mijn schoen.
    Dus het blijkt maar weer eens: de camino is vertrouwen hebben en gewoon maar zien wat er op je afkomt.
    Na deze wijze woorden ga ik nu naar de refugio om even te kijken wie daar vandaag zoal aangekomen zijn.

    Thu
    19
    May '11

    Hoera, een bad

    Het routekaartje is gecombineerd met het routekaartje van 20 mei

    Nog even terug naar gisteren. Ik heb me dit keer negatief verbaasd over deze plaats. Toen ik aankwam, zaten er een heleboel vrouwen voor de deur op straat, zoals ze hier veel doen. Ik liep te zoeken naar de albergue, maar de weg wijzen….ho maar. Gisteravond ben ik naar de mis geweest, die werd gewoon afgeraffeld en 10 minuten later stond ik weer buiten. Ik heb dit echt nooit eerder meegemaakt, dit was weer een geheel nieuwe ervaring.

    In de albergue zat een Pool, die ging gisteravond biddend de mis in en kwam er biddend weer uit. Een echt vrome Pool dus. Vannacht sliep hij de ‘slaap der gerusten’ en deed dat zo luidruchtig dat de hele albergue ervan daverde. Wat kon die man snurken!! Vanochtend om kwart voor 6 was hij wakker, stond op en ging zijn spullen inpakken. Iedereen probeerde nog wat te slapen, de Pool kon in het donker niets zien, had zo’n lamp bij zich, die je op je voorhoofd kunt dragen en vond dat een goed idee om zichzelf bij te lichten. Iedere keer als hij zijn hoofd bewoog, ging er een soort schijnwerper door de zaal.

    Nog iets aardigs: Gisteravond kwam een Duits stel zeer luid ruziemakend de albergue binnen, ze scholden elkaar voor alles en nog wat uit. Nou, dat kan natuurlijk altijd gebeuren, dus we keken dat zo’n beetje aan. Op een gegeven moment is de ruzie kennelijk bijgelegd, want vanmorgen lagen ze lepeltje-lepeltje tegen elkaar te kirren. Tot ze opstonden…. toen barstte de ruzie in alle hevigheid weer los. Je beleeft wel een hoop in zo’n albergue dus.

    Maar goed, vanmorgen heb ik dit dorp voorgoed verlaten en ik zal er niet meer terugkeren. Geloof het of niet, maar er liep een man zijn hondje uit te laten en zelfs dat hondje deed lelijk tegen me.
    Het pad vandaag was ontzettend slecht, omdat het vannacht heel erg hard geregend heeft. Grote plassen, heel veel modder. Het werd dus soppen in het water, vastzuigen in de modder en uitglijden over gladde stenen. Ik meld dit even voor het geval jullie denken dat het leven van een pelgrim alleen maar uit zonneschijn bestaat.
    Ik had wel een troost: onderweg kon ik wel 2 keer koffiedrinken dit keer. Toen ik de koffie ophad en verder ging, kwamen de Française en de Engelsman net aan. Ik dacht dat ze ver voor me uit liepen, maar ze bleken achter me te lopen. Verder heb ik ze niet meer gezien.

    De hele dag heeft er regen en slecht weer gedreigd, maar ik ben droog overgekomen. Een boer onderweg zei dat het om 1 uur zou gaan regenen. Het werd 2 uur, maar nu bulkt het weer uit de lucht. Zoals jullie weten, wilde ik een goed hotel. Ongeveer 1,5 km voor Puebla de Sanabria zag ik een hotel, dat er goed uitzag, maar ik wilde toch wat meer in het centrum. En nu leerde ik weer een wijze les, het gaat altijd anders dan volgens je mooie planning. Ik kwam namelijk een paar politieagenten tegen en vroeg hen naar een goed hotel. Eerst dachten ze dat ik een hotel voor pelgrims zocht, maar ik heb ze duidelijk gemaakt dat dat niet de bedoeling was. O, ik wilde een 3- of 4-sterrenhotel? Nou, ze wisten een prima hotel voor me. Als ik even een kwartiertje rechtdoor liep, kwam ik er vanzelf. Ja, ja.
    Ik was even vergeten dat, als een Spanjaard vertelt hoeveel tijd iets kost, hij altijd rekent alsof je met de auto bent. Dus ik liep en liep en liep, heb het kasteel van de stad aan alle kanten gezien en kwam uiteindelijk aan in het hotel, dat………. 4 km buiten de stad ligt!!

    Maar het is een mooi hotel en er zit een goed restaurant bij, dus ik heb mijn zin. Een mooie badkamer met ligbad, daar ben ik eerst eens drie kwartier in gaan liggen. Eerlijk gezegd hadden ze het bad niet zo handig ingericht, want als je aan de ene kant ging zitten zat je op de stop van de afvoer en als je aan de andere kant ging zitten, zat je met de kraan in je nek. Maar ik nam dat voor lief, want ik moest en zou natuurlijk in bad.
    Het was heerlijk en vannacht slaap ik zonder gesnurk. Misschien met mijn eigen gesnurk, maar dat hoor ik toch niet.

    Wed
    18
    May '11

    Een onsympathieke plaats

    routekaartje

    Vanmorgen vertrok ik om kwart over zeven zonder ontbijt, maar met de overtuiging dat er na 3 km een bar zou zijn waar ik ontbijt kon krijgen. Nou, die bar was er ook na 3 km, alleen was hij wel dicht. Het gevolg was dat ik daarna nog 16 km heb moeten lopen zonder eten of drinken (nou ja, alleen water). Nou gaan jullie natuurlijk zeggen dat ik ook iets mee had moeten nemen. En ja, daar hebben jullie ook gelijk in. Alleen, dat had ik nou eenmaal niet gedaan.

    Pas om 12 uur, toen ik in Rionegro was, was er een bar open. Die mensen hebben zich heel erg uitgesloofd om iets lekkers voor me te maken en waren heel erg vriendelijk. Ze zeiden ook dat ik in die plaats in de albergue kon gaan slapen. Die albergue wordt daar sinds de Middeleeuwen door een soort herengilde beheerd. Die hebben dat toen op zich genomen en dat is altijd in dezelfde handen gebleven.
    Ik vond het echter nog te vroeg om nu al te stoppen, dus ben toch maar niet naar deze albergue gegaan. Had ik het maar wel gedaan………..

    De laatste 9 km ging ik door een fantastisch landschap, een soort heidegebied. De hei bloeit uiteraard nog niet, maar wel de brem en een soort lavendel en heel veel andere bloemen. Schitterend gewoon.

    Ongeveer 2 km voor mijn bestemming van vandaag, de plaats Mombruey, zie ik aan de kant van de weg een hotel. Ik wil vandaag weer in een hotel, maar eigenlijk liever in het centrum, dus ik loop nog even door. In het centrum is een hotel met een bar ernaast en volgens de eigenaar van de bar is het hotel gesloten. Verdere keus is er niet, dus er zit niets anders op dan weer 2 km terug te lopen naar het eerste hotel. Daar aangekomen zegt men dat het hotel vol is. Dus weer 2 km teruggelopen en dan blijft als enige slaapgelegenheid de albergue over. Niets aan te doen.

    De albergue is echt verschrikkelijk, zo heb ik ze zelden gezien en ik heb er inmiddels toch heel wat gezien. Er staan 11 bedden opgepropt in een ruimte en dan is er 1 douche voor iedereen en die is zo smerig dat ik er niet met blote voeten in ga staan. Dus vanavond ga ik slapen met de capuchon van mijn slaapzak over mijn hoofd.
    Ik geloof trouwens niet dat de beide hotels vol en dicht zijn. De mensen hier zijn niet vriendelijk en dat ben ik in heel Spanje niet tegengekomen. Er was er wel eens eentje niet zo vriendelijk, maar niet allemaal. Kortom,ik vind het gewoon een onsympathieke plaats en ik kom hier nooit meer!!

    Zo, dit is gezegd en nu ga ik even de andere kant belichten: mijn medepelgrims zijn wel erg aardig en leuk. Eerst sprak ik met een Française, die al geprobeerd had elders in de omgeving een hotel te zoeken, maar dat is 30 km verderop. Zij vindt het ook vies hier, dus dat is vast gedeelde smart. Bovendien fluisterde ze me in het oor, dat ze met een van de andere pelgrims al eens in een albergue heeft geslapen en dat die zo verschrikkelijk snurkt, dat het de hele nacht door de zaal buldert! Dus dat kan gezellig worden vannacht.

    Toen ik even naar de bar in het dorp ging, ontmoette ik een Engelsman uit Oxford en samen hebben wij toen een ‘goed gesprek’ gehad over het feit dat wij, toen we nog werkten, altijd in luxe hotels hebben gebivakkeerd en dat gewoon vonden, dus niet beseft hebben hoe we het hadden getroffen. Nu in onze albergue dromen we van zulke hotels. We hebben er iedere keer nog een schepje bovenop gedaan natuurlijk. Zei de één: “Ja en zo’n mooie douche met warm water en zo lekker schoon”, dan kwam de ander met: “En van die prachtige witte handdoeken, die je niet eens zelf hoeft te wassen”. We hebben vreselijk gelachen. De Engelsman zei vastberaden: “Morgen slaap ik in een hotel, ‘t kan me niet schelen wat het kost, ik wil een hotel!!” Hij wist niet of er überhaupt een hotel is in Puebla de Sanaria, de plaats waar we morgen hopen te zijn.

    Gery heeft even voor me op internet gekeken en…. hoera, er zijn wel 4 hotels, waaronder een Parador. Het moet dus goed komen morgen……. morgen gaat deze pelgrim in weelde baden! Alleen eerst nog even 30 km lopen.

    Tue
    17
    May '11

    Een stevig stuk

    routekaartje

    Zo, vandaag heb ik het luie zweet er wel uit gelopen, maar liefst 35 km. Grappig, toen ik in het begin een keer 30 km heb gelopen, was ik behoorlijk kapot, nu na 35 km heb ik daar veel minder last van. Ik heb de hele weg alleen gelopen, tot aan Santa Croya de Tera waren er steeds nog pelgrims voor en achter me, maar daarna heb ik niemand meer gezien. De rest is natuurlijk daar gebleven. Maar ik wilde de zaak wat verdelen, morgen ben ik van plan om 26 km te lopen en dan hoop ik in Mombuey weer een hotel te vinden. Soms is het wat lastig, omdat ik 10 of 15 km te weinig vind en dan worden het er dus bijna 30.

    Ik ben de hele dag bang geweest dat het zou gaan regenen en onweren en ik heb ook wel bliksemflitsen en donkere luchten gezien, maar toch is het al die tijd droog gebleven.
    Om 5 uur was ik in Calzadilla de Tera. Ik kon de albergue eerst niet vinden, maar zag een meneer op een bankje zitten aan wie ik de weg heb gevraagd. De albergue? O ja, die wist hij wel, hij liep wel even met me mee. Wij liepen dus gezamenlijk richting albergue, toen hij een kennis tegenkwam. Ja, die wist ook wel waar de albergue was en liep ook even mee. Vervolgens kwam er nog een mannetje bij en toen nog één. En zo liep ik als een minister met zijn gevolg door het dorp met 4 Spaans-sprekende ouwe mannetjes, waarbij mijn bijdrage tot het gesprek zich beperkte tot: “Si,si”en “No, no”. Bij de albergue aangekomen, moesten ze ook even mee naar binnen natuurlijk, waar de hele gemeente lag te slapen…
    Nou, de hele gemeente? Dit is, denk ik, wel de allereenvoudigste albergue die ik in al die jaren ben tegengekomen. Er zijn 6 bedden, 1 douche en verder is er niets. Dus geen keuken, geen plek om ergens te gaan zitten. Het hele gedoe rond albergues en refugio’s ligt nogal ingewikkeld. Aan de ene kant is elke gemeente verplicht onderdak te bieden, aan de andere kant voelen hotels en pensions het als concurrentie, vooral als er veel voorzieningen zijn. Er schijnt zo hier en daar nogal een flinke strijd tussen die beide te bestaan. Wel logisch ook, want hoe de mensen hier hun brood mee moeten verdienen… dat zal echt geen vetpot zijn.
    De burgemeester van het dorp is de beheerder van de albergue. Wie het eerst komt en de deur op slot vindt (wat maar zelden het geval schijnt te zijn) haalt de sleutel bij de burgemeester. In de gang staat een busje,waar je een vrijwillige bijdrage in kan stoppen.

    Het dorp zelf is ook niet groot, maar er is een bakker en er is een soort kruidenierswinkel, die tegelijk van alles verkoopt. Daar ben ik heen gegaan om iets voor het eten vanavond in te slaan en de juffrouw die in de winkel stond, bleek Frans te kunnen spreken. Ik moest dus iets hebben waarbij ik geen keuken nodig had en binnen de kortste keren had ze voor mij een voedselpakket samengesteld, ik hoefde er zelf niets aan te doen: serranoham, een stuk kaas, 4 bekertjes met rijstepap. Vervolgens kreeg ik de opdracht om bij de bakker een brood te gaan halen en werd er door haar een tekeningetje gemaakt hoe ik de bakker kon vinden. Dat is toch aardig?

    Van Ton en Suzanne kreeg ik een sms-je dat ze het steentje dat ik in 2006 bij het Cruz de Ferro heb neergelegd, niet konden terugvinden. Dat verbaast me niets, het geeft ook niet, ik weet dat het ergens ligt.

    Mon
    16
    May '11

    De zon komt nu van links

    routekaartje

    De refugio was vannacht overvol, er sliepen zelfs mensen in de gangen en op de vloer in het café. Om kwart over zes was iedereen wakker vanmorgen en er werd hard gedraafd door iedereen. Onnodig, want de bar ging pas om kwart over zeven open. De helft vertrok zonder ontbijt, maar ik wist dat er de eerste 20 km niets zou komen, dus heb netjes gewacht. Uiteindelijk was ik de laatste die vertrok.

    In mijn gidsje stond dat ik na de Romeinse brug linksaf kon gaan als het mooi weer was, maar rechtdoor moest lopen als het regende. Nou, het was mooi weer, dus ik ben linksaf gegaan na de brug. Dat was een schitterende route, ik heb genoten. Ik liep langs de rivier en door een kloof. Prachtig gewoon. Maar inderdaad moet je daar niet lopen als het regent, want dan worden al die stenen spekglad en loop je de kans je benen te breken. Maar nu was het fantastisch.

    Toen ik uit de kloof kwam was er helaas geen enkele pijl meer te vinden. Gelukkig maar, dat ik gisteren terug ben gegaan om mijn gidsje op te halen, want nu redde het mij. Daarin stond namelijk dat ik langs een ruïne moest lopen en ja, die ruïne stond er en toen vond ik de pijlen weer terug. Zo zie je maar, zonder gids verdwaalt de pelgrim.
    Daarna volgden weer de lange rechte wegen. Ik nader het einde van het plateau, in de verte zie ik veel hogere heuvels. Vanmorgen was er geen wind, vanmiddag weer wel, maar nu is hij weer gaan liggen.
    Ik ben steeds naar het noorden gelopen, maar nu ben ik linksaf geslagen naar het westen. Vanaf Sevilla heb ik de zon steeds rechts achter mij gehad met als gevolg dat mijn rechterarm bruiner is dan mijn linkerarm. Met mijn linkerhand hield ik steeds mijn stok vast en nu is daar mijn elleboog bruin, de rest niet. Vanaf vandaag komt de zon echter van links, zodat mijn linkerarm nu bij kan kleuren. Ja, een mens gaat op alles letten als hij zo in zijn eentje loopt te wandelen.
    Ik loop wel in mijn eentje, maar ik kom wel steeds mensen tegen. Ik kwam vandaag alleen geen bekenden tegen tot het moment dat ik Tabara binnenliep. Toen hoorde ik ineens een luid geschreeuw achter me: dat was een van de Koreanen. Waar de anderen gebleven zijn, weet ik niet, daarover had hij een heel verhaal, waarvan ik niets begreep.
    Hij had in de refugio van Zamora zijn oplader vergeten en zijn notitieboekje. Margritte heeft die aan een fietser meegegeven en die was het hem komen brengen, dus hij was opgetogen.

    Ik zit hier in Tabara in een hotel. Nou moet je je daar niet te veel van voorstellen, ik heb een kamer, douche en wc zijn op de gang. Ik ben net wezen douchen en kwam tot de ontdekking dat je precies 1 minuut warm water hebt, daarna wordt het koud. Ik moest me dus afspoelen onder een koude douche en als het water eerst warm is, lijkt het daarna nog veel kouder. Maar goed, voor dat alles betaal ik ook maar € 16, dus dan valt er niets te mopperen.
    Het hotel zit vol met pelgrims, die zal ik straks wel ontmoeten aan tafel. Ik kan al om 8 uur eten, alles is hier op pelgrims berekend. Volgens mij is dat het enige dat voor de mensen hier nog wat geld in het laatje brengt.

    Veel mensen lopen stevig door, ze draven over de camino. Ze hollen natuurlijk niet echt, maar ze lopen wel 40, 50 km op een dag. Dat is niets voor mij, daar houd ik niet van, ik kom er toch wel. Voor mij is het meer: eigenlijk liever morgen dan vandaag. Toch heb ik nu al ruim 650 km gelopen. De voetjes zijn nog steeds prima, de zool van mijn schoen zit vast, ik heb nog 10 sigaren en ik geniet nog steeds van elke dag!

    Sun
    15
    May '11

    Heen….. en weer terug

    routekaartje

    Gisteravond heb ik nog een beetje rondgekeuteld en toen ben ik vroeg naar bed gegaan. Dat doet iedereen hier. Ik sliep in een wat luidruchtige omgeving met veel gesnurk, maar ik vrees dat ik ook daaraan meedoe, tenslotte hoor je jezelf niet.

    Er was maar 1 wasbak, dus ik ben vroeg opgestaan, een yoghurtje gegeten en om 10 voor 7 stapte ik de deur uit naar het café, anderhalve km verderop, want ik wist dat dat om 7 uur openging. Dat was het ook toen ik aankwam, ik voel in mijn broekzak en denk: “Ik mis mijn gidsje. Zeker in mijn rugzak gestopt, want ik heb nog gekeken of ik alles wel had.” Dus ik leeg mijn rugzak tot op de bodem…… geen gidsje. Zonder dat ding gaat het niet, dus ik heb de hele rugzak weer ingeladen en weer anderhalve km terug naar de refugio. Ik kijk onder mijn deken……. en ja, daar lag-ie. Allez, dus maar weer op naar het café om eindelijk mijn ontbijt te nuttigen. Ik maak een praatje met een Hollands stel daar en zodoende ga ik pas om 8 uur echt op weg.

    Goed, ik loop het dorp uit, volg de gele pijlen, kom aan de oever van een stuwmeer en dan wijst de gele pijl …. rechtstreeks het water in. Er is geen weg meer te bekennen, die staat geheel onder water. Dus voor de tweede keer keer ik op mijn schreden terug en loop dan maar naar de verkeersweg. Daar is gelukkig een brug over het stuwmeer heen, dus de brug over gewandeld en waarachtig, toen kon ik eindelijk weer goed aan de wandel.
    Het waren weer kilometerslange, rechte wegen. Ik loop hier op een plateau met wat glooiingen, dus het is heuveltje op, heuveltje af. Het weer was prettig, ca 20 graden en een straf windje. Het schijnt in deze streek altijd te waaien. Ik loop weer alleen, al kom ik wel steeds dezelfde mensen tegen, die ik ‘s avonds ook weer in de refugio zie, dus het is beslist geen eenzame route. Deze camino is weer heel anders dan de andere: veel drukker dan de Camino Portugues; wel veel bezienswaardigheden, maar niet in verband met St. Jacob, dus geen echte pelgrimsroute zoals de Camino Frances. Zo zie je, mensen die denken dat het saai is om elk jaar naar Santiago te lopen vergissen zich, het is iedere keer anders. En iedere keer weer leuk!

    Onderweg was er zowaar een café in Riego del Camino, waar ik tussen de middag een boccadillo en een cola heb verorberd, omdat ik niet zeker wist of ik later nog gelegenheid zou hebben om te eten.
    Om half drie was ik in Granja de Moreruela, mijn bestemming voor vandaag. Ik viel met mijn neus in de boter, want er was net een processie aan de gang, dus een drukte van belang.
    Bij de refugio is ook een café, dus daar heb ik gegeten samen met een Hollands stel en 3 Spanjaarden. In het café zat ook het ‘maagdenkoor’, dat in de processie had meegelopen, te eten. Ongelooflijk wat een herrie dat weer was, ze schreeuwden uit volle borst. En wij schreeuwden mee, want anders kon je elkaar niet verstaan. Om je de waarheid te zeggen waren de ‘maagden’ nogal bejaard!

    Goed, na het eten het gewone ritueel: scheren, douchen, wassen en mijn wasje ophangen en nu zit ik buiten te wachten tot mijn was weer droog is. Uiteraard met een sigaartje erbij, onder een strakblauwe lucht en uit de wind, want die is nog steeds stevig en fris.
    Morgen kom ik op een ander route terecht, de Mozarabische Jacobsroute. Ik ben benieuwd of het daar ook weer anders is. We zullen zien!

    Sat
    14
    May '11

    Nationaliteit verloochent zich niet

    routekaartje

    Je kunt jezelf wijsmaken dat je ‘los’ bent van alles en dat je alles even achter je hebt gelaten, maar je nationaliteit laat zich niet verloochenen. Dat is leuk om te constateren.
    Margritte als Zwitserse heeft zich grondig voorbereid op haar taak als gastvrouw in de refugio. Dat wil zeggen: ze weet nu waar de apotheken zijn, waar goedkope supermarkten te vinden zijn en vanmorgen liep ze met me mee tot aan de eerste gele pijl, zodat ze dat ook wist.
    Van Jacques, de Franse gastheer van de refugio, moesten we gisteravond bijna alle restaurants langs voor we ergens naar binnen mochten: de een was te duur, de ander niet goed, de derde had ook weer iets, enz.
    Een Hollands stel dat ik vanmiddag ontmoette, had ergens een kamer gehuurd, maar kwam erachter dat die € 50 moest kosten, dus ze hadden snel de rugzakken weer gepakt en slapen nu hier in de albergue. En ik, als Hollander, ga wel in een goed hotel als het kan (naar de aard van mijn moeder), maar vind het diep in mijn hart toch een beetje ‘te’. Het zit gewoon in je genen.

    Goed, na deze overdenking weer ‘ter zake’: ik merk dat ik door mijn zusje weer op het rechte pad wordt geholpen met haar opmerking: “Tenslotte hoor je op een pelgrimstocht kerken te bezoeken”. Helemaal waar natuurlijk, en ik heb ze echt niet allemaal overgeslagen, maar ja, druk, druk, druk. En een dag ‘rusten’ wil ik nog even uitstellen. Maar lieve zus, ik heb in Zamora de kerk bezichtigd. Alleen heb ik niet zoveel kunnen filmen, want het mocht eigenlijk niet, dus ik heb het stiekem gedaan. Is dat nou een beetje Katholiek of een beetje Zeeuws: Het mag eigenlijk niet, maar je doet het stiekem toch. Dat bevalt me wel.
    Zamora is trouwens een heel erg leuke stad: alle kerken zijn Middeleeuws en veel woonhuizen stammen uit de Romantiek en de jaren ’20: rechte lijnen en zachte kleurtjes. Vooral het contrast is erg leuk.

    We hebben even gekeken in de refugio waar Margritte gaat werken. Een mooie refugio met zelfs een kantoor met ‘managementstoel’, zo’n draaistoel. Jacques zei: “Ik heb het nooit tot manager geschopt, maar nu ben ik er één, kijk maar naar mijn stoel”.
    Daarna zijn we dus met zijn drieën gaan eten en dat was heel erg gezellig. Zij hebben inmiddels zoveel pelgrims langs zien komen en daarover kunnen ze veel vertellen, want elke pelgrim is weer anders natuurlijk. De avond vloog voorbij en hoe het kwam dat de 3 flessen wijn, die we kregen, ineens leeg waren weet ik ook niet.
    Maar de wijn was ‘medicinaal’ bedoeld, namelijk als middel tegen slapeloosheid. Wat ik al vreesde, gebeurde: het was groot feest voor mijn deur. En Spanjaarden zijn erg leuke mensen, maar ze maken een ongelooflijke herrie. En als je dan wat wijn hebt gedronken, slaap je er makkelijker doorheen. Tenslotte moet je elke ochtend fit wakker worden.

    Dat heb ik dus vanochtend ook gedaan en als ontbijt heb ik churros gegeten. Dat zijn een soort langwerpige oliebollen, ze smaken ook zo. Dat was weer een geheel nieuwe ervaring, oliebollen op je nuchtere maag. Die eten ze hier bij de koffie en dan soppen ze ze ook nog in de koffie. Daar heb ik me maar niet aan gewaagd.

    Bij de eerste gele pijl ging Margritte terug en ik ben verder gelopen, weer over hele lange, kaarsrechte wegen, heuveltje op en heuveltje af. Ik hoor en lees van Ton en Suzanne dat ze onderweg steeds koffie drinken, maar daar is hier geen sprake van, want onderweg is er niets. Ook daar wen je aan. Ik had uitgerekend dat ik tussen 12 uur en 1 uur in Montamarra zou arriveren en ik kwam er aan om half 1. Keurig dus. Snel mijn wasje doen, douchen en scheren en dan naar het dorp om te eten. Ik heb dit keer heerlijk gegeten: vooraf 2 soorten pasta en 2 soorten kaas, een vorstelijke biefstuk met goeie patat en een puddinkje met dubbel slagroom toe. Dus Theo kan er weer even tegen.
    En dan vanmiddag in het zonnetje een lekker sigaartje in de tuin van de albergue, wie doet je wat! Het was wel een beetje frisjes en af en toe wat wolken, dus ik heb Gery op de buienradar laten kijken, maar het belooft de komende dagen droog te blijven.

    O ja, even een berichtje voor Jinze: je moet je proefschrift in het Spaans vertalen, want hier maken ze een zooitje van de bermen. Twee keer maaien? Ze doen het niet eens 1 keer per 10 jaar volgens mij! Er ligt hier dus een heel terrein braak voor je.

    Fri
    13
    May '11

    Het is geen prestatie, maar leuk

    routekaartje

    Vandaag heb ik niet zoveel beleefd, dat wil zeggen, ik heb gelopen en gelopen en vind dat nog steeds prima. Gery vertelde dat veel mensen tegen haar zeggen dat ze het een hele prestatie vinden, maar dat is het niet, vind ik, want het is leuk. Volgens Gery ben ik nu een echte Calvinist: als het leuk is, is het dus geen prestatie.
    Maar hoe dan ook, de voeten doen het goed, het humeur is in orde, het weer is lekker, dus er valt niets te klagen.

    Ik ben om 7 uur vertrokken vanmorgen en was, met de pauzes meegerekend, om kwart voor drie in Zamora. Ik heb dus stevig doorgelopen. Na die 32 km was ik wel blij dat ik er was, ik vind die afstand wel een beetje de limiet voor mij om het leuk te houden.
    Een paar dagen geleden was het land hier ‘woest en ledig’, maar nu is het landschap helemaal veranderd. Het gebied, waar ik nu loop, is helemaal gecultiveerd en is landbouwgebied. Ik heb over grote vlaktes gelopen op hele rechte wegen. Het is wel wat afwisselender dan de Meseta op de Camino Frances, al lijkt het er in de verte wel een beetje op.

    Na aankomst in Zamora ben ik eerst maar eens gaan eten en heb toen mijn hostal opgezocht, waar Margritte al een kamer voor mij had geregeld. Wat een luxe, hè? Ik heb vanuit mijn kamer het zicht op de Plaza Mayor en wat ik zie, vervult mij met vrees: ik zie namelijk een berg muziekinstrumenten en versterkers die opgesteld worden. Ik ben bang dat ik vannacht weer van een feest ga genieten. Nou ja, dat zien we dan wel weer.
    Vanavond ga ik eten met Margritte en waarschijnlijk de gastheer van de albergue hier die voor het laatst is. Dus dat is gezellig.

    Zamora is een wondermooie stad, te vergelijken met Braga in Portugal, waar ik vorig jaar was. Alles is Middeleeuws, de bijnaam van de stad is: ‘Het museum van de Romantiek” en er staan wel 23 kerken, geloof ik.
    Dus nu ga ik eerst eens iets bekijken, anders zie ik er niets van en ik wil in ieder geval de kathedraal zien.
    Morgen wandel ik weer verder.

    Thu
    12
    May '11

    Een saai stuk

    routekaartje

    Zo, eerst even antwoord op de vragen: Ik heb nog sigaren, de voorraad is een beetje aangevuld. De schoenzolen zitten nog vast. En over te langzaam gaan: er zijn mensen die maar 6 weken de tijd hebben, maar daar hoor ik niet bij!!
    De voeten doen het ook uitstekend: ik heb geen open plekken en geen blaren.

    Het heeft vannacht inderdaad heel erg geonweerd, maar vanmorgen was het weer droog, een paar wolken, maar verder zon. Dat was dan ook eigenlijk het enige voordeel vandaag. Ik liep alleen en dat geeft natuurlijk helemaal niets, als ik toevallig ook niet het allersaaiste stuk van de route tot nu toe had gelopen. Het was gewoon geen leuke route, alleen de eerste 3 km gingen niet langs de autoweg. Niet dat het op die weg zo druk is, maar het loopt gewoon niet leuk. Hele stukken moest ik zelfs over de vluchtstrook lopen.

    Goed, daarom niet getreurd, ik ben nu gearriveerd in een dorp met de weidse naam El Cubo de la Tierra del Vino. Nou, ik moet zeggen, de naam van het dorp is groter dan het dorp zelf. Ik kon zelfs geen kerk vinden. In het centrum van het dorp is een heel groot plein, het heet dan ook de Plaza Majore. Op dat plein hoort natuurlijk een kerk te staan, maar er staat alleen een heel groot gemeentehuis, verder niets.

    Die kerk zat me niet lekker, want elk dorp heeft een kerk, dus ik ben op speurtocht gegaan en heb uiteindelijk de kerk gevonden, maar aan de rand van het dorp. Dat is wel curieus. Als beloning voor mijn zoektocht mocht ik constateren dat het wegkruis een pelgrim bevat en dat de onderkant van de kerk vol zit met Jacobsschelpen. Dus Jacob heeft het weer een beetje goed gemaakt.

    Er is 1 restaurant, waar ik vanmiddag gegeten heb. Kijk, je moet het ruim zien als ik praat over een restaurant: er is wel een menukaart met een heleboel gerechten, maar die gerechten zijn er niet. Er is 1 menu en daarmee klaar. Een groter nadeel is echter dat ze zo snel zijn met bedienen, terwijl ik geen haast had.
    Enfin, ik heb vanmiddag lekker buiten gezeten in de tuin van de albergue, terwijl mijn wasje vrolijk droogwapperde.
    Het loopt nu tegen zes uur en opeens stromen de pelgrims binnen: er is een Nederlands stel, de Fransen zijn er weer, er zijn 3 fietsers en een stel, van wie ik de nationaliteit nog niet weet omdat ze er net aankomen, maar ik gok op Engelsen.
    Vanavond ga ik niet in het restaurantje eten, want twee keer hetzelfde menu is wat veel van het goede. De kruidenier zal nu zo langzamerhand wel open zijn na de middagrust (Gery dacht dat hij om deze tijd dicht zou gaan), dus ik ga iets te eten voor vanavond inslaan. Dan eet ik vanavond dus gewoon in de albergue.

    Bovendien ga ik wat fruit en zo kopen, want morgen zal ik onderweg ook niet zoveel tegenkomen. En om die beide ongeduldige pelgrims daar op de camino Frances een plezier te doen: ik ga morgen 32 km lopen!! Dus wat mopperen jullie nou? Onthaasten, jongelui, onthaasten!

    Wed
    11
    May '11

    Het is weer stil op de camino

    routekaartje

    Gisteren was het gezellig met Rina en Andries. We hebben champagne (Spaanse) gedronken en vervolgens hebben we gezamenlijk de kathedraal bezichtigd. Daarna zijn zij weer op de bus gestapt naar de camping.

    Gisteravond hebben we met zijn zessen gegeten: het Australische stel, het Oostenrijkse stel, Margritte en ik. Een soort afscheidsdinertje, want het Oostenrijkse stel blijft een paar dagen in Salamanca, de Australiërs nog een dag en Margritte blijft eerst nog een dag in Salamanca, daarna gaat ze met de bus naar Zamorra, want daar gaat zij drie weken gastvrouw spelen in de albergue. Eerst gaat ze dan een dag vanuit Zamora verder lopen en de stad Zamora verkennen, anders kan ze de mensen niet goed voorlichten, vindt ze. Ja, je bent van degelijke Zwitserse makelij of niet. We hebben afgesproken vrijdag samen te eten. De Koreanen zijn een dag verder, want die zijn niet in Salamanca gebleven, dus ineens is het stil op de camino.
    Alleen het Franse stel, Daniel en Josine, is er nog. Ik moet zeggen, het is best weer even wennen.

    Vlak na Salamanca ben ik even verkeerd gelopen en moest ergens dwars doorsteken, dat was dus 3 km extra, maar verder ging het gezwind over hele lange rechte wegen, steeds maar rechtdoor, dus verdwalen was er niet meer bij.
    Om half twee had ik de 23 km achter de kiezen, hoewel me dat moeilijk lijkt, kilometers achter de kiezen te hebben. Liever gezegd: die waren onder mijn zolen doorgegaan en ik zit nu in het hostal in Calzada de Valdunciel. Dit is een heel klein dorp, maar Europa heeft weer lustig geïnvesteerd: ze hebben een groot sportcentrum en een grote bibliotheek, waar je gratis kunt internetten.

    Vanavond eet ik hier in het hostal. Daar heb ik vanmiddag ook gegeten, want dat is de enige gelegenheid hier. Nu zit ik lekker op het dorpsplein op een bankje een pilsje te drinken in het zonnetje, maar ik zie in de verte een enorme onweersbui in de lucht hangen, dus erg lang zal het niet meer duren of ik word nat. Het was voorspeld voor vandaag, maar ik heb er geen last van gehad onderweg. Voor de rest van de week wordt ook mooi weer voorspeld, dus ik zit goed!

    Tue
    10
    May '11

    Salamanca

    Ik kon vandaag uitslapen tot 8 uur, maar ik was om half zeven al wakker vanwege de herrie op straat. Eigen schuld, de eigenaar van het hotel had ons gewaarschuwd. We konden ook een kamer aan de achterkant krijgen, maar we dachten: “Ach, zo’n straatje is heus wel rustig”. Niet gerekend op toeters, vuilniswagens, schoonmaakwagens en zo.

    Na het ontbijt wilden we met het treintje door de stad. We hebben een half uur zitten wachten, maar het treintje kwam niet. Dus dan maar eerst de kerk bekijken. Of kerk? Er staan 2 kathedralen vlak naast elkaar, een oude en een ‘nieuwe’, de toren van de nieuwe is gebouwd in de oude kathedraal. Heel bijzonder.
    Iemand in de kathedraal vertelde dat je op dinsdagochtend gratis op het dak van de kerken mocht lopen, dus dat hebben we meteen gedaan. Je moest door de toren omhoog en daar hebben ze een soort wandelroute over de daken gemaakt. Het was heel erg leuk, je kon heel Salamanca en omgeving aan je voeten zien liggen. Af en toe ging je naar binnen en dan kon je de kerken van bovenaf zien.

    Daarna hebben we het ‘huis van de schelpen’ aan de buitenkant bezichtigd. Daar heeft een koopman gewoond die er zo trots op was dat hij tot de orde van Santiago behoorde, dat hij wel 200 schelpen aan zijn huis heeft laten beeldhouwen. Heel curieus.

    Ja, en toen was het tijd voor een lichte lunch na de zware maaltijd van gisteren. Toen hadden we namelijk trek in biefstuk en we kregen toch een lap op ons bord, daar kon een weeshuis van eten.
    We hebben even gekeken waar de albergue van Salamanca was, die ziet er ook goed uit trouwens. Daar hebben we een tijdje staan praten met een Engelsman die er een paar weken gastheer was geweest en nu over een paar dagen weer verder ging met de camino.
    Uiteindelijk is het toch gelukt om in het treintje te raken en een rondje door de oude stad te rijden, maar aangezien het hotel midden in de oude stad staat, zagen we niet veel nieuws.

    Daarna zaten we op ons gemak buiten, Margritte wilde in haar dagboek schrijven en ik wilde ansichten gaan schrijven, maar wie kwamen daar aan lopen? Janine en Manuelo, onze Oostenrijkers. Zo leuk, ik dacht dat we hen niet meer zouden zien, maar dan staan ze toch ineens weer voor je neus. Dat werd dus weer een gezellige boel en…. geen tijd om kaarten te schrijven.

    O ja, ik heb in 2 internetcafé’ s geprobeerd om mijn routekaartjes te versturen, maar beide keren kon ik geen verbinding tot stand brengen tussen de GPS en de PC. Gisteren ben ik een keer gevallen en de GPS met mij, dus ik ben bang dat er iets mis is. Ik heb zelfs Marnix nog gebeld, maar die wist natuurlijk vanuit de verte ook geen oplossing. Jullie zullen de kaartjes dus niet meer zien. Als ik weer thuis ben, zetten we ze er nog wel op, als het lukt. Hij neemt nog wel de routes op, dus ik bewaar alles zuinig.

    Gery belde net dat Andries en Rina me proberen te bereiken, maar geen verbinding krijgen. Zij schijnen hier in Salamanca op de camping te staa. Dus heb ik hen maar gebeld en kreeg ze meteen te pakken. Zij nemen de bus en we zien elkaar straks hier op het plein. Dus ik ga nu op wacht staan.

    Mon
    9
    May '11

    Op de helft

    routekaartje

    Een heerlijke wandeling gemaakt van 25 km in schitterend weer: niet te warm, niet te koud, lekker windje. Wat wil een mens nog meer?
    Onderweg zagen we de 2 Fransen die onze kamers gepikt hadden. Dat hebben we ze wel even laten weten natuurlijk: “Pas op met Fransen, ze stelen je kamer!”
    Dan kom je over de heuvels en ziet ineens Salamanca in de verte liggen.

    En zoals het hoort, trok na een paar uur dan weer Don Theo over de Romeinse brug met zijn legioenen, bestaande uit 1 persoon, Salamanca binnen.
    Een mijlpaal (of op zijn Spaans millenario) op de Camino de la Plata, omdat ik hier ongeveer op de helft van de route ben.

    Om dit te vieren eerst maar onderdak gezocht en gevonden in hotel Emperatriz op 50 meter afstand van het centrale plein, dus perfect. We hebben voor de deur gegeten buiten op het terras. Het menu van de dag was prima, maar de wijn erbij niet zo lekker, dus hebben we een andere wijn besteld. Naast ons zaten 4 Belgen die met de camper op reis waren en die wilden uiteraard alles van onze reis weten. “Nou”, zei de een, “maar u gaat toch ook nog wel met uw vrouwtje op vakantie?” Gery vond dit een zeer goede opmerking.
    Het was erg gezellig en pas om kwart voor vijf rolden we van tafel.

    Toen moest ik nog alles doen: mijn wasje, onder de douche, scheren. Druk, druk, druk weer.
    Toen de receptioniste wakker werd uit haar siësta, heb ik haar gevraagd waar ik een schoenmaker kon vinden. Dat heeft ze me uitgelegd, maar uiteraard vond ik het niet, wel ergens anders.
    Het hulpje van de schoenmaker heeft in Zürich gewoond en dus kon ik in het Duits mijn probleem uitleggen. De schoenmaker sloeg meteen aan het lijmen, dus ik kon erop wachten. Ik heb ook de lijm gekocht, die hij gebruikte en toen ze hoorden dat ik een pelgrim was, hoefde ik niets te betalen. Super toch? Ik heb maar € 10 gegeven voor haar kindje dat daar in de kinderwagen lag en dat mocht uiteindelijk.

    Morgen heb ik een vrije dag om Salamanca te bekijken. Het lijkt me een prachtige stad. En dus kan ik vanavond op de Spaanse tijd, een uur of tien, gaan eten, want ik kan morgen uitslapen. Het ontbijt wordt pas vanaf 9 uur geserveerd. Dus ik kan er niets aan doen dat ik niet vroeger uit bed ga!

    Sun
    8
    May '11

    Over de top

    routekaartje

    Gisteravond hebben we vooraf voor de zekerheid maar in de bar hier in het dorp heerlijke Spaanse ham gegeten met een goed flesje wijn erbij. Aldus gesterkt keerden we terug naar onze refugio, deze is in het huis van de pastoor. Om 8 uur zijn we naar de mis gegaan in het kerkje. ‘Onze’ pastoor deed alles zelf, hij had geen misdienaars, wat ik wel verfrissend vond. Na de preek moesten alle pelgrims naar voren komen en de armen om elkaar heen slaan. Zo gaf hij ons vervolgens de pelgrimszegen, daarna zong de gemeente een pelgrimslied voor ons. Althans, dat neem ik maar aan, want ik hoorde vaak “Santiago”, ik versta er uiteraard niets van. Toen de mis afgelopen was, kregen we van heel veel mensen een hand. Het klinkt misschien wel softy, maar het doet je echt wel wat.

    Terug in de herberg bleek het eten op tafel te staan. Volgens ons was het de rest van de paella die we ‘s morgens onderweg in een of ander sociaal centrum hebben gezien. We hebben daar koffie gedronken en daar was een aantal vrouwen bezig enorme paella’s te maken. We vroegen ons al af waar dat heen zou gaan. Maar vooruit, we hebben er toch maar een hapje van genomen. De Koreanen zongen weer een vrolijk lied en halverwege kwam een vrouwelijke dokter binnen. Ze werkt op de intensive care op Majorca en loopt elke dag gemiddeld 50 km!!! Ze stapte binnen of ze even een blokje om was geweest en schoof gezellig mee aan voor de paella.

    De nacht was af en toe wat onrustig, want een van de Koreanen blijkt in zijn slaap te praten. Hele verhalen hoorden we aan, uiteraard onverstaanbaar. Af en toe kwam hun ‘juf’ uit bed en zei iets tegen hem, dan ging het weer een half uurtje goed en dan begon hij weer. Vanmorgen heeft hij uitgebreid bij iedereen zijn excuses gemaakt. Dat is natuurlijk helemaal niet nodig, want zo gaat dat nou eenmaal als je met meer mensen in een ruimte slaapt: de een zucht, de ander snurkt, enz.

    Vanmorgen om half 8 zijn we weer vertrokken en koud dat het was…. verschrikkelijk. Als ik handschoenen bij me had gehad, zou ik ze hebben aangetrokken. Gestadig zijn we omhoog geklommen en om half twaalf waren we op de top! Behalve een schitterend uitzicht was er niet zoveel, een aantal windmolens en een bescheiden kruis. We vonden echter een beschut plekje uit de wind, in de zon, met rotsblokken waarop we konden zitten en uitzicht op het dal. Daar wat kaas gegeten, iets met noten erin, een sinaasappeltje en ja, dan is het leven erg goed.

    Daarna zijn we weer afgedaald. Hert eerste stuk was een mooie weg, maar de laatste 15 km ging over een asfaltweg. Dat is ook wel mooi, maar veel eentoniger. Het was vrij vlak en overal enorme boerderijen met heel veel land erbij. Voor mij was die asfaltweg wel goed, want mijn schoenzool was weer los.

    Na 28 km waren we dan bij de refugio in San Pedro de Rozados. Aan de overkant van de refugio staat een villa, daar kan je kamers huren. Margritte had daar vanmorgen kamers besproken. Ze is jarenlang reisleider geweest, dus vandaar dat het organiseren van dit soort zaken haar in het bloed zit en eerlijk gezegd vind ik het wel gemakkelijk. Ze loopt maar tot Zamosa, dus daarna moet ik het weer alleen uitzoeken, nu profiteer ik er even van.
    Maar goed, toen we dus bij de villa aankwamen was die op slot. Een telefoontje naar de eigenaar, die zei dat de sleutel onder de mat lag. Wij zoeken, maar mooi geen sleutel! Dus we hebben onze rugzakken eerst maar neergezet bij de refugio aan de overkant, waar onze Koreanen vertelden dat de kamers in de villa door 2 Fransen waren bezet, die de sleutel hadden gevonden.
    We zijn eerst maar gaan eten in de bar in het dorp. Toen bleek dat deze ook kamers verhuurt. Dus nu hebben we een mooie kamer en nog € 2 goedkoper dan in de villa. En…..onze was wordt voor ons gedaan. Wat een luxe.

    Het is nog steeds genieten elke dag! Ik kan helaas geen kaartjes op de website zetten, want internet hier….. wat moet je ermee. Dus dat ga ik in Salamanca wel doen, en natuurlijk mijn schoen laten plakken.

    Sat
    7
    May '11

    Een eenzaam gebied

    routekaartje

    Ik denk dat jullie geen flauw idee hebben hoe eenzaam dit gebied hier is. Ik verbaas me elke dag weer over het verschil met wat ik gewend ben thuis. En toch liepen hier tijden geleden al Romeinen rond, getuige de vele mijlstenen langs de route vandaag. Het leken wel kilometerpalen, zoveel waren het er.
    Uit een weiland naast het pad vlogen ineens, toen wij er langs liepen, wel 20 ooievaars tegelijk omhoog. Wat nou, weinig ooievaars? Hier zijn er bijna net zoveel als bij ons ganzen, krijg ik de indruk.
    Verder was het een mooie route vandaag, met veel uitzichten. Onderweg kregen we een flinke bui, verder bleef het droog. Als het hier regent, sneeuwt het in de bergen, dus daar zie je weer meer sneeuw liggen, een mooi gezicht. De weg liep wel omhoog, maar niet zo steil, meer geleidelijk aan.
    Precies op het moment dat we de refugio in Fuenterroble de Salvatierra bereikten, barstte er weer een felle bui los. Het zijn heel heftige buien hier en daartussen schijnt de zon wel gelukkig, maar het is gewoon koud. Als de zon weg is, is het maar 12, 13 graden. En ik heb natuurlijk geen trui bij me. Trouwens, bijna niemand heeft een trui bij zich, want iedereen heeft op mooi weer gerekend.

    De refugio hier is een bijzondere. De albergue wordt geleid door de pastoor en die heeft een stel helpers om zich heen verzameld, allemaal alternatievelingen. In het gastenboek staat dan ook dat er hier een heel speciale sfeer hangt. Dat is misschien ook zo, maar er moet me toch iets van het hart:
    Waarom moeten bijzondere en alternatieve herbergen altijd ook een beetje vies zijn? En een klein beetje luxe mag toch ook wel? Denk niet dat het hier slecht is of zo, maar het valt me gewoon op.

    De Koreanen zijn er ook weer, hebben een set voor acupunctuur bij zich en steken nu bij iedereen die maar wil de naalden erin. Ze wilden mij ook behandelen, maar ik zei: “Ik heb niks, ik ben veel te jong” “Hoe oud dan?” Zodra ik dan “67 jaar” zeg, beginnen ze te buigen als knipmessen. Het zijn echt een stel komedianten, geweldig gewoon. Een van hen is een vrouw, die onderwijzeres is op een basisschool. Soms is het net of ze met haar klasje uit is. Als ze het te gek maken, roept ze hen tot de orde en is het afgelopen.

    Kijk, zulke dingen maak je niet mee als je in een hotel gaat slapen. Als pelgrim leef je dus voortdurend met een dilemma: in een hotel slapen met comfort, maar geen andere pelgrims ontmoeten of in een refugio slapen met andere pelgrims, maar geen confort.
    Margritte en ik hebben nu maar besloten dat we 1 op de 3 nachten wel in een hotel mogen slapen. Met andere woorden: Als we in Salamanca zijn, waar we maandag hopen aan te komen, gaan we in een hotel. Ik wil er in ieder geval een dag blijven en aangezien je geen 2 nachten achter elkaar in dezelfde refugio mag blijven, moet ik dus wel in een hotel. Goeie smoes, hè?!!

    Vanavond kunnen we hier in de refugio paella eten. Nou heb ik eens een blik in de keuken geworpen en vond de paella er niet zo geweldig uitzien. Eens kijken of ik de anderen mee kan lokken naar de bar hier vlakbij, waar je ander eten kunt krijgen. Maar als ik moet kiezen tussen paella eten met zijn allen of in mijn eentje in de bar, dan wordt het natuurlijk de paella. Dan eet ik maar iets minder. Trouwens, mijn buikje is geheel verdwenen, ik ben een slanke pelgrim geworden. Jammer alleen dat dat buikje er vanzelf weer aangroeit als ik een paar weken thuis ben.

    Fri
    6
    May '11

    Ik beleef eigenlijk niets en toch beleef ik zoveel

    routekaartje

    Vandaag hoefde ik maar 12 km te lopen, dus het kon allemaal rustig aan. Eerst ging de route vrij steil omhoog, toen daalde hij via een mooie route met mijlstenen naar beneden naar de rivier. Er hoefden geen schoenen uit dit keer, want er lag een stenen brug uit 1798. Daarna was het weer flink klimmen geblazen tot Calzada de Bejar toe.
    Om 12 uur waren we gearriveerd in de refugio. Een mooie refugio en vooral het uitzicht hier vandaan op de bergen is schitterend. Nou ja, kijk zelf maar…

    Het weer is wat winderig en er zijn wat wolken. Maar de wolken worden afgewisseld met de zon en het is 23 graden, dus prima weer, mijn wasje is alweer bijna droog.

    Calzada de Bejar is een piepklein dorp met maar een paar huizen. De hoofdweg is niet bestraat, zo af en toe een keitje en dat is het dan. De vrouwen zitten ‘s middags gezellig voor het huis. Ik wist niet dat dit nog bestond. Geweldig om dit weer mee te maken. Er gebeurt eigenlijk niks, toch kom je niet uitgekeken.
    Op de kerktoren is een ooievaarsnest en daarin een jong ooievaartje dat nog niet kan vliegen. Een van de ouders vliegt dan weg om eten te halen voor het jong. Als hij (of zij) terugkomt, kleppert de ander luidruchtig. Dan wisselen zij elkaar af en vliegt de ander eruit. Dat is nou emancipatie. Ik heb me laten vertellen dat de ouders, als ze vinden dat het jong oud genoeg is om te vliegen, ze hem (of haar) gewoon het nest uit mikken en dat hij dan niet meer terug mag komen.

    De hele middag zaten we met zijn tweeën, maar nu begint het vol te lopen. Eerst de fietsers, die ons vertellen dat ze de Koreanen en de Oostenrijkers hebben zien lopen en dat die er ook weer aankomen.
    Wat de sigaartjes betreft, ik heb 5 kleine Havanna’s op de kop weten te tikken. Prima dus. Maar mijn La Paz sigaartjes kan ik nog nergens vinden en dat terwijl ik in het verleden er duizenden naar Spanje heb vervoerd. Maar ik ben al blij dat ik deze heb en in Salamanca zal wel een sigarenwinkel zijn.

    Er gaat hier nu een luid gejuich op, want de Koreanen zijn gearriveerd. Dus dat kan weer een gezellige boel worden….

    Thu
    5
    May '11

    Ruzie in het dorp

    routekaartje

    Het idee van mijn beide zussen om een postelastiek om mijn schoen te doen is zo gek nog niet, want mijn zool is weer losgegaan. In Salamanca toch maar eens een schoenmaker opzoeken, denk ik.

    Vanmorgen stond ik om half 7 naast mijn bed en na het wassen, ontbijten en zo stapten we om half 8 naar buiten. Het eerste stuk moesten we het zonder pijlen doen, aangezien we gisteren het laatste stukje van de officiële route zijn afgeweken. Nadat we een stuk gelopen hadden kwamen we bij een rivier, waar we met onze schoenen aan echt niet door konden. Het water stond veel te hoog en de stroom was snel. Dus er zat niets anders op dan de schoenen maar weer uit te doen. Margritte op blote voeten, ik de crocs aan en zo zijn we naar de overkant gekrabbeld.

    Aan de overkant vonden we vrij snel de route weer en konden we weer achter de gele pijlen aan. Rechts van me liggen de bergen met de toppen in de sneeuw. Nu liggen ze rechts, maar ik moet er wel overheen, dus dat wordt klimmen. Volgens de gids gaan we tot 1200 meter hoogte. Nou ja, ik zit nu al op 600 meter, dus op de helft zullen we maar denken.

    De laatste 10 km liepen we op een heel smal strookje langs de autoroute, dus dat was niet echt leuk. Om een uur of twee waren we in Banos de Montemayor en vervolgens moesten we wachten tot om 4 uur de albergue openging. Geen nood, in die tussentijd kun je mooi eten. Banos de Montemayor is een echte toeristenplaats, een soort Spa, met thermen en zo. Het ziet eruit als een rijke plaats. Dat is weer eens iets anders dan de stille Spaanse dorpen, waar we steeds terecht kwamen. Er zijn ook heel veel hotels en restaurants. In het eerste restaurant werden we zo grof behandeld, dat we eruit zijn gelopen. Als er geen eerbied meer is voor ons pelgrims, waar blijven we dan?

    Toen zijn we naar een hostal gegaan en hebben daar goed gegeten. Na het eten maakte de baas een praatje met ons, en meldde toen dat wij ook bij hem konden slapen. Voor € 28 gaf hij een kamer, een diner vanavond en een ontbijt morgenochtend. Het klonk aanlokkelijk, maar onze rugzakken stonden al bij de albergue, dus wij zijn netjes weer terug gewandeld. De gastheer van de albergue vroeg of we al gegeten hadden en waar. “In Hotel Solara”, zeiden wij. “O, dan hebben ze jullie zeker wel gevraagd of jullie daar wilden slapen en een leuk aanbod gedaan?” “Klopt”, zeiden wij. Toen bleek dat er hooggaande ruzie is tussen de albergue en de hotels, want de hotels willen de albergue weg hebben vanwege oneerlijke concurrentie.
    “Ja”, zei onze gastheer, “toen het goed ging, wilden ze absoluut geen pelgrims hebben, dat was te min, maar nu is het crisis en nu zijn alle pelgrims ineens hartelijk welkom”.
    Jullie zien dat er naar onze gunst wordt gedongen. Je zou er hoogmoedig van worden, maar dat mag natuurlijk niet als pelgrim zijnde.
    Overigens hebben we hier een prima kamer, geen stapelbedden, zelfs een kast voor je kleren, een mooie zitkamer en een tuin, waar we de was kunnen drogen. En dat alles voor € 10, dus we zijn best tevreden.
    Ik heb gewassen, mijn zool weer geplakt, nu ga ik even naar de apotheek om tandpasta en zonnebrand of zo te halen, want ik heb weer bulten van de zon. Druk, druk, druk dus, straks maar gauw weer even uitrusten in het zonnetje op het terras of in de tuin. En dan is het alweer bijna etenstijd en is er alweer een dag voorbij.

    Wed
    4
    May '11

    Over de Canadas Reales

    routekaartje

    routekaartje

    Eerst even iets rechtzetten: Marguerite schrijf je niet zo, maar als Margritte.
    Tot onze vreugde arriveerden gisteren toch nog Janine, Manuelo en de Italiaan. Weliswaar doodmoe en kapot, maar ze waren er. Alleen was er hier geen plaats meer. Toen mochten ze in de hal op de banken slapen en ze hebben heerlijk geslapen, zeiden ze vanmorgen.

    We hebben gisteravond een uiterst plezierige avond gehad met onze Koreanen en veel gelachen. Ik werd herhaaldelijk op de schouders geslagen, omdat ik de oudste was en er nog zo gezond uitzie. Een van de Koreanen heeft het eten voor ons allemaal betaald, want “Ik heb toch een creditcard”, riep hij. Manuelo heeft toen ook nog eens de orujo na het eten betaald, want die zei weer: “Ik hoef het eten nu toch niet te betalen, dus het kan eraf”.
    Vanmorgen heb ik een tijdje gelopen met een van de Koreanen en gezellig gepraat. Zeg nou zelf, wanneer kom je op zo’n ontspannen manier met Koreanen in aanraking? Dit is echt geweldig leuk.

    We hadden vandaag de keus tussen 14 km lopen of 42 km. Ja, 14 km vonden we te kort en 42 km te lang. Margritte en ik zijn toen in plaats van via Oliva de Plasencia te gaan rechtdoor gelopen tot Caparra. Dat was ongeveer 21 km en Caparra is een ruïne van een Romeinse stad, dus dat leek ons wel leuk. We hadden een hotel besproken in Javille aan de Route Nationale en de baas van het hotel zou ons bij de ruïne op komen halen, maar dat kon om half één of anders pas weer om 4 uur.

    Het was een verschrikkelijk mooie route, net een droomwereld. Niet de eenvoudigste route, want er waren steeds beekjes die je over moest steken. Dan moet je van de ene steen op de andere stappen en dat gaat lang niet altijd makkelijk, want die stenen liggen uiteraard niet keurig op een rijtje en lekker vlak, maar soms wiebelen ze of zijn glad en kost het moeite om je evenwicht te bewaren. Je zit niet te wachten op een valpartij, want ten eerste is dan alles van top tot teen smerig, maar ten tweede kom je met een rugzak om niet zo makkelijk overeind. Ik heb altijd gedacht dat de provincie Extramaduro, waar ik nu ben, zo droog was, maar dat is dus helemaal niet waar. Net zo min als het idee dat ik had dat het in dit gebied zou wemelen van Spaanse molens, het is tenslotte het gebied van Don Quichotte. Nou, ik heb er nog niet één gezien, alleen een namaakmolen. Zo zie je maar weer, van al die zaken zoals je je ze voorstelt, klopt vaak in werkelijkheid niet veel.

    Gelukkig zijn alle oversteken goed verlopen en liep ik stukken over de Canadas Reales. Dat is een pad van stroken van ongeveer 75 m breed met goed onderhouden gras en het valt onder bescherming van de koning. Die weg loopt van Noord-Spanje helemaal tot Zuid-Spanje en dient om de kuddes te vervoeren van Noord naar Zuid en omgekeerd. Toen ik de Camino Frances liep, zat ik aan het andere einde van dit pad, ben er toen dwars overgestoken en nu loop ik er dus gedeeltes van.

    Uiteindelijk haalden we het niet om om half één bij de ruïnes te zijn, maar wij dachten dat er genoeg te zien zou zijn en iets te eten, zodat het snel 4 uur zou worden. Dat viel wel wat tegen. De ruïnes waren wel mooi, er stonden nog een paar bogen en verder zag je het stratenplan zoals dat was en de omtrekken van de huizen, maar we waren er toch betrekkelijk snel uitgekeken. Er was wel een soort museumpje, maar daar waren alleen 2 frisdrankautomaten en dat was het dan. Om daar een paar uur te blijven hangen, leek ons nou niet zo geweldig. We besloten dus nog maar een stukje te gaan lopen en eens te zien of er geen auto langs zou komen die ons een stukje mee kon nemen. Nou, met de tweede auto was het al raak, we konden meerijden tot de Route National. Dat is het voordeel als er een vrouw bij is, voor mij stoppen ze niet zo gauw.

    Toen zijn we langs de Route National gaan lopen tot Margritte op het idee kwam de baas van het hotel te bellen om te zeggen dat hij ons dus niet bij de ruïnes op hoefde te halen. Wat wij stiekem hoopten, gebeurde, de baas zei: “O, ik kom jullie daar wel even ophalen”. Achteraf gelukkig, want het bleek dat we nog wel 10 km hadden moeten lopen. Zo zie je maar weer, het komt altijd weer goed als je pelgrim bent.

    Overigens heeft deze pelgrimsroute van alle routes die ik gelopen heb, het minst met St. Jacob te maken. Af en toe kom je wel iets van hem tegen of een kerk die naar hem genoemd is, maar verder heel weinig verwijzingen zoals op de andere camino’s. Ik heb ook nog bijna geen Spanjaarden gezien, alleen ‘vreemdelingen’.

    Ik heb slechts 1 probleempje: ik heb nog maar 1 sigaar. Ik rook er elke dag eentje, de weg naar Salamanca is nog lang en ik vrees dat ik pas daar sigaren kan kopen. Al mijn medereizigers kijken met mij of ze sigarenwinkels tegenkomen, maar helaas. Het anti-rookbeleid is hier nog veel strenger dan in Nederland met het gevolg dat een heleboel sigarenwinkeltjes, die je vroeger in elk gehucht had, over de kop zijn gegaan.
    Ik weet dat de niet-rokers onder jullie dit geen probleem zullen vinden, maar de liefhebbers van een goesde sigaar leven vast wel met mij mee. Enfin, vanavond maar weer eens in het hotel proberen of er iets is, dat wil soms nog wel lukken.

    Tue
    3
    May '11

    De boer en de pijlen

    routekaartje

    Vanmorgen zijn we weer met frisse moed gaan lopen. Het was een erg mooie route, maar het ging vandaag niet zonder enige strubbeling.
    Op een gegeven ogenblik liepen we op een weg langs het kanaal. In de gids stond dat we dan na 800 meter scherp rechtsaf moesten. Dus wij lopen, lopen, lopen. Na 800 meter echter was er alleen een afslag naar een boerderij, maar geen pijlen of iets wat ons de weg wees. Dus zijn wij maar verder gelopen. Dus weer lopen, lopen, lopen. Die weg eindigde op een boerderij, dus weer een stuk terug en een andere weg ingeslagen. Maar voor mijn gevoel gingen we toen precies de verkeerde kant uit. “Dit klopt niet”, constateerden wij en dus weer teruglopen. We zijn de hele weg langs het kanaal weer teruggelopen en eindigden in een soort ‘opstopping’ van pelgrims die ook allemaal de weg kwijt waren, wel een stuk of tien. Niemand wist het meer….

    Een paar mensen, waaronder Janine, Manuelo en de Italiaan gingen toch maar een weg in waarvan ze dachten dat het de goede zou kunnen zijn, maar die hebben we tot op heden nog niet zien verschijnen….
    Marguerite kwam toen op het slimme idee de refugio in Galisteo te bellen en hen het probleem voor te leggen en de weg te vragen. “O”, zeiden ze daar, “dit maken we bijna elke dag mee. Jullie moeten daar namelijk over het land van een boer en die boer vindt dat niet leuk, dus die verzet de pijlen of haalt ze gewoon weg. Maar hij moet jullie toelaten.” Dat is de allereerste keer op alle camino’s dat ik dit meemaak.

    Enfin, wij wederom op onze schreden teruggekeerd en nu vastberaden rechtsaf geslagen. En ja, daar stond de boer met een grote zeis in de hand nors naar ons te kijken. Vervolgens begon hij ons uit te leggen dat wij helemaal verkeerd waren en dat dit echt niet de goede camino was, enz., enz. Maar wij wisten inmiddels beter en met fier opgeheven hoofd, echt een pelgrim waardig, schreden wij vastberaden voort, dan wel niet over ‘s Heren wegen, maar over dat van de boer. Het zou nu wel aardig zijn te kunnen melden dat de boer ons bedreigde met de zeis en wij moedig weerstand boden, maar de werkelijkheid is dat hij ons verder met rust liet en we gewoon door konden lopen.

    Door dit gedoe hebben wij wel een flink aantal kilometers voor niets gelopen, dus toen wij in Galisteo aankwamen zijn we eerst maar gaan lunchen. De baas van de bar daar sprak vrij goed Nederlands, omdat hij 30 jaar in Eindhoven heeft gewerkt. Hij liet dat dan ook graag nog even horen.
    Galisteo is trouwens wel een aardige plaats, het is helemaal omringd door een Moorse muur, die nog intact is en binnen die muren zijn allemaal nauwe straatjes.
    Na deze lunch besloten wij aan de verleiding om eens een stukje op 4 wielen te doen in plaats van op 2 voeten toe te geven. Het spijt me dit te moeten bekennen, maar wij hebben toen een taxi genomen naar Carcaboso, omdat wij daar een kamer hadden besproken en geen zin meer hadden om nog eens 10 km te lopen.

    Dus nu zitten we hier weer prinsheerlijk. De zool van mijn schoen heeft weer losgelaten, dus nu heb ik er een hele tube lijm ingespoten en staat mijn bed erop. We zullen zien of hij nu beter blijft zitten, anders moet ik nog naar een schoenmaker.
    En nu maar afwachten of we Janine, Manuelo en onze Italiaan aan de horizon zien verschijnen……

    Mon
    2
    May '11

    Koude koffie bij het ontbijt?

    routekaartje

    Ik geef toe, het was niet slim! Vanmorgen ben ik bijtijds opgestaan, was als een van de eersten aan het ontbijt, maar er was alleen maar koude koffie. Getver! Komt de Italiaanse pelgrim binnen, zeg ik: “Er is alleen koude koffie, hoor!” “Waarom?”, zegt hij, “je zet het toch gewoon in de magnetron?” Had ik dus gewoon niet aan gedacht!!! Goed, daar ben ik dus de hele dag mee gepest.

    Afijn, toch maar vertrokken en het was weer een prachtige route. Ik verbaas me er iedere keer nog over dat je zo ver kunt kijken en dat je heel soms een dorp in de verte ziet, maar meestal niet. Dat vind ik iedere keer weer een sensatie. Af en toe loop ik dan zo’n hoog Romeins bruggetje over, het is echt geweldig.
    Marguerite en ik lopen meestal niet samen, want zij loopt veel en veel harder dan ik. Meestal wacht ze dan weer ergens waar we koffie kunnen drinken (warme dit keer!) of kunnen lunchen en dat doen we dan voor de gezelligheid samen.

    Vroeg in de middag was ik in de aubergue in Grimaldo. Ik bevind me nu in het gezelschap van 2 Duitse dames, 1 Spanjaard, Zwitserse Marguerite, Nederlandse Anita, Oostenrijkse Janine en Manuelo, 2 Australiërs, 1 Italiaan en 6 Koreanen. Dat is zo grappig, die Koreanen zijn kleine mannetjes, ze dragen kleine rugzakken, die volgens mij bijna leeg zijn en ze lopen heel snel met kleine stappen. Een van hen heeft een vlag bij zich van de camino en iedereen moet daar zijn naam opzetten en het land van herkomst. Geinig is dat.

    Het dorp bestaat uit een stuk of 5 huizen, de albergue en bijbehorende bar. Tussen de middag hebben we met zijn vijven in die bar gegeten. Hier kun je net zoveel wijn drinken als je wilt, dat zit bij de prijs van het eten inbegrepen. Ze zetten vandaag 3 flessen wijn op tafel, geen beste trouwens. Manuelo was zo slim om 1 fles meteen onder de tafel te zetten, want tussen de middag met z’n vijven 3 flessen is toch wat veel. Nu hebben we vanavond ook nog iets te drinken. “Na 3 glazen wordt de wijn vanzelf lekker”, zegt Manuelo.

    Ik mag Marguerite graag een beetje pesten, omdat ze een echte regeltante is en me steeds ‘overhoort’ over kurkeiken, steeneiken en wat er zoal meer is. Ze weet trouwens ontzettend veel en spreekt maar liefst 6 talen. Nu heeft Marguerite aan Anita gevraagd of alle Hollandse mannen net zo plagerig zijn als ik. En de Oostenrijkers noemen me tegenwoordig ‘Don Theo’, omdat ik elke dag na gedane wandeling een grote sigaar rook.
    Maar Janine heeft wel voor mij gewassen (jawel, we hebben alweer een wasmachine) zodat ik het alleen maar op hoef te hangen.
    De zool van mijn rechterschoen heeft losgelaten. Ik had de lijm nog bij me, die ik vorig jaar gekocht heb voor hetzelfde euvel, dus ik heb vanmiddag onder het toeziend oog, wijze adviezen en de zegen van allen zitten plakken. Nu staat-ie te drogen onder een gasfles, dus ik ben benieuwd.

    O ja, van de 2 Duitse vriendinnen is er eentje hopeloos verliefd geworden op de Spanjaard en laat dat duidelijk merken ook. Ze lopen de hele dag te knuffelen en dat is voor de nog ‘loslopende’ vriendin natuurlijk niet echt leuk. Dus wij hebben ons met zijn allen over haar ontfermd.
    Jullie zien, de stemming zit erin!

    Gery vertelde dat een buurman bij haar was komen informeren hoe het met de ‘landloper’ ging. Marnix was van mening dat ik deze camino weinig filosofische wijsheden debiteer en dat het meer ‘leve de lol’ is.
    Kijk, dat kan ik natuurlijk niet op me laten zitten, dus hier komt-ie:
    “Of je nu een pelgrimerende landloper bent of een landlopende pelgrim, het blijft om het even, leuk is het!”

    Sun
    1
    May '11

    Elke camino is anders

    routekaartje

    Zo, vandaag een stevige tippel gemaakt van 25 km. Vanmorgen toen we vertrokken, waren overal gitzwarte luchten en geen snippertje zon, dus we verwachtten het allerergste. Maar onderweg werd het weer steeds beter en uiteindelijk bleek het gewoon ideaal weer om te lopen: niet te warm, niet te koud.
    De tocht ging door een adembenemend mooi gebied. We liepen op een plateau en aan beide kanten keek je in de diepte en je kon heel ver weg zien. Vanuit de verte kon je het stuwmeer in de Taag zien en Canaveral 40 km verderop zag je aan de horizon. Het landschap is golvend en overal grazen kuddes. Het was fantastisch!

    Elke camino is anders. Deze Camino de la Plata is weer heel anders dan de Camino Portugues van vorig jaar. Deze camino is drukker wat pelgrims betreft, het land is veel ruiger, het weer veel wisselender, de afstanden per dag zijn langer. De plaatsen liggen veel verder uit elkaar. Vorig jaar vond ik het land soms eenzaam en verlaten, maar nu is het nog veel eenzamer. Er zijn hele stukken waar je geen dorpen ziet, niet in de nabijheid, maar ook niet in de verte. Dat is weer een bijzondere gewaarwording, want in Nederland zie je altijd wel een dorp of kerktoren in de verte. Het is niet zo dat de ene camino mooier is dan de ander, juist omdat elke Camino totaal anders is en ze niet met elkaar zijn te vergelijken.

    Het is op deze Camino dan wel drukker, maar van het clubje pelgrims dat er was, is alleen Marguerite nog over, dus moet ik nu weer nieuwe kennissen opdoen. Dat gaat meestal vanzelf, je komt elkaar weer tegen in de albergue of refugio en iedereen deelt zijn belevenissen met de rest, en iedereen praat met iedereen. Ook dat is bijzonder.

    Ik zit hier nu in een albergue, een betrekkelijk nieuw gebouw, maar het allermooiste is het uitzicht. Het gebouw staat op een heuvel en ik heb uitzicht op een heel groot stuwmeer in de Taag met allemaal kleine eilandjes erin en zo.
    Voor het geval dat jullie nu denken: “Wat is hij lyrisch”, even terug naar de praktische voordelen van deze albergue: Je kunt je eten meenemen en hier opwarmen in de magnetron of in een gewone oven en…. er is een wasmachine. Per kamer hebben we de wasjes bij elkaar gedaan en zo draait mijn wasje lustig in het rond, terwijl ik met Maguerite en de beheerster op het terras van de albergue een fles wijn soldaat maak en mijn sigaartje rook.
    Zo is het wel uit te houden toch?

    Sat
    30
    Apr '11

    Met de bus? Nee, lopen!

    routekaartje

    Gisteravond regende het zo verschrikkelijk hard en waren de weersvooruitzichten zo slecht, dat Marguerite en ik besloten vandaag niet te gaan lopen, maar de bus te nemen naar Canaveral en dit stuk dan maar over te slaan. Marguerite reserveerde meteen kordaat een kamer daar. De bus vertrok pas om 13 uur, dus we konden uitslapen. Dat hebben we ook gedaan.

    Om 9 uur zaten we dus aan het ontbijt op ons gemak, keken naar buiten, waar het nog droog was. We keken elkaar eens aan, zeiden tegen elkaar: “Toch wel jammer, dan zien we het stuwmeer van Tajo ook niet” en besloten vervolgens toch maar te gaan lopen, tenslotte hoeven we maar 11 km.
    Dus de kamer weer afgebeld en op weg.

    Er waren heel veel donkere wolken en regelmatig trokken wij uit voorzorg onze jassen aan, maar dat was niet nodig geweest, het is namelijk de hele weg droog gebleven en het is nu nog droog. Zo zie je maar, vertrouw de buienradar niet!

    Om kwart voor 2 waren we in de refugio in Casar de Caceres, maar daar was het zo’n verschrikkelijk smerig zooitje, daar wil je hond nog niet slapen. Dus we zijn nog een paar kilometer doorgelopen naar de N 630 en daar vonden we een goed hotel. Ik heb nu een heerlijke kamer met badkamer.
    Ik heb tussen de middag heerlijk gegeten met een fles wijn van € 8 erbij …..uit de kunst! En zo’n prijsje vind je niet in een Nederlands restaurant. Ik heb nog een restje voor vanavond.
    Verder is hier echt helemaal niets te beleven dan een beetje zitten, dus ja…. dan moet ik vanavond maar weer gaan eten. Zielig, hè?!!!

    Ik heb nu zo langzamerhand stevige wandelbenen gekweekt en het buikje slankt lekker af. Met mijn voeten gaat het ook prima. Ik heb een blaar gehad op het kleine teentje van mijn rechtervoet. Dat plekje is nu een beetje gevoelig, maar als ik er een pleister opplak, voel ik er niets meer van!
    Kortom, het gaat lekker en ik heb het weer uitstekend naar mijn zin.

    Fri
    29
    Apr '11

    Foto

    routekaartje

    Sta ik er niet mooi op? Douglas heeft deze foto gemaakt gisteravond tijdens het eten. We hebben erg veel plezier gehad. Marguerite en ik hebben samen een toneelstukje gedaan over het feit dat wij de hele winter iedereen die het maar horen wil, vervelen met onze dia’s, films en verhalen over de Camino en hoe de mensen dan reageren. “Ja”, zei Marguerite, “dan heb ik 40 km gelopen en dan vragen ze of er dan geen bus reed” “Dan zie ik bij de honderdste dia hoe de mensen gaan geeuwen, maar dat kan me niks schelen, ik roep gewoon: “Volgende dia”, ze moeten het doorstaan of ze willen of niet”, enz. Dat herkenden we allemaal, dus dat was lachen. Buiten was ondertussen weer feest. Er werd een voorstelling gegeven over Sint Joris die de draak versloeg en dat ging met veel geluid gepaard. Sint Joris is de beschermheilige van Caceres.

    Vanmorgen heb ik dus een taxi genomen terug naar Valdesalor en daar heb ik uitgebreid op mijn dooie gemak zitten ontbijten. Op een gegeven moment zag ik donkere wolken aan komen drijven, dus toen ben ik maar snel gaan wandelen. Het was maar 12 km, om half 12 begon het te regenen en om 12 uur was ik alweer in Caceres. Om half een was het alweer droog.

    En daar was het ook vandaag weer een vrije dag ter ere van de naamdag van Sint Joris. Er was een soort parade voor het stadhuis met de burgemeester pontificaal middenin. Plotseling gingen toen de balkondeuren van het gemeentehuis open en verschenen er herauten die wild met vlaggen stonden te zwaaien. Iedereen genoot!
    Na het eten ben ik de stad gaan bekijken. Caceres is een prachtige Middeleeuwse stad, in 300 zijn de Westgoten begonnen met de bouw van de eerste kerk. Toen de Moren hier heersten, werd van de kerk een moskee gemaakt, maar later is de stad weer door de Katholieken heroverd.

    Verder heb ik een lekker dutje gedaan tot Marguerite en Silvia meldden dat ik mijn was bij hen op het balkon kon hangen. Dus tegelijk het sein om weer op te staan en lekker buiten een sigaartje te roken. Overal hoor je hier het geklepper van de ooievaars. Het wemelt er hier van, op alle kerken, op hoge gebouwen, enz. Volgens de mensen hier gaan ze ook niet meer weg om ergens anders te overwinteren.
    Ik heb gewoon een blouse met korte mouwen aan, maar de Spanjaarden lopen in vest, trui of jas, want ‘het is koud’, dat wil zeggen 22 graden. Je ziet nu precies wie de toeristen zijn. Die zijn hier niet zo gek veel, want de provincie Extramadura is een beetje een ondergeschoven kindje, zoiets als Noordoost Groningen bij ons. Ze stellen het nog echt op prijs als je de streek komt bezoeken.

    Wat ik ook elke dag weer een feest vind om te zien en wat je in elke plaats tegenkomt, is wat ik bij mezelf noem: ‘de parade’. Om een uur of zes komt de plaats tot leven en verschijnt iedereen in zijn mooiste kleren, de mannen keurig in het pak, de vrouwen in hun mooiste jurk en elegant met hun waaier zwaaiend. Dan wordt er door de straten gelopen, praatjes gemaakt, enz. Leuk om te zien is dat.

    Douglas is vandaag met de bus verder gegaan, Silvia gaat morgen naar huis, dus dan blijven Marguerite en ik over. Ik zie net het Nederlandse stel uit Steenderen lopen, dus op de een of andere manier kom je elkaar steeds weer tegen!

    Ik wens jullie morgen een leuke Koninginnedag!

    Thu
    28
    Apr '11

    Met de klok mee of tegen de klok in

    routekaartje

    Gisteravond heb ik een indrukwekkende mis bijgewoond in het klooster. Bij de mis was uiteraard een officiële pastoor, maar ook de patiënten van de psychiatrische inrichting, waarvan een aantal ook daadwerkelijk bijdroegen aan de mis. Als je dan het enthousiasme ziet, waarmee de mensen bezig zijn. Ik vond het ontroerend en indrukwekkend. Heel goed om mee te mogen maken.

    Het was vandaag een stevig stuk wandelen tot Valdesalor: 27,5 km. We liepen met zijn vieren: de Zwitserse Marguerite, nog een Zwitserse van wie me de naam nu even is ontschoten, Douglas en ik. Maar het was prachtig weer, zo’n 28 graden en de route was ook schitterend. Het landschap is heel wijd, het lijkt een beetje op een Amerikaanse prairie, maar omdat het nog vroeg in het jaar is, is alles groen en staan er ontzettend veel bloemen. We zagen ook nog een groep gieren en ooievaars met van alles en nog wat in hun bek, want die zijn druk bezig met nesten bouwen.

    We liepen weer over een Romeinse weg met de originele bruggetjes nog en originele milliaria, dat zijn Romeinse mijlpalen. Behalve dat het aantal mijlen naar de dichtstbijgelegen grotere plaats erop staat, staat er ook de naam van de keizer op onder wiens bewind de weg is aangelegd.

    We ontmoetten ook weer de 3 Fransen, maar die lopen gigantisch hard en veel, wel 40 km op een dag. Gisteren waren ze rechtstreeks vanuit Merida gelopen (daar heb ik 2 dagen over gedaan) en vandaag liepen ze door naar Caceres. Nou, wij niet, wij hebben volgens plan in Valdesalor een taxi genomen naar Caceres, een vrij grote stad, groter dan ik verwacht had.
    Bij het binnengaan van de stad kwamen we langs een Spaanse molen, die niet draaide en dat gaf me de gelegenheid mijn medepelgrims mijn ‘molenprobleem’ voor te leggen. Ik zal het jullie ook even uitleggen, wellicht weet iemand het antwoord:

    In Nederland draaien de moderne windmolens met de klok mee, maar de originele , oude molens draaien tegen de klok in. Mijn ‘probleem’ is nu: Is daar een reden voor en is dat in andere landen ook zo? Draaien daar de molens ook tegen de klok in? Ik vraag me dit al de hele winter af, want ik wist niet meer welke kant de Spaanse molens op draaien. Nu heb ik nog geen molen zien draaien, tijd dus om dit op tafel te leggen.
    Het was geweldig, want nu is het een ‘hot item’ en vraagt iedereen zich af welke kant de molens in zijn of haar land op draaien. Jullie zien dus dat hier ernstige gesprekken worden gevoerd. We hebben het er maar druk mee.

    Mijn hotel is eenvoudig, er is een wastafel op de kamer, maar die geeft alleen koud water. Ik heb nog niet alles bekeken, hoop wel dat er op de gang een douche en toilet is. Nou ja, daarom niet getreurd.
    Morgen neem ik weer een taxi terug naar Valdesalor en ga daar vandaan weer naar Caceres lopen. Ik heb deze kamer voor 2 nachten, dus ik kan morgen met een bijna lege rugzak op stap. Bovendien is het maar 12 km. Dus het zal morgen geen ‘lijdende pelgrim’ zijn die over de Spaanse wegen huppelt!

    Wed
    27
    Apr '11

    Niño muerto

    routekaartje

    Vandaag heb ik de hele dag samen gelopen met Douglas, de Canadees. We hebben ongeveer hetzelfde tempo, dus dat is wel lekker. Het was een prachtige tocht door een schitterend natuurgebied met kurkeiken en steeneiken. De eikels van die steeneiken worden opgevreten door de varkens. Men zegt dat ze hierdoor van die goeie ham leveren! Er schijnen ook heel veel roofvogels te zitten, maar ja, daar heb ik niet veel verstand van, dus die soorten kan ik niet uit elkaar houden. Onderweg zag ik soms voor of achter me de mensen, met wie ik vannacht in Aljucen heb geslapen. Vaak lopen we natuurlijk dezelfde afstanden ongeveer, met uitzondering van de fietsers. Vooral na aankomst is dat gezellig.

    Onderweg kwamen we voorbij een kruis, dat officieel het kruis van ‘San Juan’ heet, maar door iedereen betiteld wordt als het kruis van ‘Niño muerto’, het dode jongetje. Het wordt zo genoemd omdat er op de naamdag van San Juan een jongetje door de wolven is opgegeten. Wij vroegen ons af waarom dat jongetje zo ver van huis was, maar dat vertelt het verhaal uiteraard niet.

    Ik slaap dit keer in een klooster. Aangezien de broeders hier van een siësta houden, gaat de poort op slot van half drie tot half vijf. Wie binnen is, kan dus niet naar buiten en wie buiten is, kan er niet in.
    Om half acht vanavond kunnen we hier eten en dan gaat om 9 uur weer de poort dicht tot morgenochtend 7 uur.
    Eerst vond ik dat wel wat overdreven streng, maar in het klooster is een psychiatrische inrichting, waar ongeveer 75 mensen door de broeders verzorgd worden. Dan is het ook wel logisch dat de regels wat streng zijn, anders wordt het een bende natuurlijk. Overigens betalen de broeders dat uit eigen middelen, ze krijgen geen geld van de staat of zo.

    Nu moet ik even iets opbiechten. Er is hier maar 1 kamertje, verder een slaapzaal met bedden. Slinks heb ik het toen op snurken gegooid en ….. nu heb ik dat kamertje! Dus de list werkte voortreffelijk.

    Morgen wandel ik 26 km naar Valdesalor. Naar Aldea del Cano is maar 15 km en dat vind ik te weinig. Bovendien schijn je daar op een betonnen vloer van het stadion te moeten slapen en daar ben ik te luxe voor geworden. In Valdesalor zijn echter maar 4 slaapplaatsen of zo, dus nu hebben we met onze Duitse vriendinnen afgesproken dat we daar op elkaar wachten en dan gezamenlijk een taxi nemen naar Caceres. Daar hebben de dames al een kamer voor me besproken, dus dat komt helemaal goed. De dag daarna laat ik me dan wel weer terugbrengen om alsnog de 12 km van Valdesalor naar Caceres te gaan lopen.
    Ziehier de vindingrijkheid van de pelgrim.

    Tue
    26
    Apr '11

    Als een vorst

    routekaartje

    Goed, geen Caesar dan, maar vandaag liep ik wel als een vorst over de weg. Petje op, korte broek, sigaartje erbij en dan ook nog in een schitterende omgeving. Nou, dan heeft een mens toch niets meer te klagen. Het enige was dat ik wel 7 café’s heb gepasseerd die allemaal dicht waren, maar ook daarvoor kwam een oplossing.

    Ik kwam langs een stuwmeer dat nog door de Romeinen is gebouwd. Dat waren toch knappe koppen, hoor. Ze haalden het water uit het meer en dat ging dan via een aquaduct naar Merida, zodat ze daar volop water hadden. Je zou het systeem zo weer in gebruik kunnen stellen, alleen het aquaduct is niet meer te gebruiken, daarvan zijn alleen nog resten. Op die resten broeden nu de ooievaars, ik heb wel 10 nesten gezien.

    Bijna aan het einde van het stuwmeer stond aan de kant van de weg een Nederlandse camper, dus ik zei netjes: “Goeiemorgen”. Nou, een en al verbazing natuurlijk en meteen een praatje. Het waren mensen uit Breskens en ik kreeg meteen koffie en een croissantje, dus ik had helemaal geen café meer nodig. We hebben gezellig een half uurtje zitten praten en voor ik verder ging, heb ik ze op de film gezet. Mevrouw haalde de protestvlag van West Zeeuws-Vlaanderen erbij, die moest ook op de film. Zeeuws-Vlaanderen protesteert, want de inwoners willen niet meer betalen voor de tunnel. Dus dat was even plezierig.

    Om half een was ik in Aljucen, een dorp waar echt helemaal niets is. De enige winkel gaat om 1 uur dicht en verder is er nog 1 restaurantje of eigenlijk meer een bar. Ik zit nu in een albergue, de enige slaapgelegenheid. Hotels zijn weliswaar confortabeler, maar het leuke van een albergue is wel dat je veel andere pelgrims ziet. We ouwehoeren wat af in allerlei talen. Er is een Fransman, Spanjaard, Duitser, Canadees, Oostenrijker, Hollander, enz. De Oostenrijkse spreekt vloeiend Spaans, dus die is steeds de klos als de rest iets wil. De Canadees is een advocaat die net met pensioen is, zijn vrouw gaat binnenkort met pensioen. Ze hebben een huis in Montpellier en bivakkeren een half jaar in Frankrijk en een half jaar in Canada. In zijn familie zitten ik weet niet hoeveel nationaliteiten, zelfs een Hollandse: Bloemsma.

    Overigens is dit een keurig schone albergue en….de douche was lekker warm. Want daarover zijn wij, pelgrims uit alle landen, het samen eens: het ergste wat je kan overkomen is dat je ergens aankomt en dat de douche dan koud is! Ik geef toe, in Brussel praten ze over andere Europese problemen, maar op het gebied van warme of koude douches sluiten de rijen zich hier en zijn wij allen één!

    Mon
    25
    Apr '11

    Caesar Theodoris

    routekaartje

    Gisteravond hebben we eerst gezellig zitten borrelen met een aantal pelgrims en daarna heb ik gegeten met een Duitser, een meisje uit Geneve, een Spanjaard en ik, dus ik moest allerlei talen door elkaar spreken. De Spanjaard is de man die een beetje Frans spreekt, hij heeft 6 omleidingen gehad en rookt als een ketter. Dat mag natuurlijk niet van de dokter, maar “de dokter is nu ver weg en ik ben hier” is zijn filosofie.

    Vanmorgen bij het ontbijt heb ik al mijn charmes in de strijd gegooid bij het meisje dat bediende. Ik zei dat ik elke dag wel een engel tegenkwam zoals zij nu. Ze smolt helemaal weg en ik kreeg een extra kuipje roomboter en daar was het me om begonnen!
    Toen ben ik gaan lopen en zag de zon opkomen, dat was een erg mooi gezicht. Ook vandaag was het weer een kaarsrechte weg, kilometer na kilometer, eindeloos. Na 16 km kwam ik aan in Merida over een 600 meter lange, oude Romeinse brug. Ik voelde me net Caesar Theodoris aan het hoofd van zijn legioenen. Aan de overkant van de brug is dan nog een muur met een poort van de Moren.

    Merida is echt een schitterende stad, in het centrum zijn nog een Romeins theater, amfitheater, een Romeinse triomfboog. Heel erg mooi.
    Als je eens nagaat wie hier allemaal gezeten hebben: eerst de Iberiers, toen de Romeinen, daarna West-Goten, de Moren en uiteindelijk de Katholieke koningen, dan zie je hoeveel verschillende culturen dat waren en iedereen liet wel iets van de eigen cultuur achter.
    De weg mag dan soms wel mooi, maar wat saai zijn, de plaatsen waar je komt maken heel veel goed.

    Ik heb trouwens tot nu toe op de Camino de la Plata nog geen Sint Jacob gezien. Ik loop over een oude Romeinse weg en zie ook veel dingen van de Romeinen, dus die hebben het hier gewonnen van de Katholieken. Volgens insiders begint het na Salamanca pas een echte Sint Jacobsroute te worden, dus eigenlijk ‘doe’ ik nu ook verschillende culturen in één route.

    Omdat ik al om 12 uur gearriveerd ben, heb ik vanmiddag al een stuk van de stad bekeken. Vervolgens weer terug naar mijn hotel voor de dagelijkse beslommeringen: wasje, rugzak inpakken, etc. en nu ga ik straks nog even een kerk bekijken en dan zullen de andere pelgrims inmiddels ook wel weer de stad indruppelen. Die slapen in de refugio, maar die ligt een eind buiten de stad en ik wilde de stad zien, dus heb weer luxe voor een hotel gekozen. Ja, de welvaart sluipt bij mij binnen!!

    Sun
    24
    Apr '11

    En zie….de zon

    routekaartje

    Gisteravond heb ik in het hotel gegeten en naast me zat een stel uit Emmerich, dus ‘we waren buren’, vonden ze.
    Het was erg gezellig, alleen was de man erg ongerust dat we in de volgende plaats, Torremejia, geen slaapplaats zouden hebben, want volgens zijn gidsje was er maar 1 hotel. En zoals een Duitser betaamt: als het in het gidsje staat, is het zo, daar doe je niets bij of af. Van schrik heeft hij de hele avond op zijn ipod zitten zoeken, maar ja, hoe hij ook zocht, daar kwam geen hotel bij.

    Vanmorgen was ik om half zeven weer op, nadat ik lekker door de disco heen heb geslapen. Dat stelde niet veel voor, dus daar heb ik geen last van gehad. Volgens het weerbericht was het vandaag mooi weer. Aangezien je in het hotel niet kan ontbijten, dacht ik: “Dat doe ik onderweg wel in een café”, stapte welgemoed zonder regenkleding naar buiten…… waar het werkelijk hoosde van de regen. Ik had geen zin om nou alles weer af te laden om mijn regenkleding aan te doen, maar was dus wel alweer kleddernat toen ik in het café kwam. Daar stond de tv aan en kwam juist het weerbericht. Voorspelling: “Vandaag overal droog en zonnig”. Het hele café joelde, want iedereen was kletsnat.

    Maar na een half uurtje lopen werd het zowaar droog, het bleef eerst nog wat donker, maar na een poosje was hij er dan toch weer….DE ZON. Poncho uit, petje op. Nou begint het weer ergens op te lijken! En het is de hele dag mooi weer gebleven, precies goed, zonnetje, niet te warm, niet te koud, fris windje. Dus daar liep weer een tevreden pelgrim over de weg. Nou, liep??? Dat was het niet helemaal de eerste 4 km. In de gids stond dat het eerste stuk glad, glibberig en plakkerig was. Ik geloof niet alles wat er in de gids staat, maar het was erg glad, glibberig en plakkerig. Binnen de kortste keren zag ik er niet meer uit, overal modder. Maar alle pelgrims die ik ontmoette onderweg, zagen er even verschrikkelijk uit. Ik heb een poosje gesproken met een Nederlands stel uit Steenderen, dat ook in Sevilla vertrokken is en dezelfde route loopt, maar zij nemen tussendoor veel meer dagen vrij.

    Enfin, na die eerste 4 km werd de weg stukken beter, dus heel prettig om op te wandelen. Het was een kaarsrechte weg de volgende 20 km, met onderweg geen enkele plek waar je water kon tappen, geen huis, geen dorp, geen bomen, niets!
    “Kijk”, dacht ik toen, “als je dit stuk moet lopen als het 35 graden is, ga je dus helemaal kapot hier”. Als je een paar dagen in de regen loopt, vergeet je gauw hoe warm het vorig jaar was. Toen liep ik te snakken naar een buitje.

    Om kwart over twee arriveerde ik in het hotel in Torremejia. Volgens de gids een eenvoudig hotel, ik zou zeggen ‘zeer eenvoudig’, maar ik heb wat ik nodig heb.
    Voor een terrasje is het nog iets te fris, maar als het weer verder zo blijft, ben ik dik tevreden en hoor je mij niet meer klagen.

    Sat
    23
    Apr '11

    Weg met die buienradar!

    routekaartje

    Laat ik beginnen met jullie een indruk te geven hoe ik er vandaag bijliep, dan hoeven we het verder niet meer over het weer te hebben.

    Bij vertrek moest de poncho al aan, om een uur of tien zat mijn broek tot aan de knieën onder de modder en een kilo slijk onder de zolen van mijn schoenen, want dat spul blijft plakken. Zo liep ik ook hele stukken door nat zand. Daar zak je een beetje in weg en dat loopt dus moeilijk. Zo, nou weten jullie waarom ik de buienradar niet meer geloof.
    Alle pelgrims die ik onderweg ontmoet zien er net zo uit als ik en iedereen is koud tot op het bot, dus er worden heel wat grappen gemaakt om de moed erin te houden. Ik ben een stukje met een Spanjaard uit Tarragona opgelopen. Die sprak aardig Frans, want hij kent Catalaans en dat lijkt wel wat op Frans. Dus dat was gezellig. Er was een koffiestop in Los Santos de Maimona, althans volgens de gids, maar ja, het is zaterdag en ook nog Heilige Week, dus alles was gesloten.

    Jullie denken nu misschien: “Wat een klaagzangen over het weer” en dat is natuurlijk ook niet leuk, maar als ik dan eenmaal weer in een hotel ben, lekker gedoucht heb en dus weer warm en schoon ben, is het leven weer helemaal prima en heb ik het alweer uitstekend naar mijn zin. Gery meende op te moeten merken dat ik nu ook thuis op mijn zonnebed had kunnen liggen en ik mag van haar zo naar huis komen als ik het niet meer leuk vind. Dat weet ik en ik had het vandaag zo koud dat ik wel een half uur onder de hete douche heb gestaan, maar terug om op mijn zonnebedje te liggen?? Mooi niet!!

    Om even over tweeën was ik in Villafranca de los Barros en ja hoor, toen ik de stad inliep werd de regen minder en nu is het droog.
    Ik was op zoek naar onderdak en zag een paar mannen die buiten een sigaretje stonden te roken, dus vroeg waar ergens onderdak was. Nou, dan moest ik maar even de bar in gaan, want die hadden een lijst met overnachtingsplaatsen. Ik stapte naar binnen en daar stond mijn Spanjaard uit Tarragona weer. Die had net een pension gereserveerd, dus ik ben met hem meegelopen in de hoop dat er misschien nog een plaatsje voor mij ook was.

    Helaas ving ik bot, maar ze hadden wel een ander adres, een hotel in de stad. Dus ik weer terug de stad in naar het hotel, maar daar wilden ze me eerst niet hebben. Ja, toen ben ik me maar een beetje op zijn Spaans aan gaan stellen, dat ik zo moe was en zo koud, ach, ach, ach. “Ja, maar we willen geen gasten, want vanavond om 12 uur begint hier een grote disco-avond en dat wordt te lawaaiig”. Nou, ik heb plechtig verklaard dat dat me niet kon schelen en dat ik niet zou klagen en toen mocht ik blijven.

    Ik heb tenslotte vorig jaar ook al met dat bijltje gehakt en ook al slaap ik waarschijnlijk slecht, ik heb een bed en kan dan in ieder geval lekker liggen.
    In de cafetaria van het hotel heb ik een lekkere schotel gegeten met van alles en nog wat voor € 6, dus ik ben weer helemaal boven Theo! Vanavond probeer ik dan vroeg te gaan slapen, zodat ik al een goede tuk gedaan heb voor het lawaai losbreekt. Morgen heb ik 27 km voor de boeg. Het zal wel weer regenen, maar ik blijf hopen………….

    Fri
    22
    Apr '11

    Weer in Zafra

    routekaartje

    De refugio, waarin ik vannacht heb geslapen, zit in een oud klooster en daarin is ook een informatiecentrum over een heel beroemde Spaanse schilder van religieuze onderwerpen: Francesco de Zurbaran. Die is in Fuento de Cantos geboren, vandaar dus dat centrum.

    Gisteravond heb ik gezellig gegeten met 2 Duitse dames, terwijl buiten de processie aan de gang was. Onder het eten begon het weer gigantisch te regenen, zodat de hele processie de kerk in vluchtte.

    Ja, de regen is nog niet uit de lucht, merkte ik vandaag.
    Het eerste stukje was het zowaar droog, maar na een uur gingen de hemelsluizen weer wijd open. Ik ben een stuk opgelopen met een Zwitser, die liep een eindje voor me uit en begon ineens wild met zijn armen te zwaaien en te wenken. Ik dacht: “Wat zou er zijn?”, maar het bleek dat hij voor een beek stond, waarvan mijn gids meldde dat er in de zomer misschien nog wel eens een beetje water onderin kon staan. Nou, als dat allemaal voor de zomer nog op moet drogen, mag de zon wel heel hard schijnen, want het was gewoon een brede kolkende rivier geworden, waar je met geen mogelijkheid doorheen kon, ook niet met je schoenen uit. Op datzelfde moment verschenen er aan de overkant ineens een paar pelgrims die wezen dat er een eind verderop een brug was. Dus sopten wij een kilometer in de regen door hoog, zeer nat gras en dan is een kilometer best lang. Maar zowaar, er was een brug, waar we overheen konden. Alleen waren er aan de overkant geen mooie gele pijlen, omdat we uiteraard van de route waren afgeweken. Het gevolg was dat we hopeloos zijn verdwaald en net zolang hebben rondgelopen tot we op een grote weg kwamen. Om verdere dwaaltochten te voorkomen, hebben we vervolgens die weg maar aangehouden. Minder mooi, maar wel de kortste en dat is wel zo prettig met dit weer, want nu loop je echt niet voor de lol.

    Het werd echter wel prettiger. Op een gegeven moment, ongeveer 8 km voor Zafra, moest ik linksaf en opeens rijdt er een gigantische BMW naast me, die een eindje verder stopt en terug komt rijden. De man stapt uit en vraagt waar ik naar toe moet. Ik meld hem: “Eerst naar Pueblo de Sancho Perez en dan nog door naar Zafra”. Hij hoort natuurlijk dat ik geen Spanjaard ben en vraagt of ik Duits versta. Vervolgens begint hij in keurig Duits tegen me te praten. Hij heeft een opleiding gevolgd in Noord-Duitsland en spreekt goed Duits. Hij vertelt dat ze in die tijd uit gingen naar Sappemeer (of all places in the world). “Nou, stap maar in, je kunt meerijden tot Pueblo”, zegt hij en dat doe ik. Lekker even droog zitten. We zitten zo gezellig te praten, dat hij in Pueblo zegt: “Nou, ik vind het leuk om weer eens Duits te kunnen spreken, dat doe ik nooit meer, dus ik breng je wel even naar Zafra”. Ik heb dat aanbod dankbaar aanvaard en zodoende werd deze zielige, arme pelgrim dit keer door een fraaie BMW voor de deur van mijn hotel afgezet!!

    In het hotel bleek mijn kamer nog niet klaar te zijn, maar ik kreeg een pilsje en tapas aangeboden aan de bar, dus dat was geen probleem. Toen moest ik nog eten, het was inmiddels al half vier, dus ik dacht: “Er zal wel niet veel meer te krijgen zijn”, maar nee, er was gewoon nog van alles en om 4 uur stapten nog mensen binnen om …. te lunchen.
    Gisteren had ik een praatje met een advocaat die Engels sprak en die zei dat Spanje echt erg moet veranderen en meer Europees moet gaan denken. “Als Europa aan het werk is, gaan wij slapen”, zei hij en vertelde vervolgens dat hij hoog opgeleide sollicitanten krijgt met alle kennis die nodig is tot het moment waarop hij vraagt of ze Engels spreken. De meesten moeten dan afhaken.
    Hij heeft natuurlijk gelijk, maar aan de andere kant, in Portugal spreken ze wel meer talen, maar daar gaat het nog slechter.

    Ik geloof het nog niet, maar volgens de buienradar schijnt het morgen iets minder te regenen. Ik hoop dat we de goede kant opgaan!

    Thu
    21
    Apr '11

    Had ik het maar niet gedaan

    routekaartje

    Ik heb gisteravond een luisterrijke avond gehad. In Zafra was een processie. Er stonden een heleboel mensen aan de kant van de weg en ik vroeg hoe laat de processie begon: om half negen. Nou, daar kon ik wel even op wachten. Maar het werd half negen…niets te zien…het werd negen uur….niets te zien…het werd kwart over negen….niets te zien. Ik vroeg aan de jongen die naast me stond en een beetje Engels sprak: “Hoe laat is het in Spanje half negen?” Dikke pret natuurlijk en de jongen dacht dat het misschien wel morgenochtend om half negen zou kunnen zijn. Maar nee, om half tien was de processie dan toch in aantocht. Allemaal figuren in het wit gehuld met een witte puntmuts op en een masker voor, precies de Ku Klux Klan van vroeger. Allemaal devoot een kaarsje dragend, meest jonge meisjes, maar als die dan een vriendje of vriendinnetje zagen ging hup het masker af en de puntmuts Door de ene straat werd Maria gedragen en vanuit een andere straat kwam eenzelfde stoet met Jezus en die ontmoetten elkaar precies op het kruispunt waar ik stond. En daarbij was er heel luide, heel erg luide muziek. En iedereen stort zich er met hart en ziel in en staat te genieten. Ik vond het geweldig. Dicht bij mij stonden een paar vrouwen tegen de muur van een huis geleund. Alle huizen zijn hier wit en dat had afgegeven zodat ze allemaal een witte rug hadden. Ik zei dat ze nu allemaal “heilige witte maagden” waren (die bestaat hier namelijk) en toen kon ik niet meer stuk.

    Het gevolg was wel dat ik om half elf nog moest gaan eten. Thuis zou ik dan al bedwaarts gaan. Maar goed, uiteindelijk ben ik toch in bed beland en heb heerlijk geslapen.

    Vanmorgen heb ik om 10 uur de bus terug genomen naar Monesterio om de route te vervolgen. Alsof de duvel ermee speelde, begon het weer te regenen en heeft het de hele dag gestortregend!! Kijk, dan wil je een brave pelgrim zijn en dan word je zo beloond. Had ik het maar niet gedaan.

    Het was erg jammer dat het zo regende, want op zich was het een prachtige route, echt door de middle of nowhere, Hier liggen de dorpen erg ver uit elkaar en het land is leeg en ruim. Geen dorpen is niet zo erg, maar geen dorpen betekent ook geen café’s en dat is minder leuk, want met dit weer ga je ook niet ergens even op een bankje zitten. Ik kwam op een gegeven moment een Oostenrijks stel tegen, dat onder een boom stond te schuilen. “Ik wil terug”, zei het meisje, “want hij heeft wel regenkleding, maar ik niet. Dan geeft hij het wel aan mij, maar nou wordt hij drijfnat”. Voordat jullie nu gaan roepen wie er dan ook zo stom is om geen regenkleding mee te nemen, even het volgende. Het meisje had op internet gekeken en geconstateerd dat er in Spanje in april maar 2 mm regen valt. Aangezien iedereen haar ernstig had gewaarschuwd zo weinig mogelijk mee te nemen, dacht ze: “Nou, voor die paar buitjes hoef ik geen regenkleding mee te nemen”. Mis dus.
    Maar ik had dit ook niet verwacht, want in alle gidsjes heb ik gelezen dat het hier zo heet is, wel 50 graden in de zomer en overal werd gewaarschuwd, dat je een dubbele hoeveelheid water mee moet nemen, omdat er onderweg niets is. Nou, die dubbele hoeveelheid water kwam rechtstreeks uit de hemel vallen, ik heb geen slok gedronken!

    De route liep door een aantal beken, die door al het water zijn veranderd in kolkende rivieren. Als ze niet te diep zijn, kun je er met schoenen aan doorheen, maar ik heb vandaag ook een paar keer aan de ene kant mijn schoenen en sokken uit moeten trekken. Dan mijn onontbeerlijke crocs aan, door de beek waden, aan de andere kant afdrogen en de schoenen weer aan. Op de weg zoek je de droogste plekken om te lopen. Dat is in het midden of helemaal aan de zijkanten. Alleen is daar ook een hoop modder, dus iedere keer glibber je weer naar beneden de plas in.
    Ik liep dus te ploeteren en te sjouwen en te glijden, toen er eerst twee honden uit het bos kwamen en vervolgens een man, voorzover ik begreep een herder, hij had het steeds over ‘pastore’. Die vroeg waar ik heen moest en toen ik dat zei, zei hij: “Nou, dan moet je nog 2 uur!”

    Ach ziet, welk een ontberingen komt deze pelgrim tegen op zijn pad!

    Maar als troost zit ik nu hier in Fuente de Cantos in een schitterende refugio. Geen stapelbedden, er staan heerlijke banken om lekker te kunnen zitten, morgenochtend is er ontbijt en… voor een € 1 kun je de was in de wasmachine doen en voor nog een euro ook nog in de droger. Wat een weelde!!

    Natuurlijk is het leuker als het mooi weer is en droog, maar ik heb het nog steeds en weer fantastisch naar mijn zin!

    Wed
    20
    Apr '11

    Dat zul je nu altijd zien

    Vanmorgen bij het opstaan kletterde de regen tegen de ruiten en gutste het water door de straten. Dus dat werd de bus. Ik had zodoende alle tijd om toilet te maken, maar helaas, het fonteintje zat verstopt en dat was zo vies, dat ik mijn tanden niet heb gepoetst en me niet heb geschoren. In de stromende regen naar de bus. Die kwam keurig op half elf aan, Guido en ik stapten in en……….. het werd droog en er scheen zelfs een zonnetje. Dat zul je nu altijd zien. Maar onderweg betrok het alweer en begonnen er weer buien te vallen. We kwamen langs een stuk grond, zo groot als twee voetbalvelden, vol met zonnepanelen. Ja, hier loont het de moeite om zoiets neer te zetten met al die zon. Die zon heeft vandaag verder niet geschenen en er zijn heel wat donkere luchten voorbijgetrokken, maar met de regen viel het eigenlijk nog mee. Achteraf gezien had ik best wel kunnen gaan lopen, maar ja, achteraf…..

    De bus deed er niet lang over, na een half uurtje stonden we in Zafra. Zafra is een middelgrote stad met kasteel, kerk, etc. We zijn maar begonnen met een hotel te zoeken en dat viel nog niet mee. Het loopt tegen Pasen, dus het is erg druk. Eigenlijk wilden we in de Parador gaan slapen (zoiets als het Amstelhotel), maar dat leek ons misschien toch iets te prijzig. De pelgrims dienen eenvoudig te blijven. Uiteindelijk hebben we nu een hotel in het centrum van de stad, met bad, tv op de kamer en een goed restaurant erbij voor € 21. Als je nagaat dat het zooitje van gisteren € 20 kostte, is dit een zeer keurige prijs.

    Ja, toen was het alweer tijd om een hapje te eten en terwijl ik dat zat te doen, kwamen er allemaal pelgrims langs, dus er zijn er genoeg op deze route. Daarna heb ik een internetcafé opgezocht, maar ik kon helaas geen kaartjes opsturen, want er zat geen aansluiting voor mijn snoertje. Ik kon alleen mailen.

    Het is nu kwart over vier en ik zit in een parkje dat geheel leeg is. Er is echt helemaal niemand te zien. Iedereen ligt op bed. Om 5 uur zie je dan voorzichtig weer wat beweging komen en om 6 uur gaan de winkels weer open en begint het leven weer. Dat is wel grappig, maar het gevolg is dat ik me dan ‘s middags wel een beetje loop te vervelen. Gek is dat, ik wil altijd graag een vrije dag hebben, maar als ik die dan heb, denk ik: ” Ik had best kunnen gaan lopen”. Ik heb in dit hotel voor 2 nachten geboekt, dus de bedoeling is dat ik hier morgen ook blijf. Ik weet nog niet goed wat mijn plannen zijn verder, terug of doorlopen, dat hangt helemaal van het weer af.
    Maar goed ik doe het ook maar even op zijn Spaans………. morgen zie ik wel verder!!

    Tue
    19
    Apr '11

    Regen!!

    routekaartje

    Gisteravond heb ik een pizza gegeten in een cafetaria en vervolgens heb ik in een prima bed zo heerlijk geslapen, dat ik me vanmorgen zelfs een beetje verslapen heb. Ik werd pas om 10 voor 7 wakker. Na een ontbijt in een café was ik dan toch om 8 uur weer op weg.

    Ik stak vandaag de grens over van Andalusië naar Extramaduro. Daar moet je nou niet zo licht over denken en je schouders ophalen: “Nou ja, van de ene provincie naar de andere, wat stelt dat nu voor”, want zo eenvoudig is het nu ook weer niet. De grens wordt gevormd door een rivier en daar staat nog de ruïne van een groot kasteel, dat daar gebouwd is om de grens te bewaken. En er staan natuurlijk ook borden zodat je goed weet waar je bent.

    Na deze ‘grens’ heb ik over een oude Romeinse weg gelopen, zo’n 10 km lang. Ik ben en blijf lyrisch over die oude Romeinen, ze hebben gewoon een fantastische weg aangelegd; het loopt ook nu nog heel makkelijk en vlot. Het enige minpunt was, dat uit de donkere wolken die ik al een tijdje had zien hangen, nu water begon te vallen. Nou, water?? Zeg maar gerust hoosbuien. Mijn fraaie jack blijft van binnen gelukkig wel droog, maar de poncho, die ik daar overheen heb en over mijn rugzak, is zo lek als een mandje, dus alles wordt toch heel erg nat. Het water loopt dan langs je broekpijpen en je schoenen en dat is echt geen lekker gevoel. Tot overmaat werd de weg na die fraaie Romeinse weg ook wat minder, ik moest de autoweg oversteken en liep vervolgens over een strook, waarbij ik de autoweg aan mijn ene kant had en aan de andere kant de provinciale weg.
    Vlak voor mijn volgende overnachtingsplaats Monesterio had ik volgens mijn gidsje een prachtig uitzicht op het kasteel van Monesterio, maar helaas, ik heb er niets van gezien, want het was mistig en het regende pijpestelen.

    In Monesterio vond ik een hotelletje, ik heb een piepklein kamertje en een heel kleine douche, waar het douchegordijn aan je lichaam blijft plakken en de tegeltjes zo hier en daar wat loslaten, maar dat mag me de pret niet drukken. Vooral niet, toen ik bij binnenkomst Guido, de Zwitser zag zitten. We hebben dus samen gegeten. Morgen gaat hij weer met de bus. Hij doet het om en om, de ene dag met de bus, de andere dag lopen, want, zo zegt hij: “Dan merken ze straks in Santiago niet, dat ik met de bus ben gegaan, want ik heb toch elke dag van elke plaats een stempel”. Geweldig toch? Opgewekt zegt hij dan ook nog: “Ik ben Evangelisch, dus dan mag het wel!”

    De rest van de dag is het verschrikkelijk weer geweest. Het regent gigantisch, het water golft echt door de straten. En het is gewoon koud! Ik ben er al op uit geweest om een trui te kopen, maar ze hebben er alleen maar met korte mouwen, dus daar heb ik niets aan. En alle geplande festiviteiten van de Semana Santa zijn afgelast vanwege het slechte weer, dus Spanje is droevig gestemd.
    Kijk, ik hoopte dat het dit jaar niet zo warm zo zijn als vorig jaar, maar dit hoeft nou ook weer niet. Gery meende dan ook nog te moeten melden dat het bij jullie heerlijk weer is, drorog en zonnig en temperaturen boven 20 graden. Dat had ze nou niet moeten zeggen!

    Maar ondanks het slechte weer heb ik het weer gigantisch naar mijn zin. Vanavond hebben we met zijn vieren gegeten: Guido, een Duitser uit Frankfurt, een Fransman en ik. We hebben heel veel gelachen en een ontzettend gezellige avond gehad.
    Het weerbericht voor de komende dagen voorspelt ook niet veel goeds en de tocht van morgen zou via allerlei beken gaan. Dat vind ik toch een beetje te gek worden, dan loop je alleen maar te soppen en door de modder te sjouwen en daar voel ik niet veel voor. Dus na overleg heb ik besloten om me morgen bij Guido te voegen en de bus te nemen naar Zafra. Dat is een grotere plaats en daar wil ik dan een of twee dagen blijven. Als het weer dan opknapt, neem ik de bus weer terug en ga alsnog vanaf Monesterio lopen. Anders kijk ik wel wat ik doe. Met dit beestenweer is het lopen haast geen doen en tenslotte doe ik dit voor de lol!!

    Mon
    18
    Apr '11

    Alleen B in plaats van B & B

    routekaartje

    routekaartje

    Het was ook vandaag van Almaden de la Plata naar El Real de la Jara (mooie namen, hè) maar een kort stuk, zodat ik aan het begin van de middag al in El Real arriveerde. Onderweg was er helaas weer geen uitspanning voor de koffie. Dat is wel jammer, want vandaag had ik alle tijd natuurlijk. Aan de ene kant is het prettig als je ergens vroeg bent, dan kun je alles op je gemak doen. Maar in El Real is niet veel te zien, dus dan duurt de middag lang. Zo zie je, een pelgrim heeft altijd wel iets om over te klagen.

    Ik was van plan om naar de herberg te gaan, omdat de refugio ver buiten het dorp ligt. Toen ik het dorp inkwam, kwam er vanuit de tegenovergestelde richting de Zwitserse pelgrim. Dus ik vroeg waar hij sliep. “In Carmen”, zei hij, dus daar heb ik toen ook maar onderdak gezocht en gevonden. Het is een soort Bed & Breakfast, maar hier in Spanje, althans in ieder geval in deze streek, krijg je geen ontbijt, alleen een Bed. Nou, dat geeft niet, morgenochtend zoek ik wel een café voor het ontbijt.

    Vanmiddag ben ik op zoek geweest naar een internetcafé of iets dergelijks. Er zou iets moeten zijn in het kantoor van de VVV, maar toen ik daar aankwam, was het gesloten en op de deur hing een briefje dat het weer open zou zijn van 17.00-19.00 uur. Het zag er wel erg verlaten uit.
    En ja, ook om vijf uur was er geen teken van leven, dus geen internet. Ik ben er zelfs voor naar de politie gegaan, zoveel heb ik er voor over om jullie commentaar te lezen, maar daar deelden ze me mee, dat er weliswaar bij het VVV kantoor een gelegenheid was…. geweest, maar helaas, het VVV-kantoor was al sinds enige tijd gesloten!! Wel grappig dat zo’n briefje er dan blijft hangen!

    Ik ben naar het kasteel van het dorp gelopen om dat te bezichtigen. Er waren overal fraaie borden ‘met dank aan Europa’ voor het restaureren van het kasteel. Inderdaad ja, er waren foto’s van een bouwval en wat ik zag was een keurig gerestaureerd kasteel. Alleen was het van binnen volstrekt leeg, dus de bezichtiging was snel voorbij. En ook historisch gezien betekent het niets, dus als echte Hollander vroeg ik me toch af of dit nou geen weggegooid geld is??

    Nou, toen had ik alles wel gezien in het dorp. Morgen schijn ik in een iets groter dorp terecht te komen, dus ik ben benieuwd. Ik heb hier wel een Deense ontmoet, die een jaar in Amsterdam heeft gewoond. Ze had op school Duits geleerd en dacht dat dat ook wel bijna Nederlands was. Maar het enige dat ze in het Nederlands goed heeft leren uitspreken, is “Koffie verkeerd”. “Daar kun je in Holland overal mee terecht”, zei ze.

    De boodschappen voor morgen zijn binnen: yoghurt, fruit, water. Ik geloof dat ik iets teveel heb ingeslagen, want het weegt nogal. Dus mocht ik vanavond geen eetgelegenheid vinden, dan heb ik noodvoorraad.

    Sun
    17
    Apr '11

    Langs de autoweg, maar niet in de taxi

    routekaartje

    Vorig jaar heb ik vanwege de zere voeten wel gebruik gemaakt van een taxi als de afstand te groot was, maar vandaag was ik het niet, maar mijn collega’s.
    Er zaten er gisteren een stuk of 28 in Castilblanco en volgens mij hebben van die 28 alleen ik en nog iemand de gehele route gelopen en de rest liet zich in ieder geval de eerste 14 km per taxi vervoeren. Die eerste 14 km gingen namelijk langs de autoweg. Niet dat het er nou zo druk is op zondag, maar na een aantal kilometers heb je die witte streep in het midden wel zo’n beetje gezien. En je komt door geen enkel dorp of iets waar leven te bespeuren is, zodat ik het voor de lunch moest doen met een paar yoghurtjes en een paar bananen. Het leek wel afzien.

    Als beloning ging de route daarna door een schitterend natuurgebied, echt heel erg mooi. Omdat het voorjaar is, staan alle struiken te bloeien als een gek, prachtig gewoon en het ruikt dan ook erg lekker. Met mijn voeten gaat het tot nu toe prima, ze zijn na afloop wel moe, maar ik heb nergens open plekken of zo zoals vorig jaar. Dat komt natuurlijk ook omdat het veel minder warm is. Het is echt heerlijk weer, zo ‘n 30 graden ongeveer. Gelukkig, want er zijn hier niet veel bossen, alleen zie je af en toe olijfbomen of kurkeiken, maar die staan allemaal wijd uit elkaar, zodat je niet veel schaduw hebt.

    Enfin, een uurtje of 6 en 31 km later zit ik nu samen met de Zwitser in een Bed & Breakfast in Almaden de la Plata. Bij aankomst moest ik mijn paspoort afgeven, dat werd in een kluis gestopt met de woorden dat ik die morgenochtend weer terug zou krijgen.
    Vervolgens werd medegedeeld dat als er morgenochtend niemand was, ik de sleutel maar ergens neer moest leggen. Ik begon me al zorgen te maken hoe ik dan weer aan mijn paspoort moest zien te komen, maar dat bleek niet nodig.
    Ik ben eerst iets gaan eten en na het eten ging ik de kamer betalen en plotseling kreeg ik toen ook mijn paspoort weer terug. Ik snap er niets van, maar ja, ik spreek natuurlijk ook geen Spaans, dus kan ik het niet navragen.

    Na het eten douchen, een dutje en kijken of ik wat boodschappen kon doen, maar alles is dicht , dus straks wordt het weer yoghurt en iets vaags dat ik nog in mijn rugzak heb, maar niet weet wat het is. Ik zal wel zien, geen man overboord. Straks maar eens even in conclaaf met de Zwitser aan de bar, dan zullen we dat probleem even oplossen.

    Sat
    16
    Apr '11

    Een makkie

    routekaartje

    Het was vandaag maar een korte tocht van 18 km. Het enige nadeel was dat er nergens een café of iets was waar je even een kop koffie kunt drinken. Er was zelfs geen kraan onderweg om water te tappen. Maar tegen de tijd dat ik dacht: “Ik ben het even zat, wil ergens zitten”, was ik er al. Het was een prachtige route en het weer is fantastisch. Lekker warm, maar niet te warm.

    Vlak voor het dorp Castilblanco de los Arroyos kwam ik langs een mooi hotelletje, dus daar ben ik gestopt. Ik kan in het hotel wel ontbijten, maar er is geen restaurant bij. Maar dat is als volgt georganiseerd, althans zo merkte ik, want ik had geen flauw idee wat er gebeurde. Ik zat namelijk op het terras een pilsje te drinken, toen er een auto stopte. Nou, dat kon mij natuurlijk niet schelen, tot de barman naar buiten kwam en me gebaarde dat ik in moest stappen. Ik mocht nog wel even mijn pilsje rustig opdrinken, de chauffeur wachtte wel.
    De chauffeur bleek een student te zijn die een beetje Engels sprak, het bleek dat hij mij naar het restaurant bracht een eindje verderop. Dat restaurant is ook van de eigenaar van het hotel, maar aangezien het hotel niet helemaal in het centrum van het dorp staat, leek het hem meer op te leveren als het restaurant wel middenin het dorp stond, dus zodoende.

    Ik heb er heerlijk zitten eten, terwijl ‘mijn’ chauffeur in de hal keurig wachtte tot ik klaar was en hij me weer terug naar het hotel kon brengen. Na het eten wilde ik nog een kop koffie nemen in het restaurant, maar dat kon niet, dat moest ik nou weer in het hotel doen. Is het niet geweldig?? Ik vind dit soort dingen fantastisch!

    Bij terugkomst zat er aan de bar in het hotel in zijn hemd met een Santiagopet op een Zwitserse pelgrim, niet zo heel jong meer en daar heb ik heel gezellig een tijd mee zitten ouwehoeren. Gisteren is hij per taxi gereden van Sevilla naar Guillena, want hij had geen zin om de stad uit te lopen. Vandaag heeft hij dus dezelfde afstand als ik gelopen, dus morgen wordt het weer tijd om een taxi te nemen, vindt hij. Ik zei quasi streng dat dat niet kon, want ‘dat een pelgrim moet lijden’, maar hij vindt dat hij in zijn leven genoeg geleden heeft, nou hoeft het niet meer.
    Hij slaapt hier in het hotel, want alleen als het echt helemaal niet anders kan, gaat hij in een albergue slapen. “Daar heb ik geen zin in en ik doe geen dingen meer waar ik geen zin in heb” Heerlijk toch?

    “Op onze leeftijd hoef je jezelf niet meer te bewijzen”, sprak hij wijs. Kijk, de eerste filosofische uitspraak heb ik dus al binnen.

    Ik geniet enorm en verbaas me erover dat ik, als ik thuis ben, niet eens goed besef hoe leuk het wel is onderweg, nog veel leuker als je thuis denkt. Geer vond deze opmerking iets minder geslaagd, begreep ik.
    Nu ga ik op zoek naar een internetcafé, want ik hoor dat de website weer goed is.

    Fri
    15
    Apr '11

    Semana Santa

    routekaartje

    Laat ik nou in mijn onnozelheid gedacht hebben dat het alleen in Sevilla de Semana Santa (Heilige week) zou zijn. Nee dus, dat is in heel Spanje het geval. En wat bij ons de Stille week is, is het hier allebehalve: het is een week van feest en vrij zijn, de Spanjaarden hebben een korte vakantie. Dus het is druk en dat is ook te merken aan het aantal pelgrims. Ik loop dus niet alleen dit keer.

    Vanmorgen ben ik om half negen aan mijn eerste echte wandeldag begonnen en het is me goed bevallen. De temperatuur was net boven 30 graden, dus eigenlijk wel ideaal. Er was alleen een gedeelte, waar het erg open en vlak was met geen enkele boom, dus dat was wel even puffen geblazen. Verder was het gedeeltelijk zwaar bewolkt, morgen schijnt het ook nog warm te zijn, maar daarna wordt er regen voorspeld. Nou is het hier wel zo dat men, als er drie druppels vallen, dit al een fikse regenbui noemt, maar ik ben vandaag een beek overgestoken, waarbij ik mij over een pad van pallets in het water een weg moest banen, dus dat geeft toch te denken……

    Maar voorlopig zit ik nu hier in Guillena op een bankje op het pleintje in het dorp een sigaartje te roken, dus dat is goed vol te houden. Guillena is een dorp met alleen maar witte huizen, erg leuk en je ziet het al van 10 km ver liggen. Maar vervolgens lijkt het dan wel of het dorp niet dichterbij komt.
    Vanwege de drukte kon ik niet meer in de refugio, want die was al vol, maar er is hier nog een hotelletje. Daar heb ik een kamer kunnen bemachtigen met airco, een badkamertje en vol pension en dat alles voor € 36, dus wie doet je wat. Inmiddels zit dit hotel nu ook vol met pelgrims, dus dat is wel gezellig. Ik heb een pilsje zitten drinken met Guido, een Duitser van 72 jaar! Hij is pas gaan wandelen toen hij 65 was en loopt nu de camino ook voor de vijfde keer. Nou en ik ben nog geen 72…………

    Ik sprak natuurlijk Duits met hem, maar toen ik vertelde dat ik in Zaandam woon, ging er ineens een ander hoofd omhoog van een mevrouw, die enthousiast riep dat we dan bijna buren zijn. Dat was Irma Dekker uit Haarlem. Zij dacht in eerste instantie dat ik ook een Duitser was.
    Dus ik heb op mijn eerste dag al meer mensen ontmoet dan vorig jaar in een week. Wel gezellig, hoor.
    Het lopen ging goed, mijn voeten voel ik niet, maar de afstand was ook maar 23 km. Keurig voor zo’ n eerste dag.
    En morgen is het ook niet erg ver, alleen schijn je de eerste 15 km niet aan water te kunnen komen, dus ik moet nog even een fles water gaan scoren.

    Thu
    14
    Apr '11

    Sevilla

    Zo, het is weer lekker warm, zo’n 32 graden. “Maar het is nog geen zomer”, zeggen ze hier. Ik vertel dan dat Gery nog de kachel aan heeft en dan zij er weer overheen met: “Wij hebben hier helemaal geen kachel!”

    Ik moet wel weer even wennen aan de Spanjaarden. Gisteren in het vliegtuig ook, daar was ineens een stormachtig geweld tussen 3 Spanjaarden, stewardess erbij. Ik versta natuurlijk niet wat ze zeggen, maar ineens was het over en ging iedereen weer blij en tevreden rond zitten kijken. Het ging waarschijnlijk over niets dus.

    Vanmorgen ben ik eerst naar de kathedraal gegaan. Die is immens groot en ik weet niet of ik hem nou eigenlijk mooi vind of niet, hij is wat blokkendozerig, anders dan de gotische kerken in Frankrijk. En binnen vind je echt op de schilderijen de meest bloederige taferelen. Er is bijvoorbeeld een afbeelding van de kruisiging waar het bloed bijna vanaf druipt. Maar dat is ook weer zo tegenstrijdig, want tegelijkertijd hoor je dan dat Sevilla zo mooi gebleven is, omdat de stad niet verwoest is. De Moren zaten in de stad, de Katholieken belegerden de stad en samen gooiden ze het toen op een akkoordje. De Moren mochten nog een paar maanden blijven of naar Marokko gaan en dan konden ze ongehinderd vertrekken zonder bloedvergieten of verwoestingen.
    De meeste moskeeën zijn vervolgens veranderd in katholieke kerken, maar een paar moskeeën zijn gebleven voor de Moren die er nog woonden, die moesten toch ook iets hebben. Zo zie je, het lijkt allemaal even bloeddorstig, maar uiteindelijk valt het allemaal mee. Het gaat meer om het lawaai, lijkt het wel.

    In de kathedraal heb ik me een ongeluk gezocht naar een plaats waar ik een stempel kon vinden. Uiteindelijk bleek er een administratiekantoortje ergens in een hoek bij een ingang, die geen ingang meer was, te zijn waar ik mijn eerste stempel heb veroverd. Vervolgens heb ik even gekeken naar de route om de stad uit te komen morgen en vond zegge en schrijve 1 bordje met schelp dat de weg wees.

    In de binnenstad zijn heel erg nauwe straatjes. Er mogen wel personenauto’s rijden, maar het is geen doen, je riskeert je leven als je er doorheen loopt. Als er een auto aankomt zie je iedere lopende voorbijganger ook geroutineerd een portiek induiken. Binnen de gebouwen zijn er dan vaak erg mooie binnentuinen, want aan de buitenkant is er natuurlijk geen plaats voor.

    Na de koffie heb ik een citytour gedaan met de bus. Dat was wel leuk, maar ook een beetje nep, want in de binnenstad kwam je niet, daar kon geen bus rijden. Maar alla, je kunt niet alles hebben.
    Als troost ben ik toen maar gaan eten in een goed restaurant, waar ik heerlijk in de airco zat. Ik kreeg het menu voor mijn neus en bestelde, zoals het hoort, een voorgerecht, een hoofdgerecht en een nagerecht. Toen ik de bestelling opgaf, zei het meisje: “Nee, dat is veel te veel, hoor!” Ik dacht dat het nogal meeviel, toch vrij normaal: iets vooraf, iets toe en een hoofdgerecht, maar ze deelde mee, dat de porties nogal groot waren. Dus ik kreeg 2 gerechten en dan moest ik daarna maar zien of ik nog een toetje wilde. Nou, ze kreeg helemaal gelijk, want zowel van het voorgerecht als het hoofdgerecht moest ik iets laten staan en het toetje kon er helemaal niet meer bij.

    Ze vroeg hoe lang ik in Sevilla bleef en toen ik vertelde dat ik morgen naar Santiago vertrek, vroeg ze: “Gaat u vliegen of met de bus?” ” Lopen”, zei ik en toen had je de reactie moeten zien: ” Lopen???? Echt lopen???? Dat is veel te ver. Wij gaan ook allemaal naar Santiago, maar we gaan natuurlijk met de bus. Lopen is echt veel te ver, dat kan helemaal niet!”
    Toen kon ik het niet laten om te vertellen dat ik ook een keer vanuit Amsterdam naar Santiago ben gelopen en toen was het “oh” en “ah” geroep helemaal niet meer van de lucht. Ze was de enige die Engels sprak, maar moest het toen toch echt even aan de rest van het personeel vertellen. En toen begreep iedereen waarom ik zoveel eten had besteld!!! Dat had ik dan wel nodig natuurlijk.

    In een rommelwinkeltje heb ik een wandelstok gekocht. Mooi hoor, van glasfiber en je kunt hem in- en uitschuiven, maar mijn bostak was mooier, aan deze moet ik nog wennen. Misschien kom ik onderweg ergens weer eens een mooie bostak tegen, dan ruil ik hem weer in.

    Ik merk dat ik nog een beetje gehaast ben. Ik kan natuurlijk uren ergens gaan zitten als ik dat wil, maar denk toch, als ik de koffie op heb, dat ik weer verder moet. Morgenochtend vertrek ik echt voor de eerste kilometers, dus het onthaasten kan dan beginnen!

    Wed
    13
    Apr '11

    Mijn stok is gebroken

    Ja, veel valt er nog niet te vertellen natuurlijk. Vanmorgen om 4 uur het bed uit en naar Schiphol. Ik had mijn stok niet ingepakt, maar voorzien van etiket en zo. Allereerst verbazing bij de incheckbalie: “Moet die stok ook mee?” Vervolgens moest ik er mee naar de speciale bagage, maar dat moest mijn rigzak ook, dus dat was geen punt. Ook daar dezelfde verbazing: “Moet die tak mee?” Ik zei streng: “Ja en je moet er goed op passen”. Dat heeft niet geholpen.

    Om half 10 was ik in Barcelona en daar moest ik 4,5 uur wachten voor ik in kon checken voor Sevilla. En 4,5 uur wachten op een vliegveld is heel, heel erg lang. Je loopt eens een beetje, je leest een beetje, je eet iets, je hangt een beetje in een stoel en je zit te barsten van de slaap. Maar de tijd komt niet om.
    In Barcelona was het trouwens zwaar bewolkt, dus ik begon al te denken dat ik beter een trui mee had kunnen nemen in plaats van zonnebrand.

    Maar gelukkig, toen ik uiteindelijk om half vijf in Sevilla arriveerde, scheen de zon volop en het is 32 graden. Helaas bleek mijn stok de tocht niet te hebben overleefd. Hij is in tweeën gebroken en nu heb ik alleen nog maar de bovenste helft. Ik had hem dus, achteraf gezien, beter weer helemaal goed in kunnen pakken. Het is wel jammer, die stok is zo trouw met me mee gegaan, maar vooruit, niets aan te doen.

    Met de taxi ben ik naar het hotel gegaan, waar de receptioniste zei, dat 32 graden nog wel ging: “Het is nog geen zomer”, zei ze. Ik sloeg meteen terug dat ik vanmorgen met 4 graden vertrokken was (een beetje overdrijven mocht wel, vond ik) en dat maakte de gewenste indruk.
    Het is een mooi hotel, staat in een heel nauw straatje. Vanuit mijn kamer kijk ik uit op een patio vol met bloemen en een fonteintje. Daar wordt morgenochtend het ontbijt geserveerd. Dat gaat dus wel lukken.
    Nu ga ik eerst een dutje doen, want daar ben ik wel even aan toe. Morgenochtend wil ik om half negen bij de mis zijn om vervolgens een stempel te bemachtigen en de rest van de dag ga ik dan Sevilla bekijken en proberen een goede stok te bemachtigen, want die heb ik natuurlijk wel nodig. En dan begint vrijdag de echte Camino!

    Sun
    10
    Apr '11

    Via de la Plata

    De kogel is door de kerk!!! Na veel wikken en wegen hebben Gery en ik vanmorgen besloten dat ik toch nog een keer een pelgrimstocht ga maken. Deze keer is het de zogeheten “VIA DE LA PLATA”. Vertaald is dat de Zilverroute. Wikipedia schrijft daar in het kort het volgende over:

    Camino Mozárabe en Via de La Plata
    Ook bekend als de zilverroute of de weg. De Via de La Plata (ooit een Romeinse weg die Itálica en Asturica Augusta verbond) begint in Sevilla, van waaruit het naar het noorden gaat naar Zamora via Cáceres en Salamanca. Hij wordt veel minder gebruikt dan de Franse route en zelfs minder dan de noordelijke route. Na Zamora is er een keuze. De eerste route loopt westwaarts en loopt via Ourense naar Santiago. De andere route loopt naar het noorden naar Astorga van waaruit de pelgrims naar het westen kunnen via de Franse route, de Camino Francés naar Santiago.
    De Camino Mozárabe-route loopt van Granada door Córdoba en komt later samen met de Via de La Plata in Mérida.

    Alhoewel de voorbereiding misschien niet heel degelijk was, verheug ik me er toch heel erg op. Ik heb ontdekt dat elke tocht weer heel anders is. En ik kijk uit naar wat deze reis me weer zal brengen. Ik heb erg lang geaarzeld want ik dacht dat het na vier keer wel eens genoeg zou zijn. Voor Gery betekent het natuurlijk toch weer heel lang alleen zijn. Maar we hebben een en ander goed doorgepraat en met dit resultaat dus. Blij, blij blij!!!

    Woensdagmorgen om 7.20 uur vertrek ik van Schiphol en dan arriveer ik om 16.30 uur in Sevilla met een overstap in Barcelona. In eerste instantie was ik van plan in Cadiz te beginnen, maar omdat het volgende week in Sevilla enorm druk zal zijn in verband met de Semana Santa (Heilige Week), heb ik dat idee maar laten vallen. Ik ga dus vanaf Sevilla meteen aan de wandel. Wel ben ik van plan 1 dag in Sevilla rond te kijken. Tenslotte ben ik er nog nooit geweest en het schijnt een heel mooie stad te zijn.

    Dus dan vrijdag echt aan de wandel. Volgens mijn gidsje is de weg naar Santiago de Compostela via Ourense 977 km. Normaal gesproken kan ik dat dus in ca 6 tot 7 weken doen. Maar ik ben vast van plan me niet te haasten, dus hou me niet aan die periode. Als dan alles goed gaat, komt Gery me weer in Santiago ophalen.
    Het thuisfront gaar weer voor de website zorgen, dus dat is in goede handen. Ik hoop dat jullie ook een beetje kunnen genieten van mijn wandeling. Ik verheug me er bijzonder op.

    Vaya con Dios en Ultreia

    Sat
    22
    Jan '11

    Zevenwoudenpad (video)

    Zevenwoudenpad (video)

    Sun
    21
    Nov '10

    Weer terug naar het ‘gewone leven’. Video

    Het is alweer 2 maanden geleden dat ik mijn Camino Portugues heb afgesloten op Cabo Fisterra. De tijd is sindsdien voorbij gevlogen, lijkt het. Om te beginnen en ook om een beetje te ‘landen’ zijn Gery en ik aansluitend op het familieweekend een weekje in Hellendoorn gebleven. Daarna neemt het ‘gewone leven’ weer een loopje met je. Alles draaide hier natuurlijk gewoon door, terwijl ik daar in Portugal een beetje langs de weg liep te slierten, zoals Gery dat zegt.

    Maar de kruitdampen zijn nu toch echt wel opgetrokken. Om te beginnen ben ik heel lang en druk bezig geweest met het samenstellen van mijn videofilm. Het is iedere keer weer een hele klus om van zoveel materiaal een duidelijk overzicht te maken van wat ik heb beleefd. Voor mij is het natuurlijk wel duidelijk, maar het moet ook nog een beetje interessant zijn voor degene die er naar kijkt. Ik zou alles willen laten zien, omdat ik alles belangrijk vind en leuk, maar voor anderen verveelt dat natuurlijk heel snel, want het zegt hen niets. Kortom, het was een heel gevecht met mezelf om zoveel in te korten. Maar uiteindelijk is het toch gelukt er een film van te maken die een indruk geeft van de Camino Portugues zoals ik die beleefd heb.
    Omdat die film toch nog iets te lang bleek om op deze site te zetten, heb ik daar nog een korte impressie van gemaakt. Als je de video aanklikt, zie je onderin 4 icoontjes. Elk daarvan is een video van ca 15 minuten.

    Steeds als ik met het monteren van de film bezig was, kwamen alle herinneringen weer boven. En het leuke is dat ik mezelf dan nog veel meer herinnerde dan wat er op de film te zien is. Hoe heet het was op enkele dagen en hoeveel pijn ik had aan mijn linkervoet. En als je dan thuis zit met een kopje koffie bij de hand, kijk je daar toch weer met heel andere ogen naar dan op het moment zelf.

    De tocht was soms zwaar, maar het wandelen in Portugal is me toch heel goed bevallen. Het is weer een heel ander land dan Spanje. Ik heb heel aardige en lieve mensen ontmoet. Dikwijls ging de communicatie wel moeizaam, maar bijna iedereen deed toch alle moeite om me moed in te spreken of op weg te helpen. Er zijn toch echt heel veel aardige en lieve mensen op deze wereld. Niet alleen in Portugal, ook de vele reacties op de website, waar Gery elke dag weer kans zag om een begrijpelijk verhaal te maken van mijn belevenissen, waren steeds weer om naar uit te kijken. Ook nu nog kom ik mensen tegen die met mij over gebeurtenissen beginnen die ze op de website gelezen hebben.

    Na thuiskomst ben ik natuurlijk meteen naar mijn schoenmaker gegaan. Die heeft mijn schoenen met een resoluut gebaar in de vuilnisbak gedeponeerd. Ze waren niet bruikbaar meer en ook niet te repareren. Ze waren niet alleen erg versleten maar er zat ook veel bloed, zweet en tranen in die schoenen.
    Weg ermee en nu loop ik weer te wandelen op keurige nieuwe schoenen. Goed voor de volgende Camino (misschien). Nog heel veel dank voor het mee beleven van alles onderweg. Het inspireert misschien wel om nog een keer op weg te gaan.
    Wie weet, ik zal jullie op de hoogte houden.

    Wed
    29
    Sep '10

    Vaya con dios

    routekaartje

    Vanmorgen om kwart voor 7 was ik weer op de been. Na een washandje over mijn gezicht en de verzorging van mijn voeten kostte het me na het ontbijt aan de bar moeite om alle kosten te betalen.
    Gisteravond kon ik kiezen uit 1 of 2 platos. Geen idee wat het was, maar ik nam 1 plato. Voor € 5 kreeg ik toen een stukje vlees, wat patat, sla en spiegeleieren. Dat was genoeg en toen ik wilde betalen, werd me gezegd dat het bij de kamerprijs kwam en morgen betalen was vroeg genoeg. Niet dat iemand naar mijn kamernummer vroeg, dat niet. En vanmorgen was het een complete chaos, aangezien niemand meer wist wie betaald had en wat er betaald moest worden. En er was door niemand iets genoteerd. Schrik niet, want ik heb nu voor een kamer, diner en ontbijt € 20 betaald! Voor dat geld hoef je je tentje dus niet mee te sjouwen.

    Met frisse moed ben ik aan de wandeling van mijn laatste dag begonnen. Aangezien het ontbijt hier niet veel voorstelt en ik na 2,3 km langs een café kwam, heb ik nog maar een ontbijtje genomen. Dat was maar goed ook, want daarna heb ik 14 km over de hei gelopen en er was helemaal niets. Op dat hele stuk heb ik 1 klein kerkje gezien.

    Ik kon wel merken dat ik nog steeds op de camino ben, want ik had weer een klein wondertje. Ik heb nu 3 keer de route naar Fisterra gelopen en alledrie de keren heb ik bij dezelfde boom een plas gepleegd. Aangezien ik van tradities houd, wilde ik dat de vierde keer ook natuurlijk. Ik moest nodig, maar ik dacht: “Ik houd het op tot die boom”. Maar hoe dichter ik bij de bewuste plek kwam, hoe triester het werd: alles was verbrand en zwartgeblakerd. Alles….. behalve ‘mijn’ boom, die stond als enige er fris en fleurig bij!! Nou jullie weer, heus, zelfs tijdens een plas plegen kan je wonderen beleven.

    Wat me wel opviel, toen ik opgelucht weer verderliep, was dat het steeds donkerder begon te worden. Toen ik om half 12 Cee binnenliep, begon het te regenen en de regen is niet meer opgehouden tot ik op de Cap Fisterra was. En niet zomaar een beetje regen, nee, het hoosde af en toe uit de lucht, ik liep af en toe weg te spoelen. Maar met mijn dure nieuwe regenjack en mijn goedkope paraplu bleef ik lekker droog. Alleen was ik even vergeten de zak om mijn rugzak te doen, dus nu is de inhoud wat vochtig. Wat kan het me schelen, het is toch de laatste dag.

    Bij aankomst in Fisterra heb ik eerst het hotel genomen, waar ik in 2007 ook geslapen heb. Daar heb ik wat zware spullen uit mijn rugzak gehaald, zodat de rugzak wat lichter werd en vervolgens ben ik de laatste 3 km naar boven gelopen. Onderweg kwam ik iedereen weer tegen die ik onderweg ook al eens gezien heb, dus dat was leuk. En, geloof het of niet, maar toen ik op de Cap kwam, begon de zon te schijnen!

    Ik ben er nu al een aantal keren geweeest, maar het blijft een bijzondere gebeurtenis om aan het ‘eind van de wereld’ te komen, en aan het einde van je reis. Het is een bijzonder gevoel.
    Ook op de Cap zelf was bijna alles verbrand en er stonden overal borden dat er absoluut geen vuur gemaakt mocht worden. Er stond ook een brandwacht op te letten.
    Ja, nu had ik een probleem, want het hoort er toch echt bij om iets te verbranden. Ook dat geeft een speciaal gevoel. En aangezien alles kletsnat was vanwege de regen, dacht ik opstandig: “Ik doe het toch”. Dus ik heb toch maar een klein vuurtje gemaakt en een onderbroek en T shirt verbrand. De brandwacht zei er niets van en ik heb hem niet meer gezien. Wel had ik de aandacht van de toeristen, die vinden dat leuk natuurlijk. En toen er een ander stel ook de stoute schoenen aantrok en een vuurtje maakte, werd het nog heel gezellig.

    Ja, en toen was het echt weer tijd om naar beneden te lopen. Ook toen kwam ik weer een heleboel ‘bekenden’ tegen. Hoe je ook loopt, hier kom je elkaar weer tegen, dat kan niet anders.

    En nu is het dan echt afgelopen. Jullie allemaal heel hartelijk dank voor jullie reacties en het meeleven. Het was weer een geweldige tocht, met een ‘kleine dip’ erin vanwege zere voeten. Toch hoop ik alweer op een volgende keer. Wie weet?
    Morgenochtend zit ik om 10 voor half 9 in de bus naar Santiago. Daar ga ik naar het postkantoor om de post op te halen. Er moet nu al onder 4 letters gekeken worden, want ik ben tot de ontdekking gekomen dat ze het op 4 manieren kunnen opbergen: De M (van Mattheus), de J (van Jan, aangezien sommigen denken dat Mattheus ‘Dhr’ betekent), de D van Den of de O van Otter. Het leven van een postbeambte is echt nog zo eenvoudig niet.
    Daarna vertrek ik dan naar Corona en neem daar een hotel zo dicht mogelijk bij het vliegveld en dan vertrekt mijn vliegtuig vrijdag om 10 over half 9 via Barcelona naar Amsterdam.

    Het allerbeste, gezondheid en geluk gewenst en ‘Vaya con Dios’

    Tue
    28
    Sep '10

    Ver, maar heerlijk

    routekaartje

    Het was vandaag ver, erg ver, maar het liep als een trein allemaal. Heerlijk was het. Ik heb in totaal ruim 38 km gelopen, maar het was fantastisch weer, het is hier gewoon nog zomer. En ik was wel moe na zo’n lange tocht, maar eigenlijk viel het nog wel mee.
    Gisteren heb ik een Russisch meisje ontmoet, Nathalie, die zat in hetzelfde hotel als ik en vandaag zit ze ook weer in hetzelfde hotel. Ze woont in Spanje en spreekt Spaans en Engels, dus dat is makkelijk.
    Toen ik vanmiddag iets zat te eten, ontmoette ik 2 Nederlanders, die de Via de la Plata hebben gelopen. Ja, hier komen alle wegen weer bij elkaar en dat is wel leuk natuurlijk.

    Ik zit nu in een hotel na Olveiroa en vlak voor Hospital, 3 km verder dan vorig jaar, maar in Olveiroa was geen enkele plaats meer beschikbaar. Nou ja, dat scheelt morgen weer.
    Toen ik aankwam, stond de eigenaar me op te wachten en vroeg aan me: “Bent u die Duitser?” Ik zei: “Nee, ik ben Hollander”. “O”, zei hij, “dat is ook goed”. Vervolgens heeft hij mij een rondleiding gegeven over het hele landgoed heen en door het hotel. Toen ik vertelde dat ik vanmorgen in Negreira gestart was, ging hij aan iedereen vertellen hoe ver ik vandaag wel niet gelopen had. Het hotel is splinternieuw en de eigenaar nog zo enthousiast over pelgrims, dat je hier op elk moment van de dag kan eten. Dat zal volgend jaar wel over zijn, ben ik bang, maar nu is het prettig.

    Het is wel lollig, want het hotel is nog niet helemaal klaar zelfs. Ik heb een prima kamer met een mooi bed, een keurige kaptafel, een mooie vloer. Alleen de muur is nog niet gestuct en ik kijk daar tegen de stenen blokken aan. Uit het plafond hangen allerlei geheimzinnige draden, waaraan nog iets moet worden opgehangen. Maar dat mag me allemaal de pret niet drukken.

    Morgen is het dan mijn laatste wandeldag, als alles goed gaat. Vreemd hoor, dat het dan weer afgelopen is. Dat zal weer erg wennen worden!

    Mon
    27
    Sep '10

    Weer aan de wandel

    routekaartje

    Vanmorgen vrij vroeg zat ik alweer in de bus van de Monte do Gozo naar Santiago. In de bus had ik een geanimeerd gesprek met 2 Chinese meisjes. Zij spraken goed Engels (vast van Melina geleerd), het ene meisje sprak ook Duits en dan spraken ze allebei ook nog Chinees. Ik ben door hen uitgenodigd om de Chinese Muur te lopen, als ik lef heb. Dat is ongeveer 8000 km, dus ik kan vooruit. En ik moet van hen onderweg alleen Chinees eten en, zoals ze zeiden: “Dat Chinese eten is lang zo lekker niet als bij de Chinees in Amsterdam. Wat kun je daar lekker Chinees eten!”

    In Santiago heb ik op mijn gemakje ontbeten, toen ben ik naar het plein voor de kerk gelopen, een filmpje gemaakt en daarna de stoep af richting Fisterra. Van de branden van 4 jaar geleden is niets meer te zien, alles is weer prachtig groen. En het weer is ook prachtig, een strakblauwe hemel met in de verte een paar wolkjes. Ik was alleen vergeten hoe steil het hier is. Het was weer echt klimmen en klauteren geblazen.

    De commercie heeft ook hier toegeslagen. Vorig jaar was er op de hele route van vandaag maar 1 café, nu is er elke 5 km wel een bar of café. En in Negreira, mijn stopplaats voor vandaag, was maar 1 herberg en 1 klein hotel. Nu zijn er 4 herbergen en het hotel is uitgebreid. De mensen hebben gelijk natuurlijk, ze willen ook een graantje meepikken. En 1 herberg was ook veel te weinig, er moesten mensen buiten slapen omdat het allemaal vol was.
    Voor mij heeft deconcurrentie, die er nu natuurlijk ook is, voordelen. Vorig jaar kostte een 2-persoonskamer in het hotel € 45, nu kost een 3-persoonskamer € 32. Wel werd mij vriendelijk verzocht op maar 1 bed te gebruiken. Alsof ik van plan zou zijn om halverwege in een ander bed te gaan liggen.

    Nog een paar dagen en dan zit het erop, dat is altijd dubbel: ik vind het fijn om weer naar huis te gaan en jammer dat het weer voorbij is. Zoals ik tegen een Fransman zei, die daar erg om moest lachen: “Ik verheug me erop naar huis te gaan, maar nu nog niet”.

    Sun
    26
    Sep '10

    Door de heilige deur

    Gisteravond heb ik het heel gezellig gehad met een Duitser, Alexander. Zo gezellig, dat ik een beetje met een houten kop wakker werd. Om daar iets aan te doen ben ik maar vanaf Monte do Goso gaan lopen. Dat is niet ver, maar 5 km, net genoeg om goed wakker te worden. Koud was het wel, want ik liep in mijn T-shirt. Ik had geen jas meegenomen, want straks schijnt de zon, dan is het lekker warm en loop je de hele dag met je jas te zeulen. Maar ja, ik moest er wel voor lijden, want ook op het plein voor de heilige deur was alleen schaduw en er stond alweer een hele lange rij te wachten.
    Uiteindelijk werd het wachten beloond, ik schoof steeds een eindje op, totdat het mijn beurt was om door de deur te gaan. Nou, stel je er niet teveel van voor. Het is gewoon een deur die openstaat en dan loop je door een gat in de muur en ben je binnen. Binnen word je keurig langs een afgezette route geleid, die langs het beeld van Sint Jacob gaat, en dan sta je weer buiten. Maar goed, alle zonden zijn mij nu vergeven, daar houd ik het maar op.

    Na de koffie ben ik de kerk weer ingewandeld. Het was pas kwart voor 11 en de mis begint om 12 uur, maar de kerk was al barstensvol!! Er was geen enkele zitplaats meer. Nou snap ik ook hoe het gaat. Er is namelijk ook een mis om 11 uur. De mensen die daar naar toe gaan, blijven daarna gewoon zitten voor de mis van 12 uur. Geen wonder dat het atijd zo vol is. Er kon vandaag echt geen kip meer bij en ik heb dus 2 uur moeten staan. Dat is pas afzien, ik had na afloop hele stijve benen. Je moet er iets voor over hebben.

    Tussen de middag heb ik heerlijk gegeten: meloen met ham, een hele goede biefstuk en aardbeiden met slagroom toe. Dus de calorieën zijn weer op peil.
    Nu zit ik lekker op een terrasje met het koppie in de zon met een bakkie koffie. Het is hier ontzettend gezellig, een en al leven. Alleen de wind is een beetje kil, ik denk dat ik nog maar een truitje ga kopen.

    Ik heb afscheid genomen van mijn Duitse vrienden, die vliegen woensdag terug en lopen niet naar Fisterra. Ik ga vanavond een beetje bijtijds terug naar mijn slaapplaats, eet daar iets en dan morgenochtend met de eerste bus terug naar Santiago de Compostela om aan de kilometers naar Fisterra te beginnen.

    Sat
    25
    Sep '10

    Ik ben er

    routekaartje

    Het is 5 voor 3 en ik ben er!!!
    En Sint Jacob heeft goedkeurend naar me geknikt. Je mag hier in wonderen geloven, dus ik zag het duidelijk.
    Onderweg was het niet drukker dan anders, alleen toen ik in de stad kwam, was het erg druk. Van alle routes komen de pelgrims hier natuurlijk aan en er zijn ook bussen vol toeristen.

    Vanaf het plein ben ik eerst naar het Pelgrimskantoor gegaan, daar stond een rij van 10 meter lang al op straat. En dan te weten, dat je als je door de deur bent nog een lange, brede trap op moet. Dus ik bereidde me voor op een uurtje wachten, maar het ging vrij vlot, er zaten in totaal 8 mensen, die constant bezig waren Compostela’s uit te reiken. Ik heb dus de mijne nu ook!
    Het is mijn vierde, maar ik ben er weer trots op. Ik heb deze tocht wel meer afgezien dan de vorige keren, vandaar natuurlijk die goedkeurende knik van Jacobus.

    De Ierse pelgrimszegen: “Moge de zon je verwarmen, de regen je verkoelen en je dorst lessen en de wind in je rug waaien” is wel uitgekomen dit keer. Vanmorgen had ik nog een klein buitje, maar verder is het goed weer geweest, behalve dan die paar bloedhete dagen. Nu ben ik al dat zweten en afzien alweer vergeten en het staat wel stoer als ik zeg dat ik bij meer dan 40 graden heb gelopen.

    Na het bezoek aan het pelgrimskantoor ben ik naar de fontein op het plein gelopen aan de zijkant van de kathedraal. Ik ben recht voor de fontein gaan staan en Gery zag me op de webcam. Toen ben ik naar de andere kant van de kathedraal gelopen, waar je door de heilige deur kan. Daar stond een gigantische rij voor. Ik ben toen naast de rij gaan staan en toen zag Gery me weer, ze herkende me aan mijn staf!! Goed dat ik hem dus meegenomen heb, ben benieuwd hoe dat op de terugweg gaat, want hij moet wel weer mee naar huis ook natuurlijk. Omdat ik een goedkope vlucht heb, zal dit soort bijzondere bagage wel extra geld kosten. Kan me niet schelen, mijn staf moet mee.

    Ik ben nog niet door de heilige deur gegaan, want de rij was enorm en ik was het zat, had geen zin om daar weer in de rij te gaan staan. Dus dat komt morgen wel. Morgen ga ik ook naar de mis (als ik er tenminste nog bij kan). Nu heb ik me door een taxi naar mijn kamer op de Monte de Goso laten brengen. Ik heb geprobeerd voor morgennacht een kamer in Santiago zelf te krijgen, dat is natuurlijk leuker, maar het is me niet gelukt. Alles zit overvol.
    Dus ik heb er nu hier maar een nacht bijgeboekt. En ik deed tegelijkertijd een merkwaardige ontdekking. Ik had voor vannacht geboekt via booking.com, die service is gratis. De kamer kostte € 99. Duur, maar niets aan te doen. Nu boek ik nog een nacht en zegt het meisje tegen mij: “De prijs is wel anders, hoor!” Ik zeg: “Het kan me niet schelen, ik moet toch een plek hebben”. “Ja”, zegt ze, “hier kost de kamer maar € 49″. Ik bedoel maar, worden we nou opgelicht of niet???????

    Ik ben natuurlijk blij dat ik Santiago gehaald heb, maar ja, de tocht is pas volbracht als ik aan het ‘einde van de wereld’ ben. Dus maandag op naar Fisterra! Volgens het weerbericht gaat het niet echt regenen, dus ik neem ook de laatste horde.

    Fri
    24
    Sep '10

    Twee stempels

    routekaartje

    Gisteravond werd ons meegedeeld dat wij om 8 uur weer water zouden hebben. Ik dacht nog: “Nou, dat zal wel iets ervoor of erna zijn”, maar nee, klokslag 8 uur was er weer water. En klokslag 12 uur middernacht was er geen water meer. Vanmorgen om half 7 was er geen water, dus ik wilde al vies de deur uit, maar nee, hup, om 7 uur was er weer water. Ze zijn hier aan de waterleiding bezig en dus wordt het water af en toe afgesloten. Hier maakt niemand er een probleem van, want op het plein is een hele grote bron en daar komt iedereen jerrycans met water halen. Het is er hartstikke gezellig, de vrouwen tappen water en de mannen leveren commentaar.

    Dus ik kon vanmorgen uiteindelijk toch nog schoon de deur uit. Het was bewolkt en wat frisjes, dus ik vertrok met lange broek en jas aan, maar na een kwartiertje ging de jas weer uit en werden de pijpen afgeritst, want toen was het weer heerlijk weer.
    En het was een zalige dag (als pelgrim mag je best ‘zalig’ zeggen), een van de mooiste dagen. Een schitterende route langs een riviertje, door het dal en over de heuvels. Prachtig gewoon. Boven de heuvels hingen donkere wolken, maar het is droog gebleven en 20 km later, aan het begin van de middag, ben ik gearriveerd in Padron. Ik zit hier in een pension en je kunt merken dat we steeds dichter bij Santiago komen, want de prijzen stijgen, ik moet nu € 40 betalen voor een kamer. Wel met bad en zo, dus voor onze begrippen nog niet duur, maar hier is dat prijzig.

    Het verhaal gaat dat in Padron Jacobus voor de eerste keer is gearriveerd in zijn bootje. De steen, waaraan hij zijn bootje heeft vastgelegd, was een altaarsteen voor Neptunus en die steen staat er nog steeds. Men heeft er een kerk overheen gebouwd. Kijk, je moet hier wel een waar geloof hebben, want die steen staat namelijk 10 m boven het niveau van de rivier en behoorlijk landinwaarts. Er staat een replica aan de oever van de rivier en die plaats lijkt mij eigenlijk een stuk logischer. Maar ja, wie het geloof niet heeft…
    Ik wilde natuurlijk de echte zien, maar de kerk was dicht.
    Toen ben ik eerst maar een stempel gaan halen in de herberg naast de kerk. Ik vroeg aan het meisje of de kerk nog open ging en ja hoor, vanavond om half 8 gaat hij open. Nou verdenk ik ze er gewoon van dat er dan ook een dienst in de kerk is en dat dit een handig trucje is om mensen in de kerk te krijgen. Maar ik ga er braaf heen en zie wel of ik dan in de kerkdienst beland.

    Het is zo leuk om te zien hoe ze af en toe een handigheidje verzinnen om de regels te ontduiken. Ik kreeg van het meisje 2 stempels in mijn credencial, maar 2 verschillende. Toen ik vroeg waarom ze 2 verschillende stempels gaf, keek ze me uiterst verbaasd aan en zei: “Bij de aankomst in Santiago moet je van de laatste 100 km toch 2 stempels per dag hebben?” Dat klopt ook, maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat je die stempels op een en dezelfde plaats krijgt. Heerlijk land toch?

    Ik geniet ook van de verschillen tussen de verschillende landen. Dat uit zich in van alles en nog wat. Ik zat met een paar Duitsers te praten en vertelde dat ik de camino meerdere keren had gelopen en dat ik de eerste keer van huis was vertrokken. Dan is altijd de vraag: “Hoeveel kilometers heb je dan gelopen?” Ik zeg dan nonchalant: “Ongeveer 3200″. De reactie van Italianen, Spanjaarden, Fransen is dan altijd: “Oh, zo veel? Wat een eind!” en kijken gepast eerbiedig, dus spelen het spel mee. De Duitsers willen weten of het echt waar is en gaan uitrekenen of het aantal kilometers wel klopt. Die vragen dus: “Hoe ben je dan gelopen?” Leuk is dat toch.

    Nu zit ik hier in het zonnetje op een bankje mijn sigaartje te roken in een wondermooie tuin. Het staat hier vol met palmen en prachtige, bloeiende bloemen, zwager Cees zou hier zijn ogen uitkijken.
    Jullie krijgen geen kaartje, want ik heb geen zin meer om een halve dag te lopen zoeken naar een internetcafé. Als ik er toevallig voorbij kom, ga ik erin en anders komt het kaartje een dag of wat later. Jullie zien, ik word onverschillig wat dat betreft.

    Morgen nog 24 km, dan ben ik in Santiago en is het doel weer bereikt!! Als je wilt en het geduld hebt om een paar uur achter je PC te zitten, kun je me via een webcam zien arriveren. Ga dan eerst naar
    http://www.santiago.nl/index.php, dan kom je op de site van de vereniging Sint Jacob, Klik bij: websites op de camino op meer informatie en dan kun je Santioago opzoeken. De Praza de Obradoire is het plein waar ik aankom en op de Praza de Quintana is de heilige deur. Het is al een wonder op zich als je me ziet, hoor!
    Zondag blijf ik dan in Santiago en maandag vertrek ik weer naar Fisterra (toch maar, het hoort er toch bij). En als alles gaat zoals het moet, neem ik dan vrijdag 1 oktober het vliegtuig naar huis en is het helaas weer voorbij.

    Thu
    23
    Sep '10

    Pelgrim met staf en paraplu

    routekaartje

    Vanuit Caldas de Reis weer een hartelijke groet van mij. Ik heb een hele mooie route gelopen vandaag, goed begaanbare, rustige wegen. Ik ben weer in Galicië, dus er staan hier weer overal kruisen langs de weg. Daar zitten soms echt hele mooie kruisen tussen.

    Vanmorgen was het nog mooi weer, vanmiddag werd het bewolkt en ik heb zelfs een fikse regenbui gehad. Nog niet zo erg dat ik mij in mijn regenkleding moest hullen. Ik heb dit keer een paraplu meegenomen en die zit in de zijzak van mijn rugzak, dus daar kan ik in geval van nood zo bij en dat is me vandaag uitstekend bevallen. Als het de hele dag regent, is het natuurlijk niet handig, maar bij een bui wel. Dus pelgrim Theo liep vandaag met staf en paraplu. Het zal wel geen gezicht geweest zijn, maar eerlijk gezegd, ik zie geen pelgrim die er mooi uitziet. Het is allemaal hetzelfde: grote schoenen, vale korte of lange broek, T shirt dat zijn beste tijd gehad heeft. Nou, een pelgrim is dus makkelijk te herkennen en vandaag waren het er weer vele onderweg. Achteraf gezien heb ik alles niet zo handig uitgestippeld, want als ik zo doorga kom ik zaterdag tegen de avond in Santiago de Compostela aan en dan willen de meeste pelgrims natuurlijk aankomen, want die willen allemaal op zondag het wierookvat zien zwaaien. Alle hotels zitten dan ook vol, ik heb dit keer toch maar gereserveerd en kon alleen nog 5 km buiten Santiago op de Monto de Goso terecht. Nou ja, ik heb in ieder geval een kamer.

    Ik zit hier nu in Caldas de Reis in een Spa-hotel, waar ik dus allerlei moeilijke, maar gezonde toestanden met water kan krijgen: sauna, sproeien hier, sproeien daar. Nou, ik vind het wel best zo. Naast het hotel is een bron en daar komt water uit van 40 graden. Dus elke pelgrim steekt zijn voeten eronder en dat is heel gezellig.
    Hoewel ik niet van alle Spa-evenementen gebruik maak, nam ik wel een heerlijk bad. Daarna wilde ik mijn kleren wassen, alleen kwam er toen geen water meer uit de kraan, laat staan gezond water. Dus ik daalde af om mijn beklag te doen en het antwoord was lakoniek: “Ja, ze zijn buiten met iets bezig, er zal zo wel weer water zijn”. Dat is nu al een paar uur geleden, maar water is er nog steeds niet. “Nou”, dacht ik, “dan maar eerst een internetcafé”. Ik vroeg aan de eigenaar van het hotel of er ergens een internetcafé was. Hij begreep mijn Spaans niet en aangezien hij het woord ‘internet’ wel begrepen had, gaf hij mij het internetadres van het hotel. Daar schoot ik natuurlijk niet veel mee op, dus de discussie ging zo goed en kwaad als het kon verder en uiteindelijk begreep hij toch dat ik niet met een computer in mijn rugzak liep. Vervolgens liep hij dus weg naar buiten, de straat op. Ik had geen flauw idee waar hij naar toe ging, maar besloot maar even te wachten. Na ongeveer 10 minuten kwam hij terug met een piepklein laptopje, die hij neerzette, voor me opstartte en me vervolgens stralend aankeek. Ik heb hem zeer hartelijk bedankt natuurlijk, maar kon er niets mee. Na een minuut of 10 gedaan te hebben alsof ik druk bezig was, riep ik dat het gelukt was en zo waren wij allebei zeer tevreden. Het is toch steeds weer geweldig te merken hoe mensen hun best voor je doen. De wereld is zo slecht nog niet.

    Het hotel zelf is een beetje vergane glorie met een interieur uit de jaren vijftig. Er is wel een restaurant bij, maar dat gebruiken we niet. En er is dus wel gezond bronwater, maar dat komt alleen niet uit de kraan. Ach, wat maakt het allemaal uit en waar zou je je druk om maken? Het lukt me weer heel goed me niet meer druk te maken, er komt altijd wel ergens een oplossing voor een probleem(pje). Het is me zelfs gelukt vanmiddag buiten de normale etenstijd in een pizzeria een pizza los te peuteren, dus het probleem van de gierende honger om een uur of zeven en dan nog 2 uur te moeten wachten, had ik vandaag niet. Vanavond heb ik met 5 Duitse pelgrims gegeten en ook dat was weer erg gezellig. Zo vliegen de dagen ook hier om.

    Wed
    22
    Sep '10

    Appels en noten

    routekaartje

    Ik ben weer vertrokken in het donker. Toen het licht werd, bleef het een beetje bewolkt, dus dat werd een klein beetje mopperen, Een klein beetje maar, want onderweg was een mevrouw appels aan het plukken en toen ze mij zag, wilde ze me meteen een zak appels geven. Die kon ik natuurlijk niet meesjouwen, maar ze vond drie appels het absolute minimum, dus die kreeg ik mee. Een eindje verder stond een vrouw aan de boom te schudden om de noten eruit te krijgen en daar ging het op dezelfe manier: ik was zo goed niet of ik moest een stapel walnoten meenemen ‘om de camino te kunnen gaan’. Geweldig, hè?

    Nou, toen het tegen twaalven ook nog zonnig werd, liep een tevreden man de 20 km naar Pontevedra. Dat was niet zover, dus ik was er bijtijds en heb maar weer eens een luxe hotel genomen, omdat in de refugio’s op dit moment hele schoolklassen slapen. Ik heb dus weer een lekker hotel met bad en airco, dus met deze pelgrim lukt het allemaal wel. Pontevedra is een hele mooie plaats en ik had de hele middag bijna om alles te bekijken. Er is hier een kerk die gewijd is aan de heilige Peregrina en erin is dus ook een beeld van een vrouw. Sinte Jacoba, zullen we maar zeggen. Nou, het leek me wel leuk om daar een stempel te halen, dus ik ben weer teruggelopen naar mijn hotel om mijn credencial te halen. In de kerk was inmiddels een hele groep vrouwen gearriveerd en ja, ik kan het dan niet laten om dan heel overduidelijk met mijn helemaal uitgevouwen credencial te wapperen, zodat alle stempels te zien zijn. Succes verzekerd, want de dames roepen me meteen toe: “Oooooo, wat heeft u er veel!” En ik dan, zogenaamd bescheiden: “Ja, ik ben in Lissabon begonnen” Nou hoop ik maar dat deze hoogmoed niet voor de val komt.

    Het enige nadeel van Spanje is dat ik pas om 9 uur vanavond kan eten. Dat is laat en dan stik ik van de honger. Dus wat doe je dan? Dan ga je snoepen of veel tapas eten. Met als gevolg dat ik me van de week gewogen heb en volgens mij geen enkele kilo ben afgevallen. Nou ja, laat maar dan.

    Jongens, het is hier toch zulk geweldig weer: vanavond nog 22 graden. Dat is toch wel heel lekker, als je buiten in het park op een bankje je sigaartje kan roken.
    Vanmiddag zat ik met een paar Zwitserse pelgrims op een terrasje achter een potje bier. Niemand was na deze afstand echt moe, we zaten lekker buiten en, zoals de Zwitsers tevreden klaagden: “Es ist ganz schwierig hier” Ja, ja, we hebben het hier heel moeilijk, alleen ben ik bang dat jullie me niet geloven.
    Maar goed, volgens de laatste berichten dreigt er wel wat regen. Gelukkig niet veel. Ik hoor dat het bij jullie vandaag ook mooi weer was, dat gun ik jullie heus ook wel, hoor!

    Mijn voeten doen het weer redelijk, ik begrijp dat er nog steeds geen nieuwe regering is, dus ik blijf nog maar een weekje weg, jullie redden je wel zonder mij!

    Tue
    21
    Sep '10

    Van Portugal naar Spanje

    routekaartje

    Vanmorgen ben ik om half 6 Portugese tijd opgestaan en om half 7 vertrokken. Het was nog donker. In het donker stak ik om een uur of 7 de grensbrug over naar Spanje en daar bruiste het al van leven, want daar was het bijna 8 uur. Dus ik deed een uur over 1 enkele stap.

    Het was vandaag weer supermooi, stralend weer, zo tussen de 25 en 30 graden. Heerlijk gewoon. Gery dacht dat ik het wel warm zou hebben, maar sinds ik 40 graden heb gehad, heb ik mijn grenzen verlegd wat de hitte betreft. De zon kreeg mij bij 40 graden klein, maar bij deze temperatuur zeg ik nu: De kou is uit de lucht.
    Het was ook een hele mooie route, vooral het beginstuk. Ik heb niet veel van de stad Tui gezien, want de route liep buitenom en ik had geen tijd. Jazeker, een pelgrim heeft ook wel eens geen tijd, omdat hij nog ver moet.
    Eerst liep ik rustig alleen, maar zo tegen 9 uur, half 10 kwam me een hele stroom pelgrims achterop. Ik begreep hoe dat kwam, omdat ik langs een paaltje liep, waarop stond dat het nog 110 km naar Santiago de Compostela is. Nou, logisch dus, want je moet de laatste 100 km lopen. Dus de meute is in Tui begonnen. Nou ja, best gezellig, ik heb ook steeds de Frans Canadezen weer gezien.

    Hier in Spanje is alles duidelijk veel meer op de camino ingesteld. Er zijn een heleboel café’s langs de route en als je daar binnenstapt, is niet de eerste vraag: “Wat wilt u drinken?” maar: “Hebt u een credencial?” Dan krijg je eerst een stempel en daarna iets te drinken. Kijk, en dat is dan weer een leuk moment, als de nieuwbakken pelgrims mijn kaart met stempels zien, want ik heb natuurlijk de meeste. De mannen kijken alleen, zeggen niets, maar je ziet ze denken. De vrouwen roepen gewoon luidkeels: “O, wat hebt u er veel!”
    Ook zie je hier overal langs de weg koelautomaten staan, gewoon in een tuin of zo, meestal met 2 stoeltjes erbij. Daar mik je wat geld in en dan heb je heerlijk koel water of frisdrank.
    Tussen de middag heb ik mijn eerste Spaanse boccadillo (een soort broodje met van alles erop) gegeten en ik kon hem nog steeds niet helemaal op.

    Onderweg kwam ik langs 2 albergues waar ik zou kunnen slapen, maar daar had ik niet veel zin in. Ik heb dan altijd problemen omdat ik de GPS, telefoon, etc. moet opladen en er voor 40 man maar 1 stopcontact is. Dus toen heb ik mijn stoute schoenen maar aangehouden en ben doorgelopen naar Redondela via een bergrugje, waar ik, als ik heel goed keek, in de verte een piepklein stukje van de zee kon zien.
    In Redondela kon ik niet meteen een goede slaapgelegenheid vinden en aangezien ik vandaag 32 km gelopen heb, vond ik het welletjes. Ik kwam langs een taxistandplaats, de chauffeur heeft mij voor €5 naar een pension net buiten de stad gebracht en daar zit ik nu op mijn gemak. Morgen ga ik voor €5 weer met de taxi terug naar mijn startpunt en dan wordt het verder een kalme dag, want dan is het maar 18 km naar mijn volgende stopplaats.

    Het lopen in Spanje heeft trouwens ook nadelen: Ik kan hier namelijk vanavond pas om 9 uur gaan eten en, eerlijk is eerlijk, het Spaanse eten is lang niet zo goed als het Portugese. Maar goed, ik neem deze beproeving blijmoedig zoals een pelgrim betaamt.
    Nu ga ik wassen, douchen en ik zie dat ik dan net nog een lekker dutje kan doen voor het etenstijd is. Welterusten dus.

    Mon
    20
    Sep '10

    Flierefluitend over de weg

    routekaartje

    Om 7 uur vanmorgen zat ik weer in de taxi op weg naar mijn startpunt. Ik heb vanaf Rubiaes een wondermooie route gelopen in prachtig zonnig weer. Eerst een klein stukje omhoog, daarna een lange afdaling met telkens uitzicht op de vallei van de rivier. Heel erg mooi. De weg was ook goed, ik liep over veel stukken van de Romeinse weg XIX, die ooit de ‘snelweg’ van noord naar zuid was. Deze weg loopt best makkelijk, beter dan dan de Middeleeuwse. Dit zijn ook kinderkopjes, maar veel gladder. En je komt steeds oude Romeinse bruggen tegen, erg leuk.

    Ik heb vandaag weer veel pelgrims gezien: Franstalige Canadezen, Amerikanen, een Vlaams-Nederlands stel, Duitsers en Portugezen. De Portugezen hadden op het weerbericht gezien dat het in Santiago deze week ging regenen. Nou, dat zie ik dan wel, voorlopig is het hier verpletterend mooi weer met een graadje of 25, het is echt genieten!

    Ik zei tegen een Portugees meisje dat alles zo goedkoop is hier. Zij vertelde toen dat het minimumloon in Portugal € 485 is en dat je daar, ook met de lage prijzen, gewoon niet van rond kunt komen. “In de Algarve is alles veel duurder, bijna net zo duur als bij jullie. Daar komen wij dus nooit, want dat kunnen we niet betalen”, zei ze. Met andere woorden: wij hebben nog niet veel te mopperen.

    Onderweg heb ik toen maar alle café’s die ik tegenkwam, even aangedaan om de klandizie te bevorderen. Ik had heel weinig in mijn rugzak, dus ik ben vandaag flierefluitend over de weg gevlogen. Zo flierefluitend, dat ik zelfs nog een Duitse mevrouw moed heb ingesproken. Die zag het echt niet meer zitten, ze kon niet meer, en ze wilde niet meer. Dus ik zei dat ze gewoon elke dag wat minder kilometers moest lopen en heb haar ingefluisterd dat ze ook best een stukje met de bus kon gaan, maar ze keek zo geschokt dat ze dat wel niet zal doen. Zo zie je weer eens het verschil tussen volken: een Duitse kijkt geschokt bij zo’n voorstel, een Spanjaard vindt het achterlijk als je dat hele eind gaat lopen. En de Nederlander zit daar tussenin: je moet lopen, maar af en toe een beetje smokkelen mag.

    Nu zit ik dus weer in Valenca en morgen ga ik de grens over naar Spanje en laat ik Portugal achter me. Ineens ben ik dan dus een uur kwijt, want dan moet mijn horloge een uur vooruit. Dan ben ik weer ‘bij de tijd’. En morgen is het juist een lange route, meer dan 30 km. Ik denk niet dat ik dat ga doen, volgens mij kan ik eerder onderweg in een dorp overnachten. Ik loop nu lekker en wil dat graag zo houden!
    Ja mensen, het begint alweer op te schieten, wat gaat het allemaal toch vlug voorbij.

    Sun
    19
    Sep '10

    Beloning na zwoegen

    routekaartje

    Het begon vanmorgen al goed: nog maar nauwelijks was ik aan de wandel of ik was de weg al kwijt. Althans, dat zal wel, want nadat ik de laatste gele pijl keurig gevolgd heb volgens mij, kwam er daarna geen enkele gele pijl meer. Het duurde natuurlijk een tijdje voor ik doorhad dat er geen gele pijl meer kwam en toen ik dat eenmaal merkte, had ik weinig zin om terug te lopen. Dus heb ik de GPS erbij gehaald, het eerstvolgende dorp dat volgens mijn gidsje op de route lag, ingetikt en zo kon ik verder. Alleen stuurt de GPS me natuurlijk langs de weg en niet via allerlei afgelegen paden. Later bleek dat ik op deze manier 2,5 km meer gelopen heb dan nodig was.
    Maar goed, ik kwam in dat dorp en hoe ik ook keek, ik zag geen enkele gele pijl, die mij weer op het smalle, maar mooiere pad kon doen belanden. Wat ik gelukkig wel zag, was een café en behalve dat je daar iets nuttigen kan, is het een bron van informatie voor ons, arme pelgrims, die verdwaald zijn. Dat bleek nu ook weer zo te zijn, want de kroegbaas wandelde met me mee het hele dorp door om me weer op het juiste pad te krijgen.

    Hierna werd de route echt geweldig mooi. Ik ben 500 meter omhoog geklommen en later weer 500 meter afgedaald. Dat is niet eens zoveel natuurlijk, maar als je met een auto rijdt, zitten er allemaal keurige haarspeldbochten in de weg, zodat je niet al te steil omhoog gaat. Mijn wandelpad ging echter door het bos en heel erg steil omhoog (en later weer even steil naar beneden). Ik was blij dat het niet regende en het pad droog was, anders was het bijna niet te doen geweest. Het was dus zwaar werk, klimmen en hijgen, maar na al dat zwoegen was de beloning op de top grandioos: het was echt schitterend daar!

    Toen ik bijna in Rubiaes was, zag ik dat daar een hostal was, dus ik dacht: “Dat is kat in ‘t bakkie” en ben daarheen gewandeld. Bij aankomst bleek echter dat mijn Duitse collega-pelgrims met de hun eigen grondigheid alles gereserveerd hadden. Ik doe dat niet, dus ik viste dan ook achter het net. De eerstvolgende plaats waar ik kon overnachten, is Valenca maar daar moet ik morgen naar toe lopen, dat is dus een dag verder. Geen nood, ik heb het opgelost. Aan het meisje van het hotel heb ik gevraagd of er een taxi te krijgen was. Ze probeerde het een paar keer, maar er kwam zoveel tussendoor en ik kreeg het telefoonnummer, dus heb stoer zelf maar gebeld. Nou is mijn Portugees niet echt zoals het zijn moet en bij de man, die ik aan de lijn kreeg, was het Frans, Duits en Engels ook erg ver weggezakt, dus het gesprek ging ongeveer als volgt: Ik riep de naam van het hostal en: “Rubiaes” en “taxi”. Hij riep vervolgens: “OK” en daarmee eindigde onze conversatie. Ik ging dus braaf zitten wachten, maar ondanks onze vloeiende conversatie verscheen er geen taxi aan de horizon. Het meisje van het hostal begreep toen dat ze in moest grijpen en belde nog maar eens voor me. “Ja, ja, hij kwam eraan, nog even iemand afzetten”. Nadat ik nog een half uurtje geduld heb gehad, verscheen er dan eindelijk een taxi, die me riant naar Valenca bracht.

    Voordat jullie nu gaan zeggen: “Zat hij alweer in een taxi? Ja, zo kan ik het ook”, deel ik maar even mee, dat dat weliswaar waar is, maar anders dan jullie denken. Dit was namelijk een extra rit, want ik heb slim het volgende bedacht: Ik heb hier in Valenca voor 2 nachten een kamer gehuurd. Morgenochtend komt de taxi weer chic voorrijden en brengt me dan terug naar Rubiaes. Daar begin ik mijn wandeling weer op de plaats waar ik vandaag gestopt ben. Wat daar slim aan is, begrijpen de slimmerds onder jullie allang: ik kan een gedeelte van mijn spullen hier laten, zodat mijn rugzak morgen een stuk lichter is.
    Ja, dat zijn zo de slimmigheidjes van een ervaren pelgrim.

    Ik weet nog niet of ik na Santiago ook nog naar Fistera wandel, dat hangt van een aantal dingen af: de tijd die ik nog heb, het weer (als het van de lucht hoost, is er niet veel aan) en mijn voetjes. Ik ben er tenslotte al drie keer geweest en als het slecht weer is, zie je er niet veel. Als ik in Santiago ben, kijk ik daar wel welke beslissing ik neem.

    Sat
    18
    Sep '10

    Engelsen contra Fransen

    routekaartje

    Ik heb gisteravond tijdens het diner volop genoten. Allereerst omdat het een uitermate goed restaurant was en het eten overheerlijk, maar ook vanwege het publiek dat er was. Toen ik binnenkwam, zat er een groep Engelsen, 7 mannen en 2 vrouwen. Echt zoals Engelsen dan doen: formeel en gereserveerd wordt er gedebatteerd en geproost. Toen kwam er een groep Fransen binnenrollen. Die stortten zich op de vitrine om alles wat daar was, te bekijken en daar hun commentaar op te leveren: “Welke soort ham is het? Waar komen de asperges vandaan?”, etc. Ze begrepen niets van de menukaart, dus hun reisleidster moest alles uitleggen en aan de kok vragen. Uiteindelijk was iedereen aan het eten en toen leek het wel of er opnieuw een Engels-Franse oorlog aan de gang was, waarbij het bij beide groepen erom ging wie het hardst kon lachen. De Fransen zetten alle zeilen bij: gingen steeds meer debatteren over het eten en dat de wijn niet goed erbij paste en ze andere wijn wilden. De Engelsen daarentegen proosten steeds meer en ik dacht op een gegeven ogenblik dat ze “God save the queen” aan zouden heffen. Zover kwam het niet, maar ik heb wel heel veel plezier gehad. Geweldig om daarbij toeschouwer te zijn.

    Vanmorgen ging ik weer fris op pad. Ik wilde de eerste kilometers vanuit Barcelos lopen en daarna een taxi nemen, maar toen ik langs een taxistandplaats kwam, heb ik de zaak omgedraaid: ik heb me door de taxi 10 km weg laten brengen en ben vervolgens uitgestapt om de rest, ongeveer 22 km, te gaan lopen. En dat bleek een goed plan: ik heb een schitterende route gelopen, de mooiste tot nu toe. Over de heuvels en door een paar valleien, het was schitterend. Het is hier nog steeds warm, vandaag 32 graden en dat in Noord-Portugal!

    Zo ben ik op mijn gemakje naar Ponte de Lima gewandeld en ben daar in een hotel beland. En ik ben niet de enige pelgrim hier, want er zitten hier in het hotel nog een heleboel andere pelgrims. Ik denk dat op deze gang in elke kamer een pelgrim zit. Hoe ik dat weet? Heel simpel, omdat er overal van die miniwasjes hangen: sokken, onderbroek, handdoek.
    Ook onderweg heb ik er wel een stuk of 12 gezien en hier in de stad zie ik ook steeds bekende gezichten van mensen die ik al eerder heb gezien. Er loopt hier een Duitser rond die sprekend lijkt op Manfred, die ik in 2007 tijdens de camino heb ontmoet. Hij geeft geen teken van herkenning, dus het zal wel niet, maar als ik de kans krijg, ga ik het hem toch vragen.

    Er was hier vorige week zaterdag groot feest in Ponte de Lima, maar omdat er in deze tijd van het jaar ergens anders niet zoveel te doen is, zijn de kraampjes maar blijven staan en feesten ze gewoon nog een poosje verder. Ik zit nu buiten op een bankje mijn sigaartje te roken, het is inmiddels afgekoeld tot 24 graden, dus uiterst aangenaam, maar het is nog een hoop herrie. Ik hoop dus dat ik straks kan slapen.

    De Duitse pelgrims hier hebben de eigenaar zo gek gekregen dat er morgenochtend al om half 7 ontbijt is en komen mij vertellen dat ik dan ook al kan ontbijten. Eerlijk gezegd ben ik dat nog niet van plan, want wat moet je nu zo vroeg onderweg? Morgen is het maar een tochtje van 18 km en in de plaats waar ik dan aankom, schijnt echt helemaal niets te zijn behalve 1 herberg. Dan kom je al om een uur of 12 aan en verveel je je de rest van de dag dood.

    Nu loop ik natuurlijk de kans dat ik, als ik later weg ga, dus ook later op de plaats van bestemming ben en dat dan alle bedden in die ene herberg bezet zijn door mijn collega pelgrims, maar dat zie ik dan wel weer. Dan verzin ik wel weer een oplossing. En als ze morgenochtend zoveel herrie maken, dat ik niet meer kan slapen, besluit ik misschien toch nog om ook maar vroeg te vertrekken. Ik zie wel hoe het loopt morgen: loslaten en toelaten was het toch?

    Ik heb trouwens uit zitten rekenen dat ik, als alles verder naar wens verloopt, volgende week zondag in Santiago aan zal komen. Wat gaat dat nou weer snel ineens. Zit het mee, dan misschien al op zaterdag en kan ik zondag het wierookvat zien zwaaien. Zit het tegen, dan ben ik er pas maandag of misschien wel helemaal niet. We zullen wel zien: gewoon maar doorlopen!

    Fri
    17
    Sep '10

    Ik hoor eigenlijk te lopen

    Ik heb mijn vrije dag als toerist doorgebracht, maar om eerlijk te zijn, weet ik niet goed hoe ik met zo’n vrije dag om moet gaan. Eigenlijk voel ik me dan een beetje schuldig: Ik doe maar niets, ik zou moeten lopen. Onzin natuurlijk, maar ja.

    Voor ik vertrok, ben ik van kamer gewisseld en daarbij probeerden ze me warempel €5 extra afhandig te maken. Gisteren was een 1 persoonskamer nog €20, nu ineens €25. Dat kwam natuurlijk omdat ze me gisteren de 3-persoonskamer hebben gegeven voor €30 in plaats van €35 en nu dachten ze zo die €5 weer binnen te halen. Wat dan wel zo is, is als je zegt: “Dan zoek ik wel een ander adres” het meteen over is. Maar ze hebben ook echt een soort imperium hier opgebouwd: hotel, café, snackbar, etc., dus denken ze dat ze zich het een en ander kunnen veroorloven. Maar Mattheus is wel goed, maar niet gek.

    Het ontbijt bestaat hier uit koffie met gebak. Soms zit ik om 7 uur ‘s morgens dus al aan de moorkop. Ik neem er dan meestal een glaasje jus d’orange bij, maar de Portugezen niet. Er wordt hier dus heel veel gebak gegeten, toch zijn ze niet dikker dan bij ons. Nou, dat is weer eens iets anders dan een beschuitje met kaas.

    Na deze bezigheden ben ik met de bus naar Braga gegaan, een uur heen en een uur terug. Op de terugweg zat de bus vol met scholieren en ik verzeker jullie, ze maken net zoveel herrie als in Nederland. Dat is internationaal.
    De steden zijn over het algemeen erg mooi hier in Portugal. Veel parken, heel veel bloemen en heel levendig.
    Braga noemen ze het Rome van Portugal, omdat er zoveel kerken zijn en ik heb inderdaad nergens zoveel kerken zo dicht bij elkaar gezien. Je struikelt er gewoon over. Ik heb ze natuurlijk niet allemaal bekeken, maar de hoofdkerk wel. Die stamt uit de 11e eeuw en er hing een lijst met bisschoppen vanaf het jaar 60 met alle namen erop. Hoe ze dat weten, weet ik ook niet. Ze hebben de stoffelijke resten, die ze hebben opgegraven, in kleine kistjes gedaan en in een aparte ruimte opgesteld. Het was een mooie kerk, alleen jammer dat je nergens mag filmen. En daar letten ze scherp op hier.
    Buiten de stad staat ook een grote ‘Bon Jesus’ als een soort Sint Pieter. Dat was te ver lopen, dus die heb ik niet gezien. Braga schijnt een poos de geestelijke hoofdstad van Portugal geweest te zijn, dus vandaar al die kerken.

    Aangezien jullie nieuwsgierig naar mijn voeten vragen, zal ik even een medisch communiqué geven van de actuele stand van zaken:
    Zojuist heb ik alle pleisters, verbanden, plakkaten, etc. verwijderd en het volgende geconstateerd: de open plekken zijn dicht, maar nog heel teer. Er komt nog vocht uit de grote teen, maar hij begint wel te genezen. De plek waar mijn nagel heeft gezeten, heeft een donkerbruine kleur en over het geheel genomen denk ik niet, als ik naar mijn voeten kijk: “Wat heb ik toch mooie voeten”. Maar dat geeft niet, ik ben blij dat ik er mee loop! Vannacht laat ik alle pleisters, etc. eraf om ‘aan de lucht’ te genezen om eens een medische kreet te gebruiken.
    Morgenochtend is het dan weer tijd voor de volgende inpakronde: compeed met spul erover en stevig vastplakken met pleisters. En zo hoop ik dan toch Santiago de Compostela te gaan halen: nog 186,5 km.
    Morgen is de etappe ruim 32 km, maar ik denk niet dat ik dat ga doen. Ik wil na een km of 20 stoppen. Mocht er dan geen plaats meer voor mij zijn in de herberg (want er is daar maar een kleintje, heb ik begrepen), dan kijk ik wel wat ik doe. Misschien een taxi of zo.
    Ik begreep van Gery dat sommigen van jullie vast een kaartje willen sturen naar het eindpunt in de overtuiging dat ik het zal halen. Houd ik van, van dit optimisme. Hierbij het adres waar je eventueel post heen kan sturen:

    Officina de Correos
    Lista de Correos
    a la atención de señor DENOTTER, MATTHEUS JAN
    15700 Santiago de Compostela
    ESPAÑA

    Het is vooral belangrijk dat je precies de naam zo schrijft, want het is ieder jaar toch al een sport om alle post boven tafel te krijgen. De ene postbode stopt het in het vakje onder de D van Denotter, de ander onder de M van Mattheus en alle mogelijke verdere varianten.
    Gegroet, gij allen en tot morgen maar weer, hopen we.

    Thu
    16
    Sep '10

    Voeten wassen

    routekaartje

    Zo, ik heb er weer 28 km op zitten, dus het was een forse wandeling. De route was wel erg mooi, veel door de bossen. Alleen wandel je dan wel steeds over de kinderhoofdjes en dat loopt niet makkelijk. Maar ja, het heeft wel iets idyllisch, zo onderweg heb ik over van alles en nog wat lopen filosoferen. Tenslotte heb je dan de tijd, nietwaar? Er was ook een behoorlijk riskant stuk van een paar km, toen de route vlak langs de autroute liep en er bijna geen mogelijkheid was om uit te wijken. Best gevaarlijk.

    Vanmorgen was er geen café te bekennen voor mijn koffie, dus was het doorlopen geblazen. Zo tegen half 1 dacht ik: “De eerste de beste kroeg is voor mij, ik wil koffie!!”. En toen kwam er ook een café. Ik vroeg dus om koffie, maar de baas zei: “Moet je niet eten dan?” En toen kreeg ik soep, kip met patat frites, water of wijn naar keuze en koffie toe voor € 4,50. Je snapt niet hoe ze het ervoor kunnen doen. Dus met gevulde maag ben ik weer op stap gegaan en de rest van de route waren er ook niet veel café ‘s. Dat scheelt echt, de een of andere keer. Wel zie ik nu steeds meer pelgrims, ik ben ook een stukje opgelopen met een Amerikaans stel.

    Om kwart voor 4 wandelde ik de brug over (elk respecterend dorp heeft hier een water met een brug erover) en Barcelos binnen. Vlak voor die brug staat een 13e eeuws kapelletje. Het is heel klein en in dat kapelletje staat een wasbekken. Erbij een nadrukkelijke aanwijzing, dat pelgrims op weg naar Santiago hier hun voeten moeten wassen voor ze de stad binnengaan. Nu zit er geen water meer in, maar je vraagt je wel af hoeveel duizenden voeten hier in de loop van de eeuwen gewassen zijn.

    Barcelos is een erg levendige stad met een leuk centrum en veel mensen. Er is ook een andere 13e eeuwse kerk, de ‘Bon Jesus’, die is ook echt schitterend om te bekijken. Prachtige tegeltableaus weer en een schtterend altaar. Helaas mocht ik er niet filmen of fotograferen.
    Verder zie je overal in de stad hanen, van hele kleine tot hele grote. Op foto’s, op tableaus, als standbeeld. En er hoort precies hetzelfde verhaal bij als in Spanje in Santo Domingo de Calzada over de jongen die opgehangen werd en niet doodging, omdat Sint Jacob zijn handen onder de voeten van de jongen hield en de rechter, die zei: “Die jongen is net zo levend als die kip hier op mijn tafel”, waarop de kip vleugels kreeg en wegvloog. Alleen speelt hier de haan een hoofdrol en niet de kip. De haan is ook het nationaal symbool van Portugal geworden.

    Na aankomst heb ik mij gemeld in een residencial. Daar was wel een kamer, maar pas om half 6. Dus ja, dan eerst maar op een terras aan de cola. Tot mijn schrik zie ik op het plein overal kramen en ik hoop niet dat ik weer getuige mag zijn van net zo ‘n feest als vorig jaar, want dan zal ik niet veel slapen. Het is wel geinig, want overal op het plein staan stellingen met kruisen erop, echte kruisen zoals in de kerk. Alleen worden ze hier gebruikt om slingers en lampionnen van het ene kruis naar het andere te leiden. Ja, dat is ook een manier van versieren.

    Omdat ik toch nog niet naar mijn kamer kon, ben ik naar het toeristenbureau gegaan, daar kun je meestal over een PC beschikken. Nou, die hadden ze wel, maar ik mocht er maar heel even op, omdat er een vergadering in dezelfde ruimte gehouden werd, dus ik had helaas niet genoeg tijd om de kaartjes op de site te zetten. Dat komt nog wel.

    Toen ik om half 6 weer naar mijn kamer vroeg, was die nog steeds niet klaar. Ik was het zat, dus zei: “Laat maar zitten, ik neem mijn rugzak wel weer mee en zoek ergens anders een plekje”. Nou nee, dat was natuurlijk ook niet de bedoeling, dus opeens was er een andere kamer vrij. Ik heb nu een 3-persoonskamer, dus ruimte genoeg. In ieder geval vannacht, want het is niet zeker dat ik deze kamer nog een nachtje kan gebruiken.
    Ik wil hier namelijk een dag blijven. Vandaag heb ik een flink stuk gelopen en de volgende etappe is ook weer een flink stuk, dus een dagje tussendoor is wel lekker en ik wil graag naar Barga. Dat is een stad hier in de buurt en die schijnt heel erg de moeite waard te zijn. Dus morgen pak ik de bus of de trein om Braga te bezoeken.

    Wed
    15
    Sep '10

    Gewoon een goede wandeldag

    routekaartje

    Over vandaag valt eigenlijk niet zoveel te vertellen. Ik heb gewoon een goede wandeldag gehad. Ik heb lekker gelopen, weliswaar heel veel op kinderhoofdjes en dat loopt niet zo makkelijk, maar het ging allemaal lekker. Het grootste gedeelte ging door bewoond gebied, de buitenwijken van Porto en heel veel dorpen. Al deze dorpen hadden een kerk, een café en een kleine supermarkt, dus er was onderweg genoeg te eten en te drinken. Ik kwam niets tekort en hoefde zelfs geen water mee te nemen.

    Bovendien was het helemaal niet zo warm als voorspeld was. Toen ik vertrok, was het wazig en het was zo ‘n 21-23 graden en, geloof het of niet, ik kreeg zelfs een paar buitjes. Niet zo erg dat ik mijn regenkleren aan moest trekken, dat nou ook weer niet, maar toch….

    Enfin, ik ben inmiddels beland in wat volgens mijn gid Vilarinho heet, maar hier op de borden Vila do Conde en bevind me nu weer op het platteland. Voor de eerste keer slaap ik nu in een soort refugio, die hier Abrigo Peregrino heet. Er zijn 4 bedden, maar inmiddels 7 gegadigden, geloof ik. Andrew en Therese, het Canadese stel dat ik eerder heb ontmoet, zijn hier ook. Ze slapen meestal bij de bomberos. Dat is de brandweer, die doet hier van alles en nog wat en levert dus ook slaapgelegenheid. Alleen is het de laatste keer niet zo goed bevallen. Ze moesten ‘s avonds hun credencial inleveren en toen ze vanmorgen weer wilden vertrekken, konden ze niet weg, want de credencials lagen in de kluis en de baas die de sleutel had, kwam uiteraard niet in de vroege ochtend.
    Er is hier ook een Pools meisje, dat vandaag aan haar camino is begonnen. Ik weet nog niet hoe ze heet, maar dat komt wel.

    De Abrigo is naast een school, het is nu half 5, maar de kinderen zijn er nog. Op dit moment worden ze losgelaten op het schoolplein en die maken toch een hoop herrie met zijn allen! Je kunt jezelf niet eens meer verstaan.

    Weten jullie wat nog erger is? Het spettert nu ook!! Ik moet mijn gewassen kleren onder de dakgoot hangen, anders drogen ze helemaal niet. Zo hoort het niet natuurlijk. Dat jullie regen hebben is normaal, je woont tenslotte in Nederland, maar ik hier in Portugal?? Het moet niet gekker worden!

    Tue
    14
    Sep '10

    Rust, rust, rust

    Vandaag was ik toerist in Porto. Ik heb eerst heel rustig ontbeten, toen ben ik op mijn gemakje op stap gegaan. Ik heb in het treintje door de stad gereden om een overzicht van de stad te krijgen. Ik kwam ook langs de opslagplaatsen van de port, Jan. Het komt wel goed met die port. In het begin vroeg ik steeds om een ‘porto’, maar dan zeggen ze: “Ja, u bent hier in Porto”. Het blijkt dat ik netjes moet zeggen: ‘vino de Porto’. Je moet het even weten.

    Er is hier verschrikkelijk veel te zien. De gebouwen zijn mooi, maar je moet er wel van houden. Er is een soort mengeling van Portugese barok met grote blauwe tegeltableaus. Ik heb de kathedraal bekeken en het klooster ernaast. De kathedraal is mooi, hij is als een soort fort gebouwd en staat op een heuvel. Er zijn trouwens heel veel kerken hier.
    Er zijn heel veel toeristen hier, ook heel veel Nederlanders. Die herken je aan het ANWB gidsje van Portugal, grappig is dat.

    Ja, toen was het tijd voor de lunch. Ik ben dus naar de rivier gegaan en heb daar op een terrasje aan het water in de zon de lunch gebruikt. Ik hoorde van Gery en zag op het weerbericht dat er grote donkere wolken boven jullie hoofden hangt en dat het regent, maar ik kan daar helaas niets aan doen. Ik zat hier in de warmte buiten op een terras een salade met rauwe ham te verorberen en een puddinkje toe. Laat ik het voorzichtig zeggen om jullie niet al te jaloers te maken: het was goed uit te houden.

    Na de lunch was het tijd voor een boottochtje over de Douro. De oevers van de Douro zijn heel steil en gaan recht naar boven als je in je bootje zit. Zo voer ik zachtjes door de Douro onder 6 bruggen door.

    Daarna ben ik terug gegaan naar mijn hotel om mijn videocamera op te laden. Gery meldde dat Dicky en Pieter uit Deurne op de website stonden, dus die heb ik gebeld en we hebben afgesproken om 7 uur vanavond voor het station om gezamenlijk een hapje te gaan eten.

    Voor het geval jullie nu denken dat het luie leventje in mijn hoofd geslagen is, maak ik jullie er even op attent dat ik morgen weer over ‘s heren wegen loop te zwoegen. En het belooft weer warm te worden! Bovendien schijnt het zowat een dag te duren voor je de stad uit bent en het moet heel lastig zijn om de weg te vinden. Dus dat wordt weer afzien!!

    Gelukkig heb ik mijn GPS en daarop kijk ik nu ook wel eens om te zien of ik de goede richting uitloop. Dus Marnix kan tevreden zijn, want hij snapte maar niet hoe ik steeds kon verdwalen terwijl ik een GPS op zak heb.
    Ja, die gebruikte ik alleen om bij de start de knop in te drukken en bij het eindpunt de knop weer uit te zetten. Ik maak dus vorderingen in de elektronica. We zullen zien morgen.

    Mon
    13
    Sep '10

    Ik ben in Porto!

    routekaartje

    Ik ben in Porto en ik heb het hele stuk gelopen!! Goed, hè?

    De eerste helft van de route was erg mooi en leuk. De weg liep over een bergrug en daar waren nog de Romeinse en Middeleeuwse wegen en Middeleeuwse ruïnes. Ik moet zeggen dat de Romeinse wegen veel en veel beter zijn dan de Middeleeuwse, die toch veel later aangelegd zijn.

    Het laatste stuk liep ik door de voorsteden van Porto, dat zijn allemaal slaapsteden, net zoiets als de Bijlmer bij ons, dus daar was niet veel aan. Maar opeens zag ik de stad liggen aan de overkant van de rivier en dat geeft nieuwe energie. Ik zag een supermooie metro de brug overgaan en dan in de berg verdwijnen.

    En dan komt het moment dat je zelf op de brug over de Douro loopt en de stad inloopt. Dat was weer een schitterend moment. Het blijft veel indruk maken als je dan in de stad aankomt, waarnaar je al weken op weg bent. Dat heeft iets heel bijzonders en op dat moment ben je zere voeten en tenen vergeten en denk je alleen maar: “Het is het waard!” In de diepte stroomt de rivier en daarin liggen houten bootjes, waarvan ik vermoed dat het rondvaartboten zijn. De stad heeft gedeeltelijk nog stadsmuren en meteen na de brug zie je de kathedraal liggen. Kijk, en als ik nu met een taxi was gekomen, was dat een heel ander iets geweest. Ik ben blij dat ik dit niet gemist heb.

    Ik ben meteen naar de kathedraal gelopen om mijn stempel te halen. Dan wandel je binnen, zien mensen de schelp op je rugzak en hoor je ze mompelen. Ik zette mijn rugzak neer en omdat het zo warm was, was de rug van mijn T shirt drijfnat en dan hoor je de Oh ‘s en Ah ‘s om je heen en achter je rug. Als dan bovendien de man die in de kathedraal aan het rondleiden is, de toeristen opzij schuift en meldt dat hij eerst aan mij een stempel gaat geven, kijk, dat is dan wel een moment van grote glorie. Daar heb ik van genoten!

    Je merkt dat men hier weer veel meer bezig is met de camino. Mensen leven heel erg mee en wijzen je de pijlen al eerder aan dan jij ze ziet. Leuk is dat.
    Ik ben naar de VVV gegaan voor een onderdak, daar kreeg ik een foldertje mee van een residencial. In het foldertje stond dat een 1-persoonskamer € 25 kostte, dus dat was goed te doen. Enfin, ik kom daar aan en de mevrouw deelde mee, dat ze helaas geen 1-persoonskamer meer vrij had, alleen nog een 2-persoonskamer. Ik dacht nog: “Daar heb je het, de prijs gaat alweer omhoog”. Dat was een voorbarig oordeel, want ze vroeg om het foldertje van de VVV als bewijs dat daar echt € 25 stond voor een 1-persoonskamer en toen kreeg ik de 2-persoonskamer voor de prijs van een 1-persoonskamer. Dus ik hoefde € 25 te betalen in plaats van € 35.
    En voor die prijs zit ik nu echt midden in het centrum van de stad.

    Na een half uurtje lekker in bad liggen, ben ik ook de vermoeidheid en zere voeten vergeten, dus ik ben nu alleen nog maar een blij en tevreden mens.
    Morgen blijf ik in Porto en ga me als een echte toerist gedragen. Als de bootjes echt rondvaartboten zijn, ga ik daar een tochtje mee maken over de Douro en als er een rondrit door de stad is, ga ik dat ook doen.
    Het is hier overigens ongekend warm voor de tijd van het jaar, nog 30 graden. Nou, morgen hoef ik niet te lopen, dus dat is geen probleem. Maar de mensen hier zeggen dat deze warmte echt abnormaal is voor de tijd van het jaar.

    Bedankt allemaal voor jullie medeleven met mij, dat waardeer ik heel erg en Gery ook.
    Het eerste gedeelte van de route is gehaald, nu met frisse moed straks aan het tweede stuk. Ik houd jullie op de hoogte.

    Sun
    12
    Sep '10

    Aangenaam of heet

    routekaartje

    Het viel niet mee om het kaartje op de website te krijgen. In het hotel waar ik zit, is wel een PC, maar niet van hen, dus eerst moet je een kaartje kopen om erop te komen. Vervolgens pasten de snoertjes van de GSM niet, dus er kwam van alles bij kijken, de PC werd bijna op zijn kop gezet, maar toen kwam het toch voor elkaar.

    Vanmorgen ben ik om half zeven opgestaan, heel op mijn gemak. Nadat ik mijn voeten beplakt en bepleisterd had, ben ik heel kalmpjes gaan ontbijten. Daarna ben ik gaan betalen en ik zag de juffrouw van de receptie naar me kijken, toen ik me stond uit te dossen. Geen wonder, ze ziet in dit hotel alleen heren in strak pak, dus dan ben ik wel een aparte vertoning. Ik zei dus: “Ja, ik zie er niet uit, hè? Geneer je niet, hoor, mijn vrouw zegt dat ze me zo echt niet wil zien”. Een hevige kleur natuurlijk en allerlei excuses dat ze dat echt niet gedacht had en zo. Dat was wel even leuk.

    Je merkt wel dat het land hier steeds dichter bevolkt wordt en dat we dus een grote stad naderen. Er is weinig natuur meer, de route gaat grotendeels over gewone wegen en door woonwijken. Ik denk dat dit wel zo zal blijven tot Porto.

    Enfin, ik ben gekuierd tot Mala-poste zoals ik van plan was. Ik dacht dat dat een dorp was, maar dat is het helemaal niet, er staan een paar huizen, er is een hotel met een groot restaurant erbij en dat is het. Veel keus in slaapgelegenheid had ik dus niet, dat maakte het makkelijk. En ja, het kon dus niet anders, er is niets aan te doen, maar ik zit weer in de luxe, maar ik kan erbij zeggen dat die luxe me maar € 30 kost.
    In dit hotel kun je beschikken over een Turks bad, een sauna en een zwembad. En ik heb vanmiddag over alles beschikt. Als je op het kaartje inzoomt, kun je het zwembad zien, als een witte vlek achter het gebouw. De ligstoelen kun je niet zien, maar die zijn er ook. Ik heb heerlijk gezwommen en tijdens het zwemmen ging de nagel van mijn grote teen eraf, dus hierna zal dat wel beter gaan. Voor de kenners: op de rest van mijn blessures zit Compeed, dus dat blijft gewoon zitten en kan nat worden. Het nadeel van Compeed is dat het aan de binnenkant van je sok gaat plakken en dan krijg je daar weer blaren door, maar van de verpleegkundige uit Deurne heb ik een soort verbandjes gekregen, die plak ik over de Compeed met leukoplast vast en dan gaat het beter. Zo zie je, ik verzin gewoon iedere keer iets anders, alles om maar te kunnen blijven lopen.

    Ik weet nog niet goed wat ik morgen ga doen. Het is nog 27 km naar Porto en ik heb 3 mogelijkheden. Er is na 13 km een plaats waar ik kan overnachten, maar 13 km is niet veel. Dus ik kan stoppen na 13 km, of ik kan in die overnachtingsplaats een taxi nemen en naar Porto rijden, of ik kan doorlopen en een taxi nemen als ik niet meer verder kan. Zie je, het leven van een pelgrim is echt niet zo makkelijk, hoor, ook al zit je dan in een goed hotel. Ik bedoel maar, je moet af en toe nadenken en dat valt met de warmte echt niet mee.

    Over de warmte gesproken: ook wat dat betreft moet ik er 2 meningen op na houden. Als ik op mijn luie gat naast het zwembad lig, is het een zeer aangename temperatuur hier. Als ik tegen een berg op moet klauteren met 15 kg op mijn rug is het heet.
    Ja, het is vermoeiend, dat gedenk, ik ga maar snel naar de bar nu om iets te drinken.

    Sat
    11
    Sep '10

    Loon naar gerechtigheid

    routekaartje

    Vanmorgen ben ik om half acht vertrokken en heb tot een uur of 12 lekker gelopen. Toen ging het wat moeizamer, want niet alleen dat die open plekken dan weer gaan opspelen, maar ook de grote teen van mijn linkervoet begon op te spelen. Daar heb ik nu flinke blaren en de nagel is bijna los. Maar dat hoort meer bij de ‘gewone’ ontberingen, dat heb ik wel vaker gehad. Dicky, de Nederlandse vrouw uit Deurne, is verpleegkundige en zegt dat ik gewoon elke dag een paar paracetamolletjes moet nemen. Daar gaat het niet van over natuurlijk, maar dan heb ik er minder last van. Eigenlijk best wel een goed idee.

    Het was een hele mooie route vandaag, ik liep vaak door eucalyptus- en dennenbossen. Ik liep veel over de Via Romana, dat is een oude Romeinse weg. Op sommige stukken zie je daar niets meer van, is het geasfalteerd en zo, maar sommige stukken zijn nog intact, daar liggen de oude keien nog gewoon op de weg. Dat loopt wel moeilijker, maar het is wel erg leuk om er dan ook over te lopen. Die Romeinen hebben toch prachtige wegen neergelegd, waar ik honderden jaren later nog over kan lopen.

    Tegen 2 uur vanmiddag naderde ik Olivera de Aziméis, de bestemming van vandaag. Weer een etappe verder. De laatste 2 km ging de weg echt steil omhoog. Er waren Spanjaarden op de fiets, die konden niet op de fiets blijven en moesten dus ook lopen. Zo liepen wij gezamenlijk puffend de steilte op en besloten eendrachtig, dat we bij de eerste de beste slaapgelegenheid zouden stoppen, kon ons niet schelen hoe die eruit zag.
    En ja…. jullie voelen het alweer aankomen, dat was dus een 4 sterren hotel. “Kan mij wat schelen”, dacht ik opstandig en stapte naar binnen om te kijken of er nog een kamer voor me was.
    Die was er nog en toen ik de vraag: “Hebt u soms een credencial?” (dat is mijn kaart met stempels) met ja kon beantwoorden, kreeg ik de kamer voor de helft van de prijs. Dus nu heb ik voor een zacht prijsje een prachtige kamer. Dat noem ik nu loon naar gerechtigheid. Je loopt in de blaren, maar de beloning is er ook naar.

    Na het wassen en douchen moest ik naar de apotheek om een nieuwe voorraad in te slaan. Nou is hier de apotheek op de meest onmogelijke tijden open, alleen op zaterdagmiddag bleken ze allemaal ineens dicht te zijn. Terug naar het hotel en daar wisten ze een apotheek d’ urgence, alleen moest ik daarvoor wel naar het andere einde van de stad wandelen.
    Zonder pleisters en andere attributen kan ik niet. Jullie zouden me eens moeten zien bij de voetverzorging. Ik lijk wel een oud wijf met alle pleisters, zalfjes en verbandjes om me heen. Doet er niet toe, als ik het maar haal. Dus de stoute (in dit geval meer zere) schoenen weer aangetrokken en de wandeling gemaakt. Op de terugweg naar het hotel zag ik ineens mijn Deurnese vrienden voor me uitlopen. Dan kun je natuurlijk niet zomaar “Goedemiddag” zeggen en doorlopen, ik hoop dat jullie dat begrijpen.
    Dus dat werd weer een terrasje en ik moet zeggen dat je daar goede gesprekken kunt voeren, als je tenminste iets te drinken hebt.
    We hebben daar dus strategisch alle wereldproblemen grondig zitten doornemen. Gery zegt dat dit een sjieke uitdrukking is voor ‘ouwehoeren’ en ik geloof dat zij daar gelijk in heeft. Maar gezellig is het wel!

    Met of zonder zere voeten, met of zonder pleisters ……… ik red me en geniet ervan!

    Fri
    10
    Sep '10

    Het plezier straalt eraf

    routekaartje

    Zo, ik ben weer aardig over mijn dipje heen, want het lopen doet niet zo zeer meer als een paar dagen geleden, alleen de laatste kilometers zijn zwaar. Het Nederlandse stel uit Deurne schijnt vanmorgen achter me gelopen te hebben, want de man zei me: “Als ik jou zie lopen, straalt het plezier er gewoon af. Wat loop jij toch soepel en makkelijk”. Ik herhaal: dat was vanmorgen. Dus ik heb hem uitgelegd dat ik ‘s morgens wel makkelijk liep, maar dat ik ‘s avonds het bloed in mijn schoenen heb. Misschien een beeetje overdreven, maar mag ik? Ik zeg ook: “Tegen jullie ga ik klagen, dan hoef ik het vanavond eens niet tegen mijn vrouw te doen”.

    Weet je wat ook heel goed helpt tegen een dipje? Ik leg het even uit: Het is fantastisch weer, precies goed! Ik zit hier nu op een terrasje in Albergaria onder de palmen, uit de zon, want in de zon is het een beetje te warm. Voor me staat een halve liter bier, waar ik slechts € 1 voor hoefde te betalen, en af en toe neem ik een slokje. En weet je wat dan ook nog helpt? Dat Gery me meldt dat het in Zaandam regent en dat ze de verwarming aan heeft. Wie heeft er dan nog last van een dipje?? Arme jullie!

    Ik vind Portugal een heerlijk land. Overal zie ik nog steeds heiligen op tegelplateuas aan de huizen. Erg mooi, ik geniet er heel erg van. Het meest zie ik Maria van Fatima uiteraard en Antonius van Padua. Antonius is er voor de kinderen, dus logisch, want in die huizen wonen veel gezinnen natuurlijk. Bovendien heet Antonius wel van Padua, maar komt hij oorspronkelijk uit Lissabon.

    Behalve dat alles goedkoop is in dit land, vind ik het heerlijk dat mensen niet zo’n humbug hebben hier, het zijn niet van die druktemakers. Op de TV zie ik de politici en dat zijn ook niet van die schreeuwers. Ik versta natuurlijk niet wat ze zeggen, maar ze lijken rustige mensen.
    Wat het eten betreft, is het hier echt veel en veel beter dan het eten in Spanje. Bijkomend voordeel voor mij als pelgrim is dat ze vroeger eten dan in Spanje. Dus dat is mooi meegenomen. Verder weet ik niet welk land leuker is: Spanje of Portugal. Daar zal ik ernstig over nadenken als ik in Spanje ben. Te zijner tijd horen jullie dan de uitslag wel van dit diepgaand onderzoek.

    Ik zit hier in een zeer eenvoudig hotel met badkamer en wc op de gang. “Residencial” noemen ze die hier. Mij maakt het niet uit, luxe is leuk, maar dit is ook prima. De pelgrims uit Deurne zitten hier ook, dus vanavond zullen we wel met elkaar eten.

    O, ik zie dat mijn halve liter op is, ik denk dat ik nu nog maar even een tweede halve liter ga nemen!

    Thu
    9
    Sep '10

    Caminogevoel

    routekaartje

    Met enige trots zeg ik: “Ik ben weer 25 km verder gekrabbeld”. Toen ik vanmorgen net vertrokken was, liep k op het trottoir, dat hier hoog is, dus je moet een grote stap maken. Op de weg liepen een stuk of vijf dames, allemaal boven de 55 schat ik. Fatimagangers, gehuld in groene hesjes. Die moesten ook de hoge stoep op en dat gaf heel wat zuchten en moeilijkheden. Een van hen kon het been maar niet hoog genoeg krijgen.
    Ter demonstratie dat ik wist wat ze voelden, ben ik toen zeer overdreven gaan kreupelen en met mijn been gaan trekken. Nou, toen waren we meteen dikke vrienden: het was het feest der herkenning! Konden we gezamenlijk ach en wee roepen.

    Het was een leuke route vandaag en het ging allemaal, dus wie doet je wat. Alleen het laatste stukje ging door industrieterreinen, dus dat was minder leuk, maar ja, je kunt niet alles hebben.

    Aardig is dat ik nu steeds meer pelgrims tegenkom, op weg naar Santiago. Iedereen verbaast zich er ook over waar die nu ineens vandaan komen, want de anderen hebben voor die tijd ook niemand gezien.
    Het aardige is dat ik nu weer echt het ‘Caminogevoel’ krijg, als ik zo medepelgrims zie. Op de een of andere manier is dat toch een ander gevoel dan gewoon wandelen.
    Ik ontmoette vanmorgen een Frans Canadees paar, gezellige mensen. Onderweg ben ik hen twee keer voorbij gelopen en beide keren zaten ze uitgebreid op een terras naar iedereen te wuiven. Ik zei haar dat ze daar zat als ‘la Reine de Canada’ en dat vond ze wel mooi. “Ik ben bijna even oud”, zei ze.
    Met het Nederlandse stel uit Deurne heb ik vanmorgen koffie gedronken. Zij lopen veel harder dan ik, maar aan het einde van de dag zag ik ze voor me uit lopen. Ik denk dat ze veel rustpauzes nemen. En Spaanse Benjamin gaat ook niet zo hard, die zie ik ook vaak op een terras. Dus de stemming zit er weer in.

    En de andere kant op zie ik nu een heleboel pelgrims naar Fatima, de ‘concurrenten’ zogezegd. Als ze je tegenkomen, kijken ze ook een beetje zo: “Je gaat de verkeerde kant op”.
    Het is duidelijk een andere pelgrimage naar Fatima dan naar Santiago. Hoe precies weet ik ook niet, maar naar Fatima lopen ze meestal in groepen en met hele families tegelijk. Ik kwam een meisje in een rolstoel tegen, omringd door een hele familie. Ik weet niet goed wat ik ervan denken moet, ik vond het een droevig gezicht zoals ze daar dapper liepen te stappen. Ik ben toch blij dat ik het gezien heb, nu weet ik tenminste waarnaar ze op weg zijn en al vond ik het dan een kermis, wie ben ik? Deze mensen gaan er niet voor niets heen, zij vinden er kennelijk iets.

    Ik denk dat je het verschil tussen beide pelgrimages zo zou kunnen omschrijven: Pelgrims naar Fatima gaan voor het doel, pelgrims naar Santiago gaan voor de weg.
    Omdat Fatimagangers voor het doel gaan, kiezen ze ook geen mooie route uit of zo. Ze lopen bijna allemaal langs de snelweg, vandaar die groene hesjes. Een beetje door de bossen lopen of een omweg maken vinden ze onzin. Als je hen de weg vraagt, sturen ze je ook meteen naar de snelweg.
    Zo zie je maar, de ene pelgrimage is de andere niet. Jullie zien, vandaag heb ik weer eens lopen filosoferen.

    Maar goed, ik ben nu hier in Agueda en zit in een spiksplinternieuw hotel, dat nog niet eens in de gids staat. Het ziet er prima uit, er is alleen geen restaurant bij, dus ik moet buiten de deur eten vanavond. Nou ja, ook geen punt, ik kuier straks op mijn gemak naar de stad, moet toch tandpasta en wasmiddel hebben.

    En hoe dan ook, ik nader Porto. Het schijnt daar volgende week, als ik aankom, aardig warm te worden, temperaturen van zo’n 30 graden. Ach, als je bij 40 graden niet omgevallen bent, zal het met 30 ook wel lukken. Eerst proberen in Porto te komen. Het Nederlandse stel stopt daar, die hebben vorig jaar het stuk van Porto naar Santiago gelopen. Ik kijk per dag hoe het gaat, maar blijf natuurlijk hopen dat ik het haal. We zien wel!

    Wed
    8
    Sep '10

    Meer pelgrims

    routekaartje

    En ziehier, toch weer bijna 25 km gelopen vandaag. Het ging wel redelijk eigenlijk, alleen de laatste kilometers waren moeizaam. maar goed, ik ben weer een stukje verder.
    Ik zal even duidelijk uitleggen wat er aan de hand is. Kijk, nieuwe schoenen kopen, zoals je je voorstelt, Marion, is de meest logische oplossing en dat zou ik zeker ook gedaan hebben, maar omdat ik een enkel heb die niet goed meer is, heb ik aangepaste schoenen en daar zit dus allemaal ijzer in verwerkt om steun te geven. Als ik andere schoenen koop, krijg ik last van mijn enkel en dan kom ik helemaal niet meer vooruit, dus dat is inderdaad geen optie.
    Het andere probleem is dat alle verbanden, pleisters en weet ik wat al niet meer, niet goed blijven zitten. Ik ben zo langzamerhand een wandelende apotheek en het spul dat ik heb verzameld, is allemaal goed spul. Ik heb ook iets dat wat dikker is, dus een soort kussentje kan vormen. Dus ik smeer eerst flink met betadine, dan zo’n ‘maandverbandje’ erop. Flink vastzetten met pleisters. Dat zit dan allemaal mooi, maar tijdens het lopen, schuiven de pleisters naar boven en daar heb je er niet veel aan, en wordt het kussentje een dikke prop, en dan wordt het middel bijna erger dan de kwaal. Elke avond en ochtend zit ik te verzinnen hoe ik het anders kan doen, want als alle geneesmiddelen zouden blijven zitten, was het leed grotendeels geleden. Het geneest namelijk wel, dat is het punt niet, maar elke avond na het lopen is het weer open. Vanavond zaten de pleuisters in mijn sok geplakt en mijn sok vast aan de wond.

    Maar genoeg gezeurd, ik ga voorlopig nog door. Zoon Marnix stelde al voor dat ik lekker een auto zal huren en verder vakantie houden, maar nee, zo is ome Theo nou ook weer niet. Voorlopig ga ik het morgen nog weer een dagje proberen. Zo scharrel ik elke dag een stukje verder.

    Maar niet getreurd, vandaag ging het voor het grootste deel van de dag echt wel redelijk en het was een erg leuke route, waar ik echt van genoten heb. Veel asfalt, maar dat is nu wel lekker voor mij en ik kwam steeds door leuke dorpjes. Het was gewoon een gezellige route.

    En…. ik ontmoette vandaag de eerste pelgrims onderweg naar Santiago de Compostela. Een Nederlands stel, dat veel harder loopt dan ik, maar dat geeft niet, en Benjamin, een grote Spanjaard. Dus dat is heel gezellig.
    Het is wel grappig, ik weet niet waar ze ineens vandaan komen, want ik had ook geen pelgrims in tegenovergestelde richting, dus op weg naar Fatima, gezien, en vandaag waren ze er ineens. Hele groepen, soms een groep met begeleiders. Ze dragen allemaal een groen hesje, zo’n ding dat bij ons motorrijders en wegwerkers dragen. En daar lopen ze dan, op gympies, op sandaaltjes en met van die pretrugzakjes met 1 of 2 kg ballast. Vaak ook worden ze begeleid door auto’s die de bagage vervoeren. Logisch natuurlijk, het zal hier wel net zo zijn als in Spanje: je hoeft niet zo ver en het is goed voor je ontwikkeling of carrière.

    Maar het is wel leuk, hier leeft het pelgrimeren toch weer meer dan in het zuiden. Heel veel mensen wensen je ook “Bon Viagem”, dus een goede reis.

    Nu zit ik hier van alle gemakken voorzien in een Best Western hotel in Mealhada. De kamers zijn allemaal huisjes in de tuin met alles erop en eraan. Dus ik zit hier goed. Het ligt wel een eindje buiten het dorp, dat is het enige nadeel. Er is ook een restaurant, maar hier in de omgeving stikt het van restaurants, groot en klein. ook onderweg kon ik vandaag overal eten en drinken. Dus wel een heel verschil met het begin.

    Ik ga eerst lekker douchen en dan op mijn gemak eens rondkijken waar ik ga eten. De specialiteit van deze streek is een biggetje van een maand oud aan het spit. Eerlijk gezegd trekt dat me nog helemaal niet aan. Nou ja, ik zal wel zien, dat komt heus wel goed.

    Jullie allemaal erg bedankt voor alle meeleven, zowel bij de leuke als minder leuke dingen. Het wordt hier heel erg gewaardeerd, wees daar zeker van!! Tot morgen, dan ga ik weer met frisse moed op stap.

    Tue
    7
    Sep '10

    Nog een dag proberen

    Vanmorgen was ik echt de toerist en heb Coimbra bezocht. De stad ligt wel 150 meter hoger dan de omgeving, dus het is behoorlijk klimmen. Ik heb de kathedraal bekeken en wat wel erg leuk was: Als pelgrim werd ik persoonlijk rondgeleid. Ik kreeg ook een foldertje en ontdekte zelfs nog een foutje. Er zijn namelijk 2 graven in de kerk van bisschoppen: van een Portugese bisschop en van een bisschop uit Santiago de Compostela. Op één graf stonden duidelijk de Jacobsschelpen, maar volgens de folder was het het graf van de Portugese bisschop. Toen ik mijn begeleider vroeg of het niet andersom moest zijn, keek hij me peinzend aan en dacht dat ik gelijk had! Ja, je bent pelgrim of niet en ik moet Jacobus gunstig stemmen (vanwege dat duwtje in de rug, Brabantse Theo). Bij de kathedraal was ook een klooster: entree € 2, maar ……. een pelgrim hoeft niet te betalen! Dat zijn toch aardige dingen als je dat meemaakt. Natuurlijk niet vanwege die paar euro’s, maar door het gebaar.
    Overal zie je hier fabelachtig mooie tegeltableaus. Echt schitterend zijn die, ons Delfts blauw haalt het er niet bij. In de kerken heb ik meestal blauwe tableaus gezien, maar op de huizen zie je ze in de prachtigste kleuren. Werkelijk schitterend.

    Ik heb bij de schoenmaker ook mijn schoenen weer opgehaald en aangetrokken. Hij heeft er echt zijn best op gedaan en ze zelfs gepoetst, maar ze deden niet veel minder zeer. Ik bedoel natuurlijk niet dat die schoenen zeer deden, maar wel mijn voeten erin. Dus ik dacht: “Nou, dat was het dan, ook dat helpt niet, ik stop ermee”.

    Tussen de middag heb ik bij een Italiaan gegeten en ik heb er echt heerlijk gegeten en toen sprak ik mijzelf toe: “Theo, wat zit je toch te zeuren over die voet, guttegut!” Niet dat het toen ineens niet meer zeer deed, maar ja, opgeven is toch ook moeilijk, hoor. Het is natuurlijk niet echt erg, alleen wel jammer. Dus besloot ik toch nog maar eens te gaan oefenen. Ik zag dat de route die ik moet gaan lopen langs het station gaat, dus ik ben als oefening naar het station gaan lopen. Ik dacht: “Als ik terugga, moet ik toch ook weten wanneer er een trein gaat, dus dan weet ik dat ook meteen”.

    Ik ben heen en terug naar het station gelopen, in het geheel bijna 2 uur en ik had het idee dat ik toch iets meer ruimte in de schoenen heb. Niet dat ik nu als een hinde door de straten van Coimbra danste, lang niet, maar het ging toch redelijk.
    Dus ik heb besloten het in ieder geval nog een dag te proberen. Gaat het niet, dan gaat het niet, maar ik wil het toch nog een dag proberen. Dan hoef ik achteraf in ieder geval niet te denken: “Had ik het nou toch nog maar een keer geprobeerd”.

    Voor de verandering heeft het hier gisteravond flink geregend en vanmorgen tot een uur of één ook nog. Daarna is het droog geworden en heerlijk weer, een graadje of 22, flink wat zon en af en toe een wolkje. De ergste hitte is dus over en als ik hoor wat een weer het bij jullie is, ben ik nog niet echt verlangend om in het vliegtuig naar huis te stappen, dus ik doe mijn best morgen!!

    Mon
    6
    Sep '10

    Het komt door je schoenen

    Zoals ik me gisteren heb voorgenomen, zo heb ik vandaag mijn plan uitgevoerd. Om half 11 vanmorgen kwam de taxi voor mijn sjieke hotel rijden en bracht me naar Coimbra.
    Daar ben ik eerst op zoek gegaan naar een schoenmaker en die heb ik ook gevonden. Hij begreep het probleem in ieder geval, zette overal kruisjes op mijn schoen en meldde vervolgens dat ik ze morgen om 12 uur weer op kan halen. Dus dat is in ieder geval iets.

    Omdat ik onder de nagel van mijn grote teen allerlei bobbeltjes zag verschijnen, dacht ik wijs: “Weet je wat, laat ik nou de wijze adviezen van iedereen opvolgen en even naar een dokter gaan”. Wist ik veel……..

    In het hotel, waar ik zit, heb ik dus het adres van een dokter, een ‘clinica’ gevraagd. Gewapend met het adres dus op zoek, een beetje zoeken en nog een beetje zoeken, maar uiteindelijk vond ik het adres. Dus ik naar binnen en daar zaten al heel veel mensen te wachten.
    Bij de balie werd me verteld dat ik helaas niet geholpen kon worden, want… er waren geen dokters aanwezig. Ik kon beter naar de Eerste Hulp van het Universiteitsziekenhuis gaan, werd gezegd.

    Dat vond ik wel een slim plan, dus ik snelde in een taxi (nog nooit zo vaak in een taxi gezeten als deze weken) naar het Universiteitsziekenhuis. Nou, daar heb ik zo het een en ander beleefd. Gery kijkt vaak naar ER, een ziekenhuis-soap van een ziekenhuis in Amerika. Nou, ik zat nu in een ziekenhuis-soap in Portugal.

    Om te beginnen kwam ik uiteraard in een wachtkamer terecht. Logisch natuurlijk, alleen bleek dat het de wachtkamer was, waar je moest wachten tot je ingeschreven werd. Daar begon een probleem, want toen ik aan de beurt was, kreeg het meisje mijn Hollandse gegevens niet in de computer. Dus de een na de ander kwam erbij, want het moest natuurlijk wel opgelost worden. De rij achter me werd langer en langer, ik wachtte geduldig. Uiteindelijk werd het probleem opgelost en mocht ik naar de portier.
    De portier stuurde me onverbiddelijk rechtsaf naar wachtkamer 2. Daar zaten natuurlijk ook weer veel mensen. Dus ik ga weer braaf zitten wachten. Kijk, in een ziekenhuis ben ik nooit zo’n held en denk al gauw bij mezelf: “Houd je koest, straks houden ze je nog hier”.

    Uiteindelijk werd het wachten beloond, want er kwam een mooi, fris, jong meisje blij kijkend naar de wachtkamer. Toen werd er een hele groep van zo’n man of acht, tegelijk opgeroepen, waaronder ik. Allemaal mensen die iets aan been of voet hadden, dus de een kreupelde al meer dan de ander. Zo hobbelden wij gedwee achter dat aardige meisje aan. Het leek wel een processie met het meisje als engel voorop. Het bleek dat wij allen, kreupelen, voor een en dezelfde dokter, een orthopeed, bestemd waren, dus werden wij …… naar wachtkamer 3 gebracht.

    Dat zou zo erg niet zijn, als het niet zo was dat wachtkamer 3 uitkeek op de zaal waar mensen behandeld werden, dus ik zag de ene vreselijke wond na de andere voorbijgaan. Aangezien ik geen held ben, kreeg ik het, bij het zien van al die ellende, steeds benauwder. Niet alleen dat je dat allemaal ziet, maar dat alles wordt dan ook nog eens vergezeld van gekreun, gehuil en geschreeuw. Eerlijk, waar, ik heb verscheidene keren op het punt gestaan snel op te staan en op de vlucht te slaan. Vanwege het feit dat ik toch keurig ben blijven zitten, mag ik wel een ware held genoemd worden.

    Enfin, aan dit lijden kwam een einde toen ik uiteindelijk bij de dokter belandde. Deze sprak geen woord Engels en ik geen Portugees. Geen nood, ik ontblootte mijn voet en hield die onder zijn neus. De dokter keek en zei iets dat klonk als: “Ja, ja”. Vervolgens bracht hij mij naar…. wachtkamer 4. Na braaf daar maar weer gewacht te hebben, kwam er iemand die… bloed ging prikken en vervolgens werd er een foto van mijn voet gemaakt. Ik snapte er niet veel van, maar liet het wel uit mijn hoofd om commentaar te geven, ik kijk wel uit.

    Na deze escapade moest ik weer terug naar wachtkamer 3 en verscheen de dokter weer. En toen kwam het grote moment: “Nou”, zei de orthopeed, “de voet is niet gebroken, er is niets anders aan de hand, maar………………. het komt door je schoenen!” Kijk, je moet er heel wat voor doen, maar dan heb je ook een conclusie die klinkt als een klok! Vervolgens schreef de dokter een receptje voor een soort magnesiumpillen, die ik 3 maal per dag gedurende 10 dagen in moet nemen. De dokter zei ook nog dat ik natuurlijk niet kon lopen, maar toen ik meldde dat ik onderweg was naar Santiago de Compostela mocht ik het toch proberen. “Mooi zo”, dacht ik, “gauw wegwezen hier” en begon in ijltempo mijn sokken weer aan te trekken. Fout, fout, fout! Nee, nee, dat ging zomaar niet, ik moest eerst naar de behandelkamer!

    Daar aangekomen werd ik op een brancard gelegd en er kwam een broeder die mijn voet rijkelijk met jodium insmeerde en er vervolgens een stuk of 5 pleisters op plakte. En toen mocht ik dan toch eindelijk weg. Snel in de taxi terug naar het hotel. Ik was vanmiddag om 1 uur bij de eerste dokter en was om kwart over zes vanavond weer terug. Dus van de stad heb ik nog niets gezien. Het schijnt een leuke stad te zijn, maar wel veel klimmen.
    Nou, morgen ben ik in ieder geval nog hier en dan kan ik nog iets van de stad zien.

    Ik vind dat ik nu alles geprobeerd heb wat mijn voet betreft. Als het nu nog niet gaat, dan houdt het voor mij op. Het moet wel leuk blijven. Jammer, maar niets aan te doen.

    Sun
    5
    Sep '10

    Luxe hotel

    routekaartje

    Het was vandaag een heel mooie route door dalen en rivierbeddingen. Dus dat was prima, het weer was ook prima. Ik heb 13 km gelopen, toen ben ik gestopt in Conimbriga. Dit is een heel klein dorpje met een enorme opgraving van een Romeinse stad. Dat wilde ik natuurlijk zien, maar ik dacht slim te zijn. Soms echter denk je wel slim te zijn, maar blijkt dat achteraf niet het geval en zo was het ook nu. Ik dacht namelijk: “Ik ga eerst een hotel zoeken, zodat ik mijn spullen weg kan zetten en dan daarna naar de opgraving”. Het idee was puik, alleen bleek het hotel 3 km verderop te liggen en om de opgraving te bekijken, moest ik dus later weer 3 km heen en terug.
    Als troost is het hotel lekker luxe: een mooie kamer, een badkamer met bad en douche, airco, een zwembad, minibar, etc. Dus ik heb mezelf verwend.
    Met mijn voet gaat het niet veel beter, maar ik heb een besluit genomen: morgen neem ik een taxi naar Coimbra, dat is een grote stad en daar is vast wel een schoenmaker te vinden. Ik ga in ieder geval proberen er een te vinden die mijn schoenen kan ‘uitdeuken’. Het is in ieder geval het proberen waard.
    Gery raadde me al aan een stuk uit die schoen te snijden, maar dat is natuurlijk weer een echte ‘vader Groot” -oplossing. Als ik dat doe, krijg ik waarschijnlijk weer rare randen die wonden veroorzaken. Dus daar waag ik me nog maar even niet aan.

    Na dit kloeke besluit ben ik toch maar naar de opgraving gegaan. Het zijn wel handige mensen hier, want om daar te komen, moet je door een park wandelen. Alleen mag je daar niet in zonder toegangskaartje en dat kaartje moet je halen in het museum een kilometer verderop. Dus zodoende kom je vanzelf ook eerst in het museum.
    Enfin, eigenlijk viel toen de opgraving een beetje tegen. ik zag wel allerlei muurtjes en zo, maar er was nergens een uitleg of een tekening hoe het eruit had gezien. Ik kon me er niet veel bij voorstellen.

    Ik heb niet eens tijd gehad om een dutje te doen en mijn kleren te wassen en zit nu in een supermarkt verslag aan Gery uit te brengen. Dus sorry, maar de plicht roept!

    Sat
    4
    Sep '10

    Opgesloten

    routekaartje

    Om eerst even de vraag van Ton te beantwoorden: de restaurantbaas van gisteren heet Saolo, alleen ben ik bang dat dit zijn voornaam is, dus veel wijzer zul je er niet van worden.
    Maar goed, ik heb gisteravond nog een uiterst aangenaam gesprek in het Frans met hem gevoerd, ik kan wel zeggen, economisch onderlegd, daar kan menigeen nog iets van leren. Het gesprek eindigde ermee, dat ik om 11 uur ‘s avonds met mijn voeten in een bakje zout water zat en dat iedereen zich ach en wee roepend over mijn beschadigde voeten boog. Wat zijn mensen toch ontzettend aardig.

    Vanmorgen ben ik weer met frisse moed van start gegaan. Het is nu mooi weer, warm, maar niet meer zo verschroeiend heet, hier kan ik goed tegen. Dus dat zit mee. In het begin viel het lopen niet mee, ach, ach, wat ging dat moeizaam, maar toen ik een tijd gelopen had, ging het wat soepeler. Dus ik heb vandaag 18 km gehaald. De laatste 2 km vielen weer niet mee, maar ik heb niet in de bus gezeten.

    Het advies om naar de schoenmaker te gaan is natuurlijk prima, alleen ben ik tot nu toe nog geen schoenmaker tegengekomen. Wel een zadelmaker, maar die wist er geen weg mee. En ‘uitdeuken’ zal wel niet meevallen, want er zit allemaal ijzer in die schoen. Enfin, we zien wel.
    Ik zit nu hier in een kamer in het cultureel centrum in Rabacal. Het is een mooie kamer met een badkamer erbij. De beheerder spreekt alleen Portugees, dus hij hield een heel verhaal, waar ik niets van begreep, maar volgens mij legde hij uit dat er nog meer mensen komen, die op de kamer moeten slapen. Geen punt natuurlijk, ik zal wel merken of ik het goed begrepen heb.

    Na de dagelijkse opknapbeurt, dacht ik “Tijd voor een lekker pilsje en een bezoek aan het museum”. Dat is een Romeinse villa en daar schijnen nog prachtige mozaïeken te zien te zijn. Dus ik stap welgemoed naar de uitgang om tot de ontdekking te komen dat de voordeur op slot zit en ik geen sleutel heb van die deur. Ik heb meerdere sleutels, dat wel, maar de goede zit er niet bij. Ik zit dus opgesloten en er is niemand te bekennen.
    Na een tijdje arriveren er 2 nieuwe gasten, die er graag in willen, maar ja, door een deur die op slot zit, loopt het zo moeilijk. Het zijn mijn Spaanse medegasten, zij bellen naar de beheerder, die begrijpt wat ze bedoelen, en dan staat er binnen 10 miuten een mevrouw met de goede sleutel.

    Ik ben bang dat het nu te laat is voor het museum, want eerst een pilsje natuurlijk, je moet je prioriteiten weten te stellen! En dan het dagelijkse verslag doorgeven aan het thuisfront, anders wordt het erg laat en breekt daar paniek uit.
    Jullie zien, ondanks mijn eigen ontberingen denk ik echt nog wel aan jullie thuis, hoor.
    Ik hoor echter dat er nog steeds geen regering is en dat de boel weer uit elkaar gevallen is, dus dan blijf ik nog maar even weg. Hoewel, hier is het niet veel beter, er is ook constant gedoe hier.

    O, daar slaat de klok. In de kleinere dorpen hebben ze voor het klokgelui een prima oplossing bedacht. In de toren hangen wel klokken, maar elk half en heel uur (in sommige dorpen ook nog elk kwartier) wordt er een bandje met klokgelui afgedraaid. Op elke hoek van de toren staat een enorme luidspreker, dus het kabaal is oorverdovend!

    De route van morgen is weer ruim 30 km, maar die ga ik in tweeën delen. Ik schijn onderweg ergens een slaapplaats te kunnen vinden.

    Fri
    3
    Sep '10

    Voor het eerst in de lange broek

    routekaartje

    Nou, hier dan een berichtje van mij nu ik toch in de Bibliotheca van Ansiao zit, gezellig tussen allemaal tieners, die spelletjes zitten te doen omdat het nog vakantie is hier.

    Ik was vanmiddag op tijd in mijn kamertje omdat ik vandaag maar 15 km gelopen heb. Vanmorgen ben ik om 8 uur gestart in de mist en …. kou en daarom heb ik voor het eerst in de lange broek gelopen. Heel even maar, hoor, want een uur later stond de zon alweer vlammend aan de hemel. Dus… weer insmeren (ja dat doe ik tegenwoordig) en pet op, want ik heb een heilig ontzag gekregen voor de zon. Zij heeft mij klein, heel klein gekregen. Maar goed, het is mooi weer, dus ik mag niet klagen.

    Dat deed ik wel na ongeveer 10 km, want mijn linkervoet ging weer behoorlijk opspelen. Maar….. toch niet zo erg als eergisteren. Nou heb ik ook minder gelopen natuurlijk, maar toen ik het verband vernieuwde bleek inderdaad dat het bovenste plekje bijna dicht was gebleven. Misschien gaat het andere ook wel weer een beetje dicht, dat hoop ik tenminste. Want ik ben heel blij met alle lieve en goedbedoelde adviezen, maar feit blijft dat de schoenen gewoon ergens knellen. En daar kan ik zo snel geen oplossing voor vinden onderweg. Maar ik ben wel echt blij dat iedereen zo meedenkt.
    Ik moet tegelijk ook bekennen dat ik onderweg een heel klein mannetje ben, dat alleen maar aan zijn voet denkt. Maar dat wil ik niet, want daarvoor is deze hele reis me veel te lief. Ik geniet van het gerommel in alle talen met de Portugezen die heel aardig zijn. En vandaag heb ik mijn eerste medepelgrims ontmoet. Weliswaar waren het 4 Italianen, maar toch. Zij zijn op de fiets onderweg naar Santiago de Compostela en moeten nog 5 dagen. Verdere wandelaars zie ik nog steeds niet. Ook zie ik geen pelgrims onderweg naar Fatima. Die zouden massaal langs de weg moeten lopen in omgekeerde richting dan, maar ik heb ze nog niet gezien.

    Ik ging net hier in Ansiao naar het Centro Cultural. Ik heb 3 keer de weg gevraagd, maar 3 keer verstonden de Portugezen mijn mooie Portugees niet. Snap je dat nou? Maar goed, ik kwam er en voor de deur zat een meisje met een laptop op haar knieën en een donkere jongen naast haar, die ze Engels aan het leren was. Nou, dan maak je zo een praatje en blijkt dat het meisje uit Kroatië komt en hier 4 weken vrijwiliigster is in een kamp voor vluchtelingen uit Afrika. De donkere jongen kwam uit Nigeria. Ik vroeg of er binnen een PC was, maar nee, dan moest ik naar de Bibliotheca.
    Daar zit ik dus nu en omdat ik op de PC wilde, werden 2 meisjes door de Portugese mevrouw die hier de scepter voert, onverbiddelijk weggestuurd. Het Kroatische meisje kwam ook weer binnen en toen hebben we nog een gezellig gesprekje gevoerd, alledrie in een taal die niet de onze was.

    O ja, de baas van het restaurant waar ik slaap is vroeger coureur geweest en heeft in dezelfde
    jaren de Tour de France gereden als onze Joop Zoetemelk. Hij begroet mij nu ook
    steeds met “Ola, senor Zoetemelk”, wat hij dan ongeveer uitspreekt als ‘Zwoeétemelk”.
    Dus ik zit hier goed. Ik heb een kamertje boven een restaurant en toen ik hier aankwam, zag ik zoveel mensen uit het restaurant komen, dat het wel goed moet zijn, dus vanavond ga ik er eten.
    Morgen moet ik 20 km lopen, dus ik ben benieuwd hoe het zal gaan. Nou ja, gaat het niet, dan maar weer het laatste stuk, gezeten op mijn achterste. Het is niet anders.

    Thu
    2
    Sep '10

    Zere voet

    routekaartje

    Vandaag heb ik 23 km gelopen en het laatste stukje naar Alvaiazere heb ik weer een taxi genomen. Het was een mooie route met veel eucalyptusbomen, dus een beetje schaduw. Het was vandaag ook iets minder warm.
    Onderweg heb ik niemand gezien. Toch vertelde de mevrouw in het caféetje waar ik iets gedronken heb, dat er elke dag wel 1, 2 of 3 pelgrims langskomen. Vaak op de fiets, dat wel.

    Jammer alleen is dat het met mijn voet niet beter gaat. De plekken zijn weer open en het doet zeer als ik loop. En als je de hele dag met pijn in je poten loopt, gaat de lol er wel een beetje af. Tenslotte doe ik deze tocht voor mijn plezier, het is geen aangenomen werk. En iedere keer het laatste stuk met de taxi moeten, is toch niet leuk.
    Het plekje waar ik vorige keren last van had, blijft nu gewoon keurig in orde, daar heb ik geen last van. Maar deze plekken zitten op een plaats waar de pleisters en zo ook niet goed blijven zitten. Tijdens het lopen verschuift de boel en dat zou niet moeten natuurlijk. Ik heb het idee, dat de schoenen iets te nauw zijn als ik een stuk gelopen heb. En dan gaat het schuren of zo. Nou ja, wat precies weet ik ook niet, maar het is wel jammer.

    Ik loop dus goed na te denken, daar heb je wel tijd voor op zo’n dag en ik ben nu van plan om in rustig tempo nog een paar dagen door te lopen tot ik in Coimbra ben. Afhankelijk van de toestand van mijn voet besluit ik daar of ik door kan lopen of dat het beter is om te stoppen en naar huis te gaan.
    Het zou wel jammer zijn, want dat is echt het enige waar ik last van heb, verder gaat het uitstekend met me en ben ik in hele goede conditie. Maar goed, het betekent ook niet het einde van de wereld, tenslotte loop ik niet voor de eerste keer naar Santiago. En dat hoort er natuurlijk ook bij, een pelgrim moet ook met teleurstellingen leren omgaan!

    Voorlopig zit ik nu weer hier in Alvaiazere in een pension en heb een grote kamer en een mooie badkamer. Dus ik heb weer lekker in bad gelegen. Vanavond kan ik hier ook eten, dus ik hoef de deur niet meer uit.
    En morgen zien we wel weer verder.

    Wed
    1
    Sep '10

    Een lummeldagje

    Vandaag was het een echt lummeldagje voor me. Alles op mijn gemak gedaan. Ristig aankleden en ontbijten, hier en daar een kopje koffie drinken, meermalen in het park hier tegenover op een bankje gezeten om een sigaartje te roken, enzovoort. Veel valt er dus niet te vertellen. Ik heb voor deze nacht een andere kamer gekregen en zit nu in een luxe 2-persoonskamer.

    Ik ben ook achter de computer gekropen om de website te lezen en de reactie. Heel leuk om te lezen en ook leuk om iets van Paul te horen. Zo zie je maar, ergens kom je elkaar dan weer tegen, al is het via de website.

    Vanmiddag heb ik de synagoge bezichtigd. Het is de oudste synagoge van Portugal, maar is maar 70 jaar een synagoge geweest. Toen zijn de Joden eruit gegooid en konden vertrekken of Christen worden. Er zijn Joden Christen geworden, die werden de “Nieuwe Christenen” genoemd, maar er zijn ook veel Joden vertrokken, onder andere naar Amsterdam.
    Dat is wel grappig, want later kom je dan allerlei giften tegen, zoals bijvoorbeeld Delfts blauwe bordjes en tegeltjes, die geschonken zijn aan deze synagoge door de Portugese Joden in Amsterdam.
    Verder kwam in deze synagoge ook Abraham Zacuto. Niet bekend? Nou, dat is de man die de kaarten getekend heeft voor Vasco da Gama, zodat deze met behulp van die kaarten Amerika heeft ontdekt.

    Morgenochtend krijg ik om half zeven al ontbijt, zodat ik vroeg weg kan. Ik ben benieuwd hoe mijn voet het dan houdt en of ik het hele eind, ruim 30 km, kan lopen. De ene plek is net dicht, de ander nog wat vochtig. Kortom, mijn voeten zien er nog niet uit, dus ik ben benieuwd hoe dat gaat als ik mijn loopschoenen weer aan heb. Maar goed, na 17 km schijnt er een café te zijn en dan kijk ik of ik nog verder kan. Anders maar weer een bus of taxi. Ik zit er niet meer mee als ik niet alle kilometers lopend afleg. De afstanden per dag zijn voor mij eigenlijk net te veel, ik houd daar niet van. Voor één keer is dat niet erg, maar iedere dag vind ik niks. Maar helaas, er is geen eerdere overnachtingsmogelijkheid. Ja, je kunt niet alles hebben natuurlijk.
    Vanaf Porto gaat dat weer beter omdat ik dan weer allerlei refugio’s onderweg tegenkom. Gery riep al: “Dan ga je toch even met de bus of zo naar Porto?” Er is een bus, gisteren reed de bus naar Porto vlak voor mijn bus. Jullie zien, de verleidingen zijn vele. Maar dat ga ik natuurlijk niet doen, dan moet mijn voet er wel erg aan toe zijn.
    We zullen het zien morgen…….

    Tue
    31
    Aug '10

    Fatima

    Vraag me niet hoe, maar op de een of andere manier heb ik het kaartje van 27 augustus teruggevonden en dat staat er nu ook op.

    Vanmorgen ben ik op mijn gemak opgestaan, rustig gedoucht, wasje gedaan, ontbeten. Om 9 uur was ik weer kant en klaar, schoon en netjes. Toen ben ik de rots opgeklommen, waarop het kloostercompex van Tomar staat. Eerst is er op die plaats een kasteel gebouwd door de Moren en honderden jaren lang was dat onneembaar tot het de Portugezen met behulp van een kruisvaardersleger, dat op weg was naar Jeruzalem en wel zin had in een verzetje, erin slaagden het kasteel te veroveren. Sindsdien is het altijd in Portugese handen gebleven. Eerst hebben er de Tempeliers gewoond, die het kasteel vergroot en verfraaid hebben. Later is het het verblijf geweest van de koningen van Portugal, totdat deze verhuisden naar Lissabon.
    Daarna is het een klooster geworden, maar in de loop van de tijd kwamen er steeds kloosters bij en nu zijn er zes, met als gevolg dat er bijvoorbeeld ook 6 kruisgangen zijn. Het is in één woord schitterend! Echt adembenemend mooi, je gelooft je ogen niet. Er zijn heel veel verschillende bouwstijlen te zien: Moorse, Portugese, die van de Tempeliers. Ik heb er erg van genoten.

    Hierna heb ik een uur in de bus gezeten naar Fatima, een bekende bedevaartsplaats. In 1916 is er tot driemaal toe een engel verschenen aan 3 herderskinderen. In het jaar erna verscheen Maria aan hen maar liefst 6 keer, waarbij zij hen 3 geheimen vertelde:
    Het eerste geheim was de voorspelling van het einde van Wereldoorlog I en het begin van Wereldoorlog II.
    Het tweede geheim was de voorspelling van de Russische revolutie en de opkomst en ondergang van de Sovjetunie.
    Het derde geheim bleef echt geheim, dat wist alleen het Vaticaan. Dat zou in 1960 bekend gemaakt worden, maar dat jaar verstreek en vanuit het Vaticaan bleef het stil. Boze tongen beweerden toen dat er of geen derde geheim was, of dat het derde geheim de voorspelling van de ondergang van de Rooms-Katholieke kerk zou zijn. Pas in 2000 maakte het Vaticaan bekend dat het derde geheim de voorspelling was van de aanslag op de Paus, die toen net had plaatsgevonden. Waar of niet, ieder jaar trekken er duizenden gelovigen naar toe.

    Ik ben er nu dus ook geweest en eerlijk gezegd ben ik dan toch te Protestant. Wat een kermis. En echt waar, je ziet daar vrouwen op hun knieën naar Fatima kruipen, honderden meters. De mensen kopen er voor veel geld kaarsen om ze een paar meter verder in een groot vuur te gooien. De betekenis daarvan is me ontgaan, ik heb geen flauw idee wat de gedachte daarachter is. Verder wemelt het er van kraampjes en winkeltjes die de meest vreselijke souvenirs verkopen. Het is veel erger dan in Lourdes bijvoorbeeld.
    In Fatima stikt het natuurlijk ook van de hotels voor de bedevaartgangers. Uiteraard is er een hotel dat ‘Fatima’ heet en zijn er verder hotels die naar andere heilegen heten, maar er is ook een hotel dat ‘Halleluja’ heet en zelfs één dat ‘Viva Deus’ heet!

    Ik vind het leuk dat ik dit nu een keer gezien heb, maar een tweede keer zal ik er niet naar toe gaan. Ik moet tot kwart voor zeven op de bus terug naar Tomar wachten, dus nu zit ik op mijn gemakje achter een aards biertje te wachten.

    Verder heb ik besloten morgen ook nog een dag rust te nemen, zodat mijn voet nog een dagje rust heeft en kan helen. Ik kijk wel wat ik morgen ga doen! Jullie horen het wel weer! Dank voor de reacties en ja zussen, ik pas op mezelf.

    Mon
    30
    Aug '10

    Ik overdrijf niet

    routekaartje

    Omdat het weer een warme dag zou worden, stond ik vanmorgen om 5 uur al naast mijn bed en ben ik om 6 uur al gaan lopen. Het was nog donker zelfs. Toen was het nog goed te doen om te lopen.
    Nadat ik een poosje gelopen had, kwam er een oude man op een oude fiets met een mandje achterop voorbij. Hij stapte af om een praatje te maken en vertelde dat hij in Holland geweest was en een beetje Hollands sprak. Hij zei ook een paar woorden in het Nederlands, ik begreep er geen jota van, maar deed natuurlijk alsof. Enfin, hij fietste een stukje mee, reed soms even door, stapte dan af, ging het land in en kwam terug met een meloen of een ander stuk fruit. Dat verdween dan in zijn mandje op de fiets en zo scharrelde hij zijn kostje op. Hij bood mij ook van alles aan, maar om nou met een meloen in je rugzak te gaan lopen, dat is ook weer zowat.

    Om een uur of twaalf werd het weer goddeloos gloeiend heet. Nou denken jullie natuurlijk dat ik loop te overdrijven. Om dat nou meteen de kop in te drukken, heb ik om 12 uur aan Gery gevraagd op buienradar te kijken hoe warm het in Tomar was. Het bleef even stil en toen zei zij, met het nodige ontzag in haar stem: “VEERTIG graden!!” Ik bedoel maar.
    Na dit gesprekje ben ik nog doorgelopen naar de eerstvolgende bar. Toen had ik er ruim 20 km opzitten en ik vond het echt onverantwoord om nog verder te lopen. Je kunt de zaken ook overdrijven en dat heb ik dus niet gedaan. Na een praatje met de barman heb ik voor de laatste 10 km een taxi genomen naar Tomar. Het is echt buitengewoon warm, je ziet ook helemaal niemand meer op straat.

    In Tomar zit ik nu in een pension en heb ik een kamertje, badkamertje met een bad, minibar, tv en airco. Allemaal klein, je kunt je kont niet keren, maar alles is er en voor € 35, dus dat is prima.
    Ik heb een uitgebreid bad genomen, heb een lekker dutje gedaan, en ben daarna een grote ijs gaan eten. Vervolgens ben ik naar het toeristenbureau gegaan, heb daar de aankomst- en vertrektijden van de bus naar Fatima gekregen en de openingstijden van de burcht en het convent hier in Tomar. Ik vroeg of er een internetcafé was en toen zei het meisje: “Als u zich omdraait, kunt u beginnen”, dus dat was fijn. De kaartjes staan er weer op, alleen het kaartje van 27 augustus is er niet meer. Nou ja, kniesoor die daarover valt.

    Ik ben ook naar de apotheek geweest voor mijn voet, want ik heb nog steeds twee open plekken en dat is niet prettig. De pleisters gaan steeds los, dus dat schiet niet op zo. Beladen met zalfjes en pleisters, waarvoor ik alles bij elkaar nog geen € 10 betaalde, kwam ik de apotheek weer uit. Nou maar hopen dat dit allemaal helpen zal. In ieder geval blijf ik morgen in Tomar, dan kijk ik hoe het met mijn voet gaat. Als het nog niet veel beter gaat, neem ik misschien nog wel een dag rust. Van de plek die de vorige keren steeds open was, heb ik gek genoeg nu totaal geen last, maar nu dus wel op andere plaatsen.

    Ja, het moet wel een beetje een pelgrimstocht blijven natuurlijk, dus af en toe wat ontberingen horen erbij.
    En ik loop richting noorden, dus op een dag wordt het koeler, dat kan niet anders. Nooit gedacht, dat ik nog eens over de warmte zou klagen!

    Sun
    29
    Aug '10

    Lopen en ….. rijden

    routekaartje

    Ik wilde vandaag stoppen in Azinhaga, zoals ik me gisteren voorgenomen had, maar alles liep een beetje anders. Ik begon uiteraard weer met lopen, lopen, lopen, lopen! Marnix belde en dat was even gezellig ouwehoeren en lachen. Daarna was ik ineens de gele pijlen kwijt en dacht: “Ik ga er ook niet meer naar zoeken, ik ga gewoon over de weg naar Azinhaga”. Met behulp van de GSM de koers bepaald en in de hete zon langs de weg gelopen. Toen fluisterde de verleiding mij in: “Als er een auto stopt en de bestuurder vraagt of je mee wilt rijden, moet je dat meteen doen!” En zie, na 5 minuten stopt er een auto met een jong stel. Niet om te vragen of ik mee wilde rijden, maar de vrouw had een of ander insect in haar beha gekregen en manlief moest die eruit vissen. Toen ze mij zagen en mijn schelp op de rugzak, zei de vrouw: “O, bent u onderweg naar mij? Ik woon op de camino en zie elke dag pelgrims voorbijkomen.” Zij wonen vlak boven Porto, waren op vakantie in de Algarve, maar op de terugweg naar huis, omdat het veel te heet is in de Algarve. Ze gingen weer lekker zwemmen in water van 16 graden. Kijk, dan heb je meteen onderwerpen van gesprek natuurlijk: de hitte en de camino, wat wil je nog meer? Ik vroeg of ze geen zin had om dan zelf eens de camino te lopen, maar ze was twee keer met de auto in Santiago geweest en dat was genoeg. Aardige mensen en toen ze hoorde dat ik tot Azinhaga wilde lopen, werd ik spontaan in de auto gehesen en brachten ze me wel even, ze waren toch voor hun plezier aan het rondrijden. Dus zoefde ik 7 km over de weg tot Azinhaga, daar hebben ze me bij een café afgezet. Ja, Sint Jacob schudde zijn wijze hoofd en liet het me wel even fijntjes voelen: ik liet namelijk mijn petje bij hen in de auto liggen.

    Maar het wordt nog gekker. In het café kreeg ik het adres en telefoonnummer van een hotel, maar toen ik daar voor de deur stond, was er niemand te bekennen. Ook op mijn telefoontje kwam geen antwoord, dus ben ik weer terug naar het café gegaan. Een andere mogelijkheid om te overnachten was er niet, dus toen heb ik een taxi gebeld en me nog eens 7 km laten vervoeren naar Golega. Zo kon het gebeuren dat ik 18 km liep en 32 km ben opgeschoten. “Ach”, zei de taxichauffeur, “ik heb elke dag wel een pelgrim in de auto, dus niets om je voor te schamen”. Dat heb ik ook niet gedaan, maar wat Jacob ervan dacht? Ik wist het niet, maar kwam tot de ontdekking dat er wel hotels zijn hier, maar niet één onder de prijs van € 100 per nacht. In één hotel vroegen ze zelfs € 130 per nacht. Dat is dus in een gat als dit duurder dan in Lissabon!! Dat komt omdat het hier wemelt van hele dure paardenfokkerijen, waar dus ook hele rijke mensen op af komen. Ik vond dat toch een beetje al te gortig en nu heb ik voor een veel redelijker prijs een appartement op een mooie camping: een kamer, slaapkamer en badkamer. Dus je ziet, Jacob heeft me de niet gelopen kilometers ruimschoots vergeven. Sterker nog, hij deed ook nog een wondertje als toegift. In het hele dorp zijn de winkels dicht, behalve 1 winkeltje. In dat winkeltje kun je alles kopen dat niet eetbaar is, voor de Barendrechters onder ons: een soort ‘Anna Tas’, en laat ik nou net in dat ene winkeltje een nieuwe pet kunnen kopen!! Het is weliswaar eigenlijk een damespet, maar dat zie je niet in de wandeling.

    Hier in Golega heb ik de kerk bekeken. De kerken zijn hier vrij kaal, niet de Spaanse overdaad, maar in het koor zijn allemaal prachtige tegelplateau’s van blauwe tegeltjes, met allerlei voorstellingen. Erg mooi!
    Weer geen computer hier, maar alla, tot morgen maar weer!

    Sat
    28
    Aug '10

    Tweemaal 35

    routekaartje

    De titel wil zeggen: Ik liep vandaag 35 km bij 35 graden! Zo, dat is eruit. Ik ben om half zeven vanochtend al vertrokken, heb onderweg ontbeten en bijna de hele dag gelopen. Het verhaal dat er maar 1 café onderweg zou zijn, bleek ietwat dramatisch te zijn overdreven. Er waren veel meer plaatsen waar ik iets kon drinken of eten. Dus dat viel weer mee. Het was natuurlijk weer erg warm, maar de mensen hier zeggen dan ook dat dit de warmste streek is na de Algarve. Dat klopt dus.

    Ik heb een heel stuk gelopen door wat je het best als een Hollands landschap kunt noemen: vlak land en … over dijkjes. Wel grappig dat je nou hier in Portugal in een landschap loopt, waar ik thuis al zo vaak gelopen heb. Die dijkjes zijn ervoor bestemd het land te beschermen als de Taag overstroomt, want dat schijnt heftig te zijn. Nou, als ik zo naar die dijkjes kijk, geloof ik nooit dat die het gaan houden in zo’n geval. Het zijn niet de echte, degelijke, uit de klei getrokken dijken van ons, hoor.

    Maar goed, om even de vragen over mijn schoenzool te beantwoorden: de zool zit nog steeds vast, dus dat gaat goed. Alleen heb ik nu 2 open plekjes op mijn voet en dat is lastig. Als het zo blijft en ik kom langs een apotheek, zal ik er eens iets goeds voor gaan halen.

    Het laatste stuk was wel echt afzien. Ik liep toen over een ‘stofweg’: een weg die veel stof geeft en daar rijden dan achter elkaar trailers over met tomaten, dus je loopt voortdurend stof te happen. En je hebt voortdurend fel zonlicht op witte stenen, dus dat doet gewoon pijn aan je ogen. Toen ik dit aan Gery vertelde, zei ze: “Ja, dan had je toch je zonnebril moeten meenemen” en toen moest ik toch bekennen dat ik die bril ook bij me heb, maar hem gewoon vergeten was.

    Ik heb het natuurlijk warm en loop veel, maar het is niet zo dat ik het niet naar mijn zin heb. Nee, dat nou ook weer niet, want als je er dan bent en je hebt een lekkere cola op en gedoucht, lacht het leven je weer toe. Alleen vandaag was het laatste stuk naar Santarem, waar ik nu zit, ook nog eens heel steil omhoog en mijn water was zo langzamerhand op, zodat ik steeds in gedachten flesjes cola om mijn hoofd zag vliegen met koele druppels erop en zo. Dus ik dacht: “De eerste de beste slaapgelegenheid is voor mij”. En laat dat nou een 4 sterrenhotel zijn. Dat noem ik nou eens: loon naar werken!!

    De mensen zijn erg aardig, het meisje dat aan de balie zit, is net een moeder voor me, zo bezorgd. Ik krijg zelfs af en toe een arm om mijn schouder met de vraag of alles wel naar mijn zin is. Ja, een pelgrim heeft hier nog status!

    Verder heb ik besloten dat ik minder kilometers per dag wil lopen, als er eerder een slaapgelegenheid is. Want ik ben nu hier en heb eigenlijk geen tijd om dingen te gaan bekijken. Ik loop de hele dag en als ik aankom, heb ik geen puf meer om te gaan rondkijken. Dat is nou ook weer niet de bedoeling en volgens de mensen hier kan ik morgen na 22 km een slaapplaats vinden. Dat lijkt me beter.

    Over een paar dagen ben ik in Tomar en ik ben van plan daar een of twee dagen rust te nemen. Het schijnt een mooie plaats te zijn en er rijdt een bus daarvandaan naar Fatima. En nu ik toch in de buurt ben, wil ik daar ook even kijken. Dat wordt dus een toeristisch tripje. Moet ook kunnen.

    Jullie denken nu natuurlijk: “Als je in zo’n 4 sterrenhotel zit, is daar toch wel een computer, zodat je je kaartjes op kunt sturen?” Dan hebben jullie helemaal gelijk, want die computer is er natuurlijk en die mag ik ook volop gebruiken, alleen….. er is een algemene internetstoring, dus alles ligt eruit. Helaas, misschien morgen beter!
    En nu is het: “Magie vol, ogies toe!”

    Fri
    27
    Aug '10

    Boiling brains

    routekaartje

    Vanmorgen om half acht ben ik weer vertrokken. In het hotel was de nachtportier er nog. Die zag mijn schelp en werd er helemaal lyrisch van: “O, naar Santiago, geweldig. Dat heb ik ook gedaan, weliswaar 25 jaar gelden, maar ik zal het nooit vergeten!” Vervolgens had hij nog hele verhalen in gebroken Engels waar ik verder niet veel van begrepen heb.

    Toen ik vertrok was het nog redelijk weer, maar om een uur of negen was het alweer laaiend heet. En veel schaduw heb ik onderweg niet gehad, af en toe van een huis of zo, maar verder loop je in de brandende zon. De route is niet echt mooi, want ik liep bijna de hele tijd door industriegebieden. De laatste 10 km liep ik zelfs op de vluchtstrook van de autoweg en dat is niet echt leuk. Je wordt iedere keer bijna omver geblazen door voorbijkomende vrachtwagens. En volgens mij proberen ze de zee te dempen met tomaten, want het kan nooit dat ze die allemaal opeten. Hele rijen vrachtwagens vol losgestorte tomaten, tientallen achter elkaar. En aangezien ze los gestort zijn, worden de onderste tomaten fijn geperst, dus de troep loopt van onderen uit de wagen.

    Wat wel een voordeel is als je langs de autoweg loopt, is dat er veel uitspanningen zijn. Ik heb een chocomel gedronken in een wegrestaurant en gezellig zitten praten met een paar Ierse chauffeurs, die op vracht zaten te wachten. Ze kenden ook het bedrijf waar ik gewerkt heb en vroegen of ik geen telefoonnummers had, die ze konden bellen om vracht, want als ze leeg terug moeten, is dat veel te duur natuurlijk.
    Overigens begrepen ze niet wat ik er leuk aan vind om zo ‘n eind te lopen met een rugzak en bij deze temperaturen. Dat begrijp ik soms ook niet, want het is wel erg heet en ik loop de hele weg langs een verleidelijke spoorlijn. Ik kan zo op de trein stappen, maar nee, tot nu toe weersta ik deze verleiding.

    Hier hebben ze in de straten van steentjes allerlei voorstellingen gemaakt, een soort mozaïeken. Dat is erg leuk om te zien, want niet alleen op straat, maar veel mensen hebben zoiets op het pad naar hun huis ook. En verder zie je veel geglazuurde tegelplateau’s met voorstellingen naast of boven de deur. Dat is een erg mooi gezicht. Ik kwam langs een rij doodgewone huisjes, geen rijke villa’s of zo, en daar hadden ze bij elk huis een tegelplateau van een heilige. Dat is erg mooi om te zien.

    Toen ik arriveerde in mijn pension in Azambuja, was het eerste wat de mevrouw zei: “Carimbo?” (ik weet niet of ik het goed schrijf), “een stempel?” kijk, die wist meteen wat ik verdiend had na deze warme reis. Verder zei ze dat het zo heet is, dat je hersens kookten (‘boiling brains”), dus ik was weer helemaal getroost. Lekker douchen, wassen, beetje slapen en dan nog even de stad in. Ik kwam langs een internetcafé en heb geprobeerd mijn kaartje te uploaden naar de website, maar dat ging helaas niet. Volgende keer beter.

    Je kunt hier goed eten in de zogenaamde ‘pastellerias’. Dat zijn een soort winkels, waar je heel veel gebak kunt kopen, en drankjes, etc. Tegelijk is het een soort snackbar, want je kunt er ook dagschotels van rijst met eend bijvoorbeeld eten. Erg handig en voor een paar centen eet je lekker. Deze pastellerias zijn de centra van de wijk, iedereen loopt er even binnen, handje geven, wat eten of drinken, een praatje en dan weer weg.

    Morgen wordt het weer een tocht van 32 km. Onderweg is er niets waar je kunt stoppen, behalve 1 café ergens halverwege. Dus ik ga weer bijtijds weg. Nou ja, heet krijg ik het toch. Ik hoorde van Gery dat het bij jullie veel en vaak regent en niet warm is. Ik klaag dan wel over de warmte, maar het lijkt me ook niet fijn om de hele dag in de gietregen te lopen. Alle paden worden dan onbegaanbaar en het lopen veel zwaarder. Dus…..dan maar warm.
    Ik heb een klein kamertje met een bed, kast en tv, maar wel……….. airco. Dus ik kan in ieder geval lekker slapen.

    Thu
    26
    Aug '10

    Het spreekt niet zoals het schrijft

    routekaartje

    Na de lange afstand van gisteren heb ik mezelf verwend met een afstandje van 12 km vandaag. Het is hier nog steeds ongelooflijk heet, zelfs ik heb het nu erg warm.
    Mijn schoenzool heb ik gisteren vastgelijmd en nu zit hij nog steeds vast, dus zien hoe het morgen is, want dan zal ik ca 20 km lopen.
    De omgeving hier is zo plat als een dubbeltje, ik heb nog geen bossen gezien. Het is wel een erg mooie route, vooral vandaag. Ik heb een heel stuk langs de Taag gelopen en daar loopt een soort boulevard langs, dus dat loopt lekker en is gezellig. Er komen joggers voorbij en zo.
    Het volgen van de gele pijlen gaat wat moeizamer dan in Spanje. Je moet heel goed opletten, want je bent zo de weg kwijt. Maar goed, dat houdt me scherp.
    Ik was om 12 uur al op mijn bestemming van vandaag: Vila Franca de Xira. Je kunt het wel proberen uit te spreken, maar echt, het Portugees spreekt niet zoals het schrijft. Sterker nog, het lijkt er niet eens op. Maar veel mensen spreken Engels, dus wat dat betreft is er geen probleem. Alleen op de computer snap je er geen lor van. Ik ging mijn kaartjes op de website zetten, kreeg daarbij hulp van allerlei Portugezen, maar het lukte niet. Uiteindelijk heb ik het in mijn eentje nog eens geprobeerd en toen lukte het ineens wel.

    Ik was vandaag dus mooi op tijd voor de lunch en kwam ergens waar een bord stond: “Restaurant”. Het zag er wel een beetje haveloos uit, maar ik dacht: “Nou ja, dan eet ik lekker goedkoop”. Dus ik stap binnen en kom terecht in een enorme ruimte en een keurig restaurant. Wat wel grappig is en nieuw voor mij: je moet er wel heel speciaal om vragen, anders krijg je geen voor- en nagerecht. Alleen een hoofdgerecht dus, maar ik heb wel lekkere vis gegeten.
    Aan een tafeltje vlak bij mij zaten 3 heren, waarvan er duidelijk één iets aan de andere twee wilde verkopen. Ik kreeg helemaal medelijden met de verkoper, want ook al kwam er kwam een digestif bij en zelfs champagne, ik zag het mislukken. En ik herkende het, ik heb het zelf vroeger ook meegemaakt.

    Gisteren had ik een rood plekje op mijn voet en na de wandeling vanmorgen is het open gegaan. Ik ben dus naar de apotheek gegaan voor pleisters. De mevrouw daar sprak goed Engels en wilde uiteraard alles weten. Dus ik vertel waar ik vandaan kom, dat ik voor het eerst in Portugal ben en naar Santiago de Compostela wil lopen. Nou, toen was het helemaal feest, want zij blijkt daar geboren te zijn en dus een Spaanse. Ik vroeg of zij dan geen zin had om eens naar Santioago te lopen, maar zoals dat altijd gaat als je er woont, daar had ze helemaal geen behoefte aan, ze vond het wel best zo. Lakoniek zei ze: Ïk ga toch niet naar huis lopen?” Daar was geen speld tussen te krijgen. Ze is biologe en heeft tijdens haar studie 18e eeuwse Nederlandse boeken moeten lezen, uiteraard wel met een Spaanse vertaling erbij.

    Gewapend met de pleisters kwam ik de apotheek weer uit en verder heb ik de dagelijkse dingen gedaan: douchen, kleren wassen en….. tijd voor een dutje!

    Wed
    25
    Aug '10

    A long way…

    routekaartje

    Nou, dat was een lange, lange en hete tocht vandaag. En dat voor de eerste dag!.
    Vanmorgen moest ik eerst weer naar het beginpunt, deels met de metro, deels lopend om bij de eerste gele pijl te starten.
    Terwijl ik daar op mijn kaartje sta te kijken waar ik heen moet, raak ik in gesprek met een man van zo’n jaar of 60, die me eerst vraagt welke taal ik spreek en vervolgens opnoemt welke talen hij spreekt. Dat waren er 9!! En dan kon hij 6 talen ook nog schrijven. Het bleek dat hij vluchteling geweest is daarom in veel landen heeft gewoond, onder andere in Amsterdam in de Kinkerstraat. Dus hij spreekt ook Nederlands! Het was wel leuk, want net zoals iedere Portugees, die ik ontmoet, vraagt hij: “Heb je een gelofte gedaan dat je naar Santiago gaat lopen?”. Ik leg dan uit dat ik dat niet gedaan heb, aangezien ik niet Katholiek ben, maar protestant. De meeste mensen zeggen dan: “O ja, in het Noorden zijn ze allemaal protestant”, maar hij vroeg: “Bent u Ge-re-for-meerd?” Knap, hè?

    Iedereen is ook hier weer heel erg vriendelijk, mensen maken heel snel een praatje en verbazend veel mensen spreken een mondje Engels of zelfs goed Engels. Een heel verschil met Spanje dus.
    Halverwege mijn tocht kwam ik erachter dat mijn ene zool loslaat, dus ik moet daar een oplossing voor bedenken. Een schoenmaker onderweg heb ik niet gezien, maar volgens alweer een vriendelijke Portugees moet ik het gewoon met contactlijm proberen.

    Verder was het vandaag bloedverzengend heet. Ik heb wel 10 km op een wit stenen pad gelopen in de volle zon. Nergens, nergens een greintje schaduw te bekennen. Zelfs mij werd dat te gortig, maar volgens een mevrouw uit het cafeetje, waar ik onderweg iets dronk, wordt het hier de ‘jungle’ van Portugal genoemd.
    En ik heb maar liefst 32 km gelopen vandaag, niet gek voor een eerste dag. Ik had op een gegeven moment onderweg wel willen stoppen, maar er was geen slaapplaats te bekennen. De laatste kilometers was ik het wel goed zat, maar ik ben tot Verdelha de Baixo gekomen en gelukkig vond ik meteen een kamer voor de leuke prijs van € 15.
    Gedoucht, kleren gewassen en in de supermarkt lijm gekocht. Daar was ook een restaurantje, dus ik heb er iets gegeten en nu kruip ik lekker in bed en ga slapen. Morgen is er weer een dag.

    Tue
    24
    Aug '10

    Latijnse landen

    Gisteravond heb ik dus gegeten in een heel goed restaurant hier vlakbij. Een ander land heeft dan toch weer verrassingen, blijkt nu. Ik had besteld wat ik wilde eten en plotseling uit het niets brengt men 5 schaaltjes met van alles en nog wat: kaas, tomaten, smeerleverworst, vruchten, etc. Ook de rauwe ham die ik besteld had. Wat te doen? Ik heb de rauwe ham opgegeten en direct daarna haalt men de andere schaaltjes weer weg. Zonder vragen of commentaar. Volgens mij mag je daar wel van nemen en dan betaal je natuurlijk ook. Maar raak je het niet aan, dan is er ook geen man/vrouw overboord.

    Er was trouwens nog een heel leuk voorval. Voor mij zit een jong echtpaar met een heel oude mevrouw te eten. ‘Oma’, zal ik maar zeggen, zit langs het gangpad waar ook de obers steeds langlopen. En na verloop van tijd probeert ‘oma’ steeds een tik op de billen van de langslopende obers te geven. In het begin is er niks aan de hand, maar na verloop van tijd zie je obers steeds krampachtiger met ingehouden achterwerk langs die tafel lopen. Waarschijnlijk was oma niet helemaal meer bij de tijd, maar het gaf wel een leuk effect waar ik veel plezier aan heb beleefd.

    Vandaag ben ik eerst naar de correos (postkantoor) geweest. Om 10 uur ging het kantoor open. Dan is er 1 ambtenaar aanwezig in trui en werkkleding. Hij heeft het heel druk met het installeren van foldertjes, lege bakjes, etc. Hij loopt driftig heen en weer, terwijl de klanten geduldig staan te wachten met hun nummertje in de hand. De man is na 10 minuten ongeveer klaar en verdwijnt uit het oog. Even later komt hij dan weer binnen keurig in het pak met stropdas en al. Dan gaat hij pas zitten op zijn stoel en begint zijn dagtaak: het helpen van klanten. De ernst waarmee dit alles gebeurt, fascineert mij echt. En niemand klaagt. Geweldig! Daarom hou ik van Latijnse landen.

    Daarna ben ik met de metro naar het centrum gegaan en heb daar midden op straat gegeten. Heel toeristisch en heel aangenaam. Daarna ben ik naar de kathedraal gelopen en daar vond ik het eerste teken van Santiago op de hoek van de kerk. Binnen heb ik mijn eerste stempel vast gehaald, dan hoeft dat morgen niet meer.
    Ik heb nog geprobeerd om de kerk van de martelaren te vinden voor een echte credential uit Portugal, maar dat is mij niet gelukt.
    Toen heb ik een kaartje gekocht voor een hip-hop bus om Lissabon in 2 uur te bezichtigen. Ik moet zeggen dat dat wat heet was in de zon boven op die bus. Het is wel een mooie stad trouwens. Ik heb onder andere ook het aquaduct van 6 km lang gezien van de Romeinen. Dat is het enige gebouw dat is blijven staan tijdens de aardbeving met sunami in 1754. Kun je nagaan wat een deskundigheid daar in zit.

    Morgen ben ik van plan om bijtijds weg te gaan en dan gaat de echte tocht dus beginnen.

    Mon
    23
    Aug '10

    Met rugzak en wandelstaf

    Wie nu al hoopt ontberingen te lezen, moet ik helaas teleurstellen, want ik ben alleen nog maar op weg naar de start en deed dit riant in een vliegtuig naar Lissabon. Gaat lekker snel, hoor.
    Ik vertrok van huis in de plenzende regen. Dat schijnt er wel bij te horen, want ik ben elk jaar in noodweer van huis gegaan. Dus als ik weer terugkom, zal het ook wel weer noodweer zijn, het wordt traditie!
    Om 5 uur vanmiddag vertrok het vliegtuig met mijn persoon, mijn rugzak, die aardig vaal begint te worden en…mijn wandelstaf. Met mijn rugzak en wandelstaf heb ik alle kilometers afgelegd, dus zonder die twee gaat het niet. Tenslotte heeft in 2006 een van mijn gastvrouwen die tak van 2 meter hoogstpersoonlijk voor mij in het bos gezocht.
    Dus ik heb die ouwe boomtak op het Kunstcentrum zorgvuldig in bolletjespapier verpakt alsof het een duur schilderij was. En ja, hij mocht mee in het vliegtuig als bijzondere bagage. Het meisje achter de balie wilde weten wat er in dat lange pak zat. Ik dacht: “Als ik zeg: ‘een ouwe boomtak’ belt ze een psychiater, dus ik hield het bij ‘een wandelstok’.

    En zowaar… mijn attributen en ik kwamen heelhuids in Lissabon aan. Eerst even naar het hotel en daarna eten. Het was wel even tobben met de Portugese menukaart, maar ik heb lekker gegeten voor € 23.
    Morgen ga ik Lissabon bekijken en zien of ik het Pelgrimbureau kan vinden om mijn startstempel te halen. Kan ik ook vast aan de warmte wennen, want het is hier warm.

    Sun
    15
    Aug '10

    Camino 2010

    Door familie, vrienden en bekenden wordt mij zo vaak gevraagd wanneer ik weer op pad ga. Dus wat doe je dan? Je gaat er over nadenken en voor de zekerheid maar vast wat ‘rondjes’ lopen. Dat kan nooit kwaad voor de conditie. Zo heb ik in het voorjaar de wandeling gemaakt langs de Stelling van Amsterdam, ca 150 km. Leuk, maar nog niet het ‘echte’ werk. En enkele weken geleden nog het Oeverloperpad van Hoek van Holland naar Leerdam. Uiteindelijk ben ik gestopt in Buren. Die route kan ik iedereen aanraden: heel erg afwisselend en interessant. Tijdens die tochten heb je natuurlijk weer alle tijd om na te denken, onder andere over de route die ik zou willen lopen naar Santiago de Compostela. Er zijn nog vele mogelijkheden, maar vooral de Via de la Plata vanaf Sevilla en de Camino Portugues vanaf Lissabon lijken me leuk. Uiteindelijk is de keuze gevallen op de Camino Portugues. Ten eerste omdat ik nog nooit in Portugal ben geweest en ten tweede vanwege de lengte (650 km) van de route. Ik ‘moet’ namelijk van mijn zussen terug zijn voor het familieweekend van 9 oktober. Als alles goed gaat, kan ik er dan dus bij zijn.

    Maandag 23 augustus ga ik van Schiphol naar Lissabon. Daar blijf ik dan een dag om iets van de stad te zien en dan ga ik aan de wandel. Ik heb diverse verslagen van mijn voorgangers gelezen en ben van plan de route te volgen uit de gids van John Brierly: A Pilgrim’s Guide to the Camino Portugues.
    Gery probeert weer elke dag een verslagje op de website te zetten zodat jullie mijn belevenissen kunnen volgen.

    Ik heb weer heel veel zin in de tocht en kijk nu al uit naar jullie reacties!

    Sun
    23
    May '10

    Interview “De zondag van Hans van Willigenburg”

    Vandaag hebben we een interview gehad op radio 5 met Hans van Willigenburg over mijn pelgrimstochten naar Santiago de Compostela. Het programma duurt 2 uur, wij komen in de tweede helft van het programma aan de beurt, na ca 1 uur en 10 minuten.

    Wie belangstelling heeft: het interview staat hier op de website. Klik op “Bekijk video”
    Zet wel even het filmpje uit.

    Get Microsoft Silverlight

    Sun
    18
    Apr '10

    Stelling van Amsterdam

    Het is voorjaar en dan begin ik weer een beetje onrustig te worden. Ik wilde nog wel eens uitproberen of die “papbenen” van mij nog in een goede conditie zijn na zo’n lange rustperiode. Maar je moet natuurlijk altijd redelijk blijven en daarom heb ik het idee opgevat om de route langs de forten van de Stelling van Amsterdam te lopen. Die route begint in Volendam en eindigt ca 150 km verder in Muiden. Als je de route precies volgt, heb je bij aankomst in Muiden ca 40 forten, inundatiesluizen, dijken en munitiemagazijnen gezien.

    Goed, ik ben dus op maandag 22 maart 2010 in Volendam begonnen. De start was heel koud, maar verder is het de hele week erg mooi weer geweest. Eigenlijk kende ik die stelling niet. Ik had er wel eens van gehoord maar nooit iets bezocht. Dus verwachtte ik deze week toch wel een of ander fort te kunnen bezoeken. Dat gaat dus niet! In geen enkel fort heb ik deze week ook maar iets kunnen bezichtigen. Dat schijnt wel te kunnen, maar dan uitsluitend op speciale dagen: weekends of feestdagen bijvoorbeeld. Veel forten zijn verhuurd, vooral aan wijnhandelaren, maar ook allerlei andere bedrijven hebben ruimtes gehuurd, zoals restaurants of een schietvereniging. Ik heb dus alle forten van de buitenkant moeten bekijken.

    Ik moet zeggen dat veel forten, van buiten althans, wel heel veel op elkaar lijken. En als je dan zo’n 40 forten bezoekt is het al een ‘gebeurtenis’ als er plotseling een rond fort blijkt te zijn, zoals bijvoorbeeld aan het Uitermeer.
    Het is best een mooie route om te lopen, alhoewel er wel erg veel asfalt in zit. Een van de aardige dingen vond ik de contrasten tussen de verschillende dagen. Het begin in Waterland is heel weids en stil. Daarna naar Purmerend en de Zaanstreek, dus veel drukte. En dan langs Hoofddorp en Schiphol met de hele dag het geweldige lawaai van snelwegen, vliegtuigen en treinen. Vervolgens weer de route langs de Amstel na Uithoorn en de stilte bij Botshol, zo dicht bij Amsterdam en toch zo heel landelijk.
    Het was een heel afwisselende route waar veel te zien is, maar waar ik waarschijnlijk op een andere keer met de auto langs zal moeten rijden om de forten van binnen te bezoeken. Ga ik ook zeker doen!!

    Sun
    4
    Oct '09

    Camino 2009

    Hoogteprofiel

    Comments Off

    Thu
    1
    Oct '09

    Weer thuis

    Aankomst Zaandam klein

    Tja, ik ben weer thuis. Op maandag morgen ben ik om 9 uur in Santiago in de trein gestapt en ik kwam dinsdag om 1 uur aan in Zaandam. Gery en Marnix gingen met het vliegtuig, maar dat ging mij veel te snel; na een wandeling van tweeëneenhalve maand kun je niet in tweeëneenhalf uur terugvliegen. Dan zou mijn lijf wel aankomen, maar mijn hoofd nog niet. Niet dat dat nu wel zo is. Als ik ‘s nachts even wakker ben, is nog steeds mijn eerste gedachte: Waar ben ik?
    Gisteren heb ik weer een stukje gewandeld hier in de omgeving en geloof het of niet, maar het was lastig. Geen rugzak, dus viel ik gevoelsmatig steeds voorover. Bovendien deden na een urrtje mijn voetzolen pijn, waarschijnlijk omdat ik andere schoenen aanhad. Kortom, het leven thuis valt nog heel niet mee.
    Maar de thuiskomst was wel heel bijzonder, want Gery heeft tijdens mijn afwezigheid een schitterende lamp gemaakt in glas in lood:

    lamp 2

    Alles is erin verwerkt: de pelgrim met staf en rugzak, de gele richtingspijl van de camino, de schelp, ultreia en het wit-rood van de GR ‘s. Heel erg mooi.
    Van de buren kreeg ik behalve veel gelukwensen een heerlijke schaal met kaasjes en een fles wijn. Voor de geest en het lichaam is dus goed gezorgd.
    Wat mij verraste is dat ik bij thuiskomst ineens heel anders tegen mijn eigen huis aankeek. Nou was dat ook weer niet zo gek, want Gery en de buren hebben intussen voor een nieuw hek tussen de tuinen gezorgd. Ik had daar altijd nee tegen gezegd, dus er is geprofiteerd van mijn afwezigheid, je kunt ook geen minuut van huis zijn of ze halen stiekeme dingen uit. Maar ik moet toegeven dat het wel erg mooi is geworden.
    Verder lijkt alles toch anders en aan veel zaken heb ik maanden niet meer gedacht. Ik moet echt nog ‘landen’.

    Ik heb nu de tijd om alle verslagen en commentaren op de website te herlezen. Wat een herinneringen komen er dan weer terug en misschien klinkt het overdreven, maar ook: wat een heimwee. Naar die dag over het voor mij hoogste stuk van de Picos de Europa bijvoorbeeld via Hospitales. Een dag om nooit meer te vergeten en een letterlijk en figuurlijk hoogtepunt. Maar ook naar de noordkust van Spanje met zijn baaien en rotsen aan de ene kant en hoge bergen aan de andere.

    Het was mijn derde camino. Veel mensen vragen me nu welke de mooiste was. Dat kan ik echt niet zeggen, want ze waren alledrie heel verschillend:
    De eerste in 2006 vanaf Zaandam via Le Puy naar de Camino Frances was een echte pelgrimage: veel cultuur, veel geschiedenis en vooral veel nadenken.
    De tweede in 2007 was zwaarder, maar ook korter. Van het Romeinse Arles via Hendaya en de prachtige Camino del Norte was meer sportief en minder spiritueel.
    En dan nu in 2009 de derde: Vanaf Limoges weken alleen gelopen tot Monreal du Gers. Dat was misschien wel goed om mee te beginnen, dan kom je jezelf meteen goed tegen. Daarna was ik weer blij pelgrims tegen te komen op het stuk naar St. Jean Pied de Port. Toen via de GR 10 dwars door de Pyreneeën naar Hendaya. Dat was werkelijk erg zwaar om te doen, maar het is goed afgelopen en ik heb er een goed gevoel aan overgehouden. De natuur was er een droomwereld die ik niet kende, maar ik heb mezelf daar ook heel, heel klein gevoeld. Ook dat hoort bij een pelgrimage. Vervolgens weer die mooie kust en daarna het mooiste van alles: de Camino Primitivo door en over de bergen van Oviedo via Hospitales naar Lugo. Kortom, een afwisselende, geweldige route met alle ingrediënten voor een ;egrimage.

    Ik weet niet of ik nog een keer naar Santiago zal lopen. Vanaf Lissabon en vanaf Sevilla moet het ook erg mooi zijn, hoorde ik. Maar aan de andere kant wil ik niet meer zo lang van huis zijn. De tijd zal het leren.
    Ik heb op de Cabo Fisterra weer kleding verbrand. Dus het oude is weg, we beginnen weer opnieuw. De zon ging overweldigend mooi onder in de oceaan en kleurde de lucht veelbelovend……dus wie weet wat er nog komt!

    Voor nu wil ik iedereen heel hartelijk bedanken voor alle reacties: op de website, per sms of telefoon, per kaart of brief. Het was geweldig.
    Pelgrim Theo gaat nu weer gewoon terug naar het dagelijks leven, maar wel met een schat aan indrukken en ervaringen, die een leven lang zullen meegaan.

    Het ga jullie goed: Ultreia en Buen Camino!!

    Sat
    26
    Sep '09

    Avond in Fisterra

    routekaartje

    Nou, van slapen kwam niet zoveel. De hele nacht was er een gigantisch kabaal in de bar, zodat van de weeromstuit de koeien ook begonnen te loeien. Om half 6 vertrok de eerste pelgrim al. Dan ben je vanzelfsprekend zelf ook wakker en van schrik vertrok ik toen ook maar vroeg: om kwart voor zeven! Omdat de bar de hele nacht open was geweest, kon ik daar ook al vroeg een ontbijt scoren, terwijl de laatste dronkelap nog stond uit te huilen bij de kroegbaas. De hele vloer lag bezaaid met glas en bier, maar de ochtendkoffie smaakte perfect. Ik ging op pad in het stikkedonker, je kon geen hand voor ogen zien. De eerste kilometers gingen over een holle weg, dus ik moest met mijn stok in het donker voelen waar het pad liep.
    Na een uur werd het licht en zag ik een fantastische zonsopgang.
    De eerste bar voor de koffie kwam na 6 km, daarna ging het over heidevelden, heuvel op en heuvel af, maar 15 km geen enkele gelegenheid voor koffie of iets anders. In Cee ben ik langs de gewone weg gaan lopen, langs het hotel waar Gery en Marnix sinds 2 dagen verblijven.
    Gegeten heb ik in een bar langs de weg en daarna liep de route steeds langs de kust met uitzicht op de zee en mooie strandjes. Al snel zie je dan Cabo Fisterra, het doel van vandaag en het doel van de reis. Dat motiveert je om te lopen enerzijds, want je ziet het doel. Maar……… Je weet ook dat het bijna afgelopen is en dit de laatste meters zijn en dat motiveert je dan eigenlijk weer niet om door te lopen, maar om lijn te trekken en uit te stellen. Het is duidelijk een heel dubbel gevoel.
    Vlak voor Fisterra gaat de route over het strand. In de albergue van Fisterra heb ik mijn certificaat afgehaald voor de camino Santioga – Cabo Fisterra. Toen was er alleen nog het allerlaatste stukje: de weg omhoog van Fisterra naar Cabo Fisterra, een wandeling van nog ongeveer 3 km. Vooral op dat stuk gaan je gedachten terug naar wat je nu allemaal in de afgelopen maanden gelopen en beleefd hebt vanaf Limoges.

    Gery en Marnix stonden al op de uitkijk. Bij een standbeeld van een pelgrim kom je door de bocht en dan zie je de vuurtoren heel dichtbij ineens.

    Aankomst Fisterra 4

    Na een toch weer emotionele begroeting heb ik eerst een foto laten maken bij kilometerpaal 0,00 en daarna was er weer het symbool van het afleggen van je oude leven en het begin van je nieuwe leven: het verbranden van je kleren.

    Kleren verbranden 5

    ‘s Avonds hebben we met zijn drieen (en uiteraard veel andere pelgrims) op de kaap naar de zonsondergang gekeken en de zon letterlijk in zee zien zakken. Een indrukwekkend gezicht en dan te weten dat eeuwen geleden mensen hier al naar toe kwamen om de zon onder te zien gaan en dan dachten dat de zon naar de onderwereld ging.

    Zonsondergang Fisterra 2

    Een mooie wandeling is voltooid.

    Fri
    25
    Sep '09

    Naar de paardenstal

    routekaartje

    Na het ontbijt in het hotel zijn we om 8 uur vertrokken bij schitterend mooi weer. Dat is bijzonder, want in Galicie regent het heel erg vaak. De weergoden zijn dus met ons. Pauline en ik lopen ook vandaag weer samen en Pauline leert mij Zuid-Afrikaanse woorden als: een petroljochie voor een pompbediende, een vuurstokkie voor een lucifer en een webbladzijde in plaats van een website. Dus jullie zien: het is niet alleen lopen, maar ook nog intellectueel bezig zijn. Omdat het zulk mooi weer is, lopen we door schitterend Gallicisch landschap: heel groen, veel afwisseling tussen bossen, weilanden, landbouwgrond en hei.
    Naast de afwisseling in landschap is er ook heel veel afwisseling in pelgrims, want het is weer heel erg druk. We lopen vandaag naar Olveiroa, waar de herberg in een boerderij gevestigd is. Bij aankomst blijken er nog maar 2 bedden te zijn in een ruimte die in de paardenstal is gemaakt en daar ruikt het dan ook naar. Maar we zijn al blij dat we een bed hebben, want na ons worden er kartonnen dozen uitgevouwen en op de betonnen vloer van de paardenboxen gelegd en daar komen dan de opblaasmatrasjes te liggen.
    We eten in de bar, die in de boerderij is gekomen. Die is nieuw, althans 3 jaar geleden was hij er nog niet, toen zaten we met zijn allen om de tafel bij een grote pan soep.
    Vroeg naar bed, want morgen wacht ons een lange laatste dag.

    Thu
    24
    Sep '09

    Het toetje

    routekaartje

    Gery en Marnix hebben me vanmorgen weer naar het plein voor de kathedraal gebracht en voor de laatste paar dagen ben ik nog even op pad.

    Vertrek Fisterra

    Toen ik het plein afliep, was er een andere pelgrim die vroeg of ze een stukje met me mee mocht lopen om de stad uit te komen. Zij vroeg dat in het Engels, maar al gauw bleek dat ze Zuid-Afrikaanse is met Nederlandse wortels. Ze woont al 50 jaar in de omgeving van Kaapstad en haar moeder komt zelfs uit Barendrecht. De verrassing werd nog groter toen ik haar naam hoorde: Ze heet namelijk Pauline van de Vijver! Dus Pauline, je bent de enige niet met die naam, blijkt nu.
    We hebben de hele dag samen gelopen. De route ging door de bossen die 3 jaar gelden net verbrand waren. Je ziet er nu nauwelijks meer iets van. Zo af en toe staat er nog een zwartgeblakerde boomstam tussen de varens, maar verder is alles weer helemaal dichtgegroeid. Overigens wordt de route naar Finisterre steeds populairder kennelijk, want het is ontzettend druk. Veel drukker dan 3 jaar geleden. Zo druk, dat de albergue van Negreira stampvol was. Zo vol dat buiten slapen ook niet meer mogelijk was. Daarom besloten we in Negreira in een hotel te gaan slapen. Gegeten hebben we in een bar 100 meter verderop. En zo hebben we nu de situatie dat 2 degelijk getrouwde mensen, de een 41 jaar, de ander 47 jaar, samen op een hotelkamerslapen en dat nog op de website zetten ook.

    Wed
    23
    Sep '09

    Ik ben er weer!

    routekaartje

    Om 8 uur het ontbijt gescoord en daarna op pad voor de laatste kilometers naar Santiago de Compostela. Het is de derde keer dat ik dit laatste stukje loop en het blijft een belevenis.
    Stipt op de afgesproken tijd liep ik na een korte wandeling van 5 km het plein van de kathedraal op en, ook al is het nu al de derde keer, de aankomst was ook nu weer emotioneel. Gery en Marnix stonden dit keer op de goede plek en ik heb er nog even over gedacht om zelf nu aan de zijkant ‘op te komen’ en dan een sms-je te sturen naar hen, maar dat doe je natuurlijk toch niet, want de aankomst hoort echt op het plein zelf te gebeuren.

    Aankomst Santiago 3

    Na de begroeting was de eerste gang natuurlijk naar het pelgrimsbureau om mijn derde compostela te halen. Ook nu weer was het erg druk met pelgrims en was het geduld en wachten geblazen. De allerlaatste beproeving voor de pelgrim.
    De volgende rit was naar het postkantoor om daar alle kaarten in ontvangst te nemen. Cees en Corrie, Jan en Marja, Jan en Olga, Rina en Andries, Arij en Ellen, en natuurlijk Peter uit Veere, heel hartelijk bedankt voor de kaarten en mooie woorden daarbij.
    Toen zijn we met zijn drieën lekker gaan eten en toen op naar het station om mijn treinkaartje te kopen. Maandagochtend om kwart over 9 vertrek ik en dinsdagmiddag om ongeveer half 1 ben ik in Amsterdam.
    Dan is het dus echt allemaal voorbij, maar nu ga ik nog even 3 dagen genieten en een eindje wandelen: op naar Cabo Fisterra!!

    Tue
    22
    Sep '09

    Berg van de vreugde

    routekaartje

    Vanmorgen was ik de laatste van de 11 die vertrok. In het begin liep ik door eucalyptusbossen. Gaandeweg werd het steeds drukker met pelgrims die Santiago roken en schoolklassen die liepen te zingen.
    Het weer is schitterend, niet te warm en niet te koud, zon overal.
    Vanmiddag kwam ik een groep Noorse bejaarden tegen, die een week lang naar Santiago liepen.
    Om 1 uur was ik alweer op de plaats van bestemming voor vandaag: de Monte do Gozo oftewel Berg der Vreugde. Op de helling staat een kamp, dat gebouwd is voor het bezoek van de paus een paar jaar geleden en in de barakken kunnen 300 pelgrims slapen. Er is ook een grote barak, die ‘hotel’ heet en daarin heb ik mijn intrek genomen.
    Om half 8 ben ik naar de mis gegaan in de kapel van San Marco, die geleid werd door een Spaanse en Italiaanse priester. Het hele koor bestond uit zegge en schrijve 1 mevrouw, die misschien niet zo mooi zong, maar wel vol overgave en daar gaat het tenslotte om.in
    Eten heb ik dit keer gedaan in een zelfbedieningsrestaurant en nu ga ik vroeg naar bed. Marnix en Gery zijn intussen in Santiago aangekomen, dus alles is klaar voor de aankomst. Ik heb hen gezegd dat ik hen morgenochtend om 10 uur verwacht midden op het plein voor de kathedraal, op de gedenksteen. Nu moet ik wel zorgen dat ik er dan op tijd ben, anders hoor ik dat nog jaren!

    Mon
    21
    Sep '09

    Het thuisfront vertrekt

    Ja, en dan zijn de laatste momenten alweer aangebroken. Morgenochtend stappen Marnix en ik op het vliegtuig naar Santiago de Compostela. Woensdagochtend hopen we dan, dit keer aan de goede kant van de kathedraal te staan om Theo te verwelkomen.
    Die loopt dan nog 3 dagen door naar Finisterra en Marnix en ik gaan ons ondertussen vermaken met geocashing. Als je niet weet wat dat is, moet je maar even googlen: in het kort komt het erop neer dat je met behulp van opgegeven coördinaten en andere aanwijzingen met je gsm dingen op moet zoeken, die anderen daar verstopt hebben. Dan zorgen we verder wwer op tijd in Finisterra te zijn en ja, dan is het weer afgelopen voorlopig. Wij gaan maandag dan weer met het vliegtuig retour en Theo volgt per trein.
    Iedereen heel hartelijk bedankt voor het lezen en het reageren. Het was erg leuk om te merken dat jullie meeleefden. Peter uit Veere, we kennen je niet, maar we zullen je regelmatige commentaar missen en wensen je het allerbeste! Hopelijk tot een volgende keer!
    Dat geldt uiteraard voor jullie allen: tot een volgende keer! Maar eerlijk gezegd: ik ben blij dat het er nu bijna opzit en wat mij betreft mag die volgende keer wel weer even duren.
    Uiteraard gaan we proberen vanuit Santiago nog een vervolg op de website te zetten, maar voor nu:

    Bedankt en tot ziens!

    '

    21-09-2009: We zijn er bijna

    routekaartje

    Vanmorgen om half 6 vertrok de eerste pelgrim al. Ik hoefde maar een kort stuk, dus wilde wat langer slapen, maar vergeet het maar met dat vroege volkje. Dus toen ben ik ook maar op stap gegaan tochg.
    Vanmorgen liep ik een stuk met 2 Fransen uit Parijs. Dat wil zeggen: ze vertelden er meteen bij dat ze van origine uit de Vendee en de Elzas kwamen. Toen ik zei, dat het mij opviel dat Parijzenaars altijd meteen vertellen waar ze origineel vandaan komen en dan gaat het soms over grootouders of overgrootouders, zeiden ze: “Ja, we bedoelen dat we eigenlijk ook boeren zijn”. Wat ik het meest grappige vond, was dat ze binnen 10 minuten gingen vertellen dat ze afgelopen zondag zo heerlijk hadden gegeten en dat de koffie zo lekker was daarna en vervolgens uitgebreid gingen vertellen wat ze allemaal wel niet gegeten hadden. Het zit gewoon in de genen bij Fransen: eten en praten over eten. Leuk is dat, bij ons is hooguit de koffie nogal eens onderwerp van een praatje.
    Verder is het duidelijk dat ik weer op de Camino Frances ben. Het is heel druk, maar heeft toch ook zijn eigen charme. Er loopt bijvoorbeeld een hele schoolklas uit Belgie en die lopen me een partij te geinen en te klieren, ik ben blij dat ik hun begeleider niet ben. Maar ook lopen ze met zijn allen te zingen dat het een lieve lust is. Er is mij verteld dat hier in Spanje sommige scholen, die bekend staan als heel goed en waar je dus graag heen wilt, eisen dat bij de inschrijvingspapieren een bewijs zit dat je naar Santiago gelopen bent. Daarom lopen er ook zoveel de laatste 100 km. Hele busladingen schoolkinderen worden dan gedropt, dus helemaal vrijwillig lopen ze niet.
    Naast die schoolklassen zijn er bejaarden, die elke 5 km in een bus stappen, waar ze eten krijgen en verzorgd worden. Tussen de middag ontmoette ik 10 Belgen die hier met 3 vrouwelijke verzorgsters zijn. Dus hier valt genoeg te beleven. Zo heeft elke camino zijn eigen charme: de camino del Norte en de camino Primitivo de schitterende natuur en de rust, de camino Frances de levendigheid en de ontmoetingen.
    Ik zit hier nu in een hospedaja in Brea. Brea bestaat uit een hotel met bar, een soort fabriekje van tuinmeubelen, een silo voor mais en een ruïne. Dat is het, het ligt vlak bij O Pino. Ik was hier al om 12 uur en heb hier ook gegeten, maar dat was niet veel bijzonders. Maar goed, de rest van de dag heb je niet veel te bekijken, maar lekker met een pilsje op het terras van het hotel is ook goed vol te houden, hoor! En tegen de avond stroomde het weer helemaal vol met pelgrims, meest Duitsers.
    O ja, de monnik in het klooster van Sobrado, die me een stempel moest geven, keek maar zorgelijk naar die pensions en hostals. Hij vond dat er in de herbergen geslapen moest worden. Hij schijnt echter bij iedereen commentaar te leveren. Arno, de Nederlandse fietser op zijn tweedehands fiets, kreeg te horen dat hij per dag veel te korte stukjes fietst. Kun je nagaan, hij komt uit Tours en doet dus veel meer dan de voorgeschreven 100 km, maar ja, volgens de monnik was het nog te weinig. Hoevel meter van de camino zou hij zelf gelopen hebben?
    Morgen heb ik ook een makkie, want ik stop ongeveer 7 km voor Santiago, anders ben ik er eerder dan Gery en Marnix.

    Sun
    20
    Sep '09

    Rustige dagen, maar de nachten…..

    routekaartje

    Ja, de dagen verlopen dan misschien rustig, maar met de nachten is het iets anders. Het was namelijk gisteren feest in Sobrado. Nu was de mevrouw van het hotel zo vriendelijk om me een kamer aan de achterkant te geven vanwege het feest, zodat ik minder last van de herrie zou hebben. Ik denk nog: “Een feest, nou ja, misschien gaan ze dan wel tot 1 uur ‘s nachts door, of in het ergste geval tot 2 uur, dan zullen ze wel uitgefeest zijn”. Dit bleek een absoluut foute gedachte te zijn. Om te beginnen was het gisteravond gewoon rustig, aangezien het feest pas om 12 uur middernacht begon. Toen barstte het echter in alle hevigheid los: een grote band op het toneel en een grote dansende menigte om het toneel heen. En een herrie, dat was geen herrie meer, dat was verschrikkelijk. Om half 2 vannacht mocht ik bovendien getuige zijn van een groot vuurwerk, dus om kort te gaan: ik heb vannacht echt geen oog dicht gedaan. Mijn bewondering voor de band is groot: vanmorgen om half 9 stonden ze namelijk nog op het podium te zingen en muziek te maken. Een gedeelte van de menigte was toen wel half dood en de serveerster die mij mijn ontbijt bracht, liep gewoon te slaapwandelen. Zelden heb ik zoveel mensen zo uitbundig feest zien vieren. Leuk om te zien, wij Nederlanders zijn zoiets niet echt gewend, wij zijn niet zulke feestbeesten over het algemeen. En een nachtje niet slapen is nou ook niet het allerergste.

    Maar enfin, na het ontbijt op pad en het was weer poncho aan, poncho uit. Boven wist iemand wat ik aan het doen was, want zodra ik de poncho aan had, werd het droog en zodra ik de poncho uitdeed, ging het regenen. Als het niet regende, was het mistig en grijs. Ik liep alleen, maar ik zie nu altijd voor of achter me andere pelgrims lopen. Om half 4 was ik in Arzua en ik zit hier nu in een privé albergue, dus niet van de gemeente of staat en het verschil is wel goed te merken: het is superschoon en netjes hier. Zojuist is er een Nederlander op de fiets aangekomen. Die vertelde dat hij uit Tours vertrokken is op een….. tweedehands fiets, die hij gekocht heeft voor € 50. Hij heeft geen enkele maal pech gehad en omdat hij toch iets aan onderhoud wilde doen, heeft hij maar een keer de ketting laten smeren, maar in principe was dat eigenlijk niet eens nodig. Als hij Santiago haalt, laat hij de fiets daar gewoon weer achter, want naar huis sturen is duurder dan de hele fiets gekost heeft.

    Verder is de albergue vol. Er zijn veel Duitse pelgrims. Die hebben allemaal dezelfde gids als ik, want de mijne is ook een Duitse gids. Als ik die dus tevoorschijn haal, beginnen ze meteen Duits tegen me te praten, dat is wel grappig. Ik heb het echt nog steeds naar mijn zin zo. Maar ja, het einde nadert….

    '

    20-09-2009: Het thuisfront

    Even een berichtje van het thuisfront: In razend tempo is door xs4all een nieuw modem bezorgd en in razend tempo door zoonlief aangesloten. We zijn dus weer bereikbaar
    Groet
    Gery

    Sat
    19
    Sep '09

    Paraplu of poncho

    routekaartje

    Gisteravond heb ik onder andere met een Duits meisje gegeten, dat vertelde dat ze dezelfde hoge route als ik heeft gelopen, maar bij een van de ruines van de oude herbergen heeft overnacht, samen met andere pelgrims. Dat schijnt een soort hype te zijn. Ze hadden het er ‘s avonds over gehad dat er nog wolven rond schijnen te lopen. Het gevolg was dat ze de hele nacht geen oog dicht heeft gedaan uit angst voor de wolven en omdat het zo verschrikkelijk koud was.

    Vanmorgen vertrok ik in goed weer en dat duurde tot de middag. Daarna werd het eerst bewolkt en toen begon het zachtjes te regenen. Dat was geen probleem, want ik heb nu mijn mooie Schots-geruite paraplu, die ik in Lugo gekocht heb. Maar daarna ging het harder regenen en dan ontstaat er een echt pelgrimsprobleem. Als het hard regent, moet je namelijk keuzes gaan maken en welke je ook maakt, het is de verkeerde. Ik zal jullie dit ernstige probleem voorleggen. Kijk, als het eenmaal hard regent, heb je geen plek waar je even droog kunt gaan staan om maatregelen te nemen. Je hebt dan de keus uit 2 dingen: ofwel je blijft onder je mooie paraplu lopen, die alleen je hoofd droog houdt en verder word je zeiknat, ofwel je haalt je poncho uit je rugzak. Maar om dat te doen, moet je je rugzak afdoen en daaruit je poncho vissen of, als je die al aan de buitenkant van je rugzak hebt laten wapperen voor het geval dat, moet je toch je rugzak afdoen en hem eraf halen. Voor dat alles heb je gewoon twee handen nodig en als je twee handen nodig hebt, houd je geen hand over om je paraplu vast te houden. Dus dan moet je je paraplu inklappen en word je evengoed zeiknat. Je kunt erom lachen, maar je ziet dat het leven van een pelgrim zo eenvoudig niet is. Met dit probleem kun je namelijk urenlang bezig zijn en….dan wordt het droog of ben je op de plaats van bestemming zoals ik vandaag in Sobrado des Monxes. Ik kwam op weg daarheen trouwens op een gegeven moment uit het bos op de gewone weg en toen wemelde het plotseling van de pelgrims. Ik zit dus duidelijk weer op de route. Het is wel gezellig, maar toch wennen na alle stilte.

    Ik ben niet naar de refugio in het klooster gegaan, waar we 2 jaar geleden na het eten voor een dichte deur stonden, maar regelrecht naar het hotel waar we toen ook onze toevlucht uiteindelijk gevonden hebben. Toen hebben we niemand gezien, maar nu was mevrouw er en zij sprak uitstekend Engels. Ik had wel eens gehoord dat dit hotel gerund wordt door een echtpaar, waarvan de man Engels of Schots is, dus ik vroeg of haar man misschien van Engelse afkomst was, omdat zij zo goed Engels spreekt. Foutje, dat bleek een vorige echtgenoot te zijn. Ach ja, zoiets kan gebeuren.
    Na de was en de douche was het tijd voor een pilsje op een terras en daarna ben ik een stempel gaan halen in het klooster en heb meteen het klooster bezichtigd.
    Er komen nu alleen nog een paar rustige dagen aan met niet al te veel kilometers en dan ben ik er.

    Fri
    18
    Sep '09

    Het weer was een verrassing

    routekaartje

    Ik heb een schitterende dag gehad en het weer was een echte verrassing. Gisteravond zag ik op het journaal dat het vandaag overal zou regenen, dus ik was niet verbaasd toen het bij mijn vertrek miezerde. Verder was het weer rustig en er was bijna geen wind. Het werd al vrij snel droog, maar bleef wel mistig tot een uur of 11. Toen trok de mist op en werd het schitterend weer. In de verte zag ik wel de regenwolken hangen, maar bij mij was het droog. Het landschap is hier echt heel mooi in Galicie. Het is hier nog echt puur natuur, je loopt de hele dag door de koeienstront en overal zijn ze volop aan het gieren. Van ‘injecteren’ hebben ze hier nog nooit gehoord, dus het ruikt overal fors. Voor mij geen probleem, het hoort bij het boerenland.
    Als je dan weer wat hoger komt, loop je door de paarse heidevelden met hier en daar wat struikjes. Geweldig gewoon en de stilte is dan overdonderend. Ik heb zeker 7 km gelopen zonder ook maar iets te zien of te horen: geen koe, geen mens, geen auto. Waar kom je dat nog tegen?
    Ik kwam langs het dorp (nou ja, dorp?) Santa Eulalia en heb daar het kerkje bezocht. Een heel klein kerkje uit de 8e of 9e eeuw met als grote bijzonderheid onderin die kerk een ruimte, gevonden in 1923, maar uit de tijd van de Romeinen in de 1e of 2e eeuw, waar de ‘watercultuur’ was, een soort geloof uit die tijd. Vraag me niet wat het precies inhoudt, want dat weet ik ook niet, maar er is nog een bassin met water en op het plafond zijn vogels in bomen geschilderd. Prachtig gewoon, de kleuren waren nog heel goed, ik heb er ademloos naar staan kijken.
    Als het weer zo helder is als vandaag, kun je kilometers ver kijken. Onderweg was niet veel te eten, maar ik heb wat brood gekocht, een paar appels en een paar yoghurtjes. Ik had nog wat pate, dus het werd heus nog smullen zo in de buitenlucht, ik kon het niet eens op.

    Nu zit ik in Friol en dat is weer een echt dorp met winkels en zo. Ik bivakkeer in een pension-restautant en ik kan er vanavond eten voor een tientje inclusief wijn, water en brood. Dus het gaat helemaal goed met pelgrim Theo.
    Morgen nog 1 dagje in deze stilte en dan kom ik weer op de Camino del Norte uit. Je ziet hier geen pelgrims, dat komt waarschijnlijk omdat dit een omweg is. Het is een alternatieve route, die misschien alleen maar in mijn Duitse gidsje staat. En onze Spanjaarden gaan so wie so niet omlopen.
    Morgen zal ik weer niet veel tegenkomen, dus dat wordt weer broodje en appeltje mee.

    '

    18-9-2009: Het thuisfront

    Hallo allemaal,
    Ik heb gegoogled voor Corniello de Holanda, maar kom dan op mijn eigen website terecht, dus dat heeft niet veel zin.
    Verder zitten we hier thuis met een ernstige communicatiestoornis, de modem heeft het begeven, zodat we geen internet hebben, maar ook geen telefoon, wie me belt krijgt voortdurend de in-gesprek-toon. Ik ben dus voorlopig alleen te bereiken op mijn mobiele nummer.

    Ik probeer de website bij te houden op de laptop van Marnix, die mobiel internet heeft, maar dat gaat nogal traag en gisteren kwam ik er helemaal niet bij.
    Als er dus geen nieuws op de website is: sorry, dat is overmacht!

    Thu
    17
    Sep '09

    Weer een vrije dag

    Nou, op mijn vrije dag loop ik bijna net zoveel als op een andere dag, maar dat mag me de pret niet drukken.
    Eerst heb ik op mijn dooie gemak ontbeten en daarna was het tijd voor de rondwandeling over de muren van Lugo. De stad is echt helemaal ommuurd met heel veel poorten. Er is ook een poort naar Santiago en daar is een standbeeld van Jacobus op zijn paard. Ernaast is de gedenksteen van Alfonso II, die de Jacobsweg gevestigd heeft. De muren stammen al uit de 1e en 2e eeuw na Christus en in de Middeleeuwen is er nog een stuk opgezet. Het geheel is Unesco monument, omdat het de enige stad in Europa is, die nog helemaal ommuurd is.
    Uiteraard ben ik ook in de kathedraal geweest, waar net een bijzondere dienst werd gehouden: allemaal priesters met prachtige gewaden en mannen met vaandels, die in een plechtige stoet door de kerk schreden. Een mooi gezicht tot het moment dat iedereen zat. Toen werden diezelfde vaandels die zo eerbiedig waren rondgedragen, even over alle schouders heen naar achteren gesleept omdat ze anders in de weg stonden. Geweldig vind ik zoiets, die tegenstelling tussen grote ernst en nonchalance. Ik heb helaas weinig kunnen filmen, want tijdens de dienst was het uiteraard verboden om te filmen of te fotograferen. Dat vond ik wel logisch, maar kennelijk niet iedereen, want er kwam een enorme flits van een fototoestel. En ja, de fotograaf werd dan ook onmiddellijk uit de kerk verwijderd. In de kerk zijn een paar altaren, die gemaakt zijn door ene Corniello de Holanda. Ik heb Gery gevraagd eens te googlen en te kijken of ze iets over hem kan vinden. Het is in ieder geval een erg mooie kathedraal.
    Toen was het tijd voor een uitgebreide lunch. Ik kwam langs een heel goed restaurant met heel goede prijzen, zal ik maar zeggen. Maar op een briefje bij de menukaart stond dat ze ook een pelgrimsmenu hadden voor 15,90 euro. Dus dat heb ik genomen en dat bleek dan ook nog inclusief wijn en water te zijn. Het was erg lekker en ik werd met dezelfde egards behandeld als iedereen, alsof ik het duurste menu genomen had. Na het eten kreeg ik zelfs nog een orujo geserveerd, een soort armagnac of cognac bij de koffie.
    Verder ben ik naar het internetcafe geweest om de kaartjes op de website te zetten, maar ik begreep van Gery dat er ernstige problemen met de modem zijn, dus ik weet niet of ze die nog op zijn plaats kan zetten.
    Straks ga ik nog even terug naar de kathedraal om een stempel te halen en dan zal ik vanavond genoegen nemen met een eenvoudige pizza.
    Het heeft de hele dag geregend, dus ik heb een inschuifbare paraplu gekocht die ook in mijn rugzak kan.
    En morgen ga ik weer lekker op pad.

    Wed
    16
    Sep '09

    Geen droge draad aan mijn lijf

    routekaartje

    Vanmorgen bij het vertrek begaf ik mij rechtstreeks in gigantische stortbuien. Het hoosde echt van de lucht. Er stond een hele harde en hele koude wind bij, waar ik tegenin moest en verder moest ik ook nog meteen gaan klimmen. Dus ik was een beetje zielig, toch? Om een uur of 11 werd het even minder, maar toen zat ik aan de koffie en meldde blij aan Gery dat het minder regende. Dat had ik beter niet kunnen doen, want nadat de koffie op was en ik weer op weg, hoosde het opnieuw. Ik had echt geen droge draad meer aan mijn lijf.
    Maar ziedaar, aan het begin van de middag hield het min of meer op met regenen en heb ik zelfs nog even in de zon gelopen. Er waren wel steeds buitjes, maar dan werd het tussendoor ook weer droog. Het enige lastige daarvan is dat je steeds je poncho aan of uit moet doen. Als je denkt dat het een klein buitje is en besluit je poncho niet te pakken, blijk je toch erg nat te worden en als je besluit je poncho aan te houden tot de volgende bui, blijft het langer droog en zweet je je een ongeluk. Ik liep steeds op met een Spaans stel, dan liep ik weer voor en dan haalden zij me weer in en omgekeerd. Jason heb ik ook een keer gezien, maar die loopt veel harder dan ik. Hij heeft net zo’n zware rugzak als ik, maar wij hebben eendrachtig besloten dat er echt niets uit kan.

    Na het koffiedrinken was er de hele weg niets meer waar je nog iets kon eten of drinken, dus dan zie je elkaar ook niet, want iedereen loopt door. Het is duidelijk te merken dat we hier in Galicië zijn, overal kleine dorpen met altijd een boerderij erbij en overal alle beesten die gewoon over de weg scharrelen: kippen, geiten en zo. Dus loop je ook overal door de stront van die beesten, maar ach, dat glijdt onderweg wel weer van je zolen af.

    Om 3 uur was ik aan de rand van Lugo, dus ik dacht er toen snel te zijn, maar dat viel nog behoorlijk tegen, want er waren nog heel veel industrieterreinen en buitenwijken te overbruggen voor ik in het centrum was. Toen had ik 32,7 km onder de voetzolen zitten. Uiteindelijk arriveerde ik in het centrum van Lugo, dus toen snel naar de VVV. Ik kan namelijk niet in een refugio slapen, want ik neem morgen een vrije dag, dus blijf hier 2 nachten en in een refugio mag je maar 1 nacht blijven, dus dat gaat helaas niet. Deze hadden jullie nog niet gehoord, hè? Bij de VVV kreeg ik het adres van een pension en nou kan je het wel of niet geloven, maar het is echt waar: ik heb een kamer, een eigen badkamer, een tv op de kamer en mijn was wordt gedaan. Voor dat alles betaal ik dan € 18. Het mooiste is dat ik voor dat geld dan ook nog op 50 meter afstand van het oude middeleeuwse centrum zit. Het is en blijft ongelooflijk.
    Lugo is een indrukwekkende stad met een heel oud centrum. Bovendien zijn alle stadsmuren nog helemaal intact en het schijnt dat je dus de hele stad om kunt lopen over die muren. Dat ga ik morgen doen. En op mijn dooie gemak eten, beetje uitslapen op mijn manier en zo kan het leven van een pelgrim heel aangenaam zijn; ik geniet er nog steeds erg van.

    Tue
    15
    Sep '09

    Koud, koud

    routekaartje

    Vanmorgen, toen ik vertrok, miezerde het. Daarna ging het even heel hard regenen en vervolgens werd het droog, maar meteen ook erg koud. Er staat nu een harde, koude wind en ik loop de hele dag met mijn fleecejack aan.
    Het was een doodnormale dag vandaag. De route is mooi, maar je gaat wel heel erg op en neer. Ik heb een stukje gelopen met Duitse Erica, een stukje met Amerikaanse Jason en toen ik bij de albergue van Codabo arriveerde, was ik het hele koor weer tegengekomen onderweg. Zo gaat dat op deze route, je loopt allemaal elke dag dezelfde afstand en komt ‘s avonds in dezelfde plaats terecht. Onderweg kom je geen andere albergue of overnachtingsplaats tegen, dus dan kun je niet stoppen en als je nog verder wilt lopen, moet je meteen minstens 20 km verder en dat doet geen mens natuurlijk. Dat is wel grappig, want als je eenmaal op de camino Frances bent, heb je elke paar kilometer wel een overnachtingsplaats, dus dan loopt het weer heel anders.
    De albergue hier in Cadabo is modern, mooi, maar geen historie natuurlijk. Het blijft moeilijk kiezen tussen hotel of albergue, want het heeft allebei zijn voor- en nadelen. In een albergue is iedereen en zijn er dus andere pelgrims en dat is hartstikke gezellig, maar het is ook heel veel herrie en drukte en niet zo lekker slapen over het algemeen. In een hotel of pension heb je alle rust, een eigen kamer, maar daar mis je weer de gezelligheid en de ontmoetingen met andere pelgrims. Enfin, hier hoefde ik niet te kiezen, dus dat is makkelijk. Er is hier een restaurant bij de albergue, dus over het eten hoef ik me geen zorgen te maken.
    Even ter informatie: het is nog 134 km en 622 meter naar Santiago. Dat staat hier op een paaltje. Vooral die meters doen het hem natuurlijk, want is dat nou tot het plein van de kathedraal? Tot het beeld van Jacobus in de kathedraal? Ik weet het niet, dus het zou zo maar kunnen dat ik 134 km en 650 meter loop of 134 km en 600 meter. Ja, een pelgrim kan zo zijn zorgen hebben, dat zie je maar weer.
    Alle gekheid op een stokje, ik ga vroeg op stok vanavond, want morgen moet ik een stuk van 32 km afleggen. Korter kan niet, want er is geen plaats om te overnachten. En het weerbericht meldt dat er morgen veel regen is. Op het journaal hier trouwens wordt gezegd dat er heel veel regen in Noord-Spanje is gevallen, veel overstromingen, het schijnt noodweer te zijn overal. Dus ik heb tot nu toe behoorlijk mazzel gehad wat het weer betreft.
    Morgen hoop ik in Lugo aan te komen. Dan ben ik bijna weer op de Camino Frances, de ‘bekende’ weg zogezegd. Maar ik ben van plan om een dagje in Lugo te blijven, want er schijnt veel te zien te zijn.
    Adios en tot morgen.

    Mon
    14
    Sep '09

    Fonsagrada

    routekaartje

    Zo, ik ben er weer na een stevige wandeling. Het lopen ging weer prima, alleen was het koud in de wind, maar in het zonnetje was het wel weer lekker. Eerst ben ik over een punt van 1100 meter hoog gegaan, daarna afgezakt tot 700 meter. Afdalen vind ik lastiger dan stijgen, je moet jezelf dan steeds tegen lopen houden, anders rol je naar benden en dat is uiteraard niet de bedoeling, al zou het wel snel gaan.
    Ik heb vannacht slecht geslapen. We sliepen met 4 man in een heel klein kamertje en die Spanjaarden willen niets openzetten. Die worden al zenuwachtig als de deur openstaat, laat staan een raam. Maar zodoende werd het natuurlijk bloedheet en kun je niet slapen. Dan ga je naar alle geluiden van je mede kwamerbewoners liggen luisteren en dan lukt het helemaal niet meer natuurlijk.
    Vanmorgen zaten we met zijn allen aan het ontbijt. Hier staat altijd een tv aan, waar je ook bent, dus we zagen op het journaal Angela Merkel over iets praten. Ze synchroniseren hier alles na, dus je hoort haar niet, alleen de Spaanse vertaling. Zegt een van onze Duitsers: “Hè? Ik wist helemaal niet dat ze ook Spaans spreekt!”

    Om 3 uur vanmiddag was ik in Fonsagrada en omdat ik vannacht niet goed geslapen hebm heb ik een mooie smoes verzonnen om niet in de albergue te gaan slapen. Ik moet namelijk nodig alle batterijen van mijn gps opladen en aangezien dat wel 7 of 8 uur duurt, kun je niet al die tijd een stopcontact bezet houden in de albergue, want iedereen moet wel iets opladen natuurlijk. Dus uit sociale overwegingen en heb ik maar een pension genomen, waar nu alle instrumenten om me heen op liggen te laden. De echte waarheid is dat ik las dat ze ion de albergue een eindje verderop hele smalle kamertjes hebben en dat je daar weer zelf al je eten mee moet brengen en alles zelf klaarmaken. Nou, daar had ik gewoon geen zin in. Ik heb na aankomst lekker gegeten, je kunt hier namelijk voor de lunch rustig nog tot half 4 aanschuiven.
    Fonsagrada is voor de begrippen hier in de omgeving een vrij groot dorp. Er zijn winkels, dus ik ging noeuwe douchegel halen. Ik kom in een piepklein supermarktje, bemand door een mevrouw, maar ik zag alleen grote flessen en daar heb ik niets aan om mee te sjouwen in mijn rugzak natuurlijk. In mijn beste Spaans, dat wil zeggen met de meest weidse gebaren legde ik uit dat ik een kleiner flesje wilde hebben. Zij begreep het, want ze begon een heel verhaal tegen me. Ik begreep echter niets van haar. Dat zag ze en ineens schoot ze in haar slippers, deed de kassa op slot en troonde me mee tot aan de drogist. Toen ik eenmaal op de plaats van bestemming was, wandelde ze tevreden weer terug. De drogisterij werd bemand door vader en dochter. Dat werd weer vleoiend Spaans van hun kant en enig Spaans gebrabbel van mijn kant, totdat vader zich naar de dochter wendde en iets tegen haar zei, waaruit ik begreep dat ze Engels zou kunnen spreken. Dochterlief verschoot hevig van kleur, maar ja hoor, eerst woordje voor woordje, later wat vlotter kwam het Engels eruit en kreeg ik wat ik wilde hebben. Er zijn een heleboel Spanjaarden die best een mondje Engels spreken, maar ze durven gewoon niet. Terwijl ik geen fatsoenlijk woord Spaans spreek, dus als één zich moet generen, ben ik het wel.

    Morgen ga ik weer een berg op van 1000 meter, dan daal ik af tot 700 meter en dan weer omhoog tot 950 meter. Aan het stijgen en dalen is dus nog geen einde gekomen, maar dat geeft niet. Er zijn een stuk of 15 mensen die deze route lopen, dus je komt elkaar nu bijna elke dag of avond wel weer ergens tegen. Dat zal wel zo blijven tot we in Lugo zijn, dan valt deze groep weer uit elkaar.

    Sun
    13
    Sep '09

    De groeten aan onze Jaap

    routekaartje

    Vanmorgen begon ik na 10 minuten al met een flinke klim en daarna was het afdalen geblazen van 1100 meter hoogte naar het stuwmeer op 100 meter hoogte. Dat was weer zoiets wonderlijks: Ik liep letterlijk de bergen uit. Tot aan het stuwmeer was het een echt berglandschap, daarna veranderde het landschap als bij toverslag. Het was totaal anders: ik liep plotseling door de heuvels, veel groener en ik kon kilometers ver kijken. Als ik achterom keek, zag ik de berg met alle windmolens, waar ik vandaan kwam. Het was wonderbaarlijk mooi.
    Ik kwam langs een boerderij, die gebouwd is op de fundamenten van een Middeleeuws hospitaal. Naast die boerderij stond een heel klein kapelletje uit die tijd. Dat was heel erg goed onderhouden, er stond zelfs een kaars in te branden. Het was gewoon aandoenlijk mooi.
    Een eindje verder komt er opeens een klein busje aan met een Belgisch kenteken en 7 vrouwen erin. Dus ik zei op zijn Nederlands goeiemorgen en er brak een luid gejubel los. Dat was wel erg grappig. De chauffeuse vertelde dat een kennis van haar (“wel een Waal, hoor”, zei de Vlaamse alsof het om een ander soort ging) naar Santiago was gelopen,en dat ze die in Santiago had ingehaald. Daar was ze zo enthousiast over geworden en had daar zo enthousiast over verteld, dat ze nu met vriendinnen de route aan het rijden was. Dat was dus even gezellig om mee te praten en toen we afscheid namen, riepen ze me na: “Doe de groeten aan onze Jaap, hè”, waarmee ze St. Jacques bleken te bedoelen. Dat zijn toch leuke dingen?
    Het weer is nog steeds schitterend, overdag zo’n 25 graden, maar ‘s nachts is het al behoorlijk koud. De bossen beginnen hier al een herfstkleur te krijgen.

    Ik had in Grandas kunnen stoppen, maar heb besloten nog 6 km door te lopen naar Castro. Daar vond ik alle pelgrims op de stoep van de herberg zitten. Jason was er, het meisje dat ik een eindje meegenomen heb ook (die was weer een stuk met de bus gegaan) en verder waren er weer alle nationaliteiten: Spaans, Duits, Amerikaans, Zwitsers, Fins, Nederlands. Het leuke is dat je onderweg goeie vrienden maakt, maar niet gebonden bent. Soms loop je een eindje met elkaar op, maar dan ga je ieder weer je eigen weg of je loopt weer met een ander op. Alles is goed, je hebt geen enkele keer het idee, als je een poosje met iemand loopt, dat je de volgende dag dan weer met dezelfde persoon moet lopen of met elkaar moet vertrekken of zo. Iedereen gaat zijn eigen weg en ergens ontmoet je elkaar dan weer. Een van de Duitse dames heeft ook de GR 10 gelopen dwars door de Pyreneeën van St Jean Pied de Port naar Hendaye. Zij vond het ook heel erg zwaar en meer bergbeklimmen dan wandelen. Dus daar konden we samen even lekker moeilijk over doen.
    Maar goed, we hebben zo’n anderhalf uur op de stoep gezeten voor we naar binnen mochten en waarom dat was, weet niemand. Het is hier een privé herberg en niet goed georganiseerd dus. Bovendien staan er veel te veel bedden bovenop elkaar, dus je loopt elkaar steeds in de weg. Kosten € 13 en voor je nu denkt dat je voor dat geld niets mag verwachten, meld ik even dat de herbergen in Galicië, de regio waar we morgen in komen, van de staat zijn en vaak gratis.
    Maar alla, het voordeel hier is wel dat we vanavond kunnen eten en morgenochtend een ontbijt kunnen krijgen, dus ik zal niet zeuren.
    Morgen is er de eerste 20 km helemaal niets, geen barretje of zo, totaal niets, dus het is wel handig als je dan tenminste hebt ontbeten. Waar je onderweg nooit gebrek aan hebt, is water. Dat komt zo uit de berg stromen en is het lekkerste water dat ik ooit geproefd heb: heel helder en heerlijk fris, zonder ijskoud te zijn. Waar vind je dat nog?

    Sat
    12
    Sep '09

    Zwaar, maar erg mooi

    routekaartje

    Het was een stevig dagje vandaag, maar echt schitterend. Om 7 uur vanmorgen vertrok ik in het donker en beleefde weer het fenomeen van de ochtendnevel, die langzaam optrok en de lucht die steeds blauwer werd. Het is en blijft een schitterend gezicht. Toen was het dus klimmen geblazen en stevig ook, maar om een uur of 11 stonden Jason, die ik onderweg weer tegenkwam, en ik dan bovenop de eerste berg. Dat voelt dan echt geweldig. Het is heel stil en je ziet van alles. We zijn door dieppaarse heidevelden gelopen, waarin nog wilde paarden rondlopen. We passeerden ook het karkas van een paard, dat het kennelijk niet overleefd heeft. Ja, zo gaat dat ook natuurlijk, dat hoort er ook bij. En dan de ruïnes van oude herbergen, het verleden trekt aan je voorbij en als je hier niet tot rust komt, lukt het je nergens.
    De rest van de dag hebben Jason en ik samen gelopen en toen we de tweede berg beklommen, werd het bewolkt en koud. De lange broek moest dus weer uit de rugzak komen en we hadden gewoon ijskoode handen.
    Maar dan daal je weer een beetje af en dan wordt het weer warm met een strakblauwe lucht. Na een stevige tippel waren we om half 6 in Berducedo, waar nog net 1 plaatsje was in de albergue voor Jason. Ik moest nog een eindje verder, maar 500 meter verder vond ik een bed & breakfast, dus ook ik was onder de pannen voor vannacht. Er is hier 1 restaurantje, maar dat is dicht op zaterdag, want dan ‘komt er toch niemand’. Maar de oude mevrouw van mijn bed & breakfast maakt een maaltje voor me klaar, dus ik kom niet om van de honger. Het is wel leuk te merken hoe ze hier nog veel respect hebben voor ons pelgrims, omdat we de ‘hoge’ route hebben genomen. Mensen leven hier erg met je mee en zijn gastvrij en reuze vriendelijk.
    Het enige nadeel is dat ik haast geen bereik heb met de telefoon, iedere keer wordt het gesprek met Gery na een paar zinnen afgebroken, dus het nieuws en verdere verhalen houden jullie even tegoed. Morgen volgt er nog een stevige dag met 1 berg of liever gezegd 1 dal, want ik zit nu op een berg, daal morgen af naar 100 meter en dan weer omhoog. Maar geen nood, het is echt absoluut de moeite waard en ik geniet enorm. O ja, dat vergeet ik steeds te zeggen, maar ik geniet ook erg van jullie berichten op de website. Als ik ze zelf niet kan lezen, leest Gery ze voor en het doet me goed te zien dat jullie meeleven en in gedachten meelopen!
    Even geen kaartjes, dat is hier wat moeilijk, dat zal wel Lugo worden voor het me lukt een internetcafé te vinden.

    Fri
    11
    Sep '09

    Net een schilderij

    routekaartje

    Het was een prachtige tocht; het wordt hier steeds mooier. Als ik wegga, en vanmorgen was dat al voor achten en nog bijna donker, hangt overal nog de ochtendnevel in de dalen. Die zie ik dan langzaam optrekken en dan zijn het net allemaal eilandjes die uit de mist komen. Een prachtig gezicht, net een schilderij. Het is weer erg leuk om over een onbekende route te gaan en ik verheug me op de rest. Het zal best wel heftig worden, want morgen moet er veel geklommen worden. Het is niet eens dat de bergen hier zo gigantisch hoog zijn, want er zijn genoeg bergen die hoger zijn, maar er zijn wel veel steile hellingen, soms wel van 10%. Dat valt voor mijn enkel niet mee natuurlijk. Omlaag gaat het wel, maar omhoog is lastiger, omdat die enkel niet kan buigen. Ik loop dan meestal met mijn linkervoet op mijn tenen. Vorige keren zette ik mijn voet steeds overdwars, maar ik verbeeld mij dat dit beter gaat.
    Enfin, ik ben inderdaad gestopt in Campello en zit nu in een soort pension. Er is een grote landbouwschuur en daar is een verdieping op gebouwd met 4 kamers. Keurig netjes en ik kan hier ook eten. Ik was hier al om kwart over 12, dus heb hier tussen de middag ook al gegeten, samen met een andere pelgrim, Jason geheten. Dat was wel grappig, want toen ik hem zag dacht ik dat het een Duitser was. Hij begon echter Engels tegen me te praten en vertelde me dat hij uit Chicago kwam, dus ik zat goed mis, dacht ik. Ze hebben een familiebedrijf in landbouwproducten en het is de bedoeling dat hij Midden- en Zuid-Amerika gaat doen, dus hij is hier niet alleen op vakantie, maar probeert meteen veel Spaans te oefenen, wat hem zo te horen heel goed afgaat. Volgens hem gaat alles in Chicago nu fantastisch, want “we hebben nu in Chicago een maatschappelijk werker, die zelfs president geworden is”.
    Goed, daarna vroeg hij natuurlijk waar ik vandaan kwam en toen ik zei: “Uit Amsterdam”, veronderstelde hij dat ik ook wel goed Duits zou spreken. En toen kwam het: “Ja, dat zou ik eigenlijk ook goed moeten kunnen spreken, want mijn overgrootvader kwam uit Duitsland”. Zo zie je dus dat afkomst zich niet verloochent, al is het generaties terug. Later kwam ook het meisje erbij dat ik gisteren een poosje onder mijn hoede heb genomen. Ze was vandaag toch weer op weg gegaan, maar zegt nu wel steeds, dat ze af en toe de bus gaat nemen. Dat valt echt niet mee hier, want veel bussen rijden er niet.
    Het eten is hier voedzaam en gezond, maar er zijn geen culinaire hoogstandjes. Dat maakt niet uit, vanavond kan ik hier in ieder geval ook eten. Morgenochtend wil ik vroeg weg, maar er is dan nog geen bar open hier, waar ik ontbijt kan krijgen, dus ik ga straks nog even boodschappen doen en het nodige voedsel inslaan. Het wordt een lange dag, want ik moet eerst de 3 km naar Borres lopen natuurlijk en dan het ‘koningspad’ op. Ik heb al gezegd dat wij als hedendaagse pelgrims op deze route minder verwend worden als de pelgrims van eeuwen geleden, want die hadden onderweg tenminste herbergen en wij alleen de ruïnes ervan. Morgen heb ik 2 hoge punten te beklimmen en zo’n 31 km te lopen. Tot Lugo blijft het een heftige route, maar ik heb er zin in. Ik heb uitgerekend dat ik waarschijnlijk precies aankom in Santiago als Gery en Marnix er ook aankomen. Zij zijn er 22 september en ik hoop dan de 23e in Santiago te arriveren. Daarna wandel ik dan nog 3 dagen naar Finisterra, want dat hoort erbij. Wees gerust, familie, ik zal op tijd terug zijn voor het familieweekend.
    Maar voorlopig scharrelt deze jongen nog even langs ‘s heren wegen.

    Thu
    10
    Sep '09

    Een klein mannetje met een grote rugzak

    routekaartje

    Het was een heerlijke dag vandaag. Vanmorgen vertrok ik in de mist en de nattigheid. Ik had nog geen 20 meter zicht. Ik klom wel hoog, maar ja, ik zag niks. Na een poosje kwam de zon, toen was het nog wel nevelig, maar kon ik wat verder kijken en om 11 uur werd het prachtig weer en genoot ik echt van een prachtige tocht met schitterende uitzichten. Je moet je voorstellen dat je dan door het bos loopt, door beekjes moet waden, langs watervalletjes loopt en dan af en toe een prachtig uitzicht hebt op het dal. Dat is toch geweldig? Als die beekljes niet diep zijn, kun je er zo doorheen lopen, maar als ze dieper zijn, liggen overal ‘stapstenen’, zodat je van de ene steen op de andere steen kunt stappen. Als ik dat doe, denk ik aan alle mensen die dat voor mij hebben gedaan, want die stenen liggen er al ik weet niet hoe lang. Onderweg zijn er ook stukjes die min of meer ‘geplaveid’ zijn, althans er zijn stenen neergelegd en soms zie je ook echt uithollingen in de stenen, waar karren overheen gegaan zijn. Eeuwenlang ligt dat daar al en zijn er mensen overheen gelopen. Ik kom over bruggetjes. waar bordjes bij staan dat ze uit de 13e eeuw zijn. Daar mag ik dan, nadat er eeuwenlang mensen overheen gelopen zijn, ook overheen lopen. Terwijl ik dat doe, zie ik dan 100 meter boven me op pijlers tegen de berg aan een moderne autosnelweg. Wat een contrasten.
    Het is jammer dat ik mezelf niet kan filmen, want het moet een koddig gezicht zijn: een klein mannetje met een veel te grote rugzak dat tegen een berg opklautert. Als ik nog eens iemand tegenkom, zal ik vragen of ze me willen filmen.
    Vandaag kwam ik een meisje uit Madrid tegen, die het helemaal niet meer zag zitten en nou had ze ook nog gelezen dat het de komende dagen nog erger zou worden, dus nou zag ze het helemaal niet meer. Ik heb me dus maar een beetje over haar ontfermd en heb haar meegenomen tot de eerstvolgende bar. Daar had ze razendsnel een lift te pakken naar Tineo. Wellicht put ze daar de energie uit om morgen toch maar verder te gaan. Ik moest toen nog 6 km lopen, toen was ik ook in Tineo. Ik ben vandaag tot 700 meter geklommen en vervolgens weer een stukje naar beneden en nu zit ik op 400 meter ongeveer.
    Morgen wil ik stoppen in Campello, dat is 4 km voor Borres, daar is een Casa Herminia met 8 bedden, dus ik kijk of ik daar kan overnachten. Mocht dat niet lukken, dan doe ik in Campello de boodschappen en wandel ik nog 3 km verder naar Borres. Ik ben van plan om vanaf daar de hoogste route te nemen. Dat is de meest traditionele en daar zijn langs de route nog de ruines van vroegere herbergen. Dat lijkt me mooi om te doen, je gaat dan echt over de kam van de bergen. Wel zwaar en geen ‘uitspanningen’ onderweg, maar goed. Tot nu toe gaat alles prima, dus het moet kunnen. Adios!

    Wed
    9
    Sep '09

    Berg op, berg af

    routekaartje

    Vanmorgen was het fris en nat. Niet van de regen, maar van de mist. ik liep zogezegd met mijn hoofd in de wolken. In de loop van de dag trok de mist wel op, maar de wolken bleven, dus ik heb geen zon gezien. Het begint nu ook weer flink te klimmen en te dalen. De route is verder eenzaam, er is onderweg niets aan dorpen of iets dergelijks. Zelfs geen barretje waar je even kunt stoppen om koffie te drinken. Er zijn wel overal bronnen waar je water kunt tappen, dus drinken kan ik genoeg. Als je nergens kunt stoppen, haal je ook geen mensen in of halen zij jou in, zodat ik vandaag niemand heb gezien. Gery vraagt steeds of ik dat niet erg vervelend vind, maar eerlijk gezegd vind ik het niet erg. Ik loop lekker overdag en ‘s avonds ben ik toch weer onder de mensen.
    Van al dat geklim en gedaal ga je flink zweten, dus je drinkt veel en vanmiddag had ik het lekker warm, ondanks de bewolkte lucht. Om 3 uur was ik in een hotelletje in Salas en dat is weer een echt dorp met alles erop en eraan. Overmorgen hoop ik in Borres te komen en daar schijnt helemaal niets te zijn, alleen 1 refugio waar je zelf voor eten moet zorgen. Dus daar zal ik ongetwijfeld andere pelgrims ontmoeten, want ze zijn er wel….ergens….. Dan is het uit met de luxe hotels en afgelopen met het luxe leventje.
    Vanaf Bores zijn er dan 2 alternatieven van de camino primitivo: ik kan hoog over de bergkam of lager. Dus dan moet ik een keuze maken. Ik weet nog niet wat ik ga doen, ik kijk eerst even hoe het de komende dagen bevalt, maar in principe voel ik het meest voor de hoge route. Ik ben hier tenslotte maar één keer. We zullen zien!!

    Tue
    8
    Sep '09

    Cider schenken

    routekaartje

    Ik kom nog even terug op de post, nu ik merk dat mensen een kaartje hebben gestuurd, maar denken dat ze die te laat verstuurd hebben. Dat kan natuurlijk zo zijn, maar er is ook een andere mogelijkheid: als je namelijk op de envelop hebt gezet: ‘Theo den Otter’ of ‘dhr M.J,. den Otter’ of zoiets, dan is hij waarschijnlijk wel aangekomen, maar krijg ik hem gewoon niet. Ze kijken namelijk in mijn paspoort en als de naam niet precies klopt, gaan ze ervan uit dat ik datr dus niet ben.. Ze snappen niet eens dat Mattheus Jan mijn voornaam is, en ik kan niet uitleggen dat “Theo” hetzelfde is als Mattheus Jan en dat den Otter mijn achternaam is en niet mijn voornaam.. Je moet dus echt adresseren aan: DENOTTER, MATTHEUS JAN. Het is maar een weet. Maar wees gerust, ik weet dat jullie meeleven en aan me denken, hoor!

    De eerste etappe van de Camino Primitivo leverde niet al te veel problemen op. Het ging wel een beetje op en neer, maar het was een rustuge weg en goed te belopen. Vanmorgen ben ik eerst wel anderhalf uur aan het lopen geweest voor ik eenmaal de stad uit was. Er zijn nog geen echte bergen, die beginnen morgen, maar vanuit de stad liep ik naar boven de heuvels in en als je dan naar beneden keek, zag je in de dalen de nevel hangen. Dat is een erg mooi gezicht.
    Het is hier heel dun bevolkt. Er zijn af en toe wel piepkleine dorpen, waar een paar mensen wonen, maar ik heb de indruk dat er meer huizen zijn dan mensen. Meestal zijn het echt gehuchten: een paar huizen en een kerk.

    Onderweg ging ik in een barretje wat drinken. In dat barretje stond een mevrouw, die alleen Spaans sprak, maar met handen en voetenwerk probeerden we toch een gesprek te voeren. Toen kwam er een meneer binnen, die cider bestelde. Dus ik maakte het gebaar van hoe ze hier cider schenken: de fles hoog in de lucht, het glas beneden en dan maar mikken. Dat vond die meneer zo leuk, dat hij mij acuut ging leren hoe ik cider in een glas moest schenken. Hij deed het voor en dat ging van een leien dakje natuurlijk. Toen moest ik het doen en ik bakte er geen hout van. Na heel veel tobben en proberen had ik eindelijk een glas vol. Toen bleek dat je dat glas dan in één teug leeg hoort te drinken. Ik dus ook en dat heb ik ook gedaan, maar ik verzeker jullie dat dat een hele slok is. En de Spaanse cider lijkt toaal niet op de Franse of de Hollandse, volgens mij zit er veel meer alcohol in.
    Enfin, het was wel even erg leuk en ik vervolgde zingend mijn weg tot ik in Grado was. De refugio is 4 km buiten het dorp en daar is helemaal niks, geen cafetaria of zo, dus als je eten wilt moet je weer 4 km terug. Daar heb ik dus geen zin in, vooruitlopen is leuk, maar teruglopen??? Dus ja hoor, het is weer een hotel geworden en weer een kamer met zitje. Grado is een echt levenskrachtig dorp, er zijn winkels, hotels, cafetaria’s, enz. Dus het is hier goed toeven, er is alleen geen internetcafé en dat zal er voorlopig ook wel niet komen. Maar ik bewaar alle kaartjes en dan komen ze er later wel op.

    Onderweg is het trouwens nog steeds stil. Ik heb vandaag 2 fietsers gezien en ik ben 3 pelgrims voorbijgelopen, die water stonden te tappen. En dan zag ik nog wat Spaanse wandelaars, maar die hadden zelfs geen klein rugzakje bij zich, dus die maakten even een ommetje. Ik vind het n iet erg, ik vermaak mij prima. Nog 14 dagen, dan ben ik alweer in Santiago de Compostela, mag ik hopen. Wat gaat het toch allemaal snel eigenlijk.
    Zonet zat ik op mijn balkonnetje een sigaartje te roken toenb er nog 2 pelgrims voorbijkwamen. Die gingen nog door naar de refugio, 4 km verderop. Het meisje keek jaloers, zij voelde er veel voor maar in het hotel te blijven, maar de jongen was onverbiddelijk. Zij moeten wel erg laat vertrokken zijn vanmorgen, want het is nu kwart voor 8 en ze moeten nog een uur lopen. En dan nog een maaltijd klaarmaken, arme mensen! Voor mij valt het ook n iet mee, want ik moet tot half 9 wachten voor ik kan eten. Ik heb geprobeerd of het niet wat vroeger kon, maar nee, we gaan niet midden op de dag zitten eten! Omdat ik tussen de middag ook niet gegeten heb, moest ik mij behelpen met een kop koffie en gebak. ‘t Is toch wat!

    Gery vertelde dat het vandaag 27 graden was bij jullie. Nou, hier was het vandaag bovend de dertig! Ja, ik wou het toch maar even zeggen!
    Gegroet gij allen!

    Mon
    7
    Sep '09

    Oviedo

    routekaartje

    Toen ik vanmorgen op mijn kaartje stond te kijken waar ik heen moest, kwam er een meneer van middelbare leeftijd naar me toe die in perfect Engels vroeg of hij me kon helpen. Ik zei dat ik naar de kerk moest en toen is hij wel een kilometer met me meegelopen om me te brengen. Hij vertelde dat er meer Spanjaarden zijn die Engels spreken dan je zou denken, maar dat ze bang zijn om fouten te maken. Bovendien wordt het ook niet door de regering aangemoedigd.
    Opgewekt begon ik daarna aan mijn wandeling en het was een relaxed loopje vandaag, want ik hoefde maar 17 km, dus een wandelingetje van niks. Het was een rustig weggetje en minder saai dan gisteren. Het ging weer een beetje op en neer en onderweg kwam ik langs een paar aardige kasteeltjes.
    Ik had wel gedacht dat Oviedo een stadje was, maar het is gewoon een grote stad, ik heb wel anderhalf uur door de buitenwijken gelopen voor ik in het centrum was. Daar was ik om 1 uur en de albergue gaat pas om 5 uur vanavond open. Ik had niet zo’n zin om de hele middag met mijn rugzak door de stad te lopen, dus ik heb weer heel luxe een hotel genomen. Ik heb nu zelfs een zitje op de kamer, het gaat van kwaad tot erger met pelgrim Theo. Je kunt nu moeilijk nog van ‘afzien’ spreken toch?
    Vlakbij mijn hotel is een cafetaria, daar ben ik tussen de middag gaan eten. Daar bediende een ontzettend aardig meisje. Er was nog maar 1 tafeltje vrij en dat stond in de zon achter het raam, dus het was er warm, maar ja, beter iets dan niets. Op een gegeven ogenblik komt het meisje naar me toe en zegt: “Kom maar, hoor, dan breng ik u even naar een andere zaal, daar is het niet zo warm”. Lief, hè? Dat waren alweer 2 hele aardige en behulpzame mensen op één dag. De wereld is zo slecht nog niet.
    In Oviedo ben ik eerst naar het postkantoor gegaan om naar de post te kijken. Er was bericht van Andries en Rina met een foto van de dag dat ze mij bezochten. Hartstikke leuk, bedankt! En een kaart van mijn trouwe Geertje natuurlijk. Dat was het.
    Toen heb ik de kerk bezocht met de daarbij behorende kloostergang en het museum. Daar ligt onder andere een heel erg mooi gouden kruis, bezet met edelstenen uit 830 na Christus. Toen is dat door ene Pilaryo meegenomen om tegen de Moren te strijden.
    O ja, en in de kerk was een kapelletje met aan weerszijden beelden van 2 heiligen om de ingang te bewaken. Geloof het of niet, maar die ene heilige, ik weet niet wie het was, maar die lijkt sprekend op Arij. Echt waar, hij was het gewoon, dezelfde houding, hetzelfde gezicht. Ik heb hem dan ook even begroet: “Dag Arij, jij ook hier?”

    Na deze ontspannende bezigheden begon de strijd weer om de kaartjes op de website te krijgen. Een heksentoer was het deze keer. Ik ben 3 internetcafé ‘s af geweest en toen was het nog niet gelukt. Erger nog, toen deed ineens mijn gps het ook niet meer. Ik kon hem niet meer uitzetten en niet meer aanzetten. Daar kreeg ik behoorlijk de pest over in, want net nou begint de Camino Primitivo. Ik heb het opgegeven en Gery gebeld dat het niet ging lukken en dat de gps het niet meer deed. Die wist het natuurlijk ook niet uit de verte en zei: “Laat toch zitten, dan maar geen kaartjes”, maar dat is toch jammer eigenlijk. Als laatste redmiddel besloot ik vanavond Marnix te bellen, misschien kon die me raad geven.
    Enfin, door al dat gedoe wist ik ook niet meer waar mijn hotel was, ik heb steeds maar overal rondgelopen natuurlijk. Ja, ik had de naam van het hotel moeten onthouden, dan had ik de weg kunnen vragen, maar die wist ik ook niet meer. “Nou, het moet al heel gek gaan als ik het niet terugvind”, dacht ik en zie………… ik bleek er nog geen 50 meter vandaan te zijn.
    Terug op mijn kamer heb ik de batterijen uit mijn gps gehaald, eens even eraan geschud en zie……….. hij doet het weer! Dus toen ben ik maar weer naar beneden gewandeld, naar de computer van het hotel en Gery meldde me zojuist dat de kaartjes er keurig opstaan! Dus jullie zien, ik heb er heel wat stress voor over om jullie te plezieren. Ik vind dat ik nu mijn eten wel weer verdiend heb. Tot morgen maar weer.

    Sun
    6
    Sep '09

    Fleecejack aan

    routekaartje

    Het eten gisteravond was slecht, maar het gezelschap maakte veel goed. Het was erg gezellig.
    Ik heb het vannacht ontzettend koud gehad. Ook vanmorgen, toen we op weg gingen was het koud, mijn fleecejack kon het niet aan. Ja, stil maar, ik weet dat het bij jullie kouder is en herfstachtig en ik weet dat het vanmiddag hier weer 29 graden was, maar vanochtend had ik het gewoon koud. Ziezo, nou weten jullie het.
    Gelukkig moesten we vlak na het vertrek heel fors klimmen, 400 meter omhoog op een paar km, dus dat was heftig en daarna had ik het dus niet koud meer. Na die klim ging de weg weer een beetje naar beneden en de rest van de tijd bleef dat zo en liep ik over een asfaltweg. Dat loopt wel makkelijk, maar is nogal saai. Vanmorgen liep ik met de Fransen uit Lyon, met wie ik gisteravond ook gegeten heb, later weer alleen.
    Ik ben al vroeg gestopt, iets na de middag, in Pola de Siero. Ik had wel door kunnen lopen naar Orviedo, maar dan had ik toch morgenochtend eerst naar het postkantoor gegaan om te zien of er post is. “Ik kan eigenlijk net zo goed morgen gaan lopen”, dacht ik zo.
    Dus ik had een vrije middag. Die heb ik nuttig besteed door eerst eens uitgebreid te gaan eten. Ik heb tussen de middag 2 uur aan tafel gezeten en ontdekt dat je hier eigenlijk tussen de middag moet eten, want dan eten ze de heerlijkste zaken en ‘s avonds raffelen ze het een beetje af.
    Ik veronderstelde dat Pola de Siero wel een dorp zou zijn, omdat er een hotel is, maar het is een echte stad. Niet al te groot, maar wel een echte stad. Leuk, hoor!
    Na het eten heb ik de was gedaan, gedoucht en toen was het luieren geblazen: in de zon, op mijn balkon, sigaartje in de mond………

    Sat
    5
    Sep '09

    Lopen, lopen, lopen

    routekaartje

    Gisteravond hebben we met zijn tienen zitten eten: 3 Oostenrijkers, 1 Duitser, 1 Française, 3 Spanjaarden, 1 Bask en mijn persoontje. Internationaal dus en na het eten spraken wij alle talen. Reuze gezellig.

    Vanmorgen om kwart voor 8 liep deze jongen alweer over de weg te slenteren, het eerste stuk samen met Martin uit Duitsland. Die vertelde dat hij de eerste keer naar Santiago was gelopen, omdat zijn broer van 14 jaar, toen hij zelf 18 jaar was, is verongelukt en hij daar totaal niet mee uit de voeten kon. Het meeste indruk heeft toen het Cruz de Ferro op hem gemaakt. Nou, daarin konden wij elkaar wel vinden.
    Daarna heb ik een stuk gelopen met een Canadese uit Quebec van Italiaanse afkomst. Zij spreekt Engels, Duits, Frans, Italiaans en Spaans. Fantastisch als je zoveel talen spreekt, lijkt me.
    Toen we in Villaciosa kwamen, het doel voor vandaag, was het daar een gigantische bende, omdat er groot feest was. Nou is het erg leuk voor de bewoners dat er een groot feest is en ik gun het ze ook van harte, maar waarom moeten dan zo nodig alle bedden in het dorp bezet zijn? Waarom feesten ze niet gewoon de hele nacht door? Dan zou er tenminste voor mij ook nog een bed geweest zijn. Nu was er met geen mogelijkheid een slaapplaats te bemachtigen en er is ook geen refugio. Dus er zat niets anders op dan maar door te lopen. Hup in de benen en nog 10 km verder naar de volgende gelegenheid.

    Om kwart over 6 vanavond kwam ik in Valdedios aan en toen had ik 38 km afgelegd. Niet gek voor een ouwe baas. Ik heb een slaapplaats gevonden in een deel van het klooster en die 10 km doorlopen zijn helemaal beloond, want dit is het mooiste klooster dat ik ooit gezien heb. Het is prachtig. Van het originele klooster staat alleen nog een klein Romaans kerkje, maar dat is schitterend gewoon. Ik was net op tijd voor de avondmis en voor wat hoort wat natuurlijk, dus daar ben ik heen gegaan. En daar heb ik absoluut geen spijt van, want de monniken hebben zo schitterend gezongen, prachtig gewoon. Zo zie je maar weer, die 38 km ben je zo weer vergeten als je zoiets moois ziet en hoort.

    Ik ben nu van de Camino del Norte afgeweken en aan de nieuwe gids begonnen. Eerst naar Orviedo en daar begint officieel de Camino Primitivo. De omgeving en de route zijn dus weer geheel nieuw voor me, want hier ben ik nog nooit geweest! Ik heb er zin in!

    Fri
    4
    Sep '09

    Poncho aan, poncho uit

    routekaartje

    Ik dacht al: “Zou het altijd zulk mooi weer blijven?” Nee dus. Vanmorgen ben ik in de regen op weg gegaan, dus de poncho aan. Daarna werd het weer even droog, dus poncho uit. Vervolgens kwam de ene gigantische bui na de andere over met steeds even droog daar tussenin, dus poncho aan, poncho uit. Nou kun je wel besluiten de poncho maar aan te houden, omdat het toch weer gaat regenen, maar dat loopt niet zo lekker en bovendien krijg je het dan erg warm.
    Behalve het feit, dat ik dus steeds aan de kant moest voor die poncho en behalve het feit dat ik af en toe moest schuilen als het al te erg werd, was het een rustige wandeling. Onderweg kwam ik alleen een Engelse fietser tegen en we hebben een poosje staan praten. Hij rijdt ongeveer 80 km per dag, alleen vandaag niet, want hij had zich verslapen.
    Vanmiddag had ik het probleem van de poncho niet meer, want toen regende het gewoon aan één stuk door.
    Tegen 3 uur ben ik gearriveerd in La Isla. Hetr wasje doen en lekker douchen is dan het eerste werk. Gisteren kwam ik langs een kapper en daar ben ik naar binnen gestapt om mijn haar te laten knippen. Ik dacht: “Dat gaat in één moeite door”. Het meisje dat mijn haar knipte, sprak geen woord buiten de deur. Ik spreek geen Spaans, dus het was een zwijgzame sessie. Maar ik ben weer een pront ventje.
    “La Isla” klinkt erg mooi, maar in de praktijk stelt het niet veel voor. Op 50 meter afstand van de kust ligt een rots in zee. Aan de kust zelf is een strand, er staan een paar villa’s, er zijn 2 hotels, 1 cafetaria en 1 restaurant en dan heb je het wel gehad. Geen internetcafé, dus geen kaartje vandaag. Als het mooi weer is, schijnt het hier overvol te zijn, zodat je echt nergens meer kunt parkeren, maar met dit weer is er geen levende ziel te bekennen natuurlijk. Met die regen en die kou! Ik spreek over kou, want het is maar 22 graden hier, maar Gery zegt dat het bij jullie maar 16 graden is. Ik zal dus niet klagen, alleen zeggen dat het warmer kan.
    Morgen hoop ik tot Villaviciosa te komen en de dag daarna ga ik dan weer het binnenland in, de Camino Primitivo op, de route die ik nog niet gelopen heb. De berichten daarover zijn verschillend: de een zegt dat er niets aan is, want het is er eenzaam en de afstanden per dag zijn groot, omdat er weinig overnachtingsmogelijkheden zijn. De ander roept dat het de mooiste route is die hij ooit heeft gelopen. Ik ben benieuwd, ik kijk ernaar uit.

    Thu
    3
    Sep '09

    De herberg is vol

    routekaartje

    Gisteravond heb ik heel goed gegeten. Ik word het dagmenu een beetje zat, want dat is in alle restaurants bijna hetzelfde, dus ik heb een mevrouw die een beetje Frans sprak, gevraagd naar een goed restaurant. Dat heeft ze me gewezen en daar zou ik ook al om half negen terecht kunnen.
    Dat kon ook wel, ik mocht gewoon binnen, werd aan een tafeltje geïnstalleerd, maar kreeg geen eten voor 9 uur. Voor die tijd werden er alleen maar ‘omtrekkende bewegingen’ gemaakt: servet gebracht, brood gebracht, water gebracht, enz. En toen het 9 uur was, kwam het eten op tafel. Het kan gewoon niet hier in Spanje, vroeg eten, om half 9 eten is net zoiets als bij ons om half 5 gaan eten. Het voegt gewoon niet.
    Het eten was erg lekker: iets met asperges vooraf, een sole mio (soort biefstuk) met gebakken aardappeltjes en sla en een heerlijk dessert toe. Daarna kreeg ik koffie met cognac van het huis, dus ik ging goed gevoed en voldaan naar bed.
    Vandaag heb ik weer lekker op mijn gemakje gelopen, weer zonder medepassagiers. Aardig is dat, ik loop nu voor de derde keer, maar iedere keer is anders. Dit keer zijn er minder pelgrims onderweg, ik denk dat dat komt omdat ze niet in de zomer willen lopen, maar het lopen gaat zo mogelijk nog relaxter dan de vorige keren. Ik loop gewoon heel lekker.
    Toen ik in Ribadesella arriveerde, was ik eigenlijk van plan nog verder te lopen, maar het werd erg warm, 29 graden aan zee, en ik had geen zin meer. Dus ik ben gewoon gestopt. De jeugdherberg zit vol, dus het werd weer een hotel, Corrie! Een keurige kamer, 50 meter van de zee en inclusief ontbijt € 33. Ik snap echt niet hoe ze het kunnen doen voor dat geld, temeer daar dit toch een badplaats is. Het toerisme wordt nu trouwens duidelijk minder. Er zijn geen gezinnen met kinderen meer bijna, alleen een grote ‘grijze golf’. Bij aankomst in Ribadesella zag ik zowaar ook 2 pelgrims.

    Na het douchen en de was ben ik weer naar de stad gelopen op zoek naar een internetcafé. Ik werd naar de bibliotheek verwezen, daar hadden ze wel een computer, maar geen aansluiting voor de gps. Dus toen heb ik een ander internetcafé gevonden en alle routekaartjes staan er nu weer keurig op! Ik hoorde van Gery dat de website gisteren uit de lucht is geweest, nou, mijn schuld is het niet, ik had niks gedaan! Maar ik begrijp dat Marnix weer druk bezig is geweest en dat ie het weer doet. Marnix: dank, dank, dank!

    Na al deze werkzaamheden is het nu tijd voor ontspanning en ik doe net als de Spanjaarden: ik leef op straat. Dat wil zeggen: ik zit op een pleintje op een terras met een pilsje. Mijn enige zorg is nu dat dit pilsje bijna op is. Dus ik moet weer een nieuwe bestellen. Druk, druk, druk toch!
    O, nu zie ik alweer 2 pelgrims voorbij lopen.

    Wed
    2
    Sep '09

    Barro aan zee

    routekaartje

    Het eerste stuk vandaag was naar Llanes. Nu zijn ze daar het laatste stuk van een autoroute aan het aanleggen en dat houdt in, dat de route zoek is geraakt. Er zijn geen bordjes meer en als ik het gidsje volg, klopt dat van geen kanten.
    Dus gezien mijn ervaringen van gisteren heb ik dat stuk de N 634 gevolgd, dus over de gewone asfaltweg. Dat loopt lekker vlot weg, dus ben ik maar doorgelopen toen ik in Llanes was. Het wordt eentonig misschien, maar ook vandaag valt er eigenlijk niet veel meer te vertellen dan dat ik lekker gelopen heb. De meeste tijd loop ik in mijn eentje. Het lijkt wel of ik iedereen voorbijloop, want ik zie ze 1 dag en daarna zijn ze verdwenen. Ach ja, zo gaat dat.
    Ik heb een stukje gelopen waar de Picos de Europa bijna tot in zee loopt. Er is nog maar een heel smalle strook met een autoweg, een spoorlijn en wat huizen. Dus ik liep met aan mijn linkerkant hele hoge bergen en aan mijn rechterkant de zee. Dat was erg mooi.
    Nu ben ik aangekomen in een hostal in Barro. Dat ligt aan zee, dus het is er aangenaam toeven. Dat kan niet helemaal van mijn hostal gezegd worden, want het is vroeger vast wel goed en netjes geweest, maar het heeft nu een hoog spinraggehalte, zal ik maar zeggen. Nou ja, het is maar voor 1 nacht, dus geen ramp.

    Alles gaat verder prima, mijn voeten houden zich uitstekend, alle wondjes zijn dicht en de algenpleister doe ik er alleen nog op voor de zekerheid. Ik heb geen enkele blaar. Ik heb alleen blaren gehad op de dag dat het zo ontzettend geregend heeft, vrijdag was dat, geloof ik. Dat is natuurlijk geen wonder, want natte voeten in natte schoenen: als je dan nog geen blaren krijgt, krijg je ze nooit. Mijn schoenen zijn 2 dagen nat gebleven en mijn gidsje is zelfs nu nog niet helemaal droog. kun je nagaan.

    Over blaren gesproken: Onderweg naar San Vicente heb ik een stukje gelopen met een meneer uit Geneve. Die vertelde dat hij thuis altijd veel in de bergen liep en gedacht had: “Ik ben het gewend, ik doe dit wel even”, maar helaas: hij is wel gewend om in de bergen te lopen en had daar geen enkele moeite mee, maar hij is niet gewend om zo lang te lopen. Gevolg: De helft van zijn voeten is overdekt met blaren. Nu stopt hij eerder en neemt soms een dag rust, want hij wil het wel halen natuurlijk, zoals iedereen die hieraan begint. Maar dat viel dus vies tegen.

    Goed, pelgrim Theo loopt nog een paar weekjes door……… en hoopt op de goede afloop!

    Tue
    1
    Sep '09

    Verkeerd gelopen

    routekaartje

    Geen zorgen: als het geen lange route is, weet ik hem wel lang te maken.
    Ik heb gisteravond nog wel drie keer het stukje film moeten laten zien en verder heb ik heel gezellig met een Spaans gezin zitten eten: Pa, Ma, 2 dochters en 1 schoonzoon. Vanmorgen zijn zij eerder vertrokken dan ik, maar het regende dus ik was niet zo erg vroeg op pad gegaan. Na 3 km ging het al fout en dat kwam een beetje door mijn luchthartigheid. Ik haalde namelijk de Spaanse familie in, die in een bushokje zaten te schuilen voor de regen. Zij wonen op Majorca en doen dus alsof dit de eerste regen is die ze ooit gezien hebben en denken dat ze acuut smelten. Ik liep dus naar ze te kijken en wat stoere opmerkingen te maken. De straf kwam meteen: ik zag toen de gele pijl niet en liep gewoon de straat uit en sloeg toen zonder na te denken linksaf. Waarom? Geen idee en ik had het ook niet moeten doen, want het gevolg was: 2 km verkeerd lopen en dus ook weer 2 km terug en dat in de regen. De familie had mij ook niet nageroepen dat ik verkeerd liep, dus dat was ernstig, maar later hebben zij het weer goed gemaakt.
    Enfin, gelukkig werd het droog en na verloop van tijd haalde ik de familie weer in, want die lopen niet zo hard. Daar ben ik een stukje mee opgelopen en dat was prachtig. Pa is geopereerd aan zijn knie en loopt nu met een felblauwe brace om die knie. In korte broek zodat je al van verre dat blauwe ding ziet. Hij wil weten dat hij gewond is, zogezegd. En hij wil ook laten merken dat hij de baas is van de familie, want hij brult en schreeuwt om het hardst. Niet dat dat op vrouw en dochters veel indruk maakt. Een van de dochters spreekt Engels en dat kan hij absoluut niet hebben. Dus hij gaat er dwars doorheen praten en de aandacht trekken. Vrouw en dochters doen vervolgens of hij lucht is en zodoende krijgt hij niet de aandacht die hij graag wil. Ik heb er weer van genoten.
    Vervolgens ging ieder weer zijn eigen weg, zo gaat dat en je komt elkaar meestal weer tegen., zo ook nu. Op een gegevn ogenblik moest ik de weg oversteken en dan steil naar boven. Maar daar stond ‘mijn’familie weer, die juist een man hadden gesproken die had gezegd dat dat absoluut niet ging en die een ander pad had gewezen. Zij maaakten dus het feit dat ze mij niet gewaarschuwd hadden toen ik verkeerd liep, weer helemaal goed, want dat pad liep inderdaad goed. Op een gegeven ogenblik kwamen we in een dorp en besloot de Spaanse familie te stoppen, maar ik wilde door naar La Franca, dus wandelde verder. Vervolgens kwam ik in het volgende dorp een Oostenrijks stel tegen, waar ik een tijdje mee heb staan praten. Zij bleven daar, maar ik wilde verder en bij het afscheid zei mevrouw: “Äls je doorloopt naar La Franca, moet je die kant op!” Dat heb ik braaf gedaan, maar dat was dus echt absoluut niet de goede richting, bleek later. Dan wordt het lastig, omdat ik aan mijn gidsje niets had, want ik liep over het alternatieve pad en aan een autokaart heb je ook niet zo veel. Dus ik heb minstens 5 km meer gelopen dan nodig was. Ach ja, het pelgrimspad gaat niet altijd over rozen.
    Het voornaamste is dat ik er wel gekomen ben. Om 4 uur was ik in het hotel, waar ik 2 jaar geleden ook geweest ben en ik heb mijn ogen uitgekeken. Toen stond het hotel hier in zijn eentje, nu wemelt het van hotels en reastaurants en zijn er hele nieuwbouwwijken. De prijs van het hotel is echter nog hetzelfde: € 15 voor een kamer, dus dat is voor niets. Lekker gedoucht en toen ben ik iets gaan eten, want ik had de hele dag nog niets gehad en dat kan natuurlijk echt niet. Een hongerlijdende pelgrim die verkeerd loopt, ik zou hem niet graag tegenkomen!! Dus ik heb hier in een bar een schaaltje garnalen gegeten en een Crema Catalane toe. Anders dan in Frankrijk, kun je hier de hele dag wel iets eten. De restaurants gaan wel dicht, maar in de bars kun je bijna hetzelfde eten. Nou ben ik weer het ventje!

    Mon
    31
    Aug '09

    Een nieuwe pet

    routekaartje

    En weer was het prachtig wandelweer vandaag. Tot dusver heb ik veel meer geluk wat het weer betreft dan de vorige keer toen ik hier liep. Ik liep weer alleen, maar dat mag me de pret niet drukken. Het laatste stuk splitst de route zich en kun je op 2 manieren naar de albergue lopen. Vorige keer ben ik langs de kust gelopen, dus nu heb ik de route door het binnenland genomen. Maar daar was niet veel aan, vrij saai en een stuk over een golfterrein, dat nou ook niet zo bijster interessant is. Dat maakt allemaal niet uit, ik geniet nog steeds heel erg van deze tocht en het wandelen.
    Goed, onderweg zie ik dus niemand, maar dan kom ik aan in de albergue en zijn er ineens 12 mensen. Ik denk dat de meesten kortere stukken lopen. Er zijn er hier, die vanmorgen gestart zijn in Comillas, 14 km hiervoor, daar heb ik tussen de middag zitten eten. Veertien kilometer vind ik veel te weinig op een dag, maar ik ben wel een zeur, want meer dan 30 km vind ik ook niks. Gery zegt dat ik met de kilometers net zo ben als zij met de temperatuur: zij vindt dat het 20,6 graden moet zijn en ik 28,4 km of zoiets.

    In de albergue vertelde ik dat ik er 2 jaar geleden ook geslapen heb en dat ze me hier de volgende morgen zingend uitgeleide hebben gedaan. Ik heb dat toen op de film gezet, dus vroeg of ze dat soms wilde zien. Nou, daar had ze uiteraard wel oren naar, dus ik ben achter de PC gekropen en heb het op de website opgezocht. Ja, dat was nartuurlijk feest, want haar man en schoonzuster stonden er ook op. Toen ik even later de routekaartjes op de PC zette, hoorde ik haar druk bellen met familie en verwanten. Ik zal het vanavond dus nog wel een keer moeten laten zien. Overigens vlogen de routekaartjes er dit keer op en ben ik nu dus weer up to date. Als het je interesseert, klik op ‘routekaartje’. Overigens, wie een kaartje naar Orviedo wil sturen, moet dat nu wel snel gaan doen, adres staat bij ‘kaartje sturen’. Ja nou, ik ben maar zo brutaal…….

    Verder ben ik mijn pet ergens kwijtgeraakt, dus ik heb mij hier naar de winkel begeven om een nieuwe pet aan te schaffen. Er was 1 verkoopster die Engels sprak en dus ook het heft in handen nam, uiteraard onder toeziend oog en begeleidend commentaar van de andere vrouwen in de winkel. Bedeesd pakte ik zelf ook af en toe een pet, maar die werd achteloos terzijde geschoven als niet ter zake doende. Eenparig werd door de dames besloten dat een bruin ribfluwelen soort hoedje mijn schoonheid het beste tot zijn recht deed komen. Het is een bijzondere pet, want als het regent, kan ik hem omdraaien en dan is de pet regenbestendig. Eerlijk gezegd vind ik hem zelf niet zo fraai, maar de dames vonden hem allemaal schitterend, dus vooruit maar.
    In elke bar en elke winkel word ik erop gezwezen dat Nederland op de TV is met de Spaanse wielerronde of zoiets. Ik doe dan uiteraard blij verrast, maar eigenlijk kan het me geen bal schelen. Ik oefen me hier intussen in allerlei talen. Er is hier een Oostenrijkse die naar de dokter moest, omdat ze een open voet heeft, maar die spreekt geen Spaans en ik ook niet. Nou, dan komt er iemand bij, die een beetje Frans kan spreken en dat snap ik dan weer en kan dat dus in het Duits vertalen. We komen er altijd wel uit dus, al zei de Oostenrijkse bezorgd dat het al half 6 was. Ja, wij noorderlingen weten dan dat er geen dokter meer te bekennen is, maar de Spanjaarden moeten er alleen maar om lachen. De man van de hospitalière zal haar brengen en zal er ‘binnen 5 minuten’ zijn, maar dat is inmiddels al een kwartier geleden. Geen nood, alles komt wel goed.
    Over voeten gesproken: de mijne beginnen wat slijtageplekjes te vertonen, dat wil zeggen hier en daar een wondje dat moeilijk dicht wil gaan. Maar ik heb mijn algenpleister. Die doe ik er ‘s morgens op en dan heb ik de hele dag geen pijn eraan. Geweldig spul is dat toch!

    Sun
    30
    Aug '09

    Laat ontbijt

    routekaartje

    Ik ben vrij vroeg vertrokken vandaag en had dus nog niet ontbeten. “Geen nood”, dacht ik, “doe ik onderweg wel”, maar ik had er geen rekening mee gehouden dat het zondag was en dat dus veel bars en zo dicht zijn, met als gevolg dat ik om 11 uur pas een ontbijt kon scoren. Dat is ernstig, want in de restaurants begon men alweer de barbecue aan te steken voor het middagmaal. Hier heb je in veel restaurants grote haardvuren, waar ze een heel varken of schaap of ander dier roosteren. Dan kun je aanwijzen welk stuk je wilt hebben en dat snijden ze dan voor je af.
    Ik heb lekker gelopen vandaag. Het ging wel een beetje op en neer, maar niet al te veel, de wegen waren heel goed begaanbaar. Het was 25 graden, maar er stond een lekkere frisse zeewind. Dus alles naar wens voor deze man en…ik zag in de verte de Picos de Europa met de sneeuw op de top. Een prachtig gezicht en daar wil ik dus naar toe. Ik denk dat ik nog ongeveer een week langs de kust loop en dan ga ik het binnenland in om de Camino Primitivo te volgen. Onderweg zie ik nog steeds niet veel mensen, maar dat is logisch, deze route is lang zo druk niet als de Camino Frances en de Camino Primitivo schijnt ook erg rustig te zijn. Ik vind het niet echt erg, maar zou er ook geen bezwaar tegen hebben wat meer mensen tegen te komen. Ik bedoel, de natuur is erg mooi en prachtig en ik geniet er ook van, maar ja, bomen en weilanden praten niet natuurlijk.

    Omdat ik vroeg was vertrokken, was ik om even over drieën al in Cobreces, waar ik het klooster dicht vond. De vorige keer heb ik hier geslapen, maar nu was er een dependance van het klooster waar ik terecht kon. Dat is wel handig, want dan hoef ik vanavond na het eten niet precies om 10 uur binnen te zijn, omdat anders de poort dicht is. Ik moest me wel inschrijven en een stempel halen in het klooster en daar werd ik hartelijk, om niet te zeggen zeer hartelijk ontvangen door een oude monnik. Ik werd zelfs gezoend en onderweg werd steeds mijn hand vastgepakt. Ik moet bekennen dat ik me daar toch niet zo gemakkelijk bij voel, maar alla, ik heb een stempel en een slaapplaats. Op dit moment ben ik hier met 2 Engelsen, 2 Oostenrijkse vrouwen en een Spanjaard, maar het is nog vroeg, dus er zullen nog wel meer mensen komen.
    Verder valt er niet veel nieuws te vermelden dit keer.

    Sat
    29
    Aug '09

    Knorrend varken

    routekaartje

    Kijk, Jacobus wist vandaag weer precies hoe het hoort: het was een mooie dag zonder een enkele regendruppel. En een mooie en prettige wandelroute om te lopen: niet te veel op en neer, goede paden. Kortom, precies zoals we dat zouden wensen.
    Toen ik om half 8 vanmorgen vertrok, was mijn gastvrouw waarschijnlijk nog in diepe rust, ik heb haar niet gezien tenminste. Ik moest een eind door de stad lopen naar het begin van de route, dus onderweg een ontbijtje gescoord. Daar moet je je nou niet te veel van voorstellen, want het is een kop koffie met melk en een cakeje, ik heb daar als echte uitspatting nog een glas jus d’orange bij genomen. Een eindje verder haalde ik een pelgrim in, die de weg niet meer wist. Dat bleek een Boliviaanse te zijn, die al 6 jaar in Berlijn woont, dus daar kon ik een heel gesprek mee voeren. Na een poosje raakte ik haar weer kwijt, want ik wilde naar de apotheek. Ik moest hansaplast en leukoplast hebben en aangezien ik weer uitslag heb van het varkensvlees, wilde ik daar ook iets tegen hebben, want ik krijg er bulten van, die erg jeuken.
    Dus op naar de apotheek. Daar trof ik een aardig meisje aan, dat echter behalve Spaans geen buitenlands woord sprak of begreep. Met de Hansaplast had ik succes, dat heet hier ook zo. De leukoplast heb ik laten zien en toen bergeep ze ook wat ik wilde. Maar de anti-allergiepillen??? Wat die man voor haar in vredesnaam moest bedoelen??? Ze begreep er geen jota van. Ondertussen werd het in de apotheek steeds een beetje drukker. Ik probeerde haar uit te leggen dat ik niet tegen varkensvlees kon, maar wat is varken in het Spaans? Geen flauw idee en de woorden die ik verzon, waren niet de juiste. Dus het eindigde ermee dat Theo midden in de apotheek stond te knorren als een varken. Niet dat ze het toen begreep. Maar er was een meneer binnengekomen die er uitzag of hij wel slim was, dus ik zei: ” U kunt vast Engels spreken”. En hoera, dat kon hij! Dus ik zei wijs dat mijn probleem nu opgelost was en dat alle problemen vanzelf opgelost worden, waarop hij filosofisch opmerkte: “In Spanje zeggen we dat alle problemen opgelost kunnen worden, behalve de dood”. Hij vertaalde mijn geknor dus in keurig Spaans en zo kreeg ik wat ik hebben wilde. Alleen vond de meneer het zo leuk om Engels te spreken, vooral in de apotheek waar de anderen ademloos stonden te luisteren, dat ik bijna niet meer van hem afkwam. Maar ja, voor wat hoort wat.

    Om 12 uur heb ik een giga hamburger gegeten en de rest van de dag heb ik alleen gelopen. Ik wist dat er 2 Duitse meisjes voor mij liepen en dat die naar dezelfde albergue zouden gaan, maar ik heb ze niet gezien en toen ik in de albergue kwam, waren ze daar ook niet.
    Wat mij vandaag verbaasde, was dat je herinnering soms rare dingen uithaalt. Ik wandelde weer over de spoorbrug waar je eigenlijk niet over mag, maar om moet lopen. Geen hond die dat doet, want hoewel de gele pijlen een andere richting op staan, staat eronder: over de spoorbrug die kant op. En net als de vorige keer kwam er ook een trein terwijl ik over de spoorbrug liep. Maar ik herinnerde mij van de vorige keer dat de route een heel eind door weilanden ging en ik dus bijna constant door weilanden had gelopen. Welnu, hier klopt dus echt helemaal niks van: ik liep kilometers langs een pijpleiding, waar ik me helemaal niets van herinner, het kwam me zelfs niet bekend voor. Ik dacht slim dat ze die er dus vorig jaar hadden neergelegd, maar toen ik in het gidsje van 2007 keek, stond het daar wel in, dus ik moet het vorige keer ook gezien hebben.

    Na volgens de GPS 29,5 km arriveerde ik in de albergue van Polanco, waar helemaal niemand was, geen pelgrim te zien. Dat is zo raar, de ene dag kom je haast niet aan een plekje voor de nacht, zo vol is het en de andere dag is er niemand. Ik moest de sleutel halen in de bar aan de overkant en volgens mij klopt daar iets niet. Ik begon met vragen om een cola, moet toch kunnen in een bar. Ik werd eerst ingeschreven en kreeg de sleutel. Vervolgens kwam er een flesje cola, maar die werd in een papier gepakt, ik kreeg hem in mijn handen met de mededeling dat ik die in de albergue maar op moest drinken. Niet op het terras van de bar, dat mocht niet. Ik kan er ook eten, maar dan moet ik om 7 uur aanwezig zijn en dat is voor Spanje eigenlijk onbestaanbaar. Ook dat gaat een beetje geheimzinnig, dus ik heb het gevoel dat ze iets clandestien doet. Vijftig meter verderop is een restaurant, dus misschien mag ze wel geen eten of drinken geven. Er zit vast wel een of andere dorpsgeschiedenis achter. Helaas, ik zal het nooit weten, maar het is toch genoeglijk fantaseren op het terras van de albergue met een cola voor je neus en een sigaartje in het hoofd.

    Fri
    28
    Aug '09

    You want a room?

    routekaartje

    De watervallen, die ik vandaag over mijn hoofd gekregen heb, overtroffen alles. Ik heb wel meer regen gehad, maar dit was geen regen meer, dit waren hele rivieren die uit de lucht kwamen vallen. Tot een uur of 11 ging het nog wel, eerst miezeren, later steeds meer regen. Toen leek het zelfs even beter weer te worden, maar dat bleek alleen de aankondiging te zijn van nog veel meer regen. Het gevolg is dat alles drijfnat is geworden, want in de rugzak werd ook alles nat, zo ging het tekeer.
    In Laredo heb ik weer het bootje genomen naar Santona, dat op het strand aanmeert. Het gaat nog precies hetzelfde als 2 jaar geleden, alleen is de prijs van de overtocht gestegen van € 0,50 naar € 1,75. In Santona besloot ik dat ik even genoeg regen had gezien, dus ik ben naar de VVV gestapt om te vragen hoe laat er een bus naar Santander ging, want ik dacht: “Dan kan ik vanmiddag nog even naar het postkantoor om te kijken of er post is, anders moet ik tot maandag in Santander blijven”. Laat de bus naar Santander nu net op het punt staan om te vertrekken, dus zo zat ik na de enorme regen lekker warm in de bus: een rit van een uur voor € 3,75, wie doet je wat.
    In Santander kom ik uit het busstation, kijk op mijn kaart om te zien waar ik kan overnachten. Dan word ik op mijn schouder getikt: een oud vrouwtje houdt mij vervolgens een kaart voor de neus, waarop in het Engels staat: “You want a room?” Ik knik van ja, zij maakt me vervolgens duidelijk dat ik bij haar kan slapen voor € 30, wenkt dat ik achter haar aan moet lopen. Dus zij stiefelt voorop, wijst steeds met haar wandelstok de weg en ik loop achter haar aan als het braafste jongetje uit de klas. Enfin, ik kan nu zeggen dat ik door een vrouw van de straat ben opgepikt, meestal is dat andersom.
    Ik woon vannacht dus in een doodgewoon flatgebouw, waar ik in een van de kamers bivakkeer. Ik heb eerst maar eens lekker gedoucht, een beetje meer of minder water maakte toch niet meer uit, vervolgens heb ik mijn wasje gedaan en alle natte rommel uitgespreid om te drogen. Zelfs mijn gidsje is drijfnat geworden. Daarna ben ik naar het postkantoor gelopen, er was een kaart van Corrie en Cees, waarvoor heel veel dank. Dat was nog even moeilijk, want hij was geadresseerd aan Theo den Otter, maar op mijn paspoort staat Mattheus Jan, dus dat klopte niet volgens de ambtenaar, maar gelukkig kon ik hem er toch van overtuigen dat ik het echt was. Mijn volgende gang was naar het internetcafé. Daar heb ik anderhalf uur doorgebracht zonder dat het me gelukt is de routekaartjes op de website te krijgen. Soms gaat het als een trein, soms gaat het als een slak en nu lukte het dus helemaal niet. Ik heb het maar opgegeven, want ik moest nog naar de kerk om een stempel te halen. Helaas, in de kerk was niemand aanwezig, dus moest ik terug naar de VVV voor mijn stempel. Na al deze beslommeringen ben ik even gaan rusten op mijn kamer en daarna weer naar de stad om Gery te bellen, want ik had geen bereik.
    Jullie zien zeker wel hoe druk ik het heb. Echt, ook een pelgrim valt ten prooi aan de waan en de stress van de dag. Hier moet verandering in komen voor deze pelgrim, anders gaat het nog op werken lijken! Nou, als dit werken is, dan is dit wel het leukste werk dat ik ooit gedaan heb, ik teken ervoor.

    Thu
    27
    Aug '09

    Andere tijden

    routekaartje

    Vandaag heb ik ruim 26 km gelopen in stralend mooi weer. Een grote tegenstelling met 2 jaar gelden, toen ik hier alleen maar in enorme stortbuien gelopen heb. Toen schreef ik dat ik de buien al van ver aan zag komen. Nu was het supermooi weer om te lopen met de zee steeds aan mijn rechterhand. De zee is wel veel rustiger dan toen, dat is zeker. Nu geen grote schuimkoppen, behalve waar de golven tegen de rotsen slaan. Prachtig is dat, het water heeft dan alle kleuren. Overal zijn hier kleine baaien, het is hier schitterend. Dat het nu mooi weer is, is ook duidelijk te zien aan de stranden: die zijn nog drukbevolkt met badgasten. Dus er is van beide kanten bekijks: ik kijk naar de schaars geklede badgasten, naar de natuur dus, en de badgasten kijken naar die halve gare die bepakt en bezakt langs komt sjouwen.
    Op deze route zijn er hele stukken, waarop je op een wandelpad langs de zee loopt. Soms kom je door een weiland en op een van die weilanden kwam ik een hele kudde geiten tegen en 1 bok. Maar dat was dan ook een bok van jewelste. Hele grote horens en duidelijk niet van plan voor mij uit de weg te gaan. De geiten wel, die renden allemaal weg, maar de bok bleef stokstijf staan, met de kop dreigend naar voren en mij aanstarend. Ja, dan kun je vriendelijk vragen of je passeren mag, maar dat werkt niet, dus ik besloot gewoon door te lopen en te doen alsof ik hem niet zag. Dat lukte, want hoewel hij dreigend naar mij bleef kijken, verroerde hij zich niet.
    Omstreeks het middaguur was ik in Castro Urdiales en toen ik dit per sms aan het thuisfront meldde, meende Gery mij daar een restaurant en een hotel aan te kunnen raden. Die had ze natuurlijk ook niet van zichzelf, maar kijk, zo gaat dat niet natuurlijk. Een pelgrim moet zijn eigen weg zoeken, dus ik heb alle verleidingen weerstaan en ben doorgelopen naar Islares. En hier zit ik nu lui te zijn in de lounge van een goed hotel zonder heel veel luxe, maar wel met uitzicht op zee en… € 10 goedkoper dan het hotel dat zij aanraadde.
    Het enige nadeel is dat ik pas om half 10 kan gaan eten, een beetje laat voor de pelgrim dus. Dat is trouwens hier overal zo: je gaat niet voor half 10 aan tafel en om 11 uur komen de Spanjaarden nog rustig een restaurant binnen wandelen. ‘t Is natuurlijk zoals je het gewend bent, want de Spanjaarden die in Nederland zijn geweest, vinden dat wij een gek land zijn: om 9 uur ‘s avonds gaat de keuken in een restaurant dicht in plaats van open en om 7 uur ‘s avonds kan je niet eens meer een museum of zo bezoeken. Daar hebben zij ook gelijk in.
    Helaas geen routekaartjes, want dit hotel heeft geen PC. Volgende keer beter.

    Wed
    26
    Aug '09

    Een soort buitenaards wezen

    routekaartje

    video Theo

    Het was een prima dag vandaag. Ik heb heerlijk gelopen en het was van begin tot eind prachtig weer. Vanmorgen was het tussen 19 en 23 graden. Vanmiddag liep de temperatuur op tot ongeveer 27 graden, maar toen liep ik langs het strand met een heerlijk zeewindje. Kortom, heerlijk wandelweer.
    Uiteraard ben ik in Bilbao weer even langs het Guggenheim museum geweest, want het is echt een prachtig gebouw om te zien. En ik kon het weer niet laten jullie als trouwe lezers even persoonlijk te groeten. Als je klikt op ‘video Theo’ kun je me zien.

    In Portugalete ben ik weer over de pont gegaan die boven het water zweeft. Dat is echt heel leuk. Omdat het vakantietijd is, vaart hij nu constant heen en weer, dus aan de overkant heb ik een kop koffie genomen om rustig naar het heen-en-weer zweven te kunnen kijken. Daarna ben ik het stadje doorgelopen over de rollende trottoirs. Dit keer heb ik ze gefilmd, want het is echt heel grappig.

    Het is wel apart: de hele weg heb ik niemand gezien, geen enkele wandelaar. Ver achter mij liepen 2 Duitse meisjes, dat wist ik. Goed, ik kom uiteindelijk aan in de albergue in Pobena en daar is het hartstikke druk en vol met pelgrims. Waar die allemaal dan ineens vandaan komen? Joost mag het weten. Er zijn vooral heel veel Duitse pelgrims. Maar gelukkig was er nog plaats voor mij in deze herberg.

    Om in de albergue te komen, moet je over het strand lopen. En zo stil als het 2 jaar geleden was, zo druk is het nu. Het strand lijkt wel Scheveningen in het hoogseizoen, overal zonnende mensen in nauwelijks enige kleding. En daar kom ik dan aan: geheel gekleed met mijn grote schoenen en een grote rugzak. De mensen kijken naar me alsof ze plotseling een buitenaards wezen voorbij zien komen. Het is natuurlijk ook een gek gezicht tussen al die bijna blote mensen. Van het strand af moest ik een brug over om in de albergue te komen. Aan de overkant van de brug is een soort kiosk, waar je ijsjes kunt kopen en toen ik aan kwam lopen, kwam de mevrouw van de kiosk naar buiten en vroeg: “Moet u naar de herberg? Dan zal ik u even brengen, hoor!” En ze liet de hele boel aan zijn lot over en liep helemaal met mee mee tot aan de albergue. Ik heb maar niet gezegd dat ik de weg wel wist, want ik vond het zo aardig.

    Tegenover mij ligt een Spanjaard, die een week voor mij vertrokken is uit Granada en daarvandaan naar Irun is gelopen. Nu loopt hij de camino del Norte tot Santiago en daarna loopt hij via Fatima naar Lissabon. Ik bedoel maar, het kan altijd nog verder.
    Ik denk dat ik vanavond niet in het dorp kan eten, want ik hoor geruchten dat alles dicht gaat. Dus dan zal ik genoodzaakt zijn om op het strand te gaan eten. Erg, hè?

    Tue
    25
    Aug '09

    De poncho kon het niet aan

    routekaartje

    Ik heb dat nu al zo vaak meegemaakt en toch verbaast het me iedere keer weer. Als je ergens aankomt, zijn mensen erg gereserveerd en heb je het gevoel dat je eigenlijk niet welkom bent. Ze zijn beleefd tegen je, maar daarmee heb je het wel gehad. En als je dan weer weggaat, ben je inmiddels dikke vrienden met ze, dan wordt je op je schouders geslagen en lijkt het wel alsof je al jaren met ze bevriend bent. Bijzonder is dat.

    Het was noodweer vandaag. De regen kwam echt met bakken tegelijk uit de lucht vallen. Vanaf het moment dat ik de deur uitging, heeft het geregend alsof het nooit meer op zou houden. Mijn poncho kon al dat water niet verwerken, ik werd daaronder gewoon drijfnat.
    Gelukkig hoefde ik niet al te ver, met de middag was ik in Lezama en daar heb ik de trein naar Bilbao genomen. Dat was ook weer een belevenis op zich. Ik had wel een of ander kaartje uit de automaat getrokken, maar was er niet van overtuigd dat ik het goede had, want alles staat in het Spaans natuurlijk. Toen ik op het perron een paar meisjes op de trap zag zitten, dacht ik: “Toch maar even vragen”. Dus ik liet mijn kaartje zien en vroeg in het Engels of het goed was. Nou, dat gaf een hoop gegiechel en gelach. Een van de twee sprak een beetje Engels en ik begreep dat dit echt niet het goede kaartje was. Ik vroeg dus of ze me wilden helpen het goede kaartje te kopen. Natuurlijk wilden ze dat. Er was alleen een probleem: je moest door een soort sluisje dat openging als je je kaartje erin stopte. Maar ja, mijn kaartje was niet goed en het sluisje ging niet open. Geen nood, de meisjes kropen onder en klommen over het sluisje heen, je zag duidelijk dat dit niet de eerste keer was dat ze dat deden. Alleen, ik met mijn rugzak kon dat allemaal niet. Was ook geen probleem, ik moest € 5 aan hen geven en toen gingen zij een nieuw kaartje voor me halen. Dus zodoende zat ik toch geheel legaal in de trein en was ik binnen 20 minuten in Bilbao.
    Daar regende het ook, het water bulkte uit de lucht en de straten stonden blank. Gery had me verteld waar ze geslapen hebben: bij het Guggenheim museum de brug over, en aangezien ik wist waar het Guggenheim museum was, liep ik er rechtstreeks naar toe. Ik stapte er binnen en het leek of er boven een knop werd omgedraaid. In een seconde stopte het met regenen en was het droog! Nou ja, nu kunnen mijn spullen tenminste drogen en kan ik straks nog even de stad in. Bilbao is echt een mooie en schone stad.

    '

    25-8-2009 Het thuisfront

    Theo Zarautz

    Het thuisfront is weer thuis na een paar leuke dagen in Spanje. Theo zag er patent uit en geeft niet de indruk het wandelen zat te zijn. Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik nooit zal begrijpen wat wandelaars drijft. Ik zie die bergen en denk verschrikt: “Wat erg als je daar toch moet lopen” en kan niet begrijpen dat er mensen zijn die dit voor de lol doen en dat ik er met zo één getrouwd ben. Dan hoor ik dat hij bijvoorbeeld heel ver heeft moeten lopen om een slaapplaats te bemachtigen en dan roep ik: “O, wat erg, heb je niet verschrikkelijk de pest in?”en dan krijg ik als antwoord een wedervraag: “Nee, hoezo dan?” Hoezo dan??!!
    Ik bewonder hem verschrikkelijk om wat hij allemaal doorstaat en doet en vooral om het plezier dat hij erin heeft en de manier waarop hij het beleeft. Ik zou me gek klagen en doodmedelijden met mezelf hebben. Natuurlijk, als ik medelijden met hem heb, zegt iedereen: “Ja, hij doet het zelf, niemand dwingt hem”, dat weet ik ook wel. Dat is ook zo, maar toch…..
    In ieder geval hebben we leuke dagen gehad: San Sebastian bekeken, een paar rondritten gemaakt. Woensdag was het erg warm in San Sebastian, de andere dagen was het iets minder heet. Zaterdagmorgen hebben we Theo weer afgezet en zijn Suzanne en ik doorgereden naar Bilbao. We zijn naar het Guggenheim museum geweest en dat is een belevenis op zich. Bij het Office de Tourisme hebben we een aantal folders van hotels meegenomen, maar het kostte wat moeite om een hotel te vinden. In de binnenstad lukte het helemaal niet, dus toen maar weer de auto gepakt en op zoek naar het volgende adres. Dat konden we eerst niet vinden, maar toen we even een parkeerplaatsje zochten om goed rond te kunnen kijken, bleken we er recht voor te staan. Dus Jacobus was ook ons toegenegen. Verder was er toevallig net feest in Bilbao, zodat we ook genoten hebben van Baskische dansen en een groot vuurwerk.
    Daarna was het tijd voor de terugreis en ondanks alle zwartgallige berichten over te verwachten drukte, omdat alle Fransen weer naar huis zouden gaan, hebben we, net zoals op de heenreis, geen enkele last gehad. De grootste files waren één van 10 minuten in Antwerpen en één rond Amsterdam van 10 minuten.
    Wel was er iets vreemds aan de hand, want we waren toch echt de overtuiging toegedaan dat we naar het noorden reden. Hoe kan het dan dat het steeds maar warmer werd??
    Het zit er weer op voorlopig, op naar de volgende etappe!

    Mon
    24
    Aug '09

    St. Jacques vond een hotel

    routekaartje

    Zo, dat was een heel lange dag vandaag. Om half negen vanmorgen de deur uit en om 6 uur vanavond pas weer onderdak. Het lopen ging prima. Het was niet te warm, niet te koud, er was geen regen. Dus ik had niets te klagen en dat deed ik ook niet, integendeel, toen ik omstreeks de middag in Gernika arriveerde, besloot ik dat het nog veel te vroeg was om te stoppen en dat ik nog maar een poosje door zou tippelen naar de volgende refugio. Vanmorgen heb ik met 2 Spaanse dames gelopen en vanmiddag liep ik alleen. Dat geeft niet, ik heb het toch wel naar mijn zin. Alleen kon ik met geen mogelijkheid de refugio meer vinden, dus ik ben aan het zoeken geweest en ben gaan lopen dwalen en dwalen. Geen refugio meer te vinden en ook de route niet meer, die ik hebben moest. Uiteindelijk kom ik in een dorp aan en dacht net moedeloos: “Nou, ik weet het niet meer, ik weet nou niet meer waar ik heen moet”. Goed, ik draai me om en…….. blijk recht tegenover een hotel te staan! Ja, Jacobus heeft vandaag zijn best gedaan voor me!
    Ik zit nu lekker luxe in een hotel in Morga en houd praatjes met het meisje dat hier werkt en graag Engels met me wil spreken. Gezellig en wat nog prettiger is: officieel kan ik pas om half tien vanavond eten, maar ze heeft me al toegefluisterd, dat ik wel om 8 uur al mag eten. Lief, hè?

    Morgen loop ik tot Lezama. Dan ben ik bijna bij de industrieterreinen van Bilbao en ik heb besloten dat ik daar de trein neem naar Bilbao, want om nou door industrieterreinen te gaan wandelen, daar heb ik weinig zin in. En hier in het hotel hebben ze gezegd dat niemand tegen St. Jacques zal zeggen, dat ik de trein ga nemen.

    Sun
    23
    Aug '09

    Een goede herder

    routekaartje

    Onderweg kom ik nu weer regelmatig pelgrims tegen. Vannacht waren er 2 Duitse dames in de refugio, die vanmorgen om half zeven alweer vertrokken, het was nog amper licht. Ik ben om half negen opgestapt en vanmiddag passeerde ik dezelfde dames die zo vroeg vertrokken waren. Je ziet dus dat iedereen een eigen tempo heeft. Het geldt nog steeds: ieder zijn eigen Camino!
    De route ging veel op en neer, dat kost wel veel inspanning, maar de route was wel erg mooi. Onderweg passeerde ik wel een stuk of 4, 5 bronnen en dat is fijn, want dan kun je iedere keer fris, koel water tappen. Het water uit zo’n bron is erg lekker. Ik wilde in het klooster slapen, waar ik de vorige keer ook geslapen heb, maar dat is wel een flinke tippel. Om een uur of vier kwam ik in het dorp Cenarruza aan, maar dan is het nog wel 7 km naar het klooster toe. Aangezien ik er al 27 onder de zolen had, leek me dat toch nog wel erg ver, dus toen ik iemand met een glas water op een terras zag zitten, dacht ik: “Ik ga vragen of ik hier een taxi kan bellen voor het laatste stuk”. Zo bedacht, zo gedaan, waarop de man meteen zei: “O, geen punt, ik breng je wel even”. Toen ik zei dat dat echt niet nodig was, zei hij: “Nee, ik breng je, want ik vind het wel leuk om weer eens Engels te praten”. Wat zijn mensen toch ontzettend aardig en vriendelijk. Dus ik stapte in een grote four wheel drive, waarin het een ongelofelijke bende was en waarin ook al een grote herdershond zat. De man vertelde toen dat hij 3 herdershonden heeft en dat hij fulltime schaapherder is over ongeveer 150 schapen. Hij heeft in Amerika gewoond, vandaar zijn Engels. Toen we er waren, vroeg ik uiteraard of ik hem een pilsje mocht aanbieden, maar dat sloeg hij af. En vervolgens vertelde hij dat hij in het verleden vaak te veel gedronken had. Toen hij een keer aangehouden werd, had hij hele lelijke dingen gezegd tegen de politieagent met het gevolg dat hij voor de rechter moest verschijnen. “Nou”, zei hij, “ik heb toen de rechter beloofd dat ik geen druppel meer zou drinken en dat heb ik dus ook niet gedaan, ik drink alleen water”. Prachtig, hè, zo’n verhaal. Zulke verhalen liggen langs de route eigenlijk voor het oprapen, iedereen heeft zijn eigen verhaal: sommige zijn leuk, sommige zijn mooi, sommige zijn triest, maar ieder heeft zijn verhaal. Het mooie is, dat mensen hun verhaal ook willen vertellen.
    Uiteindelijk zit ik nu niet in het klooster, want daar was geen plaats meer, maar in een perfect hotel ernaast. Ik heb een salon, een slaapkamer, douche, etc. en dat alles voor € 45. En ik kan hier ook eten, dus deze pelgrim is weer onder de pannen.

    Sat
    22
    Aug '09

    Weer op weg

    routekaartje

    Na een paar genoeglijke dagen hebben de ‘meisjes’ me afgezet in Zarautz. Zij gaan vandaag naar Bilbao en morgen gaan ze weer terug naar huis. Ik heb de draad weer opgepakt en ben weer aan de wandel. Lekker, hoor. Ik heb weer lekker gelopen en over een erg mooie route. De eerste 4 km liep ik over de boulevard langs de zee, schitterend gewoon! Daarna ging het over paden, waarvan ik me herinnerde dat ze de vorige keer erg modderig waren. Nou, dat waren ze nu nog. Maar in tegenstelling tot de vorige keer kon ik de grootste plassen en modder nu ontwijken.
    In Deba aangekomen had ik geluk: er was precies nog één plaatsje in de refugio. Ik ben nu afhankelijk van refugio’s, albergues, hotels, etc., want mijn tent heb ik meegegeven naar huis. Dat scheelt weer ruim 1,5 kilo. Nu maar hopen dat ik hiermee niet de goden verzoek mij geen slaapplaats meer te verlenen. Enfin, vandaag is het dus gelukt, de refugio staat 25 m van het strand en op dat strand zit ik nu heerlijk aan een pilsje……

    Wed
    19
    Aug '09

    Tijd maken voor het bezoek

    routekaartje

    Vanmorgen weer opgewekt en met goede zin vanuit San Sebastian vertrokken. Ik was van plan om naar Zarautz te lopen vandaag, maar zover ben ik niet gekomen. Op etenstijd was ik in Orio en ik zat net aan het laatste tafeltje buiten dat nog vrij is, toen de telefoon ging dat Suzanne en Gery in de buurt waren en waar ik ongeveer was. Dus ik heb mijn tafeltje weggegeven aan een paar meisjes, die geen plaats meer hadden. Die waren daar erg blij mee en ik stond nog met hen te praten, toen er getoeterd werd. Ja, toen was er natuurlijk commentaar, omdat ze mij niet doodvermoeid voort zagen sloffen, maar op mijn gemakje bij een restaurant. Ze moeten toch begrijpen, dat ook een pelgrim niet alleen op water en brood kan leven, nietwaar? En dat het toeval wil dat ik niet aan het wandelen was, ja, wie kan daar iets aan doen?
    Enfin, om de dames niet teleur te stellen, heb ik toen de rugzak maar afgedaan en ben bij ze in de auto gaan zitten, zodat we met zijn drieën konden gaan eten. Ja, je moet tenslotte tijd maken voor je bezoek. En dat ga ik nu dus doen: morgen en vrijdag wordt er vakantie gehouden. Zaterdag ben ik dan van plan om weer te gaan lopen.
    Overigens, wat rijdt een auto toch verschrikkelijk snel! Je vliegt gewoon over de weg. In een mum van tijd waren we in Zarautz. Ik ben niet meer gewend om 20 km in een kwartiertje af te leggen, ik vind 2 km in die tijd al een topprestatie.

    Tue
    18
    Aug '09

    San Sebastian

    routekaartje

    Om de een of andere reden is er iets misgegaan met registreren, want op het routekaartje staan maar 6 km, terwijl ik er echt veel meer gelopen heb. Eerst van de camping naar Hendaye en vervolgens de hele baai langs van San Sebastian naar de andere kant van de baai. Maar alles ging prima en ik zit nu op een kamer in de universiteit, waar ik vorige keer ook geslapen heb en waar Gery voor de komende dagen ook een kamer besproken heeft. Ik heb niet dezelfde kamer, want die was vol. Maar het is hier nog steeds goed om te overnachten: keurige kamers, goedkoop ontbijten en eten in de mensa. Met de bus ben je zo in de stad, dus ook dat geeft geen problemen.
    Als het goed is, arriveren morgen Suzanne en Gery, want ze zitten nu in Bordeaux en ik begreep dat het daar erg warm is. Ik heb permissie van de dames om morgen gewoon te gaan lopen, ze pikken me dan wel ergens op. Ik weet niet hoe laat ze hier kunnen zijn en om nou de hele dag op mijn kamer te gaan zitten wachten is ook zo wat.

    Mon
    17
    Aug '09

    Een rustdag?

    Denk nou niet: op een rustdag hoeft hij niet te lopen. Dat begon gisteravond al: 3 kwartier lopen naar het restaurant. Daar kreeg ik na heel lang wachten de kaart, vervolgens weer na heel lang wachten het voorgerecht en vervolgens niets meer. Steeds als ik vroeg waar het bleef, kwam het eraan, maar er kwam niets. Om 9 uur bleek dat er een ‘klein probleempje’ in de keuken was. Nou, toen heb ik maar betaald en ben weer 3 kwartier teruggelopen. Om jullie gerust te stellen: het was wel een groot voorgerecht, dus ik heb het gehaald tot vanochtend.
    Vanmorgen heb ik ontbeten, vervolgens heb ik 50 minuten gelopen naar de boulevard. Daar ben ik op een terrasje aan het strand neergestreken voor een kop koffie, een aperitiefje en vervolgens ook maar gegeten Ik heb allemaal lekkere dingen gegeten, met andere woorden: Theo heeft het ervan genomen.
    Na het eten moest ik weer een uur lopen naar de oude stad. Dat was op zich geen onaardige wandeling, langs het strand en de plezierhavens. Daar was volgens de VVV een internetcafé dat om 2 uur open zou gaan. Dat ging het natuurlijk niet, het zou pas om half 3 opengaan. Geen nood, een beetje rondgelopen. Om half drie stond er inmiddels een rij van 15 man voor de deur, maar het café bleef dicht. Om 3 uur komt er een enorm grote motor met een heel klein mannetje erop woest aanscheuren. Het mannetje springt van de motor en holt naar de deur. Wel een half uur te laat, maar ja, het is hier het zuiden. In ieder geval werden woest alle PC ‘s aangezet, iedereen installeerde zich en…. toen was er geen internet, de server deed het niet. Dat gaf uiteraard weer een heel gedraaf, gespring en tevergeefs geroep: “Doet-ie het nu?” Uiteindelijk kreeg hij na 20 minuten alles weer aan de praat.
    Zo zie je, ook op een rustdag beleef je van alles.
    Daarna ben ik naar de Mairie gewandeld, want daar was een halte, waar een gratis busje me richting de camping zou brengen. Dat deed het ook, maar het was wel de ‘richting’, dus als je nu denkt dat ik voor de deur uit kon stappen zit je mis, ik moest nog een half uurtje lopen.
    Ik heb een blik salade gekocht om vanavond op te eten, want nu regent het, dus ik ga de tent niet meer uit. Morgen weer aan de wandel. Nog 2 dagen, dan is Gery er met Suzanne, als het goed is.

    '

    17-8-2009: het thuisfront

    Hallo, hier het thuisfront met de mededeling dat ik morgenochtend vroeg in de auto stap om naar San Sebastian te rijden. Daar zal ik dan, als alles goed gaat, Theo zien en ja, dan mag hij echt een paar dagen niet lopen. Ik verheug me er enorm op hem weer even te zien. Het nieuws op de website zal dus waarschijnlijk even achterwege blijven, maar jullie moeten dus even geduld hebben.
    Mochten we tussentijds in de gelegenheid zijn, dan zullen we zeker iets melden, zo niet, tot over een weekje! Groet, Gery

    Sun
    16
    Aug '09

    Einde van de GR 10

    routekaartje

    Het was vanmorgen weer klimmen, klauteren, glijden en wat niet meer. Toen ik eenmaal op 600 m hoogte was, was het mistig en zag ik niets. Trouwens, er zijn hier prachtige vergezichten, maar je kunt geen moment je aandacht laten verslappen, je moet heel goed op het pad letten, anders stap je mis. Ik heb ook bijna niet kunnen filmen, want dan sta je tegen een rotswand geklemd en ik heb het hart niet om dan capriolen uit te gaan halen. Er zijn geen plekken waar je uitgebreid kunt gaan zitten of zo. Kortom, ik vind het een heel zware route en het gekke is dat je dat niet uit de gids kunt halen. Daar staat zelfs in dat je bij elke weersomstandigheid het pad kunt volgen. Nou, ik heb mazzel gehad dat het droog was, want ik zou er voor geen goud willen lopen als het regent. Gisteren ontmoette ik een Duits meisje dat dezelfde route loopt en die vroeg aan mij: “Bent u ook zo bang geweest?”
    Maar goed, ik kwam veilig in Olhette, de gîte was dicht en er hing een bordje dat hij ook vol was. Ja, daar was ik al bang voor. Dus ik stond op mijn kaartje te kijken wat ik nu doen moest, toen er 2 jongens van de boerderij aan de overkant kwamen en vroegen of ze me konden helpen. “Ja”, zei ik, “ik moet eigenlijk naar Hendaye”. “Geen probleem”, zeiden de vriendelijke jongens, “daar gaan wij net naar toe, dus stap in”. Ik was het klimmen, klauteren en glijden van deze route zo zat, dus beschouwde dit maar als een vriendelijke boodschap van Jacobus en ben als een haas ingestapt. Of ik nu veel veiliger was, valt te betwijfelen, want er werd stevig gereden door de heren. Maar ze zetten me keurig af bij een camping en daar kreeg ik zowaar ook een plekje, dus daar zit ik nu. Ik heb zelfs elektriciteit, dus wie doet me wat. Ik kan hier alleen niet eten, er is niets, daarvoor moet ik een half uur lopen, dan zijn er restaurants. Maar goed, als dat het ergste is? Ik ben al lang blij dat de etappe ‘GR 10′ afgelopen is. Het laatste stukje heb ik dan wel niet gelopen, maar in eerste instantie zou ik het hele stuk per trein doen, net zoals 2 jaar geleden, dus ik mag toch wel tevreden zijn.

    Morgen blijf ik hier een dagje luieren, dat heb ik zo langzamerhand wel verdiend, vind ik. Daarna kom ik weer op de pelgrimsroute en dat vind ik leuker. Er loopt daar ook ander publiek dan op een GR. Logisch natuurlijk, hier loopt men een dagje met een klein rugzakje en gaat het later om de stoere verhalen: hoe hoog het was en hoe moeilijk het pad. Niet dat de mensen minder aardig zijn, maar je hebt andere gesprekken.
    Goed, eerst even uitrusten….

    Sat
    15
    Aug '09

    Gillend druk

    routekaartje

    De wandeling van vandaag was door een Ardennenachtige omgeving, dus niet zwaar, maar wel heel erg warm. Het was vanmiddag 34 graden. Gelukkig waren er op de route overal ‘venta’s', winkels met een bar erbij en van alles en nog wat, waar je ook drinken kunt kopen.
    Verder was er vandaag weinig spectaculairs, maar toen ik in Sare arriveerde, was er geen hotel of gîte meer te krijgen. Dus ben ik teruggelopen naar de camping, die ik gezien had en nu heb ik nog een plekje weten te bemachtigen naast de schommels. Het is gillend druk met toeristen hier. Voor morgen heb ik nog helemaal geen slaapplaats en volgens de campingbaas zit overal alles vol, dus waarschijnlijk moet ik dan in het wild kamperen. Daar vind ik uiteraard niet veel aan, maar ja, dat is het nadeel van de zomer. Alle Spanjaarden trekken naar de kust. Dus dat kan straks nog wat worden als ik helemaal aan de kust kom. Moet ik maar eens rustig over nadenken hoe ik dat ga oplossen.
    Ook hier heb ik weer aardige mensen getroffen. Ik stond een ijsje te eten, want ik heb nu eenmaal geen fauteuil in mijn tentje. Toen kwamen de buren, die naast me in een soort huisje zitten, met een tafeltje en een stoel aandragen, dus ik zit nu prinsheerlijk voor mijn tentje. Ik zie nu trouwens wel wolken komen en voor morgen geven ze regen op. Ben ik ook niet zo blij mee. Zo zie je maar, ook een pelgrim heeft heel wat te klagen: te stil, te druk, te warm, te koud, te droog, te nat……. Het lijkt het alledaagse leven wel.

    Fri
    14
    Aug '09

    Rustiger

    routekaartje

    Zo, de kaartjes staan er weer op en dat zul je nou altijd zien: het kaartje van 12 augustus, mijn zwaarste dag, krijg ik niet op de website. Nou ja, dat brengt me weer bescheidenheid bij: niet pronken met je prestaties dus, mag niet van Jacobus.

    Vandaag was het veel rustiger lopen. De weg is beter en ik hoefde niet zo ver. Tot een uur of half twaalf was het mistig, daarna kwam de zon en werd het erg warm. Ik had besloten om tussen de middag lekker te gaan eten en om 12 uur arriveerde ik in Ainhoa, het mooiste dorp van Frankrijk volgens de bewoners zelf dan en waarschijnlijk ook het duurste. Maar het eten was lekker. Aan de tafel naast mij zat een Hollands stel, dat niet wist dat ik hen verstond. Vind ik wel lollig om dan te horen wat er zoal gezegd wordt. Uiteraard gaat het dan over de prijzen: dat alles in Spanje, waar ze net vandaan kwamen, veel en veel goedkoper was en in Frankrijk zo duur, etc. Inclusief het eten natuurlijk. Maar toen mijn eten kwam, zei de vrouw: “Nou, maar wat die meneer krijgt, ziet er wel veel en veel lekkerder uit dan in Spanje, zeg”. Op het menu stonden mosselen, dus die at bijna iedereen en ik ook. Nou heb ik ze toch weer eens moeten leren hoe je mosselen hoort te eten. ‘t Is toch wat, zitten ze zielig met een vorkje in die schelpen te prikken en alle mosselen stuk te prikken. Dus ik deed het op de Zeeuwse manier van Moe: 1 mossel met de vork, de volgende mosselen met de lege schelp van de eerste mossel. Dan heb ik lol, want dan zie je mensen eerst schuin kijken en aan hun gezicht zie je dan dat ze dat toch wel erg handig vinden. Ik kijk dan natuurlijk of ik dit zelf heb uitgevonden en niet van mijn moeder geleerd.
    Na het eten hoefde ik nog maar 2 km en toen was ik in Dantxarinea. Dat ligt precies op de Spaanse grens. Aan de ene kant van de straat is een hotel en aan de andere kant een huis, dat voor een gedeelte is ingericht als gîte. Daar zit ik nu en ik ben alleen, dus ik heb een hele kamer voor mij alleen, lekker luxe. Een grondige inspectie van mijn voeten na deze dagen leverde een bevredigend resultaat op. Door het geklim en geklauter heb ik nu een open plekje bovenop mijn enkel, maar dat zal wel beteren nu ik niet meer zo erg hoef te klauteren en anders is daar altijd nog de wonderbare algenpleister.
    De rest van de middag heb ik lekker voor de deur gezeten, sigaartje erbij, in de schaduw met een beetje wind. Dat is wel uit te houden, niet? En morgen ga ik ook niet ver. Gery vraagt dan steeds hoeveel kilometers ik moet, maar dat is een foute vraag. We rekenen niet in kilometers, maar in tijd. Dus voor het geval iemand benieuwd is naar de afstand van morgen: het zal zo ‘n 3 à 4 uur lopen zijn. Hoewel? Ik zie op de kaart dat er nog wel een flinke bult zit en daar moet ik overheen en geizen mijn ervaringen van de afgelopen dagen kan dat de gemiddelde snelheid aanzienlijk verlagen. We zullen het morgenavond weten……

    Thu
    13
    Aug '09

    Geen tijd om de natuur te zien

    routekaartje

    Er is hier geen computer in de buurt, dus de kaartjes komen waarschijnlijk pas op de website als ik weer uit de Pyreneeën ben, dus nog maar even ‘live’en heet van de naald. Vandaag lag mijn gemiddelde snelheid zelfs nog onder de 2 km per uur: 7,5 uur over 13,2 km, en ik heb weer zo’n 3000 meter geklommen. Dus dat was weer een zeer heftige dag. Dit is geen wandelen meer, dit is puur bergbeklimmen. Zoals een mevrouw zei, die ik tegenkwam: “Ik ben hier gekomen om van de natuur te genieten, maar ik heb geen tijd om naar de natuur te kijken, ik zie alleen maar de steen 30 cm voor me”. Daarin heeft ze volkomen gelijk. Als ik dit van tevoren geweten had, had ik het niet gedaan. Maar het is wel goed om ook deze ervaring op te doen en ondanks dat heb ik het nog steeds erg naar mijn zin en weerstond vanmorgen heel gemakkelijk de verleiding om in de trein te stappen. En Jacobus mag dan af en toe misschien streng op me neerzien, maar hij kan ook erg aardig zijn. De mensen die ik tegenkom, zeggen allemaal dat het morgen veel minder zwaar wordt, want dan zijn er weer veel meer normale wegen. Omgekeerd gaan zij steeds somberder kijken wanneer ik hen vertel hoe ik het gehad heb.
    Maar ik ben minder moe dan gisteren, want het was in ieder geval korter. Bij aankomst in de gîte ben ik verwend met koffie en pils. Daarna het wasje en we hebben een drooglijntje gespannen tussen twee muren, daar hangt nu mijn wasje te wapperen.
    Ik zit hier nu op de Ferme d’ Esteban in een gîte die op het terrein staat van een boerderij, die zo groot is als een half dorp. Er zijn nog 2 Engelsen en 3 Fransen, dus dat gaat wel lukken vanavond. We krijgen hier ook eten en als ik aan tafel uit het raam kijk, zie ik het hele boerenleven aan me voorbijgaan. De varkens, kippen en schapen lopen hier allemaal los buiten. Een leuk gezicht is dat.
    Ik zit echt aan de Spaanse grens, het rijtje bomen dat ik aan de overkant zie, staat in Spanje. Het was vandaag warm, zo’n 26 graden, maar nu hangt de mist net boven de boerderij. De toppen van de Pyreneeën zie ik niet meer, nou ja, die heb ik al een paar keer gezien vandaag. Maar als ik in de diepte kijk, zie ik een dorp in de zon liggen.

    Nou, lekker eten en slapen en morgen weer met nieuwe moed aan de wandel. Geer vraagt steeds of ik dit nou echt nog leuk vind, ze kan dat gewoon niet geloven. Maar eerlijk en oprecht: ik vind het nog steeds fantastisch om te doen!

    Wed
    12
    Aug '09

    Heel erg zwaar

    routekaartje

    Het was vandaag heel erg zwaar. Deze route is veel zwaarder dan ik gedacht had. Om jullie een idee te geven: ik heb vandaag 3066 meter geklommen en 75 meter gedaald en mijn gemiddelde snelheid was ….. 2 km per uur! Het is niet alleen dat het alsmaar op en neer gaat, maar de route bestaat uit bergpaden met allemaal losse keien, zodat je ook niet echt makkelijk loopt. Soms moet je met je kont op een steen gaan zitten en je er dan maar af laten glijden.
    Vanmorgen vond ik het geweldig: een prachtige omgeving, schitterende natuur, overal haviken, het was genieten.
    Vanmiddag had ik spijt dat ik ooit aan dit verhaal begonnen ben en dacht ik: “Dit doe ik nooit en nooit meer” en nu denk ik: “Ik heb het toch maar gehaald”. Maar in ieder geval was ik om 6 uur in mijn hotel en helemaal kapot. Ik kan me niet herinneren ooit zo moe te zijn geweest. Toen ik uiteindelijk Bigarray bereikt had, bleek het hotel ook nog 2 km buiten het dorp te liggen, dus moest ik nog 2 km, maar dat was weer over de gewone weg. En iedereen die me voorbijreed vroeg of ik mee wilde rijden of bood zelfs aan mijn rugzak te dragen, dus dat was weer heel erg aardig. Niet dat ik dat gedaan heb, maar toch.
    Ik ben onderweg wel veel wandelaars tegengekomen, maar die liepen allemaal met zo’n ‘dag’-rugzak en hadden dus geen 17 kilo op hun rug.
    Maar ik ben gearriveerd en zit nu lekker op het balkonnetje van mijn kamer een sigaartje te roken na het douchen, mijn wasje doen en het avondeten. En weet je welk uitzicht ik nu heb vanaf mijn balkonnetje? Op de spoorlijn, waar elk uur de trein stopt die naar Hendaye gaat! Daar moet ik ook heen….lopend…. Ja, de duivel heeft vele verleidingen….

    Tue
    11
    Aug '09

    Berg op, berg af

    routekaartje

    Op het routekaartje kun je twee dingen zien: a: dat ik van 180 meter naar 1000 meter omhoog ben geklommen en vervolgens weer terug naar 180 meter en b: dat ik weer een beste slinger heb gemaakt.
    Gisteravond heb ik kennis gemaakt met Paul uit Venlo, die met de trein is gearriveerd. Vandaag zou hij nog een vrije dag hebben en dan morgen de Pyreneeën over naar Roncevalles. Tot mijn verrassing zag ik al een bericht van hem op de website. Leuk, ik hoop dat ik hem in Santiago weerzie.
    Ik stak vandaag de Pyreneeën niet over, maar loop nu in de lengterichting er doorheen. Het was boven koud en mistig, dus ik ben niet helemaal over de toppen gelopen, dan zie je niets. En wat ik vandaag gezien heb, is een droomwereld. Schitterend is het gewoon. Het is hier heel stil, je hoort geen geluiden en er zijn heel veel haviken, die zweven allemaal op de luchtstroom achter elkaar tussen de bergen door. Het is fantastisch om te zien en hier te lopen, echt waar. Ik ben een stuk of acht mensen tegengekomen, maar niemand die dezelfde richting uitloopt. Ik liep op mijn gemak, ben even gestopt om te eten en op een gegeven ogenblik dacht ik: “Hé, ik zie geen roodwitte palen meer”. Maar ja, ik zou niet weten waar ik verkeerd gelopen zou zijn, dus ik ben gewoon doorgelopen met de gedachte: “Het zal wel goed zijn”. Toen ik uiteindelijk een huis zag, dacht ik: “Toch maar even vragen”. “Nou”, zei de meneer laconiek, “loop maar door in de file, het is nog 13 km”. Dertien km? Volgens mij waren het er nog zes. Het bleek dat ik toch ergens verkeerd gelopen ben, al zou ik nog steeds niet weten waar. De meneer zei dat er ergens iets niet goed staat aangegeven waarschijnlijk, want er komt er elke dag wel één voorbij, die verkeerd gelopen is. Hij heeft me op de kaart gewezen hoe ik verder moest lopen.
    Nou kan je dan wel gaan sikkeneuren dat je nog 13 km moet, terwijl je dacht dat het er maar zes waren, maar dat helpt niet veel, je zult toch moeten lopen, dus gewoon de blik op oneindig en de ene voet voor de andere gezet en tippelen maar.
    Maar ja, de weg zit vol verleidingen, want op een gegeven ogenblik kwam ik bij een kruising en wist echt niet welke weg ik nu moest kiezen. Ik durfde toch niet erg het risico te nemen dat ik weer verkeerd zou lopen, want het wordt wel later en niet vroeger en om nou straks in het donker door de Pyreneeën te wandelen, leek me toch te veel van het goede. Gelukkig zag ik een eindje verderop weer een huis en dat is echt een gelukje, want er zijn hier over het algemeen heel weinig huizen. Dus ik heb de stoute schoenen die ik al aan had richting dat huis gestuurd en aangebeld. Er deed een mevrouw open met een jongetje met een woeste krullebol, maar dat kwam omdat ze net aan het harenwassen was. Ze wees me keurig welke kant ik op moest en zei toen: “Ja, ik weet het, ik mag het eigenlijk niet zeggen, want u bent een pelgrim, maar ik ga straks met de auto naar St. Etienne. Als u nou gaat lopen en ik rijd u straks ‘toevallig’ achterop en vraag of u soms mee wilt rijden, dat mag toch wel?” Nou, tegen zoveel vriendelijkheid heb je natuurlijk niets meer in te brengen en zo komt het dat ik toch nog keurig op tijd in het hotel in St. Etienne-de-Baïïgorry ben gearriveerd. Mijn aardige chauffeuse is lerares en gaat in april met een schoolklas naar Santiago. Wel met de bus, maar wie fietsen wil, mag dat. De bagage gaat dan gewoon in de bus mee.
    Ik zit nu in een heel goed hotel en mocht meteen gebruik maken van de computer. Jullie zien, mijn weg is geplaveid met vriendelijke mensen.

    Mon
    10
    Aug '09

    Het valt niet mee, zo’n vrije dag

    Gisteravond waren er 3 pelgrims uit Marseille: een pastoor met zijn broer en schoonzus. Dus toen hadden we een pastoor voor de pelgrimsmis en hij heeft dat ook heel goed gedaan. De schoonzus was geboren in Aix-en-Provence, dus ik vertelde dat wij daar ook gewoond hadden en dat Ernest er geboren was en ook dat hij niet meer leeft. Daar waren ze natuurlijk van onder de indruk. Vanmorgen vertrokken ze, terwijl ik aan het ontbijt zat en toen kwam de schoonzus nog even naar me toe, gaf me een dikke zoen en zei: “Ik zal aan u denken, hoor, als ik in Santiago ben”. Lief, hè? Heus, er zijn veel meer goede mensen op de wereld dan slechte, alleen vallen die minder op waarschijnlijk.
    Maar verder valt het gerust nog niet mee, zo’n vrije dag. Je loopt toch een beetje met je ziel onder de arm en het idee dat je eigenlijk zou moeten lopen. Maar goed, ik heb van de gelegenheid gebruik gemaakt en eens uitgebreid gegeten tussen de middag op een terras aan het water bij de brug. Daar keken heel wat toeristen jaloers naar me. En het waren er weer heel wat vandaag, het was weer erg druk. Trouwens ook de gîte zit weer propvol met pelgrims. Er kwam een stel aan dat van Hendaye naar St. Jean-Pied-de-Port gelopen was, dus de omgekeerde route van wat ik ga doen. Zij vertelden dat het af en toe een heftige route was, maar nergens gevaarlijk. Ik ben benieuwd. Ik kreeg van hen ook een paar adressen, dus ik heb vast voor de eerste 2 nachten een kamer geboekt. Dan is Geer ook weer geruster, want die maakt zich zorgen of ik wel onderdak heb.
    Gery meldde dat ze me miste, dus ik kreeg een aanval van medelijden met haar en dacht: “Ze zit daar maar alleen, ik stop er mee”, dus ik stuurde haar een sms-je dat het genoeg was. Maar ja, toen hing ze onmiddellijk aan de telefoon met de vraag of ik helemaal gek geworden was. Dat ze niet voor Piet Snot de hele tuin aan het wieden was met het zweet in de nek, want als ik nu naar huis kwam, had ze dat voor niks gedaan, want dan had ze net zo goed kunnen wachten totdat ik het deed. Nou ja, tegen zulke vrouwenargumenten kan ik niet op. Ik heb het trouwens ook geweldig naar mijn zin, ook dit keer weer. Dus ik ga morgen gewoon weer verder op mijn pad.

    Na het eten heb ik een siësta gehouden, dat is wel het voordeel van een vrije dag, en daarna heb ik op een muurtje bij de Bastille een sigaartje gerookt. Terwijl ik daar mee bezig was, landde er een helicopter op het rugbyveld om een patient op te halen, die daar in een ambulance stond (of waarschijnlijk lag) te wachten. Het duurde lang voor de helicopter weer opsteeg en meestal is dat niet zo’n goed teken. Nu is het hier wel veel gebruikelijker dat een helicopter uitrukt om een patient op te halen, want het dichtstbijzijnde ziekenhuis is ruim 50 km verderop.

    Nu keer ik zo langzamerhand terug naar de gîte, want het borreluur is aangebroken. Dan drinken we met zijn allen een borrel en vertelt iedereen waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat. Nu zullen jullie zeggen: “Nou, heen gaat? Naar Santiago de Compostela natuurlijk”, maar dat is niet waar, lang niet iedereen loopt door naar Santiago. Er zijn er veel die bijvoorbeeld tot Leon lopen of Burgos, omdat ze niet langer vakantie hebben. Hier in de gîte is een mevrouw die uit Toulouse is komen lopen en nu nog 3 weken hospitaliseert in de gîte, dus voor ons zorgt en goed ook, en dan weer naar huis gaat.

    Ik zag dat het er weer picobello uitziet op de website en ik zit er zo op. Ik heb het kaartje van gisteren erop gezet en dat ging voortreffelijk. Hoe het de komende dagen gaat, of ik gelegenheid heb om mijn routekaartjes op de site te zetten, weet ik niet, want PC’ s zijn vast niet dik gezaaid op de GR 10.
    O ja, ik ben vandaag ook naar het postkantoor geweest, er lag een kaart van Gery voor me die ze vorige week maandag pas gepost had, dus die was er snel. Ik moest trouwens voor de poste restante € 0,47 betalen, omdat ze zo netjes erop gepast hadden. Nou, dat bedrag is wel om overheen te komen en het is wel gezellig om post te krijgen. O ja, ik kreeg een sms-je van Jan de Wit uit Schagen, met wie ik in 2006 een stuk heb gelopen. Die bevindt zich op de GR 5 naar Nice. Ja jongens, als je er eenmaal van hebt geproefd….
    Mijn vrije dag is bijna weer voorbij, dus morgen… en avant!

    Sun
    9
    Aug '09

    Bienvenu Theo

    routekaartje

    Eerst nog even vertellen wat ik gisteravond nou weer heb meegemaakt. Wat is het toch een heerlijk land. Tijdens het eten hoorden we dat er om 9 uur nog een concert zou zijn in de kerk met een koor uit de Béarn in kostuum en zo. Dat leek ons wel aardig, dus snel afeten en zorgen op tijd in de kerk te zijn. We waren er keurig om 9 uur, de deuren waren open en het licht brandde, maar een koor???? Jawel, dat was er wel, maar dat was aan de overkant van de weg nog gezellig aan het barbecuen! En geloof het of niet, maar wij hebben met zijn allen in de kerk braaf naar het altaar zitten staren tot 10 over half tien en toen was het koor uitgegeten en klaar voor het grote gebeuren. Ze waren heel blij als koor uit de Béarn in Baskenland te mogen zingen, want het schijnt tussen die twee strekken niet zo erg te boteren. Nou, daar hebben we gisteravonbd dus niets van gemerkt. Ik kan zo genieten van dit soort zaken, heerlijk gewoon.

    Het was vandaag de hele dag bewolkt en fris. Dat wil zeggen, eigenlijk vind ik het te koud om zonder jack te lopen, maar aangezien niemand zijn jas aan heeft, doe ik het maar niet. Maar enfin, ik werkte mij snel door de kilometers heen en streek neer in een warme stal in de vorm van de gîte ‘L’ Esprit du Chemin’, waar ik gereserveerd had. Het warme welkom bleek ook uit het briefje dat ik op mijn bed vond: ‘Bienvenu Theo!’ in het Frans en in het Baskisch ‘Girgie Etonie!’ Leuk, hè? De gîte is sinds de vorige keer opgeknapt en erg mooi geworden. Er is ook een stiltecentrum achterin de tuin gekomen, maar eerlijk gezegd ben ik zelf meer gebaat bij de centrifuge die er ook is. Zo is er dus voor ieder wat hij nodig vindt of graag wil. Er schijnt hier ook een zekere Wim te zijn, die vanuit Eindhoven is komen lopen, dus die zal ik vanavond wel bij het eten zien, denk ik.
    Verder ben ik het stadje ingegaan en heb op het pelgrimsbureau een nieuwe credencial gekocht. De mijne is nog wel niet vol, maar ik haal het niet met één en dan vind ik het wel leuk om een nieuwe in gebruik te nemen als ik in Spanje ben. Op het pelgrimsbureau heb ik meteen gevraagd om informatie over de GR 10 van St. Jean Pied de Port naar Hendaye, omdat ik die wil gaan volgen. Ja, die konden ze me niet geven, aangezien het geen officiële pelgrimsroute is. Ik moest maar naar het Office de Tourisme gaan. Dus op naar het Office de Tourisme, maar ja, daar mochten ze het niet verkopen, ik moest maar naar de boekwinkel gaan. Dat is ook Frankrijk. Bij de boekhandel vond ik gelukkig wat ik zoch en ik ben nu in het bezit van een mooie gids van Hendaye naar St. Jean en die ga ik dus in omgekeerde richting lopen.
    Ik ben ook in het internetcafé geweest en kwam wel op de website, maar zag alleen het bovenste plaatje en na heel lange tijd verscheen mijn fotootje ook nog, maar verder kwam ik niet, dus ik ben er maar mee opgehouden. Ik heb mij uiteraard bejklaagd bij het thuisfront, maar Marnix en Gery waren bezig om de routekaartjes op een andere plaats te zetten, omdat de website zo traag wordt. Er komt dan een link bij het verslag van de dag en als je die aanklikt, kun je het kaartje zien. Ze waren er druk mee, ik zie volgend keer wel of het beter gaat. Nu ga ik de stad niet meer in, want wat is het er ontzettend, walgelijk druk, je kunt over de hoofden lopen. Allemaal toeristen! ‘Je ken der niks van zeggen’, maar eigenlijk….. ‘het most niet maggen’!

    Sat
    8
    Aug '09

    Brr…koud

    routekaartje

    Het is hier koud, althans dat vind ik en met mij hier velen. Het is hier nu maar 18 of 19 graden en dat terwijl we 30 gewend zijn. Het moest niet mogen. Maar gelukkig was het vandaag wel droog. Ik ben om kwart voor zeven opgestaan, heb op mijn dooie gemak mijn rugzak ingepakt, ontbeten, naar de bakker en met stokbrood in de rugzak weer op weg. De route begon tamelijk vlak en onderweg kreeg ik een praatje met een meneer die het gras in zijn tuin stond op te ruimen. Hij bleek fysiotherapeut geweest te zijn, dus we kregen een interessant ‘kwalen’-gesprek. Ik vertelde van mijn hernia’s en dat je, als je dan zo op bed ligt, het gevoel hebt nooit meer te kunnen lopen. Hij zei dat het voor alle partijen een grote overwinning was op het moment dat iemand weer kan gaan staan. En toen ik zei, dat ik soms in een gîte sliep, maar ook soms in een hotel, omdat ik nou ook weer niet echt een lijdende pelgrim ben, sprak hij wijsgerig: “Meneer, een mens is niet gemaakt om te lijden”. Ik bedoel maar, ik ben niet de enige die dit denkt. Overigens had hij wel lekker aan het lijden verdiend, want hij had een kolossaal huis met een nog grotere tuin.
    Na een uurtje kwam ik op het punt, Gibraltar geheten, waar 3 routes samenkomen en dan wordt het één route naar Ostabat. Daar stond het Bourgondische meisje, met wie ik gisteravond gegeten heb, te praten met het Oostenrijkse echtpaar, Adolf en Hildegard. We hebben foto’s en films van elkaar gemaakt. Ik zei dat Oostenrijkers horen te zingen en dan met hun handen op hun dijen horen te kletsen. En toen hebben zij voor mij een berglied gezongen, geweldig leuk.
    Vervolgens liep het pad knap steil omhoog en ontmoette ik 2 Nederlandse meiden die op de fiets onderweg naar St. Jean Pied de Port waren. Een beetje het type ‘hockeymeiden die iets origineels willen doen’, maar heel erg aardig. Dankzij mijn GPS kon ik hen precies vertellen hoe hoog we zaten en zij vonden het ‘gaaf’ en begonnen meteen vaktaal uit te slaan en vragen te stellen waarop ik het antwoord niet wist natuurlijk. De generatiekloof dus.
    Halverwege de bergbeklimming liep ik Adolf en Hildegard weer achterop, want die zaten te rusten. Zij hadden ineens het ‘Gipfel’-gevoel gekregen, hoewel we echt nog niet aan de top waren beland. Maar ja, als je dat gevoel krijgt, hoor je schnaps te gaan drinken, dus dat deden ze. Toen moest ik van hen dat ‘Gipfel’-gevoel ook meevieren en uiteraard ook met schnaps. Zo kwam het dat ik verder als een turbo naar de top liep en vervolgens afdaalde naar Ostobat, waar ik al om 12 uur was. Het café waar ik de vorige keer geslapen heb zat vol schone dames en er was dus geen plek meer voor een ouwe kerel. Maar geen nood, ik werd naar de buurvrouw gestuurd, maar moest beloven wel in het café te komen eten. Dus ik begeef mij naar de buurvrouw, althans naar de poort van haar boerderij, waar ik netjes aanklopte, terwijl de mevrouw van het café op 100 meter afstand toekeek. Helaas, volgens Geer is het “Wie klopt in geloof ziet de deur voor zich opengedaan”, maar dat kwam mooi niet uit, de poort bleef dicht. Mevrouw riep vervolgens vanaf afstand dat ik moest schudden aan de poort. Dat deed ik, heel het stadje schudde op zijn grondvesten, maar zie, de poort ging open en ik was van harte welkom. Ik heb nu een giga appartement voor mezelf voor € 15.
    En voor morgen heb ik al een slaapplaats gereserveerd in ‘L’ Esprit du Chemin’, de gîte in St. Jean Pied de Port. Misschien blijf ik daar wel een dagje. Ik had vandaag eigenlijk wel door kunnen lopen naar St. Jean ook, maar dan ga ik te hard. En haast is uit den boze voor een pelgrim.

    Fri
    7
    Aug '09

    O, die routekaartjes

    routekaartje

    Eerst even mijn gram kwijt: ik word zot van die PC’s en het mislukt iedere keer om mijn kaartjes erop te zetten. Ik loop me rot om ergens op tijd te zijn en neem bijvoorbeeld vandaag: in de gîte in St. Palais, waar ik nu ben, hebben ze een PC, waarop ik wel de website kan zien, maar het lukt me niet om mijn kaartje te uploaden. Goed, dus ik ren naar de mediatheek hier…..is dicht. Morgen schijnt er bij de bakker in Ostabat een PC te zijn die het goed doet. Daar wil ik het nog één keer proberen en als dat ook niet lukt, kunnen jullie verder naar de kaartjes fluiten. Zo, jullie zien dat ik aardig losbollig en vrijgevochten begin te worden, plichten en zo….weg ermee!

    Hoe gaat het verder met pelgrim Theo na deze ontboezeming? Nou, ik mag wel zeggen: uitstekend! Alleen begon het vanmorgen om half acht, toen ik in een barretje mijn ontbijt ging scoren, te regenen en dat heeft het gedaan tot 11 uur. Dus toen waren we goed nat met zijn allen. Want je loopt wel alleen, maar komt elkaar toch steeds weer ergens tegen, onderweg of in een gîte. Ze noemen mij de ‘doyen’ van de camino, een soort nestor of oudste of hoe je het ook vertaalt. Dat komt niet omdat ik zo wijs ben of zo, maar omdat ik anderen wijs hoe ze niet door het bos hoeven lopen om toch op de plaats van bestemming te komen en als het nat weer is, heeft dat aftrek, want dan word je erg nat als je door de bossen loopt.
    Ik passeerde op een gegeven moment het Oostenrijkse echtpaar en vertelde hen dat er 2 mogelijkheden waren: een weg die niet door het bos ging, en nog een andere die korter was. Ja, toen kregen ze problemen, want de één wilde de ene weg en de ander de andere natuurlijk, zo gaat dat in een goed huwelijk. Dus ze zeiden dat ik er nu getuige van was dat hun wegen uit elkaar liepen en vervolgens ging ieder zijns weegs. Na een kilometer of acht komen die wegen toch weer bij elkaar en toen zat mevrouw heel trots al op een muurtje op ons te wachten. Haar weg was dus korter!

    Ik ben de laatste kilometers over de gewone weg gaan lopen, maar dat doe ik niet meer, want er was me een verkeer, niet normaal, en hard rijden, verschrikkelijk, je vreest voor je leven. Dan maar liever een stukje omlopen.
    Mijn allergie is bijna over, ik heb geen jeuk meer, alleen ziet het er nog niet fraai uit. Er is vandaag trouwens ook geen zon meer geweest, na 11 uur bewolkt met een temperatuur van ongeveer 22 graden. Prima wandelweer.

    Ik zit nu in een gîte in een voormalig klooster, waar Belgen de scepter zwaaien. Elke avond om kwart voor zeven geven ze een familieconcert, dus daar ga ik straks zeker heen. St. Palais is een leuk stadje. Ik heb er net shampoo en wasmiddel gekocht, want die heb ik in Navarrenx laten liggen. Dat is wel leuk, want dan zeg ik dat ik iets moet hebben dat klein, sterk en goedkoop is en dan gaat iedereen voor me aan de gang. Dus heb ik nu wasmiddel in een tube, want ‘die wordt steeds kleiner’. Slim gevonden.

    Vandaag heb ik ruim 26 km gelopen, morgen ga ik naar Ostabat. Daar schijnt het weer groot feest te zijn, dus ik ben benieuwd.

    Thu
    6
    Aug '09

    Navarrenx

    routekaartje

    Het ging vandaag uitstekend, het was excellent weer om te lopen, niet te warm, niet te koud en droog. Morgen wordt er regen voorspeld, maar dat zien we dan wel weer.
    Ik zit nu in dezelfde gîte als de vorige keer en hij zit barstensvol met Fransen, Zwitsers, Oostenrijkers en mijn persoontje. En ik heb weer zoveel plezier gehad, ‘t was weer een toneelstuk. Een Fransman had zijn was in de wasmachine gestopt, maar toen hij die er weer uit wilde halen, ging de deur van de wasmachine niet meer open. Nou, toen had je hem moeten zien, hij haalde alles uit de kast, sloeg als een wilde op de wasmachine, draaide woest aan alle knoppen, sprong op en neer, rende heen en weer, precies zo druk als Louis de Funès. Ik stond ondertussen gewoon mijn wasje met de hand te doen. Toen hij weer wegrende om een nieuwe penning te halen om erin te gooien dan maar, dacht ik: “Dat ding moet toch gewoon opengaan”, dus ik zette de programmaknop op nul en….geruisloos ging de deur open. Toen had je hem moeten zien, hij keek naar me of ik acuut heilig geworden was en de wederopstanding zelve. Nou, die heeft een wondertje beleefd en ik heb daarvoor mogen zorgen.
    Ik ben naar de dienst geweest, samen met nog een paar anderen. De pastoor zelf was er niet, maar dat is ook geen wonder, want die moet in totaal 84 kerken bedienen, dus die heeft wel iets te doen. Na de dienst kregen we een borreltje aangeboden in de presbytère. Door ‘iemand’ was een vage afspraak gemaakt dat ‘iemand’ ons op zou komen halen om naar een restaurant te gaan. Die ‘iemand’ was op dat moment aan het jeu-de-boulen of zoiets, maar toen een van de zusters hem ging halen, was hij er niet meer. Wij braaf wachten met zijn drieën; de andere twee keken of ze er zeker van waren dat alles in orde kwam, maar ik had zo mijn twijfels. Na een tijdje kreeg die ‘iemand’ een naam: het bleek dat we op zoek moesten naar ene Jean-Pierre die ‘ergens’ aan het honkballen was of ‘zoiets’. Uiteindelijk vonden we hem, maar hij was zo verschrikkelijk dronken, dat we het zelfs niet aandurfden die ene kilometer naar het restaurant met hem mee te rijden. Dus de hele escapade was voor niets, want uiteindelijk zijn we naar een restaurant vlakbij gegaan.
    Daar was het ook niet alles. Het eten was goed, maar ik wilde een ‘gâteau basque’ als toetje hebben. Volgens mij hoefden ze alleen maar een stuk taart op een bordje te leggen, maar na drie kwartier was er nog steeds geen toetje. Toen heb ik daar maar van afgezien en we hebben ook maar geen koffie genomen. Anders wordt het veel te laat en lopen we kans de gîte op slot te vinden.

    Het is trouwens groot feest hier in Navarrenx en op dit moment zit de hele hoofdstraat vol met mensen aan tafels, die bezig zijn om de stier op te eten die vorige week in Orthez is gedood.

    Heerlijk land!!

    Wed
    5
    Aug '09

    Bloedheet

    routekaartje

    Om half acht ben ik vertrokken in de nevel en dat duurde zo tot half twaalf ongeveer en daarna werd het bloedverzengend heet, ruim 32 graden. Ik heb dus rustig gelopen. In het begin was het verschrikkelijk klimmen en dalen, dus dan doe je vanzelf rustig aan. Bovendien kwam ik een boer tegen, die me een ‘tussenweggetje’ wees en dit keer vond Jacobus dat ook prima, want ik verdwaalde niet en kwam weer keurig op de route terecht. Dat scheelde me 3 km.
    Maar ja, er moest natuurlijk toch een ontbering zijn, Corrie, daar heb je gelijk in. Ik was van plan om dit keer tussen de middag een lekkere omelet te eten in een bar die ik me van de vorige keer herinnerde, maar die was wegens vakantie gesloten. Hersenen zijn trouwens toch rare dingen, want ik herinner me wel dit barretje en als ik in dorpjes kom, herinner ik me die weer, maar van de route onderweg herinner ik me vrijwel niets, die lijkt gewoon weer nieuw. Maar goed, meestal eet ik tussen de middag bijna niets, dus zo’n ramp was het nu ook weer niet.
    Om 3 uur was ik bij de gîte in Arthez-de-Béarn, waar een briefje op de deur zat met een telefoonnummmer dat ik moest bellen. Dat deed ik netjes, maar kreeg te horen dat ik me maar lekker moest installeren en doen waar ik zin in had, er zou later wel iemand komen. Dus ik heb mijn tukje gedaan, mijn wasje en mijn douche. Toen verscheen er nog een wandelaar met een hele open voetzool. Die heb ik geholpen met verbinden. Ik ben blij dat mijn voeten het zo goed doen: ik heb geen blaar gezien nog.
    Na een poosje kwamen er nog 2 Zwitsers en nu zijn we met zijn vieren. Misschien loopt de gîte nog verder vol, maar onderweg heb ik weer geen pelgrim gezien. Verbazingwekkend is het en blijft het dat er zo weinig pelgrims zijn, terwijl deze route vorige keer toch veel drukker was. Misschien wachten ze allemaal tot volgend jaar, als het weer een heilig jaar is?
    Er is hier wel een internetcafé, maar dat is helaas om 2 uur dichtgegaan, dus sorry, maar nog steeds geen routekaartjes. Ik blijf mijn best doen!

    Tue
    4
    Aug '09

    Iets meer dan soep

    routekaartje

    Nou, het was wel iets meer dan een pan soep gisteravond. We werden met zijn allen aan het werk gezet. De Franse huisvader en ik moesten aardappelen schillen en konden zo tegelijkertijd gezellig keuvelen. Hij zit al 20 jaar in de gemeenteraad. Dat komt, omdat hij steeds weer een nieuwe wens heeft, zegt hij. En zo zie je, dat er in Frankrijk niet zoveel veranderd is. Toen we 25 jaar geleden in Le Havre woonden was het al zo dat, als je iets gedaan wilde hebben, bijvoorbeeld een goed hek om je tuin of een verhard pad naar je huis, je als een haas in de gemeenteraad moest gaan om dat voor elkaar te boksen. Daarna kan je er dan gevoeglijk weer uit, behalve natuurlijk als je nog meer wensen hebt.
    Maar al met al hadden we dus een heel menu te eten met 19 man sterk. Het was oergezellig. Ik had de Belgen een beetje zitten plagen met de taal. Halverwege het eten komt ze ineens naar me toe en zegt: “Je bent toch niet echt een Fransman geworden?” Ik zei: “Nee, hoezo?” “Nou, wij eten de sla altijd bij het eten en niet daarna zoals Fransen doen”. Dat was scherp opgemerkt.
    Na het eten hebben we gezamenlijk de afwas gedaan en daarna kwam er nog een gezin: man, vrouw en maar liefst 9 kinderen in de leeftijd van 3 jaar tot 18 jaar. Zij mochten slapen in de kleuterklas.
    Ik lag op de kamer met 2 mannen en 2 vrouwelijke hoogleraren, die meteen vroegen of ik snurkte. “Ja”, zei ik, maar dan moet je zeggen: “Théo, tourne” en dan houdt het op. Vanmorgen meldden ze dat ik wel gesnurkt had, maar ‘gentiment’. Ze hadden blaren en daar probeerden ze van alles aan te doen met zalfjes, compeed, gaasjes, enz. Dus ik zei dat ze ze beter met leukoplast af konden plakken als ze nog dicht waren, maar ze wisten niet hoe dat moest. En dus zat deze pelgrim vanmorgen nederig de voeten van 2 hoogleraren dakpansgewijs met leukoplast af te plakken.

    Ik kon vannacht niet slapen van de jeuk en zit weer onder de rode bulten en blaasjes. Eerst dacht ik aan insecten, maar ik herinner me dat ik dit 2 jaar geleden ook had en dat het toen een zonne-allergie bleek te zijn. Het ziet er nu precies hetzelfde uit en ja, ik heb natuurlijk heel veel zon op mijn lijf gehad de laatste weken. Ook nu is het, na een paar dagen afkoeling, weer erg warm geworden.
    Dus ik heb er vanmorgen stevig de wandelpas weer ingezet en was net voor sluitingstijd van de apotheek om half één vanmiddag in Arzacq-Arraziguet. In de pharmacie concludeerde men ook dat het door de zon kwam, maar dat het nu te laat was, ik had in april al iets moeten gaan slikken ‘ter voorkoming’. Maar gelukkig ging ik niet met lege handen de deur uit, integendeel, uiteraard vertrok ik met een indrukwekkende voorraad zalfjes en pillen. Een zalfje om erop te smeren, pillen om te zorgen dat de jeuk minder wordt, een crèmetje als bescherming tegen de zon en zelfs een hele spuitbus met een soort schuim dat ik erop moet spuiten. Ik las dat het tegen brandwonden was, dus die laat ik nog maar even zitten.
    Toen had ik vanmiddag dus zeeën van tijd. En wat doe je dan? Nou, slapen, douchen, een wasje, mijn telefoon in elkaar zetten, die gevallen was en uit elkaar lag en vervolgens het dorp in op zoek naar een computer. Die was er wel, maar dateert nog uit de vijftiger jaren of zo, want het duurde wel een kwartier voor ik de website zag verschijnen en toen ik probeerde mijn kaartjes op de website te zetten, kreeg ik voortdurend een ‘erreur’. Dus jammer voor jullie. Na dit zware werk heb ik mij naar een terrasje gesleept en nu komt ‘mijn’ Franse huisvader eraan om samen met mij een pilsje te drinken. Het is onbeleefd om dat af te slaan en ik heb geleerd altijd beleefd te zijn, dus…proost en tot morgen!

    O ja, mocht je een kaartje willen sturen, dan kun je dat nog naar Hendaye sturen, voor St Jean Pied de Port is het te laat, ben ik bang. De poste restante adressen staan bij: kaartje sturen

    Mon
    3
    Aug '09

    Veel meer pelgrims

    routekaartje

    Wat is het toch leuk als je een paar talen spreekt. Gisteravond aan tafel ben ik in het Frans Duits, Engels en Nederlands aan het koeterwalen geweest. Het hele restaurant zat vol pelgrims. En maar vertellen en ervaringen uitwisselen, leuk is dat. En dat alles onder het genoegen van een ‘Menu Pèlerin’: hors d’ oeuvre varié, filet de boeuf met boontjes, flan als dessert, wijn, water en koffie toe en dat alles voor € 12,50. En ik was natuurlijk toen al keurig naar de mis geweest. Daar waren ongeveer 20 mensen (dus lang niet alle pelgrims) en een heel aardige pastoor. We hebben het lied “Tous les matins….” natuurlijk weer gezongen onder begeleiding van een Duitser op de blokfluit. Verder waren er geen buitenlanders.
    Er is een groep van 14 Fransen die ik voor moet zien te blijven vanwege de slaapplaats. Toen ik vanmorgen net op weg was, bleek er ineens een meer te zijn dat niet op de kaart stond. Bovendien was er een snelweg aangelegd, zodat de route in mijn gidsje totaal niet meer klopte. Dus Corrie, je kunt gerust zijn: ik snijd dan af en toe wel stukjes af, maar moet het later altijd weer terugbetalen, want ik heb me rot lopen zoeken en allerlei ommetjes gemaakt. Het lijkt het leven zelf wel weer. Je probeert wel eens iets stouts, maar wordt meestal weer teruggefloten. Ik heb trouwens vanmorgen van het hele stuk dat ik gelopen heb, niets herkend, dus misschien heb ik nu wel een heel andere route gelopen.
    Enfin, na al dat gedwaal zag ik na 20 km een gîte en ik was het zat, dus daar ben ik neergestreken. En het was goed dat ik op tijd was, want nu zit de gîte helemaal propvol, sommige pelgrims moeten dus al hun tentje opzetten. Het is wel gezellig zo met iedereen. De Franse familie is er ook weer. Meneer blijkt suikerziekte te hebben, dus wordt angstwekkend in de gaten gehouden door zijn vrouw en de dochter is helemaal kapot, ze kan gewoon niet meer. Ze moet ook elke dag zo’n enorm gewicht dragen, want ze is echt erg dik, ik vind het heel stoer dat ze toch nog steeds de moed opbrengt om weer te starten. Maar ze heeft het erg zwaar, is in 1 week ruim 7 kg afgevallen. Dat lijkt wel fijn, maar dat is allemaal vocht en het zit er straks waarschijnlijk zo weer aan, dat is wel sneu.
    De gîte wordt beheerd door Waalse Belgen en ik heb hen gezegd dat ik hen Nederlandse les zal geven vanavond, want dat is tenslotte ook hun eigen taal. Af en toe begrijpen ze wel woorden en dan roep ik al: “Zie je wel, dat het je eigen taal is?” Vanavond koken ze voor alle pelgrims een grote pan soep, want dit schone dorp, dat Miramont-Sensacq heet, bezit weliswaar 1 hotel en 1 winkel, maar die zijn op maandag allebei dicht. En uiteraard ook geen internetcafé, dus nog even geduld.
    Morgen ga ik maar 14 km lopen, anders moet ik er 40 en dat is wel een beetje veel. De conclusie is wel dat ik nu 3 dagen ga doen over een stuk dat ik 3 jaar geleden in 2 dagen heb gelopen. Ach ja, de ouderdom, hè.

    Sun
    2
    Aug '09

    Papbenen

    routekaartje

    Dat was heerlijke luxe gisteravond, vannacht en vanmorgen. Dus heb ik vanmorgen ook maar een beetje uitgeslapen. Toen ik wegging, zei ik dat het luxe geweest was, maar dat dit natuurlijk nioet elke dag zo kan. “Dat is maar goed ook”, was het antwoord, “anders krijg je papbenen!” Daar kon ik het dus verder mee doen.
    Ik heb wel de route gevolgd, maar wel een alternatiefje genomen. Dat vond ik wel een handigheidje van mezelf om een stukje de gewone weg te nemen. Dat loopt even makkelijker en dan spaar ik wat kilometertjes uit. Dus ik was een beetje trots op mijn eigen slimheid. St. Jacques heeft echter zo zijn eigen wijsheden en troefde mij weer eens af. Aan het einde van de rit bleek namelijk dat de officiële route, die ik had moeten gaan, door de slechte begaanbaarheid was afgesloten en dus heeft iedereen vandaag mijn alternatieve route gevolgd. Omdat ik pas om kwart over negen ben vertrokken, kwam ik dus achteraan de rest van de pelgrims en wandelaars aan in Aire sur l’ Adour.
    Ik was van plan om mijn tentje op te zetten op de camping, maar toen ik aankwam, bgon het net te regenen. Dus dan maar eerst een stempel halen in de kerk. Dat kreeg ik en toen heb ik gezegd dat ik een slaapplaats zocht met een bed, een bad, champagne en een masseuse en dat allemaal graag voor een prikkie. Ze konden me alles leveren, behalve een masseuse, want “u bent hier in de kerk”. En uiteraard rekenden ze wel op me voor de mis om 6 uur.
    Alle gekheid op een stokje: ik zit nu in een keurige gîte met een wasmachine, dus het wasje gaat automatisch dit keer en dat is ook al luxe.
    Ik moest hier wel even streng zijn, want er liggen overal reclamefolders van taxibedrijven, die voor jou je rugzak naar de volgende overnachtingsplaats brengen en dat kan natuurlijk niet in een pelgrimsplaats. Gery maakte het nog erger door te zeggen dat ze nooit en te nimmer die rugzak alleen in de taxi zou laten gaan, maar er dan zelf naast zou gaan zitten. Ik vraag u: Waar zijn de principes op heden gebleven? Ben ik dan nog de enige met principes? Ik zeg tegen mezelf: “Je wou toch zo nodig lopen? Dan zal je ook lopen, kreng. Hup!” Nee, ik vind het gewoon nog steeds erg leuk. Het was vandaag veel minder warm, gisteravond hadden we hier een donderbui die je volgens mij in Zaandam kon horen en daarna is het afgekoeld.
    Enfin, er zitten weer 26 km meer in deze papbenen, morgen weer verder.

    PS. Geen kaartje vandaag, want alles is natuurlijk dicht vanwege de zondag, morgen beter.

    Sat
    1
    Aug '09

    Onder de sloffen weggeroffeld

    routekaartje

    Gisteravond heb ik nog even gezellig met de Franse familie zitten praten, althans met de man en vader. Hij loopt omdat het moet, het hele plan is van zijn vrouw en dochter. Zijn vrouw heeft ook alles minutieus voorbereid, hij weet tot bijna een kwartier nauwkeurig waar en wanneer hij ´s avonds aankomt. Zijn vrouw en dochter hadden ook het plan gehad om een ezel aan te schaffen, want dan kon er meer bagage mee, maar daar was hij voor gaan liggen en had het geweigerd. “Ach”, zei hij berustend, “en nu ben ik de ezel”.
    Overigens moet je ook bij dat minutieus plannen je vraagtekens zetten, want gisteravond riepen ze dat ze heel vroeg weggingen, zodat ze er voor de grootste hitte waren. Enfin, om half zeven vanochtend sprongen ze eruit en draafden in het rond. Ik ben toen maar om 7 uur eruit gegaan, want ik kon toch niet meer slapen. Toen ik om half 8 vertrok voor een ontbijtje, liepen ze nog in het rond. Terwijl ik zat te ontbijten, liepen ze voorbij. Halverwege de rit passeerde ik hen alweer, want toen lagen zij uit te rusten, je kunt tenslotte niet altijd lopen. Ik geloof nooit dat ze St. Jean Pied de Port halen, want ze zijn verschrikkelijk dik, ik snap niet hoe ze op het idee zijn gekomen om dit te doen.
    Ik heb vandaag even 20 km onder de sloffen weggeroffeld, heb het grootste gedeelte over de gewone weg gelopen. Het is wel grappig, want ik heb deze route 3 jaar geleden ook gelopen. Er zijn dus stukken, die ik me nog herinner alsof ik er gisteren geweest ben. Er zijn ook stukken, die ik in eerste instantie niet herken. Bij Mansiet bijvoorbeeld was ik helemaal vergeten dat daar een arena voor stierenvechters is, maar toen ik het zag, was het “O ja, en volgens mij was hier tegenover ergens een café”. En dat klopte ook. Nou niet zeggen dat ik alleen de café’ s maar herken natuurlijk. Er zijn ook hele stukken die ik absoluut niet herken en waarvan ik me niet eens kan voorstellen dat ik die eerder moet hebben gezien.

    Om kwart over twaalf, etenstijd toevallig, kwam ik bij de gîte van Nogaro aan, die op dat tijdstip uiteraard dicht was. Toen had ik de keus: of tot 3 uur vanmiddag met rammelende maag wachten tot de mevrouw van de gîte (waarvan ik me herinner dat er destijds heel veel vliegen waren, maar dit terzijde) weer terug was of doorlopen naar het hotel, waar een restaurant bij is en waar ze toevallig ook kamers hebben. En naast dat alles hebben ze ook een……. zwembad. En het is hier nog steeds heel erg heet.
    Wat zouden jullie dan doen? Nou niet schijnheilig zeggen dat een pelgrim moet lijden, terwijl je zelf languit in de tuin ligt.
    Dus ik nam het hotel en ik kan jullie melden dat ik, ter compensatie van de meerdere kosten, me tussen de middag heb beholpen met een eenvoudige maaltijdsalade. Nou, ja niet zo heel erg eenvoudig, maar toch……

    Fri
    31
    Jul '09

    Drukker

    routekaartje

    En ja, nu is het een stuk drukker. Met zenuwachtige pelgrims, die zich afvragen hoe vroeg ze morgen zullen vertrekken om nog een slaapplaats te kunnen bemachtigen. Ja, dat was ik dus even vergeten hoe het er dan ook weer toegaat.
    Ik heb vanmorgen over de beroemde spoorlijn van Jan de Wit gelopen, Jan, als je dit leest, het station is er nog steeds en de seinpalen ook!
    Ik kwam ook langs de gîte van Frits de Duitser, maar, Suzanne, “Der Fritz war nicht da”, alleen allerlei mededelingen dat hij ook foto’s van de camino had, die alleen gasten mochten zien. Dus ik ben maar doorgelopen naar de gîte communiale. Daar aangekomen moest ik wachten tot de VVV weer openging, want daar moest ik de sleutel halen. De gîte zit in een oud gebouw, maar is wel netjes opgeknapt.

    Het is nog steeds heel warm, maar volgens het weerbericht schijnt het morgen minder warm te worden. Ik heb er niet zoveel last van. Nu ga ik op zoek naar een goed restaurant. Ik lig op een kamer met een Frans gezin, waarvan elk der leden een respectabel aantal kilo’s weegt, mag ik wel zeggen.
    Allez broeders en zusters, tot morgen maar weer.

    Thu
    30
    Jul '09

    Op bekend terrein

    routekaartje

    Dit was nou weer een ouderwets rustig dagje. Vanmorgen om half negen bem ik vertrokken en als een speer langs de route départementale naar Montreal de Gers gelopen, waar ik om 12 uur aankwam. Bij aankomst zag ik een Relais de Saint Jacques en aangezien het toch 12 uur was, kon ik daar niet voorbijlopen. Ik had een menu met een buffet van voorgerechten, vlees met pasta en kaas, een buffet van nagerechten, water en wijn. Dat alles kostte me in totaal € 11,50. Ik snap niet hoe ze het voor dat geld kunnen doen. In mijn gids zag ik staan dat ik er ook kon overnachten, maar nee, dat deden ze niet meer, want er is volgens hen geen belangstelling genoeg voor. Ik had, eerlijk gezegd, meer het idee dat ze er niet zoveel in hadden tijdens de vakantieperiode, maar ik kan het mis hebben natuurlijk. Maar geen nood, ik wist van 3 jaar geleden dat er ergens een boerderij moest zijn, waar ik de vorige keer geslapen heb, dus meteen boog zich het hele restaurant over de vraag waar dat ook alweer was. Nou, dat viel nogal mee, ik heb nog maar 2,5 km hoeven lopen, toen was ik er. Dis nu bivakkeer ik in Séviac in een boerderij met verschillende gastenkamers. Ik slaap zelfs in dezelfde kamer als 3 jaar geleden, dat is wel komisch. Maar ook hier ben ik alleen en Madame zegt dat er inderdaad heel weinig pelgrims zijn dit jaar. Hoe het komt, weet niemand. Geen gelovigen meer? “Er komen wel namaakpelgrims”, mopperde mevrouw, “toeristen die voor een prikkie willen slapen. Ik zie het al als ze eraan komen. Als ze er zo sportief uitzien, weet ik genoeg en komen ze er niet in”.

    Het is hier nog steeds heel, heel erg warm. Ik zit nu buiten een beetje af te koelen en af en toe voel ik een heel klein beetje wind.
    Vanavond eet ik met de familie en morgen wandel ik naar Eauze. Dat is maar 16 km en alles bekend, want ik zit nu weer op de route van 3 jaar geleden. Ik ben zeer benieuwd of ik nu meer pelgrims tegen ga komen. On verra!!

    Wed
    29
    Jul '09

    Mézin

    routekaartje

    Het was ontzettend warm vandaag. Onderweg passeerde me een fietser, die een temperatuurmeter op zijn fiets had en het was in het bos en in de schaduw 33 graden. Dus ik liep er warmpjes bij zogezegd. Nog steeds is het erg stil op de route en het verhaal dat het in voor- en najaar wel druk is, geloof ik ook niet zo erg meer, want middenin het bos kwam ik een boer tegen, die ook een gîte heeft en die vertelde dat hij hoogstens 4 keer per maand mensen had. Een kwestie van de kip en het ei volgens hem (ja, je bent boer of niet): pelgrims klagen erover dat er zo weinig faciliteiten zijn en mensen zetten geen gîtes op, omdat er zo weinig pelgrims zijn.
    Ik heb een hele tijd langs een spoorweg lopen ploegen door het mulle zand. Dat liep niet lekker en hoewel alle seinpalen en zo aanwezig waren, heb ik tijden geen trein gezien en aangezien het gras tussen de bielzen groeide, ben ik toen maar tussen de rails op de bielzen gaan lopen. Toen ging ik als een speer, Jan de Wit uit Schagen zou er tevreden over zijn.

    Ik kwam lekker op tijd in Mézin aan en zit nu in een hotel, dat geleid wordt door verstandelijk gehandicapten. Het is allemaal heel simpel en kost dan ook maar € 18. Er is ook een restaurant bij, maar ik weet nog niet of ik daar ga eten. Tenslotte is volgens de toeristische informatie Mézin het centrum van de wereld. Er is hier zelfs een president van Frankrijk geboren: Armand Fallières. Hij was president van 1906 – 1913, maar ik heb, eerlijk gezegd, nog nooit van de man gehoord. In deze plaats is wel bijna alles: een grote kerk, muren en poorten, maar om nou te spreken van het centrum van de wereld?

    Vanaf hier is het nog ongeveer 1100 km naar Santiago, dus ik ben er nog niet. Maar ik zie op de borden al wel plaatsen vermeld, die op de route van Le Puy naar St Jean Pied de Port liggen en ik hoop morgenavond te kunnen slapen in Montréal en dan ben ik dus weer op de ‘bekende weg’. In ieder geval zijn er dan meer overnachtingsmogelijkheden.

    Tue
    28
    Jul '09

    Bâton magique

    routekaartje

    Vanmorgen weer lekker op stap. Het was even de weg zoeken het dorp weer uit, maar al gauw liep ik weer boven in de heuvels. Op een gegeven moment moest ik onder een elektriciteitsdraad doorkruipen en daar houd ik helemaal niet van. Dus eerst heel voorzichtig mijn rugzak en wandelstaf er onderdoor geschoven en net toen ik zelf wilde gaan kruipen, kwam er een mevrouw, die riep dat er geen stroom op zat. Daar heb ik toen meteen maar een praatje mee gemaakt. Vol trots vertelde ze dat de boerderij en al het land dat ik zag van haar waren. Ze hadden het gekocht van een Italiaanse baron die in het kasteel dichtbij woonde. Deze had op een gegeven moment zoveel schulden dat hij 6 boerderijen moest verkopen. De Italiaanse familie komt nog wel eens kijken hoe het gaat, maar het kasteel is verkocht aan een Engelse familie, die zich nooit laat zien en die niemand kent. Dat vond ze erg, want beter een ‘voisin’ dan een ‘cousin’, zei ze. Ik vond het wel een mooie opmerking, ik had hem nog nooit gehoord. Toen ik verder ging, vroeg ze of ik voor haar wilde bidden als ik in Santiago ben. Dat heb ik uiteraard beloofd en met een “Que Dieu vous bénisse” kwam ik de rest van de dag wel door. En… ik ben niet verdwaald vandaag.

    Na de koffie in Port Ste Marie liep ik op de rotonde aan de overkant van de brug, toen er een auto de rotonde opscheurde, vervolgens keihard en echt met gierende banden de rotonde rondreed en de auto op het grasveld midden op de rotonde parkeerde. Het portier vloog open en er kwam een man uit, die riep: “Meneer, wacht even, wacht even, want ik heb ook Santiago gedaan”. En zo stonden wij daar uitgebreid ervaringen uit te wisselen. Zijn dochter zat ook in de auto, maar die kon wel wachten volgens hem, dit was belangrijker. Dat zijn leuke dingen om mee te maken.
    Mijn wandelstaf begint hoe langer hoe meer af te schilferen, maar voorlopig loopt hij nog steeds lekker en hij heeft samen met mij al heel wat meegemaakt. De mensen hier noemen het een ‘bâton magique’, omdat hij indrukwekkend is van vorm en lengte en omdat ik zo langs mijn neus weg vertel dat ik er al duizenden kilometers mee gelopen heb. Dat doet het wel.

    Verde was de weg naar Vianne heet en lang, maar het plaatsje maakte alles weer goed. Het is een schitterend plaatsje, een bastide, maar bijna helemaal nog intact. Er staat nog 1250 meter muur om de stad heen met 4 poorten en als je op het plein staat, zie je allevier de poorten. Bij een restaurant vroeg ik waar de gîte municipal was en het antwoord was: “Hierboven, maar u moet eerst naar het gemeentehuis”. En daar heb ik weer zo’n heerlijk staaltje echte ouderwetse Franse bureaucratie meegemaakt, ik heb ervan genoten. Het gemeentehuis werd bezet door 2 mensen: een jonge man, die duidelijk de baas was, en een mevrouw die duidelijk al het werk moest doen. Ja, ik kon in de gîte, maar toen kreeg ik toch een berg formulieren om in te vullen, dat wil je niet weten. Overal natuurlijk de datum en handtekening erbij. Toen ik ondertussen vroeg of ze ook een stempel hadden voor mijn credencial, was het antwoord: “Jazeker”, maar ik kreeg hem niet. Ik kreeg hem namelijk pas nadat ik €17,50 had betaald voor de overnachting. Haast was er niet bij natuurlijk, alle papieren werden keurig precies opgevouwen en in ordners opgeborgen en toen bracht mevrouw me weg naar het restaurant waar ik vandaan kwam. Het is echt een schitterende gîte, 3 grote kamers met in totaal 8 bedden, een compleet ingerichte keuken en een salon met 8 leren stoelen voor de TV. Iedere kamer heeft ook een eigen badkamer, dus alles picobello.

    Na het wasje en het dutje was het tijd voor een heerlijke ‘bananasplit’, dus lui op het terras zitten en dat heerlijks bestellen. Wij halen thuis nog vaak het verhaal op dat moe op bezoek bij ons in Frankrijk was, Gery meetroonde naar de stad omdat ze in een bepaald restaurantje van die overheerlijke bananasplits hadden. Die moest en zou Gery proeven. Enfin, toen het puntje bij het paaltje kwam, kreeg Gery geen bananasplit, want de bananen waren op! Ik wachtte op mijn bananasplit en zag ineens de baas naar de buurvrouw lopen, dus ik dacht: “De bananen zijn op!” En dat bleek te kloppen, want hij kwam terug met een banaan. Zo beleef je toch elke dag weer iets en ik geniet nog steeds.

    Ik las op de website het commentaar van Anonymus dat het op de Camino Primitivo nog veel leger is, maar het gekke is dat ik dat weet en daar dus op reken. Maar hier had ik dat niet verwacht en dan is het toch anders. In deze streek wonen ontzettend veel Engelsen, bijna alles staat ook in het Engels. Dat wist ik ook niet. Zo zie je, het is altijd anders dan je denkt en iedere Camino heeft zijn eigen aardigheden.

    Ineke, ik heb het kaarsje voor je gebrand, nu maar hopen dat het helpt!

    Mon
    27
    Jul '09

    Clairac werd het niet

    routekaartje

    Vanmorgen vertrok ik bij mijn Engelse gastheer en Groningse gastvrouw met een grote zak pruimen mee voor onderweg. Die hebben me tijdens de wandeling van vandaag uitstekend gesmaakt, mag ik wel zeggen!. Ik moest meteen al vrij steil naar boven klimmen, dat was om warm te lopen. De beloning was een erg mooi uitzicht over het dal van de Lot, badend in de zon. Later verdween de zon en werd het bewolkt, maar warm. De paden zijn hier over het algemeen slecht, veel stenen en het gaat constant op en neer. Verder zie je nog steeds niemand en de route leidt je om elk dorp dat je tegen zou kunnen komen snel heen. Ik zou deze route een volgend keer niet meer nemen, denk ik, want ik houd juist van onverwachte ontmoetingen en bezienswaardigheden op de route, ik vind het wel leuk om door dorpjes te komen. ‘t Is maar net wat je leuk vindt natuurlijk.
    In ieder geval was ik op tijd in Clairac, waar volgens de gids een gîte zou zijn. Die was er ook…. met een laconiek briefje op de deur dat madame 2 maanden op vakantie was. Het enige hotel zag eruit of het al jaren en jaren gesloten was, dus dat hielp ook niet veel. Bij de VVV heb ik daarna een heel gezellig praatje gehouden, maar zij hadden verder ook geen mogelijkheden. Vreemd is het dat er zo weinig overnachtingsmogelijkheden zijn. Je zou denken dat het komt omdat er ook zo weinig mensen deze route lopen, maar iedereen zegt hier dat het frappant is dat het elk jaar hartstikke druk is tot en met juni, dat er dan in juli en augustus ineens niemand meer is en dat de stroom weer begint in september.
    Maar goed, al met al had ik nog geen bed, dus ben ik snel weer aan de wandel gegaan richting Aiguillon. Volgens de route was het 15 km, maar ik dacht: “Mooi niet, ik ga niet weer kilometers omlopen” en ben over de gewone weg gelopen. Dat kan hier wel, er is wel aardig wat verkeer, maar je loopt nergens gevaar en het laatste stuk liep ik op een fietspad langs de rivier en dat was gewoon erg mooi. Dan zie je tenminste toch wat mensen en kom je wel door de dorpen. En toen bleek de afstand maar 8 km te zijn. Nu bivakkeer ik in het centrum van Aiguillon in een ‘Logis de France’, het is vrij oud, maar mijn kamer kost maar € 35, dus duur is het niet. En het restaurant is erg goed. Daar heb ik wel weer even zitten genieten. Aan de tafel naast me zat een Belgisch echtpaar met 3 jongens. Die jongens waren niet echt heel vervelend voor de andere gasten of zo, maar gewoon wel lekker dwars. De oudste wilde zijn zonnebril per se niet afzetten, de twee anderen, een tweeling, zaten dan de oudste weer te pesten en vervolgens met patat naar elkaar te gooien en pa en moe maar wanhopig verbieden. Heerlijk om te zien en heel herkenbaar, het riep heel wat herinneringen op.

    Mijn wasje hangt weer te drogen, mijn batterijen staan allemaal op te laden, dus ik ben weer klaar voor morgen!!

    PS van het thuisfront: Peter uit Veere, leuk dat je er weer bij bent, dank voor het compliment, ik heb er zelf veel plezier in. Gery

    Sun
    26
    Jul '09

    Een beetje te gek

    routekaartje

    Oef, vandaag was het wel een beetje al te gek. Ik heb vannacht niet veel geslapen, want het feest op de camping ging door tot 3 uur in de nacht met veel luidruchtige muziek en lawaai. Om 6 uur schrok ik alweer wakker, want ik meende druppels op mijn tent te horen en dacht dus: “Snel eruit en inpakken om mijn tentje een beetje droog te houden”. Toen ik eruit kroop, bleek het het geluid van de wind te zijn, maar toen ben ik er maar uit gebleven. Zodoende was ik om 7 uur alweer onderweg. Ik had gezien dat ik wel 2,5 km zou uitsparen als ik aan de andere kant van de camping vertrok, dus dat heb ik gedaan, maar helaas, na een kilometer stond ik voor een groot hek, dus zat er niets anders op dan weer terug te gaan. Dat was de eerste waarschuwing……
    Goed, ik ben over de Route Nationale naar Cancon gelopen en daar heb ik heel op mijn gemakje zitten ontbijten, want ik was van plan om met de middag te stoppen.
    Helaas, na Cancon kwam gewoon niets meer, geen enkel dorp waar ik zou kunnen slapen. Onderweg kwam ik langs een winkeltje, waar ik geprobeerd heb wat vers fruit in te slaan. Nou, het fruit was niets, maar er was wel water en even tijd voor een praatje. Ik heb gevraagd of er geen kortere weg was naar Castelmoron-sur-Lot, de eerstvolgende grotere plaats, want de route zoals die in het gidsje staat, was nog verschrikkelijk lang. De baas van het winkeltje vroeg of ik uit België kwam en toen ik zei dat ik uit Holland kwam, zei hij: “Laten we dan maar gewoon Nederlands spreken, vind je niet?” Hij woont al meer dan 20 jaar in Frankrijk. Hij wist een andere route, die volgens hem 8 km korter was, die kon ik nemen. Dat was de tweede waarschuwing…….
    Het zal heus wel kloppen wat hij me verteld heeft, maar ik heb me gek gelopen en als iemand mij gevraagd zou hebben: “Zeg eens pelgrim, waarheen gaat gij?” zou ik geantwoord hebben: “Geen flauw idee”. Ik ben op een gegeven ogenblik een boer met een bestelauto gepasseerd en ja, een tijd later passeerde ik opnieuw de bestelauto met de boer, die vrolijk zei: “Hé, je was hier net ook al!” Gelukkig heeft hij me toen wel de juiste route gewezen en toen ging dat in ieder geval goed. Tot ik in een dorp kwam, waar de bordjes met de tekens weggehaald waren. Dat was de derde waarschuwing………
    Ook dat was dwalen, dwalen en weer extra kilometers maken.
    Uiteindelijk ben ik toch in Castelmoron beland, want je moet toch doorlopen, anders kom je er niet. In de gids stond dat er een hotel was. Dat was er ook, maar daar was alle leven geweken. Dan maar naar de VVV, maar die was uiteraard dicht. Dan blijft er nog maar één mogelijkheid over: het dorpscafé! Daar zaten een aantal trouwe bezoekers, die wel een chambre d’ hôtes wisten bij een Engelse mevrouw ‘of zo’. Ik moest dan maar ergens bij de burcht rechtsaf en het was een mooi huis met bloemen. Met deze vage routebeschrijving ben ik weer op weg gegaan en moest uiteraard weer zoeken, maar uiteindelijk is er redding gekomen en heb ik een kamer!! Meneer is Engelsman en mevrouw is…..Groningse. Ze hebben 23 jaar in Engeland gewoond en wonen nu 5 jaar in Frankrijk. Ik kan hier vanavond ook eten, dus toen mevrouw vroeg of ik een sleutel wilde hebben, kon ik rustig antwoorden dat dat niet nodig is. Ze krijgen mij de deur niet meer uit!
    Maar goed, even languit een dutje doen, de voetjes uit de schoenen en dan begin je alweer aardig op te knappen. Verbazingwekkend hoe goed mijn voeten er toch nog uitzien na zo’n lange, zware dag. Ik heb 2 kleine plekjes, maar met een algenpleister erop voel ik daar niet veel van tijdens het lopen.
    Kijk, op zo’n dag ben ik natuurlijk niet de hele dag aan het zingen en als ik merk dat ik rondjes gelopen heb, hef ik ook geen danklied aan. Toch denk ik dan niet: “Ik stop ermee”. Want het blijft gewoon leuk om te doen, ook al vind ik deze route wat saai tot nu toe, vergeleken bij de andere routes door Frankrijk. Nog een dikke week en dan kom ik op de route die vanuit Le Puy gaat en dan ga ik waarschijnlijk weer zeuren dat het veel en veel te druk is, maar op deze route is het wel erg stil en zijn er weinig bezienswaardigheden. Zo zie je, het is toch elke keer weer anders. En het is prachtig wandelweer: droog met een temperatuur van zo’n 25 graden. Dat heb ik wel eens anders gehad. Bovendien ga ik morgen echt maar 18 km lopen tot Clairac en dan stop ik.
    Er komen nu een paar toeristenplaatsen achter elkaar, dus daar zal het onderdak vinden vast makkelijker gaan. En nu……….lekker slapen!

    Sat
    25
    Jul '09

    Een schone camping

    routekaartje

    De foto’s van Jacques zijn gearriveerd:

    Theo en Jacques Vignaud1

    Theo aan tafel1

    Het waren ontzettend aardige mensen gisteren in het Paardencentrum en vanmorgen hoefde ik zelfs helemaal niets te betalen omdat ik pelgrim ben, maar wat was het er vies. Gruwelijk gewoon.
    Ik was van plan om vandaag niet ver te lopen, maar toen ik in Castelonnès was, was het pas half elf. Te gek voor een pelgrim, jullie zouden nog gaan denken dat ik een luie pelgrim was. Er zal toch wel commentaar zijn op de foto’s, dat ik er te goed uitzie en zo, niet genoeg afgesloofd, zal ik maar zeggen. Ja, kan ik het helpen dat ik het gewoon weer heel erg naar mijn zin heb?
    En, om mijn goede wil te tonen, ben ik toen toch maar doorgelopen naar Lougratte. Al met al was het vandaag een wandelingetje van 23 km, dus goed te doen en ik ben op tijd op mijn bestemming. Ik sta nu op een hele schone camping aan een meertje (ik lijk wel een echte Hollander). Onderweg is er nog steeds geen pelgrim te zien, maar hier op de camping zijn weer genoeg mensen, het staat vol met Fransen die voor 80% uit het noorden komen. Niet dat ik nu al al mijn huishoudelijke taken heb gedaan, want ik ging even een hamer lenen bij de buren. Die zijn vanmorgen met de motor vertrokken uit Duinkerken en ja, voor je het weet, maak je een praatje en voor je het weet, zit je dan aan de koffie. Het gevolg is dat ik nu alles nog moet gaan doen.
    Vanavond is hier een zogenaamde thema-avond. Voor € 10 krijg ik dan eten en volop muziek. ‘k Ben benieuwd wat het gaat worden. Muziek is er nu ook al volop, dus pelgrim Theo stort zich vanavond in het feestgedruis!

    Fri
    24
    Jul '09

    Een stevig eind

    routekaartje

    Een mens kan zich vergissen en een pelgrim ook. Eerst heb ik vanmorgen vrij veel tijd verdaan in Bergerac, omdat ik een stempel van de bisschop wilde hebben. Nou, die heeft er heel lang over gedaan om een stempel te zetten en toen weer heel lang om een balpen te zoeken, dus daar ging veel tijd mee heen.
    Ik had in mijn gids gezien dat de eerstvolgende overnachtingsmogelijkheid 38 km verderop is en daar had ik nou niet zoveel zin in, dus ben bij de VVV gaan vragen naar chambres d’ hôtes. Daar hebben ze overal rondgebeld en uiteindelijk iets gevonden in een of ander paardencentrum in een dorp. Kosten € 10, dus veel kon het niet zijn, maar mijn route werd wel 9 km korter, dus daar doe je wel iets voor. Enfin, even koffiedrinken en daarna op weg door de straten van Bergerac. Dus ik loop daar vrolijk door de straten en opeens zie ik een zwarte Mercedes met donkere ramen, die recht op mij afkomt. Het leek wel een of andere gevechtsfilm en eigenlijk verwachtte ik half en half dat het raampje open zou schuiven en er een of ander luguber pistool naar buiten zou komen. Nou, het raampje ging wel open, tot zover klopte het, maar …….. de arm die eruit kwam, had mijn gidsje in de hand en een euro. Het gidsje had ik op mijn koffie-adres laten liggen per ongeluk met een euro, die ik als fooi had neergelegd. Die werden me nu netjes achterna gebracht. De euro kreeg ik terug, want ‘een pelgrim hoeft geen fooien te geven’.
    Nou, na zoiets loop je weer met goede moed verder. Het landschap is nu helemaal veranderd, de bossen liggen achter me en nu loop ik veel door wijngaarden. Tussen de middag heb ik op een terras zitten eten en toen moest ik nog 20 km naar mijn paardencentrum. Althans, dat dacht ik. Inderdaad, na 20 km belandde ik in het dorp Plaisance, maar daar was het paardencentrum nog niet. De mensen aan wie ik onderweg steeds vroeg waar het was, riepen blijmoedig dat het niet ver meer was, nog 5 minuten of zo. Zij bleken bij die 5 minuten echter uit te gaan van 5 minuten met de auto, want uiteindelijk bleek het paardencentrum 7 km buiten het dorp te liggen! En niet 7 km verder op de route, nee, 7 km de verkeerde kant op, dus die moet ik morgen weer teruglopen om op de route te komen. Achteraf gezien had ik dus beter de overnachtingsplaats van mijn gidsje aan kunnen houden, maar ja, achteraf kijk je een paard in zijn kont. En dat doe ik nu dus bijna letterlijk. Ik geef toe, € 10 is niet veel geld, maar zelfs dat weinige geld wordt hier niet omgezet in schoonmaakmiddelen, heb ik wel gemerkt, want schoon is het hier niet.
    Aardig zijn ze wel, want ze hebben me vanavond naar het restaurant gebracht en ook weer opgehaald. Dus pelgrim, niet zeuren, maar moedig voorwaarts. Tot morgen.

    '

    24-7-2009: Het thuisfront zegt sorry

    “Goh’, zei iemand tegen me, “zo raar, als ik Theo’s website opendoe, kan ik ineens niet meer zien wat er geschreven is, ik weet niet wat ik fout doe”.
    Nou, ik wel, namelijk niets. De enige die iets fout deed, was ik en daardoor was ineens 95% van alle verhalen gewist. Dat was grote paniek, ik zag mijzelf alweer alle berichten, die ik in ieder geval wel ooit ook in Word heb opgeslagen, opnieuw op de website zetten.
    Tot mijn grote geluk had Marnix vorige week toevallig een back up gemaakt, zodat de schade niet al te groot is.
    Er zijn een paar reacties verloren gegaan, maar jullie kennende, wordt dat vast en zeker door jullie opgelost. In ieder geval zijn we nu weer bij en gaan (weer vrolijk) verder.

    Thu
    23
    Jul '09

    Tulpen uit Rotterdam

    routekaartje

    Het was een schitterende dag vandaag. Vanmorgen vertrokken Jacques en ik in een donderbui en vervolgens heeft het 2 uur geregend. Daarna werd het droog en scheen de zon. Vanmorgen was er nergens een bar te bekennen in het dorp waar we koffie wilden drinken, dus toen kregen we van een inwoner gratis koffie en konden zelfs kiezen uit zwart, met melk of espresso. Ja, de mensen zijn hier erg goed voor arme pelgrims, dat is toch geweldig?
    Jacques loopt vandaag voor het laatst en vindt dat erg jammer, want dit is hem prima bevallen. Het is de eerste keer dat hij dit doet, anders loopt hij veel marathons. Hij heeft ook een marathon in Rotterdam gelopen en dat was een van de leukste volgens hem. Daar verschijnen namelijk bij de laatste meters hele mooie jonge meisjes, die tulpen naar de lopers gooien. Kijk, dat is wat anders dan die Amsterdammers die net doen of zij het alleenrecht van de tulpen hebben. Dat doet mijn Rotterdamse hart goed.
    Overigens is het aan de rugzak van Jacques te merken dat hij voor de eerste keer loopt, want hij heeft 7 onderbroeken bij zich voor die paar weken. Ik zei dat ik er 2 had voor 3 maanden en toen zei hij: “Ja, maar het moest van mijn vrouw!” Hij kon daar zelf erg om lachen. Verder heeft hij een hele apotheek bij zich aan medicijnen tegen alle mogelijke kwalen. Niet dat hij ook maar één klein kwaaltje heeft, maar ja, je zou er eventueel toch wel eentje kunnen krijgen en aangezien je niet weet welke, moet je dus voor alles iets hebben. Daar hebben we dus samen veel lol om gehad.
    Tussen de middag hebben we alleen een ‘pain aux raisins’ gegeten, maar eerlijk gezegd, heb ik niet veel honger tussen de middag, meer dorst dan honger, dus jullie hoeven geen medelijden te hebben.
    Enfin, in Bergerac namen we afscheid, morgen neemt Jacques de trein terug naar Limoges. Hij heeft foto’s gemaakt en beloofd die naar Gery te sturen, zodat ze ze op de website kan zetten, dus die zullen t.z.t. wel verschijnen. Ik heb een hotel genomen, op mijn gemak mijn dagelijkse klusjes gedaan, heb in de stad vervolgens mijn kaartjes op de website gezet en ben gaan eten. Ik zit net op het terras aan het voorgerecht en wordt dan op mijn schouder getikt: Jacques. Nou, toen hebben we verder maar gezellig samen gegeten.

    Wed
    22
    Jul '09

    Een rustig dagje

    routekaartje

    Het was een rustig dagje vandaag. Bij vertrek had ik geen flauw idee waar ik zou gaan overnachten en van mijn gidsje werd ik niet veel wijzer. Volgens mijn gidsje was de eerstvolgende mogelijkheid namelijk Bergerac, 40 km verder en dat leek me toch wel erg ver. In voorgaande jaren werd ik daar dan wel wat zenuwachtig van, maar nu dacht ik: “Ik ga gewoon lopen, er komt wel wat”. En ziedaar, ik kwam Jacques tegen, de Fransman die nu in zijn eentje doorgaat naar Bergerac. Jacques heeft alle gidsen bij zich die er maar te bedenken zijn, een hele bibliotheek aan boeken en ook een lijst met chambres d’ hôtes en dus werd er gebeld naar zijn logeeradres en ik kon daar ook terecht. Zo zie je maar, Jacques zorgt voor me. Het is maar 17 km naar Villamblard, mijn logeeradres, dus ik ben rustig doorgekuierd en was al om 2 uur vanmiddag op mijn bestemming. Net op tijd, want mevrouw stond op het punt te gaan klaverjassen en zei blij: “O, bent u er? Dan kunt u mooi Jacques ontvangen, anders staat hij voor een dichte deur”. Nog snel werd me de kamer gewezen, maar toen moest ze echt weg. Dus ik had de beschikking over het hele huis, een tuin met tuinstoelen en een koelkast met drank. Het enige nadeel was dat ik de deur niet uit kon om een internetcafé op te zoeken, maar alla, dat komt dan nog wel. Op mijn kamer hangt een bordje dat ik niet zelf mag wassen, want dat doet mevrouw voor het bedrag van
    € 4. Ik hoopte wel dat ze op tijd terug zou zijn of een droger had, anders zou mijn wasje niet droog zijn. Je ziet, ‘des pelgrims zorgen zijn vele’, maar met een goede sigaar in het hoofd en een lekker maal in het vooruitzicht zijn die zorgen wel te dragen.
    Mevrouw is 75 jaar, dus heeft geen zin meer om hele maaltijden te koken. Daarom heeft ze een afspraak gemaakt met het restaurant in het dorp, dat we daar eten kunnen halen. Vandaag was het restaurant wel dicht, maar we konden het toch gewoon gaan halen. Dus toen Jacques was gearriveerd en het etenstijd was, togen wij naar het betreffende restaurant. Het meisje dat op de stoep zat te spelen meldde vriendelijk dat het restaurant dicht was, maar toen wij uitlegden hoe het in elkaar zat, ging ze haar moeder roepen. Die deed de deur op een kier en zei: “Ja, dat klopt, ga maar op het bankje zitten, over 5 minuten is het klaar” Dus wij zaten op het bankje voor een dicht restaurant te wachten: 5 minuten, 10 minuten, een kwartier, 20 minuten…. Toen ik nog maar een keer ging vragen, was het net klaar en konden we binnenkomen. En daar stond een blad op ons te wachten van zowat een vierkante meter met een grote hoeveelheid schalen en schaaltjes, gewoon geweldig. En zo liepen wij dwars door het dorp met een enorm blad tussen ons in. Een avontuur op zich.
    Onze gastvrouw heet Kiers, niet echt een Franse naam en ik vroeg dus hoe ik dit uit moest spreken. Ze vertelde dat ze oorspronkelijk uit Duinkerken komt en zei: “Je moet dus Kiers zeggen, en niet Ki-èrs, zoals die Fransen doen”.

    Tue
    21
    Jul '09

    Bezoek

    routekaartje

    Vanmorgen ben ik op tijd vertrokken, want het zou heet worden vandaag en ik wilde op tijd in St. Astier, mijn bestemming voor vandaag, zijn. En heet is het geworden! Wat te denken van een temperatuurtje tussen 32 en 35 graden? Dan loop je te puffen en moet je een beetje rustig aan doen, vooral als er dan ook nog een paar flinke stijgingen in de route zitten. Na zo’n stijging stond ik net even uit te blazen en naar adem te happen, toen een stel motorrijders me passeerde: jonge knullen van zo’n jaar of vijfentwintig met stoere helmen met vlammen erop en zo. Ik wou net gaan schelden, want wie knoert er nu zo door de bossen, toen er geremd werd en gestopt en ze terug kwamen rijden. “Meneer, heeft u een GPS? Wat gaaf. Hoe werkt dat nou?” Toen stond ik dus als ouwe baas aan een stel jonge knullen ‘deskundig’ uit te leggen hoe zo’n ding werkt. Die ‘deskundigheid’ heb ik dankzij de lessen van Marnix, hij zou trots op me geweest zijn als hij erbij was geweest. Toen ik ook nog zo langs mijn neus weg zei: “Ja en als het kan, zoek ik een cybercafé op en dan stuur ik de bestanden naar huis en komen ze op mijn website”, kende de bewondering geen grenzen meer.
    Ik zei dat nu wel en ik hoor nu al in gedachten: “Nou, dat hebben we anders al in geen dagen gezien”, maar dat ligt niet aan mij. Als ik een internetcafé zie, snel ik daar onmiddellijk met al mijn attributen heen. Meestal kom ik wel op internet (lijkt me logisch als ik in een internetcafé ben), maar vaak kan ik mijn GPS niet aansluiten. Dus vandaar. Maar als het ergens lukt, stuur ik ze allemaal op en zet Gery ze wel bij de betreffende dagen op de website.
    Op mijn wandeling kwam ik langs een huis en daar hing een kastje, speciaal voor pelgrims, buiten. Erin lagen een kaarsje, een schelp, een bekertje waarmee je water kon tappen uit de kraan naast het huis en een gastenboek. Leuk gedaan!. In het gastenboek stond een bericht van de Fransen met wie ik gisteravond gegeten heb en die vanmorgen veel eerder vertrokken zijn dan ik en daarbij stond: “Groeten aan Theo, die komt ook nog hierlangs”. Grappig, hè? Dus ik heb maar geschreven: “Hier is Theo, hij heeft uitgeslapen!” Ik zag dat 2 dagen voor me een Nederlands stel loopt. Misschien zie ik die nog. Mijn Franse vrienden liepen vandaag voor het laatst, behalve één die tot Bergerac doorloopt.
    Al met al was ik prima op tijd in St. Astier en besloot eerst een pilsje te drinken op een terras voordat ik naar de camping ging. Na dat pilsje ging ik weer fluks in de benen voor de laatste 600 meter, sla een hoek om en loop bijna tegen Andries aan. Die is vanuit zijn vakantieadres met Rina hierheen gereden om mij op te zoeken. Dus dat was heel erg leuk. We hebben nog iets gedronken en toen heb ik comfortabel in de auto het laatste stukje afgelegd. Vanwege de consternatie was ik toen mijn stok vergeten, dus die is Andries toen weer even op gaan halen. Makkelijk, zo’n auto!
    Op de camping kon ik mijn tentje opzetten voor € 7,50, maar ik kon ook een bungalowtent huren met bed, douche, en zelfs koelkast. Op vertoon van mijn credencial een speciaal prijsje voor pelgrims: € 10. Nou, ik zou wel gek zijn als ik dat niet gedaan had. Na het douchen hebben we samen gezellig koffie gedronken en toen zijn Andries en Rina weer teruggegaan en ik ‘aan het werk’: mijn dagelijkse wasje, een sigaar roken voor de tent, op zoek naar een internetcafé en eten. Erg druk elke dag, dat snappen jullie.
    Volgens de weerberichten komt er morgen onweer en wordt het daarna koeler. Ik hoop dat het vannacht gaat regenen, als ik lekker luxe in mijn tent lig en dan de druppels op het tentdak goed kan horen, hoewel…. dan is het morgen in de bossen weer een modderpoel natuurlijk en dat is ook niet leuk. Het landschap begint trouwens wel een beetje te veranderen, er komen meer wijngaarden, dus ook meer afwisseling. Ik word nog steeds op omwegen gestuurd als er een paar huizen te zien zijn of een makkelijke weg, maar die neem ik niet allemaal. Ik loop hier in Frankrijk op een Grande Randonnée en die is gemaakt voor wandelaars, voor mensen die van de natuur houden en daar ook voor komen. Dat is het doel, dus logischerwijze wordt dan de bewoonde wereld zoveel mogelijk gemeden. In Spanje loop je op de pelgrimsroute en dat is een route die naar een doel leidt en je langs allerlei bezienswaardigheden stuurt die met het doel te maken hebben. Die staan in dorpen, dus daar kom je veel door dorpen. Hier in Frankrijk bestaan ook aparte pelgrimswegen, ik kom zo af en toe bordjes ervan tegen. Ik ga me daar echter maar niet aan wagen, want ik heb geen omschrijving en geen gids ervan, dus ben bang dat ik dan hopeloos ga dwalen.
    “Hoezo, dan kijk je toch op je GPS?”, hoor ik Marnix nu zeggen, maar ik roep nu gauw dat ik dan ook geen beschrijving heb van alles wat ik onderweg tegenkom en dan is er niets aan.
    Ik zag onderweg een bordje: ‘Santiago 1300 km’, dus jullie zijn nog niet van me af. Gegroet!

    Mon
    20
    Jul '09

    Tussen Chancelade en Périgueux

    routekaartje

    Na een excellent ontbijt langs de waterval met allemaal ouwe bazen om me heen die al flink aan de borrel en de sigaar bezig waren (en het was echt pas 8 uur), was het weer tijd voor de dagelijkse wandeling. Even buiten Brantôme passeerde ik een groot aantal campers. Gery praat de laatste tijd steeds over een campertje, nou, als ze dit gezien had, zou ze meteen genezen zijn. Bovenop elkaar, net buiten de stad, op allemaal betonnen platen sta je dan te overnachten, dus de romantiek is ver te zoeken.
    Vanmorgen kwam ik 2 Amerikanen uit Illinois tegen, die ook heel verbaasd waren over het feit dat het zo stil is en ze verder niemand tegenkomen. En dat is ook zo, het is erg stil en de route liep weer door de bossen en over steenpaden. En het werd steeds heter en heter. Ja, stil maar, ik weet het wel, voor de pelgrim is het nooit goed natuurlijk: te koud, te heet, te nat, te droog, modderpaden, steenpaden. Maar dat zijn wel de zaken die belangrijk zijn voor de pelgrim, moet je weten, als je in je luie stoel zit, hoef je je niet met zulke zaken bezig te houden. Ik klaag nog even verder: er waren ook grote stukken die erg steil waren, dus was het klimmen geblazen in die hitte! De route gaf een omweg aan langs een mooi plaatsje, maar dat hoefde niet en dat heb ik dus ook niet gedaan, ik liet het plaatsje maar even voor wat het was. Toen ik in een dorpje stopte bij een barretje voor een kop koffie, zaten daar dan eindelijk de eerste echte pelgrims in het gras. Die vonden het ook al erg stil en in de bar vertelden ze ook dat het dit jaar heel erg stil is op de route en dat het andere jaren veel drukker is. Vreemd eigenlijk, hoe dat nou komt, joost mag het weten.
    Vanwege de hitte was mijn 2 liter water op een gegeven ogenblik schoon op. Dat water wordt ook weer uitgezweten natuurlijk. Ik heb mijn zwarte T-shirt aan, dat ik elke avond was, maar wellicht niet helemaal goed uitspoel, want als ik veel ga zweten, gaat het bijna schuimen, er komen gewoon sopbelletjes uit.
    Goed, ik maakte een slim plan. Ik zag in mijn gids dat er in Chancelade een bus naar Périgueux reed, dus ik dacht: “Wat let me? Ik loop naar Chancelade, pak daar de bus naar Périgueux en als het daar leuk is, neem ik daar misschien morgen wel een rustdag”.
    Als pelgrim moet je dus geen plannen maken, heb ik gemerkt, want het gaat altijd anders. Volgens plan arriveerde ik in Chancelade. Daar heb ik een mooi klooster bezocht en een kaarsje gebrand voor Marnix, Geer en zus Corrie, die morgen geopereerd wordt. Toen ik bij de portier van het klooster kwam, moest ik gaan zitten en kreeg een grote fles mineraalwater in mijn handen gedrukt met het bevel: “Helemaal opdrinken!” Ik zei dat ik bang was dat niet te halen en toen vertelde hij dat hij een andere pelgrim zo’n fles had aangeboden en dat die had gezegd: “Ik wil hem wel hebben, maar dan drink ik hem helemaal leeg, anders moet ik er mee sjouwen” en dat ook gedaan had. We vreesden beiden voor de arme man dat hem dat wel opgebroken zal hebben. Maar dat vertelt het verhaal niet, dus uitgerust en opgefrist begaf ik me naar de bushalte. Jazeker, er was een bushalte en daar bleek ook een bus te rijden naar Périgueux, precies volgens het boekje, alleen…….. de bus reed alleen als er kinderen naar school moeten in Périgueux en…… het is vakantie dus…….. reed de bus niet. Ik kon dus naar Perigueux gaan lopen, nog zo’n 7,5 km. Ik liep langs een sloopbedrijf en daar wisten ze me te vertellen dat ik naar een andere bushalte moest lopen, want dat daar wel een bus reed, omdat ik daar in de buitenwijken van Périgueux was. Dat wilde ik wel doen, ging dus op weg, maar toen moest ik, een pelgrim is ook maar een gewoon mens, heel, heel, heel erg nodig…….. Tjonge, wat moest ik nodig en dan kan een mens het erg benauwd krijgen en je kunt moeilijk zo aan de kant van de weg gaan zitten. Dus toen ik op een druk kruispunt kwam en daar een hotel zag, dacht ik: “Al kost een kamer € 200, ik neem hem.” Nu zit ik hier, halverwege tussen Chancelade en Périgueux. Ruim 30 km heb ik vandaag weer afgelegd. Ik zal dus morgen wellicht helemaal niet in Périgueux komen, al kreeg ik van het thuisfront te horen, dat ik nou morgen dus maar een klein eindje loop en een rustdag neem. Hoezo, rustdag? Ik rust eigenlijk de hele dag, vind ik. Ik loop gewoon vakantie te houden. Mijn voeten houden zich prima, alleen had ik een open plek aan mijn voet op precies dezelfde plaats als de vorige keer, maar nu op de andere voet. Dus het zal toch wel iets met mijn schoenen te maken hebben, want de andere schoen heeft Heine iets ruimer gemaakt en daar heb ik nu geen centje pijn. Gelukkig had ik algenpleisters meegenomen en dat is echt een wondermiddel, want nu is het alweer dicht en ik heb er verder geen last van.

    Ik ging vanavond eten en toen ik het restaurant binnenkwam, zaten daar de mensen die ik vandaag ook al ontmoet had en ik moest meteen bijschuiven aan tafel, dus ik heb met 5 Fransen zitten eten, heel erg gezellig! Zij lopen elk jaar een paar weken. Ze hebben foto’s gemaakt en als ze weer thuis zijn, zullen ze die naar Gery sturen, dus wellicht zien jullie ze op een gegeven moment op de website verschijnen!

    Sun
    19
    Jul '09

    Weer onder de mensen

    routekaartje

    Ik heb een prachtige overnachting gehad in mijn gîte. Wat zijn er toch lieve en aardige mensen op deze wereld. Vanmorgen om half acht zat ik prinsheerlijk bij de open haard mijn ontbijtje te nuttigen, wat wil een mens nog meer? Ik heb weer genoten van de discussies. De eigenaar van de gîte is een communist en wil eigenlijk Stalin weer terug; zijn zwager en hulp is streng Katholiek, dus dat geeft leuke taferelen. Verder hebben zich nu vier man over mijn route gebogen en allevier een route bedacht, die ik vandaag moest gaan lopen. Alle vier een verschillende natuurlijk, zodat ze bijna onderling ruzie kregen. Gelukkig bleken ze het toen over één ding wel eens te zijn: De route zoals die in mijn boekje staat, is echt helemaal niks. Fout, fout, fout.
    Ik had vandaag dus eigenlijk de keus uit 5 verschillende routes, dus een wonder dat ik goed gelopen ben toch? Dat ben ik vandaag dus wel, het was lekker weer om te wandelen en mijn enige bezwaar tegen deze route is eigenlijk dat hij voornamelijk door de bossen loopt en die bossen heb ik nu, eerlijk gezegd, wel gezien. Dit is een officële pelgrimsroute vanuit het noorden, maar er is geen pelgrim te bekennen. En niet alleen geen pelgrim, maar zelfs ook geen Zondagwandelaar, die een ommetje maakt. Zodra er ergens 3 huizen te bekennen zijn, stuurt de route je daar omheen en vandaag zou ik 3 km om moeten lopen omdat ik anders langs een houtzagerij zou komen. Nou, dat heb ik dus niet gedaan, want die houtzagerij vind ik prima, bovendien is daar op zondag toch niets te beleven.
    Nu ben ik gearriveerd in Brantôme en dat is wel een erg leuk toeristisch plaatsje met mensen, restaurantjes, terrassen, enz. Het is een erg leuke plaats met watervalletjes en riviertjes, ze noemen het het Franse Venetië. Ik heb vanavond heerlijk buiten op een terrasje gegeten bij de waterval, dus ik heb het weer helemaal naar mijn zin zo. Het blijft een geweldige belevenis, ook dit keer weer.
    Mijn eerste week zit erop en ik ben niet ontevreden over de afstand die ik deze week heb afgelegd. Goed zo, Theo, ga zo door, mijn jongen!

    Sat
    18
    Jul '09

    De natuur loopt mijn oren uit

    routekaartje

    Nou, dit was niet mijn meest glorieuze dag, moet ik zeggen. Alles liep verkeerd. Mijn Engelse gastheer vanmorgen wees mij een route die 3 km korter was en bovendien volgens hem mooier. Had ik dat nou maar nooit gedaan. Om te beginnen was het een rotpad: dwars door het bos en boomstammen over het pad, zodat het overal klimmen en klauteren was. En uiteraard stonden er geen roodwitte paaltjes aan de kant om mij de weg te wijzen met als gevolg dat ik hopeloos verdwaald ben en dus echt precies de verkeerde kant ben uitgelopen. Uiteindelijk kwam ik bij een meelfabriek en daar vroeg ik waar ik nu eigenlijk was en waar ik heen moest. De baas was zeer meelevend, maar wist ook niet hoe ik nu moest lopen om weer op het goede pad te komen. Ik wilde mijn rugzak even neerzetten en ontdekte toen tot mijn grote schrik dat mijn filmcamera verdwenen was. Dus ik zei: “Hoe dan ook, ik moet terug.” “Nou, laat dan die rugzak in ieder geval hier, die pik je dan later weer op”, zei hij. Dat heb ik gedaan en zonder rugzak liep het inderdaad sneller door het bos. Na 2 km kwam ik bij een boomstam waar ik op de heenweg me overheen geworsteld had en… daar lag hij! Geer zei, toen ze dit verhaal hoorde: “Had die rotcamera toch laten liggen, ik had wel een nieuwe gekocht voor je’”, maar zo werkt dat niet natuurlijk. Toen weer snel teruggelopen om mijn rugzak op te halen en toen moest ik alles weer verzamelen en daar werd ik allemaal op een gegeven ogenblik doodnerveus van, maar de vrouw van de baas ontfermde zich over mij, hielp me weer met inpakken en zei resoluut: “Mijn man brengt je met de auto naar de route en dat vindt St. Jacob goed!!!” Alzo geschiedde en zo belandde ik uiteindelijk toch op de juiste route.
    Ik heb vandaag de groep mensen die voor me liep, ingehaald. Zij komen uit Duinkerken, dus ‘we zijn buren’. Het weer was goed en onderweg zag ik herten, dat was mooi. Maar verder is de route wel erg veel door het groen, de natuur komt zo langzamerhand mijn oren uit, ik wil wel een beetje dorp of stad tegenkomen nu. Maar goed, ondertussen liep ik door die natuur en om 4 uur vanmiddag had ik nog geen slaapplaats en ben maar verder gelopen. Ik liep door tot ik in La Baine was en daar zou volgens het boekje een gîte zijn. In het dorp, nou dorp: 3 boerderijen of zo, was een bruiloft aan de gang en …. de gîte was opgeheven. Toen zonk de moed me bijna in de schoenen (en die zijn groot), maar zoals meestal, was de redding nabij. Want een mevrouw gaf me de raad naar de buren van de gîte te gaan, want daar was hij van geweest en ze wist dat de man pas kamers had opgeknapt. En dat blijkt allemaal te kloppen, want ik zit nu dus in de ‘opgeheven’ gîte, helemaal in mijn eentje en krijg vanavond ook te eten bij de baas thuis, dus ik hoef de deur niet meer uit! Het toeval wil dat de vrouw des huizes 41 jaar in Genêve heeft gewerkt bij Cargill, Gery ’s vroegere baas. Zo zie je maar, de wereld is klein, al leek die vandaag wel erg groot, want op de teller staat 38 km. Daarvan heb ik ca 6 km in de auto gezeten, maar dan blijft er nog een respectabel aantal over. Ik hoop dus dat het morgen een onsje minder kan. Gery vermoedde dat ik vandaag wel een aantal keer gedacht zou hebben: “Ik schei er mee uit, de groeten, ik ga naar huis” en meer zinnen van dergelijke strekking. Ik moet zeggen, en dat is geen stoerdoenerij of zo, dat zulke gedachten totaal niet in mijn hoofd zijn opgekomen. Zo’n dag als vandaag is natuurlijk niet de allerleukste, maar stoppen?? Geen denken aan!

    Fri
    17
    Jul '09

    Het leek wel te regenen

    routekaartje

    De hele dag heb ik in plensbuien gelopen vandaag. Hele forse buien, mag ik wel zeggen. Die duurden dan zo’n minuut of twintig en dan klaarde het een beetje op en dacht ik: “Ziedaar, het wordt droog”, maar dan kwam de volgende bui er al weer aan. Ik heb besloten dat ik, als het zo regent, niet meer door het bos ga lopen, maar een verharde weg neem. Ik heb vandaag over een stukje door het bos, dat je in een half uur kan lopen, twee uur gedaan omdat je niet vooruitkomt gewoon en dat is geen doen. St Jacob moet dan maar denken wat hij wil.
    Ik moet zeggen dat ik tot nu toe deze route de minst leuke vind van de routes die ik gelopen heb. Er is onderweg niet zoveel te bekijken of te beleven, restaurantjes zijn dun gezaaid (dat is erger) en er zijn ook niet zoveel plaatsen om te overnachten. Aan de andere kant is het wel lekker rustig natuurlijk. Als je nu denkt dat ik het dit keer minder leuk vind, dat is absoluut niet het geval, ik vind het ook dit keer weer geweldig. En ik merk dat ik door mijn ervaringen van vorige jaren wel veel makkelijker ben geworden. Ik wind me niet meer op over het feit waar ik moet slapen bijvoorbeeld, er komt wel iets… Als ik verkeerd loop, word ik daar ook niet zenuwachtig van, het komt wel weer goed.
    Het enige caféetje dat ik tegenkwam was toen ik al bijna bij mijn bestemming voor vandaag, St. Saud-la Coussière, was. Daar hoorde ik dat de groep van 10 mensen, die voor me loopt, 10 minuten geleden waren gepasseerd, dus die heb ik bijna ingehaald.
    Ik ben nu weer in een Bed & Breakfast, gîtes d’ étappe zijn hier niet en ik kan met mijn gastvrouw meerijden naar het dorp om te eten en dan loop ik weer terug.
    Mijn voeten voelen prima, maar toen ik net mijn schoenen uittrok, schrok ik wel zoals mijn voet eruitzag. Echter, na grondige inspectie en enig wrijven bleek, dat mijn sok of iets in mijn schoen gigantisch heeft afgegeven, want mijn voet werd weer een ‘beauty’. Zo willen we het ook hebben.
    Brabantse Theo, hartelijk dank voor het adres, ik kom er inderdaad langs en dan is dat erg handig.
    Volgens de weerberichten is het morgenochtend nog regenen geblazen, maar wie dan leeft, wie dan zorgt.

    Thu
    16
    Jul '09

    Majeur étranger

    routekaartje

    Het was gisteravond nog heel lang erg gezellig in het café van het hotel. Het hele dorp liep in en uit voor een borrel en een praatje, terwijl ik zat te eten. En er werd goedkeurend geknikt, want ik at tenminste gewoon Frans, heel wat beter dan wat de Hollanders op de camping doen, want die kopen nooit iets in het dorp, dus wat die eten, kan nooit veel soeps zijn. Enkele borrels later was ik zelfs de ‘majeur étranger’, die ze ooit ontmoet hadden! Nou jullie weer.
    Maar ja, na de gezellige avond breekt de volgende morgen aan en moet er weer gelopen worden. En heet dat het vandaag was, niet te geloven. Volgens het weerbericht van vandaag zou het hier van 29 tot 36 graden worden. Nou, ik liep vast en zeker in die 36 graden. Ik kwam vandaag voor het eerst zelfs twee mensen tegen, die ook de route liepen, maar dan in omgekeerde richting. Dus dat was een eenmalige ontmoeting. Ik vind het niet erg dat er weinig mensen zijn, ik vermaak me wel, lekker lopen…..
    Ik heb weer mijn met liefde gebakken pannenkoeken gegeten en nou heb ik er nog eentje. Onderweg kwam ik in een café waar een Engelsman de scepter zwaait, die vol bewondering was voor mijn geloop. “Ik loop alleen achter de bar”, zei hij.
    Nou, na zoveel bewondering en met deze hitte kon ik het me wel veroorloven de route van vandaag enigszins te bekorten, vond ik. Dus ik was goed op tijd bij een hotel in Chateau-de-Brie, maar daar bleken de kamers € 125 per nacht te kosten. Het Chinese meisje, dat in het restaurant werkte, was zo vriendelijk om voor me te bellen naar een bed-en-breakfast en daar kon ik terecht. Wel nog 2,5 km lopen, maar dat was geen probleem. Maar ja, ik had geen rekening gehouden met St. Jacob, die kennelijk niet tevreden was over het feit dat ik de wandeling had ingekort, want ik liep verkeerd en zo liet hij me nog 7,5 km lopen in plaats van die 2,5.
    Toen ik er bijna was, kwam er een C4 Picasso aan met mijn Engelse gastvrouw die me kwam zoeken. Maar kijk, ik wil natuurlijk niet dat jullie straks op de GPS zien, dat ik met vreemde vrouwen comfortabel in een auto zit, dus heb ik ik het laatste stukje ook maar gelopen. In totaal heb ik vandaag ruim 30 km gelopen, maar nog geen enkele blaar!
    In de streek, waar ik nu ben, wonen meer Engelsen dan Fransen en alles staat ook in het Engels aangegeven. Mijn gastvrouw en gastheer zijn ook Engels en hebben dit huis gekocht, omdat er een landingsbaan bij is!
    Ze moesten vanavond weg en hebben mij naar het restaurant met het Chinese meisje gebracht. Dus daar heb ik gegeten met een lekkere Banana Split toe en het Chinese meisje en ik zijn nu dikke vrienden, want zij was aan haar rug geopereerd en ik ook. Het eindigde ermee dat ze de plaats liet zien, waar ze geopereerd was. Ik heb maar niet hetzelfde gedaan.
    Daarna ben ik dus weer 2,5 km terug gekuierd en, geloof het of niet, het was best lekker. Het rommelt hier nu aan alle kanten en er is slecht weer voorspeld, maar ik ben nu binnen en morgen zien we verder. In ieder geval gaat het afkoelen!

    Wed
    15
    Jul '09

    Pannenkoeken

    routekaartje

    Dat liep gisteravond dus weer anders dan gedacht. Ik ging een hamer lenen bij mijn Hollandse buren, maar dat ging natuurlijk niet zomaar. Ik moest een praatje maken, en nog een praatje en toen most ik blijven eten en werden er pannenkoeken voor me gebakken. Het was reuze gezellig. Ik kreeg ook nog een stapel mee voor vandaag onderweg.
    Die kwamen goed van pas, want ook vandaag was er onderweg niets of niemand te bekennen. Dat is heel dubbel: aan de ene kant is het wat saai, aan de andere kant heerlijk rustig. En het zal heus wel drukker worden later op de route.
    Vanmnorgen was het ideaal wandelweer: de temperatuur precies goed en een mooie route. Tussen de middag heb ik in het bos lekker mijn pannenkoeken op zitten peuzelen en heb er nu nog twee over voor morgen ook.
    Daarna werd het steeds warmer. Ik kwam een boer tegen, die in het bos siësta zat te houden, maar vertelde dat hij daar eigenlijk helemaal geen tijd voor had, want volgens de weersvoorspellingen komen er morgen en overmorgen zware onweersbuien. “Dan zal het met de warmte wel afgelopen zijn”, zei hij. Eigenlijk is het niet eens zo erg warm, ik schat tussen de 25 en 30 graden, maar als je loopt wordt het al gauw zweten geblazen. Ik heb een zwart T-shirt aan, dat dus in de loop van de wandeling steeds meer grijze plekken van opgedroogd zweet gaat vertonen. Als ik dan weer in de bewoonde wereld kom, kijken mensen eerst naar mijn T-shirt en dan pas naar mij. Misschien valt het dan toch nog mee, want ik word steeds hartelijk in mijn onderkomen ontvangen.
    Aangezien alle haringen van mijn tent gisteren krom geworden zijn, kon ik vandaag niet kamperen. Dit is natuurlijk een onzinsmoes, de waarheid is dat hier alleen een natuurcamping is met weinig comfort. Aangezien ik geen zin had in een koude douche en ik toevallig lna 20 km langs een hotelletje in St. Laurent-sur-Gorre kwam, de plaats waar ik ook wilde overnachten, ben ik maar voor de verleiding bezweken. Ik zit nu aan de pils in een hotel, zoals je dat vaak in Frankrijk vindt: een dorpje van niets, en dan een hotel met kkamers zo groot, dat die van het Novotel erin kunnen ronddraaien. Airco is er niet, maar is ook niet nodig, want de muren zijn zo dik dat het er lekker koel is.
    Volgens de mensen hier is het nu een rustige tijd wat pelgrims betreft. De stroom begint hier in april-mei en stopt dan half juni. Dan vinden mensen het kennelijk te warm om te lopen, want eind augustus komt dan de stroom voor de tweede keer op gang. Ik ben dus een van de laatsten in dit seizoen wat wel het grote voordeel heeft dat er overal een plaatsje is voor een arme pelgrim als ik!

    Tue
    14
    Jul '09

    Een mijmerdag

    routekaartje

    Het was de hele dag miezerig weer en zwaar bewolkt, maar de temperatuur was goed: niet te warm, niet te koud. Dat betekent niet dat ik vandaag niet heel erg gezweten heb, want dat heb ik wel. Er moest namelijk heel veel geklommen worden, in totaal heb ik zo’n duizend meter geklommen. Niet in één keer natuurlijk, maar het was voortdurend afdalen naar de rivier en dan weer omhoog. Het was vandaag heel erg stil, ik heb geen hond gezien, laat staan een mens. Maar ja, het is natuurlijk 14 juli, dus een feestdag hier in Frankrijk. Voor mij uit schijnt een groep van minstens tien personen te lopen, maar voor mij was het dus een mijmerdag. Als je nu vraagt: “Waarover mijmer je dan zoal?”, dan moet ik zeggen dat ik dat eigenlijk niet weet. Gewoon, over van alles en nog wat. Dat is nou het verschil met denken: je denkt ergens over na en je mijmert zo maar een eind weg.
    Dus… na 22 km mijmeren arriveerde ik op de camping in Aixe-sur-Vienne, mijn doel voor deze dag. Ik werd er erg hartelijk ontvangen, kreeg eerst een drankje aangeboden en vervolgens een mooie plek aangewezen. Omdat het niet druk is, heb ik een plek gekregen met een elektrische aansluiting, zodat ik al mijn attributen op kan laden. Morgenochtend krijg ik hier ook een ontbijt en er is een wasmachine! Dat is het voordeel van een camping, nu gooi ik straks mijn wasje luxueus in de machine. Er is eigenlijk maar één nadeel: ik krijg geen haring in de grond hier en heb natuurlijk geen hamer bij me. Maar vlakbij mijn plek staan nu twee Hollandse caravans, ik bedoel natuurlijk caravans met Hollanders erin. Als die een hamer kunnen uitlenen, is alles goed. Straks maar eens even vragen, nu zit ik lekker buiten met een pilsje.
    Ik heb twee kaartjes van restaurants in het dorp gekregen en nu maar hopen dat ze open zijn vanwege 14 juli. Anders wordt het vanavond noodrantsoen voor Theolief.

    Mon
    13
    Jul '09

    ‘Ik vertrek’-hotel

    routekaartje

    De eerste dag van 21 km zit erop met klimmen en dalen en een temperatuur van boven de dertig graden! Heet dus. Nadat ik mijn gastvrouw had beloofd een kaarsje voor haar te branden bij aankomst in Santiago, heb ik op het station van Limoges eerst een sandwich ingeslagen voor onderweg en ben toen vrolijk op stap gegaan. Terwijl ik langs de oevers van een riviertje wandelde, passeerde me een fietser, die me vriendelijk goedemorgen wenste en vervolgens doorreed. Niets bijzonders om te vertellen natuurlijk, maar na ongeveer een half uurtje kwam de man terugfietsen en zei: “Ik reed u voorbij, maar kreeg spijt, want ik denk dat u onderweg bent naar St. Jacques de Compostela en daar wil ik eigenlijk alles van weten, want ik ben met pensioen en verveel me eigenlijk een beetje”. Ja, die ken ik er meer en zo hebben we wel een uur lang genoeglijk met elkaar staan praten. Het viel me wel op dat iedereen, die voorbijkwam, hem scheen te kennen en dus vroeg ik op een gegeven moment of hij een bekend figuur was in de omgeving, omdat iedereen hem zo vriendelijk groette. Ja, toen bleek dat hij de hoofdcommissaris van politie was geweest. “Maar”, zei hij met humor, “niet iedereen die voorbijkwam is een crimineel, hoor!”
    Op een gegeven moment had ik het idee, dat ik verkeerd gelopen was, dus liep een stukje terug en kwam een groepje mensen tegen om de weg te vragen. Zij concludeerden dat ik verkeerd was, wezen mij een rechtstreekse weg. Toen ik zei dat dat niet helemaal de bedoeling was, zeiden ze: “O nee, u loopt naar St. Jacques, hè? Dan mag u deze weg natuurlijk niet nemen, u moet de echte route volgen”. Vervolgens zijn ze wel twee km met me meegelopen.
    De sandwich kwam overigens goed van pas, want ik heb op de hele weg vandaag precies één café gezien.
    Gisteren belde ik het hotel in Solignac, maar er was geen plaats meer. Toen ik er vanmiddag langskwam, ben ik toch maar even binnengelopen en het geluk was met mij. De Engelse journalisten die er vannacht geslapen hadden, hadden net gebeld dat ze niet meer terugkwamen, dus ik viel met mijn neus in de boter. Het hotel wordt gerund door Engelsen, die vijf jaar geleden alles hebben achtergelaten en hier iets nieuws zijn begonnen, net zoals in het TV programma ‘Ik vertrek’ dus. En nou heb ik me toch een blunder geslagen! Ik hoorde dat het een Engelse was, dus toen ze tegen mij begon te praten, zei ik grootmoedig: “U kunt tegen mij ook in het Frans praten”, waarop zij me aankeek en zei: “Maar dat doe ik al!” Toen zijn we maar in het Engels verder gegaan, maar ik geloof dat ik het niet meer goed kan maken. Mijn enige zorg is nu echter het eten, want ja, Engelsen en dan eten…….. Ik vrees dat er geen sprake van zal zijn dat ik ook in dit opzicht met mijn neus in de boter val. Maar we zullen zien!
    In Solignac, waar ik nu zit, is de kerk groter dan de rest van het dorp, maar het is dan ook wel een prachtige 11e-eeuwse romaanse abdij met prachtig houtsnijwerk in de koorbanken. Allemaal koppen, waarbij de een bijvoorbeeld zijn tong uitsteekt, de ander een knipoog geeft of een gek gezicht trekt. Erg leuk en mooi!
    Ik heb het alweer erg naar mijn zin, al zit het ritme er nog niet echt goed in, dat is nog even wennen! Dat komt vanzelf wel goed.

    Sun
    12
    Jul '09

    Fitte voeten

    Ja, deze eerste dag zijn de voeten niet moe geworden. Ik zat comfortabel in de trein. Om vijf voor half negen stapte ik in Amsterdam in de trein en met de middag was ik in Parijs. Daar begon meteen al de magie van de schelp: ik liep door Parijs en werd op de schouder getikt door een mevrouw van een jaar of zestig, die vroeg of ik soms naar St Jacques ging lopen. Ik vertelde dat dat inderdaad mijn bedoeling is, waarop ze zei: “Ja, maar echt helemaal?? O, ik wou dat ik mee mocht! Als u er bent, wilt u dan een gebedje voor me doen? Zeg maar: van een passante in Parijs”. Een leuk begin dus.
    De trein naar Limoges zat vervolgens stampvol, ik was blij dat ik comfortabel eersteklas reisde. Dat is om de weelde af te leren, zie je. Maar ik moet zeggen dat ik weer vertrouwen heb in de Franse Spoorwegen, alles was keurig op tijd en precies op tijd stapte ik in Limoges uit, waar het warm was en druk. De Tour de France is hier aangekomen, maar ik heb er niets van gezien. Daar had ik geen tijd voor, want toen ik bij mijn hotel kwam en de mevrouw van het hotel mijn schelp zag, riep ze: “O, maar dan moet u eerst gauw naar de kathedraal om een stempel te halen, anders is die dicht”. Ik kreeg een plattegrond mee en nu staat dus mijn eerste stempel trots te pronken!
    Mijn hotel is klein, maar heel erg schoon en volgens mij heb ik de laatste kamer, want alles zit propvol! Goed, straks nog een rondje door de stad en dan vroeg onder de wol, want morgen gaat het echt beginnen!!

    Sun
    14
    Jun '09

    Eindpunt: Steenwijk

    Zevenwoudenpadmini
    Om half negen stond de auto met chauffeur weer voor mijn nachtverblijf voor een laatste ritje naar Vledder. Daar ben ik eruit gezet om verder te lopen naar Steenwijk, het eindpunt van het Zevenwoudenpad en trouwens het begin van heel veel LAW paden. Half tien ben ik dus weer aan het lopen en het is puur genieten deze morgen. Het is nog rustig, want iedereen (behalve ik) slaapt uit en het is het mooiste weer van de wereld. Eerst door het Vledderveld naar Wilhelminaoord. Daar heb ik geluk, want in het café is men de boel aan het schoonmaken en men wil mij best een kop koffie en appeltaart met slagroom bezorgen. Heerlijk, want precies op de juiste tijd: 10 uur.
    Aan de rand van het dorp vind ik even later een nagebouwd prehistorisch dorp, dus met hutten en afrasteringen uit die tijd. Ik kan het helaas alleen van achter die degelijke afrastering zien, want het parkje is nog gesloten. Wel zijn twee oudere dames met rollator, die samen op een smalle brug naar de kikvorsen staan te kijken, in voor een uitgebreide discussie over het wel of niet eten van kikkerbillen. We worden het uiteraard niet eens daarover.
    Daarna gaat de route over het landgoed Eese. Drie jaar geleden is men gestopt met de gewone landbouw op dit landgoed en nu laat men (uiteraard met subsidie van de EU) de natuur haar gang gaan. Erg opvallend is dat ik over een paadje van niet meer dan 50 cm breed loop, maar dat aan de ene kant bijna uitsluitend hoog gras groeit, terwijl aan de andere kant een zee van margrieten, zover het oog reikt. Een prachtig gezicht, want alles staat volop in bloei. Bij een landgoed hoort natuurlijk een kasteel en dat is er ook, maar het is heel klein en het lijkt wel of men alleen de voorkant van een boerderij heeft willen bouwen.
    Verderop kom ik nog over een klein heideveld met grafheuvels en volgens de informatieborden zijn er nog karresporen te zien uit de prehistorie. Dat lijkt mij toch echt wel heel veel fantasie, hoor. Misschien moet je zo ’n verhaal zien als het verhaal van een enthousiasteling; een beetje zoals mijn verhalen over wandelen dus. Ieder gelooft maar wat hij wil geloven.
    Overigens kom ik ook nog langs ‘de Koepel’. Volgens de verhalen is die koepel in ongeveer 1400 gebouwd voor de Utrechtse bisschop. Hij trok zich daar terug als hij rust wilde. En dat begrijp je als je de omgeving ziet: midden in de bossen en veel heide. Overigens was dit natuurlijk wel zijn gebied, want behalve bisschop van Utrecht was hij ook de baas in Groningen en de Ommelanden.
    Ik heb nog een ‘hobbel’ te nemen voor de finish in Steenwijk, want ik moet nog aan de beklimming van de Woldberg beginnen. Geen LAW natuurlijk zonder ‘bergen’, dus hier ook. De Woldberg is vlak voor Steenwijk; hoogte: 25 meter, maar een echte klim.
    Ik ben op de top aangekomen met uitzicht op de kerktoren van Steenwijk, precies zoals in Santiago de Compostela. Waarom gaan we eigenlijk zo ver? Alles is te vinden op het Zevenwoudenpad: rust, eenzaamheid, regen en wind. Heel veel geweldige natuur en superaardige hulpvaardige mensen komen ook hier op je pad.
    Maar ja, toch blijft het trekken en deze week was daarom een super ‘smaakmaker’. We zullen zien!!!

    Sat
    13
    Jun '09

    Weer terug in Noordwolde

    Excuses, ik ben gisteren niet in Vledder beland, maar in Noordwolde en het hotel bestond uit een bed & breakfast: een omgebouwde garage met alles erin en eraan. Het openbaar vervoer is hier wat lastig, want in het weekend rijdt er helemaal niets en toen ik gisteren het openbaar vervoer belde, bleek dat ik naar Dronten moets bellen en daar vandaan zou er dan een belbus komen, na ongeveer 2 uur.
    Maar vanmorgen had ik een privé taxi, want de meneer van mijn Beed & Breakfast heeft mij teruggebracht naar het punt, waarop ik gisteren ben opgehouden. Dus vandaag wandelde ik dezelfde route, die ik gisteren ben gereden, hoewel….dat is natuurlijk niet zo, want al wandelend betreed je heel andere paden. Nooit geweten dat Friesland zo mooi is!! Vandaag wandelde ik over de hei! Geer vroeg zich af of ik helemaal naar Drente was verdwaald, maar het is echt zo: in Friesland heb je ook hei en bossen! Nou was het vandaag natuurlijk ook schitterend weer en de tocht was maar 17, 6 km lang. Je komt onderweg weinig mensen tegen en als je ze tegenkomt, zijn het Friezen en die zijn heel vriendelijk, maar zeggen wat ze te zeggen hebben en dat is dat. Waarom zou je iets in 40 woorden zeggen als het ook met 10 kan? Onderweg zijn er ook niet zoveel uitspanningen voor de broodnodige koffie. Het café in Boyl, waar ik belandde, was helaas gesloten. Het dorp bestaat zoveel honderd jaar, er was dus groot feest en het café was gaan cateren op het sportveld.
    Eigenlijk kun je het als volgt samenvatten: Op de meseta in Spanje is het drukker en heb je meer te eten en te drinken dan hier! Algemeen wordt gezegd dat je jezelf op de meseta tegenkomt, maar wat de stilte betreft, gaat dat ook heel goed in Friesland, hoor!
    Omdat mijn onderkomen wel 7 km buiten de route ligt, ben ik ook weer opgehaald toen ik gearriveerd was en word ik morgen weer op het rechte pad gezet ook. Wat een service!
    Morgen alweer de laatste dag, het is weer omgevlogen. De laatste route loopt door Friesland, Drente en Overijssel, dus morgen ‘doe’ ik nog even drie provincies.
    Vanavond heb ik gegeten in een boekenrestaurant, dat wil zeggen een restaurant stampvol boeken. Er schijnen er maar twee van op de wereld te zijn, het is erg leuk. Op mijn servethouder staat bijvoorbeeld een spreuk van Dostojevski. Je ziet, je komt overal wel iets bijzonders of leuks tegen!

    Fri
    12
    Jun '09

    Wachten op de taxi

    Ha, ha, ik zie jullie grijnzen of misschien wel verschrikt denken: “Wat nu?”
    Nou, voor een globetrotter als ik zo langzamerhand geworden ben, was het vandaag alleen maar een mooie dag: een lange wandeling, maar werkelijk door een schitterende omgeving., met vennetjes en al. Wie had dat nu verwacht in Friesland? Het was wel een eenzame route, maar lekker in het zonnetje en met een fris windje waren de 21, 3 km heel goed af te leggen. En ik passeerde vandaag de taalgrens met het daarbij behorende monument. Met de taalgrens bedoel ik dan de grens tussen het Fries, een Germaanse taal, en het Smallingerlands, een Saksische taal. Het monument bestaat dan ook uit twee delen, waarop in het ene deel de tekst in het Fries en het andere in het Smallingerlands.
    Onderweg heb ik ook nog een (langdurig, want als een leraar eenmaal begint te vertellen……) praatje gemaakt met een vroegere leraar Frans. Die was zo’n twintig jaar geleden overspannen uit het onderwijs gestapt en er nooit meer in terug gegaan.
    Verder ben ik nog geen mensen tegengekomen die ook deze Lange Afstands Wandeling doen, maar volgens de mevrouw in het café in Nijeberkoop waar ik nu op een taxi zit te wachten, komen er wel regelmatig mensen langs die dit Zevenwoudenpad lopen.
    Ja, daar heb je hem weer, die taxi. Nou, het is heel simpel: er is hier geen enkele overnachtingsmogelijkheid en aangezien ik na een beetje heen en weer geaarzel besloten had mijn tent niet mee te nemen, is dat een beetje lastig. Om nou zo in het koude gras de nacht door te brengen is natuurlijk geen doen, het moet wel leuk blijven voor de pelgrim. Trouwens, ik ben nu helemaal geen pelgrim, alleen een wandelaar, dus ik hoef helemaal niet af te zien!! Dus heb ik een taxi gebeld en laat ik mij met duizelingwekkende snelheid naar Vledder vervoeren, waar ik 2 nachten in een hotel heb geboekt. Twee nachten, omdat ik natuurlijk als een brave man morgen weer een taxi terug neem naar dit café en dan netjes weer naar Vledder ga lopen! Ik groet u allen!!

    Thu
    11
    Jun '09

    Zie mij nu in Beetsterzwaag

    De dag begon nat, of liever gezegd heel erg nat, want het hoosde werkelijk uit de lucht. Ik hoopte op goede berichten vanuit Zaandam, want de afgelopen dagen was het steeds zo dat als het in Zaandam droog geworden is, het hier een uurtje later ook zo is. Tot mijn droefheid meldde Gery dat het daar nog regende, dus geen blij vooruitzicht. Het was dus een natte boel. Daar kwam nog bij dat ik ruim een kilometer door heel hoog gras moest lopen, zodat ik echt tot mijn middel drijfnat was. ‘t Is niks, maar op den duur krijg je ook natte voeten en van natte voeten krijg je blaren, zoals elke rechtgeaarde wandelaar kan beamen.
    Maar gelukkig, om 11 uur meldde Zaandam dat het droog was en de zon scheen en ziedaar……. om 12 uur brak ook hier de zon weer door. Toen was alles weer gauw droog en waren er ruim 21 km gelopen voor ik er erg in had. Om 4 uur was ik in mijn overnachtingsplaats Beetsterzwaag, maar ik kon pas om 6 uur bij mijn slaapadres terecht. De 85-jarige mevrouw, die dit adres beheert, was namelijk een dagje gaan varen met de bejaarden. Dus dat was nog een paar uur sightseeing Beetserzwaag. Nu zit ik er weer prinsheerlijk bij en ben ik zo langzamerhand geheel op de hoogte van alle gebeurtenissen in het leven van mijn gastvrouw.
    Zo is elke dag weer anders en is er elke dag iets te beleven!

    Wed
    10
    Jun '09

    Van arm naar rijk

    Gisteren sprak ik een meneer, die in die prachtige Friese natuur aan het opruimen was en vertelde dat hij vaak ongelooflijke rotzooi aantrof, soms zelfs hele matrassen. Op een avond had hij een vreemd varken gezien, maar dacht dat zijn verbeelding hem parten speelde: varkens hier?? Tot de postbode hem de volgende morgen vertelde dat hij ook een varken ‘in het wild’ had gezien en na enig zoeken vonden ze 15 loslopende varkens, die gewoon door iemand losgelaten zijn. “Ja”, zei hij vervolgens: “dat bos waar u net uitkomt, daar durf ik ‘s avonds niet in, hoor! Er staan allemaal auto’s en er lopen allerlei vreemde kerels. Volgens de politie wordt er ook gehandeld in drugs”. Zo zie je maar, ook in dit idyllische landschap is het niet altijd zonneschijn.
    In die zonneschijn heb ik vandaag trouwens wel de hele dag gelopen. Het was heerlijk weer en de route was mooi, maar eenzaam. Ik heb dus niet veel mensen gezien vandaag. Maar ik heb wel een overnachtingsmogelijkheid gevonden zonder moeilijke toestanden uit te hoeven halen met taxi’s en zo.
    Sliep ik gisteren tussen de bouwvakkers in een kamertje van 1 bij 2 meter, vandaag is het andere koek. Ik zit in een grote boerderij een eindje buiten het schone dorp Drachtstercompagnie in een kolossale kamer van wel 30 vierkante meter, compleet met nog een zitje erin met 4 stoelen naast een enorm bed. Verder ben ik voorzien van een badkamer met een luxueus groot bad en nog een aparte douche. En ook dit draagt dan de naam: “Bead & Breakfast” oftewel “Bêd & Brochje”. Ik heb nog maar niet gevraagd wat het kost.
    Er is wel een naddeltje: Ik moet straks weer een kilometer lopen voor een zakkie patat. En dat met twee blaren en een bepleisterde vinger, omdat ik die heb opengehaald aan het prikkeldraad. Ik meld dit even om aan te tonen dat het toch best wel afzien is, niet dan? En toch maar weer even 23 km gelopen!

    Tue
    9
    Jun '09

    Dag 2 Dokkum-Jistrum

    Om ervoor te zorgen dat ik niet ga denken, dat het allemaal zo makkelijk is, viel het water vanmorgen niet met bakken, maar met hele sloten tegelijk uit de lucht. Regen, regen, regen!! De trouwe poncho heeft zijn diensten alweer bewezen. Ik liep ermee te lopen en zag in de verte een mevrouw die in haar tuin bezig was. “Moedig”, dacht ik nog, toen ik haar weer naar binnen zag gaan. Maar toen ik vlak bij haar huis was, kwam ze weer naar buiten en zei: “Het is zulk vreselijk weer, ik dacht: die meneer lust vast wel een bakje koffie, dus ik heb de koffie maar vast gezet” Wat zijn er toch een heleboel vriendelijke mensen!
    Om een uur of 11 werd het droog en weer het mooiste weer van de wereld. Wel veel wind, maar wat kun je hier anders verwachten?
    Ik val nog steeds van de ene verbazing in de andere, zo mooi is het. Ik liep een heel stuk langs de Lauwerszee (pardon: Lauwersmeer) en de Waddenzee en overal zie je bootjes en de veerboten naar de eilanden. Een leuk gezicht! Om een uur of vier zat ik al een pilsje te drinken met de eigenaar van het hotel in Jistrum.
    Ik heb het weer uitstekend naar mijn zin!! Morgen moet ik een slim plan bedenken, want er is geen enkele overnachtingsmogelijkheid waarschijnlijk. Ik denk dat ik dan maar een taxi bel en me naar Drachten of zo laat rijden, daar slaap en dan de volgende morgen weer terug met de taxi naar de route.
    Maar ach……. ik zie het wel, morgen!! Voorlopig heb ik er vandaag weer 21 km opzitten.

    '

    Van Lauwersoog tot Dokkum

    Vannacht sliepen we in een hotel in Harlingen (leuk stadje trouwens) en vanmorgen bracht Gery me naar Lauwersoog, het vertrekpunt van mijn wandeling. Vanuit mijn vorige ervaringen weet ik dat je eigenlijk geen plan moet maken, want het loopt toch altijd anders, maar ..er was een plan. Eerst rustig ontbijten, dan de 70 km van Harlingen naar Lauwersoog, daar nog samen een kopje koffie drinken en dan op weg voor een niet te lang stuk zo’n eerste dag.
    Het plan werkte tot Lauwersoog, daar bleek in de hele wijde omgeving (en wijd is het daar) geen koffietent te vinden die open was. Dan maar zonder koffie op weg. Meteen op de eerste dag al moet ik mijn idee over een saaie wandeling herzien, want ik rol van de ene verbazing in de andere. Wat is het hier prachtig. Bij het Lauwersmeer, waar ik op de lagere school ‘zee’ tegen zei, is een groot natuurpark. De enige mensen die ik zie zijn mensen met hele grote verrekijkers die de vogels bestuderen. Daarbij komt dat het ook nog eens prachtig weer is: droog, niet te koud, een beetje wind. Kortom, het loopt weer lekker en als ik dan bij mijn eerste geplande onderdak kom, zie ik zoveel katten en honden en ziet het er zo weinig aantrekkelijk uit, dat ik besluit nog een stukje door te lopen.
    Nou, dat stukje blijkt niet zo’n erg klein stukje te zijn, want voor straf moet ik nu helemaal doorlopen naar Dokkum en het loopt al tegen zessen als ik er uiteindelijk aankom. Dan heb ik 28 km gelopen, dus niet echt een ‘niet te lang stuk’ Maar vooruit, ik heb maar 1 blaar en na het douchen en eten kan ik alles weer aan!

    '

    Proberen of ik het nog kan….

    Vorig jaar is er door allerlei omstandigheden niets van een grote wandeltocht richting Santiago gekomen. Ik heb toen wel een groot stuk van het trekvogelpad gelopen, maar daar is het bij gebleven.
    Maar ja, het blijft toch kriebelen……. Ik zou toch eigenlijk ook nog wel eens de route over Limoges willen gaan en eigenlijk ook nog wel eens de Camino Primitivo en die over de Picos de Europa. En nou praat ik nog niet eens over het gegeven dat je ook vanuit Sevilla kunt vertrekken of vanuit Portugal.
    Kortom, nadat ik voor de website van ‘mijn’ schoenmaker een stukje had geschreven waarin ik zeg dat je met zijn schoenen de hele wereld om kunt wandelen, leek me een rondje om de Jagersplas hier wel ineens erg armzalig!
    Dus heb ik toch weer het plan opgevat om deze zomer een nieuwe wandeling naar Santiago te maken. Om te kijken of ik het nog kan, besloot ik eerst maar weer eens een weekje in Nederland te wandelen.
    Ik heb inmiddels al aardig wat van Nederland ‘onder de voeten’, maar het hoge noorden is me nog onbekend, dus heb ik gekozen voor Friesland: het Zevenwoudenpad. Waar ze in Friesland zeven wouden vandaan halen, is me een raadsel, want volgens mij zijn er alleen maar weilanden. Ik denk dat het nogal saai is, maar dat wil ik wel zeker weten. Dus…op naar Friesland!

    Sun
    11
    Jan '09

    Camino 2006

    Get the Flash Player to see the wordTube Media Player.
    Wed
    24
    Dec '08

    Video

    Get the Flash Player to see the wordTube Media Player.
    Thu
    30
    Aug '07

    Vaje con dios

    Het is nu al weer bijna 2 maanden geleden dat ik op de Cabo Fisterre ben aangekomen. Dat was op 1 juli. De kruitdampen van de terugkomst zijn inmiddels wel opgetrokken en al snel nam het ‘gewone’ leven weer alle tijd in. De laatste week van de tocht heb ik veel postadressen en e-mail adressen uitgewisseld met mijn ‘camino-familie’, dat wil zeggen met de mensen waarmee ik vooral de laatste tijd veel ben opgetrokken. Dat was trouwens een kenmerkend verschil met mijn tocht van 2006. Dit jaar ben ik veel meer met andere mensen bezig geweest. Alhoewel het op de Camino del Norte veel rustiger is in vergelijking met de Camino Frances, ga je intensiever met iedereen om. Er ontstaan heuse vriendschappen die niet meteen vervlogen zijn na aankomst in Santiago. Ik krijg nu bijvoorbeeld nog steeds post en e-mails van mensen met wie ik gelopen heb. Ook kreeg ik een CD vol met foto’s van het Duitse stel uit Stuttgart. Jullie weten nog wel: degenen die mijn klompjes hebben laten liggen op straat en die mij later nieuwe (Spaanse) klompjes gegeven hebben.
    Wat ernstiger is, is het feit dat iedereen ook mijn film zo snel mogelijk wil hebben, want daar staat iedereen natuurlijk ook op. Maar aangezien ik ca 6 uur videofilm heb opgenomen, is het een behoorlijke opgave daarvan een acceptabele versie van ongeveer een uur te maken. En je zult het altijd zien: op het cruciale moment haperde ook mijn computer. Dus alles zat tegen. Gelukkig heb ik Marnix. Hij heeft mij gered door een nieuwe brander te monteren en zijn vader weer een lesje computertechniek bij te brengen. De film is nu af, maar is wel 1 uur en 50 minuten geworden. Het ging niet anders. Door het maken van die film blijf je natuurlijk wel steeds bezig met het Camino-gebeuren: het blijft in je hoofd zitten.

    Vorig jaar heeft iemand mij gezegd dat de Camino uit 3 delen bestaat:
    1) de voorbereiding die wel een jaar kan duren,
    2) de camino zelf, die enkele maanden duurt en
    3) het afkicken en dat kan wel 2 jaar duren.

    Hij heeft gelijk, denk ik.
    Alleen, ik heb de oplossing gevonden: gewoon plannen maken voor een volgende wandeling. Want het is geweldig om te doen. Jullie hebben het zelf gelezen, denk ik. Elke dag is er wel iets om over te praten. Elke dag zijn er ervaringen met mensen of gedachten waar je dan weer heel lang over kunt ‘bomen’.
    Kortom: als de omstandigheden het toelaten, zou ik graag nog een keer de pelgrimstocht maken. Want zoals een ander zei: “Met wat voor idee je ook mag vertrekken: sportief, spiritueel of historisch, iedereen komt als pelgrim aan”. En dat verschilt dan weliswaar ook per individu, maar het is wel de waarheid.
    Dus: ieder zijn eigen camino.
    Nogmaals heel erg bedankt voor alle inspiratie van jullie kant door middel van reacties op de site, door post onderweg en door sms-jes. Het maakte de tocht alleen maar waardevoller.
    Het ga jullie goed en ik hou je op de hoogte van een eventuele volgende tocht.
    Vaje con Dios
    Pelgrim Theo             

    Sun
    1
    Jul '07

    We kunnen niet verder!

    Gisteravond hebben we gegeten met Felix, de Schot. Hij is jarig geweest en dat hebben we gevierd met een goede fles wijn in plaats van de huiswijn. Hij voelde zich net de Engelse koningin, zei hij, met een officiële vejaardag en een ambtelijke verjaardag. Hij is altijd dominee geweest van de Prebyteriaanse kerk tot zijn pensioen. Nu is hij 73 jaar en zei 3 weken geleden dat dit de laatste keer is. 

    Vanmorgen regende het toen we weggingen, maar vanmiddag werd het droog. We hebben het heel rustig aan gedaan vandaag, lekker gegeten tussen de middag. Het is zo mooi: bij Cee kom je dan uit de bergen en dan zie je ineens de zee liggen, geweldig is dat. En vervolgens loop je de kust langs en zie je al van ver de vuurtoren op de kaap. Omdat we vrij laat waren, kwamen veel mensen alweer naar beneden en het leek wel of we audiëntie hielden: we hebben bijna iedereen weer ontmoet vandaag. Ook dat is geweldig! Net kwamen we ook Felix weer tegen, die nu van plan is veranderd, want hij is de volgende tocht al aan het voorbereiden. Zo zie je, het verveelt nooit. 

    De aankomst op Cap Fisterra is even indrukwekkend en emotioneel als de vorige keer. Het is groots gewoon!! 

    En hier houdt onze tocht dus op: we kunnen niet verder! Ook dat geeft een heel dubbel gevoel: blij omdat je het (weer) gehaald hebt en melancholiek omdat het echt voorbij is en het leven van alledag weer wacht. Fijn om alle lieve mensen weer te zien, die zo hebben meegeleefd en op de website hebben geschreven. Dat was geweldig, dank jullie allemaal! Maar een andere waarheid is ook dat we niet echt verlangen naar het gewone leven. Maar ja, zo is het leven. 

    Dus vanaf de kaap, waar een stevige wind staat, maar het zicht heel helder, een lieve groet aan iedereen en het allerbeste gewenst met gezondheid en geluk. 

    Wij trekken nu ons windjack aan om ons te wapenen tegen de koude en dalen 2 km af naar het hotel. We hebben daar een kamer met uitzicht op zee, dus wat wil je nog meer. Morgen gaan we aan het strand liggen, als het tenminste mooi weer is, anders zien we wel en daarna wacht ons de thuisreis! Au revoir!!  

    Sat
    30
    Jun '07

    Water genoeg

    Ja, ik had gisteren natuurlijk niet op moeten scheppen over het prachtige weer, want Jacobus dacht bij zichzelf: “Wacht maar”. 

    Het begon gisteravond al. Er sliepen 2 Italiaanse vrouwen bij ons op de kamer en een van die vrouwen ging nog even plassen voor het slapen gaan. Ze stapte dus kordaat de gang in en er klonken onmiddellijk luide kreten: de hele gang stond onder water. Het stroomde de kamers al in. En dan zie je duidelijk het verschil in nationaliteiten: Spanje, Frankrijk en Italië stormden de gang op, renden door elkaar heen, al roepend: “Oooo, wat een water”, keerden zich om en doken weer het bed in. En wie stonden dus te ruimen en te dweilen en te redderen?? Juist, Duitsland en Nederland! 

    Enfin, warm water was er gisteravond al niet meer en toen we vanmorgen om 6 uur opstonden, was er ook geen elektriciteit meer. Dus we moesten alles in het donker doen, we konden geen ontbijt maken of een kop thee zetten. Kortom, het was armoe troef. 

    Om 7 uur vertrokken we en toen we buiten kwamen, vielen de eerste druppels. Die druppels werden ordinaire regen en die regen hield vervolgens de hele dag niet meer op. Het is geen moment meer droog geweest. Vanwege de groene poncho heeft pelgrim Theo de lieflijke bijnaam ‘Wandelende tak’toegevoegd gekregen en, of het nu regent of niet, als je gewoon doorloopt, kom je er vanzelf. Er is een vrouw, die de hele dag loopt te zeggen, dat haar rugzak veel te zwaar is, dat schijnt ze al die tijd al te doen. Dus ze klaagt en klaagt…; tot het moment dat wij allemaal moe beginnen te worden en het tempo wat vertragen. Dan lijkt ze een oppepper te krijgen, want dan zet ze me toch de pas erin. Ze stormt ons allemaal voorbij, onze ‘stormy Mary’. 

    Bij de aankomst in Olveiroa bleek de refugio zo vol, dat we een plaats toegewezen kregen in de paardenstal. De paarden waren er weliswaar niet, maar verder was er ook niet veel. Maar ja, eenvoud siert de pelgrim. Alhoewel? Toen we aan de overkant iets gingen drinken in een bar, bleken daar 3 kamers beschikbaar. Dus was het snel besloten: rugzakken weer ophalen en hup, naar de kamer. Je hoeft nou ook weer niet eenvoudiger te zijn dan nodig is tenslotte. Morgen naar Fisterra! 

    Fri
    29
    Jun '07

    Op de populaire camino

    Gisteravond zijn we met zijn tienen uit eten gegaan en het eten was net zo slecht als het gezellig was, allebei heel erg. We hebben adressen uitgewisseld en ik heb aan diverse mensen de film beloofd als hij klaar is. Toen we ‘s avonds om half twaalf uit het restaurant kwamen, was dezelfde groep als vorig jaar op het plein voor de kathedraal en het was weer een groot feest. Wat een sfeer!! Iedereen zingt mee en geniet!! 

    Vanmorgen zijn we eerst een aantal foto’s gaan nemen voor de kathedraal, je kent dat wel: Marianne voor de kathedraal, ik voor de kathedraal, wij samen voor de kathedraal, enz. enz. Vervolgens zijn we, ik met een dikke sigaar in het hoofd (cadeautje van Marianne omdat ik in Santiago aangekomen ben), weer lekker gaan lopen. Heerlijk weer. Ik bedoel: het was weer heerlijk en het was ook heerlijk weer. Gaandeweg ging dus de jas uit en de pijpen van de broek. 
    Ik kwam weer door de bossen, die vorig jaar net verbrand waren. De verbrande bomen staan er nog net zo bij, maar de grond is nu bedekt met varens en het is opeens een heel ander landschap. 
    We hebben lekker gelopen en dit is toch ook wel een heel mooie route, alleen was het duidelijk dat we nu weer op de populaire camino zitten, want het was gigantisch druk. Zo druk dat de refugio in Negreira, waar we zouden overnachten, al vol was toen we aankwamen. Er was alleen nog een kamer vrij voor gehandicapten. Daar mochten we onze rugzakken even neerzetten en een douche nemen en daarna moesten we eruit en werd de deur weer afgesloten. We moesten vervolgens tot vanavond 8 uur wachten en als er dan nog geen gehandicapte was, mochten we er weer in. Nou, er kwam geen gehandicapte voorbij dus we mochten er weer in.

    Maar de refugio is overvol, de vloer ligt ook helemaal vol met matrasjes en slaapzakken en zelfs de tuin ligt vol met mensen. Maar dat deert niet, want het is nu 9 uur ‘s avonds en ik zit heerlijk te luieren in de zon. Sta mij toe dat ik dat een keer herhaal, want ik hoorde Gery iets mompelen over: “De hele dag regen” en “16 graden” en zo. Ik vind het echt zielig voor jullie, hoor!! Maar dat neemt niet weg dat wij er hier nog even van genieten en als het weer zo blijft, kunnen we dan toch nog op de valreep misschien een keertje zonnen op het strand??? Laten we Jacobus maar niet verzoeken. Onderweg hebben we al boodschappen gedaan en een Duitser heeft vanavond voor ons gekookt, wat een luxe, hè? Nee, laat pelgrim Theo maar schuiven!

    Thu
    28
    Jun '07

    Blozen…

    Hier ben ik weer, nu vanuit het internetcafé dat ik nog ken van vorig jaar. Gisteravond hebben we goed gegeten. Omdat we in Santiago zijn, bestond het menu uiteraard uit vis. Bij toeval zaten er 2 dames achter ons die ook Nederlands spraken en die hoorden ons ook natuurlijk. Dan kom je na het eten aan de praat. Zij bleken in de Pyreneeën te wonen. Zij vroegen toen aan Marianne of die ook ‘die tocht’ gelopen had. Je weet wel, die met die vieze herbergen met vlooien en ongedierte. Marianne verbergt zich dan altijd een beetje en zei natuurlijk alleen maar dat ze die tocht inderdaad gelopen had. Omdat mij dat veel te bescheiden was, heb ik toen ook een duit in het zakje gedaan door te zeggen dat Marianne begin april vertrokken was uit Nederland en inmiddels bijna 3000 km gelopen had. 
    Kijk, dan krijg je tenminste reacties waar je iets mee kunt. De ene mevrouw riep luidkeels: “Oh, geweldig!! Ik heb nog nooit zo iemand ontmoet. En nu zit ik er zomaar mee te eten!”. Marianne ging ervan blozen en voor één keer zweeg ze minstens 30 seconden. En dat zegt iets voor degenen die haar kennnen. Maar alle gekheid op een stokje, het was erg leuk. 

    Vanmorgen hebben we uitgeslapen en op ons dooie gemak ontbeten. Marianne wilde wachten tot haar de thee en croissants op bed werden aangereikt, maar zover gaan we natuurlijk niet als pelgrims. Daarna hebben we de foto´s van Marianne op een dvd gezet en toen was het alweer tijd voor de pelgrimsmis van 12 uur. Deze was soberder dan vorig jaar, maar omdat je dan al je collega-pelgrims weer ziet, is het toch erg leuk. Marianne werd ‘incognito’ ook genoemd. “A pie, uno de Holanda”. Dat kan alleen Marianne maar zijn dus. 
    Na de mis zijn we naar het station gegaan om de trein te bespreken. Morgen gaan we weer lopen naar Fisterra. We stappen op dinsdag 3 juli op de trein en arriveren in Rotterdam/Amsterdam in de loop van de ochtend van 4 juli. 
    Vanavond hebben we afgesproken met de hele groep die we nu zoveel kilometers kennen. 

    Tot slot moet ik ook nog iets vermelden dat mij nou weer hevig liet blozen. We hadden in een restaurantje het een en ander gedronken en zo op het terras, dus op een gegeven moment zei ik: “Ik ga plassen en betalen en dan gaan we” Nou, dat plassen ging wel goed en toen ik weer van het toilet kwam, heb ik de juffrouw achter de bar vriendelijk goedendag gezegd en ben totaal vergeten dat ik nog moest betalen. Dus wij weer op stap en 50 meter verder werd ik door de juffrouw op de schouder getikt. Nou, ik kon wel in een doosje, zo genant was dat. Ze geloofde gelukkig dat ik het echt vergeten was, maar toch….. En dan ook nog een pelgrim…… 
    Gelukkig staat hier iets positiefs tegenover: de mevrouw van het hotel waar we een paar nachten geleden illegaal geslapen hebben en toen € 50 achter hebben gelaten, zei tegen onze Schot, dat ze hiermee het geloof in de pelgrims teruggekregen had. 

    Het is gewoon waar: een pelgrimstocht is net het leven: je doet iets goed, je doet iets fout, soms is het zwoegen, soms is het feesten. Vandaag was het dus feesten, het is heel leuk, omdat je nu weer iedereen tegenkomt die je onderweg al eens hebt ontmoet en omdat iedereen natuurlijk tevreden en gelukkig is omdat het einddoel is bereikt. 

    Morgen gaan we weer op weg naar ons volgende einddoel. Ultreya!  

     

    Wed
    27
    Jun '07

    Porte de Gloria

    Zie ons hier zitten, heel tevreden op een terrasje middenin Santiago. We zijn er!! In de stad van Sint Jacobus! Mijn huispsychologe wilde natuurlijk weten wat voor gevoel het was dit keer. Nou, ik moet zeggen: het is hetzelfde gevoel als vorig jaar. Je weet nu natuurlijk hoe het eruitziet en waar je terechtkomt, maar als je het plein voor de kathedraal oploopt is dat toch weer een intens tevreden gevoel. Ik ben aan het eind van de reis gekomen met een lekker leeg hoofd en ben super relaxed. Het loslaten is me deze reis, geloof ik, makkelijker afgegaan dan vorig jaar. 

    We zijn vanaf het plein door de Porte de Gloria de kathedraal binnen gegaan, dit moment van glorie mochten we toch wel hebben. In de kathedraal mochten we niet meer ons hand op de pilaar leggen, want de pilaar is aan restauratie toe (kun je nagaan hoeveel handen daar zijn neergelegd op een pilaar van zowat een meter in de omtrek). Maar we zijn uiteraard wel achter het beeld van Sint Jacobus langs gelopen en hebben onze handen op zijn schouders gelegd. Via de crypte van Jacobus zijn we aan de andere kant de kerk weer uitgelopen naar het pelgrimsbureau. Vorig jaar heb ik daar bijna twee uur op de trap gestaan met steeds een treetje hoger, zo druk was het, maar nu konden we zo doorlopen om onze compostela te bemachtigen. 

    En nu zitten wij dus innig tevreden met een grote pils op het terrasje naast het restaurant, waar Marnix en Gery vorig jaar voor een godsvermogen kreeft hebben gegeten, omdat dat het enige woord was dat ze verstonden. Het is het mooiste weer van de wereld, volop zon en een lekker windje. En wij kijken trots naar onze compostela natuurlijk, wat dacht je. Ik blijk trouwens in het Latijn nu anders te heten dan vorig jaar, iets met Matheum is het dit keer. Marianne zei al: ”Als je volgend jaar een derde krijgt met weer een andere naam, moet je een klacht indienen!“? 

    We slapen in een hotel op 100 meter van het pelgrimsbureau en nog geen 500 meter van de kathedraal af, middenin het oude centrum. Dat hebben we ook verdiend, vinden we. En vanavond gaan we uit eten zoals het hoort: uitgebreid. Met alles erop en eraan, ze noemen me tenslotte niet voor niets ”driesterrenpelgrim“? hier! Maar dat hebben we natuurlijk ook echt verdiend!! 

    Morgen doen we niets: een beetje uitslapen, foto’s op dvd laten zetten, naar het postkantoor, naar het station om een trein te bespreken, kaarsjes branden en natuurlijk om 12 uur naar de mis. 

    Overmorgen gaan we dan op weg voor het laatste stuk: Cap Fisterra . 

     

    Tue
    26
    Jun '07

    Danke, lieber Jacobus

    Gisteravond was het onmogelijk om Gery te bereiken, er was geen bereik voor mijn mobiele telefoon, dus helaas.. Ik ga het vandaag goedmaken. 

    In Baamonde hebben we ’s avonds gegeten bij een echte dichter, Een dichter die eruitzag, zoals dat bij een dichter hoort: baard, warrige haardos. Het eten was matig, maar het was wel oergezellig. Manfred was helemaal in de stemming en zong eerst een speciaal lied voor Marianne: ”Mariandl – andl – andl“? en vervolgens de bananenbootsong voor mij: ”Theo – The- the e-e- o“? en iedereen zong genoeglijk mee. De dichter droeg vervolgens een van zijn gedichten voor over de Camino, dus de avond kon niet meer stuk. 

    Gisterochtend was het om zes uur al opstaan, want er wachtte een lange wandeling. Om zeven uur wilden we gaan ontbijten, maar toen bleek de poort van de refugio nog op slot te zijn. Aangezien er niemand aanwezig was, hebben we zelf maar lopen zoeken naar de sleutel en die ook gevonden. Toen we buiten kwamen, reed er net een wit autootje voorbij en tot mijn verbazing ging Marianne daar ineens heftig tegen de ruit staan tikken. Ze had gezien dat er brood in die auto lag en logischerwijs de conclusie getrokken dat dat dus een bakker moest zijn. Aangezien in de gids stond dat er op de hele route niets te krijgen was, was dat zogezegd onze redding. We kochten dus brood en gelukkig maar, want het bleek te kloppen: de rest van de dag was er niets meer te vinden. En de dag was in totaal 42 kilometer lang berg op, berg af. Maar dat gaf niet, want het was een verpletterend mooie route! Een stuk door de bossen en een stuk over bloeiende heide. Schitterend gewoon! En geloof het of niet, maar het landschap verleidde ons tot het zingen van: ”Op de grote, stille heide“?, toen daar om de bocht als klapstuk een herder met schapen verscheen. ‘t Is toch ook wonderbaarlijk. 

    Nadat we de laatste erg steile berg beklommen hadden, arriveerden we in de refugio van het klooster van Sobrado dos Monxos. Tegenover de refugio staat een hotel en even zeiden we tegen elkaar dat dat hotel toch wellicht aangenamer was dan een refugio, maar allez, niet zo kinderachtig zijn, maar deze verleiding weerstaan, dus gewoon in de refugio slapen. Daar ontmoetten we ook weer een aantal mensen, die we onderweg ook een paar keer ontmoet hebben, maar die we verderop ‘verloren’ waren, dus dat was een leuk weerzien. Zij waren stukken met bus en trein gegaan en zo kwam de hele pelgrimsfamilie elkaar weer tegen. Rugzakken neergezet, slaapzakken uitgerold en vervolgens naar de vesper met zijn allen. De vesper viel ons tegen, erg vlak en kaal. Na de vesper zijn we met zijn vijven een halve kilometer gaan lopen (zo’n half kilometertje kan er echt nog wel bij) om te gaan eten. In het restaurant voegde zich nog een echte Schot bij ons gezelschap, met ontzettend veel gevoel voor humor, dus de stemming was weer prima. 

    Maar ja, ook aan samen eten komt een eind en dus liepen we na het eten weer de halve kilometer terug. ‘t Was inmiddels half elf, dus bedtijd. Jawel, dat hadden we gedacht! Toen we bij de refugio kwamen, was daar alles donker en“ de deur op slot! Nou, daar sta je dan met zijn allen. Flink hard op de deur kloppen, overal rondlopen om te zien of we ergens naar binnen konden“.. alles bleef donker en stil. In het dorp op zoek naar iemand die ons binnen zou kunnen laten, maar het hele dorp was eveneens donker en stil. Wat nu?? En koud dat het was, niet te geloven! Die arme Manfred liep nog in zijn korte broek. De mogelijkheid dat we de nacht op straat zullen moeten doorbrengen is ook niet iets waar je warm van wordt. Dan komt dit keer de verlossing van Schotse zijde. De Schot zegt: ”Nou, ik slaap in het hotel hier tegenover in een appartement en daar staan nog meer bedden, dus kom maar mee!“? En hij heeft tenminste de sleutel meegekregen. Dus zijn wij als hondjes achter hem aangegaan met zijn vijven en in zijn appartement waren nog twee bedden en een bank, dus dat was alvast plaats voor drie van de vijf verdoolden. Ergens op de gang staat een deur open en wat zien wij daar? Nog zo’n appartement en dat is zo te zien leeg. Wat doe je dan?? Onze Duitse pelgrim zegt eerbiedig: ”Lieber Jacobus, danke, danke!“? en wij denken terug aan het moment van twijfel van vanmiddag: hotel of refugio. Het is dus volkomen duidelijk: dit kan niet anders dan een vingerwijzing van Jacobus zijn! 

    En zo slapen wij de hele nacht vorstelijk in een bed in een hotel, dat zelfs niet weet dat wij er zijn! Met andere woorden: één legaal persoon en vijf illegalen! Er is echt niemand te zien, ook vanochtend was er niemand te bekennnen. Dus we hebben € 50 achtergelaten als dank en zijn de weg weer overgestoken naar de refugio waar onze rugzakken nog braaf stonden te staan en onze slaapzakken nog keurig uitgerold lagen te wachten. 

    Tanden poetsen en weer braaf aan de wandel. Marianne wist een stukje dat we af konden snijden. Dat hebben we gedaan met als gevolg dat we verder hebben gelopen dan verwacht, dus na de dag van 42 kilometer gisteren hadden we vandaag een dag van 33 kilometer, ook niet mis. Tussen de middag hebben we heerlijk gegeten in een restaurant, waar grote lappen vlees boven een echt houtvuur werden geroosterd.  

    Zo zijn wij vanavond gearriveerd in A Brea Cerceda en wie nu op de kaart kijkt, ziet het: Morgen arriveren we, als alles goed gaat, in Santiago!! Zijn we nu blij? Natuurlijk – natuurlijk niet. Het is alweer een heel dubbel gevoel: geweldig om het weer gehaald te hebben en wat jammer dat het weer voorbij is!  

    We zijn van plan om een dag of twee in Santiago te blijven in een pension en niet in de refugio van 180 bedden, en dan “.. toch maar lopend door naar Fisterra!  

     

    Sun
    24
    Jun '07

    ‘k Moet dwalen

    Kijk Caty, ik heb er nog één: ‘k Moet dwa-a-len, ‘k moet dwa-a-len op bergen en in da-a-len. Want dat hebben we vandaag gedaan. We zijn wel vroeg opgestaan, maar hebben zitten treuzelen aan het ontbijt. Geer zegt dat ik niet over ‘treuzelen’ moet praten, maar over ‘onthaasten’, dat staat sjieker. 

    Maar goed, na het onthaasten dan, liepen wij in het mooiste weer van de wereld, met af en toe een fris windje, door Galicië zoals het hoort te zijn, met overal bloemen die staan te bloeien. Geweldig is dat. Ze zijn hier overal autowegen aan het aanleggen met als gevolg dat er zo hier en daar wat borden verdwenen zijn. Verder ben ik van de kaart van Spanje, die ik heb, ‘afgelopen’ en bovendien lopen we voortdurend te kletsen. Dus het kon niet uitblijven: we zijn vandaag drie keer verdwaald. Dat is niet erg, dan moet je gewoon ergens de weg vragen, zou je denken. Dat doen we natuurlijk ook, maar dat valt echt niet mee. Niet omdat de mensen ons de weg niet willen wijzen, integendeel, ze zijn ontzettend behulpzaam. Zo behulpzaam dat, als je de weg vraagt naar het dichtstbijzijnde dorp, ze zich onmiddellijk in een enorm lang verhaal storten, vergezeld van grote armzwaaien alsof ze de route van het begin tot het einde even uit zullen leggen, alleen zijn wij inmiddels de weg allang weer kwijt natuurlijk. 

    Vanmorgen ging het als volgt: Wij vroegen de weg, iedereen sprak door elkaar en trachtte ons iets duidelijk te maken, tot er een oude vrouw van minstens tachtig jaar bij kwam staan, die meteen korte metten maakte. Kordaat nam ze het heft in handen of liever gezegd, zij hief de wandelstaf, wees ons dat we moesten volgen en stapte vervolgens in zo’n straf tempo, dat wij daar u tegen kunnen zeggen. Al babbelend en van alles vertellend over Galicië, spurtte ze zo’n twee kilometer lang voor ons uit, en wij liepen dus echt als drie kleine kleutertjes achter haar aan. Maar na die twee kilometer waren we wel weer op de goede weg en zagen we tot onze geruststelling de gele pijlen weer. Geweldig leuk zijn dit soort belevenissen steeds weer. 

    Tussen de middag hebben we gepicknickt op een Middeleeuwse brug, in het zonnetje, ik herhaal het nog maar even, aangezien ik net gehoord heb dat het bij jullie veel regent. Het was bij ons zo lekker, dat we uitgebreid op de leistenen rand van de brug konden zonnebaden. Zo kon het dus gebeuren dat we als eersten zijn vertrokken en bijna als laatsten aankwamen in Baamonde. Iedereen was ons ondertussen voorbijgelopen. 

    De refugio hier in Baamonde bestaat uit twee hokken zonder ramen. Dat leek ons niets, maar boven was een zolder, die in ieder geval wat ruimer is. Dus besloten wij om eerst maar eens een terrasje op te zoeken in de hoop dat die twee hokken straks vol zouden zijn en wij dus op de bovenverdieping terecht zouden komen. Ja, het was dus noodzaak, dat terras in de zon, dat snappen jullie. Uiteindelijk werd het een beetje frisjes in de wind en bleek ons snode plan volledig geslaagd. We slapen nu in een gebouwtje in de tuin en hebben alle ruimte om ons heen die je maar kunt wensen. 

    Manfred is een superslanke man, die ongelooflijke hoeveelheden kan eten. Alles wat Marianne en ik overhouden, eet hij dan nog even op en als het helemaal niet meer gaat, worden de karbonaadjes de volgende dag onderweg door hem verorberd. Maar hij heeft geen grammetje vet teveel. Wij doen hem dit niet na. 

    Morgen proberen we het klooster van Sobrado dos Monxes te bereiken, dat schijnt een bijzonderheid te zijn en dat is goed voor ons geestelijk voer, dan kan ik daar weer ”Waarheen pelgrims“? zingen, nu ik de woorden heb. Of het gaat lukken, weten we nog niet, want het is een stief kwartierke lopen!   

     

    Sat
    23
    Jun '07

    Via Gondan naar Villalba

    Gery is gisteravond wezen zeilen en ja, dan komt er niets op de website, dus dan nu maar een dubbele aflevering. 

    We hebben gistermiddag een schitterende route gelopen, niet te geloven zo mooi, het was gewoon sensationeel. We liepen door een dal met overal dorpjes en overal bloemen, waar je ook keek, het was echt fantastisch!! Op een gegeven moment gingen we het dal weer uit en was het weer klimmen. Na een paar honderd meter klimmen zagen we ineens middenin de struiken een oude bestelwagen uit de jaren vijftig staan met daarop een grote gele pijl, die ons de weg wees naar Santiago. Hoe dat ding er ooit gekomen is, mag Jacobus weten, want er is helemaal geen weg, Grappig was het wel. 

    Volgens de gids was er geen slaapgelegenheid in Gonda, maar toen we er aankwamen, zagen we een spiksplinternieuwe refugio voor onze ogen oprijzen. Hij was pas twee dagen open en het plastic zat nog om de matrassen, zo hagelnieuw was alles. Kortom, een vijfsterren pelgrimsherberg. Marianne kwam op het idee een cadeautje te kopen voor de opening van de nieuwe refugio, dus wij naar het dorp. Veel was er niet, maar we belandden in een winkeltje, dat half schoenmakerij, half een kruising tussen Piet Goudt en Anna Tas was (dit even voor de Barendrechters onder ons). Marianne heeft meteen nieuwe hakken onder haar schoenen laten zetten vanwege die schoenmakerij en we hebben er een gastenboek gekocht voor de refugio en er iets in geschreven. De schoenmaker sprak uiteraard geen woord ‘buiten de deur’, maar zijn kleindochter was er om met de kassa te leren omgaan en ”zij heeft Engels geleerd“?, zei opa trots. Het arme kind durfde eerst geen woord te zeggen, maar goed, we begonnen een praatje en langzamerhand was de eerste schrik voorbij en begon ze een beetje te babbelen. Ze gloeide van trots dat het haar lukte en opa gloeide niet minder van trots op zijn ‘internationale’ kleindochter natuurlijk. 

    Met mijn voet gaat het weer beter, dankzij de pleisters van Marianne. Marianne is antroposofisch verpleegster, dus jullie snappen dat ik haar daarmee in de maling neem en roep dat het onzin is. Alleen vroeg ze nu of ik wist wat voor pleisters het waren en waar ze van gemaakt werden. Ja, ik rook al onraad en ik had het natuurlijk kunnen weten: de pleisters bleken gemaakt van algen! Nu kan ik natuurlijk net gaan doen alsof het nog steeds onzin is, maar ja, ik moet toegeven dat de pleisters wel erg goed helpen. Zo zie je maar, je weet het maar nooit. Maar ik ben natuurlijk niet op pelgrimstocht om mijn geloof (of zoals hier ongeloof) aan het wankelen te brengen, dus hoe moet ik dat nu oplossen? 

    Alle gekheid op een stokje, ik heb het nog steeds geweldig naar mijn zin hier. 

    Vanmorgen zijn we om negen uur weer vertrokken en ik had last van mijn darmen (sprak hij keurig). Marianne kwam meteen met de kamille aandraven, maar ik kan natuurlijk niet in alles toegeven, dus dat heb ik manmoedig geweigerd en een rol ordinaire kaakjes gekocht. Die hielpen ook gelukkig, zodat mij letterlijk en figuurlijk een al te grote afgang bespaard werd. De route was weer prachtig vandaag, dit gedeelte van de route is mooier dan de camino del Norte. Nu was het vandaag schitterend weer en dat werkt natuurlijk ook behoorlijk mee. 

    Corrie, het klopt wat je schrijft over de diensten van vorig jaar en het pelgrimslied, op deze route vind je dat helemaal niet. Je merkt hier niet veel van enige spiritualiteit; hier gaat het meer om de sportiviteit, geloof ik. De pelgrimstocht is zogezegd meer ‘werelds’. Marianne en Manfred lopen ook de hele dag van die luchthartige, wereldse aria’s te galmen. Om daartegen enig serieus tegenwicht te bieden, heb ik maar als goed Gereformeerde het lied: ”Waarheen pelgrims, waarheen gaat gij?“?, aangeheven met mijn sonore bariton, maar ten eerste kon men deze sonore bariton niet waarderen en ten tweede wist ik alle woorden niet meer van dit lied en Geer was er niet om mij voor te zeggen. Je ziet, ik heb mijn best gedaan, maar tevergeefs. 

    We zitten nu weer veilig in de refugio van Villalba. De was is gedaan, er wordt voor mij gekookt, dus wat wil je nog meer? Het is nog geen 125 kilometer meer naar Santiago, dus het schiet op. Vind ik dit leuk? Ja en nee. Voordat ik weg ging, heb ik tegen Gery gezegd dat dit de laatste keer was en dat zeg ik nu nog wel, maar““.. nou sprak ik weer iemand die van Florence via Rome naar Assisi gelopen is en onderweg alles heeft bekeken. De vraag is nu: Is dat minder leuk dan thuis in de Almanak zitten? Ik vrees het antwoord daarop te weten“..       

     

     

    Thu
    21
    Jun '07

    In het land van Jacobus

    Hier dan weer een bericht direct vanuit een internetcafé. Ik begin er ervaring in te krijgen. Bedankt iedereen voor de commentaren, we genieten er elke keer geweldig van. Gisteren hebben we zelf iets gemaakt in de refugio om te eten. We hadden geen zin meer in het menu del dia. Dus we hebben pizza’s gekocht en die opgewarmd in de enige pan die in de keuken stond. Een blikje asperges erbij dat we niet open konden krijgen en dus geheel vernielden om toch de inhoud te bereiken. Iedereen heeft zich er meer bemoeid met als gevolg dat ook iedereen mee moest eten natuurlijk. Kortom, het lijkt in zo n refugio soms wel een groot gezin, waarvan iedereen dan overigens wel een andere taal spreekt. In de refugio van vanavond bijvoorbeeld zitten een Oostenrijker, twee Brazilianen, twee Hollanders en een Duitser. 

    Vanmorgen zijn we heel vroeg opgestaan en om zeven uur waren we al op pad. Eerst moesten we nog langs de plaatselijke politie om onze credential te laten afstempelen. Daar werden we pas om 8 uur geholpen door drie stoere agenten. Er werd ernstig op onze credentials gestudeerd en natuurlijk werden ze uitgebreid besproken, maar dat kunnen wij niet echt verstaan. Daarna kregen we een plattegrond van de stad Ribadeo waarop getekend was hoe we de stad moesten uitlopen. Prima geregeld dus. Trouwens, het is te merken dat we in het thuisland van de heilige Jacobus zijn aangekomen, want alles is hier perfect geregeld. De aanwijzingen langs de route zijn heel duidelijk en op elke monolith staat, behalve de richting, ook de afstand tot Santiago aangegeven. Van hier is het nog 175 km. Alle refugio’s in Galicië zijn ook gratis. Het weer was redelijk goed. Een enkel buitje, maar ook zon van tijd tot tijd, dus wij klagen niet.

    Onderweg zaten wij op een bankje voor een kerkje iets te eten en wij zagen een eindje verderop een vrouw met een wandelstok drentelen. Zij stond duidelijk te wachten tot we langs zouden komen. Toen dat te lang duurde, kwam ze naar beneden en begon het gesprek. Eerst informeerde ze waar we vandaan kwamen en al heel snel kwam de aap uit de mouw: ze wilde vertellen wat zij had. Als wij het goed begrepen had ze een nieuwe heup gekregen. Marianne weet dan altijd wel een medische term die in alle talen hetzelfde is en het gesprek verliep tot volle tevredenheid van de mevrouw. Er kwam geen eind aan haar verhaal, en dat was kennelijk ook de bedoeling. Dat gebeurt regelmatig; de mensen zijn heel erg aardig. 

    Tussen de middag kwamen we langs een refugio waar drie andere pelgrims al gestopt waren. Omdat we die kenden, hebben we daar gegeten en gerust. Het was een heel mooie refugio. Daarna was het nog twee uurtjes naar Vilanova de Lourenza, waar we nu zijn en ook deze refugio is naar volle tevredenheid. We hebben een lange tocht gemaakt, het was hoog, maar het ging prima, we hadden er eigenlijk geen erg in dat we bijna dertig kilometer hebben gelopen. De omgeving is hier weer heel anders, maar ook erg mooi. 

    We hebben weer zelf eten gekocht en gegeten in de refugio. Daarna zijn Manfred en Marianne naar de kerk geweest en ik heb afgewassen en ben naar het internetcafé gelopen.

    Morgen hebben we 28 km voor de boeg met nogal wat bergen. We zijn van plan weer vroeg te vertrekken, want er is halverwege een mooie stad te bezoeken. Verder overwegen we een uitstapje naar Lugo te maken als we daar toch in de buurt zijn. Blijft ook nog de vraag of we naar Fisterra gaan na de aankomst in Santiago. Al die dingen moeten we nu weer onder ogen zien. Jullie horen nog het resultaat van deze overwegingen. 

     

     

    Wed
    20
    Jun '07

    Hoe kom je over de brug?

    Hallo, daar ben ik weer in een cybercafe. Gisteravond hebben we met zijn vieren gegeten in een restaurant, weer een ‘menu del dia’. Dat is een vast menu dat in bijna alle restaurants langs de route aangeprezen wordt. Alleen,  als je dat vier weken gegeten hebt, is de aardigheid er wel af. Altijd hetzelfde en we willen nu wel eens iets anders eten.
    Overigens was het wel gezellig met Manfred, Ruth uit Zwitserland en wij tweeën. Deze ‘oude’ man ging natuurlijk, zoals het hoort, op tijd naar bed, maar met zoveel ‘jongelui’ om me heen gaat die vlieger niet op kennelijk. Om elf uur werd ik van bed gelicht om voor de deur een groepsfoto te maken. Toen was het hier nog klaarlichte dag,omdat wij zoveel westelijker zitten dan jullie. Er was een prachtige zonsondergang.
    Vanmorgen om half negen zijn we weer vertrokken (jawel, we hebben dus uitgeslapen). Heel dom hebben we geen ontbijt gescoord bij vertrek, omdat wij dachten dat we snel in Ribadeo zouden aankomen, waar wij een vakantiedag zouden nemen. Helaas, onderweg was niets, maar dan ook niets te koop. Dus scoorde ik mijn eerste kop koffie pas na de middag, toen we al in de albergue waren aangekomen.
    De route was echter fantastisch mooi. We hebben vlak langs de kliffen gewandeld met mooi weer en wel een sterke wind. Als het hier maar droog is, is het echt genieten en dan weet je waarvoor je het doet. Het was de laatste dag aan de kust; nu hebben we eindelijk die kust gezien zoals wij die ons hadden voorgesteld. Iedereen heeft het erover, dat we veel te weinig echt langs de zee hebben gelopen.
    Toen wij de brug (800 meter) naar Ribadeo op zouden lopen, bleek die voor wandelaars verboden omdat er werkzaamheden waren. Goede raad was duur. Wat te doen?? We moesten toch naar de overkant. Toen heeft Marianne (mooie vrouw als zij is) als lokeend gefungeerd. Zij vroeg automobilisten of wij mee mochten rijden over de brug. En binnen 2 minuten had zij drie auto’s gevonden. Dus Manfred in de eerste, ik in de tweede en Marianne in de derde auto. Ik voelde mij wel een beetje net zoals in de sketch waar een mooie vrouw gaat liften terwijl de vriend achter een boom wacht. Maar het werkt wel!!!Gelukkig.
    We kwamen wel aan de verkeerde kant Ribadeo binnen en hadden wat problemen om de refugio te vinden. Uiteindelijk kwamen wij daar om half drie binnen.
    Omdat het onze ‘vrije’ dag is, zijn we meteen de stad in gegaan om de telefoon op te waarderen. Marianne heeft haar vader gebeld en omdat wij langs een kapper kwamen, zijn we daar ook maar naar binnen gelopen.
    Morgen zijn wij dus de deftigste pelgrims van de Camino del Norte, want daar starten wij nu echt mee. In Galicië wandelen wij nu richting Arzua en vervolgens Santiago. Er zitten nog heel lange etappes bij, maar die willen we anders verdelen.
    Jullie zien wel dat wij hier heel druk bezig zijn met onze organisatie. Dus: druk druk druk““!!
    Overigens hoeft Jan van de Brink niet ongerust te zijn dat de aankomst in Santiago een afgang zal worden. In de eerste plaats omdat het onderweg zijn fascinerend is, en Santiago slechts het doel. In de tweede plaats omdat de aankomst zoveel voldoening geeft als kroon op de inspanningen van onderweg. Ik ben dan wel een beetje te vroeg voor de naamdag van St. Jacobus op 25 juli, maar dat komt dan wel weer een andere keer. 

     

     

    Tue
    19
    Jun '07

    De brede weg opgestuurd

    Gisteravond was er een jongen met een gitaar en toen hebben we allemaal luidkeels liedjes uit de jaren zestig gezongen, oergezellig. We sliepen in een oud schooltje, dat vijftig meter van de snelweg afstond, zodat je de hele nacht het gevoel had dat er zo een tankauto binnen zou rijden of zo. Kortom, erg rustig was het niet, dus vandaar waren we vanmorgen al om zes uur uit de veren en om zeven uur gingen we op weg. 

    Tot half negen was het droog, toen begon het te regenen, Nou, regenen?? Het regende zo verschrikkelijk hard dat onze poncho’s het niet aankonden en onze schoenen vol stonden met water. Het was echt verschrikkelijk. Om 11 uur regende het nog steeds zo hard en toen we een hotel zagen, zijn we daar maar snel heen gerend, hoe nat we ook waren. Daar was men weer erg aardig, we mochten alles uittrekken (nou ja, niet alles natuurlijk), zodat we weer een beetje konden opdrogen. We hebben daar wel anderhalf uur gezeten en zowaar, om half één werd het droog. Dus snel de schoenen weer aan en op weg. En geloof het of niet, maar om één uur liepen we in de korte broek!! Zo gaat dat hier. Ik weet dat het in Normandië ook zo snel van weer kan wisselen, maar zo erg als hier is het daar niet. 

    Als de zon dan weer schijnt, word je al gauw overmoedig en dat moet je als pelgrim natuurlijk niet doen. We spraken namelijk af snel door te lopen naar de refugio, zodat we dan vanmiddag toch aan het strand konden liggen. Overigens hebben we vandaag keurig en vroom de route gevolgd, we waren helemaal bereid het smalle pad tot het einde toe te bewandelen. Maar nu stuurde de gids ons voortdurend de Route National op, we zijn dus vandaag gewoon de brede weg opgejaagd! Daar konden we echt niets aan doen. 

    Maar goed, we kwamen in Tapia en bij de refugio en“““.. uiteraard kwamen er toen wolken voor de zon en zelfs een buitje. Het mag dus gewoon niet, dat strand. De refugio staat heel hoog op de klippen en vandaar kijk je zo op zee. Zo’n schitterend uitzicht hebben we nog nooit gehad. We zitten hier met zijn twaalven en er zijn weer veel landen vertegenwoordigd: Spanje, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Kroatie en Nederland, dus er wordt weer gekoeterwaalst in alle talen. 

    Volgens een gids is de provincie waar we in lopen, een van de best georganiseerde provincies, waar alles goed aangegeven is. Nou, mooi niet, het is een zootje en de route is gewoon slecht aangegeven en slecht onderhouden, zoals een andere gids dan weer zegt. Ja, nu we er bijna uit zijn, zetten ze ineens gele pijlen van twee meter hoog neer, kunst! 

    Manfred is ook weer aangekomen, maar hij is kapot en heeft zere voeten. Trouwens, mijn voet is ook weer open, er is iets met die schoen dat niet klopt, hoewel bij iedereen de kwaaltjes komen nu. Maar ja, morgen overschrijden we de tweehonderd kilometergrens, dus we schieten ook al hard op, helaas!    

     

    Mon
    18
    Jun '07

    Geitenkaasjes

    De route was erg slecht aangegeven vandaag, het eerste stuk was al een drama; een bijna onbegaanbaar pad, dus we besloten al snel maar een stukje langs de zee te lopen. Overigens, in tegenstelling tot wat iedereen van tevoren dacht, lopen we helemaal niet zo vaak langs de zee, want je hebt iedere keer weliswaar een baai, maar daar moet je dan wel omheen en dan loop je meestal in de bossen en meestal over modderige paden. Na een tijdje was het lopen langs de zee weer afgelopen en toen zijn we maar van het smalle pad afgeweken en hebben vandaag de brede weg genomen, Dat loopt een stuk makkelijker. Het weer is vandaag redelijk goed geweest, dus we mogen niet mopperen. 

    Waar we vandaag wel een beetje over mogen mopperen, is het eten. Onderweg kwamen we langs een piepklein Spar-winkeltje, waar we sinaasappelen hebben gekocht. Toen zagen we kleine zwarte pakjes geitenkaas (althans dat dachten we). Dat leek ons erg lekker, dus we kochten er twee. Dat leek ons echter een beetje weinig, dus dan maar vier genomen. En om onderweg niet te hoeven denken: ”Heerlijk, waarom hebben we er niet meer genomen“?, namen we er zes. Je moet tenslotte op alles voorbereid zijn. Een eindje verder besloten we om meteen maar zo’n heerlijk geitenkaasje te verorberen, Dus we maakten de eerste twee pakjes open. Wat er in zat, viel uit elkaar en leek op van alles, behalve op geitenkaas. Nou moet je onderweg natuurlijk niet gaan lopen zeuren of kritisch over geitenkaas gaan zitten doen, dus we namen gewoon een lekkere hap. We waren het allebei roerend eens: wat het was, weten we niet, waar het naar smaakt, weten we ook niet, in ieder geval niet naar geitenkaas, maar het leek voor ons nog het meest op een soort bruine suiker. Niet echt lekker, niet echt erg vies. Tot we hier in Pinera, waar we vannacht overnachten, een Braziliaanse tegen het lijf lopen en zij weet wat het is. Het is varkensvet met een laagje suiker! Hadden we dat nou maar nooit geweten, we werden nog posthuum misselijk. 

    In de refugio, waar we vannacht slapen, zijn bedden en er is een douche. Dat is het dan, nergens iets om te koken. Dus op naar de dichtstbijzijnde winkel en nu doen wij ons maal met (oud) brood, een plakje ham, een flesje bier en een flesje yoki drink. Dit is dus wat je noemt een echte karige pelgrimsmaaltijd. Gelukkig is Manfred ook weer bij ons, dus gedrieën dragen wij ons kruis““ Nou ja, ik overdrijf natuurlijk weer schromelijk, eigenlijk is het best wel te eten, hoor! En als ik denk aan al die arme sloebers, die nu maar elke dag naar hun werk moeten en in de file staan, sorry, ik wil echt niet met jullie ruilen! 

    Willem, je krijgt echt een kaart van me. De postzegels heb ik al, alleen de kaart nog niet. Die ga ik kopen en je kaart komt eraan, zodat je weer de groeten aan me kunt doen!!     

     

    Sun
    17
    Jun '07

    Over de autoweg

    We hebben gisteravond inderdaad heerlijk gegeten bij de Portugezen, alleen waren we de twee enige bezoekers en dat was wel jammer,maar ja, met dit slechte weer gaat er niemand aan het strand eten natuurlijk. Maar vanmorgen na het ontbijt bij dezelfde Portugezen zag het weer er weer een stuk beter uit, dus we gingen welgemoed op weg. In de gids werd ons de officiële Jacobsroute sterk afgeraden, omdat het pad heel moeilijk te vinden is, de kans op verdwalen dus groot en het pad bovendien erg overwoekerd schijnt te zijn. Dus hebben we maar de Route National genomen en dat ging prima, tot bleek dat deze weg zonder enige waarschuwing overging in de autoweg en we dus tot onze schrik ineens op de autoroute bleken te wandelen. Dat was niet geheel de bedoeling, dus snel terug en het talud af, wat niet meevalt met je rugzak en toen een tunneltje door onder de autoroute naar de andere kant, want we moesten een stuk teruglopen. Aan de andere kant het talud weer opgekrabbeld, wat helemaal niet meevalt met je rugzak en toen moesten we weer een eind over de vluchtstrook terug. Nou wandelen we natuurlijk wel snel, maar om dan maar over de snelweg te gaan lopen, is wel wat overdreven. Marianne ging uitgebreid op de vangrail zitten, want ze wilde nu ook wel eens ‘bermtoerist’ zijn, maar het ging pijpestelen regenen, dus dan is het leven van een bermtoerist ook niet leuk meer. 

    Het blijft ons verbazen dat het weer hier zo snel wisselt. Zo schijnt de zon en zo regent het, we hebben vandaag wel zo’n vijf keer poncho aan, poncho uit gedaan. Vanmorgen ook, het hoosde zo erg dat we in een tunneltje hebben staan schuilen en het water gewoon in golven het tunneltje inliep. Dat duurt dan een minuut of tien, dan wordt het droog en schijnt meteen de zon. Overal zie je dan de damp opstijgen en tegelijk zie je in de verte de volgende bui aankomen. Ze zeggen hier dat het weer niet normaal is, maar als ik zo naar de natuur hier kijk, dan geloof ik dat niet zo erg. Het is wel erg mooi hier, heel groen (en dat komt meestal niet van de droogte) en overal staan orchideeën, sinaasappel- en citroenbomen. Je kunt de citroenen zo van de grond oprapen. Ik geniet hier echt reusachtig. Onderweg hebben we uitgebreid staan praten met twee Duitsers. Zij kwamen uit Keulen en riepen dus opgetogen: ”O, dan zijn we buren“?. De een had een huisje in Oostkapelle, dus die sprak een beetje Nederlands. Het blijft geweldig leuk om zoveel verschillende mensen van zoveel verschillende nationaliteiten te ontmoeten. Maar ja, staan praten brengt je niet verder natuurlijk en Canero, ons einddoel van vandaag, was verder weg dan we verwacht hadden, dus het was een uur of zes toen we aankwamen. 

    Alweer een dag voorbij, wat gaat het toch vlug allemaal, nog een paar dagen en we verlaten de kust. We zijn nog wel van plan om voor of in Ribadero nog een rustdag in te plannen, want ja, dat strand blijft toch lokken““ We zullen toch wel één keer aan het strand kunnen liggen, één keertje maar?   

    Overigens valt het me op, dat Marianne’s familie op het ogenblik meer commentaar levert dan de mijne……. 

    Het is maar een wenk! 

     

    Sat
    16
    Jun '07

    Een dagje strand?

    Toen we vanmorgen opstonden, was het stralend weer, dus de korte broek aan, petje op en op weg! Onderweg hebben we een ontbijtje gescoord en na een kilometer of zes zaten we aan de koffie in Cudillero. Vanwege het schitterende weer besloten we ad hoc tot een rustdag, want ik wilde toch wel eens één keertje aan het strand liggen. Manfred liep door, wij gingen naar de VVV om te vragen waar het dichtstbijzijnde strand was. Dat was nog een kilometer of vijf lopen. 

    Terwijl we erheen liepen, begon het te betrekken en kwam er bewoking en toen we het strand van Concha de Artedo opliepen, begon het te regenen!! Ik ben nog wel even in het water geweest tot aan mijn kuiten, hoewel Marianne beweert dat mijn kuiten dan wel opmerkelijk laag zitten, maar zij is er helemaal niet in geweest. Zij wist namelijk al hoe koud het water is! Het is ongelooflijk hoe snel het weer om kan slaan hier. Nu zitten we in een warme trui op een terras en Marianne heeft blauwe nagels van de kou. Ze ziet steeds hoopvol een ”manshemd“? blauwe lucht en dan wordt het mooier weer volgens haar, maar ik zie er nog niets van. 

    We ziten hier in een vissershaven met maar een huis of zes en vier daarvan zijn restaurant of pension. Wij zitten in een pension met uitzicht op zee, dus dat is in ieder geval nog iets, kunnen we inslapen bij het geruis der branding. Toen we een stempel gingen halen, zat een oude vrouw iets te broddelen en toen Marianne vroeg wat ze nu eigenlijk aan het maken was, kreeg ze een hoedje cadeau voor haar kleinzoon. De mensen zijn echt superaardig hier ook weer. 

    Het is wel grappig dit uitzicht, want nu zien we kinderen die staan te vissen en allemaal vissen aan een touwtje hebben geregen. Morgen wacht ons een zware tocht, want we stijgen naar zo’n duizend meter. Maar dat zien we morgen dan wel weer, eerst gaan we eten in een restaurant waar twee Portugezen de scepter zwaaien en zij hebben ons een heerlijk maal beloofd.

    Fri
    15
    Jun '07

    Pasje weg

    De baas in de herberg heette Leclerc en was volgens eigen zeggen van origine Nederlander. ”Ja“?, zei Marianne, ”u heeft de blauwe ogen van mijn vader“? en de man smolt ter plekke. Hij liep met ons mee om een goed restaurant aan te wijzen en we kregen zelfs de sleutel mee, zodat we later dan tien uur terug mochten komen. Nou, we hebben voortreffelijk gegeten en we waren liederlijk laat terug, pas om half twaalf. We wilden vanmorgen vroeg weg, maar door allerlei ditjes en datjes was het toch al negen uur toen we de stad uitliepen. Ik zei: ”Ik ga eerst nog even geld pinnen, want ik weet niet wanneer we weer iets tegenkomen“?. Jawel, dat kun je makkelijk zeggen, maar hoe ik ook zocht, ik kon nergens mijn bankpasje meer vinden. Die heb ik naar alle waarschijnlijkheid gisteren in de pinautomaat laten zitten. Jullie snappen dat ik me het apelazerus schrok. Gauw een sms-je naar Geer dat ze het pasje moest laten blokkeren. Die belde al meteen terug om te vragen of ik nu zonder geld zit de rest van de tocht, want de creditcard ligt thuis. Gelukkig vond ik in mijn portemonnee nog de giropas van Gery’s rekening en hoe het kan, weet ik ook niet want ik gebruik dat ding nooit“.ik wist mijn pincode!! Gery heeft toen meteen mijn pasje laten blokkeren, dus gelukkig is alles opgelost, maar de schrik schiet je wel even goed in de benen natuurlijk. “?Alles loslaten“? is dan wel de kreet, maar als je je pasje dus loslaat, wordt het erg moeilijk. Deze pelgrim eindigde dus bijna in de goot, bedelend om een stukje brood en een glas water. Maar, om een beetje in stijl te blijven: ik ben nu op weg op kosten van mijn eigen barmhartige Samaritaanse. Zo zie je, het komt wel weer goed! 

    We hadden vandaag harde tegenwind en dat valt echt niet mee met een rugzak op je rug. Je bent net een zeilboot en wordt alle kanten opgeblazen. Bovendien liepen we een stukje verkeerd (uiteraard!!) en Marianne houdt niet van teruglopen, dus hebben we de weg gevraagd aan een voorbijganger. De man is vervolgens wel 5 kilometer met ons mee gelopen om ons de weg te wijzen. Aardige mensen hier! Aardige mensen en een prachtige omgeving. We hebben vanwege het feit dat we een beetje verdwaald waren, een heel eind langs de Route National gelopen en dat is nooit zo prettig, want de Spanjaarden gebruiken die als racebaan en je moet dus heel goed opletten, maar we hadden af en toe hele mooie uitzichten op zee. Het is hier echt heel erg mooi! Nu zitten we knusjes in een hotel in Muros de Nalon. De plaats zelf ligt een beetje het binnenland in, maar vanuit de plaats loopt een klein weggetje naar de kust en aan het einde van dat weggetje staat ons hotel. Vlak aan zee dus. Het kan slechter! 

    Manfred heeft uitgerekend dat het nog maar ongeveer 300 kilometer is tot Santiago. Dat vervult ons met zorg……… 

    Thu
    14
    Jun '07

    Aardige mensen

    Eerst hebben we uitgeslapen vandaag, daarna uitgebreid ontbeten in de jeugdherberg. Het regende heel erg hard, geen weer om al te gaan lopen, dus hebben Manfred, Marianne en ik de bus genomen naar het centrum. Marianne moest naar het postkantoor, Manfred moest ook iets doen, het werd een beetje droog, dus hebben we wat rondgelummeld in het centrum. Toen begon het weer loeihard te regenen, dus zijn we maar iets gaan eten. Maar het bleef regenen en dan is een stad ook niet leuk, dus we besloten om kwart over twaalf toch maar op stap te gaan. Onderweg hebben we alle leuke plekjes, restaurantjes, stranden en pubs opgenoemd, waar we hadden kunnen zitten als we een vrije dag genomen hadden en als het niet zo zou regenen. Maar ja“.. met die regen““ Dus we liepen maar door en toen we dus net buiten de stad waren, werd het droog en prachtig weer!! Ja, dan ga je niet meer terug natuurlijk.
    Onderweg kwamen we langs een bakker, maar die had alleen hele grote broden te koop, waar we niets aan hadden. Nou ja, niets aan te doen en we liepen alweer verder toen de bakker riep: ”Nee, wacht even“? en toen kregen we gratis een soort cake. Geweldig aardig. Trouwens, de mensen zijn hier erg aardig, ze hebben veel belangstelling, wijzen je de weg en zijn erg vriendelijk. We kwamen ook twee Hollanders tegen en die begonnen bijna te applaudiseren toen ze hoorden dat Marianne helemaal uit Holland was komen lopen.  Ze zeiden: ”We hebben wel steeds die schelpen gezien en we hebben geprobeerd die te volgen, maar er was geen pad!“?”Jawel“?, zeiden we, ”dat is het pad“?. Kijk, dat zijn glorieuze momenten voor een pelgrim, nietwaar?
    Manfred doet alles tegelijk: lopen, praten, schrijven, fotograferen. Als hij gele pijlen ziet, drukt hij op de startknop en gaat er als een pijl uit de boog vandoor, vliegt de berg op met enorme snelheid, tot hij ineens geen gele pijlen meer ziet en dan slaat de paniek toe en is hij bang te verdwalen. Hij was ook erg boos, omdat in zijn gids stond dat het een makkelijke en lichte wandeling was en dat bleek het dus niet te zijn!! Ja, die gidsen weet wat, de Duitse en Spaanse gidsen verschillen nogal eens van mening. In de gids stond dat we in Aviles, ons einddoel voor vandaag, in de herberg moesten zijn, die knalgeel geschilderd is. In de gids van Marianne staat er zelfs een foto van. Echt knalgeel. Dus wij in Aviles zoeken en zoeken en zoeken naar die knalgele herberg. Niets te zien tot we bij de herberg uiteindelijk belandden, die““ hardblauw bleek te zijn. Kijk, dat kun je niet maken als herberg natuurlijk. Het is te begrijpen dat je wel eens een ander kleurtje wilt, maar dat doe je natuurlijk niet zonder alle gidsen ter wereld een nieuwe foto te sturen. Dit is misleiding van de pelgrim en dat is zeer ernstig.
    Nu is het weer tijd voor broekspijpen wassen, een hapje eten en dan lekker slapen, want morgen is het weer vroeg dag, het is niet alle dagen feest.
     

    Wed
    13
    Jun '07

    Snoepjes

    Het was vandaag redelijk weer. Vanmorgen zag het er erg dreigend uit, maar het klaarde steeds meer op. We hebben vandaag een heel lange route gelopen, ruim 35 kilometer. We zijn om half acht al vertrokken en de weg was moeilijk en zwaar. We moesten hele hoge bergen over en die waren erg steil. We gingen zogezegd nou niet als een hinde de berg op, het was meer strompelen. We zagen onderweg wel hindes trouwens, die staken vlak voor ons ineens recht de weg over. Dat is natuurlijk prachtig om te zien. Als je dan eindelijk boven op de top van zo’n berg bent, zie je heel diep beneden je een dorpje liggen en dan weet je dat je daar weer naar af moet dalen. En achter dat dorpje zie je dan weer een heuvelrug, waarvan je weet dat je die daarna weer op moet. Het was dus met recht vandaag: “?Op bergen en in dalen“?. Maar hoe hoog de berg ook is, hoe diep het dal, uiteindelijk bereikten we een restaurantje vlak voor Gijon. Daar zijn we eerst maar eens neergestreken om iets te drinken. Er was net een eindexamenfeest met drie meisjes verkleed als flamingodanseressen, dus we vielen met ons neus in de boter. Nadat we daar een tijdje gezeten hadden, hebben we meteen maar gevraagd of we ook iets konden eten en dat kon. Dus toen zaten we, voor Spaanse begrippen achterlijk vroeg, aan tafel. Het eten was heerlijk, daar knapt een mens van op en dan verdwijnt de moeheid uit je benen. Aangezien er dan weer iets anders in de benen zakt, hebben wij ons na het eten de laatste kilometer door een taxi naar de jeugdherberg laten vervoeren, dus daar kwamen we glorieus voorrijden. Ook wel eens leuk voor een keer toch? 

    Onderweg hebben we ook de afslag gezien die over de picos de Europa leidt. Daar moet je dus doorheen met kompas en touwen, enz. Met andere woorden: dat is echt bergbeklimmen. We hebben besloten (althans ik, Marianne had dat thuis al besloten) dat niet te gaan wagen, maar langs de kust verder te gaan. Het kan ook te gek worden. 

    Net toen dat wijze besluit gevallen was, stopte er een auto naast ons met een oude baas erin, die ons luidkeels begon te vertellen dat we die afslag moesten nemen naar de picos. Wat doe je dan laf? Juist, je doet gewoon of je niets van hem verstaat. Dus hij begon steeds meer te overtuigen en wij deden steeds meer alsof we helemaal niets begrepen van wat hij zei. Na een tijdje zag hij er kennelijk geen heil meer in, want hij stopte ermee, en haalde uit zijn zak toen voor ons ““. snoepjes. Die kregen we toen maar, zoals je kinderen zoethoudt. Dat was wel erg leuk. 

    Zo is er elke dag wel iets. Onze Duitse Manfred loopt heel erg hard, wij noemen hem de ”vliegende Duitser“? (aangezien ik nou in de bergen niet echt een vliegende Hollander ben, is dit wel een mooi alternatief). Hij loopt heel hard, maar vervolgens rust hij heel lang, dus dan halen wij hem weer in en zit hij heerlijk rustig aan de kant van de weg te schrijven. 

    Tot Ribadeo lopen we nog langs de kust, daarna gaan we het binnenland in voor het laatste stuk. Het begint alweer op te schieten.    

     

    Tue
    12
    Jun '07

    Limonadefontein

    Vanmorgen begon de pret al vroeg. Marianne had limonade in haar fles gedaan voor onderweg en“die fles ontplofte. De limonade spoot er gewoon met enorme kracht uit. Gelukkig had ze de tegenwoordigheid van geest om snel uit het open raam te richten, zodat voorbijgangers een fontein van limonade naar buiten zagen komen. Dat was lachen natuurlijk. 

    Verder wilden we naar een prehistorisch kerkje, waar bijzondere wandschilderingen zijn. Zoals veel kerken in Spanje was ook deze dicht, maar geen nood, Marianne belde gewoon bij de buurvrouw aan en laat die nou de sleutel hebben!. Dus konden we het kerkje inclusief de wandschilderingen uitgebreid bewonderen. 

    Verder hebben we vandaag lekker gewandeld. We zijn vertrokken met prachtig weer, onderweg werd het herfst en nu is het voorjaar, dus we hadden weer vele mogelijkheden vandaag. 

    Hartelijk dank voor alle commentaren. Als we ze zelf niet kunnen zien, leest Gery ze ’s avonds voor en zet ons verhaal dan weer op de website. Corrie, dank voor het gedicht en uiteraard is het prima als je op de website schrijft. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd! Wan ook dat leer ik hier weer: het is heerlijk om af en toe alleen te lopen, dat doen we ook, maar het is ook heerlijk om met andere mensen te zijn en te kunnen vertellen, lachen, eten, enz. We beginnen elkaar allemaal een beetje beter te kennen nu, omdat we elkaar natuurlijk regelmatig weer tegenkomen en dat is gewoon erg leuk. Vanavond was Manfred de laatste en werd met applaus begroet toen hij binnenkwam. Kortom, ook op deze camino kun je niet alles alleen doen en heb je elkaar nodig! (sprak hij wijs) 

    We zitten nu in Sebrayo, een piepklein gehucht in de gemeente Villaviciosa. Het gehucht is zo klein, dat er zelfs geen kerk is, dus kleiner kan eigenlijk niet. Dat er geen kerk is, is tot daar aan toe, maar er is ook geen restaurant of bar, zelfs geen winkel. We hebben dus boodschappen gedaan in een soort rijdend winkeltje en moeten zelf ons eten klaarmaken. Nu is dat geen punt, als we tenminste pannen zouden hebben“. Want die zijn er niet in de kleine refugio, waar we nu zitten. Zelfs geen glas. De kunst is nu om eieren te bakken op een soort bakplaat; ik sta nu met mijn ene hand aan de telefoon en met de andere hand tracht ik een spiegelei te fabriceren. Erg hard gaat het niet, maar alla, een pelgrim moet zich kunnen redden. We zitten hier met een Frans stel, dat we al eerder hebben ontmoet, een Hongaar, een Duitser en twee Hollanders, dus we houden ons gezamenlijk ijverig bezig met een verenigd Europa! En dat zonder Brussel. Helemaal niet nodig, al dat gedoe, gewoon allemaal de camino lopen!! 

     

    Mon
    11
    Jun '07

    Spaanse klompen

    Heb ik al verteld dat ik een poosje geleden mijn Hollandse klompjes verloren ben? Zo niet, dan weten jullie het nu. Ik vond dat wel erg jammer, maar helaas, niets aan te doen. Teruglopen heeft weinig zin, want je vindt ze nooit meer terug. Groot was dan ook de verbazing toen het Duitse stel, dat ik al eerder gezien had op de pont (die van ”bekocht“?) een paar dagen geleden aan me vroeg of ik soms klompjes verloren was, want ze hadden onderweg klompjes langs de weg zien liggen en aangezien ik uit Holland kwam“.. ”Hadden we ze nou maar meegenomen“?, zeiden ze, ”wat jammer“?. Nou ja, er zijn ergere dingen. Gisteravond ontmoetten we ze weer en toen kreeg ik een pakje van ze, waar Spaanse klompjes in zaten. Leuk, hè? 

    Het eten gisteravond was slecht, dus maar op tijd naar bed. Midden in de nacht, toen iedereen in diepe rust was, om een uur of vier ineens een hels kabaal: een groep Italianen, ladderzat, die met veel herrie binnenkwamen, op alle deuren klopten, kortom, Italie arriveerde! Ergernis alom natuurlijk, ik hoorde ook al geluiden uit het bed boven me en ineens zag ik een paar benen voorbij zwiepen en stormde Marianne als een ware Jeanne d’ Arc op de Italianen af om hen duidelijk te maken wat ze ervan vond. En dat begrepen ze!! 

    In Llanes is een heel mooi kunstwerk: daar hebben ze de basaltblokken die langs het strand liggen, geschilderd in allerlei kleuren. Dat is echt de moeite waard om te zien, heel vrolijk, ook al regende het. 

    Trouwens, vandaag was de allermooiste dag die ik tot nu toe in Spanje gehad heb: prachtig weer, een schitterende route, in één woord geweldig! Vanmorgen was ik met Hans uit Hamburg vooruit gelopen en Marianne en de andere Duitser, Manfred, kwamen achter ons aan, dachten we, maar haalden ons maar niet in, terwijll ze toch veel harder lopen. We liepen al langzamer, dronken iets op een terrasje, liepen weer een stuk, dronken weer koffie, maar in geen velden of wegen waren Manfred en Marianne te bekennen. Pas tegen de middag kwamen ze ons achterop. Wat bleek? Ze waren weer drie kilometer teruggelopen, omdat Marianne haar stok vergeten was. Ze merkte daarover filosofisch op: ”De hele weg zegt iedereen dat ik alles los moet laten, maar alles wat ik loslaat, heb ik vervolgens nodig!“?. Dat klopt, want zonder stok begin je hier echt niets. Verder hebben we ons beziggehouden met het opzeggen van het gedicht ”De tuinman en de dood“?, want Marianne moest dat natuurlijk vroeger ook op school leren. Marianne vond ook nog dat je erbij moest staan, want dat moest op haar examen ook. We kenden het niet meer helemaal, maar aangezien we toch filosofisch bezig waren, vonden we dat dit gedicht over de camino ging: Hoe ver je ook wegloopt, je kunt het lot toch niet vermijden. 

    Jullie zien, het is niet alleen eten en drinken en lachen, we hebben het ook nog wel eens ergens over. Maar nu even niet, want we zitten nu in Ribadesella, in een hotel op honderd meter afstand van het strand. Ja, dat is ons lot vandaag, daar doe je niets aan! 

     

    Sun
    10
    Jun '07

    Alle seizoenen op een dag

    Je hebt hier met recht alle seizoenen op een dag: We vrtrokken vanmorgen met een grijze lucht. Eerst was het droog, vervolgens hadden we twee uur regen, daarna werd het stralend weer, om drie uur kwamen er weer wolken en werd het donkerder en nu regent het weer en is het koud. Ja, zo gaat dat, waar is nou die Spaanse zon? 

    Gisteravond hebben we in het hotel gegeten. Dat kon pas vanaf negen uur, dus toen het negen uur was, wie zaten er toen het eerst aan tafel? Juist ja, wij natuurlijk, verder was er geen hond. ”Nou ja“?, dachten we toen, ”dan maar stil, als we maar kunnen eten“?. Om tien uur kwamen de volgende gasten pas binnen en toen wij om kwart over elf vertrokken, kwamen er nog steeds mensen binnen om te gaan eten! Dat is wel wat anders dan om zes uur aan de boerenkool. 

    We waren vanmorgen trouwens binnen dertig seconden de weg al kwijt, dat is wel een record. Vanuit het hotel zijn we namelijk rechtsaf geslagen, omdat we in het centrum pas af moesten slaan. Het bleek dat het hotel het centrum al was, zodat we gewoon recht over hadden kunnen steken. Maar alla, verder ging alles voorspoedig en omdat Marianne veel harder loopt dan ik, had die in Llanes al kennisgemaakt met een jongen, die Spaans, Enges en Nederlands sprak, toen ik aankwam. We hebben een tijd met die jongen staan praten en waren zodoende te laat voor het Bureau de Tourisme, dat was al gesloten, maar gelukkig hebben we weer een refugio gevonden, zodat we vannacht weer onder de pannen zijn. Vanavond eten we daar met twee Duitsers. 

    Verder valt er over vandaag geen nieuws te vermelden, behalve dat de picos de Europa weer wat dichterbij komt““   

     

    Sat
    9
    Jun '07

    Wie achterblijft, gaat voor

    Gisteravond hebben we ontzettend gezellig gegeten met alle pelgrims en de gastheren/vrouwen. Dat was erg leuk en we hebben heerlijk geslapen want we lagen met zijn tienen op een slaapzaal van veertig, dus dat was lekker rustig. Vanmorgen was het afscheid ook heel anders dan anders. Een Duitse pelgrim en de gastvrouw zongen samen een lied en dat klonk echt heel mooi. Elke dag is er wel zoiets, dat anders is dan anders, dat maakt een tocht als deze zo prachtig. Toen we vertrokken, was het heel vochtig en klam, ik hoor van Gery dat het bij jullie ook zo is trouwens. Na een tijdje had Marianne een sanitaire stop nodig. Nou is dat niet iets om over naar huis te schrijven natuurlijk, want dat komt vaker voor op een dag. Ik loop dan kalmpjes door, want zij loopt veel harder dan ik en haalt me met gemak in. Alleen vandaag liep dat even anders. Ik ging steeds langzamer lopen, maar geen Marianne te bekennen. Ik heb een poosje aan de kant van de weg zitten wachten, maar al wie verscheen, geen Marianne. Teruglopen heeft ook weinig zin, want ik had geen flauw idee waar ze gebleven was en welke weg ze genomen had. Dus dan maar doorlopen en kijken of ik haar vanavond weer zag. Dus ik liep en liep en liep““ Na ruim een uur zie ik voor me uit ineens een pelgrim lopen. ”Hé, waar komt die nou vandaan?“?, dacht ik nog, toen ik zag dat het Marianne was. Dus ik riep haar, ze keek om en ook haar mond viel open, want ze had mij ook niet meer verwacht. Ze roept nu dat ze de ‘Spaanse’ weg genomen heeft, omdat ze een Spaanse gids heeft. Nou, hoe het kan, weet ik ook niet, maar het was wel zot. 

    Tot een uur of één werd het mooi weer, daarna begon het te betrekken en aangezien we graag voor de regen binnen wilde zijn, besloten we te stoppen in de jeugdherberg van Colombres. Helaas zat de jeugdherberg helemaal vol, zodat we door moesten lopen. Het werd steeds donkerder en donkerder, maar we haalden net een hotelletje in la Franca. Dus nu hebben we een kamer met bad, al is het dan een bad voor Pygmeeën volgens Marianne en buiten regent en onweert het van jewelste. 

    Vanuit het raam van mijn kamer heb ik uitzicht op de Picos de Europa en net als vorig jaar hef ik mijn ogen op naar de berg met enige onrust, want ik zie nog heel veel sneeuw op de toppen liggen, veel meer dan in de Pyreneeën. Iedereen roept wel dat we daar langs lopen, maar ik ben er niet gerust op. Enfin, zover zijn we nog niet, morgen eerst naar Llanez, een badplaats, en daar wil ik nou eens aan het strand liggen!  

     

    Fri
    8
    Jun '07

    Uitzichten op zee?

    Nou, de vesper gisteravond sloeg nergens op, daar waren we het allemaal over eens: een stelletje ongeïnteresseerde mannen, die zaten te gapen en op hun horloge te kijken. Ze konden nog niet eens zingen ook! Om over deze teleurstelling heen te komen, zijn we maar gaan eten in het restaurant vlakbij het klooster. Daar schoof een Spanjaard bij ons aan tafel, die 53 kilometer gelopen had! Hij zag de lucht voor groene kool aan, maar door het charmante gezelschap van Marianne kwam hij weer geheel tot leven. Hij bood haar een drankje aan, die ze meteen stevig achterover sloeg en ik, arme, kreeg het laatste restje! Nog een flesje wijn erbij en voor je er erg in hebt, is het ineens half twaalf. Ja, toen moesten we via een sluiproute weer zien dat we in het klooster kwamen, want alles zat al potdicht 

    En ja, toen moesten we vanmorgen natuurlijk even uitslapen, zo gaat dat dan, maar om half negen waren we weer op weg. We hebben expres een omweg genomen dit keer, omdat we hadden gelezen dat het zo’n mooie route was, waar je de zee geen moment uit het oog verloor. Nou, dat wil je natuurlijk wel beleven, al die prachtige uitzichten op zee. Helaas, helaas, het was hartstikke mistig. De zee was er wel, we hoorden hem ook steeds, maar we zagen hem dus niet! Het is de hele dag mistig gebleven en nu trekt het pas een beetje op, maar nu zijn we al lang weer waar we zijn wilden, in San Vicente de la Braquera. Onderweg hebben we tussen de middag op een bankje kaas en brood gegeten uit Marianne’s ‘tas voor moeilijke tijden’. Marianne moest dus haar soep missen, wantr die vraagt in elke bar en elk restaurant: ”Suppa, por favor“? 

    We zijn trouwens door allerlei leuke plaatsjes gekomen en hebben onderweg zelfs een huis gezien dat door Gaudi was gebouwd, erg mooi. Er was een restaurant in, dat schijnt erg goed te zijn, maar het zal ook wel wat kosten waarschijnlijk, want in een huis van Gaudi zal Jan Modaal wel niet wonen. 

    San Vicente de la Barquera is ook een leuke toeristenplaats met veel nauwe straatjes, heel leuk. Het is hier echt leuk. Onderweg naar het terras, want we hebben elkaar een biertje beloofd, komen we langs een trap, waar aan de kant een paar ouwe damesschoenen staan, elke schoen met een plantje erin. Komisch hè? Er staan hier trouwens overal bloemen. We slapen vanavond met zijn tienen in een mooie albergue, waar we morgenochtend zelfs kunnen ontbijten en dat kom je niet vaak tegen! 

    Jullie zien dat het allemaal goed gaat hier en we het prima naar ons zin hebben. Thuisfront, hartelijk dank voor jullie leuke en lieve berichten, blijf gezond en allemaal de groeten van Marianne ook, ik heb haar verteld dat ze in de thuisblijversfamilie is opgenomen. Tot de volgende keer! 

     

    Thu
    7
    Jun '07

    Naar de vesper

    Allereerst iedereen bedankt voor het (trouwe) commentaar en het meeleven, dat is en blijft geweldig. Leuk ook een berichtje van de dochter van mijn mede-pelgrim, dat heb ik uiteraard voorgelezen en we zijn zeer tevreden over de belangstelling. Geweldig bedankt allemaal en“ ga zo door!! Het was een hele mooie route vandaag en we hadden schitterend weer, vooral vanmorgen. Vanmiddag werd het heiig en dan zie je niet zo ver meer, maar het was een uitstekende dag. Mijn voet is nog steeds keurig dicht. Marianne heeft hem afgeplakt met leukoplast vanmorgen en dat heeft de hele dag keurig gezeten en ik heb geen centje pijn gehad. Maar opdat jullie niet zullen denken dat het een pleziertochtje is (dat denken jullie toch al vanwege die bussen en treinen natuurlijk) heb ik nu een andere kwaal bedacht: Ik kreeg overal jeuk en daarna blaasjes, die open gaan. Ik heb nog even gedacht aan de vlooien van vorig jaar, maar volgens Marianne was het een zonne-allergie. Verbazingwekkend bij de weinige zon die er tot nu toe geweest is, maar in de apotheek zeiden ze ook meteen dat het dat was. Zo zie je maar hoe wonderlijk de wegen van een pelgrim zijn: het ene jaar loop je constant in de zon en heb je nergens last van, het andere jaar krijg je iets bij de eerste zonnestralen. 

    Over wonderlijke wegen gesproken: onze redeneringen zijn soms net zo krom als de wegen. Vanmiddag zijn we een stuk verkeerd gelopen en werden staande gehouden door een echtpaar, dat ons met veel armgezwaai vertelde dat we niet op de camino liepen en dat we dus verkeerd waren gelopen. Dus dat werd omdraaien en teruglopen. Later hebben we toen maar een stukje afgesneden ”omdat we toch al te veel hadden gelopen“?. Al met al hebben we zo’n vijfentwintig kilometer gelopen, dus toch een respectabele afstand. Onderweg zijn we door een heel leuk Middeleeuws dorp gelopen, Santillana del Mar. Dat is ook wel leuk, elke plaats heet hier ”aan zee“?, maar we zien de zee overdag helemaal niet vaak, omdat we toch meer in het binnenland zitten. Eigenlijk zou de plaats dus ”Santillana-Binnen“? moeten heten, zoals wij Nederlanders dat eerlijk doen. Maar dat mag me de pret niet drukken, als we heel hoog zittern, zien we de zee, dus je moet het gewoon ruim zien. De mensen zijn in deze omgeving weer een stuk opener en bereid tot een praatje. Er staan hier allemaal kleine ronde gebouwtjes en toen we een boer zagen, hebben we gevraagd waar die voor dienden. Toen stond in een mum van tijd de hele boerenfamilie om ons heen. Ik kreeg een nieuwe stok van hem, want hij vond mijn oude niet goed genoeg en we begrepen dat die gebouwtjes dienen voor de opslag van mais. Er zitten ook allemaal gaten in om door te laten waaien. Uiteraard heb ik gewoon mijn eigen staf gehouden, die mag mij blijven vertroosten!   

    We zijn vandaag geëindigd in het klooster in Cobreces, waar we ontvangen werden door een stokoude broeder, die amper meer de trapjes op en af kon. We slapen in een gebouwtje op het terrein van het klooster en we hebben per land een kamer: Frankrijk, Duitsland, Nederland en Amerika is ook weer zojuist gearriveerd. Regelmatig zie ik nu weer dezelfde pelgrims en dat is gezellig.      Nu is het bijna zeven uur en tijd voor de vesper. Daar gaan we met zijn allen naar toe en dan samen eten in een restaurant. Dat wordt nog opschieten, want we moeten om half tien binnen zijn!! 

     

     

    Wed
    6
    Jun '07

    Vreemde rijst..

    Gisteravond hebben we dus zelf eten gemaakt, paella. Bij het klaarmaken bleek dat er nog rijst bij moest en dat hadden we natuurlijk vergeten te kopen. Dus wij keken in de keuken of er ergens rijst te bekennen was. Een Spanjaard vond toen een zakje, zei: ”Hier is rijst“? en strooide vervolgens behulpzaam drie handen rijst bij de paella. Alleen bleek de rijst geen rijst, maar zeezout te zijn!! We hebben driftig gespoeld en gespoeld en toen was het nog best lekker, alleen wel een beetje erg zout. 

    De baas van de refugio was een soort generaal, hij leek wel een gevangenisdirecteur. Om half elf kwam hij hoogstpersoonlijk het licht uitdraaien. Uit met de pret en slapen!! Er zat een of ander spul in de matras, ik weet niet wat het was, maar als je je omdraaide of een been verlegde, gaf dat een knal alsof het onweerde. Als je met meer mensen op een kamer ligt, geeft dat dus een heleboel knallen, want iedereen draait wel. Zodoende deed niemand een oog dicht en was het dit keer een barre nacht. 

    Maar vanmorgen hebben we eerst heerlijk ontbeten in een cafetaria en zijn toen om negen uur op pad gegaan. En het weer is subliem!! Heerlijk zonnig, een feest om daar op je gemak bij te wandelen. De ´gevangenisdirecteur´had ons verteld dat er tussen tien over negen en tien voor half tien een trein over de spoorbrug reed, maar omstreeks die tijd was er echt nog niets van een spoorbrug te bekennen. Al met al was het over tienen toen we de spoorbrug in zicht kregen en toen we er vlakbij waren“““ kwam er dus een trein aan. Nou, die machinist was duidelijk gewend dat er vaak pelgrims over de brug liepen, want hij reed heel langzaam en toeterde en zwaaide gezellig toen hij zag dat ik stond te filmen. Daarna hebben wij de wandeling over de spoorbrug gewaagd. Het is wel grappig, want overal staan weliswaar borden dat het ten strengste verboden is over de spoorbrug te lopen, maar alle gele Jacobspijlen wijzen wel de weg naar de brug en erna ook weer keurig gele Jacobspijlen die je de verdere weg wijzen. En er loopt een keurig voetpad over de brug. 

    De brug heeft ons wel 7 kilometer omweg bespaard, zo hadden we tijd om tussen de middag eens lekker te eten. We kwamen om half een in een klein restaurantje, waar we iets hebben gedronken en gevraagd of we een sandwich konden kopen of zoiets. Nou, dat kon niet, daar begonnen ze niet aan, dat was veel te weinig. Dus we werden vriendelijk gevraagd tot één uur te wachten, want dan kwam het menu van de dag. Nou, daar kun je geen nee tegen zeggen natuurlijk. Om precies één uur en geen seconde eerder kwam het eten op tafel en was het restaurantje ook plotseling helemaal vol. We hebben er heerlijk gegeten, dat sterkte ons voor de rest van de wandeling. Toen Marianne vervolgens nog een weggetje vond waardoor we nog eens 2 kilometer bespaarden, was dat helemaal kat-in ´t-bakkie en kwamen we na 21 kilometer lopen in de refugio in Polanco aan. Het is een piepkleine refugio, er zijn nu 2 Duitsers, een Oostenrijker en wij en het laatste bed dat er nog is wordt bezet door een Fransman, die er nu net aan komt lopen, terwijl wij buiten heerlijk in de zon op een bankje voor de refugio zitten. Ach, wat kan het leven goed zijn!! Ook omdat nu, dankzij de wonderpleisters van Marianne, het wondje op mijn voet weer dicht is. Ik ben benieuwd hoe dat morgen gaat!  

     

    Tue
    5
    Jun '07

    Onze man uit Santander

    Hallo, daar ben ik weer vanuit Santander. Het was mooi weer vandaag en na een uitgebreid ontbijt zijn Marianne en ik weer op stap gegaan. Vandaag hoefden we niet zo ver en bovendien hadden we als afwisseling een boottochtje over de baai naar Santander. Dat is altijd weer leuk om te doen. 

    Gisteravond hebben we luxe gegeten in een goed restaurant van de posada waar we hebben geslapen. Vanmorgen hebben we eens uitgeslapen en gingen dus pas om 9 uur weg. Marianne was haar drinkfles vergeten en is nog terug gegaan om hem weer op te halen. Maar zij loopt over het algemeen toch sneller dan ik en heeft mij dan ook binnen een uur al weer ingehaald. 

    We hebben weer de autoweg genomen omdat het officiële Sint Jacobspad zulke idiote slingers maakt. Hoewel er wel dreigende wolken waren, is het droog gebleven en was het vanmiddag zelfs zonnig. Dat doet een pelgrim goed, want we hebben in Santander op het strand een pizza kunnen eten. 

    Nu zijn we in de albergue van Santander en morgen moeten we een route volgen van 34 km. Maar….. men zegt dat we, als we over een spoorbrug gaan (WAT OVERIGENS STRENG VERBODEN IS), we dan 7 km kunnen afsnijden. Dus dat is wat we gaan doen natuurlijk……………. 

    Maar nu gaan we eerst boodschappen doen, want we koken zelf vanavond, dus dat zal wat worden. 

    Mon
    4
    Jun '07

    Als het schort maar schoon is

    Gisteravond hebben we gegeten in een bar bij de Albergue, met een Frans stel. Toen het eten op tafel kwam, zag het er niet erg lekker uit en als je het Franse stel daarnaar zag kijken“. dat was alleen al dikke pret. Ze gingen ook meteen vertellen dat ze op de televisie gezien hadden dat ze ergens in Spanje toch heus wel lekker schenen te koken. Het eten was ook niet lekker, maar ik dacht: ”Niet zeuren, gewoon je bord leeg eten“? Maar toen kwam de kokkin uit de keuken en ging recht tegenover me aan de bar zitten met een schort aan, zo verschrikkelijk vuil en smerig dat je misselijk werd van het zien alleen al en dan daarbij te bedenken dat ze met dat schort aan ons eten had staan koken“. Nou, dat was genoeg om alle eetlust te doen vergaan. Dus we hebben niet veel gegeten, maar wel erg veel gelachen met zijn vieren. 

    Vanmorgen om acht uur vertrokken zonder ontbijt. Dat gaf niet, want ik ben nu met een pelgrimse op stap, die zo zuinig is dat ze drie dagen lang haar brood bewaart ”voor het geval dat“?. Met een heleboel kaas erop om het zacht te krijgen is het heus wel te doen, hoor! Ik heb trouwens bij vertrek overmoedig mijn poncho in de rugzak gestopt, dus“. regende het na een kwartier pijpestelen!! Maar later werd het tenminste wel weer droog, dus dit is winst. 

    Na een uur of twee kwamen we bij een bar voor de koffie en de baas van de bar vond het geweldig dat we langskwamen, hij voelde zich erg vereerd. Leuk is dat. De kok kwam ook speciaal ervoor binnen en““. had een brandschoon schort aan. Dat viel ons meteen op natuurlijk! 

    Bij Laredo moesten we op de pont wachten, die ons over de baai zou zetten. Marianne meende de boot al aan te zien komen, want ze zag de brug van het schip al. Intussen hadden we mooi de tijd om aan een Duits stel, dat ook stond te wachten, te vragen wat nu in vredesnaam ”bekocht“? betekende. Ik heb namelijk een Duitse gids en daar staat in dat er in een of andere albergue voor ons bekocht wordt. ”Het is heel vreemd Duits“?, zei het stel, ”maar het betekent dat er gekookt wordt.“? Ik weet zeker dat, als ik dat op school opgeschreven zou hebben, het fout gerekend was. Inmiddels was het schip ons genaderd, alleen bleek het niet de pont te zijn. Die kwam daarachter: een piepklein notendopje, dat aanlegde op het strand en de loopplank vervolgens gewoon op het strand schoof. Wij moesten dus eerst nog een stuk over het strand baggeren om te kunnen inschepen. Maar we werden keurig overgezet en kwamen in Santona aan. Daarna was het heel lang lopen op zoek naar de albergue waar voor ons ”bekocht“? zou worden. Het werd later en later, we liepen langs een grote weg en zagen ineens aan de kant van de weg een hostal. Wat doe je dan? Juist, je geeft de rugzak aan Maarten om maar eens een variant te gebruiken en betreedt het hostal. Daar hebben we nu een kamer met bad, douche, zeep, shampoo, alles !!! Wat een luxe. En.. er wordt ook hier voor ons ”bekocht“?. 

    Het was een lange dag, want we kwamen pas om half zeven hier in Bareyo aan en waren al om acht uur weggegaan, maar het was wel een mooie dag. Morgen hopen we Santander te bereiken. 

     

    Sun
    3
    Jun '07

    Over gebaande wegen

    Marianne is wijkverpleegster en die heeft gisteravond mijn voet verzorgd met een pleister met een soort kussentje en folie daaroverheen en dat alles ademt. Ik heb de hele dag geen last van mijn voet gehad, want het is door de schoenen natuurlijk wel weer open gegaan. Dus onderweg de apotheek weer eens opzoeken om deze ‘wonderpleisters’ aan te schaffen. Ja, als pelgrim kun je het maar druk hebben! Het was tot in de middag stralend weer vandaag en dat kwam goed uit, want we hebben een heel eind langs het strand gelopen. Dat was wel lekker bij een hele rustige zee. De stranden lagen dan ook vol zonaanbidders en dat is dan wel komisch als je daar doorheen sjouwt met je rugzak en grote schoenen. Dan heb je bekijks!! 

    Vanmorgen hebben Marianne en ik besloten samen te lopen en geen modderpaden te nemen, maar over de begaande wegen te gaan. Eerlijk gezegd is dat ons uitstekend bevallen. 

    Nu is het ineens weer een stuk kouder en ik zie donkere wolken, maar het regent nog niet en we zijn in ieder geval al in de albergue van Guriezo, dus vandaag blijven we droog. En morgen? Dat zien we dan wel weer. 

    Voorlopig heb ik andere zorgen, want ik ben ergens mijn wasmiddel vergeten. Zo zie je, ook een dag als pelgrim heeft zijn eigen zorgen, het leven is zo eenvoudig nog niet. Jullie lachen hierom natuurlijk, maar ja, jullie fietsen nu even naar de supermarkt om nieuw wasmiddel te halen en dat kan ik toevallig niet. En jullie kunnen denken: ”Nou, dan was ik een dag later“?, want jullie hebben nog een kast vol kleren, maar ik niet, althans niet hier. Dus eigenlijk hebben jullie helemaal geen zorgen en ik wel. 

    Ach, kon ik het altijd maar zo zien!!    

     

    Sat
    2
    Jun '07

    En hij zweefde over de wateren

     

    De wonderen zijn de wereld nog niet uit, want, nu geheel ingesteld op regen en modder, gebeurde het volgende: Vanmorgen een heel klein miezertje en vanaf een uur of elf kurkdroog en stralend weer en nu zit ik met mijn blote voeten op een luie stoel in het zonnetje voor mijn albergue en““ het schijnt morgen nog iets beter te worden. 

    Vandaag was het dus een uiterst comfortabele dag, niet in het minst omdat ze hier schijnen te begrijpen wat een pelgrim toekomt. Bij Getxo moest ik de rivier oversteken en daar hebben ze een soort zweefbrug gebouwd. Het is een heel hoge brug, waaraan aan hele dikke kabels een soort spoorwegwagons hangen en daar gaat alles in: auto’s, fietsen en wandelaars. Het is net een kabelbaan, maar dan met hele grote cabines. Je doet zelf niets en je zweeft als het ware over het water. Ik voelde me net Petrus. Maar toen ik dit naar Geer sms-te, kreeg ik meteen te horen, dat zij dan wel Martha was, aangezien zij met de stofzuiger door de kamer zweefde. Ach ja, de één heeft dit, de ander dat! Toen ik aan de overkant kwam, was de pret nog niet voorbij. Je komt natuurlijk aan de overkant van de rivier aan, die laag ligt en moet dan een heel eind naar boven. Laten ze daar nu keurig rollende voetpaden voor aangelegd hebben, net zoiets als op Schiphol. Je gaat er op staan en komt riant boven. Toen daarna nog een zeer goed begaanbaar wandelpad volgde van ruim twaalf kilometer kon mijn dag uiteraard niet meer stuk en ben ik van pure vreugde maar een stukje verder gelopen dan ik oorspronkelijk van plan was, maar het ging ook zo lekker! 

    Nu zit ik dus vorstelijk voor de albergue in Pobena, samen met Marianne uit Barchem, die hier ook net binnen kwam lopen. We zijn de enige twee gasten hier en ik hoor nu de centrifuge draaien, waarin mijn wasje zit, dus het is pure luxe vandaag. Ik zag trouwens in het gastenboek dat Jim hier gisteren geslapen heeft, dus dat was wel grappig, die zit dus ook nog op schema. 

    Ik heb vandaag ook een stuk langs het strand gelopen, dat loopt best lastig, maar is wel erg mooi natuurlijk. Je ziet hier de vloed echt als een razende opkomen, dat gaat bliksemsnel, omdat het verschil tussen eb en vloed ook veel groter is dan in Nederland. Je moet dus goed opletten, anders loop je ineens te pootjebaaien en dat is nou ook weer niet de bedoeling. 

    Kortom, pelgrim Theo is in zijn hum vandaag!   

     

    Fri
    1
    Jun '07

    Guggenheim

    Het Guggenheim museum is in één woord fantastisch! Niet alleen dat er erg veel moois binnen te bewonderen valt, maar het gebouw zelf is gewoon het aller-, allermooist. Behalve de vloer, die geen enkele drempel heeft, is niets recht, het is adembenemend indrukwekkend en groots. Ik vind het geweldig dat ik dit nu met eigen ogen heb gezien, alleen dit al maakt de hele reis weer ruimschooits de moeite waard, al zou ik verder niets meer zien. Even voor Arij: de pup, die we deze winter tijdens onze cursus op een dia hebben gezien, heb ik nu in het echt mogen bewonderen en het is echt heel erg mooi, al die bloemen. Kortom, een waar hoogtepunt. Buiten heb ik mezelf op de video gezet en Gery zal proberen of ze de link op de website kan krijgen. Op zich stelt het niets voor, hoor, maar ik vond het wel grappig om te doen. 

    http://www.by-cam.com/byCam/SvVideo.do?id=en&nv=119EFAJ16 

    Bilbao is verder trouwens ook een leuke stad, overal muziek op straat en vanavond ergens op een plein een concert. Ik ben op zoek geweest naar het internetcafé, waar ik gisteren geweest ben, maar kan het niet meer terugvinden. Straks ga ik op zoek naar een kaart van de streek, want al die modderige paden heb ik nu wel gezien en als alternatief alleen de hoofdwegen is ook geen pretje, dus als ik wat landelijke wegen kan vinden, die toch redelijk begaanbaar zijn, neem ik die. De rest van ‘onze’ groep pelgrims is vandaag doorgelopen, dus die zal ik wel niet meer zien. Het zij zo! Maar ik heb er absoluut geen spijt van dat ik deze dag heb ingelast, ik had hem niet graag willen missen!! Nu heb ik vandaag de hele dag op mijn plastic schoentjes gelopen in plaats van op mijn wandelschoenen en “. nu is het wondje helemaal dicht. Er zal toch wel iets in die wandelschoenen zitten, wat niet helemaal klopt. Morgen zal het dus wel weer open gaan, maar alla, er zijn ergere dingen. Ik blijf hopen op een beetje droog weer, maar ja, iedereen zegt dat het hier gewoon heel erg veel regent, dus ik leg me er maar bij neer en pas mijn route er op aan. Alles sal reg kom!!  O ja, gisteren ben ik ook nog door een plaats gekomen die Bolivar heet, dat was ik nog vergeten te vertellen. Niet lachen, maar daar is de bet-, bet-, betovergrootvader van Simon Bolivar geboren, de grote Zuid-Amerikaanse vrijheidsstrijder. Dus daar is men erg trots op. Tegen Bolivar mag je trouwens ook Bolibar zeggen, want in het Baskisch is de v hetzelfde als de b. Dat maakt het er nou niet echt makkelijker op. Het Baskisch is echt een heel eigen taal en heeft geen enkele connectie met enige andere taal. Men vermoedt dat het oorspronkelijk uit Afrika komt, maar ook dat is helemaal niet zeker. Intrigerend is het wel, dat taaltje, als ik een plaatsnaam op zijn Baskisch uitdpreek, wordt er aan alle kanten goedkeurend naar me geknikt. Zo hoort het!!  

    Thu
    31
    May '07

    Tijd voor Guggenheim

    Ja hoor, daar ben ik weer. In een internetcafe met uitsluitend Marokkaanse jongens die voetbalspelletjes doen. Op z’n hollands gezegd: een klereherrie. Maar ja, even kijken wat er zoal op de site staat. is ook belangrijk.
    Vandaag zijn we om 8 uur vertrokken uit de albergue in Gernika. Jim en ik hebben besloten geen modderpaden meer op te zoeken, dus we hebben de gewone weg naar Meluza genomen. Nou was dat misschien wel een verstandige beslissing,  maar, zoals zo dikwijls, geen fijne. We liepen langs de autoweg en moesten steeds wegduiken om erger te vo0rkomen. Maar“.. het was prachtig weer, dus wij dachten overmoedig en Amerikaans optimistisch dat het vandaag wel zo zou blijven. We hebben later wel een wat rustiger kleine weg genomen, maar het verkeer blijft langs je heen razen. We hielden tot dan wel schone kleren vandaag.
    Om 12 uur hebben we in een tienda wat gegeten en gedronken en zijn we weer doorgegaan. Net toen ik Marnix had ge-sms’t dat het bijna voorjaar was in Baskenland, werd het bijna donker en sloeg de hagel in mijn gezicht. Noodweer binnen een halfuur!! Maar een uur later konden we weer op een terras iets drinken. Je houdt het echt niet voor mogelijk hoe snel hier het weer volkomen kan omslaan.
    Maar goed, we liepen op de gewone weg, dus geen modder deze keer. Dat was voor de anderen wel anders, want die kwamen het bos uit als bavianen, vreselijk onder de modder. Om 3 uur waren we in Lezama en wat bleek?? De refugio was nog gesloten: nog geen seizoen“.. Daar stonden 8 verregende pelgrims na een dag lopen in de regen zonder onderdak. Er was wel een casa rural maar die kostte per persoon tussen € 48 en € 64 per persoon, veel te duur natuurlijk.
    We hebben toen besloten dat we met de trein naar Bilbao zouden gaan en dat is ook gebeurd. Voor ik weer commentaar krijg over het openbaar vervoer: het was maar 10 kilometer, hoor!! O ja, er was ook nog een Fransman uit Nantes. Hij was in één keer van Orio naar Lezuma gelopen, dat is 56 kilometer. De hele nacht was hij doorgelopen, omdat het toch volle maan was volgens hem.
    Wij waren trouwens collega’s: hij was ook marinier geweest, net als ik. Alleen was hij dat ongeveer veertig jaar en ik maar twintig maanden. Maar toch“.. Hij kende Den Helder goed omdat hij daar regelmatig geweest was. Hij noemde ook nog Hollandse namen, maar die kan ik niet herhalen want hij deed dat op z’n Frans.
    Verder heb ik afscheid genomen van Jim, want die gaat door natuurlijk en ik wil hier blijven om in ieder geval het Guggenheimmuseum te kunnen bezoeken. Ik zit in een pension in de binnenstad van Bilbao en Caty zou hier meteen een misdaadverhaal van kunnen maken, want het voldoet aan alle eisen. Eeen hospìta met verdachte ogen, ik zit in een klein kamertje op de vijfde etage waar ik alle krakende trappen op moet lopen, enz., enz. Overigens is er wel een afbeelding van het schilderij van Pacasso in Gernika: een kopie als mozaïek op een muur. Ik vond het heel mooi.
    Morgen wordt het dus een rustige dag. Ik hoop dat het dan tenminste even droog blijft, want op dit moment giet het weer uit de lucht. 

     

     

    Wed
    30
    May '07

    Guernica

    Jim en ik hebben een gruwelijk zware ochtend gehad, het was gewoon niet leuk meer. Hoewel het nu droog is, is het overal een grote modderpoel en de paden zijn bijna onbegaanbaar. Nu denk je misschien: ”Nou ja, een beetje modder, dat loopt misschien minder lekker“?, maar laat ik jullie dan even uitleggen wat ik bedoel met modderig. Stel je voor: er is een pad, of althans, er is iets wat een pad hoort te zijn, maar dat nu een geul is waar modderwater doorheen stroomt. De kanten lopen schuin op, dus als je aan één kant loopt, glibber je met dezelfde vaart weer naar beneden. Er zit niets anders op dan wijdbeens over de geul te lopen met je linkerbeen aan de ene kant en je rechterbeen aan de andere kant. Vervolgens zet je je stok in die geul en schuifelt met stapjes van niet meer dan 20 cm vooruit. Dat doe je dan een paar honderd meter achter elkaar. Dan komt echt het moment dat je tegen elkaar zegt: ”We zijn hartstikke gek! Dit is echt geen pelgrimage meer, want als die pelgrims vroeger zo’n pad gehad hadden, waren ze er meteen mee opgehouden. We stoppen ermee, dit is geen doen“? Nou valt er weinig te stoppen, want je moet wel eerst doorlopen om ergens anders te komen natuurlijk. Dus schuifel je samen klagend, steunend en glijdend verder. Gelukkig heb ik inmiddels in het bos weer een nieuwe stok gevonden. Als een echte padvinder heb ik er de zijtakjes afgebroken en met een steen de stok een beetje glad geslepen en nu bezit ik een echte Baskische staf: kort, stevig, dik en niet mooi! 

    Enfin, om een uur of twaalf komen we in een dorp aan, het zonnetje schijnt, het is droog en het terrasje lokt. Het eten smaakt voortreffelijk, de modder droogt op en zie, de twee klagende en steunende pelgrims veranderen in twee opgewekte kerels, die het helemaal zien zitten. Zo gaat dat dan. De rest van de route hebben we over de gewone weg gelopen, want we vonden dat we voor vandaag genoeg geleden hadden. Om een uur of vier arriveerden we in Guernica (Gernika, heet het hier) en kwamen terecht in een schitterende refugio met ruime douches en“ een wasmachine en droger! Kijk, zo wordt de zwoeger beloond. Wat kan een mens toch tevreden zijn met apparaten die hij thuis de gewoonste zaak van de wereld vindt. 

    Als het wasje gedaan is en de voeten zijn weer schoon, wordt het tijd voor een bezoekje aan de stad. Het liep al tegen een uur of vijf en tot vooral Jim’s ongenoegen was het museum al dicht, want voor hem was het ‘midden op de dag’. Vervolgens zijn we naar het buitenmuseum gegaan, waar de ‘Heilige Eik’ staat. Onder die eik vonden in de Middeleeuwen de vergaderingen plaats van de Baskische stammen, nu is het nog maar een grote stronk. Maar ernaast hebben ze het Parlementsgebouw gebouwd. Ik vond het een beetje protserig gebouw, maar het is de trots van de Guernicanen. Iedereen zegt dat je dat beslist moet gaan zien. Wat opvallend is, is dat er echt niemand over het bombardement praat, dat door Picasso is vereeuwigd en er is ook geen enkele afbeelding van in de stad. Het schilderij zelf hangt in Madrid, maar je zou toch minstens verwachten dat je hier een reproductie zou kunnen kopen. Niets dus. Wel overal kreten als: ”Tourists, this is not Spain, this is Basque“?. Ik mag ze wel, die Basken, niets geen poeha, gewoon aardige mensen.  

    Toen begon het weer te regenen en werd het tijd om de refugio op te zoeken, waar inmiddels dezelfde gasten als gisteren zijn gearriveerd, dus dat wordt vanavond weer gezellig met z’n allen eten! En daarna gaan wij pelgrims dan toch weer zeer tevreden slapen! 

     

    Tue
    29
    May '07

    Een dag zonder poncho

    Hoera, een dag zonder poncho! Het is de hele dag droog gebleven, hoewel alles nog wel nat is, maar dat mag me de pret niet drukken! 

    Gisteravond zijn we uitgenodigd door een meneer, die even langs kwam, een kijkje te nemen in de Baskische herenclub. Die bestaat uit twee ruimtes. In de ene ruimte staat een keuken van wel twintig meter lang en om de beurt wordt daar door een van de heren gekookt. Ze koken allemaal delicatessen van de streek en er komt geen vrouw in de keuken. In de andere ruimte eten ze dan met zijn allen. We hebben er een pilsje gedronken en daarna zijn we met zijn achten gaan eten. Allemaal pelgrims die in de piepkleine refugio zitten: een Frans stel, een Franse jongen van een jaar of vierentwintig, twee Duitse vrouwen, een Spanjaard, een Amerikaan en ik. Dus internationaal en hartstikke gezellig! 

    En vanmorgen weer opgewekt, samen met Jim, op pad. Het was weer heel veel op en neer en op een gegeven moment kreeg Jim (hij is 72 jaar) last van zijn knie en ik kreeg last van mijn enkel, dus“.. werden we allebei verstandig. We hebben besloten om na 21 kilometer te stoppen in Markina. Nu hebben we daar samen een kamer genomen en ik merk dat het heel prettig is dat hij vloeiend Spaans spreekt, makkelijk voor me en hij krijgt veel meer gedaan natuurlijk. De afstanden voor vandaag en morgen zijn ook wat redelijker verdeeld op deze manier, nu moeten we morgen nog 25 kilometer ongeveer naar Guernica. In Guernica heeft Picasso zijn beroemde schilderij gemaakt van het bombardement. Tijdens de Spaanse burgeroorlog is Guernica door de Duitsers helemaal plat gebombardeerd, waarschijnlijk om te oefenen voor hun bombardementen in de Tweede Wereldoorlog, onder andere op Rotterdam. Er schijnt nog een duizenden jaren oude boom te staan, die het bombardement heeft overleefd. 

    Maar goed, dat is voor morgen, nu is het: modder afspoelen, kleren uitwassen, lekker eten en naar bed. O ja, in Markina is een kerk, die om het altaar heen is gebouwd. Het altaar bestaat uit drie grote voorchristelijke stenen, die door de heidenen al als altaar werden gebruikt. Nou, toen heeft men er maar een kerk omheen gebouwd. Ik was er graag even binnen gaan kijken, maar helaas was de kerk dicht. Niets aan te doen, in Spanje zijn de kerken meestal niet open. Dus de pelgrim ontbreekt het vandaag aan geestelijk voedsel, hij zal het met fysiek voedsel moeten doen. En omgekeerd lijkt me erger““.      

     

    Mon
    28
    May '07

    Anything to complain?

    Nou, dat was weer een heavy dag vandaag. Tjonge, jonge, wat kan het hier tekeergaan, zeg. En het is volstrekt onvoorspelbaar. ik ging vanmorgen weg, toen was het redelijk weer, in ieder geval droog. De rest van de dag heb ik alle seizoenen weer gehad. Verschrikkelijk zware buien met storm, waarbij de regen je echt in het gezicht zwiept en je bijna niet overeind kunt blijven en vervolgens trekt de bui weg en is het stralend mooi weer. Het is wel grappig, want je kunt de buien zo aan zien komen drijven vanuit zee. Ik heb hier nog steeds zeegezichten, waarvan je alleen maar kunt dromen, zo mooi zijn die. 

    Toen ik bij een betonnen hutje even stond te schuilen voor de regen, kwam Jim voorbij. Jim is een Amerikaan uit Texas, die getrouwd is met een Spaanse vrouw. Nu wonen ze afwisselend een half jaar in Spanje en een half jaar in Amerika. Hij is leraar Spaans, dus spreekt dat vloeiend. Als hij Amerikaans spreekt, praat hij net zo als die jongens in de serie ‘Bonanza’ (dit is voor de bejaarden onder jullie), komisch om te horen. Humor heeft hij ook, dus dat was wel gezellig, we hebben samen de rest van de tocht gelopen vandaag. Door de regen worden de paden natuurlijk steeds slechter en gladder, dus je glibbert en glijdt en gaat een paar keer onderuiten zit al gauw van top tot teen onder de bagger. Zelfs op mijn bril zat het vandaag. Op de momenten dat een van ons beiden onderuit gaat en in de blubber ligt, roept Jim: “?Anÿthing to complain?“? 

    Maar al met al zijn we toch maar weer mooi naar Deba geglibberd en ach, als de schoenen weer schoongespoeld zijn, is alles weer gauw vergeten. Het blijft toch een fantastische tocht! 

    We zitten hier nu in een piepkleine gite: er zijn maar zes bedden, drie stapelbedden aan de ene kant en drie aan de andere kant, dus dat wordt stilliggen vannacht. De weerberichten voorspellen dat het morgen iets beter wordt, dus we gaan er weer voor! Wat trouwens ook wel een grappige ervaring is, is dat het je op een gegeven moment niets meer kan schelen, al zit de modder tot in je oren. Als je toch al vies bent, is een beetje viezer niet erg meer natuurlijk. Ik verbaas me over mezelf wat dat betreft, want in het dagelijkse leven ben ik toch best een net mannetje.    

     

    Sun
    27
    May '07

    De gelukkigste stranden

    Vanmorgen zei de receptionist: ”Meneer, wij hebben hier het land met de gelukkigste stranden“?. ”Nou“?, zei ik, ”dat zou je gisteren anders niet gezegd hebben“?. ”Daarom juist, je hoeft hier altijd maar twee dingen mee te nemen: je zwembroek en je poncho. Je gaat ’s morgens heerlijk in de zon liggen en dan begint het te regenen, dan hoef je alleen maar even je poncho over je zwembroek aan te trekken, want over tien minuten is het toch weer droog en schijnt de zon weer“?. En hij heeft helemaal gelijk, want vanmorgen ben ik met stralend weer vertrokken. Ik heb geweldig gelopen, de omgeving was schitterend met allemaal droomuitzichten. Gelukkig deed mijn camera het ook weer, dus was het droog. Vanmiddag heb ik de camera echter maar in mijn rugzak opgeborgen, want toen liep ik door een gierende storm, die me zowat uit mijn poncho blies, die ik aanhad tegen de gietbuien. Nou, volgens dezelfde receptionist hebben ze hier gemiddeld op 22 dagen regen per maand, hoewel hij troostend zei: Ã?n de maanden juni en juli wil het wel eens iets minder zijn.“?
    Maar er staat wel iets tegenover. Vanmiddag zat ik heel hoog in de heuvels en dan zie je ergens heel diep beneden je de autoweg gaan. Je moet dus ook naar beneden, alleen loop je dan via een weg uit de Middeleeuwen, waar de stenen liggen, die ze toen als bestrating hebben neergelegd. En in die stenen zie je dan nu nog de karresporen uit die tijd staan.  Dat maakt toch indruk, het idee dat daar in de Middeleeuwen al mensen over die weg trokken, al zal het wel niet gemakkelijk zijn geweest met een kar over die stenen.
    Onderweg heb ik geprobeerd mijn beltegoed op te waarderen bij een bank, maar dat is niet gelukt. Alle tabacs zijn dicht vanwege de zondag en ik weet niet of ze morgen wel open zijn. Ik heb nog maar € 3 beltegoed en die wil ik bewaren voor noodgevallen. Dus bedankt voor de sms-jes, maar dat is de reden waarom jullie even niets terughoren, of beter gezegd, zien.
    Vandaag heb ik een poosje met een Frans jongen gelopen en met een ouwe Spanjaard, een zogeheten PGV. Zo noemde hij zichzelf ook. Ik zou jullie nu een dagje in het ongewisse kunnen laten wat een PGV is, maar ik vind het zelf veel te leuk om niet met jullie te delen. Heel simpel, een PGV is een ‘Peregrino Grande Vitesse’.
    Hoewel het onderweg dus niet druk is, zijn de refugio’s iedere keer wel vol. Hoe dat kan, snap ik ook niet. Nu is hier een slimmerd, want die heeft naast de refugio een goedkoop hotel gebouwd. Kijk, dat getuigt nog eens van zakelijk inzicht. Daarin heb ik nu een kamer. Waar ‘hier’ is? Zarautz natuurlijk, iedereen weet toch dat dat 21,5 kilometer van San Sebastian ligt? 


    Sat
    26
    May '07

    Op de campus

    Wat het weer betreft, was het een catastrofale dag en zoals elke goede preek verdeel ik het even in drie punten: vanaf mijn vertrek om 7 uur tot de middag was het heel veel regen en niet zomaar van die eenvoudige buitjes, het kwam met bakken uit de lucht. Voeg daarbij een fikse storm en een temperatuur van veertien graden. Dan betekent dat heel erg nat worden en over paden gaan, die dramatisch modderig en glad zijn. Mijn lieve zus belde me zelfs om te vragen hoe erg het was en dat ik vooral voorzichtig moet zijn, want in de omgeving Madrid schijnt alles ondergelopen te zijn. Kun je nagaan hoe slecht het weer is. Jammer is, dat ik ook niet kan filmen, want mijn camera is door alle natuurgeweld vochtig en ik krijg hem niet meer droog. Dat is punt één. 

    In de refugio waar ik vannacht geslapen heb, kon je geen ontbijt krijgen, dus ging ik met een lege maag op pad met de gedachte onderweg wel iets tegen te komen. Nou, zelfs geen simpele kop koffie, laat staan een boterham en, zoals jullie ondertussen wel vermoeden, voor een pelgrim als ik is dit een zeer ernstige zaak. Dat is punt twee. Ik weet dat jullie nu onmiddellijk gaan keffen, dat ik wel erg veel met de bus of trein ga (hetgeen in dit geval volstrekt onjuist is, maar daarover straks uitleg): Ik heb mijn staf in de bus laten staan!!! Die mooie, trouwe staf, die ergens in Frankrijk op mij stond te wachten, is nu in het gunstigste geval geëindigd ergens achter in een stoffige busremise en zal nooit Santiago zien. Dat is punt drie.  Voor wie dus denkt dat het voor een pelgrim één grote, lange vakantie is: Lees het bovenstaande maar eens drie keer door. Maar, zoals in het leven ellende en plezier elkaar afwisselen en het pad over hoge bergen en door diepe dalen gaat, zo is het ook voor de pelgrim. Om een uur of waalf klaarde het weer op en deze route langs de kust is fabelachtig mooi. Er zijn allemaal baaien, waar je omheen loopt en het is dus veel omhaag en omlaag, maar als je dan weer ergens boven bent, heb je werkelijk schitterende uitzichten op de zee. Vooral met deze storm is het indrukwekkend hoe de golven dan tegen de kust slaan. In Pasaia kon je met een veerbootje door de baai naar de overkant varen. Dat leek me wel leuk om te doen. Voordat ik de boot opging was er op het pleintje waar ik stond te wachten een echte Baskische bruiloft met een muziekkorps en Baskische dansen, geweldig leuk, ik heb staan te genieten. Vervolgens voer ik de baai over voor een luttele € 0,50 en ook dat was een belevenis. Aan de andere kant van de baai moest ik toen weliswaar over steeds steiler en gladder wordende paden omhoog klauteren, maar als beloning zie je dan ineens in de diepte (om precies te zijn 280 meter, die je dan nog wel naar beneden moet) de stad San Sebastian liggen, een geweldig gezicht. Dat maakt alles wat je doet de moeite waard, dat soort beloningen. Ik moet zeggen, dat dit echt een schitterende route is, aar wel veel zwaarder dan die van vorig jaar. Het voordeel is, dat ik op veel plaatsen een doorsteek kan maken naar de route van vorig jaar, dus als het echt te gek wordt, ga ik dat doen. Het is ook een heel stille route, je komt echt bijna niemand tegen, maar dat is niet erg, want als ik straks in de buurt van Santiago kom, is er weer reuring genoeg. Zo zie je, het is allemaal toch heel anders weer dan vorig jaar en als het leven zelf: Het lijkt soms allemaal hetzelfde, maar is het niet. Een mens zou er lytisch van worden. Om dat te voorkomen ben ik maar afgedaald naar de stad en daar kwam ik om twee uur aan. Uiteraard alles gesloten en waar vind je in die grote stad een refugio?? Eerst maar weer naar de VVV en daar viel ik met mijn neus in de boter of, liever gezegd, daar stootte ik mijn neus. Er is namelijk een of ander groot congres in de stad en dat betekent: alles propvol, nergens meer een slaapplaats te bekennen, ook niet in de refugio’s, waarvan ze er trouwens maar twee hebben in de hele stad. Ik zag in gedachten al die driedelig gekostumeerde heren in een slaapzak in een refugio kruipen, leek me wel aardig. Maar het bleek toch vol te zijn met een ander soort mensen, meer zoals ik, alleen een toevlucht zoeken in een hotel was er dit keer dus niet bij. De enige mogelijkheid die er nog voor me was, was te slapen op de campus van de universiteit aan de andere kant van de stad. Daar staan gebouwen, waar studenten en docenten een kamer hebben en als die er niet zijn, worden ze in geval van nood verhuurd. Niet goedkoop, maar dat heb ik natuurlijk wel gedaan, want anderen die dat te duur vonden, werden onverbiddellijk weggestuurd zonder onderdak, omdat er echt niets was. Toen ben ik dus dat stukje met de bus gegaan met het verlies van mijn staf tot gevolg. En nu zit ik in een prachtige kamer op de campus. En opeens middenin de moderne techniek. Als je aankomt, word er een foto van je gemaakt, die komt op een pasje en als je dan bij je kamer komt, gaat de deut vanzelf open, dan word je herkend. Hoe het precies werkt, daar heb ik geen flauw idee van, maar de tegenstellng is wel grappig: aan de ene kant treuren om een staf, die in feite alleen maar een ouwe boomtak is en aan de andere kant gebruikmaken van de meest moderne snufjes! Dus nog steeds genoeg te beleven onderweg. Omdat ik niet precies weet op welk punt ik naar de route van vorig jaar terug zal keren, kan ik geen poste restante adressen opgeven, want misschien kom ik daar dus helemaal niet. Daarom lijkt het me het handigst om Santiago zelf als poste restante adres op te geven: 

    M.J.den Otter
    c/o POSTE RESTANTE Santiago de Compostela
    SANTIAGO DE COMPOSTELA
    Spanje
    Vergeet niet duidelijk de afzender te vermelden!
    Voor nu: gegroet gij allen, tot morgen! Theo

    P.S. Een ‘special’ voor Jan van den Brink: Jan, ik hoop dat de letters nu groot genoeg zijn voor je, groeten, Gery  
     
            

       

    Fri
    25
    May '07

    In Spain

    Het was vandaag tot een uur of vier erg mooi weer. Eerst hebben we lekker uitgeslapen, wel tot half acht, daarna hebben we uitgebreid ontbeten, je zoon is er tenslotte niet elke dag. Daarna zijn we even naar Spanje gereden, jullie weten niet hoe snel dat gaat met een auto, om boodschappen te doen. Het duurde even voor we een supermarkt gevonden hadden, maar toen was het dan ook een hypermarché. Daar heb ik scheerzeep, tandpasta en een T-shirt gekocht, want ik ben er weer ergens een kwijtgeraakt, zeker laten liggen, en vervolgens heb ik een Spaanse sim kaart aangeschaft. 

    Ik heb nu dus weer een nieuw nummer: 0034 654420584 

    Ja, toen was het alweer bijna etenstijd, dus zijn we teruggereden naar Frankrijk en hebben ons in Hendaye op de boulevard geïnstalleerd met uitzicht op de Atlantische oceaan om eens even uitgebreid te eten, want een mens moet toch af en toe wat in zijn maag hebben, zeker een pelgrim met zoon natuurlijk. Het was hartstikke gezellig zo! 

    Daarna naar het postkantoor, waar we sigaartjes vonden van Ton en Suzanne en een heel leuke kaart van een haan met wandelschoenen (vanwege die haan in het kippenhok natuurlijk)  

    En toen heeft Marnix mij weer naar de route gebracht en is weer vertrokken om in Toulouse naar het vliegmuseum te gaan. Vervolgens gaat hij richting huis weer via Millau om daar de brug te zien (en niet die van Bommel). En voor mij lag daar weer de weg naar Spanje, maar nu lopend. Zo’n ramp was dat nu ook niet vandaag, want het was maar een kippeneindje van vijf klometer en toen was ik al in Irun. 

    Dus: I am in Spain en meteen begint het verschil: ik kan pas om half negen eten en ik zit weer in een refugio waar wij wandelaars en pelgrims mopperen over het feit dat we zo laat eten. Want morgen is het weer vroeg dag voor ons. Het is lekker weer in een refugio te zijn, dat is toch heel anders. Hier ben je met perlgrims onder elkaar en in een hotel zit je tussen de zakenlui, die je dom aankijken en niet eens weten dat er een route bestaat. Dat klinkt nu wel mooi zoals ik dit zeg, maar zeer waarschijnlijk ben ik over een poosje weer doodziek van al die stinkende refugio’s en wil ik in bad liggen in een luxe hotel! Ja, zo is het leven, ook dat van een pelgrim, die vindt een warme douche ook lekkerder dan een emmer met koud water en gaatjes boven zijn hoofd!    

     

    Het was vandaag tot een uur of vier erg mooi weer. Eerst hebben we lekker uitgeslapen, wel tot half acht, daarna hebben we uitgebreid ontbeten, je zoon is er tenslotte niet elke dag. Daarna zijn we even naar Spanje gereden, jullie weten niet hoe snel dat gaat met een auto, om boodschappen te doen. Het duurde even voor we een supermarkt gevonden hadden, maar toen was het dan ook een hypermarché. Daar heb ik scheerzeep, tandpasta en een T-shirt gekocht, want ik ben er weer ergens een kwijtgeraakt, zeker laten liggen, en vervolgens heb ik een Spaanse sim kaart aangeschaft. 

    Ik heb nu dus weer een nieuw nummer: 0034 654420584 

    Ja, toen was het alweer bijna etenstijd, dus zijn we teruggereden naar Frankrijk en hebben ons in Hendaye op de boulevard geïnstalleerd met uitzicht op de Atlantische oceaan om eens even uitgebreid te eten, want een mens moet toch af en toe wat in zijn maag hebben, zeker een pelgrim met zoon natuurlijk. Het was hartstikke gezellig zo! 

    Daarna naar het postkantoor, waar we sigaartjes vonden van Ton en Suzanne en een heel leuke kaart van een haan met wandelschoenen (vanwege die haan in het kippenhok natuurlijk)  

    En toen heeft Marnix mij weer naar de route gebracht en is weer vertrokken om in Toulouse naar het vliegmuseum te gaan. Vervolgens gaat hij richting huis weer via Millau om daar de brug te zien (en niet die van Bommel). En voor mij lag daar weer de weg naar Spanje, maar nu lopend. Zo’n ramp was dat nu ook niet vandaag, want het was maar een kippeneindje van vijf klometer en toen was ik al in Irun. 

    Dus: I am in Spain en meteen begint het verschil: ik kan pas om half negen eten en ik zit weer in een refugio waar wij wandelaars en pelgrims mopperen over het feit dat we zo laat eten. Want morgen is het weer vroeg dag voor ons. Het is lekker weer in een refugio te zijn, dat is toch heel anders. Hier ben je met perlgrims onder elkaar en in een hotel zit je tussen de zakenlui, die je dom aankijken en niet eens weten dat er een route bestaat. Dat klinkt nu wel mooi zoals ik dit zeg, maar zeer waarschijnlijk ben ik over een poosje weer doodziek van al die stinkende refugio’s en wil ik in bad liggen in een luxe hotel! Ja, zo is het leven, ook dat van een pelgrim, die vindt een warme douche ook lekkerder dan een emmer met koud water en gaatjes boven zijn hoofd!    

     

    Thu
    24
    May '07

    Bezoek

    Vanmorgen vertrok ik dus voor mijn route langs de kust richting St Jean de Luz. In het begin liep de route vlak langs de kust, erg mooi. Na een tijdje week de route iets van de kust af, maar nou ja, dat kan natuurlijk. Maar toen ik steeds verder van de kust afraakte, dacht ik: ”dit kan niet goed zijn“?. Dus ben ik op een gegeven moment een andere route ingeslagen. Helaas, dat bleek ook niet de juiste route te zijn. Al met al heb ik vier uur gelopen en was toen hemelsbreed nog geen tien kilometer verder. Ja, ook dat gebeurt als je maar afwacht waar de weg je heenbrengt, het pad gaat niet altijd over rozen. Maar goed, uiteindelijk kwam ik in St Jean de Luz aan. Daar stond een aantal bussen en bij een van die bussen een stel Duitsers, die met de bus naar Urun wilden. Hoe de buschauffeur ook probeerde uit te leggen dat dat niet ging en dat ze dan in Hendaye over moesten stappen, ze begrepen er geen hout van. Dus toen ben ik er maar op afgegaan om het probleem op te lossen. Dat lukte aardig, maar toen zat ik eenmaal in die bus“““. en een kaartje naar Hendaye kostte maar € 1““. en het was toch eigenlijk ombeleefd om nu die bus weer uit te gaan. Dus ik zei tegen de buschauffeur: Nou, voor die ene euro kun je niet gaan lopen“?, waarop de man meteen vurige kolen op mijn hoofd stapelde door te zeggen: ”O jawel, hoor!“?. Maar ik dacht: ”Wat of wie let me?“? en ben de bus ingestapt om naar Hendaye te gaan. 

    Onderweg ging tot mijn verbazing de telefoon. Er komen natuurlijk regelmatig sms-jes, maar een telefoon, die afgaat, maak ik niet zo vaak mee. En die kun je niet negeren of denken: ”Dat doe ik straks wel“?, zoals bij een sms bericht. Dus ik nam op en dat bleek Marnix te zijn, die uitgebreid vroeg waar ik zat en hele verhalen hield. Ik dacht net: ”Nou, die heeft de tijd“? en: ”Ik ben betrapt in de bus“?, toen hij zei: ”Laten we dan afspreken bij het station in Hendaye!!“? En ja, bij het station in Hendaye stond een bekende auto met mijn zoon erin. ik wist niet wat ik zag! Dat hebben die twee mooi bekokstoofd! Arme Geer, die gaat nu met het openbaar vervoer naar haar werk. Achteraf gezien vond ik wel dat ze rare antwoorden stuurde, als ik sms-te of ze al thuis was uit haar werk. Dan was het: ”Ik sta nu buiten en ga naar huis“? of ”Ik bel later, want ik moet eerst boodschappen doen“?, alles om te verbloemen dat ze er langer dan normaal over deed om thuis te komen. 

    Dat was dus een hele leuke verrassing. We zijn met zijn tweeen naar de VVV gestapt om een hotel te zoeken en werden daar te woord gestaan door een zeer chagrijnige vrouw. Of te woord gestaan? Er werden een paar boekjes over de toonbank gesmeten met een gezicht dat zei: ”Zoek het zelf maar uit!“? Maar alla, we zitten nu in een Campanile hotel en vanavond ga ik dus ‘met een relatie’ uit eten!! 

     

    Wed
    23
    May '07

    Met de trein

    Ja, ik heb weer een hotel met internet gevonden, een luxe die je niet dagelijks  vindt. Ik ben vanmorgen met een beetje lood in de schoenen vertrokken uit St.Jean Pied de Port. Dat vond ik toch wel een beetje schijterig van mezelf om met de trein te gaan. Iedereen is een beetje opgewonden voor de grote klim naar Roncevalles en ik ga op de trein staan wachten. Maar aan de andere kant ben ik in dit gezelschap bijna een crack, want ik heb vorig jaar Amsterdam – Santiago gelopen en nu zelfs Arles – Santiago. Ze vragen mij dan om raad (????) Ik sta er steeds weer een beetje van te kijken, want eerlijk gezegd kom ik  ‘s avonds toch ook niet meer kakelvers aan en of ik nu in Santiago aankom, is ook helemaal niet zeker.
    Maar goed, ik ben dus vanmorgen met de trein naar Bayonne gegaan in ongeveer anderhalf uur. Heel mooie rit trouwens door de bergen. In St Jean Pied de Port heb ik een nieuwe credencial gekocht en daar in heb ik daar niet het eerste stempel laten zetten. Dat heb ik in Bayonne laten zetten in de kathedraal, waar weer eens een echt ontvangstcommite was. Ik vind dus eigenlijk dat er nu een tweede reis begint. Zo hoef ik ook niet een smoes te verzinnen, omdat ik met de trein ging. Gery zegt dat dit een echte ‘van der Reesten’ smoes is. Zou het?
    In Bayonne heb ik eerst lekker een pizza gegeten op een terras in de zon en daarna ben ik gaan lopen – en dus niet met de bus – naar Biarritz. Daar ben ik nu dus. Biarritz is een badplaats met de oude glorie van een rijke badplaats voor de bourgeoisie, zoiets als Domburg vroeger bij ons. Er staan allemaal gebouwen uit de jaren twintig en alles is gericht op de badgasten, hoewel hier ook veel pelgrims langskomen, maar ja, die brengen geen geld in het laatje. Om Geer te bellen heb ik mij naar de oceaan begeven en ben daar op een muurtje gaan zitten boven rotsblokken, waar enorme golven tegenaan slaan. Een mooi gezicht en Geer hoorde de golven ruisen door de telefoon. Het wemelt hier ook van de surfers, hier schijnen de wereldkamioenschappen surfen te worden gehouden en dat kan ik me best voorstellen.
    Ik had gehoord dat hiet een mooie route schijnt te lopen naar Hendaye, helemaal langs de kust. Dat lijkt me wel wat, dus ben ik hier naar de VVV gegaan. Dat was weer geweldig. Het ging ongeveer als volgt: ”Klopt het dat er hier vandaan een wandelroute langs de kust is naar Hendaye?“? ”Ja, ik geloof het wel, die schijnt wel te bestaan“?“?Heeft u misschien ook een beschrijving daarvan?“? Ëen beschrijving? Ja, die bestaat wel, geloof ik, en die hebben we geloof ik ook ooit wel gehad, maar waar die is gebleven?“? ”Nou, zoek maar niet verder, zijn er ook wegwijzers?“? ”Ja, de route zal heus wel aangegeven staan“? ”Waar moet ik dan op letten? Zijn het paaltjes of een bepaalde kleur?“? ”Ja, dat weten we niet, wij hebben de route nooit gelopen, wij nemen altijd de trein als we naar Hendaye gaan“? Heerlijke mensen!! Nou, ik zal het wel zien morgen, ik ben van plan om tot St Jean de Luz te lopen, maar of dat gaat lukken?
     

    Tue
    22
    May '07

    Even terug in St Jean Pied de Port

    Vanmorgen ben ik in de mist vertrokken en het eerste stuk stuurden ze me letterlijk het bos in, waar het nog erg nat en heel erg modderig was. Het was dus een partijtje glijden en glibberen. Daarna werd het beter en om twaalf uur scheen er een heerlijk zonnetje en was het prachtig weer. Kijk, dat moeten we hebben: zalig de pelgrim op wie de zon schijnt! Om een uur of één was ik in St Jean Pied de Port, waar ik vorig jaar ook geweest ben en het was allemaal nog heel erg bekend. Het verbaasde me bijna dat mensen niet zeiden: ”Zo, ben je er weer?“? Het was er weer gezellig druk met heel veel wandelaars, dus geen pelgrims. Wat het verschil is tussen wandelaars en pelgrims?? Daar kan ik kort en duidelijk over zijn: pelgrims zijn mensen die wel zien waar de weg hen heen brengt en vooral wat de weg hen brengt. Zij rekenen niet op hulp en krijgen het dan bijna altijd. Wandelaars zijn mensen die thuis een reis hebben georganiseerd, waarbij alles al bekend is. Er is een busje dat hun bagage vervoert en om twaalf uur ’s middags komen zij langs dat busje (toevallig) en dan staat er ook een lunch voor hen klaar. Daar is op zich natuurlijk helemaal niets mis mee, maar ze missen wel het belangrijkste: loslaten en maar zien wat er gebeurt. Ik heb een stempel gehaald op het pelgrimskantoor bij een vrouw van 83 jaar en die zei het als volgt: ”Dat zijn geen pelgrims, dat zijn wandelaars die op weg zijn naar de haarfohn in het hotel. Ik schrijf ze niet in en ze krijgen geen stempel“?. Ze vond het duidelijk niet tellen. Vervolgens raadde diezelfde vrouw mij dringend aan toch vooral niet naar Hendaye te gaan lopen, maar de trein te nemen. ”U hoeft het toch niet meer te bewijzen, u moet niet zo streng voor uzelf zijn“?. Nu zat ik al in een dilemma wat het volgende stuk betreft. Als ik namelijk de Grande Randonnee zou nemen, wordt dat een zeer zware tocht en in de gids wordt zelfs vermeld dat ik touwen en dergelijke mee moet nemen. Nou, dat vind ik echt te gek worden. Je moet wel leren loslaten, maar stel dat ik dat touw loslaat??! Het alternatief is dan drie dagen over asfaltwegen lopen en dat trekt me ook helemaal niet aan. Nou, deze 83-jarige mevrouw maakte een einde aan dit dilemma. Ik heb besloten morgen de trein te nemen en dan of naar Hendaye te gaan of naar Biarritz. Dat is wel wat noordelijker, maar dat lijkt me ook wel leuk om eens te zien. Ik weet niet wanneer de treinen gaan en waarheen, dus ik zie het morgen wel en handel dan naar het me uitkomt. Dat beschouw ik dan als een vrije dag, hoewel Geer zegt dat dat niet telt als vrije dag en dat ik er nog eentje bij moet nemen. Ik zal wel zien. 

    Voorlopig zit ik in dezelfde gite als vorig jaar: Chemin de l’Esprit. Ik slaap op een driepersoonskamer. Ter linkerzijde word ik geflankeerd door Frans, die uit Tilburg is komen lopen, en ter rechterzijde door een Canadees. Frans had vandaag zijn vrije dag en slaapt hier nu voor de tweede nacht. Hij zei zorgelijk: ”Nou hoop ik wel dat ze vanavond een stukje vlees geven, want gisteren was het niks en ik heb trek in vlees“?, dus ik ben benieuwd. En verder liep ik vandaag Amerikaanse Pam weer tegen het lijf. Ze is nog steeds onderweg, maar heeft wel een erg zere voet. Dat komt me bekend voor, hoewel het nu wel beter met die voet van mij gaat. Alles went, zullen we maar zeggen. 

    Verder heb ik mij weer een nieuwe stappenteller aangeschaft en twee paar sokken, zodat ik ook zonder fohn weer droge sokken heb. Tot drie uur vanmiddag was het schitterend weer, daarna betrok de lucht weer. Erg warm is het niet, ongeveer twintig graden. “?Echt wandelweer“?, sprak Geer wijs. Hoe kan zij dat nou weten??????? 

     

    Mon
    21
    May '07

    Droog !

    Hoera, het is droog. Grijs, maar droog, alleen bovenin de bergen loop je letterlijk met je hoofd in de wolken en daar is het dan vochtig, maar niet zo dat je de poncho aan moet. Een pelgrimshand is gauw gevuld. 

    Het was een pittige tocht vandaag met veel klimmen. Het was niet eens zo gek hoog, maar wel heel steil met af en toe hellingen boven de 9 %. Dus dat is klimmen en klauteren en als je dan eenmaal boven bent, ga je ook heel steil weer naar beneden. Dan krijg je ineens een heel andere houding en dat is lastig. 

    Gisteravond heb ik na het eten eerst nog even op het terras gezeten en ben toen een ommetje gaan maken door het dorp. Ik heb even in de kerk gekeken, maar daar was niet veel te zien. Toen ik weer buiten kwam, zag ik bij het huis naast de kerk een vrouw met een rugzak aan de bel rukken. Nou, daar loop je dan even naar toe. Ze vraagt of ik een beetje Engels spreek en als ik ja zeg, barst ze los: ”O gelukkig, want ik ben Amerikaanse en spreek geen woord Frans! Ik ben net begonnen met lopen en ze hebben tegen me gezegd dat ik, als ik onderdak zoek, maar aan moet bellen bij het huis naast de kerk, maar dat doe ik en er doet niemand open!“? Ze was in Lourdes gestart en was in één dag van Oloron naar hier gelopen en was compleet versleten. Dat is niet zo gek als je bedenkt dat ik over datzelfde stuk twee dagen heb gedaan. Dus ik heb me als een goed pelgrim over Amerikaanse Pam ontfermd. We zijn eerst maar eens op een muurtje gaan zitten om een beetje te praten en toen kwam er een auto aan met de curé erin. Die had echter weinig zin Pam liefdevol op te nemen en had allerlei excuses: de verwarming was stuk, hij had lekkage, de huishoudster was er niet omdat het zondag was, enz. Nou heb ik vaker met dat bijltje gehakt en wist dus wat ik moest doen: me nederig gedragen en blijven lullen, want Fransen zijn beleefd en zolang jij praat, lopen ze niet weg. Trouwens, dat had ook geen zin, want hij liep wel naar zijn huis, maar ik liep mee en maar blijven praten. Uiteindelijk kon hij gewoon geen nee meer zeggen, dus Pam kreeg een kamer, maar eten had hij niet. Geen punt, we spraken af dat we eerst zouden gaan eten en dan terug zouden komen. 

    Waarop het volgende probleem rees: hoe we ook zochten, er was echt helemaal niets dat open was. We kwamen twee jongens tegen en vroegen waar we ergens nog iets te eten konden krijgen. De jongens hebben met ons het hele dorp rondgelopen langs alle restaurants en eetgelegenheden, maar alles zat echt potdicht. Inmiddels was het al na achten en ineens vroeg een van de jongens of we ook tevreden zouden zijn met een sandwich. Natuurlijk, als we maar iets in onze maag hadden. ”Nou, ga dan maar mee naar mijn moeder“?, zei de jongen. En zo kregen we van de moeder een sandwich met chorizo, lekker warm gemaakt in de magnetron. Die hebben we buiten genoeglijk samen op zitten eten met de eeuwige dankbaarheid van Pam. 

    Toen ik vanmorgen vertrok, was het hetzelfde liedje: alles potdicht, er was nog geen brood te krijgen, dus ben ik met een lege maag vertrokken. Uiteindelijk belandde ik halverwege in een piepklein barretje, waar ik ook niets te eten kon krijgen, maar wel koffie. Dat was in ieder geval iets, dus ik aan de koffie en ondertussen weer met iedereen aan de praat natuurlijk. Over van alles en nog wat, en over de Baskische taal natuurlijk. En wat denk je? Wonderbaarlijk verscheen er ineens een sandwich en zei de patron: ”Hier, eet die maar op“?. Geweldig toch? Hij wilde er niets eens geld voor hebben, maar dat heb ik natuurlijk wel gegeven, hij moet er ook hard voor werken. 

    Toen ik hier in Larceveau in het hotel (weer geen gites te bekennen) vertelde dat ik sinds gistermiddag bijna niets gegeten had, stond er in een mum van tijd weer een enorme sandwich voor mijn neus met een fles bier, een stuk Baskische taart en koffie, want een pelgrim zonder eten, dat kan natuurlijk niet. Dus jullie zien wel dat mijn charmes zorgen voor een volle maag! 

    Hier in het hotel komen vanavond trouwens negentien gasten: allemaal wandelaars, die hun bagage laten vervoeren. De bagage is inmiddels al gearriveerd, de wandelaars komen nog. Daar zal ik vanavond eens een hartig woordje mee moeten spreken, want zo gaat dat niet natuurlijk! 

    Gery leest me elke avond alle berichten voor als ik zelf niet kan kijken en ik geniet er ontzettend van. Heerlijk, al die commentaren! En ik was blij verrast een berichtje van Marjoleyne te krijgen, ontzettend leuk en bedankt voor de ’sokkentip’, ga ik zeker doen. Maar““. het weerbericht belooft dat het morgen beter weer wordt met meer zon en hogere temperaturen, dus we gaan eindelijk de goede kant op. Ik loop nu weer een stukje dezelfde route als vorig jaar van Le Puy en naar verwachting zal ik morgenavond in St Jean Pied de Port arriveren. Daarna wijk ik dan weer van de route af, omdat ik naar Hendaye loop. Er loopt wel een Grande Randonnee, maar ik denk niet dat ik die neem, want die gaat over de hoogste toppen van de Pyreneeën en dat is wel een beetje veel van het goede. Dus ik zoek mijn eigen weg en geen zorgen““ik vind mijn weg wel! 

     

    Sun
    20
    May '07

    Chez l’ habitant

    Is het pas een week geleden dat ik meldde dat het achtentwintig graden was? Niet te geloven! Is het pas een week gelden dat ik mijn trui naar huis stuurde, omdat ik die toch niet meer nodg zou hebben? Niet te geloven en knap stom, want nu zit ik met twee T-shirts over elkaar nog te bibberen van de kou. Het blijft maar slecht weer. Je stuurt er geen hond op uit met dit weer, maar de pelgrim gaat moedig voorwaarts. Halverwege liep ik door een dorpje, toen er ineens een vrouw naar buiten kwam (een oude dit keer), die riep dat het onweerde. Nou had ik dat ook wel gehoord, maar ze riep er meteen achteraan: ”Dus moet je gauw binnenkomen, want je kunt niet buiten blijven als het onweert“?. Dus ben ik mee naar binnen gegaan en daar zaten ook drie mannen om de tafel en toen hebben we gedurende drie kwartier een zeer geanimeerd gesprek gevoerd. Te beginnen met het verhaal van een Engelse vrouw, die niet naar het weerbericht geluisterd had en dus vorig jaar in de bergen de dood gevonden had. Dat was om mij op te kikkeren. Verder hebben we uitgebreid zitten klagen over het vreselijk weer en de mannen vertelden dat de bakker in het dorp hoog in de bergen geen brood meer kon bakken vanwege het weer. Waarom nioet werd me niet goed duidelijk, maar daar ga je ook niet over zitten zeuren tijdens zo’n gesprek natuurlijk. Het had iets te maken met het water dat heel erg hoog in het stuwmeer stond. Ze gingen ook om de beurt mijn rugzak wegen om dan te kunnen zeggen: ”Wat zwaar! En moet je daar nu het hele eind mee lopen?“? Kortom, aandacht genoeg voor deze arme pelgrim. 

    Vandaag ben ik gestopt in Mauleon, want toen onweerde het zo verschrikkelijk, dat ik het voor gezien hield. Nu zit ik ‘Chez l’habitant’, dat is weer een andere vorm van bed and breakfast. Je krijgt namelijk wel een bed, maar geen breakfast. Nou ja, weer eens iets anders. Iedereen zwaait hier weer naar me, terwijl ik loop. Leuk is dat. Onderweg werd ik eerst gepasseerd door twee Nederlandse fietsers en vervolgens dor een Duitser, die een eindje verder afstapte en weer terug kwam fietsen, want hij had namelijk de klompjes van Ursula gezien, die nog steeds aan mijn rugzak hangen. Grappig, ze zijn maar klein, maar vallen iedereen meteen op! 

    Hier zie je overal in oude kerken benden stoelen staan en dan zijn er hele grote gaanderijen, waar banken staan. Het was me al een paar keer opgevallen, maar ik weet nu ook waarom dat zo is. Vroeger zaten namelijk de vrouwen beneden en de mannen boven. De mannen zaten braaf op de banken, maar de vrouwen brachten hun eigen stoel mee van thuis. Die dachten waarschijnlijk: ”Thuis heb ik geen tijd om te zitten, dus als ik eenmaal zit, wil ik ook lekker zitten!“? 

    Volgens de weerberichten wordt het na dinsdag iets beter, dus ik houd hoop op droge sokken!!   

     

    Sat
    19
    May '07

    Louis de Funes

    Regen, regen, regen. De hele morgen regende het dat het goot. Toen ik om één uur vanmiddag even stond te kijken waar ik ook alweer heen moest stoptre er een heel, heel oud vrachtautootje met een beeldschone vrouw erin, gehuld in een grote overall. Ze gooit het portier open en roept: ”Je moet naar l’ Hopital St Blaise, kom op, zitten!“? Dus zo ben ik de laatste zeven kilometer glorieus vervoerd. Nou, glorieus? Ik voelde me net Louis de Funes in die film, waarin hij met een non in een eend meerijdt, die net een dag haar rijbewijs heeft. Ik scheurde links en rechts de bochten door in een duizelingwekkend tempo, dat wil je niet weten. Maar leuk was het wel, weer een hele belevenis. Enfin, ik kwam veilig en droog aan zowaar. In l’ Hopital St Blaise stond vanaf de Middeleeuwen een opvanghuis voor pelgrims, maar nu bestaat het hele dorp uit twee hotels, vier huzen en een beauty van een kerk, echt schitterend! 

    Dit is weer echt een gezellige streek. Vanmiddag zat ik in een café aan de koffie met twee mannen, van wie de een een hele dikke meneer was. Toen er nog iemand bijkwam, riep de dikkerd: ”Hier is een collega van je, die heeft hem vorig jaar gelopen“?. Inderdaad, dat klopte en we hebben gezellig staan praten, terwijl de dikke meneer steeds riep: ”Moet je nog een wijntje? Het is toch rotweer, je hoeft vandaag toch niet meer verder“?. Reuze gezellig was dat en de dikke meneer ging volgend jaar ook, riep hij. Ik keek zker bedenkelijk, want blijmoedig voegde hij eraan toe: ”Ja, met de auto natuurlijk!“? Heerlijk land, ik geniet van zulke dingen. Helaas kon ik niet filmen, want mijn camera is vochtig door al die regen en dan doet ie het niet. 

    In een van die twee hotels heb ik mijn intrek genomen, want een gite is hier niet. Maar vooruit, ik heb nu avondeten, een kamer en morgenochtend een ontbijt voor € 50, dus niet al te duur. En wat dan nog? Zoals Geer altijd zegt: ”Laat de armoe de pest maar krijgen!“? 

     

    Fri
    18
    May '07

    Oloron Ste Marie

    Toen ik vanmorgen vertrok, was het mistig, daarna miezerde het een beetje, om een uur of twaalf werd het droog en ook zonnig, om drie uur trok het weer dicht en nu zie ik een inktzwarte lucht, dus dat voorspelt niet veel goeds. Maar nu geeft dat niet meer, want ik ben er toch al. Om kwart over acht betrad ik ’s Heren wegen en die bleken meteen al wonderbaar. In de gids stond al dat bij regenachtig weer het pad erg modderig kon zijn en dat er daarom treden waren gemaakt op veel plaatsen. Nou, die treden waren er wel, maar als je dan met drie treden tegelijk naar beneden glibbert, heb je er niet veel aan. Na tien kilometer glibberen en glijden, vond ik het wel genoeg en ben vervolgens maar snel de ‘brede weg’ opgegaan. Dat was wel een stuk om, maar het grote voordeel was wel weer, dat er genoeg plaatsen zijn waar men zich kan laven en voederen. Dus ik heb tussen de middag een uurtje heerlijk op een terras gezeten om te eten. De mensen zijn hier zuinig, zoals we in de Pyreneeën ook al vaak hebben gemerkt. Toen ik dus om een flesje water vroeg, zeiden ze: ”Dat kunt u natuurlijk wel krijgen, hoor, maar hier is het water uit de kraan lekkerder dan Vitel, want die komen het bij ons halen. Waarom zou je het dan kopen als het voor niets uit de kraan komt?“? En inderdaad, het water was fantastisch. 

    Het voordeel van die zuinigheid is wel dat ik, toen ik bij het Bureau de Tourisme op zoek ging naar een routebeschrijving van Oloron naar St Jean Pied de Port, ik een hele stapel kopieën kreeg, want het was zonde om daarvoor een hele gids te kopen! 

    De Bearn is een prachtige streek en er begint hier ook weer wat meer leven te komen, het is niet zo leeg meer als de streek, waar ik hiervoor doorheen liep. Gezellig, ik heb een poosje gepraat met een Berlijner, die de tocht ook voor de tweede keer loopt en verder wordt ik weer overal door de Fransen aangesproken, die allemaal roepen: ”O, dat wil ik ook zo graag!“? ”Doen“?, roep ik dan. Het is hier heel erg groen en er zijn heel veel bloemen, echt een mooie streek is dit. 

    Ik had een gite besproken, maar toen ik daar aankwam, bleek dat ik met een ander in een tweepersoonsbed moest slapen en dat werd me een beetje al dol. Dus ik heb mijn toevlucht opnieuw tot een hotel genomen en daar zit ik nu tegenover luisterrijk op een terrasje te overwegen dat het leven best meevalt, vooral omdat mijn voet lijkt op te knappen. Ik heb vandaag hele stukken gelopen zonder er zelfs maar aan te denken, dus dat is een goed teken. Alleen de laatste drie kilometer werd het gevoelig, maar ja, het waren er vandaag dan ook al met al drieëndertig! Dus de pelgrim blijft smeren met de eoline! 

    Overigens zit ik nu wel in de Bearn, maar bearnaisesaus heb ik nog niet geproefd!! 

     

     

     

     

    Thu
    17
    May '07

    Iets verder dan Pau

    Ja, dan vragen ze me om de plaats te noemen waar ik nu zit, maar het is iets van Artiquelouve of zoiets, ik weet het niet precies, in ieder geval iets verder dan Pau op de weg naar Oloron Ste Marie. 

    Vanmorgen was het droog, vanmiddag begon het te miezeren en nu regent het! En het is koud, temeer omdat ik natte voeten heb. Je zou zeggen: Hoe komt hij aan natte voeten in die grote schoenen? Nou, dat kan ik uitleggen. Ik ben namelijk een paar sokken kwijt. Waar ze gebleven zijn? Geen flauw idee. Ik had drie paar en nu heb ik dus nog twee paar. Dat zou genoeg zijn, als het een beetje warmer en droog zou zijn. Kijk, ik stop als een keurig mens de sokken die ik aanhad, in de was en kom erachter, als ik schone sokken aan wil trekken, ik die niet meer heb. Het andere paar heb ik natuurlijk gisteren keurig gewassen en dat is nog niet droog. Dus zo kom je aan natte sokken in je schoenen en als gevolg aan natte voeten. Aangezien ik toch naar buiten moet om Gery te bellen, anders heb je hier haast geen bereik, trotseer ik deze beproeving van harte. 

    Onderweg heb ik, behalve ‘mijn’ vier dames, alleen een man met een hond gezien et wie ik een praatje heb gemaakt. Deze route is erg rustig, soms is dat fijn, maar af en toe wel een beetje saai. En Geer zegt dan wel vermanend dat ik op de natuur moet letten en ondervraagt me ’s avonds welke planten en bomen ik heb gezien, maar ja, planten en bomen praten niet. Maar ja, verder was het een heerlijke dag, dus ik hb niet echt veel te klagen. Ik was al vroeg in het hotel en zag veel mensen in het restaurant dat erbij hoort. En toen kreeg ik slecht nieuws: het restaurant is namelijk vanavond gesloten en er is niets anders in dit dorp. Dus behalve die natte voeten vreesde ik al voor een andere beproeving: die van een hongerige maag. Maar gelukkig, de koks in het restaurant hebben voor mijn plezier een koude schotel gemaakt, die ik vanavond kan eten. 

    Zo zie je maar dat alles weer goed komt en de weerman zegt dat het in het weekend iets beter weer wordt en minder koud, dus morgen droge sokken en ““. misschien wel een heel bescheiden zonnetje?  

     

    Wed
    16
    May '07

    Haan in het kippenhok

    Gisteravond was ik dus echt de haan in het kippenhok, zo met mijn vier dames. En in het verenigingsgebouw naast het schooltje waren de majorettes aan het oefenen met van die leuke, korte rokjes, dus de dames vonden dat ik erg verwend werd. Gezellig was het wel. 

    Maar vanmorgen was het even anders piepen. Toen ik vertrok, regende het en toen ik aankwam, regende het nog. En niet zomaar een beetje regen, nee, van die grote plensbuien. Ik ben maar over de weg gelopen, maar dat is wel voortdurend uitkijken geblazen. Ik moet zeggen dat de mensen wel voorzichtig rijden als ze me zien, maar als je net door de bocht bent, zien ze je pas op het laatste moment natuurlijk. Maar alles ging goed en het was maar een stuk van 17 km vandaag, dus om 12 uur was ik al in Morlaas in mijn besproken hotelletje. Het ziet er netjes uit en naast het hotel is een soort veredelde bar, waar ik tussen de middag heerlijk heb gegeten en inclusief de wijn en de koffie na was ik maar € 11 kwijt. Vanavond eet ik in het restaurant van het hotel en dat zal wel niet lukken voor dezelfde prijs. Morgenavond heb ik ook al iets besproken, dus dan ben ik ook weer onder de pannen. 

    Ik smeer mijn voet dapper in met de eoline elke keer, maar volgens mij helpt het geen zak. Mijn zusjes zullen nu wel weer commentaar hebben en het commentaar morgen zal er wel niet om liegen, gevoegd bij het commentaar van Geer. Ja, er valt dan een hoop wijze raad te weerstaan. Maar zoals ik gemerkt heb, verdedigen ze me ook, zelfs als het vrouwen betreft. 

    Ik begin al aardig op te schieten naar Oleron St. Marie. Daar houdt de gids op en vanaf daar moet ik dus zelf de weg gaan zoeken. Dat zal me wat worden. Ik heb wel al een goede kaart gekocht, het enige vervelende is dat daar uiteraard niet op staat waar ik kan slapen en, dat is nog erger, of ik onderweg kan eten en waar!! Ziehier het leven vol ontberingen van de pelgrim!!   

     

    Tue
    15
    May '07

    Weer een staf

    Na een zeer uitgebreid Engels ontbijt, waar de vrouw des huizes en ik het erover eens waren dat de Fransen geen lekkere melk hebben en geen goede slagroom, ben ik weer met frisse moed vertrokken. Ik begon natuurlijk weer heel dapper met het vervolg van de Grande Randonnee, maar dat was echt erschrikkelijk. De weg was gewoon onbegaanbaar, binnen een mum van tijd had ik kilo’s modder aan mijn schoenen. Op een gegeven moment moest ik door een beekje met steile kanten en naar benden ging nog wel, maar weer naar boven was een hele klim en ik ben twee keer omgedonderd. Nou ja, weer eens iets anders dan over een boom heen vallen. Toen had ik echter niet alleen modder aan mijn schoenen, maar de modder zat werkelijk overal. Dus ik heb maar korte metten gemaakt met de voorgeschreven route en ben over de gewone weg verder gegaan. Lekker over het asfalt zogezegd. En dat dat een beslissing was die door St Jacob hoogstpersoonlijk werd goedgekeurd, bleek toen ik op een kruispunt overstak en tegen de paal een wondermooie staf zag staan. Die staf stond daar gewoon op mij te wachten! Een beetje korter dan die van vorig jaar, een beetje dikker, kortom, deze staf diende meegenomen te worden. Dat heb ik dus ook gedaan en zo komt een arme pelgrim aan zijn uitrusting. 

    Het lopen over de weg ging uiteraard een stuk beter en sneller en zo was ik om half drie al op de plaats van bestemming. Onderdak heb ik dit keer gekregen in een schooltje naast het gemeentehuis. Het schooltje staat leeg en daar bivakkeer ik nu met 4 Franse dames, van wie er één half Spaans is en een lekkere vet accent heeft. De dames zijn verpleegsters en stonden erop mijn voet te verzorgen. En dat heb ik me graag laten aanleunen, nog wat extra gekreund natuurlijk en me lekker laten vertroetelen. Ze zagen het, geloof ik, niet al te somber in, er werd tenminste geen: ”o la la“? geroepen. Ja, dat heb je met verpleegsters natuurlijk, dat was nou weer een beetje een nadeel. De vier dames heb ik onderweg ook al een aantal keren gezien en vanmorgen nog een jonge knul, maar waar die gebleven is, weet ik niet. 

    Ik zit nu in Anoye en in dit dorp is geen enkele winkel, zelfs geen bakker of epicerie. Maar voor het eten is hier wel weer een originele oplossing bedacht. Er kwam een man naar het schooltje en die maakte met een sleutel allerlei koelkasten open. We mochten daaruit kiezen wat we wilden eten en dat betalen. Vervolgens werden de uitgekozen spullen overgeheveld naar een koelkast, die open is en waar we dus in kunnen. En er is een magnetron, dus vanavond eten we met zijn allen hier. De rest van de middag ben ik trouwens druk geweest met mijn kleren wassen en mijn trui heeft nog hier en daar wat modderspatten, zag ik net. Maar vooruit maar, het mooie is al weer van mij af. De veters van mijn schoenen waren stuk en het valt lang niet mee om hier aan veters te komen. Ze hebben natuurlijk wel veters, maar niet van twee meter lang. Uiteindelijk vond ik veters van 1 meter 80 en dat is wel goed, alleen zijn het witte veters en dat staat erg charmant bij mijn bruine schoenen! Maar met die witte veters ben ik toch weer 22 kilometer verder, dus alles gaat goed. Voor morgenavond heb ik al een hotelletje geregeld, want vanwege het lange weekend is alles hier stampvol en kun je het risico niet nemen om niet te bespreken. 

    Geer heeft de binnengekomen berichten aan me voorgelezen en ik geniet ervan. Heel leuk dat er een ook een berichtje van Mireille was, ik heb hele goede herinneringen aan de tijd met haar vorig jaar en jammer dat ze er nu ook niet bij is! Verder geniet ik van alle meebeleven van jullie allmaal en ook van jullie reacties. Verder vertelde Gery dat ze moppers krijgt omdat ik een poste restante adressen opgeef. In alle eerlijkheid, ik was het echt helemaal vergeten en heb Geer beloofd dat ik morgen een paar adressen op zal geven. Doe ik echt!! 

     

    Mon
    14
    May '07

    Op de Tea

    Daar ben ik weer vanuit een cybercafe. Wat een water vandaag, zeg! Dit was afzien. Vanaf vanmorgen vroeg plensde het van de regen en om 12 uur had ik geen droge draad meer aan het lijf. Dus ook deze poncho is niet bestand tegen echt slecht weer. 

    Ik ben niet via de route van de Grande Randonnee gegaan, want die is bijna onbegaanbaar met dit weer. Ik heb de gewone D-weg genomen, maar dat is dan weer uitkijken voor al het verkeer met die regen. Je kunt geen moment wegdromen tijdens het lopen, want dan loop je het risico van de weg gereden te worden en dat wil pelgrim Theo niet nog een tweede keer, dus opletten geblazen en steeds in de natte berm gaan staan. 

    Om twee uur was ik hier al, want via de weg is de afstand natuurlijk korter. Toen wilde ik nog 7 kilometer verder lopen naar een gite,maar ik kon die mevrouw niet aan de telefoon krijgen en het leek mij een te groot risico er heen te gaan. Misschien was ze er wel helemaal niet. 

    Dus ben ik weer naar het Office de Tourisme gegaan en daar hadden ze de oplossing: een bed and breakfast bij Engelsen. Daar ik zit nu dus. Het is er keurig netjes, schoon en de mensen zijn supervriendelijk. 

    Maar ik moest meteen in de tuin (koud, koud, koud!!!) de TEA gebruiken met koekjes en boterhammen en allemaal toeters en bellen. Het was heel zoet allemaal. Omdat op maandagavond de hele boel hier dicht is, heeft ze aangeboden voor mij ook eten te maken. Ik ben benieuwd wat dat wordt. Brrr. 

    Maar ik heb een mooie kamer met uitzicht op de tuin, waar ze vreselijk trots op zijn. Verder heb ik weinig nieuws. Met mijn voet gaat langzaam wat beter. Nu het weer nog! 

     

    Sun
    13
    May '07

    Achtentwintig graden

    Het ging er vandaag lekker rustig aan toe en ik heb ook lekker gelopen. Het eerste half uur na het opstarten doet mijn voet nog pijn, maar daarna gaat het goed, dus wie doet je wat. De open plek krijgt witte randjes en het lijkt kleiner te worden, dus ik beschouw dat maar als een goed teken. Ik heb nog wel even aan het einde van de route een ommetje moeten lopen, omdat ik de weg kwijt was. Ik zag vanuit de verte de kerktoren al van Marciac, dat vandaag mijn eindpunt was, maar oen moest ik nog door een koolzaadveld. En de toren verdween achter een heuvel en dan weet je niet meer welke kant je uitgaat. Maar goed, het was maar drie kilometer om en morgen hoef ik maar een kilometer of achttien waarschjnlijk. Gisteravond hebben we gezellig zitten praten over de aard van de Hollanders. Hier in de buurt zijn een paar campings die door Hollanders zijn gekocht en het was wel komisch om daarop het commentaar te horen: ”Ja, het is er altijd wel schoon en netjes, hoor, maar je mag er niks en het eten is gewoon verschrikkelijk, overal gooien ze liters saus overheen“?. En vandaag kwam ik twee vrouwen tegen (ja, het zijn weer vrouwen, daar kan ik ook niets aan doen), die vertelden dat in hun woonplaats een Nederlandse ambassadeur woont, die niet anders doet dan protestbrieven schrijven tegen van alles en nog wat. 

    Marciac is een erg leuke plaats met een groot plein en daar omheen allemaal balustrades en met achtentwintig graden is het gier prima toeven, vooral met een grote pils voor je neus. Maar de weerberichten voor morgen zijn minder: ze geven regen op. Nu wil dat niet zoveel zeggen, want aan de ene kant van de berg kan het regenen en aan de andere kant is het dan droog. Dus maar hopen dat ik morgen aan de goede kant van de berg loop“.  

     

    Sat
    12
    May '07

    Elke tien kilometer een bar

    Ik heb een prachtige dag gehad vandaag. Het was stralend mooi weer en zes- à zevenentwintig graden, dus wat wil je nog meer. Om zeven uur vanmorgen trok ik de schoenen aan en ben op stap gegaan voor een wandeling van 32 kilometer. Het eerste stuk heb ik samen gelopen met een Fransman, Patrick uit Mulhouse. Die vertelde me trouwens een aardig verhaal. Hij was ook door l’Isle-Jourdain gekomen na Toulouse en had daar zijn familie ge-sms’t , waar hij zich bevond. Vervolgens kreeg hij een sms van zijn vader van 83 jaar, die meldde: ”Weet je wel dat je familie daar vandaan komt?“? Hij was hogelijk verbaasd, want hij wist daar niets van, maar het bleek dat zijn overgrootvader uit die plaats kwam. Volgens zijn vader was die daar geboren en ook gestorven. Dus hij is naar de begraafplaats gewandeld en na een half uurtje zoeken vond hij daar dus het graf van zijn overgrootvader, nog geheel intact. Wat hem het meest verbaasde, was dat het graf keurig verzorgd was en dat er zelfs bloemen bij stonden, dus hij vermoedt dat er ergens in de buurt ook nog iets als familie woont. Patrick is ambtenaar op het Ministerie van Arbeid. Alle ambtenaren hebben vakantie gekregen, omdat het verkiezingstijd is en ”dan doet de zittende minister toch niets meer“?. Mooie baan dus. 

    De route was perfect, vooral omdat er dit keer keurig getimed elke 10 kilometer een bar was, waar je wat kon drinken of eten. Kijk, zo hoort het. Op weg naar een van die rustpauzes zag ik een meisje aan de kant van de weg zitten en uiteraard maak je dan een praatje en zijn we een stuk samen opgelopen tot de volgende bar. Zij was komen lopen vanuit een plaats die 80 km van München afligt naar de Oostenrijkse kant toe dan. Ze was nu elf weken onderweg en had de route vanaf Le Puy genomen. Een paar dagen is ze met een Francaise opgetrokken en ze vonden het allebei zo walgelijk druk op de pelgrimsroute vanuit Le Puy, dat ze zomaar ergens lukraak van de route zijn afgeweken en zonder de weg te weten een andere route hebben genomen. Uiteindelijk kwamen ze in Auch uit en nu liep ze dus hier. Na de koffie en de cola scheidden zich onze wegen, want zij moest wachten op een vriendin. 

    Nu ben ik in een hotelletje in Motesquiou, nou ja, hotelletje? Het is meer een soort refugio, gewoon een aantal hokjes gebouwd, waar alleen pelgrims slapen en geen toeristen. Gelukkig, dit is echt veel en veel leuker. Ik zit nu in het land van d’Artagnan, een van de drie Musketiers. Het was een heerlijke dag!!   

     

    Fri
    11
    May '07

    Auch

    Het was heerlijk weer toen ik vanmorgen aan de etappe begon: warm, maar niet te warm. Tussen de middag heb ik lekker buiten in het gras gezeten om mijn broodje op te eten. Verder was de route ”gezellig heuvelachtig“?, een beetje op en neer, maar dat noemen wij als doorgewinterde pelgrims ”plat“?. Het leuke is dat je steeds op je gemakje naar een andere streek wandelt en omdat het langzaam gaat, je dus ook de overgang meemaakt van de ene streek naar de andere. In de omgeving van Toulouse zijn alle huizen van rode baksteentjes gebouwd, zelfs de daken vaak en dat geeft een vrolijke aanblik natuurlijk. Hier bestaan de huizen weer uit grote blokken steen, maar de streek op zich is veel mooier, althans, dat vind ik. En je ziet de boerderijen van vorm veranderen en ook de kleuren. Ik nader nu alweer het Baskenland en dat is duidelijk te merken. 

    Ik heb onderweg helemaal niemand gezien, er lopen hier duidelijk veel minder mensen. De afstand was ongeveer 34 kilometer, maar ik heb hier en daar een beetje gesmokkeld en af en toe een stukje afgesneden. Sint Jacob glimlachte daarbij vriendelijk, want die wist wat ik nog niet wist. Toen ik in Auch aankwam, kwam ik namelijk precies aan de verkeerde kant van de stad binnen en moest daardoor door de hele stad lopen. Ik wist dat hier een gite was, die bij de kerk hoorde, dus eerst maar naar de kerk. Daar was echter een grote begrafenis aan de gang en om daar nou midden tussen te gaan staan, vond ik natuurlijk te genant. Ik begreep dat de mensen even iets anders aan het hoofd hadden, ook de pastoor. Dus ben ik naar de VVV vlakbij gestapt en heb hen gevraagd waar de gite was. Die hebben mij dat keurig gewezen en dus klom ik naar de bovenstad en kwam bij de gite. Maar daar werd gemeld dat de gite vol was. Vol??? Hoe kan dat?? Ik heb onderweg geen mens gezien! Dus ik vroeg: ”Zijn er zoveel pelgrims dan?“? Nou nee, maar er was een familie aangekomen van acht personen en er kunnen er maar acht in de gite en de familie bleef twee dagen. Ja, dat zijn dus echt geen pelgrims, maar gewoon toeristen, die een uitermate goedkoop onderdak willen hebben. ‘t Moest niet mogen!! En“ het waren nog niet eens Hollanders!! 

    Maar goed, er bleef me dus niets anders over dan weer een hotel en ja“.. dat was weer in de benedenstad, dus kon ik het hele eind weer naar beneden lopen. Sint Jacob kreeg volgens mij toen een zeer brede glimlach. Nu zit ik in de benedenstad in een klein straatje met allemaal toeristenwinkeltjes en dure kledingboetieks. Wel erg leuk. Auch is trouwens een leuke stad, met een boven- en benedenstad, natuurlijk een kasteel en een kerk met allemaal nauwe straatjes er omheen en een riviertje dat dwars door de stad loopt. 

    Alleen het verblijf in een hotel heb ik nu wel gehad. Af en toe is dat wel prettig natuurlijk, maar de gites zijn toch veel leuker. Maar ach, nu ik zo om zeven uur nog lekker op een terrasje buitenzit en de winkelende mensen voorbij zie komen, omdat de winkels gaan sluiten, een drankje erbij heb, ach, dan valt dat toch ook weer reuze mee, nietwaar? 

     

    Thu
    10
    May '07

    Natuurlijk nog een zere voet

    Ho, ho, eerst maar weer eens wat luider klagen, aangezien sommige mensen denken dat mijn voet al over is. Kijk, dat is natuurlijk niet de bedoeling, jullie moeten wel medelijden met me houden. Jullie moeten dus niet denken: ”Zijn voet is zeker over, want hij klaagt er niet meer over“?. Dit is echt fout. Jullie moeten denken: ”Wat een dappere pelgrim toch, loopt maar door met die zere voet en geen klacht komt over zijn lippen“?. Alle gekheid op een stokje, mijn voet is nog steeds niet dicht, maar dat gaat gewoon lang duren, omdat ik er elke dag mee loop. Ik voel hem wel, maar ik kan er wel weer goed mee lopen. Vooral vandaag, want het was een rustig parcours en de weg was niet al te moeilijk. Wel erg warm, toen ik vanmiddag om vier uur in Gimont aankwam, was het nog negenentwintig graden. Is het bij jullie ook zo warm (sprak hij vals, terwijl hij net gehoord heeft dat het er pijpenstelen regent en koud is). Ja kijk, als jullie geen medelijden met mijn arme voet tonen, toon ik dat niet met jullie slechte weer. Volgens mij is dit trouwens geen echte pelgrimsgedachte, maar af en toe een zondetje moet natuurlijk wel kunnen, dat houdt de spanning erin. Morgen schijnt het trouwens minder warm te worden, dus ik word meteen gestraft. 

    Vandaag zag ik af en toe in de verte de Pyreneeën met nog heel veel sneeuw op de toppen. Dat is werkelijk een schitterend gezicht. Alleen is het met die Pyreneeën wel zo, dat je ze steeds ziet en dat ze dan dichtbij lijken, terwijl ze in werkelijkheid nog heel ver weg zijn. Terry is vandaag weer gaan lopen, klaagt nog over hoofdpijn, maar verder gaat het weer. Hij zit nu in Auch en is mij dus maar één dag voor, want ik hoop morgenavond daar te zijn. 

    Ik zit nu weer in een hotelletje, want hier in de buurt zijn weinig andere overnachtingsmogelijkheden. Dat is wel duur, maar Geer zegt dat ik daar vorig jaar ook over liep te zeuren en dat het in Spanje goedkoper wordt. Nou, als ik de zegen van mijn eigen minister van financiën krijg, zit het wel goed.   

     

    Wed
    9
    May '07

    Toulouse

     

    Ja, daar zit ik dan in een internet café in Toulouse. Met een Engels toetsenbord, dus dat gaat dan wat sneller dan met het Franse.
    Vanmorgen ben ik al om zeven uur uit mijn keuken vertrokken. Gisterenavond gegeten met de curé, een geweldige vent met een grote baard, die kennelijk door zijn parochianen op handen gedragen wordt. Hij ondersteunt een project in Letland en heeft daardoor nu ook een soort huishoudster in dienst die Letse is. Ook heeft hij nog een Duitse jongen die hij als het ware opleidt in het begeleiden van mensen. Die jongen komt uit Beieren en is protestant, het meisje trouwens orthodox. Dus er zaten nogal wat verschillende geloven aan een tafel. Maar het eten was daarom niet minder lekker. De curé sluit de gite trouwens, want hij wordt overgeplaatst naar een andere plaats en er is niemand die het in Baziege van hem overneemt. Het is ook overal hetzelfde“
    Goed, na mijn vertrek heb ik direct het jaagpad naast het kanaal genomen. Dat ging lekker makkelijk, want er waren geen stijgingen en afdalingen. Bovendien waren er overal bomen voor de schaduw.  Er waren wel weer heel veel fietsers en dat is echt opvallend. Nergens in Frankrijk heb ik zoveel fietsers gezien als in deze omgeving. Er zijn zelfs fietspaden in de stad. Nou moet Frankrijk toch niet gekker worden!
    Overigens zag ik onderweg in het Canal du Midi nog een bootje, afkomstig uit Voorschoten. Zij waren onderweg naar Beziers. Om twee uur kwam ik in Toulouse aan. Dat was voor pelgrims vroeger en is nu ook nog steeds een hoogtepunt, te vergelijken met Vezelay en Le Puy vorig jaar. Toulouse is een heel grote stad, dus er zijn lange wegen door de buitenwijken. Op een gegeven moment liep ik bij een bouwactiviteit en vroeg of ik kon doorlopen langs het kanaal. Ja hoor, geen enkel probleem. Alleen““ er was geen wandelpad meer. Ik liep dus over een brede vierbaansweg met mijn rugzak. Zo liep ik Toulouse binnen als een generaal zonder leger. Het was toch wel een grootse binnenkomst, want mensen toeteren naar je en steken hun hand op.
    Ik ben direct naar het station gelopen omdat je daar meestal de goedkopere hotels hebt. Dat klopte“. alleen staan er verdacht veel meisjes op straat die heel aardig tegen je zijn. Dus wat heb ik te klagen???
    Vanmiddag heb eerst mijn stempel gehaald in de Saint Sernin, waar ik ontvangen ben met de egards die bij een pelgrim horen, dus niet als een gewone, wandelende toerist. Men weet hier nog hoe het hoort. Of is dit nu weer hoogmoed??
    Enfin, ik ga hier vanavond lekker eten en ik groet jullie allemaal.
     

    Tue
    8
    May '07

    Eten met de curé

     Goed, de vaste burcht waarin ik vannacht mocht schuilen, bleek te worden beheerd door twee kapitaalkrachtige homo’s, die naar de zin van het leven zoeken bovenop de berg. Heel aardige mannen trouwens en zeer katholiek. Dus met recht het rijke, roomse leven. Het kerkje hebben ze al helemaal gerestaureerd en dit bevat nu glas-in-lood ramen, die komen uit het klooster waar ik vorige nacht geslapen heb. 

    Vanmorgen ben ik weer fris op pad gegaan en tot Villefranche heb ik in de heuvels gelopen. Dat was om een uur of twaalf, dus daar heb ik eten ingeslagen en toen ben ik verder langs het Canal de Midi gelopen en dat is gewoon vlak, dus dat loopt lekker. Het enige nadeel is, dat het er vandaag wemelde van de fietsers, want Frankrijk heeft vrij, het is bevrijdingsdag hier. Dat ze fietsen is niet erg, maar er is geen Fransman die een bel op zijn fiets heeft zitten, dus ze komen uit alle hoeken en gaten en flitsen je links en rechts voorbij met een noodgang. Halverwege stopt er naast mij ineens een auto met een mevrouw achter het stuur (Ja, weer een vrouw, ik kan het ook niet helpen). Ze stapt uit, komt naar me toelopen en zegt: ”Het spijt me, ik kan u helaas niet meenemen en ik ben ook bang dat u dat toch niet wilt, maar ik moet u even een hand geven, want ik vind het zo leuk dat u dit doet“?. En vervolgens vertrok ze weer. Leuk, hè? Verder lopen in deze omgeving heel weinig mensen, op deze route lopen trouwens toch veel minder mensen dan vanuit Le Puy. 

    Na zo’n dertig kilometer kuieren bij een temperatuurtje van 15 – 20 graden (en droog, wat bij jullie weer niet het geval was, ha, ha) besloot ik te stoppen in Baziege. Maar ja, vanwege de bevrijdingsdag is alles dicht, er is geen winkel open, maar ook geen restaurant of hotel. Dus dat werd weer aankloppen bij de kerk en gastvrij werd ik binnen gehaald. Ik slaap nu op een matras op de grond in de keuken van de kerk. Komisch is wel, dat midden tussen de volle en lege wijnflessen een crucifix staat. Ik vreesde even dat dit het symbool was dat ik het vanavond alleen met geestelijk voedsel moet doen, want dan komen we niet ver. Maar nee, ik eet vanavond samen met de curé en diens huishoudster, dus dat zit wel goed. 

    Terjé is al door Toulouse heen, maar sms-te dat hij het niet meer zag zitten. Hij is verkouden en zijn schoenen zijn kapot, dus hij ligt in bed. Volgens mij komt dat gewoon omdat het eerste stuk van de route erg zwaar was met veel te grote afstanden per dag. Vooral omdat je net begint met lopen, vergt dat gewoon heel veel van je. Zo beschouwd is het dus maar goed dat ik een zere voet had, waardoor ik gedwongen werd wat rust te nemen en de afstanden in te korten. Het zou me trouwens niet verbazen als hij gewoon wacht tot ik weer in de buurt ben. Morgen hoop ik in Toulouse aan te komen. Een kleine pelgrim in de grote wereldse stad dus, weer eens iets anders dan in een klooster.   

    Mon
    7
    May '07

    Er zijn ook bushaltes

    Vanmorgen in het hotel werd mijn ontbijt verzorgd door een mevrouw die op Moe leek, vond ik. Dat dat niet alleen uiterlijk zo was, merkte ik toen ik vertelde dat ik vandaag naar Montferrand ging lopen. Ze zei verschrikt: ”Helemaal naar Montferrand? Maar dat is ver, hoor“?. Daarna boog ze zich naar me toe en fluisterde samenzweerderig: ”Maar er zijn onderweg bushaltes, hoor, en niemand zal er iets van zeggen als je een stukje met de bus gaat“?. Toen bedacht ik weer, dat ik ook zou kunnen liften en dan net zou doen alsof ik zwaaide als er een auto stopte, maar als die dan zou vragen of ik mee kon rijden, ja, dan kon ik niet weigeren natuurlijk“?. Daar hadden we dikke pret om samen. 

    Dat heb ik natuurlijk niet gedaan. Ik ben braaf gaan lopen, het hele eind, drieëndertig kilometer en onderweg echt niemand gezien. Het was koud en er stond veel wind, maar het was wel droog en volgens mij kunnen jullie dat niet zeggen vandaag! Het was op zich wel gemakkelijk lopen, langs een riviertje en een goed begaanbaar pad. Alleen aan het einde moest ik nog even een berg op, steil omhoog. Onderaan de berg lag een schooltje van één klas en dat was alles. Halverwege de berg was toen iets wat op een dorp leek, maar daar moest ik natuurlijk niet zijn. Nee, ik moest zo nodig helemaal bovenop de berg gaan logeren. En waar ik nu aanbeland ben, ik heb geen flauw idee, maar het lijkt op een soort religieuze commune of zoiets. Er is een ruïne en een heel oude kerk, daar hebben ze ook weer zoiets als vespers en lauden en metten en al die andere dingen, maar ik weet niet, er lopen hier allerlei alternatievelingen rond. Enfin, vanavond bij het eten zal ik er wel achterkomen wat dit nu precies is. In ieder geval mag er gepraat worden dit keer. En ik heb een grote kamer, leiver gezegd een soort zaal van acht bij tien meter, dus ik kan in mijn eentje wel een dansje doen. Maar dat gaat niet met mijn voet. Die is nog steeds niet over, maar ik denk elke avond, dat het er toch iets beter uitziet, dus ik houd de moed erin. De afstanden elke dag zijn hier groot, want er is onderweg geen slaapplaats en dat komt nu niet zo goed uit, want ik had liever even wat kortere stukken gelopen, maar ja, voor pelgrims worden geen lieverkoekjes gebakken, rijst met bessensap is genoeg. Deze kamer is trouwens wel erg koud, dus aan ontberingen ontbreekt het mij niet. Zo hoort het natuurlijk ook op het smalle pad. Bij Toulouse hoop ik dan ook een stukje brede weg te mogen proeven, want laten we eerlijk zijn, verleidingen horen er ook bij.  

     

    Sun
    6
    May '07

    Zwijgen

     Het was een heel bijzondere belevenis om vannacht in een klooster te slapen. Het was de eerste keer dat ik in een klooster sliep, waar je geacht werd gewoon aan alles mee te doen. Ik ben gisteravond dus eerst naar de vesper gegaan en er werd heel veel gezongen. Inderdaad kwam een monnik me om precies vijf voor acht halen voor het eten en toen heb ik de maaltijd in de refter gebruikt. Eerst alle monniken en helemaal onderaan, aan de laagste plaats aan tafel, zat ik. En er wordt gedurende de hele maaltijd gezwegen, echt gezwegen zelfs geen ”alsjeblieft“?of ”dankjewel“?. Er wordt wel vriendelijk geglimlacht en geknikt, maar er wordt geen woord gesproken. Een monnik zat aan het hoofd van de tafel en die ging voorlezen uit een tijdschrift met alle nieuwtjes, wie er zalig verklaard was en zo. We kregen soep en brood en kaas, er was genoeg en omdat het zaterdag was, kregen we ook iets extra’s, rijst met boter en een soort bessensap. Ik vond het heel bijzonder om dit mee te maken. 

    Vanmorgen zat ik dus om zeven uur weer aan een zwijgend ontbijt met 63 monniken en slechts drie leken.  Maar het geestelijk voedsel had ik toen al gehad: de lauden in de kerk. Weer heel veel zingen, erg indrukwekkend.. Toen de maaltijd afgelopen was, begon de leek naast me, die al die tijd al nieuwsgierig naar me gekeken had, toch tegen me te fluisteren. Hij wilde weten waar ik vandaan kwam en waar ik naar toe ging. Toen hij hoorde dat ik naar Santiago ging, fluisterde hij: ”O, geweldig, ik ben Spanjaard en St Jacob is ONZE heilige. Elk Spaans gezin moet een keer naar Santiago gegaan zijn. Ik ben er al zeven keer geweest“?. Dat vond ik nogal wat, tot bleek dat hij het al die keren per auto had gedaan. Schuldbewust zei hij ook: ”Ja, eigenlijk moet het zoals u dat doet“?. 

    Bij het afscheid heb ik een fluisterend paatje gemaakt met de gastheer-monnik en hem gevraagd waarom hier eerst de Cartharen geweest zijn en later de Hugenoten. Volgens hem kwam dat omdat deze streek ver van Parijs ligt en er altijd een soort verzet is tegen Parijs. De Cartharen verzetten zich tegen Parijs en werden uitgemoord. Later werden de Hugenoten daarom ook van harte welkom geheten als een soort wraak tegen Parijs. Ik citeerde iets uit de bijbel en toen was hij helemaal verrukt. Hij kon wel merken dat ik een echte Protestant was, want anderen weten daar niets van. Hij vertelde ook nog dat dit klooster beïnvloed is door het protestantisme, omdat veel monniken van origine protestant geweest zijn en dat het klooster om die reden bekend ston om zijn zeer goede bijbelstudies, aangezien ze meer bezig  zijn met wat er in de bijbel staat dan naar Rome te luisteren. 

    Toen ik de oprijlaan afliep van het klooster, kwam ik allemaal kerkgangers tegen, die me aanhielden en vroegen of ik naar Santiago ging en of ik dan voor hen wilde bidden. Hier in deze streek zijn ze er weer veel meer mee bezig dan in de streek waar ik vorige week was. Nou, na mijn vertrek mocht ik weer praten, alleen was er toen niemand meer om mee te praten, maar dat geeft niet. Ik ben nu uit de bergen, het is hier heuvelachtig zoals in Zuid-Limburg, dus het loopt makkelijker. Ik heb het rustug aan gedaan en heb zo’, twintig kilometer gelopen en nu zit ik in een Logis de France in Revel, een klein stadje, waar op zondagmiddag werkelijk niets te beleven valt. Verder kreeg ik een telefoontje van Terjé, dat ik in Toulouse niet de gids moet volgen, maar gewoon langs het kanaal moet lopen, want dat de rest allemaal onzin is. Nou, dan is het in ieder geval vlak! Tot morgen maar weer.

    Sat
    5
    May '07

    Achterin het stille klooster

    …….klopte eens een pelgrim aan 

    Nou, of ’s Heren zegen op mij neerdaalde vandaag, weet ik niet, maar ’s Heren regen in ieder geval wel. Althans vanmorgen. Ik loop nu weer in mijn eentje natuurlijk en eerlijk gezegd bevalt me dat ook uitstekend. En wat me nu toch weer overkwam. Om een uur of half een werd het droog, dat loopt een stuk gezelliger en ik liep op een weggetje toen er ineens een auto naast mij stopte met een vrouw erin. ”Stap gauw in“?, zei ze, ”dan gaan we eten!“?. Nou, een pelgrim moet natuurlijk blij zijn met alles dat op zijn weg komt, dus ik stap in. We reden naar haar huis, ze woont alleen en het was er een verschrikkelijke bende, maar in een mum van tijd had ze een pan spaghetti met kip klaar en verscheen er van alles op tafel, chocola en toetjes en fruit. Zulke dingen maak je echt alleen maar mee, als je alleen loopt, maar het zijn wel ontzettend leuke dingen natuurlijk. Ik heb er zo’n twee uur gegeten en gezeten en ben toen weer op mijn gemakje doorgekuierd. Mijn voet is nog steeds open, maar als ik maar blijf lopen gaat het wel. Als ik een tijd gezeten heb zoals vanmiddag, dan kost het moeite om weer om gang te komen en loop ik wel een half uur pijn te hebben. Dat is tegenwicht tegen de luxe, Jaap. 

    Nu ben ik aangekomen in Encalcat en klopte deemoedig aan de deur van het klooster aan. Een prachtig klooster overigens en niet zo oud, maar honderd jaar of zo. Ik werd ontvangen door twee monniken met de woorden: ”Een pelgrim voor St Jacob sturen we nooit weg“?. Ik heb een hele ruime kamer, dus echt geen monnikscel oftewel, de monniken hebben het ook wat beter gekregen. 

    Ik ben uitgenodigd voor de vesper van zes uur en kan dan binnendoor naar de kerk, ”Dan hoeft u niet helemaal om te lopen“?, zei de broeder. En dan ga ik weer naar mijn kamer en wordt om 18.55 uur opgehaald door een monnik die me gaat begeleiden naar de eetzaal en daar eet ik gezamenlijk met de monniken. Dit is weer een heel nieuwe ervaring, maar wel genieten! Ik heb vandaag maar twintig kilometer of zo gelopen en ben van plan om morgen ook zoiets te gaan lopen. Rustig aan, maar wel doorlopen, dan maar pijn in mijn poot! Ja, zoet maar, als het zo blijft, ga ik nog wel een keer een dokter of zo opzoeken! 

     

    Fri
    4
    May '07

    Twee dagen rust

    Nou, er valt dit keer niet veel te melden van het front. Ik heb namelijk zitten wachten tot mijn voet dichtging en het is nog steeds koud en het regent de hele dag. Hier word ik niet vrolijk van. Mijn voet ziet er wel iets beter uit, maar hij is nog steeds niet dicht. Nou, open of niet, morgen ga ik weer lopen en dan zie ik wel hoe ver ik kom. 

    Gisteravond heb ik voor een slaapplaats voor Terjé gezorgd en hebben we samen gegeten. Opvallend is dat we allebei het gevoel hebben dat het veel zwaarder is dan vorig jaar. We snappen zelf niet hoe dat komt, maar het is meer gedoe, zeggen wij. Waaruit dat gedoe dan bestaat, geen idee. Vorige keer konden we beter loslaten. 

    Wat een waarheid is als een koe, is dat je je van vorig jaar vooral het laatste stuk het beste herinnert, toen we al maanden gelopen hadden. Hoe het in het begin ging, weten we niet meer eigenlijk. En ik denk voor mezelf dat het er ook mee te maken heeft dat je er nu als het ware ineens middenin ploft en er vorig jaar meer langzaam aan naar toeleefde. Eigenlijk zit ik nu gewoon te zwammen, want ik weet gewoon niet hoe het komt, maar kennelijk ben ik niet de enige die het zo ervaart. 

    Nou, in ieder geval, vannacht lekker slapen en“. morgen weer verder!! 

     

    Wed
    2
    May '07

    Half om half

    Gisteravond hebben we zeer uitbundig gegeten met zijn allen, het was in één woord geweldig. Dus vanmorgen na een sober ontbijt weer op pad voor een tamme wandeling (zoals wij dat noemen). Het was somber weer, maar tot 12 uur bleef het droog. Alleen moesten we door heel veel beekjes waden en dan houd je het ook niet droog. Gezien mijn arme voet heb ik besloten vandaag maar twintig kilometer te lopen tot Angles en daar de bus te nemen naar Castres. Ik heb mij dus het hoongelach van mijn medepelgrims moeten laten welgevallen, dat snappen jullie. Maar ik heb het gedragen als een man, want ik wil gewoon verder en dus geen risico’s nemen. Geer humde goedkeurend bij dit wijze besluit en mompelde al iets van: ”Dan neem je toch gewoon elke dag een stuk de bus“?, maar dat is geen zaken doen. Bovendien heb ik het weer geweldig naar mijn zin met dat geloop. 

    Om ongeveer half twee was ik in Angles en toen ik geld ging pinnen (want een pelgrim komt er niet alleen met een bete broods, wat pegulanten in de achterzak is ook wat waard, een moderne pelgrim dus die met zijn tijd meegaat), kwam het meisje van de bank met twee collega’s er juist weer aan na de lunch. Kon ik mooi meteen vragen waar de bus naar Castres stopte en hoe laat die ging. ”Nou“?, zei het lieve kind toen, ”die stopt hier niet en komt hier ook niet. Er komt hier geen enkele bus“?. ”Kijk“?, dacht ik berouwvol, ”Jacob bestraft me meteen al“?, maar het bleek dat hij toch ook medelijden kon tonen, want het meiske zei tegen een van haar collega’s: ”Waar ga jij vanmiddag naar toe? Naar Rodez? Nou, dan kom je door Castres“?. En toen stond ik een half uur later in Castres, keurig afgezet in het centrum. Eerst maar op zoek naar een kamer, dus op naar de VVV. Die wisten eerst alleen maar hotels, waar de kamers 60 à 70 Euro per nacht kosten en aangezien ik twee nachten wil blijven, vond ik dat toch te gortig. Uiteindelijk vonden ze toch nog een ander hotel, het minimum voor de minima zogezegd. Ik heb een kamertje met een bed, een wastafel, een houten keukenstoel en een piepklein tafeltje. Douche en toilet zijn op de gang, maar“..ik zit midden in het centrum en betaal € 51 voor twee nachten. En nu kan ik tenminste als een echte pelgrim peinzen. Morgen kan Geer dus de website openen met: ”De vermoeide, oude pelgrim zat peinzend op zijn sobere kamertje““““““? 

    Vervolgens ben ik op zoek gegaan naar een apotheek. Nou, het is hier nog net als vroeger, de apotheek staat vol met mensen die met zakken vol medicijnen de deur uitgaan. En als ze iets tegen je zeggen, praten ze niet gewoon, maar gaan ze tegen je fluisteren, zodat je verschrikt denkt: ”Ik zal wel een hele enge ziekte hebben“?. Dus ik zeg tegen de fluisterende apothekersassistente dat ik pelgrim ben, dat mijn voet open is en dat ik nog veel moet lopen, en vraag of ze er een zalfje of zo voor heeft. Ja, dat kon ze zo niet zeggen, ze moest het eerst zien. En dus stond pelgrim Theo in een overvolle apotheek zijn schoen en zijn sok uit te trekken onder de belangstellende blikken van de bezoekers, die nadrukkelijk deden alsof ze niets zagen. Dus zo privé is dat fluisteren nou ook weer niet. Maar toen ze mijn voet zag, was het ”O la la“? niet van de lucht en werd ik plechtstatig naar een klein kamertje geleid, want hier moest iets aan gedaan worden. Toen werd de ”docteur en pharmacie“?erbij gehaald, die zich ernstig over mijn bezwete voet boog. Kijk, dan heb je weer status, zoals het hoort. De voet werd ingesmeerd met een of andere knalrode vloeistof, want zalf erop was helemaal fout, en liefdevol verbonden met een prachtig verband. En verbazend hoeveel personeel er tijdens deze behandeling ineens even in dat kamertje moest zijn. Kijk, een paar maal is mij al verteld dat ik ”schöne beine“? heb, maar mijn voeten mogen er kennelijk ook zijn. Ik kreeg een paar dozen mee van dat spul om er op te smeren en dat alles voor € 4. Ik mocht er ook wel mee lopen, maar het zou beter zijn als mijn voet, die zojuist zo keurig was ingepakt, zoveel mogelijk blootgesteld zou worden aan de open lucht terwille van de genezing. ”Dan droogt het uit“?, zei het lieve kind, terwijl het buiten hoosde. Ik zag mijzelf morgen al de hele dag op mijn keukenstoel zitten met een voet buiten het raam vanwege die open lucht, maar dat schijnt iets anders te zijn dan buitenlucht. Ik moet er alleen maar geen sok of verband omheen doen. Dus Geer kan haar mooie begin van morgen niet vervolgen met: “““..en staarde mistroostig uit het raam naar zijn opgezwollen voet, die uit het raam bungelde“?. Maar, geloof het of niet, ik liep naar buiten (weer met sok en schoen aan natuurlijk) en het hielp meteen, ik liep stukken beter. Ik zie nu mijn familie denken: ”Ja, ja, op wie lijkt hij nu?“?, maar het is echt waar. De apotheker wist niet of één dag genoeg was om mijn voet geheel te laten herstellen, maar ik weet het wel. Morgen een rustdag, maar dan weer verder. Waarschijnlijk zie ik morgenavond Terjé en ‘mijn’ Zwitsers weer, want die zullen dan wel hier zijn. 

    Vanmiddag ben ik naar het postkantoor gegaan en heb een doos naar huis gestuurd met spullen die ik niet nodig heb. En dat kost dan weer € 29 maar liefst. Gery heeft me vermanend toegesproken en gezegd dat ik nu morgen de hele dag kan nadenken over een paar Poste Restante adressen, zodat mensen een kaartje kunnen sturen. Ik beloof het!!

     

     

    Tue
    1
    May '07

    Te voet naar La Salvetat sur Agout

    Het ging vandaag lekker met mij, maar met het weer allesbehalve. In de gids staat dat ik nu in een streek ben die onder invloed staat van de Atlantische Oceaan en dat heb ik geweten. Het is ook een groene streek en dan weet je het wel: regen, regen, regen! Het viel met bakken uit de hemel. Maar onder mijn poncho blijft het nog droog en de tocht was minder zwaar. Mijn voet is nog open en ik heb besloten morgen naar Angles te lopen en dan de bus te nemen naar Castres. Dat is een grote stad. Daar wandel ik dus naar een apotheek en neem een dagje rust, zodat het voetje kan genezen. Op deze manier gaat het niet dicht; ’s morgens is het beter, maar als ik er dan weer mee ga lopen, gaat het weer open. Wat ben ik toch verstandig!! Laat mij maar gaan. 

    Toen ik La Salvetat naderde en mijn hotel moest zoeken, dacht ik wijs dat het wel in het centrum zou zijn. Dus ik bestijg de berg zo’n anderhalve kilometer naar het centrum, maar kon het niet vinden. Maar eens vragen aan een paar jongens. Nou nee, dan zat ik echt helemaal verkeerd, ik moest weer naar beneden, de brug over en aan de andere kant weer omhoog en dan na een kilometer of twee was het hotel. Dus ik daal weer af, steek de brug over en stijg aan de andere kant weer op. Lopen, lopen, lopen. Na twee kilomerter: niets, na drie kilometer niets, na vier kilometer nog niets. En maar regenen ondertussen. Het land werd leger en leger, dus ik dacht: ”Dit kan niet goed zijn“?. Ik had een klein eindje terug iemand in zijn tuin zien staan, dus daar maar eens vragen. Ik wilde de man net aanspreken, toen naast mij een auto stopte“““. met een van de Zwitsers erin. Zij hadden in het dorp een pizza gegeten en toen ook de weg gevraagd, waarop een vriendelijke man had gezegd: ”Mik die rugzakken maar in de auto, ik breng jullie wel even, want het is nog een heel eind“?. Onderweg zagen ze mij lopen, zijn doorgereden naar het hotel en toen is een van de Zwitsers weer met de man mee terug gereden om mij op te halen. En toen werd ik dus ook vorstelijk in de auto tot de deur van het hotel gereden. Het bleek inderdaad nog verder te liggen en het was zeker een kilometer of zeven buiten het dorp. 

    En nu zit ik weer prinsheerlijk in een ”Logis de France“?. Dat kan ik echt niet helpen, want de gite was vol, daar konden maar zes personen in. Het is dus pure overmacht, een kamer voor Terjé en mij, een warme douche en lekker eten vanavond. Maar ja, een pelgrim moet met alles tevreden zijn toch?? 

    Volgens het weerbericht hier blijft het regenen voorlopig, wees blij dat ik hier ben, want nu hebben jullie het droog. Je weet: Als ik ergens kom, gaat het er regenen, zelfs in de woestijn!   

     

    Mon
    30
    Apr '07

    Alle seizoenen

    Ik ben vanmorgen met de zomer vertrokken, bovenop de bergen was het winter en nu ben ik in de herfst beland. Dus warm heb ik het niet meer. 

    Gisteravond hebben we een geweldige avond gehad, het jonge stel haalde na het eten twee gitaren tevoorschijn en een drumstel en zo werd het groot feest. Ik heb genoten. 

    Vanmorgen weer met frisse moed op weg door een streek die vroeger bekend stond als heel gevaarlijk door de eenzaamheid en het slechte weer. Nou, gevaarlijk is het niet zo erg, maar wel heel eenzaam, het is echt een verlaten streek met heel af en toe een dorpje. Het is een leeg land. Ik heb vandaag de hoogste top beklommen voor de Pyreneeën, nu gaat het weer langzaam naar beneden. En wat het slechte weer betreft: dat kwam uit, want bovenop de berg barstte er een verschrikkelijk onweer los en zag alles binnen korte tijd wit van de hagel. Maar onder mijn  nieuwe poncho blijf ik droog! 

    Ik dacht vandaag een stevige stok gevonden te hebben, maar het was maar een stok en geen staf. Want hoe hard ik ook op het water sloeg van een beekje waar ik doorheen moest, het water week niet, maar mijn stok brak! Dat heb je er nou van als je je eigen trouwe stok vergeten bent. Zo’n staf moet je ook krijgen natuurlijk, dan is het pas een echte! 

    Nu zijn we beland in een Logis de France in Murat sur Vèbre, na 28 kilometer. Valt mee, hè, de afstand vandaag. Het is hier gewoon pure herfst. Koud en nat, ik heb mijn trui aangetrokken. Het klettert van de regen en binnen heb ik geen bereik met de telefoon, dus ik sta nu buiten onder het balkon. Het is wel grappig, want dit geldt voor iedereen natuurlijk en nu zie ik de een na de ander naar buiten komen met de telefoon. Maar er is geen ruimte meer onder het balkon, dus zij worden nat en ik niet. Aangezien dit geen echt nette pelgrimsgedachte is, ga ik maar naar binnen om het Wilhelmus te zingen in mijn eentje.  

     

    Sun
    29
    Apr '07

    Een verschrikkelijk zware dag of?

    Tjonge, wat was dat een verschrikkelijk zware dag vandaag. Ik moest steil omhoog over een pad met allemaal rollende stenen. Kortom, het was zwoegen en zweten. En ik heb nu wel een pet, maar nog geen stok en die had ik vandaag goed kunnen gebruiken. Terry, die overigens geen Terry heet, maar Terjé, en ik vertrekken ’s morgens samen, lopen verder voor het grootste deel óp onszelf’en zien elkaar dan ’s avonds weer. Dat gaat prima zo en we lopen nu al een week zo. Dat is weer een nieuwe ervaring. Maar goed, vandaag was hij er een uur eerder dan ik en had toen al een kamer voor me gereserveerd en had zo’n medelijden met me dat hij zelfs mijn rugzak gedragen heeft. Nou moet je niet denken dat hij dat kilometers lang gedaan heeft, het waren maar vijftien meters. Ook hij had het verschrikkelijk zwaar gevonden vandaag, dus zijn we eerst maar eens onderuit op een terras gaan zitten om eens hard te klagen over deze zware tocht. Net toen wij elkaar en onszelf zo heerlijk zaten te beklagen dat het geen doen was en zo en dat het vandaag lijden was, kwamen er drie Zwitsers het terras op. Daar maak je dan natuurlijk het gebruikelijke praatje mee en wat zeiden die: ”Het viel vandaag gelukkig mee, hè?“? En het is echt waar, die gasten kunnen klimmen, dat wil je niet weten. Na 30 kilometer klimmen, struikelen Terjé en ik buiten adem de berg af en zij gaan jodelend naar beneden. 

    Gisteravond zaten we trouwens in het hotel, waar bleek dat we de enige twee gasten waren, met een zeer chagrijnige hotelière. Er kon geen goed woord af en alles wat we vroegen, kon niet. Wat doe je eraan? Ik wist het ook niet, maar toen we gingen eten en in het restaurant kwamen dat bij het hotel hoort, riep ik: ”Wat ziet het er hier gezellig uit!“? En geloof het of niet, maar Madame draaide om als een blad aan de boom, alsof je een knop omdraaide. Uiterst vriendelijk en ineens was het natuurlijk helemaal geen bezwaar dat we de andere ochtend al om 7 uur wilden ontbijten! En wat spraken we toch goed Frans, enz. enz. 

    Vandaag ziet het er wat dat betreft een stuk beter uit. We hebben 29 kilometer gelopen en zitten nu in St. Gervais-sur-Mare in een heel leuk huis met allerlei kruip-door-sluip-doorgangetjes en hoekje bij een jong stel, die ons enthousiast begroetten. We eten hier ook vanavond en er staat lamsvlees op het menu met een toetje uit de streek. Dus dat komt wel goed vandaag. 

    Het is heel anders dan de vorige keer, er is een heel andere sfeer met al deze érvaren’ lopers en de route is veel zwaarder. Maar dat komt waarschijnlijk, omdat ik er nu zo vanuit de trein middenin plofte en meteen met de zware bergtochten begonnen ben, terwijl dat de vorige keer natuurlijk veel later aan de orde was, toen ik al helemaal ingelopen was. Denk niet, dat ik het nu minder goed naar mijn zin heb, want ik begin er weer helemaal in te komen. Mijn voet ziet er iets beter uit en eigenlijk zou ik er natuurlijk verstandig aan doen een dag rust te nemen, maar dat kan altijd nog en dat wil ik eigenlijk doen als ik in Toulouse ben, want die stad wil ik wel even goed bekijken, dus daar neem ik dan tijd voor. Jawel, ik doe heus wel verstandig en als ik denk dat het niet gaat, neem ik gewoon eerder een vrije dag! Maar voorlopig moet ik nu even naar de koele pils op het terras en dat gaat echt wel lukken!   

    Sat
    28
    Apr '07

    Petje op

    Nou, de zusterlijke raad een briefje om mijn nek te doen, is niet meer nodig, want ik heb een petje. Vanmorgen zijn we in Lodeve eerst naar de markt gegaam om een petje te kopen en een bekijks dat we hadden! Op den duur stond er een hele groep om ons heen. We hoefden nog net geen handtekeningen uit te delen. Maar..ik heb een pet. 

    Het was vandaag zo’n vijfentwintig graden, dus iets koeler, al is het bergje op, bergje af nog wel steeds zweten natuurlijk. Mijn voet is nog open en rood en dat geeft vooral bij het opstarten problemen, als ik eenmaal loop gaat het wel weer. Ik houd het in de gaten. En zolang ik (alweer) geprezen ben om mijn mooie benen verzoet dat het lijden. Er liepen twee Franse dames een stukje mee en de ene dame ging achter mij lopen, want dan kon ze steeds kijken naar die ”jolies jambes“?. Kijk, dat bedoel ik, doet Geer dat wel eens? Er lopen hier weer allerlei nationaliteiten en soms weet ik zelf niet meer welke taal ik nu eigenlijk spreek: Duits, Engels, Frans of Nederlands. Dan roept Terry: “? Engels!!“? Hij spreekt heel goed Engels en daar rommelt hij dan wat Skandinavisch doorheen. 

    Het is behoorlijk druk met wandelaars, want de meeste Fransen hebben een week vrij in verband met 1 mei. Het zijn meestal geen pelgrims, maar mensen die een stuk van de Grande Randonnee lopen, maar ja, ze moeten allemaal slaapplaats hebben, dus dat wordt vechten om een bed. Ik wandel de hele dag met Terry en dat bevalt tot nu toe goed, we verstaan elkaar letterlijk en figuurlijk. En we hebben vandaag, verstandig als we altijd zijn, maar 17 kilometer gelopen, een heel lang stuk omhoog en vervolgens weer een heel lang stuk omlaag. Het is hier echt op en neer, maar wel een prachtige streek. 

    Nu zitten we in een waardeloos hotel. Ze hebben wel kamers met twee losse bedden, maar die kregen we niet, wij moesten maar twee kamers nemen. Ik beken, ik geef toe, niet alle Fransen zijn aardig! Mijn wasje is weer gedaan, dus ik ben voor vandaag weer klaar. We zitten nu in Le Bousquet d’Orb, een paar kilometer van Lunas. En het barst hier in de omgeving echt van de Nederlanders, een op de drie toeristen is een Nederlander. Zeg, zijn er eigenlijk nog wel mensen daar in het lage land? Of zitten die allemaal hier? 

    Morgen gaan we voor dertig kilometer en dat wordt dan tweemaal duizend meter omhoog en weer naar beneden. We gaan er weer voor!   

     

    Fri
    27
    Apr '07

    Lopen en lijden

    Nog even terugkomen op de Fransman met zijn harem: vandaag vernam ik dat hij vanmorgen een taxi heeft genomen en naar huis is gegaan. Hij is dus afgehaakt. Wat zou Freud daarvan zeggen? 

    Maar wat hebben Terry en ik vandaag geleden, zeg, we zijn helemaal kapot in Lodeve gearriveerd en mijn ene voet is bovenop stuk. Maar ja, we wilden zo nodig stoer zijn. Na circa vijfentwintig kilometer lopen was er een slaapplaats, dus daar hadden we kunnen stoppen. Ik liep met Terry, we waren al om zeven uur vertrokken, dus rijkelijk vroeg en we keken elkaar aan: ”Wat zullen we doen? Blijven we hier?“? Op dat moment passeerden ons de twee Zwitserse klimgeiten, die stoer doorliepen. Wij keken elkaar weer aan en Terry zei: ”Wat zij kunnen, kunnen wij ook“?, dus wij vervolgden stoer onze weg. Hadden we nou maar nooit op dat onzalige idee gekomen, want vervolgens hebben we 15 kilometer geklommen, omhoog en omhoog en omhoog. Vervolgens raakten we op de een of andere manier de weg kwijt, want we kwamen in een dorp terecht, dat 7 kilometer voorbij onze bestemming lag, dus dat betekende weer 7 km teruglopen. We zagen wel een pad, dat een kortere weg leek, maar gezien onze zojuist opgedane ervaringen durfden we dat niet te nemen, want wie weet waar we dan weer terecht zouden komen. En ja, na 5 kilometer lopen stonden we dus aan de andere kant van dat pad, we hadden zo door kunnen steken! 

    De laatste tien kilometer hebben we om beurten geroepen: ”Wat er ook voorbij komt, al is het een kinderwagen, ik stap in en loop geen stap meer“?. Maar natuurlijk kwam er niets. Uiteindelijk waren we dus om half acht vanavond in Lodeve, 12 1/2 uur na vertrek en ik schat 47 km (!!!!). Compleet versleten, maar gelukkig hadden we vanmiddag een hotel geregeld, dus een riante kamer hadden we vandaag echt wel verdiend, niet dan? 

    Het was gelukkig iets minder warm dan gisteren, maar ik heb vandaag 4 liter water gedronken! Geer eiste voor morgen een rustdag, maar die thuisblijvers hebben er natuurlijk geen verstand van, we gaan morgen gewoon weer een stukkie lopen!Mijn voet is netjes verzorgd en voor morgen heb ik een soort nylon sokje gekregen om er omheen te doen, dat schijnt goed te zijn. Dus“. wij dispereren niet! Maar namen wel een kloek besluit: morgen een Michelinkaart kopen, zodat we weten waar we ons bevinden en een kortere route kunnen uitzoeken, wanneer we dat nodig vinden. Wat ik nu heb is een gids van de Grande Randonnee en dat is net als in Nederland, zo’n route maakt omwegen om je langs de mooiste plekjes te laten gaan. Nou, die mooie plekjes zien we dan wel ergens anders! 

     

    Thu
    26
    Apr '07

    Nog geen petje

    Vanmorgen om kwart voor zeven stegen we in de bus om het industrieterrein zo snel mogelijk achter ons te laten en daarna was het 35 kilometer lopen geblazen. Ik heb een stuk alleen gelopen, eeen stuk met een Fransman, een stuk met Terry de Noor en zo gaan de kilometers dan onder je voeten door. En voor je het weet, beland je dan in St. Guilhem-le-Desert, een schiiterend plaatsje. Wie nog eens een mooie plaats wil zien, moet daar echt heen gaan. Het is in 805 gesticht door ene Willem van Oranje. Hij was een neef van Karel de Grote en na de dood van zijn vrouw is hij hier in het klooster gegaan. En in dat klooster slaapt nu een arme pelgrim, bij de nonnetjes. Nou, niet letterlijk natuurlijk en bovendien niet alleen, maar met een aantal andere mannen: de twee klipgeiten uit Zwitserland, een Fransman en Terry de Noorman. De Franse kunsthandelaar met zijn harem is een beetje eigenwijs manneke, helaas heeft hij met zijn geschiedeniskennis een paar keer bij mij het onderspit moeten delven, omdat ik iets wist dat hij niet wist en de harem keek daarbij zeer tevreden toe. Toen bleek dat hij ook nog een stuk omgelopen had, kreeg hij van de dames de volle laag: ”Jij weet toch zo goed de weg“? Ja, dan voelt een Fransman zich natuurlijk hoog beledigd, je zag zijn ego slinken. 

    Ik heb hier een prachtig stempel gekregen, echt de moeite waard om te zien. Ik heb een roodverbrande kop, maar de pet is een probleem. Dat zit namelijk zo: Als er ergens petten te koop zijn, den ik er niet aan en als ik eraan denk, zijn er geen petten in de buurt. 

    Morgen wacht me weer een fors stuk. Dit eerste gedeelte bestaat uit grote stukken, omdat er onderweg weinig is om te slapen, maar dat wist ik thuis al, dus gewoon de blik op oneindig en wandelen maar. 

     

    Wed
    25
    Apr '07

    Luther en Calvijn

    Het gaat weer geweldig!En jazeker, ik ben het laatste stukje wel met de bus gegaan, maar dat was wel na 32 km lopen!Gedeeltelijk heb ik alleen gelopen, en een deel met Terry de Noor en met 4 Fransen: een kunsthandelaar en drie vrouwen, zodat we het hier hebben over zijn harem natuurlijk. En verder ook nog met twee Zwitserse klipgeiten (of liever gezegd: klipbokken): een man van 64 jaar en een man van 72 jaar. Dus ik ben nog een jonkie! Het is wel heel opvallend dat iedereen die ik hier tegenkom, de tocht niet voor het eerst doet. Sommigen gaan al voor de tiende keer! Geer zei al streng: ”Dat ga jij niet halen“?, maar ik klamp me vast aan mijn zussen, die ervan uitgaan dat dit niet mijn laatste tocht zal zijn. 

    Het is gewoon weer fantastisch en Montpellier is een geweldig leuke stad. Overal klinkt muziek en iedereen is op straat. Het is ook erg warm hier, ruim dertig graden. En zonder enige moeite kwam ik in het bezit van een simkaart voor mijn mobiel, dus ik ben weer bereikbaar. 

    We slapen vannacht in de hoofdkerk van Montpellier, de bisschopskerk. In een gedeelte hebben ze een gite gemaakt voor de pelgrims. We werden ontvangen door broeder Stephanus, die ons streng toesprak wat wel en niet mocht hier. Ik zei tegen hem dat ik Protestanter was dan Luther en Calvijn bij elkaar, maar dat vond broeder Stephanus geen ramp, want hij had ook al aan Hindoes onderdak gegeven. Dus vannacht kan ’s Heren zegen de hele nacht op mij neerdalen. Het enige nadeel zijn de kerkklokken. Die zijn namelijk vlak boven ons hoofd en volgens mij luiden ze elk kwartier met donderend lawaai. Ze gaan zo tekeer dat Gery ze door de telefoon zo duidelijk hoorde dat ze dacht dat ik er naast stond. Ja, als pelgrim heb je heel wat te doorstaan. Nu word ik door mijn medepelgrims aan mijn mouw getrokken, want ik moet Terry gaan halen, die staat alweer veel te lang onder de douche en we moeten nog een avondwandelingetje door de stad maken. Het spijt mij, maar ik moet dus gaan, de pelgrim wordt geroepen! Tot morgen! 

    P.S. Voor wie wil bellen of sms-en: Theo’s nummer is: 0033 637653715. Groeten, Gery 

     

    Tue
    24
    Apr '07

    Weer in het ritme

    Het was vandaag prachtig mooi weer. Ik heb gigantisch gezweten en nu ziet het overal gigantisch rood, zelfs op mijn hoofd. Ja, stil maar, ik had geen pet op, maar die heb ik nog niet. Mijn trouwe visserspet van de visclub van St Etienne is vorig jaar in Santiago gebleven en ik ben nog geen nieuwe visclub tegengekomen. Ik zal toch niet zelf een pet moeten kopen dit keer? 

    Het was een prachtige tocht door wijn- en boomgaarden vandaag en over een goed begaanbare weg. Om kwart voor acht vertrok ik en om kwart voor drie had ik 29 km achter de kuiten. Ik zit nu met acht pelgrims (niet dezelfde acht van gisteren) in een gite. We hebben ieder een eigen kamer en er is een grote tuin bij. Ideaal, daar gaan we vanavond met zijn allen in eten, dus dat wordt gezellig. Al jaloers? Na aankomst heb ik gedoucht, mijn wasje gedaan en toen bellen, dus ik begin weer terug in het ritme te komen. Er zit trouwens veel te veel in mijn rugzak, allemaal troep die ik vast niet nodig heb. Geer zegt: Gooi maar aan de kant van de weg“?, maar dat gaat natuurlijk niet, ik ben wel een Hollandse pelgrim en die gooit niet zomaar dingen weg. 

    Ik heb vandaag een heel stuk gelopen met een Noor, Terry. Hij is altijd piloot geweest en is dus heel bekend op Schiphol. Maar, zoals hij zelf zegt, de rest van Nederland kent hij totaal niet. Hij is al een poosje opa en had genoeg van het oppassen en het huishouden doen. Wat wel grappig is, is dat hier allemaal mensen lopen, die de tocht al eerder hebben gedaan. We zijn dus oude rotten onder elkaar. Ach ja, die beginnelingen nemen deze route natuurlijk niet.  

    Morgen ga ik 25 kilometer lopen en dan““““““ stap ik op de bus!! Ja goed, kom maar op met je commentaar, maar bedenk daarbij dat ik tenminste eerlijk ben. Op de eerste plaats heb ik de hele tocht een keer gelopen, dus ik mag nu best af en toe smokkelen van mezelf en op de tweede plaats gaat het laatste stukje van 5 km alleen maar over industrieterrein en daar loop ik niet op te wachten. Morgen hoop ik dan in Montpellier aan te komen en dan ga ik vervolgens het centrum bekijken, maar eerst op zoek naar een simkaart! Nu moet ik echt gaan eten!!   

     

      

     

    Mon
    23
    Apr '07

    Het is wennen

    Ziezo, vanmorgen om half negen ben ik vertrokken en nu ben ik na zo’n 23 kilometer met open armen ontvangen in de kathedraal van St. Giles. Ik kreeg zelfs een speciale stoel aangeboden om op te zitten en er werd ook gezoprgd voor een onderdak. Ik slaap vanavond in een huis van de kerk. Ik dacht dat ik zo ongeveer de enige was, maar ik zit vanavond in de bar aan tafel met acht andere pelgrims voor het pelgrimsdiner. 

    Het eerste stuk ben ik langs de Rhone gelopen, erg mooi en daarna tussen de wilde paarden in de Camargue. Het is een prachtige streek en ik liep door wat ik al dacht dat het rijstvelden waren, maar dat heb ik toch maar even gecheckt. Een paar weken gelden riep ik dat ik door een vogelreservaat in de Wijdewormer was gelopen en dat bleek toen een soort baggerveld te zijn. Je ziet, Jinze, ik ga niet over één nacht ijs en het waren inderdaad rijstvelden, die onder water staan. 

    Over ijs gesproken, het is hier heerlijk warm, ik zeg het maar even. 

    Vervolgens ben ik nog heel veel kleine riviertjes overgestoken en toen was ik er. Mijn voeten hebben zich en mij (even doordenken) uitstekend gedragen vandaag, maar verder moet ik weer aan het ritme wennen en is het nog rommelig voor mijn doen. Ik ging vanmiddag douchen na aankomst en toen ik me uitgekleed had, kwam ik erachter dat ik geen handdoek had. ”Thuis vergeten“?, dacht ik bezorgd en heb mij weer aangekleed om vervolgens een half uur heen en terug naar een supermarkt te lopen om een handdoek te kopen. Dat is allemaal prima gelukt en zo kon ik weer douchen en me ook nog afdrogen met mijn nieuwe handdoek. Het was alleen een beetje pijnlijk toen ik, fris gebaad, mijn rugzak ging ordenen en “.. daar keurig opgevouwen mijn handdoek in vond. 

    Verder heb ik vandaag in allerlei tabacs een simkaart proberen te scoren, maar dat is niet gelukt helaas. Ze schijnen nu eert een kopie van mijn paspoort ergens naar toe te moeten sturen en daar heb ik natuurlijk geen tijd voor. Nu bel ik in een telefooncel, roep tegen Geer het nummer en die belt me dan terug. Wel lekker goedkoop voor mij, maar het is toch lastig dat ik mijn mobieltje niet heb om onderweg vast slaapplaats te regelen voor ’s avonds, dus ik hoop dat het in orde komt. Het zal echter nog wel een paar dagen duren voor ik een ‘echte’ telefoonwinkel tegenkom. Tot die tijd moet de pelgrim dan maar eenzaam ronddolen. 

    Morgen moet ik ruim dertig kilometer lopen, dus dat zal wel iets zwaarder zijn dan vandaag en ik weet niet of er aan het einde weer een telefooncel op mij wacht, maar dat merken jullie dan vanzelf wel.   

     

    '

    De eerste dag is gewoon zitten

    Nou, dat was wel een heel ander begin dan vorig jaar, moet ik zeggen. Om half acht vertrok mijn trein uit Amsterdam CS en om daar te komen was alleen al een hele toer. In Amsterdam kun je niet parkeren, dus met de trein vanuit Zaandam leek wel een goed idee. Alleen“.de eerste trein vertrok pas om half acht en daar heb je niets aan natuurlijk.Dus we zijn met de auto naar Amsterdam-Noord gereden en hebben daar de pont naar het Centraal Station genomen. Dus uiteindelijk weer vanaf de pont en dat was dan weer net als vorig jaar. 

    De reis zelf naar Arles is prima verlopen. Ik zou er vanavond om half acht zijn, maar ik was er al om zes uur. En ik wil jullie natuurlijk niet meteen de ogen uitsteken, maar het is hier prachtig weer, zo’n 25 graden en iedereen zit buiten. Dus dat wordt vanavond buiten eten. Ik zit nu in een hotelletje, dus wie doet me wat. Ik ben nog wel even op stap geweest, maar het is zondag dus alles is dicht. 

    Ik wilde morgenochtend mijn eerste stempel halen in het kerkje op de Alyscamps. Dat is een oude Romeinse begraafplaats, die later erg gewild was onder de Christenen ook. Iedereen wilde zich daar laten begraven, ook mensen die ver buiten Arles woonden. Die lieten dan hun doden in een kist gewoon in de Rhone wegdrijven, dan kwamen ze vanzelf in Arles terecht. Ze gaven wel een goudstuk mee voor de kosten. Nu nog staan er overal de sarcophagen, maar ook in het kerkje is niet veel leven meer, want je kunt er nog wel een stempel krijgen, alleen arriveert de pastoor pas ’s middags om 4 uur. Dus dat laten we dan maar zitten, want ik wil morgen op pad!! 

     

    Thu
    19
    Apr '07

    Je geeft ze een vinger…..

    Ja, zo gaat dat dan. Je denkt: “Laat ie nou maar naar Santiago lopen, dan hebben we dat weer gehad”. Mis dus. O, in het begin was het napraten en als mensen vroegen wat zijn volgende plannen waren, zei hij tegen mij: “Iedereen denkt nu dat ik volgend jaar weer ga lopen, hoe komen ze daar toch bij?” Ik zei niets, maar dacht er het mijne van natuurlijk. En zo halverwege de winter veranderde de toon al wat in: “t Was fantastisch, ik zou het best nog eens willen doen. Niet het hele stuk natuurlijk, maar een klein eindje of zo”. Naïef zei ik: “Nou, dan doe je dat toch deze zomer? Je hebt tijd genoeg” Ik dacht aan af en toe een weekje of zo, want, zoals me herhaaldelijk verzekerd werd, “Ik ga natuurlijk niet zo lang”. 

    De volgende zet was: “Als ik nou met de trein naar Arles ga, dan kan ik weer door de Pyreneeën lopen” “Waar kom je dan uit?”, vroeg ik argeloos. “Ja, wat denk je? In Santiago natuurlijk!” Ik zei nog bedremmeld: “Ik dacht dat je niet meer zo lang zou gaan”, maar werd meteen schaakmat gezet: “Dat is toch ook zo? Dit is ‘maar’ een maand of drie!!” 

    Ach, alles went en deze drie maanden zullen ook wel weer voorbijvliegen, net als de vorige keer. En eerlijk gezegd, ik geef hem groot gelijk. Wat moet je nou dag aan dag hier doen? Met een variatie op het spreekwoord: “Beter een blije vent in de verte dan een sikkeneurige naast je”. 

    De voorbereidingen zijn een stuk rustiger verlopen dan vorig jaar. Er hoefde niet zoveel meer aangeschaft te worden, er is wat rustiger getraind en nu is alles klaar om weer van start te gaan. Aanstaande zondag, 22 april, klinkt dan het startschot weer. Nou ja, startschot, het begint met een comfortabele treinreis. Om kwart voor zeven vertrekt de trein hier van station Kogerveld, Marnix en ik reizen mee tot Amsterdam CS (ja, als we maar met onze kont in een trein kunnen zitten, gaat het wel lekker). Zondagavond hoopt Theo in Arles te zijn en vanaf maandag, als ik per auto de 12 km naar mijn werk afleg, loopt mijn pelgrim de eerste kilometers. Ieder zijn camino, zullen we maar zeggen.  

    Ik verheug me er erg op jullie allemaal weer via de website te ontmoeten!! Gery 

    Wed
    18
    Apr '07

    Terug naar de Camino

     Nadat ik in 2006 weer thuis was, vroegen veel mensen mij wanneer en wat ik nog voor plannen had. Nou had ik die in het geheel niet op dat moment, want ik was nog helemaal vol van de geweldige tocht die ik toen net achter de rug had. Maar toen  de ‘ ‘kruitdampen’ een poosje later wat opgetrokken waren, begon ik mezelf dat ook af te vragen: Wat nu? Ik had bijvoorbeeld naar Rome kunnen lopen, nietwaar? Of laten we zeggen van Londen naar Wenen, dat ook een lange-afstandspad is. Maar met de ervaringen van de camino nog vers in het geheugen wilde ik graag die indrukwekkende tocht nog een keer doen. De sfeer onderweg is zo fantastisch dat ik dat best voor een tweede keer wil meemaken, nu het nog kan. Er zijn mensen die deze tocht bijvoorbeeld eenmaal in de vijf jaar doen,maar gezien de leeftijd is dat misschien een beetje riskant voor mij. Bovendien: de gezondheid laat het nu nog toe en zoals ik vorig jaar in de mist op Fisterra al zei: ”Je kunt  niet in de toekomst kijken“?.  Gery is het met mij eens, alhoewel ze er ook wel een beetje tegenop ziet, geloof ik, om weer een paar maanden alleen te zijn. Maar de afstand vanaf Arles naar Santiago moet in ca 3 maanden gelopen kunnen worden. En dat is dan anderhalve maand korter dan vorig jaar vanuit Zaandam.  Het startpunt Arles is sinds de Middeleeuwen al een verzamelpunt voor pelgrims die dan vooral uit Zuid Europa (de Provence en Italie) daar samenkwamen om in grote groepen dan verder te gaan. Dat was voor de veiligheid, want alhoewel pelgrims beschermde reizigers waren, gebeurde er nogal eens wat onderweg. Ik wandel dan van Arles naar Toulouse en vandaar naar Oloron Ste-Marie. Dan heb ik de keuze: of ik steek de Pyreneeen over bij de Col de Somport en ga verder naar Puente la Reine om daar de route van vorig jaar verder te volgen, of ik loop door naar St. Jean Pied de Port om vervolgens via de gewone weg naar Biarritz/Hendaye te gaan. Vandaar kan ik de Camino del Norte volgen. Die loopt langs de noordelijke kust van Spanje via San Sebastian ““Guernica (beroemd van het schilderij van Pablo Picasso)- Bilbao (waar ik het beroemde Guggenheim museum wil bezoeken) – Santander ““ Picos de Europa ““ Gijon ““ Ribadeo en vervolgens via Arzua weer naar Santiago de Compostela. De laatste route trekt mij het meest omdat de reis dan weer heel anders is dan vorig jaar. Maar ik weet het nog niet zeker, want de sfeer op de Camino Frances trekt mij  toch ook wel weer. Nou ja, als pelgrim moet je leren loslaten, dus we zien wel hoe het komt. 

    Vanaf januari heb ik wat getraind, maar nu de datum dichterbij komt, word ik toch wat onzeker daarover… was het wel genoeg? Vooral de eerste dagen zijn de etappes nogal lang, dus dat wordt afzien voor Pelgrim Theo. Ook dat hoort bij pelgrimeren, maar toch. Ik neem wel minder mee dan vorig jaar. Maar toen ging ik ook eerder in het jaar en hier vandaan. Dus alles was nog op de wintertijd berekend. 

    Kortom, het is weer zoals vorig jaar: je kunt geen enkele zekerheid meenemen. Loslaten dus toch!!! 

    Gery en Marnix willen de weblog weer gaan bijhouden, dus mensen, kom maar op met jullie commentaar. Het geeft een kick onderweg om te zien dat zoveel mensen met je meeleven. Of is dat dan weer ‘hoogmoed’? Ook de rubriek ‘kaarsje branden’ is weer beschikbaar. Ik hoop daar dan weer aan te kunnen voldoen, want dat betekent dan dat ik aankom in Santiago. 

    Ik hoop dat jullie evenveel plezier aan de weblog beleven als ik aan het wandelen, en met de groet van de Spanjaarden gaan wij allen op onze eigen wijze van start: 

    VAYA CON DIOS 

    Theo  

     

    Mon
    4
    Sep '06

    Weer thuis

    Thuiskomst Almanak 2 1

    Je behoort zaken echt af te sluiten, dus daarom nog even een verslag van de thuisreis. Op maandagmorgen 28 september ben ik om 9.05 uur op de trein gestapt die mij van Santiago naar Hendaye aan de Franse grens moest brengen. Ik wilde beslist niet met het vliegtuig, omdat dat me te snel zou gaan. Nou, St. Jacobus heeft hier beslist gehoor aan gegeven: de trein moest om 20.35 uur in Hendaye aankomen, maar helaas, de remmen liepen vast en we stonden stil midden op de meseta. Vijfendertig graden en geen schaduw, geen drinken en geen airco meer in de trein. We mochten er in eerste instantie niet uit, want de zaak zou snel gerepareerd worden. Dat viel kennelijk tegen, want na een uur was er nog geen beweging in de trein te krijgen. Degenen die dat wilden, mochten toen wel uit de trein en daar stonden wij toen met zo’n 250 passagiers in de middle of nowhere te wachten op een andere locomotief, die de onze eerst moest meenemen en dan weer terug moest komen om ons op te halen. Kortom, we hebben daar ongeveer drie uur stil gestaan. Dus kreeg ik alle tijd om mij te realiseren dat ik echt onderweg naar huis was. Het gevolg was wel dat wij te laat in Hendaye zouden arriveren voor de TGV naar Parijs die om 11 uur ‘s avonds zou vertrekken. Maar ziedaar, die trein stond nog te wachten toen wij uiteindelijk in Hendaye aankwamen. Overigens, zonder dit oponthoud, was het best een leuke reis geweest want de trein komt langs een reeks plaatsen waar ik ook al geweest was.
    Maar goed, we arriveerden exact op tijd, om 6 uur, in Parijs zodat ik nog 55 minuten had om van het Gare d’ Austerlitz met de metro naar het Gare du Nord te komen. Op het Gare du Nord vraag ik aan iemand in een loket waar de Thalys naar Amsterdam staat. Hij legt het uit, maar in de haast loop ik verkeerd. Galmt het ineens heel hard over het enorme station door de luidsprekers: “Saint Jacques, à droit s.v.p.!!” Hij herkende waarschijnlijk de schelp op mijn rugzak en wist dus dat ik in Santiago was geweest. Iedereen kijken natuurlijk wie daar verkeerd liep. Het voordeel was dat de controleurs voor de Thalys wisten dat ik er aan kwam. Dus ben ik snel ingestapt en een plaats gaan zoeken. Helaas, daar zit al een meneer op mijn stoel. Ik vraag beleefd of hij wel zeker weet dat dit zijn plaats is en ja hoor, het klopt. Ik kijk nog eens goed naar mijn biljet en wat blijkt? Bij de reservering is een fout gemaakt: twee biljetten zijn gedateerd op 28 augustus 2006 en het derde van Parijs naar Amsterdam is gedateerd op 28 september 2006. Het was mij niet opgevallen, maar het was inderdaad zo. Uiteraard geeft dat dan weer discussie met de conducteur die de kaartjes controleert, maar nadat wij samen tot de conclusie waren gekomen dat het de Spanjaarden waren die er een bende van hadden gemaakt, mocht ik een plaats uitzoeken en blijven zitten tot Amsterdam.

    En zo kwam ik dan om 11 uur dinsdagochtend aan op station Sloterdijk. Vandaar ben ik gaan lopen naar de pont en daar ben ik om half een gearriveerd in de stromende regen. Aan de Zaanse kant zag ik al mensen staan. Gery en Marnix uiteraard en veel familie en vrienden. Geweldig dat die de moeite hadden genomen om in dit noodweer hierheen te komen. Ik kreeg een geweldige ontvangst met bloemen en zelfs een sjerp.
    Daarna ben ik naar het Kunstcentrum gewandeld. Het was heel leuk iedereen weer te zien en ik zag natuurlijk weer de kans schoon mijn credencials met alle stempels te laten zien. Ja, jullie kunnen wel zeggen: “De opschepper”, maar ik ben daar apetrots op. Ook de Compostela komt dan steeds weer tevoorschijn natuurlijk.

    Vervolgens ben ik naar huis gelopen. Daar hadden de buren de boel versierd met slingers en een bordje voor de deur gezet met een richtingaanwijzer waarop stond: ‘de laatste stempelpost’. Ook was er een spandoek en appeltaart die door de buren gebakken was. Bovendien een gouden medaille voor de prestatie. Het was overweldigend allemaal.
     
    Nu is het allemaal voorbij en ik probeer weer in het gareel te komen. Dat valt niet mee. Enerzijds heb ik veel te doen, maar anderzijds komt er niets uit mijn handen. Het is ook zo druk ineens en eigenlijk zou ik de rust van de Camino wel willen behouden. Maar of dat gaat lukken?? Ik betwijfel het. Maar ja, het zal allemaal wel weer wennen, hoop ik.
    In ieder geval wil ik iedereen bedanken voor de reacties op de weblog, brieven, kaarten, telefoontjes, etc.
    De tocht was een droomwens die meer dan 30 jaar geleden ontstond en nu gerealiseerd kon worden. Natuurlijk vooral ook omdat Gery me hierin zo ontzettend gesteund heeft. Het is veel meer geweest dan een lange wandeling, het is uiteindelijk een echte pelgrimage geworden, die mij meer heeft gegeven dan ik ooit gehoopt of verwacht heb.
    Ik denk dat ik nog wat tijd nodig zal hebben om te bevatten wat deze ervaring mij opgeleverd heeft.
    Voor nu: het ga jullie goed, en nogmaals BEDANKT!!!    

    Sun
    27
    Aug '06

    Nog even het thuisfront

    Aan het einde van de pelgrimstocht willen Marnix en ik jullie graag laten weten dat het ook voor ons een heel fijn gevoel is dat Theo deze tocht heeft mogen en kunnen maken. We hebben heel veel plezier gehad aan het bijhouden van de website en alle mooie, grappige, hartelijke en ontroerende reacties hebben ons de afgelopen maanden heel erg geholpen de tijd door te komen. Wij zijn natuurlijk erg trots op Theo, maar het is veel meer dan dat. Blijdschap dat één uit ons gezin dit heeft gedaan en wij zodoende alledrie de toekomst met vertrouwen tegemoet kunnen zien. En te weten: we horen bij elkaar, in kwade en in goede dagen.

    Dank jullie allemaal! Wie Theo op dezelfde manier wil begroeten als we op 8 april vaarwel hebben gezegd: Op 29 augustus om 12.30 uur steekt Theo met de pont over en loopt naar het Kunstcentrum voor de koffie. Daarna loopt hij naar huis. Wie mee wil lopen, is weer welkom. Hopelijk regent het niet zo hard als toen hij vertrok!
    We zullen vast nog wel iets van ons laten horen na thuiskomst, maar voor nu: Alle goeds voor jullie allen!!

    Marnix, Gery

    Fri
    25
    Aug '06

    Finisterre: einde van de wereld, einde van de camino

     Dag 139  km 41,32     stappen 58.888

    TOTAAL KM 3240,79               TOTAAL STAPPEN 4.550.469

    De allerlaatste dag van mijn camino heb ik nog even het record van de dagafstand verbeterd en meer dan veertig km gelopen. Het paard rook zeker de stal……. Alhoewel…..

    Gisteravond hebben we met zo’n twintig pelgrims samen soep en brood gegeten in een oude boerderij. Heel gezellig. Daarna was het de laatste nacht in een albergue. Vanmorgen heb ik lang kunnen slapen, want de zon komt hier steeds later op en het wordt pas tegen half acht licht nu. Daarna moest ik bijna twee uur lopen voor ik een ontbijt kon scoren. Het regende heel erg hard en voordat ik aankwam in het café was ik al doornat. Als het mooi weer was geweest, was het misschien wel een mooie tocht geweest, maar nu was het zicht niet meer dan honderd meter. Ik liep over een heide met heel veel bloemen en echt paars zoals een heide hoort te zijn. Jammer genoeg was het niet overal zo, want heel veel was ook verbrand. Kilometers lang heb ik door een verbrand bos gelopen. Daar word je dan niet blij van. Daarna kom je aan de kust en dan zie je al meer dan 10 km van tevoren de vuurtoren van Fisterra. En dan is het nog erg ver. Maar het einde vergoedt veel, want Gery en Marnix verwachtten mij tegen 6 uur bij de kaap.

    En dan is het toch een ander gevoel van aankomen dan in Santiago. Hier is echt het einde van de reis. In Santiago was het doel bereikt, maar hier is het echt het slotaccoord.

    DSCF0726

    Ook hier heb ik alle rituelen uitgevoerd die van pelgrims verwacht worden.
    Na de foto bij het kruis koos ik in mijn geval maar niet voor het verbranden van mijn schoenen. Ik koos voor het verbranden van het T-shirt, dat van mijn vader is geweest en dat ik al die tijd gedragen heb.

    DSCF0736

    Bijna symbolisch was de mist die boven zee hing toen ik daar was. Je kunt niet in de toekomst kijken, maar de misthoorn bleef wel blazen als waarschuwing.

    De pelgrimage is ten einde.

    Thu
    24
    Aug '06

    Soep en brood

    Dag 138  km 34,38     stappen 48.839 / totaal km 3199,47     totaal stappen 4.591.581

    Gisteravond was er geen restaurantje in de buurt, dus ik moest naar de supermarkt. Daar heb ik een guiche gehaald, die ik in de keuken van de refugio heb opgewarmd. Toen hij eenmaal heet was, liet ik hem vallen. Ik heb hem wel zo goed mogelijk opgeraapt natuurlijk en wat nog eetbaar was, opgegeten.

    Vanmorgen ben ik weer op weg gegaan en kon toen na twee uur pas een ontbijtje scoren, dus dat was hongerlijden. Van schrik moest ik toen om 11 uur al mijn lunch nuttigen, want daarna zou er niets meer komen. Dus jullie begrijpen dat ik nu honger heb. Maar in de refugio hier in Olveiroa is ook niets te vinden. De eigenaar is bereid om soep te koken voor ons, dus vanavond wordt het soep en brood, ook geen vetpot. Jullie zien, het blijft afzien tot het eind. Nou ja, afzien??? Ik vind het nog steeds elke dag fantastisch, ook nu nog. Het grappige is dat hier op de hele route maar 3 refugio’s zijn, dus hoe je overdag ook loopt, je komt elkaar ‘s avonds allemaal weer tegen en dat is gezellig. Er is nog een Franse meneer, die uit Lyon vertrokken is, verder is iedereen uit Spanje zelf vertrokken, dus ik ben als enige overgebleven, die vanaf het begin gelopen heeft. Waar ik nu kom en mensen die ik nu spreek, zeggen dan ook: “O, bent u dat? Ik heb al van u gehoord!” Een levende legende, zal ik maar zeggen en dat past wel bij zo’n pelgrimsroute. Eerlijkheidshalve moet ik dan wel bekennen dat ze over iedereen praten, die ze ontmoet hebben, dus de stralenkrans verbleekt alweer behoorlijk.

    Ook vandaag heb ik heel veel door verbrande bossen gelopen en ik heb me voorgesteld hoe angstig dat moet zijn geweest, als je het vuur tot op 10 meter van je huis ziet naderen.

    Marnix en Gery houden ondertussen vakantie en schijnen zich prima te vermaken, dus eind goed, al goed. Nu was het goede begin al het halve werk en daartussenin heb ik ook erg genoten, dus niets te klagen. Morgen ga ik kijken hoever ik kom. Het is nog 40 km naar Cap Finisterre en dat betekent dus een heel lang stuk of twee korte stukken. Het hangt van het weer af. Als het regent, worden het twee korte dagen. Als het mooi weer is, probeer ik het in één dag. We zien het wel!

    Wed
    23
    Aug '06

    Weer op weg

    Dag 137  km 25,65     stappen 36.646 / totaal km 3165,09     totaal stappen 4.542.742

    DSCF0696

    Vanmorgen ben ik weer van het plein voor de kathedraal vertrokken, nagezwaaid door Marnix en Gery. Ik vond het heerlijk weer aan de wandel te gaan.

    Eerlijk gezegd dacht ik dat ik nu niet meer hoefde te klimmen, maar af zou dalen naar de zee. Dat had ik dus goed mis. Het was weer een steile route met heel veel klimmen, dus ook het laatste stuk krijg ik niet cadeau. Zo hoort het ook natuurlijk, afzien tot het einde, nietwaar? Al een paar kilometer buiten Santiago kwam ik de eerste verbrande bossen tegen en dat is de hele weg zo gebleven. Een bijzonder triest gezicht en je ziet hele verbrande stukken vlak langs de huizen, tot zelfs de bomen in de tuinen van de huizen die verbrand zijn. Het moet behoorlijk angstig geweest zijn voor de mensen. Opvallend is dat je bomen ziet, die van onderen helemaal verbrand zijn en van boven alleen erg verschroeid, het blad zit er nog aan.

    Ook opvallend is trouwens dat er ineens geen Spanjaard meer te zien is. De route is heel rustig en alle pelgrims die je ziet, zijn buitenlanders. Ik zit nu in een refugio in Negreira met een stel Duitsers, een paar Amerikanen, een Frans meisje en ik. Maar geen enkele Spanjaard. De stemming is ook anders, ik zou bijna zeggen: erg relaxed. Iedereen heeft zoiets van: We hebben het al gehaald, dit is een extra toegift. Een toegift, waar ik weer erg van geniet, ook al is het luxe leventje weer even voorbij. In plaats van een ligbad sta ik nu weer in een doucheruimte met 4 douchekoppen en allemaal tegelijk eronder. Maar daar staat tegenover dat ik vannacht slaap voor € 5 en dat doen Marnix en Geer me vast en zeker niet na!

    Tue
    22
    Aug '06

    Een dag voor mij en voor jullie

    Vandaag was een dag voor mij en een dag voor jullie, voor allen die mij zo trouw hebben gevolgd en hebben meegeleefd tot aan mijn aankomst.

    Vanmorgen ben ik weer naar de kathedraal gegaan om mijn hand op de pilaar te leggen, waar duizenden, waarschijnlijk miljoenen pelgrims voor mij hun hand hebben gelegd en waar in het marmer een hand is uitgesleten. Of je het nu onzin vindt of niet, maakt niet uit, het heeft op mij weer veel indruk gemaakt, juist omdat al die mensen voor mij hier ook hebben gestaan. Symbolisch betekent het een soort dank aan Jacobus omdat hij je tijdens de reis heeft geholpen.

    Vervolgens ben ik, ook samen met duizenden anderen achter langs het beeld op de graftombe van Jacobus omhoog geklommen, waar je dan de handen op de schouders van het beeld kunt en mag leggen. In de kathedraal zelf zie je al die mensen voorbijtrekken en steeds twee handen om het beeld.

    Daarna was het tijd voor jullie om de beloofde kaarsen te branden:

    DSCF0682  

    Dat viel nog niet eens mee, omdat er in de kathedraal zelf geen kaarsen zijn, maar alleen elektrische lichtjes. Dat vond ik niks, dus eerst maar buiten kaarsen gekocht en voor alle mensen die daarom gevraagd hebben, aangestoken en gewenst dat het jullie allen goed mag gaan!

    Daarna zijn we op ons gemak door Santiago gewandeld. Natuurlijk zijn er veel toeristen, maar het is een prachtig Middeleeuws centrum en overal komen de pelgrims aan of lopen rond. Dat maakt toch dat er een andere sfeer heerst, dat het stadje doortrokken is van het doel van ontstaan: een pelgrimsoord. Eerlijk gezegd had ik een soort Lourdes verwacht en natuurlijk kun je er de meest vreselijke souvenirs kopen die je maar kunt bedenken, maar tegelijk is het een vrolijke stad en zie je overal in de straten muzikanten. Gisteravond om 11 uur hebben we nog staan genieten van een hele groep zangers en iedereen was blij en vrolijk. Deze stad heeft toch sfeer.

    En toen ben ik dus vanmorgen ook mijn post gaan halen op het postkantoor. Volgens de beambte was er niets voor mij, maar inmiddels ben ik wijzer geworden. Dus ik zei dat ze onder Otter moesten kijken en niet onder Den. Nee, daar was ook niets te vinden volgens hem. Maar dan komen er weer anderen bij en blijkt dat de man onder Mattheus heeft gezocht.  En toen moest ik met alle kaarten en briefjes en goede wensen eerst maar eens even uitgebreid op een terras gaan zitten.

    DSCF0684    

    Het was weer geweldig en ik kon het weer niet droog houden, maar mijn troost was dat Gery daar ook moeite mee had. Ook post van de mensen die ik niet ken, maar de website gevolgd hebben. Jannie en Jaap, Janneke van het Kunstcentrum, Bep, Heleen en Stephen, Peter, Jan den Otter, Arij en Ellen, Rina en Andries, Bas en Caty, Joke uit Australië, het was fantastisch!!! Heel hartelijk dank en hiermee tegelijk ook aan alle mensen die me gesteund hebben op welke manier dan ook: met sms-jes, met vragen aan het thuisfront, enz.

    Morgenochtend vertrek ik voor het laatste stuk naar Cap Finisterre. Ik heb hier bij de VVV een route gekregen. Volgens de vrouw daar stond de route verder altijd goed aangegeven. Stond, want nu na al die branden is het niet zeker dat het er allemaal nog is. Maar ik kom er wel……….aan het eind van de wereld.

    Gery en Marnix vertrekken morgen ook in die richting en zoeken dan in de buurt van Cap Finisterre een hotel. Niet zeker is of ze dan een  internetcafé vinden, maar ze zullen het zeker proberen zodat jullie tot het allerlaatste op de hoogte blijven. Mocht het niet lukken, zondag zijn we nog een dag in Santiago om het enorme wierookvat te zien zwaaien en dan komt er alsnog een bericht op de website. Tot de volgende keer!  

    Mon
    21
    Aug '06

    De blijde intocht

    Dag 136  km 5,72 stappen 8169 / totaal km 3139,44 totaal stappen 4.506.096

    DSCF0664 1

    Nou ja, blij, het had nog heel wat voeten in de aarde voor we elkaar gevonden hadden. Ik kom aan op het plein voor de kathedraal en verwacht mijn familie daar te zien, maar nee hoor. Dus ik wacht en ik wacht en sms en sms, krijg bericht terug dat ze allang op me staan te wachten. Alleen……… bij een zij-ingang in plaats van bij de hoofdingang. Ach ja, ze zijn ook niks gewend als ze in het buitenland zijn.

    Maar alles kwam goed en het ongelooflijke is waar: Ik ben gearriveerd in Santiago de Compostela!!!! Na meer dan 3100 km gelopen te hebben en na viereneenhalf miljoen stappen gezet te hebben, heb ik mijn doel bereikt!!!!

    Het geeft een heel dubbel gevoel: Fantastisch dat ik het heb gehaald en ik heb een fantastische voettocht gehad, maar wat jammer dat het nu voorbij is.

    Eerst maar een kopje koffie gedronken en daarna zijn we met zijn drieën naar de mis gegaan. Een mis met 12 heren, zoals dat heet. Het was wel indrukwekkend, al werd het grote wierookvat niet gezwaaid. Dat doen ze alleen op zaterdag en zondag.

    En toen naar het bureau van de pelgrims om mijn Compostela te halen. Ik was niet de enige, er stond een rij vanaf onderaan de trap tot bovenaan toe, allemaal pelgrims.

    DSCF0674

    Maar hier is ie dan toch, de felbegeerde Compostela!

    Ja, en nu wordt het dus een paar dagen ‘vrije tijd´. Vandaag en morgen blijven we in Santiago de Compostela en dan ga ik woensdagochtend door naar Cap Finisterre. Gery en Marnix komen me dan daar ophalen en dan kunnen we zondag ook nog het wierookvat zien zwaaien voor we de thuisreis aanvaarden.
    En wanneer ik thuiskom? Ja, ook dat moest geregeld, al wil ik er niet aan. Ik vertrek maandag 28 augustus om tien over vijf ‘s middags met de trein om dan de andere dag, 29 augustus, om half één ‘s middags ongeveer in Amsterdam-Sloterdijk uit de trein te stappen. En dan gaat voor de laatste keer de rugzak om de schouders, want dan kom ik verder teruglopen naar huis. Net zoals ik gekomen ben: over de pont en wellicht met halverwege een kopje koffie bij het Kunstcentrum.

    Maar eerst nog even uitstel: op naar Finisterre!

    Sun
    20
    Aug '06

    Heel dichtbij

    Dag 135  km 15,9   stappen 22.710 / totaal km   3133,72     totaal stappen 4.497.927

    Ik begin nu wel heel dichtbij te komen, want vanmorgen liep ik langs het vliegveld, waar Gery en Marnix vanmiddag aankomen. Er zaten bossen voor, dus ik had het niet gezien, maar hoorde ineens een hels lawaai en dat was een vliegtuig dus. Ja, zo gaat dat, het einde nadert nu snel.

    Ik ben weer door de eucalyptusbossen gewandeld en ben gestopt op de Monte Gozo. Op de berghelling hebben ze voor het bezoek van de Paus in 1999 of daaromtrent een waanzinnig dorp gebouwd van stenen barakken. Nu zijn het refugio ´s en er kunnen nu in totaal achthonderd mensen slapen. Dat werd me toch een beetje al te gek, dus ik heb een hotel genomen. Dat is trouwens ook een barak, maar dan iets luxer. Het is geen fraai gezicht. Vanmiddag heb ik natuurlijk even siësta gehouden zoals het hoort. Daarna dacht ik: ¨Wat zal ik nu eens gaan doen? ¨en besloot dat ik maar eens een eindje ging wandelen! Ik ben naar de top van de Monte Gozo gelopen. Daar staat een groot beeld van een pelgrim, ook neergezet ter ere van de Paus, omdat hij daar heel veel jongeren heeft toegesproken. Toen was het weer tijd voor een pilsje en dat heb ik gedronken met drie Spanjaarden. Niet dat wij ook maar één woord van elkaar verstonden, maar dat mag me niet hinderen, met handen en voeten kom je een eind. Ik heb ze uitgelegd dat ik vier talen sprak, maar me desondanks hier niet verstaanbaar kan maken, wat hen tot tevredenheid stemde. Onzin dus, een vreemde taal leren. Bovendien kunnen de mensen uit Andalusië de mensen in Galicië ook niet verstaan, dus er is geen beginnen aan.

    Gery en Marnix zijn inmiddels gearriveerd, dus morgenochtend zien we elkaar op de trappen van de kathedraal. Om Suzanne te plezieren heb ik het een half uurtje later gezet, dus nu wordt het half tien wat de ´blijde intocht ´betreft.

    Sat
    19
    Aug '06

    Laatste nieuws van het thuisfront

    Ziezo, de koffer staat klaar en morgenochtend om kwart over zeven is het afmars geblazen. Op naar Santiago, waar we morgenmiddag om een uur of drie zullen aankomen als alles goed gaat. Dus dan hebben we misschien nog net tijd om gladiolen te kopen voordat Theo bij de kathedraal arriveert. Dat hoopt hij maandag te doen. Dan hopen wij dat hij een dagje in Santiago wil blijven voor hij het laatste stukje naar Cap Finisterre gaat lopen, maar met die man weet je het nooit. Wij hebben de eerste nacht een hotel geboekt in Santiago en verder hebben we een heleboel adressen bij ons van overnachtingen om en bij Finisterre, dus we zien wel hoe het verder loopt.
    Ik krijg nu veel vragen wanneer we weer terug zijn. Van Marnix en mij weet ik in ieder geval dat wij op 28 augustus ‘s avonds om kwart voor twaalf weer aankomen, maar ik ben bang dat dit jullie minder zal interesseren. Wat Theo ‘s thuiskomst betreft echter weten we nog niets. Hij moet namelijk in Santiago nog een terugreis regelen. Ik dacht in mijn onschuld dat hij ook het vliegtuig zou nemen, maar daar ging hij zo verschrikt van praten dat ik dacht met een acuut geval van vliegangst te maken te hebben. Maar nee, de aap kwam weldra uit de mouw: “Dat gaat veel te vlug!!” Nou, de mensen die ooit zelf de tocht hebben gelopen, zullen nu ongetwijfeld begrijpend zitten knikken en ik moet zeggen dat ik mij daar ook wel iets bij voor kan stellen. Mij maakt het ook echt niet uit, alleen heb ik hem op straffe van alsnog een echtscheiding bezworen dat hij in ieder geval na ons zal arriveren en dan ook nog op een ‘christelijke’ tijd. Ik heb het volgende plan bedacht: Ik haal hem van de trein of van Schiphol of desnoods van een boot, wat hij ook maar wil. Dan zet ik hem af aan de overkant van de pont, waarvandaan wij hem ook hebben uitgezwaaid en dan mag hij zelf naar huis komen lopen. Onderweg met dezelfde koffiestop als op de heenweg, dus bij het Kunstcentrum. Of dit gaat lukken weet ik niet, het ligt eraan hoe laat hij arriveert.
    Ongetwijfeld zijn er in Santiago en omgeving wel internetcafé ‘s en we zullen jullie dus op de hoogte houden. Natuurlijk ook van de ‘blijde intocht’ in Santiago en hoe het laatste stukje naar Cap Finisterre zal verlopen. Ik sjouw maar weer zijn nieuwe schoenen mee, want ik hoor alweer alarmerende berichten over de oude en het zou zonde zijn als hij om die reden Finisterre niet zou bereiken. Of hij zijn oude schoenen zal verbranden?? Ik weet het niet, ik heb zo’n idee dat hij dat niet zal doen, omdat hij eraan gehecht is geraakt. Ik heb er al over zitten denken om ze te laten verbronzen, maar heb geen idee of dat kan bij zulke enorme schuiten. Goed, dat is van later zorg.
    Het is ook voor mij een raar idee dat het straks over zal zijn. Ik sta ‘s avonds voor de landkaarten met prikkers en sta me dan nog te verbazen dat hij dat allemaal werkelijk gelopen heeft. Ik weet nog dat ik bij zijn vertrek maar twee prikborden mocht aanschaffen om de kaarten op te plakken, want “verder zou ik ze toch waarschijnlijk niet nodig hebben”. En moet je nou zien, de hele gang hangt vol!!!
    Hoe het zal gaan als hij weer thuis is? Moeilijk, moeilijk, moeilijk, denk ik, maar we hebben wel voor hetere vuren gestaan.

    '

    19-8-2006: De laatste stappen

    Dag 134  km 24,38     stappen 34.830 / totaal km 3117,82     totaal stappen 4.475.217

    Het heeft gisteravond zo verschrikkelijk geregend hier, dat ik aan Gery vroeg of het niet op het journaal geweest is. Alsof ze volle emmers tegelijk over je hoofd uitstorten. Ik lag in de refugio en kon niet slapen. Ik had het koud en dan moet je ook steeds plassen. Nou geeft dat op zich niet zo, maar de toiletten waren buiten, een meter of dertig van de voordeur af. Daar ben ik dan keer op keer heen gewaad door een laag water van 5 cm hoog, maar de pest is dat je, als je teruggewaad bent door al dat water, alweer moet.

    Maar aan alles komt een eind, vandaag heb ik prima gelopen. Vanmorgen waren er nog een paar forse buien, maar vanmiddag was het droog en minder koud. Kortom, het weer ziet er een stuk vriendelijker uit. Ik wandelde door de eucalyptusbossen en dat ruikt erg lekker. Overal staan hiet ook opslagplaatsen voor het mais. Dat zijn grappige gebouwtjes. Het zijn houten gebouwtjes met luchtgaten en die staan dan op grote rechtopstaande stenen, zodat er geen muizen en ander ongedierte bij kunnen. En het zijn echte Kelten hier, gek op hele grote stenen. Ik wandelde een stukje met een Bretons echtpaar uit Brest en we hebben  ons erover verbaasd dat je die Keltische invloeden nog steeds terugvindt in Galicië, Wales, Ierland en Bretagne. Zoals zij zeiden: “Als we de muziek hier horen en de  bouw van de huizen zien, is het net of we gewoon in Brest zijn”. Terwijl die landen onderling toch niet veel contact met elkaar meer hadden na de volksverhuizing. Je kunt je nu natuurlijk afvragen waar wij eigenlijk mee bezig zijn met onze normen over ‘aanpassen van buitenlanders’ en zo. Kennelijk is het altijd al zo gegaan, iedereen houdt vast aan zijn eigen normen en waarden, waar hij ook woont.

    Enfin, morgen is het de laatste dag voordat ik Santiago binnenwandel, de ontvangstcommissie kan komen!    

    Fri
    18
    Aug '06

    Geen milde regen, maar waterstromen

    Dag 133  km 26,25     stappen 37.652 / totaal km 3093,44     totaal stappen 4.440.387

    “Laat ook van die milde regen dropp’len vallen op mij neer” is één van de ‘gouwe ouwe’ liedjes die Gery zingt, maar volgens mij dacht de Heer vandaag: “Waterstromen wil ik gieten”. Het stortregende vanmorgen, vanmiddag en nu sta ik buiten te bellen en Gery hoort de regen op mijn poncho vallen, dus volgens mij zal het ook vanavond regenen. De wegen zijn één en al modder en ik dus ook. Dat zou niet geven, maar ik kan vanavond zelfs niet wassen, omdat ik niet weet hoe ik het droog moet krijgen. Dat wordt dan de eerste dag dat ik mijn wasje niet doe. Het is ook nog steeds erg koud, dus vannacht was het met kleren aan slapen en dat zal komende nacht weer zo zijn, want ze hebben hier geen deken. Dus ik word op het laatst toch nog een ‘ouwe vieze pelgrim’. Elke avond komt op het journaal een reportage over de vreselijke kou die hier heerst. In Madrid wordt het niet warmer dan 24 graden en dat kun je toch niet overleven??

    Overigens trek ik mijn woorden terug dat hier niets spiritualistisch of religieus te bekennen valt. Ik kom vandaag in een dorpje aan bij een kerkje en voor de kerk staat een pastoor in vol ornaat te wenken en te roepen: “Kom, kom!” Dus ik netjes naar binnen en inmiddels had hij al zo’n 30 mensen naar binnen gekregen, zodat hij gewoon een dienst kon houden. Dat vond ik erg leuk, ik had dat nog nooit meegemaakt. Na de dienst loop ik weer verder en na een paar kilometer weer een kerkje met pastoor in vol ornaat, die ons binnen probeert te krijgen. Dat is toch fantastisch? Ik zou zeggen: “Trouwe zieleherders, doe er iets mee!. Dit is tenminste klantenbinding”.

    Ik ben eigenlijk veel te vroeg gestopt, omdat ik bang was geen plaats meer in de refugio te vinden. Van schrik was ik hier in Rabadiso al om twee uur en Rabadiso is nou niet een plaats waar je uren rond kunt lopen. Met andere woorden: het is een gat van drie keer niks. Ik heb al om zes uur gegeten, vandaag met een Spanjaard en twee Canadezen, omdat de kroegen en restaurantjes hier ‘s avonds dicht gaan en dan heb je dus geen eten meer. Het is trouwens een armoedige streek, alles ziet er armoedig uit en van het toerisme zullen ze ook niet echt rijk worden, want ik betaalde voor een heel menu, met net zoveel wijn en water als je maar wilt, zegge en schrijve € 8,50.

    De refugio is weer in een oud hospitaal voor pelgrims met daarnaast een oud Romeins bruggetje en daar sta ik nu bovenop te bellen, anders heb ik geen bereik. Voor mij zitten nu een heel stel pelgrims op een stoeltje te blauwbekken, want de stoelen kunnen alleen buiten staan.

    Het leven in de refugio is nog steeds iets bijzonders. Als je ‘s middags binnenkomt, ligt het hele stel te slapen en als je dan een piepklein beetje herrie maakt omdat je toch je rugzak uit moet pakken, wordt er driftig “sst” geroepen. ‘s Avonds echter, als ik wil gaan slapen, is de heleboel tot leven gekomen en is het dus een herrie van jewelste. Denk maar eens aan een groep van 50 Italianen bij elkaar, dan kun je je ongeveer voorstellen hoe het klinkt. En ‘s morgens gaan de mobieltjes af en dat is ook een feest, want iedereen heeft zijn eigen weksignaal. Je hoort dus alle mogelijke signalen door elkaar heen, van Bach via trompetgeschal naar hanengekraai.

    Ik heb weer een stempel gehaald en erg gelachen. Ik heb natuurlijk een heleboel stempels inmiddels en naast mij staan een paar Spanjaarden en die zien die stempels. Dus dan is er de geijkte vraag: “Waar kom je vandaan?” en mijn geijkte antwoord: “Uit Amsterdam”. De ‘normale’ reactie is dan meestal bewondering. Nou, niet in dit geval dan toch. De Spanjaarden barstten gezamenlijk in luid gelach uit. Als ze uitgelachen zijn, zegt er één: “Maar meneer toch, wist je niet dat je maar honderd kilometer hoeft te lopen?” Zo zie je maar weer, ik hoef niet van hogerhand te horen dat ik niet op moet scheppen, mijn medepelgrims verklaren me gewoon voor gek. Wie gaat er nu drieduizend kilometer lopen als het ook met honderd kan????  

    Thu
    17
    Aug '06

    Gezellig mopperen

    Dag 132  km 25,77     stappen 36.815 / totaal km 3067,19     totaal stappen 4.402.735

    Toen ik vanmorgen om  zeven uur vertrok, hoosde het nog steeds uit de lucht en liep ik tot mijn enkels in het water. Het waaide ook nog steeds als een gek, maar vanaf een uur of negen werd de wind iets minder en de regen ook. Vanmiddag was het droog, maar nog wel koud, een graad of zeventien. Gery zegt dat ik me niet aan moet stellen, maar ik vind het koud.

    Ik heb een poosje gelopen met een Russische moeder en haar dochter. Het taalgebruik is dan wel lastig, maar we hebben een prachtige mix gemaakt van een paar woorden Engels, een paar woorden Frans en een paar woorden Spaans en we dachten elkaar zo heel goed te verstaan. En wie kan tenslotte het tegendeel beweren??

    Tussen de middag heb ik ergens een ‘bocadillo’ gegeten: dat is een soort stokbrood doormidden gesneden en dan met van alles en nog wat erop: chorizo, kaas en wat je maar wilt. Daar kwam een Canadees echtpaar binnen en ook dat werd weer een heel gesprek. Weet je wat ook zo leuk is? Je krijgt kennissen die je nog nooit gezien hebt, of misschien wel gezien maar je wist niet dat ze dat waren. Bijna iedereen die ik tegenkom, heeft het over een zekere Yvonne, die ook uit Nederland is komen lopen en een dag voor of een dag achter me loopt. En bijna iedereen heeft het over de bisschop van Wales, die ook als pelgrim loopt. Is dat nou een heilige incognito of hoe zit dat? In ieder geval schijnt hij zich nergens op te laten voorstaan, want een priester onderweg, die erachter kwam dat hij bisschop was, bood hem een ‘echt’ bed aan en dat heeft hij geweigerd.

    Hier in de refugio in Palas de Rei heb ik een Duitse lerares ontmoet. Ze werkt in het voortgezet onderwijs en had er zo de balen van, dat ze naar Santiago is gaan lopen. Als ze terug is, wil ze alleen nog maar lesgeven aan de lagere klassen. Het is dus overal hetzelfde. Zij was ook van mening dat het hier totaal niets meer te maken heeft met spiritualiteit en/of religiositeit (“Daar ging je toch ook niet voor?”, sprak Geer vals). Dus daar hebben we samen gezellig over zitten mopperen. Toen had ze het over haar eigen kinderen, ze heeft er drie in de puberteit, waarvan er één volgens haar zeggen een ‘luie donder’ is, dus toen konden we daarover ook nog mopperen als twee ouwe zeurpieten. En….. hoe meer pilsjes, hoe meer moppers. Ze heeft trouwens in Regensburg in de klas gezeten bij de paus, die haar leraar was en heeft zelfs met hem in de kroeg gezeten.

    Jullie zien, ik begin alweer aardig wat nieuwe kennissen te krijgen. En ik heb weer gesmuld van jullie commentaren. Heerlijk gewoon, ik geniet er enorm van. Zoals het er nu uitziet, kan ik wel naar Finisterre en Gery zal dan de website vanuit Santiago proberen bij te houden, dus jullie zijn nog niet van me af.

    O ja, toen ik in de refugio aankwam, kwamen er ook 4 jonge gasten, die meteen languit op bed gingen liggen, waarop de baas van de refugio zei: “Kijk typisch jonge gasten, gaan meteen maar op bed liggen. Laten ze een voorbeeld nemen aan deze man van dik vijfenzestig (dat was om het verhaal smeuïger te maken, want ik ben natuurlijk ook nog jong), die helemaal uit Amsterdam komt lopen en niet meteen op bed gaat liggen”. Kijk, zulke uitspraken gaan er bij mij natuurlijk in als koek. Ik zou er hoogmoedig van worden. Dus is het maar goed, dat Jan en Dorien mij via de scheurkalender een vermanend woord gaven: “Een bedevaart doe je niet om op te scheppen!” Ik zal deze les ter harte nemen!!  

    Wed
    16
    Aug '06

    Nog even lijden

    Dag 131  km 22,68     stappen 32.403 / totaal km 3041,42     totaal stappen 4.365.920

    Als lezers hun hart nog even willen ophalen aan het ‘lijden des pelgrims’, kunnen ze nu nog even genieten. Het was vandaag verschrikkelijk koud, er woei een keiharde wind en het regende niet, nee, het bulkte echt uit de lucht. Ik heb de hele dag met de poncho gelopen. Hier had ik niet meer op gerekend. De Spanjaarden hebben zo’n weggooiponcho, maar die houdt het niet met dit weer, dus nu zie je de meest vreemde uitdossingen zoals vuilniszakken links en rechts om toch nog een beetje droog te blijven. Ik heb toch een echte Hollandse poncho die tegen een buitje kan, maar ook die redt het niet meer om me droog te houden. Kortom, het is gewoon herfst. Eén klein voordeel: al die regen is goed om bosbranden te blussen, waarmee de kans dat ik toch naar Finisterre kan dus groter wordt.

    En ondanks de regen zie je onderweg toch weer leuke dingen. Zo zag ik vanmorgen een vader en zoon van een jaar of veertien lopen. Ik kan me zo voorstellen dat Pa daar zijn dromen bij had, het heeft wel iets, zo’n tocht samen met je zoon. Nu de werkelijkheid: vader liep met een rugzak op zijn rug en ook nog eens met de rugzak van zoonlief op zijn buik. Zoonlief zelf liep met een kop, waar de dwarsigheid vanaf straalde, met zijn stok keihard tegen de struiken te slaan. Je zag Pa denken: “Wat ben ik ooit begonnen met dat jong te gaan lopen?”

    Tussen de middag zat ik ergens te eten toen er een grote groep Italiaanse meisjes binnenkwam, onder strenge begeleiding uiteraard. En ook dat kwam me bekend voor: de meeste meisjes waren makke lammeren, maar er liepen een paar dwarse meiden tussen, dat wil je niet weten. Te laat komen, niet doen wat er gezegd wordt. Kortom, ook die begeleider was de wanhoop nabij.

    Maar ook iets heel aardigs: Ik ben een paar keer 4 Italiaanse meisjes gepasseerd en zij mij. Dat leken net kabouters. Ze hadden een poncho aan, ieder in een andere, hele felle kleur. En ik heb ze de hele weg luidkeels horen zingen, het ene lied na het andere.

    De route is nog een beetje heuvelachtig, maar niet erg meer. Wel modderig, dat wel. Dus bij aankomst in Portemarin zat alles van top tot teen onder de modder en was ik echt te smerig om aan te pakken. Omdat iedereen natuurlijk vroeg onder dak wilde zijn met dit weer, waren de refugio’s al vol, dus toen moest ik wel in een hotel. Kan ik ook niets aan doen toch? Het is wel een hotel met verrassingen. Ik ben eerst lekker in bad geweest om het ‘lijden’ van vandaag grondig af te wassen. Toen ik de stop uit het bad trok om het water weg te laten lopen, liep dat wel weg, maar helaas niet langs de daarvoor bestemde route. De badkamer liep gewoon vol water. Om herhaling te voorkomen, heb ik mijn wasje toen maar in de wastafel gedaan. Daar bleek echter dat het sop wel uit de wastafel wegliep, maar via de vloer weer naar boven kwam. Ach ja, moet kunnen, zo nauw kijken we niet.

    Portemarin was een dorp dat in 1962 ten prooi is gevallen aan de vooruitgang. Er is namelijk een stuwdam en stuwmeer aangelegd, waarin het hele dorp is verdwenen. Maar voordat dat gebeurde, hebben ze een paar belangrijke gebouwen, waaronder een Romaanse kerk, steen voor steen afgebroken en in het nieuwe dorp, dat een eindje verder is herbouwd, weer steen voor steen herbouwd. Je ziet in de stenen nog allemaal nummers staan, waarmee de stenen gemerkt werden. Het is wel een grappig gezicht, want verder is het hele dorp nieuw natuurlijk. Het is laag water in het stuwmeer en dan zie je ook nog hele stukken van huizen en gebouwen boven het water uitsteken.

    Jan, nog even volhouden, dan mag je ook weer lopen en dan heb je één troost: voor mij zit het er dan op en ik zit dan weer thuis. Ik geniet er nog elke dag van dat ik hier mag lopen en hoewel het natuurlijk fantastisch is dat ik mijn doel bijna heb bereikt, vind ik het heel erg dat het straks afgelopen zal zijn. Maar ja, ook dat hoort erbij als je je dromen waar maakt: op een dag word je wakker.    

    Tue
    15
    Aug '06

    Een rustdag: dat is pas afzien

    Ik was bijna vergeten dat je zoveel tijd kon hebben op een dag. Een hele dag rust, dat betekent in ieder geval pas om half negen je bed uitkomen. Na het ontbijt heb ik eerst ‘geklust’. In mijn geval wil dat zeggen dat ik mijn rugzak helemaal heb uitgepakt en weer ingepakt en vervolgens mijn was gesorteerd. En ja, als dat klaar is, wat dan? Nou gewoon, op naar het zwembad. Er is hier een prachtig Olympisch zwembad en de toegang daartoe kost € 1,43.  Niet € 1,40 of € 1,45 dus. Een beetje zonnen, een beetje zwemmen en dan is het tijd voor de lunch. Die heb ik ergens langs de rivier genuttigd.

    Maar ja, toen was het pas half twee. Dus eerst maar weer terug naar de refugio om te douchen, te scheren en de was te doen. Ik zit hier in Sarria in een refugio die bij een bar en restaurantje hoort en de eigenaar spreekt vloeiend Frans, dus ik kan ouwehoeren met hem. Hoera!

    Dus na het kuieren door de stad en een ijsje op een terras eindig ik maar in diepzinnig gesprek gewikkeld met de eigenaar van de refugio, vele pilsjes drinkend. Ik kan hier ook vanavond eten en heb een compleet menu voor € 8. Maar tjonge, jonge, wat duurt zo’n dag lang. Ik ben blij dat ik morgen weer ga lopen. Ik moet niet zo hard lopen, anders ben ik te vroeg in Santiago en dat kan ik de welkomstcommissie natuurlijk niet aandoen.

    Ik heb het volgende verhaal gehoord, maar ik kan niet voor de waarheid instaan. Men zegt dat je op het formulier, dat je in Santiago in moet vullen om je compostela (certificaat) te krijgen, moet zetten dat je de tocht gedaan hebt uit religieuze overwegingen. Er schijnen twee soorten compostela’s te bestaan: één voor de heidenen en één voor de gelovigen en die voor de gelovigen heeft meer waarde. Ik heb geen flauw idee of dit op waarheid berust, er worden ook hier zoveel verhalen verteld die later niet erg blijken te kloppen. Ik zal het wel zien bij aankomst.

    Er heerst hier ook grote verwarring of het mogelijk is door te lopen naar Finisterre in verband met de bosbranden. De één weet zeker van niet, de ander weet zeker van wel. Zo zie je maar, het blijft gelukkig tot het einde toe een avontuur. Die bosbranden blijken trouwens aangestoken te zijn. Er zijn al 4 mogelijke daders gearresteerd, die met blikken benzine zijn aangetroffen in de omgeving van de branden. Er is in het zuiden van Europa natuurlijk vaak sprake van bosbranden, maar hier schijnt dat echter (bijna) nooit voor te komen. Hoe durven ze, zo dicht bij Jacobus!

    Mon
    14
    Aug '06

    Een bed met lakens

    Dag 129  km 20,25     stappen 28.932 / totaal km 3018,74     totaal stappen 4.333.517

    Ik heb weer een internetcafé gevonden. Gisteravond heb ik gegeten met Jaime, een Portugees van 57 jaar die ouderdomssuikerziekte heeft. Hij is gestart in Leon en gaat naar Santiago, maar heeft veel last van zijn rug en voeten. Zijn vrouw haalt hem met de auto op uit Santiago, want hij woont in Noord-Portugal en dan is het niet zo ver naar Santiago. Jaime praat opgewekt Portugees met iedereen en bijna niemand verstaat hem. Hij probeert dan ook nog wel iets in het Frans en met handen en voeten gaat het dan wel. Aardige vent. Hij werkt op het Ministerie van Landbouw en kent Nederland op dat gebied een beetje. Dat etaleert hij dan ook zo ruim mogelijk.

    Vannacht had ik in de refugio een deken, dus lekker warm en wonder boven wonder: pas om half zes gingen de eerste mobieltjes af met de meest wonderlijke melodietjes. Dan wil je wel wakker worden. Wat opvalt is dat degene van wie het mobieltje is dat het hardste blèrt, dikwijls het laatst ervan wakker wordt. Maar goed, om kwart over zes ben ik er ook maar uitgegaan en om zeven uur in de bar ernaast heb ik een ontbijtje gescoord.  
    Daarna op pad in de kou, maar de zon kwam al op en dan is het leed snel geleden. Boven de bergen hingen nog rookwolken van bosbranden in de omgeving, maar de branden zelf heb ik niet gezien. Daarna heb ik een mooie route gelopen naar Sarria. Daar wilde ik vroeg zijn, want Sarria ligt ruim 100 km van Santiago en men had mij verteld dat daarom veel Spanjaarden daar beginnen aan hun tocht naar Santiago, zodat ze ook hun compostela krijgen. Onderweg heb ik gelopen met 4 Spanjaarden: 2 mannen en 2 vrouwen. De dames spraken Engels en Frans. Zij komen uit Sevilla en dat willen ze ook weten. Alles in het zuiden van Spanje is mooier en beter dan hier. Alleen de zomers, dat moesten ze wel toegeven, waren in Galicië beter te overleven. Toen het over de verschillen tussen Noord- en Zuid-Spanje ging, vertelden ze bijvoorbeeld dat in het zuiden de dorpen verder uit elkaar liggen en ook groter zijn. Men wil dus met zoveel mogelijk mensen bij elkaar wonen. Terwijl hier in de omgeving een dorp best uit 3 huizen kan bestaan met een kerkje uiteraard. Maar de dorpen liggen hier wel veel dichter bij elkaar. Ieder dus zijn eigen gebiedje. Dat klopt een beetje, denk ik, met de opmerking van een Duitser die het opgevallen was dat Zuid-Europeanen bij binnenkomst in een café aan of bij een tafel gaan zitten waar de meeste mensen zitten, terwijl Noord-Europeanen bijna altijd een leeg tafeltje opzoeken en dan liefst in een hoek. Ik gooi het maar in de groep: Herkennen jullie dit??  

    Nu zit ik in een pension bij een café voor € 10 per nacht in een eigen kamer met een bed met lakens. Wat een weelde!!! Ik blijf hier 2 nachten, omdat ik anders te vroeg in Santiago ben voor de ontvangstcommissie, die pas maandagmorgen actief wordt.  

    Uiteraard heb ik niet naar de data gekeken en wat blijkt: Nu zit ik wel in een grotere stad met winkels, maar die zijn morgen dicht omdat het Maria Hemelvaart is. Nou ja, dan kan ik de hele dag uitslapen en me vervelen. Net zag ik Ad en Ineke hier ook nog op een terras zitten. Die blijven hier ook vannacht en gaan morgen weer verder. Die zullen dus eerder in Santiago zijn dan ik. Dat is het nadeel van vrije dagen nemen: Je verliest weer een aantal vertrouwde gezichten uit het oog. Enfin, wat zei ik ook al weer? “Los laten en toelaten”.

    Sun
    13
    Aug '06

    Triacastela

    Dag 128  km 21,25     stappen 30.370 / totaal km 2998,49     totaal stappen 4.304.585

    Gisteravond hebben Mireille, Marjolein en ik gegeten in een Keltische bar. Toen we terugkwamen, was de refugio barstensvol. En met vol bedoel ik dan echt VOL. Dat wil zeggen: er zijn 80 bedden en die bedden waren allemaal bezet, maar bovendien lagen er zo’n 70 man op de vloer. Er kon geen vlo meer bij! Ik heb mijn luchtbedje maar uitgeleend aan een meisje dat op de harde vloer lag.

    Vanmorgen om kwart voor vijf(!) kwam de eerste alweer tot leven. Dat is me toch wat te gortig om in het holst van de nacht te vertrekken. Bovendien is het dan echt, behalve donker, steenkoud. Ik heb mij gisteren net een nieuwe trui aangeschaft, die heb ik vannacht aangehad en dat was lekker. Dus voor mij begon de dag om kwart over zes en om zeven uur ben ik vertrokken. Het is dan een hele optocht van mensen die weer op weg gaan. Ik heb gehoord dat jonge Spanjaarden deze tocht lopen om die op hun CV te kunnen zetten en er dan bij te kunnen vermelden hoe kort ze er maar over gedaan hebben. Ja, dat is even iets anders dan melden dat je een jaar in het bestuur van een studentenclub hebt gezeten.

    Maar goed, zo’n stoet valt dan vanzelf weer uit elkaar en dan gaat ieder in zijn eigen tempo verder. Toen ik vertrok, was het schitterend mooi, want in het dal was het nevelig en daarboven scheen de zon. Net een droomwereld. De hele verdere route was vandaag trouwens adembenemend mooi en dat maakt de drukte weer goed. Want druk is het, alle refugio’s zijn elke avond barstensvol en je moet racen om een bed te bemachtigen. Achteraf gezien had ik misschien beter in de zomer kunnen vertrekken, dan was ik hier in een rustiger periode aangekomen, maar ja, achteraf kijk je een paard in zijn kont. En alles heeft zijn charme. Ik zit hier nu buiten en voor mij op het trottoir liggen 6 uitgetelde jonge pelgrims te wachten of ze nog een plaats in de refugio kunnen krijgen.

    Het gevolg van die mode om zoiets op je CV te kunnen zetten, is vaak wel dat ze totaal onvoorbereid op weg gaan en vooral op lastige stukken vallen er dan slachtoffers en kunnen ze niet meer verder. Het meisje dat nu voor pampus aan mijn voeten op het trottoir ligt, heeft bijvoorbeeld meer gewicht aan verband om haar voeten dan het gewicht van haar rugzak en ze ziet er niet echt blij uit. Dus jullie zien het: iedereen hier heeft zijn eigen Camino.

    De route van vandaag ging erg steil omhoog, gevolgd door een hele lange afdaling en dat is lastig en vermoeiend. Maar om 12 uur was ik in Triacastela, dus ruim op tijd om het gevecht om een bed voor te zijn. Geer wenste me een prettige siësta, maar zo eenvoudig is dat nou ook weer niet. Ik heb het te druk voor een siësta natuurlijk: douchen, de was doen, enz., enz. Tjonge jonge, wat heb ik het toch druk. Gelukkig nog net even tijd om op de uitnodiging van Ad en Ineke, het echtpaar dat ik bij het Cruz de Ferro heb ontmoet, in te gaan om samen een pilsje te drinken. Ja, zeg nou zelf, ook een pelgrim kan niet de hele dag aan het werk blijven toch???!!!          

    Sat
    12
    Aug '06

    In Galicië

    Dag 127  km 23,78     stappen 33.976 / totaal km 2977,24     totaal stappen 4.274.215

    Ik vind het allemaal weer geweldig en begin aardig aan Spanje gewend te raken en het steeds leuker te vinden. Even een fout van Gery rechtzetten: Het is niet 90 km naar Santiago, maar 190 km. Je moet die vrouwen blijven controleren, anders schrijven ze onzin. Maar goed, dat daargelaten, doet ze verder wel haar best. Verder roept ze dat iedereen het een prestatie van me vindt, nou, het is alleen maar gewoon doorlopen, hoor en niets anders.

    Vanmorgen hebben Mireille en ik samen het eerste stuk gelopen, daarna moest zij naar de bakker en ben ik doorgelopen. De eerste 10 km liepen we naast de autoroute, maar het was zaterdag, dus niet zo gek druk. Daarna ging ik de bergen in of beter gezegd, op. Ik ben de bergrug, die de overgang vormt naar Galicië opgeklommen en bivakkeer nu op de top in O Cebreiro. Ik ben al in Galicië en dat is duidelijk te zien aan de huizen, die hier weer heel anders zijn. Ze praten ook anders, maar dat maakt mij niet uit, ik versta het toch niet. In de winkels klinkt muziek, die heel veel lijkt op Ierse muziek. O Cebreiro is trouwens een soort Valkenburg met heel veel toeristen. Maar als je nu denkt dat hier wel gemakkelijk een pinautomaat te vinden is, vergis je je, in het hele dorp is er niet één.

    In alle gidsen heb ik gelezen dat het hier bijna altijd mistig is en je dus niets ziet. Vandaag echter is het heel erg helder, geen wolkje aan de lucht, hoewel ik wel met mijn hoofd in de wolken ben. Ik zit nu buiten op een bankje en heb een uitzicht over het hele dal. Ik kijk wel 50 km ver, adembenemend mooi. Het is mooi zonnig weer, er waait alleen een koude wind. Vannacht zal het dus wel koud worden, want ik heb mijn slaapzak aan Gery meegegeven. “Eigen schuld”, sprak zij hardvochtig en: “Een pelgrim moet lijden”.  

    Uiteraard is hier ook weer een kerk en in deze kerk staat een heel oude kelk en een bordje waarop de ouwels lagen. Uiteraard hoort ook hier weer een verhaal bij:

    In de twaalfde eeuw kwamen hier monniken uit Aurillac. Eén van die monniken droeg  op een morgen de mis op en er was maar één gelovige, een boertje dat de berg opgeklommen was. “Nou”, dacht de monnik, “die man is ook dom om dat hele eind naar boven te klimmen voor een stukje ouwel en een slokje wijn”. En toen gebeurde het wonder: De ouwel werd brood en de wijn echt bloed om de monnik voor zijn slechte gedachte te straffen. Mooi, hè? Ik geniet van al die verhalen.

    Straks krijg ik een drankje aangeboden van Marjolein en ik zag Mireille ook alweer voorbij draven, dus alles gaat naar wens. De beide dames hebben samen mijn benen ingesmeerd met crème, want de huid was te schilferig, vonden ze. Gery beweert nu dat ik door de dames in de watten gelegd word, maar hoezo dan? Ze smeren alleen maar mijn benen in! En wat voor benen! Want wat ik nog niet verteld heb, is dat ik deze week ingehaald ben door een paar Duitse schonen, die speciaal naast me kwamen lopen om te zeggen dat ik zulke “schöne beine” had! Dat is dan ook het enige mooie dat er van me over is, want verder is het huilen met de pet op. Mager en tanig, is de juiste uitdrukking, geloof ik. Maar dat geeft allemaal niet, zolang de voeten het maar doen en dat doen ze.  

    Fri
    11
    Aug '06

    We gaan weer verder

    Dag 126  km 31,30     stappen 44.725 / totaal km 2953,46     totaal stappen 4.240.239

    Gisteravond was ik in Ponferrada en daar was in de refugio een Middeleeuwse kapel, waar we naar de Bénediction des Pèlerins geweest zijn. We, dat zijn Marjolein, Mireille en ik. Dat was erg mooi, de dienst was in 4 talen: Spaans, Duits, Italiaans en Engels. Alle pelgrims moesten een stukje voorlezen in hun eigen taal. Wij hebben de Engelse tekst voorgelezen, want Nederlands hadden ze niet. Het waren een stukje uit de bijbel en een gebed. Het gaat er allemaal heel relaxed aan toe en dat heeft toch wel iets zo met zijn allen.

    De refugio, waarin ik sliep, is heel erg groot. Vanochtend stegen er dus zo’n 180 man tegelijk uit bed en je kunt je voorstellen wat een hels kabaal het dan is. Het eerste uur heb ik samen met Mireille gelopen, daarna gingen we apart verder. In de route zaten wel zware stukken, maar ook hele stukken die goed te lopen waren. Er zijn hier veel heuvels, natuurlijk hoger dan in Zuid-Limburg, zoiets als in de Ardennen, maar dan met veel minder bomen. Gery maakte me erop attent dat ik, toen ik het Pieterpad liep, in Zuid-Limburg riep dat het echt al hoge heuvels waren, hoor! Dat is waar, wat lijkt dat nu lang geleden. Intussen heb ik heel wat hogere ‘heuvels’ genomen. Alles gaat goed, ik had afgelopen dagen pijn in mijn rug, maar vandaag was dat over. Ik zie nu bordjes met: ‘Santiago 90 km’, maar het is hier wel Spanje, dus een eindje verder zie ik dan weer een bordje met ‘Santago 124 km’. Hoe het ook zij, het einde nadert.

    Op mijn eindbestemming vandaag, Pereje, vond ik de refugio gesloten. Marjolein en Mireille waren inmiddels ook weer gearriveerd, dus hebben we maar een tijd zitten wachten. Niet dat dat hielp, want er kwam niemand. Dus besloten we in het kroegje vlakbij maar iets te gaan drinken. En daar zat dus de vrouw van de refugio, die helemaal niet blij keek naar ons, want dat betekende het einde van haar gezellige borreluurtje. Ik heb dus al mijn charmes in de strijd gegooid en ben begonnen met haar iets te drinken aan te bieden. Toen was het ijs gauw gebroken. Deze refugio is een stuk kleiner, er zijn ongeveer 30 bedden, dus dat is goed te doen. Mireille bood aan mijn was te doen in de wasmachine, maar nu is het wasmiddel op. Dat is dus mooi pech hebben.

    Maar vooruit maar, morgen nog één bergrug over en dan zijn we in Galicië!

    Ik heb net even de website bekeken en wat heb je een schitterend gedicht gestuurd, Danielle! Heel erg bedankt, het is precies zo als het gedicht zegt. Gery zal het op de informatiepagina zetten.

    Thu
    10
    Aug '06

    Er is een steen gelegd

    Dag 125  km 36     stappen 51.430 / totaal km 2922,16     totaal stappen 4.195.514

    Vandaag ben ik de berg opgeklommen naar het Cruz de Ferro om mijn steentje neer te leggen. Dat was voor mij het absolute hoogtepunt, eigenlijk heb ik nu mijn doel bereikt, de rest is toegift.

    Theobijgraf5  
    Vier maanden geleden heb ik op het grafje van Ernest een steen weggehaald. Daar hebben we onze namen op laten zetten.

    Steen en gids  
    De hele weg is dat steentje met me meegereisd tot vandaag. Het Cruz de Ferro is een simpel kruis bovenop een berg stenen. Die berg stenen is ontstaan omdat alle pelgrims daar sinds eeuwen een steen neerleggen. Bij de Romeinen was dit al een gebedsplaats en vroeger dacht men dat dit het hoogste  punt van de Camino was. Het blijkt dat niet te zijn, maar het is wel een plek waar je naar alle kanten uitzicht hebt.

    Toen ik na mijn klimpartij in de buurt van het Cruz de Ferro kwam, zag ik het liggen met……. een groep fietsers erbij, die stonden te joelen en te hossen en te springen. Ieder zijn Camino, dat is waar, maar ik kwam er met heel andere gevoelens en dat was echt wel even slikken. Ik had zelfs even de neiging om door te lopen. Maar uiteindelijk was ik er voor mezelf, dus dat heb ik niet gedaan. Er was een Nederlands echtpaar, dat mij heeft gefilmd toen ik met mijn steentje naar boven klom om het neer te leggen.

    Het was erg emotioneel, eigenlijk was het loslaten, maar tegelijkertijd ook op zijn plek leggen en vertrouwen hebben in de toekomst.

    Ik liep weer terug met een goed gevoel: Die steen ligt daar goed!

    Steentje

    Mission completed!        

       

    Wed
    9
    Aug '06

    Er zijn weer bomen

    Dag 124  km 16,29     stappen 23.282 / totaal km 2886,16     totaal stappen 4.144.084

    Dat was een comfortabel dagje vandaag. Ik heb maar een klein eindje gelopen en het was een leuke route. Het landschap wordt steeds groener en ik zie weer bomen. Om 12 uur was ik al in Rabanal del Camino, dus ik heb zogezegd een vrije middag genomen. Eerst mijn spullen even naar het hostal en dan eten. Ik zit aan het raam en wie zie ik daar toevallig voorbijlopen? Mireille. Dus tijd voor een goed tafelgesprek. De ontmoetingen hier wisselen snel. Zo zie je iemand, zo zie je hem niet meer en een paar dagen later duikt hij ineens weer op. Dat is ook wel lollig. Hier zit ik nu met een Filippijn, die Fillippijns, Spaans, Engels, Frans en Nederlands spreekt en dus van alle markten thuis is, kun je wel zeggen.

    Rabanal is voor Spaanse begrippen een behoorlijk dorp, voor mij is het een klein dorp. Eigenlijk zijn er 2 kerken te zien en dat is het dan. Maar wel veel terrasjes en, zoals ik net aan Geer heb uitgelegd, daar moet je wel op gaan zitten, anders heb je niets te doen. Ik hoop dat jullie dat begrijpen.

    Doe ik ook nog iets anders? Jawel, ik heb vanmiddag uiteraard eerst mijn plichten gedaan. De rugzak weer eens helemaal uitgepakt, mijn matrasje weer eens goed opgeblazen en ja, toen was het weer tijd voor de siësta. Je moet je tenslotte aanpassen, nietwaar?

    Ik heb het vannacht erg koud gehad. In mijn overmoed heb ik de slaapzak aan Gery meegegeven, maar ik moet zeggen dat het hier erg koud is ‘s nachts. Niet alleen ‘s nachts, ‘s morgens als je weggaat, is het ook erg koud. En….ook mijn truien heb ik niet meer. Ik troost me dan met de gedachte dat ik, als ik een winkel voorbijkom, een lekkere warme fleecetrui ga kopen. Maar ja, die winkel is er dan net niet en dan komt de zon op en is het binnen een half uur lekker en ‘s middags is het weer bloedheet, dus die trui zal er wel niet komen. En ik zal lijden. Dat is des pelgrims.

    Ik ben ook 2 sokken kwijt en 2 knijpers, dus waarschijnlijk heb ik die in een refugio achtergelaten. Nu is het zo, dat ik niet de enige ben die daar iets achterlaat. In elke refugio is een hoek met achtergelaten spullen, van tandpasta tot kleding en daar kan de volgende pelgrim dan weer iets uit de stapel vissen, dat hij nodig heeft. Zo werkt dat.      

    Ik vond het heel leuk dat er een berichtje van Arlette en Etienne op de website stond. Goed te lezen dat ze het gehaald hebben. En dan ook iemand die op een Pieterpadwandeling mijn website doorkrijgt. Wat ontzettend leuk is dat toch, ik zal het erg missen als ik weer thuis ben.

    Vanavond ben ik om 7 uur naar de Vespers hier geweest. Er waren ruim 125 mensen aanwezig en de dienst werd geleid door de monniken uit het Benedictijner klooster. Alles in het Spaans, Italiaans en Engels en er werden liedjes gezongen uit Taizé. Dat alles in een heel oud kerkje. Ik vond het erg indrukwekkend.

    Morgen  ga ik 1500 meter de berg op naar het Cruz de Ferro om mijn steentje neer te leggen. Weer een letterlijk en figuurlijk hoogtepunt dus.      

    Tue
    8
    Aug '06

    Jacobus hebben ze niet

    Dag 123  km 31,51     stappen 45.012 / totaal km 2869,87     totaal stappen 4.120.802

    Ondanks mijn sombere voorspelling heb ik gisteravond heerlijk gegeten. Ze hebben hier trouwens ontzettend lekkere wijn. Het is een gekoelde rode wijn, ongelooflijk, maar echt heerlijk.

    Dus kon ik vanmorgen opgewekt van zin weer vertrekken. De route was mooi vlak, maar een groot stuk liep vlak langs de autoweg en dat is niet prettig, want het is een heel drukke weg met heel veel verkeer en een pelgrim als ik kan daar niet meer tegen natuurlijk, tegen al dat werelds gejaag.

    Maar het was een lekker dagje. Onderweg kwam ik door Hospital de Orbigo en daar is middenin de stad een brug met een knik erin. Ook bij deze brug hoort weer een verhaal:

    Er was een ridder, Sueres, die graag een vrouw wilde, maar niet kon krijgen. Daarom had hij de gelofte gedaan dat hij elke donderdag met een zware ketting om zijn nek zou lopen. Dat deed hij braaf, maar het duurde en duurde en de goede vrouw kwam niet opdagen. Dus het werd bezwaarlijk voor hem, steeds die zware ketting en hij wilde er vanaf. Dat mocht, maar dan moest hij 2 weken lang, twee weken voor de naamdag van St. Jacob en twee weken na diens naamdag, met elke ridder vechten die over de brug kwam. Dat deed hij, samen met een aantal vrienden en loste die belofte in. Daarop werd hij van de zware ketting verlost en deze hangt nu in de kathedraal van Santiago om de nek van het beeld van Jacobus de Mindere (niet ‘mijn’ Jacobus). Of hij nu uiteindelijk de vrouw van zijn dromen kreeg, weet ik eigenlijk niet, maar hier spelen de inwoners sinds 2000 elk jaar dit verhaal na.

    Het is ook vandaag weer ruim drieëndertig graden, maar ik heb totaal geen last meer van de warmte, ben er nu helemaal aan gewend. Ik ben vandaag geëindigd in Murias de Rechivaldo en huis in één van de twee refugio’s. Dit is een kleine refugio, er zijn maar 12 bedden. Er is hier ook een meisje uit Barcelona, dat een beetje Frans spreekt, dus daar babbel ik wat mee. Overigens: even aandacht voor mijn vooruitgang in het Spaans! Hier in dit heel gezellige dorp staat een Tempelierskerk met bovenin een ooievaarsnest. Dat heb ik een tijdje staan filmen en toen zag ik de deur openstaan, dus ben even naar binnen gelopen. Binnen werd ik opgewacht door een oude baas, die me rondleidde en alles uitlegde, uiteraard in het Spaans. Ik weet nu dat dit kerkje uit de zeventiende en achttiende eeuw stamt en dat de 5 altaren die er zijn, nog grotendeels de originele altaren zijn, waaraan hier en daar iets gerestaureerd is. Heb ik allemaal verstaan, nou jullie weer! Verder heeft hij me alle heiligen aangewezen die in de kerk aanwezig zijn (in steen dan natuurlijk) en ik dacht ook dat ik ‘mijn’ Jacobus daarbij zag. Helaas, dit was fout, het was St. Rochus. “Jacobus hebben we niet”, zei hij. Dat vond ik wel grappig op de route van St. Jacob. Het was een uitermate vriendelijke man, want ik mocht zelfs een stukje filmen in de kerk en dat mag hier nergens. Sterker nog, hij vroeg of ik licht nodig had en ging toen voor mij het licht aansteken. Ook dat heb ik gefilmd, dus nu zie je ineens..floep.. alle lichten aangaan in de kerk. Met andere woorden: Ik heb vast het licht gezien.

    Na mijn bezoek aan de kerk zag ik een barretje naast de kerk en daar heb ik toen genoten van een pilsje. Er kwam ook een Frans echtpaar, dat de route in gedeeltes loopt, dus daar heb ik een poosje mee zitten praten.

    Ik heb nu nog ruim 250 km te gaan en Mireille, mocht je dit toevallig lezen: Morgen loop ik niet ver en stop ik ‘s avonds in Rabanal. Overmorgen bereik ik dan het Cruz de Ferro. Ik heb geen idee waar jij nu precies zit, voor of achter mij. Jullie zien: ook de communicatie van pelgrims onderweg is gemoderniseerd en loopt via de digitale snelweg!

    Mon
    7
    Aug '06

    Overal kom je Cargill tegen

    Dag 122  km 23,36     stappen 33.379 / totaal km 2838,36     totaal stappen 4.075.790

    Na veel gezoek en nu hulp van de receptioniste heb ik eindelijk de truc gevonden om het apenstaartje te vinden. Je moet het eerst ergens opzoeken in de computer en dan copiëren. Vervolgens weer terug naar je adres en dan weer copiëren. Op zich is dat al onbegonnen werk voor mij, maar alles staat ook nog eens in het Spaans, dus ik weet eigenlijk helemaal niet wat ik zit te doen. Maar goed, het staat er nu en ik hoop maar dat het goed gaat.  

    Vanmorgen heb ik uitgeslapen, omdat ik dacht dat ik in Leon zou blijven. Maar ik heb mijn komende dagen eens even goed doorgenomen en dan blijkt dat er nog wat heftige dagen tussen zitten. Voor de zekerheid dus vandaag maar vast een korte etappe gewandeld, zodat ik wat meer ruimte heb om sommige dagen in twee keer te doen. Dus vanmorgen pas om 8 uur aan de wandel. Aan de rand van de stad Leon staat een oud klooster dat nu een parador is (luxe hotel), maar dat met heel veel zorg van buiten in ieder geval in de originele staat wordt onderhouden. “Gewoon prachtig”, zou mijn schoonmoeder zeggen. Daarvoor op een bankje zit een bronzen pelgrim uit te rusten. En iedereen wil natuurlijk met hem op de foto. Daarna over een oude romeinse brug naar de rand van de stad. Dat viel nog niet mee, want er wordt enorm gebouwd en verbouwd hier in Spanje. Met alle dank aan Europa trouwens, zo staat overal vermeld. Maar het probleem is dat de routebeschrijvingen dan niet meer kloppen. Er zijn dus twee routes om naar Hospital de Orbigo te wandelen. De eerste is langs de autoweg en de tweede gaat over rustige paden met een kleine omweg. Inmiddels was ik Marjolein tegengekomen die in Leon met de Camino is begonnen en samen zijn we verder gelopen. We wilden de rustige route nemen, maar we hebben nooit een splitsing gezien en steeds trouw de gele pijlen gevolgd. En dus kwamen we er na verloop van tijd achter dat we steeds langs de autoweg bleven lopen en dus de verkeerde route hadden. En de hele dag zoveel verkeer vlak langs je heen is heel hinderlijk. Maar goed, mijn doel heb ik toen gewijzigd en ik ben doorgelopen. Onderweg kwam ik nog langs een fabriek van Cargill, dus kwam alles heel vertrouwd over. Ik heb maar een foto gemaakt voor Gery, dan kan ze zien hoe wereldwijd ze bezig is. Dat moet toch een trots gevoel geven? Of niet? In San Martin del Camino is een albergue met, geloof het of niet, aparte individuele kamers. Vannacht slaap ik dus alleen zonder gebrom, gezucht en verdere vreemde geluiden.

    Sun
    6
    Aug '06

    Leon

    Dag 121  km 26,29     stappen 37.560 / totaal km 2815     totaal stappen 4.043.311

    Kijk, dat valt me nu toch weer van jullie, intelligente mensen, tegen, dat jullie niet snappen dat ik met ‘Verraseup’ gewoon ‘terrasje’ bedoel. Ik bedoel maar, een beetje sms-kenner kan dit toch wel vertalen?

    Nu niet zeggen: “Alweer op een terras?”, want dan ga ik ook nog vertellen dat ik achter een sorbet zit, waar jullie het water van in de mond zou lopen. Ze hebben hier namelijk uitstekende sorbets, heel groot en heel lekker! Maar wees gerust, ik heb echt niet de hele dag op dit terras gezeten.

    Vanmorgen ben ik vertrokken en weer de hele lange en rechte weg met de boompjes. De moed zonk mij in de schoenen bij de gedachte dat dit de hele dag zou duren weer. Maar gelukkig stond Mireille na een tijdje op me te wachten en gedeelde smart is halve smart. Bovendien bleek deze weg nog maar 5 km te zijn. Ineens veranderde toen het landschap. Alles werd groen en fris. Dus besloten wij in een barretje langs de weg ook maar iets fris te gaan nuttigen. Bij het glaasje heerlijke sap zaten we een beetje samen te keuvelen en vroegen we ons af hoe ver het nog naar Santiago zou zijn. Komt er ineens de stem van een oud baasje aan de bar in zuiver Nederlands: “Driehonderd kilometer.” Wil je geloven dat we het nog niet eens meteen doorhadden? Ook dit bleek iemand te zijn die in het verleden 10 jaar bij de Hoogovens had gewerkt en zijn Nederlands was ook nu nog prima. Wat nou, ze willen de taal niet leren? Deze man deed dat zonder ‘inburgeringscursus’.

    Met de middag waren we in Leon. Eerst weer door de ook hier niet fraaie buitenwijken, even zoeken naar een hostal, dan wassen, douchen en uitrusten. Dat was wel nodig, want we hebben heel weinig gerust en zelfs niet gegeten onderweg. Maar goed, na een poosje ben je weer uitgerust en dus wordt het dan tijd om de stad te bekijken. Leon is echt een prachtige stad en de moeite van het bekijken waard. Ik heb eerst de San Isidore bezocht, een van de grootste Romaanse kerken van Europa en een juweel. Daarna ben ik de kathedraal binnengestapt en die was gewoon verbijsterend van pracht, Chartres zinkt er bijna bij in het niet. Er zitten zoveel ramen in de kathedraal dat het net lijkt alsof het dak op glas rust. Allemaal gebrandschilderd en veel ramen zijn nog de originele. Geweldig, in één woord!

    En nu zit ik dus op dat terrasje en zie het recreatieve treintje voorbijrijden. Dit is echt een stad voor Gery: overzichtelijk, niet al te groot, overal uitspanningen en……. een treintje, zodat ze niet veel hoeft te lopen. Nu even een rechtstreeks verslag, want ik zie hier nu net twee Spaanse dames aankomen en het is net een bijzonder plaatje: twee echt Spaanse dames met overal fladders en flinters aan hun kleding en…. met een waaier in hun hand. Net klederdracht, een schitterend gezicht! Dus dames in Holland, de spijkerbroek uit!

    Als uitsmijter nog even een filosofische gedachte: De Camino is loslaten en toelaten. Zo, denk daar maar eens over na, jullie daar in ‘de andere wereld’, zoals wij pelgrims dat onder elkaar noemen. Een hartelijke groet!!  

    '

    6-8-2006: Bijna afgelopen

    Vandaag realiseerde ik me ineens dat ik over veertien dagen samen met Marnix in het vliegtuig zit naar Santiago de Compostela om Theo daar te verwelkomen. Hoe is het mogelijk dat we nu al ruim vier maanden verder zijn? Ik zou bijna zeggen: “Ik begin net een beetje te wennen aan het alleen zijn!”

    Met heel veel plezier heb ik Theo’s avonturen aangehoord en aan de reacties te zien, ben ik niet de enige. Ik kan me bijna niet voorstellen dat over niet al te lange tijd het laatste bericht op deze website zal staan. Ik vind dat ook enorm spijtig, want ik heb er zoveel plezier in gehad om het te doen. Dat had ik niet verwacht, ik had het idee dat ik er na een poosje wel de balen van zou krijgen. Niets is minder waar en hoe komt dat? Door iedereen die zo spontaan heeft gereageerd, sommigen af en toe, sommigen bijna elke dag. Het was geweldig om dit allemaal te lezen, iedere dag weer. Misschien ook, omdat jullie commentaren zo in onze stijl passen? Soms bloedserieus, soms vol humor, soms juweeltjes van schrijfkunst.

    Ik heb dit weekend alle reacties vanaf het begin doorgelezen en in combinatie  met Theo’s verslagen is het een soort diamant! Ik weet niet hoe ik het precies moet zeggen, maar het voelt gewoon goed. Een stukje ‘puur leven’ in een wereld die steeds harder en rauwer lijkt te worden. Ik zeg met opzet: “lijkt”, want zolang dit ook nog bestaat, blijft er hoop en vertrouwen. Ik heb ook genoten van de reacties op mijn filosofische gedachten, het is leuk om te weten hoe anderen ergens tegenaan kijken. En ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar ik heb het gevoel dat ik iedereen, die heeft gereageerd, nu ken. Ik weet ook wel, dat ik sommigen nog nooit gezien heb en dat ik die dus op straat gewoon voorbij zou lopen, maar hier zijn het mijn vrienden en vriendinnen. Van mij en van Theo ook natuurlijk.

    Hans en Janneke, wat hadden jullie weer een mooi gedicht, ik heb het meteen op de informatiepagina gezet. Ik ben van plan om met alles dat hier op de website in die tijd is verschenen, ook iets te doen, opdat het niet gewist wordt. Ik heb ook wel een idee, maar aangezien de een of andere pelgrim steeds op de website kijkt, wil ik daar nog niet over uitweiden, want het moet voor hem wel een verrassing worden natuurlijk.

    Over die pelgrim gesproken: Hij zal na het lezen van het bovenstaande ongetwijfeld zeggen: “Ho, ho, ik ben er nog niet. Er kan nog van alles gebeuren!” en dat is zo, dus voorlopig gaan we nog even vrolijk verder. Ten tweede krijg ik nu een sms-je met het bericht dat ik moet bellen, aangezien hij nu op een ‘verraseup’ zit. Iemand enig idee wat dat is? Ik zal het wel horen!  

    Sat
    5
    Aug '06

    Ondergronds

    Dag 120a   Dag 120  km 31,75    stappen 45.370 / totaal km 2788,71     totaal stappen 4.004.751

    Jawel, ik ben 4 miljoen stappen verder! ‘t Is me toch wat.

    Vandaag heb ik het laatste stuk gelopen met Mireille uit België. Nou, laatste stuk? Eigenlijk was de hele weg het laatste stuk, want ik zat nu op de weg met allemaal bomen langs de kant, die je bijna altijd ziet als het op TV over Santiago gaat. Ik had dat natuurlijk ook gezien, maar wist niet dat die weg inderdaad zo lang was. Je hebt er geen voorstelling van hoe eindeloos lang die weg is met voortdurend hetzelfde uitzicht. Er komt echt geen eind aan. Mireille zei dat het gelukkig was dat ik erbij was, anders zou ze aan de kant van de weg gaan zitten en niet meer opstaan. Wat ons reden gaf te constateren dat het net het leven was: je kunt niet zonder anderen. Nou begrijp ik ook ineens hoe mensen aan die filosofische gedachten komen. Dat is gewoon verveling!!

    Verder hebben we er maar geintjes over gemaakt. Als er ergens een tractor in het land stond, riepen we: “Er gebeurt wat!” Of als er een piepklein kromminkje in de weg zat: “O, moet je nou eens kijken!”

    Maar aan alles komt een eind, dus ook aan deze weg en nu zitten we prinsheerlijk in de refugio in Reliegos. Hoe je het uitspreekt, weten we niet, maar de helft van de huizen zijn hier ondergronds. Je ziet dan alleen een heuveltje met een schoorsteentje eruit steken. Waarom dat is, weten we nog niet, daar moeten we nog achter zien te komen. In de gids staat er niets over.

    Er is weer gedoucht en gewassen en Mireille heeft heerlijke soep voor me gekookt. Belgische soep uit een Spaans pakje, dus heel bijzonder. Er zit nu iemand tegenover me heel zorgvuldig zijn blaren te behandelen, ik kan me niet herinneren wanneer ik voor het laatst een blaar had. Dus alles gaat naar wens. We gaan straks wel even op de website kijken, maar op dit moment is er geen plek, want een schare Spaanse jongetjes zit stiekem naar sex sites te kijken. Dat een pelgrim dat nou net moet zien.

    Fri
    4
    Aug '06

    Uitgeslapen

    Dag 119  km 15,98     stappen 22.837 / totaal km 2756,96     totaal stappen 3.959.381

    Zo, nadat ik gisteren zo mijn best heb gedaan, mocht ik van mezelf vanochtend uitslapen. Dat betekent in mijn geval dat ik om kwart voor zeven (Geer noemt dit geen uitslapen) uit bed kwam, eerst maar eens op zoek ben gegaan naar een ontbijtje en vervolgens mijn wandeling heb vervolgd over de Meseta. Het was vanmorgen trouwens erg koud. Gaandeweg werd het beter en werd het zelfs aangenaam weer. Er stond een stevige wind, die een beetje te vergelijken is met de mistral in Zuid-Frankrijk. Die wind komt meestal uit het westen, maar vandaag  tot mijn geluk uit het oosten. Dat betekent dus dat ik de hele tijd voor de wind liep en dat schiet lekker op.

    Zodoende was ik om 12 uur in Sahagun, mijn slaapplek voor vannacht. En….. daar ben ik gestopt. Goed hè? Jawel, ik kan wel een oude wijze pelgrim zijn. Maar dat is eigenlijk ter voorbereiding op morgen en overmorgen, want dan wil ik 3 etappes in 2 dagen doen. Zondag hoop ik dan in Leon aan te komen.

    Ook hier zijn alle huizen van leem, behalve twee kerkjes uit de twaalfde of dertiende eeuw. Die zijn van baksteen en dat heeft een vermogen gekost, want die stenen moesten allemaal worden aangevoerd, omdat ze die hier niet hadden. Die lemen huizen moeten trouwens ieder jaar van een nieuwe leemlaag worden voorzien, want door de regen en de zon vallen er elk jaar hele stukken uit. Dus dat is wel een heel gedoe.

    Verder heb ik vandaag niet zoveel beleefd, het was gewoon een lekker rustig dagje. Gery heeft me alle commentaren op de website weer voorgelezen en dat is erg leuk. Het is iedere keer weer een feest te merken dat mensen zo enthousiast reageren en zo meeleven met mijn dagelijkse beslommeringen. Tot in Engeland toe, merk ik wel.

    Mijn vlooienbeten beginnen te vervagen, dus ik begin er weer een beetje als mens uit te zien en het kan er weer mee door. Ik ben wel een stuk magerder geworden, al het vet is verdwenen. Dus dat wordt thuis nieuwe broeken kopen…..    

    Thu
    3
    Aug '06

    Overmoed en hoogmoed

    Dag 118  km 39,76     stappen 56.804 / totaal km 2740,98     totaal stappen 3.936.544

    Overmoed en hoogmoed, dat waren vandaag mijn (pekel)zonden. Vanmorgen ben ik weer fris en monter op stap gegaan, zo fris en monter, dat ik om 12 uur de etappe van 20 km al achter de rug had. Toen begon de overmoed, want ik dacht: “Wat doe ik hier zo vroeg? Laat ik nog maar een stukje verder lopen.”

    De volgende etappe was 17 km en op de hele etappe was geen enkele plaats waar je kon stoppen. Sterker nog, er was helemaal niets, zelfs geen punt om water te tappen. Het was gewoon een hele lange, rechte weg met kleine boompjes, die geen schaduw gaven. In de gids staat dat, als je na wilt denken, dit het goede stuk daarvoor is, omdat het landschap verder zo saai en eentonig is. Dat is ook zo, het is een saai landschap, maar toch vond ik het erg mooi en fascinerend. Je zag geen kip, ik heb uren gelopen zonder ook maar iemand voor me of achter me te zien en ik vond het fantastisch! Onderweg kwam ik langs een schitterende kerk. Hij was van binnen ook erg mooi, maar in het portaal was Christus gebeeldhouwd in een mandorla (een soort ereboog om hem heen). Om die mandorla waren de symbolen van de 4 evangelisten en daaronder 24 musici met allemaal een verschillend instrument. Prachtig was dat.

    Maar goed, ik was natuurlijk wel blij dat ik er uiteindelijk was. Ik zag de refugio al, maar toen stak na de overmoed de hoogmoed de kop op. Ik dacht namelijk: “Ik ga niet in een refugio, ik neem vandaag een hostal”. Dus ik ga op zoek naar dat hostal: lopen, lopen, lopen, maar ik kon het niet vinden. Op straat was niemand, alleen ik en uiteindelijk zag ik een oud baasje voor zijn huis zitten. Dus ik ernaar toe en ik vraag hem naar het hostal. Met veel armzwaaien en heel veel woorden en veel wijzen legde hij me iets uit, waarvan ik begreep dat dat de richting was die ik gaan moest. Dus ik ga opnieuw lopen, en lopen, en lopen…. Na 2 km dacht ik: “Dit is niet goed, dit kan niet goed zijn”, maar om nu weer 2 km terug te lopen is ook zo wat. Dus toen ben ik maar verder gelopen. Het was nog 7 km naar Ledigos, waar ik kon overnachten, maar aan het einde van je dag is 7 km nog heel veel, dat kan ik je verzekeren.

    En als straf voor mijn hoogmoed slaap ik nu …… in een refugio van leem. Geer zou, als ze dit zag, spontaan gaan zingen: “Een huis van hout, een huis van steen, ‘t gaat alles met de wereld heen”, maar ik voel me overal thuis of het nu een groot paleis is of een arme stulp.

    Gelukkig toonde Gery het benodigde medelijden met me, maar eerlijk gezegd, eigenlijk zijn dit juist leuke dingen die je meemaakt, vooral omdat je niet van tevoren weet waar je terechtkomt. En dat leem klinkt nu wel armelijk, maar hier is alles van leem, dus zo bijzonder is het nu ook weer niet. Ik heb hier wel weer eens voldoende gegeten: soep, vlees en dessert. Als de maag weer vol is, de was te drogen hangt en het zweet weer afgewassen, is alles  weer goed.

    Er zijn hier 3 jongens uit Boxmeer op de fiets en die zijn over 5 dagen al in Santiago. Ik ga er iets langer over doen, maar ik nader de eindbestemming! Nu ga ik naar bed, want zoals jullie weten, moet een pelgrim vroeg in de morgen weer op. Welterusten.            

    Wed
    2
    Aug '06

    Geen pelgrim, maar wandelaar

    Dag 117  km 25,86     stappen 36.945 / totaal km 2701,22     totaal stappen 3.879.740

    Het is weer heel erg heet vandaag, maar ik heb wel lekker gelopen. De eerste 5 km waren erg zwaar, ik moest steil omhoog om op de Meseta te komen. Daarna werd het vlak en naar beneden ging het geleidelijk, dus dat is het betere werk. Ik heb vele kilometers langs een irrigatiekanaal gelopen, dat is grappig. Het land is vlak, maar het kanaal stroomt hoger en je loopt dan echt over een dijk. Het is net de Purmer, alleen werkt het andersom. In de Purmer ligt het kanaal lager om de polders droog te houden, hier ligt het kanaal hoog om het lagere land nat te houden. Hoe kaal het verder ook is, langs het kanaal groeit ineens riet en zijn er weer vogels.

    Het is nog steeds druk, maar ik begin me aan te passen aan die drukte. Vanmorgen heb ik een poosje met een jong Duits meisje gelopen. Die zag het thuis niet meer zitten, was dus maar op stap gegaan. Ze vertelde dat ze nu in 14 dagen op de Camino meer geleerd had dan in haar hele leven en alles nu anders ging doen. Het gekke is dat ik steeds minder het gevoel heb een pelgrim te zijn. Begrijp me goed, ik heb het nog steeds prima naar mijn zin, het lopen is leuk, de monumenten zijn prachtig en de natuur is ook erg mooi, maar op de een of andere manier doet het me minder. Hier zijn pelgrims ook echt een aparte groep. Ook de mensen die wel Spaans spreken, spreken eigenlijk alleen maar met elkaar en niet met de bevolking. Het is hier meer ‘business’ dan pelgrimeren, althans voor mij. Laat ik het zo zeggen: Ik ben hier een wandelaar en ik vind wandelen leuk, maar ik voel me geen pelgrim op reis zoals in Frankrijk. Ik heb het gevoel dat ik iets mis. Ik denk dat meer mensen zoiets ervaren, want het was het Duitse meisje opgevallen dat de mensen, die van ver komen, liefst alleen willen lopen en de mensen, die in Roncevalles zijn begonnen, juist in groepen willen lopen.

    Ik ben er nog niet achter waar dit gevoel vandaan komt en hoe het precies in elkaar steekt. Over 10 dagen ben ik bij de ‘berg stenen’, zoals Ton dat noemt. Wil je geloven dat ik er tegenop zie om daar mijn steentje neer te leggen? Waarom? Gewoon eenvoudig omdat ik hem niet kwijt wil.

    Ik zit nu lekker in de schaduw op een stenen bankje in Fromista, mijn eindbestemming vandaag. Ik slaap vannacht in een hostal, dat is minder luxe dan in een hotel, maar beter dan in een refugio.

    Ik wil eigenlijk een dag inhalen, zodat ik de laatste dag maar een klein stukje loop, maar ik moet wel voorzichtig zijn met mijn been. Die doet af en toe zeer en ik weet niet of het mijn been is of uit mijn rug vandaan komt. Dus ik doe voorzichtig, want ik wil het natuurlijk wel halen!!!!

    Jaap Jan, bedankt voor de uitgebreide uitleg van het St. Anthonisvuur, leuk om te lezen, nu weet ik tenminste wat het is. Ik was wel verbaasd dat het in 1951 nog is voorgekomen, dat had ik niet gedacht.

    Het is, geloof ik, voor het eerst, dat wij onze trouwdag afzonderlijk vieren. Een gekke gewaarwording. Maar ……. voor de  38 rode rozen en één witte heb ik volgens traditie wel gezorgd, dus jullie zien: uit het oog, maar niet uit het hart!

    O ja, wie post wil versturen naar Santiago de Compostela, kan dit nu wel gaan doen zo langzamerhand.

    Nu de groeten van ‘pelgrim’ Theo of ‘wandelaar’ Theo en tot morgen maar weer!

    Tue
    1
    Aug '06

    Op de meseta

    Dag 116  km 29,9     stappen 41.428 / totaal km 2675,34     totaal stappen 3.842.795

    Gisteravond hebben we met zijn twaalven rijkelijk van de spaghetti zitten eten en daarna zijn de mannen naar de bar gegaan. En wie zat daar weer op het terras? Juist ja, vriend David. Het is gewoon komisch.

    Vanmorgen was ik er weer om half zes uit (jawel, half zes!!), dus na het ontbijt, dat nog minder is dan in Frankrijk, ging ik weer op stap. Er was een schitterende zonsopgang boven de Meseta, geweldig gewoon. De meseta is een hoogvlakte van tientallen kilometers, er groeit heel zelden een boom, alleen maar graan en er zijn hopen stenen overal. Daar tussenin zijn dan hele diepe dalen, waarin de dorpen liggen. Het is heel groots en indrukwekkend door zijn eenzaamheid. Het lijkt misschien saai, maar ik vind het groots. Je kunt je gewoon niet voorstellen dat je echt helemaal niets ziet, zelfs geen kerktoren of zo. De dorpen liggen heel ver uit elkaar en er is geen water, dus je moet zorgen dat je voldoende bij je hebt. Je loopt en loopt en ziet geen teken van menselijk leven, tot je ineens een bordje ziet met de naam van een dorp dat er over een halve kilometer schijnt te zijn, maar waarvan je echt nog niets ziet. En dan zo’n 200 meter voor het dorp, ga je ineens heel steil naar beneden en ligt het dorp aan je voeten. Ik vind het heel bijzonder.

    Ik ben een stukje omgelopen, want ik wilde langs Fuente de Sambol. Dat is een plaatsje dat bewoond wordt door hippies, zoals wij die in de jaren zestig noemden. Een stel alternatievelingen dus, die daar een refugio hebben ingericht en er is ook een camping. Nou moet je je daar niet te veel van voorstellen, want er is zelfs geen toilet. Het enige dat ze hebben, is water uit de bron. Verder is er een muur met alternatieve beschilderingen en een koepel, waar je hele goeie koffie krijgt. Ik vond het erg  leuk.

    Tijdens het laatste stuk kwam ik langs de ruïne van een klooster, San Anton, waar de weg doorheen loopt. Ter hoogte van de poort zie je dan rechts 2 nissen, waar de monniken vroeger wijn en brood neerzetten voor de pelgrims. Boze tongen beweren dat ze de wijn zelf opdronken en er dan water voor in de plaats zetten, maar ze verzorgden daar wel de pelgrims die leden aan het St. Anthonisvuur. Iemand die weet wat voor ziekte dat is? Ik niet, maar je kon er misvormd van raken.    

    Jullie zien, er is elke dag wel iets te beleven. Leuke, maar ook minder leuke dingen, want ik ben het kettinkje dat ik van Geer gekregen heb, helaas kwijtgeraakt. Het was gebroken en ik had het dus in mijn broekzak gestopt, maar nu is het er niet meer. Jammer, want ik was er wel een beetje aan gehecht. Dat is dus nu onthechten geblazen.

    Nu ben ik in een hotel in Castrojeriz, ik heb gedoucht en de badkamer hangt alweer vol met mijn was. In het hotel zelf heb ik geen bereik, daarvoor moet ik naar buiten. Dat is wel komisch, want buiten zit een heel stel oude vrouwen, zoals je dat vaak in dorpen ziet en die hebben mij nauwkeurig uitgeduid waar ik moet zijn om wel bereik te hebben. Dus nu zit ik op een bankje bij de bron, terwijl de dames in volle aandacht mijn koeterwaals aan zitten te horen.    

    Mon
    31
    Jul '06

    Burgos op plastic schoenen

    Dag 115  km 13,28     stappen 18.974 / totaal km 2645,46     totaal stappen 3.801.867

    Ik heb gisteravond duur gegeten en de bediening duurde even lang als de prijs hoog was. In het begin ging het nog wel, maar ik heb 3 keer om mijn dessert moeten vragen en toen was het er nog niet. Dus toen ben ik maar gaan staan en ja, dan komen ze er snel aan natuurlijk. Maar goed, inmiddels was het 10 uur, dus ik heb het dessert maar laten zitten. Maar het betalen veroorzaakte ook allerlei problemen, want ze wisten niet meer wat ik gegeten en gedronken had. Dus toen gingen ze weer op zoek naar een menukaart, die konden ze ook niet meer vinden. Het eind van het liedje was dat ik zelf maar heb opgenoemd wat ik gebruikt had. Het eten was verder wel lekker, maar niet heel bijzonder. En het zag er zo goed uit van buiten. Zo zie je maar weer, schijn bedriegt en het ziet er soms mooier uit dan het is.

    Dat het mooier lijkt dan het is, kun je zeker niet van Burgos zeggen. Wat is dat een schitterende stad! Gewoon een pronkjuweel van Middeleeuwse en Gothische kunst. Super, in één woord! Ik heb alles op mijn gemak bekeken, ben in verscheidene kerken geweest. Mooie kerken, maar……. ik wilde kaarsjes branden en dat ging niet. Er zijn geen kaarsjes te vinden. Grappig is dat, juist in een land waar je verwacht die overal in elke kerk te vinden, zijn ze er niet. Ja, de camino zit vol verrassingen.

    De wandeling door Burgos moest ik op mijn plastic schoenen doen, want ik had mijn schoenen naar de schoenmaker gebracht om ze te laten lijmen. Om 12 uur waren ze klaar, dus dat viel nogal mee, maar de schoenmaker keek wel zorgelijk en vreesde dat ik Santiago niet op deze zolen zou halen. Nou ja, dat zien we dan wel weer, voorlopig doen ze het nog goed.

    Vanmiddag ben ik op mijn gemak doorgekuierd naar Rabe de las Calzadas. Het was wel steeds even zoeken naar de juiste weg, want ze zijn overal snelwegen aan het aanleggen en huizen aan het bouwen, dus dan klopt de route niet meer. Maar iedereen hier wijst je dan de weg en als je verkeerd loopt, is er altijd wel een auto die langzaam gaat rijden en je helpt. En iedereen wenst je: “Bueno Camino!” Dat is toch wel erg leuk.

    Ik liep vanmiddag alleen, ik zag zelfs niemand voor me en niemand achter me. Heerlijk was dat even. Vannacht heb ik in Burgos trouwens in een heel goed hotel geslapen, dus hier in Rabe de las Calzadas heb ik mij weer bescheiden teruggetrokken in een refugio. Het is tenslotte niet alle dagen feest.

    Waar ik nog steeds niet echt aan gewend ben, is het feit dat iedereen ‘s middags slaapt. Ook in de refugio’s dus. Ik ben de enige die wakker is, want ik vind dat slapen midden op de dag maar niks. Het is natuurlijk warm, maar ik ben er inmiddels wel aan gewend.

    En zo gaat de pelgrim voort……..de wandelstaf geheven!    

    Sun
    30
    Jul '06

    Bankstel

    Dag 114  km 39,78     stappen 56.838 / totaal km 2632,18     totaal stappen 3.782.893

    Vanmorgen ben ik weer om 6 uur vertrokken, want er waren heel veel kilometers te stappen vandaag. Het was een erg mooie tocht met veel vergezichten op bergen, waar ik gelukkig niet overheen hoef. Onderweg was het vandaag in een barretje cola drinken. Een cola met een lerares Engels uit Parijs, een cola met een student biologie, enz. Van cola krijg je kramp in je maag, dus ben ik maar weer overgestapt op water.

    Onderweg kun je de Spaanse en in mindere mate ook de Italiaanse pelgrims goed herkennen. Die laten namelijk alles aan hun rugzak wapperen. Schoenen, waterflessen, truien, enz. Aan alle kanten wappert het, zodat iedereen goed kan zien hoe stoer ze zijn.

    De fietsers hadden het vandaag ook moeilijk, want die moesten gedeeltelijk over ons pad en daar kun je niet fietsen, maar moet je lopen. Ten eerste zijn ze niet gewend aan lopen en ten tweede hebben ze daar ook geen goede schoenen voor, dus ook voor hen was het zwoegen.

    We moesten een flinke helling op, dus iedereen stelt zich daarop in: hoofd naar beneden, kijken waar je loopt en klimmen maar. Bovenop de helling staat een kruis. Toen we eenmaal boven waren en het kruis bereikt hadden, vonden we aan de voet van het kruis een compleet bankstel: twee fauteils en een zitbank. Daar sta je dan wel even van te kijken en dat was lachen natuurlijk.

    De laatste 10 km liep ik over industrieterreinen en door de woonwijken van Burgos en dat was ontzettend vervelend. Dat ziet er allemaal niet fraai uit. Maar nu zit ik dan toch maar prinsheerlijk in Burgos, in een hotel aan de rand van de oude binnenstad. Ik heb er nog niets van gezien, maar dat komt morgen wel.

    De mensen van het hotel waren van mening, dat ik vandaag heel ver gelopen was. Dat klopt en ik begin nu wel een beetje slijtage te merken aan mijn linkerbeen. Niet zozeer mijn enkel, maar vanaf de heup begint het een beetje pijnlijk te worden. Dat kan ook niet anders natuurlijk na ruim 2500 km.

    Geer zegt dat ik het kalmer aan moet doen en meer rust moet nemen. Het probleem is echter dat ik, als ik een korter stuk loop, er al om 12 uur ben en meestal in een klein dorp en dan verveel je je een ongeluk ‘s middags. Dus dan zeg ik tegen haar dat het geen vakantie is, waarop zij me streng toespreekt dat het dat wel is en dat ik ‘s morgens mijn ‘werk’ al gedaan heb en dus ‘s middags vrij mag zijn. Ach ja, misschien blijf ik dan morgen wel een dagje in Burgos of ik loop maar een klein eindje van 10 km of zo. We zullen wel zien!  

    Je ziet Burgos al in het dal liggen als je er nog 15 km vandaan bent.  

    Sat
    29
    Jul '06

    Villafranca Montes de Ora

    Dag 113  km 30,84     stappen 44.064 / totaal km 2592,40     totaal stappen 3.726.055

    Een rustige dag vandaag, waarop ik op mijn gemakje heb gekuierd. Het was vannacht koud in de kerk, ik hoop maar dat dit niet symbolisch was.

    Gisteravond had de priester voor in totaal 22 mensen gekookt en daarna moesten we dus met 22 man afwassen. Dat is zo komisch, het lijkt een grote rotzooi, er wordt heel veel gekakeld en geschreeuwd in heel veel talen: Frans, Spaans, Duits, Italiaans, Portugees, Hongaars, Nederlands. Kortom, het is een ongeordende bende, althans dat lijkt het, want het is al met al in een mum van tijd gebeurd en nog goed ook.

    Vanmorgen in alle vroegte, om 6 uur, ben ik al vertrokken. Het was nog donker. Het is wel grappig, want ook ‘s morgens is het geharrewar, aangezien iedereen uit de hele rij schoenen en stokken de zijne moet zien te vinden in het donker. Voor mij is het makkelijk, want mijn stok is uniek en mijn schoenen zijn de hoogste. Als iedereen dan alles weer heeft, vindt de uittocht plaats. Ik vind die lampjes op je voorhoofd erg stom, maar eerlijk gezegd was het vanmorgen wel gemakkelijk geweest, want er was weinig te zien, dus je moet goed opletten dat je niet misstapt. Dus alweer een vooroordeel gesneuveld. Het was weer erg warm, maar ik ben er nu wel aan gewend. Ik stop bij elke bron of fontein om water te tappen. Dat is lekker koud water. Bij mijn volgende bron of fontein mik ik het overgebleven lauwe water weg en tap weer fris water.

    Vanmorgen liep ik een eind langs de snelweg en dat is niet leuk. Het vrachtverkeer scheurt langs je en verder zie je touringcars met uitbundig zwaaiende toeristen. Vanmiddag heb ik van de weeromstuit een heel stuk door onbewoond gebied gelopen, waar vroeger struikrovers waren. Die zijn er nu niet meer, want er zijn geen struiken meer.  

    In een klein dorp heb ik in een barretje iets gedronken en werd daar tot mijn verrassing in keurig Nederlands toegesproken door een Spanjaard, die ooit in Nederland gewerkt heeft. Hij vond het leuk om weer eens Nederlands te spreken en glorieerde ten overstaan van alle barbezoekers uit het dorp natuurlijk. Hij sprak een idiote taal, maar ik verstond hem, dus dat moest toch wel een echte taal zijn. Hij heeft een Marokkaans meisje in dienst en had gehoord dat we in Nederland zoveel problemen hadden met Marokkaanse jongeren. Ik vertelde dat dat meestal jongens waren, want dat de meisjes over het algemeen intelligent zijn en hard leren en werken. Nou, dat moest meteen even vertaald voor het Marokkaanse meisje en die heeft de rest van de tijd staan glunderen. Ik kreeg de koffie en hij vond het maar niks dat ik er niet een stevig likeurtje bij wilde. Maar dat leek me toch iets te veel om mee verder te lopen.

    Nu ben ik gearriveerd in Villafranca Montes de Ora, een hele grote naam voor een heel klein plaatsje. Er zijn een stuk of wat huizen en natuurlijk wel een kerk en een verlaten klooster. Ik zit hier nu in een hostal en dat bevalt prima. Het is allemaal heel eenvoudig, de douche is op de gang voor gezamenlijk gebruik, maar het is schoon en je kunt hier ook eten. Ik moet weer op zoek naar een schoenmaker, want de zolen van mijn schoenen beginnen weer los te laten. Enfin, in Burgos zal dat wel lukken. Dat regel ik dan even flitsend in mijn prachtige Spaans. Ik zeg met opzet ‘mijn’, want ik weet namelijk één ding zeker: dat het geen Spaans is. Ik heb gemerkt dat ze me nog het beste begrijpen als ik mijn Franse woorden ‘ver-Spaans’. Dus wat de taal betreft: Mijn hoogmoed in Frankrijk, omdat ik de taal spreek, kwam voor de val in Spanje. Jullie zien, ik leer heel wat lesjes zo onderweg!

    Fri
    28
    Jul '06

    De kip en de haan

    Dag 112  km 24,16     stappen 34.510 / totaal km 2561,60     totaal stappen 3.681.991

    Vanmorgen ben ik vertrokken in een vreselijke onweersbui. Gelukkig kon ik al heel snel een ontbijtje scoren en dus ben ik maar eens uitgebreid gaan ontbijten. Daarna was het al snel over en het is verder zo’n 25 graden geweest, dus heerlijk om te lopen. Bovendien was het een heel makkelijke route, dus het ging van een leien dakje. Na een tijdje kwam Anton me achterop. Anton is een Ier en een ontzettend aardige vent, dus daar heb ik de rest van de dag mee samen gelopen. Morgen gaat hij weer terug naar Ierland, dan zit zijn vakantie erop. Ik heb uitgerekend dat ik over 3 dagen ‘alleen’ nog maar het Pieterpad hoef te lopen qua afstand, dus ik begin aardig te vorderen.

    We kwamen in de kerk van Santo Domingo de Calzada en ik heb dus de kip en de haan gezien. Voor wie het niet weet, even in het kort de legende:

    Een Duits echtpaar uit Aken liep met hun zoon naar Santiago de Compostela. In Santo Domingo werd de dochter van de waard verliefd op de zoon van het echtpaar, maar de jongen moest er niet veel van hebben. Wat deed ze dus? Ze stopte een gouden beker in zijn ransel en de jongen werd vervolgens beschuldigd van diefstal (Waar ken ik dit verhaal van?), dus terug naar Santo Domingo en voor de rechter. De rechter veroordeelde hem ter dood en de jongen werd opgehangen. De ouders vervolgden diep bedroefd hun tocht en kwamen aan in Santiago. De priester daar zegt tegen het echtpaar dat ze moeten terugkeren naar Santo Domingo, want dat St. Jacob alles goed zal maken. Dus de ouders keren terug en treffen daar weer de galg aan met hun zoon, maar tot hun verbazing blijkt de jongen nog te leven. St Jacob heeft al die tijd zijn handen onder de voeten van de arme jongen gehouden, zodat de strop zijn keel niet zou doorsnijden. De blije ouders gaan naar de rechter om te vragen of zij hun zoon van de galg mogen halen. De rechter zit net aan zijn kippetje en lacht hen uit bij hun verhaal dat de jongen nog leeft. Hij zegt: “Die jongen is net zo levend als die kip hier op mijn tafel”. Tot ieders verbazing krijgt de kip vleugels en vliegt van de tafel weg. Sinds die tijd zitten er een levende haan en kip in een kooitje in de kerk.

    Mooi verhaal, hè? Maar verder viel het een beetje tegen, want de kip en de haan zitten er wel, maar je kunt alleen maar in een klein hokje zien dat ze er zitten. Je mag de kerk niet in en je mag absoluut geen foto’s nemen. Je komt alleen de kerk in als er een rondleiding is. Het verhaal is nu: Als de haan gaat kraaien, zal je verdere reis voorspoedig verlopen. Dus ik wachten tot dat verrekte beest ging kraaien. En deed-ie het? Nee dus. Toen ik echter weer buitenkwam, stond Anton met 2 Nederlanders te praten, die bleken te weten dat ik onderweg was. Hoe ze dat wisten, weet ik ook niet, maar je moet nooit te diep gaan graven bij wonderen natuurlijk.

    Over wonderen gesproken: er is geen wonder gebeurd met alle bulten op mijn lijf, maar daarover straks.

    In Santo Domingo zag ik ook David weer. Die liep te hinkepinken, want hij had een steen in zijn voet. Daar ging hij morgen naar laten kijken. Ik merkte op dat hij dat misschien beter vandaag kon doen, maar dat kon niet volgens hem, want hij moest morgen eerst 30 km lopen. Wat een logica, niet?

    Bij onze aankomst in Granon om 2 uur moesten we ons melden op de eerste verdieping achter de kerk. De kerk wordt door Duitsers beheerd en het bleek dat we op de zolder van de kerk bivakkeren. Dus na de douche mijn dagelijkse wasje gedaan en dat hangt nu te drogen in de kerktoren. We gaan straks eten in een zaaltje van de kerk, maar wel met een open haard erin om het vlees te braden. Daarna moeten we ook met zijn allen afwassen, dus dat kan wel leuk worden.

    En dan nu toch maar even iets over mijn ‘insectenbeten’ alias ‘allergie’. Dat is nog steeds niet over, dus ik dacht: “Toch maar even naar de apotheek hier, want het ziet er niet uit en het jeukt als een gek”. Goed, ik vraag de Duitse beheerder waar hier ergens een apotheek is en hij vraagt: “Wat heb je dan?” Dus ik leg hem uit dat ik denk dat ik iets verkeerds gegeten heb, want dat ik overal bulten heb. Of hij het mag zien. “Natuurlijk”, zeg ik en show hem mijn armelijk lijf. Waarop hij laconiek zegt: “Ik zie het al en weet wat het is. Het zijn vlooienbeten!!!! Daar ontkom je gewoon niet aan, bijna iedereen krijgt daar last van”.

    Jongens, jongens, als ons moeder dat wist………….  

                 

    Thu
    27
    Jul '06

    Bultige sinaasappelsap

    Dag 111  km 25,26     stappen 36.083 / totaal km 2537,44     totaal stappen 3.647.481

    Gisteravond heb ik inderdaad uitgebreid in een echt normaal restaurant gegeten. Dat wil zeggen: ik kon eindelijk weer eens kiezen van een menukaart die ik zelfs in het Engels kreeg. Ik mag dus niet meer zo negatief over Spanjaarden zijn. Ik heb lekker gegeten en daarna lekker geslapen in mijn kamer met airco. Heerlijk weer eens gewoon in een bed zonder andere snurkende en verdere geluiden makende mensen om je heen. Alles went hoor, maar zo af en toe mag je je toch wel weer eens ‘gewoon’ voelen? Dat verhaal van gisteren over bijtende en stekende insecten moet ik, geloof ik, intrekken. Ik zie er niet uit met allemaal rode vlekken op mijn huid, maar ik vermoed nu dat het komt van iets dat ik gegeten of gedronken heb. Kan het zijn dat ik te veel sinaasappelsap gedronken heb? Krijg je daar misschien uitslag van? Ik weet het niet, maar het jeukt wel heel erg. Dus smeer ik er maar weer iets op en dat helpt dan wel tijdelijk. Nou ja, morgen is het hopelijk over. Vanmorgen heb ik eerst ontbeten in het hotel en dat kon pas om 7 uur, dus ik heb uitgeslapen. Er zat een groep van ca 15 Fransen aan het ontbijt die volgens hun gesprekken ook de camino lopen. En geloof me of niet: de één zag er nog patseriger uit dan de ander. Het toppunt was wel een heer van, zeg maar mijn leeftijd, die met een vlinderstrikje om aan de wandel ging. Helemaal vertrouwen doe ik het niet, want ze stapten allemaal in auto`s toen ze vertrokken en ze hadden geen rugzakken, maar gewone tassen en koffers. Maar goed: ieder zijn eigen camino. Waar bemoei ik me dus mee??? Daarna ca 12 km gelopen voor ik in Najera mijn eerste koffie kon scoren. Aardige stad trouwens. Tot dan was het meest bewolkt geweest, maar na de middag werd het heel erg heet en benauwd. Je zag de bewolking opbollen tot onweersbuien. En toen ik om 2 uur hier in Azofra aankwam, ging het 10 minuten later heel erg hard onweren. En wie zit er weer pontificaal op een terras? Vriend David uiteraard. We gaan vanavond samen eten.  
    De refugio hier is heel erg mooi. Allemaal kamertjes van 2 bedden, niets boven elkaar en ieder zijn kast. Prachtig, we zijn erg tevreden…
    Morgen naar de kip en de haan in de kerk. Dan heb ik weer iets te vertellen, of kennen jullie dat verhaal al???
     

    '

    27-7-2006: Filosofische gedachten

    Ik werd vanmorgen om kwart over zes wakker door het geratel van mijn 4 wekkers (anders hoor ik ze niet). Die druk ik dan gauw allemaal op ‘snooze’, want dan mag ik nog even ‘sudderen’ van mezelf. Ik lag dus nog gewoon in bed op een tijdstip waarop ik niet op mijn best ben, zoals insiders weten en geloof het of niet, ik kreeg een filosofische gedachte!!! Ik dacht namelijk: “Als je de camino van Theo vergelijkt met het leven, lopen we dan nu allemaal in de drukte van Spanje?? We rennen, vliegen, werken, jagen en haasten. Druk, druk druk op onze weg. Zijn we vergeten hoe het in Frankrijk was? Rustig aan, tijd nemen voor andere mensen, eens luisteren, eens nadenken, een beetje dromen. Zijn we alleen nog maar aan het rennen op de weg om zo snel mogelijk het doel te bereiken? En wat is dat doel dan? Een grote kermis, die eigenlijk tegenvalt? En degenen die gepensioneerd of gevutterd zijn of niet meer werken, zijn die dat doel nu al gepasseerd en zitten die nu in de rust van Cap Finisterre? Gewoon lekker rustig zitten en kijken naar het eind van de wereld?
    Zie, welk een wijsgerige gedachten en ik hoef er niet eens voor te lopen. Ik constateer dat Theo en ik elkaar kennelijk goed aanvullen, ondanks ons dagelijks goedmoedig gekrakeel. Hij loopt, want dat kan ik niet, en ik filosofeer, want daar heeft hij geen tijd voor. Maar ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe jullie dat nu zien, dus schroom niet!!  

    Wed
    26
    Jul '06

    This is not Spain, this is Basque

    Dag 110  km 25,59     stappen 36.567  / totaal km 2512,18     totaal stappen 3.611.398

    Ik heb gisteravond het stierenlopen gemist, aangezien dat onder pelgrims-etenstijd was. Dat zit zo: in de restaurants hier hebben ze een pelgrim-menu, maar dan moet je om 8 uur aan tafel zitten. De Spanjaarden zelf eten natuurlijk veel later. Ze doen dit expres voor de pelgrims, omdat die vroeg naar bed willen. Nu hoor ik jullie zeggen: “Nou, dan eet je toch gewoon met de Spanjaarden een gewoon menu?” Dat kan dus niet, want om 10 uur gaat de refugio op slot en dan ben ik nog niet klaar met eten. Er heerst hier trouwens geen echte eetcultuur, heb ik de indruk. Ik ben nog geen hoogstandjes tegengekomen, het is allemaal een beetje ‘prutterig’. Wat ze hier wel heel erg lekker hebben, is pure sinaasappelsap. Die persen ze voor je ogen uit, een paar stukken ijs erin, heerlijk! Dus ik stap onderweg af en toe een café in om dat te gaan nuttigen. In die café’s kom je dan Nederlanders tegen. Ik kwam zo vandaag 2 stellen tegen, die op de fiets waren en ook die hadden dezelfde ervaring als ik: het is hier een gekkenhuis. Grappig ook weer, dat wij noorderlingen dat allemaal zeggen en vinden dat ze het hier te bont maken. De Spanjaarden zelf vinden dat helemaal niet, hoe meer mensen hoe beter. Dus dan denk ik maar weer aan de wijze woorden van de Fransman: “De weg is er niet alleen voor jou”.

    Verder heb ik het nog steeds prima naar mijn zin, de paden zijn goed begaanbaar en het lopen gaat nog steeds prima. Vanmiddag was het weer heel erg heet en ik ben overal gestoken. Er zaten insecten in mijn hemd en nu heb ik hele snelwegen van insectenbeten op mijn rug. Ze doen geen pijn, maar jeuken wel.

    Ik dacht altijd, dat de actieve Basken een relatief kleine groep vormden, maar het is echt een ander volk. Ook hun bouw is anders: ze zijn groter, steviger en forser. Allemaal met de Baskische baret op en heel erg trots op hun land. Gisteravond at ik met 2 Basken en daar heb ik natuurlijk echt geen woord van verstaan, maar dat gaf niet, ze praatten gewoon vrolijk met me verder alsof ik er alles van verstond. Een van de twee sprak een paar woorden Engels en legde me uit dat zij nu ook ‘buitenlands’ spraken. Ze spraken namelijk Spaans in plaats van Baskisch! Geweldig vind ik dat. Op een brug hier in Navarrete, waar ik trouwens al lekker vroeg aankwam, staat een groot bord met de tekst: “Foreigner, don’t forget. This is not Spain, this is Basque!”

    Onderweg, vlak voor La Grono, heb ik mijn stempel gehaald. Ik kon het niet missen, want aan de muur van het huis zat een herdenkingsplaquette voor Felicia. Felicia is in 2002 overleden, maar heeft tientallen jaren de stempels gegeven aan de pelgrims, dus nu heeft zij een herdenkingsplaat en er zit nu een andere ‘Felicia’, ook een oude vrouw en die zet nu die taak voort. Iedereen krijgt er ook koffie of limonade. Verder loop ik nu weer door  een wijnstreek, de Rioja, en zie dus overal wijngaarden. En ik kom nu overal St. Jacob tegen in beeldjes, schelpen, enz.  

    Navarrete is een dorp van niks, maar met een enorme kerk in Barok stijl. Allemaal goud van binnen en een altaar van wel 15 meter hoog. Misschien niet echt mooi, maar wel heel indrukwekkend. En ik zit nu luxe in een hotel dan toch. Heerlijk, net zolang douchen als je wilt. Dat mag wel voor een keertje toch? Vanavond eet ik tapas, er is geen keuzemenu, dus ik ben benieuwd.

    Ze zeggen hier dat er ander weer op komst is, koeler en regen. Koeler is prima, maar regen niet, want dan worden de paden hier spiegelglad. We zullen wel zien morgen.

    Tue
    25
    Jul '06

    Stieren

    Dag 109       Dag 109a  km 30,91/stappen 44.153/totaal km 2486,59/totaal stappen 3.574.836

    Ik kwam vandaag een Nederlands meisje tegen en die ervaart het net zoals ik: zij moet ook erg wennen en vond Frankrijk leuker. Denk niet, dat ik hier nu met tegenzin loop, want het tegendeel is waar. Ik vind het nog steeds geweldig om deze tocht te mogen maken. En ook hier is er telkens wel weer iets. Zo liep ik door een straatje en hier zijn aan alle huizen balkonnetjes. Op een van die balkonnetjes zaten 4 kleuters te spelen en die begonnen voor iedere pelgrim een liedje te zingen en riepen daarna heel schattig: “Bueno camino!” Jullie merken dat mijn Spaans met grote sprongen vooruitgaat. Ik roep al tegen Juan en alleman “Ola” en als het wat oudere mensen zijn, zeg ik netjes: “Buenos Dias”.

    Het was vandaag verzengend heet. Ik kan goed tegen de warmte, maar liep af en toe naar adem te happen. Het was echt gloeiend heet. Ik dacht aan het feit dat ik vanavond weer met vele mensen in een refugio moest slapen en hoe warm dat zou zijn. Dus ik besloot mezelf vandaag eens te verwennen en niet naar een refugio te gaan, maar luxe in een hotel te gaan zitten. Dat was St. Jacob niet welgevallig en het is nog wel zijn naamdag vandaag. Hij besloot mij een lesje in nederigheid te geven en zorgde ervoor dat alle hotels in Viana, mijn reisdoel vandaag, propvol waren. Er was nergens een kamer meer vrij. En waar kwam ik dus terecht? Juist ja, in een refugio met bedden driehoog boven elkaar. Dus ik was wat mopperig tegen hem, want ik vond het geen stijl, maar ik werd weer getroost door de ontvangst in de refugio. De receptie vroeg waar ik vandaan kwam en toen ik zei dat ik uit Amsterdam kwam, vroegen ze: “Ja, maar ik bedoel, waar bent u begonnen?” En toen brak mijn gloriemoment weer aan, omdat ik kon zeggen: “Jawel, begonnen in Amsterdam”. Toen braken ze eensgezind in jubelende loftuitingen en luid gejuich uit. Wat een moed had ik, enz. enz. Je ziet, het heeft ook voordelen dat ze lawaaiig zijn, want nu kon het me niet lawaaiig genoeg zijn.

    De refugio staat bovenop een berg en ik heb hier vandaan een uitzicht naar alle kanten. Aan de ene kant zie ik in de verte een bergketen, aan de andere kant zie ik de zon onder de wolken uitkomen. Het is een schitterend landschap. Ik ontmoette Wolfgang hier ook weer, dus dat is gezellig. En na de verschrikkelijke hitte van vandaag is het heerlijk om lekker te douchen. Dus dat eerst gedaan en toen mijn wasje. Dat hebben we buiten op een rek gehangen om te drogen. Toen we daarmee klaar waren, keken we op en zagen zo’n donkere lucht aankomen dat we weer snel teruggerend zijn om de was weer van het rek af te halen. En dat was maar goed ook, want het heeft flink geonweerd. Nu is het weer droog en een heel stuk afgekoeld. Heerlijk.

    Wolfgang filosofeerde erover dat hij maar een week eerder terug zou gaan, zodat hij thuis weer kan wennen voordat hij weer aan het werk gaat. “Want”, zei hij, “als ik thuiskom en meteen moet gaan werken en ze me dan komen roepen omdat er brand is uitgebroken, ben ik in staat om te zeggen: “Nou en? Is dat mijn probleem?” Ja, dat wordt nog wat als ik weer thuis ben. Wie dan leeft…..

    Viana is een stad en ter ere van de naamdag van St. Jacob zijn er overal feesten. De hele stad is rood en wit gekleurd en vanmiddag holden de stieren dus echt door de straten. Op het plein is een arena gebouwd, dus daar zullen vanavond wel stierengevechten worden gehouden. Jullie begrijpen dat dat hier hele discussies geeft, alleen onder de noorderlingen natuurlijk, want de Spanjaarden vieren gewoon feest. Die lopen trouwens op de camino ook alsof het een feestje is en er vallen er dus heel veel uit. Die zijgen neer op een terras in het dorp of de stad en klagen zo hard, dat het ermee eindigt dat iemand uit het dorp hen met de auto naar de plaats van bestemming rijdt. Eerlijk gezegd weet ik niet of het allemaal echt is of gewoon bij het toneelstuk, dat ze met zijn allen opvoeren, hoort.

    Andres, hartelijk dank voor je uitleg van de Salve Regina, aan dit soort informatie heb ik iets. Dat iemand uit Urugay mij dat nu uit kan leggen. is toch wel heel apart.  

    Ik ga straks nog even in de stad kijken, want ik wil dit wel meemaken en morgen heb ik niet zo’n erg lange route, dus we gaan de bloemetjes buiten zetten zogezegd.  

    Mon
    24
    Jul '06

    Water en wijn

    Dag 108  km 33,12     stappen 47.311 / totaal km 2455,68     totaal stappen 3.530.683

    Vandaag  heb ik weer een flinke afstand gelopen, maar dat gaat soms zo. Het is hier warm, zo’n 35 graden, dus dan vertrek je vroeg. De route is mooi, we zitten hier in het middelgebergte. Maar het is hier verschrikkelijk druk, er lopen hele families met kinderen en aanhang. Kennelijk niet echt voorbereid, want ik zie heel wat slachtoffers vallen. Al die drukte valt me een beetje tegen, ik had het eigenlijk anders verwacht. Zo zie je maar, het lijkt echt het leven zelf wel. Soms krijg je iets dat je totaal niet verwacht en soms verwacht je iets en dat valt dan tegen. Enfin, na Burgos schijnt het rustiger te worden. De weg is op sommige plekken slecht, maar 85 % is goed begaanbaar.

    Ik kwam onderweg langs een wijnkelder en daar zijn twee kraantjes aan de muur. Uit het ene kraantje komt water, uit het andere wijn. Dus of het water nu in wijn verandert of andersom, daar kom je in dit geval niet achter. Eerst wilde ik alleen water drinken, maar dat vond ik toch al te gek worden. Tenslotte maak ik waarschijnlijk maar één keer mee dat je wijn uit de kraan in een plastic bekertje drinkt, daar kun je dan toch niet aan voorbij lopen? Het was lekkere wijn.

    Mijn plaats van bestemming was vandaag Villamayor de Monjardin, een klein plaatsje met twee refugio’s, waarvan de ene beheerd wordt door Nederlanders. Hier in Spanje kun je ook vaak in de refugio’s eten, maar dat is natuurlijk geen echt Spaans eten en meestal een beetje weinig. Maar ja, voor deze prijs kun je natuurlijk niet zoveel verwachten. Ik betaal voor de overnachting € 5, voor het avondeten € 6 en voor het ontbijt morgenochtend € 3. Dus dat is niet veel.

    Toen ik aankwam was er nog maar één andere man: Wolfgang, een Duitser die Nederlands spreekt, omdat hij een huis in Zandvoort heeft gehad. Een aardige vent, we kunnen goed met elkaar opschieten. Hij loopt tijdens zijn vakantie en zijn vrouw maakt zich zorgen of hij zich iedere dag wel scheert. Dus nu moet ik, als hij geschoren is, een foto maken als bewijs.  

    We waren eerst met zijn tweeën en hebben uiteraard de beste bedden uitgezocht. Net op tijd, want daarna kwam een hele grote groep Spanjaarden binnen met zoveel drukte en kabaal, dat we op de vlucht zijn geslagen. Tjonge, wat kunnen die een herrie maken, zeg. Nu zitten we buiten op het terras voor de gîte en dat is lekker zo.  

    Sun
    23
    Jul '06

    Heet, heet, heet

    Kijk, een pelgrim hoort af te zien, maar waarom dat nu ook met het thuisfront moet? Toen ik bij Theo vandaan ging, was mijn enige troost dat ik tenminste naar koelere oorden vertrok. Nou, dat heb ik dus geweten.

    Maar buiten dat gaat het hier ook uitstekend. Marnix gaat langzaam maar gestaag vooruit en hier begint de rust een beetje weer te keren en heb ik af en toe zelfs tijd voor het kijken naar één van mijn tegen de verveling gekochte dvd’s. Toen Theo wegging, leek me ruim 4 maanden een onafzienbare tijd. Maar die tijd is tot nu toe omgevlogen en ik kan me nauwelijks voorstellen dat het nu nog maar een week of zes duurt voor hij weer terugkomt. Gek is dat, we zijn er al zolang mee bezig geweest, eerst met de voorbereidingen en de beslissing: wel of niet, dat ik me nog niet voorstellen kan dat het dan allemaal weer voorbij is en we over zullen gaan tot de orde van de dag. En als ik het me niet voor kan stellen, hoe moet het dan wel niet voor Theo zijn? Ik bedoel maar, je leeft een aantal maanden op een manier, waarvan je altijd hebt gedroomd en daarna sta je weer de vloer van de badkamer te dweilen of je nooit bent weg geweest. Nou ja, dat zien we dan wel weer. Voorlopig kijk ik vol trots naar de landkaart van Frankrijk in de gang met allemaal rode pennetjes erop en ik wil jullie daarvan graag even laten meegenieten:

    Frankrijk gang 2 1  

    '

    23-7-2006: A tough man

    Dag 107  km 26,85     stappen 38.355 / totaal km 2422,56     totaal stappen 3.483.372

    Vanmorgen ben ik om half zeven (jawel, die tijd is geen vergissing) vertrokken en al een uur later heb ik een ontbijtje kunnen scoren. De refugio waaar ik vannacht geslapen heb, Casa de Paderboorn, wordt op een perfecte manier geleid door een Duits stel. Heel goed en een aanrader voor iedereen die hier langs durft komen.
    Ik heb een mooie tocht gemaakt naar Puente La Reina over een bergkam waarop een pelgrimsmonument staat. Het is een groep pelgrims (van plaatstaal) die voorbij trekt. Wel mooi en je hebt vanaf die plaats dan ook meteen een geweldig uitzicht naar beide kanten van de bergen. De afdaling vanaf het monument was knap heftig en als je knieën of voeten het dan niet zo goed meer doen, levert dat ernstige problemen op. Die zie je dan ook om je heen: lopers, die met een geweldig enthousiasme begonnen zijn in Roncevalles of in St.Jean en daar nu het leergeld voor betalen.

    Onderweg trof ik Christoffer weer aan, zoals gebruikelijk in slapende toestand langs de kant van de weg. Geweldig is hij: ik geloof niet dat ik hem ooit lopend heb aangetroffen en toch is hij steeds weer op de juiste tijd op de goede plaats. Hij kent ook iedereen en spreekt geen woord Spaans of Frans. En wie trof ik op een terras luxe zitten met een pils? Uiteraard onze vriend David. Chique gekleed en al klaar voor de avond. Een vreemde vogel blijft het. Hoewel hij echt wel normaal kan doen, doet hij dat meestal niet.

    Vanavond wordt er in de plaats, waar David verblijft, een toneelstuk opgevoerd over een verhaal dat zich daar in de Middeleeuwen heeft afgespeeld. Er waren namelijk een vader (edelman) met zijn dochter (dus prinses zoals dat hoort in verhalen). Die prinses werd door vader uitgehuwelijkt aan een andere edelman. Maar dochterlief had daar niet veel trek in en heeft bedongen dat zij eerst voor het huwelijk nog een pelgrimsreis mocht maken naar Santiago de Compostela. Vader, allang blij dat het zo gemakkelijk zou gaan, want je weet het maar nooit met dochters, gaf zijn toestemming. De dochter gaat naar Santiago en besluit na het bezoek aan het graf van Jacobus dat zij toch niet met de edelman wil trouwen. Zij neemt een eenvoudig baantje in de huishouding en denkt nog lang en gelukkig te leven. Helaas, Pa, ook niet gek (want hij voelde zich al voor gek staan), gaat op zoek naar zijn dochter en vindt haar. Maar de dochter houdt voet bij stuk en weigert het huwelijk. Pa is dan zo boos, dat hij haar in zijn woede doodsteekt. Nu was het in de Middeleeuwen al niet anders dan nu, dus hij krijgt spijt als haren op zijn hoofd.
    Vervolgens vraagt hij de pastoor wat hij moet doen om vergeving te krijgen. En jullie raden het al: hij moet naar het graf van Jacobus in Santiago. Daar aangekomen krijgt hij te horen, dat hij alleen vergeving kan krijgen als hij voortaan in plaats van als edelman als heremiet door het leven zal gaan. En dat doet hij dus. Er staat dan ook een klein kapelletje op de berg bij het dorp, waar hij geleefd moet hebben.
    Maar goed, terug naar het heden. Christoffer en ik zijn om 3 uur hier in Puente la Reina aangekomen in een refugio die een halve kilometer buiten het dorp ligt. We moesten eerst over de beroemde brug uit de Middeleeuwen die daar voor de pelgrims is gebouwd. Een echt historische brug dus, want alle pelgrims die uit Frankrijk of Italië komen, moeten over die brug. En dit was dus een historische dag die onthouden zal worden: vandaag op 23 juli 2006 trok pelgrim Theo over de brug bij Puente la Reina!!!!!. Maar daarna, o schrik: we moesten nog een halve kilometer heel steil klimmen naar wat vroeger een luxe hotel was en nu een refugio. Alles heel groots, maar wel lekker ruim.

    We stonden hier bij een pelgrimsbeeldje om een foto te maken, toen er een vrouw aan kwam, die Engels sprak en vroeg of ze een foto van ons samen moest maken. Dat hebben we in dank aanvaard. Toen moest er ook een foto met haar zoontje gemaakt natuurlijk en al met al ook een praatje erbij. Alles keurig in het Engels. Ze vraagt waar we vandaan komen en als ik zeg: “Uit Amsterdam”, zegt ze in prima Nederlands: “Waarom staan we hier dan in het Engels te praten?” Nou moet ik zeggen, dat ik al verrast was toen ze aanbood een foto te maken, want de mensen zijn hier vrij gereserveerd. Grappig is dat toch, dat je aard zich niet verloochent.
    Ook heb ik Nederland en passant van een slechte naam gezuiverd. Ik loop af en toe met een Amerikaan uit Colorado met een echt Yankee-accent. Die had altijd gehoord dat Nederlanders watjes zijn, maar ja, als ik nu helemaal uit Amsterdam was komen lopen, dan was ik toch wel een ‘tough man’.  
     

    Sat
    22
    Jul '06

    Pamplona

    Dag 106  km 14,44     stappen 23.481  / totaal km 2395,71     totaal stappen 3.445.017

    De Spanjaarden die in Roncevalles zijn begonnen, vertrokken vanmorgen om half zes met een lampje op hun voorhoofd, omdat het nog donker was. Als je ziet hoe ze lopen of liever gezegd waar ze mee lopen, dan is dat op zich een studie waard. De fraaiste uitdossingen hebben ze, compleet met haute couture sjaals, waarmee ze lopen te wuiven, maar de schoenen die ze aan hebben, zijn vaak alleen berekend op een wandelingetje in het park. Het is weer heel anders dan in Frankrijk en ik moet er duidelijk nog aan wennen. Spanjaarden maken erg veel lawaai, zelfs de Italianen worden er stil van, kun je nagaan. Maar misschien lijkt dat ook maar zo, omdat ik geen Spaans spreek. Ik snap er geen hol van en weet zelfs niet of ze echt Spaans spreken of een dialect. Alle namen staan hier aangegeven in het Baskisch en in het Spaans. Ik ontmoette vanmorgen een Frans stel uit Toulouse, dat niet voor het eerst liep en zij vertelden dat het heel normaal is dat je in het begin in Spanje een beetje overdonderd bent. “Dat duurt tot Burgos”, zeiden ze, “dan ben je eraan gewend”. En, zoals hij fijntjes opmerkte: “De weg is er niet alleen voor jou, maar ook voor anderen”. En zo is het natuurlijk ook. Het is trouwens een heel raar idee, dat zij nu net begonnen zijn en ik al aardig op weg ben naar het einde. Maar goed, ik heb het nog tot 6 uur vanmorgen weten te rekken, toen ben ik ook maar gegaan. Ik hoefde vandaag niet ver, dus kon het kalmpjes aan doen. Halverwege hoorde ik ineens groot kabaal achter me en daar kwam David weer aan, druk pratend. Ik dacht dat die al dagen verder was, kreeg een verhaal waarom niet, waar ik niets van snapte, maar in ieder geval was hij er weer. Ik ben uiteindelijk niet met Anne over de Pyreneeën getrokken, want zij vertrok pas vrijdag weer en daar wilde ik niet op wachten. Ja, zo gaat dat: het is ‘bienvenue’ en dan weer ‘au revoir’ en we zijn allemaal op weg naar ‘A Dieu’, spreek ik filosofisch. Ziedaar, een filosofische gedachte, geïnspireerd door het prachtige commentaar van Bas. Trouwens, al jullie berichten zijn fantastisch, ik ben nog steeds verbaasd dat zoveel mensen mijn gaan en lopen volgen en de moeite nemen te reageren. Cees en Corrie, het is gelukt, jullie bericht staat erop!

    Ik was vanwege de korte afstand al om 12 uur in Pamplona. Pamplona is een moderne stad met een oude citadel, waarin de kathedraal staat. Die wilde ik wel even bekijken, maar dat hadden ze slim bedacht. Om in de kathedraal te komen, moet je namelijk eerst door het museum. Nou geeft dat niet op zich, want volgens het bordje is het museum elke dag open van 10.00-18.00 uur. Alleen, het bordje was er wel, maar alles zat potdicht. Ze vinden het zeker zo logisch dat ze tussen de middag dicht zijn, dat ze dat niet eens aangeven. En dat blijkt ook wel, want van 12 tot 5 uur is alles dicht en geen kip op straat. Alleen af en toe een verdwaalde buitenlander. Natuurlijk heb je dat wel eens gehoord, maar wij noorderlingen staan dan toch een beetje beteuterd te kijken. Er zit gewoon niets anders op dan siësta te houden en dat heb ik dus dan ook maar gedaan. Het eten is tot nu toe niet zo veel bijzonders en het is weinig. Maar ja, alle menukaarten zijn ook in het Spaans, er is niets in het Engels, Duits of Frans te vinden. Gelijk hebben ze, zo was het tenslotte tot voor een paar jaar in Frankrijk ook. Maar misschien ga ik deze winter dus wel Spaans leren, want dit is te gek natuurlijk. Zo zie je maar weer, van het één komt het ander.

    Nu een zakelijke mededeling: Mijn nieuwe mobiele nummer is 0034 646164756.

    En tenslotte een filosofische uitspraak van ‘onze man in Toulouse’: Er zijn 3 camino’s. De eerste is de voorbereiding op de tocht, de tweede is de tocht zelf en de derde is het afkicken daarvan. En daarna sprak hij troostend: “Die derde, daar doe je wel twee jaar over”. Nou, we zien wel, maar dit is in ieder geval wel een tocht om nooit te vergeten!                  

    Fri
    21
    Jul '06

    Mijn eerste Spaanse dag

    Dag 105  km 33,09     stappen 47.122 / totaal km 2381,27     totaal stappen 3.421.536

    Hier weer een bericht direct via email. Gisteravond heb ik een pelgrimsmaal gegeten in een restaurant vlakbij het klooster. Er was rekening gehouden met de pelgrimsmis om 8 uur, dus het eten was al om 7 uur en dat is vroeg voor Spaanse begrippen. Ik heb heel goed gegeten trouwens. Een pasta vooraf en een truite als hoofdgerecht met frites. Ja, we doen heus wel mee met Europa. Daarna heb ik nog een gezonde Hollandse yoghurt genomen en toen zijn we met z’n allen naar de kerk gegaan.
    Er was een mis met acht celebranten, dus heel groots en met een fantastische organist. Aan het einde werden dus alle pelgrims opgenoemd die onderweg waren naar Santiago (dus geen deeltijd-pelgrims) en die kregen de pelgrimszegen in het Spaans, Frans, Duits en Engels. Daarna weer het Salve Regina, zoals ik dat nu al meerdere keren heb meegemaakt. De kenners onder jullie moeten mij nu toch echt nog maar eens gaan vertellen hoe dat in elkaar steekt. Doet men dit elke avond of na elke mis? Overigens maakt het wel echt indruk op me, zelfs als ik het niet helemaal begrijp met dat licht en zo.
    Daarna heb ik nog mijn dagelijkse sigaartje gerookt en toen naar bed. De Hollandse leiding doet echt om precies 10 uur het licht uit en tot mijn verbazing was het toen ook echt stil. De hele nacht. Vanmorgen werd er door de Amerikanen met waardering over deze Hollandse leiding gesproken: “Je kunt wel zien dat het geen Spanjaarden of Fransen zijn”.
    En vanmorgen om precies 6 uur ging het licht weer aan. Wat er dan gebeurt: aan alle kanten hoor je de meest vreemde melodietjes uit mobieltjes komen als wekkers. Ook worden mensen gebeld om wakker te worden. Een kakafonie van geluid en activiteiten aan alle kanten, want het lijkt wel of iedereen haast heeft om te vertrekken.
    Ik ben om half acht op stap gegaan en heb een ontbijt kunnen scoren zo ongeveer 4 km na de start. Daar zat toen ook iedereen natuurlijk, wat op zich ook wel weer gezellig is. Daarna ben ik weer verder gaan lopen en wie zie ik na 2 uur lui langs de weg liggen? Mijn Poolse vriend Christoffer. Hij was ook vroeg vertrokken, maar was nu moe, dus lag even te slapen. Met hem heb ik afgesproken om naar Larrasoana te lopen, maar op dit moment, om 5 uur, is hij daar nog niet aangekomen.
    Het is warm, maar niet extreem en het landschap is wel heuvelachtig, maar niet echt bergachtig zoals gisteren. Vanavond eet ik in een klein restaurant hier in het dorp met alle andere pelgrims natuurlijk. En morgen trek ik verder naar Pamplona, de eerste grote Spaanse stad, waar ik hopelijk ook een nieuwe simkaart kan kopen.

    Thu
    20
    Jul '06

    Over de Pyreneeën

    Dag 104  km 23,19     stappen 33.129 / totaal km 2348,18     totaal stappen 3.374.414

    Een eerste bericht uit Spanje. Ook weer een ander toetsenbord, dus ik moet opletten. Vandaag ben ik om half acht vertrokken uit St. Jean Pied de Port na een voor Franse begrippen enorm ontbijt bij de Nederlanders. Zelfs pindakaas en hagelslag stonden op tafel. Nou, dan kan de dag niet meer stuk natuurlijk. Het weer was na een onweersbui vannacht goed opgeklaard en het was helder. Nu zijn er twee routes naar boven, de een wat moeilijker en mooier dan de ander. Eerst was ik van plan de makkelijkste te nemen maar gaandeweg dacht ik: “Geen mietje worden, den Otter. Je hebt dit gewild, dus dan moet je er ook voor gaan”. Dus heb ik de hoge route genomen. En ik heb er geen moment spijt van gehad. Geweldige uitzichten en heerlijke momenten. Ik ben over de bergen gedanst als het ware. Een niet te vertellen ervaring was dit. Om 3 uur ongeveer was ik in Roncevalles. Wat een drukte. Er kunnen ongeveer 140 mensen in deze gîte die in een oud klooster gemaakt is. De gîtes d’ étape, waar ik altijd slaap, zijn heel eenvoudige onderkomens, meestal in oude gebouwen, waar bedden zijn en een douche. Dikwijls is dat alles, maar er zijn ook luxere gîtes, zoals deze met internet en mogelijkheden om te eten. Maar goed, bij aankomst hier moest je je rugzak in de rij zetten en wachten tot de boel openging. Met zoveel mensen is dat natuurlijk wel een organisatie. En wie kunnen goed organiseren? Wel, Nederlanders natuurlijk. Het zijn dus Nederlandse vrijwilligers die hier de boel runnen.
    Een probleem is, dat er voor de mannen maar 2 douches zijn, dus dat is oplijnen. Je moet ook bij het restaurant een ticket halen om te reserveren als je daar ‘s avonds wilt eten. We eten om 7 uur en om half negen. Daar tussenin is de pelgrimsmis waar je geacht wordt heen te gaan. Ik lig nu in een heel oud gebouw met 140 bedden op een zaal. Het lijkt de marinierskazerne in Doorn wel.  
    Vanaf vandaag heb ik ook geen contact meer op de mobiele telefoon. Ik zal morgen proberen een nieuwe simkaart te scoren. Ik ben benieuwd hoe dat gaat aflopen.
    Nou mensen, ik ga snel Spaans leren, want ik erger me dood dat ik dat niet kan spreken nu.  

    Wed
    19
    Jul '06

    St. Jean Pied de Port

    Dag 103  km 21,29     stappen 30.420 / totaal km 2324,98     totaal stappen 3.341.285

    Jullie weten niet half hoe fantastisch het is hier in St. Jean Pied de Port aan te komen en dan al jullie post te krijgen. Het is super! Ik was uit voorzorg maar vast met mijn gezicht naar de muur gaan zitten en dat was maar goed ook. Geweldig dat jullie al die moeite doen om passende kaarten te vinden en grappige of ontroerende teksten te schrijven. Jan en Olga, Hans en Lida, Jan en Plonie, Bas en Caty, Cees en Corrie, Bep, An, Ton en Nora, Andries en Rina, Arij en Ellen, Jaap en Jannie, Jan en Dorien, Lex en Elly, Frits en Loveday (de kaars zal aangestoken worden), geweldig bedankt!!

    Even uitleg over de gîte, Jan: dat is net zoiets als een Engelse ‘Bed and Breakfast’. Vaak zijn het huisjes, die leegstaan omdat ze geërfd zijn van grootouders, soms zijn ze nieuw neergezet, soms is het bij iemand in huis, of soms, zoals gisteren, de bovenverdieping van een winkel of bar. Over die bar gesproken: we hebben gisteren met zijn zevenen bij de barbaas gegeten en een geweldige avond gehad. We hebben alle Baskische specialiteiten gedronken en dat waren er niet weinig. En heel veel gepraat en heel veel gelachen.

    Vanmorgen  ben ik op stap gegaan naar mijn doel voor vandaag, St. Jean Pied de Port, de laatste stop in Frankrijk. Het was iets minder heet dan gisteren. Ik moest alleen aan het eind stevig doorlopen, want er kwam een gigantische onweersbui aan en die wilde ik voor zijn, want ik had geen zin om mijn poncho aan te trekken. Dat hielp niet echt, want dat haalde ik natuurlijk niet en ik werd dus drijfnat. Hier ben ik meteen naar de gîte gegaan en werd daar in het Nederlands welkom geheten. De gîte wordt door een Nederlands echtpaar beheerd met hulp van vrijwilligers. Ik weet niet of ik dit nu leuk vind of niet. Ach wat, alles is gewoon super, echt alles: de entourage, het leven zoals ik dat nu heb, het feit dat ik nu hier ben. Het is toch een droom? En het is echt gewoon zo, dat ik me anders voel. Nou gaan jullie natuurlijk vragen hoe dan, maar dat weet ik eigenlijk ook niet, gewoon anders, meer mezelf of zoiets. De barbaas gisteren zei dat hij binnen een minuut zag of iemand een echte pelgrim was of niet. “Een echte pelgrim straalt rust uit”, zei hij. Ik was een echte. Ik weet alleen niet meer of hij dat nu voor of na de drank zei.

    Ik heb hier mijn stempel gehaald, mijn allerlaatste stempel in Frankrijk en mijn allerlaatste stempel op deze kaart. Daar hebben ze hier een apart bureau voor. Ik heb er meteen een nieuwe credencial gekocht voor het laatste stuk.

    Morgen ga ik dus de Pyreneeën over. Nou, daar droom je toch alleen maar van? Het zal best een zware dag worden, want ik moet 8 km steil omhoog, dan heb ik 14 km ‘vals plat’ en dan weer 8 km steil naar beneden. En daarna is dan mijn eerste Spaanse stop in Roncevalles, of, zoals de Fransen zeggen: in Ronceveaux. “Maakt niet uit hoe ze het noemen”, zei de barbaas, “het is toch Baskenland”.

    Ik heb deze maanden in Frankrijk genoten en ben nu heel benieuwd naar Spanje. Voor mij is dat een stap (nou: één?) in het onbekende. Het lijkt het leven zelf wel.  

    Jan en Dorien merkten op dat ik nu naar een heilige liep en vroegen zich af of ik nu ook een Heilige Landloper wilde worden. Wie weet?        

    Tue
    18
    Jul '06

    Baskenland

    Dag 102  km 10,99     stappen 15.694 / totaal km 2303,69     totaal stappen 3.310.865

    Hier weer eens op internet zelf. In een bar in een dorp van drie keer niks heb ik plotseling wel een snelle verbinding. Dit is echt een land van uitersten.
    Vanmorgen ben ik om half zeven opgestaan en heb ontbeten met de twee hospitaliers die hier de boel verzorgen in de gîte van het klooster. Daarna naar de bakker en toen om 8 uur op stap. Door een prachtig landschap (ik begrijp nog steeds niet waarom ik hier nooit eerder ben geweest) ben ik naar een kapelletje op een berg gelopen. In het boek zag ik dat er voor mij een aantal Nederlanders loopt. Bij die kapel had het stil moeten zijn, maar op het moment dat ik er aankwam, kwam er een vliegtuig over waaruit een aantal parachutisten sprong. Een oefening van het leger dus. Wel leuk. Daarna ben ik weer doorgelopen en heb onderweg nog een kerk bezocht met een kerkhof. Gery kan tevreden zijn …. Ik ben nu in het Baskenland, waar ze Frankrijk een ander land vinden. Ze spreken een onbegrijpelijke taal. De stenen op dat kerkhof zijn allemaal anders dan de stenen op andere begraafplaatsen in Frankrijk. Heel opvallend is dat het stenen zijn zoals je in Ierland en Wales ziet. Zoals alles hier anders is dan in Frankrijk. De huizen zijn allemaal wit met roodbruine kozijnen. En altijd koel binnen, dat is wel lekker met de huidige temperaturen, want het is hier gloeiend heet. Het was maar een kort stukje vandaag, dus ik heb heel erg op mijn gemakkie gelopen en kwam om 12 uur aan in Ostabat, waar een expositie is van schilderijen van plaatselijke kunstenaars. Wel heel anders weer, maar heel mooi (alhoewel niet alles natuurlijk). Ik slaap nu met een jong Frans stel op een kamer in de plaatselijke bar waar we vanavond ook hebben gegeten. De eigenaar weigert Coca Cola en chips te verkopen. Echte Basken dus.
    Het gaat nu onweren, dus ik ga maar naar binnen, morgen het laatste stukje Frankrijk.

    Mon
    17
    Jul '06

    In het klooster

    Dag 101  km 30,89     stappen 44.123 / totaal km 2292,70     totaal stappen 3.295.171

    Ook vandaag was het weer warmpjes. De mensen hier zeggen dat het ook echt een hittegolf is en dat het anders niet zo warm is. Maar ik heb toch lekker gelopen, het ging allemaal naar wens. De vlakke streek is nu wel echt over, het gaat constant op en neer, maar echte bergen zijn het nog niet. Die zie ik wel de hele dag en hoe dichter ik daarbij kom, hoe hoger ze lijken te worden. Maar dat zien we dan wel weer.

    Vanmorgen om kwart voor 7 kreeg ik in een bar al mijn eerste kop koffie en dat is erg vroeg. Toen ik naar een bakker vroeg, zei de baas: “Je hebt pech, want op maandag is de enige bakker die we hebben, gesloten. Weet je wat, ik zal mijn vrouw eens vragen of ze misschien nog een boterham over heeft”. Zijn vrouw heeft toen voor mij een hele grote sandwich gemaakt en ik kreeg er een appel en een sinaasappel bij. Ze hebben hier trouwens heerlijk fruit en bijna alles, behalve de sinaasappel, kwam uit eigen tuin. Dus ik zat gebeiteld.

    Ik heb lekker rustig alleen gelopen en was om half 4 in St. Palais. Voor de verandering slaap ik vannacht in een echt Franciscaner klooster, oud en heel groot. Ik zit nu in de refter onder het toeziend oog van St. Franciscus. Er hangt hier toch een andere sfeer dan in een gîte of een hotel, al is er dan bijna geen monnik meer te bekennen, voor het grootste deel zijn het vrijwilligers hier. Er is ook niet veel meer in het klooster en de vrijwilliger die me ontving, vertelde dat ze ook steeds minder geld binnen krijgen. Alleen de gîte loopt goed.

    Ik heb na het douchen in een internetcafé uitgebreid de website zitten lezen met alle commentaren. Heb erg veel lol gehad om de ‘psalm’ van Jaap, waarin de pelgrim maar voortdondert. Hoe verzin je het. Het is echt heel erg leuk om alle commentaren te lezen, hartstikke bedankt allemaal!

    Morgen en overmorgen hoef ik maar ongeveer 20 km per dag en dan arriveer ik in St. Jean Pied de Port. Daarna begint het laatste deel, laat ik Frankrijk achter me en steek de Pyreneeën over naar Spanje. De Chemin wordt dan de Camino en de gîtes worden dan refugio. Met deze woorden heb ik meteen al mijn kennis van het Spaans geuit, dus het woordenboekje van Ton en Suzanne gaat te pas komen. Olé!  

    Sun
    16
    Jul '06

    Honderd dagen

    Dag 100  km 29,78     stappen 42.538 / totaal km 2261,81     totaal stappen 3.251.048

    Het is vandaag mijn honderdste dag en wie een pelgrim graag ziet lijden, had vandaag met me mee moeten lopen, dan had-ie waar voor zijn geld gehad. Want behalve dat het heel warm was en heel ver, zoals Hildebrand zou zeggen, had ik ook nog diarree en dat valt heus niet mee. Dat betekent na bijna elke kilometer stoppen en zitten. Het meegenomen wc-papier kon het niet aan en verdere details zal ik jullie maar besparen. Het was heftig. Maar nu is het weer bijna over.

    Ik loop nu weer in een andere streek, de Bearn oftewel Navarre. Niet alleen de streek en de huizenbouw is anders, de taal ook. Ik versta er geen barst van als ze in hun eigen taal spreken, maar gelukkig spreken ze ook gewoon Frans. Het Navarrees of Bearnais zit een beetje tussen Frans en Spaans in, een weg heet hier geen chemin, ook geen camino, maar camin. Ik ben vanmorgen vertrokken met Christophe samen en daar heb ik het eerste stuk tot Sauvelade mee gelopen, maar die stopte daar, dus ik ben alleen verder gegaan en heb verder geen pelgrim meer gezien.

    Wel liep ik door een bos en middenin dat bos zag ik opeens een heleboel auto’s staan. Er bleek een fontein te zijn middenin het bos, waar het hele dorp water komt tappen. Niet omdat ze thuis geen waterleiding hebben, maar omdat het water uit deze fontein veel lekkerder is dan dat wat ze thuis hebben. Ze komen echt met kratten aanzetten. Als je dan bij de fontein komt, zie je daar een bordje boven hangen met ‘eau non potable’ oftewel ‘geen drinkwater’. Dat is wel lachen natuurlijk, dus ik heb mij met mijn ene fles in de rij gevoegd om daar eens duidelijkheid over te krijgen. “Ja, dat bordje is er wel, alleen omdat het moet van de regering”, zo werd mij uitgelegd, “de gemeente heeft geen geld genoeg om iedere keer analyses te laten maken om het water te controleren, dus dan moet er zo’n bordje bij, maar dat zegt niks verder”. Heerlijk land! Omdat ik ‘helemaal uit Amsterdam gekomen was om hier water te tappen’ werd mij voorrang aangeboden, maar ik heb netjes op mijn beurt gewacht, want ik vond het veel te gezellig. Het water was overigens heel erg lekker en heerlijk koud.

    Goed, in Navarrenx aangekomen, moest ik in een bar de sleutel halen van de gîte en nu zit ik in een arsenaal van de vesting Navarrenx. Op de begane grond en de eerste verdieping zijn gewone appartementen en op de tweede verdieping zijn appartementen voor pelgrims. Het ziet er allemaal keurig uit. En wie kwam ik er als eerste tegen? David, die was alweer druk bezig met van alles. Ik hoorde van het meisje bij het Office de Tourisme, dat er steeds onenigheid schijnt te zijn tussen de vaste bewoners en de pelgrims. De vaste bewoners klagen er namelijk over dat er overal maar wasgoed van de pelgrims hangt en dat vinden ze natuurlijk geen gezicht. Wat ze er aan gedaan hebben? Ze hebben met zijn allen een droger gekocht voor de pelgrims. Maar helaas, het helpt niet, want in die droger moeten munten gedaan en dat doen die pelgrims niet, dus die hangen gewoon weer de was overal. Je ziet, het is ook hier niet overal koek en ei. David en ik hebben besloten om samen alle wasgoed in een droger te doen, want eerlijk gezegd vind ik het wel makkelijk. Vanavond warm ik een blik ravioli op, dus ik blijf eenvoudig.

    Ik zie nu de hele dag de Pyreneeën oprijzen en sla dus de ogen naar het gebergte heen, dat heel indrukwekkend is en heel hoog. Gelukkig hoef ik niet helemaal over de top, maar ik verwacht wel des Heren bijstand. Hoewel ik erg benieuwd ben hoe hij die dan gaat geven, want ik vrees toch echt dat ik gewoon zal moeten klimmen en klauteren en dat is niet mijn sterkste punt. Ik klamp mij dus vast aan het feit dat ergens in de Bijbel staat dat de zeeën droog zullen zijn en de bergen vlak (of zoiets), maar ja, dan moet er nu wel gauw iets gaan gebeuren!

    Het onweert hier nu flink, dus het licht is uitgevallen. En om nu ook maar te eindigen met een psalm, die mijn schoonmoeder altijd op ging zeggen als het onweerde: “t Mensdom beeft en staat verwonderd, als de God der ere dondert!”  

    Sat
    15
    Jul '06

    Geen plaats meer in de herberg

    Cahors Roncevalleszw  km 33,02     stappen 47.175 / totaal km 2232,03     totaal stappen 3.208.510

    De laagste temperatuur vandaag was 29,8 graden, de hoogste was 35,8 graden. Met andere woorden: het was heel erg heet. En de komende dagen zal de temperatuur niet dalen, ik vrees dat het zo wel zal blijven voorlopig. Maar buiten dat heb ik lekker gelopen. Het is hier nu echt druk aan wandelaars, er zijn er ook veel die nu een weekje vakantie hebben in verband met 14 juli. Ik moet wel wennen aan de drukte rondom me. Ik ben neergestreken in Arthez de Bearn, maar de gîte hier is overvol, we kunnen er nooit allemaal in. Er zit een hele grote groep Fransen en ook David is er weer bij met al zijn bluf. Maar ik bluf harder en we zitten nu op het terras een beetje te ouwehoeren en dan komt het vanzelf wel weer in orde. Ik heb wel lol, want hij verzorgt zijn voeten alsof hij in een schoonheidssalon zit, er wordt wat afgetutterd. Maar aan de andere kant, hij loopt deze tocht omdat hij beloofd had dit te doen als zijn moeder genezen zou van kanker. Zijn moeder is nu beter, dus hij komt zijn belofte na en dat is toch wel geweldig.

    Omdat de gîte echt overvol was, hebben ze een andere oplossing gevonden. Ik heb snel wat boodschapopen gehaald, toen was er nog tijd voor een terrasje met zijn allen en om 6 uur vanavond zijn we opgehaald en we slapen nu bij een gastgezin ergens op de campagne met zijn drieën: Christophe, David en ik. De gastvrouw Claude heeft zelf de tocht al tweemaal gelopen, dus die weet waarover ze praat.

    Dus ik heb weer onderdak. Ik had vandaag wel even spijt dat ik mijn tent mee teruggegeven had, want laat nou net hier een prachtige camping zijn. Maar ja, het loopt wel een stuk lichter, zonder tent en slaapzak. Ik heb nu weer ruimte te over. “Kun je souvenirs meenemen”, zei Geer.

    Fri
    14
    Jul '06

    Weer op pad

    Dag 98  km 20,67     stappen 29.523 / totaal km 2199,01     totaal stappen 3.161.335

    Na een paar rustdagen was ik vanmorgen weer blij dat ik op pad kon gaan. Gery heeft me naar de route gebracht en moest uiteraard nog een laatste foto maken:

    Theo bij bord 4

    Ik was van plan om tot Miramont te lopen, maar daar was ik al zo vroeg, dat ik besloot nog maar een eindje verder te gaan. Alle mensen, die ik tot dusverre heb ontmoet, zijn me nu vooruit of naar huis, zodat ik nu weer andere mensen tegenkom en dat is best even wennen weer. In ieder geval heb ik met Anne afgesproken, dat we zo mogelijk samen de Pyreneeën overgaan en dat zal wel lukken. Zij is natuurlijk doorgelopen, maar moet woensdag een paar dagen terug om naar een sollicitatiegesprek te gaan, dus dan komt het vanzelf weer goed. Het is wel grappig, want ik heb vandaag een Pool ontmoet. Die loopt veel harder dan ik, maar die rust elk uur, zodat ik hem iedere keer weer inhaal. Verder heb ik heerlijk rustig alleen gelopen.

    Om drie uur kwam ik in Arzacq-Arraziguet aan en zit hier nu in een gîte met een grote groep Fransen, die met elkaar een week wandelt. Dat doen ze elk jaar. Maar op die manier is zo’n gîte natuurlijk wel meteen vol en het is er erg druk. Eén van de Fransen, David, vertelde me dat hij een andere Hollander had ontmoet en dat bleek dus Jos te zijn. Zo zie je maar weer. Ik weet nog niet zo goed wat voor type David is, op het eerste gezicht irriteert hij mij nogal met zijn poeha. Morgen ga ik 30 km lopen, dan ben ik van deze groep weg, want die loopt 20 km.  

    Thu
    13
    Jul '06

    Mijn pelgrim

    Nou, dat was een fors eind rijden, ruim 1300 km. Met de auto heb ik daar ruim anderhalve dag over gedaan, steeds maar denkend: “Je zal dit moeten lopen.” En dan te bedenken dat Theo er meer dan 2000 gelopen heeft! Ik kreeg het warm bij de gedachte alleen al, maar toen ik uitstapte, bleek dat het daar niet alleen van kwam. Want het was warm, om niet te zeggen heet en het is elke dag boven de 30 graden geweest, dus ook voor deze niet-pelgrim was het afzien, maar zeker heel erg de moeite waard.

    Toen ik er bijna was, kreeg ik per sms de mededeling dat ze ergens op een klein weggetje liepen tussen Arblade de Bas en Barcelonne. Juist ja, zie dan maar dat je er komt. Maar ik had ‘Truus’ in de auto, dus die heb ik eerst naar Arblade de Bas laten rijden en toen via secundaire wegen naar Barcelonne. Althans, dat dacht ik, maar helaas, eerst komt Barcelonne en dan pas Arblade. Geen nood, ik ben een weggetje ingeslagen dat in ieder geval klein was en toen ik een groepje wandelaars met rugzakken zag, dacht ik verblijd: “Ik ben vast op de goede weg”. Eén man in dat groepje was ook erg blij, want die zwaaide zo uitgelaten naar me. Ik dacht netjes: “Ik zwaai niet naar vreemde mannen”, toen ik ineens zag dat die man Theo was. Ja, dat kun je me natuurlijk niet helemaal kwalijk nemen, dat ik in die donkerbruin verbrande man met petje en stok niet meteen mijn degelijke echtgenoot herkende. Hij zag er geweldig uit, nooit gedacht dat ik hem nog eens zo zou zien.

    Theo bij bord 2

    We zijn eerst maar eens een hotel gaan zoeken, want iedereen had hem ernstig toegesproken dat hij zijn vrouw niet in de een of andere gîte kon laten slapen. Dus we zijn maar een bordje achterna gereden en kwamen toen bij een heus kasteel uit. Goed, hij in een kasteel slapen, ik ook, dus maar een kamer genomen. Prachtig, heel oud, schitterende kamers, heerlijk eten. Ik kreeg de neiging om af en toe eens adellijk te wuiven, maar was mijn waaier vergeten. In alle eerlijkheid, wij vonden het beiden een beetje te! De hele zaak werd gerund door een echtpaar, dat vast in het gewone leven erg aardig is, maar nu een beetje al te beleefd was. Als mevrouw tegen haar man iets zei, klonk dat heel gewoon, maar tegen de gasten kreeg ze zo’n onderdanig pieptoontje.

    Dus de volgende morgen gingen we op zoek naar iets eenvoudigers in Aire sur l’ Adour en toen verviel mijn schat weer in het andere uiterste en moest ik het in een of ander krikkemikkig gebouw met een wc onderaan de trap zien uit te houden. Maar wel midden in de stad en een uitermate gezellige gastvrouw. Alleen die wc zo’n eind weg en ik weet niet hoe dat met jullie is, maar ik moet dan prompt wel een keer of 9 per nacht. Maar alla, je moet er iets voor over hebben.

    Ik vond het echt heel leuk om mee te maken zo’n paar dagen. Het straalt aan alle kanten van Theo af dat hij het naar zijn zin heeft. We zaten tussen de middag te eten toen hij werd opgebeld door ‘Anne de Bretagne’, die vertelde dat zij ook in Aire was aangekomen. Het grappige was, dat ik rond zat te kijken en toen op de hoek van de straat een vrouw mobiel zag staan bellen, die precies op hetzelfde moment dat Theo klaar was, ook wegliep. Dat bleek dus Anne te zijn; als ze omgekeken had, had ze ons zien zitten. Daar hebben we ‘s avonds mee gegeten, ik vond het heel leuk om haar te zien, nu hoort er een gezicht bij Theo’s verhalen. Maar voor het eten zijn we eerst naar de kathedraal geweest. Theo werd ontvangen, kreeg iets te drinken en een stempel. Daarna was er een korte mis voor de pelgrims en ik vond dat toch wel erg mooi. Zo’n groep mensen, allemaal op weg, ieder met zijn eigen verhaal. Die worden dan gezegend met een eeuwenoud gebed (voor wie het interesseert, de tekst staat op de informatiepagina) en zingen vervolgens samen een eeuwenoud lied, waarvan je weet dat dit al door miljoenen mensen gezongen is. Het heeft echt iets.

    We hebben een paar dagen overal rondgekeken en zijn teruggereden naar La Romieu, zodat ik dat ook kon zien. Het was erg leuk en gezellig om weer eens even bij te kunnen praten, ik heb ervan genoten. Alleen moet je wel goed op je man letten, want voor je ‘t weet, ben je hem kwijt, want dan ziet hij weer iemand die hij onderweg is tegengekomen. In La Romieu zaten we ineens op het terras bij Jos Kersbergen uit Gouda, die in Le Puy een paar dagen rust had genomen. Stom toevallig, maar wel geweldig leuk. Jos had erge zere voeten, maar was zo vol goede moed en vastberaden om het doel te halen, ik werd er bijna stil van (bijna, want helemaal stil kun je me niet krijgen). Hij maakt elke dag een kort gedichtje over wat hij beleefd heeft en prachtige tekeningen, geweldig vond ik dat.

    Wat ik vooral leuk vond, is dat er onderling  een soort saamhorigheid is, zodat je merkt dat iedereen aandacht heeft voor het verhaal van de ander en zijn eigen verhaal bij de ander kwijt kan, zonder dat het een soort kleffe toestand is. Het is, zoals je zou willen dat mensen altijd met elkaar omgaan.

    Kortom, ik vond het geweldig om een paar dagen toeschouwer te mogen zijn!            

    Mon
    10
    Jul '06

    De één gaat, de ander komt

    Dag 94  km 24,08     stappen 34.399 / totaal km 2178,34     totaal stappen 3.131.812

    Vanmorgen heb ik Jan naar de bus gebracht en dat was niet echt leuk. Hij vindt het ontzettend jammer om terug te moeten en dat is het ook natuurlijk. Je weet het van tevoren: je komt elkaar tegen, trekt met elkaar op en dan ga je ook weer uit elkaar. Zo gaat dat, maar  het is toch iedere keer weer even slikken.

    Enfin, ik ben dus alleen verder gelopen. Onderweg kwam ik langs een tuinhek, waaraan een Jacobsschelp hing en terwijl ik daar naar stond te kijken, kwam er een man de deur uit die vroeg of ik koffie wilde. Nou, een bakkie koffie gaat er altijd in, dus ik heb heerlijk bij hen in de tuin gezeten, het gastenboek doorgelezen en een praatje gemaakt. Toen ik daar op mijn gemakje zat, kwam de familie uit Toulon voorbij. Die hoorden mijn stem. Ik zei nog dat het hier ‘niet voor Fransen’ was, maar zij kregen natuurlijk ook koffie. De rest van de weg zijn we toen maar met zijn zessen op stap gegaan. Hun jongste zoon vindt het allemaal geweldig ook en noemt  mij “Theo de Santiago”. Ze zijn hier allemaal aan het sproeien met van die grote installaties en daar wil hij dan iedere keer onder gaan staan als we er één passeren tot ongenoegen van zijn ouders. Meestal eindigt het ermee dat ze er allevier onder staan.

    We zijn via Arblade de Bas  en Barcelonne naar Aire sur l’ Adour gelopen en toen we daar bijna waren, kwam Gery aangereden. We  moesten hard zwaaien, anders was ze ons zo voorbij gereden. Dus nu is de pelgrim even een paar dagen met vakantie!  

    Sun
    9
    Jul '06

    Geen tijd voor diepe gedachten

    Dag 93  km 22,37     stappen 31.959 / totaal km 2154,26     totaal stappen 3.097.413

    Gisteravond hebben we in een pizzeria gegeten en waren we laat terug. Dan moet je dus heel erg stil zijn, want iedereen ligt al lang op één oor. En vanmorgen om kwart voor zes stond iedereen dus alweer naast zijn bed. Ik heb vandaag samen met Jan gelopen en we zijn door een prachtige streek gegaan. Het is hier veel vlakker en er zijn allemaal schitterende dingen. Op een begraafplaats staat een kapelletje dat het overschot is van een ziekenhuis voor pelgrims op weg naar Compostela. Dat ziekenhuis heeft bestaan tot 1638 en nu rest alleen nog dit kapelletje, omdat de stenen van het ziekenhuis door de kapitein van Jeanne d’ Albret zijn gebruikt om het naburige plaatsje Manciet te verdedigen. Daar hebben we dus ons broodje maar opgegeten, gezeten op historische grond met een prachtig uitzicht. In Nogaro aangekomen, hebben we eerst maar eens op een terrasje een paar pilsjes gedronken, die hebben we vandaag wel weer verdiend. Voor Jan is het voorlopig de laatste dag geweest, hij moet 6 weken gaan werken voor hij weer verder kan. Dat is heel jammer, want we kunnen goed met elkaar opschieten. En we zijn het over één ding eens: We hebben geen tijd voor diepe gedachten, we hebben het veel te druk met regelen, kijken en genieten! Dus wij zien het maar als een groot voordeel dat we eens even geen diepe gedachten hoeven te hebben.

    De gîte in Nogaro is een modern gebouw en ziet er keurig uit. We kunnen nergens eten omdat vanavond de finale van het WK voetbal op de TV is, dus alles was al vol, maar er is geregeld dat we nu in een restaurantje bij het vliegveld terecht kunnen. Ja, dan hebben we geen TV vanavond, dus gaat Frankrijk-Italie aan onze neus voorbij. Niet dat dat erg is, ze voetballen maar een eind weg!  

    Sat
    8
    Jul '06

    ‘s Avonds een vent, ‘s morgens een vent

    Dag 92  km 17,31     stappen 24.723 / totaal km 2131,89     totaal stappen 3.065.454

    Het was gisteravond heel, heel gezellig. We hebben met zijn allen gegeten: 3 Duitse meisjes, het Franse gezin uit Toulon, onze gastvrouw Marie-Pierre met haar man, Jan en ik. We begonnen met een aperitif met iets van notensmaak, we eindigden met Armagnac en daartussen zat ook zo het een en ander. Wat het was, weet ik niet meer, maar het werd steeds gezelliger en op den duur sprak iedereen alle talen. Niet duidelijk is of iedereen ook alle talen verstond, maar we hebben heel veel plezier gehad, het was een groot feest.

    Vannacht hebben we ook heel diep geslapen, want ik heb Jan niet horen puffen en hij mij niet horen snurken. En vanmorgen hebben we in een zeer laag tempo ontbeten. Maar… ‘s avonds een vent, ‘s morgens een vent, dus de schoenen aan, de rugzak om en op weg. Uiteraard na een hartelijk afscheid van onze gastvrouw, die ons overlaadde met wijze adviezen: waar we wel of juist niet moeten gaan slapen, en dat we goed op onze credencial (de stempelkaart) moeten passen. Er schijnen echt mensen te zijn, die zo’n kaart proberen te jatten omdat ze dan goedkoop kunnen slapen.

    Het was best lekker weer, af en toe zon en geen wind. Jan en ik hebben een heel stuk over een afgedankt treintraject gelopen. Niet alleen omdat dat makkelijk loopt, maar vooral omdat Jan helemaal bezeten is van treinen. Nu weet ik dus alles over treinen, seinen, smalsporen, enkelsporen en noem maar op. Onderweg kwamen we langs een oud stationnetje, dat weliswaar niet meer gebruikt wordt, maar nog helemaal intact is. Er staat nog een bagagewagentje met een ouwe koffer erop, er zijn 2 wachtlokalen, één voor mannen en één voor vrouwen en zelfs de stationsklok loopt nog. Er staan ook nog huisjes van overwegwachters bij de spoorovergangen en halverwege kwamen we zelfs nog een seinpaal tegen, die ze zeker vergeten waren weg te halen. Daar heb ik Jan maar eens op de foto gezet. We zochten naar het eindstation, dat zou in Eauze moeten zijn. We zitten inmiddels in Eauze in een gîte, maar het eindstation hebben we nog niet gevonden. Ik zeg dat het niet meer bestaat, maar Jan beweert van wel, dus waarschijnlijk moeten we straks nog even op zoek. Je ziet, geen dag is hetzelfde.    

    '

    8-7-2006: Sorry

    Ja, ik kan er ook niets aan doen, maar het zal weer een weekje stil worden. Morgenochtend vertrek ik zuidwaarts om Theo op te zoeken. Bij terugkomst vul ik alles weer netjes aan, tot zolang even geduld!

    Arij Noordijk stuurde een leuk plaatje van de duivel op de brug bij Cahors, dat heb ik erbij gezet, dus kijk even bij ‘Alweer een eind gelopen’, als het je interesseert. Voor de Frans-sprekenden of -begrijpenden: op de informatiepagina staat een stukje over St. Gery.

    En last but not least: Wie post wil sturen naar St. Jean Pied de Port, kan dat nu gaan doen, het poste restante adres staat onder ‘Kaartje sturen’.

    Hartelijke groeten en tot volgende week! Gery

    Fri
    7
    Jul '06

    Terwijl de was draait

    Dag 91  km 23,4     stappen 33.425 / totaal km 2114,58     totaal stappen 3.040.731

    Gisteren hebben Anne, Jan en ik samen gegeten en vanmorgen is Anne met haar vriend vertrokken en zijn Jan en ik verder samen gelopen. Het pad is nog steeds vrij egaal, dus dat is prettig. Onderweg zijn we een kilometer omgelopen om een heel klein stadje te bezoeken, dat helemaal ommuurd is. Het was heel klein, een soort miniatuur Carcassonne, maar helemaal compleet. Alles was er: torens, een slotbrug en het was helemaal gaaf. Het is zo gaaf gebleven omdat het nooit aangevallen is. In kritieke tijden verdubbelden ze het garnizoen: dan waren er 4 soldaten in plaats van 2.

    Nu zitten Jan en ik in Montreal de Gers, dat is ook een leuk stadje. Er is wel een VVV, maar er zijn hier weinig toeristen. En het is hier echt prachtig, een openbaring voor me en de moeite waard om eens meer heen te gaan.

    We zijn doorgelopen naar de Ferme de Soleil, waar we onderdak hebben gevonden bij Marie-Pierre, die absoluut geen ‘Madame’ genoemd wil worden. We kregen ook direct een mandje mee om onze vuile was in te doen en die wordt nu keurig voor ons in de wasmachine gewassen, terwijl wij in het zonnetje voor een stacaravan zitten. Daar slapen we niet in, we slapen in de gîte. Ik had niet zoveel wasgoed, maar voor Jan is het erg handig, want die gaat morgen naar huis. Over de thuisreis gaat hij 4 dagen doen, via allerlei omwegen. Dat is om weer een beetje te wennen aan het ‘harnas’, zoals hij het noemt. Ja, dat zal niet meevallen na alle vrijheid. Ik hoef er nog even niet aan te denken gelukkig!

    '

    7-7-2006: Het front is weer thuis

    Hier zijn we dan weer na onze escapade naar België. Om met het belangrijkste te beginnen: Marnix is geopereerd aan zijn hernia en alles is prima gegaan. Dus dat is vast een pak van ons hart. Hij heeft van de operatie zelf eigenlijk weinig hinder gehad, die is hem erg meegevallen. En toen hij wakker werd, stond er een potje naast zijn bed met daarin zijn hernia. Ook de verzorging in het ziekenhuis was uitstekend en we hebben ons afgevraagd hoe het nou komt, dat het daar in België allemaal zo efficiënt gaat, terwijl hier iedereen veel harder lijkt te rennen dan daar. Hij had een tweepersoonskamer met een badruimte op de kamer en voor iedere patiënt een koelkastje naast het bed. Dr. Croese kwam elke morgen langs, was kort en duidelijk, zei precies wat Marnix wel en niet mocht. Waar we wel pret om gehad hebben, is het feit dat Marnix twee lange witte kousen aan kreeg en die ook op straffe des doods aan moest houden tot hij weer naar huis ging. Fraai stond het niet en waarom het nu precies moest, weten we nog steeds niet. En het was heel erg warm natuurlijk en kriebelde aan alle kanten. Dus Marnix probeerde nog even of hij ze niet uit mocht, maar er werd gekeken en geconstateerd dat hij er niet allergisch voor was, dus die vlieger ging niet op. Het bleek ook dat iedereen zijn eigen handdoeken mee moest nemen en die hadden we natuurlijk niet, omdat we daar niet op gerekend hadden. “Nou”, zei de verpleegster laconiek, “dat overkomt iedere Hollander hier”, en hij kreeg er een van het ziekenhuis.

    En wat deed ik intussen? Ik zat peentjes te zweten in een hotel in de Antwerpse haven. Het was een vrij duur hotel en niet veel soeps, het uitzicht vanuit de kamer was vrij beperkt, ik had een meter voordat een blinde muur begon en het staat echt in een havenbuurt. Wel heel veel eettentjes. Maar goed, alles wat ik nodig had, was er behalve airconditioning. Maar, slim als ik ben, ik had voor de zekerheid op het laatste moment thuis nog even de ventilator in de auto gegooid en daar heb ik dus heel veel plezier van gehad. Verder ontdekte ik vlakbij Brasschaat het ‘Peerdsbos’, een groot bos met een speeltuin en een restaurantje erbij en daar heb ik menig uurtje doorgebracht, want je kon er lekker buiten zitten onder de bomen. Moet je beslist eens heengaan, Wim, echt de moeite waard!

    Maar we hebben ons verder prima gered en vanmorgen mocht Marnix naar huis. Het was in het begin even puzzelen hoe hij het makkelijkst in de auto lag, maar toen we dat eenmaal voor elkaar hadden, is het goed gegaan. Nu zit hij dus weer in zijn eigen huis, hij mag nog heel erg weinig doen, maar dat is ook wel logisch natuurlijk. Dus zijn bed staat nu in de kamer en ik heb een hele berg boodschappen gedaan, zodat hij even vooruit kan, want het is de bedoeling dat ik zondag vertrek om Theo op te zoeken. Een weekje uitgesteld, maar nu komt het er dan toch nog van. Helaas voor jullie, dan wordt het weer even niets met de website. Maar ik zal hem weer aanvullen zodra ik terug ben en ben van plan om foto’s te maken van mijn dappere pelgrim! Want hij doet het wel enorm goed, vind ik! En het is voor ons thuis ook heel erg leuk te merken hoeveel plezier hij erin heeft.      

    Thu
    6
    Jul '06

    Drie miljoen stappen verder

    Dag 90  km 13,45     stappen 19.217 / totaal km 2091,18     totaal stappen 3.007.306

    Meer dan 3 miljoen stappen heb ik gezet sinds ik op 8 april mijn huis uitstapte. Drie miljoen en ik ben het nog lang niet zat. Helemaal niet zoals het vandaag ging, want dat was zogezegd een eitje. Een korte afstand, heerlijk weer om te lopen met af en toe zon en een lekker windje. Het loopt nog steeds vrij makkelijk, wel op en neer, maar niet zo steil. De zonnebloemen staan volop in bloei overal, ik heb leuk gezelschap aan Anne de Bretagne, dus ik heb helemaal niet te klagen. Morgen gaat Anne weer met haar vriend verder, maar we hebben wel elkaars mobiele nummer genoteerd en maken een afspraak elkaar ergens in Spanje weer te zien. Eigenlijk wilden we op 14 juli de Pyreneeën oversteken, dat leek ons wel een mooie dag, maar dat gaan we niet halen waarschijnlijk. Geen nood.

    We waren al om een uur of 1 in Condom en toen we daar net waren, begon het te stortregenen en nu zijn er regelmatig gigantische buien en het is niet warm meer. Condom is een leuke stad, vooral de kathedraal, waar we een stempel zijn gaan halen, is mooi. Dat is ook heel leuk, bijna overal waar je een stempel komt halen, krijg je koekjes of wordt je een drankje aangeboden. Hier dus ook.

    We zitten nu weer met zijn allen in een gîte. Jan de Wit uit Schagen is er ook weer, dus de hartelijke groeten van de ‘twee tijgers uit Noord-Holland’!  

    Wed
    5
    Jul '06

    Aan de borrel

    Dag 89  km 24,05     stappen 34.362 / totaal km 2077,73     totaal stappen 2.988.089

    Het was minder warm vandaag, 23 à 24 graden, dus vrij koel. Maar het was droog en een lekker makkelijke route, dus wie doet je wat? En als je zo lekker doorloopt, ben je, voordat je het weet, alweer op de plaats van bestemming. Vandaag is dat La Romieu, werkelijk een beeldschone plaats. Er is een fantastisch klooster met een kerk erbij, niks geen opsmuk, niks geen schone schijn. Tussen de kerk en het klooster is een trap, waarbij je van de ene kant naar de andere kant kunt lopen zonder elkaar ergens tegen te komen. Ik weet niet precies hoe ik het uit moet leggen, maar het is heel grappig. Je hebt ook allerlei omgangen met openingen, waardoor je in de kerk kunt kijken zonder zelf gezien te worden.

    Ik zit nu in een gîte, samen met een Frans gezin met 2 kinderen en een hele aardige Française, die Anne heet. Haar achternaam kan ik maar niet onthouden, maar ze komt uit Bretagne, dus ik noem haar steevast “Anne de Bretagne”. Zij is juriste, maar is ontslagen en had toen zo de pest in, dat ze deze tocht is gaan doen. Morgen komt haar vriend haar in Condom opzoeken, dus daar heeft ze een luxe hotel besproken met zwembad. Vanavond ga ik samen met haar eten en morgen lopen we samen naar Condom.

    Maar eerst moeten we aan de borrel. Het Franse gezin heeft drank ingeslagen, wij zorgen voor de borrelnootjes, dus het kan gezellig worden.

    Ik kom nu net een Hollander tegen, Jan de Wit uit Schagen (nou, met die naam en plaats ben je wel een hele echte Hollander toch?). Die is 1 april vertrokken uit Schagen,  maar moet over 4 dagen naar huis. Dan gaat hij 6 weken werken en daarna weer verder. Hij heeft er nu al de pest over in dat hij weer naar huis moet en dat kan ik me voorstellen. Goed, voor de borrel geldt: hoe meer zielen hoe meer vreugd, dus nu kan het nog gezelliger worden! Wel even een lange broek aantrekken, want het wordt een beetje koeltjes.  

    Tue
    4
    Jul '06

    Warm en mooi

    Dag 88  km 24     stappen 34.286 / totaal km 2053,68     totaal stappen 2.953.727

    Ook vandaag was het weer erg warm, maar ik heb wel heel lekker gelopen. Het is hier een erg mooie streek met veel landbouw en overal velden met bloeiende zonnebloemen. Er zijn niet veel koeien en het zijn kleine, witte koeien. Verder is de streek heuvelachtig, dus geen hoge bergen. Een beetje zoals in Zuid-Limburg.

    Het is nog steeds een fabelachtige ervaring voor me en het is nu weer heel anders dan voor Le Puy. Je hebt veel meer ontmoetingen, maar ze zijn over het algemeen wat oppervlakkiger. Het is hier wat commerciëler en er zijn uiteraard ook meer toeristische wandelaars. Dat heeft het voordeel dat je hier niet naar een slaapplaats hoeft te zoeken, maar eigenlijk was dat elke avond zoeken naar een slaapplaats ook leuk en wat avontuurlijker.

    Maar ook hier ontmoet je natuurlijk allerlei mensen. Vandaag heb ik een heel stuk gelopen met de Lutherse dominee. Aan het einde van de dag moesten we weer steil naar boven om in Lectoure te komen, waar we nu in een chambre d’ hôte zitten, campings zijn hier bijna niet. En zowaar, weer een filosofische gedachte van ons beiden: We zijn het erover eens dat een pelgrimstocht te vergelijken is met een levensweg. Nou is dat geen erg originele gedachte, dat geef ik onmiddellijk toe, maar filosofisch peinsden wij verder. Als dat zo is, waarom moeten we dan steeds aan het einde van elke dag, als je denkt dat je er bent, nog even steil naar boven? En dat is iedere avond zo. Ik bedoel maar: dat is toch geen stijl, zo steil?  

    Mon
    3
    Jul '06

    Tweeduizend kilometer

    Dag 87  km 31,02     stappen 44.321 / totaal km 2029,68     totaal stappen 2.919.441

    Vandaag ben ik de 2000 km grens gepasseerd. Wie had dat ooit gedacht? En ik ben het nog steeds niet zat, integendeel. Alles gaat goed, ik heb geen last van mijn liesbreuk en ik stap er nog steeds vrolijk op los. Hoewel het wel heel, heel erg heet is nu. Vannacht was er een heleboel bliksem en donder, maar helaas geen regen. Verder ben ik aan alle kanten gestoken door de muggen zodat ik er niet erg fraai uitzie, witte delen, bruine delen en nu ook rode delen. Maar vooruit, de ware schoonheid zit van binnen, zal ik maar denken.

    We zitten nu in een gîte in St. Antoine. Onderweg heb ik een Duitse Lutherse dominee ontmoet (je ziet, ik ben af en toe in goed gezelschap) en die zit hier ook in de gîte, samen met Fransen en  Amerikanen. In totaal zitten we hier met zijn twaalven. Vanavond gaan we gezamenlijk een pelgrimsmaaltijd verorberen. Wat wel heerlijk is van zo’n gîte is dat die hele dikke muren hebben, dus dat het binnen redelijk koel blijft.

    O ja, de Amerikanen hebben ook in de Grand Canyon gelopen en vertelden dat ze daar van tevoren hun eten op moesten sturen naar postkantoren op de route. Daar zetten ze het dan in containers (vanwege de beren) ergens in het bos en kun je je eten daar ophalen. Zij vinden deze tocht zwaarder dan die van de Grand Canyon, vanwege de hitte en omdat het hier veel meer op en neer gaat. Dus die hoef ik dan niet meer te doen, zo’n makkelijk tochtje. Het is allemaal nog steeds het einde voor me, dat geloop!

    Sun
    2
    Jul '06

    Schoenen op de gang

    Dag 86  km 32,37     stappen 46.236 / totaal km 1998,66     totaal stappen 2.875.120

    Aangezien het vandaag weer heet zou worden, ben ik heel vroeg opgestaan en was zodoende al om half 7 op pad. Toen was het nog lekker koel. Om 10 uur werd het wel warmer, maar toen had ik het geluk een hotel te vinden, waar ik in de tuin in de schaduw naast het zwembad een heerlijk ontbijt kon verorberen en zeg zelf, dat is voor een pelgrim best uit te houden. Daarna werd het gaandeweg warmer, heet, heter en heel erg heet. Ik liep een groot stuk over witte kalkheuvels zonder bomen, dus dan weet je het wel. Liters water heb ik op, ik kwam langs een begraafplaats en dacht: “Daar is meestal water” en jawel, toen heb ik bijna een liter tegelijk gedronken.

    Ik heb al een tijdje een harde plek in mijn lies, het doet niet zeer of zo, maar ja, je weet niet wat het is. Dus, toen ik Moissac binnenkwam en daar het ziekenhuis zag met een eerste hulppost, dacht ik: “Wat let me?” en ben naar binnengestapt om advies te vragen. De dokter heeft ernaar gekeken, wist meteen wat het was en dat het niet ernstig was en ik gewoon door kon lopen. Hij mompelde heel veel, maar voorzover ik begrepen heb, bedoelde hij liesbreuk. Nou, als het meer niet is… In ieder geval ben ik gerustgesteld en pijn heb ik er niet aan. Het was verder wel lachen, want het ging op zijn Frans: Eerst moest ik alle gegevens opnoemen en die werden uitgebreid op een formulier geschreven. Vervolgens liep men met het formulier naar de computer om alle gegevens daarin over te zetten. Nu klopt het Nederlandse adres niet met het systeem, dus dat weigert de computer in te voeren. Geen nood, de rest werd ingevuld, een uitdraai gemaakt en toen de ontbrekende gegevens er nog even met de hand bijgezet. Heerlijk land!! Maar wel schatten van mensen!

    Moissac is een heel drukke plaats, een echte toeristische trekpleister. Dus het is er druk en er zijn mensen uit heel Europa, dat is ook weer eens leuk voor de verandering. Het is een schitterend mooie plaats en echt de moeite waard, maar vanwege de toeristen ook erg duur. Vandaag ontmoette ik de Australische weer, een Parijs stel en een Amerikaans echtpaar uit Californië, dat ik ook al een paar keer gezien heb. Leuk is dat, je loopt allemaal je eigen tempo en komt elkaar dan toch regelmatig weer tegen.

    Ik zit hier in een hele mooie gîte, samen met een stuk of 15 anderen. Het is een heel oud gebouw, maar heel erg mooi opgeknapt en heel schoon. Als je de eerste trap bent opgelopen, wordt je vriendelijk verzocht je schoenen hier uit te doen. Het hoeft niet, hoor, maar iedereen doet het wel. En zo heb je dan het fenomeen, dat er een hele rij schoenen keurig naast elkaar staat, grote, kleinere, dure, mooie, afgesleten, stoffige en noem maar op. In ieder paar schoenen staat dan ook de wandelstaf van iedereen. Je zou er zo een poster van maken!

    Mijn slaapzak is nu wel erg warm ‘s nachts, dus ik heb Gery gevraagd een lakenzak mee te brengen, dat is bij dit weer ruim voldoende. Maar ik hoor door de telefoon ook heel hard blazen en puffen en als ik zeg dat het hier 34 graden is, doet Geer er een schepje bovenop door te zeggen dat het in Nederland 35 graden gaat worden en nu al heel erg heet is. Arme ziel, ze kan er al zo slecht tegen!  

    '

    2-7-2006: Op naar Brasschaat

    Even een kort berichtje van het thuisfront. De koffer staat gepakt, morgenochtend vertrekken Marnix en ik naar Brasschaat en dinsdag wordt Marnix geopereerd. Nou, laten we maar zeggen dat ik in ieder geval een originele vakantiebestemming heb uitgekozen, want wie van jullie is er nu op vakantie in Brasschaat geweest? Maar alla, het enige dat ik nodig heb nu is een plaatsje waar het redelijk koel is in verhouding tot de rest, met een bankje in de schaduw, een beetje frisse wind en liefst nog even de voeten in het water. Ergens langs de Schelde zal vast wel zo’n plekje te vinden zijn en anders rijd ik gewoon de hele dag rondjes om het ziekenhuis heen, want in de auto is het tenminste koel. Ik hoop voor Marnix dat er airco in het ziekenhuis is, maar ik hoop vooral dat hij van de operatie zal opknappen en in ieder geval weer gewoon kan lopen, geen pijn meer heeft en als ik dan een wens mag doen……graag ook weer gewoon kunnen zitten!.

    Het wordt dus een spannend weekje, maar we hopen er het beste van. Voor wie het wil weten: het telefoonnummer van Theo is 0033 688788568 en mijn telefoonnummer is 06 55307003

    Ik probeer jullie op de hoogte te houden, maar als er geen internet in het hotel aanwezig is, gaat het niet lukken, dus dan blijft het een weekje rustig en vul ik weer aan als ik thuis ben.

    Gegroet gij allen en smelt niet!!

    Sat
    1
    Jul '06

    Bovenop de berg

    title=”Dag 85″ href=”http://www.pelgrimtheo.com/?pp_album=main&pp_cat=&pp_image=Dag_85.jpg”>Dag 85  km 19,79     stappen 28.276 / totaal km 1966,29     totaal stappen 2.828.884  

    Het was vandaag weer bijzonder warm, maar verder was alles erg naar mijn zin. Ik loop nu weer op de officiële route en dat is duidelijk te merken, want er zijn weer heel veel mensen. Logisch natuurlijk, want het is ook nog weekend. Gezellig, want zo ontmoet je elkaar vaak meerdere keren per dag. Er loopt ook een Australische, die sliep gisteren in dezelfde gîte. Onderweg kwam ik haar weer tegen en dan heb je de gebruikelijke vragen als “Waar kom je vandaan?” en “Tot hoe ver ga je?”. Nou, dan loop je door, maar een eind verder ga je aan de kant van de weg zitten om wat te eten en dan komt zij weer langs. Vanavond slaapt ze weer in dezelfde gîte. Ik geniet nog steeds van alle ontmoetingen onderweg. En ik hoefde ook niet zo ver te lopen, dus ik was al vroeg in de gîte in Lauzerte. Dat is wel eens lekker, want dan kun je op je dooie gemak douchen, je was doen, je schoenen poetsen, enz. Daarna heb je dan nog tijd genoeg om in het dorp te gaan kijken.  

    Lauzerte is een heel erg mooie plaats. Het ligt bovenop een berg. Er staat een groot kasteel en daar rondom zijn de huizen gebouwd. Het is nog echt een plaats uit de Middeleeuwen en zelf noemen ze het een van de mooiste dorpen van Frankrijk. Het is wel leuk om zoveel nieuwe plaatsen te ontdekken. Ik dacht dat ik Frankrijk zo langzamerhand aardig kende, maar kom tijdens deze route steeds verrassingen tegen en kom in prachtige plaatsen waar ik nooit geweest ben nog en waarvan ik zelfs niet wist dat ze bestonden.  

    Mijn slaapzak wordt te warm, dus Gery moet maar even kijken of er een dunne te krijgen is. Als ze komt, kan ze een heleboel spullen mee terug nemen, want ik denk niet dat ik nog dikke truien en jacks nodig heb. Ik wil jullie natuurlijk niet de ogen uitsteken, maar toch…….  

    Fri
    30
    Jun '06

    Alweer een eind gelopen

    Dag 84  km 36,03     stappen 51.469 / totaal km 1946,5     totaal stappen 2.800.608

    Vanmorgen heb ik eerst eens rustig rondgekeken in Cahors, want om nou overal zo maar voorbij te lopen, is natuurlijk ook niet de bedoeling. Cahors is een leuke stad met een beetje Italiaanse uitstraling. Er is een brug met een verhaal. De legende zegt namelijk dat de bouwer van de brug bang was dat de brug niet op tijd klaar zou zijn en verkocht daarom zijn ziel aan de duivel in de hoop dat die zou helpen. Toen de brug bijna klaar was, kreeg hij daar spijt van en wendde zich tot Maria om hulp. Daarop werd de duivel zo boos dat hij een steen uit de brug trok. Dit gebeurde tot 3 keer toe en toen kwam Maria hem te hulp door er haar hand voor te houden. Op de brug staat nu aan de ene kant een beeldje met de duivel, die stenen uit de brug haalt en aan de andere kant een beeldje met Maria, die haar hand voor de stenen houdt. Grappig hè?

    image001 1  

    Het landschap verandert hier duidelijk, er is meer landbouwgrond en ik liep vanmiddag door een streek waar de grond echt wit was, ik denk een soort kalk. Het wordt daar ook Quercy Blanche genoemd en er groeit niet veel behalve zonnebloemen en een beetje graan. De zonnebloemen staan nog in knop. Verder is de route weer veel vlakker en ik hoef niet zo te klimmen en te dalen op het ogenblik. Wel was het vandaag weer erg heet, ik heb wel 4 liter water gedronken. En er zijn weer meer mensen en medepelgrims, dat is gezelliger.  

    Ik heb ook vandaag meer gelopen dan ik eigenlijk van plan was, maar toen ik om half vier bij de gîte was waar ik wilde slapen, bleek de beheerster een vrije dag te hebben en was de gîte dus dicht. En de volgende gîte is dan 9 km verder. Met de auto rijd je dat in 10 minuten, maar lopend kost je dat weer bijna 2 uur natuurlijk. Maar nu zit ik in een zeer comfortabele en zeer schone gîte, samen met 15 andere wandelaars  en fietsers, in Montcuq. Ik heb hier net gegeten en dat is leuk met zo’n club, er zit weer van alles tussen: Amerikanen, een Duitse dominee, enz. En het grote voordeel is dat ik nu morgen niet ver hoef, dus morgenmiddag lig ik languit in het zonnetje voor de tent en ik hoop zondag in Moissac aan te komen. Dan begin ik aan mijn laatste gids voor Frankrijk en dan wordt het Spaans. Ik hoor hier van mensen dat het lopen in Spanje vrij gemakkelijk is, omdat er veel faciliteiten zijn. Of het nou ook leuker is, dat weet ik niet en ik waag het te betwijfelen. Maar….. on verra! En zover is het nog lang niet.

    Thu
    29
    Jun '06

    Cahors

    Dag 83  km 37,14     stappen 53.066 / totaal km 1910,47     totaal stappen 2.749.139

    Vanmorgen om 10 uur was ik al gearriveerd in St. Gery, toen was het al 29 graden, dus het was vandaag heel heet. St. Gery is trouwens een leuke plaats en ik had er wel kunnen blijven, maar ik kwam erachter dat ik geen geld meer had en in het hele dorp was geen pinautomaat te bekennen. Aangezien het nog vroeg was, dacht ik: “Geen probleem, dan loop ik nog een stukje verder”. Maar ja, in al die dorpen natuurlijk geen pinautomaat. Op een gegeven moment zat ik ergens op een terras een glas cola te drinken en toen stopte echt recht voor mijn neus de bus naar Cahors. Dat was een moment  waarop ik dacht: “Zal ik? Zal ik? Er is niemand die het merkt”. Maar ik heb de verzoeking weerstaan en ben gewoon doorgelopen. Het lag niet in de bedoeling vandaag Cahors te bereiken, maar uiteindelijk is het wel zo gelopen, vanwege die pinautomaat. Ik heb nu 3 dagen door de kloof van de Cee gelopen, het is er erg mooi. Toch ben ik blij dat ik nu weer op de ‘officiële’ route loop, want je komt bijna niemand tegen, wat dat betreft is het een beetje saai. Maar het was leuk om langs St. Gery te gaan. De enige mensen die ik verder vandaag zag, waren 4 Hollanders op de fiets en ik begreep van hen dat het kabinet ging vallen. Gery vertelde dat dat niet gebeurd was en dat had ik ook niet verwacht. Die blijven wel zitten.
    Goed, het was dus een stevig stuk vandaag, maar als je maar steeds je voeten verzet, kom je er vanzelf. Ik heb gevraagd waar de camping was en volgens de mensen aan wie ik het vroeg, was die in de stad. Dus ik besloot om eerst naar de camping te gaan, tentje opzetten, douchen, wasje doen en dan geld te gaan halen. Jawel, midden in de stad klopte, alleen wel aan de overkant van de rivier. Daar zag ik hem liggen, maar het water was te diep en de brug 3 km verderop. Dus straks ga ik weer 3 km lopen om geld te halen en dan meteen maar als beloning daar eten, want hier op de camping bestaat het menu uit mosselen en frites en daar heb ik niet genoeg aan. Verder gaat alles nog steeds prima, mijn voeten doen het nog steeds erg goed en ik heb het nog steeds uitstekend naar mijn zin.

    Wed
    28
    Jun '06

    Truites aux amandes

    Dag 82  km 24,25     stappen 34.646 / totaal km 1873,32     totaal stappen 2.696.073

    Het heeft vannacht gigantisch geonweerd, maar mijn tentje stond als een rots en ik bleef droog. Dus vandaag met opgewekte zin weer verder gestapt. Ik ben door de kloof van de Cee gelopen, erg mooi. Op die rivier kanoën talloze Hollanders achteloos over de ‘truites aux amandes’ heen. Nou zwemmen al die forellen natuurlijk niet echt met amandelen op hun rug, maar die denk ik er wel bij en dan loopt het water me in de mond. Ik heb een tijdje met de bazin van de kanoverhuur staan praten over alle toeristen die bij haar komen en die sprak geen kwaad woord over de Hollanders, maar wel over de Fransen. Die vond ze het slechtst, zei ze: “Want die geven mij zelfs de schuld als het slecht weer is”.

    Ik sta hier nu op de camping aan de Cee in Cabrerets en zie hele scholen forellen, leuk is dat. Toen ik hier arriveerde, werd ik meteen aangevallen door hordes horzels, bijen en muggen, dus ik heb aardig wat steken boven water moeten incasseren. Maar alla, ik heb weer heerlijk gegeten. Ze maken hier echt ouderwets Frans eten en houden niet van liflafjes. Tijdens het eten heb ik geluisterd naar 4 Hollanders en die deden me absoluut niet verlangen weer terug te keren naar Nederland. Wat zaten die te zeuren, zeg. Van schrik heb ik toen een gesprek aangeknoopt met een Engelsman en een Schotse en dat was heel gezellig. Zij waren wildenthousiast over Santiago en ‘St. James’.

    Net kwam hier een stel bij mij om een vuurtje vragen en dan maak je natuurlijk ook een praatje. Toen ik zei dat ik uit Amsterdam kwam, zei het meisje verlangend: “O Amsterdam, daar zou ik ook zo graag eens heen gaan en alles doen wat niet mag!” Ze zuchtte ervan, zo heerlijk leek haar dat.

    Morgen hoop ik in St. Gery te komen en nu moet ik bekennen dat blijkt dat St. Gery een MAN is volgens iedereen hier. Ze zijn het zelfs nog voor me na gaan kijken en het is echt een man! En wat-ie voor goeds gedaan heeft, weten ze niet eens. Kun je nagaan, wat een bittere teleurstelling. Ik riep nog opgewekt dat dat niet mogelijk was, want, zo zei ik stoer: “Mijn vrouw heet zo!”. Maar ik werd de mond gesnoerd met de opmerking: “Nou ja, jullie hebben ook geen verstand van heiligen.” En daar heb je dan 1800 km voor gelopen. Zo zie je maar weer, de ene dag ben je bijna heilig en de volgende dag ben je gereduceerd tot aardse kleine proporties. Het lijkt het leven zelf wel!    

    Tue
    27
    Jun '06

    Domme dingen

    Dag 81  km 35,13     stappen 50.183 / totaal km 1849,07     totaal stappen 2.661.427

    Het was vandaag een pechdag, want ik heb domme dingen gedaan, terwijl ik dacht slim te zijn. Allereerst wilde de vrouw in Figeac me geen stempel geven, daar had ze geen zin in. Ik dacht: “Wat? Geen stempel?”, dus ben door blijven zeuren. Uiteindelijk heeft ze uit hufterigheid een heel groot stempel neergezet over alles heen, midden op mijn pelgrimspas. Ik kan ook een hufter zijn, dus heb ik een fooi achtergelaten van 1 centime.  

    Vervolgens ging ik op weg en zag het teken van de Grande Randonnée, maar dacht handiger te zijn en een stukje af te snijden. Dit was Jacobus niet welgevallig kennelijk, want na 7 km gelopen te hebben, stond ik weer exact op het punt van waaruit ik vertrokken was. En in plaats van de boodschap begrepen te hebben, dacht ik vanmiddag weer heel slim te zijn toen ik in de buurt van mijn overnachtingsplaats Espagnac kwam. Ik dacht namelijk: “Weet je wat? Ik loop dit bruggetje even over, dan kan ik lekker een stuk over de gewone weg lopen en hoef ik niet zo te klimmen en te klauteren”. Dat ging ook goed, maar toen kwam ik uiteraard aan de andere kant van de rivier Espagnac in. Nu zou dat geen probleem geweest zijn, want in Espagnac is natuurlijk weer een brug naar de andere kant. Alleen bleek toen dat de camping een aantal kilometers buiten het dorp lag en ongeveer op de plek waar ik zo slim overgestoken was. Dus moest ik dat eind aan de overkant van de rivier weer teruglopen en morgen weer dat stuk. Dat is dus 3 keer hetzelfde stuk in plaats van 1 keer. Lach niet!  Al met al heb ik nu dus 35 km gelopen vandaag en dat was niet nodig geweest. Nu gaan jullie natuurlijk zeggen dat een pelgrim ook gehoorzaam moet zijn. Dat weet ik nou ook wel. Maar enfin, ik ben uiteindelijk toch op de camping beland.

    Aangezien ik nu van de route afwijk omdat ik via St. Gery wil, is het nu opeens weer doodstil. Ik heb de hele dag niemand gezien of gesproken. En nu begint het ook nog verschrikkelijk te onweren, dus ik moet haastig naar mijn tentje hollen om te voorkomen dat die volloopt. Dan ben ik helemaal in de aap gelogeerd. Je ziet, Cees, ik praat niet over eten vandaag!

    Mon
    26
    Jun '06

    Die ouwe loopt wat af met zijn stokkie

    Dag 80  km 28,91    stappen 41.301 / totaal km 1813,94     totaal stappen 2.611.244

    Hier weer een direct bericht van mij. Ik heb weer een computer gevonden en dan moet ik altijd even kijken natuurlijk wie er gereageerd hebben.
    Ja, die ouwe loopt wat af met zijn stokkie, want ik zag vandaag dat het nog 1293 km is, dus ik ben ruim over de helft. Mede dankzij mijn stok, of liever gezegd mijn staf. Voor het geval jullie de illusie hebben dat ik een prachtige stok bezit, laat ik jullie dan even uit de droom helpen: het is gewoon een stok uit het bos, een beetje knoestig en niet helemaal recht en hij is groter dan ik zelf ben. Mijn medepelgrims vragen waarom ik geen ‘echte’ stok koop, maar daar is geen denken aan, deze heb ik gekregen en ik ben eraan gehecht geraakt.
    Nou, ik kan tegen verstokte socialisten zeggen dat zelfs voor hen deze pelgrimage een waar genoegen zou zijn. Als ze de moed hebben natuurlijk. Want alhoewel het misschien lijkt alsof hier allemaal kwezeltjes rondlopen: niets is minder waar. Je komt hier echt de hele wereld tegen en dat ook nog eens in alle vormen en maten. Ook de redenen waarom mensen dit doen, zijn heel verschillend, want daar wordt onderling natuurlijk wel naar geïnformeerd. Bijna iedereen begint met te zeggen dat hij of zij dit voor de lol doet, maar als je dan doorpraat, is er bijna altijd wel een andere reden op de achtergrond. Het voordeel van die praatjes hier is dat er geen risico’s aan vastzitten, want een paar dagen later kom je elkaar toch waarschijnlijk niet meer tegen. Alhoewel, kijk maar naar de verhalen, ook dat is niet zeker. Gisteravond heb ik gegeten met een Noorse en haar dochtertje van 10 jaar, die samen aan de wandel zijn. Eigenlijk zijn ze met zijn drieën, maar ze zien elkaar alleen ‘s avonds. Dus vanmorgen heb ik een stuk samen gelopen met Anna, de andere Noorse met heel, heel veel energie. Zij loopt al voor de negende keer hier in de omgeving, elke vakantie een stuk. Tussen de middag heb ik weer goed gegeten en vanmiddag liep ik weer een stuk met de Amerikanen op, die ik al eerder heb ontmoet. Kortom, ik loop zelden alleen, dus weinig tijd voor inkeer en nadenken over mijn zonden. Nou hoef ik dat ook niet, want ik heb begrepen dat ik al heilig ben. Halverwege heb ik een kapelletje bekeken, gewijd aan St. Magdalena en aan de ene kant van haar stond St. Jean en aan de andere kant St. Mathieu. Ik bedoel maar. Om Gery niet jaloers te maken, probeer ik de route zo uit te stippelen dat ik ook via St. Gery ga (die plaats bestaat echt!)
    Maar zonder gekheid, er moet wel elke dag iets geregeld worden: Je moet slaapplaats organiseren en je moet zorgen dat je iets te eten hebt of krijgt. En dat is niet altijd voor de hand liggend. Je was moet wel elke dag gedaan en soms is het de kunst die droog te krijgen. Kortom, ook hier gaat het leven door en komt de manna niet vanzelf uit de lucht vallen.
    Blijven wel al die min of meer ‘toevallige’ ontmoetingen, die het allemaal zo leuk maken. Of dat in Spanje ook zo zal gaan, weet ik natuurlijk nog niet: ik spreek geen Spaans. Maar er zijn dan waarschijnlijk weer zoveel andere pelgrims onderweg dat ook dat geen probleem zal geven. In ieder geval iedereen bedankt voor de reacties: ik ben iedere keer weer verbaasd ze te lezen. Vandaag heb ik weer een topo-guide uit. Volgend boekje maar weer.  
    Iedereen de groeten vanuit Figeac en tot ziens.  

    Sun
    25
    Jun '06

    Donder en bliksem

    Dag 79  km 23,82     stappen 34.023 / totaal km 1785,03     totaal stappen 2.569.943

    Het heeft vannacht verschrikkelijk geonweerd, er kwamen wel 4 buien achter elkaar. Kortom, er was heel veel donder en bliksem en de bliksem was soms zo fel, dat het wel 5 à 10 seconden gewoon dag was. Het was een verschrikkelijk kabaal, er zijn een heleboel takken afgewaaid en iedereen spreekt vandaag over het weer van vannacht. Mijn tentje bleef staan, want ik lag erin. Nu even voor Jinze: Jawel, het is een heel goed restaurant, ik heb er gisteren voortreffelijk gegeten! Gelukkig maar, want vandaag was het minnetjes wat dat betreft.

    Het eerste deel van de route was waanzinnig steil en door de regen van vannacht glibberig. Ik had het zonder mijn stok nooit gehaald, maar gelukkig had ik die, dus wat kon me deren? Mijn voeten doen het nog steeds goed en voor de ongerusten: het open plekje is alweer dicht. De campingbaas heeft me vanmorgen aangeraden een andere weg te nemen, aangezien de ‘officiële’ route onbegaanbaar is na regen. Dat was een wijze raad, die ik na het eerste stuk heb opgevolgd. Het was wel een kilometer langer, maar over goed begaanbare wegen. Alleen was er onderweg niets waar je kon eten of drinken, zodat ik het vandaag zonder lunch heb moeten doen. De regen heeft wel de hele dag gedreigd, maar het is verder droog gebleven en de temperatuur is nu zo’n 24 graden, dus heerlijk om te wandelen. En dat heb ik dan ook eigenlijk voornamelijk gedaan, behalve een paar praatjes met mede-pelgrims waren er geen bijzondere dingen vandaag.

    Om half vijf was ik in Livinhac-le Haut op de camping. Ik sta riant aan de oevers van de Lot. Gery vertelde net dat het regent. Nou, het spijt me voor jullie, maar ik lig hier nu weer met mijn matrasje in de zon. Ik kan hier vanavond eten en morgenochtend ook ontbijt krijgen, dus ik ga vandaag de deur niet meer uit.      

    Sat
    24
    Jun '06

    Le chant des pèlerins

    Dag 78  km 10,08     stappen 14.395 / totaal km 1761,21     totaal stappen 2.535.920

    Nou, dat was een kort wandelingetje vandaag, maar 10 km. Vannacht heeft het stevig geonweerd en toen ik vanmorgen vertrok, regende het. Het was wel lekker, want het was niet warm meer. Na 2 1/2 uur was ik al in Conques. Conques ligt in een heel diep, klein en smal dal. Ik stond bovenop de berg en ik zag dus heel diep beneden me Conques liggen. Vanaf die hoogte zie je dan eigenlijk alleen daken en 3 torens, die daar bovenuit steken. Dat was een heel erg mooi en indrukwekkend gezicht. De afdaling is heel steil, maar op die manier loop je er echt naar toe, je ziet alles steeds groter worden. Het was prachtig. En toen ik eenmaal beneden was, werd het weer mooi weer.

    Ik heb mijn tentje opgezet en ben eerst eens goed gaan eten. Vanmiddag heb ik een beetje rondgelopen, heb vervolgens mijn wasje gedaan, lekker voor de tent gelegen, een beetje geslapen en een pizza gegeten. Kortom, relaxen dus. Mijn voeten zien er nog steeds heel redelijk uit, zeker als je dat vergelijkt met anderen. Jacques gaat morgen naar huis, hij kan niet meer. Dat is ook geen wonder, want als je zijn voeten ziet: een en al blaren en overal open plekken. Hij heeft 3 jaar geleden het stuk in Spanje gelopen en had toen nergens last van, maar nu gaat het echt niet meer. Dat is wel erg jammer natuurlijk.

    Na de pizza was het tijd voor de mis. Ik moet zeggen, dat ik daar dit keer erg van genoten heb. Er waren zo’n 25 pelgrims. We werden met zijn allen  voor het altaar geroepen en moesten één voor één onze naam zeggen. Toen kregen we de zegen in het Frans en in het Duits. Iedereen kreeg vervolgens een boekje met toepasselijke teksten, ieder in zijn eigen taal. Ik kreeg dus de Nederlandse versie. Daarna moesten we gezamenlijk de ‘Chant des pèlerins’ zingen (nou ja, zingen? De anderen zongen en ik bromde mee) en dat doet je toch echt wel iets. (Voor wie het interesseert: de tekst staat op de pagina Informatie). Tenslotte moesten we het Salve Regina doen en daar ben ik dan eigenlijk toch net iets te protestant voor. Ze maken er een hele show van, met lichten die uit en aan gaan, enz. Maar al met al was het wel een belevenis.

    Heel toepasselijk ben ik door de Rue Jacques gelopen en nu zit ik op de trappen van de kerk te wachten tot het droog is, want het hoost werkelijk uit de lucht. Een mooie gelegenheid om even te bellen, maar de andere pelgrims moeten ook even commentaar leveren en Geer de groeten doen. De Amerikaanse roept naar Gery dat ik erg vermagerd ben, wat natuurlijk onzin is, want ze heeft me nooit gekend, dus kan ze dat niet weten. Maar het tekent wel een beetje de sfeer onderling. Iedereen praat met iedereen, alle nationaliteiten vinden elkaar en dat is echt geweldig!    

    Genoeg geluierd, naar bed en dan morgen er weer tegenaan!  

    Fri
    23
    Jun '06

    Bestaat toeval?

    Dag 77  km 34,24     stappen 48.917 / totaal km 1751,13     totaal stappen 2.521.525

    Iedereen die graag op deze website wil zien dat ik als pelgrim moet lijden, krijgt vandaag zijn zin: het was afzien, ik weet nu wat afzien is!. Het was heel erg warm, ruim 33 graden, de weg was heel erg slecht en ik moest heel erg ver! Mijn T-shirt kon je uitwringen!

    Gisteravond heb ik afscheid genomen van Jacques en Josette. Jacques en Josette namen ook afscheid van elkaar, want ieder ging langs een andere route. Bij het afscheid zei Jacques: “Ik kan het nu wel zeggen, want we zien elkaar toch nooit meer: Ik bewonder je instelling en de manier waarop je in het leven staat. Je bent de eerste Protestant die ik ontmoet heb, maar ik moet zeggen dat het aardige mensen zijn.” Mooi gezegd, hè? “Ja, zo gaat dat, je komt elkaar even tegen en daarna gaat ieder weer zijn eigen weg”, dacht ik filosofisch. Dus ik stap dapper de hele dag door, heb zelfs niets anders gegeten dan een casse-croute tussen de middag, begin al aardig in de buurt van mijn volgende stopplaats, Sénergues, te komen en wie zie ik ineens voor me uit lopen? Jawel, Jacques en Josette!! Het bleek dat de routes die Jacques en Josette afzonderlijk liepen, elkaar ergens kruisten en dat zij allebei precies op hetzelfde moment op het kruispunt kwamen. Toen besloten zij maar weer samen in een gîte te gaan. Alleen was die nog dicht en omdat ze geen zin hadden om te wachten, besloten ze maar een stukje door te lopen en kwamen zo terecht op de route die ik liep. Het is toch niet te geloven? Maar leuk was het wel. Zij wilden dat ik ook meeging naar een gîte, maar ik besloot naar de camping te gaan. Achteraf gezien was dat niet zo slim, want de camping bleek 2 km aan de andere kant van het dorp te liggen. Er is geen mogelijkheid iets te eten, dus dat betekent dat ik vanavond nog eens 2 km heen en 2 km terug moet lopen. Dan heb ik mijn portie wel gehad voor vandaag.

    Daar staat tegenover dat ik morgen maar een kilometer of 10 ga lopen, dan ben ik in Conques en daar wil ik de tijd voor nemen, want dat is weer een hoogtepunt op de route. In de kerk daar liggen de beenderen van Ste Foy. Het gerucht gaat dat die beenderen daar niet van origine liggen, maar op een dag, heel lang geleden, door inwoners van Conques ergens gepikt zijn, omdat daar veel geld mee te verdienen was. Ste Foy zorgde namelijk voor wonderen en wonderen zorgen voor een grote stroom mensen, dus vandaar…. Er is een legende die vertelt dat een man onderweg overvallen werd door rovers, die  hem de ogen uitstaken. Hij lag daar dus hulpeloos op de weg in zijn eentje. Maar de vogels vonden zijn ogen, brachten die terug en Ste Foy genas de man. Als dat geen wonder is, weet ik het niet meer. Enfin, morgen ga ik mezelf daarvan op de hoogte stellen en misschien de mis wel bijwonen.  

    '

    23-6-2006: Ik kon het niet helpen

    Jawel, barst maar los, ik weet het: er heeft 2 dagen niets op de website gestaan. Maar ik kon het niet helpen. Eergisteren was ik met Marnix naar Brasschaat en te middernacht thuis. Dus vermoeid ging ik naar bed en dacht: “Ik doe morgenochtend de website wel”. Maar ja, je weet hoe dat gaat, het werd middag en toen werd het een uur of vier en kreeg ik een sms-je van Theo dat hij gearriveerd was, dus dacht ik: “Dan zet ik vandaag er ook meteen bij.” Helaas bleek toen de website ‘down’ te zijn (ik hanteer tegenwoordig vakjargon, merken jullie wel) en toen ging het niet en kon ik Theo niet eens de commentaren voorlezen, wat ik altijd trouw doe als hij zelf niet heeft kunnen kijken. Hans en Janneke, wat een mooi gedichtje hebben jullie ingebracht, ik zet het straks ook even op de informatiepagina.

    Wie niet van België houdt, moet maar niet verder lezen, want ik ga nu een lofzang afsteken op de Belgen (en dit is geen mop!). Marnix had woensdagavond om kwart voor acht een afspraak en toen we aankwamen, waren veel dokters nog gewoon aan het werk en zaten er nog veel mensen te wachten. Met je Hollandse inslag denk je dan toch in eerste instantie, dat het druk is op de EHBO. Het is een mooi ziekenhuis, vrij nieuw en het heeft een vriendelijke uitstraling. In de wachtkamer hangt een bordje, waarop staat dat het ereloon contant moet worden betaald bij de raadpleging. En laten we eerlijk zijn, dat klinkt veel vriendelijker dan ‘het honorarium van het consult’. Maar ja, van vriendelijkheid alleen wordt je rug niet beter natuurlijk. Maar goed, de neuro-chirurg bekeek de gegevens van de MRI-scan, onderzocht Marnix en zei toen: “Moet je luisteren, er is degeneratie van de onderste werveltussenschijf en bij de andere zit een grote hernia. Waarom ben je niet geopereerd?” “Omdat ik geen gevoelloze benen heb”, zei Marnix kort en krachtig, waarop de dokter zei: “Het is niet logisch om je met zo’n grote hernia te laten lopen. We gaan een microscopische ingreep bij je doen. Ik zeg er eerlijk bij, dat je daarna misschien nog niet helemaal tevreden bent, maar het wordt wel een heel stuk beter”. Dus ik vroeg: “Maar stel, dat hij nog niet helemaal tevreden is, kan er dan nog iets gebeuren of moet hij er maar mee leven?” “Absoluut niet”, was het antwoord, “we hebben nog een groot aantal mogelijkheden.” Kijk, dat geeft de burger moed. Vervolgens pakte de arts een kantooragenda van zijn bureau, bladerde erin en zei: “4 juli, lijkt je dat wat? Prima, om 10 uur nuchter aanwezig zijn. Van tevoren nog wel even een CT-scan laten maken, maar dat kan tot de dag ervoor”. En toen moest Marnix dus contant het ‘ereloon’ betalen en dat bleek zegge en schrijve € 20 te zijn. Dus wij opgelucht naar huis en Marnix vooral heel erg blij dat er nu iets gaat gebeuren en hij niet uitzichtloos op de bank ligt. Onderweg naar huis bespraken wij dat het heel handig zou zijn als de scan inderdaad de dag tevoren gemaakt zou worden, want dan nemen we een hotelletje voor die nacht en hoeven we de andere morgen niet in de file te staan en bij nacht en ontij weg. Gekscherend zei ik: “En dan graag om een uur of twee, dan omzeilen we de file.” Goed, Marnix belde de volgende dag, kreeg een datum op en zei: “Ja, dat kan wel, maar eigenlijk zou ik heel graag op 3 juli komen!” Het antwoord: “Natuurlijk, welke tijd schikt u het beste?” Hij viel zowat van zijn stoel. Zo kan het dus ook!!! Waarom kan dat in Nederland niet zo dan? Waarom moet je hier bijna op je knieën gaan liggen om geholpen te worden? Marnix en ik kwamen er niet over uitgepraat hoe vriendelijk en efficiënt het er toegaat en hoe wij er eigenlijk niet meer aan gewend zijn door artsen als mens gezien te worden, terwijl dat toch normaal is.

    Marnix’ operatie valt precies in de week die ik gereserveerd had om naar Theo te gaan. Dat is jammer, maar wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen en ik wil logischerwijze graag wat in de buurt blijven. Dus Theo moet nog maar een weekje wachten en ik heb zo’n idee, dat hij het zonder mij ook uitstekend naar zijn zin heeft en nog niet van heimwee omkomt!  

    Thu
    22
    Jun '06

    Helemaal vanaf Amsterdam

    Dag 76  km 23,19     stappen 33.130 / totaal km 1716,89     totaal stappen 2.472.608

    Het was een mooie tocht vandaag, maar wel een heel moeilijke. Ik heb heel wat steile hellingen moeten nemen en moeilijke afdalingen moeten doorstaan. De wegen zijn nog steeds slecht en er zijn heel veel rollende stenen, dus dan is het af en toe moeilijk om je evenwicht te bewaren. Maar we hebben het weer gehaald en ik zit nu weer riant in een hotel in Estaing met een goed bed. Lekker douchen, want ik heb vandaag veel gezweten. Dan het ritueel van mijn wasje doen en vervolgens alle apparatuur die opgeladen moet worden, opladen, want o wee, als mijn mobiel het niet doet, dan komt het thuisfront in opstand.

    Ik heb het nog steeds uitstekend naar mijn zin en vind het fantastisch. Overigens maak ik wel goede sier met het feit dat ik helemaal vanaf Amsterdam gelopen heb. Nu moet ik ook wel eerlijk zeggen, dat ik het wel een beetje uitlok. Dan vraag ik zo langs mijn neus weg waar mensen vandaan komen lopen en dan zeggen ze bijvoorbeeld: “Uit Munchen”. Dan zeg ik schijnheilig: “Zo, dat is een heel eind”, waarop ze dan moeten bekennen dat ze tot Le Puy met vliegtuig en trein zijn gereisd. De logische wedervraag is dan: “En waar kom jij vandaan?” En kijk, dan sla ik genadeloos toe. Achteloos zeg ik dan: “Uit Amsterdam (want Zaandam kennen ze toch niet) en blijf hen dan zo doordringend aankijken dat ze vanzelf iets zeggen in de trant van: “Met de trein? Waar ben jij dan begonnen?” “Nee”, zeg ik dan, “Ik heb de hele weg gelopen en heb al zo’n 1700 km erop zitten!” En dan blijf ik bescheiden kijken als ze dan zowat een aureooltje om mijn hoofd aanbrengen. Ik geef onmiddellijk toe, het heeft niets te maken met de nederigheid van een pelgrim, maar ja, ook een pelgrim heeft zijn zwakheden!

    Wed
    21
    Jun '06

    Alleen de Zwitsers gaan hard

    Dag 75  km 28,13     stappen 40.185 / totaal km 1693,70     totaal stappen 2.439.478

    Tjonge jonge, wat heb ik vandaag geklommen en geklauterd. De wegen zijn hier heel erg slecht, je moet echt voorzichtig zijn, anders lig je binnen de kortste keren op je gezicht. Het is voor iedereen zwaar, dus het leuke is dat je steeds weer mensen tegenkomt, waar je dan een stukje mee oploopt en vervolgens klauter je weer alleen verder tot de volgende ontmoeting. Alleen de Zwitsers lopen hard, die lopen alsof ze een rondje Jagersplas doen. Maar ja, die zijn dat ook meer gewend dan wij natuurlijk. Ik loop regelmatig met 2 Fransen, Jacques en Josette. Zij kenden elkaar ook niet, maar hebben elkaar ergens onderweg ontmoet en lopen nu een stuk samen op, en we lopen soms met zijn drieën of we komen elkaar ‘s avonds weer tegen. Onderweg hebben we in een plaatsje gezamenlijk koffie gedronken en toen wilde ik daar in een kerkje, omdat ik gelezen had, dat er een pelgrim in het raam was gebrandschilderd. Nou, de rest volgde mij, want die wilde dat ook wel zien. Ik vond niet meteen de ingang, dus liep om en de kudde volgde me. Toen merkte Jacques op: “t Is toch wat, nou moet een Protestant ons nog de weg naar de Katholieke kerk wijzen!” Dat was wel lachen natuurlijk. De meeste pelgrims zijn ‘deeltijd’-pelgrims en lopen een stuk van de route, ik ben een van de weinigen die hem helemaal loopt achter elkaar.

    Mijn tentje staat nu weer op de camping in St. Come d’ Olt en hier zijn ook 2 Fransen die met een ezel op pad zijn. Goed, ik ben mijn eigen ezel dus. Vanavond heb ik gegeten met 2 Fransen, een Duitser en een Zwitser. Dus eenzaam ben ik niet. Het is heel leuk om zoveel onbekende mensen tegen te komen en omdat je allemaal hetzelfde doet, heb je ook meteen contact.  

    Tue
    20
    Jun '06

    Na het zwembad de sauna

    Dag 74  km 29,04     stappen 41.494 / totaal km 1665,57     totaal stappen 2.399.293

    Het eten gisteravond viel reuze mee, we zaten met zijn vijven aan tafel, Amerika, Frankrijk en Nederland,  en onze gastvrouw had nog een leuk verhaal. Ze had een tijdje terug 4 Amerikanen gehad en voor hen op haar manier een beetje Europees gekookt, zodat ze het eten niet al te vreemd zouden vinden. Goed, het voorgerecht wilden ze niet eten, ze wierpen een blik op het hoofdgerecht en nee, dat wilden ze ook niet eten. Toen kwamen de kaasjes op tafel, maar zij riepen in koor dat de kaas beschimmeld was en dat ze die ook niet gingen eten. Toen zag een van hen in de hoek een doosje staan met puntjes kaas voor bij de borrel van de ‘Vache qui rit’. Nou, dat wilden ze dan wel proberen. En dus hebben ze toen met zijn vieren de hele voorraad doosjes die in huis waren, opgegeten! Na het eten hebben we nog een poosje naar het onweer gekeken en daarna snel naar bed, want vanmorgen om 6 uur was het weer opstaan geblazen.

    Om 7 uur ben ik vertrokken en na 2 km kwam ik tot de ontdekking dat ik wederom mijn stok en staf vergeten was. Ik dacht: “Nou ja, die stok, laat maar, ik vind wel een andere, liep een paar honderd meter verder en dacht: “Nee Theo, dat kan je niet maken!” Dus ben ik weer op mijn schreden teruggekeerd om mijn stok op te halen. Tenslotte moet je de gulle gaven van St. Jacob niet veronachtzamen. En daar ben ik ook weer voor beloond, maar daarover straks. Eerst wil ik vertellen dat ik ook vandaag door het mooiste landschap ben gelopen dat ik ooit gezien heb. Het was werkelijk schitterend: glooiende weilanden met hier en daar bosjes, overal snelstromende riviertjes, grazende koeien en schapen en bloeiende gentianen. Een landschap om nooit te vergeten en zo ongerept dat je het gevoel hebt dat het vanaf het jaar nul altijd zo geweest is. Een droomwereld.

    Om 12 uur ben ik in een plaatsje een barretje ingestapt om wat te eten en toen zaten daar ‘mijn Fransen’ ook. Dus we hebben gezellig samen zitten eten en zijn toen ook maar samen verder gelopen naar Aubrac, het doel voor vandaag. Daar zagen we een heel groot gebouw, waarvan we dachten dat het een soort sanatorium was en later bleek dat het dat vroeger ook geweest is, maar nu was het een ‘Village de vacances’. En kijk, toen was er de beloning van Jacobus voor het ophalen van mijn stok: er waren allerlei faciliteiten, waaronder zelfs een sauna! Dus daar heb ik heerlijk van genoten. Wat een weelde! En het kon niet op, want er was ook een echte wasmachine! We slapen met zijn drieën op een kamer, het Franse echtpaar en ik. We hebben dus gedrieën alles wat mogelijk was in die wasmachine gestopt en draaien maar. Nou, dat deed die ook, alleen stopte hij ook niet meer. Hij bleef gewoon doordraaien en onze was heeft in totaal 3 1/2 uur in de wasmachine gezeten! Toen leek dat de receptioniste toch ook wel erg lang en werd er actie ondernomen. Zodoende was de was vanavond om 9 uur schoon en hebben we alles vervolgens maar in de droger gestopt. Vanmiddag hoorden we in de verte onweer en heeft het een beetje geregend, maar verder hebben we geen last gehad. Het is ook niet ontzettend heet meer, dus alles gaat nog steeds prima en ik vind het nog steeds geweldig om hier te lopen, het is net een droom. In Aubrac staat een kerkje, dat  in de Middeleeuwen hospitaal is geweest voor de pelgrims. Overal in het kerkje, tot in de ramen toe, zie je nog de Jacobsschelp. Ja, toen waren er geen ‘Villages de vacances’ met luxe zaken.

    Gery vertelde dat ze morgen ook naar het buitenland gaat. Ze gaat met Marnix voor een second opinion naar Brasschaat in België. Daar schijnt een heel goede neurochirurg te zitten en daar kon hij meteen terecht, dus ik ben benieuwd hoe dat afloopt.

    Mon
    19
    Jun '06

    Flying Dutchman

    Dag 73  km 28,48     stappen 40.694 / totaal km 1636,53     totaal stappen 2.357.799

    Om te beginnen wil ik even terugkomen op het commentaar van Jaap en Jannie over de stok en de staf, namelijk dat er staat: Uw stok en Uw staf. Ik heb daar vandaag wijsgerig of filosofisch, net wat je wilt, nog eens over na lopen denken en nu wil ik er het mijne van zeggen. Kijk, eerst was het natuurlijk Uw staf en stok, maar hij is mij in de schoot geworpen als een gave en nu is het dus Mijn staf en stok. Jawel, ik denk heus ook nog wel eens aan iets anders dan aan lekker eten!

    Nu dit misverstand dus uit de weg is geruimd, kan ik gaan vertellen dat ik gisteravond met 25 pelgrims het pelgrimsmenu heb gegeten in St. Alban. Aan dat menu heb ik echt niet genoeg, maar dit terzijde. Ik zat met 4 Fransen aan tafel en ik weet dan wel zo’n beetje hoe ik het gesprek in moet kleden. Dat gaat dan als volgt: eerste onderwerp is het eten, tweede onderwerp is de familie en derde onderwerp is de politiek en dan met name de opmerking: “Hoe vinden jullie dat nou, een vrouw als president te krijgen?” Nou, dat is genoeg om hen uren te laten praten. Zegt er opeens een van hen: “Ho, ho, dit gaat niet goed. Jij drukt steeds op een knop en dan gaan wij wel praten.” Wil je geloven dat ik daar zelf helemaal geen erg meer in had? Dus dat was lachen.

    Vanmorgen ben ik vertrokken met prachtig weer: een windje, zon en een temperatuur van 25 tot 30 graden. Ideaal weer dus en ik heb vandaag echt een wondermooie route gelopen met uitzichten zo subliem dat een schilder ze echt niet zo kan verzinnen. Schitterend gewoon. En er is hier geen enkele toerist, de enige mensen die je tegenkomt, zijn ook pelgrims. Er zijn hier veel Duitsers, die allemaal eerst het vliegtuig genomen hebben tot Lyon, vervolgens de trein naar Le Puy en vanaf daar zijn gaan wandelen. Voor hen zijn dit dus de eerste dagen en wat ik zie zijn peperdure uitrustingen met van alles en nog wat, echt allemaal super de super. Wat ik ook zie, is hoe ellendig sommigen er aan toe zijn: open voeten, strompelen, enz. Dat is wel een beetje komische tegenstelling. Zelf heb ik nog steeds een open plekje aan mijn hiel, maar dat ziet er al beter uit weer dan gisteren. Geer maant me elke avond dat ik langs de pharmacie moet gaan om een zalfje te halen, maar daar heb ik allemaal geen tijd voor, hoor. Bovendien wemelt het hier niet echt van de apotheken (zeg ik schijnheilig). En….. ik heb een blaar aan mijn kleine teen. Het is lang geleden dat ik een blaar had en volgens mij komt dat door het zwemmen van gisteren, daar is mijn huid zacht van geworden natuurlijk. Zo zie je maar weer, alles heeft zijn prijs. Onderweg ben ik verschillende mensen tegengekomen, waar ik een praatje mee gemaakt heb, maar dat begin ik al bijna gewoon te vinden. Het is wel een wereld van verschil met de streek ten noorden van Le Puy, hier is alles veel meer gericht op mensen die deze tocht maken.

    Om 12 uur heb ik heel erg goed gegeten. Het eten is hier eenvoudig, dus geen gastronomische hoogstandjes, maar heel erg goed en lekker.        

    Nu zit ik in een plaats met de weidse naam: Quatre-Chemins en zoek maar niet op de kaart, want daar staat het vast niet op. Het is namelijk precies wat de naam zegt: een kruispunt met zegge en schrijve 1 boerderij en daar zit ik dus nu in een gîte, samen met 3 Fransen en 2 erg aardige Amerikanen (hoewel dat volgens Gery niet mogelijk is), die mij welgemoed de ‘Flying Dutchman’ noemen. Zij lopen nu van Le Puy naar St. Jean Pied de Port en hebben vorig jaar het gedeelte St. Jean  Pied de Port-Santiago gelopen. Zij loopt met blote voeten in hele grote basketballschoenen, ik snap niet hoe ze het doet, maar ze loopt er prima op.    

    Het is zo langzamerhand tijd voor het avondeten en dat ziet er een beetje dubieus uit, gelukkig maar dat ik vanmiddag goed heb gegeten!  

       

    Sun
    18
    Jun '06

    Een engel

    Dag 72  km 25,17     stappen 35.966 / totaal km 1608,05     totaal stappen 2.317.105

    Het contact is toch gelukt. Vanmorgen ben ik vroeg weg gegaan in mijn schoongewassen kleren, die niet alleen schoon zijn, maar ook schoon ruiken, heerlijk. Ik wilde onderweg naar Le Sauvage gaan, een boerderij waar je allemaal natuurproducten kunt eten en kopen, zodat ik Jinze kon vertellen hoe biologisch het hier allemaal toegaat. Dat was 4 km om, maar daar maal ik niet om op zo’n grote afstand. Goed, ik kwam er, er was wel een gebouw, maar verder was er ook helemaal niets, echt totaal niets. Alleen een fonteintje waar je een slok water kon drinken. Dus onverrichterzake weer terug naar de route. Daar kwam ik het Franse echtpaar weer tegen, dat er ook hevig over liep te mopperen. Gezamenlijk besloten we toen bij de kapel van St. Rochus iets te gaan drinken. Leuk plan, maar ook daar was helemaal niets, dus dat was al twee keer niets. Toen had ik zo de pest in dat ik regelrecht ben doorgelopen naar St. Alban. Het was een mooie route vandaag met mooie uitzichten en niet zo’n ‘benenbreker’. St. Alban ligt wel op 1400 meter hoogte, maar de weg erheen is niet zo steil. In St. Alban bracht Jacobus me eerst in verzoeking door langs de kant van de weg een bord te plaatsen van een hotel met zwembad. Dat klinkt heel erg aangenaam als je het warm hebt, maar moedig weerstond ik de verleiding en sprak mezelf streng toe: “Nee Theo, dat doe je niet, je gaat gewoon op zoek naar een camping!” Inmiddels was het half twee toen ik op de camping aankwam en dit keer ontvangen werd door een chagrijnige man. Ik vroeg of ik nog wat kon eten, maar dat kon niet, hij had niks meer te eten, ik kon een pilsje krijgen en dat was het. Nou, dan maar een pilsje. Terwijl ik die zat op te drinken, riep een vrouw van boven: “Als die meneer wat pates wil hebben, kan ik dat wel even maken, hoor!” Dus de man weer chagrijnig: “Wil je dat?” Ik: “Ja graag, als het kan”. En een paar minuten later zat ik achter een dampend bord spaghetti, met boeuf bourguignon, een halve meloen, brood en twee kaasjes. Dus ik zeg tegen die mevrouw: “U bent een engel en te goed voor deze wereld.” Zij antwoordt: “Ja, dat klopt, want ik ben met deze man getrouwd en ik heet Gabriëlle!” Zulke dingen maken mijn hele dag weer goed. Enfin, na het eten ga ik de camping op en wat is het eerste dat ik zie? Een groot zwembad!! Jullie zien, Jacobus zorgt voor hem, die de verleidingen kan weerstaan.      

    Dus nu zwem ik af en toe een baantje en lig verder op mijn luchtbedje in de zon, die weer verschenen is na een onweersbui. Ik zie er niet uit, want sommige delen van mijn lichaam zien spierwit en andere zijn donkerbruin, dus die witte stukken ben ik nu aan het bijkleuren. Ja, het leven van een pelgrim is soms echt wel uit te houden.

    Overigens is het vanaf Le Puy nu net alsof je langs de autoroute rijdt: overal bordjes met reclame voor overnachtingen en aanbiedingen voor pelgrims, overal bordjes met schelpen en je bent overal welkom. Arij, je vroeg of er 50 pelgrims tegelijk uit Le Puy vertrokken en ik kan je vertellen dat het een rustige dag was! En gezien de vele overnachtingsmogelijkheden hier schrikken ze ook niet terug van 500 per dag. Wat betreft je grap over de Hellingman-bus: In de gîte waarin ik vannacht geslapen heb, hing een reclamebriefje van een man, die met een busje je bagage en/of jezelf overal op de route brengt, waar je maar heen wilt. Je ziet, ook hier heeft de commercie toegeslagen. Verder staan er ook overal bordjes met daarop het aantal kilometers dat je nog van St. Jacques de Compostela verwijderd bent. Ik heb nog 1475 km te gaan. Ik zit niet echt op al die bordjes te wachten, maar nou ja, het hoort erbij en dit is het enige waarmee men hier wat kan verdienen.

    Het weer hier in de Aubrac schijnt erg wisselvallig te zijn. Gabriëlle vertelde, dat ze eind mei 2 Australiërs had, die gezeten bij de open haard naar buiten naar de sneeuw zaten te kijken. Die rolden zowat van hun stoel, want ze hadden nog nooit sneeuw gezien en een open haard kenden ze alleen buiten. Dat je binnen ook zo’n ding kon hebben, daar hadden ze nooit bij stil gestaan. Ik stop, want ik moet hoognodig weer even een koele duik nemen en dan verder zonnen.  

    Sat
    17
    Jun '06

    Chanaleilles

    Dag 71  km 29     stappen 47.146 / totaal km 1582,88     totaal stappen 2.281.139

    Vannacht heeft het hard geonweerd en geregend, maar toen ik vanmorgen om kwart voor zes (!) mijn bed uitkwam was het weer droog. Om half zeven ben ik gestart en moest die kloof nu dus weer uitklauteren. Het was een zware klimpartij, maar in de kloof was het nog wat nevelig en bovenaan zag ik de zon opkomen, het was een schitterend gezicht. Dus dat vergoedt veel. Toen ik boven was, heb ik me eerst maar even bij Gery present gemeld en net wat ik dacht, moppers omdat ze geprobeerd heeft me te bellen en te sms-en en ik geen antwoord gaf. Ze had zich ongerust gemaakt. Er wordt goed op deze pelgrim gelet dus.

    Toen ik eenmaal boven was, werd de weg weer een stuk gemakkelijker en liep ik lekker, zo lekker dat ik een aanwijzing voorbijgelopen ben. Dus ik keerde op mijn schreden terug en na een tijdje kwam ik mensen tegen, die ik in Monistrol ook gezien had. Die vroegen natuurlijk of ik spijt had en weer terugging naar Le Puy of dat ik nu al op de terugweg was. Ik ben weer omgedraaid en op mijn gemakje er achteraan gelopen. Toen zag ik de aanwijzing die ik net gemist had en ……. de anderen zagen hem ook niet en liepen er dus voorbij. Toen was het mijn beurt om te vragen wat ze vannacht eigenlijk uitgehaald hadden, omdat ze nu liepen te slapen.

    Het weer is nu prima, niet te warm, wel zon en een lekker windje. Het enige minpuntje was vandaag, dat ik pas om 11 uur ergens een ontbijt en koffie kon bemachtigen. Vanmiddag was het weer veel meer klimmen en dalen, maar ik was om half vijf in Chanaleilles, de plaats van bestemming voor vandaag, op 1150 meter hoogte. Ik heb een gîte op een boerderij en ben de enige gast. Voor overnachting, avondeten en ontbijt betaal ik € 30 en voor € 4 meer doet mevrouw de was erbij. Nou, dat heb ik meteen gedaan, dus nu heb ik de luxe dat ik er lui bij gezeten heb, terwijl de was draaide. Alles hangt nu weer brandschoon te wapperen aan de lijn, ideaal! Het was wel nodig ook dat het allemaal een keer goed gewassen werd, want ik kreeg het niet meer zo goed schoon. Suzanne mopperde daar een paar weken geleden al over, dus je snapt dat het er sindsdien niet beter op geworden is. Ik heb nu net gegeten en het was weer overdadig. Ik vergiste me weer lelijk, want ik kreeg een grote omelet met heel veel champignons en meteen zette ze ook de kaas op tafel. Dus ik dacht zorgelijk: “Nou, als dit alles ik wat ik krijg, heb ik vast niet genoeg.” Mijn zondige gedachten werden daarna flink afgestraft, want na de omelet kreeg ik een lap vlees, waar je niet overheen kon kijken en een grote schaal met gegratineerde aardappelen. Ik kon het echt niet allemaal op, maar kreeg vervolgens bij de kaas ook nog sla en een appel toe. Ik geniet nog steeds enorm van alles, het blijft geweldig allemaal. Het gaat allemaal ook erg goed tot nu toe. Ik heb alleen een paar open plekjes aan mijn voeten, waarschijnlijk door de warmte. Vergeleken met pelgrim Jos is dit helemaal niets, want diens voeten zagen er heel wat zorgelijker uit. Hij had zelfs een stuk uit zijn schoen gesneden, omdat het te zeer deed. In een gesprekje met mevrouw hier zei ik dat ik hoopte dat ik het zou halen, maar dat ik dat niet wist en toen zei ze: “Waarom zou je het niet halen? Je hebt het tot hier toch ook gehaald?” Ja, als je het zo bekijkt. Voorlopig wandel ik dus gestaag door en geniet van elke dag!

    Ik heb Geer meteen nu maar vast gezegd, dat ik morgen waarschijnlijk niet kan bellen, aangezien mijn saldo bijna op is en ik waarschijnlijk dat morgen niet kan aanvullen, omdat er niets open is. Dan hoeft ze zich in ieder geval niet ongerust te maken. En jullie dus ook niet. Au revoir!            

    Fri
    16
    Jun '06

    Met de zegen verder

    Dag 70 1  km 35,52      stappen 50.749 / totaal km 1553,88     totaal stappen 2.233.993

    Vanmorgen ben ik dus eerst naar de mis geweest met nog 50 andere pelgrims. De bisschop preekte over de Emmausgangers en we kregen dus ook allemaal de bisschoppelijke zegen. Het was mooi, maar ik merk dan toch dat ik meer protestantse genen heb dan katholieke. Na afloop mochten we allemaal een briefje pakken met goede wensen en gebeden, die mensen voor ons geschreven hadden. We kregen ook een bedeltje van de Zwarte Madonna, die zal ik bewaren voor Gery. Daarna ben ik de trappen van de kathedraal weer afgedaald om mijn weg te vervolgen. Het eerste stuk was vrij makkelijk en ik ben zo lekker opgeschoten, dat ik al om half drie in St. Privat was, waar ik wilde overnachten. Ik vond het nog vroeg en dacht: “Komaan, ik loop nog wat verder!” Dus dat heb ik gedaan, maar alleen bleek toen het volgende stuk niet zo’n makkelijke weg te zijn en was het weer klimmen en klauteren geblazen. Ik wilde naar Monistrol, maar Monistrol ligt helemaal beneden in een kloof en dat betekent dus dat je naar beneden moet via een erg steile afdaling. Ik ben er natuurlijk wel gekomen, maar inmiddels was het 6 uur ‘s avonds. Enfin, mijn tentje opgezet en gegeten op de camping. Dat was niet lekker! Er is een Nederlands echtpaar op de camping, aardige mensen en dat ging naar het voetballen kijken, want Nederland moet tegen de Ivoorkust. Kun je nagaan, ik had geen flauw idee dat er gevoetbald werd, maar ik begrijp dat het in Nederland een en al oranje is. Wat lijkt dat ver weg.

    Ik heb geprobeerd Gery te bellen, maar omdat ik in die kloof zit, heb ik geen bereik. Dus nu schrijf ik alles maar op een gewoon papiertje, dan kan zij het morgen wel op de website zetten. Ik zal wel moppers van haar krijgen dat ik niet bereikbaar ben, maar ja, ik kan er ook niets aan doen. C’est la vie!

    Thu
    15
    Jun '06

    Emoties

    Theo Namen 3  

    Hebben jullie nou je zin? Zit ik hier op een bankje te janken met een berg post naast me. Vanmorgen ben ik naar het postkantoor geweest en toen was er nog niets. Dus ik dacht: “Dat is logisch, want het stond vrij laat op de website.” Dus toen maar naar de kapper en ik heb nu een heel kort koppie, zogezegd geen pelgrimsmanen. Vanmiddag toch nog even het postkantoor binnengewipt en ja! Geweldig van jullie, heel hartelijk bedankt Arij, Ellen, Andries, Rina, Ton, Suzanne, Cees, Corrie, Bep, Jan, Olga!! Ik ben er van de emotie vast nog een paar vergeten te noemen, vergeef het een oude pelgrim dan. Ton en Suzanne, dankzij jullie boekje kan ik straks wellicht iets in het Spaans zeggen!
    Ik zit nu met allemaal jonge gasten, die waanzinnig veel lawaai maken met spelletjes aan de computer, hier in Le Puy in een internetcafé. Vandaag dus een rustdag en dat valt eigenlijk helemaal niet mee. Vanmorgen om 7 uur vertrokken veel pelgrims, en dan bedoel ik tientallen, naar de kathedraal om daar de pelgrimszegen te krijgen van de bisschop. Elke morgen om 7 uur is er een pelgrimsmis en dan worden de namen van de pelgrims voorgelezen die gaan vertrekken richting St. Jean Pied de Port. Morgenochtend ben ik ook van plan daar aan mee te doen.  
    En dan begint eigenlijk het tweede deel van de reis. Ook heb ik inderdaad het gevoel dat de reis zelf het belangrijkste is. De aankomst lokt me nog niet, omdat het dan echt afgelopen zal zijn. En ik geniet er juist zo erg van.  
    Gisteren was de binnenkomst in de kerk (en dat had ik niet verwacht van mezelf) erg emotioneel. Omdat er veel toeristen in de kerk waren, hoorde ik overal om me heen fluisteren: “Kijk, een echte pelgrim, hij heeft een schelp!”. In het Frans, Duits, Engels en inderdaad ook een paar keer in het Nederlands. Als je dan die trapppen oploopt, waarvan je weet dat miljoenen pelgrims dat al duizend jaar doen, zet dat je aan het denken, zal ik maar voorzichtig zeggen. Leuk ook, al die reacties elke dag. Jullie moeten nou ook weer niet al te zeer gaan prijzen, hoor, want zo veel anderen doen het ook. Leuk is het wel, zoals de mevrouw die me vroeg of ik haar een kaartje wilde sturen uit Santiago en terwijl ze dat zei een kruisje sloeg. Kijk, dat zijn voor mij nu mooie momenten. Iedereen een pelgrimsgroet van Pelgrim Theo.  

    Wed
    14
    Jun '06

    Weer een doel bereikt!

    dag 68  km 28,22     stappen 40.824 / totaal km 1518,36     totaal stappen 2.183.244

    Ruim 2 maanden later, ruim 1500 km verder en na ruim 2 miljoen stappen heb ik mijn tweede doel: Le Puy, bereikt!! Vanaf hier ga ik nu dwars door Frankrijk naar de Spaanse grens. Het was vandaag weer heel zwaar bij 33 à 34 graden en ik ben weer tot grote hoogte gestegen. Heel in de diepte zag ik de gorges van de Loire liggen, een mooi gezicht. Verder kwam ik langs het kasteel Polignac, daar woont  de oudste adellijke familie van Frankrijk. Aangezien ik op deze tocht kind aan huis ben bij de adel, had ik natuurlijk wel even op de koffie kunnen gaan, maar ach, een mens dient bescheiden te blijven.
    Van heel ver weg zie je de stad Le Puy al in de diepte liggen en dat is een machtig gezicht. Je ziet echt 2 pieken omhoog steken, één  waarop een kerkje staat en de ander waarop een groot Mariabeeld staat. Jaren geleden zijn we hier op vakantie ook geweest en zijn die pieken opgeklauterd. Je kon toen ook in het beeld klimmen en in de rok van Maria hadden ze kijkgaten gemaakt voor het uitzicht. Of dat nu nog kan, weet ik niet, ik denk niet dat ik dit nu ga doen, ik klim al genoeg. En dan zie je verder de grote bult waarop de kathedraal staat. Het is echt heel indrukwekkend en toen ik eenmaal in de kathedraal was, deed me dat toch weer een heleboel. In de kathedraal staat, behalve de Zwarte Madonna, een Mariabeeld van lavasteen, dat dus zwart is, ook een beeld van St. Jacob. Voor dat beeld is een kluisje, waarin mensen hun gebeden en goede wensen kunnen doen en die worden dan elke morgen tijdens een dienst aan de pelgrims die vertrekken, uitgereikt. Hier is dat elke dag, in Vezelay was dat alleen op zondag. Pelgrim Hans, met wie ik een paar dagen ben opgetrokken, is priester en die mocht toen in Vezelay in het Nederlands de zegen geven. Dat deed hij natuurlijk en daarna riep hij: “Jongens, we gaan het halen!” Ik kwam hier ook Jos weer tegen, de pelgrim die in Le Puy in een hospitium ging werken. Dat heeft hij gedaan en nu gaat hij ook weer verder. Het was stom toeval, maar erg leuk, dus we zijn lekker op een terras gaan zitten om bij te praten. Toen werd het nog toevalliger, want er kwamen 2 dames voorbij lopen die vriendelijk: “Dag Jos” zeiden en dat bleken 2 dames te zijn uit de straat waarin hij woont. Zo zie je maar hoe klein de wereld  soms is.

    Ik vind het allemaal nog steeds geweldig: op sportief gebied, want je moet toch elke dag weer een prestatie leveren, maar zeker ook vanwege alle ontmoetingen en het feit dat je bezig bent met heel andere dingen dan waarmee je thuis bezig bent. De groep Franse pelgrims waarmee ik liep, voorspelde lachend dat ik straks, als ik weer thuis ben, psychische hulp nodig zal hebben. Zo erg zal het niet zijn, ook dat went weer, maar voorlopig ben ik blij dat het zover nog niet is!

    Arij en Ellen hebben in Namen foto’s gemaakt, hier zijn er een paar.

    Theo Namen 1  Theo Namen 7

    Goed, morgen ga ik dus van mijn rust genieten, ik ben benieuwd hoe dat zal bevallen!                  

    Tue
    13
    Jun '06

    Mijn stok en mijn staf vertroosten mij

    dag 67  km 22,58     stappen 32.380 / totaal km 1490,14     totaal stappen 2.142.420

    Ook vandaag was het best een zware dag, maar ik hoefde minder ver dan gisteren. Het pad is ook hier erg slecht met heel veel rolkeien. Die kan ik wel ontwijken door gewoon op de N-weg of D-weg te gaan lopen, maar dat is niet erg leuk, want dan is het gewoon erg druk, moet je iedere keer uitwijken voor auto’s en dat is gewoon toch minder leuk. Ik loop nu weer op de Grande Randonnée, maar er zijn nog steeds niet veel mensen en die je ziet, zijn vooral Duitsers en dat is logisch natuurlijk. Er zijn ook weinig dorpen langs dit stuk, dus koffie ‘scoren’ is ook moeilijker. Het is prachtig droog weer, maar 32 graden is wel warm met een rugzak op je rug (lijkt me wel de meest logische plaats voor een rugzak). Ik heb heel veel plezier van mijn stok, dus met recht kan ik zeggen dat mijn stok en mijn staf mij vertroosten. Aardig is dat, weer komt uit wat ik in Zaandam ook al vaak zei: “Het is allemaal waar, maar heel anders dan je denkt”. Kijk, daar heb ik nu toch ook eindelijk een filosofische gedachte! Stel je daar nou ook weer niet te veel van voor, want soms betrap ik mezelf erop dat ik bijna tegen die stok loop te lullen, zo van: “Kijk opa weer eens in de weer zijn” of “Nog effe”. Ik bedoel maar, het is in ieder geval heel anders dan het dagelijks leven en tegelijk bestaat het ook uit gewone alledaagse dingen en dat maakt het nou leuk. Althans, dat denk ik, want als Gery vraagt of ik het nog wel leuk vind, kan ik alleen maar bedenken dat ik het nog steeds geweldig vind en waarom nou precies?? Geen idee, maar het is wel zo. En het is zo waar, wat Wim schrijft: “Het is de reis die telt, niet de aankomst.” Ik vind het nog steeds geweldig, al die interesse van jullie en die aanmoedigingen. Dat is ‘s avonds mijn eerste vraag: “Staat er nog iets op de website?” En Gery vertelde dat ze nu doet, waar ze mij vaak om uitgelachen heeft: als ze naar bed gaat of eruitkomt, eerst even achter de PC om te kijken of er nieuws is. Ik deed dat altijd met mijn mails.
    Als ik het overdag erg warm heb of ik loop te zwoegen, heb ik heus wel eens de pest in natuurlijk, maar als ik dan aangekomen ben en lekker gedoucht heb, is dat zo weer vergeten en geniet ik alleen maar van alles  wat ik beleef. Vanavond ook weer. Ik zit hier in een hotel in Vorey, een ‘Logis de France’, dus toch een respectabel hotel. Op mijn kamer is zelfs telefoon, dus ik sms naar Gery het nummer, dan hoeft ze niet mobiel te bellen en is het goedkoper. Dat doet ze ook, maar de telefoon in mijn kamer rinkelt niet. In plaats daarvan wordt er opeens op de deur geklopt en daar staat iemand van het hotel met een draagbare telefoon aan zijn oor, die meldt dat hij iemand aan de telefoon heeft voor mij, mij de telefoon overhandigt en vriendelijk vraagt of ik de telefoon straks even terug wil brengen naar de receptie. Dat is toch schitterend? Krijg ik Gery aan de telefoon en die ligt dubbel, want ze heeft alles gehoord, hoorde hem lopen en aankloppen, enz. Het zijn allemaal maar kleine dingen, maar als je ze ziet kun je daar zo’n lol om hebben. Het is en blijft dus genieten, ook al is het af en toe zwaar. Morgen hoop ik de Zwarte Madonna in Le Puy te kunnen begroeten!          

    Mon
    12
    Jun '06

    ….. en hoe ver

    dag 66 1  

    Dit was de allerzwaarste dag tot nu toe. Het was echt afzien. Niet dat-ie slecht begon, integendeel. Gisteravond heb ik echt het traditionele Franse voedsel op: soep vooraf met een scheut crème de cassis erin en daarin sop je dan je brood, vervolgens een omelet met pietepeuterig kleine champignonnetjes erin, die door madame zelf in het bos gezocht worden, echt overheerlijk, een aantal forse kazen en een yoghurt toe. En zo was het ook met het ontbijt vanmorgen: een grote kom koffie met hompen brood erin. Er was ook boter en confiture en toen ik later dus een stuk brood smeerde en er confiture opdeed, zei madame: “O ja, zo doen ze het in andere streken”. Met de belofte een kaartje te sturen als ik in Santiago ben en beslist terug te komen samen met Gery, ging ik vervolgens welgemoed op pad. Maar die moed is me vandaag echt wel een paar keer in de schoenen gezakt en ik heb grote schoenen. Het was 32 graden en een bere-eind en onderweg was er letterlijk niets, geen restaurantje, geen barretje, zelfs geen bakker. Ik kreeg water van een meneer die in de tuin zat, anders had ik zelfs dat niet gehad. Toen ik op een bankje in de schaduw ging eten en mijn worst aansneed, sneed ik in mijn duim, bloeden als een rund natuurlijk. Dus ik heb die duim fraai verpakt met de spullen uit mijn EHBO-doosje en op dat moment kwamen de 5 pelgrims langs, waarmee ik een paar dagen geleden gegeten heb. Die waren uiteraard vol bewondering voor mijn verbonden duim en dat was even gezellig. Ik heb hen onderweg nog een paar keer ontmoet. Verder liep ik door eindeloze bossen en steil omhoog en er kwam een moment dat ik dacht: “Dit haal ik nooit”. Op dat moment stuurde Jacobus een echtpaar langs, dat vroeg of ik met hen mee wilde lopen een stukje, want zij wonen aan de route. Dat heb ik dankbaar aangenomen en ik kreeg er koffie, heb het gastenboek gelezen en getekend uiteraard. Daar knapte ik weer van op. Toen ik verder ging, gaf mevrouw mij haar eigen stok mee, want zonder stok was het geen doen volgens haar. Dus nu heb ik weer een staf zogezegd.  

    En dankbaar dat ik voor die stok geweest ben, want die was heel erg handig. Daarmee kun je beter je evenwicht bewaren, want niet alleen dat het erg steil is, de weg bestaat ook uit rolkeien, dus voor je het weet, lig je ondersteboven. Met een zware rugzak is het moeilijk je evenwicht te bewaren. Zo ben ik 3 keer naar meer dan 1000 meter hoog gestegen en ook weer afgedaald. Om uiteindelijk in Retournac te komen, moest ik aan het einde van de dag ook nog weer eens 700 meter stijgen. Ik heb gelopen van 8 uur vanmorgen tot 6 uur vanavond en dat in deze hitte.
    Maar….ik ben er gekomen, zit nu in een hotel met kamer, diner en ontbijt. Dus ik hoef de deur niet meer uit vanavond. Op de kamer is het niet zo warm, ik heb heerlijk gedoucht en nu ben ik weer lekker opgeknapt. Ik hoop over 2 dagen in Le Puy aan te komen en dan neem ik weer eens een dagje rust, dat heb ik dan wel weer verdiend.
    Ja mensen, het begint op een echte pelgrimstocht te lijken……ultreia! Dat betekent, voor wie het  niet weet: “Tot het einde”!

    Sun
    11
    Jun '06

    Vanuit warm Zaandam: 11-6-2006

    Hoe gaat het inmiddels met het thuisfront? Laten we zeggen: het thuisfront heeft het warm, zeer warm en wie mij kent, weet dat het leven dan een grote klaagzang is voor mij. En ik krijg dan ook onmiddellijk een vreemd soort stoornis: in plaats van een schaduwrijk plekje op te zoeken en me verder niet te bewegen, denk ik: “Ik heb het nu toch al bloedheet, dus ik kan net zo goed iets gaan doen, dan gaat de tijd sneller en is het eerder avond”. Maar ik kan jullie nu tenminste trots vertellen, dat ik een beeldschone tuin heb, waarin geen sprietje gras meer tussen de tegels te vinden is en waarin een halve meter hoge laag onkruid gewied is. Ik vrees hierbij ook enig niet-onkruid gewied te hebben, want soms zat er een soort bol aan het eind, die verdacht veel leek op de bollen die Theo ooit geplant heeft. Maar ja, dat zie je pas als je het er al uitgetrokken hebt toch? Ik dacht vrolijk: “Vooruit Geer, je bent in je knollentuin en daarin kijk je niet op een bolletje”, maar toen ik klaar was, had ik ineens heel veel aarde en weinig plant. “Alles is te koop”, dacht ik en snelde naar het tuincentrum, waar ik met forse hand insloeg. Nu blijkt dat het tuinarchitectonische inzicht van Marnix vele malen beter is dan dat van zijn moeder (van wie heeft hij dat toch?), want die vroeg deskundig welke planten tegen de zon kunnen en welke niet. Ja, weet ik veel, er zitten mooie bloemen aan. Onder deskundige leiding van de buren het zaakje in de grond gezet en nu blijkt ook nog dat ik elke avond heen en weer moet hollen met een gieter, anders leggen ze weer het loodje. Ik wil hiermee maar zeggen: het zal wel zo zijn dat een pelgrim vele beproevingen doorstaat, maar die van het thuisfront zijn ook niet mis!! En nu de clou van dit alles: Ik wil al tijden heel graag naar een appartement, lekker alles gelijkvloers. Mijn lieve Theo verzint bij elk appartement de meest doorzichtige smoezen, want ‘dan heeft hij geen tuin meer!’ En wie zit nu op haar knietjes in de grond te wroeten? Juist!!

    Ik krijg nogal wat telefoontjes om te vragen hoe het met Theo gaat en hoe het met mij gaat. Gisteren heb ik heerlijke paella mogen nuttigen bij Bouk en Aska en was ik weer even onder de levenden. Van Jan en Dorien van den Brink kreeg ik een heel gezellige brief met foto’s van Theo en Jan. Het doet me goed dat ook het thuisfront niet vergeten wordt en dat wil ik graag met jullie delen:

    Theo en Jan  Ziehier de herder met een van zijn schapen

    …en Theo vertrok weer met herderlijke zegen. Geen wonder dus dat het goed gaat!

    Met Marnix gaat het waardeloos om eerlijk te zijn. Hij heeft heel veel pijn en kan absoluut niet zitten. En de lieve Zaanse dokters kunnen dan wel zeggen dat het vanzelf over moet gaan, maar hij is 2 maanden verder bijna en om nou te wachten tot zijn vader een goed woordje voor hem kan doen bij Jacobus in Santiago?? Ik bewonder hem heel erg omdat hij toch steeds probeert de moed erin te houden, maar het is bijna geen doen voor hem zo. Dus hij heeft zo eens in het rond gevraagd en gespeurd en vanmorgen onder de koffie en de tompoes (want tradities moeten er blijven) hebben we de informatie die hij van de Alfa-Klinik uit München gekregen had, eens doorgenomen en morgen gaat hij die bellen. Ze schijnen er veel meer te kunnen dan hier, het is een team van een Nederlandse orthopedisch chirurg en een Nederlandse neuro-chirurg, de begeleiding daarna kan hier in Nederland plaats vinden door gespecialiseerde fysiotherapeuten en van “Niets meer aan te doen” willen ze niet weten. Er zijn geen lange wachttijden, dus ik ben benieuwd. Mocht er enige tijd niets op de website verschijnen, dan ben ik dus even naar München!!

       

    '

    Hoe warm het is…..

    dag 65  km 22,98     stappen 32.419 / totaal km 1438,02     totaal stappen 2.067.007

    Het is ontzettend heet hier, ik zweet als een otter! Maar ik hoor van Gery dat het in Zaandam ook warm is, ze klaagt tenminste weer over natte lauwe dweilen in haar nek en dat betekent dat ze het erg heet heeft. Het aantal kilometers dat ik gelopen heb, is niet helemaal de vooruitgang op de route, want ik ben steeds van schaduw naar schaduw gelopen. Door de warmte heb ik een open plekje aan mijn linkervoet, dat zeer doet. Ik zal er morgen maar eens een smeerseltje voor kopen, dan zal ik er wel minder last van hebben.

    Gisteravond heb ik samen met Lex en Elly gegeten. Er zaten ook nog 5 andere pelgrims bij, dus ze hebben eens mee kunnen maken hoe het zo toegaat. Vanmorgen heb ik een aantal ansichten van het hotel gekregen om te versturen en er is daar ook een slaapplaats voor vannacht voor me geregeld. Ik loop veel door de bossen en een mevrouw die daar ook liep, heeft me ernstig gewaarschuwd voor wilde zwijnen, want die schijnen er erg veel rond te lopen. Ik kwam er geen tegen gelukkig, want zeg nou zelf: wat begint een otter tegen een wild zwijn?

    Nu zit ik op 1100 meter hoogte in een watermolen, die als gîte is ingericht in Apinac en hier is het een stuk koeler. Lekker, hoor. De watermolen werkt nog steeds, ze malen hier meel voor veevoeder en noten voor olie. Dus ik zit hier echt op de ‘campagne’. Ook hier ben ik weer hartelijk ontvangen, kreeg een rondleiding door de molen en ik kan hier ook eten. Het is vandaag open dag van de gîtes, dus terwijl ik Gery zit te bellen, lopen er voortdurend mensen in en uit, die verbaasd luisteren naar mijn Nederlands gekoeterwaal. Ik moet het gesprek telkens onderbreken om “Bonjour” te zeggen en krijg een enorm stuk cake in mijn handen geduwd van een van de mensen. Leuk is dat toch steeds weer.

    O, sorry, maar de eigenaar van de gîte roept nu naar me dat ik een aperitief moet komen drinken en dat kan ik natuurlijk niet weigeren. Ik zou het trouwens ook niet willen!! Gegroet, gij allen en tot morgen!  

    Sat
    10
    Jun '06

    Extremen

    dag 64  km 23,49     stappen 34.156  / totaal km 1415,04     totaal stappen 2.034.588

    Eerst nog even een paar foto’s die Cees en Didi gemaakt hebben:

    Theo aan de wandel  Stoer, hè?

    Theo weer op weg  Ook van achteren zeer charmant

    Verder was het vandaag warm, erg warm. Vanmorgen liep ik door de bossen en de wijngaarden en het gaat nu echt steil op en neer en dat is vermoeiend. Ik moet mijn enkel overdwars zetten of op mijn tenen gaan lopen, anders haal ik het niet. Ik heb mijn schouder ingesmeerd en dat gaat nu beter, maar vanmorgen ben ik aan alle kanten geprikt door de muggen. De streek waar ik nu loop, was vandaag de warmste plek van Frankrijk. Ik maak dus extremen mee: ofwel de koudste plek ofwel de warmste plek, terwijl ik nu juist altijd zo graag de middenweg bewandel. Ik word dus op de proef gesteld, zullen we maar denken. Nou, als het erger niet wordt….

    De streek wordt steeds leuker, omdat de mensen weten waarover het gaat en geïnteresseerd zijn. Ze kennen hier de rest van de route tot Le Puy en kunnen je precies vertellen wat je onderweg nog tegen zal komen. Ik hoefde vandaag niet zo erg ver en zit nu in een auberge in Marols, waar een grote slaapzaal is, maar omdat ik alleen ben, kreeg ik ook een kamer alleen. De ontvangst was weer overweldigend. Toen ik aankwam, zat er een groep van zo’n 40 mensen nog te eten, ter gelegenheid van het een of ander. Ik kwam dus gepakt en gezakt binnen en….kreeg van al die mensen dus applaus. Sta je wel even te blozen natuurlijk, maar dat zie je gelukkig niet, omdat ik bruin ben. Vervolgens werd ik meegetroond naar de keuken en kreeg daar het dessert, water en koffie. Dus ik ben weer verwend. Ik zit nu te wachten op Lex en Elly, die straks aan komen, we zullen samen eten.

    Dit is een evenement, dat nog veel en veel mooier is dan ik me heb voorgesteld. Ik zal het mijn hele leven niet meer vergeten!

    Fri
    9
    Jun '06

    Een rustige dag

    dag 63  km 15,74     stappen 22.485 / totaal km 1391,55     totaal stappen 2.000.432

    Vanmorgen moest ik met een enorme sleutel de deur van de priorij openmaken en ook weer achter me dicht doen en de sleutel in een bakje doen, want er was verder niemand. De mensen, die nog zouden komen, zijn niet op komen dagen, dus ik had het rijk alleen. Het was knap warm vandaag en vanmorgen in het bos ben ik aan alle kanten geprikt door de muggen. Ja, dat hoort zo bij het pelgrimsleven. Ik hoefde vandaag maar een klein stukje, dus was al vrij vroeg in Montbrison. Wie nu denkt dat ik er mijn gemak van neem, kan ik zeggen dat ik morgen 31 km zou moeten bij een temperatuur van 31 graden. Het is mij echter gelukt een gîte te reserveren, die een km of 4, 5 voor het einde van de route ligt, omdat ik anders de dag daarna ook weer zo’n kort stuk heb en nu is het wat beter verdeeld. Maar vandaag was het dus geen afzien, alleen maar genieten van het mooie weer in korte broek en T-shirt. Wellicht is het een teleurstelling voor jullie, maar erg filosofisch zijn mijn gedachten tijdens het lopen niet. Ik beperk mij tot het aardse denken: “Waar en wat eet ik? Waar slaap ik?” Onderweg bezichtig ik eens iets dat me interesseert en dan kom je toch wel aardige dingen tegen. Ik was in een kerkje met een crypte uit 1100 en in die kerk was ook een beeld van een kindje, een meisje, helemaal ingebakerd. Ik dacht dat het een beeldje was van een dood kind, maar de mevrouw die daar rondliep, vertelde dat het helemaal geen dood kind voorstelt, maar Maria als baby. In de 17e en 18e eeuw was dit een bedevaartsdoel voor jonge ouders. Die kwamen dan hun kind opdragen aan de baby Maria en om te bidden dat ze hun kind een goede opvoeding zouden geven. In diezelfde kerk was ook een mevrouw die zelf naar Santiago was gelopen, maar haar bagage had laten vervoeren. Je komt hier natuurlijk steeds meer mensen tegen die ook naar Santiago zijn gelopen en dat zal gaandeweg wel steeds meer voorkomen, want de afstand wordt natuurlijk steeds korter.

    Montbrison is een behoorlijke stad en ik zit weer in een hotel, want alle batterijen moeten weer worden opgeladen. Mijn leencamera doet het prima en het is leuk om weer te kunnen filmen. Ik heb vandaag ook even een apotheek bezocht om nieuwe vitamine C tabletten te halen en een zonnebrandcreme voor mijn neus, want dat is geen gezicht meer. Toen ook maar een smeerseltje voor mijn schouder gekocht, omdat die een beetje vastzit en zoals dat hier gaat, ik kwam dus met zakken vol de apotheek weer uit. Daarin is nog niets veranderd in al die jaren. Je krijgt een medicijn, daarbij meteen maar een medicijn tegen eventuele bijwerkingen van dat medicijn, enz., enz.

    Morgen is mijn dieptepunt op  400 meter en mijn hoogtepunt op 1162 meter, dus dat wordt klimmen!      

    Thu
    8
    Jun '06

    Een zonnepet

    dag 62  km 22,62     stappen 32.459 / totaal km 1375,81     totaal stappen 1.977.947

    Vanmorgen eerst mijn dagelijks ritueel gevolgd: naar het dorp, koffiedrinken en naar de bakker. Daarna wandelde ik over een mooie rechte lange weg met aan beide kanten vennetjes, waarin een heleboel reusachtige kikkers zitten. Het is dan ook niet verbazend dat hier in de streek bij elk restaurant kikkerbilletjes op het menu staan. Er zijn er zoveel.

    Enfin, ik loop daar en hoor ineens mannen zingen. Ik kijk om me heen, maar zie niets, dus loop een eindje verder en jawel, daar staan ineens zo’n man of acht luidkeels te zingen. Dat bleek de visclub uit St. Etienne te zijn. Die huurt hier in de buurt een vijver af en gaat daar een keer per maand vissen. Nou ja, vissen? Het waren allemaal vijftigers met enorme buiken, dus al gauw werden er grappen gemaakt over en weer: “Ja, als jij eens zou gaan lopen, zou je zo’n buik niet hebben. Kijk naar deze meneer, die heeft geen buik.” We staan een poosje te praten en dan zegt er één: “Heb je geen zin in een aperitief?” Nou, dat sla je niet af natuurlijk, dus ik wandelde met de heren mee door een stukje bos en toen begreep ik die enorme buiken: aan de rand van de vijver stond iets wat je eigenlijk best een café mag noemen: genoeg te drinken en een barbecue, waarop enorme lappen vlees lagen te sudderen. Dus daar ging ik aan de pastis, dat is weer eens iets heel anders dan een glaasje achterin de tuin ‘s zomers. Na de derde pastis vonden ze het ook logisch dat ik meteen maar bleef eten, maar dat heb ik maar afgeslagen. Ik dacht: “Anders kom ik helemaal niet meer aan vandaag!” Daarop kreeg ik van de heren een zonnepet met het embleem van de Provence erop tegen de zon, want “je moet een pet op in de zon”. Die heb ik in dank aanvaard en daar loop ik nu dus trots mee rond.

    Vervolgens kwam ik door een dorp, waar een mevrouw haar man stond uit te zwaaien die weer naar zijn werk ging en daarna heel gemoedereerd ging staan wachten tot ik eraan kwam. Ze wilde natuurlijk weten of ik onderweg was naar Santiago, want haar beide kinderen hadden het ook gedaan. Maar dat ik nu alleen was en dan ook nog helemaal uit Amsterdam kwam gelopen, dat was toch wel erg ‘courageux’. Ik vind dat nog steeds heel leuk, dat mensen me achterna lopen of duidelijk op me staan te wachten om me een goede reis te wensen. Bijna net zo leuk als al die berichten op de website, waarvan ik nu weet, dat die zelfs in Australië wordt gelezen.

    Ik was veel eerder in Mont Verdun dan ik had gepland, dus meteen maar naar de Mairie voor een slaapplaats. Dat werkt het beste: als je geen slaapplaats hebt, op naar de Mairie en daar is altijd wel iemand die je wil helpen. Dit keer waren het er zelfs twee, twee schattige meisjes die erop stonden dat ik eerst maar eens een poosje ging zitten uitrusten en bijna smekend vroegen of ik iets wilde drinken. “Want”, legden zij uit, “daar hebben we zo’n mooie truc voor” en dat bleek zo’n apparaat te zijn dat je bij ons ook bij veel bedrijven ziet met koud water. Ze gingen me helemaal uitleggen hoe het werkte, want ze waren er duidelijk erg trots op, zo’n superding op de Mairie. Vervolgens wisten ze een gîte voor me, die niet in mijn reisgids stond. Daarvoor moest ik dan wel een zeer steile helling beklimmen, maar de beloning wachtte dan ook boven: een heuse priorij met een grote muur er omheen en in het midden de kerk en de gebouwen daar omheen.

    montverdun  Hierbij een foto van de priorij en als je precies wilt weten waar ik zit, kijk dan even op www.montverdun.com  en dan zul je zien dat dit verblijf een echte pelgrim waardig is. Ik zit nu bijvoorbeeld in de tuin naar een balustrade te kijken die uit de 12e eeuw dateert en alles is schitterend gerestaureerd. Ik slaap op een slaapzaal met 24 bedden, dus ik kan kiezen. Er zullen waarschijnlijk nog een stuk of 5 mensen arriveren vandaag, dus we zullen ook niet om een bed hoeven vechten. Er is ook een keuken bij, dus vanmiddag ben ik weer naar het dorp gegaan om de nodige boodschappen te doen en nu zit ik vredig naar de kerkklok te luisteren. Er zijn geen monniken meer, dus ik hoef morgen niet vroeg uit bed om te bidden.

    Elke dag is weer anders en elke dag zie en beleef je weer andere dingen. Nederland en mijn dagelijks leventje daar lijken steeds verder weg.

    Wed
    7
    Jun '06

    Pommiers

    Dag 61  km 25,9     stappen 37.539 / totaal km 1353,19     totaal stappen 1.945.488

    Vanmorgen heb ik eerst Cees en Didi uitgezwaaid en daarna weer in de benen zoals het hoort. Het was vandaag schitterend mooi weer en ik loop in een prachtige omgeving. Aan alle kanten ontzettend veel bloeiende bloemen langs de kant van de weg en op sommige plaatsen kan ik heel ver kijken en zie ik de heuvels van de Beaujolais. Het is wel klimmen, maar als ik naar het zuiden kijk, zie ik nog veel hogere heuvels en de mensen hier zeggen blij tegen me: “Morgen en overmorgen gaat u heel hoog”, dus dat kan nog wat worden. Nou ja, dat zien we dan wel weer. “Wie dan leeft, wie dan zorgt”, zeg ik pelgrimachtig. Dat zijn zo ongeveer wel al mijn filosofische gedachten op dit moment. Deze route loopt half door de bossen en half over de weg en je kunt merken dat deze route meer is ingesteld op de tocht naar Santiago, want hij gaat ook langs dorpen. Vanmiddag kwam ik in een barretje en de mevrouw daar had alle tijd voor me en wilde ook weten of ik nu wel genoeg eten en drinken bij me had en waar ik vannacht ging slapen. Toen ik zei dat ik dat nog niet wist, ergens in Pommiers, riep ze: “Wacht even”, snelde naar de telefoon en regelde een caravan voor me op de camping. Geweldig leuk, zoals mensen zich voor je uitsloven. Om 4 uur kwam ik in Pommiers aan en dat is echt een prachtig stadje. Van buiten is het een vesting en van binnen een en al antiek, zelfs de paardenstallen zijn er nog. Middenin staat een Romaanse kerk met een abdij er tegenaan en die heb ik uiteraard bezichtigd. In de kerk staat toepasselijk een standbeeld van een pelgrim met zijn staf en waterzak. Het is echt een heel leuk plaatsje en ik was er nog nooit van mijn leven geweest, wist niet eens dat het bestond. Dus ik zei tegen de mevrouw aan de kassa: “Waarom weet ik dit niet? Ik dacht dat ik alles al wist” Dat was lachen natuurlijk en ze vond mijn tocht ‘impressionant’. “Weet u”, zei ze, “Ik zou dat ook wel heel graag willen, maar ik zou toch op het laatste moment gauw neen zeggen.” Er is vandaag ook heel wat sms-verkeer geweest tussen Lex, Elly en mij. ik moest een weekprogramma sturen waar ik ongeveer wanneer zit. Of en waar we elkaar zullen ontmoeten, weet ik niet, maar…..we zien wel.      

    Ik ben nu net een zebra: mijn voeten en benen tot de kuit wit, de rest van mijn benen tot boven de knie bruin, de rest van mijn lijf wit en mijn nek en hoofd bruin. Vanavond ga ik zielig mijn eigen potje koken, want ik heb een keukentje in de caravan. Nou ja, koken……ik ga een blik opwarmen. Zo zie je maar hoe diep ik ook kan vallen: van een prachtig kasteel naar een ouwe caravan. Maar voorlopig zit ik voor die caravan uiterst lui in mijn zwembroek van de zon te genieten. Ik wil jullie natuurlijk niet jaloers maken, maar zo is het wel. Af en toe word ik gestoord door het geluid van een vrachtwagen. Aan het begin van de camping hebben ze namelijk een verkeersdrempel gelegd en hier in Frankrijk betekent dat: flink gas geven als je er overheen gaat, anders verlies je maar snelheid!

    Dit is helemaal het einde: het land, de mensen en het lopen, kortom alles!  

    Tue
    6
    Jun '06

    Steeds meer heiligen

    Dag 60  km 21,92     stappen 31.320 / totaal km 1327,29     totaal stappen 1.907.949

    Nou, met die nieuwe schoenen wordt het niks, want ik moest vanmorgen stampen om er ook maar in te komen. Van boven zijn ze veel te krap en de veters zijn ook te kort. Dus ik heb ze snel weer uitgetrokken en ben op mijn ouwe vertrouwde stappers gaan lopen.

    Het landschap begint al behoorlijk bergachtig te worden met steile hellingen, maar wel erg mooi. Er zijn een heleboel snel stromende riviertjes. Het wordt al echt het Massif Central.

    Onderweg naar Lentigny kwam ik voorbij een huis waar een meneer in de tuin stond te werken, die ook vroeg of ik onderweg naar Santiago ben. Nu ben ik dat zo langzamerhand wel gewend en ook dat de mensen dan zeggen dat ze dat ook graag zouden willen. Zo ook deze meneer, maar, zoals hij spijtig zei: “Toen kreeg ik een hernia en ben geopereerd, dus ja, toen was de droom voorbij”. Ik vertelde hem dus dat ik twee hernia-operaties achter de rug heb en het toch doe en dat het goed gaat, daar kikkerde hij helemaal weer van op. Maar hij vertelde ook dat ik in Lentigny beslist naar het Roemeense kruis moest gaan en vertelde daar het volgende verhaal bij:

    Tijdens de revolutie in 1989 in Roemenië woonden er in het dorp 5 Roemeense studenten. Die moesten na de revolutie terug naar Roemenië. Een van hen heeft toen in Duitsland de benen genomen en is weer teruggegaan naar het dorp. Maar toen was hij dus wel illegaal. Het hele dorp heeft zich vervolgens ingespannen om voor hem een legale status te krijgen. Dat is gelukt en hij is nu chirurg in Clermont-Ferrand. Uit dank heeft hij uit Roemenië een antiek Roemeens kruis laten komen en aan het dorp geschonken. Ik heb er een stukje film van gemaakt. Ik heb trouwens al veel gefilmd met mijn nieuwe camera, leuk dat ik die zomaar te leen kreeg, er zat nog een nieuw bandje bij ook.  

    Ik kom steeds meer heiligen tegen, want nu zit ik in een plaats die St. Jean St Maurice heet. Dat waren vroeger twee dorpen, die nu samen een dorp vormen. Het ligt aan de gorges van de Loire en ik slaap in St. Jean in een hotel. Cees en Didi zijn er ook nog en vanmiddag zijn we even naar St Maurice gegaan, een leuk Middeleeuws stadje met een burcht en zo. En zegge en schrijve 1 barretje, beheerd door een mevrouw, die moederlijk zat te breien. Ze vond het wel gezellig, want ze kletste meteen honderduit, ze kwam niet uitgepraat. Ik heb er ook een stempel gekregen, dus dat is niet gek. Er kwam ook nog een wandelend echtpaar bij, dat wandelt tot Le Puy en zodoende werd het weer erg gezellig. Het weer werkt daaraan mee, want het is hier nu 24 graden. Wel uit te houden toch?

    '

    6 juni 2006

    Inmiddels is het probleem met de website opgelost, dankzij Jan den Otter die onze host is geworden en dankzij Marnix die alles heeft overgezet en ervoor gezorgd heeft dat we weer draaien, en dat ondanks zijn pijnlijke rug. Ik ben erg trots op mijn mannen!!

    Mon
    5
    Jun '06

    Weer bezoek

    Dag 59 1  km 19,07     stappen 28.334 / totaal km 1305,37     totaal stappen 1.876.629

    Vanmorgen zat ik adellijk te ontbijten met een hele serie zelfgemaakte confitures, terwijl intussen de slotvrouwe de eekhoorns voerde. Lieflijk, hè? Er zaten heel veel eekhoorns, maar ze aten niet uit haar hand. De slotheer zat ondertussen ook niet stil, want die stippelde een mooie route voor me uit, waarbij ik de N-7 kon vermijden. Na een hartelijk afscheid, waarbij ik moest beloven ook eens een keer te komen met mijn ‘épouse’ kwam ik weer gewoon aards op mijn voeten terecht en wandelde langs ‘s Heren wegen. Het was inderdaad een erg mooie route langs een paar meertjes. Ik heb aan de kant van de weg in een korenveld gegeten. Er zijn hier heel veel korenbloemen en klaprozen. En er staan overal margrieten, soms heel grote. Het is een mooi gezicht. De heel hoge heuvels komen nu zo langzamerhand ook angstwekkend dichtbij, dus dat wordt weer sjouwen, klimmen en dalen. Ik wilde eigenlijk in St. Haons stoppen, maar ben doorgelopen naar Renaison en daar zaten Cees en Didi al lui op het terras op me te wachten. Toen ik aankwam, zei een meneer: “Nou, nou, u loopt hard, ik zag u net nog onderweg.” We hebben eerst even lekker wat gedronken, toen bekeek Cees de prijzen en besloten we maar meteen twee kamers te huren. Dus nu zit ik hier trots met mijn nieuwe schoenen aan, die ze hebben meegebracht. Ze zijn heel mooi, maar ik ben er nog niet ‘ingegroeid’ merk ik wel, want voorlopig doen ze nog overal pijn. Maar goed dat ik zit. Hoewel dat natuurlijk niet de bedoeling van de schoenen is, daarom ga ik er morgen de hele dag op lopen. Morgenavond zie ik Cees en Didi weer, dan gaan we weer samen eten. Dan kan ik altijd besluiten toch maar verder op mijn ouwe trouwe schoenen verder te gaan. Maar dan weet ik tenminste waar ze nog moeten bijgewerkt en kan Gery dat laten doen. Ze is van plan een weekje vrij te nemen als ik in de buurt van Cahors ben en dan weer naar me toe te komen. Dat lijkt me heerlijk. Dat duurt nog even, eerst naar Le-Puy, het tweede hoogtepunt van mijn reis.

    Gery kon me vandaag niet vertellen wie er gereageerd had, want ze kon niet op de website komen. Sinds de verhuizing valt hij af en toe uit, lastig, maar we hopen dat dit probleem snel over is.  

    Sun
    4
    Jun '06

    Een echt kasteel

    Dag 58  km 27,72     stappen 40.181 / totaal km 27,72     totaal stappen 1.848.295

    Om te beginnen een paar foto’s, dan kunnen jullie mee genieten:

    Inde regen  Hoe sterk is de eenzame wandelaar…

    Heuvel op 1  zwoegend de heuvels op…

    in korte broek 1  maar zo kan het ook

    Je ziet hoe ik ploeter en zwoeg, over boomstammen heen, enkel maar een yoghurtje onderweg. Dus zul je zeggen als je mij languit ziet zitten om te sms-en: “Hij heeft het verdiend.”

    Alle gekheid op een stokje, het was vandaag een prachtige dag, ik heb de hele dag in mijn korte broek gelopen en mijn sandwich opgegeten lekker met mijn blote bast in het zonnetje. Dat doet een mens goed!

    Onderweg was er in een plaats paardenmarkt, dus groot feest in het dorp. Reuze gezellig en daar wandel ik dan met mijn rugzak tussen de mensen. Die kijken allemaal wel naar me natuurlijk, want zo ga je meestal niet ter paardenmarkt.

    En waar ik nou toch weer terechtgekomen ben! Geloof het of niet, maar ik zit hier in een heus kasteel in La Pacaudière, met torentjes en al. Er is dus ook een kasteelheer en kasteelvrouwe, van die adellijke types echt. Geaffecteerd stemmetje, maar heel aardig allebei. Toen de kasteelvrouwe mijn schelp zag, zei ze: “Ik roep mijn man, want die wil dit ook zo graag”. Dus de kasteelheer kwam aangesneld (lopen past niet bij dit soort types) en zo zaten wij gedrieën in het prieel een glaasje bier te drinken en te causeren (want hier pakt men geen pilsje natuurlijk en je zit ook niet zomaar te ouwehoeren). Hoe meer ik vertelde over sportzalen en gîtes waar ik in geslapen heb, hoe enthousiaster hij werd. Zijn echtgenote (want vrouw kan ook niet natuurlijk) was iets minder enthousiast, maar hij troostte haar als volgt: “Ik ben maar 4 maanden onderweg en deze meneer wel 5″. Ja, zo kan je het ook zien. Om het verhaal nog even compleet te maken: ik slaap vannacht in de roze kamer en de kasteelheer brengt mij straks naar het restaurant. Zit ik op stand of niet? Geer informeerde al of ik per koets ging, maar nee, zo gek is het nu ook weer niet, want het is wel verarmde adel, ze hebben geen personeel. Zo zie je maar, je maakt elke dag wel iets mee en al met al was dit een prima dag met dat mooie weer.

     

    Sat
    3
    Jun '06

    Al die belangstelling

    Dag 57  km 17,23     stappen 24.983 / totaal km 1258,58     totaal stappen 1.808.114

    Eerst even dit: ik word gewoon verlegen van alle belangstelling, maar het doet me wel heel erg goed. Geweldig zoals jullie allemaal meeleven. Dat zelfs de Augustinessen in Heemstede een kaars voor me branden, wie had dat ooit gedacht? En van Gery hoor ik dat het probleem met het verzenden van de camera ook is opgelost: Cees en Didi vertrekken morgen en komen hem brengen! Het is geweldig allemaal en heel erg leuk. De pelgrim mag wel uitkijken dat hij niet hoogmoedig wordt, aangezien hoogmoed voor de val komt en ik wil nog graag blijven lopen. Ik vind het nog steeds geweldig en geniet van elke dag, zelfs al regent het. Natuurlijk zijn niet alle dagen even sensationeel, maar als geheel is het voor mij een absolute topper. Ik heb nog geen moment gehad dat ik naar huis wilde, maar wat niet is, kan nog komen natuurlijk.

    Het is vandaag iets minder koud geweest en er was zon. Bovendien heb ik vandaag niet ver gelopen. Dat kwam omdat ik, nadat ik in Le Donjon gegeten had, drie huizen verder een hotelletje zag en men had mij afgeraden naar de gîte d’ étape te gaan omdat die bewoond wordt op dit moment door daklozen. Dus ik dacht: “Wat let me?” en ben naar binnen gestapt. Het hotelletje is wel het minimum van het minimum, er is zelfs geen douche, maar het kost ook bijna niets. Zodoende was ik om half een al uitgewandeld en had vanmiddag tijd om het dorp te bekijken, wat snel gebeurd was, en naar onderdak te zoeken voor de volgende nacht, want morgen moet ik zo’n 30 km lopen. Bij het Bureau de Tourisme trof ik een aardig meisje dat echt overal voor me heeft gevraagd en gezocht, maar er is zelfs geen camping in de buurt. Uiteindelijk heeft ze een chambre d’ hôte voor me gevonden in een manoir. Die schijnt erg mooi te zijn, maar kost me dan ook wel € 50. Zo zie je, ik rol van het ene uiterste in het andere. Maar, zeg ik filosofisch: “Als Jacobus je die weg wijst, heb je maar te gaan, of het nu rijkdom of armoede inhoudt.” Overigens, volgens de mensen hier is het sinds 1965 niet zo koud geweest omstreeks deze tijd, dus het is heus niet enkel zonneschijn, hoor! Volgens Geer was het vorig jaar op IJsland warmer en dat had ze nou niet moeten zeggen!

    Ik loop nu ineens weer in een ander landschap. Gisteren waren er de witte Charolais-koeien, die steeds nieuwsgierig aan kwamen rennen, vandaag zijn het de bruine koeien, zoals ze in de Auvergne hebben. Leuk is dat toch. Het is hier wel weer heuvel op, heuvel af, er is geen stukje echt vlak. Omdat mijn enkel natuurlijk onbeweeglijk in mijn schoen zit, is dat wat lastiger, maar ik pas mijn tempo aan en dan gaat het goed. Het is al fantastisch dat ik zo’n eind gekomen ben zonder noemenswaardige problemen. Ik heb vanmiddag eens even op de kaart zitten kijken en zag dat ik inmiddels toch een fors stuk gelopen heb. Dus: Kom, laat ons voortgaan, pelgrim!      

     

    Fri
    2
    Jun '06

    Weer alleen

    Dag 56  km 23,6     stappen 34.205 / totaal km 1241,35     totaal stappen 1.783.131

    Vanmorgen heb ik de familie van de Stadt uitgezwaaid. Het was erg gezellig, we hebben veel gelachen. Om 9 uur ben ik dus alleen mijn route weer gaan vervolgen. Het eerste stuk heb ik over een geasfalteerd traject van een spoorweg gelopen, dus dat ging makkelijk. Daarom besloot ik na Dompierre, waar ik eigenlijk wilde stoppen, nog maar een stukje door te lopen. Tussen de middag heb ik in een restaurantje langs de weg gegeten en daar hebben ze alle mogelijke moeite gedaan om een overnachting voor me te regelen, maar dat is niet gelukt. Dus besloot ik maar op de bonnefooi verder te gaan en dan maar te zien of ik ergens kon slapen. Je ziet, het ‘loslaten’ gaat steeds makkelijker, het lopen trouwens ook. Maar dat heeft er ook mee te maken dat ik nu de bergen van de Morvan achter me heb gelaten. Om kwart over twaalf ben ik de Loire overgestoken en ben dus nu echt in het zuiden beland. Dat zou je aan het weer niet zeggen, want het is nog steeds erg koud. Wel zonnig, maar er staat een gure wind. Het weerbericht geeft voor maandag iets beter weer op, maar de boeren hier zeggen dat het de eerste 4 weken nog slecht blijft. Ik hoop niet dat ze gelijk krijgen, want een beetje warmer zou niet gek zijn. Ik heb een stuk door het Loiredal gelopen en het laatste stuk door landbouwgebied. Maar straks ga ik weer de bergen in. Ik kom op het ogenblik geen andere wandelaars tegen, omdat die bijna allemaal via andere routes lopen, maar ik ben nu eenmaal zo eigenwijs om deze route te willen gaan. Het enige lastige is wel, dat er heel moeilijk aan slaapplaats te komen is. Om 4 uur was ik in Saligny-sur-Roudon. Overal gevraagd om een slaapplaats, maar helaas… Dus toen ben ik maar weer naar de Mairie getogen, waar een uiterst vriendelijke dame me de sleutel heeft gegeven van de Salle de Réunion, waar ik nu gratis mag overnachten. Dus Jacobus is me nog steeds welgezind. Nog een dag of drie en dan bereik ik de officiële route weer, dan zal het wel makkelijker worden een overnachting te regelen. En als alles goed gaat, hoop ik volgende week woensdag in Le Puy aan te komen, dus wie nog een kaartje wil sturen, het kan nog net.

    Thu
    1
    Jun '06

    Vroeg uit de veren

    Dag 55  km 19,86     stappen 28.789 / totaal km 1217,75     totaal stappen 1.748.926

    Van de koude waren we vanmorgen al om 6 uur wakker en zijn we na een paar yoghurtjes en een beetje jus d’ orange en zonder te kunnen douchen maar snel op stap gegaan. Ja, het leven van een pelgrim is echt niet louter zonneschijn, dat zie je maar weer. We hebben over de gewone weg gelopen en omdat we zo vroeg vertrokken, waren we om half 1 al op onze plaats van bestemming, Bourbon-Lancy. Dus precies op tijd om te eten in het restaurant. Suzanne loopt even naar buiten om te bellen naar René en Ursula, die haar komen halen, om te vragen waar ze zitten. “In Le Creusot” is het antwoord, dus nog tijd genoeg om te eten voordat ze er zijn. Denken we, want nog geen 5 minuten later stappen ze binnen. Ja, met een auto gaat het snel!! Toen hebben we maar gezellig met zijn vieren gegeten en dat doen we vanavond ook. Ik heb weer een stempel erbij, dus dat zit ook goed.

    Morgenochtend vertrekt Suzanne weer naar Nederland en ik vervolg mijn pelgrimstocht. Suzanne heeft veel foto’s genomen, dus die komen dan wel op de website. Wanneer weet ik niet, want ze gaat nu eerst 14 dagen op vakantie, maar dat zien jullie vanzelf wel. O ja, ik heb een sms-je gekregen van iemand uit België, die meldt dat hij op 6 en 7 juni langskomt. Alleen heeft-ie er geen naam bij gezet, dus nu wordt het gissen wie het is. Ik vermoed Lex en Elly, maar zeker weet ik dat dus niet. Enfin, wie het ook is, hij is welkom.  

    Wed
    31
    May '06

    Slapen in de kou

    Dag 54  km 25,07     stappen 36.334 / totaal km 1197,89     totaal stappen 1.720.137

    Toen we vanmorgen opstonden, was het 3 graden boven nul, dus ijs- en ijskoud. Dus een goed ontbijt tegen de koude en om 9 uur op weg. We moesten een poosje zoeken om de goede weg te vinden, maar na een tijdje dachten we hem te hebben. Helaas, 3 kilometer later bleken we toch verkeerd te zijn, dus moesten we dwars door de weilanden, waar Pa Stier, Moe Koe en Kind Kalf ons erg interessant vonden (weer eens een ander soort dan Charolais-koeien) om weer op de juiste route te komen. Na 14 km stijgen (en zowaar ook dalen) arriveerden we in Issy l’Eveque, waar we net op tijd waren voor de lunch van 1 uur tot half drie. Volgens Geer kun je veel sneller een broodje eten, maar wij vonden dat we dat wel eens verdiend hadden. Na de lunch kwamen we 2 dames tegen, die ons honderduit vroegen over onze tocht en wie schetst onze verbazing toen we op weg naar Grury, ons einddoel voor vandaag, ineens een huis zagen dat in het Hollands “Onze vesting” heette. Er kwam een meneer naar buiten en het bleken Hollanders uit Naarden te zijn, vandaar de naam van het huisje. En wat doe je dan als Hollanders onder elkaar? Je gaat aan de koffie! Het was heel gezellig en we zaten op het terras in het zonnetje, zodat we ook weer een beetje konden opwarmen.

    Om half zes waren we in Grury. Grury heeft  1 hotel, alleen was dat dicht. Wat nu? Eerst maar even naar de epicerie om raad te vragen. De eigenares vertelde dat er nog wel een gîte was, maar wel 2 km verderop en dat zagen we niet meer zo zitten natuurlijk. Geen nood, de vrouw liep met ons naar buiten en wees ons het huis van de vrouwelijke burgemeester van het dorp. Bij de tennisbaan was een gebouwtje en als we het haar vroegen, mochten we daar vast wel slapen. Dus op naar ‘Madame le Maire’. Die ontving ons heel vriendelijk en ging meteen aan het telefoneren om de sleutel te vragen. Helaas, geen gehoor. Vervolgens laadde ze ons in de auto om naar de mairie te gaan. Helaas, ook daar was geen sleutel. Toen is ze maar doorgereden naar de tennisbaan. De hal van het gebouwtje was open en dat betekende een wc, een wastafel en een tegelvloer om op te slapen. Dat hebben we maar geaccepteerd en toen moesten we weer snel terug naar de epicerie om boodschappen te doen. Het hele dorp bleek inmiddels op de hoogte te zijn gebracht. We hebben buiten aan de picknicktafel gegeten, maar echt weer om te picknicken was het niet. Het was ijskoud en natuurlijk heb ik net mijn warme trui aan Gery meegegeven. “Toch niet meer nodig”, dacht ik. Om 8 uur hadden we het zo koud, dat we de tent van Suzanne op het grasveld hebben neergezet, zodat we tenminste een beetje ‘binnen’ waren, en alle kleren die we hadden over elkaar aangetrokken. Nu maar gauw gaan slapen, dan lijkt het minder koud.

    '

    31-5-2006: Weer in de lucht

    Na een onderbreking, die iets langer duurde dan verwacht, zijn we weer ‘in de lucht’. Om me heen liggen nu allemaal stukjes papier, waarop ik het een en ander opgeschreven heb om alles toch een beetje bij te kunnen houden.  
    We hebben een paar leuke dagen gehad. Het was wel een eind rijden, zeker als je bedenkt dat Theo dat hele stuk gelopen heeft, niet te geloven gewoon. En onderweg kregen we herhaaldelijk sms-jes in de trant van: Hoe ver zijn jullie? Komen jullie wel vooruit? Halen jullie het nog vandaag?, steeds gevolgd door de locatie waar Theo zich op dat moment bevond. Maar uiteindelijk reden we hem dan toch achterop op de D977bis. Het eerste dat ik zag, was dat hij een ontzettend bruine kop heeft gekregen en het tweede dat mij opviel, was dat hij mank liep. Dat kwam omdat hij last van zijn heup had en dat kwam weer volgens hem omdat de glucomotion op was. We hebben nog in de pharmacie gezocht naar een nieuwe voorraad, omdat ik maar één doos had, maar ja, dat wordt moeilijk als je op dat moment niet de Franse woorden weet voor ‘heup’ of ‘gewrichten’. Ja, nu ik weer thuis ben, schieten ze me weer te binnen.
    En toen was er voor Theo geen ontkomen aan: zaterdag was rustdag. We sliepen in een chambre d’ hôte bij een Engelsman, een schitterend huis van buiten, maar somber van binnen en Mr. Langdon maakte nou ook niet zozeer een gelukkige indruk. En wat de prijs aangaat, hadden we beter een hotelletje kunnen nemen, dus dat weten we weer voor de volgende keer.
    Hoewel we de glorieuze aankomst van Theo in Vezelay gemist hebben, zijn we nog wel naar de basiliek gegaan. Er was net een dienst aan de gang en dan staan voorin de kerk aan de ene kant ‘n stuk of 8 monniken en aan de andere kant nonnen te zingen, aan één stuk door. Indrukwekkend vond ik dat en ik kan me goed voorstellen dat dat een enorme indruk maakt als je bent komen lopen. Niet dat ik nu bekeerd ben tot lopen, ook niet als ik dat zo zie. Dan heb ik iedere keer de neiging om te zeggen: “Theo, ik breng je wel een eindje” en vandaag gaf de Arbodokter me de raad te gaan fietsen. Nou, ik schrok me rot! Maar het is heerlijk te zien hoe geweldig enthousiast Theo nog steeds is.  

    Zondagochtend hebben we Theo en Suzanne afgezet bij het Lac de Settons en Ton en ik zijn weer teruggereden naar onze plichten met een kapotte filmcamera in de auto. Daar ben ik maandag meteen mee naar de winkel teruggegaan, waar ze me vertelden dat ze hem op moesten sturen en dat duurt 4 tot 6 weken. Dus ik heb het hele verhaal verteld en ik ga nu ongegeneerd reclame maken voor BBC in Zaandam, want die hebben alle begrip getoond en gedaan wat ze konden om te helpen. Vooral Peter Ladru, die ervoor gezorgd heeft dat ik vandaag een gloednieuwe leencamera op kon komen halen. Zoveel service vind je niet vaak meer!
    Vandaag heb ik ook de nieuwe schoenen voor Theo opgehaald en nu rest mij dus nog een probleem: Hoe krijg ik schoenen en camera nou bij Theo? Iemand van de lezers zin in een tochtje naar Midden-Frankrijk soms???? De schoenen kan ik wel opsturen, maar dat durf ik niet echt met de camera, dus iemand nog een ander ludiek idee?????
    Marnix woont inmiddels in zijn nieuwe huis, dus dat is deze week nog even helpen met opruimen en dan is het geklaard. Ik ben eerst maar eens met een auto vol troep naar het grofvuil gereden, omdat de hele gang volstond. Op de terugweg kwam Marnix op het idee dat hij nog een kast nodig had, dus die zijn we gaan kopen en tegelijk ook maar een paar tafeltjes en toen was er gelukkig weer iets in elkaar te zetten, met als gevolg dat de gang nu weer net zo vol staat met lege dozen, enz. Dus morgen nog maar een keer gezellig naar de vuilstort. Ach ja, het thuisfront mocht zich eens gaan vervelen!  

    Tue
    30
    May '06

    Klimmen, klimmen, klimmen

    Dag 53  km 23,77     stappen 34.443 / totaal km 1172,82     totaal stappen 1.683.803

    We hebben heel veel gelopen vandaag. Eerst vanmorgen natuurlijk naar de bakker om brood te halen en toen weer terug. Nou, we kregen melk, confiture, boter en koffie, ze moest wel 3 keer lopen. Dus we hebben goed ontbeten en zijn voor het geheel in totaal € 32,60 kwijt. We zijn onderweg niemand tegengekomen, in deze streek lopen veel minder pelgrims en de streek zelf is erg dun bevolkt. Maar dat geeft niet, want we vermaken ons wel, we lachen wat af. Ik heb me als een man gedragen door Suzanne tegen een grote hond op een boerderij, waar we langskwamen, te beschermen. Dat is tegenwicht tegen die spartelende beentjes van een paar dagen geleden. We verbazen ons over het feit dat we alleen maar klimmen, klimmen en nog eens klimmen. Ik bedoel maar, eens moet dat toch ophouden, je kunt toch niet alleen maar klimmen steeds? Je zou toch ook eens moeten afdalen? Nou, mooi niet, we klimmen alleen. Geer zegt dat het de Jacobsladder van St. Jacques is en dat dat erbij hoort. Mooi gezegd, maar zij hoeft niet te klimmen! Maar we zijn weer een stukje verder en zitten nu comfortabel in een hotel in Luzy, dus wie doet je wat?  

    Mon
    29
    May '06

    Hoezo, ‘complet’?

    Dag 52  km 26,04     stappen 37.749 / totaal km 1149,05     totaal stappen 1.649.360

    We hebben vandaag stevig gelopen. Vanmorgen regende het, maar vanmiddag was het droog en hadden we zelfs af en toe zon, dus het was lekker. Wel vermoeiend, Suzanne was bekaf, maar na een poosje rusten is ze alweer helemaal fit. We hebben niemand echt gezien of gesproken, we kwamen alleen een groep wandelende Nederlanders tegen, die zelfs te beroerd waren om gedag te zeggen. Dat is dan wel even een groot verschil met de Fransen hier, die zo belangstellend zijn, maar ja, de wereld bestaat niet alleen maar uit vriendelijke mensen, zullen we maar zeggen.

    In St. Leger sous Beuvray hadden we een adres van iemand die chambres d’ hôte had, dus daar aangebeld. “Non, non”, er was geen enkele mogelijkheid, ze was helemaal ‘complet’. Dus Suzanne wilde zich al omdraaien, maar ik ken de Fransen langer dan vandaag, dus ik bleef doorzeuren, zo van: “O, wat erg, weet u dan een ander adres? Ja, als u vol zit, wordt het natuurlijk moeilijk, maar ja, waar zouden we dan heen moeten?” en meer van dat soort blabla en het einde van het liedje is dat we nu een heel appartement voor onszelf hebben. Er zit geen ontbijt bij, dat is veel te veel werk natuurlijk, maar als ik nu morgenochtend eerst naar de bakker ga, dan wil zij wel koffie zetten en misschien heeft ze ook nog wel een beetje confiture. Ja, zo gaat dat dan op z’n Frans. Heerlijk toch? Aan de overkant is een restaurant waar we hebben gegeten, maar we konden na het eten het restaurant niet uit, zo’n wolkbreuk was er. Het wil nog niet echt zomeren, maar ik hoor van Geer dat het in Nederland ook slecht weer is, dus dat troost weer een beetje.

    Sun
    28
    May '06

    Vuurdoop voor Suzanne

    Dag 51  km 23,5     stappen 34.000 / totaal km 1123,91     totaal stappen 1.611.611

    Gisteren was het rustdag geblazen, hebben we de basiliek in Vezelay met zijn drieën bekeken en ‘s avonds lekker gegeten in een Logis de France op de weg naar Clamecy.

    Vanmorgen hebben Ton en Gery ons naar Le Settons gebracht, daar hebben we nog een kop koffie met zijn allen gedronken en vervolgens zijn Ton en Gery richting Nederland vertrokken en Suzanne en ik richting Anost. Nou, Suzanne heeft vandaag meteen wel de vuurdoop gehad. Het heeft werkelijk de hele dag geregend en we hebben constant met de poncho moeten lopen. Ik wilde elegant over een boomstam klimmen, maar helaas viel ik er overheen en zag Suzanne alleen nog 2 benen spartelen. Dat was lachen natuurlijk (nou ja, vooral voor Suzanne). Er zaten drie grote heuvels in de route, dus het was steeds fors klimmen geblazen en het pad was af en toe gewoon onbegaanbaar. We zijn door het bos geploeterd door grote plassen en kolkende rivieren, die eigenlijk lieflijke beekjes horen te zijn. En wat ook erg was, was dat we voor de lunch alleen maar chocoladekaakjes hadden. Kortom, het was afzien. Het enige levende wezen dat we onderweg zijn tegengekomen is een ree op nog geen 5 meter afstand, die in het prikkeldraad vastzat en zich op het laatste moment nog net kon losrukken. Maar…we zijn er gekomen en zitten nu in Anost in een gîte van een tot hotel omgebouwde boerderij en we zijn weer schoongespoeld. De poncho’s hebben we met warm water onder de douche schoongemaakt, er kwam pure bagger af. Aan de overkant hier is een restaurant en daar hebben we weer lekker gegeten, dus alle leed is weer geleden. Tijdens het eten hebben we gepraat met 3 Duitse vrouwen, die ook naar Santiago gaan, maar dat waren wel erg zweverige types en dat is toch niets voor mij, merk ik. Ik loop hier gewoon voor de lol, zelfs als het de hele dag regent, en zweven was er echt niet bij vandaag!      

    Fri
    26
    May '06

    Bezoek

    Dag 49  km 18,93     stappen 27.439 / totaal km 1100,41     totaal stappen 1.577.611

    Vanmorgen aan het ontbijt kreeg ik van Jacques koude koffie te drinken met een sigaar erbij. Dat is een slechte combinatie, dus eenmaal aan de wandel ben ik eerst maar ergens een ontbijt gaan scoren met warme koffie. Onderweg naar Lormes kwam Jacques me weer met zijn vriendin achterop gereden, ze moesten toch naar het postkantoor en ik kon toch meerijden? Ach ja, de mensen bedoelen het allemaal zo goed, dan valt het niet mee om nee te zeggen. In afwachting van Gery, Ton en Suzanne heb ik hen steeds gemeld waar ik liep, eerst de D17, maar toen waren ze er nog steeds niet (je zou toch zeggen, met een auto ben je er zo), dus toen ben ik maar doorgelopen over de D977bis in de richting van Ouroux. En jawel, daar reden ze mij achterop en zo zat ik wederom comfortabel in een auto. Voor degenen die nu denken dat ik weer kilometers smokkel (er zijn altijd mensen die argwanend zijn natuurlijk) kan ik mededelen dat ik weliswaar comfortabel in die auto zat, maar dat die auto wel reed waar ik al gelopen had, namelijk terug naar Vezelay! Daar hebben we kamers gehuurd, dus morgen wordt het alweer een vrije dag. Het schiet niet op zo. Maar aan de andere kant is het wel heerlijk dat ze er zijn natuurlijk!

    Thu
    25
    May '06

    St. Jacques in Lormes

    Dag 48 1  km 14,69     stappen 21.291 / totaal km 1081,48     totaal stappen 1.550.172

    Er overkomt me toch ook iedere dag weer iets anders. Ik vertrok vanmorgen uit Avallon en het is slecht weer. Maar goed, ook dat hoort erbij. Dan kom ik op een kruispunt en daar staat een fietser. Die vraagt: “Als u die kant opgaat en u komt iemand tegen, wilt u dan zeggen dat ik hier sta te wachten?” Natuurlijk wil ik dat. Een eindje verder zie ik een man wandelen, dus ik vraag hem: “Heeft u een afspraak met iemand op het kruispunt?” “Nee, ik loop hier gewoon te wandelen”. Om het gesprek op gang te houden, vraag ik: “Weet u toevallig of er in het volgende dorp een overnachtingsmogelijkheid voor me is?” “Nou, ik weet het niet zeker, maar ik geloof niet dat er een mogelijkheid is. Maar je kunt wel bij mij komen slapen”. Nou, graag doe ik dat, want zulk lekker weer is het ook niet om te wandelen en dan weet ik tenminste zeker dat ik vannacht kan slapen. Dus we lopen samen terug naar zijn huis en hij vraagt: “Wat ben je aan het doen en waar ga je eigenlijk naar toe?” Ik vertel hem dat ik naar St. Jacques de Compostela onderweg ben en dan zegt hij: “Nou, ik ben Jacques!” En hij heet ook echt zo.

    Hij heeft me in zijn huis geïnstalleerd, ik mag overal aankomen en in kijken en vervolgens is hij weer vertrokken om zijn wandeling voort te zetten. Hij is de voorzitter van Amnesty in de regio en gepensioneerd hoofdonderwijzer en woont alleen sinds 10 jaar geleden zijn vrouw is overleden. Dus jullie zien dat Jacques zich hoogstpersoonlijk over mij ontfermt! Morgen hoef ik geen slaapplaats te zoeken, want Ton, Suzanne en Gery hebben kamers gehuurd bij een Engelsman, dus dan zien wij elkaar bij Mr. Langford.

    Wed
    24
    May '06

    Per taxi kan het ook

    Dag 47  Dit telt niet!!

    Daar ben ik weer op de cyber-autoroute. Ik heb net alle commentaren weer eens doorgelezen en het is ongelooflijk hoe zo’n eenvoudige wandeling gevolgd wordt door jullie. Want het is toch echt niet meer dan het ene been steeds weer voor het andere zetten. Zoals Bep steeds zegt: “Alles stapje voor stapje”. En dat is het dus.  
    Het meest fascinerende vind ik steeds die onverwachte ontmoetingen. Komen die nu in het dagelijkse leven ook zoveel voor of hebben we er dan geen aandacht voor of geen tijd om daar aandacht aan te besteden?  

    Dankzij de Belgische engelen die me gestuurd zijn, is mijn buik weer zowat beter en met de (Belgische) Paul heb ik gisteren onze gebruikte calorieeën weer aangevuld. Dat is een hoogst noodzakelijke bezigheid waarvoor hij van zijn diëtiste een heus formulier had met wat te eten op een dag tijdens de wandeling. En ik garandeer jullie dat ik echt nog lang niet genoeg eet als je dat leest. We gebruiken gemiddeld 1500 calorieën over 20 km per dag plus natuurlijk wat je normaal al verbruikt. Als je dat alles bij elkaar telt, kunnen we zoveel eten als we willen. Nooit genoeg dus.  

    Gisteren was de aankomst in Vezelay voor mij een geweldige gebeurtenis. Je stijgt over een heel steile weg naar de basiliek en net als je denkt: “Dit trek ik niet meer”, zie je de muren van de kerk en ben je bijna boven. Echt een aanrader voor wie het aandurft.  

    Overigens: Judith moet er maar eens over denken om dit te gaan doen met Leo. Als je het handig indeelt, hoef je niet eens met een al te zware rugzak te lopen, dus heb je een probleem minder.  

    Leuk werk trouwens, al die post ophalen. Er stond daar een grote bak met allemaal post voor pelgrims. Wel even formaliteiten doen natuurlijk, want zonder veel papieren gaat hier niets. Maar ja, dat geeft wel ‘jus’ aan het leven.

    Vanmorgen heb ik een taxi genomen van Vezelay naar Avallon om naar de schoenmaker te gaan in het Centre Commercial. Nou niet allemaal gaan zeggen dat dat niet kan, want ik smokkel echt geen kilometer, hoor. Maar de zolen van mijn schoenen zijn los en de schoenmaker had natuurlijk eerst geen tijd, maar ik ken Frankrijk zo’n beetje, dus heb ik geprezen en geprezen en nog eens geprezen en verteld waarom ik ze nodig had en nu gaat hij zijn best doen de schoenen vanavond klaar te hebben.  

    Ik heb een luxe kamer genomen in een hotel en morgen zie ik wel weer verder. Pelgrim Theo leert ‘los te laten’ en dat lukt steeds beter. Maar ja, zorgeloosheid is ook niet goed altijd. Wat kan het leven toch ingewikkeld zijn…..  

    Nou allemaal, het is bijna 12 uur, dus tijd voor een restaurant: je moet toch wat op zo’n gedwongen rustdag……..niet?  
    Groeten  aan iedereen en ULTREIA

    Een PS-je van het thuisfront: Maandag ben ik weer terug met nieuwe berichten. Mocht de website ineens wegvallen, dan ligt het niet aan jullie, maar onze provider gaat dit weekend verhuizen en dan zal de stekker er toch even uit moeten. Geen nood, we komen weer terug! Groeten van Gery.

    Tue
    23
    May '06

    Ik sla mijn ogen op en zie….

    Dag 46 1  km 17,31     stappen 25.098 / totaal km 1066,79     totaal stappen 1.528.881

    Is het niet fantastisch? Ik ben in Vezelay! Wat ik ooit gezegd heb: “Dat wil ik ooit ook: lopend in Vezelay aankomen en van ver de basiliek al op de heuvel zien staan”, is vandaag gebeurd!!.  
    Arlette en Etienne was ik vanmorgen uit het oog verloren, die liepen ver voor me uit. Toen ik omstreeks de middag in een of ander gehucht kwam met maar twee, drie huizen, zag ik ineens voor de deur van een van die twee huizen twee rugzakken staan. De deur stond open en toen ik voorbij wilde lopen, zag ik Etienne en Arlette binnenzitten, die zeiden: “Kom erbij!” En zo zaten we plotseling bij mensen in huis, die ons voorzagen van water, brood en kaas. We hebben er uitgebreid zitten praten, ze hadden een gastenboek waar iedereen  iets in schreef die langs en dus ook binnenkwam. Er stonden echt mensen in van over de hele wereld. Wij moesten er uiteraard ook iets in schrijven. We zaten een poosje gezellig te praten, toen er na een minuut of twintig een meneer aankwam die vroeg of dit de familie Benoit was. Hij zei dat hij hen kende, want de zwager van zijn zus was er ook geweest. Uiteraard werd dat opgezocht in het gastenboek en jawel, de betreffende persoon vonden we terug. Zo zaten we daar dan met zijn vieren en toen we weggingen, liep het echtpaar een paar honderd meter mee om ons de plek te wijzen vanwaar je de basiliek van Vezelay kon zien liggen. En steeds als je een eindje verder liep, zag je de basiliek liggen. Ik vond dat heel erg indrukwekkend en precies zoals ik me dat had voorgesteld. We gingen omhoog aan de achterkant van de basiliek over de oude pelgrimsweg. Het was een sensationeel gevoel daar naar boven te sjouwen  (want het was geen makkelijke weg) en dan te denken aan miljoenen voetstappen, die hier sinds 800 of daaromtrent zijn gezet van al die mensen. Te weten dat al die mensen letterlijk en figuurlijk ieder met hun rugzak hier hebben gelopen, ieder met zijn eigen sores en zijn eigen pakje in het leven. De dag van vandaag was letterlijk en figuurlijk een hoogtepunt en heel bijzonder.

    Het was mooi zonnig weer; in de basiliek werd ik heel hartelijk ontvangen en kreeg ik mijn stempel. In deze schitterende basiliek heb ik vervolgens mijn kaarsjes gebrand en ben afgedaald naar de crypte, waar juist een dienst gehouden werd. Kortom, alles werkte mee om van deze dag  een dag met een gouden rand te maken. En ik moest denken aan wat de vrouw bij de fysiotherapeut zei: “Als St. Jacob wil dat u pelgrim wordt, dan wordt u ook pelgrim, hoor!” En nu stond ik hier dan toch.

    Toen  ben ik naar het postkantoor gelopen, waar een stapel post op me lag te wachten! Geweldig was dat ook, ik werd er emotioneel van. Fantastisch bedankt Ton en Nora, alle collega’s van het Kunstcentrum Zaanstad, Arij en Ellen, Rina en Andries, Jan en Olga, Leen en Ineke, Bep! Het heeft me geweldig veel goed gedaan!
    Nu zit ik samen met Paul uit Overijsse (bij Brussel) in de lange straat die naar de basiliek toeloopt in een huis van de zusters. We slapen op een zaal met 4 bedden, waar wij samen dus het rijk alleen hebben. In de zaal naast ons slaapt een groepje Japanners met een gids, die Engels spreekt. Die gids vroeg me wat we aan het doen waren en waarom. Dus ik vertel het en de gids vertaalt dit voor zijn groep. Begonnen die Japanners voor ons te buigen!
    Straks gaan Paul en ik uit eten, want we hebben zojuist besproken dat we gaan bezuinigen, want het kost al met al behoorlijk wat. We gaan dus bezuinigen, maar ja, je moet toch goed eten, anders kom je nergens. En we slapen nu al goedkoop, dus kunnen we wat we daarop besparen toch heel goed in de pot voor het eten doen?
    Ik heb een fantastische dag gehad!

    Mon
    22
    May '06

    Belgische pillen

    Dag 45  km 14,69     stappen 21.293 / totaal km 1049,48     totaal stappen 1.503.783

    Kijk, Jacobus heeft overal zijn discipelen zitten. Gisteravond heb ik bij het Belgisch echtpaar, Etienne en Arlette, gegeten en toen ik opmerkte dat ik buikpijn had, kreeg ik van hen een kuurtje voor 5 dagen, dat ze bij zich hadden. En… dat helpt. Zo zie je maar weer, een pelgrim heeft geen dokter nodig, pelgrims helpen elkaar. Arlette vroeg of ik priester was, omdat degene die hen had uitgezwaaid, bevriend was met een priester, die ook ging lopen en die priester bleek Hans te zijn, die ik een paar dagen geleden heb ontmoet.

    We hebben een stuk met zijn drieën gelopen en tussen de middag met elkaar gegeten voor € 11,50 de man inclusief wijn. Vanmiddag is het hevig gaan waaien en toen we op de camping aankwamen in St. Moré stond er een stevige storm. Ik kreeg op de camping weliswaar een idyllisch plekje, vlak bij de beek, maar dat heeft ook zijn nadelen. Door de hevige wind woei mijn grondzeil iedere keer zowat de beek in. Het kostte heel wat moeite mijn tentje overeind te krijgen. Toen hij eenmaal stond en ik languit lag, hoorde ik ineens een hevige knal en was er op nog geen 5 meter afstand van mijn tentje een hele grote tak naar beneden gekomen. Kortom, een zware storm. Toen Arlette erachter kwam, dat je ook caravans kon huren, was het snel besloten en nu zitten we gedrieën confortabel in een caravan.

    Morgen hoop ik in Vezelay aan te komen, dan is de eerste mijlpaal bereikt.  

    Sun
    21
    May '06

    Gelukkig weer aan de wandel

    Dag 44  20 mei: rustdag 21 mei: km 30,8     stappen 44.643 / totaal km 1034,79     totaal stappen 1.482.490

    Ziezo, de rustdag is weer voorbij en eigenlijk vind ik zo’n rustdag niks. Auxerre is een prachtige stad en er is veel te zien, daar niet van, maar eigenlijk loop ik liever. Je schiet niet op op zo’n dag. Bovendien krijg ik mijn film niet meer uit de camera en hier weten ze niet wat het is, dus kan ik niet filmen en dat is heel erg jammer. Daar zal dus een oplossing voor moeten gezocht, desnoods moet Geer hem maar meenemen en thuis laten maken.

    Toen ik vanmorgen wegging, was ik bij het ontbijt met de receptioniste van het hotel aan het praten over wat ik aan het doen was en zo. Er zat nog een echtpaar, die deden natuurlijk beleefd of ze niet meeluisterden, maar toen ik wegging,  vroegen ze of ik in Santiago een kaarsje voor hen wilde branden, voor de ‘onbekenden van Auxerre’. Leuk toch?

    Verder ging ik vandaag weg met regen, maar het werd onderweg steeds zonniger en het werd mooi weer, alleen de wind was koud. Een Frans echtpaar, dat op een zondagmiddagwandeling was, heeft voor de gezelligheid een aantal kilometers met me mee gelopen, dus dat was erg gezellig, En nu staat mijn tentje weer stevig en vast op de camping in Accolay. Op de hele camping is verder alleen nog een Belgisch echtpaar aanwezig, verder is alles leeg, dus ze struikelen niet over mijn scheerlijnen. Ik heb in het dorp nog geen restaurant gezien, maar het echtpaar heeft al gezegd dat zij nog wel een stuk kip voor me hebben als ik niets kan vinden en ik heb nog een aantal Marsen, dus ik zal niet van de honger omkomen.

    Ik heb al een paar dagen een branderige pijn in mijn onderbuik, dacht eerst dat het schraal was, maar er is niets te zien, dus ik weet niet wat het is. Ik voel me verder kiplekker, maar ‘dokter’ Geer is van mening dat ik naar de dokter moet, omdat het wel een blaasontsteking zou kunnen zijn. Nou, ik zal wel kijken morgen of er een dokter in dit dorp is en anders doe ik dat wel in Vezelay, als het tenminste dan nog niet over is. Ja, dat krijg je ervan als je hebt beloofd alles eerlijk te zeggen, word je meteen naar de medische sector gestuurd. Maar ach, een pelgrim mag ook wel eens klagen. En ik heb het zo goed naar mijn zin, dat ik er niet aan denken moet door iets stoms af te moeten haken, dus misschien, ik herhaal misschien, volg ik haar wijze raad wel op.

    Sat
    20
    May '06

    Het thuisfront meldt zich

    Ja, ik weet het, ik kreeg moppers omdat er niet elke avond stipt op tijd iets nieuws op de website stond, maar ik kan er niets aan doen. Soms werd het nachtwerk en dan lagen jullie allang op één oor (op twee ligt zo lastig). Maar enfin, het grootste werk ligt nu achter ons, wat rest is de ‘finishing touch’. Want een werk was het en zonder de onschatbare hulp van Ton, Suzanne en René zou het allemaal niet zijn gelukt. Maar nu krijgt Marnix dan toch een leuk en gezellig appartement. Wat te denken van een lyrische beschrijving als: een woonkamer, waarvan de muren juni zijn, de keuken opgewekt, de slaapkamer in een combinatie van warm terra met paraffine en het toilet in jeansblauw? Voor wie nu denkt dat het me in het hoofd is geslagen: zo heten de kleuren die we in 3 lagen op de muren hebben geschilderd. Om toch ook eenvoudig te blijven, is de badkamer in wit en rood gehouden. In het linoleum dat er ligt, kun je je nu spiegelen en alles blinkt van de properheid, wat ik van mijn huis hier helaas niet kan zeggen. Marnix en ik zijn samen wezen winkelen en dat is dan voor moeder een klein voordeeltje van zijn rugpijn, want dit is in de laatste 30 jaar niet meer voorgekomen. En dan zo eensgezind! Wij gingen op naar Ikea met zijn tweeën en waren het er na afloop over eens dat het een rotzaak is, maar goedkoop en daar gaat het maar om. We zijn begonnen met de aanschaf van een afzuigkap en die waren allemaal van roestvrij staal en € 800 of daarboven. Toen vielen wij allebei op een zwarte, die bovendien ‘maar’ € 340 kostte. “Ja”, zei de verkoper neerbuigend, “deze verkopen we niet meer, want niemand koopt dat, iedereen wil roestvrij staal”. Waarop we de man duidelijk hebben gemaakt dat wij niet iedereen waren en dat hij daar toch hing, dus dat we die wilden hebben. Hij was zo goed niet of hij toog naar het magazijn om te zien of er ergens in een verloren hoekje nog één stond. En ja, zowaar, en bovendien kregen we hem toen voor € 110. Moe den Otter zou erg tevreden over ons geweest zijn.

    We hebben trouwens ook erg veel gelachen tijdens de werkzaamheden. In het trappenhuis stond een heleboel rotzooi van de vorige bewoner. Dus ik aan ‘t mopperen, dat dat geen stijl was en dat ze dat nog maar eens even weg moesten halen. Hoor ik ineens Suzanne, die tussen die troep stond te kijken, mompelen: “Volgens mij is dit een complete kast”, waarop we de hele handel naar binnen hebben gesleept en er dus inderdaad een geheel gedemonteerde, maar complete TV kast bij bleek te zitten. Die is weer netjes in elkaar gezet door René en Ursula, gelakt door Andries en dat is dus een gratis kast. Zegt Marnix ineens: “Ja, maar misschien staat die te wachten tot ze hem nog op komen halen. Hebben jullie die niet gewoon gepikt eigenlijk?” Nou, gepikt of niet, hij staat er en een knapperd die hem weer wegkrijgt. Niet alles ging over rozen, want het bleek dat wij bij Ikea een halve linnenkast hadden aangeschaft. Er waren 2 dozen, maar ja, wij hadden er maar één. Dus wij zaterdag weer naar Ikea om de andere doos en ik weet niet of jullie dat weten, maar dat moet je dus nooit op zaterdag doen!! Enfin, het is gelukt en je kunt ook wel lachen, want hebben jullie wel eens geprobeerd een driezitsbank mee te nemen in een Citroen C3? Dat zagen wij gebeuren: een halve zit kon in het autootje en de overige tweeëneenhalve zit staken dus hoog de lucht in. Goed, Suzanne en ik hebben bij terugkeer de kast in elkaar gezet en konden vol trots constateren dat wij slimmer zijn dan Youp van ‘t Hek, want wij hielden geen plankjes over.

    Marnix kan nu wel beter lopen, maar zitten is nog hopeloos, dus daar valt nog wel wat aan op te knappen door de heren doktoren. Verder ga ik donderdag naar Vezelay om Theo te zien, die moet dan dus weer een rustdag nemen en dat bevalt hem niet erg, merk ik. Voor die tijd moet de auto nog wel even schoon, want zo kan ik de chef niet onder ogen komen natuurlijk. Ik zal blij zijn hem weer eens even te zien en bij te kunnen praten. Het gevolg zal wel zijn, dat jullie dus een paar dagen niets op de website zien verschijnen, maar alla, de meesten van jullie zijn toch op vakantie!    

     

    Fri
    19
    May '06

    Duizend kilometer!

    Dag 42  km 25,77     stappen 37.359 / totaal km 1003,99     totaal stappen 1.437.847

    En ziedaar, Pelgrim Theo heeft 1000 kilometer onder zijn aangepaste schoenen weggelopen (als Geer tenminste niet weer fouten heeft gemaakt). Toch wel een prestatie, zeg ik bescheiden. Om dat te vieren, zit ik nu riant in een hotel in Auxerre en heb ik morgen een rustdag genomen.

    Gisteren heb ik met Hans lekker mosselen gegeten en gezellig zitten praten. We waren het er beiden over eens, dat het verhaal van Jacobus en het doel eigenlijk niet belangrijk zijn, maar dat het vooral gaat om de weg erheen. Ik kwam vandaag in Auxerre aan, vergezeld door 2 fietsers, die voor mij afstapten om nu eens van alles en nog wat van me te horen. Toen ik vertelde dat ik morgen een rustdag neem om Auxerre te bekijken, kreeg ik meteen van alles en nog wat te horen over bezienswaardigheden waar ik beslist heen moet gaan.

    Nog iets leuks: Ik stapte in Auxerre een boekhandel binnen om te kijken of ze een gids hadden van de Grande Randonnee 13: Traversée de Morvan. Die hadden ze niet, maar de verkoopsters in de winkel waren wel vol belangstelling voor mijn reilen en zeilen. Ze zeiden dat ik absoluut naar de abdij moest gaan. Ik vroeg waar die ergens was. Toen zei een van de verkoopsters: “Wacht even, ik trek even mijn schoenen aan en dan lopen we er naar toe. Hij is nu wel dicht, maar dan weet je de weg”. En zo liepen wij gezellig keuvelend door Auxerre. Het blijft geweldig leuk dat mensen zo spontaan reageren en zoveel belangstelling hebben.

    Omdat ik bij de start een stempel van de Gereformeerde (pardon: Protestantse) kerk van Zaandam heb gehaald, leek het mij wel aardig om in Auxerre ook een stempel van de Eglise Réformée te halen. Ik ben er toch zondag, dus ik dacht naar de dienst te gaan en dan komt het wel in orde. Toen ik ging kijken hoe laat de dienst begon, vond ik een laconiek briefje: morgen geen dienst in verband met een gezamenlijke picknick! Dus dat gaat niet door, dan maar een stempel bij de abdij zien te bemachtigen.

    Ik ging bij  het Bureau de Tourisme informeren waar ik kon slapen en ook daar moest meteen uitgebreid gepraat worden natuurlijk. Opeens zei het meisje achter de balie: “U bent toch Hollander? Dan kent u Nederlands. Kom eens even mee”. Het bleek dat ze een pamflet hadden hangen in 4 talen, waaronder Nederlands en dat ze er niet zeker van was of het wel goed was. Of ik maar zo vriendelijk wilde zijn het even door te lezen. Dat heb ik natuurlijk gedaan en toen ik alleen maar de opmerking had dat “Een wandeling doorheen Auxerre” niet fout was,  maar dat wij gewoon zeggen: “Een wandeling door Auxerre” was dat een hele opluchting, want het viel dus mee met de fouten. Pelgrim Theo heeft dus zowaar vandaag ook nog een goede daad verricht. Waar moet dat heen?      

     

    Thu
    18
    May '06

    Routinedag

    Dag 41 1  km 22,31     stappen 32.339 / totaal km 978,22     totaal stappen 1.400.488

    Het was vandaag wat je noemt een routinedag. Ik heb over departementale wegen gelopen en gedurende
    2 1/2 uur zoveel buien gehad, dat ik voortdurend met mijn poncho heb gelopen. Nu schijnt de zon, maar het is erg koud. Arij, bedankt voor je oplettendheid. Je ziet, die vrouwen zijn niet te vertrouwen, ze boren je zo 10 kilometer door je neus. Ik heb onmiddellijk opdracht gegeven dit te corrigeren natuurlijk. En Wim zal ik even uitleg over de route geven, die ik volg: Ik loop via Auxerre a) omdat Auxerre een mooie oude stad is, waar ik graag mijn rustdag door wil brengen en b) omdat Gery anders zo ver moet rijden als ze me met Hemelvaartdag op komt zoeken en omdat ze een kamer besproken hebben in de omgeving van Vezelay. Jan, ik snap dat je het jammer vindt dat ik niet over Limoges ga en ik had graag een nachtje bij je willen slapen, maar ik heb me al jaren geleden in mijn hoofd gezet dat ik via Le Puy wilde gaan. Waarom weet ik ook niet, maar ja, het is zo. En een ware pelgrim kan natuurlijk niet afdwalen, dat snap je.

    Ik heb vandaag alleen gelopen, maar toen ik in Chablis kwam, zaten mijn medepelgrims Hans en Jan bij het begin van het dorp op me te wachten. We hebben gedrieën nu onderdak gevonden in een oud parochiehuis, wat zeg ik, een oeroud parochiehuis. En niet alleen oud, maar ook erg verwaarloosd. Ik slaap vannacht in een bed dat volgens mij nog uit de Eerste Wereldoorlog stamt. Het is veel te kort, zelfs voor mij en onder het bed bevindt zich nog een plankje, waarop je de po kunt zetten. Maar nou ja, voor € 15 kun je ook niet te veel eisen stellen natuurlijk. Er staat een bakje op de kast en of je daar maar wat geld in wilt stoppen ten behoeve van de parochie. Dus maar eens kijken of we na het eten en een eenvoudige Chablis (je bent tenslotte in Chablis of niet) nog wat aalmoezen over hebben.

    Wed
    17
    May '06

    Tonnerre

    Dag 40  km 29,29     stappen 42.459 / totaal km 955,91     totaal stappen 1.368.149

    Ja, wie liep daar nu vanochtend naast me, behalve Guy? Zou dat een kater kunnen zijn? Het was moeilijk in de benen komen tenminste, dus eerst maar een stevig ontbijt. We vertrokken wat laat, zodat we hard hebben moeten lopen om Tonnerre te halen. Ja, dat heb je ervan. En Gery had ook al geen medelijden, die sms-te hardvochtig: ” ‘s Avonds een vent, ‘s morgens een vent!”
    Het was de hele dag droog, maar erg benauwd. Het is erg leuk, dat hier zoveel belangstelling is voor Santiagogangers. We zaten onderweg bij een lavatoire onze laatste koekjes te eten, toen er een mevrouw met kinderen voorbijkwam, die meteen zei: “Ultreia! Als je wat nodig hebt, kom je maar langs. Het is daar waar die auto staat.”

    Ook de ontmoetingen met andere pelgrims zijn heel boeiend. Je merkt dan dat iedereen zo zijn eigen verhaal heeft waarom hij aan deze tocht is begonnen, zijn eigen zorgen en problemen, zijn eigen doelstellingen. Guy en ik hebben vandaag weer samen gelopen en hebben nu de laatste 2 kamers in het hotel in Tonnerre. Morgen gaat hij rechtstreeks naar Vezelay en de andere Hollander ook, alleen ik loop via Auxerre. Dus dan ben ik mijn kennissen weer kwijt. Zo gaat dat dan ook weer. De meesten gaan trouwens over Limoges en niet over Le Puy. Er is nog een Hollander die wel naar Le Puy loopt,  maar die kent daar een verblijf voor terminale patienten, dat hij heeft gesponsord. Dat geld gaat hij nu brengen en blijft er dan meteen een maand werken. Pas daarna loopt hij door naar Santiago.

    Mijn planning is als volgt: morgen naar Chablis, de dag daarna naar Auxerre, daar een dag rust en daarna naar Vezelay. Als ik daar ‘te vroeg’ ben, loop ik misschien nog wel een stukje verder, dan moet Gery maar iets verder rijden, maar zoveel is dat nu ook weer niet. Ik zal wel zien, ik kan het deze volgende dagen in ieder geval op mijn gemak doen. Al jullie commentaren vind ik nog steeds geweldig, ze worden heel erg gewaardeerd. Ik heb veel plezier gehad om de uitleg van Jinze over de fluitende vogeltjes, heel goed uitgelegd en dan tot slot het laatste zinnetje. Het is echt heel leuk om te horen hoe mensen meeleven en, naar ik hoop, ook meegenieten, want het is en blijft een fantastische ervaring.

    Tue
    16
    May '06

    Whisky en wijn

    Dag 39  km 26,26     stappen 38.203  / totaal km 926,62     totaal stappen 1.325.690

    Ik spreek nu Frans, Engels en Nederlands door elkaar heen, want na het drinken van whisky en wijn kun je alles. Guy (de Belg) en ik hebben vandaag samen gelopen tot aan Bragelogne, dus dat was erg gezellig. In Bragelogne zijn we in een gîte beland en zitten daar nu inmiddels met zijn drieën: een andere Nederlander, Jan, Guy en ik. En weet je wat nu zo raar is? We moesten natuurlijk even boodschappen doen om vanavond te kunnen eten en de bar gaat hier om 4 uur open, maar de winkels om 5 uur. Dus wat moet je dan? Eerst maar naar de bar natuurlijk. Daar namen we een whisky. Nu houd ik helemaal niet van whisky, maar ik heb ontdekt dat dat overgaat als je er maar genoeg neemt. We hebben daar een heel gesprek gehad met een pastoor, die ruim 40 jaar in de Kongo is geweest. Ik kan niet goed uitleggen hoe leuk dat is, zulke ontmoetingen, maar er gaat een andere wereld voor je open. Of kwam dat al door de fles? Enfin, we hebben macaroni gemaakt en daar hoort natuurlijk een fles wijn bij en nu hebben wij het heel, heel erg naar ons zin. We nemen de grootste besluiten, zoals: “Niet verder kijken dan naar de dag van morgen.” Je ziet welk een wijsheden ik al vergaard heb. Er was geen bereik van mijn mobiel, dus toen moesten we met zijn drieën naar de brug wandelen om Geer te bellen en ook dat vonden wij heel erg leuk. Kortom, eigenlijk vinden wij alles leuk. Geer vertelde dat ze bezig was in het huis van Marnix en dat vonden wij ook ontzettend leuk. Dat kan morgen nog wat worden, want we moeten dan namelijk heeeel ver lopen!!    

    Mon
    15
    May '06

    Sandwich

    Dag 38  km 22,68     stappen 32.874 / totaal km 900,36     totaal stappen 1.287.487

    Nou, die sandwich met ham van gisteravond viel achteraf gezien nogal mee. Ik zat hem net zielig te eten toen het meisje binnenkwam, dat ook in de gîte zou slapen. Die begon meteen te roepen dat dat natuurlijk niet ging, toverde rijst, eieren en olijven tevoorschijn en heeft binnen de kortste keren een heerlijk maal voor me gemaakt. Dus dat was geweldig.

    Vanmorgen besloot ik niet door de bossen te lopen, maar toen liep ik een heel stuk over de Route Nationale en dat is niet zo leuk eigenlijk. Ik passeerde onderweg 2 Hollandse dames van zekere leeftijd, die aan de kant van de weg zaten te eten, dus ik zei: “Eet smakelijk”. Nou, toen had ik meteen contact: “O, bent u Hollander?”, alsof ze al jaren geen Hollander meer ontmoet hadden. Maar dat maakt niet uit.

    Het was prachtig weer vandaag en toen ik 1 1/2 uur gelopen had en eens omkeek, zag ik achter mij een Belg, die ik al eerder ontmoet had, dus toen zijn we samen een eind opgelopen. Hij wilde ergens anders slapen dan ik, dus op een gegeven moment zijn we ieder onze eigen weg weer gegaan. Maar toen ik vanmiddag aankwam in Bar-sur-Seine en op zoek ging naat het Office de Tourisme, kwam ik er van de ene kant aan en hij op hetzelfde moment van de andere kant. In het dorp, waar hij wilde slapen was niets te beleven, dus hij was toch maar doorgelopen. Ja, op die ontmoeting moest gedronken worden, dus we zijn eerst maar op een terras neergestreken. Daarna besloten we dat we best samen een kamer konden nemen in een hotel, dus zo gezegd, zo gedaan. Toen we in het hotel kwamen, was de kamer nog niet klaar en wat moet je dan? Toen moesten we dus maar weer op een terras gaan zitten en wat drinken. Ja, het leven van een pelgrim is zwaar af en toe. Nu gaan we vanavond ook maar gezellig samen eten, dus het komt wel goed met Theo.  

    Sun
    14
    May '06

    La Loge-aux-Chèvres

    Dag 37  km 29,29     stappen 42.461 / totaal km 877,68     totaal stappen 1.254.693

    Nou, dat viel reuze mee gisteravond, ik heb me daar toch lekker zitten eten! Ik had het eerst niet erg naar mijn zin, maar na mijn viergangen-diner was ik weer helemaal opgeknapt, kan ik wel zeggen. En dat voor € 14, inclusief wijn en water.

    Het was vandaag prachtig weer, goed om te lopen. Ik merk dat het allemaal gewoon begint te worden: ‘s ochtends sta je op, gaat aan de wandel, je komt weer aan, zoekt een slaapplaats, doet je wasje, dat er overigens wel een beetje smoezelig begint uit te zien, gaat onder de douche, eten en dan naar bed. Ik loop nog steeds hele stukken, waar ik niemand tegenkom en dat is wel een beetje saai, want juist die ontmoetingen maken het zo leuk. Maar goed, zulke stukken zitten er ook in natuurlijk en als ik straks ‘in de file’ in Spanje loop, verlang ik hier waarschijnlijk naar terug. Ik heb vanavond wel besloten de paden door de bossen te gaan vermijden, want dat is gewoon geen doen. Je staat iedere keer tot je enkels in de bagger, het is overal te nat. Nog steeds doorwaad ik heel diepe plassen en dat word je aardig zat op den duur. Wat dan wel weer erg leuk is, is dat als je bij zo’n plas komt en er langs wilt lopen, er ineens honderden kikkers van alle kanten in de plas springen. Het zijn niet dezelfde kikkers als bij ons, deze zijn veel slanker en ze komen overal vandaan. Als je er dan eenmaal voorbij bent, hoor je ze nog een hele tijd opgewonden kwaken.

    Ik zit nu bij het Lac d’Orient, een meer dat helemaal omgeven is door bossen en ik zit nu in een dorp dat de weidse naam La Loge-aux-Chèvres draagt, maar dat eigenlijk geen naam mag hebben, want er staan maar een stuk of 4 huizen. Ik logeer vannacht middenin het bos in een gîte met 12 bedden. Er is nog een meisje, verder is het leeg. Dus ik waan me in de oerwouden van Afrika of zoiets.

    Vanavond moet ik mijn maal doen met een sandwich met ham, dus dat wordt hongerlijden. Maar geen nood, want met mijn enkel gaat het nog steeds goed en ik heb weinig blaren. Ik kan me niet goed voorstellen dat ik al 5 weken onderweg ben. Toch is dat zo en ik  heb er ook al bijna 900 km opzitten. Dus op naar de eerste duizend!  

     

    Sat
    13
    May '06

    De blik op oneindig

    Dag 36  km 30,89     stappen 44.778 / totaal km 848,39     totaal stappen 1.212.152

    Gisteravond heb ik zitten eten met 3 gepensioneerde mariniers, officieren uit het Engelse leger. Ik heb natuurlijk trots verteld dat ik ook marinier geweest ben en ik kreeg vervolgens de ene klap op mijn schouder na de andere en het geprijs was niet van de lucht. “You are a good boy, a real marine guy. O boy, what a man, he has 16 kilos on his back and he goes straight to Santiago!” Dat was wel lachen. Nou waren het niet helemaal nuchtere Britten meer, want aangezien ze de whisky thuis hadden gelaten, waren ze maar aan de Calvados begonnen en dat hakt erin.

    Het was vandaag een saaie dag, dat wil zeggen: hard doorlopen met de blik op oneindig. Er zijn hier stukken van zo’n 10 tot 12 km, waar je helemaal niemand tegenkomt en dan loop je dus constant in je eentje zonder ook maar een dorp of gehucht tegen te komen (is ook wat lastig om een dorp tegen te komen natuurlijk). Het was vandaag droog, maar vanmiddag was het gewoon erg koud. Vanmorgen ging het nog wel, maar het heeft vannacht gestortregend. Het water kwam met bakken uit de hemel. Nu kun je natuurlijk volstaan met te zeggen: “Gelukkig niet overdag, ‘s nachts lig je toch in je bed”, maar zo eenvoudig is het leven niet. Want als het ‘s nachts regent, staan de paden overdag onder water. Je moet dan door de plassen waden, er is geen mogelijkheid die te ontwijken. En als ik plassen zeg, bedoel ik ook PLASSEN. Die zijn namelijk dieper dan mijn schoenen hoog zijn en je snapt wat dan het gevolg is. Nee, het leven van een pelgrim gaat echt niet over rozen, het is hard werken geblazen.

    Mijn brood heb ik opgegeten op de stoep van het gemeentehuis in een of ander dorp. Ik zit dan riant op mijn zitlap, dus Ton en Nora, elke keer als ik op mijn zitlap zit, denk ik aan jullie! Nu ben ik aangeland in Brienne-le-Chateau en omdat er geen camping is, heb ik een goedkoop hotelletje genomen. Daar ga ik straks ook eten en ik heb de kok zien lopen, maar ik weet het niet. Ik weet het niet, ik ben wat achterdochtig. Als ik maar geen andouillettes hoef te eten, want die kan ik echt niet door mijn keel krijgen. Dan zal deze pelgrim nog moeten liegen dat hij er allergisch voor is en als Jacobus dat nou maar wil vergeven…… Geer declameert al vaak met Hieronymus van Alphen: “Wie altoos wil de waarheid spreken, wordt wel beloond. Wie leugen zoekt voor zijn gebreken, wordt nooit verschoond” (Dit voor de oudere lezers onder ons). Nou, we hopen er het beste van!  

     

    Fri
    12
    May '06

    Een echte pelgrim

    Dag 35  km 22     stappen 31.048 / totaal km 817,5     totaal stappen 1.167.374

    Het was vandaag een prima dag, lekker weer en ik heb heerlijk gelopen, niet te ver en erg gezellig. Het begon eigenlijk niet zo goed, want na 1 km had ik al drijfnatte voeten. De Marne staat zo hoog, dat veel stukken overstroomd zijn en de paden net beekjes. Dus ik had de pest in, maar na nog een kilometer kwam ik bij een bar en daar heb ik eerst maar eens koffie gedronken en met de plaatselijke bevolking gezellig zitten ouwehoeren over de tocht en waarom ik dat deed. “Het zijn allemaal Hollanders die we hier zien, zijn die zo Christelijk?” Dus ik herstel de naam van Holland in ere, allemaal Christelijke mensen, wat nou drugs in Amsterdam? Tussen de middag heb ik ook in een plaatselijk café gegeten, waar chauffeurs en werklui komen. Dus 1 menu en verder niet zeuren. Ook daar was weer heel veel te praten, met de gasten, de eigenaar en zijn vrouw. Ik zei uit de gein: “Ja, mijn vrouw wil me niet thuis hebben” en daar was de vrouw van de eigenaar het roerend mee eens. “Nou, groot gelijk, die mannen thuis, dat is niks”.

    Het weer werd gaandeweg steeds mooier en het was stil op straat, zelfs in de dorpen. In een dorp zag ik niemand, alleen een klein meisje, dat op straat speelde. Ze zag mij en holde naar huis, al roepend: “Maman, Maman, kom eens gauw, want ik zie een echte pelgrim! Hij heeft een schelp op zijn rug!” Dus die moeder komt naar buiten en zegt tegen haar dochtertje, dat ze niet moet roepen, maar naar me toegaan en zeggen: “Bonjour Monsieur le Pelerin, avez-vous besoin de quelque chose?” (“Dag meneer de Pelgrim, heeft u iets nodig?”) Heel schattig, want prompt komt dat meisje naar me toe om keurig haar zinnetje op te zeggen. Ja, als pelgrim ben je hier echt iemand. Vraagje: Zijn dit nu spirituele ervaringen of alleen maar leuke belevenissen? Doet er niet toe, ik geniet ervan.

    Nu heb ik een chambre d’ hôte in een echt oud vakhuis met een binnenplaats in, schrik niet, Saint Remy-en-Bouzemont Saint Genest-et-Isson, jawel, een plaats van maar liefst 38 letters. Trots zeggen ze hier dat ze de langste plaatsnaam van Frankrijk hebben. Ik heb hier een kamer en op de gang is een badkamer met bad, douche en toilet. Madame maakte haar excuses dat de badkamer op de gang is en niet in mijn kamer. Dat kan niet, want dan loopt de hele bovenverdieping onder water. Ja, dat krijg je in zulke oude huizen. Nou, ik vind het prima, want vanavond eet ik hier ook samen met de andere gasten, dus dat zal opnieuw gezellig worden. Het is wel lekker dat ik goed Frans spreek, want anders mis je al die leuke dingen. Dat zal in Spanje best tegenvallen.

    Het enige nadeel is dat mijn mobiel bijna geen bereik heeft hier, dus dan moet ik naar de brug wandelen, er middenop gaan staan en dan kan Gery me verstaan. Als ik op het bankje ga zitten 10 meter verderop, valt de telefoon uit. Gery leest me trouw alle commentaren voor en vandaag was er zelfs een totaal onbekende die reageerde. Leuk Marjon, wie je dan ook mag zijn.        

    Thu
    11
    May '06

    Vitry-le-Francois

    Dag 34  km 32,5     stappen 47.145 / totaal km 795,5     totaal stappen 1.136.326

    Geloof het of niet, maar het was vandaag schitterend weer. Zo warm dat ik in de korte broek heb gelopen. Om nou te zeggen dat ik er dan fraai uitzie is een tweede. Ik rits dus de pijpen van mijn broek en dan heb ik een ‘lange’ korte broek. Daaronder beginnen halverwege mijn kuiten mijn schoenen, dus mijn benen hebben maar een klein stukje om bruin te worden. Maar dat mag de pret niet drukken, ik loop lekker zo. Ik heb vandaag een forse afstand gelopen, voornamelijk langs de Marne en het jaagpad langs het kanaal. Dat was wel lollig, aangezien er een plezierjacht door het kanaal voer en dat moest bij elk sluisje wachten, dus dat voer mij steeds voorbij en dan haalde ik het bij de volgende sluis weer in. Dus aan zwaaien geen gebrek en je ziet, dat ik zelfs in korte broek en op hoge schoenen nog in trek ben. Ik ben doorgelopen tot Vitry-le-Francois, omdat daar een camping zou zijn. Die was er ook, alleen was die nog dicht. En zo ben ik ‘noodgedwongen’ weer in een hotel beland en dan nog wel een ‘Logis de France’. Kijk, ook een arme pelgrim moet met zijn tijd meegaan oftewel, ook de levensstandaard van een pelgrim is in de loop der eeuwen omhoog gegaan. Een ‘Logis de France’ staat bekend om het lekkere eten en dat ga ik ook weer eens uitgebreid doen, want dat heb ik wel verdiend. Ik heb al een paar dagen eenvoudig gegeten, dus nu wordt het tijd voor een diner!

    Wed
    10
    May '06

    Een rustige dag

    Dag 33  km 21,38     stappen 30.990 / totaal km 763     totaal stappen 1.089.181

    Het was vandaag zowaar een rustig dagje en…het bleef droog. Vanmorgen was het hartstikke koud en mistig, dus van de champagnewijngaarden, waar ik doorheen liep, heb ik niet veel gezien. Vanmiddag heb ik langs allerlei kleine kanaaltjes gelopen en uiteraard was de camping nog 7 km verder dan Chalons-sur-Marne, dat tegenwoordig deftig Chalons-en-Champagne heet. Jawel, we worden modern, ook hier. Ik at vanavond bij de Flunch en het viel me op dat ook hier veel dikke mensen zijn en dat ze zich lang niet meer zo goed kleden als voorheen. Ik wilde in Chalons heel graag de kerk zien, omdat daar 3 gebrandschilderde ramen van St. Jacques zijn, maar de kerk bleek al 2 jaar dicht te zijn, dus helaas.

    Net heb ik de route voor morgen besproken met 2 fietsende pelgrims. Een van de twee gaat ook weer terug op de fiets en zal dus bijna net zo lang onderweg zijn als ik. Morgen wordt het vast weer een flinke tippel, want er is gewoon anders geen plaats om te overnachten. Dat zien we verder dan wel weer, voorlopig fluiten de vogeltjes rond mijn tent er lustig op los. Jinze, betekent dat dat het morgen mooi weer wordt of juist niet? Zo’n natuurmens ben ik nou.  

    Tue
    9
    May '06

    Welke staat van welbehagen?

    Dag 32 1  km 26,36     stappen 38.210 / totaal km 741,62     totaal stappen 1.058.191

    Kijk, je moet natuurlijk nooit overmoedig worden en te vroeg over welbehagen praten, want het was me vandaag toch een dag. Toen ik om kwart voor 9 uit Reims vertrok, viel de regen met bakken uit de hemel en het is al met al vandaag misschien 2 uur droog geweest. Eerst heb ik ruim 2 1/2 uur langs het kanaal gelopen en toen ben ik dwars door het bos gegaan, maar ben daar hopeloos verdwaald. Dat komt omdat de route hier erg slecht aangegeven is. Als ze een kruis zetten wat betekent dat je die weg absoluut niet moet nemen, blijkt later dat je die weg toch juist wel had moeten nemen. Wat een land, dat Frankrijk! Enfin, ik liep daar zeker 10 km door dat bos te dwalen en nergens een huis of geluid, waarop ik me kon oriënteren. Ik wist niet meer of ik naar links, rechts, voor- of achteruit moest. Uiteindelijk kwam er een engel in de gedaante van een soort Jinze, een boswachter dus, die uiterst verbaasd vroeg: “Wat doet u hier? U hoort hier helemaal niet. Dit is niet de route naar Santiago”. Daar hebben we toen eerst maar even om gelachen en toen heeft hij me een weg in de goede richting gewezen. Nou, die richting was wel goed, maar de weg? Die was veranderd in een modderige rivier, dus het was glibberen,  glijden en vallen. Toen ik uiteindelijk het dorp Trépail had bereikt, zag ik er dus niet meer uit. Ik heb aangeklopt bij een producent van champagne en gezegd dat ik wist dat ik er niet uit zag, maar dat ik een slaapplaats zocht. “Ja”, zei hij, “die heb ik niet voor je, maar kom eerst maar eens een glas drinken”. En zo zat ik, van top tot teen onder de modder, heel sjiek een glas champagne te drinken! Daarna heeft hij zijn dochter gebeld, want die verhuurde wel kamers en nu zit ik op te drogen in een grote boerderij, helemaal voor mij alleen en heb de beschikking over een woonkamer, een keuken, een grote slaapkamer en een douche. Ik heb lekker gedoucht, mijn hamburgertjes staan te bakken en nu heb ik zowaar toch weer een gevoel van welbehagen, alleen dit keer niet van de wandeling. Wat dit kost? Er ligt een briefje op tafel, dat de kosten naar eigen vrije wil zijn voor pelgrims, je legt maar neer wat je kunt missen. Wat een land, dat Frankrijk!

    Mon
    8
    May '06

    Een miljoen voetstappen verder….

    Dag 31  km 15,63     stappen 22.666 / totaal km 715,26     totaal stappen 1.019.981

    Hier dan met veel gezwoeg weer een berichtje van mij. Na het eten vanavond maar eens geprobeerd iets te versturen. Niet eenvoudig, want dit toetsenbord is volgens mij weer anders dan de andere, maar dat kan natuurlijk niet.
    Heerlijk om al die commentaren te lezen. Er zijn erbij die zowat elke dag iets te ‘commentaren’ hebben. Om nu misverstanden te voorkomen, ik loop niet altijd zingend door de bossen, hoor. Vanmorgen bijvoorbeeld was het verschrikkelijk nat weer en dan loop je in je poncho (waar je toch nat in wordt) te glijden en te baggeren over paden, die eigenlijk zo niet genoemd mogen worden. Kortom, dan is het dus afzien en jezelf tegenkomen. Eindelijk heb ik daar een motief voor gevonden. In de modder dus.  

    Gisteren ben ik over de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog gelopen. Het was heel stil daar, want er waren geen verkeerswegen en er was ook geen wind. Dat was heel indrukwekkend om je te moeten indenken dat daar op 10 vierkante meter wel iemand is omgekomen. Het gezin waar ik gisteren heb geslapen, woont op een boerderij die midden in het front heeft gestaan. Nu nog vinden ze daar in de omgeving elke week granaten.

    Dit is een fantastische tocht op alle fronten. De contacten met anderen, mede-pelgrims en Fransen, en het landschap werken bijna therapeutisch. Een andere pelgrim zei dat hij het gevoel had in therapie te zijn, maar dan was hij therapeut en cliënt tegelijk.

    Over twee weken in Vezelay: dan heb ik de belofte aan mezelf in ieder geval ingelost. Het aankomen hier in Reims was al een beetje emotioneel. Als je te voet bent, kom je echt ergens aan, want je ziet het al uren tevoren. Dan komt Gery misschien ook daarheen: daar zie ik wel naar uit in allerlei opzichten. Ik hoop zij ook.

    Voor wat betreft de sponsoring, daar heb ik heel lang over nagedacht en met anderen over gepraat. De meningen zijn verdeeld, dus ik moet hier zelf in beslissen. Juist omdat deze hele reis mijn eigen idee is en ik het ook voor mezelf doe, vind ik niet dat ik hier een doel voor moet noemen. In de eerste plaats zou ik niet weten welk doel, want dan sluit je andere doelen uit. En vooral vind ik dat ik in geen enkel opzicht straks verplichtingen moet voelen om door te gaan voor dat goede doel dus. Er is geen enkele reden om mezelf later op de borst te slaan: kijk eens wat ik bijeen heb gelopen. Iedereen is natuurlijk vrij te geven aan welk goed doel dan ook; maar dat kan toch ook zomaar?? Ik hoop dat ik ooit nog eens duidelijker kan maken dat een sponsoring op dit moment voor mij niet goed is. Het is mijn eigen tocht, die ik zelf ga maken. Kortom, ieder moet toch zijn eigen leven (lees camino) volgen.

    Ik weet niet wanneer ik weer een computer vind, maar iedereen heel erg bedankt voor de support. Het voelt goed. En verder: ULTREIA.   

    Sun
    7
    May '06

    Een staat van welbehagen

    Dag 30  km 31,12     stappen 45.105 / totaal km 699,63     totaal stappen 97.315

    Kirkegaard heeft eens geschreven: “Ik wandel mij elke dag in een staat van welbehagen”. Ik moet hem van harte gelijk geven. Zelfs vandaag, nu ik bijna de hele dag in de regen heb gelopen en het af en toe echt noodweer was. Tussen 12 en 1 uur vanmiddag was het even droog, maar hoorde je het in de verte alweer onweren en daarna begon het weer, heel veel buien, dus poncho aan, poncho uit. Maar zelfs vandaag wandelde ik mij in een staat van welbehagen, zelfs al kon ik geen slaapplaats vinden en had ik om half zes vanavond nog niets. Op het adres dat ik belde, kreeg ik het antwoordapparaat en dus ben ik maar weer doorgelopen, want ze konden wel het hele weekend weg zijn en morgen is hier een vrije dag vanwege 8 mei. Ik overwoog om dan maar ergens in het wilde weg mijn tentje op te zetten, maar je zult het altijd zien, weken heb ik door de bossen gelopen, waar dat heel gemakkelijk had gekund, nu liep ik door bieten- en graanvelden en om daar nu tussen te gaan staan?? Dus ik begon al te vrezen dat ik bij nacht en ontij over de weg zou dwalen, toen mijn mobieltje afging: de mevrouw waarheen ik gebeld had, had mijn nummer op het antwoordapparaat gevonden en belde om te zeggen hoe erg ze het vond dat ze niet thuis was, want ik had mijn tentje zo in de tuin kunnen zetten en hoever was ik nu? Kon ik nog terugkomen? Toen ik vertelde waar ik was, zei ze: “Over 3 km is er een dorp, daar moet u gaan naar dat en dat adres en ondertussen bel ik hen op en vraag of ze plaats hebben!” Dat geeft de burger moed en bovendien passeerde mij 500 meter voor het bewuste dorp een auto, die op de rem trapte en toen achteruit naar mij toe kwam rijden met 2 mensen erin, die zeiden: “Stap in, we brengen je naar het dorp” “Dat hoeft niet”, zei ik heldhaftig, “Het is nu nog maar 500 meter” en toen kreeg ik een woordenstroom over me heen waar ik bijna van ging blozen, dat ik zo ‘courageux’ was en zo flink en of ik wel wist hoe geweldig ik eigenlijk wel was, enz. enz., dit alles met heel veel ‘Oh’s’ en ‘Ah’s’. Toen belden Marnix en Gery ook nog om bezorgd te vragen of het nog ging en dat ze medelijden met me hadden, dus je begrijpt, het laatste stukje vloog ik bijna. En nu zit ik in Berméricourt op een heel grote boerderij bij een heel vriendelijk echtpaar. En ook dat ging op z’n Frans: de man is uiteraard de baas, alleen niet in huis. Mevrouw was niet thuis en ik moest meteen binnenkomen en kreeg een stoel en alle aandacht, maar of ik kon blijven slapen, ja, dat kon hij niet beslissen, dat moest hij toch aan moeder de vrouw vragen. Nou, mevrouw kwam thuis en het was natuurlijk prima, maar ze putte zich uit in verontschuldigingen dat ze vanavond alleen soep met brood hadden. Als ze het nou toch eerder geweten had, dan zou ze uitgebreid gekookt hebben. Duizend excuses, ook al zei ik dat dat geen enkel probleem was. Nu heb ik een enorme kamer voor mezelf en zit nog maar 15 km van Reims af, dus morgen ben ik daar met de middag. Dan ga ik daar weer een hotel nemen, want de gymzaal van vannacht was gratis en het eten gisteravond € 13, dus dan kan het wel weer een keer.

    Sat
    6
    May '06

    In de gymzaal

    Dag 28  5 mei 2006: km 32,53     stappen 47.147 Dag 29  6 mei 2006: km 27,58     stappen 39.984

    totaal km 668,51     totaal stappen 952.210

    Gisteren heb ik een flink stuk gelopen, maar dat kon niet anders, aangezien je hier niet veel overnachtingsplaatsen hebt. Het is een leeg land en met de auto ben je zo 20 km verder, maar lopend natuurlijk niet. Enfin, tot nu toe heb ik steeds kunnen slapen, dus het zal allemaal wel loslopen. Het was erg warm en het heeft geonweerd. Ongeveer 10 km voor Signy l’Abbaye werd ik aangehouden door een meneer, die me na het gebruikelijke praatje uitnodigde voor een kop koffie. Toen stapte ik een echte ouderwetse Franse boerderij binnen, waar iedereen aan een grote lange tafel zat en aan het hoofd daarvan een oude grootvader. Die luisterde naar ons gepraat en vroeg toen aan zijn zoon waar ik vandaan kwam. “Het is een Hollander”, zei de zoon, ‘Hij komt uit de buurt van Amsterdam”. Waarop de oude man zijn hoofd schudde en zei: “Dat kan niet, want hij spreekt net zo Frans als ik.” Dus dat was een groot compliment. Vervolgens verbood hij me om door het bos te lopen, want dat was veel te gevaarlijk, ik zou absoluut verdwalen en als ik daar dan alleen liep, nee, dat kon echt niet. Dus ik heb hem maar gehoorzaamd. Mijn overnachtingsplaats was Signy l’Abbaye en daar bestond de camping uit het trainingsveld van de plaatselijke voetbalclub. Die waren gisteravond ook gewoon aan het trainen op het veld, dus af en toe kreeg ik een bal op mijn tent, dat was wel komisch. Ik heb weer eens ouderwets goed Frans gegeten gisteren: Oeuf à  la mayonaise, sla, een plateau de fromages en een flan toe. Dus ik kon er tegen vandaag. De route door dit gebied is wat saai, je merkt dat je aardig in de buurt van de Champagne terechtkomt. Het klopt dus wat ik erover gelezen heb, iedereen schijnt dit een saai stuk te vinden en iedereen klaagt over gebrek aan slaapplaatsen, dus vooruit maar. Het was heerlijk wat de temperatuur betreft, niet te warm en niet te koud. Ik had een  fikse regenbui van 2 uur. Nadat ik daar een tijd in gelopen had, kwam ik een bushokje tegen, daar ben ik in gaan zitten en heb een sandwich en een pain au chocolat gegeten en toen ik weer reisvaardig was daarna was het droog. Nu ben ik aangekomen in Chateau-Porcien en heb vannacht weer een nieuw soort overnachting: we hebben eerst met 7 pelgrims tegelijk moeten wachten op de sleutel van een school en nu slapen we vannacht met zijn allen in de gymzaal. Dat is weer een heel andere belevenis, er worden links en rechts van me ook wat zorgen geuit over eventuele snurkers, maar dat mag me de pret niet drukken. Het speelplein grenst aan de straat en aan het schoolhek daar hangen nu 7 wasjes te drogen, een leuk gezicht wel. Vanavond gaan we met zijn zevenen eten in de bar hier aan de overkant, dus dat kan gezellig worden. Zo zie je, elke dag is anders, ik vind het nog steeds fantastisch allemaal en mijn enkel blijft hetzelfde, wordt niet erger, dus ik houd de moed erin. Ik kreeg al klachten vanuit Heemskerk, dat ik veel te hard ga, want Suzanne wil een weekje meelopen en dan moeten Ton en Gery haar nog wel kunnen brengen in een weekend. “Ja”, sprak ik ferm, “Dat is jouw probleem!”

     

    Thu
    4
    May '06

    Retour Frankrijk

    Dag 27  km 18,88     stappen 27.369 / totaal km 608,40     totaal stappen 865.079

    Jullie zien, het is het korte stuk geworden. Dat kwam vanwege die hongerige maag natuurlijk. Dus vanmorgen eerst maar eens naar de bakker om die hongerige maag te vullen. Het was vandaag prachtig weer en een mooie tocht, alleen heb ik door 5 beken heen moeten waden, waarbij ik zelfs af en toe mijn schoenen moest uittrekken en dat is geen klein bericht. Middenin het bos stond een hut en daarin een stok, die op mij stond te wachten. Dus ik heb nu een stok en een staf, die mij vertroosten. Alleen, terwijl ik dit schrijf, zie ik hem niet meer, dus ik vrees dat ik hem op het terras heb laten liggen. Dat terras was noodzaak. Ik was om 2 uur in Rocroi, bekend vanwege de slag van Rocroi in 1623, waar Condé in opdracht van Lodewijk XIV de Spanjaarden versloeg (dat wisten jullie toch zeker wel?) en ja, dat was wederom te laat voor het eten. Wat moet je dan? Ja, dan ontmoet je een medepelgrim en wordt het dus echt tijd voor een terrasje. En ik moet zeggen, een paar pilsjes vult ook aardig. Je ouwehoert wat af op zo’n tocht, want iedereen begint een praatje met je, geweldig is dat.
    Wij als pelgrims hebben eendrachtig besloten dat een pelgrim natuurlijk wel hoort te lijden, maar niet te veel. Het moet wel binnen de normen blijven. En de mensen die zo’n Grande Randonnée uitzetten, zijn sadisten, anders zouden ze je niet door al die beken laten waden. Dat had heus wel anders gekund, vonden wij. En nu moet ik straks weer terug naar dat terrasje om te kijken of mijn staf er nog ligt. Ja, het leven is zwaar. Ik heb al een paar sokken ook versleten, mijn tenen komen er doorheen. Ik hoop dat Gery naar Vezelay kan komen, als ik daar eenmaal ben, dat zou wel leuk zijn en dan kan ze meteen nieuwe sokken meenemen en kan ik mijn winterkleren aan haar mee terug geven. Gek, hè, maar ik heb nog niet één keer gedacht: “Gatver, ik wil niet meer”, zelfs niet als mijn enkel zeer doet. Dan denk ik hoogstens: “Hoe los ik het op?” Dus Sus-ter-Nightingale, je kunt gerust komen, je zult genieten!!  

    Wed
    3
    May '06

    Waar moet ik eten?

    Dag 26  km 24,93     stappen 36.135 / totaal km 589,52     totaal stappen 837.710

    Nog even over de telefoon: blijkt ook nog dat ik de sms-jes erbij moet kopen! Dus ik heb ferm tegen Geer gezegd: “Je krijgt nog 1 sms-je en daarna kun je ‘t schudden”. Is ze het geloof ik niet helemaal mee eens.
    Het was vandaag warm, maar er waren onderweg wel een paar flinke stortbuien. Nu lig ik voor mijn tentje in de zon in Oignis-en-Thiécuterache en….hier is het weer België. Ja, een mens ziet wat landen onderweg, zullen we maar denken. Onderweg ontmoette ik een paar maal hetzelfde echtpaar, dat onderweg is naar Lourdes, dus dat werd steeds een praatje. De man heeft zijn bedrijfje verkocht om nu eens ‘leuke’ dingen te gaan doen, zoals, zei hij: “Elke morgen om 7 uur de deur uit om een hele dag te gaan lopen!” Daar hadden we wel lol om, want als je baas zou zeggen dat je dit moest doen, zou je de Arbo erbij gehaald hebben. Ach ja, een mens zijn lust is een mens zijn leven, moet je maar denken.

    Ik heb eerst langs de route nationale gelopen, maar daar is niets aan, de rest van de dag liep ik grotendeels door de bossen, dat is het betere werk. Ik had een knoert van een blaar aan het kleine teentje van mijn linkervoet, die heb ik eens liefdevol verzorgd, dat is verder geen probleem. Verder zag ik bij het uitstippelen van de route voor morgen dat ik of een heel lang stuk moet lopen of een heel kort stuk. Daar tussenin is niets. Ik weet nog niet wat het wordt, maar dat is ook geen probleem. Het stuk wat nu volgt tot Vezelay is een lastig stuk, omdat er heel weinig overnachtingsmogelijkheden zijn. Ook dat is verder geen probleem, dat lost zich wel op. Wat dan wel een probleem is? Dat hier in dit dorp geen enkele winkel is en dat er maar 1 restaurant is, dat….op woensdag dicht is! Het zal toch niet waar zijn dat ik vanavond moet leven op 2 “pains au chocolat”?    

    Tue
    2
    May '06

    La douce France

    Dag 25  km 24,43     stappen 35.415 / totaal km 564,59     totaal stappen 801.575

    Vanmorgen vertrok ik om half 10 uit Dinant bij schitterend weer: zonnig, een beetje wind en zo’n 20 graden. Dat is de hele dag zo gebleven. Bovendien had ik een geweldig ontbijt op met speciale kaassoorten, eigengemaakte jam en zo. Het kon niet op en ik kreeg ook nog een hele zak brood mee voor onderweg. Dus het was vandaag niet moeilijk om tegen een mevrouw in een auto te zeggen: “Nee, ik heb mezelf beloofd het hele eind te wandelen”, toen ze stopte en vroeg of ik mee wilde rijden. Haar antwoord was wel komisch: “U loopt toch niet helemaal naar Jacques Compost?” en toen ik zei van wel, riep ze: “O, wat jammer voor mij dat u niet mee wilt rijden, want ik houd nou juist zo van mannen met principes!” Dat principe moest ik een uur later opnieuw verdedigen. Ik liep langs de spoorlijn en daar waren spoorwegwerklui bezig en die maakten uiteraard ook een praatje met me. Waar ik vandaan kwam en waar ik naar toe ging en zo. Een van hen riep spontaan uit: “Joh, ik werk bij de trein en met de trein ben je in 10 minuten in Givet”. Maar ik bleef sterk en waardig, zelfs toen ik vertelde dat een mevrouw me vanochtend ook al een lift wilde geven en ze zeiden: “O la la, je mag een vrouw nooit iets weigeren!”

    En…ik kwam in Givet en passeerde dus de Franse grens. En dat ik echt in Frankrijk ben, merkte ik meteen al toen ik een nieuwe Franse Simkaart ging halen voor mijn telefoon. Het begon heel eenvoudig: Ik stap de telefoonwinkel binnen en vraag om een Simkaart. In België ging dat heel gemakkelijk, maar hier natuurlijk niet. Ik moest een hele rits formulieren invullen en vervolgens mijn paspoort laten zien. De kosten? € 45. “Zo”, zei ik, “dat is behoorlijk aan de prijs, in België kostte die maar € 20. “Ja, in België”, zei de man laatdunkend, “maar dit is Frankrijk en hier kost ie € 45″ Ik had nog maar € 4,50 aan beltegoed, dus wilde meteen opwaarderen. Fout, fout, fout, dat kon natuurlijk niet, daarvoor moest ik naar de tabac om een ‘rechargement’ te halen. Ik begaf mij dus naar de dichtstbijzijnde tabac. Nou kijk, ze verkochten die en normaal gesproken zou ik dus daarvoor op het juiste adres zijn, maar ja, het systeem van de ‘rechargements’ was ‘en panne’ en dus had geen enkele tabac in Givet vandaag de mogelijkheid tot ‘rechargement’. Misschien kon ik het eens op het postkantoor proberen? Dus naar het postkantoor, achteraan in een hele lange rij, netjes achter de gele streep blijven. Ondertussen praat iedereen met iedereen en de mensen achter het loket praten ook met iedereen en met elkaar en zo kan het echt gezellig zijn, alleen schiet het niet hard op. Maar ik kwam aan de beurt en ja hoor, ze hadden een ‘rechargement’. Ik blij naar buiten met mijn bonnetje, keurig het nummer gedraaid dat erop stond, helaas……. geen sjoege. Rechtsomkeert het postkantoor weer in, de mevrouw achter het loket keek ernstig, maar vond meteen de oplossing: “Dat komt omdat het een Hollandse telefoon is, daarom doet ie het niet. Weet u wat? Gaat u maar naar de telefoonwinkel, daar kunnen ze het wel.” En zo was het cirkeltje rond en kwam het uiteindelijk in orde. Heerlijk land! Maar nu ook voor de volledigheid even een andere kant: ik sta hier op de camping in Givet, die gewoon netjes aan het begin van het dorp is, zoals het hoort, waar ik zonder muntje of wat ook zoveel warm water krijg als ik maar hebben wil, gratis en voor niets en de overnachtingsprijs is……€ 2,95!!!

    Ik heb inmiddels alle commentaren gelezen van de website en vind het geweldig zoals jullie aan me denken en meeleven! Het is heel leuk om al jullie berichten te lezen!! Bedankt allemaal! Verder lijkt het misschien alsof ik de hele dag alleen maar avonturen beleef, maar dat is natuurlijk niet helemaal waar. Ik loop soms ook uren zonder een woord met iemand te wisselen. Vind ik dat erg? Nee, ik vind dit nog steeds een ultieme bezigheid voor mij!! Over 3 à 4 weken hoop ik in Vezelay te arriveren, dus wie me post wil sturen, kan dat nu zo ongeveer wel gaan doen (het poste restante adres staat op de pagina ‘Kaartje sturen’).

    Wat mijn enkel betreft, ben ik te vergelijken met Paulus, die reisde ook heel Europa door met ‘een doorn in zijn vlees’. ‘s Morgens moet ik even op gang komen, maar als ik eenmaal in mijn schoenen zit, gaat het na een kwartiertje prima en tegen de avond, als ik moe begin te worden, gaat hij weer opspelen. Maar als het zo blijft, kom ik er wel!            

    '

    2-5-2006:Het thuisfront weer

    Even de laatste berichten van het thuisfront. Gisteren kwam de neuroloog drie minuten bij het bed van Marnix staan om te zeggen dat hij wel naar huis kon. Punt. En weg was hij. Dus Marnix zei tegen de verpleging dat hij dit eigenlijk geen stijl vond, want wat schiet hij hier nu mee op? Hij had toch wel een paar alternatieven verwacht. Vond de verpleging ook en zei dat ze een afspraak voor hem gingen regelen met de neuroloog, want dat hierover gesproken moest worden. Goed, ik heb hem opgehaald, zijn bed in zijn woonkamer gesleept, zodat hij tenminste tv kon kijken en zo scharrelt hij nu een beetje door zijn huis, maar lekker gaat het niet. Hij kan heel slecht lopen en absoluut niet zitten, nou, dan wordt je wereld erg klein. Vanmorgen kreeg hij de sleutel van zijn nieuwe huis, dus ik kwam hem halen en toen ging de telefoon…het ziekenhuis, dat hij om 12 uur met de neuroloog kon praten. Het was kwart voor 12, dus eerst naar het ziekenhuis. De neuroloog zei zowaar iets, dat leek op een excuus. Hij begreep nu toch ook dat dit zo niet kan en er toch iets zal moeten gebeuren. Nu krijgt hij op de pijnpoli een zenuwblokkade om te kijken of dat helpt en verder gaat hij naar een revalidatie-arts. Dan moet die in ieder geval maar iets bedenken, waardoor het voor hem weer een beetje leefbaar wordt, want hier word je niet vrolijk van.

    Toen maar weer naar huis, zodat hij een poos kon liggen en uiteindelijk toch de sleutel gehaald en even in zijn nieuwe domein gekeken. Het is een leuk appartementje, vrij grote woonkamer met keuken en een grote slaapkamer. Het enige minpunt is eigenlijk het uitzicht, of liever gezegd: hij heeft geen uitzicht, maar verder ligt het midden in de stad en dat is leuk, want je zit overal dichtbij en zeker nu is dat een groot voordeel natuurlijk. Er moet nog wel het een en ander aan gebeuren, plafonds gewit en muren gesaust, want hij vond een lila slaapkamer niet echt het einde. Dat is zacht uitgedrukt, want het is gewoon afgrijselijk en bovendien zou ik ook niet in een blauwe woonkamer willen zitten. Hij vindt het uiteraard vreselijk dat hij niets kan doen, maar hij heeft nog 5 weken om te verhuizen en ik ben vanwege mijn landgoed inmiddels een ervaren verver. Ja, ik denk om mezelf (om vast enige vragen voor te zijn) en mijn gordelroosje in de nabloei, en als het niet lukt, dan is er altijd nog de ‘echte’ schilder. Ik heb wel binnenpret, want het loopt natuurlijk altijd anders dan je denkt. Toen Theo net weg was, dacht ik: “Hoe houd ik mezelf nu bezig ‘s avonds en in het weekend en zo?” Nou, dat probleem is tenminste opgelost, de dagen vliegen voorbij.

    Marnix en ik genieten elke dag van Theo’s verhalen en het feit dat het tot nu toe zo lekker gaat. Dat maakt heel veel goed en zeg nou zelf, zien jullie Theo muren schilderen of zo? Hij kan van alles, die schat, maar bij zulk werk is het beter dat hij ver uit de buurt is. Kortom, wij als thuisfront versagen niet!          

    Mon
    1
    May '06

    Rust roest

    Dag 24  30 april: rustdag 1 mei: km 25,87     stappen 37.494 / totaal km 540,16     totaal stappen 766.160

    Nou, verroest ben ik wel na mijn rustdag en vandaag, want er is heel veel regen gevallen. Gisteren was het mijn vrije dag en dus heb ik voor mijn plezier en om het niet af te leren met Arij en Ellen door Namen gewandeld. Fluitje van een cent zonder rugzak. We hebben een paar musea bezocht, een grote kaars voor Marnix aangestoken en ‘s middags hebben we naar de regen gekeken en Ellen heeft pannenkoeken gebakken en ‘s avonds hebben we bij een Italiaan gegeten, heel gezellig. Ook de nachten waren regenachtig en koud, maar ik had van Ellen dekens gekregen, dus lag lekker warm ingepakt in mijn tentje.

    Vanmorgen ben ik beladen met broodjes en fruit en met een grondzeil, dat zorgvuldig door Arij was schoongeveegd, door hen weer op de route afgezet. Ze hebben een prachtige caravan, van alle gemakken voorzien, alleen is het tafeltje een beetje klein, kleiner dan in de vorige. Tenminste, dat heb ik van Arij begrepen. Het was ijskoud en vanaf half 12 heeft het geregend. Ik had zodoende nogal wat te drogen en besloot daarom aan te kloppen bij de Leffe-abdij (ja, die van het bier!) Maar daar ving ik bot, de monniken lieten niemand meer slapen, want er kwamen veel te veel pelgrims. Nou ja, het zou natuurlijk wel erg zijn als ze geen tijd meer hebben om goed bier te maken met al die pelgrims. Dus toen maar naar de VVV in Dinant. In Dinant heb ik een praatje gemaakt met een mevrouw die met haar hond liep te wandelen en die vertelde dat zij de tocht samen met haar man gelopen had en dat haar man voor zijn dood had gezegd dat ze het ook nog eens moest doen als hij er niet meer was. Maar dat kon ze niet, dat zou teveel verdriet doen. Of ik nu maar een kaarsje voor haar wilde branden, of als dat niet kon, was alleen even aan haar denken ook goed. Zo kom je allerlei soorten mensen tegen, ieder met een eigen verhaal.

    Ik heb nu een chambre d’ hôte, ongeveer 1 km van Dinant met uitzicht op de Maas, dus het is weer prima voor elkaar hier. Ik weet niet of het door mijn kaars branden komt, maar ik hoor van Gery dat Marnix weer thuis is, omdat ze hem niet gaan opereren en er verder weinig aan te doen is dan wachten tot het beter gaat. Nou, dat kun je thuis ook doen. Artsen schijnen heel veel te kunnen tegenwoordig, totdat jij binnenstapt, dan gaat die vlieger ineens niet meer op. Ja, Jacobus zal er aan te pas moeten komen, dus nog maar een paar kaarsjes branden!

     

    Sat
    29
    Apr '06

    Het Wilhelmus en de klompjes

    Dag 22a  km 21,17     stappen 30.687 / totaal km 514,29     totaal stappen 728.666

    Vanmorgen heb ik natuurlijk als rechtgeaard Nederlander vanwege Koninginnedag staande naast mijn rugzak het Wilhelmus gezongen met de klompjes van Ursula in mijn opgeheven rechterhand. Het kostte wat moeite om rechtop te blijven staan, maar dat zou wel eens te maken kunnen hebben met de hoeveelheid wijn die mijn gastheer gisteravond heeft geschonken. Het was nog een hele klim naar de zolder, maar ik heb een ontzettend leuke avond gehad. We hebben gediscussiëerd dat de stukken eraf vlogen, alleen moet je me nu niet meer vragen waarover.

    Maar na wat stevige hagelbuien was ik weer goed bij de positieven en heb er een rustige wandeling van gemaakt door de bossen. In Namen zou ik voor de kathedraal op Arij en Ellen wachten. Aangezien ik eerst bij toeval langs de Eglise St. Loup kwam, ben ik daar ook maar even gaan kijken en toen bleek weer eens dat mijn schelp helemaal geweldig is. Er stond een groepje mensen met elkaar te praten en ineens komt een mevrouw uit dat groepje naar me toe met de vraag: “Gaat u onderweg of bent u al onderweg?” Dus ik vertelde wat ik aan het doen was en vervolgens vroeg ze: “Meneer, mag ik met u op de foto?” Wie van jullie is wel eens door een wildvreemde aangeklampt met de vraag of je met hem of haar op de foto wilt? En dan nog wel in België? En denk nou maar niet dat je dat ook wel kunt bereiken door met een schelp achterop je jas te gaan lopen. Je moet er wat voor doen!! Jacobus herkent de ware Jacob’s!

    Overigens hebben Arij en Ellen vandaag bijna net zoveel gelopen als ik. Zij kwamen Namen binnen en zagen toen een parkeergarage, die De Kathedraal heette. Slimme Nederlanders als zij zijn, zetten zij daar natuurlijk hun auto neer, waarbij zij totaal over het hoofd zagen, dat zij in België waren. Want in België kan de parkeergarage dan wel De Kathedraal heten, maar als je eruit komt, is de kathedraal echt precies aan de andere kant van de stad! Logisch toch? Geen nood, ze kwamen er en pikten mij op om naar de camping 20 km verderop te gaan. Geen kunst als je een auto hebt. Dus nu heb ik weer eens riant in een auto gezeten en zag de bomen aan mij voorbijflitsen. Dat was zeer comfortabel, mag ik wel zeggen. Argwanenden onder jullie zullen nu denken: “Ja, zo kan ik ook pelgrim zijn”. Laat ik jullie dan mogen verzekeren dat die 20 km de verkeerde kant opgaan  en ik er dus geen voordeel van heb. Ik begreep van Gery dat er nog geen verder nieuws over Marnix is, dus we wachten maar af. Ik wilde al op mijn schreden terugkeren, maar ik mag niet van het thuisfront. “Ieder zijn taak”, zegt Geer en de mijne is lopen dus. Maar morgen is het zondag en ik ga er dan een rustdag van maken, dus dan wordt er niet gelopen. Gery heeft de hele website, inclusief alle commentaren voor me uitgeprint, dus die ga ik eens uitgebreid lezen, wel zo makkelijk, op papier en op mijn luie kont!

    Fri
    28
    Apr '06

    A la maison

    Wie nu denkt dat er intussen op het thuisfront niets gebeurt, kent ons niet. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: Marnix heeft geniest! Dit geheel alledaagse gebeuren heeft er bij hem toe geleid, dat hij daarbij het gevoel had of iemand met een mes in zijn rug stak. Vervolgens ging het licht bij hem uit en werd hij wakker op de vloer van de keuken. “Komaan”, dacht hij, “ik hoor hier niet”, maar hij kon niet opstaan en heeft zich vervolgens met ware heldenmoed naar de telefoon gesleept. Als een goede moeder heb ik uiteraard het werk het werk gelaten en ben te hulp geschoten. Enfin, dokter erbij, je weet hoe dat gaat, vervolgens naar de neuroloog. Die keek even en liet toen een bed voor hem opmaken in het ziekenhuis. Dus dat ging allemaal lekker snel, vooral omdat er dezelfde dag nog een MRI-scan gemaakt is. Daar kreeg hij vanmorgen de uitslag van: 2 hernia ‘s tegelijk maar liefst! De neurochirurg kwam ook langs, maar volgens hem heeft opereren alleen zin als je ook pijn in je benen hebt en niet als je pijn in je rug hebt. Dit was weer geheel nieuw voor ons, maar alla, de chirurg is ook nog maar net afgestudeerd. Dus nu is het even afwachten wat er dan wel gaat gebeuren.
    Het is heel erg beroerd voor hem, aangezien hij per 1 mei zijn andere huis krijgt en hij net was begonnen in het Kunstcentrum. Die vreugde heeft hij precies 1 dag mogen beleven.

    Maar…tot nu toe zijn wij tevreden over de snelheid van handelen, dat hebben we wel eens anders meegemaakt. En ondanks alle kommer en kwel waren er toch nog een paar grappige dingen: De huisarts belde met het ziekenhuis en kreeg de boodschap dat hij een bepaalde injectie toe moest dienen tegen de pijn. Nou had hij die natuurlijk niet bij zich, dus moeder racete met hoge snelheid naar de apotheek, was alweer bijna terug, toen de huisarts belde dat hij ook nog een ontsmettingsdoekje nodig had. Met ware doodsverachting het stuur weer omgegooid en al met al heeft het zo ‘n 3 kwartier geduurd voor ik weer terug was. En al die tijd heeft de huisarts bij Marnix gezeten. Hij had ook de band, die je om je arm krijgt om de aderen goed te zien, niet bij zich, maar gezamenlijk hadden zij besloten dat het ook heel goed ging met de oplader van de mobiel. Kijk, dat vind ik nou geweldig zoiets, we hebben echt een super huisarts.

    Verder zaten we in de onderzoekkamer van het ziekenhuis op de dokter te wachten, toen ik ineens een plastic flesje met nog een klein beetje alcohol erin zag staan, dat nou net zo mooi klein en flexibel zou zijn om wasmiddel voor Theo in te doen. Dat flesje stond gewoon te vragen om gepakt te worden. Marnix zei: “Stop in je tas” en dat flesje leek mij bemoedigend toe te lachen, dus ik pak het, doe mijn tas open, houd het flesje erboven, zeggend: “Nou ja, het is zo ‘n handig flesje”en…….. daar opende de deur zich en kwam de dokter binnen. Ik voelde me 3 en Marnix lag dubbel. De dokter zei niets, maar toen hij weer weg was, zei Marnix streng tegen me: “Hij zag het wel, hoor!”en stelden wij ons even voor, dat hij, als we weggingen, zou zeggen: “Mevrouw, wilt u even dat flesje uit uw tas halen en terugzetten?” Maar…… ik heb het flesje en hoop nu maar dat Jacobus met me eens zal zijn dat in dit geval het doel de middelen heiligt en anders moet Theo maar een extra kaarsje voor me branden!

    Marnix en ik zouden dit weekend naar Namen gaan om Theo nieuwe gidsen, schone T-shirts en…. wasmiddel te brengen, maar nu ligt de zaak even anders. Gelukkig nemen Arij en Ellen de honneurs waar en kan ik hier even standby blijven. Maar mocht er de komende tijd enige onregelmatigheid in de berichtgeving op de website zijn, dan weten jullie dat ik even druk bezig ben en echt geen tijd heb om het nieuws erop te zetten, hoewel ik natuurlijk wel mijn best zal doen.

    '

    28-4-2006: Alleen voor Santiagogangers

    Dag 21  km 20,85     aantal stappen 30.228 / totaal km 493,12     totaal stappen 697.979

    Vandaag was het een eitje. Niet ver en ik liep op een jaagpad langs de Maas en dat ging uitstekend. Vanmorgen in Huy kwam ik een Nederlands echtpaar tegen, dat in hetzelfde hotel geslapen had. We stonden een praatje te maken (natuurlijk, als echte pelgrimgangers herken je elkaar) en opeens zei mevrouw: “U mag mij feliciteren”. De burgemeester van Veldhoven, waar ze wonen, had op haar mobiel gebeld, dat ze morgen op het gemeentehuis moest komen, omdat ze een lintje kreeg. Dat ging natuurlijk niet, maar, zoals ze zei: “Ik kan het aan de Belgen niet vertellen, want die weten niet waarover ik het heb, maar nu kom ik een Nederlander tegen en die snapt het wel, dus is er tenminste iemand die me toch kan feliciteren!” Ze vroeg waar ik vandaan kwam en toen bleek ze ook nog in Zaandam geboren te zijn. Je ziet, Zaankanters kom je overal tegen!

    Ik was lekker op tijd in Andenne, het doel voor vandaag en heb eerst bij een Italiaan een lekkere pizza gegeten. Toen naar de VVV en toen ik daar binnenstapte, werd ik begroet met: “Ah, u zoekt een slaapplaats als pelgrim naar Santiago”. Ze haalde een boek tevoorschijn met ik weet niet hoeveel adressen van slaapplaatsen, die alleen voor Santiagogangers zijn. Ik bedoel maar, hier ben je iemand als pelgrimganger, ook zonder filosofische overpeinzingen. Nu heb ik een zolder voor mij alleen en ik krijg straks ook te eten voor een bedragje van € 7, dus wie doet je wat. Bovendien is de heer des huizes ook naar Santiago gelopen, dus er zal straks heel wat afgepraat worden. Mijn enkel heeft zich ook keurig gedragen, dus morgen op naar Namen.  

    Thu
    27
    Apr '06

    Het was een heel eind

    Dag 20  km 34,52     stappen 50039 / totaal km 472,27     totaal stappen 667.751

    Tjonge, jonge, wat heb ik vandaag een eind gelopen, dat was afzien. Ik was total loss toen ik eenmaal in Huy arriveerde en natuurlijk lag de camping nog minstens 3 kwartier lopen buiten Huy. Ik liep op mijn tandvlees en dacht: “Dat red ik niet meer, ik ga hier nu een hotel zoeken”. Ze doen hier wat spottend over Nederlanders, maar wel op een aardige manier. Ik vroeg aan een jongen en een meisje, waar een hotel was hier. “Ik woon hier”, zei het meisje, “maar ik weet eigenlijk geen hotel.” Dus ik zei uit de grap: “Hoe kan dat nou, je woont hier toch? Zoek je hier dan niet elke dag naar een hotel?” Het meisje schoot in de lach, waarop haar vriend zei (uit grap): “Joh, niet lachen, want het is een Hollander en die houden niet van lachen!” Ik vond het wel komisch, maar een hotel had ik niet. De VVV bracht uitkomst en verwees me naar een hotel, waarvan ik alleen maar onthouden heb dat het maar 300 meter lopen was. Ik arriveerde er en werd opgevangen door een heel aardige mevrouw, die al met een stempel in haar hand klaarstond. Daarna zei ze moederlijk: “Gaat u nu eerst maar lekker in bad, dan gaat u lekker een poos liggen en als het dan tijd is om te eten, bel ik u wel even!” Superaardig zijn de mensen voor me en ik zit nu in een prima hotel en ben alweer lekker uitgerust. Mijn enkel is ‘s avonds pijnlijk, maar ‘s morgens weer opgeknapt en de omgeving is schitterend met veel bossen. Mijn kleren liggen al in bad en ik ga er straks bij. Dat gaat in een moeite door en geloof het of niet, maar ze worden echt schoon en het kost bijna geen extra moeite. Zo willen we het hebben. Morgen heb ik niet zoveel kilometers voor de boeg, dus dan zal ik eens rustig aan doen.    

    Wed
    26
    Apr '06

    Een echte pelgrim

    dag 19  km 27,07     stappen 39.238 / totaal km 437,75     totaal stappen 617.712

    Luik is een droevige en sombere stad en het was dan ook een grote verrassing toen ik de kerk van St. Jacques binnenkwam. Deze is echt schitterend van binnen. Meestal is die kerk dicht, maar vandaag was hij bij toeval open, omdat er een klas met Poolse kinderen werd rondgeleid. En de juffrouw van die klas was dolblij, want nu konden de kinderen ook nog eens een ‘echte pelgrim’ zien. Dus ik werd bij het beeld van St. Jacques neergezet en vervolgens mochten de kinderen mij interviewen. De juffrouw speelde voor tolk en vertaalde mijn Frans in Pools. Geweldig leuk was dat weer. Je beleeft ook elke dag iets anders.

    Vanmorgen regende het pijpestelen (of zijn het nou pijpenstelen?) en in de stad ging dat nog wel, maar het pad in de heuvels was erg slecht. En dan ben ik door dezelfde schoenen, die mijn enkel zo netjes in fatsoen houden, ook een beetje gehandicapt, omdat die enkel niet kan buigen en heuvel op, heuvel af is dan lastig. Ik moet dan kleine stappen nemen. Ik maak me wel een beetje zorgen hoe dat straks in de bergen gaat, maar vooruit, dat zien we dan wel weer.  

    Vanmiddag werd het gelukkig droog en toen ik op mijn nieuwe camping in Esneux aankwam, scheen de zon weer. Mijn tentje staat weer, nog even douchen en dan wandel ik naar Esneux om een hapje te eten. Dat is vandaag weer een eindje lopen, want uiteraard liggen de meeste campings niet middenin het centrum. Maar ach, het kan niet alles kaviaar zijn.    

    Tue
    25
    Apr '06

    Veel liefs uit Luik

    dag 18  km 35,7     stappen 51.753 / totaal km   410,68     totaal stappen 578.474

    Maastricht is al een beetje ‘buitenland’, er hangt een heel andere sfeer. Iedereen zit lekker op een terrasje of loopt te flaneren. Ik heb me gisteravond uitstekend vermaakt, zittend op het Vrijthof met lekker eten voor mijn neus.

    Het was vandaag een verre tocht, maar wel een hele mooie. Helemaal langs de Maas en ik heb mijn eerste echte heuvels ‘genomen’. Dat was aanzetten en mannenwerk!

    Ik heb de hele ochtend SMS-jes naar jan en alleman verzonden en was verbaasd dat ik maar van niemand iets terugkreeg. Ik begon me al een beetje ongerust te maken, tot ik erachter kwam dat mijn beltegoed schoon op was en mijn SMS-jes helemaal niet verstuurd waren. Weet ik veel, als ik een piepje hoor, denk ik dat het goed is en kijk ik verder niet. Maar goed, toen maar naar een sigarenwinkel om op te waarderen en ik dacht weer slim te zijn en het die man meteen te laten regelen. Natuurlijk wilde hij dat voor me doen, maar het scheen maar niet te lukken, want hij bleef maar bezig en keek steeds raadselachtiger. Nou, tactisch heb ik hem toen maar weer mijn mobieltje ontfutseld en wat bleek? Aan de grens heeft het vriendelijke Belgische madammeke mijn toestel op Nederlands ingesteld, dus alles wat gezegd werd, namelijk dat mijn beltegoed opgewaardeerd was, was in het Nederlands en dat verstond hij gewoon niet, maar wilde dat niet zeggen!

    Verder valt er nog te melden dat het prachtig weer is en dat mijn armen verbrand zijn, dit om de thuisblijvers jaloers te maken. Mijn grootste filosofische gedachte vandaag was: “Ik vind het allemaal PRACHTIG”, zoals mijn schoonmoeder gezegd zou hebben. En nu…allez mannekes en vrouwkes, het restaurant in Luik wacht op me!  

       

    Mon
    24
    Apr '06

    Stempelen in de St. Servaas

    dag 17  km 15,46     stappen 22.407 / totaal km 374,98     totaal stappen 526.721

    Gisteren heb ik van de vrouw van de campingeigenaar een fiets kunnen lenen om in Lanaken geld te pinnen, omdat ik zo ver van het centrum zat. Toen ik terugkwam, heb ik meteen maar in het campingrestaurant gegeten en toen weer terug naar mijn tentje. Daar stond mijn buurman zijn caravan te poetsen, dus ik zei dat ik dat graag zag. Verbaasde blik: “Zit JIJ in dat tentje?” Van het een komt het ander, dus ik heb in hun lekker warme voortent koffie gekregen, naar het nieuws en het weer gekeken en toen kwam er nog een wijntje bij en zo en heb ik dus een oergezellige avond gehad. Zo gezellig dat ik er niet meer aan gedacht heb mijn mobieltje op te laden, maar daar kwam ik vanmorgen pas achter. En vanmorgen moest ik me om 7 uur weer bij hen melden en kreeg daar weer een heerlijk ontbijt voorgeschoteld. En het kon niet op, want ik kreeg ook nog een zak brood en fruit mee voor onderweg. Je ziet, er zijn nog een heleboel fantastische mensen.

    Vannacht regende het en was het koud, maar ik lag lekker in mijn tentje en betaalde vanmorgen voor al die geneugten slechts € 10, dus dat is geen geld. De weg van Lanaken naar Maastricht was niet makkelijk te vinden en de mensen aan wie ik het vroeg, stuurden me allemaal steeds een andere kant op, zodat ik naar mijn gevoel steeds heen en weer heb gelopen, maar om kwart over een stond deze jongen toch al voor de St. Servaas in Maastricht. En daar kwam net een man uit met rugzak en schelp, dus een mede-pelgrim! Dat is leuk natuurlijk en terwijl we stonden te praten, kwam er een echtpaar bij ons staan, waarvan de man morgen start. Dus dat werd een broederlijk samenzijn.

    Voor een stempel werd ik verwezen naar nummer 4, waar ik van een vriendelijke non mijn derde stempel, dit keer van de St. Servaas, kreeg. De tweede heb ik in Valkenswaard bij de VVV laten zetten om te bewijzen dat ik daar in ieder geval wel geweest ben. Bij de VVV in Maastricht kreeg ik het adres van een hotelletje vlakbij het station en daar was ik om half 3. Een rustig dagje dus en ruimschoots de tijd om mijn tentje goed te laten drogen, mijn wasje te doen (dit keer in de wastafel, Ineke), mijn schoenen te poetsen en alle batterijen weer op te laden. Ik ben dus best een bezige bij geweest en nu is het tijd om de stad in te gaan en mijn avondeten te ‘scoren’.    

    Sun
    23
    Apr '06

    Nieuws van het thuisfront

    Nou, moeder heeft nog net even tijd om een berichtje te schrijven en dan is het weer bedtijd. Geloof het of niet, maar ik kom nog steeds tijd tekort en ik weet absoluut niet waar ik het dan druk mee heb. Vrijdagavond dacht ik: “Een heel weekend, zeeën van tijd, wat zal ik eens gaan doen?” en nu is het zondagavond en ik ben niet verder gekomen dan die gedachte. Marnix en ik zijn heel blij dat Theo het naar zijn zin heeft en we genieten daarvan mee. En verder doe ik een boodschap, een wasje, een afwasje, zet Theo’s verhaal op de website en hup, de dag is weer voorbij. En ja, ik heb dit weekend ook eten gemaakt voor mezelf, goed hè? Verder vraagt natuurlijk iedereen die de website niet ziet hoe het met Theo is en waar hij nou is en zo. Leuk, die belangstelling. Vanmiddag was ik bij de bloemenman bij de begraafplaats en werd door hem in sappig Amsterdams begroet: “Ik stond al op je te wachten, schat, want ik ben zo benieuwd hoe het met je man gaat!” Kortom, het thuisfront redt zich wel!

    '

    23-4-2006: Lanaken

    dag 16  km 22,82     stappen 33.078 / totaal km 359,52     totaal stappen 504.314

    Vanmorgen heb ik eerst eens lekker ontbeten op het terras in de zon met warme broodjes. Voor onderweg kreeg ik nog een handvol paaseitjes mee, dus wie doet je wat. Het landschap was vandaag erg afwisselend, er zaten saaie stukken in met heel veel bouwland, maar ook zulke prachtige stukken. Ik wist niet dat de Kempen zo mooi waren, je hoort er eigenlijk nooit iemand over. Onderweg heb ik wel 3 kwartier staan praten met 2 mannen, die het net met elkaar erover gehad hadden wat ze in vredesnaam moesten gaan doen de hele dag als ze straks in de VUT zouden zitten, dus die waren erg enthousiast dat ik ze op een idee gebracht had. Tot de middag was het mooi en zonnig weer, na de middag werd het bewolkt, maar Gery vertelde net dat het in Zaandam regende. Ik vind het nog steeds geweldig leuk en iedereen is aardig onderweg, ik ben nog niemand tegengekomen die geen woord met me wilde wisselen en je maakt steeds leuke dingen mee. Zo liep ik vanmiddag door een oude paleistuin, die diende als recreatiepark met een trimbaan, een kinderboerderij, enz. Er waren veel mensen en veel kinderen, die hier, net als bij ons, met een rugzakje naar school gaan. Nu waren er kinderen, die naar me keken en verbaasd riepen: “Kijk nou eens, een OPA met een rugzak!” Heerlijk toch?

    In de gids had ik gezien dat er een camping moest zijn in het centrum van Lanaken, dus dat leek me wel wat. Het is vannacht prima bevallen in mijn tentje, alleen tegen de ochtend werd het koud en kon mijn slaapzak me nog maar net verwarmen. Enfin, ik kom in het centrum aan, zie een agent en vraag waar de camping is. Oom agent heeft nog nooit gehoord van een camping in het centrum, de dichtstbijzijnde camping blijkt dan nog een uurtje lopen te zijn. Dat is op zich niet erg, maar het is wel de verkeerde kant uit, dus morgen moet ik dat stuk weer terug. Nu sta ik op een giga-camping, bij de ingang was niemand en ik moest me maar melden bij de taveerne en dat was nog zowat een kilometer verder. Maar vooruit, de muntjes voor het warme water komen ze straks brengen, dus dan kan ik onder de douche en ja, Ineke, ik was mijn onderbroek en sokken meestal als ik onder de douche sta, dat gaat in een moeite door. En nog even voor Jan en Olga: leuk dat jullie willen sponsoren, ik zal ernstig nadenken over het goede doel.

    Sat
    22
    Apr '06

    Op de camping in Maasmechelen

    dag 14  dag 15a  21 april: km 28,59     stappen 41.444

    22 april: km 29,36     stappen 42.557 / totaal km 336,7     totaal stappen     471.236

    Het doet me goed dat jullie allemaal bezorgd om me zijn, maar dat hoeft niet, want het gaat allemaal uitstekend, ik vind het nog steeds fantastisch. Ik heb maar één zorg: ik heb nog geen enkele spirituele gedachte gehad, ik vind het gewoon leuk! Zou het echte pelgrimsbloed wel door mijn aderen stromen? Aan de andere kant: mijn doel was om het leuk te hebben en dat heb ik tot nu toe wel bereikt! Wel jammer van die port, Jaap Jan, want misschien was ik van die spiritualiën wel spiritueel geworden. Gistermorgen ben ik eerst een uur bezig geweest om een nieuwe SIM-kaart te kopen, maar de lieftallige dames hebben alles voor me in orde gemaakt, telefoonnummers overgezet en zo. Maar ze waren vooral lieftallig, omdat ze mij niet ouder schatten dan 57 jaar! Kijk, dan loop  je weer een tijdje over rozen en dat was ook nodig, want toen ik bij het hotel arriveerde in Bree, bleek dat vol te zijn. De eigenaar heeft toen in het rond gebeld en een plaatsje in een ander hotel voor me geregeld, maar ja, dat was nog wel een half uurtje lopen. Het was zo warm, dat ik in mijn T-shirt heb gelopen, wat vandaag niet kon, want het is gewoon koud. Iedereen moppert, omdat er mooi weer beloofd was. De route maakt steeds ommetjes vanwege zeldzame Amerikaanse eiken of mooie maisvelden, maar dat weet ik nu wel en ik had vandaag weer een stevige tippel voor de boeg. Dus ik kreeg een lumineus idee, toen ik langs de Zuid Willemsvaart liep. Ik dacht: “Een kanaal loopt altijd recht en meestal is er iets van een jaagpad naast”. En dat klopte, een goed pad,  geen auto te zien en behalve een paar vissers ook geen mens. Maar vanmorgen ben ik uitgezwaaid door alle dames van het hotel in Bree. En het was weliswaar koud, maar er was bijna geen wind en geen regen, dus eigenlijk valt er niets te mopperen. En nu zit ik in mijn eigen riante tent op de camping in Maasmechelen en zonet liepen er 2 kleine meisjes langs, die tegen hun vader zeiden: “Kijk pappa, dit is pas een leuke tent!!”  

    Als ik zo doorga, ben ik morgen misschien wel in Maastricht, Geer moppert al dat ik te snel ga, maar dan rijdt ze volgend weekend maar een stukje verder!      

    Thu
    20
    Apr '06

    Groeten uit België

    dag 13a  km 27,12     stappen 39.309 / totaal km 278,75     totaal stappen 387.235

    Jawel, ik ben in het ‘buitenland’! En dat ging niet zonder slag of stoot. Het was vandaag schitterend weer, ideaal om te lopen, dus het begon allemaal goed. Totdat ik dwars door een moeras moest, even niet goed oplette en voor ik het wist, stond ik tot mijn knieën in de modder weggezakt. Dan sta je toch wel even raar te kijken en dan heb je dus echt een probleem, want je hebt wel bijna 18 kilo op je rug. Zodra je een voet uit de modder hebt getrokken om een stap te zetten, rust het hele gewicht op je andere voet en die zakt dus gewoon nog wat dieper weg. Kortom, het was een hele worsteling om de 3 meter te overbruggen, die me van de ‘vaste grond’ scheidde. Maar, om maar eens een gezang te citeren: “Ik heb de vaste grond gevonden!” Ach ja, als een pelgrimstocht het symbool is van het leven zelf, zak je wel eens even weg, zo is het leven! Maar ik zag er niet meer uit natuurlijk, dus zo kon het gebeuren dat een argeloze voorbijganger mij middenin het bos zag staan in mijn onderbroek om me te verschonen. Dat is allemaal gelukt en zo kon ik schoon de grens over naar België. Van de weeromstuit wist ik niet meer welke kant ik toen op moest, maar terwijl ik de kaart aan het bestuderen was, kwam er een politie-auto aan en  een vriendelijke agent heeft me toen heel duidelijk uitgelegd dat ik die en die weg kon volgen, dus die heeft me gered. Jammer alleen dat hij er niet bij gezegd had hoe lang die weg wel niet was, maar alla.

    Onderweg heb ik een bezoek gebracht aan de Achelse Kluis. Bezichtigen kon alleen als ik een of andere dienst bij ging wonen en daar had ik niet zo’n behoefte aan. Maar er is een winkeltje bij, waar ik even heb rondgekeken. Het was maar goed, dat Geer er niet bij was, want die had de hele winkel leeggekocht. Het wemelde van de kaarsen met heiligen erop, kruisjes in alle vormen en maten, enz.

    Nu zit ik in Hamont en heb me de weelde veroorloofd van een echt hotel. Dat had ik wel verdiend, vond ik. Dus vanavond wordt het kleren wassen en dan kan ik morgen weer schoon op pad. Ik vind het nog steeds geweldig leuk. Het is ook heel leuk dat iedereen zo meeleeft en berichtjes op de website achterlaat. Als ik zelf de website niet kan zien, leest Gery ze voor. Heel veel dank allemaal!              

    Wed
    19
    Apr '06

    Op naar België

    dag 12  km 18,25     stappen 26.450 / totaal km 251,63     totaal stappen 347.926

    Vanmorgen ben ik om 9 uur vertrokken bij Dorien en Jan van de Brink in Eindhoven. Het was heel gezellig daar en leuk om hen weer eens te ontmoeten. Na een stevig ontbijt en proviand voor onderweg heeft Jan me een eind op weg geholpen, want voor vreemdelingen is Eindhoven een ingewikkelde stad. Het centrum van de stad is dan ook ca 6 km verderop.
    Bij het station, op het Stationsplein, heb ik op een terrasje in de zon een kopje koffie met apfelstrüdel en veel slagroom gegeten. Heerlijk… daar krijg je een vakantiegevoel van. Maar ja, de reis is nog ver. Per mobieltje heb ik daar toen ook een slaapplaats geregeld in ….. de jeugdherberg van Valkenswaard. Dat is niet zo ver vandaag en een goed punt om morgen België in te gaan. Dus vanavond zit deze oudere jongere of jonge oudere aan de dis met Engelse schoolkinderen, een stuk of 20, denk ik. Aan reuring dus weer geen gebrek. Ik geloof dat ik nasi goreng krijg, maar ja, dat moet ik maar afwachten. Nu heb ik 2 dagen langs de autoweg gelopen en ik ben heel blij dat dat nu afgelopen is. Gek word je van al dat autoverkeer. Men zou het moeten verbieden……

    Jullie zien dat ik al een aardig natuurmens aan het worden ben. Niet dat ik veel namen weet van alle vogels die ik onderweg zie, maar ik zie ze wel en dat is toch al heel wat. Overigens zet de natuur wel een spurt in deze dagen. Toen ik vorige week vertrok, was alles nog kaal en grijs en nu zie je plotseling overal bloemen. Dus…. Pelgrim Theo is zeer tevreden.
    Er zullen vast wel slechtere tijden komen, maar dit is toch echt wel genieten, hoor.
    Morgen dus naar Hamont in België….. nou ja, op de grens van België dan.
     

    Tue
    18
    Apr '06

    Vijf dagen later

    dag 11  14 april: km 27,93     stappen 40.483
                                                        15 april: km 18,88     stappen 27.371
                                                        16 april: rustdag
                                                        17 april: km 20,58     stappen 29.839
                                                        18 april: km 28,05     stappen 40.658 / totaal km 233,38     totaal stappen 321.476

    De afgelopen 5 dagen heb ik overnacht bij Gery in ons zomerhuisje in Maarn, dus ik hoefde geen overnachtingsplaats te zoeken. Dat was erg prettig, maar als Gery niet thuis is, komt er ook niets op de website, want na mijn ervaring in het internetcafé waag ik me daar nog maar even niet aan.

    Vrijdag ben ik door 3 provincies gelopen. Ik startte in Zuid-Holland, liep door Noord-Brabant en eindigde in Gelderland. De koffie ‘scoorde’ ik bij een paar wegwerkers, die hun koffie broederlijk met me deelden. Het valt lang niet mee om een bakje koffie naar binnen te krijgen, want veel uitspanningen zijn nog dicht. Toen ik eenmaal op de pont in Schoonhoven zat, had ik ook echt het gevoel een grens over te gaan en Holland achter me te laten. Een meneer, die mij al eerder onderweg gesignaleerd had, knoopte een praatje met me aan en wist zoveel over de geschiedenis van het land, waar ik doorheen gelopen was, te vertellen dat ik vroeg of hij geschiedenisleraar was. Maar nee, al die verhalen wist hij nog van de lagere school, van een meester die heel boeiend kon vertellen. Leuk is dat. Maar de groene weiden heb ik nu voorlopig wel weer even gezien, hoewel het wel heerlijk rustig loopt. Ik betrap me erop, dat ik het met een paar auto’s al ‘druk’ vind en als ik dan onder de brug loop, waarop het verkeer voortraast  en als ik dan weet, dat Gery op hetzelfde moment waarschijnlijk ergens in de file staat, weet ik wel wie het het beste naar zijn zin heeft. Maar aan de andere kant moet ik toegeven dat het wel heerlijk was toen ze me in Giessen op kwam halen en ik zo in de auto kon stappen en me daar zaterdag ook weer afzette, zodat ik zo weer verder kon. Het eerste stuk een beetje strompelig, maar dat kwam omdat ik in de auto mijn veters had losgemaakt en vergeten was ze weer vast te maken, bleek later. Verder was het een rustig dagje. Ik ben langs een aantal ‘wielen’ gekomen: plassen water, die zijn overgebleven na een dijkdoorbraak, en daar zitten ongelooflijk veel vogels. Gery is me bij het pontje in Nederhemert op komen halen en de eerste Paasdag hebben we vervolgens in rust en vrede in Maarn doorgebracht.
    Op tweede Paasdag heeft ze me weer bij hetzelfde pontje afgezet en had ik meteen al een genoeglijk gesprek met de veerman. Ik was dit jaar de tweede Santiagoganger, vorige week was er ook iemand overgevaren. Mijn naam en website werden bijgeschreven in het ‘logboek’, zodat hij ook mij kan volgen. En ik kreeg de overtocht gratis, leuk hè?  

    pont Nederhemert

    Vervolgens ben ik langs de Maas naar ‘s-Hertogenbosch gelopen via Bokhove, een plaatsje van niks, vier huizen en een ruïne, maar wel met een prachtig praalgraf van Catharina de Montmorecy in de kerk.  
    Het is trouwens ontzettend leuk, dat zoveel mensen je onderweg aanspreken. Dat komt door de schelp achterop mijn rugzak, dus Arij en Ellen, jullie cadeau werpt zijn vruchten af. Ik kwam langs een begraafplaats, waar net een mevrouw vandaan kwam en die zei: “Nou, dat is wel een wonder van Jacobus, dat ik u tref. Ik ben zo benieuwd naar uw belevenissen, want ik zou het zo graag zelf ook doen”. En in de buitenwijken van ‘s-Hertogenbosch kwam me een meneer achterop fietsen, die me vroeg of ik onderweg naar Santiago was of op de terugweg. Hij heeft in 2001 de tocht gemaakt, eerst op de fiets naar St. Jean Pied de Port en vandaar lopend naar Santiago, dus kon me goede tips geven. Het meest indrukwekkend vond hij het steentje neerleggen bij het Cruz de Ferro en ik kon hem gelukkig verzekeren, dat ik mijn steentje bij me had. Zulke ontmoetingen zijn  geweldig leuk

    In ‘s-Hertogenbosch ben ik natuurlijk naar de St. Jan gegaan, want ik wilde een stempel hebben. Daar werd ik begroet met: “Welkom, Pelgrim, daar staat je heilige!” En toen ik de kerk, die overigens prachtig is, weer uitging: “Het ga u goed op de weg die u gaan moet. Brand een kaarsje voor Jan van de St. Jan”. Dat is toch geweldig? Maar….. een stempel heb ik niet. Die moest ik gaan halen in de pastorie, maar daar werd op mijn bellen niet opengedaan. Gelukkig deed Jacobus toen toch nog een wondertje, want toen we eenmaal in de auto zaten op weg naar Maarn en we vlak na ‘s-Hertogenbosch in een file terechtkwamen, werd er in de auto naast ons ineens heftig gezwaaid. En wie zat daar zo enthousiast te zwaaien? Danielle van het Kunstcentrum in Zaandam. Dat is toch niet te geloven?

    Vanmorgen, toen ik nog maar een kwartiertje of zo onderweg was, fietste me een meneer achterop die me na een praatje een kop koffie met een echte Bossche Bol aanbood als troost, omdat ik mijn stempel gemist heb. Van vreugde ben ik vandaag naar Eindhoven gelopen, maar dat was wel een erg pittig stuk. Als ik lang loop, gaat mijn enkel zeer doen en die moet nog heel lang mee, dus daar moet ik een beetje zuinig op zijn. Maar ik heb er nu toch al ruim 200 km opzitten, eigenlijk gaat het best snel. Voor vannacht heb ik onderdak gevonden bij Jan en Dorien van de Brink en Jan is me ergens in Eindhoven op komen halen, dus ik zat weer even luxueus in de auto. Maar ik vind het nog steeds genieten, dus morgen ga ik weer fris en vrolijk op stap!

    Mon
    17
    Apr '06

    Het thuisfront

    Hoe gaat het met het thuisfront? Nou, dat valt nog niet mee, als je al jaren gruwelijk verwend bent door je man en je staat er dan in je eentje voor. Ik verbeeld me dat ik het druk heb zelfs, terwijl ik in werkelijkheid niet zoveel uitvoer, geloof ik. Je moet alleen overal aan denken: “Is de verwarming wel uit? Wanneer komt de vuilnisman ook alweer? Wat moet ik nou weer voor boodschappen halen?”, enz. Alles moet nog even wennen natuurlijk, maar het gaat allemaal goed. Ik vermaak me prima alleen en ik geniet van de enthousiaste verhalen die Theo vertelt. Het enige dat me echt zwaar valt, is in mijn eentje zitten eten. Vind ik gewoon afgrijselijk en meestal rommel ik maar een beetje aan, zodat het op eten lijkt. Maar wat is er nou voor lol aan om te koken voor jezelf? Voor wie ongerust mocht worden: Ik val heus niet van de graat, lijd ook geen honger en denk aan mijn vitamientjes, hoor!

    De afgelopen dagen ben ik weer verwend natuurlijk, want ‘s morgens  bracht ik Theo weg en ‘s avonds haalde ik hem weer op. “Ja, zo kan ik het ook”, hoor ik jullie denken, maar ik heb er lekker even van genoten. Het is heel grappig om je man ergens heen te brengen en hem dan ‘s avonds weer ergens anders op te halen. Ik stel ‘Truus’ in op een grote plaats om te beginnen en als ik daar dan vlakbij ben, bel ik Theo en die vertelt dan waar hij zit. En dat is iedere keer zo goed gelukt, dat we precies op hetzelfde moment aankwamen. Verder heb ik nu door streken en plaatsen gereden, waar ik nog nooit geweest was en heb ontdekt hoe mooi Nederland is, zodra je uit de Randstad weg bent. Wat ik ook zo leuk vind, is dat je echt meteen contact met iedereen hebt. Ik kwam zaterdag bij het pontje aan in Nederhemert en Theo zag me eerst niet eens, die was in druk gesprek gewikkeld met de eigenares van het restaurant, die de ramen stond te zemen. En toen we vanochtend in ‘s-Hertogenbosch uit de auto stapten, was er meteen een gesprek met mensen van de plantsoenendienst, die daar bezig waren. Ze komen meteen naar je toe, vragen waar je heen gaat, hoe lang je al onderweg bent, enz. Enig is dat voor zo’n kletskous als ik ben. Ik kan me heel goed voorstellen dat het heel erg leuk is om zo’n tocht te maken, alleen dat lopen erbij, ja, dat zou nou toch eigenlijk niet moeten. Ik wilde al een volstrekt lege rugzak op mijn rug nemen met een schelp erop, ik dacht: “Dan maakt iedereen een praatje met me en ik hoef alleen maar te doen alsof ik ook loop”, maar dat mocht niet van Theo. Volgens mij is Theo strenger dan St. Jacob, die knijpt heus wel een oogje toe. Ik heb ook al gezegd, dat Theo van Sint Jacobus vast wel een eindje met de bus mag, maar ja, in ons hart blijven we Calvinisten natuurlijk en die doen zoiets niet!! Zielig vroeg ik Theo: “St. Jacobus gaat met jou wel mee, merk ik, maar wie past er intussen op mij?” Het antwoord was kort en bondig: “Toon”. Met die naam betitelen we thuis oneerbiedig St. Anthonius van Padua. Daar heb ik ook alle vertrouwen in, tenslotte hebben we in de loop der jaren al heel veel kaarsjes voor hem gebrand. Dus het zal ook hier thuis waarachtig wel goed gaan! En het is geweldig je man zo te zien genieten, hij heeft in anderhalve week een bruine kop gekregen en ziet er hartstikke goed uit. Ik hoop zo dat hij het mag halen!

    Ik had, slim als ik ben, schone kleren meegenomen voor Theo om die om te ruilen en dan de vieze kleren mee naar huis te nemen. Fout natuurlijk, hij ging nou toch niet ineens van kleren wisselen? Bovendien moest ik niet denken dat hij vuile kleren had, want hij waste iedere avond. Goedgunstig werd mij wel toegestaan zijn kleren te wassen en ik mocht zaterdag ook even naar Zaandam rijden om nieuwe gidsen te halen. Dus zo reed ik zaterdag eerst van Maarn naar Giessen, toen van Giessen naar Zaandam om te wassen, de gids te halen en ook nog even een nieuwe waterfles te kopen, terwijl de was draaide. Vervolgens tufte ik naar Nederhemert en vandaar weer naar Maarn. Snappen jullie nou dat ik het druk heb? Dat ik tussendoor ook nog even tijd had om een muurtje in mijn huisje te schilderen, mag wel een wonder heten.

    Nou hoop ik maar, dat ie eind volgende week in de buurt van Maastricht is en dan nog iets nodig heeft, want dan tuf ik ook nog even naar Maastricht. Daarna wordt het wat moeilijker, maar nu kan het nog even. En ik kan nog lang genoeg alleen zitten toch?

     

    Thu
    13
    Apr '06

    Toch Alblasserwaard

    dag 6  km 21,13     stappen 30.637 / totaal km 127,94     totaal stappen 183.125

    Gisteren schreef ik wel enthousiast dat ik vanuit het internetcafé een mail stuurde voor de website, maar toen ik eenmaal aan het verzenden toe was, had dat nog wel wat voeten in de aarde. Want hoe ik ook op de verzendknop drukte, het ging niet. Nadat ik een poosje daarmee getobd had, heb ik toch maar hulp gevraagd aan iemand. En onmiddellijk stonden er toen een stuk of zes heel bereidwillige oorbeldragende en met kettingen getooide jonge gasten om me heen, die me vertelden dat ik in Outlook zat. Nou kon me dat niet schelen, ik vond alles best, maar het bleek dat ik via de securitymail van xs4all moest gaan. “Vindt u het goed als wij het even voor u doen?” zeiden zij en ik haalde opgelucht adem. Daarvoor moest ik toen mijn password hebben en…..dat wist ik! Alweer een wonder van Jacobus! Eensgezind draaiden zij toen de rug naar me toe, terwijl ik het password intikte en zo kwam alles goed. En toen herinnerde ik mij opeens, dat Marnix me dat al had gezegd. Nou ja, je kunt toch niet alles onthouden?

    Over onthouden gesproken, ik ben ook ergens onderweg mijn waterfles vergeten, maar alla, daar komt wel weer een nieuwe voor. Het bleek heel moeilijk een overnachting in Gorinchem te vinden, maar mijn gastgezin wist wel een adres voor me in Bleskensgraaf te versieren, dus …. toch maar de Alblasserwaard. Ja Liesbeth, ik heb de heerlijke gier geroken, hoor! Overigens vond ik het wel een saai stuk, allemaal weilanden en alles hetzelfde. Ik heb de polders nu wel gezien.

    Ik zit nu bij de familie van de Herik in Bleskensgraaf. Meneer is internationaal chauffeur geweest, dus kent ook alle namen uit het vervoer en dat is leuk. Mevrouw is lid van de Historische Vereniging, dus ik heb haar gevraagd of ze de ‘Zwijnenburgjes’ en de ‘Bergeijkjes’ kende, het voorgeslacht van Gery. De namen zijn er nog steeds en ze vertelde dat de Bergeijken allemaal zo goed konden schrijven en dichten. Dus nu weet Geer van wie ze het heeft. Genoeg stof tot praten dus.

    Het lopen gaat uitstekend, er waren vanmiddag een paar buien, maar ik heb mijn poncho niet aan hoeven trekken. Morgen steek ik de rivier over en loop Noord-Brabant in. Gery komt me dan ophalen en dan is mijn volgende overnachting dus op ons ‘landgoed’ in Maarn. Zaterdag brengt en haalt ze me dan en dan ben ik van plan om zondag maar eens een rustdag te nemen. Tot na  Pasen dus!

    Wed
    12
    Apr '06

    Vanuit Schoonhoven

    dag 5  km 19     stappen 27.000 / totaal km 106,81     totaal stappen 152.488

    Ik zit nu in een internetcafé in Schoonhoven. Een rotherrie om me heen, dus ik kan me nauwelijks concentreren om iets zinnigs te schrijven. Vandaag ben ik om 9.30 uur vertrokken uit mijn ‘stulp’. Na een groots ontbijt met van alles en nog wat extra in de tas op pad. Weer eindeloze grasdijken en nog weidsere weilanden in het Groene Hart van Holland. Moeten ze inderdaad laten zoals het nu is, want het is gewoon prachtig, zoals moeder Groot dat zou zeggen. Mooi weer, maar erg fris als je tegen de wind in moet lopen. In Haastrecht heb ik een kop koffie genomen met appeltaart en veel extra slagroom van de eigenaresse. “Dat is om op krachten te blijven”, werd er bij gezegd. In Haastrecht heb ik ook extra prepaid voor de mobiel gekocht. Ik heb nu weer voldoende voorlopig. Ca 5 km voor Schoonhoven stond vermeld dat de weg afgezet was wegens werkzaamheden. Ik had dan ca 5 km extra moeten lopen, maar ben toch maar doorgelopen, omdat ik vermoedde dat een voetganger er wel door zou kunnen. Dat is natuurlijk een risico, want als het niet lukt moet je 4 km teruglopen en toch die 5 km extra. Maar ja, men was een duiker aan het bouwen en wandelaars en fietsers konden over platen balanceren naar de overkant.
    Daarna was het nog maar kort naar mijn overnachtingsadres in Schoonhoven. Daar heb ik mijn rugzak neergezet en ben naar het centrum van Schoonhoven gelopen. Leuke oude stad.
    Hier ga ik ook eten straks, want er zijn wel wat restaurants die mijn bezoek waard zijn, denk ik. Tenslotte verwacht Danielle al dat ik mij iedere avond uitgebreid tegoed zal gaan doen. Klopt dus!! Maar ik doe er ook wat voor, hoor!! De calorieë vliegen eraf.

    Morgen wil ik de route door de Alblasserwaard laten voor wat-ie is. Ik ken die omgeving wel van vroeger en ik zou minstens 31 km moeten lopen voor er een mogelijkheid tot overnachting is. Nu wil ik rechtstreeks via de gewone verkeersweg van Nieuwpoort naar Gorinchem lopen. Daar hoop ik vanavond nog een plekje te reserveren. En dan ga ik vrijdag toch echt Holland verlaten door naar Woudrichem te gaan!  

    Ik heb natuurlijk ook alle reacties gelezen op de site. Overigens: wat doet die schat dat toch geweldig, niet? Wat een deskundigheid!! Daar wordt vast weer erg veel tijd aan besteed.
    Voor wat betreft de INR: Ik doe gewoon wat jullie me geleerd hebben: behapbare brokken maken en stap voor stap. Zo eenvoudig was het toch??? Maar ik ben er nog niet, hoor!! In ieder geval weer heel leuk iets van jullie te horen.  

    Nou, hier laat ik het bij, want ik word hier zenuwachtig van dat kabaal. Als je heel de dag in de natuur bent, kan je hier niet meer tegen. Of worden we oud misschien???  

    Tue
    11
    Apr '06

    Comfortabel

    dag 4  km 25     stappen 36.253 / totaal km 87,81     totaal stappen 125.488

    Het is vandaag weer lekker gegaan. Ik heb door eindeloze polders gelopen, wilde in Zwammerdam iets gaan eten, maar er was niets. Dus toen ben ik maar doorgelopen naar Reeuwijk, waar ik een kop tomatensoep heb gegeten en een boerenpannenkoek, waarvan ik het einde niet kon zien. Met een volle maag ben ik toen over een dijk dwars door de Reeuwijkse plassen gelopen en dat was supermooi. Jammer dat er geen zonnetje bij scheen, maar het is de hele dag droog gebleven, dus mij hoor je niet mopperen. ‘s Middags begint mijn enkel wel een beetje op te spelen, maar alla, er staat ook veel gewicht op natuurlijk en ‘s morgens is het weer over. Om 16.30 uur was ik in Driebruggen en nu zit ik in een chalet in de tuin van mijn gastgezin met openslaande deuren en een zitje in de tuin. Het is nu wel te koud  om buiten te zitten, maar binnen heb ik de beschikking over een woon-slaapkamer, een ingebouwde keuken en een douche. Daar ga ik straks onder staan met mijn kleren onder mijn voeten, dan zijn die ook meteen weer gewassen en kunnen aan het droogrekje, dat ook al aanwezig is. Kortom, ome Theo zit er zeer comfortabel bij!

     

    Mon
    10
    Apr '06

    Mooi weer vandaag

    dag 3  km 13,31     stappen 18.450 / totaal km 62,81     totaal stappen 89.235

    Het was prima wandelweer vandaag en Han bracht me terug naar de route, zodat ik om 9 uur weer aan de wandel was. Het was een prachtige tocht door het groene hart en de koffie in het wandelaarscafe (“gastvrij voor wandelaars” staat op de deur) smaakte lekker. Mijn brood heb ik aan de kant van een sloot opgegeten en de afstand viel reuze mee. Om half 3 was ik al bij mijn gastvrouw in Alphen aan de Rijn. Deze was niet thuis, maar had me telefonisch verteld waar ik de sleutel kon vinden en binnen lag een briefje op welke kamer ik moest zijn. Zoveel vertrouwen hebben mensen in je, dat ze jou als wildvreemde in huis laten. Op mijn bed lag ook nog een briefje: “Dit is uw bed. Tot zo!”

    Dus nu heb ik al keurig mijn wasje gedaan en ga op zoek naar een bed voor morgen in de omgeving van Haastrecht. Ik heb het uitstekend naar mijn zin. Onderweg is een fotograaf een stukje meegelopen, maar hij wilde geen foto maken, want hij fotografeerde geen ‘toeristen’. Ik zei nog dat ik nu dat hele eind gelopen had om op de foto te mogen, maar hij was onverbiddelijk. Nou ja, van Geer hoorde ik dat mijn foto levensgroot in het Noord Hollands dagblad staat, dus zo is het wel weer mooi genoeg!  

       

    '

    Dagblad Zaanstreek 10-04-2006

    Noordhollands Dagblad 10-04-2006Dominee Hans Neels van de Noorderkerk aan de Heijermansstraat zet de eerste stempel voor de 62-jarige Theo den Otter, die wandelt van woonplaats Zaandam naar Santiago de Compostela. (foto: Bart Homburg)

    ZAANDAM – ‘Daar heb je het nou al jaren over, doe het dan ook eens een keer’. Die verzuchting slaakte Gery den Otter enige tijd terug tegen haar man Theo. Zaterdagmorgen was het zo ver en vertrok de Zaandammer te voet vanuit zijn woonplaats richting het bedevaartsoord Santiago de Compostela in het noordwesten van Spanje.

    Den Otter heeft zich goed voorbereid op de tocht. “Ja, ik heb veel geoefend en ben er klaar voor. Ik ben gestopt met werken en heb nu meer tijd dan geld, zeg maar. Ik heb de tocht altijd willen maken, het lijkt me heel mooi. Het is zeker geen eenvoudige klus, want het gaat wel om 2800 kilometer. De eerste dagen wil ik tussen de twintig à vijfentwintig kilometer wandelen. Ben ik aan het wandelen gewend geraakt, dan wil ik dat opvoeren tot rond de dertig kilometer per dag.”

    Slapen
    De 62-jarige Zaandammer denkt zo’n vier maanden nodig te hebben voor de tocht. “Voor onderweg heb ik een eenpersoonstentje meegenomen. Ik kan ook een keer bij een oud-collega slapen. Verder zie ik wel waar ik kan slapen. Ik heb er alle vertrouwen in dat dat goed komt.”
    Als bewijs van zijn wandeltocht haalt Den Otter stempels op bij kerken. De eerste stempel werd gezet in de Noorderkerk aan de Heijermansstraat in Zaandam.
    “Dat is een traditie, dat doen fietsers ook. In elk dorpje staat wel een kerk. In de kerk in Santiago de Compostela krijg je naast een stempel ook een diploma. Ik ben zelf aangesloten bij de protestantse gemeente, maar Santiago is een katholiek bedevaartsoord. Als je terug gaat in de geschiedenis gaat het om een mengelmoes van Griekse en Keltische culturen. Dus het moet kunnen.”
    Het bedevaartsoord van Santiago de Compostela werd in de achtste eeuw gebouwd op de plaats waar het lichaam van de heilige Jacobus was teruggevonden.

    Onthoofd
    De apostel Jacobus keerde na een mislukte evangelisatietocht in Spanje terug naar Jeruzalem, waar hij in het jaar 44 door de heerser Herodes werd onthoofd. Zijn leerlingen brachten zijn dode lichaam in een boot zonder roer, maar met een engel als gids, naar Spanje. Eeuwen later (813) werden de relieken door bisschop Theodomir gevonden op een heuvel, die op bijzondere wijze door sterren verlicht was: Campus Stellae – veld van sterren, vandaar Compostela. Daar werd een kerk gebouwd, de voorloper van de huidige imposante kathedraal. In de loop der eeuwen won de plaats aan betekenis als bedevaartsoord en ontstonden door heel Europa routes naar Compostela.
    Wie de verrichtingen van de Zaandamse wandelaar wil volgen kan terecht op de website www.pelgrimtheo.com.

    Sun
    9
    Apr '06

    Iets meer dan verwacht

    dag 2  km 31,5     stappen 45045  / totaal km 49,5     totaal stappen 70.785

    Vanmorgen vertrok ik om 9 uur, door mijn gastfamilie rijkelijk voorzien van brood voor onderweg. Het weer was prima vandaag, dus dat was tenminste al een vooruitgang. De route in Amsterdam is erg slecht aangegeven, zodat ik een paar keer ben misgelopen. Onderweg kwam een echtpaar mij hijgend achternagelopen met de vraag of ik echt al op weg was naar Santiago of dat ik liep te oefenen. Hun zoon vertrekt namelijk op eerste Paasdag voor dezelfde tocht, dus ze waren erg nieuwsgierig. Leuk, zulke ontmoetingen.

    Om kwart over 5 kwam ik aan bij Anneke en Han, mijn vroegere collega, waar ik vannacht onderdak krijg. Ik heb lekker gedoucht en zit er nu weer schoon en pedant bij. Omdat ik een paar ‘ommetjes’ gemaakt heb, heb ik vandaag 31,5 km gelopen, iets meer dan de verwachting was en Han vertelt me nu natuurlijk hoe ik een veel kortere weg had kunnen lopen. Maar ja, je hebt wandelbloed of niet. Mijn voeten zijn nu wel moe, maar ik heb geen blaren, dus morgen opgewekt weer verder.

    Sat
    8
    Apr '06

    De eerste kilometers

    dag 1 1  km  18     stappen 25.740

    Nou, daar gaat-ie dan. Na alle drukte de laatste week was het vanmorgen dan eindelijk zover. Ik heb heel veel cadeautjes en goede wensen meegekregen. Veel mensen kwamen me vanochtend thuis nog even uitzwaaien en Marnix, Ton en Suzanne zijn meegelopen tot de pont. Halverwege nog even koffiedrinken op het Kunstcentrum en dan de pont op en zwaaien naar de achterblijvers! Het begon al goed, want bij vertrek hoosde het uit de lucht, het waaide stevig en het was koud.
    Maar eenmaal aan de overkant was het droog en het is verder droog gebleven. Om half 4 was ik al op mijn eerste adres in Sloten en viel meteen met mijn neus in de boter: echte Zeeuwen van afkomst en bekend met de route naar Santiago. De fles kwam al gauw op tafel en het werd heel gezellig!
    Morgen loop ik naar De Kwakel, maar voor vandaag zit het erop en zijn dus de eerste kilometers gelopen!!

    '

    8-4-2006 Good luck

    De laatste weken heeft hier thuis uiteraard alles gedraaid om de komende voettocht van Theo naar Santiago. We zijn er druk mee geweest; Theo om te zorgen dat alles klaar was en ik om allerlei ingewikkelde zaken als foto’s en films, die hij zal opsturen, op de computer te leren zetten. Overal liggen nu papiertjes met aanwijzingen.
    Je leeft er allebei dus naar toe, maar ‘t gekke is dat je je tegelijkertijd niet goed kunt realiseren dat het nu echt zal gaan gebeuren. Toen we vanmorgen opstonden, kon ik me gewoon niet voorstellen, dat dit voorlopig onze laatste ochtend samen zou zijn en ik dus morgenochtend in mijn eentje zit te ontbijten.

    Het is wel geweldig leuk te zien hoe iedereen meeleeft en belangstelling toont. Al die doordachte cadeautjes, al die mensen die nog even gedag komen zeggen en het allerbeste wensen. Ik geniet ervan dat het nu eens helemaal om hem gaat, dat heeft hij zeker verdiend.

    Vertrek 2

    En dan ineens is het zover en stapt je man de deur uit. Dan mag je hem nog even ontmoeten bij het laatste kopje koffie in het Kunstcentrum en ook dat is leuk. Het is leuk om te zien hoe Theo het daar naar zijn zin heeft en zich er thuisvoelt. En, eerlijk is eerlijk, ik ben apetrots op hem als ik hem zo zie en weet aan welke onderneming hij gaat beginnen. Wie had dat een paar jaar geleden kunnen denken??

    Met alle goede wensen en de belofte dat het Kunstcentrum zijn schoenen zal sponsoren, stappen we dan ook hier de deur uit. Marnix, Ton en Suzanne lopen met hem mee naar de pont en ik wacht hen daar op, want ook meelopen doe ik maar niet, ik zou na 5 minuten al een last zijn in plaats van een lust.
    De pont ligt al te wachten en na nog een laatste “Veel geluk en heel veel plezier” verdwijnt hij dan letterlijk uit je gezichtsveld.
     Vertrek 39

    En je denkt bezorgd: “Wat kan er allemaal niet gebeuren?”, maar het allerlaatste dat we nog in de verte zien, is de Jacobsschelp achter op zijn rugzak en als dat geen goed teken is, weet ik het niet meer!    

    schelp 1 2

                                                                     

    Fri
    7
    Apr '06

    Het eerste stempel

    Eerste stempel 3  

    Nou,daar staat-ie dan, mijn allereerste stempel! En dat viel nog niet eens mee. Het leek me leuk om als eerste stempel dat van de Noorderkerk in Zaandam te hebben. Dus naar het kerkelijk bureau. Er werd gezocht en gezocht, maar helaas, er was geen stempel te vinden. Iedereen wist dat er ergens één moest zijn, maar waar????

    Gelukkig bracht de scriba uitkomst, zij zorgde voor het stempel en zo kwam het toch voor elkaar.

                                                                                                                                              Eerste stempel 2

    Dus nu gaat het dan echt gebeuren. Morgenochtend vertrek ik van huis om ongeveer 10 uur. Dan ga ik onderweg voor het laatst op de koffie in het Kunstcentrum en loop ik vervolgens door naar de pont, waar ik om ongeveer half 12 hoop te arriveren!

    Wie zin heeft met me mee te lopen tot de pont is welkom, wie me bij de pont uit wil zwaaien, is ook welkom. Maar daarna stap ik op de pont en vaar de ‘Zaanse grens’ over en heeft iedereen dus alleen nog het nakijken!

     

    Sun
    26
    Mar '06

    De laatste voorbereidingen

    Alhoewel het lang stil bleef vanuit Zaandam, bruist het hier toch van activiteiten. Afgelopen zaterdag zijn bijvoorbeeld de laatste inkopen gedaan voor DE TOCHT. Nog even een tweede afritsbroek gekocht en een kompas plus een Zwitsers mes met als belangrijkste attribuut een kurkentrekker. Ook een paar superlichtgewicht sandalen voor ‘s avonds. Jullie begrijpen dat als ik met Gery naar een buitensportwinkel ga, ze de hele winkel wel zou willen leegkopen. Ik blijk zowat alles nodig te hebben.

    En vandaag wordt ook vast een nieuw stel aangepaste schoenen aangemeten door de schoenmaker. “Dan zijn ze maar vast klaar als de huidige versleten zijn onderweg”, aldus de schoenmaker. De man komt diep onder de indruk van mijn plannen want, zoals hij zegt: “Ik heb bijna uitsluitend klanten die al blij zijn als ze vanuit het huis door de tuin naar het schuurtje kunnen lopen”.  

    Verder heb ik gisteren op het Kunstcentrum officieel vast afscheid genomen. Er waren een paar collega’s die echt vertrekken, maar ik had er uiteraard niet op gerekend dat ook ik in dat rijtje zou voorkomen, omdat ik weer terugkom na mijn poging Santiago te halen. Maar om mij moed in te spreken, kreeg ik van de collega’s a) een fles wijn voor thuis met Gery, b) een kunstwerkje om het Kunstcentrum niet te vergeten en c) een financiële ondersteuning met het verzoek een kaarsje te branden bij aankomst. Dat was heel gezellig en het maakt mij wel steeds ongeduldiger om op stap te gaan.  

    Vorige week aten wij bij vrienden en daar kreeg ik een klein poppetje uit Guatamala. Volgens de legende moet je je zorgen aan het poppetje vertellen als je naar bed gaat. Daarna leg je het onder je kussen en dan zijn de zorgen de volgende ochtend verdwenen. Ook kreeg ik een klein vogeltje van aardewerk met daarin gestoken een papiertje waarop een wens van de gevers. Ook nog een praktische zitlap voor onderweg. Geweldig toch!!! Ik word er verlegen van……!!!  

    Ik train zoveel als mogelijk is, met rugzak, hier in de buurt. Dat is misschien niet zo ondernemend, maar ja, ik moet de conditie toch een beetje op peil houden. Ook bespreken Gery en ik allerlei probleempjes, voorzover we die nu bedenken natuurlijk, want in de praktijk zal het allemaal wel weer anders gaan. In ieder geval moet ik deze week nog naar de kapper, en naar Pied à Terre voor een routegidsje van Eindhoven naar Maastricht via de Kempenroute. En ik ga deze week een eerste stempel halen in de Noorderkerk. Ik hoop dat er nog veel zullen volgen.

    Zaterdag 8 april is het dan zover. Ik kan er niet op wachten…..      

    Thu
    16
    Mar '06

    Wandelen en calorieën

    Een stappenteller hebben, die zowel je stappen telt als aangeeft hoeveel calorieën je kwijtraakt, geeft aanleiding tot discussie en vergt gedegen onderzoek. Arij Noordijk levert daarbij de volgende bijdrage:
     
    Een folder van Globetrotter:
    * rustig wandelen kost 12 kJ per uur per kg
    * wandelen in zwaar terrein 16 kJ per uur per kg  

    Biodata (een tabellenboek):
    * gemiddeld wandelen kost 20 kJ per uur per kg

    Alle sites over Nordic Walking blaten elkaar na:
    * gewoon wandelen kost 1176 kJ per uur, dat is dus bij 75 kg zo’n 16 kJ per uur per kg.
    * Jouw pedometer handleiding zelf meldt dat 10.000 stappen 300 calorie kost. Daar geldt: 300 calorie (moet zijn kilocalorieën?) per 10000 stappen, dus per 6 km (?), dus per 1,5 uur (?) levert bij 75 kg een getal op van 16,5 kJ per uur per kg.   Overigens: wandelen als het flink koud is of bij heet weer kost meer energie.  

    Als we als gemiddelde eens 15 kJ per uur per kg nemen kom je met een uur wandelen en 90 kg ‘meesleepgewicht’ uit op 1350 kJ.
    Jouw eerste wandeldag op de Peellandroute van 25 km kostte 6 uur wandelen.
    Dan zitten we op een energiegebruik van 6 x 1350 = 8100 kJ of 8,1 MegaJoule.
    Omgerekend (4,18 Joule = 1 calorie) 1938 kilocalorie = 1938000 calorie.
    De pedometer zou dus ongeveer 2 miljoen calorie moeten aangeven en niet 812!Nog wat: de totaal verbruikte hoeveelheid energie per dag is de ‘wandelenergie’ plus de  ruststofwisseling (de energie die je gebruikt bij ‘niets’ doen): dat kost zo’n 5 kJ per kg per uur (een gokje). Op een dag van 6 uur wandelen doe je dus 18 uur ‘niets’, met een energiegebruik van 18 uur x 75 kg x 5 kJ/kg.h = 6750 kJ (= 6,8 MJ).
    Omgerekend: 1607 kcal = 1,6 miljoen calorie.
    De dagelijks gebruikte hoeveelheid energie komt hiermee op 14,9 MJ.  

    De gemiddelde energiebehoefte (aan voedingsmiddelen) voor een man van 75 kg (tussen 56 en 75 jaar) die een ‘vrij grote lichamelijke inspanning’ verricht (met werk zoals postbeambten, landbouwers, bouwvakkers, veel huisvrouwen) staat op 13,6 MJ.
    Dat komt dus warempel redelijk overeen met bovenstaande berekeningen van een gemiddelde Santiago-pelgrim.
    In de handleiding van jouw pedometer staat een suggestie voor het gemiddelde daggebruik van 450 kJ per dag???? Per kg?? ‘t Zegt mij niets.  Overigens gebruikte jij voor die 25 km wandelen op de eerste dag 29000 stappen, dat waren dus stappen van 86 cm.
    Ik ben benieuwd naar de stapgrootte die je buiten opmeet (met bepakking natuurlijk).  

    En nu maar eens kijken of die pedometer wil nadenken over bovenstaande bespiegelingen.  Groeten, Arij

    Fri
    10
    Mar '06

    Van St. Anthonis naar Overloon

    Vannacht heb ik geslapen bij de familie Verdaasdonk in St. Anthonis. Na een groots ontbijt waar veel nog niet genoeg was, ben ik vertrokken om 9.30 uur. Ik kreeg voor onderweg, behalve goede raad over de te volgen route, ook nog een lunchpakket mee met sinaasappel en peer uit eigen boomgaard. Heel aardige mensen en mevrouw Verdaasdonk vroeg mij bij het vertrek nog om haar een kaartje te sturen uit Santiago de Compostela, als ik daar mocht aankomen. Omdat het redelijk weer was, dat wil zeggen geen regen, ben ik in de richting van de Maas gelopen via Boxmeer. Langs de Maas is een beschermd natuurgebied, de Maasheggen. Daar had ik geen kaart van en ik ben er dan ook compleet de weg kwijtgeraakt. Uiteindelijk stond ik voor een veerpont over de Maas. Weer omgekeerd en richting Vierlingsbeek gelopen. Die plaats kende ik nog van het Pieterpad. Vanaf Vierlingsbeek heb ik de gewone asfaltweg genomen richting Overloon waar wij een huisje gehuurd hadden voor het weekend. Onderweg toch nog een aantal buien gehad, maar niet meer zo erg als woensdag. Uiteindelijk ca 22 km gelopen en om 14.30 uur aangekomen in Overloon waar Gery al stond te wachten. Einde van de trainingswandeling. Bij aankomst was ik wel blij dat ik mijn schoenen uit kon doen, maar dat had ik beter kunnen doen zonder de controlerende blikken van Gery. Want de nagel van de grote teen rechts zal er waarschijnlijk af gaan en ik had een beetje bloed aan de sok van een blaar aan een van de andere tenen. Jullie begrijpen dat er op duidelijke wijze getwijfeld werd aan mijn gezonde verstand door Gery. Ondanks het wisselvallige weer en het probleempje met de rechterschoen heb ik het toch geweldig naar mijn zin gehad. Inmiddels heb ik al een afspraak gemaakt met de schoenmaker zodat daar iets aan gedaan zal worden. Aan het weer kan ik niets doen en regen zal ik ook wel krijgen onderweg naar Santiago. Dus dat is het probleem niet. In principe zal het dus echt gaan gebeuren. We zien wel hoe ver ik kom.

    Thu
    9
    Mar '06

    Nog niet St. Jacques, maar wel St. Anthonis

    Vanmorgen toen ik vertrok, regende het een beetje, onderweg had ik een paar buien, maar verder is het droog gebleven.
    Ik ben dus vandaag van de route afgeweken, omdat ik naar St. Anthonis wilde. Mijn gastvrouw vanmorgen wist een route door de bossen en nu heb ik vandaag toch een schitterende route gehad! Niet alleen bossen, maar ook een groot stuk heide, het was veel mooier dan de ‘officiële’ Peellandroute die ik tot vandaag heb gevolgd. Het was maar 15 km, dus ik heb het vandaag heel rustig aan gedaan. Ik ben vaak even gestopt en heb veel gefilmd, want daar is gisteren met al die regen niets van gekomen.
    Ik heb nu wel een paar blaren, maar ik heb er nog niet één door hoeven prikken, dus dat valt alles mee. Met de enkel gaat het ook prima. Eigenlijk heb ik nu nog de meeste last van mijn grote teen aan de andere voet. Dus als ik terug ben, moet de orthopedische schoenmaker daar nog maar even naar kijken. Ik was lekker bijtijds in St. Anthonis. Ik verwachtte een gehucht, zo van vier huizen op een kruispunt en dat is het dan. Maar St. Anthonis is gewoon een heel leuke plaats, met een echt centrum, een brink en zo, hartstikke gezellig! Dus daar ga ik straks eten in het eetcafé, dat ik gezien heb en dat volgens mijn gastvrouw van vandaag goed is. En het is maar 1½ km lopen naar het dorp en terug, dus die stap ik even onder mijn schoenen weg.
    Voor morgen heb ik twee alternatieven. Als het slecht weer is, loop ik rechtstreeks naar Overloon over de verkeersweg. Dat is maar 10 km, dus lekker snel en kort, maar niet leuk!
    Dus, als het weer een beetje meezit, ga ik nog een ommetje wandelen langs de Maas en dan wordt het 20 km. Ik heb het nog steeds heel erg goed naar mijn zin en ben dan nu nog wel niet bij St. Jacques, maar in ieder geval al bij een heilige: St. Anthonis!

    Wed
    8
    Mar '06

    Regen, regen, regen

    Vanmorgen heb ik afscheid genomen van mijn gastvrouw. Zij doet een soort massage om mensen weer in evenwicht te brengen of zoiets. In ieder geval heeft ze me gezegd dat ik haar kan bellen als ik onderweg ben naar Santiago en het even niet meer zie zitten. Zij kan me dan via de telefoon weer in evenwicht brengen, dus er kan me niets meer gebeuren eigenlijk.
    Toen ik wegging, was het niet helemaal droog, maar ik hoefde geen poncho aan. Toen begon het te regenen, steeds harder te regenen en heel hard te regenen. En dus liep ik te lopen zogezegd zonder veel van de omgeving te kunnen zien. Ja, toen dacht ik wel even: “Stel je voor dat dit een week gaat duren?” Dat loopt natuurlijk minder aangenaam, vooral als je dan ook nog verkeerd loopt (natuurlijk) en een omweggetje van een half uur hebt. Ik liep natuurlijk met mijn poncho aan, dus bovenin blijft het wel droog, maar onderaan wordt je broek erg, erg nat! Om 4 uur kwam ik in Venhorst aan en werd daar zo hartelijk ontvangen dat ik de nattigheid meteen weer vergeten ben. Mijn broek hangt te drogen in de keuken en mevrouw Donker heeft heerlijk voor me gekookt en nu ben ik weer helemaal ‘boven Jan’. Geer had medelijden en vroeg of ik het niet zat was. Nou, helemaal niet, ik vind het nog steeds erg leuk! Je beleeft elke dag iets anders.
    Morgen ga ik de Peellandroute verlaten, want er is alleen een overnachtingsplaats zo’n 30 km van de route verwijderd en dat lijkt me toch wel wat veel. Dus ik heb een route uitgestippeld door de bossen naar St. Anthonis en dat is dus het doel voor morgen. Dan is het nog maar 15 km naar Overloon, waar we het komend weekend een huisje hebben gehuurd, dus dat wordt een vroegertje vrijdag.
    Met mijn enkel gaat het nog steeds goed, ik heb alleen een spier in mijn linkerknie, die een beetje gevoelig is, maar dat hoort er allemaal bij en is niets bijzonders.

    Tue
    7
    Mar '06

    Van Heeswijk-Dinther naar Nistelrode

    Vanmorgen was het prachtig weer en zo warm, dat ik met mijn jas open heb gelopen. Op een gegeven moment loopt de route langs een fietspad en komt er een man met een grote baard naast me fietsen, die vraagt: “Ha, bent u onderweg?” Als ik vraag wat hij bedoelt, zegt hij: “Naar Santiago natuurlijk”. Hij vertelt, dat hij zelf al drie keer naar Santiago is gelopen, maar nu de volgende keer op de fiets gaat en dan daarmee het kankercentrum in ‘s-Hertogenbosch wil sponsoren. Voor hij weer op de fiets stapt, belooft hij me te bellen, voordat ik vertrek, om me ‘God’s zegen’ toe te wensen.  
    Een eindje verder kom ik een oude man tegen, die ook al vraagt of ik al ‘onderweg’ ben. Die heeft al vier keer het Pieterpad gelopen, is naar Santiago geweest, maar na een hartaanval “kan het natuurlijk niet meer”, zegt hij spijtig. Ook van hem krijg ik ‘God’s zegen’, dus met die zegen zit het wel goed, of liever gezegd loopt het goed, want het lopen gaat goed en wat belangrijker is…. mijn enkel houdt zich tot nu toe ook goed. Als het zo blijft, durf ik het wel aan.  

    Het is trouwens opvallend dat zo’n tocht naar Santiago hier veel meer leeft dan in bijvoorbeeld Zaandam. Ik ging even koffiedrinken en appeltaart eten in een bezoekerscentrum en de man achter de balie wilde ook alles erover weten. “Ik loop wel elk jaar de Kennedytocht, maar ja, dat is maar een dag en een nacht en ik zou wel eens wat meer willen”, zei hij.  

    Vanmiddag heb ik de zon niet meer gezien, maar het is hier mooi, ik liep lekker en om half vier kwam ik al bij mijn gastvrouw voor vanavond in Nistelrode aan, die mij opwachtte met koffie en een Brabantse peperkoek. Het was vandaag niet zo’n lange tocht, 18 km en om dat goed te maken, ben ik na de koffie nog maar even tandpasta, sigaren en een washand gaan kopen, 3 km heen en 3 km terug. De tandpasta en de sigaren heb ik en ik heb er meteen maar gegeten, maar de washand heb ik nog niet. Maar wat zou dat? Ik vind het tot nu toe genieten!!!!

    Mon
    6
    Mar '06

    Vertrek in de sneeuw

    Theo 1 1

    Ik had niet verwacht in mijn korte broek te kunnen vertrekken, maar ik had er toch ook niet echt op gerekend dat ik door een pak sneeuw zou moeten waden. Maar ja, zo gaat dat. Ik vertrok om 9.00 uur vanmorgen naar de trein, maar miste de trein van 9.15 uur en moest dus een half uur wachten. Toen bleek dat ik in Zaandam over moest stappen. In Amsterdam bleek dat er spoorproblemen waren in Utrecht, zodat de treinen via Hilversum reden. En zo arriveerde ik pas tegen twaalven in ‘s-Hertogenbosch. Op het station snel even iets eten en vervolgens op weg. In ‘s-Hertogenbosch liep ik om te beginnen verkeerd, wat me ongeveer een half uur kostte. Maar als je eenmaal buiten de stad bent en de stad ziet liggen, is het wel erg mooi. Onderweg waren er af en toe nog sneeuwbuien, maar dat was goed te doen en ik heb zelfs de zon gezien! Het was een mooie route met allemaal kastelen. Om kwart over vier kwam ik bij mijn eerste gastvrouw in Heeswijk-Dinther aan. Op de stappenteller staan nu 29.000 stappen en ik heb 812 calorieën verbruikt. Als ik straks ga eten, betekent dat nog een wandeling van zo’n 3 km en na het eten weer dezelfde afstand terugwandelen natuurlijk, maar met mijn enkel gaat het tot nu toe prima, dus geen zorgen.

    Thu
    23
    Feb '06

    Van Pieterpad tot Peellandroute

    Om uit te proberen of het wandelen mij zou bevallen, heb ik in september 2004 in 21 dagen het Pieterpad gelopen. Geweldig was dat!! Ik was meteen verslingerd aan dit wandelen met rugzak en tent. Alleen kreeg ik in Limburg een probleempje met mijn linkerenkel, die aan het einde van de dag erg dik en pijnlijk werd. Na terugkomst dus naar de orthopedisch chirurg, die een kijkoperatie uitvoerde. Hoewel de bedoeling was dat ik daarvan zou opknappen, gebeurde het tegendeel: de enkel werd steeds stijver. Kortom, na een jaar dokteren heb ik aangepaste schoenen gekregen. Nu gaat het goed, zolang ik mijn schoenen maar aanheb. Ik heb ze in januari gekregen en daarna heb ik er zo vaak mogelijk mee gelopen en verschillende tochten hier in de omgeving gemaakt met een min of meer gevulde rugzak. Ik ben van plan begin maart een deel van de Peellandroute te lopen en daar hangt dan van af of ik inderdaad op weg ga naar Santiago om mijn oude droom waar te maken.

    Wed
    22
    Feb '06

    Wie a zegt …..

    Ja, zo gaat dat dan…… Je zegt in een nietsvermoedend ogenblik tegen je man, die het al jaren heeft over een pelgrimstocht naar Santiago de Compostela: “Daar heb je het nou al jaren over, doe het dan eens een keer!” en voor je het weet, betreed je een andere wereld. Om een eenvoudig voorbeeld te noemen: Voor mij waren sokken dingen, die je ‘s morgens half slapend aan je voeten doet en blij bent als de hiel van onderen zit in plaats van van boven. Als je  bij C & A of zo bent, ruk je zo’n pak van 4 paar voor € 10 uit de bak en kun je weer een tijdje verder. Inmiddels weet ik nu dat dit een uitermate oppervlakkige opvatting is, want sokken zijn helemaal geen ‘dingen’, sokken zijn SOKKEN en die kies je uiterst zorgvuldig, daar doe je uren over en je hebt linker- en rechtersokken! Ik moest daar de eerste keer erg om lachen, tot ik bij de kassa € 35 moest neertellen! In mijn onschuld beschouwde ik wandelen als een hobby die bijna niets kostte, maar ik weet nu dat  een weekje Tenerife minder kost!  

    Alles hier staat nu in het teken van de pelgrimstocht en de stemming is wisselend. De ene dag hoor ik naast mij mompelen, dat het niet doorgaat, want “lopen met zo’n enkel, dat wordt niks” en als ik de rugzak dan maar weer op zolder wil gaan brengen, blijkt ineens dat die slechte enkel slechts een rimpeling in de vijver is, waardoor een echte wandelaar zich niet laat tegenhouden! De wandelsport: ik zie het, maar doorgrond het niet! Jaren geleden heb ik eens 6 km gewandeld en toen ik thuis kwam, had ik niet een paar blaren, nee, ik had twee voetzolen vol blaren en als ik terugdenk aan die barre tocht, herinner ik mij hoe ik voortstrompelde in wanhoop. Nog dagen heb ik mij het hoongelach van mensen moeten laten welgevallen, die mij toch eerst zeer bezorgd hadden gevraagd waarom ik zo vreselijk moeilijk liep. Sindsdien heb ik mij afgevraagd waarom er geen parkeerplaats naast het toilet thuis was, zodat ik mij daar per auto heen kan begeven. Als ik nu hoor hoeveel dagen het kost om in Maastricht te komen, zeg ik troostend: “Joh, dan breng ik je daar toch even met de auto heen?” Fout!!  

    Wie nu denkt dat Theo op enige steun van het thuisfront niet hoeft te rekenen, heeft het echter mis. Ik sta voor de volle 150 % achter hem en zal alles doen om hem te helpen. Als je een droom hebt en je hebt een kans om die droom waar te maken, moet je dat doen, vind ik. Je moet het in ieder geval proberen. Ik vind het ook jammer voor Theo, dat ik die droom niet heb. Soms zit het leven echter toch wel logisch in elkaar, want laat ik nu net een hobby hebben die je zittend achter de computer uit kunt voeren!  
    Je begrijpt dus, dat ik thuis zal blijven en dat is ook een hele ervaring. Elke avond thuiskomen in een leeg huis, niet aan tafel kunnen schuiven, maar je eigen potje moeten koken, niemand om bij uit te huilen als het tegenzit. Maar ook: eten wat ik lekker vind en Theo niet, mijn eigen gang gaan en doen waar ik op dat moment zin in heb.  

    Hoe het ons beiden zal vergaan? De tijd zal het leren!!